Beleidsregels aanpak woonoverlast Steenwijkerland

Geldend van 26-03-2026 t/m heden

Intitulé

Beleidsregels aanpak woonoverlast Steenwijkerland

De burgemeester van de gemeente Steenwijkerland,

Gelet op artikel:

  • Artikel 151d Gemeentewet

  • Artikel 2:79 lid 2 van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Steenwijkerland

  • Artikel 4:8 lid 1 van de Algemene wet bestuursrecht

Besluit vast te stellen:

Beleidsregels aanpak woonoverlast gemeente Steenwijkerland 2026

Luidende als volgt:

Artikel 1: Juridisch kader

  • 1. De raad heeft in de APV bepaald dat degene die een woning of een bij die woning behorend erf gebruikt of tegen betaling in gebruik heeft, er zorg voor draagt dat door gedragingen in of vanuit die woning of dat erf of in de onmiddellijke nabijheid van die woning of dat erf geen ernstige en herhaaldelijke hinder voor omwonenden wordt veroorzaakt.

  • 2. De burgemeester is bevoegd om (een last onder) bestuursdwang toe te passen. Hij oefent de bevoegdheid uit met inachtneming van hetgeen daarover door de raad in de verordening is bepaald en kan deze slechts toepassen indien de ernstige en herhaaldelijke hinder redelijkerwijs niet op een andere geschikte wijze kan worden tegengegaan.

  • 3. De hiervoor genoemde last kan ook een verbod inhouden om aanwezig te zijn in of bij de woning of op of bij het erf. Het verbod geldt voor een periode van tien dagen. Bij ernstige vrees voor verdere overtreding kan de looptijd van het verbod verlengd worden tot ten hoogste vier weken.

Artikel 2: Uitleg en afbakening van de begrippen

  • 1. Andere geschikte wijze: indien dit mogelijk is moeten eerst andere minder ingrijpende mogelijkheden zijn geprobeerd. Voorbeelden van minder ingrijpende mogelijkheden zijn: bemiddeling, het geven van een waarschuwing of een andere maatregel die als doel heeft de beëindiging van de overlast. De mogelijkheden die in een concreet geval van toepassing zijn zullen uiteraard per geval kunnen verschillen.

  • 2. Ernstige en herhaaldelijke hinder: Het begrip “ernstig” ziet op de intensiteit en impact van de hinder op de leefomgeving. Het woord “herhaaldelijk” duidt op het terugkerende of structurele karakter van de overlast. Voorbeelden van ernstige en herhaaldelijke hinder zijn onder meer aanhoudende geluidsoverlast, agressief of bedreigend gedrag, ernstige stankoverlast, overlast door aanloop of het structureel verstoren van de nachtrust.

    Deze vormen van overlast zijn niet limitatief.

  • 3. Gedragsaanwijzing: een last onder bestuursdwang of een last onder dwangsom in de vorm van een gedragsregel. Hierin staat wat iemand moet doen of juist niet mag doen, en binnen welke termijn.

  • 4. Omwonenden: inwoners die in de omgeving wonen van degene die overlast veroorzaakt;

  • 5. Woning of een bij die woning behorend erf: de woning, de rest van het perceel waarover het gaat (zoals een tuin) en de gezamenlijke ruimte binnen een wooneenheid zoals bijvoorbeeld de portiek, de gezamenlijke binnenruimte, etc.

  • 6. Woonoverlast: hinder die wordt veroorzaakt vanuit of in de directe omgeving van een woning, en die leidt tot een verstoring van het woongenot van omwonenden. In ernstige gevallen kan dergelijke overlast de leefbaarheid in een buurt of wijk aanzienlijk aantasten en zorgen voor gevoelens van onveiligheid. Het gaat om actief hinderlijk gedrag, maar ook om het nalaten van gedrag dat in redelijkheid mag worden verwacht ter bevordering van een aangenaam woon- en leefklimaat.

Artikel 3: Doel en reikwijdte

Deze beleidsregels hebben tot doel het bieden van een helder kader voor de aanpak van woonoverlast binnen de gemeente Steenwijkerland. De aanpak van woonoverlast is gericht op het waarborgen van de leefbaarheid, veiligheid en het welzijn van alle inwoners.

Situaties die uitsluitend betrekking hebben op burenruzies zonder ernstige aantasting van leefbaarheid of overlast in de openbare ruimte zonder relatie met een woning, vallen in beginsel buiten de reikwijdte van deze beleidsregels.

Situaties die betrekking hebben op een conflict tussen huurder en verhuurder vallen buiten de reikwijdte van deze beleidsregels. Bij dit type conflict kan verwezen worden naar het meldpunt ongewenst verhuurgedrag.

Artikel 4: Samenwerking en werkwijze

Om effectief en proportioneel te kunnen optreden is het noodzakelijk om bij iedere casus zorgvuldig te beoordelen welke problematiek er speelt. Deze beoordeling vindt plaats in samenspraak tussen de betrokken partners.

In deze gezamenlijke analyse wordt vastgesteld of de situatie primair vraagt om:

  • Strafrechtelijk optreden: wanneer er sprake is van (vermoedelijke) strafbare feiten.

  • Bestuursrechtelijk ingrijpen: wanneer overlast via gemeentelijke bevoegdheden kan worden aangepakt.

  • Zorg- of hulpverleningstrajecten: wanneer onderliggende problematiek om ondersteuning en begeleiding vraagt.

De keuze voor het te volgen traject – of een combinatie daarvan – is altijd afhankelijk van de aard en ernst van de problematiek, de omstandigheden van het geval en de mogelijkheden binnen de geldende wet- en regelgeving.

Bij de aanpak van woonoverlast en het voorbereiden van een eventuele bestuurlijke maatregel wordt samengewerkt met onder andere:

Partner

Taken

Rollen/Verantwoordelijkheden

Woningcorporatie

(in geval van huurwoning)

  • Ontvangen en registreren van klachten van huurders.

  • Eerste gesprek met veroorzaker en klager.

  • Toepassen huurrechtelijke maatregelen.

  • Dossiervorming (intern).

  • Eerste aanspreekpunt bij overlast in corporatiebezit.

  • Samenwerkingspartner.

Sociaal Werk de Kop

  • Onafhankelijke bemiddeling tussen buren.

  • Bevorderen van communicatie en herstel.

  • Rapporteren over verloop bemiddeling.

  • Verbindingsrol tussen bewoners.

  • Preventieve rol, voorkomen escalatie.

Politie

  • Signaleren van strafbare feiten of ernstige overlast.

  • Vastleggen meldingen in politiesystemen.

  • Opstellen bestuurlijke rapportages t.b.v. gemeente.

  • Signaleerder van (strafbare) overlast.

  • Informatiepartner voor bestuurlijke aanpak.

  • Handhaver bij strafbare feiten.

BOA

  • Handhaven van lokale regelgeving (APV) gericht op leefbaarheid.

  • Signaleren van woonoverlast en melden bij OOV of politie wanneer nodig.

  • Registreren van meldingen en bevindingen in gemeentelijke systemen.

  • Signaleerder van overtredingen en leefbaarheidsproblemen.

  • Handhaver binnen wettelijke bevoegdheden.

  • Ondersteuner in de overlastaanpak, door vroegtijdig ingrijpen en/of doorverwijzen.

Gebiedsregisseur gemeente

  • Signaleert leefbaarheidsproblemen in de wijk.

  • Onderhoudt contact met bewoners en partners.

  • Brengt signalen over naar OOV collega’s.

  • Verbindingsrol tussen wijk, bewoners en gemeentelijke organisatie.

  • Signaleerder van trends of zorgen in leefomgeving.

Jurist openbare orde & veiligheid

  • Adviseren over juridische grondslagen.

  • Beoordelen bestuurlijke rapportages.

  • Opstellen juridische besluiten en lasten.

  • Bewaker van rechtmatigheid en proportionaliteit.

Adviseur openbare orde & veiligheid

  • Afstemmen met partners (corporatie, politie, sociaal werk).

  • Bewaken van voortgang en dossieropbouw.

  • Voorbereiden bestuurlijke interventie.

  • Schakel tussen uitvoeringspartners en bestuurlijke lijn.

  • Regisseur van de integrale aanpak.

Artikel 5: Stappenplan toetsing

Stap 1: Melden van de overlast

Meldingen van woonoverlast kunnen de gemeente op verschillende manieren bereiken. Omwonenden kunnen woonoverlast melden via de gemeente of bij een van de samenwerkingspartners. Indien meldingen bij een van de samenwerkingspartners wordt gedaan zetten zij de melding door naar de afdeling OOV ter beoordeling.

Stap 2 – Vaststellen van overlast

Analyse van feiten en meldingen en toetsing aan criteria ‘ernstige en herhaaldelijke hinder’

  • Verzamelen en analyseren van meldingen afkomstig van inwoners, politie, woningcorporaties of andere partners.

  • Aard, duur, frequentie, intensiteit en impact van de overlast in kaart brengen.

Stap 3 – Kwalificatie van de situatie

De betrokken partners beoordelen gezamenlijk of de overlast primair een:

  • Strafrechtelijke component heeft (bijvoorbeeld overtreding van de openbare orde, vernieling, bedreiging, geweld)

  • Bestuursrechtelijke component kent (bijvoorbeeld herhaaldelijke gedragingen die in strijd zijn met de leefbaarheid of openbare orde)

  • Zorgcomponent bevat (bijvoorbeeld psychische problematiek, verslaving, of sociaal-maatschappelijke ontregeling).

De kwalificatie bepaalt het primaire handelingskader (strafrecht, bestuursrecht of zorg).

Indien meerdere componenten aanwezig zijn wordt gekozen voor een integrale aanpak waarin één traject leidend is. In deze gevallen wordt er ondersteunende inzet vanuit andere domeinen geleverd.

Stap 4: Inventarisatie mogelijkheden oplossen woonoverlast

Maatregelen die worden opgelegd om woonoverlast te beëindigen moeten proportioneel zijn. De escalatieladder helpt bij het toetsen van proportionaliteit door de maatregelen te ordenen van licht naar zwaar.

afbeelding binnen de regeling

Figuur 1: Escalatieladder

Trede

Maatregel

Proportioneel als...

1

Buurtbemiddeling

Partijen zijn samen welwillend om aan een oplossing te werken.

2

Waarschuwing

Overlast houdt aan ondanks gemaakt afspraken tijdens bemiddeling. Waarschuwing wordt opgelegd voor een periode van maximaal 2 jaren.

3

Gedragsaanwijzing

Herhaalde overlast. Eerdere afspraken worden overtreden.

4

Last onder dwangsom

Overlastgever houdt zich niet aan gedragsaanwijzing.

5

Last onder bestuursdwang

Overlast moet acuut en actief gestopt worden.

6

Huisverbod

Ernstig gevaar, geen andere maatregel is meer passend.

Stap 5 – Besluitvorming

Bij het opleggen van een bestuurlijke maatregel ter aanpak van woonoverlast is een zorgvuldige motivering vereist. Deze motivering dient inzichtelijk te maken waarom de gekozen maatregel in het specifieke geval passend en gerechtvaardigd is. De keuze voor de betreffende maatregel wordt gemotiveerd in het besluit.

De motivering dient in elk geval in te gaan op de volgende elementen:

  • Feitelijke grondslag (feitenvaststelling en dossier)

    De maatregel wordt gebaseerd op een deugdelijke analyse van het beschikbare dossier. In dit dossier worden de aard, ernst, duur en herhaling van de overlast vastgesteld op basis van objectieve gegevens. Dit dossier kan bestaan uit meldingen, verslagen van huisbezoeken of een bestuurlijke rapportage waarin de overlast is beschreven en onderbouwd.

  • Toepassing van de escalatieladder

    Er wordt gemotiveerd welke stappen uit de escalatieladder zijn doorlopen of waarom het overslaan van lichtere treden noodzakelijk en gerechtvaardigd is. Daarbij wordt ook aangegeven welke eerdere interventies (bijvoorbeeld buurtbemiddeling of waarschuwingen) zijn ingezet en met welk resultaat.

  • Noodzaak en geschiktheid van de maatregel

    In de motivering wordt toegelicht waarom de maatregel noodzakelijk is om de overlast te beëindigen en waarom deze maatregel geschikt is gezien de specifieke omstandigheden.

Stap 6 – Monitoring en evaluatie

  • Voortgang en effectiviteit van maatregelen periodiek beoordelen.

  • Bij onvoldoende effect overwegen naar zwaardere bestuursrechtelijke of strafrechtelijke middelen.

Artikel 6: Hardheidsclausule

De stappen en instrumenten in deze beleidsregel vormen het uitgangspunt voor een zorgvuldige en stapsgewijze aanpak van woonoverlast. Afhankelijk van de aard, ernst of spoedeisendheid kan de burgemeester gemotiveerd afwijken van de gebruikelijke volgorde of bepaalde stappen overslaan.

Artikel 7: Citeertitel

Dit besluit kan aangehaald worden als: ‘Beleidsregel Wet aanpak woonoverlast gemeente Steenwijkerland’.

Artikel 8: Ondertekening

Ondertekening

Steenwijk, 12 februari 2026

De burgemeester,

H.K. (Erik) de Groot