Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR759443
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR759443/1
Besluit van het college van Peel en Maas tot vaststelling van de beleidsregel schuldhulpverlening gemeente Peel en Maas
Geldend van 27-03-2026 t/m heden
Intitulé
Besluit van het college van Peel en Maas tot vaststelling van de beleidsregel schuldhulpverlening gemeente Peel en MaasBurgemeester en wethouders van Peel en Maas;
Gelet op het bepaalde in artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht;
Gelet op het bepaalde in artikel 2 lid 4 sub d en artikel 3 lid 1, 2 en 3 Wet gemeentelijke schuldhulpverlening
BESLUITEN:
Vast te stellen de volgende beleidsregel:
schuldhulpverlening gemeente Peel en Maas
Artikel 1 Begripsomschrijving
-
1. In deze beleidsregel en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
- a.
Aanvraag : verzoek om, of het accepteren van, een aanbod voor schuldhulpverlening als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de wet;
- b.
Belanghebbende: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken;
- c.
BKR : Bureau Kredietregistratie;
- d.
CKI : Centraal Krediet Informatiesysteem;
- e.
College : het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Peel en Maas;
- f.
Crisis : gedwongen woningontruiming, beëindiging van de levering van gas, elektriciteit, water of andere bedreigende situaties als bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de wet;
- g.
Fraude : belanghebbende die:
- •
opzettelijk een bestuursorgaan financieel heeft benadeeld is en in verband daarmee onherroepelijk strafrechtelijk is veroordeeld of een onherroepelijke bestuurlijke sanctie is opgelegd, die bedoeld is om een overtreding te bestraffen; en
- •
deze veroordeling of sanctie, naar het oordeel van het college, een belemmering vormt voor de schuldhulpverlening.
- •
- h.
Inwoner : ingezetene van de gemeente als bedoeld in artikel 1 van de wet;
- i.
Inspanningsverplichting: vanaf het moment dat belanghebbende zich voor schuldhulpverlening heeft gewend tot het college voor hulp, is belanghebbende verplicht om maximale, aantoonbare inspanningen te verrichten om zijn inkomsten te vergroten voor de schuldeisers. Dit betekent dat belanghebbende zich tot het uiterste moet inspannen om het werk dat hij heeft te behouden en, als hij geen werk heeft, solliciteren naar een fulltime dienstbetrekking;
- j.
Leefgebieden : thema’s die bij het bieden van schuldhulpverlening centraal staan: werk, inkomen, opleiding, spaargeld, schulden, wonen, gezin, gezondheid en sociaal netwerk;
- k.
Melding : een melding is een vraag over geldzorgen. De melding kan in persoon aan de balie, telefonisch of per e-mail gedaan worden door belanghebbende of zijn/haar bewindvoerder. Ook kunnen schuldeisers een melding doen in het kader van vroegsignalering. Deze meldingen moeten via Xllnc (RIS Matching) gedaan worden;
- l.
NVVK : Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet, de branchevereniging die zich bezig houdt met schuldhulpverlening, beschermingsbewind en sociaal bankieren in Nederland. De NVVK vordert kwaliteit en vakmanschap in financiële hulpverlening met als doel duurzame oplossing voor mensen met financiële problemen te vinden via haar leden (gemeenten en private instellingen);
- m.
Plan van aanpak: het plan, bedoeld in 4a, eerste lid onder a van de wet en artikel 9 lid 3 van deze beleidsregel dat zich specifiek op belanghebbende richt, waarin de hulpvraag staat zoals die aan de hand van de systematische intake is vastgesteld en dat het aanbod voor de schuldhulpverlening bevat;
- n.
Problematische schulden: een schuld is problematisch wanneer te voorzien is dat een natuurlijk persoon zijn schulden niet zal kunnen blijven betalen of is gestopt met betalen. Daaronder wordt verstaan een situatie waarin niet binnen 36 maanden alle opeisbare vorderingen betaald kunnen worden, en dus een schuldregeling wordt gestart;
- o.
Recidive : de situatie waarin iemand, die zich eerder bij een schuldhulpverleningsinstantie (gemeente of gemeentelijke kredietbank) heeft aangemeld voor hulp bij problematische schulden, na dossiersluiting terugkeert omdat opnieuw of nog steeds sprake is van problematische schulden.
- p.
Saneringskrediet: een lening om het bedrag ineens aan de schuldeisers te betalen, zoals bedoeld in artikel 7 van deze beleidsregel. Na ontvangst van het afgesproken bedrag door de schuldeisers wordt de restantschuld kwijtgescholden;
- q.
Schuldsanering : Het oplossen van schulden door een afspraak te maken met alle schuldeisers. Het doel is een minnelijke regeling voor de totale schuldenlast. Hiervoor wordt een overeenkomst gemaakt voor schuldbemiddeling of een saneringskrediet, die door alle betrokken partijen wordt ondertekend. Schuldsanering bestaat dus uit twee onderdelen: schuldbemiddeling of een saneringskrediet.
- r.
Schuldhulpverlening: zoals bedoeld als in artikel 1 van de wet, zijnde het ondersteunen bij geldzorgen;
- s.
Systematische intake: gestructureerde werkwijze voor het voeren van één of meer gesprekken na een aanvraag om een integraal beeld te krijgen van de situatie van belanghebbende en om de hulpvraag van belanghebbende vast te stellen;
- t.
Vroegsignalering : vroegtijdig contact zoeken met klanten die hun vaste lasten (huur, water, energie en zorgverzekering) niet meer (kunnen) betalen.
In artikel 3, eerste lid, onderdeel b van de wet is geregeld dat deze schuldeisers een melding moeten doen aan het college bij betalingsachterstanden.
- u.
Wet : Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs).
- a.
-
2. Voor het overige zijn de begripsbepalingen zoals bedoeld in artikel 1 Wgs en de gedragscodes van de NVVK in deze regels van overeenkomstige toepassing.
Artikel 2 Doelgroep
-
1. Degene die als ingezetene in de basisregistratie personen (BRP) is ingeschreven in de gemeente Peel en Maas met financiële zorgen of schulden;
-
2. De (ex)zelfstandige wiens onderneming niet levensvatbaar is onder de voorwaarden dat:
- a.
de zelfstandige feitelijk stopt met de onderneming én;
- b.
waarvan de onderneming niet economisch meer actief is én;
- c.
de zelfstandige zich laat uitschrijven bij de Kamer van Koophandel.
- a.
-
3. Lid 1 van dit artikel is niet van toepassing als belanghebbenden naar een andere gemeente verhuisd, nádat de aanvraag om schuldhulpverlening is ingediend. Hiervoor geldt dat indien een schuldenregeling tot stand is gekomen, het dossiers in behandeling blijft bij het college.
Artikel 3 Aanvraag
-
1. Belanghebbende doet een schriftelijke aanvraag voor schuldhulpverlening en maakt hiervoor bij voorkeur gebruik van het door het college vastgestelde aanvraagformulier.
-
2. Het tijdstip van aangaan van de schuldregelingsovereenkomst (SRO), zoals bedoeld in de NVVK-richtlijnen, bepaalt welke bezittingen worden meegenomen in de schuldregeling. De vaststelling van de waarde van de goederen vindt plaats conform artikel 295 Faillissementswet.
Artikel 4. Weigering
Ten aanzien van recidive en de gevolgen die daaraan vanuit oogpunt van schuldhulpverlening zijn verbonden, wordt in de volgende situaties geen schuldsaneringsregeling aangeboden, zoals bedoeld in artikel 5 lid 2 sub i en j van deze beleidsregel:
- 1.
In geval van fraude door aanvrager in een periode voorafgaande aan de aanvraag schuldhulpverlening waarbij deze fraude onderdeel uitmaakt van de schulden, wordt de aanvraag niet eerder toegekend dan 3 jaar na het plegen van deze fraude.
- 2.
Binnen 2 jaar nadat tijdens de eerder aangeboden schuldhulpverlening werd gestopt voorafgaande aan de start van het minnelijk traject. Uitzondering hierop is de situatie dat belanghebbende eerder heeft voldaan aan de voorwaarden die ten tijde van de eerdere begeleiding zijn opgelegd en daarbij uitdrukkelijk is aangegeven dat het voldoen aan deze voorwaarden leidt tot het verkorten van de wachttijd van 2 jaar;
- 3.
Binnen 3 jaar na afsluiting van de eerdere begeleiding nadat de eerder aangeboden schuldhulpverlening werd gestopt tijdens het minnelijke traject (na instemming door de schuldeisers) of na afloop van het minnelijk traject;
- 4.
Binnen 3 jaar na beëindiging van eerder geboden schuldhulpverlening nadat deze werd gestopt als gevolg van fraude.
Artikel 5. Uitvoering
-
1. De uitvoering van de verschillende vormen van schuldhulpverlening vindt plaats conform de Wgs en de NVVK richtlijnen en gedragscodes.
-
2. Onder uitvoering, zoals genoemd in lid 1 van dit artikel, wordt verstaan:
- a.
Melding: tijdens de melding wordt beoordeeld of belanghebbende van de gemeente Peel en Maas is, inkomen heeft, niet uitgesloten is van schuldhulpverlening op grond van artikel 2, 3 lid 2 en 10 van deze beleidsregel en of er sprake is van een bedreigende situatie.
- b.
Informatie en advies: Tot informatie en advies (waaronder begrepen doorverwijzing naar derden) kan worden besloten als het mogelijk is om een duurzaam financieel evenwicht te bereiken voor belanghebbende zonder dat een beroep gedaan wordt op herfinanciering, schuldregeling of stabilisatie. Ook kan informatie en advies verstrekt worden als geen recht op schuldregeling bestaat vanwege fraude, recidive of het niet voldoen aan de vereisten zoals vermeld in resp. artikel 3, 6, 7 en 9 van deze beleidsregel. Er wordt dan informatie en advies verstrekt over eventuele andere mogelijkheden tot oplossing van de problematische schuldensituatie.
- c.
Intake: tijdens de intake wordt de hulpvraag op alle leefgebieden en zelfredzaamheid van belanghebbende getoetst, de omvang van de schulden en – eventueel – vermogen vastgesteld. Ook wordt samen met belanghebbende een plan van aanpak ontwikkeld. Bij de intake én het plan van aanpak volgen wij de richtlijnen van de NVVK, met uitzondering van de hierin genoemde BKR registratie.
- d.
Crisisinterventie: het doel van crisisinterventie is het afwenden van een crisis en daarmee de mogelijkheid creëren om de schuldenaar te helpen via de reguliere schuldhulpverlening. Deze interventie wordt binnen 3 werkdagen na melding gestart op grond van artikel 4 lid 2 van de wet.
- e.
Budgetcoaching: Hulpverlening door middel van advisering en begeleiding van aanvrager voor het beheer van zijn financiële huishouding.
- f.
Budgetbeheer: alle activiteiten in het kader van het beheren van de inkomsten van belanghebbende en het verrichten van betalingen, overeenkomstig het vastgestelde budgetplan. Budgetbeheer kan een bijdrage leveren aan het integraal oplossen of beheersbaar maken van bestaande financiële problemen en het voorkomen van nieuwe financiële problemen.
Het college kan budgetbeheer aanbieden in het kader van de uitvoering van de Wgs.
- g.
Stabilisatie: dit vloeit voort uit het plan van aanpak zoals genoemd in artikel 5 lid 2 sub c van deze beleidsregel. Het doel van de stabilisatiefase is het in evenwicht brengen en houden van inkomsten en uitgaven van belanghebbende. Zodra dit het geval is, kan worden gestart met de schuldregeling. Het (breed) moratorium kan worden ingezet om stabilisatie mogelijk te maken maar niet door belanghebbende afgedwongen worden bij het college.
- h.
Betalingsregeling: de betalingsregeling is gericht op het 100% terugbetalen van schulden.
Hiervoor wordt een overeenkomst opgesteld die alle partijen ondertekenen.
- i.
Saneringskrediet: een krediet zoals genoemd in artikel 7 van deze beleidsregel.
- j.
Schuldsanering: een sanering zoals benoemd in artikel 6 van deze beleidsregel.
- k.
Aanvraag WSNP: als via schuldbemiddeling of saneringskrediet geen akkoord kan worden bereikt met alle schuldeisers of, als om een andere reden, het minnelijke traject niet kan starten of mislukt, kan een beroep worden gedaan op de WSNP. Op grond van artikel 285 lid 1 sub e Faillissementswet verklaart het college daartoe met redenen omkleed, dat er geen reële mogelijkheden zijn tot buitengerechtelijke sanering en verklaart ook over welke aflossingsmogelijkheden schuldenaar beschikt.
- l.
Begeleiding bij WSNP. Het college begeleidt een inwoner met schulden die niet in aanmerking komt voor minnelijke schuldsanering, bij de toelating tot de wettelijke schuldsanering natuurlijke personen en gedurende dat schuldsaneringstraject. Deze begeleiding is niet verplicht.
- m.
Nazorg: Alle activiteiten die erop gericht zijn om schulden te voorkomen. Nazorg start al bij de intake en is maatwerk. Per situatie beoordeelt het college – in overleg met belanghebbende- welke vorm van nazorg gewenst is. Hierbij kunnen ook maatschappelijke partners, zoals de welzijnsorganisatie, betrokken worden. De nazorg eindigt in overleg met belanghebbende en duurt maximaal 12 maanden na de beëindiging van een schuldregelingstraject.
- a.
Artikel 6. Schuldensanering
-
1. Bij schuldbemiddeling en het saneringskrediet, stellen wij de situatie vast na inventarisatie van de schulden. Daarmee registreert het college de schuldenregistratie bij BKR.
-
2. Voor het bepalen van de waarde van voertuigen hanteert het college de richtprijs zoals deze is opgenomen in de koerslijst ‘ANWB Auto Dashboard’ onder situatie ‘Inruil bij autobedrijf’. Het plan van aanpak en de daaraan verbonden contracten zijn leidend voor de voortgang van het schuldhulpverleningstraject. Het college stelt de waarde boven de € 5.000,- van genoemd ANWB Auto Dashboard’ vast als bovenmatig als:
- a.
er een (aangetoonde) medische noodzaak voor is óf
- b.
de auto nodig is om naar het werk te gaan (woon-werkverkeer).
- a.
-
Bij alle onder a. en b. genoemde situaties onder de € 5.000,-, hoeft de auto niet verkocht te worden.
-
3. Bij woon-werkverkeer, zoals genoemd in lid 2 onder b van dit artikel, stelt het college de waarde alsnog vast, maar deze moet worden verkocht als het woon-werkverkeer niet meer toepassing is.
Artikel 7. Lening voor het saneringskrediet
Als er sprake is van een problematische schuld, kan het college een saneringskrediet verstrekken onder de volgende voorwaarden:
- a.
er zijn geen andere mogelijkheden om geld te lenen voor het betalen van de schulden conform het voorgestelde saneringskrediet, zoals een geldlening bij familie, vrienden of bekenden of het afsluiten van een lening bij een bank;
- b.
belanghebbende voldoet aan de afspraken en verplichtingen zoals bedoeld het plan van aanpak en artikel 8 en 9 van deze beleidsregel;
- c.
de hoogte van het saneringskrediet is maximaal € 10.000,- per aanvraag en is afhankelijk van de draagkracht van belanghebbende. De draagkracht wordt berekend op basis van de Recofa vrij te laten bedrag (VTLB) berekenmethode;
- d.
het saneringskrediet moet binnen 18 maanden terugbetaald worden;
- e.
het saneringskrediet wordt verstrekt in de vorm van een renteloze lening;
- f.
het saneringskrediet wordt maximaal één keer per 10 jaar verstrekt, na toekenning van het vorige saneringskrediet.
Artikel 8. Algemene verplichtingen
-
1. De inlichtingenplicht uit artikel 6 van de wet, de medewerkingsplicht uit artikel 7 van de wet en de inspanningsverplichting zijn van toepassing vanaf de aanvraag tot de beëindiging van de schuldhulpverlening in de vorm van een schuldregeling.
-
2. Het college houdt bij de beoordeling van de naleving van de inlichtingenplicht in ieder geval rekening met de tijdige aanlevering van noodzakelijke bewijsstukken voor de schuldregeling en de melding van wijzigingen in de financiële situatie.
-
3. Het college verstaat onder de medewerking die redelijkerwijs nodig is voor de uitvoering van de schuldhulpverlening in de vorm van een schuldregeling in elk geval:
- a.
het nakomen van gemaakte afspraken en verplichtingen;
- b.
het afzien van het aangaan van nieuwe schulden die het aflossen van bestaande schulden moeilijker maken;
- c.
het actief meewerken aan de begeleiding;
- d.
het zorgen voor zoveel mogelijk inkomsten en deze ook gebruiken om schulden af te lossen; en
- e.
het volledig benutten van de arbeidscapaciteit om inkomsten te verwerven, het aanvaarden van passende arbeid of het proberen te verkrijgen van passende arbeid in de mate die redelijkerwijs van belanghebbende gevraagd kan worden.
- f.
belanghebbende verplicht zich mee te werken aan een door het college aan te wijzen budgetbeheerder als dit naar het oordeel van het college nodig is voor de schuldhulpverlening in het kader van de wet.
- g.
belanghebbende verplicht zich mee te werken aan beschermingsbewind als dit naar oordeel van het college nodig is voor schuldhulpverlening.
- a.
-
4. Het college geeft belanghebbende in het gesprek en in de beschikking uitleg over de verplichtingen die voor belanghebbende gelden.
Artikel 9 Bijzondere verplichtingen
-
1. Naast de algemene verplichtingen zoals in artikel 8 van deze beleidsregel gelden, in ieder geval, de volgende bijzondere verplichtingen bij betalingsregeling, zoals bedoeld in artikel 5 lid 2 sub h en schuldsanering, zoals bedoeld in artikel 5 lid 2 sub j van deze beleidsregel, voor zover van toepassing:
- a.
de verdeling van de beschikbare middelen voor de schuldeisers vindt plaats conform de NVVK-richtlijnen;
- b.
vorderingen waaraan zekerheden zijn verbonden worden als concurrente vorderingen erkend ná uitwinning van de zekerheid;
- c.
betaling aan schuldeisers geschiedt naar evenredigheid van hun vordering, met dien verstande, dat de schuldeisers met een wettelijke preferentie een twee keer zo hoog percentage als de concurrente schuldeisers ontvangen tot maximaal het beloop van hun vordering;
- d.
schuldsanering, zoals bedoeld in artikel 5 lid 2 sub j van deze beleidsregel, wordt aangemeld bij de Stichting Bureau Krediet Registratie te Tiel;
- e.
aflossingsverplichtingen worden correct en stipt nagekomen door belanghebbende
- a.
-
2. Het college kan daarnaast overige, op individuele basis vast te stellen, voorwaarden en verplichtingen opleggen.
-
3. Deze verplichtingen worden opgenomen in het besluit tot schuldsanering en in het plan van aanpak.
Artikel 10. Beëindiging schuldhulpverlening
-
1. Nadat alle niet vrij toegankelijke onderdelen uit het plan van aanpak zijn afgerond, beëindigt het college na overleg met belanghebbende de schuldhulpverlening in de vorm van schuldregeling en geeft het college een beëindigingsbeschikking af.
-
2. Als het college in een periode van zes maanden na de beëindigingsbeschikking een vroegsignaal ontvangt, zoals bedoelt in artikel 10 van de wet, neemt het college contact met belanghebbende op en wordt op basis van dat contact onderzocht óf belanghebbende hulp aanvaard en welke hulp geboden wordt.
Artikel 11. Voortijdige beëindiging schuldhulpverlening van een schuldregeling
-
1. Het college kan besluiten de schuldhulpverlening van een schuldregeling, zoals bedoeld in artikel 5 lid 2 onderdeel e. tot en met i. tot en met eerder te beëindigen als:
- a.
belanghebbende een verplichting niet of onvoldoende nakomt en:
- i.
dit aan belanghebbende te verwijten is;
- ii.
er een termijn is gegeven om de verplichting alsnog na te komen; en
- iii.
daarvan geen gebruik is gemaakt of de verplichting alsnog niet of onvoldoende is nagekomen;
- i.
- b.
belanghebbende zelf om beëindiging van de schuldhulpverlening verzoekt;
- c.
belanghebbende zich misdraagt tegenover personen die de schuldhulpverlening geven;
- d.
bij fraude zoals bedoeld in artikel 1 onderdeel g van deze beleidsregel;
- e.
schuldeisers geen medewerking verlenen aan het minnelijk voorstel. In dat geval staat alleen nog de mogelijkheid open voor een WSNP- traject. Het college maakt een afweging om een verzoek tot dwangakkoord bij de rechtbank in te dienen en informeert belanghebbende hier schriftelijk over. Als belanghebbende niet binnen 3 maanden na bekendmaking van het voornemen van genoemd verzoek, gebruik maakt van het recht om een WSNP aan te vragen, eindigt de gemeentelijke schuldregeling;
- f.
belanghebbende niet langer inwoner is van de gemeente Peel en Maas en er nog geen minnelijke schuldbemiddeling tot stand is gekomen;
- g.
belanghebbende in staat is zelf zijn schulden te regelen.
- a.
-
2. De schuldhulpverlening eindigt van rechtswege bij het overlijden van belanghebbende.
Artikel 12. Nazorg
Het college onderzoekt met belanghebbende welke vorm van nazorg gewenst is. Het college legt de vorm van nazorg na overleg met belanghebbende vast.
Artikel 13. Hardheidsclausule
Het college kan in bijzondere gevallen, ten gunste van de belanghebbende, afwijken van de bepalingen in deze beleidsregels, indien toepassing van deze regels tot onbillijkheden van overwegende aard leidt.
Artikel 14. Overgangsbepalingen
-
1. Aanvragen die bij het college zijn ingediend voor de inwerkingtreding van deze beleidsregel en waarop nog niet is beslist bij de inwerkingtreding van deze beleidsregel, worden afgehandeld volgens deze beleidsregel.
-
2. Op bezwaarschriften tegen een besluit waarop de oude beleidsregel van toepassing was bij aanvraag en afhandeling van de aanvraag, wordt beslist met inachtneming van de beleidsregel die toen geldend was tenzij de toepassing van deze nieuwe beleidsregel gunstiger is voor de bezwaarmaker.
Artikel 15 Citeertitel, inwerkingtreding en intrekking oude beleidsregel
-
1. Deze beleidsregel wordt aangehaald als beleidsregel schuldhulpverlening gemeente Peel en Maas;
-
2. De beleidsregel treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking;
-
3. De beleidsregel integrale schuldhulpverlening gemeente Peel en Maas, vastgesteld op 13 mei 2024, wordt ingetrokken met ingang van de onder lid 2 genoemde datum.
Ondertekening
Panningen, 17 maart 2026
Burgemeester en wethouders van de gemeente Peel en Maas,
de gemeentesecretaris/directeur,
K.H. Werps-Aerts
de burgemeester,
B.C.M. Vostermans
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl