Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR759328
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR759328/1
Verordening van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen op Zoom inhoudende Subsidieregeling Maatschappelijke Opgaven en Eigen Kracht 2027 gemeente Bergen op Zoom
Geldend van 25-03-2026 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 17-03-2026
Intitulé
Verordening van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen op Zoom inhoudende Subsidieregeling Maatschappelijke Opgaven en Eigen Kracht 2027 gemeente Bergen op ZoomHet college van burgemeester en wethouders van Bergen op Zoom;
Overwegende dat het gewenst is om activiteiten en initiatieven te stimuleren die bijdragen aan de maatschappelijke opgaven van de gemeente Bergen op Zoom;
Gelet op het bepaalde in de Algemene Subsidieverordening Gemeente Bergen op Zoom 2015;
Besluit:
vast te stellen de volgende subsidieregeling
Subsidieregeling Maatschappelijke Opgaven en Eigen Kracht 2027 gemeente Bergen op Zoom
Artikel 1. Doel van de subsidie
Gesubsidieerde initiatieven of activiteiten leveren een bijdrage aan één of meer van de volgende maatschappelijke opgaven van de gemeente:
Opgroeien: Jongeren groeien gezond en veilig op en nemen volwaardig deel aan de samenleving. Zij worden binnen de eigen mogelijkheden gemotiveerd om deel te nemen aan maatschappelijk zinvolle activiteiten.
Leefbaarheid: Bergen op Zoom heeft een veilige, leefbare, schone en aantrekkelijke woonomgeving.
Passende zorg: Passende zorg en ondersteuning zijn voor iedereen bekend, beschikbaar en bereikbaar. Het is voor iedere inwoner en professional duidelijk hoe zij de weg kunnen vinden naar elkaar. Onder passende zorg verstaan we ook het normaliseren van de zorg.
Inclusieve samenleving: Alle inwoners maken deel uit van een inclusieve samenleving, waarbij oog en oor is voor kwetsbare mensen en waar men naar elkaar omkijkt. Daarbij wordt gehandeld vanuit de methode van positieve gezondheid en de sociale veerkracht van inwoners
Sterk vrijwilligersveld: Bergen op Zoom kent een hecht en sterk vrijwilligersveld. Wij zetten in op een krachtig en divers voorzieningenaanbod dat bijdraagt aan vitale wijken, waarin ook partijen die primair gericht zijn op educatie en/of vrijetijdsbesteding een sociaal maatschappelijke functie hebben.
Artikel 2. Reikwijdte
1. Deze subsidieregeling is van toepassing op alle organisaties – zowel (semi)professioneel als vrijwillig van aard – die zijn gevestigd in de gemeente Bergen op Zoom en zich binnen de kaders van de maatschappelijke opgaven inzetten voor de inwoners van Bergen op Zoom.
2. In het jaar 2026 start de gemeente Bergen op Zoom met het werken in wijkteams waarmee de ondersteuning voor inwoners integraal vanuit de wijk georganiseerd wordt. Vanaf 2027 zijn vijf wijkteams actief in de gemeente. Verschillende ondersteuningsvormen en activiteiten worden georganiseerd vanuit de wijkteams. Een gedeelte hiervan is subsidiabel. Voor deze ondersteuningsvormen en activiteiten gelden aanvullende eisen om voor subsidie in aanmerking te komen. Deze eisen zijn genoemd in artikel 3, 4 en 6. Dit betreffen de volgende ondersteuningsvormen en activiteiten:
a. Sociaal-maatschappelijk werk, specifiek de volgende activiteiten:
i. Informatie en advies;
ii. Ondersteuning en activiteiten voor specifieke doelgroepen (jeugd en jongeren, ouderen, mantelzorgers, vrijwilligers, inwoners met lichamelijke problematiek, inwoners met geheugenproblematiek);
iii. Inloopvoorziening voor alle inwoners;
iv. Inloopvoorziening voor specifieke doelgroepen (jeugd en jongeren, ouderen, mantelzorgers, vrijwilligers, inwoners met lichamelijke problematiek, inwoners met geheugenproblematiek);
v. Bureau Sociale Raadslieden;
vi. Algemeen Maatschappelijk Werk
vii. Activerende cliëntondersteuning;
viii. Opbouwwerk;
ix. Buurtbemiddeling;
x. Jongerenwerk, specifiek de volgende activiteiten:
1. Activiteiten voor specifieke doelgroepen (meiden, jongens, genderneutraal, mantelzorgers, vrijwilligers, jongeren met lichamelijke problematiek);
2. Thema-momenten (thema’s op inbreng van de deelnemers);
3. Ondersteuning bij specifieke (sociale) vaardigheden;
4. Buitenschoolse activiteiten (speel en spel, informatie en advies, discussie en debat);
5. Activiteiten gericht op sport en spel (i.s.m. de Fitfabriek);
6. Activiteiten vanuit de verbinding met onderwijs.
b. Beheer en exploitatie van gemeentelijke ontmoetingscentra
Artikel 3. Criteria
1. Subsidie wordt uitsluitend verstrekt voor activiteiten en initiatieven die zich richten op de maatschappelijke opgaven uit artikel 1 en de speerpunten per wijk benoemd in hoofdstuk 2 van het Subsidiebeleid Maatschappelijke Opgaven en Eigen Kracht 2027 gemeente Bergen op Zoom en die ten gunste komen van inwoners, wijken en dorpen van de gemeente Bergen op Zoom.
2. Subsidie voor de activiteiten genoemd onder artikel 2 lid 2 wordt uitsluitend verstrekt aan een organisatie die:
a. Aantoonbare ervaring heeft met het werken in een wijkteam;
b. Aantoonbare ervaring heeft met het beheren en exploiteren van grootschalige ontmoetingscentra;
c. Beschikt over een relevante beroepsregistratie, kwaliteitskeurmerk en/of certificering voor het onderdeel waarvoor subsidie wordt aangevraagd; het (onderdeel van) sociaal-maatschappelijk werk;
d. Aantoonbare ervaring heeft met het uitvoeren van het onderdeel waarvoor subsidie wordt aangevraagd, respectievelijk het (onderdeel van) sociaal-maatschappelijk werk en/of beheer en exploitatie van (grootschalige) ontmoetingscentra.
Artikel 4. Aanvragen
1. Een aanvraag voor een eenmalige subsidie wordt ten minste 2 maanden voor de start van de activiteit ingediend via het aanvraagformulier 'Subsidieaanvraag Maatschappelijke Opgaven en Eigen Kracht 2027, eenmalig'. Een eenmalige subsidie kan worden aangevraagd voor bijzondere incidentele projecten of activiteiten die niet behoren tot de reguliere bezigheden van de aanvrager, conform artikel 1, lid c van de Algemene subsidieverordening Bergen op Zoom 2015.
2. Een aanvraag voor een jaarlijkse subsidie wordt van 1 september tot en met 30 september, voorafgaand aan het jaar waarop de subsidieaanvraag van toepassing is, ingediend via het aanvraagformulier 'Subsidieaanvraag Maatschappelijke Opgaven en Eigen Kracht 2027, jaarlijks'. Een jaarlijkse subsidie is een subsidie die per (boek)jaar of voor een bepaald aantal boekjaren (maximaal vier jaar) wordt verstrekt, conform artikel 1 lid d van de Algemene subsidieverordening Bergen op Zoom 2015.
3. Het aanvraagformulier vermeldt in elk geval:
a. Naam, e-mail en (post)adres van de organisatie en indien van toepassing het Kamer van Koophandel nummer.
b. Welke activiteiten worden ingezet en hoe deze bijdragen aan het realiseren van de maatschappelijke opgaven en speerpunten per wijk.
c. Wat de beoogde doelgroep is, hoe de beoogde doelgroep bereikt wordt en met welk beoogd resultaat. Het resultaat is SMART omschreven en bevat in ieder geval het beoogd aantal gebruikers/bezoekers/deelnemers en geeft zicht in hoe het resultaat wordt vastgelegd.
d. Of de activiteiten zich richten op de gehele gemeente of specifiek gericht zijn op 1 of meerdere (prioriteit)wijken met vermelding van deze wijken.
e. Of de activiteiten een doorlopend of incidenteel karakter hebben.
f. Of en zo ja met welke organisatie samengewerkt gaat worden bij het realiseren van de maatschappelijk opgaven en waarom.
g. Bij het indienen van het aanvraagformulier wordt toegevoegd:
i. de meeste recente jaarrekening
ii. een uitgewerkte sluitende begroting voor de periode waarop de aanvraag betrekking heeft en waarmee duidelijk wordt welke kosten en activiteiten bij elkaar horen.
iii. Een activiteitenplan, jaarplan of projectplan
iv. Een scan van een bankafschrift
v. Bij een eerste aanvraag een jaarverslag van voorgaand jaar
4. Specifiek voor sociaal-maatschappelijk werk en beheer en exploitatie van gemeentelijke ontmoetingscentra geldt: in de subsidieaanvraag wordt beschreven op welke wijze samenwerking binnen het wijkteam in Bergen op Zoom plaatsvindt.
Artikel 5. Beoordeling en verlening
1. Het college beoordeelt de subsidieaanvraag op basis van het activiteitenplan, de begroting, de voorwaarden uit deze subsidieregeling en de door de raad beschikbaar gestelde financiële middelen (het subsidieplafond). De aanvragen worden integraal vanuit de verschillenden domeinen (veiligheid, sport + cultuur + recreatie en sociaal domein) beoordeeld waarbij wordt bekeken of de activiteit gericht is op het verminderen of oplossen van de speerpunten per (prioriteit)wijk en daarmee bijdraagt aan één of meerdere maatschappelijke opgaven.
2. De aanvragen om een eenmalige subsidie worden behandeld op volgorde van binnenkomst en zolang het subsidieplafond van € 10.000,00 voor de eenmalige subsidies nog niet is bereikt. Het college beslist op een aanvraag om een eenmalige subsidie binnen 13 weken na ontvangst van de volledige aanvraag. Voor eenmalige subsidieaanvragen gelden de volgende aanvullende criteria:
a. er wordt maximaal een bedrag van € 500,00 verleend per subsidieaanvraag;
b. een subsidie wordt niet verleend wanneer de indiener c.q. ten minste één van de samenwerkende organisaties een eigen vermogen heeft van € 50.000,00 of hoger. Dit blijkt uit de in te dienen jaarrekening;
c. een subsidie wordt niet verleend wanneer de aanvraag voldoet aan de criteria voor een jaarlijkse subsidieaanvraag.
3. De aanvragen om een jaarlijkse subsidie worden na sluitingsdatum (30 september), in relatie tot elkaar en in relatie tot het subsidieplafond voor de jaarlijkse subsidies beoordeeld. Het college beslist op de aanvraag tot subsidieverlening vóór 31 december, voorafgaand aan het jaar waarvoor subsidie wordt gevraagd.
4. De beschikking tot subsidieverlening:
a. bevat een omschrijving van de activiteiten waarvoor subsidie wordt verleend;
b. vermeldt het bedrag van de maximale subsidie, dan wel het bedrag waarop de subsidie ten hoogste kan worden vastgesteld;
c. vermeldt de wijze waarop de subsidie wordt uitbetaald;
d. kan nadere voorwaarden beschrijven.
5. Subsidie wordt verstrekt voor een tijdvak van maximaal één boekjaar.
Artikel 6. Weigeringsgronden
1. Aanvullend op Artikel 10 Weigerings- en intrekkingsgronden van de Algemene subsidieverordening Bergen op Zoom 2015 weigert het college een aanvraag om subsidie als:
a. Wanneer niet voldaan wordt aan de criteria uit artikel 3.
b. De activiteit of het initiatief niet bijdraagt aan de speerpunten per (prioriteit)wijk en daarmee niet aan de maatschappelijke opgaven uit artikel 1, ter beoordeling aan het college.
c. De activiteit of het initiatief van godsdienstige, levensbeschouwelijke, of politieke aard is;
d. Er sprake is van belangenbehartiging, belangenverstrengeling of onverenigbare functies;
e. Het beleid al op een andere manier gestalte krijgt;
f. Bij een eenmalige subsidie: De subsidieaanvrager (stichting/vereniging of natuurlijk persoon) niet gevestigd is in de gemeente Bergen op Zoom;
g. Alleen activiteiten die inzetten op de speerpunten per (prioriteit)wijk en daarmee aan de maatschappelijke opgaven uit artikel 1 worden gesubsidieerd. Niet subsidiabel zijn kosten die niet direct noodzakelijk zijn om een activiteit uit te voeren, ter beoordeling aan het college, zoals bijvoorbeeld prijzengeld, overnachting, dinerkosten, reiskosten, bestuurskosten.
h. Ter bestendiging van het voorliggend veld is het waardevol dat organisaties die soortgelijke activiteiten aanbieden hun krachten bundelen. Daarom worden dubbelingen in activiteiten niet gesubsidieerd.
Voor jaarlijkse subsidies geldt: Het college zet de schaarse subsidiemiddelen zo doelmatig en doeltreffend mogelijk in. Daarom wordt verwacht dat organisaties die gelijksoortige activiteiten wensen aan te bieden met elkaar samenwerken door een gezamenlijke subsidieaanvraag in te dienen. Wanneer geen samenwerking plaatsvindt dan beslist het college welke subsidieaanvra(a)g(en) word(t)(en) gehonoreerd. Deze beslissing vindt plaats op basis van een inhoudelijke beoordeling van de betreffende subsidieaanvragen, waarbij ook wordt gekeken naar de kwaliteit die de organisatie biedt (op basis van kwaliteitskeurmerken en beoordelingen van deelnemers), de te bereiken doelgroep in omvang en locatie en het subsidiebedrag dat gemoeid is met de aanvraag in relatie tot de beschikbare subsidiemiddelen.
Voor eenmalige subsidies geldt: Wanneer een aanvrager subsidie aanvraagt voor een activiteit soortgelijk aan een activiteit waarvoor in het lopende jaar al subsidie is verleend aan een andere c.q. dezelfde aanvrager, dient de nieuwe subsidieaanvraag uitgebreid te worden c.q. anders ingericht te worden zodat geen dubbel aanbod ontstaat.
i. Specifiek voor sociaal-maatschappelijk werk en beheer en exploitatie van gemeentelijke ontmoetingscentra geldt: Activiteiten die niet aansluiten op het beleid van de gemeente Bergen op Zoom ten behoeve van het werken in wijkteams, en de activiteiten die niet bijdragen aan de ondersteuning die geboden wordt vanuit de wijkteams, worden niet gesubsidieerd.
j. Het subsidieplafond is bereikt. Voor de subsidie Maatschappelijke Opgaven en Eigen Kracht 2027 geldt een subsidieplafond. Subsidie wordt slechts verleend tot ten hoogste het subsidieplafond. Komt het totaal van de aanvragen voor een jaarlijkse subsidie boven het plafond uit dan worden met het percentage van het bedrag waarmee het plafond wordt overschreden alle aanvragen naar evenredigheid gekort.
Voor eenmalige subsidies geldt: Wanneer een subsidieaanvraag ervoor zorgt dat het subsidieplafond overschreden wordt, dan wordt de betreffende subsidieaanvraag afgewezen voor het bedrag waarmee het subsidieplafond wordt overschreden. Alle daaropvolgende aanvragen voor een eenmalige subsidie worden afgewezen vanwege het bereiken van het subsidieplafond.
Voor de subsidies Maatschappelijke Ontwikkeling Opgaven en Eigen Kracht 2027 geldt het volgende subsidieplafond (exclusief eventuele indexatie):
|
Subsidieplafond totaal |
€ 5.252.696,44 |
|
Beschikbaar voor jaarlijkse subsidies betreffende sociaal-maatschappelijk werk en beheer en exploitatie van gemeentelijke ontmoetingscentra |
€ 4.817.772,00 |
|
Beschikbaar voor jaarlijkse subsidies anders dan sociaal-maatschappelijk werk en beheer en exploitatie van gemeentelijke ontmoetingscentra |
€ 424.924,44 |
|
Beschikbaar voor eenmalige subsidies |
€ 10.000,-- |
Artikel 7. Verantwoording subsidies
Verantwoording van de subsidies gebeurt conform het gestelde daarover in artikel 15, 16 en 17 van de 'Algemene Subsidieverordening Bergen op Zoom 2015'.
Hierbij gelden de volgende aanvullende voorwaarden:
Subsidies tot € 7.500
Op grond van artikel 15 van bovengenoemde verordening kunnen subsidies tot € 7.500 direct worden vastgesteld of verleend en ambtshalve worden vastgesteld. Deze subsidies vallen daarmee, met uitzondering van de steekproeven die gedaan kunnen worden, buiten de reguliere verantwoordingsverplichting zoals opgenomen in de subsidieverordening. De subsidieontvanger hoeft dan ook geen aanvraag tot vaststelling van de subsidie in te dienen. Omdat het wenselijk is dat de subsidie partijen met een subsidie tot € 7.500 wel een bijdrage leveren aan de evaluatie van het beleid dienen zij op grond van een aan de subsidie verbonden voorwaarde uiterlijk voor 1 juni in het jaar na afloop van het kalenderjaar een inhoudelijk verslag in. Het verslag bevat de volgende gegevens/antwoord op de vragen:
1. Het college heeft in de subsidiebeschikking opgenomen dat de subsidie wordt verstrekt omdat het college verwacht dat de activiteit een bijdrage levert aan 1 of meerdere maatschappelijke opgaven en deze in de beschikking ook benoemd. Hebben de door u georganiseerde activiteiten bijgedragen aan het door de gemeente beschreven doel? Zo ja, kunt u hiervan een voorbeeld geven?
2. Wat is het aantal gebruikers/bezoekers/deelnemers aan de activiteit(en).
3. Waren de activiteiten gericht op de gehele gemeente of specifiek gericht op 1 of meerdere (prioriteit)wijken met vermelding van deze wijken.
4. Hadden de activiteiten een doorlopend of incidenteel karakter?
5. Of en zo ja met welke organisatie is samengewerkt bij het realiseren van de maatschappelijk opgaven en waarom.
Subsidie boven de € 7.500
Alle verleende subsidies boven de € 7.500 dienen conform de vereisten uit de subsidieverordening voor 1 juni in het jaar na afloop van het kalenderjaar een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in. Het gevraagde inhoudelijk verslag bevat ten minste de volgende gegevens/antwoord op de vragen:
1. Welke activiteiten zijn ingezet en hoe hebben deze bijgedragen aan het verminderen/oplossen van de speerpunten en daarmee aan de maatschappelijke opgaven. Is het beoogd resultaat behaald? En zo ja waar blijkt dat uit?
2. Wat is het aantal gebruikers/bezoekers/deelnemers aan de activiteit(en).
3. Waren de activiteiten gericht op de gehele gemeente of specifiek gericht op 1 of meerdere (prioriteit)wijken met vermelding van deze wijken.
4. Hadden de activiteiten een doorlopend of incidenteel karakter?
5. Of en zo ja met welke organisatie is samengewerkt bij het realiseren van de maatschappelijk opgaven en waarom.
Artikel 8. Subsidieoverschot
Als er aan het einde van het subsidiejaar sprake is van een subsidieoverschot moet de niet bestede subsidie terugbetaald worden. De gemeente en de subsidieontvanger treden in dat geval in overleg om te bepalen of de reden van het niet kunnen besteden van de subsidie ertoe leidt dat het overschot gereserveerd kan worden om de activiteiten alsnog op een later moment uit te voeren. Het college beslist in het besluit tot vaststelling over hoe om te gaan met dit overschot.
Artikel 9. Nadere voorwaarden
De subsidieontvanger is verplicht mee te werken aan door of namens het college in te stellen onderzoeken. Deze onderzoeken zijn gericht op het verkrijgen van gegevens voor het beleid ten aanzien van activiteiten, die op grond van deze subsidieregeling gesubsidieerd worden.
Artikel 10. Slot- en overgangsbepalingen
1. Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de aanvrager, gemotiveerd afwijken van een artikel of artikelen van deze regeling voor zover toepassing leidt tot onbillijkheid van overwegende aard.
2. In gevallen waarin deze subsidieregeling niet voorziet of waarin zij tot onredelijkheid leidt, kan het college van het bepaalde in deze regeling afwijken.
3. Het 'Subsidiebeleid ‘Doen wat Nodig is’’, in werking getreden 12 juli 2025, wordt ingetrokken per 17 maart 2026.
4. Deze Subsidieregeling kan aangehaald worden onder de titel 'Subsidieregeling Maatschappelijke Opgaven en Eigen Kracht 2027’.
5. Deze subsidieregeling treedt in werking op 17 maart 2026.
Ondertekening
secretaris
mr. C.G. Jacobs
burgemeester
drs. M. Mulder MSc.
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl