Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR759306
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR759306/1
Ligplaatsenverordening pleziervaartuigen gemeente Het Hogeland
Geldend van 01-04-2026 t/m heden
Intitulé
Ligplaatsenverordening pleziervaartuigen gemeente Het HogelandDe raad van de gemeente Het Hogeland,
gelet op artikel 147 en 149 van de Gemeentewet;
- 1.
Aan het afmeren van en het innemen van ligplaatsen door schepen uit een oogpunt van ordelijk gebruik (gezondheids-, veiligheids-, en milieuaspecten alsmede aanzien van de gemeente;
- 2.
Met betrekking tot veiligheid op, het ordelijk gebruik en de bescherming van het openbaar vaarwater in zijn algemeenheid en van bruggen, kademuren, oevers en waterstaatwerken;
- 3.
Ter bevordering van de rechtszekerheid van eigenaren, bewoners en gebruikers van de diverse pleziervaartuigen;
Besluit vast te stellen de Ligplaatsverordening pleziervaartuigen gemeente Het Hogeland.
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 1 Begripsbepalingen
- a.
Aanleggen: het afmeren en het vervolgens doen of laten liggen van een (plezier)vaartuig aan of op de oever, aan de oeverbescherming, aan of op een natuurlijke of een voor dit doel aangebrachte voorziening of aan een ander vaartuig, gedurende de tijd die daadwerkelijk gebruikt wordt voor een recreatief verblijf op of in de omgeving van het vaartuig;
- b.
Afmeren: het vastmaken van een (plezier)vaartuig of een ander drijvend object aan een vast object, zoals een kade of een oever;
- c.
Bevoegd gezag: het college van burgemeester en wethouders
- d.
Ligplaats (plezier)vaartuig: een aangewezen plaats waar (plezier)vaartuigen met vergunning het gehele jaar van het ligplaatsjaar mogen afmeren;
- e.
Ligplaats innemen: het afmeren en het vervolgens doen of laten liggen van een (plezier)vaartuig op of aan de oever, aan de oeverbescherming, aan of op een natuurlijke of een voor dit doel aangebrachte voorziening of aan een ander (plezier)vaartuig, anders dan met aanleggen wordt bedoeld;
- f.
Openbaar vaarwater: wateren die voor het publiek, al dan niet met enige beperkingen, bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn.
- g.
Passantenligplaats: een ligplaats die voor korte duur (niet langer dan 3 x 24 uur) wordt ingenomen en bedoeld voor tijdelijke aanmeren van (plezier)vaartuigen.
- h.
Pleziervaartuig: een (plezier)vaartuig dat uitsluitend bestemd en in gebruik is voor recreatiedoeleinden. Onder deze (plezier)vaartuigen vallen niet de woonschepen;
- i.
Vaartuig: een drijvend lichaam dat wegens zijn drijfvermogen wordt gebezigd, dan wel bestemd of geschikt is voor het dragen of vervoer te water van personen of voor het dragen of vervoer van al dan niet met het drijvend lichaam een geheel uitmakende voorwerpen, daaronder ook begrepen een vaartuig zonder waterverplaatsing, een casco, een vaartuig in aanbouw en een vaartuig dat de geschiktheid tot varen of drijven verloren heeft;
- j.
Vaste ligplaats: een ligplaats die voor langere duur wordt ingenomen, niet zijnde een passantenligplaats. Deze ligplaats wordt doorgaans toegewezen op jaarbasis of voor een vergelijkbare vaste periode.
- k.
Verwaarloosd (plezier)vaartuig: een (plezier)vaartuig waarvan casco en/of opbouw zodanig onvoldoende zijn beschermd tegen water- en weersinvloeden dat instandhouding van het vaartuig, zonder daarvoor ingrijpender maatregelen dan het normaal te verrichten onderhoud te treffen, in gevaar komt;
Artikel 2 Werkingssfeer
- 1.
Deze verordening is van toepassing op het openbaar vaarwater binnen de grenzen van de gemeente Het Hogeland, in ieder geval voor zover het gaat om specifieke belangen die deze verordening beoogt te beschermen (openbare orde, ordelijk gebruik, gezondheid, veiligheid, milieu-aspecten en aanzien van de gemeente).
- 2.
In voorkomende gevallen kan het zo zijn dat tevens regelgeving van andere waterbeheerders dan de gemeente Het Hogeland van toepassing is.
Artikel 3 Nadere regels / Aanwijsbesluit
- 1.
Het bevoegd gezag kan aan het innemen of hebben van een ligplaats nadere regels stellen uit het oogpunt van ordelijk gebruik van de ligplaatsen, openbare orde, veiligheid, gezondheid, milieuhygiëne, het aanzien en de toeristische promotie van de gemeente. Ook kan zij nadere regels stellen uit het oogpunt van het nautische beheer, voor zover het ligplaatsen betreffen, die zijn gelegen binnen de gemeente gelegen wateren die in beheer zijn bij het waterschap en de gemeente.
- 2.
Het bevoegd gezag stelt een aanwijsbesluit vast waarin is vastgesteld welke gedeelten van het openbaar vaarwater voor welk type (plezier)vaartuig – met inachtneming van de overige bepalingen in deze verordening – is toegestaan ligplaats in te nemen, te hebben, dan wel beschikbaar te stellen. Het bevoegd gezag kan een ligplaatskaart vaststellen.
- 3.
Het college kan aan het innemen, hebben of beschikbaar stellen van een ligplaats op de in artikel 4 bedoelde gedeelten nadere regels en beperkingen stellen. Deze regels kunnen betrekking hebben op:
- a.
Openbare orde, volksgezondheid, veiligheid, milieuhygiëne en het uiterlijk aanzien van de gemeente;
- b.
Het soort en aantal (plezier)vaartuigen dat een ligplaats mag innemen.
Artikel 4 Ligplaats innemen buiten aangewezen gedeelten
- 1.
Het is verboden met een (plezier)vaartuig aan te leggen, een ligplaats in te nemen of te hebben dan wel beschikbaar te stellen buiten de in het aanwijsbesluit – als bedoeld in artikel 3, lid 2 – aangewezen gedeelten van openbaar vaarwater.
- 2.
Het college kan bij besluit bepaalde gedeelten van het openbaar water aanwijzen waar het verboden is een ligplaats in te nemen, een ligplaats te hebben of een ligplaats beschikbaar te stellen, ook wanneer deze niet expliciet in het aanwijsbesluit zijn opgenomen.
Artikel 5 Voorschriften en beperkingen
- 1.
Aan een krachtens deze verordening verleende vergunning of ontheffing kan het bevoegd gezag voorschriften en/of beperkingen verbinden in het belang van:
- a.
Ordelijk gebruik van ligplaatsen;
- b.
Openbare orde;
- c.
Veiligheid;
- d.
Gezondheid;
- e.
Milieuhygiëne;
- f.
Het aanzien van de gemeente;
- g.
Nautisch beheer van de vaarwegen.
- 2.
Degene aan wie krachtens deze verordening een ligplaatsvergunning of ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften na te komen.
Hoofdstuk 2 Bepalingen voor overige schepen
Artikel 6 pleziervaartuigen
- 1.
Het is verboden een pleziervaartuig af te meren, aan te leggen of een ligplaats in te nemen in strijd met de nadere regels als bedoeld in artikel 3 (Aanwijsbesluit).
- 2.
Het is verboden om een pleziervaartuig langer af te meren, aan te leggen of een ligplaats in te nemen dan de in de nadere regels bepaalde tijdsduur.
- 3.
Het verbod uit artikel 3 van deze verordening is niet van toepassing op:
- a.
Ten hoogste één pleziervaartuig voor eigen gebruik, waarmee een ligplaats wordt ingenomen evenwijdig aan het perceel waarop de eigen woning of recreatiewoning is gelegen, binnen het grondgebied van de gemeente op voorwaarde dat de doorvaart niet wordt belemmerd, het innemen van een ligplaats niet in strijd is met het omgevingsplan en geen ligplaats wordt ingenomen in een rietkraag/ecologische zone;
- 4.
Voor vaste ligplaatsen is een ligplaatsvergunning vereist. Deze vergunning is persoonsgebonden en alleen geldig voor het pleziervaartuig in ongewijzigde vorm. De vergunning is niet overdraagbaar en vervalt zodra de vergunninghouder het gebruik van de ligplaats beëindigt of het pleziervaartuig overdraagt aan een derde.
- 5.
De vergunning wordt verleend door het bevoegd gezag op basis van beschikbaarheid.
- a.
De ligplaatsvergunning is maximaal vijf jaar geldig en vervalt automatisch na deze termijn.
- b.
De vergunning vervalt ook indien:
- i.
Het liggeld niet tijdig wordt betaald;
- ii.
Het pleziervaartuig langer dan drie maanden afwezig is zonder schriftelijke kennisgeving aan het bevoegd gezag;
- iii.
Het pleziervaartuig wordt verkocht of overgedragen, zonder melding aan het bevoegd gezag
- c.
Na het vervallen van een vergunning wordt de ligplaats opnieuw beschikbaar gesteld via een transparante selectieprocedure, zoals beschreven in artikel 15.
- 6.
Voor het innemen van een ligplaats is jaarlijks voorafgaand aan gebruik liggeld verschuldigd, conform de Liggeldverordening.
- 7.
Als er meer aanvragen zijn dan beschikbare ligplaatsen, wordt de vergunning toegewezen via een transparante loting, zoals beschreven in artikel 11.
- 8.
Per huishouden wordt maximaal één ligplaatsvergunning verleend. Hiermee wordt beoogd de beschikbare ligplaatsen eerlijk te verdelen onder alle geïnteresseerden.
- a.
Van het maximum van één ligplaatsvergunning per huishouding kan slechts worden afgeweken als er geen andere gegadigden zijn voor een ligplaats. Deze tijdelijke vergunning wordt maximaal voor één ligplaatsjaar afgegeven. Na dit ligplaatsjaar moet de boot zijn verwijderd en komt de ligplaats weer vrij voor geïnteresseerden die nog geen ligplaatsvergunning hebben.
- 9.
Volgorde van voorrang ligplaatsvergunning voor pleziervaartuigen conform onderstaande oproep- en toewijzingsprocedure:
- a.
Inwoners van het dorp:
De eerste oproep wordt gericht aan natuurlijke personen die op het moment van de oproep staan ingeschreven in de Basisregistratie Personen (BRP) op een adres in het dorp waarin de ligplaats is gelegen. Dit draagt bij aan het behoud van lokale watersportvoorzieningen en voorkomt verdringing van lokale bewoners door externen.
- b.
Inwoners van de gemeente:
Als na het doorlopen van de eerste oproep- en toewijzingsprocedure nog ligplaatsen beschikbaar zijn, volgt een tweede oproep gericht aan inwoners van de gemeente Het Hogeland die buiten het betreffende dorp wonen. Hiermee wordt gewaarborgd dat ligplaatsen in de eerste plaats ten goede komen aan de inwoners van de gemeente en wordt bijgedragen aan een evenwichtige spreiding van ligplaatsen binnen de gemeentegrenzen.
- c.
Kandidaten van buiten de gemeente:
Als na de tweede oproep- en toewijzingsprocedure nog ligplaatsen beschikbaar zijn, wordt een oproep gedaan aan zowel BRP-ingezetenen van de gemeente Het Hogeland als gegadigden van buiten de gemeente, inclusief geïnteresseerden die reeds over een ligplaatsvergunning beschikken en een tweede vergunning willen aanvragen. Het percentage ligplaatsen dat beschikbaar wordt gesteld aan gegadigden van buiten de gemeente Het Hogeland wordt gemaximeerd op 10% van het totaal aantal beschikbare ligplaatsen, om de schaarse ruimte primair beschikbaar te houden voor inwoners van Het Hogeland.
- 10.
Ten aanzien van de openbare orde, volksgezondheid, milieuhygiëne, het aanzien van de gemeente en de veiligheid, als het bieden van voldoende veiligheid bij de doorvaart kunnen er bij de vergunningsverlening voorwaarden worden gesteld onder andere ten aanzien van breedte en diepte van het (plezier)vaartuig.
- 11.
Voor passantenplaatsen (pleisterplaatsen) geldt een maximale verblijfsduur van 3x24 uur per periode, zoals vastgesteld in het Aanwijsbesluit.
Artikel 7 Schepen voor bijzonder doeleinden
Van het verbod bedoeld in artikel 4 kan het bevoegd gezag voor schepen voor bijzondere doeleinden ontheffing verlenen.
Hoofdstuk 3 Overige bepalingen
Artikel 8 Zorg- en onderhoudsplicht
- 1.
De eigenaar van een (plezier)vaartuig, draagt er zorg voor dat als gevolg van de staat van het (plezier)vaartuig geen gevaar voor de gezondheid of veiligheid ontstaat dan wel voortduurt.
- 2.
Eenieder die een (plezier)vaartuig voor verblijf verbouwt, gebruikt, laat gebruiken, sloopt of onderhoudswerkzaamheden uitvoert, draagt er, voor zover dat in het vermogen ligt, zorg voor dat als gevolg hiervan geen gevaar voor de gezondheid, veiligheid of schade en of vervuiling aan het milieu ontstaat dan wel voortduurt.
- 3.
Het is in het belang van het aanzien van de gemeente verboden om af te meren of een ligplaats in te nemen of ingenomen te houden met een (plezier)vaartuig dat in verwaarloosde toestand verkeert. Van een verwaarloosd (plezier)vaartuig is in ieder geval sprake:
- a.
Wanneer casco en/of opbouw zodanig onvoldoende zijn beschermd tegen water en weersinvloeden dat de instandhouding van het (plezier)vaartuig, zonder daarvoor ingrijpender maatregelen dan het normaal te verrichten onderhoud te treffen, in gevaar komt;
- b.
De vorm en/of het uiterlijk aanzien van het (plezier)vaartuig in ernstige mate wordt verstoord door (onderdelen van) installaties, objecten of andere toevoegingen;
- c.
Een (plezier)vaartuig of object een te grove inbreuk vormt op wat in de omgeving gebruikelijk is, denk hierbij aan;
- i.
Een (plezier)vaartuig waar graffiti op aangebracht is of is beklad;
- ii.
Beschadiging, achterstallig onderhoud, sterke veroudering, (gedeeltelijke) afbraak, instorting of door verwaarlozing het uiterlijk sterk is aangetast.
- 4.
Op het (plezier)vaartuig mogen geen vaartuigvreemde voorwerpen worden opgeslagen of vastgemaakt;
- 5.
Naast of in de buurt van het (plezier)vaartuig mogen geen andere objecten zoals bij- of volgbootjes, kano’s en vlotten en andere spullen worden afgemeerd of opgeslagen.
Artikel 9 Weigeringsgronden ligplaatsvergunning
- 1.
Een ligplaatsvergunning of ontheffing kan geweigerd worden als:
- a.
Er al een ligplaatsvergunning of ontheffing is verleend voor de gevraagde locatie;
- b.
De aanvrager niet een natuurlijke persoon van tenminste 18 jaar oud is;
- c.
De ligplaats voor een ander doeleinde wordt gebruikt, dan voor het afgemeerd hebben van en het aan- en afvaren van het (plezier)vaartuig.
- d.
Het innemen van de ligplaats in strijd is met het omgevingsplan of het aanwijzingsbesluit.
- e.
Het (plezier)vaartuig belemmeringen kan veroorzaken aan het verkeer te water.
- f.
Het (plezier)vaartuig niet voldoet aan het gestelde in artikel 8.
- g.
Als de aanvrager zich niet deugdelijk kan identificeren als eigenaar van het (plezier)vaartuig en/of het (plezier)vaartuig niet deugdelijk kan identificeren.
- h.
Als de aanvrager onjuiste dan wel onvolledige gegevens heeft verstrekt;
- i.
Het innemen van de ligplaats met het gewenste (plezier)vaartuig door de nautische situatie ter plaatse niet mogelijk of wenselijk is.
Artikel 10 Intrekken of wijzingen van ligplaatsvergunning
De ligplaatsvergunning of ontheffing kan worden ingetrokken of gewijzigd:
- a.
Als ter verkrijging daarvan onjuiste en/of onvolledige gegevens zijn verstrekt;
- b.
Als op grond van een verandering van de omstandigheden, inzichten, opgetreden na het verlenen van de vergunning of ontheffing, moet worden aangenomen dat intrekking of wijziging wordt gevorderd in het belang van de openbare orde, volksgezondheid, veiligheid, de milieuhygiëne, het aanzien van de gemeente en/of goed ruimtelijke ordening;
- c.
Als de aan de vergunning of ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet worden nagekomen;
- d.
Als de houder van de vergunning of zijn rechtverkrijgende dit verzoekt;
- e.
Als de houder van de vergunning of ontheffing de bepalingen in deze verordening, de nadere regels als bedoeld in artikel 3, dan wel de voorschriften behorende bij de vergunning overtreedt;
- f.
Bij vergroting of substantiële wijziging van het (plezier)vaartuig zonder daarvoor verkregen vergunning;
- g.
Als de verplichtingen uit artikel 8 (zorg- en onderhoudsplicht) niet worden nageleefd;
- h.
Bij herhaaldelijke of voortdurend niet-betaling van liggeld.
Artikel 11 Verdeling ligplaatsvergunning pleziervaartuigen op basis van loting
Bij het beschikbaar komen van een ligplaats voor een pleziervaartuig:
- 1.
Maken burgemeester en wethouders door een openbare kennisgeving op de website van de gemeente, www.hethogeland.nl, bekend dat er een ligplaats vrijkomt, welke afmetingen deze ligplaats heeft, voor welke categorie (plezier)vaartuig deze ligplaats geschikt is en welke gegadigden vóór de in de kennisgeving genoemde datum een aanvraag kunnen indienen.
- 2.
Als een aanvraag vóór de indieningdatum is ingediend, maar onvolledig is, krijgt de aanvrager een termijn van twee weken om de aanvraag aan te vullen. Indien er meerdere onvolledige aanvragen zijn, worden de betreffende aanvrager op dezelfde dag op de hoogte gesteld van de gelegenheid om hun aanvraag aan te vullen.
- 3.
Als blijkt dat, er met inachtneming van de volgorde van voorrangsregels in artikel 6 meer aanvragen zijn dan ligplaatsen, organiseert de gemeente een loting uitgevoerd door een onafhankelijke notaris, aan te wijzen door de burgemeester.
- 4.
Uitsluitend volledige aanvragen die tijdig zijn ingediend en waarbij is voldaan aan het bij krachtens deze verordening bepaalde, komen voor beoordeling als bedoeld in het vijfde lid in aanmerking.
- 5.
De loting vindt plaats door blind te trekken. Er worden per ligplaats meerdere lotnummers getrokken. De volgorde van de uitslag van de trekking per ligplaats wordt genoteerd door de notaris. De notaris maakt een proces-verbaal op van de loting en vermeldt daarin de wijze waarop de loting is uitgevoerd, de uitslag van de volgorde van trekking en de datum van de loting en is ondertekend door de notaris. Gegadigden worden uitgenodigd om bij de loting aanwezig te zijn;
- 6.
Na de loting wordt de eerst getrokken aanvraag in behandeling genomen en inhoudelijk beoordeeld of aan alle voorwaarden wordt voldaan voor verkrijgen van een ligplaatsvergunning;
- 7.
Als deze aanvraag niet vergund kan worden, wordt voor de specifieke ligplaats de volgorde gehanteerd van de trekking van de notaris;
- 8.
De overige aanvragers die niet zijn ingeloot, worden in kennis gesteld middels een besluit op de aanvraag.
- 9.
In aanvulling op artikel 4:2 van de Algemene wet bestuursrecht moet een aanvraag om vergunning tevens zijn voorzien van de navolgende gegevens/stukken:
- a.
bewijs dat de aanvrager daadwerkelijk beschikt over een pleziervaartuig en dat de aanvraag voor de ligplaats van dat (plezier)vaartuig dient;
- b.
een recente foto, niet ouder dan 3 maanden, van het (plezier)vaartuig;
- c.
lengte, breedte en hoogte van het (plezier)vaartuig en merk en typenummer van het (plezier)vaartuig en zo mogelijk de naam en registratienummer van het (plezier)vaartuig;
- a.
- 10.
Bij de inhoudelijke beoordeling van een aanvraag of verzoek tot wijziging van een ligplaatsvergunning wordt leges (administratiekosten) conform de legesverordening in rekening gebracht.
Artikel 12 Inzage ligplaatsvergunning (plezier)vaartuig
De houder van een ligplaatsvergunning is verplicht deze op de eerste vordering van een ambtenaar belast met de zorg voor de naleving van een of meer bepalingen van deze verordening, ter inzage af te geven aan deze ambtenaar.
Artikel 13 Het nakomen van aanwijzingen
- 1.
Eenieder is verplicht terstond te gehoorzamen aan de mondelinge aanwijzingen, gegeven door een ambtenaar, aangewezen door het bevoegd gezag, belast met de uitvoering van deze verordening.
- 2.
Het college kan aan de rechthebbende op een (plezier)vaartuig aanwijzingen geven met betrekking tot het innemen, veranderen of gebruik van een ligplaats in het belang van de openbare orde, volksgezondheid, veiligheid, milieuhygiëne en het uiterlijk aanzien van de gemeente.
- 3.
De rechthebbende op een (plezier)vaartuig is verplicht alle door het college gegeven aanwijzingen met betrekking tot het innemen, veranderen of gebruik van een ligplaats op te volgen.
Artikel 14 Strafbepalingen
- 1.
Overtreding van een ge- of verbodsbepaling in deze verordening, of krachtens deze verordening gestelde regels, kan leiden tot bestuursrechtelijke maatregelen, waaronder het opleggen van een last onder dwangsom of een last onder bestuursdwang, conform de Algemene wet bestuursrecht, de Gemeentewet en de Omgevingswet.
- 2.
Als de overtreding tevens een strafbaar feit oplevert, kan deze worden bestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of een geldboete van de tweede categorie, conform artikel 154 van de Gemeentewet.
Artikel 15 Overgangsbepaling
- 1.
Vergunningen of ontheffingen verleend voor inwerkingtreding van deze verordening blijven – indien en voor zover het gebod of verbod waarop de vergunning of ontheffing betrekking heeft, ook vervat is in deze verordening en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken – van kracht en worden vanaf de inwerkingtreding van deze verordening geacht te zijn vergunningen of ontheffingen verleend krachtens deze verordening.
- 2.
Voorschriften en beperkingen opgelegd voor inwerkingtreding van deze verordening blijven- indien en voor zover de bepalingen ingevolge welke deze voorschriften en beperkingen zijn opgelegd ook zijn vervat in deze verordening en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken- na de inwerkingtreding van deze verordening van kracht en worden geacht voorschriften en beperkingen te zijn, opgelegd krachtens deze verordening.
- 3.
Aanvragen van vergunning of ontheffing waarop, op het moment van inwerkingtreding van deze verordening nog geen beslissing is genomen, worden afgehandeld op grond van deze verordening.
- 4.
Bij een latere vrijval van de ligplaats, wordt de ligplaats toegewezen via een lotingssysteem zoals omschreven in artikel 15 van deze verordening.
Artikel 16 Samenloop met andere regelgeving
- 1.
Deze verordening laat onverlet de regelgeving die voortvloeit uit de Omgevingswet, de provinciale omgevingsverordening, de waterschapsverordening en het Binnenvaartpolitiereglement.
- 2.
Het college houdt bij het vaststellen van nadere regels en het verlenen van vergunningen of ontheffingen rekening met de toepasselijke regelgeving zoals bedoeld in lid 1.
Artikel 17 Inwerkingtreding en citeertitel
- 1.
Deze verordening treedt in werking één dag na de datum van bekendmaking.
- 2.
Met de inwerkingtreding van de “Ligplaatsenverordening gemeente Het Hogeland vervalt artikel 5:25 en lid 3 van artikel 6:5 van de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Het Hogeland.
- 3.
Deze verordening wordt aangehaald als “Ligplaatsenverordening pleziervaartuigen Het Hogeland”.
Ondertekening
Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Hogeland op 28 januari 2026.
J.C.F. Broekhuizen, voorzitter
P. Norder, griffier
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl