Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR759193
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR759193/1
Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Emmen 2026
Geldend van 24-03-2026 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2026
Intitulé
Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Emmen 2026De raad van de gemeente Emmen;
gelezen het voorstel van het presidium van 9 februari 2026;
gelet op de artikelen 95, eerste en tweede lid, 96, eerste en tweede lid, en 97, 98, 99 van de Gemeentewet en de artikelen 3.1.1. vijfde lid, 3.1.3 eerste lid, 3.1.4 eerste lid, 3.1.8, eerste lid, 3.1.9, eerste lid, 3.3.2, 3.3.3 tweede lid, 3.4.1 eerste lid, 3.4.2. en 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politiek ambtsdragers;
besluit:
vast te stellen de verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Emmen 2026.
Artikel 1 Definitiebepalingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
- a.
commissielid: lid van een commissie als bedoeld in de artikelen 82, 83 en 84 van de Gemeentewet, die niet tevens raadslid is of ambtenaar die als zodanig tot lid van een commissie is benoemd;
- b.
griffier: de griffier, bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet;
- c.
raadslid: lid van de gemeenteraad;
- d.
fractievoorzitter: raadslid waarvan door de voorzitter van de raad is vastgesteld dat dit lid optreedt als fractievoorzitter van de in de raad vertegenwoordigde groepering.
Artikel 2 Vergoeding voor werkzaamheden van raadsleden
De raad kan bij constatering van regelmatig verzuim bepalen dat ten hoogste 20% van de vergoeding van de werkzaamheden wordt uitgekeerd, berekend naar het aantal gehouden vergaderingen. In dat geval geschiedt de uitkering aan het lid van de raad op basis van het aantal bijgewoonde vergaderingen.
Artikel 3 Toelage vaste voorzitter commissie ex. art. 82 Gemeentewet
-
1. Een raadslid dat voorzitter is van een commissie als bedoeld in artikel 3.1.4a, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, ontvangt een maandelijkse toelage ter hoogte van het bedrag dat genoemd in artikel 3.1.4, eerste lid van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
-
2. Voor toepassing van het eerste lid stelt de burgemeester de duur van de activiteiten vast.
Artikel 4. Reis- en verblijfkosten raads- en commissieleden
-
1. Voor reizen als bedoeld in artikel 3.1 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.1.7 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers worden aan een raads- of commissielid vergoed:
- a)
de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer;
- b)
bij gebruik van een eigen vervoersmiddel het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt alsmede de parkeer- of stallingskosten, veerkosten en tolkosten.
- a)
-
2. Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed.
-
3. Als een raadslid of commissielid een functionele beperking heeft, kan incidenteel een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking worden gesteld.
-
4. De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raadslid of commissielid maakt in verband met reizen, gemaakt voor de uitoefening van de functie, worden ten laste van de gemeente vergoed.
Artikel 5. Verzekering raadsleden voor arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden
-
1. Een raadslid dat nog niet de pensioengerechtigde leeftijd als bedoeld in artikel 7a van de Algemene Ouderdomswet heeft bereikt, wordt eenmaal per jaar een bedrag toegekend ter hoogte van het bedrag van de vergoeding voor de werkzaamheden voor één maand, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, waarmee het raadslid voorzieningen kan treffen ter zake van arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden.
-
2. Het eerste lid is niet van toepassing op een raadslid dat is benoemd in een plaats die is opengevallen als gevolg van tijdelijk ontslag van een raadslid wegens zwangerschap en bevalling of ziekte, op grond van artikel X12 van de Kieswet.
Artikel 6. Loopbaanoriëntatie raadsleden
-
1. De kosten die raadsleden maken omdat zij zich tijdens het ambt oriënteren op hun verdere loopbaan of mobiliteit bevorderende activiteiten ontplooien, komen na goedkeuring door het presidium ten laste van de gemeente.
-
2. Geen vergoeding als bedoeld in het eerste lid wordt toegekend, indien:
- a)
de prijs/kwaliteitverhouding van de desbetreffende loopbaanoriëntatie of mobiliteit bevorderende activiteit onredelijk is;
- b)
die loopbaanoriëntatie of mobiliteit bevorderende activiteit kan worden aangemerkt als een sollicitatieactiviteit, of
- c)
de kosten ervan reeds uit anderen hoofde voor vergoeding in aanmerking komen.
- a)
Artikel 7. Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing raads- en commissieleden
Een raads- of commissielid dat wil deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van zijn functie als bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, kan de daarmee gepaard gaande noodzakelijke kosten naar redelijkheid ten laste brengen van het door de gemeente beschikbaar gestelde fractiebudget en een goed gemotiveerde aanvraag in bij de griffier. De raad beslist op de aanvraag op basis van de overlegde stukken.
Artikel 8. Vergoeding commissieleden, niet zijnde raadsleden
-
1. Commissieleden niet zijnde raadsleden ontvangen per bijgewoonde vergadering een vergoeding. Deze vergoeding bedraagt anderhalf maal het door of namens onze minister jaarlijks vastgestelde normbedrag.
-
2. De vergoeding wordt eens per kwartaal betaalbaar gesteld op basis van de aanwezigheid van het betreffende commissielid, zoals die blijkt uit de vastgestelde vergadernotulen
Artikel 9. Informatie- en communicatievoorzieningen raads- en commissieleden
-
1. Een raads- of commissielid tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld als bedoeld in artikel 3.3.2 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast.
-
2. Een raads- of commissielid levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie-en communicatievoorzieningen in bij de gemeente.
-
3. Overname van de informatie- en communicatievoorzieningen na schoning is mogelijk tegen vergoeding van de resterende waarde van de voorzieningen in het economisch verkeer.
Artikel 10. Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel
-
1. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
-
2. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze verordening, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting 1964.
Artikel 11. Betaling en declaratie van onkosten
-
1. Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de vergoeding van kosten die op grond van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door:
- a.
betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur;
- b.
betaling vooruit uit eigen middelen.
- a.
-
2. Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken.
-
3. Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen zes maanden na factuurdatum, datum gemaakte kosten of betaling door raads- of commissieleden digitaal ingediend bij de gemeente via de griffier.
-
4. Voor zover van toepassing draagt de gemeente er zorg voor dat de betaling aan raads- of commissieleden binnen drie maanden na het indienen van de aanvraag wordt overgemaakt.
Artikel 12. Intrekking oude verordening
De Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden gemeente Emmen 2020 wordt ingetrokken
Artikel 13. Citeertitel
De verordening kan worden aangehaald als Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Emmen 2026
Artikel 14. Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na de datum van publicatie en werkt terug tot 1 januari 2026.
Ondertekening
Vastgesteld in de openbare vergadering van 19 februari 2026.
de griffier,
S. Engelen
de voorzitter
H.F. van Oosterhout
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl