Klachtenregeling Jeugd gemeente Assen 2026

Geldend van 20-03-2026 t/m heden

Intitulé

Klachtenregeling Jeugd gemeente Assen 2026

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Assen

Overwegende dat

  • ten behoeve van een zorgvuldige behandeling van klachten in het kader van de uitvoering van de Jeugdwet door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Assen een regeling wordt vastgesteld met in achtneming van hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht;

  • op grond van artikel 9:14 van de Algemene wet bestuursrecht een commissie wordt ingesteld die belast is met de behandeling van en advisering over bovengenoemde klachten;

  • het wenselijk is om de behandeling van klachten in het kader van de uitvoering van de Jeugdwet zoveel als mogelijk aan te laten sluiten bij paragraaf 4.2a van de Jeugdwet.

Gelet op titel 9.1 Klachtbehandeling door een bestuursorgaan van de Algemene wet bestuursrecht;

b e s l u i t:

  • 1.

    vast te stellen de "Klachtenregeling Jeugd gemeente Assen 2026”;

  • 2.

    ter uitvoering van de Klachtenregeling Jeugd gemeente Assen 2026 het behandelen van en het adviseren over klachten in het kader van de uitvoering van de Jeugdwet op te dragen aan de commissie Jeugd (artikel 9:14 van de Algemene wet bestuursrecht).

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1 Begripsbepalingen

De regeling verstaat onder:

  • a.

    klacht: een mondelinge of schriftelijke uiting van ongenoegen van een klager over de wijze waarop het college of een persoon, werkzaam onder de verantwoordelijkheid van het college, zich in het kader van de uitvoering van de Jeugdwet jegens hem of een ander heeft gedragen;

  • b.

    klager: natuurlijke persoon of rechtspersoon die een klacht heeft ingediend;

  • c.

    beklaagde: het college of een persoon, werkzaam onder de verantwoordelijkheid van het college;

  • d.

    commissie: een commissie als bedoeld in artikel 9:14 van de Algemene wet bestuursrecht;

  • e.

    college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Assen;

  • f.

    verantwoordelijk leidinggevende: degene onder wiens verantwoordelijkheid de beklaagde valt;

  • g.

    secretaris: de aangewezen medewerker als bedoeld in artikel 4;

  • h.

    Jeugdstem: de onafhankelijke organisatie van vertrouwenspersonen in de jeugdzorg;

  • i.

    onafhankelijk cliëntondersteuner: een onafhankelijk cliëntondersteuner helpt mensen met vragen over zorg en ondersteuning, en behartigt hun belangen.

Hoofdstuk 2 De Klachtencommissie Jeugd

Artikel 2 Samenstelling

  • 1.

    Het college benoemt de commissie die bestaat uit ten minste drie leden waaronder een voorzitter.

  • 2.

    Commissieleden zijn niet werkzaam voor of bij de gemeente Assen.

  • 3.

    Commissieleden zijn ook niet werkzaam voor of bij jeugdhulpaanbieders die actief zijn binnen de Jeugdhulpregio Drenthe. Dit om de onafhankelijkheid en objectiviteit van de klachtenbehandeling te waarborgen.

  • 4.

    In de commissie zijn ten minste de volgende disciplines aanwezig: een jurist en een gedragsdeskundige met een BIG- en/of SKJ-registratie.

  • 5.

    De leden van de commissie worden benoemd voor een periode van vier jaar. Ze zijn éénmaal herbenoembaar.

  • 6.

    De leden van de commissie worden benoemd, geschorst en ontslagen door het college.

  • 7.

    De leden kunnen slechts van hun functie ontheven worden wegens verwaarlozing van hun taak of wegens andere redenen op grond waarvan handhaving als lid redelijkerwijs niet kan worden verlangd. Het lid maakt per direct geen deel meer uit van de commissie.

  • 8.

    De leden kunnen zelf terugtreden. Zij stellen het college schriftelijk op de hoogte. Het vertrekkend lid blijft aan totdat in zijn of haar opvolging is voorzien, tenzij sprake is van ernstige onvoorzienbare omstandigheden.

Artikel 3 Vergoeding

  • 1.

    De leden van de commissie ontvangen per hoorzitting een vergoeding. De vergoeding wordt vastgesteld aan de hand van het voor de inwonersklasse van de gemeente vastgestelde bedrag in afdeling 3.4. van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

  • 2.

    De voorzitter ontvangt 2,5x en de leden 2x de norm als bedoeld in het vorige lid.

  • 3.

    De vergoeding is exclusief de reiskostenvergoeding van € 0,28 cent per kilometer, gebaseerd op de kortste route van de ANWB-routeplanner.

  • 4.

    Voor het parkeren in de parkeergarage stadhuis wordt een uitrijkaart verstrekt.

  • 5.

    De leden van de commissie ontvangen per regulier overleg, niet zijnde een hoorzitting, 1x de norm als bedoeld in het eerste lid, exclusief reiskostenvergoeding van € 0,28 cent per kilometer en een uitrijkaart voor de parkeergarage stadhuis.

  • 6.

    De betaling van de vergoeding vindt achteraf plaats op basis van de presentielijst door de salarisadministratie.

Artikel 4 Secretaris commissie

  • 1.

    Het college wijst een medewerker als secretaris en diens plaatsvervangers aan.

  • 2.

    De secretaris:

    • a.

      is het eerste aanspreekpunt binnen de gemeente Assen voor de klager;

    • b.

      zorgt voor het uitzetten van de klachten en bemiddeling hierover in de organisatie;

    • c.

      draagt zorg voor het geven van informatie en adviseert over de toepassing van de klachtregeling en -procedure;

    • d.

      zorgt voor het bewaken van de procedure en formuleert daartoe zo nodig voorstellen;

    • e.

      zorgt voor het desgevraagd te woord staan en informatie verstrekken aan een klager;

    • f.

      zorgt voor het schriftelijk bevestigen van de ontvangst, het registreren van alle ontvangen klachten en het rapporteren over de wijze van afdoening daarvan;

    • g.

      zorgt voor het registreren en coördineren van de schriftelijke klachten die bij een ombudsman zijn ingediend en het verzorgen van de correspondentie daaromtrent.

Hoofdstuk 3 De procedure

Artikel 5 Indienen klacht

  • 1.

    De klacht wordt ingediend bij het college en zo snel mogelijk doorgeleid naar de secretaris van de commissie.

  • 2.

    Een klacht kan zowel mondeling als schriftelijk worden ingediend.

  • 3.

    De klacht heeft betrekking op een gedraging van het college of een persoon, werkzaam onder de verantwoordelijkheid van het college, die zich in het kader van de uitvoering van de Jeugdwet jegens hem of een ander heeft voorgedaan.

  • 4.

    Een mondeling ingediende klacht dient op schrift te worden gesteld om in behandeling te kunnen worden genomen door de commissie. Hiervoor kan bijvoorbeeld hulp worden gevraagd aan Jeugdstem of een onafhankelijk cliëntondersteuner van de gemeente.

  • 5.

    Een schriftelijk ingediende klacht wordt ondertekend en bevat ten minste:

    • a.

      de naam en het adres van de indiener;

    • b.

      de dagtekening;

    • c.

      een omschrijving van de gedraging waartegen de klacht is gericht;

    • d.

      indien de klacht in een vreemde taal is gesteld en een vertaling voor een goede behandeling van de klacht noodzakelijk is, dient de indiener zorg te dragen voor een vertaling.

  • 6.

    De secretaris bevestigt de ontvangst van de klacht schriftelijk.

  • 7.

    Aan degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft, wordt een afschrift van het klaagschrift alsmede van de daarbij meegezonden stukken toegezonden.

Artikel 6 Buiten behandeling laten klacht

  • 1.

    Het college is niet verplicht de klacht te behandelen indien zij betrekking heeft op een gedraging:

    • a.

      waarover reeds eerder een schriftelijke klacht is ingediend die met inachtneming van hoofdstuk 3 is behandeld;

    • b.

      die langer dan een jaar voor indiening van de klacht heeft plaatsgevonden;

    • c.

      waartegen door de klager bezwaar gemaakt had kunnen worden;

    • d.

      waartegen door de klager beroep kan worden ingesteld, tenzij die gedraging bestaat uit het niet tijdig nemen van een besluit, of beroep kon worden ingesteld;

    • e.

      die door het instellen van een procedure aan het oordeel van een andere rechterlijke instantie dan een bestuursrechter onderworpen is, dan wel onderworpen is geweest of;

    • f.

      zolang ter zake daarvan een opsporingsonderzoek op bevel van de officier van justitie of een vervolging gaande is, dan wel indien de gedraging deel uitmaakt van de opsporing of vervolging van een strafbaar feit en ter zake van dat feit een opsporingsonderzoek op bevel van de officier van justitie of een vervolging gaande is.

  • 2.

    Het bestuursorgaan is niet verplicht de klacht te behandelen indien het belang van de klager dan wel het gewicht van de gedraging kennelijk onvoldoende is.

  • 3.

    Van het niet in behandeling nemen van de klacht wordt de klager zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen vier weken na ontvangst van het klaagschrift schriftelijk in kennis gesteld. Artikel 10 lid 5 is van overeenkomstige toepassing.

Artikel 7 Bemiddeling

  • 1.

    Voordat tot klachtenbehandeling wordt overgegaan, wordt in overleg met de klager onderzocht of de klacht voor bemiddeling in aanmerking komt. Het doel van de bemiddeling is het verschil van mening, dat aan de klacht ten grondslag ligt, op te lossen.

  • 2.

    De bemiddeling over de klacht vindt plaats door tussenkomst van de verantwoordelijk leidinggevende van de beklaagde.

  • 3.

    Na afronding van de bemiddeling informeert de verantwoordelijk leidinggevende de secretaris over de uitkomst van de bemiddeling. De uitkomst van de bemiddeling wordt schriftelijk vastgelegd. De secretaris zendt een afschrift hiervan naar de klager en de beklaagde.

  • 4.

    De secretaris sluit de klachtenbehandeling af, indien de klager geen voortzetting van de klacht wenst.

Artikel 8 Klachtenbehandeling

  • 1.

    Indien geen toepassing is gegeven aan artikel 6, de klacht niet voor bemiddeling in aanmerking komt, bemiddeling niet gewenst is of bemiddeling niet heeft geleid tot intrekking van de klacht, heeft de beklaagde de gelegenheid een toelichting te geven op de gedraging waarover is geklaagd. Klager en beklaagde kunnen zich bij de klachtenbehandeling laten bijstaan.

  • 2.

    De commissie stelt de klager en degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft, in de gelegenheid om te worden gehoord. Ook hier kunnen de klager en de beklaagde zich bij de klachtenbehandeling laten bijstaan.

  • 3.

    Van het horen van de klager kan worden afgezien indien:

    • a.

      de klacht kennelijk ongegrond is;

    • b.

      de klager heeft verklaard geen gebruik te willen maken van het recht te worden gehoord, of

    • c.

      de klager niet binnen een door de secretaris gestelde redelijke termijn verklaart dat hij gebruik wil maken van het recht te worden gehoord.

  • 4.

    Van het horen wordt een verslag gemaakt.

  • 5.

    De klachtencommissie zendt aan de klager, de verantwoordelijk leidinggevende, de beklaagde en het college binnen zes weken nadat de klager zich tot de klachtencommissie heeft gewend een rapport van bevindingen, vergezeld van het advies en eventuele aanbevelingen. Het rapport bevat het verslag van het horen. Deze termijn wordt opgeschort gedurende de in artikel 7 genoemde bemiddeling.

  • 6.

    Indien het voor de commissie niet mogelijk is een rapport van bevindingen uit te brengen binnen de in het vorige lid genoemde termijn, doet zij daarvan binnen die termijn schriftelijk met redenen omkleed mededeling aan de klager, de verantwoordelijk leidinggevende en degene over wie wordt geklaagd onder vermelding van de termijn waarbinnen zij een oordeel zal uitbrengen.

Artikel 9 Commissie

  • 1.

    Het college kan de commissie slechts in het algemeen instructies geven.

  • 2.

    De commissie houdt een besloten hoorzitting in het stadhuis van de gemeente Assen of op een nader aan te wijzen locatie in de gemeente Assen.

  • 3.

    De commissie kan bij derden en/of deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen bij de hoorzitting aanwezig te zijn. Indien daaraan kosten zijn verbonden hoger dan € 1000,- is vooraf een machtiging van het college vereist.

  • 4.

    Het horen geschiedt door de commissie. De commissie kan het horen opdragen aan de voorzitter of een lid van de commissie.

  • 5.

    De commissie beslist over de toepassing van artikel 8 lid 3.

Artikel 10 Klachtenafhandeling

  • 1.

    Het college stelt de klager, de verantwoordelijk leidinggevende en de beklaagde, binnen tien weken nadat de klager zich tot de klachtencommissie heeft gewend schriftelijk en gemotiveerd in kennis van de bevindingen van het onderzoek naar de klacht, zijn oordeel daarover alsmede van de eventuele conclusies het daaraan verbindt.

  • 2.

    Indien de conclusies van het college afwijken van het advies van de commissie, wordt in de conclusies de reden voor die afwijking vermeld.

  • 3.

    Het college kan de afhandeling voor ten hoogste vier weken verdagen. Van de verdaging wordt schriftelijk mededeling gedaan aan de klager en aan degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft.

  • 4.

    Verder uitstel is mogelijk voor zover de klager daarmee schriftelijk instemt.

  • 5.

    Bij kennisgeving wordt vermeld bij welke ombudsman en binnen welke termijn de klager vervolgens een verzoekschrift kan indienen.

Artikel 11 Onvoorziene gevallen

In die gevallen waarin de Algemene wet bestuursrecht of de regeling niet voorzien, beslist de voorzitter van de commissie.

Hoofdstuk 4 Overige bepalingen

Artikel 12 Jaarverslag

  • 1.

    Het college stelt een geanonimiseerd jaarverslag op ten aanzien van het aantal behandelde klachten, de aard daarvan en het resultaat van de behandeling.

  • 2.

    De geregistreerde klachten worden jaarlijks anoniem gepubliceerd.

Artikel 13 Inzage in stukken

Voor de behandeling van de klacht kan de commissie relevante stukken inzien met inachtneming van het bepaalde in de Algemene verordening gegevensbescherming en het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht.

Artikel 14 Geheimhouding

De leden van de commissie, de (plaatsvervangend) secretaris en eventuele getuigen en deskundigen zijn tot geheimhouding verplicht, omtrent hetgeen aan hen tijdens de uitoefening van hun taak ter kennis komt en waarvan het vertrouwelijke karakter geacht kan worden aan hen bekend te zijn.

Hoofdstuk 5 Slotbepalingen

Artikel 15 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze regeling treedt de dag na haar bekendmaking in werking.

  • 2.

    Zij kan worden aangehaald als: Klachtenregeling Jeugd gemeente Assen 2026.

Ondertekening

Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Assen d.d. 3 maart 2026

de secretaris, de burgemeester,