Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning Hellendoorn 2026

Geldend van 19-03-2026 t/m heden

Intitulé

Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning Hellendoorn 2026

Nijverdal, 3 maart 2026, kenmerk 2026-000468

De raad van de gemeente Hellendoorn;

gelet op het bepaalde in artikel 33, eerste en derde lid van de Gemeentewet;

b e s l u i t :

vast te stellen de

Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning Hellendoorn 2026

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1 Definities

Deze verordening verstaat onder:

  • a.

    Ambtenaar: de onder het gezag van het college vallende ambtenaar;

  • b.

    Ambtelijke bijstand: bijstand verleend door onder het gezag van het college of de burgemeester werkzame ambtenaren;

  • c.

    College: het college van burgemeester en wethouders;

  • d.

    Griffier: functionaris als bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet of diens plaatsvervanger;

  • e.

    Secretaris: functionaris als bedoeld in artikel 102 van de Gemeentewet of diens plaatsvervanger.

Hoofdstuk 2 Ambtelijke bijstand

Artikel 2 Inlichtingen

De griffier is bevoegd in het kader van de uitoefening van zijn verantwoordelijkheden ten opzichte van de raad inlichtingen in te winnen bij ambtenaren. Indien deze ambtenaren naar het oordeel van de griffier zonder genoegzame grond weigeren de gevraagde inlichtingen te verstrekken, stelt de griffier zich in verbinding met de secretaris. De secretaris draagt er zorg voor dat de inlichtingen zo spoedig mogelijk alsnog worden verstrekt.

Artikel 3 Verzoek om ambtelijke bijstand

  • 1. Een raadslid wendt zich tot de griffier met een verzoek om:

    • a.

      feitelijke informatie;

    • b.

      inzage of afschrift van bij de raad, burgemeester en wethouders of de burgemeester berustende schriftelijke stukken en ander materiaal dat gegevens bevat;

    • c.

      ondersteuning bij het opstellen van amendementen, moties, initiatiefvoorstellen, agenderingsverzoeken of andere ondersteuning uit hoofde van het raadslidmaatschap.

  • 2. De informatie of ondersteuning, bedoeld in het eerste lid, wordt door de griffier, een medewerker van de griffie of op verzoek van de griffier door een ambtenaar gegeven. Indien de gevraagde ondersteuning niet op deze wijze kan worden verleend, verzoekt de griffier de secretaris een of meer ambtenaren aan te wijzen die ambtelijke bijstand verlenen. De secretaris draagt er zorg voor dat de bijstand zo spoedig mogelijk wordt verleend.

Artikel 4 Uitvoering ambtelijke bijstand

  • 1. De secretaris kan een verzoek om ambtelijke bijstand slechts weigeren als:

    • a.

      het raadslid niet aannemelijk heeft gemaakt dat de bijstand betrekking heeft op de werkzaamheden van de raad;

    • b.

      dit het belang van de gemeente kan schaden.

  • 2. Als de gevraagde expertise binnen de organisatie niet aanwezig of niet beschikbaar is, treedt de secretaris in overleg met het raadslid en de griffier over de mogelijkheid tot inhuur van capaciteit op de gevraagde expertise.

  • 3. Indien het verzoek om ambtelijke bijstand door de secretaris wordt geweigerd, deelt hij dit met redenen omkleed mee aan de griffier en aan het raadslid door wie het verzoek is ingediend. De griffier of het raadslid kan de burgemeester verzoeken met de griffier en de secretaris en zo nodig het raadslid in overleg te treden over het alsnog laten verlenen van de ambtelijke bijstand. De burgemeester geeft zo spoedig mogelijk gehoor aan dit verzoek.

  • 4. Indien een ambtenaar bij de uitvoering van het verzoek twijfelt of het verzoek valt onder artikel 3, eerste lid van deze verordening, stelt hij de griffier daarvan in kennis. De griffier overlegt daarover met de secretaris en zo nodig met de burgemeester.

Artikel 5 Verantwoording

Voor zover en zolang de ambtenaar werkzaamheden verricht in het kader van het verlenen van ambtelijke bijstand, valt deze onder de functionele aansturing van de griffier en legt de ambtenaar over deze werkzaamheden slechts verantwoording af aan de griffier.

Artikel 6 Vertrouwelijkheid

  • 1. Alle informatie die de ambtenaar en het raadslid en de griffier met elkaar delen in het kader van het verlenen van ambtelijke bijstand is vertrouwelijk.

  • 2. Wanneer een andere ambtenaar betrokken dient te worden bij de uitvoering van de ambtelijke bijstand, informeert de griffier de secretaris over de uitbreiding van het verzoek om ambtelijke bijstand. In dat geval zijn de bepalingen van deze verordening eveneens van toepassing op deze ambtenaar.

  • 3. Als het college of een of meer leden van het college informatie wensen over een verzoek om ambtelijke bijstand of over de inhoud van verleende ambtelijke bijstand, wenden zij zich daartoe rechtstreeks tot het betrokken raadslid.

Artikel 7 Evaluatie

  • 1. Na afronding van de werkzaamheden evalueren het raadslid en de betrokken ambtenaar samen met de griffier het proces rondom de gevraagde en verleende ambtelijke bijstand.

  • 2. Indien een raadslid niet tevreden is over door een ambtenaar verleende bijstand, kan hij de griffier verzoeken hierover in overleg te treden met de secretaris.

  • 3. Indien overleg met de secretaris niet leidt tot een voor het raadslid bevredigende oplossing, kan het raadslid de burgemeester verzoeken met de griffier en de secretaris, en zo nodig met het raadslid, in overleg te treden over de verleende ambtelijke bijstand. De burgemeester geeft zo spoedig mogelijk gehoor aan dit verzoek.

Hoofdstuk 3 Fractieondersteuning

Artikel 8 Recht op financiële bijdrage

  • 1. De fracties, als bedoeld in artikel 7 van het Reglement van orde van de raad van Hellendoorn, ontvangen jaarlijks een financiële bijdrage als tegemoetkoming in de kosten van het functioneren van de fractie.

  • 2. Deze bijdrage bestaat uit een vast deel van € 555,- per fractie per jaar. Daarnaast ontvangt elke fractie een variabel deel van € 200,- per raadszetel per jaar.

Artikel 9 Besteding fractieondersteuning

  • 1. De financiële bijdrage wordt uitsluitend besteed aan ondersteuning die ertoe strekt de volksvertegenwoordigende, kaderstellende of controlerende rol van de fractie te versterken.

  • 2. De financiële bijdrage mag niet worden gebruikt ter bekostiging van:

    • a.

      uitgaven die in strijd zijn met wettelijke bepalingen en regelingen;

    • b.

      betalingen (inclusief contributies) aan politieke partijen, met politieke partijen verbonden instellingen of natuurlijke personen, anders dan ter vergoeding van diensten of goederen geleverd ten behoeve van de versterking van de ondersteuning van de fractie op basis van een gespecificeerde, reële declaratie of arbeidsovereenkomst;

    • c.

      giften, leningen, beleggingen en voorschotten;

    • d.

      uitgaven die op grond van enige andere wettelijke regeling in aanmerking komen voor vergoeding van overheidswege (waaronder het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers);

    • e.

      uitgaven in verband met verkiezingsactiviteiten.

Artikel 10 Voorschot financiële bijdrage

  • 1. De bijdrage wordt voor 31 januari van elk kalenderjaar verstrekt als voorschot.

  • 2. In een jaar waarin gemeenteraadsverkiezingen plaatsvinden wordt de bijdrage voor fractieondersteuning verstrekt voor de maanden tot en met de maand waarin de verkiezingen plaatsvinden naar rato van de in artikel 8, tweede lid van deze verordening genoemde bedragen. In de maand na de verkiezingen wordt de bijdrage voor fractieondersteuning, eveneens naar rato van de in artikel 8, tweede lid van deze verordening genoemde bedragen, verstrekt voor de overige maanden van dat jaar op basis van de zetelverdeling van de raad na de gehouden verkiezingen.

Artikel 11 Gevolgen splitsen en einde bestaan fractie

  • 1. Als één of meer raadsleden van één of meer fracties als zelfstandige fractie gaan optreden of zich aansluiten bij een andere fractie, wordt het voor deze zetel(s) op grond van artikel 8, tweede lid beschikbaar gestelde variabele deel van de bijdrage naar evenredigheid van het aantal resterende aantal dagen van het kalenderjaar toegewezen aan de nieuw gevormde fractie of aan de fractie waarbij het lid of de leden zich aangesloten hebben. Het eerder toegekende voorschot wordt onverwijld bijgesteld.

  • 2. Als een fractie tijdens een zittingsperiode ophoudt te bestaan, vervalt de aanspraak op de financiële bijdrage ter ondersteuning van die fractie met ingang van de maand volgend op de maand waarin hiervan kennisgeving is gedaan aan de raad.

Artikel 12 Reserve

  • 1. De fractie reserveert het in enig jaar niet gebruikte gedeelte van de fractieondersteuning ten behoeve van de ondersteuning van de betreffende fractie in volgende jaren.

  • 2. De reserve mag niet groter zijn dan tweemaal de bijdrage die de fractie op 31 januari van het betreffende kalenderjaar toekwam op grond van artikel 8, tweede lid van deze verordening. Als blijkt dat de reserve dit maximum overschrijdt, wordt het meerdere door de gemeente teruggevorderd.

  • 3. Na de gemeenteraadsverkiezingen blijft een eventuele opgebouwde reserve beschikbaar ten behoeve van de fractie die onder dezelfde naam terugkeert, dan wel ten behoeve van de fractie die naar het oordeel van de raad als rechtsopvolger daarvan wordt beschouwd.

  • 4. Als een fractie ophoudt te bestaan, wordt de (eventuele) reserve na het maken van de eindafrekening door de gemeente teruggevorderd.

Artikel 13 Verantwoording en controle besteding fractieondersteuning

  • 1. De fractie legt uiterlijk twee maanden na het einde van een kalenderjaar aan de raad verantwoording af over de besteding van de financiële bijdrage gedurende het vorige kalenderjaar, onder overlegging van een financieel verslag.

  • 2. De griffier toetst de uitgaven in het financieel verslag, bedoeld in het eerste lid, aan de bepalingen uit artikel 9 van deze verordening en plaatst het definitieve financieel verslag van elke fractie bij de ingekomen stukken voor de raad.

Hoofdstuk 4 Slotbepalingen

Artikel 14 Intrekken oude verordening

De "Verordening op de ambtelijke bijstand en de fractieondersteuning”, vastgesteld op 24 juni 2003 en voor het laatst gewijzigd op 1 februari 2022, wordt ingetrokken met ingang van het in artikel 15, tweede lid van deze verordening genoemde tijdstip.

Artikel 15 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1. Deze verordening wordt aangehaald als Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning Hellendoorn 2026.

  • 2. Deze verordening treedt in werking op de dag, volgend op die van zijn bekendmaking.

Ondertekening

De raad voornoemd,

de griffier, de voorzitter,