Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR758864
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR758864/1
Verordening Raadswerk 2026
Geldend van 18-03-2026 t/m heden
Intitulé
Verordening Raadswerk 2026De raad van de gemeente Leusden;
gelezen het voorstel van het presidium van 19 februari 2026 nummer 300533;
gelet op
- -
de artikelen 16, 82, 83, 84 van de Gemeentewet;
- -
gelet op artikel G 3 van de Kieswet;
besluit:
vast te stellen de Verordening Raadswerk 2026
HOOFDSTUK I Algemene bepalingen en organen van de raad
Artikel 1. Begripsomschrijvingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
- •
agenda-initiatief: voorstel van een of meer raadsleden om een onderwerp te agenderen voor een beeldvormende sessie;
- •
agendacommissie: draagt zorg voor de agenda's van vergaderingen van raad;
- •
amendement: voorstel tot wijziging van een aanhangig ontwerpbesluit, naar de vorm geschikt om daarin direct te worden opgenomen;
- •
subamendement: voorstel van een raadslid tot wijziging van een aanhangig amendement;
- •
beeldverslag: in beeld en geluid vastgelegde verslagen van raadsvergaderingen en beeld- en oordeelsvormende avonden;
- •
beeld- en oordeelsvormende avonden: het geheel van beeld- en oordeelsvormende vergaderingen van de raad;
- •
collegeleden: leden uit het college van Burgemeester en wethouders, niet zijnde de secretaris;
- •
fractievertegenwoordiger: een persoon, niet zijnde een raadslid, die is aangewezen door de fractie om haar bij te staan bij het verrichten van haar werk ten behoeve van de raad en als zodanig;
- •
griffier: griffier van de raad of diens plaatsvervanger, de ambtenaar als bedoeld in artikel 107 e.v. van de wet;
- •
secretaris: de directeur-secretaris, de ambtenaar als bedoeld in artikel 102 e.v. van de wet;
- •
initiatiefvoorstel: voorstel van een raadslid voor een verordening of ander besluit;
- •
interpellatie: vragen van inlichtingen aan burgemeester en of wethouders over een onderwerp dat niet vermeld staat op de agenda;
- •
inwonerstafel: een verzoek van een inwoners of organisatie om een onderwerp te agenderen tijdens de beeldvormende markt;
- •
motie: verklaring waarmee een oordeel, wens of verzoek wordt uitgesproken;
- •
raadsinformatiebrief: de brief waarmee het college de raad, conform artikel 169 van de wet actief informeert over uitoefening van bevoegdheden;
- •
raadsinformatiesysteem: openbaar toegankelijk digitaal informatiesysteem waarin alle openbare agenda’s van de raad en raadsstukken voor een ieder toegankelijk zijn;
- •
raadsrapporteurs: raadsleden die per gemeenschappelijke regeling (GR) rapporteren over beleidsvoornemens van deze GR;
- •
sessie-voorzitter: lid van de raad of fractievertegenwoordiger die beeld- en oordeelsvormende sessies voorzit (uit voorzitterspoule);
- •
voorzitter: voorzitter van de raad of diens plaatsvervanger;
- •
voorzitterspoule: de poule met raadsleden en fractievertegenwoordigers die als voorzitter kunnen optreden bij beeld- en oordeelsvormende avonden;
- •
wet: de Gemeentewet.
Artikel 2. Agendacommissie
Artikel 2a: Samenstelling
-
1. De gemeenteraad benoemt een agendacommissie die zorgdraagt voor de agenda’s van beeld- en oordeelsvormende avonden de raad.
-
2. De agendacommissie bestaat in principe uit maximaal twee leden van verschillende oppositiefracties en maximaal twee leden van verschillende coalitiefracties, met elk één stem.
-
3. De agendacommissie wijst uit haar midden een voorzitter aan.
-
4. De griffier neemt deel aan de vergaderingen als adviseur van de agendacommissie. De griffier is tevens secretaris van de agendacommissie.
-
5. Er is een staande uitnodiging aan één lid van het college om als adviseur aanwezig te zijn.
-
6. Vervanging: de leden van de agendacommissie kunnen zich niet laten vervangen. Als de voorzitter van de agendacommissie is verhinderd, neemt een ander lid deze taak op zich.
Artikel 2b: Taken en bevoegdheden
-
1. De agendacommissie heeft als taak:
- a.
Het voorbereiden en vaststellen van de agenda’s voor de beeldvormende markt en Inspraak, beeld- en oordeelsvormende sessies, incl. de duur en de wijze van behandeling van een onderwerp.
- b.
Het plannen van overige activiteiten buiten beeld- en oordeelsvormende avonden, zoals werkbezoeken en scholingsbijeenkomsten.
- c.
Het bewaken van de procedures voor de aanlevering van de vergaderstukken op kwaliteit, tijdigheid en volledigheid.
- a.
-
2. De agendacommissie kan beslissen dat stukken die te laat zijn overgedragen aan de raad, niet worden geagendeerd voor de komende vergadercyclus.
-
3. De agendacommissie kan beslissen dat raadsvoorstellen als hamerstuk rechtstreeks op de agenda van de raadsvergadering worden geplaatst, zonder voorafgaande behandeling in een oordeelsvormende sessie. In deze gevallen wordt het raadsvoorstel tijdens de beeldvormende markt ambtelijk toegelicht.
-
4. De agendacommissie kan beslissen dat een raadsvoorstel eerst in een beeldvormende bijeenkomst op een beeldvormende sessie wordt besproken, zo mogelijk in een eerdere vergadercyclus, dan wel op de agenda van de 1e avond van de vergadercyclus ten behoeve van agendering van de oordeelsvormende bijeenkomst op de agenda van de 2e avond van de cyclus.
-
5. Raadsleden, fractievertegenwoordigers en collegeleden kunnen een agenda-initiatief indienen bij de agendacommissie, dit verzoek wordt schriftelijk toegelicht en beargumenteerd.
Artikel 2c: Werkwijze procedureel
-
1. De agendacommissie vergadert volgens een jaarlijks vastgesteld vergaderrooster, en voorts zo vaak als zij dat nodig vindt ten behoeve van tussentijdse bijstelling van de agenda’s.
-
2. Het programma van de vergadercyclus wordt zo spoedig mogelijk na de vaststelling door de agendacommissie doch minstens de vrijdag voor aanvang van de eerste beeld- en oordeelsvormende avond aan de fracties bekend gemaakt en in het elektronisch raadsinformatiesysteem gepubliceerd op de website van de gemeenteraad.
-
3. De agendacommissie streeft naar consensus; bij het ontbreken daarvan wordt besloten op basis van meerderheid van stemmen van de leden; bij het staken van de stemmen beslist de voorzitter van de agendacommissie.
-
4. De vergaderingen van de agendacommissie zijn niet openbaar. De agenda, vergaderstukken en de besluitenlijst van de agendacommissie zijn middels het raadsinformatiesysteem intern beschikbaar voor raadsleden, fractievertegenwoordigers, collegeleden.
-
5. De griffier bereidt de vergaderingen van de agendacommissie voor, en draagt zorg voor een besluitenlijst en de uitvoering van de besluiten.
-
6. De voorbereiding en het onderzoek van de jaarrekening verloopt volgens een procedure die de werkgroep Financiële Verantwoording vaststelt. De agendacommissie besluit tot plaatsing van het raadsvoorstel op een beeld- en oordeelsvormende avond.
Artikel 3. Griffier
-
1. De griffier is aanwezig in raadsvergaderingen, vergaderingen van de agendacommissie, beeld- en oordeelsvormende avonden en raadswerkgroepen;
-
2. Bij verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen door een door de raad aangewezen plaatsvervanger;
-
3. De griffier kan op uitnodiging van de voorzitter aan beraadslagingen deelnemen in alle vergaderingen van de raad;
-
4. De verantwoordelijkheden van de griffier en de wijze waarop hij zijn werkzaamheden uitvoert worden omschreven in de Instructie Griffier (vaststelling 2026). De werkgeverstaken van de raad staan omschreven in de Verordening op de Werkgeverscommissie (vaststelling 2026).
Artikel 4. De voorzitters
-
1. Beeld- en oordeelsvormende sessies worden voorgezeten door een sessie-voorzitter, ondersteund door de griffier;
-
2. Raadsvergaderingen worden voorgezeten door de voorzitter van de raad, of zijn plaatsvervanger, ondersteund door de griffier;
-
3. De (sessie-)voorzitter handhaaft de orde van de vergadering en bewaakt naleving van de Verordening Raadswerk;
-
4. Sprekers voeren het woord op aangeven van de (sessie-)voorzitter. De (sessie-)voorzitter bepaalt de sprekersvolgorde in de vergadering.
-
5. De (sessie-)voorzitter van de vergadering kan een maximum stellen aan de spreektijd van deelnemers;
-
6. De (sessie-)voorzitter kan naar eigen oordeel sprekers tot de orde roepen en als die hieraan geen gevolg geven, het woord ontnemen over het onderwerp van bespreking;
-
7. De (sessie-)voorzitter kan naar eigen oordeel de vergadering voor bepaalde tijd schorsen of de vergadering voortijdig sluiten.
Artikel 5. Fractievoorzittersoverleg
Artikel 5a: Samenstelling
-
1. Er is een overleg dat bestaat uit de fractievoorzitters, zij wijzen uit hun midden een voorzitter aan
-
2. De voorzitter van de raad en de griffier zijn adviserend lid en bij elke fractievoorzittersoverleg aanwezig;
-
3. Fractievoorzitters wijzen elk een raadslid aan dat hen bij afwezigheid vervangt.
Artikel 5b: Taken en werkwijze
-
1. Het fractievoorzittersoverleg doet aanbevelingen aan de raad inzake de organisatie en het functioneren van de raad voor zover het niet betreft de taken van de agendacommissie.
-
2. De voorzitter van de raad kan onderwerpen uit eigen (vertrouwelijke) portefeuille aandragen om deze te bespreken in het fractievoorzittersoverleg. Deze onderwerpen dienen tijdig aangekondigd te worden.
-
3. Het fractievoorzittersoverleg kan besluiten om voor een periode van een jaar af te wijken van deze Verordening met als doel te experimenteren met een andere werkwijze van de raad (zie artikel 43).
-
4. Het fractievoorzittersoverleg kan niet worden gebruikt om een onevenredige informatiepositie te bewerkstelligen tussen raadsleden.
-
5. Het fractievoorzittersoverleg vergadert volgens een vastgesteld vergaderrooster, voorts zo vaak als zij dat nodig vindt.
-
6. Het fractievoorzittersoverleg kan anderen uitnodigen aan de vergadering deel te nemen.
-
7. Het fractievoorzittersoverleg streeft naar consensus. Indien stemming voor besluitvorming nodig is wordt besloten op basis van meerderheid van stemmen waarbij elke fractievoorzitter een stem heeft.
-
8. De vergaderingen van het fractievoorzittersoverleg zijn niet openbaar. De agenda, vergaderstukken en de besluitenlijst van het fractievoorzittersoverleg zijn intern middels het raadsinformatiesysteem beschikbaar voor raadsleden en fractievertegenwoordigers.
Artikel 6. Commissies van de raad
(reserveren)
Artikel 7. Werkgroep Financiële verantwoording
-
1. De werkgroep financiële verantwoording is een commissie conform artikel 84 van de Gemeentewet.
-
2. De werkgroep heeft als taak de raad te adviseren over de doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid van het gemeentelijk beleid en handelen. Daartoe wordt in ieder geval het volgende gedaan:
- a.
het bespreken van de bevindingen van de accountant en de reactie daarop van het college;
- b.
het bespreken van de onderzoeksresultaten van de rekenkamer en de reactie van het college;
- c.
het bespreken van de onderzoeksplannen, uitgangspunten en inzet van de accountant en de rekenkamercommissie;
- d.
de werkgroep wordt actief betrokken bij de aanbesteding voor een nieuwe accountant;
- e.
de griffier onderhoudt het contact met leden van de rekenkamer (onderzoekers en ambtelijk secretarissen).
- a.
-
3. Aan de werkgroep financiële verantwoording nemen deel (afhankelijk van het onderdeel zoals aangegeven in lid 1):
- -
een delegatie van de raad (een lid per fractie);
- -
het college of namens haar de portefeuillehouder financiën;
- -
de accountant;
- -
een vertegenwoordiger van de rekenkamercommissie;
- -
de hoogste ambtenaar verantwoording voor de begroting en rekening, overige ambtelijke ondersteuning kan op uitnodiging van de voorzitter van de werkgroep deelnemen aan de vergadering;
- -
de gemeentesecretaris;
- -
de griffier.
- -
-
4. De werkgroep financiële verantwoording wijst uit haar midden een voorzitter aan. De voorzitter van de werkgroep financiële verantwoording is lid van de gemeenteraad.
-
5. De werkgroep financiële verantwoording streeft naar consensus. Indien stemming voor besluitvorming nodig is wordt besloten op basis van meerderheid van stemmen waarbij elk lid een stem heeft.
-
6. De griffier ondersteunt de voorzitter en is verantwoordelijk voor de toezeggingen- en besluitenlijst.
-
7. De werkgroep financiële verantwoording vergadert minimaal twee maal per jaar: eenmaal ter bespreking van de tussentijdse rapportage van de accountant (management letter) en eenmaal ter bespreking van de eindrapportage van de accountantscontrole over het voorgaande boekjaar. Indien daartoe behoefte bestaat kan de werkgroep-voorzitter besluiten de leden voor een extra overleg bij elkaar te roepen.
HOOFDSTUK II Toelating nieuwe leden; benoemen wethouders; fracties; fractievertegenwoordigers
Artikel 8. Onderzoek geloofsbrieven, toelating en beëdiging raadsleden
-
1. Bij de benoeming van nieuwe raadsleden stelt de raad een commissie geloofsbrieven in bestaande uit drie raadsleden van verschillende fracties.
-
2. De commissie onderzoekt de geloofsbrieven en de daarop betrekking hebbende stukken van de nieuw benoemde raadsleden en brengt vervolgens advies uit aan de raad over de toelating van de nieuw benoemde raadsleden tot de raad. Indien gewenst, wordt van een minderheidsstandpunt melding gemaakt in dit advies.
-
3. Na de raadsverkiezingen onderzoekt de commissie het proces-verbaal dat is vastgesteld door het centraal stembureau en rapporteert hierover in de laatste raadsvergadering in oude samenstelling.
-
4. Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten raadsleden op om in de eerste raadsvergadering in nieuwe samenstelling, bedoeld in artikel 18 van de Gemeentewet, de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.
-
5. In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter in afwijking van het voorgaande een nieuw benoemd raadslid op voor de raadsvergadering waarin over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.
Artikel 9. Benoeming wethouders
-
1. Bij de benoeming van een of meerdere wethouders stelt de raad een uit drie leden bestaande commissie in die onderzoek doet naar geloofsbrieven. De burgemeester en de griffier treden op als adviseur van deze commissie.
-
2. Deze commissie onderzoekt of de benoeming van de kandidaat-wethouder voldoet aan de vereisten van de artikelen 36a, 36b, 41b, eerste, derde en vierde lid, en 41c, eerste lid, van de wet.
-
3. De commissie brengt na haar onderzoek verslag uit aan de raad en brengt advies uit aan de raad over de benoeming tot wethouder. Als de commissie niet unaniem is in haar oordeel wordt hiervan melding gemaakt in het advies.
-
4. De burgemeester geeft voorafgaand aan de benoeming tot wethouder opdracht tot het uitvoeren van een risicoanalyse integriteit. De burgemeester en kandidaat nemen kennis van de uitkomsten van de risicoanalyse. De risicoanalyse en de uitkomsten daarvan worden niet openbaar gemaakt. De burgemeester brengt mondeling verslag uit aan de gemeenteraad van het proces van de risicoanalyse.
Artikel 10. Fracties
-
1. Raadsleden die door het centraal stembureau op dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de aanvang van de eerste zitting van de raad als één fractie beschouwd.
-
2. Als boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst, voert de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Als daar geen aanduiding was geplaatst, deelt de fractie in de eerste raadsvergadering aan de voorzitter mee welke naam deze fractie in de raad zal voeren.
-
3. De namen van de fractievoorzitter en diens plaatsvervanger worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de voorzitter.
-
4. Als één of meer raadsleden van één of meer fracties als zelfstandige fractie gaan optreden of als één of meer raadsleden van een fractie zich aansluiten bij een andere fractie, wordt hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling gedaan aan de voorzitter.
-
5. Een nieuwe naam van een fractie voldoet aan de eisen uit artikel G 3 van de Kieswet en wordt gebruikt met ingang van de eerstvolgende raadsvergadering na naamswijziging.
Artikel 11. Fractievertegenwoordigers
-
1. Fractievertegenwoordigers worden als zodanig benoemd en ontslagen door de raad, op voordracht van de betreffende fractie;
-
2. Om tot fractievertegenwoordiger te kunnen worden benoemd, moet men voldoen aan de eisen die worden gesteld aan het raadslidmaatschap (GW art. 10, 13, 15), men hoeft niet op de kieslijst te hebben gestaan. Dezelfde werkwijze als bedoeld in artikel 8 lid 1 en 2 wordt gevolgd voor de benoeming van fractievertegenwoordigers. Fractievertegenwoordigers leggen bij hun benoeming de eed of verklaring en belofte af in een openbare raadsvergadering.
-
3. Per fractie zijn er maximaal (4) fractievertegenwoordigers.
-
4. Fractievertegenwoordigers worden door de eigen fracties ingewerkt;
-
5. Fractievertegenwoordigers kunnen namens de fractie het woord voeren tijdens beeld- en oordeelsvormende avonden.
-
6. Fractievertegenwoordigers hebben toegang tot het raadsinformatiesysteem en ontvangen alle informatie die raadsleden ontvangen;
-
7. Fractievertegenwoordigers ontvangen een vergoeding voor elke beeld- en oordeelsvormende avond waarin zij deelnemen, op basis van het tekenen van de presentielijst. De vergoeding is gelijk aan de jaarlijks door het ministerie van BZK aanbevolen vergoeding voor commissieleden, niet zijnde raadsleden. De vergoeding wordt na afloop van elk kalenderjaar uitbetaald.
HOOFDSTUK III Vergaderingen van de raad
Paragraaf 1. Vergadervormen
Artikel 12. Vergadervormen
-
1. De vergaderingen van de raad bestaan uit een aantal samenhangende vergadervormen met elk hun eigen functie en regels. De indeling langs de lijn van beeld-, oordeels- en besluitvorming is zowel toe te passen op de behandeling van een afzonderlijk dossier/voorstel dat elk van deze drie fasen doorloopt, als op het karakter/de aard van een vergadering in de vergadercyclus.
-
2. Per cyclus zijn er twee beeld- en oordeelsvormende avonden die zijn opgedeeld in beeldvormende markt en inspraak, beeldvormende sessies en oordeelsvormende sessies. Het zijn vergaderingen in de zin van artikel 82 van de wet. Per cyclus is er een reguliere raadsvergadering. Raadsvergaderingen zijn vergaderingen in de zin van artikel 17 van de wet. De raadsvoorstellen die beeld- en oordeelsvormend zijn besproken, liggen voor ter besluitvorming.
-
3. Alle vergaderingen van de raad worden ter openbare kennisgeving gebracht door aankondiging in het raadsinformatiesysteem op de website van de gemeenteraad.
-
4. Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op een voorlopige agenda dienen, worden gelijktijdig met de digitale oproep gepubliceerd op het raadsinformatiesysteem. Wanneer na de oproep aanvullende stukken worden ontvangen, wordt hiervan digitaal mededeling gedaan aan de leden en deze worden toegevoegd aan de vergaderstukken op het raadsinformatiesysteem.
-
5. Informatie van de raad of aan de raad verstrekte informatie waaromtrent op grond van hoofdstuk Va van de wet geheimhouding is opgelegd, blijft in afwijking van het vierde lid onder berusting van de griffier.
Artikel 13. Openbaarheid
-
1. De vergaderingen van de raad zoals omschreven in art. 12 lid 2 zijn openbaar.
-
2. Indien in een in art. 12 lid 2 genoemde vergadering informatie aan de orde komt, waaromtrent de raad op grond van hoofdstuk Va van de wet om geheimhouding wordt verzocht, kan de raad besluiten dat de vergadering in beslotenheid plaatsvindt.
-
3. Het is fractievertegenwoordigers toegestaan om aanwezig te zijn bij besloten vergaderingen zoals genoemd in hoofdstuk V.
-
4. Hoofdstuk V van deze verordening (besloten vergadering) is van overeenkomstig van toepassing op BOB-avonden, agendacommissie, fractievoorzittersoverleg en vergaderingen van werkgroep financiële verantwoording, voor zover deze als besloten zijn aangemerkt.
Artikel 14. Verslaglegging
Van vergaderingen van de raad wordt een beeldverslag gemaakt, onder voorbehoud externe factoren zoals afwijkende vergaderlocatie of technische oorzaken. Het beeldverslag is leidend.
- 1.
De griffier draagt zorg voor de terugkoppeling van beeld en oordeelsvormende sessies.
- 2.
De griffier stelt de besluitenlijst van de raadsvergaderingen op conform art 23, vijfde lid van de wet.
- 3.
Voor zover de aard en de inhoud van de besluitvorming zich daartegen niet verzet, worden de terugkoppeling of de besluitenlijst zo spoedig mogelijk na de sessies, dan wel raadsvergadering middels het raadsinformatiesysteem openbaar gemaakt.
Artikel 15. Toehoorders en pers
-
1. Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare raadsvergaderingen bij op de voor hen bestemde plaatsen.
-
2. Het blijkgeven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze verstoren van de orde is niet toegestaan.
-
3. Degenen die van een openbare vergadering van de raad geluid- of beeldregistraties willen maken vragen hiervoor toestemming bij de voorzitter en gedragen zich naar de aanwijzingen van de voorzitter.
Paragraaf 2. Bepalingen voor de raadsvergadering
Artikel 16. De raadsvergadering
-
1. Het doel van de raadsvergadering is om te komen tot besluitvorming.
-
2. De raadsvergadering kent de volgende soorten agendapunten:
- a.
hamerstukken: dit zijn raadsvoorstellen waarover geen debat plaatsvindt; over hamerstukken wordt besloten zonder stemming, tenzij de raad anders beslist.
- b.
bespreekstukken: dit zijn raadsvoorstellen die als bespreekstuk met debat zijn doorgeleid na een beeld- en oordeelsvormende sessie, moties en amendementen).
- c.
stukken ter vaststelling: concept agenda, concept besluitenlijst, de lijst met ingekomen stukken, de lijst met openstaande moties, toezeggingen en schriftelijke vragen.
- d.
mededelingen.
- a.
Artikel 17. Vergadertijd en plaats
-
1. De raadsvergaderingen vinden in de regel één keer in de vijf weken op de donderdagavond plaats.
-
2. Raadsvergaderingen worden gehouden in de raadzaal van het Huis van Leusden.
-
3. Raadsvergaderingen vangen doorgaans aan om 20.00 uur en duren bij voorkeur tot uiterlijk 23.00 uur. Indien de agenda niet binnen dit tijdsbestek kan worden afgehandeld, kan de raad besluiten van hiervan af te wijken.
-
4. De voorzitter van de raad kan in bijzondere gevallen een andere dag, aanvangsuur en sluitingsuur bepalen en/of een andere vergaderplaats aanwijzen.
Artikel 18. Presentielijst
-
1. De griffier draagt zorg voor het bijhouden van presentielijsten van raadsvergaderingen.
-
2. Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen raadsleden de presentielijst. Aan het einde van elke raadsvergadering wordt die lijst door de voorzitter en de griffier door ondertekening vastgesteld.
-
3. Een raadslid dat verhinderd is de vergadering bij te wonen stelt de griffier daarvan voor de vergadering in kennis.
Artikel 19. Ingekomen stukken
-
1. Bij de raad ingekomen stukken worden door de griffie op de lijst met ingekomen stukken geplaatst en, voorzien van een afdoeningsadvies, gepubliceerd op het raadsinformatiesysteem.
-
2. De lijst ingekomen stukken, inclusief afdoeningsadvies, wordt vastgesteld door de raad.
-
3. Raadsleden kunnen bij agendapunt "vaststellen lijst ingekomen stukken" aandacht vragen voor de afdoening van ingekomen stukken. Verzoeken ter inhoudelijke bespreking zullen worden neergelegd bij de agendacommissie door middel van een agenda-initiatief.
Artikel 20. Spreektermijnen
-
1. Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders beslist.
-
2. Spreektermijnen worden door de voorzitter afgesloten.
-
3. Raadsleden mogen in een termijn niet meer dan éénmaal het woord voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel.
-
4. Het derde lid is niet van toepassing op:
- a.
een raadslid dat een amendement, een subamendement, een motie of een initiatiefvoorstel heeft ingediend;
- b.
een raadslid dat optreedt als raadsrapporteur en ten aanzien van de beraadslaging over het door dat raadslid ingediende voorstel.
- a.
-
5. Bij de bepaling hoeveel malen een raadslid over hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstel van orde.
Artikel 21. Spreekregels
-
1. Een lid van de raad voert het woord na het aan de voorzitter gevraagd en van hem verkregen te hebben.
-
2. De leden van de raad en overige aanwezigen spreken in principe vanachter het spreekgestoelte.
-
3. De voorzitter kan de leden toestaan om vanaf hun zitplaats te interrumperen.
Artikel 22. Deelname aan de beraadslaging door anderen
Onverminderd artikel 21 lid 1 en lid 2 van de wet kan de raad op enig moment besluiten dat anderen mogen deelnemen aan de beraadslaging.
Artikel 23. Voorstellen van orde
-
1. Raadsleden kunnen tijdens een raadsvergadering mondeling een voorstel van orde betreffende de vergadering doen. De raad beslist hier terstond over.
-
2. Indien de agenda niet vóór 23.00 uur kan worden afgehandeld, beslist de raad of de vergadering wordt voortgezet. Wordt de vergadering op de reguliere vergaderdatum niet afgerond dan wordt de vergadering als uitloopraad voortgezet op de uitwijkdatum die hiertoe is vastgelegd in het jaarlijkse vergaderschema.
Artikel 24. Beslissing
-
1. De voorzitter sluit de beraadslaging als hij vaststelt dat een onderwerp of voorstel voldoende is toegelicht, tenzij de raad anders beslist.
-
2. Voordat de stemming over het voorstel plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel voor de te nemen beslissing.
Paragraaf 3. Stemmingen
Artikel 25. Stemverklaring
Na het sluiten van de beraadslaging en voordat de raad tot stemming overgaat, kunnen raadsleden hun voorgenomen stemgedrag toelichten.
Artikel 26. Stemming; procedure hoofdelijke stemming
-
1. De voorzitter vraagt de raadsleden of zij stemming verlangen. Is dit niet het geval dan stelt de voorzitter vast dat het voorstel zonder stemming is aangenomen.
-
2. Wanneer een voorstel zonder stemming wordt aangenomen kunnen de in de raadsvergadering aanwezige raadsleden aantekening in het verslag vragen, dat zij geacht worden te hebben tegengestemd of overeenkomstig artikel 28 van de wet niet aan de stemming te hebben deelgenomen.
-
3. Wanneer een raadslid om stemming of hoofdelijke stemming vraagt, doet de voorzitter daarvan mededeling aan de raad.
-
4. Bij hoofdelijke stemming roept de griffier de raadsleden bij naam op hun stem uit te brengen. De stemming begint bij het daarvoor bij loting aangewezen raadslid. Vervolgens geschiedt de oproeping op alfabetische volgorde.
-
5. Bij hoofdelijke stemming brengen ter vergadering aanwezig raadsleden, tenzij zij overeenkomstig artikel 28 van de Gemeentewet niet aan de stemming deel behoren te nemen, hun stem uit door 'voor' of 'tegen' uit te spreken, zonder enige toevoeging;
-
6. Een raadslid dat zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist, kan deze vergissing herstellen totdat het volgende raadslid heeft gestemd. Bemerkt het raadslid zijn vergissing pas later, dan kan deze nadat de voorzitter de uitslag van de stemming bekend heeft gemaakt aantekening vragen van zijn vergissing. Dit brengt geen verandering in de uitslag van de stemming;
-
7. De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming mee. Deze doet daarbij tevens mededeling van het genomen besluit.
Artikel 27. Volgorde stemming over amendementen en moties
-
1. Wanneer een amendement op een aanhangig voorstel is ingediend, wordt eerst over dat amendement gestemd en vervolgens over het voorstel zoals dat na eventuele amendering in zijn geheel luidt.
-
2. Wanneer een subamendement is ingediend, wordt eerst over het subamendement gestemd en vervolgens over het amendement waarop dat betrekking heeft.
-
3. Wanneer meerdere amendementen of subamendementen op een aanhangig voorstel zijn ingediend, wordt, onverminderd het eerste en tweede lid, eerst over het meest verstrekkende amendement of subamendement gestemd. De raad kan besluiten van deze volgorde af te wijken.
-
4. Wanneer aangaande een aanhangig voorstel een motie is ingediend, wordt eerst over het voorstel gestemd en vervolgens over de motie. De raad kan besluiten van deze volgorde af te wijken.
Artikel 28. Stemming over personen
-
1. Bij stemming over personen voor voordrachten of het opstellen van voordrachten of aanbevelingen, benoemt de voorzitter drie raadsleden tot commissie stemopneming.
-
2. Aanwezige raadsleden zijn verplicht een door commissie stemopneming verstrekt stembriefje in te leveren, tenzij zij overeenkomstig artikel 28 van de wet niet aan de stemming deel behoren te nemen.
-
3. Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op voorstel van het commissie stemopneming beslissen dat bepaalde stemmingen worden samengevat op één briefje.
-
4. Voor het bepalen van de volstrekte meerderheid als bedoeld in artikel 30 van de wet worden leden die geen behoorlijk ingevuld stembriefje hebben ingeleverd geacht geen stem te hebben uitgebracht. Onder een niet behoorlijk ingevuld stembriefje wordt in ieder geval verstaan:
- a.
een blanco ingevuld stembriefje;
- b.
een ondertekend stembriefje;
- c.
een stembriefje waarop meer dan één naam is vermeld per stemming, tenzij meerdere stemmingen op één briefje zijn samengevat;
- d.
een stembriefje waarbij, indien het een benoeming op voordracht betreft, op een persoon wordt gestemd die niet is voorgedragen;
- e.
een stembriefje waarbij op een andere persoon wordt gestemd dan die waartoe de stemming is beperkt.
- a.
-
5. In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje beslist de raad op voorstel van het commissie stemopneming.
Paragraaf 4. Bepalingen voor de beeld- en oordeelsvormende avonden
Artikel 29. Beeldvormende markt en inspraak
-
1. Het doel van beeldvormende markt en inspraak is informatie verzamelen over een onderwerp en beeldvormen over voorstellen, ter voorbereiding op oordeels- en besluitvorming. Markt en Inspraak zijn openbaar en toegankelijk voor inwoners van en organisaties uit Leusden en voor belanghebbenden. De raad van Leusden streeft naar een stevige band met de samenleving en zoekt een verbindende rol met het hele gemeentebestuur.
-
2. Op de beeldvormende markt is het mogelijk om met ambtenaren te spreken over de raadsvoorstellen die in de raad ter besluitvorming voorliggen.
-
3. Alleen technisch inhoudelijke aangelegenheden komen aan de orde op de beeldvormende markt.
-
4. Inspraakmoment: tijdens het onderdeel Inspraak kunnen inwoners van en organisaties uit Leusden en andere belanghebbenden deelnemen aan een officieel inspraakmoment. Een inspraakmoment kan alleen worden aangevraagd over onderwerpen die op de agenda van de komende raadsvergadering staan. De griffie is belast met de organisatie en zorgt voor een voorzitter. De agendacommissie kan bij grote belangstelling hiervoor een beeldvormende sessie inplannen (zie artikel 31).
-
5. Inwonerstafel: tijdens de beeldvormende markt kunnen inwoners van en organisaties uit Leusden een inwonerstafel reserveren om de raadsleden te spreken over niet-agendeerde onderwerpen.
-
6. Verzoeken om in te spreken tijdens het inspraakmoment, of om een inwonerstafel te reserveren, kunnen tot uiterlijk 24 uur voorafgaand aan de avond aangevraagd worden via de griffier, onder vermelding van naam en contactgegevens, het onderwerp en de omschrijving van het verzoek.
Artikel 30. Ronde van de raad
Raadsleden kunnen tijdens raadsvergaderingen, bij het vaststellen van de lijst ingekomen stukken, aangeven dat zij een raadsinformatiebrief of ander ingekomen stukken willen bespreken met de portefeuillehouder. Dit vindt plaats tijdens een beeldvormende avond. De agendacommissie bepaalt agendering.
Artikel 31. Beeldvormende sessie
-
1. Het doel van de beeldvormende sessie is informatie over een onderwerp verzamelen.
- a.
De beeldvorming kan toegespitst zijn op een raadsvoorstel en is dan technisch-inhoudelijk van aard.
- b.
Een beeldvormende sessie kan gebruikt worden om insprekers het woord te geven bij geagendeerde raadsvoorstellen.
- c.
Beeldvorming kan worden aangeboden bij onderwerpen zonder raadsvoorstel. De nadruk ligt dan in bijzonder op informatie- en kennisoverdracht.
- a.
-
2. Collegeleden en hun ambtelijke ondersteuners kunnen tijdens de beeldvormende sessie het woord voeren of een presentatie geven met als doel het verschaffen van informatie aan de raad.
-
3. De agendacommissie kan op basis publieke belangstelling de mogelijkheid creëren voor inspraak door inwoners tijdens een beeldvormende sessie (max 2 min).
-
4. Ter afsluiting van de behandeling van een geagendeerd raadsvoorstel besluit de vergadering in goed overleg of en op welke wijze het onderwerp vervolg krijgt (oordeelsvormend, besluitvormend). Als hier geen consensus over ontstaat dan wordt het vervolg teruggelegd bij de agendacommissie.
Artikel 32. Oordeelsvormende sessie
-
1. Het doel van een oordeelsvormende sessies is standpunten in te brengen en met elkaar te debatteren, er ligt altijd een raadsvoorstel / peilende raadsinformatiebrief aan ten grondslag.
-
2. In de oordeelsvormende sessie worden concept moties en amendementen aangekondigd en besproken.
-
3. Collegeleden kunnen tijdens een oordeelsvormende sessie het woordvoeren.
-
4. Collegeleden kunnen zich in de vergadering laten bijstaan door hun ambtelijke ondersteuners. Deze ambtelijke ondersteuners voeren echter niet het woord, tenzij een raadslid of fractievertegenwoordiger hier via de voorzitter om verzoekt.
-
5. Ter afsluiting van de behandeling in een oordeelsvormende sessies van een geagendeerd raadsvoorstel wordt bij de aanwezige fracties een advies opgehaald of een voorstel als hamerstuk of als bespreekstuk op de concept agenda van de gemeenteraadsvergadering wordt geplaatst.
-
6. Mocht over de vervolgbehandeling van een voorstel tijdens de oordeelsvormende sessie geen consensus over het advies worden bereikt, dan leidt ook de wens van een minderheid tot behandeling als bespreekstuk in de raad.
HOOFDSTUK IV Instrumenten van de raad en rechten van leden
Artikel 33. Amendementen en subamendementen
-
1. Raadsleden dienen amendementen en subamendementen voor het sluiten van de beraadslaging van het voorstel waarop deze betrekking hebben in via de griffier bij de voorzitter. Dit gebeurt schriftelijk, tenzij de voorzitter oordeelt dat mondelinge indiening volstaat;
-
2. Er wordt alleen beraadslaagd over amendementen en subamendementen die ingediend zijn door raadsleden die de presentielijst getekend hebben;
-
3. Intrekking door de indiener van een amendement of subamendement is mogelijk totdat de besluitvorming daarover door de raad is afgerond.
Artikel 34. Moties en Moties vreemd aan de agenda
-
1. Raadsleden dienen moties schriftelijk in via de griffier bij de voorzitter.
-
2. De behandeling van een motie vindt gelijktijdig plaats met de beraadslaging over het onderwerp of voorstel waarop het betrekking heeft.
-
3. De behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda opgenomen onderwerpen zijn behandeld. Deze moties worden op de conceptagenda geplaatst bij het agendapunt “Moties vreemd aan de agenda”.
-
4. Intrekking door de indiener van een motie is mogelijk totdat de besluitvorming daarover door de raad is afgerond.
Artikel 35. Initiatiefvoorstel
-
1. Raadsleden dienen initiatiefvoorstellen schriftelijk in bij de voorzitter van de raad. Deze brengt een ingediend voorstel zo spoedig mogelijk ter kennis van het college.
-
2. Het college kan binnen 30 dagen nadat het ter kennis is gesteld van een voorstel schriftelijk wensen en bedenkingen met betrekking tot het voorstel ter kennis van de raad brengen.
-
3. Een voorstel wordt, nadat het college schriftelijk wensen of bedenkingen ter kennis van de raad heeft gebracht of kenbaar heeft gemaakt hiertoe niet te zullen overgaan, dan wel nadat de in het tweede lid gestelde termijn is verlopen, op de agenda van de eerstvolgende raadsvergadering geplaatst. Indien de schriftelijke oproep hiervoor reeds is verzonden wordt het voorstel op de agenda van de daaropvolgende raadsvergadering geplaatst.
Artikel 36. Raadsvoorstel
-
1. Een voorstel van het college aan de raad dat vermeld staat op de voorlopige agenda van de raadsvergadering, kan niet worden ingetrokken zonder toestemming van de raad.
-
2. Wanneer de raad van oordeel is dat een voorstel, als bedoeld in het eerste lid, voor aanpassing terug aan het college dient te worden gezonden, bepaalt de raad binnen welke termijn het voorstel opnieuw geagendeerd wordt.
Artikel 37. Interpellatie
-
1. Raadsleden dienen verzoeken tot het houden van een interpellatie schriftelijk in bij de voorzitter. Het verzoek bevat in ieder geval de te stellen vragen.
-
2. De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek ter kennis van de overige raadsleden en het college.
-
3. Als het verzoek ten minste 24 uur voor aanvang van een raadsvergadering is ingediend of in naar het oordeel van de voorzitter spoedeisende gevallen, wordt over het verzoek tijdens de eerstvolgende raadsvergadering gestemd. In andere gevallen tijdens de daaropvolgende raadsvergadering. De raad willigt het verzoek tot het houden van een interpellatie in, indien het verzoek wordt gesteund door minimaal één vijfde deel van de raadsleden. De raad bepaalt op welk tijdstip tijdens de vergadering de interpellatie zal worden gehouden.
Artikel 38. Schriftelijke vragen
-
1. Raadsleden dienen schriftelijke vragen aan het college of de burgemeester in bij de griffier. Daarbij wordt aangegeven of er een voorkeur voor schriftelijke of mondelinge beantwoording is.
-
2. De griffier brengt de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester en maakt de vragen openbaar.
-
3. Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in ieder geval binnen 30 dagen nadat de vragen zijn ingediend.
-
4. Wanneer de vragen ten minste 24 uur voor aanvang van een raadsvergadering zijn ingediend, vindt mondelinge beantwoording plaats in de eerstvolgende raadsvergadering, tenzij het college of de burgemeester de griffier gemotiveerd in kennis stelt dat dit onmogelijk is, waarbij tevens aangegeven wordt binnen welke termijn beantwoording zal plaatsvinden.
-
5. Schriftelijke antwoorden van het college of de burgemeester worden door tussenkomst van de griffier aan de raadsleden toegezonden en openbaar gemaakt.
-
6. De vragensteller kan bij schriftelijke beantwoording in de eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording in dezelfde raadsvergadering nadere inlichtingen vragen over het door de burgemeester of door het college gegeven antwoord, tenzij de raad anders beslist.
Artikel 39. Inlichtingen
-
1. Raadsleden dienen verzoeken tot inlichtingen als bedoeld in de artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van de wet schriftelijk in bij de griffier.
-
2. De griffier brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester.
-
3. De verlangde inlichtingen worden zo spoedig mogelijk aan de raad verschaft, in ieder geval binnen 7 dagen nadat het verzoek is ingediend.
Artikel 40. Agenda-initiatief
-
1. Raadsleden hebben het recht om te verzoeken een onderwerp op de agenda van een beeldvormde avond te plaatsen.
-
2. Zij dienen hiertoe een schriftelijke verzoek in bij de Agendacommissie in een daartoe door de Agendacommissie opgesteld format. Het verzoekt wordt in de eerstvolgende vergadering van de Agendacommissie behandeld. De agendacommissie plaatst het verzoek op de agenda op een beeldvormende avond.
-
3. Het verzoek behelst in ieder geval het onderwerp, het doel van de agendering en de bespreking, de beoogde behandelwijze en welke externen hierbij kunnen worden uitgenodigd.
Artikel 41. Raadsrapporteurs verbonden partijen
-
1. De raad benoemt per gemeenschappelijke regeling (GR) twee raadsleden die rapporteren over beleidsvoornemens van deze GR. Dit zijn raadsrapporteurs.
-
2. Een lid van de raad dat door de gemeenteraad is benoemd als raadsrapporteur van een verbonden partij, ingesteld op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen, heeft het recht om ter vergadering verslag te doen over zaken die in de verbonden partij aan de orde zijn. Hij meldt de wens om verslag uit te brengen aan de voorzitter van de raad.
-
3. Wanneer een lid van de raad een persoon als bedoeld in het eerste lid ter verantwoording wenst te roepen over zijn wijze van functioneren als zodanig, besluit de raad over het toestaan daarvan. De regels voor het vragen van inlichtingen, vastgesteld in artikel 39, zijn overeenkomstig van toepassing.
-
4. De persoon als bedoeld in het eerste lid geeft de gevraagde inlichtingen, voor zover zulks niet strijdig is met het openbaar belang.
Artikel 42. Onderzoek
(reserveren)
Artikel 43. Experimenteerartikel
-
1. De raad kan op voorstel van een advies van het fractievoorzittersoverleg besluiten tot afwijking van het bepaalde in deze Verordening met als doel te experimenteren met een andere werkwijze van de raad. Experiment kan voor een periode van 1 jaar duren, of zoveel langer als de raad besluit.
-
2. De raad besluit na afloop van het experiment of zoveel eerder als mogelijk, over structurele invoering van het onderwerp van het experiment.
HOOFDSTUK V Besloten vergaderingen en geheimhouding
Artikel 44. Toepassing reglement op besloten vergaderingen
Op besloten raadsvergaderingen is deze verordening van overeenkomstige toepassing voor zover dat niet strijdig is met het besloten karakter van de vergadering. Zo zullen er bijvoorbeeld geen beeld- en geluidsregistraties voor openbaar gebruik gemaakt kunnen worden.
Ten aanzien van de stukken die betrekking hebben op een besloten vergadering en het behandelde zal de raad ter vergadering besluiten of geheimhouding als bedoeld in de artikel 23 de wet wordt opgelegd dan wel bekrachtigd of opgeheven.
Artikel 45. Verslag besloten vergaderingen
-
1. Conceptverslagen en -besluitenlijsten van besloten raadsvergaderingen worden niet verspreid maar berusten bij de griffier;
-
2. Deze verslagen en besluitenlijsten worden zo spoedig mogelijk in een besloten raadsvergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de raad een besluit over het al dan opheffen van de geheimhouding van het vastgestelde verslag en de besluitenlijst.
-
3. De vastgestelde verslagen en besluitenlijsten worden door de voorzitter en de griffier ondertekend.
Artikel 46. Opheffing geheimhouding
Als de raad op grond van artikel 89, vierde lid, van de wet voornemens is de geheimhouding van aan de raad verstrekte informatie op te heffen, wordt, als het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten raadsvergadering met het desbetreffende orgaan overleg gevoerd.
Op grond van artikel 87 kan geheimhouding op informatie worden opgelegd door de raad, het college, de burgemeester en een commissie. De opgelegde geheimhouding met betrekking tot aan de raad verstrekte informatie vervalt, indien de raad de verplichting tot geheimhouding opheft (artikel 89, vierde lid, van de wet) Wel bestaat er een overlegverplichting, waarmee recht wordt gedaan aan het principe van hoor en wederhoor.
Als de raad een opgelegde geheimhouding opheft, wil dat niet zeggen dat de desbetreffende informatie dan actief openbaar gemaakt moet worden. De Wet openbaarheid van bestuur (Wob) is nog steeds op deze stukken informatie van toepassing.
Artikel 47. Delen met derden van informatie waarop geheimhouding rust
-
1. Informatie waarop geheimhouding rust wordt alleen gedeeld met derden indien:
- a.
De raad dit noodzakelijk acht voor het uitoefenen van zijn taken en hiertoe besluit;
- b.
Het college dit noodzakelijk acht voor het dagelijks bestuur van de gemeente en hiertoe besluit.
- a.
-
2. Indien het college op grond van het zesde lid (aanhef en onder b), besluit informatie waarop geheimhouding rust met derden te delen, brengt hij dit ter kennis aan de raad.
-
3. Indien het college op grond van het zesde lid (aanhef en onder b), besluit informatie waarop geheimhouding rust met derden te delen, brengt hij dit ter kennis aan de raad.
HOOFDSTUK VI Slotbepalingen
Artikel 48. Uitleg reglement
In gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel omtrent de toepassing hiervan, beslist de raad op voorstel van de voorzitter.
Artikel 49. Intrekken oude reglement
De Verordening Raadswerk 2023, en de eerste wijziging d.d. 8 mei 2025, van de gemeente Leusden wordt ingetrokken.
Artikel 50. Inwerkingtreding en citeertitel
-
1. Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na de bekendmaking.
-
2. Deze verordening wordt aangehaald als Verordening raadswerk gemeente Leusden 2026.
Ondertekening
Aldus besloten door de raad van de gemeente Leusden in zijn openbare vergadering van 5 maart 2026.
de raad van de gemeente Leusden,
Mevrouw I. Schutte,
griffier
De heer G.J. Bouwmeester,
voorzitter
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl