Erfgoedverordening gemeente Baarn 2026

Geldend van 27-02-2026 t/m heden

Intitulé

Erfgoedverordening gemeente Baarn 2026

Intitulé

Besluit van de raad van de gemeente Baarn tot vaststelling van de Erfgoedverordening gemeente Baarn 2026

De raad van de gemeente Baarn;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 13 januari 2026;

gelet op artikel 3.16 van de Erfgoedwet en artikel 38 van de Monumentenwet 1988;

gezien het advies van de gemeentelijke commissie ruimtelijke kwaliteit;

besluit vast te stellen de volgende verordening: Erfgoedverordening gemeente Baarn 2026.

Paragraaf 1. Algemeen

Artikel 1. Definities

In deze verordening en de daarop berustende voorschriften wordt, tenzij anders is bepaald, verstaan onder:

- gemeentelijk beschermd cultuurgoed: cultuurgoed als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet dat als zodanig is aangewezen op grond van artikel 3, eerste lid;

- gemeentelijk beschermde verzameling: verzameling als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet die als zodanig is aangewezen op grond van artikel 3, tweede lid;

- minister: minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;

Artikel 2. Gemeentelijk erfgoedregister

1. Burgemeester en wethouders houden een door eenieder te raadplegen gemeentelijk erfgoedregister bij van krachtens deze verordening aangewezen gemeentelijk cultureel erfgoed inclusief de locaties waaraan krachtens artikel 4.2, eerste lid, van de Omgevingswet in het omgevingsplan de functie cultureel erfgoed is toebedeeld.

2. Het gemeentelijk erfgoedregister bevat gegevens over de inschrijving en ter identificatie van het aangewezen gemeentelijk cultureel erfgoed.

Paragraaf 2. Aanwijzing gemeentelijk beschermd cultuurgoed of gemeentelijk beschermde verzameling

Artikel 3. Aanwijzing als gemeentelijk beschermd cultuurgoed of gemeentelijk beschermde verzameling

1. Burgemeester en wethouders kunnen besluiten een cultuurgoed dat van bijzondere cultuurhistorische of wetenschappelijke betekenis of uitzonderlijke schoonheid is en dat als onvervangbaar en onmisbaar behoort te worden behouden voor het gemeentelijk cultuurbezit en dat in eigendom is van de gemeente of dat aan de zorg van de gemeente is toevertrouwd aan te wijzen als gemeentelijk beschermd cultuurgoed.

2. Burgemeester en wethouders kunnen besluiten een verzameling van bijzondere cultuurhistorische of wetenschappelijke betekenis, die als geheel of door een of meer van de cultuurgoederen die een wezenlijk onderdeel van de verzameling zijn, als onvervangbaar en onmisbaar behoort te worden behouden voor het gemeentelijk cultuurbezit en die in eigendom van de gemeente is of die aan de zorg van de gemeente is toevertrouwd aan te wijzen als gemeentelijk beschermde verzameling.

3. Voor de aanwijzing van een cultuurgoed dat of een verzameling die aan de zorg van de gemeente is toevertrouwd is toestemming van de eigenaar vereist.

4. Over het voornemen van een aanwijzing, bedoeld in het eerste of tweede lid, alsmede over de vervreemding van een gemeentelijk beschermd cultuurgoed of een gemeentelijk beschermde verzameling of over het afstand doen van de zorg daarvoor vragen burgemeester en wethouders advies aan een commissie als bedoeld in artikel 4.18 van de Erfgoedwet.

5. Dit artikel is niet van toepassing op:

a. door de minister beschermde cultuurgoederen en beschermde verzamelingen als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet, en

b. cultureel erfgoed dat is aangewezen op grond van een provinciale erfgoedverordening als bedoeld in artikel 3.17, eerste lid, van de Erfgoedwet of een omgevingsverordening.

Artikel 4. Wijziging, intrekking en vervallen van de aanwijzing als gemeentelijk beschermd cultuurgoed of gemeentelijk beschermde verzameling

1. Burgemeester en wethouders kunnen een besluit tot aanwijzing als bedoeld in artikel 3, eerste of tweede lid, wijzigen of intrekken. Artikel 3, vierde lid, is hierop van overeenkomstige toepassing, tenzij het een aanpassing van ondergeschikte betekenis betreft of het gemeentelijk beschermd cultuurgoed of de gemeentelijk beschermde verzameling waarop de aanwijzing betrekking heeft als zodanig is tenietgegaan.

2. Een aanwijzing vervalt met ingang van de dag waarop het gemeentelijk beschermd cultuurgoed of de gemeentelijk beschermde verzameling waarop de aanwijzing betrekking heeft wordt aangewezen als:

a. door de minister beschermd cultuurgoed of beschermde verzameling als bedoeld in artikel 1.1 van de Erfgoedwet, of

b. beschermd cultureel erfgoed op grond van een provinciale erfgoedverordening als bedoeld in artikel 3.17, eerste lid, van de Erfgoedwet of een omgevingsverordening.

3. Burgemeester en wethouders verwerken de wijziging, intrekking of het vervallen van een aanwijzing direct in het gemeentelijk erfgoedregister.

Paragraaf 3. Aanwijzing gemeentelijk monument

Artikel 5. Aanwijzing als gemeentelijk monument

(opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving Baarn)

Artikel 6. Voornemen tot aanwijzing

(opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving Baarn)

Artikel 7. Voorbescherming

(opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving Baarn)

Artikel 8. Advies gemeentelijke adviescommissie

(opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving Baarn)

Artikel 9. Beslistermijn en inhoud aanwijzingsbesluit

(opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving Baarn)

Artikel 10. Bekendmaking aanwijzingsbesluit aan rechthebbenden en inschrijving

(opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving Baarn)

Artikel 11. Aanwijzing als voorlopig gemeentelijk monument

(opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving Baarn)

Artikel 12. Wijziging gemeentelijk erfgoedregister, vervallen aanwijzing monument

(opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving Baarn)

Paragraaf 4. Bescherming gemeentelijk monument

Artikel 13. Instandhoudingsplicht gemeentelijk monument

(opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving Baarn)

Artikel 14. Omgevingsvergunning gemeentelijk monument

(opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving Baarn)

Artikel 15. Intrekken van de omgevingsvergunning

(Vervallen)

Artikel 16. Weigeringsgronden

(opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving Baarn)

Paragraaf 5. Rijksmonumenten

Artikel 17. Advies omgevingsvergunning rijksmonument

(opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving Baarn)

Paragraaf 6. Aanwijzing gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht

Artikel 18. Aanwijzing als gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht

(opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving Baarn)

Artikel 19. Wijziging, intrekking en vervallen van de aanwijzing als gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht

(opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving Baarn)

Artikel 20. Verbodsbepaling en aanvraag omgevingsvergunning

(opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving Baarn)

Paragraaf 7. Handhaving en toezicht

Artikel 21. Strafbepaling

(Vervallen)

Artikel 22. Toezichthouders

Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de van of krachtens burgemeester en wethouders aangewezen personen of door burgemeester en wethouders hiertoe benoemde ambtenaren.

Paragraaf 8. Vangnet archeologie

Artikel 23. Vangnet archeologie

(opgenomen in de Verordening Fysieke Leefomgeving Baarn)

Paragraaf 9. Slotbepalingen

Artikel 24. Intrekken oude verordening

GERESERVEERD

Artikel 25. Overgangsrecht

1. Een krachtens de Verordening fysieke leefomgeving gemeente Baarn aangewezen en geregistreerd gemeentelijk beschermd cultuurgoed of beschermde verzameling, worden geacht aangewezen en geregistreerd te zijn overeenkomstig de bepalingen van deze verordening.

2. Aanvragen en bezwaren die zijn ingediend voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze verordening worden afgehandeld met inachtneming van de Verordening fysieke leefomgeving gemeente Baarn, zoals deze luidde voor inwerkingtreding van deze verordening.

Artikel 26. Inwerkingtreding en citeertitel

1. Deze verordening treedt in werking op 27 februari 2026

2. Deze verordening wordt aangehaald als: Erfgoedverordening gemeente Baarn 2026

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering 26 februari 2026.

De voorzitter, De griffier,