Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR758401
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR758401/1
GLB-openstellingsbesluit Productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn provincie Gelderland 2026
Geldend van 11-03-2026 t/m heden
Intitulé
GLB-openstellingsbesluit Productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn provincie Gelderland 2026Gedeputeerde Staten van Gelderland
Gelet op artikel 1.2 van Hoofdstuk 1 en paragraaf 2, Productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn van Hoofdstuk 2 van de Verordening Europese landbouwsubsidies 2023-2027 provincie Gelderland;
Besluiten:
- I.
voor deze openstelling een budget van € 9.628.053,69 beschikbaar te stellen, bestaande uit:
- a.
een deelplafond van € 2.371.575,69, 100% EU-overhevelingsmiddelen, gericht op investeringen voor gewasbescherming en klimaatadaptatie zoals opgenomen in bijlage 1 bij dit openstellingsbesluit;
- b.
een deelplafond van € 2.000.000,00, 100% nationaal aanvullende financiering, gericht op investeringen in mestscheidingsinstallaties zoals opgenomen in bijlage 2 bij dit openstellingsbesluit;
- c.
een deelplafond van € 5.256.478,00 waarvan 43% uit het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (€ 2.260.285,54) en 57% aan provinciale cofinanciering (€ 2.996.192,46), gericht op overige investeringen zoals opgenomen in bijlage 3 bij dit openstellingsbesluit;
- a.
- II.
dat aanvragen kunnen worden ingediend van 11 maart 2026 9.00 uur tot en met 30 april 2026 17.00 uur;
- III.
de volgende nadere regels vast te stellen;
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
In aanvulling op artikel 1.1 van de Verordening wordt in deze nadere regels verstaan onder:
- a.
agroforestry: agroforestry verwijst naar landbouwsystemen en -praktijken die houtige meerjarige planten (bomen en struiken) bewust combineren op hetzelfde stuk land waar ook andere landbouwgewassen worden geteeld of veehouderij plaatsvindt. Er vindt daarmee een ecologische en economische wisselwerking plaats tussen houtige en niet-houtige onderdelen van landbouwsystemen. In Nederland vallen ook voedselbossen onder de definitie van agroforestry.
- b.
kleinschalige windturbines: turbines met een ashoogte tot maximaal 15 meter en een vermogen tot maximaal 20 kW die windenergie omzetten in elektriciteit door middel van een generator ten behoeve van gebruik op het eigen bedrijf.
- c.
landbouwbedrijf: alle bij de Kamer van Koophandel ingeschreven eenheden op het grondgebied van Nederland die voor landbouwactiviteiten (als bedoeld in bijlage 1 VWEU) worden gebruikt en door een landbouwer worden beheerd.
- d.
regelbare drainage: bij regelbare drainage wordt overtollig, ondiep grondwater niet meteen afgevoerd maar langer vastgehouden in de bodem. Door de ontwateringsbasis in hoogte te variëren kan de intensiteit van de drainage worden ingesteld.
- e.
verordening: verordening Europese landbouwsubsidies 2023-2027 provincie Gelderland.
- f.
voedselbos: een door mensen ontworpen productief ecosysteem naar het voorbeeld van een natuurlijk bos, met een hoge diversiteit aan meerjarige en/of houtige plantensoorten die deels voor de mens als voedsel dienen (vruchten, zaden, bladeren, stengels, wortels).
- g.
zelfrijdende werktuigen: volledig zelfrijdende of autonome werktuigen zijn werktuigen gecombineerd met een voertuig met een eigen aandrijving. Dit voertuig is dan voorzien van een motor. Volledig zelfrijdende of autonome werktuigen behoeven geen bestuurder terwijl bij semiautonome werktuigen de bestuurder ondersteund wordt door slimme sensoren, cameratechnieken en systemen.
Artikel 2 Subsidiabele activiteiten
In aanvulling op artikel 2.2.2 van de Verordening kan alleen subsidie worden verstrekt voor productieve investeringen groen-blauw of dierenwelzijn:
- a.
gericht op investeringen voor gewasbescherming en klimaatadaptatie zoals opgenomen in bijlage 1 bij dit openstellingsbesluit; of
- b.
gericht op investeringen in mestscheidingsinstallaties zoals opgenomen in bijlage 2 bij dit openstellingsbesluit; of
- c.
gericht op overige investeringen zoals opgenomen in bijlage 3 bij dit openstellingsbesluit.
Artikel 3 Aanvrager
Overeenkomstig artikel 2.2.3 van de Verordening wordt subsidie verstrekt aan landbouwers of een samenwerkingsverband van landbouwers.
Artikel 4 Aanvraagvereisten
-
1. In afwijking van artikel 1.6 van de Verordening bevat de aanvraag geen projectplan.
-
2. In aanvulling op artikel 1.6 van de Verordening dient de aanvrager, in het geval dat de aanvrager voor de investeringen vergunning plichtig is, te verklaren of een vergunning nodig is en zo ja, wat de status van de vergunningaanvraag is.
-
3. Overeenkomstig artikel 2.2.4 van de Verordening gaat, indien de aanvraag wordt ingediend door een landbouwer met een biologische bedrijfsvoering of landbouwer die in omschakeling is naar biologische landbouw, in aanvulling op artikel 1.6 van de Verordening, de aanvraag vergezeld van een erkend certificaat of kwaliteitskeurmerk waaruit dit blijkt.
-
4. Overeenkomstig artikel 2.2.4 van de Verordening gaat, indien de aanvraag wordt ingediend door een landbouwer die in omschakeling is naar biologische landbouw, in aanvulling op artikel 1.6 van de Verordening, de aanvraag vergezeld van het inschrijfnummer en documentatie van een certificerende instantie ter onderbouwing dat de bedrijfsomschakeling is gestart.
Artikel 5 Subsidiabele kosten
-
1. Overeenkomstig artikel 2.2.5, eerste lid, van de Verordening zijn kosten als bedoeld in artikel 1.8, onder e, van de Verordening subsidiabel.
-
2. Subsidiabele kosten worden berekend conform artikel 1.9a, derde lid, van de Verordening.
Artikel 6 Niet subsidiabele kosten
-
1. In aanvulling op artikel 1.10 van de Verordening komen niet voor subsidie in aanmerking:
- a.
kosten voor de aanschaf van tweedehands investeringen;
- b.
kosten voor de aanschaf van zelfrijdende werktuigen met uitzondering van investeringen die ingediend worden onder categorie 1 (Energie en klimaat in bijlage 3) en categorie 2a (Biodiversiteit en biologische bestrijding in bijlage 3);
- c.
kosten voor abonnementen op software-updates en servicecontracten;
- d.
kosten voor apparatuur benodigd voor het aflezen van de ICT en sensor techniek waaronder computers, laptops, tablets en smartphones.
- a.
-
2. Indien een aanvraag wordt gedaan voor een investering ten behoeve van energieopwekking, dan dient de opgewekte energie gebruikt te worden door de eigen landbouwonderneming, het worden van (netto)energieleverancier is niet subsidiabel.
Artikel 7 Subsidiepercentage en hoogte subsidie
-
1. Artikel 2.2.7 van de Verordening is van toepassing.
-
2. De subsidie bedraagt 40% van de subsidiabele kosten.
-
3. In aanvulling op het tweede lid bedraagt de subsidie 70% van de subsidiabele kosten, indien sprake is van investeringen in agroforestry of waterbeheervoorzieningen zoals opgenomen in bijlage 3 bij dit openstellingsbesluit.
-
4. De subsidie bedraagt minimaal € 20.000 en maximaal € 175.000.
Artikel 8 Weigeringsgronden
-
1. Onverminderd artikel 1.5 van de Verordening wordt subsidie geweigerd indien de aanvrager in hetzelfde aanvraagtijdvak voor dezelfde investeringen een aanvraag om subsidie, te weten een duplicaataanvraag, heeft ingediend op grond van dit openstellingsbesluit.
-
2. Per landbouwer kan op grond van dit openstellingsbesluit slechts één keer subsidie worden aangevraagd en verstrekt per deelplafond zoals opgenomen in dit openstellingsbesluit.
-
3. Indien een landbouwbedrijf uit meerdere landbouwers, respectievelijk eenheden bestaat, wordt in het kader van dit openstellingsbesluit slechts één keer subsidie verstrekt aan het landbouwbedrijf als geheel ongeacht het aantal individuele eenheden waaruit dit landbouwbedrijf bestaat.
-
4. In geval van het tweede of derde lid, wordt de eerst ingediende aanvraag in behandeling genomen.
Artikel 9 Selectie en rangschikking
-
1. Een aanvraag om subsidie kan betrekking hebben op meerdere investeringscategorieën.
-
2. In aanvulling op artikel 1.12, vijfde lid, onder c, van de Verordening wordt bij een aanvraag bestaande uit investeringen binnen meerdere investeringscategorieën voor de rangschikking het per investeringscategorie aan de investeringen toegekende aantal punten opgeteld en vervolgens door het aantal investeringscategorieën gedeeld.
-
3. Voor de rangschikking van aanvragen als bedoeld in artikel 1.12, eerste lid, onder c, en artikel 2.2.8 van de Verordening worden de scores van de investeringslijst in bijlage 1, 2 en 3 gehanteerd, afhankelijk van voor welke investeringscategorie subsidie wordt aangevraagd.
-
4. Bij de rangschikking wordt aan landbouwers met een biologische bedrijfsvoering en landbouwers die omschakelen naar biologische landbouw een extra punt toegekend.
-
5. De aanvragen worden gerangschikt op volgorde van puntenaantal beginnend bij de aanvraag met de meeste punten en indien van toepassing op basis van loting volgens de voorwaarden in artikel 1.12 van de Verordening.
Artikel 10 Voorschot en deelbetalingen
In afwijking van de artikelen 1.17 en 1.18 van de Verordening verstrekken Gedeputeerde Staten geen voorschot of deelbetaling.
Artikel 11 Verplichtingen
-
1. In aanvulling op artikel 1.15 van de Verordening is de subsidieontvanger verplicht de aanvraag tot subsidievaststelling binnen één jaar na dagtekening van subsidieverlening in te dienen.
-
2. Indien de subsidiabele activiteit wegens onvoorziene omstandigheden niet kan worden afgerond binnen de projectperiode, genoemd in het eerste lid, en de subsidieontvanger verlenging van die termijn wenselijk acht, kan hij uiterlijk de dag voor het verstrijken van die termijn schriftelijk een gemotiveerd verzoek indienen bij gedeputeerde staten tot verlenging van de termijn tot uiterlijk 31 december 2028.
Artikel 12 Subsidiearrangement
-
1. In geval de subsidie minder bedraagt dan € 125.000 zijn de regels inzake subsidie op basis van arrangement 2 als bedoeld in artikel 1.7, eerste lid onder b, in artikel 1.18, tweede lid en in artikel 1.20 van de Verordening van toepassing.
-
2. In geval de subsidie € 125.000 of meer bedraagt, zijn de regels inzake subsidie op basis van arrangement 3 als bedoeld in artikel 1.7, eerste lid onder c, in artikel 1.18, derde lid en in artikel 1.21 van de Verordening van toepassing.
-
3. In aanvulling op het eerste lid dient de subsidieontvanger aan te tonen dat aan de verplichting, genoemd in artikel 1.20, vierde lid, onder b van de Verordening, is voldaan door middel van het overleggen van een foto van de gerealiseerde investering.
Artikel 13 Wijzigingsverzoek
In aanvulling op artikel 1.22 van de Verordening kan de subsidieontvanger maximaal één wijzigingsverzoek indienen om de looptijd van het project te wijzigen of om binnen de in de aanvraag aangegeven investeringscategorieën van investering te wijzigen. Het is niet mogelijk om van investeringscategorie te wijzigen.
Artikel 14 Publicatie en inwerkingtreding
Dit besluit wordt geplaatst in het Provinciaal Blad en treedt in werking met ingang van de eerste dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin zij wordt geplaatst.
Artikel 15 Citeertitel
Dit besluit wordt aangehaald als Openstellingsbesluit GLB Productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn provincie Gelderland 2026.
Ondertekening
namens Gedeputeerde Staten van Gelderland,
Marjoos van den Berg
Teammanager Agrifood
Bijlage 1 Lijst met investeringscategorieën gericht op investeringen voor gewasbescherming en klimaatadaptatie
Water
|
5 |
Waterbesparende precisieberegening en irrigatie |
Subsidiabel De aanschaf en aanleg van:
Niet subsidiabel
|
18 |
|
7 |
Bovengrondse wateropvang (inclusief hemelwateropvang) |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
|
16 |
Biodiversiteit en biologische bestrijding
|
5 |
Onkruid-, plaag- en ziektebestrijding |
Subsidiabel Aanschaf van:
|
15 |
Energie en klimaat
|
2 |
Aanpassing klimaatverandering |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
|
16 |
Precisielandbouw
|
3a |
Precisiegewas-bescherming met reducerende technieken |
Subsidiabel Aanschaf van:
Niet subsidiabel
Opmerkingen
|
16 |
|
3b |
Plaatsspecifieke precisiegewasbescherming |
Subsidiabel Aanschaf van:
|
18 |
Bijlage 2 Lijst met investeringscategorieën gericht investeringen in mestscheidingsinstallaties
Veehouderij
|
4 |
Mestscheidingsinstallaties |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
|
18 |
Bijlage 3 Lijst met investeringscategorieën gericht op overige investeringen
Water
|
Categorie |
Investering |
Wel/niet subsidiabel |
Punten |
|
1 |
Regelbare drainage |
Subsidiabel: De aanschaf en aanleg van:
|
17 |
|
2 |
Stuwen |
Subsidiabel De aanschaf en aanleg van:
|
14 |
|
3 |
Ondergrondse waterberging |
Subsidiabel De aanschaf en aanleg van:
|
15 |
|
4 |
Materieel voor bewerking van percelen gericht op vermindering perceelafspoeling |
Subsidiabel Aanschaf van:
|
17 |
|
6 |
Waterbeheervoorzieningen ter verlaging van risico’s van verontreiniging door erfafspoeling bij een veehouderij of door afvalwater uit de veehouderij, akkerbouw, bloembollen-, boom-, fruit-, vollegronds- of bedekte teelt
|
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
Niet subsidiabel
|
14 |
|
8 |
EC meters en monitoringssensoren |
Subsidiabel: Aanschaf en aanleg van:
|
16 |
Biodiversiteit en biologische bestrijding
|
Categorie |
Investering |
Wel/niet subdiabel |
Punten |
|
1 |
Autonome en semi-autonome niet-chemische bestrijding |
Subsidiabel Aanschaf van:
Niet subsidiabel
|
16 |
|
2a |
Strokenteelt en gewasdiversiteit |
Subsidiabel Aanschaf van:
|
16 |
|
2b |
Vaste rijpaden |
Subsidiabel Aanschaf van:
|
18 |
|
3 |
Agroforestry |
Omschrijving Teelt van houtige gewassen (bomen en struiken) gecombineerd met veeteelt, groenteteelt of akkerbouw op hetzelfde perceel landbouwgrond. De houtige gewassen zijn bedoeld voor de productie van fruit, noten of bessen. Subsidiabel Aanschaf en aanleg/aanplant van:
Niet subsidiabel
|
17 |
|
4 |
Vermindering bodemverdichting door brede banden en rupsbanden |
Subsidiabel Aanschaf van:
|
16 |
|
6a |
Verwerken bedrijfsgewassen tot krachtvoer |
Subsidiabel Aanschaf van:
Niet subsidiabel
Opmerking
|
14 |
|
6b |
Verwerken bedrijfsgewassen tot meststoffen |
Subsidiabel Aanschaf van:
|
16 |
|
7 |
Verwerken en toepassen van organisch restmateriaal |
Omschrijving Investeringen die specifiek bedoeld zijn voor de verwerking van organisch restmateriaal met als doel het verhogen van bodemkwaliteit, zoals materieel voor het maaien en ophalen van slootkanten, het verwerken en toepassen van gewasresten, maaisel van slootkanten, bermen of natuurterreinen, slootbagger of compost hiervan. Subsidiabel Aanschaf van:
Niet subsidiabel
|
16 |
Energie en klimaat
|
Categorie |
Investering |
Wel/niet subsidiabel |
Punten |
|
1 |
Machines of werktuigen met elektrische of waterstof aandrijving gericht op het uitoefenen van landbouwgerichte activiteiten |
Subsidiabel Aanschaf en/of aanleg van:
Niet subsidiabel
|
13 |
|
3 |
Duurzame energie en warmtewinning |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
Niet-subsidiabel
|
16 |
|
4 |
Vergistingsinstallaties voor plantaardig materiaal |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
Niet subsidiabel
|
15 |
Veehouderij
|
Categorie |
Investering |
Wel/niet subsidiabel |
Punten |
|
1 |
Comfortabele ligplaatsen voor veehouderij |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
Niet subsidiabel
|
18 |
|
2 |
Digitale voorzieningen voor weidegang |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
|
18 |
|
3a |
Monomestvergisters |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
Niet subsidiabel
Opmerkingen
|
16 |
|
3b |
Mestverwerkingssystemen |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
Niet subsidiabel
Opmerkingen
|
18 |
|
5a |
Voorzieningen voor weidegang voor graasdieren |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
Niet subsidiabel
|
17 |
|
5b |
Wolfwerende voorzieningen |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
|
18 |
|
6 |
Stalklimaat |
Subsidiabel Aanschaf en aanlegvan:
Niet subsidiabel:
|
17 |
|
7 |
Brongerichte maatregelen en emissiearme stalsystemen varkenshouderij |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
Niet subsidiabel:
Opmerking Alleen subsidiabel zijn systemen die aan de maximale emissiewaarden voldoen per 1/1/2020 en voor IPCC bedrijven:
|
18 |
|
8 |
Gedeeltelijk dichte vloer in hokken voor biggenopfok |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
|
18 |
|
9 |
Technieken die uitkomst van eieren in vleeskuikenstallen mogelijk maken |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
Niet subsidiabel
|
16 |
|
10 |
Vrijloopkraamhokken zeugen |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
|
18 |
|
11 |
Emissiearme systemen voor stallen melkveehouderij |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van: Vloerdelen en bijbehorende technieken van emissiearme stalsystemen (Or-code HA 1.38)
Niet subsidiabel
|
13 |
|
12 |
Gekartelde schoftboom en roterende borstel |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
Niet subsidiabel
|
17 |
|
13 |
Mechanische vliegenval voor rundvee |
Subsidiabel
Niet subsidiabel
|
18 |
|
14 |
Monitoringssystemen diergezondheid |
Subsidiabel
|
15 |
|
15 |
Uitloopvoorzieningen voor varkens en pluimvee |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
|
17 |
Precisielandbouw
|
Categorie |
Investering |
Wel/niet subsidiabel |
Punten |
|
2 |
Precisiebemesting |
Subsidiabel Aanschaf en aanleg van:
Niet subsidiabel
|
18 |
|
4 |
Precisiezaai |
Aanschaf van: Machine bestemd voor precisiezaai. |
18 |
Toelichting bij Openstellingsbesluit GLB Productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn provincie Gelderland 2026
LEESWIJZER
Voorliggend openstellingsbesluit moet in samenhang gelezen worden met de Verordening Europese landbouwsubsidies 2023-2027 van de provincie Gelderland. Met dit openstellingsbesluit zijn de algemene en slotbepalingen uit de Verordening van toepassing op een aanvraag. In het bijzonder zijn de voorwaarden uit paragraaf 2 van hoofdstuk 2 van de Verordening – de maatregel Productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn – van toepassing: de artikelen 2.2.1 tot en met 2.2.8.
- I.
Algemeen
Voorliggende regeling is een regeling vanuit het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) in de Provincie Gelderland. Het GLB loopt van 2023 tot en met 2027. Alle projecten moeten voor 1 april 2029 worden vastgesteld. Het programma is gericht op slimme veerkrachtige landbouw, milieu-, biodiversiteits- en klimaatdoelen en brede plattelandsontwikkeling.
De maatregel voor productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn (gericht op bedrijfsverduurzaming) is vooral bedoeld om de aanschaf van moderne installaties en machines te stimuleren, waarmee landbouwers het eigen bedrijf kunnen verduurzamen. Dit doen zij door met specifieke investeringen een bijdrage te leveren aan de milieu- en klimaatdoelen en het efficiënt gebruiken van natuurlijke hulpbronnen, zoals water en bodem en biodiversiteit. Ook is er binnen deze regeling ruimte voor investeringen met betrekking tot dierenwelzijn. Investeringen die alleen of hoofdzakelijk gericht zijn op verbetering van de rentabiliteit van bedrijven en vervanging van dezelfde goederen die al op het bedrijf aanwezig zijn komen niet voor op de lijst.
Gedeputeerde Staten van Gelderland stellen een lijst vast met innovatieve duurzame investeringen die relevant zijn voor de bedrijfsvoering van landbouwers in Gelderland. Op deze lijst zijn alleen investeringen opgenomen die voldoen aan de minimale bijdrage aan de doelen voor verduurzaming. De score per investeringscategorie is bepaald op basis van de mate waarin de investering bijdraagt aan de innovatie, effectiviteit, haalbaarheid en efficiëntie. De investeringen zijn zo gekozen dat zij bijdragen aan één of meerdere doelstellingen (Strategic Objectives; SO’s) behorend bij deze interventie, zoals die benoemd zijn in het Nationaal Strategisch Plan (NSP), de Nederlandse uitwerking van het Europese GLB, namelijk:
- -
SO1 Het bieden van steun met het oog op een leefbaar bedrijfsinkomen en veerkracht van de landbouwsector in de hele Unie, ten behoeve van een grotere voedselzekerheid voor de lange termijn, van een meer diverse landbouw, en van een economisch duurzame landbouwproductie in de Unie.
- -
SO2 Vergroting van de marktgerichtheid en het concurrentievermogen van landbouwbedrijven voor zowel de korte als de lange termijn, onder meer door meer aandacht voor onderzoek, technologie en digitalisering.
- -
SO4 Bijdragen tot matiging van en aanpassing aan klimaatverandering, onder meer door de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen en meer koolstof vast te leggen, en duurzame energie te bevorderen.
- -
SO5 Bevordering van de duurzame ontwikkeling en het efficiënte beheer van natuurlijke hulpbronnen zoals water, bodem en lucht, onder meer door de afhankelijkheid van chemische middelen te verkleinen.
- -
SO6 Bijdragen tot het tot staan brengen en ombuigen van biodiversiteitsverlies, tot versterking van ecosysteemdiensten en tot de instandhouding van habitats en landschappen.
- -
SO9 Beter inspelen door de landbouw van de Unie op de maatschappelijke verwachtingen inzake voedsel en gezondheid, onder meer wat betreft hoogkwalitatief, veilig en voedzaam voedsel dat op duurzame wijze is geproduceerd, en voorts vermindering van de voedselverspilling, verbetering van het dierenwelzijn, en bestrijding van antimicrobiële resistentie.
Landbouwbeleid provincie Gelderland
De provincie Gelderland heeft het beleid voor de land- en tuinbouw vastgesteld in de Kadernota Agrifood 2021-2030: media.gelderland.nl/Kadernota_Agrifood_2021_1a5c3087e4.pdf. De Gelderse boeren en tuinders zijn belangrijk voor de productie van ons voedsel, voor de economie en voor de leefbaarheid op het platteland. Daarom ondersteunen we hen richting verduurzaming, waarbij het behouden van een goed verdienmodel heel belangrijk is.
Het beleid kent vormen van steun om agrariërs richting te geven (zoals concrete doelen en kpi’s), te helpen met kennis en innovatie (zoals innovatiemakelaar, fieldlabs), zaken mogelijk te maken (zoals subsidieregelingen) en hen te belonen voor hun inspanningen (zoals een beheersvergoeding of promoties).
De Kadernota Agrifood 2021-2030 uit 2021 zet vooral in op de ontwikkeling richting natuurinclusieve kringlooplandbouw met een goed verdienmodel. De nieuwe coalitie is in 2023 gestart met actualisering van het beleid, dat onder meer inhoudt dat ook andere bedrijfsontwikkelrichtingen gesteund gaan worden.
Innovatie c.q. modernisering is een belangrijke wijze om te komen tot een duurzame landbouw. Om de innovatie in de landbouw aan te jagen kan het helpen om de landbouwsector te steunen met investeringen in fysieke maatregelen. Met het voorliggende openstellingsbesluit wordt dit mogelijk gemaakt: er kan subsidie worden verstrekt aan aanvragers voor investeringen op het gebied van water, biodiversiteit, energie en klimaat, veehouderij en precisielandbouw. Een groot deel van de Gelderse agrariërs heeft immers met opgaven op die gebieden te maken.
- II.
Artikelsgewijze toelichting
Artikel 2 Subsidiabele activiteiten
Op basis van de investeringslijst in bijlage 1, 2 of 3 van dit openstellingsbesluit kan aangegeven worden voor welke investeringen in welke investeringscategorieën subsidie wordt aangevraagd. Alleen investeringen die direct aansluiten bij de voorwaarden en omschrijvingen uit de investeringslijst komen voor subsidie in aanmerking. Let op dat elke bijlage, 1, 2 of 3, gekoppeld is aan een specifiek deelplafond en het daarmee beschikbare budget voor subsidie. Zie Besluit I onder Besluiten in dit openstellingsbesluit.
Artikel 3 Aanvrager
Subsidie wordt enkel en alleen verstrekt aan landbouwers of samenwerkende landbouwers. Bij samenwerking kunnen investeringsplannen worden gebundeld.
Artikel 4 Aanvraagvereisten
In de aanvraag om subsidie dienen de begrote kosten duidelijk te worden onderbouwd aan de hand van bijvoorbeeld een offerte of kostenspecificatie. Op de offerte dienen de investeringen uitgebreid gespecificeerd te worden zodat vanuit de onderbouwing met de offerte een duidelijke link gelegd kan worden met de aangevinkte investeringscategorie.
Subsidie wordt alleen aan landbouwers verstrekt. Om aan te tonen dat sprake is van een landbouwbedrijf, wordt de inschrijving van het landbouwbedrijf bij de Kamer van Koophandel gecontroleerd.
Wanneer de investeringen vergunning plichtig zijn, dient bij de aanvraag verklaard te worden of een vergunning nodig is voor het investeringsplan en zo ja wat de status van de vergunningaanvraag is. Voor investeringen in stuwen en peilgestuurde drainage dient u voor een vergunning contact op te nemen met uw waterschap.
Toelichting bij een vergunningplicht
Voor alle investeringen die een substantiële wijziging van de bedrijfsvoering teweegbrengen (waaronder bijvoorbeeld stalaanpassingen en mestscheidingsinstallaties), bestaat waarschijnlijk een vergunningplicht. Sinds de uitspraak van de Raad van State over intern salderen op 18 december 2024 heeft provincie Gelderland het beleid voor vergunningverlening aangescherpt. Zie hiervoor: https://www.gelderland.nl/themas/stikstof/gevolgen-uitspraak-raad-van-state-over-intern-salderen. Concreet houdt dit in dat een vergunning alleen verleend kan worden als u gebruik maakt van de mogelijkheid tot intern of extern salderen. Omdat er voor bepaalde investeringen nog geen erkende emissiefactoren bekend zijn, komt daar nog bij dat plaatsing van een installatie niet gepaard mag gaan met een toename van het aantal dieren op het bedrijf (indien van toepassing). Provincie Gelderland gaat bij de vergunningverlening uit van dat een installatie minimaal 40% ammoniakemissie moet reduceren. Omdat een aanvrager bij het intern salderen 35% emissieruimte moet inleveren ten behoeve van natuur, kan door toedoen van een investering aan die verplichting mogelijk worden voldaan. Het is verstandig om voor het indienen van een subsidieaanvraag advies te vragen wat het vergunningentraject voor uw bedrijf in het geval van uw voorgenomen investeringen betekent en u te laten voorlichten over eventuele risico's. Daarbij moet u incalculeren dat het aanvragen en verlenen van een nieuwe natuurvergunning tijd vergt. Verder verdient het aanbeveling om pas financiële verplichtingen aan te gaan voor een aanschaf van een dergelijke installatie zodra provincie Gelderland een nieuwe natuurvergunning heeft verleend.
Artikel 5 Subsidiabele kosten
Subsidiabele kosten kunnen enkel bestaan uit overige kosten (kosten bij derde partijen, ook wel ‘kosten derden’ genoemd) ten behoeve van de voorgenomen investeringen. De subsidiabele kosten worden berekend overeenkomstig artikel 1.9a, derde lid van de Verordening. Dit houdt in dat de begroting op basis van werkelijke kosten wordt opgesteld. De begroting bevat altijd kosten exclusief btw. Alleen wanneer een aanvrager btw niet kan verrekenen, kan btw worden opgevoerd als kosten. Een onderneming kan btw altijd verrekenen met de belastingdienst waardoor btw niet subsidiabel is.
Artikel 6 Niet subsidiabele kosten
Deze openstelling is gericht op enkel het subsidiëren van nieuwe investeringen in bedrijfsmiddelen voor het landbouwbedrijf. Kosten voor bijvoorbeeld het gebruik of beheer van de investering, bijvoorbeeld een machine, zijn niet subsidiabel. Ook kosten van investeringen die in relatie staan tot energieopwekking die verder gaat dan het eigen gebruik op het landbouwbedrijf, zijn niet subsidiabel. Kosten voor tweedehands investeringen zijn niet subsidiabel.
Artikel 7 Subsidiepercentage en hoogte subsidie
De subsidie bedraagt 40% van de kosten van de investeringen wat betekent dat de eigen bijdrage minimaal 60% bedraagt. Voor investeringen in agroforestry en waterbeheervoorzieningen, zoals opgenomen in bijlage 3, geldt een subsidiepercentage van 70% en daarmee een eigen bijdrage van 30%. Absoluut bedraagt de aangevraagde subsidie minimaal € 20.000 en maximaal € 175.000.
Artikel 8 Weigeringsgronden
Het is niet toegestaan om voor dezelfde investering meerdere keren subsidie aan te vragen. Daarnaast geldt dat een landbouwer op grond van dit openstellingsbesluit slechts eenmaal subsidie kan aanvragen omwille van een zo gelijk mogelijke verdeling van de middelen over alle aanvragers die een aanvraag indienen. Daarbovenop geldt dat ook per landbouwbedrijf slechts eenmaal subsidie kan worden aangevraagd, ondanks dat het bedrijf uit meerdere landbouwers bestaat. Als sprake is van meerdere aanvragen van een aanvrager, worden eerst eventuele duplicaataanvragen gecontroleerd en vervolgens wordt alleen de eerste ingediende aanvraag in behandeling genomen.
Artikel 9 Selectie en rangschikking
Per aangevinkte categorie uit de investeringslijst kan een puntenscore worden behaald. Als er sprake is van meerdere investeringscategorieën in een aanvraag, dan worden de puntenscores gemiddeld. Dit wil zeggen dat de scores van de aangevinkte investeringscategorieën bij elkaar worden opgeteld en gedeeld worden door het aantal investeringscategorieën. Uiteindelijk wordt op basis van het subsidieplafond subsidie toegekend aan de hoogst scorende aanvragen.
Voorbeeld: een aanvrager vraagt subsidie aan voor de volgende investeringen en investeringscategorieën uit bijlage 1, de te behalen puntenscore is dan als volgt:
|
Investeringscategorie |
Score |
Aantal investeringen |
Behaalde score |
|
Plaatsspecifieke precisiegewasbescherming |
18 |
Twee spotsprayers |
18 |
|
Onkruid-, plaag- en ziektebestrijding |
15 |
Een schoffelwerktuig |
15 |
|
Totaal |
33 |
||
|
Definitief behaalde score |
16,5 (33 /2) |
Een aanvraag met meerdere investeringen en meerdere investeringscategorieën kan naar analogie van bovenstaand voorbeeld ook voorkomen bij de investeringslijst in bijlage 2 en 3 van dit openstellingsbesluit, maar die heeft dan betrekking op andere investeringen en investeringscategorieën dan hier in het voorbeeld genoemd.
Biologische landbouwers of landbouwers in omschakeling naar biologische landbouw, krijgen als zij dit aangetoond hebben, een extra punt toegekend.
Artikel 10 Voorschot en deelbetalingen
Omdat voorliggende openstelling ziet op een subsidieregeling voor investeringen waarbij sprake is van een enkelvoudige handeling voor de aanschaf van bijvoorbeeld nieuwe machines en apparatuur, kan kort na de investering een verzoek tot vaststelling en daarmee uitkering van de subsidie ingediend worden. Daardoor zal de doorlooptijd van de uitvoering van het investeringsplan en vaststelling van de subsidie relatief kort kunnen zijn, daarom is een voorschot of deelbetaling tussentijds niet noodzakelijk.
Artikel 11 Verplichtingen
Binnen een jaar na subsidietoekenning moet een vaststellingsverzoek zijn ingediend waaruit blijkt dat alle voorgenomen investeringen zijn gerealiseerd. Vanaf het moment van indienen van de aanvraag mag al gestart worden met het doen van investeringen. Als de investeringen niet tijdig gerealiseerd kunnen worden, kan een verzoek ingediend worden om de looptijd van het project aan te passen. De looptijd kan verlengd worden tot en met uiterlijk 31 december 2028.
Artikel 12 Subsidiearrangement
Voor subsidies van € 20.000 tot € 125.000 geldt dat de uitbetaling van de subsidie plaats vindt op basis van het overleggen van een prestatieverklaring, een bewijs waaruit blijkt dat de investeringen ook daadwerkelijk gerealiseerd zijn. Als prestatieverklaring kan worden volstaan met het overleggen van een foto. Voor subsidies van € 125.000 of meer geldt dat alle gemaakte kosten verantwoord moeten worden aan de hand van facturen en betaalbewijzen.
Artikel 13 Wijzigingsverzoek
Per aanvraag kan tijdens de uitvoering van het investeringsplan eenmaal een wijzigingsverzoek worden ingediend. Dit wijzigingsverzoek kan zien op bijvoorbeeld de verlenging van de looptijd van het project of een wijziging binnen de aangevraagde investeringscategorieën.
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl