Beleidsregels van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veenendaal houdende regels omtrent het handhaven van fietswrakken, weesfietsen en verkeerd, hinderlijk of gevaarlijk gestalde fietsen, snorfietsen of bromfietsen (Beleidsregels handhaving fietsparkeren)

Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 06-03-2026

Intitulé

Beleidsregels van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veenendaal houdende regels omtrent het handhaven van fietswrakken, weesfietsen en verkeerd, hinderlijk of gevaarlijk gestalde fietsen, snorfietsen of bromfietsen (Beleidsregels handhaving fietsparkeren)

Burgemeester en wethouders van Veenendaal;

Gelezen het voorstel van 24-2-2026,

Overwegende dat

- in het belang van het uiterlijk aanzien, de verkeersveiligheid en de bereikbaarheid van

(voet-)paden en fietsenstallingen wordt het noodzakelijk geacht om beleid vast te stellen ten aanzien van het verwijderen van verkeerd gestalde fietsen, snorfietsen, bromfietsen, fietswrakken en weesfietsen;

- het college duidelijkheid wil scheppen over de wijze waarop zij haar bevoegdheid tot handhaving, bestaande uit het afvoeren, opslaan, verkopen, overdragen en/ of vernietigen van fietsen, uitvoert. Dit om willekeur te voorkomen en rechtszekerheid te waarborgen;

Gelet op

het bepaalde artikel 125 e.v. van de Gemeentewet, artikel 5:21 e.v. van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) en artikelen 2:51, 2:52B en 6:2 van de Algemene Plaatselijke Verordening Veenendaal (hierna: APV).

Besluit

vast te stellen de Beleidsregels handhaving fietsparkeren.

Artikel 1 Algemene bepalingen

In deze beleidsregels en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

college: college van burgemeester en wethouders van Veenendaal;

ernstige gebreken: gebreken verstaan waarbij de reparatie meer geld kost dan de fiets waard is;

(brom)fietswrak: een fiets of bromfiets met één of meer ernstige gebreken. Het kan dan gaan om één of meerdere ernstige gebreken aan: frame, voorvork, wielen, stuur, handreminrichting, trapinrichting of versnellingen;

fout geparkeerde (brom)fiets: een fiets om (brom)fiets die buiten de expliciet door het college daarvoor aangewezen voorzieningen, plaatsen of ruimten is geparkeerd;

gevaarlijk of hinderlijk gestalde (brom)fiets: een fout gestalde (brom)fiets waardoor een gevaarlijke of hinderlijke situatie ontstaat. Bijvoorbeeld omdat de fiets een doorgang voor hulpdiensten belemmert of voor een (nood)uitgang of brandkraan staat. Ook een fiets die direct aan of op een busbaan of rijweg staat, valt hieronder. Het verwijderen van deze fietsen is spoedeisend omdat de gevaarlijke of hinderlijke situatie snel opgeheven moet worden.

wees(brom)fiets: een fiets of bromfiets die langer dan 28 dagen in de daarvoor bestemde klem of stallingsplaats is gestald zonder dat die wordt gebruikt. Deze (brom)fiets, geen fietswrak zijnde, verkeert in voldoende staat van onderhoud, maar behoort klaarblijkelijk aan niemand meer toe.

Artikel 2 Algemeen

1. Op grond van het eerste lid, sub a en c, van artikel 2:52B van de APV is het verboden om in door het college aangewezen plaatsen:

a. fietsen, snorfietsen en bromfietsen buiten de daarvoor bestemde ruimten of plaatsen te laten staan;

b. fietsen, snorfietsen en bromfietsen langer dan vier weken onbeheerd in de fietsenstalling achter te laten.

2. Op grond van het eerste lid, sub b, van artikel 2:52B van de APV is het verboden om fietsen, snorfietsen en bromfietsen, die rij technisch in onvoldoende staat van onderhoud en in een verwaarloosde toestand verkeren, op de weg te laten staan.

3. Op grond van artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994 is het verboden om fietsen zodanig te parkeren dat dit gevaarlijke en/of hinderlijke situaties oplevert.

4. In het eerste lid aangewezen fietsstallingsgebieden worden aankondigingsborden geplaatst op duidelijk zichtbare plaatsen.

5. De aankondigingsborden, zoals omschreven in het vierde lid bevatten de volgende informatie:

Parkeren uitsluitend in de stalling, vak of rek. Maximale parkeerduur 4 weken.

(Brom-)fiets weg?

Veenendaal.nl/fietsen

art. 2:52B APV

Artikel 3 Vaststelling van overtreding van de APV

1. De toezichthouder is bevoegd om vast te stellen of een fiets, snorfiets of bromfiets al dan niet geparkeerd staat volgens de geldende parkeerregels.

2. Gelet op de situering en het uiterlijk van de fiets, kan direct worden geconstateerd of dit een foutgeparkeerde fiets, een fietswrak of een gevaarlijk geparkeerde fiets is.

3. Om te kunnen vaststellen dat een fiets de maximale parkeertermijn van vier weken heeft overschreden en dus als weesfiets kan worden aangemerkt, worden deze fietsen gemarkeerd.

Artikel 4 Aanzeggen van bestuursdwang door opmaken van een beschikking

1. Bij een geconstateerde overtreding, waarbij er sprake kan zijn van een foutgeparkeerde fiets, een weesfiets, een fietswrak of een gevaarlijk geparkeerde fiets, is de toezichthouder bevoegd om bestuursdwang aan te zeggen en ook feitelijk toe te passen, op grond van het bepaalde in artikel 5:21 Awb.

2. Het besluit tot het aanzeggen van bestuursdwang wordt genomen door het opmaken van een beschikking. De last onder bestuursdwang omschrijft de te nemen herstelmaatregel en vermeldt de termijn waarbinnen die maatregel moet worden uitgevoerd, als bedoeld in artikel 5:24, lid 1 en 2 Awb.

3. De last onder bestuursdwang (besluit) kan in de praktijk veelal niet rechtstreeks aan de overtreder of eigenaar van de fiets worden uitgereikt, als bedoeld in artikel 5:24, lid 3 en artikel 3:41, lid 1 Awb. Daarom geschiedt de bekendmaking van het besluit op een andere geschikte wijze (artikel 3:41, lid 2 Awb), en wel door het bevestigen van de beschikking in de vorm van een sticker of label aan de fiets.

4. In geval van een gevaarlijk geparkeerde fiets wordt, gelet op de spoedeisendheid hierbij, direct zonder voorafgaande last tot toepassing van bestuursdwang ex artikel 5:31 Awb overgegaan. Het besluit wordt zo spoedig mogelijk daarna alsnog bekendgemaakt.

5. Zowel bij de reguliere bestuursdwang als de spoedeisende bestuursdwang wordt de beschikking uitgereikt aan de eigenaar van de fiets wanneer de fiets wordt opgehaald bij het fietsdepot.

6. In de beschikking wordt in ieder geval opgenomen:

a. registratienummer;

b. het overtreden wettelijk voorschrift;

c. datum, tijdstip en locatie van geconstateerde overtreding;

d. de last om overtreding ongedaan te maken;

e. de begunstigingstermijn;

f. de verwijdering van de fiets door gemeente op kosten van overtreder;

g. telefoonnummer en website voor informatie;

h. mogelijkheid om bezwaar bij college in te dienen, conform artikel 6:4 Awb;

i. datum van beschikking;

j. ondertekening.

Artikel 5 Bieden van gelegenheid tot herstel overtreding (begunstigingstermijn)

1. In het besluit tot opleggen van een last onder bestuursdwang wordt aan de overtreder een begunstigingstermijn geboden om de overtreding te herstellen, zoals bedoeld in artikel 5:24, lid 2 Awb. Dit houdt in dat de overtreder de gelegenheid heeft om de fiets zelf weg te halen voordat deze fiets door de gemeente wordt verwijderd.

2. De duur van de begunstigingstermijn is afhankelijk van het type overtreding van de parkeerregels:

a. voor foutgeparkeerde fietsen is de termijn gesteld op 15 minuten;

b. voor weesfietsen is de termijn gesteld op 24 uur;

c. voor fietswrakken is de termijn gesteld op 15 minuten;

3. In afwijking van het eerste lid wordt aan overtreder geen begunstigginstermijn geboden om de overtreding te herstellen voor gevaarlijk geparkeerde fietsen. Gevaarlijk geparkeerde fietsen worden direct na constatering verwijderd.

Artikel 6 Het feitelijk toepassen van bestuursdwang (het verwijderen van de fiets)

1. Indien de onrechtmatig geparkeerde fiets niet binnen de begunstigingstermijn door de eigenaar is weggehaald of wanneer er sprake is van een gevaarlijk geparkeerde fiets, wordt de fiets -inclusief bijbehorende beschikking, (ketting)slot en eventueel aangetroffen goederen- meegevoerd en opgeslagen, als bedoeld in artikel 5:29, lid 1 Awb.

2. Alvorens tot verwijdering van de fiets wordt overgegaan, worden er een foto van de fiets (met daarop zichtbaar het registratienummer van beschikking) en een overzichtsfoto gemaakt, waaruit blijkt dat de fiets verkeerd, gevaarlijk of te lang geparkeerd heeft gestaan of dat het een fietswrak betreft.

3. De verwijdering van de fiets vindt op een zodanige wijze plaats dat zo weinig mogelijk schade aan de fiets wordt veroorzaakt.

4. Eventuele schade bij het verwijderen van de fiets, zoals een opengebroken slot of ketting, komen voor rekening van de eigenaar van de fiets.

5. De toezichthouder is herkenbaar als medewerker van de gemeente Veenendaal tijdens het verwijderen van de fiets.

Artikel 7 Proces-verbaal/registratie van meegevoerde en opgeslagen fiets

1. Van het meevoeren en opslaan van de fiets wordt proces-verbaal opgemaakt, als bedoeld in artikel 5:29, lid 2 Awb.

2. Het registratie- en bewaarsysteem moet dusdanig zijn ingericht dat de fietsen aan de rechtmatige eigenaren kunnen worden teruggegeven. Het in te vullen inschrijvingsformulier van de verwijderde fiets bevat onder meer het volgende:

a. registratienummer;

b. datum, tijdstip en locatie van geconstateerde overtreding c.q. bestuursdwangbesluit;

c. het overtreden wettelijk voorschrift;

d. datum, tijdstip en locatie van verwijdering;

e. merk, type, soort, kleur, framenummer/graveercode;

f. staat van onderhoud;

g. bij de fiets aangetroffen goederen;

h. eventuele schade aan de fiets door verwijdering, zoals doorknippen (ketting)slot;

i. eventuele bijzonderheden.

3. De fietsen worden gecontroleerd op diefstal aan de hand van het diefstalregister van de Rijksdienst voor het Wegverkeer. Als blijkt dat de fiets gestolen is, wordt de politie hierover ingelicht, die contact kan opnemen met de rechtmatige eigenaar.

4. In goede staat verkerende fietsen worden gemeld op de zoekmachine voor gevonden voorwerpen www.verlorenofgevonden.nl

Artikel 8 Bewaarplaats en bewaartermijn

1. Een verwijderde fiets wordt overgebracht naar het fietsdepot.

2. De fietsen die zijn overgebracht naar het fietsdepot worden geregistreerd, gecontroleerd op diefstal en overeenkomstig artikel 5:30 lid 1 Awb 13 weken bewaard.

3. In afwijking van het tweede lid worden fietswrakken twee weken bewaard. De opslagkosten van fietswrakken zijn in verhouding tot de waarde van de fietswrakken onevenredig hoog.

Artikel 9 Kostenverhaal

Het verwijderen van de fiets gebeurt op kosten van de overtreder op grond van artikel 5:25 Awb. Bij deze kosten moet worden gedacht aan de directe kosten van het feitelijk optreden en de voorbereiding daarvan, zoals het labelen, het verwijderen, meevoeren en opslaan van fietsen. Het college heeft de bevoegdheid om de meegevoerde en opgeslagen fietsen vast te houden totdat de verschuldigde kosten zijn betaald. De kosten worden daarom in rekening gebracht op het moment dat de fiets wordt opgehaald. De kosten worden vastgesteld op een vast bedrag van € 30,-. Dit bedrag is niet in alle gevallen kostendekkend.

Artikel 10 Teruggave van verwijderde fiets

1. Een nog (binnen de 13-weken termijn) opgeslagen fiets wordt tegen betaling van de kosten, die zijn verbonden aan het afvoeren en bewaren van de fiets, teruggegeven aan de eigenaar die zich heeft gemeld.

2. Als de eigenaar van een fiets zich meldt, dient deze zich te legitimeren (NAW gegevens).

3. De eigenaar van de fiets ontvangt het originele bestuursdwanglabel.

4. Als eigenaar van een fiets wordt beschouwd diegene die redelijkerwijs aannemelijk kan maken dat de fiets tot zijn of haar eigendom of bezit behoort. Deze persoon kan de fiets met een meegebrachte fietssleutel openen of deze persoon kan met een nota, aankoopbewijs, framecertificaat, graveercode of beschrijving aantonen dat het gaat om zijn of haar fiets.

5. De eigenaar kan de fiets alleen tijdens openingstijden van het fietsdepot en tegen betaling van € 30,- afhalen. Deze kosten zijn niet verschuldigd als de betreffende fiets als gestolen staat geregistreerd. Meer informatie over de verwijdering, opslag en teruggave van fietsen is te vinden op www.veenendaal.nl/fietskwijt.

6. De toezichthouder registreert wanneer en aan wie de fiets is meegegeven. Zo noteert de toezichthouder de NAW gegevens van de persoon die de fiets ophaalt, de betaalmethode en dat een legitimatiebewijs is getoond.

7. Als bij de verwijdering goederen zijn aangetroffen of een slot is doorgeknipt dan krijgt de eigenaar behalve de fiets ook eventueel aangetroffen goederen en het doorgeknipte slot terug.

Artikel 11 Uitreiking beschikking/bezwaarmogelijkheid

1. Op het moment dat de opgeslagen fiets bij het fietsdepot wordt opgehaald door de alsdan vastgestelde eigenaar, wordt het concrete besluit tot aanzeggen van bestuursdwang (beschikking) uitgereikt.

2. Binnen 6 weken na de dag waarop het besluit is bekendgemaakt, in de vorm van het bevestigen van de beschikking aan de in de openbare ruimte gestalde fiets, heeft de belanghebbende de mogelijkheid om een bezwaarschrift bij het college in te dienen.

3. Indien de bezwaartermijn van 6 weken bij het uitreiken van de beschikking reeds is verstreken, wordt gelet op vaste jurisprudentie de termijnoverschrijding verschoonbaar geacht, als de belanghebbende zijn bezwaren kenbaar maakt binnen 2 weken nadat hij van het bestaan van het besluit op de hoogte is gebracht.

Artikel 12 Verkopen, overdragen of vernietigen van de niet opgehaalde fiets

1. Indien de meegevoerde en opgeslagen fiets niet binnen 13 weken na dag van verwijdering kan worden teruggeven, kan het college de fiets verkopen, gelet op artikel 5:30, lid 1 Awb.

2. Het college heeft op grond van artikel 5:30, lid 5 Awb ook de mogelijkheid om de fiets om niet aan een derde in eigendom over te dragen of te laten vernietigen.

3. Na het verstrijken van de bewaartermijn worden de niet opgehaalde fietsen, waarvan is vastgesteld dat deze niet zijn gestolen, geschonken aan een instelling met een maatschappelijk relevant doel, verkocht of vernietigd.

4. Fietsen waarvan is vastgesteld dat die gestolen zijn, worden gemeld bij de politie. Als de eigenaar zich niet meldt na afloop van de bewaartermijn worden deze fietsen ook overgedragen of vernietigd.

Artikel 13 Inwerkingtreding

Deze beleidsregels treden in werking op de dag na bekendmaking.

Artikel 14 Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: ‘Beleidsregels handhaving fietsparkeren’.

Ondertekening

Burgemeester en wethouders van Veenendaal,

Sjoukje Deelstra

secretaris

Gert-Jan Kats

burgemeester