Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR758161
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR758161/1
Verzamelbeleidsregel Participatiewet in balans fase 1 Gemeente Raalte
Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 06-03-2026
Intitulé
Verzamelbeleidsregel Participatiewet in balans fase 1 Gemeente RaalteBesluit van burgemeester en wethouders van Raalte tot vaststelling van Verzamelbeleidsregel Participatiewet in balans fase 1 gemeente Raalte
Burgemeester en wethouders van de gemeente Raalte;
gelet op artikel 4:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, de artikelen 31, tweede lid, onderdeel s, 41, elfde lid, 43a, eerste lid, en 44, vijfde lid, van de Participatiewet en de artikelen 15a, eerste lid, en 16a, vierde lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers;
Besluiten vast te stellen de volgende beleidsregel:
Beleidsregel van het college van burgemeester en wethouders van gemeente Raalte over het op basis van de Participatiewet vrijlaten van giften in individuele gevallen, het behandelen van bijstandsaanvragen van jongeren voor afloop van de zoektermijn en het verlenen van bijstand met terugwerkende kracht (Verzamelbeleidsregel Participatiewet in balans fase 1 Gemeente Raalte).
Hoofdstuk 1. ALGEMENE BEPALINGEN
Artikel 1. Definities
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
- -
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Raalte;
- -
Ioaw: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers;
- -
jongere: de belanghebbende of het gezin, bedoeld in artikel 41, vierde lid, van de Wet;
- -
probleemschulden: schulden die naar het oordeel van het college in redelijkheid niet meer afgelost kunnen worden;
- -
schuldregeling: een schuldregeling op grond van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening of de Wet schuldsanering natuurlijke personen;
- -
Wet: Participatiewet;
- -
Wmo 2015: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;
- -
zoektermijn: de termijn van vier weken, genoemd in artikel 41, vierde lid, van de Wet;
Hoofdstuk 2. BELEIDSKEUZES
Artikel 2. Vrijlaten van giften in individuele gevallen
Bij de beoordeling of giften in een individueel geval en uit het oogpunt van bijstandsverlening verantwoord zijn als bedoeld in artikel 31, tweede lid, onderdeel s, van de Wet, beschouwt het college de volgende categorieën giften in ieder geval als verantwoord:
- a.
giften die worden verstrekt en ingezet voor kosten waarvoor anders bijzondere bijstand verstrekt had kunnen worden;
- b.
giften die worden verstrekt en ingezet voor medisch noodzakelijke kosten;
- c.
giften waarmee probleemschulden zijn betaald die zijn ontstaan voorafgaand aan de ingangsdatum van algemene bijstand;
- d.
giften in natura, niet zijnde een bijdrage die leidt tot een kostenbesparing als bedoeld in artikel 18, achtste lid, van de Wet, met een waarde tot maximaal € 1200;
- e.
het college verstaat onder voedselbanken als bedoeld in artikel 18, achtste lid, van de Wet, ook noodfondsen en charitatieve instellingen.
Artikel 3. Het behandelen van bijstandsaanvragen van jongeren voor afloop van de zoektermijn
Het college maakt in ieder geval gebruik van de bevoegdheid een aanvraag voor algemene bijstand voor het verstrijken van de zoektermijn in behandeling te nemen als bedoeld in artikel 41, elfde lid, van de Wet, wanneer sprake is van ten minste een van de volgende omstandigheden:
- a.
de jongere verblijft in een inrichting of heeft recht op opvang als bedoeld in artikel 1.1.1, van de Wmo 2015;
- b.
de jongere een inburgeringsplichtige statushouder is;
- c.
de jongere heeft uiterlijk een jaar voorafgaand aan de melding:
- 1°
in een inrichting verbleven;
- 2°
opvang gehad als bedoeld in artikel 1.1.1, van de Wmo 2015; of
- 3°
bij een pleegouder of in een gezinshuis verbleven als bedoeld in artikel 2.3, zesde lid, van de Jeugdwet.
- 1°
- d.
voor de jongere gold uiterlijk binnen een jaar voorafgaand aan de melding een kinderbeschermingsmaatregel die werd uitgevoerd door een gecertificeerde instelling als bedoeld in artikel 2.4, van de Jeugdwet;
- e.
de jongere een zorgbehoefte heeft;
- f.
de jongere niet als ingezetene is ingeschreven in de basisregistratie personen of niet met een woonadres, maar met een briefadres ingeschreven is in de basisregistratie personen;
- g.
de jongere heeft uiterlijk een jaar voorafgaand aan de melding algemene bijstand ontvangen;
- h.
de jongere heeft probleemschulden, of schulden die naar het oordeel van het college probleemschulden kunnen worden, als de zoektermijn wordt toegepast.
Artikel 4. Het volgen van de vereenvoudigde aanvraagprocedure
-
1. Het college maakt gebruik van de bevoegdheid om gegevens die bij hem berusten in verband met eerdere bijstandsverlening als bedoeld in artikel 43a, eerste lid, van de Wet, te gebruiken, wanneer:
- a.
dit gebruik leidt tot een voor de belanghebbende minder belastende aanvraag;
- b.
de nieuwe aanvraag is ingediend binnen zes maanden na het eindigen van de algemene bijstand; en,
- c.
de eerdere bijstandsverlening is beëindigd vanwege werkaanvaarding;
- a.
-
2. Voorafgaand aan het gegevensgebruik gaat het college bij een belanghebbende ten minste na of er wijzigingen zijn in de volgende gegevens:
- a.
het hoofdverblijf;
- b.
de gezinssituatie; en
- c.
het inkomen en het vermogen.
- a.
-
3. Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op de aanvraagprocedure van een uitkering, bedoeld in artikel 15a, eerste lid, van de Ioaw.
Artikel 5. Het verlenen van bijstand met terugwerkende kracht
-
1. Het college is in ieder geval van oordeel dat individuele omstandigheden ertoe noodzaken bijstand toe te kennen vanaf een dag gelegen voor de dag waarop een belanghebbende zich heeft gemeld als bedoeld in artikel 44, vijfde lid, van de Wet als:
- a.
er omstandigheden zijn die rechtvaardigen, dat belanghebbende zich niet eerder heeft gemeld, zoals in een van de volgende situaties het geval kan zijn:
- 1°
de belanghebbende was niet in staat om bijstand aan te vragen;
- 2°
de belanghebbende was niet op de hoogte van de mogelijkheid om bijstand aan te vragen;
- 3°
een aanvraag voor een passende en toereikende voorliggende voorziening is afgewezen;
- 4°
een eerdere bijstandsaanvraag is buiten behandeling gesteld of afgewezen omdat de aanvrager niet tijdig alle benodigde gegevens aan het college heeft verstrekt zonder dat dit verwijtbaar was;
- 5°
de belanghebbende had onvoldoende zicht op de hoogte van zijn inkomen of vermogen, bijvoorbeeld als gevolg van een flexibel arbeidscontract, een echtscheiding, een erfenis of detentie;
- 6°
de belanghebbende heeft met terugwerkende kracht een verblijfsvergunning gekregen.
- 1°
- b.
er omstandigheden zijn die erop wijzen dat het ernstige gevolgen voor de belanghebbende heeft, als de bijstand niet wordt toegekend voorafgaand aan de melding, zoals in een van de volgende situaties het geval kan zijn:
- 1°
de belanghebbende heeft probleemschulden;
- 2°
na de melding is executoriaal beslag gelegd op de middelen van belanghebbende of is belanghebbende failliet verklaard;
- 3°
na de melding is de huur van woonruimte opgezegd, de zorgverzekering geroyeerd, of gas, licht of water afgesloten.
- 1°
- a.
-
2. Het college kent de bijstand toe vanaf de dag waarop het recht op bijstand is ontstaan. Deze dag ligt maximaal 3 maanden vóór de dag waarop de belanghebbende zich heeft gemeld.
-
3. Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op de toekenning van een uitkering, bedoeld in artikel 16a, vierde lid, van de Ioaw.
Hoofdstuk 3. SLOTBEPALINGEN
Artikel 6. Inwerkingtreding en overgangsrecht
-
1. Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na bekendmaking.
-
2. Besluiten die zijn genomen voor de datum waarop deze beleidsregel in werking is getreden, blijven in stand totdat daarover opnieuw wordt beslist.
Artikel 7. Citeertitel
Deze beleidsregel wordt aangehaald als Verzamelbeleidsregel Participatiewet in balans fase 1 Gemeente Raalte.
Ondertekening
Het college van burgemeester en wethouders,
de secretaris
Monique van Esterik
de burgmeester
Rob Zuidema
de burgemeester,
Rob Zuidema
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl