Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR758067
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR758067/1
Regeling vervalt per 01-01-2029
Beleidsregels tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek gemeente Sint-Michielsgestel 2025, 2026 en 2027
Geldend van 05-03-2026 t/m 31-12-2028 met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2025
Intitulé
Beleidsregels tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek gemeente Sint-Michielsgestel 2025, 2026 en 2027Gelet op artikel 78gg Participatiewet
Overwegende dat het college van burgemeester en wethouders (hierna het college):
- •
het wenselijk vindt om aan te geven in welke situaties en onder welke voorwaarden een huishouden een vaste tegemoetkoming kan worden verstrekt of geweigerd en
- •
daartoe beleidsregels wenst vast te stellen.
Besluit:
Vast te stellen ‘Beleidsregels tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek gemeente Sint-Michielsgestel 2025, 2026 en 2027’
Artikel 1 Begripsbepalingen
In deze beleidsregels wordt verstaan onder een:
- 1.1.
Alleenverdiener: het huishouden dat;
- a)
een inkomen heeft uit een uitkering, niet zijnde een uitkering op grond van artikel 19 Participatiewet, eventueel aangevuld met een uitkering op grond van de Participatiewet en;
- b)
vergeleken met een vergelijkbaar huishouden, waarvoor het inkomen uit enkel een uitkering op grond van artikel 19 Participatiewet bestaat, een lager bedrag aan tegemoetkomingen met toepassing van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen ontvangt, als gevolg van de verschillende afbouwpaden van de dubbele algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 37, tweede lid, Participatiewet en in artikel 8.9 van de Wet inkomstenbelasting 2001 en;
- c)
een netto-inkomen en tegemoetkomingen met toepassing van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen ontvangt dat in totaal lager ligt dan bij een vergelijkbaar huishouden waarvoor het inkomen uit een uitkering enkel bestaat uit een uitkering op grond van artikel 19 Participatiewet, vanwege hetgeen genoemd is onder sub b.
- a)
- 1.2.
Huishouden: twee personen die fiscaal partner en toeslagpartner van elkaar zijn voor het jaar waarop de tegemoetkoming betrekking heeft.
- 1.3.
Vaste tegemoetkoming: het bedrag dat over de kalenderjaren 2025, 2026 en 2027 per jaar wordt vastgesteld bij ministeriële regeling in het kader van artikel 78gg, Participatiewet.
Artikel 2 Voorwaarden en uitsluiting
De vaste tegemoetkoming op grond van deze beleidsregels kan worden verstrekt aan een huishouden dat voldoet aan de volgende voorwaarden:
-
2.1. Het huishouden voldoet aan de omschrijving zoals bedoeld in artikel 1 lid 1.1. en lid 1.2.
-
2.2. Aanvragers staan op de datum van aanvraag ingeschreven als ingezetene – niet zijnde een briefadres – in de basisregistratie personen (BRP) van de gemeente Sint-Michielsgestel.
-
2.3. Voor toepassing van deze beleidsregels wordt de vermogensgrens van de zorgtoeslag gehanteerd (met peilmoment 1 januari 00:00), zoals die geldt voor het kalenderjaar van de betreffende vaste tegemoetkoming.
-
2.4. In afwijking van artikel 2 lid 2.2. kan ook een vaste tegemoetkoming op grond van deze beleidsregels worden verstrekt aan (voormalig) gezinsleden die op het moment van aanvraag of ambtshalve beoordeling niet langer elkaars fiscaal-en toeslagenpartner zijn, maar dit wel waren over (een gedeelte van) het kalenderjaar waarover de vaste tegemoetkoming wordt beoordeeld. In dat geval wordt het uit te betalen bedrag gesplitst, waarbij iedere partner recht heeft op de helft van het bedrag dat op basis van deze beleidsregels kan worden toegekend.
-
2.5. Er wordt geen vaste tegemoetkoming verstrekt aan een huishouden of gezinsleden die voor hetzelfde kalenderjaar al via een andere gemeente of regeling een tegemoetkoming hebben ontvangen ter compensatie van de alleenverdienersproblematiek.
Artikel 3 Ambtshalve toekenning
Toekenning op basis van lijst Belastingdienst.
- 3.1.
Het college kent aan ieder huishouden waarvan voor het betreffende kalenderjaar het Burgerservicenummer van de meestverdienende partner is verstrekt aan het college op grond van artikel 78gg, vijfde lid, Participatiewet, ambtshalve de vaste tegemoetkoming voor dat kalenderjaar toe.
Artikel 4 Aanvraag
-
4.1. De aanvraag om een vaste tegemoetkoming kan vormvrij worden ingediend bij het college. Wel dienen – op verzoek – bewijsstukken te worden verstrekt voor het beoordelen van het recht op de tegemoetkoming of voor de uitbetaling daarvan.
-
4.2. Voor de (voormalige) gezinsleden die op het moment van aanvraag niet langer elkaars fiscaal- en toeslagpartner zijn zoals bedoeld in artikel 2 lid 2.4. geldt dat elke (ex-)partner afzonderlijk een aanvraag moet indienen voor het betreffende kalenderjaar.
-
4.3. Om te bepalen of het huishouden tot de doelgroep van alleenverdieners behoort, wordt het inkomen als volgt getoetst:
- •
bij een vast maandinkomen, wordt het inkomen van de meest recente maand van het jaar voorafgaand aan de datum van aanvraag omgerekend naar een verwacht jaarinkomen;
- •
bij een variabel maandinkomen worden de maandinkomens van de meest recente drie maanden voorafgaand aan de datum van aanvraag omgerekend naar een verwacht jaar inkomen.
- •
-
4.4. Als de definitieve aanslag inkomstenbelasting of definitieve beschikking voor toeslagen over het kalenderjaar waarover de vaste tegemoetkoming wordt aangevraagd al bekend is, dan gebruikt het college het belastbaar jaarinkomen waar deze aanslag of beschikking op is gebaseerd.
-
4.5. De vaste tegemoetkoming over de kalenderjaren 2025, 2026 en 2027 wordt uiterlijk 31 december 2028 aangevraagd.
Artikel 5 Toekenning en verstrekking
-
5.1. Het college kent de vaste tegemoetkoming eenmaal voor het betreffende kalenderjaar toe en voor het gehele bedrag.
-
5.2. Het college verstrekt de vaste tegemoetkoming in één keer voor het betreffende kalenderjaar en voor het gehele bedrag. De verstrekking van de tegemoetkoming voor het betreffende kalenderjaar loopt door als het huishouden uit de gemeente verhuist.
Artikel 6 Hardheidsclausule
-
6.1. Met toepassing van artikel 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht kan in bijzondere gevallen ten gunste van de belanghebbende worden afgeweken van deze beleidsregels, indien toepassing hiervan tot onbillijkheden van overwegende aard leidt.
Artikel 7 Inwerkingtreding, looptijd en citeertitel
-
7.1. Deze beleidsregels treden met terugwerkende kracht in werking met ingang van 1 januari 2025 en blijven in werking tot en met 31 december 2028.
-
7.2. Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels Tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek gemeente Sint-Michielsgestel 2025, 2026 en 2027.
Ondertekening
Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Sint-Michielsgestel op 10 februari 2026
De burgemeester,
E. Smid.
De secretaris,
P.W.M. Geurts.
Nota van toelichting
Achtergrond:
Een groep huishoudens ontvangt door een ongelukkige samenloop van wet- en regelgeving te weinig toeslagen, zoals huur- en zorgtoeslag. Dit heeft nadelige gevolgen voor het netto-inkomen van deze huishoudens. Zij ontvangen een netto-inkomen dat lager is dan een vergelijkbaar (echt)paar met bijstand en maximale toeslagen. Daarmee komen zij netto uit onder het bestaansminimum. Deze omstandigheden noemen we de alleenverdienersproblematiek.
Deze problematiek ontstond in 2009 toen de overdraagbaarheid van de Algemene Heffingskorting gefaseerd werd afgebouwd (volledige afbouw in 2023), en daarbij een andere afbouw volgde dan de bijstandsuitkering (volledige afbouw in 2039). Het wegnemen van deze ongewenste situatie wordt in 3 fasen gecorrigeerd waarbij het rijk gemeenten heeft verzocht hierbij te ondersteunen.
Fase 1: Gemeenten helpen het rijk in 2023 en 2024 met een oplossing via individuele bijzondere bijstand. Hiervoor is een handelingsperspectief geboden.
Fase 2: Gemeenten helpen het rijk in 2025, 2026 en 2027 met (de uitvoering van) de Wet tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek.
Fase 3: Vanaf 2028 is door de Belastingdienst een definitieve oplossing voorzien via de fiscaliteit (deinkomstenbelasting).
De beleidsregels die nu voorliggen hebben betrekking op fase 2, de Wet tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek (Wtrap). Deze tijdelijke wet is op 1 januari 2025 in werking getreden. De wet is een aparte regeling binnen de Participatiewet en biedt de wettelijke grondslag om de bij de Belastingdienst bekende huishoudens met alleenverdienersproblematiek over de jaren 2025, 2026 en 2027 ambtshalve een vaste tegemoetkoming te betalen. De vaste tegemoetkoming wordt jaarlijks bij ministeriële regeling vastgesteld door de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Voor het kalenderjaar 2025 is de tegemoetkoming vastgesteld op € 1.000, - per huishouden.
Artikelsgewijze toelichting
Artikel 1 – Begripsbepalingen
In dit artikel zijn de kernbegrippen gedefinieerd die nodig zijn voor een eenduidige uitleg en toepassing van de regeling.
Artikel 2 – Voorwaarden en uitsluiting
Hier worden de voorwaarden gespecificeerd waaraan een huishouden moet voldoen om in aanmerking te komen en het uitsluiten van de mogelijkheid van dubbele compensatie. Daarnaast is voorzien in een regeling voor ex-partners die in het betreffende kalenderjaar nog elkaars fiscaal- en toeslagpartner waren.
Artikel 3 – Ambtshalve toekenning
In dit artikel wordt geregeld dat de gemeente de tegemoetkoming automatisch toekent aan huishoudens waarvan het Burgerservicenummer van de meestverdienende partner is verstrekt. Dit betekent dat huishoudens die voldoen aan de voorwaarden, geen aanvraag hoeven in te dienen. Dit maakt de regeling eenvoudiger en toegankelijker voor degenen die er recht op hebben.
Artikel 4 – Aanvraag
Dit artikel regelt dat het huishoudens op eigen initiatief of op uitnodiging een aanvraag voor de vaste tegemoetkoming indient.
De uitnodiging is bedoeld voor huishoudens waarvan het Burgerservicenummer van de meestverdienende partner niet is verstrekt op grond van artikel 78gg, vijfde lid, van de Participatiewet. Hierdoor is het huishouden niet automatisch meegenomen in de ambtshalve beoordeling. Als het college op basis van beschikbare gegevens vermoedt dat het huishouden recht heeft op de tegemoetkoming, en de meestverdienende partner staat ingeschreven in de gemeente, dan wordt het huishouden uitgenodigd om alsnog een aanvraag in te dienen.
Ook hebben huishoudens die geen ambtshalve tegemoetkoming ontvangen de mogelijkheid om zelf een aanvraag in te dienen. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn als de gegevens van de meestverdienende partner niet bekend zijn bij de gemeente. De aanvraag is vormvrij.
Artikel 5 – Toekenning en verstrekking
Dit artikel beschrijft dat de tegemoetkoming per kalenderjaar in één keer wordt toegekend en verstrekt voor het gehele bedrag, ook bij verhuizing in het betreffende kalenderjaar.
Artikel 6 – Hardheidsclausule
Dit artikel spreekt voor zich.
Artikel 7 – Inwerkingtreding, looptijd en citeertitel
Dit artikel spreekt voor zich.
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl