Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR758009
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR758009/2
Beleidsregels Jeugdhulp gemeente Barendrecht 2026
Geldend van 14-04-2026 t/m heden
Intitulé
Beleidsregels Jeugdhulp gemeente Barendrecht 2026Het college van burgemeester en wethouders van Barendrecht
gelet op artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht en de Verordening op de Jeugdhulp Barendrecht 2026,
besluit:
vast te stellen de navolgende Beleidsregels Jeugdhulp Barendrecht 2026.
1. Afwegingskader Jeugdhulp
Wanneer jeugdigen en ouders vragen hebben of ondersteuning nodig hebben als het gaat om opgroeien en opvoeden, kunnen zij terecht bij het wijkteam. In de Jeugdwet is dit in artikel 2.3 als volgt verwoord:
- 1.
Indien naar het oordeel van het college een jeugdige of een ouder jeugdhulp nodig heeft in verband met opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen en voor zover de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen ontoereikend zijn, treft het college ten behoeve van de jeugdige die zijn woonplaats heeft binnen zijn gemeente, voorzieningen op het gebied van jeugdhulp en waarborgt het college een deskundige toeleiding naar, advisering over, bepaling van en het inzetten van de aangewezen voorziening, waardoor de jeugdige in staat wordt gesteld:
- a.
gezond en veilig op te groeien;
- b.
te groeien naar zelfstandigheid, en
- c.
voldoende zelfredzaam te zijn en maatschappelijk te participeren, rekening houdend met zijn leeftijd en ontwikkelingsniveau.
- a.
-
De Jeugdwet kent een jeugdhulpplicht voor gemeenten. Hierin staat maatwerk centraal; op individueel niveau wordt vastgesteld of en zo ja welke ondersteuning nodig is. In dit hoofdstuk wordt beschreven welk afwegingskader wordt gehanteerd voor jeugdhulp.
1.1 Algemeen afwegingskader
Leidend in het bepalen of er sprake is van een jeugdhulpvraag zijn de eerste vier stappen zoals bepaald door de Centrale Raad van Beroep:
- ▪
Wat is de hulpvraag?
- ▪
Is er sprake van opgroei- en opvoedingsproblemen en/of stoornissen en zo ja, wat zijn deze?
- ▪
Welke ondersteuning is nodig?
- ▪
In hoeverre zijn de eigen mogelijkheden van de ouders en/of het sociale netwerk toereikend om zelf hulp te bieden?
Voor het beoordelen van de eigen mogelijkheden van ouders moeten een aantal factoren worden onderzocht. Slechts voor zover die mogelijkheden ontoereikend zijn dient het college een voorziening van jeugdhulp te treffen.
1.1.1. Normaliseren
In het onderzoek staat centraal wat de oorzaak achter de vraag is. Het uitgangspunt is om zo veel als mogelijk te normaliseren. Dit wil zeggen dat gekeken wordt welke hulpvragen en problemen ‘normaal’ zijn. Voor normaliseren geldt:
- ▪
Kwetsbaarheid, problemen en ‘gedoe’ horen bij het leven. Jeugdhulp is bedoeld voor hulpvragen die de oorzaak hebben in gedrags- of opvoedproblematiek, psychische problemen of stoornissen en die niet behoren tot de ontwikkelingsfase waarin de jeugdige zich bevindt. Kinderen opvoeden kost tijd en energie. Dat geldt voor alle kinderen en daarbij verschilt het per kind hoeveel tijd en energie dit kost.
- ▪
Het is normaal dat kinderen soms lastig en afwijkend gedrag vertonen.
- ▪
Het uitgangspunt is de acceptatie van de jeugdhulpvraag te vergroten of de beperking door ouders te verkleinen, door het versterken van opvoedvaardigheden en de kennis over opvoeden.
- ▪
Er wordt rekening gehouden met de context. Dit betekent dat het gezinssysteem onderdeel is van de beoordeling van de hulpvraag en er naar de omgeving van de ouders en jeugdige wordt gekeken.
Als het gaat om de inzet van een individuele voorziening gelden de volgende uitgangspunten rondom normaliseren:
- ▪
Ouders zijn zelf verantwoordelijk voor de inzet van algemene en andere voorzieningen die bijdragen aan een positieve ontwikkeling van kinderen. Dit geldt ook voor kinderen met een jeugdhulpvraag.
- ▪
De Jeugdwet is bedoeld om de ontwikkeling van kinderen te bevorderen waar deze in gevaar komt en niet voor de bevordering van de algemene ontwikkeling die elke jeugdige doormaakt.
- ▪
Begeleiding wordt in principe alleen ondersteunend aan of volgend op een behandeling ingezet. De behandelcomponent kan onderdeel zijn van de begeleiding. Uitzondering hierop zijn hulpvragen waarvoor geen behandeling mogelijk is en begeleiding de meest adequate oplossing is voor de jeugdige.
De ontwikkelingsleeftijd van kinderen is verbonden aan bepaalde opgaven in de opvoeding. Er wordt een onderscheid gemaakt in ‘normale’ problemen die behoren bij de levensfase en ernstige problemen. De ontwikkelingsleeftijd van een jeugdige kan variëren door een aandoening of stoornis. Dit betekent dat wanneer een jeugdige op een jongere ontwikkelingsleeftijd functioneert door een aandoening of stoornis de ‘normale’ problemen van die ontwikkelingsleeftijd ook als gewoon worden beschouwd, ondanks een hogere kalenderleeftijd.
1.2 Eigen verantwoordelijkheid en probleemoplossend vermogen
Van ouders wordt in ieder geval verwacht dat zij de benodigde ondersteuning bieden die horen bij de opvoedingsopgaven en/of normale uitdagingen zoals omschreven door het Nederlands Jeugdinstituut in de uitgave ‘Opgroeien en opvoeden’. En indien er een aanvullende verzekering is afgesloten deze aanspreken wanneer deze vergoeding biedt voor de gevraagde hulp. Voor deze ondersteuning kan in principe nooit jeugdhulp worden ingezet.
Uitgangspunt is daarnaast dat ouders allereerst zelf verantwoordelijk zijn voor de hulp en ondersteuning aan hun kind(eren), ook wanneer deze meer nodig heeft aan hulp en ondersteuning dan gemiddeld door een beperking of stoornis.
Jeugdhulp is alleen mogelijk wanneer ouders niet alle hulp en ondersteuning kunnen bieden en het netwerk en andere voorzieningen onvoldoende helpen om de hulpvraag te beantwoorden. Of wanneer de jeugdige specialistische zorg nodig heeft.
Indien ouders niet alle hulp en ondersteuning zelf kunnen bieden, wordt onderzocht in hoeverre zij wel meer zouden kunnen doen wanneer zij nieuwe vaardigheden leren, eigen problematiek aanpakken of werk anders inrichten.
In de beoordeling van de eigen mogelijkheden en probleemoplossend vermogen wordt de (over)belasting van ouders altijd meegewogen. Wanneer de hulp en ondersteuning tot overbelasting kan leiden, is het soms noodzakelijk om (tijdelijk) jeugdhulp in te zetten ter ontlasting van ouders en om te zorgen dat ze de overige zorg volhouden. Ook kan opvoedondersteuning nodig zijn om ouders meer vaardigheden aan te leren in relatie tot de problematiek van hun kind, waardoor zij zich minder belast voelen in de dagelijkse opvoeding.
1.2.1 Onvoldoende eigen mogelijkheden en probleemoplossend vermogen
Het kan zijn dat het ouders op het moment van onderzoek niet lukt om alle hulp zelf te bieden. Het kan zijn door overbelasting (niet samenhangend met de zorg aan het kind), door werk, door gebrek aan vaardigheden, door eigen problematiek, etc.
Wat hebben ouders nodig om het wel te kunnen, of om meer te kunnen bieden?
Hierin wordt in ieder geval verwacht van ouders dat zij, waar mogelijk;
- ▪
Oorzaken van overbelasting wegnemen
- ▪
Zorgverlof en andere soorten verlof inzetten
- ▪
Werktijden en aantal werkuren per week aanpassen, indien mogelijk
- ▪
Trainingen of cursussen volgen om opvoedvaardigheden, in relatie tot de problematiek, te vergroten
- ▪
Gebruik maken van opvangmogelijkheden van de Wet kinderopvang
- ▪
Hun sociale netwerk inzetten en proberen te vergroten indien nodig
- ▪
Hun kind voltijds onderwijs laten volgen en ook op aansturen bij school
- ▪
Werken aan het verminderen van eigen problematiek door gebruik te maken van algemene voorzieningen, preventief aanbod of voorzieningen uit de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (hierna: Wmo 2015), en/of zorgverzekeringswet
Als de oorzaak van de hulpvraag is gelegen in problematiek bij de ouder, bijv. vanwege lichamelijke handicap, psychosociale problematiek of financiële problematiek, dan hoort de ondersteuning van de ouder onder andere wetgeving of algemene voorzieningen, ook als de jeugdige een handicap heeft.
Specialistische opvang van een jeugdige kan wel jeugdhulp zijn wanneer er sprake is van problematiek die ervoor zorgt dat er geen reguliere opvangplek mogelijk is en ouders (en netwerk) al hun opties hebben onderzocht en benut, maar dit nog onvoldoende oplossing biedt. Reguliere opvang is vaak niet mogelijk wanneer een jeugdige specialistische (1-op-1) begeleiding vraagt door gedrag, een beperking of stoornis. In die gevallen kan er aanvullend jeugdhulp nodig zijn op een reguliere opvang, of volledig specialistische opvang.
Op het moment dat ouders aangeven overbelast te zijn, of wanneer er op basis van het onderzoek twijfel is over de draagkracht en belastbaarheid van ouders, wordt de belastbaarheid gemeten via een gevalideerd instrument, of wordt een deskundige geraadpleegd die in staat is om de belastbaarheid te beoordelen (onafhankelijk medisch advies).
Voorbeelden van gevalideerde meetinstrumenten zijn: OBVL (opvoedbelasting vragenlijst), CSI (Caregiver Strain Index), EDIZ (Ervaren Druk Informele Zorg), etc.
Het wordt niet van ouders verwacht dat zij alle zorg en ondersteuning alleen bieden wanneer een jeugdige aangewezen is op 24 uur toezicht en hulp, maar (nog) geen aanspraak kan maken op de Wet langdurige zorg (hierna: Wlz). Indien er onvoldoende netwerk of overige voorzieningen beschikbaar zijn, dan kan het inzetten van jeugdhulp een oplossing zijn om overbelasting van ouders te voorkomen.
1.3 Systeemproblematiek
Bij ouder-/ systeemproblematiek geldt:
- ▪
Voor de problematiek van de ouders wordt hulp vanuit de Zorgverzekeringswet (hierna: Zvw) ingezet (GGZ), vanuit rechtsbijstand (bijv. bij mediation) of vanuit een algemene voorziening en niet vanuit de Jeugdwet.
- ▪
Voor de problematiek die de jeugdige als gevolg van het ouder-/ systeemproblematiek ondervindt, wordt jeugdhulp ingezet.
- ▪
Om de hulp die wordt aangeboden vanuit de Jeugdwet effectief te laten zijn wordt de problematiek van de ouders en het systeem in samenhang behandeld.
- ▪
Als de jeugdhulpvraag samenhangt met ouderproblematiek is het een voorwaarde om het jeugdhulptraject in te zetten dat ook de ouder-/ systeemproblematiek wordt behandeld. Uitzondering hierop is als de veiligheid van de jeugdige in het geding komt.
- ▪
De jeugdhulpaanbieder heeft de verantwoordelijkheid om bij ouder-/ systeemproblematiek het lokale team of de huisarts te betrekken (met toestemming van de jeugdige en ouders), zodat de juiste hulp kan worden ingezet.
2. Voorliggende en andere voorzieningen
Een voorliggende voorziening is een voorziening waar jeugdige en ouders een beroep op kunnen doen, waardoor geen of in mindere mate ondersteuning vanuit de Jeugdwet nodig is. Bij voorliggende voorzieningen voor de Jeugdwet valt te denken aan algemene voorzieningen, de Wlz, Zvw en Passend Onderwijs. Onderstaand is toegelicht wanneer welke voorziening van toepassing is.
2.1. Algemene voorzieningen
Een algemene voorziening is een voorziening die toegankelijk is voor iedereen, zonder toegangstoets of op basis van een beperkte toegangstoets. Algemene voorzieningen zijn voorliggend op een individuele voorziening vanuit de Jeugdwet. Dit betekent dat bij een aanvraag eerst beoordeeld wordt in hoeverre een algemene voorziening beschikbaar is. Indien nodig kan er aanvullend een individuele voorziening worden ingezet voor dat deel van de ondersteuning waar geen algemene voorziening beschikbaar voor is.
2.1.1 Preventie
Een belangrijk doel van de Jeugdwet is het voorkomen van problemen en door vroegtijdige inzet van hulp zwaardere vormen van jeugdhulp te voorkomen. Het versterken van de veerkracht/samenredzaamheid van de samenleving, zodat mensen verantwoordelijkheid kunnen nemen voor hun eigen welzijn en dat van anderen.
Preventie richt zich op jeugdigen en ouders met een verhoogd risico op ontwikkelingsachterstand of uitval. Preventie valt onder de algemene voorzieningen en is daarmee voorliggend op een individuele voorziening uit de Jeugdwet.
2.1.2 Algemeen gebruikelijke voorzieningen
Een algemeen gebruikelijke voorziening is voorliggend aan een individuele voorziening en voldoet aan de volgende criteria. De voorziening:
- ▪
is niet speciaal bedoeld voor personen met een beperking;
- ▪
is verkrijgbaar in de reguliere handel;
- ▪
levert een passende bijdrage aan het realiseren van een situatie waarin de jeugdige in staat is tot het gezond opgroeien en zelfredzaamheid;
- ▪
kan financieel gedragen kan worden met een inkomen op minimumniveau op grond van algemeen aanvaarde maatschappelijke opvattingen.
Onder algemeen gebruikelijke voorzieningen hoort ook het algemeen gebruikelijk onderhoud. Dit zijn situaties waarbij de kosten voor onderhoud en reparatie als gangbaar kunnen worden beschouwd en horen bij het gebruik van deze voorzieningen.
2.2 Wet langdurige zorg
De Wlz is voorliggend op de Jeugdwet. Dit betekent dat wanneer iemand toegang heeft tot deze wet, de benodigde zorg en ondersteuning ook vanuit deze wet betaald wordt.
Er wordt geen voorziening vanuit de Jeugdwet ingezet:
- ▪
wanneer een jeugdige een Wlz-indicatie heeft of er redenen zijn om aan te nemen dat de jeugdige deze indicatie zou kunnen krijgen;
- ▪
als jeugdige en ouders weigeren mee te werken aan het verkrijgen van een indicatiebesluit voor de Wlz, terwijl er wel redenen zijn om aan te nemen dat de jeugdige deze zou kunnen krijgen.
Het kan zo zijn dat tegelijkertijd vanuit de Wlz en Jeugdwet zorg wordt ingezet. Dit is het geval bij zorg die onder de Jeugdwet valt en niet onder de Wlz, zoals psychische zorg of pleegzorg.
Waar nodig wordt in afwachting van het besluit vanuit de Wlz, jeugdhulp geboden tot het moment dat er een besluit is genomen.
De Jeugdwet en de Wlz verschillen op de volgende punten:
- ▪
De Jeugdwet biedt zorg en ondersteuning aan de jeugdige zelf, maar ook aan het systeem van de jeugdige. De Wlz gaat niet uit van een herstelgedachte ten opzichte van de Jeugdwet.
- ▪
De Wlz is bedoeld om jeugdigen (en volwassenen) met een blijvende beperking zorg te bieden. Om toegang te krijgen tot een Wlz-voorziening worden twee toetsingscriteria gehanteerd: ontwikkelperspectief en 24-uurs zorg.
- ▪
Omdat de Jeugdwet een leeftijdsrestrictie bevat, is er per definitie sprake van tijdelijke zorg. Anders dan de Jeugdwet biedt de Wlz levenslange en levensbrede zorg.
De toegangscriteria voor Wlz zijn opgenomen in de Wlz en beleidsregels indicatiestelling Wlz. Ook jeugdigen onder de 8 jaar kunnen toegang krijgen tot de Wlz. Het CIZ toetst op het criterium ‘gebruikelijke zorg’, hierbij speelt de leeftijd van de jeugdige een rol.
Wanneer een jeugdige een Wlz-indicatie heeft, blijft de behandeling van een psychische stoornis onder de Jeugdwet vallen. Uitzondering is wanneer de jeugdige verblijf en behandeling van dezelfde instelling ontvangt en de behandeling van de psychische stoornis niet los is te zien van de Wlz behandeling. Alleen in dat geval valt de behandeling van de psychische stoornis onder de Wlz.
Bij verblijf zonder behandeling, volledig pakket thuis, modulair pakket thuis en persoonsgebonden budget valt de behandeling van de psychische stoornis onder de Jeugdwet.
2.3 Zorgverzekeringswet
De Zvw is voorliggend op de Jeugdwet. De Zvw wordt uitgevoerd door zorgverzekeraars en regelt medische zorg die gericht is op genezing en behandeling, thuisverpleging/wijkverpleging en kortdurende GGZ.
Voor de Zvw geldt dat:
- ▪
Alle verzorging die samenhangt met geneeskundige zorg of een hoog risico daarop valt onder de Zvw. Dus, ook de verzorging van kinderen die noodzakelijk is door een gezondheidsprobleem of verpleegkundige verzorging in de eigen omgeving.
- ▪
Een aanvullende zorgverzekering is voorliggend op de Jeugdwet.
- ▪
Voor verzorging geldt:
- o
Begeleidende verzorging is Jeugdwet.
- o
Geneeskundige verzorging en verpleging is Zvw. Het accent bij deze zorgverlening ligt op de medische zorg.
- o
Palliatief terminale zorg is Zvw.
- o
- ▪
Voor gespecialiseerde behandeling geldt:
- o
Bij een verstandelijke beperking valt behandeling onder de Jeugdwet.
- o
Bij een lichamelijke ziekte of lichamelijke beperking valt behandeling meestal onder de Zvw.
- o
Bij een zintuiglijke handicap valt de behandeling onder de Zvw.
- o
Bij psychiatrische problemen valt behandeling onder de Jeugdwet.
- o
- ▪
Het is mogelijk dat jeugdigen tegelijkertijd hulp ontvangen vanuit de Jeugdwet en de Zvw.
- ▪
Indien de jeugdige problemen ervaart als gevolg van ouderproblematiek, wordt naast hulp aan de jeugdige vanuit de Jeugdwet, ook hulp ingezet voor de ouders vanuit de Zvw (bijvoorbeeld in geval van GGZ of verslavingsproblematiek).
2.4 Passend onderwijs
Passend onderwijs is in Nederland ingevoerd om ervoor te zorgen dat alle kinderen een passende plek in het onderwijs krijgen, ook als zij extra ondersteuning nodig hebben. Deze plicht geldt voor het primair en voortgezet onderwijs. De zorgplicht van scholen houdt in dat scholen verantwoordelijk zijn voor het bieden van een passende onderwijsplek aan elke leerling, ook als die extra ondersteuning nodig heeft. Deze verplichting geldt zowel voor leerlingen die al op school zitten als voor nieuw aangemelde leerlingen.
Specialistische jeugdhulp tijdens het onderwijs is in sommige gevallen noodzakelijk om daarmee ook het risico op uitval van school te voorkomen door de jeugdhulpproblematiek die aanwezig is. De jeugdhulp is dan alleen gericht op de doelen die onder de jeugdwet vallen en die tot deze uitval zouden kunnen leiden. Doel van de inzet vanuit school, en de eventuele aanvullende jeugdhulp die nodig is, is om te zorgen dat kinderen en jongeren niet uitvallen van school en zoveel mogelijk op elkaar aansluiten.
2.4.1 Algemeen
Om te bepalen of er jeugdhulp noodzakelijk is op school is er in alle gevallen eerst een Ontwikkelperspectief Plan (hierna: OPP) nodig. Deze wordt door school opgesteld en ouders moeten akkoord gaan met het handelingsdeel uit het OPP.
School is verplicht om bij elke leerling een OPP op te stellen wanneer er extra ondersteuning nodig is, ook in het regulier onderwijs. In dit OPP moet minimaal opgenomen zijn:
- ▪
de verwachte uitstroombestemming van de leerling;
- ▪
de onderbouwing van de verwachte uitstroombestemming van de leerling (met in elk geval een weergave van de belemmerende en bevorderende factoren);
- ▪
een beschrijving van de te bieden ondersteuning en begeleiding en - indien aan de orde - de afwijkingen van het (reguliere) onderwijsprogramma (handelingsdeel).
Zonder OPP kan er geen jeugdhulp worden ingezet op school, omdat de ondersteuningsbehoefte op school dan niet beoordeeld kan worden.
Op basis van de gestelde resultaten uit het OPP en de benodigde ondersteuning kan worden bepaald of er ook resultaten zijn die gaan over jeugdhulp en niet over het volgen van onderwijs.
Het kan zijn dat doelen tweeledig zijn en alleen deels onder de Jeugdwet vallen. Dan wordt alleen voor dat deel jeugdhulp ingezet.
2.4.2 Vrijstelling
Bij een aanvraag voor jeugdhulp voor een jeugdige die (tijdelijk) niet naar school gaat, moet er sprake zijn van vrijstelling of de aanvraag hiervoor loopt. Zonder vrijstelling, of zonder dat deze in aanvraag is, is er sprake van ongeoorloofd verzuim. Het is dan in de eerste plaats belangrijk dat leerplicht betrokken is/wordt om met ouders in gesprek te gaan over het weer volgen van onderwijs en wat daarvoor nodig is. Indien nodig of gewenst kan het lokale team, met toestemming van ouders, hierbij aansluiten om mee te denken. Het lokale team beoordeelt in hoeverre de jeugdige jeugdhulp nodig heeft omdat de oorzaak van het niet (volledig) kunnen volgen van onderwijs komt door specifieke problematiek die onder de jeugdwet valt. Voor dat deel wordt jeugdhulp ingezet.
School moet beoordelen welke vorm van onderwijs kan worden geboden. Opvang op zichzelf, omdat een leerling niet volledig naar school kan is geen jeugdhulp.
2.5 Wet maatschappelijke ondersteuning
Hulpmiddelen voor jeugdigen, zoals woningaanpassingen of rolstoelen, worden vanuit de Wmo verstrekt. Wanneer een jeugdige naast een hulpvraag voor jeugdhulp ook een hulpmiddel nodig heeft, betrekt het lokale team de klantmanager Wmo voor beoordeling van dat deel van de hulpvraag.
Daarnaast wordt de klantmanager Wmo ook betrokken door het lokale team wanneer er bij ouders sprake is van een hulpvraag die valt onder de Wmo.
Wanneer de begeleiding van een jeugdige na het achttiende jaar voortgezet moet worden onder de Wet maatschappelijke ondersteuning zorgt het lokale team ervoor dat de klantmanager Wmo tijdig wordt betrokken voor een overdracht. Indien het lokale team niet betrokken is, doordat jeugdige jeugdhulp ontvangt op basis van een medische verwijzing, zorgt de betrokken jeugdhulpaanbieder voor een tijdige overdracht. Zie verder hoofdstuk 5 van deze beleidsregels.
3. Toelichting vormen van jeugdhulp
Van veel voorzieningen is in de (landelijke) regelgeving of richtlijnen duidelijk welke criteria gelden. Vervoer jeugd vraagt om een nadere toelichting als het gaat om het afwegingskader. In dit hoofdstuk zijn deze afwegingskaders beschreven.
3.1 Criteria vervoer
In artikel 2.3, tweede lid van de Jeugdwet is beschreven wanneer vervoer onder jeugdhulp valt:
“Voorzieningen op het gebied van jeugdhulp omvatten voor zover naar het oordeel van het college noodzakelijk in verband met een medische noodzaak of beperkingen in de zelfredzaamheid, het vervoer van een jeugdige van en naar de locatie waar de jeugdhulp wordt geboden.”
Als de jeugdige is aangewezen op jeugdhulp zorgen ouders in beginsel voor het vervoer van en naar de jeugdhulpaanbieder. Hierbij wordt ook gekeken naar de mogelijkheden om gebruik te maken van het openbaar vervoer. Van ouders wordt verwacht dat zij hun kind zelf vervoeren.
In geval van een medische noodzaak of beperking in de zelfredzaamheid van de jeugdige kan er een vervoersvoorziening worden toegekend. Er wordt gekozen voor het goedkoopst adequate vervoer. Dat wil zeggen dat wanneer zowel individueel als groepsvervoer passend is, er wordt gekozen voor het goedkopere groepsvervoer.
Van medische noodzaak is sprake wanneer een jeugdige door zijn psychische, lichamelijke, verstandelijke of zintuigelijke beperking niet in staat is om (eventueel onder begeleiding van een volwassene) gebruik te maken van het openbaar vervoer.
Van beperkingen in de zelfredzaamheid is sprake wanneer:
- •
De leeftijd van de jeugdige het niet toelaat zelfstandig te reizen met het OV en nadat is aangetoond dat ouders of andere personen in de naaste omgeving niet in staat kunnen worden geacht om zorg te dragen voor de begeleiding en het vervoer.
- •
Er sprake is van ernstige gedragsproblemen welke reizen in het OV of eigen vervoer onmogelijk maken; of er andere redenen van niet-medische aard zijn die het zelfstandig of onder begeleiding reizen in het OV of eigen vervoer onmogelijk maken.
- •
Er wel de mogelijkheid is zelfstandig van het vervoer gebruik te maken, maar er geen financiële draagkracht is, ook niet na beroep op andere voorliggende wetgeving.
3.1.2 Afwegingskader vervoer
Om voor vervoer van en naar de jeugdhulplocatie in aanmerking te komen:
- •
Heeft een jeugdige een indicatie voor een individuele voorziening jeugdhulp; en
- •
Is sprake van een medische noodzaak dan wel een beperking in de zelfredzaamheid; en
- •
Is het niet mogelijk om op eigen kracht het vervoer te organiseren. Voor de eigen kracht geldt dat ouders hierin een rol hebben en dat hierbij het OV voorliggend is.
Voor ouders met een minimuminkomen, waardoor reiskosten niet betaald kunnen worden, is de participatiewet voorliggend; en
- •
Is er geen andere regeling/voorziening waarvan de jeugdige gebruik kan maken voor het vervoer naar de jeugdhulpvoorziening; en
- •
Bedraagt de afstand van de verblijfsplaats van de jeugdige tot de jeugdhulpvoorziening meer dan 6 kilometer. Bij een reisafstand binnen 6 kilometer wordt van ouders wordt verwacht dat zij dit zelf regelen, tenzij er zwaarwegende factoren zijn om hier vanaf te wijken; en
- •
Vervoer dat onder de Zvw of Wlz valt wordt niet verzorgd vanuit de Jeugdwet.
Ander vervoer van jeugdigen dan naar de jeugdhulpaanbieder (bijvoorbeeld sociaal recreatief vervoer) valt onder gebruikelijke zorg en eigen kracht. Als dit niet toereikend is dan kan dat vervoer onder de Wmo 2015 vallen, als deze sociale contacten noodzakelijk zijn en het eigen netwerk geen mogelijkheden biedt.
3.1.3 Pgb en vervoer
Er kan geen Pgb voor formeel vervoer worden toegekend. Wanneer de jeugdige in verband met zijn problematiek moet worden begeleid tijdens het vervoer, wordt in eerste instantie van ouders verwacht dat zij zelf, of iemand uit hun netwerk, deze begeleiding bieden. De eigen mogelijkheden en probleemoplossend vermogen van ouders en jeugdige worden conform artikel 5.2 uit de verordening Jeugdhulp en artikel 1.2 en 1.2.1 van deze beleidsregels beoordeeld. Alleen op hoge uitzondering kan een Pgb begeleiding worden toegekend. Dit geldt alleen op het moment dat het kind meereist. Voor een ‘lege’ terugreis wordt geen Pgb verstrekt.
4. Het persoonsgebonden budget
Op basis van de Jeugdwet kan een individuele voorziening worden ingezet in de vorm van door de gemeente gecontracteerd aanbod (zorg in natura) of een persoonsgebonden budget (Pgb). Een besluit voor een Pgb wordt genomen met behulp van het zorg- en budgetplan. Het zorg- en budgetplan is een aanvulling op het onderzoeksrapport. Om voor een Pgb in aanmerking te komen, moet worden voldaan aan het motiveringsvereiste en de gestelde kwaliteitscriteria. Zie hiervoor onder andere artikel 8.1.1 van de Jeugdwet en artikel 7.5 van de verordening. Bij toekenning van een pgb wordt rekening gehouden met diensten en tarieven uit bijlage 1 en 2.
4.1 Motiveren Pgb
De formulering van het eerste lid van artikel 8.1.1 van de Jeugdwet geeft aan dat het uitgangspunt is dat de jeugdige en zijn ouders een voorziening ‘in natura’ krijgen. Ouders en jeugdigen die een Pgb wensen te ontvangen moeten dit motiveren. De motivering is samen met de bekwaamheid en kwaliteit onderdeel van het zorg- en budgetplan. Voor de motivering geldt dat:
- •
Uit de motivering moet blijken dat de ouders en jeugdige zich voldoende hebben georiënteerd op de voorziening in natura. Dit kan blijken uit het gesprek met de jeugdige en ouders en de gemandateerd professional waarin de Pgb aanvraag wordt besproken.
- •
Gemotiveerd moet worden waarom het aanbod in natura niet passend is.
- •
De motiveringseis houdt niet in dat het college moet beoordelen of de aangeboden individuele voorziening in natura al dan niet passend is.
- •
Voorbeelden van een motivering zijn:
- o
jeugdhulp die op ongebruikelijke tijden of op veel korte momenten per dag geboden moet worden;
- o
jeugdhulp die op verschillende locaties moet worden geleverd;
- o
het is noodzakelijk om 24 uur jeugdhulp op afroep te organiseren.
- o
4.2 Kwaliteitscriteria Pgb
De keuze voor een Pgb brengt ook verantwoordelijkheden met zich mee. Het gaat dan onder meer om het aansturen van de hulp (regievoering) en het beheer van het budget. De Pgb-beheerder moet voldoen aan een aantal kwaliteitscriteria, zoals beschreven in artikel 7.4 van de verordening, om in aanmerking te komen voor een Pgb.
4.2.1 Bekwaamheid Pgb-beheerder
De jeugdige en/of ouders moeten in staat zijn het Pgb te beheren. Het beheer kenmerkt zich door het voeren van regie. Dit houdt in dat de beheerder beschikt over de volgende vaardigheden:
- •
Een goed overzicht van de eigen situatie houden. De Pgb-beheerder weet welke zorg nodig is en kan deze beschrijven.
- •
Weten welke regels er horen bij een Pgb of weten waar deze te vinden zijn. Het helpt als de Pgb-beheerder digitaal vaardig is.
- •
Een overzichtelijke Pgb-administratie bijhouden. Onderdeel hiervan is dat de Pgb-beheerder weet welk deel van het Pgb uitgegeven is. Een overzichtelijke Pgb-administratie is niet alleen belangrijk voor de beheerder, maar de administratie kan ook nodig zijn als de gemeente daarom vraagt.
- •
Communiceren met de gemeente, zorgverzekeraar of zorgkantoor, de SVB en zorgverleners. De beheerder moet zelfstandig en zelfverzekerd kunnen communiceren met andere partijen. Als er iets verandert, moet de beheerder dat zelf aangeven. Uit de verantwoordelijkheid vloeit ook voort dat de Pgb-beheerder verantwoordelijk is voor het tijdig aanvragen van verlengingen, wijzigingen of de overgang naar andere wetgeving. De Pgb-beheerder is bijvoorbeeld verantwoordelijk om tijdig actie te ondernemen op het moment dat de hulp nog nodig is na het 18e levensjaar.
- •
Zelfstandig handelen en zelf voor zorgverleners kiezen. De Pgb-beheerder moet zelf zorgverleners uitzoeken en afspraken maken over de zorg die ze gaan geven. Onderdeel hiervan zijn het uurtarief en de ureninzet.
- •
Zelf afspraken maken en deze afspraken bijhouden. De Pgb-beheerder moet tussendoor controleren of alles volgens afspraak verloopt. Ook moet de beheerder kunnen laten zien dat de zorg wordt ingekocht waarvoor het budget is ontvangen.
- •
Beoordelen of de zorg uit het Pgb passend is en of de kwaliteit van de zorg in orde is. Als de zorg niet goed is, kan de Pgb-beheerder uitleggen waarom. Als de zorg niet volgens afspraak verloopt, moet de beheerder zelf kunnen ingrijpen.
- •
Zelf de zorg regelen met 1 of meer zorgverleners en zorg dragen voor de kwaliteit en continuïteit (bijvoorbeeld bij ziekte van de zorgverlener).
- •
Zorgverleners aansturen en aanspreken. De beheerder is de werkgever/opdrachtgever van de zorgverlener.
- •
De beheerder weet wat te doen als werkgever/opdrachtgever van een zorgverlener. Het is niet erg als de beheerder sommige regels over hoe een werkgever/opdrachtgever moet handelen niet kent, maar de beheerder moet de informatie daarover wel zelf kunnen vinden.
Als de jeugdige en/of ouders zelf niet beschikken over de benodigde vaardigheden om het Pgb te beheren, kan in een aantal situaties toch een Pgb worden verstrekt. Zo kan bijvoorbeeld iemand uit het netwerk of een wettelijk vertegenwoordiger deze rol op zich nemen. Ook kan het zo zijn dat ouders worden gecompenseerd of ondersteund om te beschikken over de vaardigheden. In deze gevallen beoordeelt het team op basis van de individuele situatie of een Pgb toegekend kan worden. Daarbij zijn naast de hierboven genoemde vereisten ook de volgende criteria van belang:
- •
Er mag geen sprake zijn van een onwenselijke vermenging van rollen, daarmee wordt bedoeld dat het beheer en de uitvoering van het Pgb door dezelfde persoon worden gedaan. Slechts in uitzonderingssituaties is het toegestaan dat het beheer van het Pgb en het uitvoeren van de ondersteuning door één en dezelfde persoon wordt gedaan. De uitzondering is alleen van toepassing bij een informeel Pgb, voor professionele organisaties is deze uitzondering niet mogelijk. Er moet worden gemotiveerd waarom het niet mogelijk is om deze rollen te scheiden.
Criteria waarin aan de dubbelrol in ieder geval getoetst wordt zijn:
- o
Er is geen andere Pgb-beheerder beschikbaar.
- o
Een andere zorgverlener is geen optie.
- o
De kwaliteit van de zorg is gewaarborgd.
- o
- •
Bewindvoerders zijn wettelijk vertegenwoordigers die kunnen ondersteunen bij met name de financiële en administratieve kant van het Pgb. Als de budgethouder wil dat zijn bewindvoerder het volledige budgetbeheer (dus naast de financiële ook de zorginhoudelijke kant) op zich neemt en de bewindvoerder daarmee akkoord gaat, dan zijn daartegen geen bezwaren. Het is echter geen eis dat een cliënt met een bewindvoerder het volledige budgetbeheer aan zijn bewindvoerder laat. Uit de Jeugdwet volgt dat gedeeltelijke vertegenwoordiging mogelijk moet kunnen zijn.
Let op! De bewindvoerder kan de jeugdige en/of ouder(s) extra kosten in rekening brengen voor dit beheer. Deze kosten worden niet vergoed en mogen niet vanuit het Pgb worden betaald.
- •
Mentoren zijn wettelijk vertegenwoordigers die taken en beslissingen met betrekking tot verzorging, behandeling, begeleiding en verpleging en dus niet-vermogensrechtelijke handelingen overnemen van betrokkenen. Ook wanneer er sprake is van een Pgb. De mentor vervult geen financiële en administratieve rol. Daarom is een mentor alleen toegestaan als Pgb beheerder als deze aangeeft betrokken te willen zijn bij de financiële en administratieve kanten van de zorg.
4.2.2 Omstandigheden die meespelen in de overweging
Er zijn omstandigheden die van invloed kunnen zijn op het beheer van een Pgb. In het bepalen of ouders of een jeugdige een Pgb kunnen beheren wordt in ieder geval rekening gehouden met deze omstandigheden. Het beheer van een Pgb wordt in ieder geval geweigerd als blijkt dat op basis van de omstandigheden het Pgb daadwerkelijk niet beheerd kan worden. De hieronder genoemde omstandigheden vormen aanleiding om de Pgb-vaardigheid nader te onderzoeken:
- •
schuldenproblematiek;
- •
verslavingsproblematiek;
- •
aangetoonde fraude, minder dan 4 jaar geleden;
- •
er eerder misbruik is gemaakt van het Pgb;
- •
sterke vergeetachtigheid/verstandelijke beperking/psychische stoornis;
- •
analfabeet of digibeet zijn;
- •
het leiden van een zwervend bestaan;
- •
handelingsonbekwaamheid.
In het geval ouders op basis van bovenstaande criteria niet in staat zijn om het Pgb te beheren, kunnen zij eventueel iemand uit het netwerk of een formele Pgb-beheerder of bewindvoerder vragen dit voor hen te beheren. Ook deze persoon wordt getoetst op Pgb-vaardigheid en of deze de verantwoordelijkheid die hoort bij het beheren van het Pgb kan en wil nemen.
4.2.3 Kwaliteitscriteria aanbieder
De kwaliteit van de aanbieder wordt op basis van de volgende punten getoetst:
- •
Raadplegen van Zorgaanbiedersportaal van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport voor controle op registratie en aanwezigheid van inspectierapporten;
- •
Controle op aanwezigheid recente VOG (niet ouder dan 1 jaar) indien noodzakelijk;
- •
SKJ of BIG-registratie, inclusief toetsing in het register zelf;
- •
Aanwezigheid KvK-nummer;
- •
Relevante diploma’s en/of werkervaring indien noodzakelijk;
- •
De norm ‘verantwoorde werktoedeling’ is van toepassing bij de inzet van een informele zorgverlener.
4.3 Arbeidstijdenwet
Voor een informeel Pgb geldt, net als bij een formeel Pgb, dat de arbeidstijdenwet van toepassing is. Op het moment dat een persoon uit het informeel netwerk naast een reguliere baan ook uitvoerder is van een Pgb, kan dit conflicteren met de arbeidstijdenwet. Om overbelasting bij de uitvoerder van het Pgb te voorkomen en de kwaliteit van het Pgb te garanderen kan het team besluiten om een Pgb in deze gevallen (deels) niet te laten uitvoeren door de persoon uit het informeel netwerk. Wel geldt hiervoor dat er sprake moet zijn van een reëel risico voor de kwaliteit, doordat er bijvoorbeeld substantieel meer uren worden gewerkt of er signalen van overbelasting zijn. Meer werken dan de arbeidstijdenwet toestaat, is op zichzelf geen reden om een Pgb te weigeren.
4.4 Pgb buitenland
Het staat mensen die zorg willen inkopen met een Pgb vrij om zich te wenden tot een dienstverlener die in een andere EU-lidstaat is gevestigd of daar zijn diensten aanbiedt. Niet-EU-lidstaten zijn uitgesloten.
Voor een Pgb in het buitenland geldt, naast de voor het Pgb algemene en hierboven beschreven criteria, dat:
- •
Het hoofdverblijf van de jeugdige in gemeente X ligt, of waarbij X de formele woonplaats is op basis van het woonplaatsbeginsel. Het verblijf in het buitenland is dus tijdelijk en van beperkte duur.
- •
De geboden jeugdhulp noodzakelijk is om tijdens het buitenlands verblijf te functioneren.
- •
Alleen de kosten van de jeugdhulp uit het Pgb gefinancierd mogen worden (dus bijvoorbeeld geen reis- en verblijfskosten).
- •
Er wordt gewerkt conform het Afsprakenkader buitenlands zorgaanbod Jeugd van de VNG.
5. Verlengde jeugdhulp
De Jeugdwet is voor jeugdigen tot 18 jaar. Als een jeugdige 18 jaar wordt, stopt in principe de jeugdhulp. Vanaf die leeftijd kan de jeugdige zorg en ondersteuning krijgen vanuit andere wetten. Soms kan hiervan afgeweken worden en kan besloten worden tot verlengde jeugdhulp. Hier zijn voorwaarden aan verbonden.
5.1 Perspectiefplan
Als het gelet op de hulpvraag van de jeugdige te verwachten is dat ondersteuning na de 18e verjaardag moet doorlopen, wordt vanaf 16,5 jaar gewerkt aan het toekomstperspectief van de jongvolwassene in de overgang naar 18 jaar.
Dit gebeurt op basis van een toekomstplan, waarbij minimaal de volgende onderwerpen worden meegenomen:
- •
Wonen;
- •
School;
- •
Werk;
- •
Inkomen;
- •
Sociaal netwerk.
De verantwoordelijkheid voor het opstellen van een toekomstplan met de jeugdige ligt in eerste instantie bij de jeugdhulpverlener die de daadwerkelijke jeugdhulp biedt.
Indien de jeugdhulp wordt geboden op basis van een besluit namens het college ligt er een verantwoordelijkheid bij de betrokken medewerker van het lokale team en/of casusregisseur, om te monitoren, en indien nodig aan te sturen, dat dit toekomstplan wordt opgesteld.
5.2 Jeugdhulp na de 18e verjaardag
Er zijn drie situaties waarin jeugdhulp na de 18e verjaardag mogelijk is:
- 1.
Jeugdigen in een pleeggezin of gezinsvervangende tehuizen tot maximaal 21 jaar, als de jeugdige hiermee instemt (ja, tenzij principe).
- 2.
Bij jeugdhulp in het kader van een strafrechtelijke beslissing of jeugdreclassering, tot het einde van de maatregel.
- 3.
Als voortzetting van de hulp die een jeugdige voor de 18e verjaardag ontving noodzakelijk is en er geen vergelijkbare hulp op basis van een andere wet kan worden verkregen.
De Jeugdwet biedt de mogelijkheid de jeugdhulp te verlengen tot maximaal 23 jaar. De eerste 2 mogelijkheden spreken voor zich. De derde mogelijkheid vraagt om een afwegingskader wat betreft de noodzakelijkheid.
5.2.1 Afwegingskader noodzakelijke verlengde jeugdhulp
Voor noodzakelijke verlengde jeugdhulp geldt dat:
- •
Verlengde jeugdhulp kan alleen van toepassing zijn als deze niet valt onder een andere wet (Wlz, Zvw, Wmo 2015 etc.).
- •
De hulp ingezet moet zijn voor de 18e verjaardag of het moet voor de 18e verjaardag zijn bepaald dat de hulp ingezet moet worden. Daarbij geldt ook dat er sprake kan zijn van verlengde jeugdhulp indien er binnen een half jaar wordt geconstateerd dat hulp die voor de 18e verjaardag is beëindigd, toch nodig blijkt te zijn.
- •
(Individuele) begeleiding na het 18e levensjaar behoort tot de Wmo 2015, behalve:
- o
Als het gaat om hulp die voor 2015 onder de Wet op de jeugdzorg viel, bijvoorbeeld pedagogische gezinsbegeleiding, opvoedondersteuning of vaardigheidstrainingen.
- o
Bij (individuele) begeleiding die samenvalt met verblijf vanuit de Jeugdwet.
- o
Ondertekening
Vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders op 16 december 2025.
Bijlage 1 Dienstencatalogus Lokale Jeugdhulp Barendrecht 2026
Inleiding
Sinds 2015 voert de gemeente, in opdracht van de Rijksoverheid, de Jeugdwet uit. Doel van de Jeugdwet is het bieden van ondersteuning, hulp en zorg aan jeugdigen en hun ouders bij het verminderen, stabiliseren, behandelen en opheffen van of omgaan met de gevolgen van problemen, stoornissen en (verstandelijke) beperkingen bij jeugdigen en opvoedingsproblemen bij ouders of adoptie gerelateerde problemen. Maar ook het bevorderen van deelname aan het maatschappelijk verkeer en van het zelfstandig functioneren van jeugdigen met beperkingen of problemen. En tot slot het ondersteunen bij of het overnemen van activiteiten op het gebied van de persoonlijke verzorging gericht op het opheffen van een tekort aan zelfredzaamheid bij jeugdigen met een verstandelijke, lichamelijke of zintuigelijke beperking of een somatische of psychiatrische aandoening of beperking.
Een gemeente heeft op grond van de Jeugdwet de verplichting om een jeugdige:
- -
Gezond en veilig op te laten groeien;
- -
In staat te stellen te groeien naar zelfstandigheid;
- -
In staat te stellen voldoende zelfredzaam te zijn en mee te doen in de maatschappij;
- -
Hiertoe een verordening op te stellen die het aanbod aan individuele en overige voorzieningen jeugdhulp op een voor de Jeugdige onderscheidende wijze beschrijft.
De inkoop en inzet voor jeugdhulp in de gemeente Barendrecht verloopt langs drie sporen:
1. De algemene voorziening wijkteams
2. Lokale jeugdhulp
- -
Perceel 1: Ambulante jeugdhulp voor jeugdigen met een verstandelijke beperking en/of stoornis inclusief steun, hulp of behandeling overdag.
- -
Perceel 2: Dagprogramma’s
- -
Perceel 3: Generalistische Basis GGz
- -
Perceel 4: Ernstige Dyslexie
3. Specialistische jeugdhulp via de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR).
Bij lokale jeugdhulp wordt vanaf 1-1-2023 geen gebruik meer gemaakt van de RGB-systematiek (op basis van het afwegingskader), maar van de systematiek van P x Q, oftewel van “prijs” keer “volume”. Voor lokale jeugdhulp wordt gebruik gemaakt van de Dienstencatalogus.
Alle diensten (producten) worden met een ‘totaal binnen geldigheidsduur beschikking’ afgegeven. In tegenstelling tot de systematiek van resultaatgerichte bekostiging die we tot 31-12-2022 hanteerden, waarin de indicaties per week werden toegekend. Vanaf 1-1-2023 bereken je, als wijkteammedewerker Toegang, eerst wat je aan eenheden (minuten, uren, dagdelen, etmalen etc.) per week wilt toekennen. Vervolgens bereken je dat door naar een aantal eenheden tot een totaal binnen de looptijd van de beschikking.
|
Voorbeeld: De inzet is 2 uur per week voor een periode van 1 jaar = 2 x 52 weken = 104 uur. Let er op dat het in S4SD alleen mogelijk is om een rond getal aan uren toe te kennen. Mocht jij 1,5 uur per week willen toekennen, dan kan dit alleen als je een even aantal weken inzet, zodat het getal weer rond wordt. |
Als jij het in het belang van de inwoner nodig acht om de indicatie per week af te geven, bijvoorbeeld om continuïteit over de gehele looptijd van de beschikking te waarborgen, dan is dit ook mogelijk. Je kan dit handmatig in S4SD aanpassen.
Perceel 1: Ambulante jeugdhulp voor jeugd met een verstandelijke beperking en/of stoornis, inclusief steun, hulp of behandeling overdag
In dit perceel gaat het om hulp gericht op het verminderen, stabiliseren en opheffen van of omgaan met de vastgestelde problematiek, die het gevolg kan zijn van een beperking of stoornis. Inclusief steun, hulp of behandeling overdag. De ondersteuning is gericht op het verkrijgen van meer kennis en inzicht, het aanleren van vaardigheden en het ontwikkelen van competenties en het vergroten van de zelfredzaamheid, zodat de jeugdige zich in het dagelijks leven maximaal kan handhaven.
Deze jeugdhulp wordt meestal uitgevoerd bij de gezinnen thuis, in de dagelijkse leefomgeving, of op de locatie van de aanbieder. Een uitzondering hierop geldt voor het inzetten van jeugdhulp binnen het (speciaal) onderwijs (ontwikkelagenda). Dus voor begeleiding en behandeling op speciaal onderwijs dient altijd gebruik gemaakt te worden van Jeugdhulp op speciaal onderwijs, mits scholen hierin participeren en dit een goed passend aanbod is voor de leerling en zijn/haar ouders/verzorgers.
Het betreft het integraal leveren van hulp (eventueel inclusief diagnostiek en behandeling bij meervoudige problematiek) op het gebied van psychische/psychiatrische (gedrags)problemen in verband met een aandoening, beperking, stoornis of handicap, die de jeugdige in het sociaal en persoonlijk functioneren (ernstig) belemmeren.
Het gaat om jeugdhulp aan jeugdigen met een verstandelijke en/of lichamelijke beperking of stoornis en bijkomende comorbiditeit op het gebied van gedrag, leefgebieden thuis en omgeving. Het gaat om jeugdigen:
- •
met een verstandelijke beperking; een aangeboren of een later in de ontwikkeling optredende beperking in het intellectueel functioneren. Dit gaat gepaard met beperkingen in de sociale (zelf)redzaamheid.
- •
met een lichamelijke of zintuigelijke beperking, die als gevolg hiervan ondersteuning nodig hebben.
- •
met een meervoudige beperking, hieronder wordt een combinatie van een lichamelijke-, verstandelijke-en/of zintuigelijke handicap verstaan, soms met moeilijk te reguleren gedragsproblematiek als gevolg van ernstige psychiatrische stoornissen.
- •
met een chronische uitbehandelde psychiatrische aandoening of stoornis of psychosociaal probleem.
Persoonlijke verzorging
|
Product: Persoonlijke Verzorging |
||
|
Dienst: Persoonlijke Verzorging |
||
|
Eenheid |
Minuten / Uren |
|
|
Intensiteit |
Intensiteit en duur is afhankelijk van de problematiek. Gemiddelde duur: 12 maanden. Als dit wordt ingezet i.h.k.v. respijtzorg, max 6 maanden. |
|
|
Omschrijving |
||
|
De jeugdige wordt op vaste momenten ondersteund bij activiteiten op het gebied van de persoonlijke verzorging. Het gaat hierbij om hulp bij de zelfverzorging gericht op wassen, haarverzorging*, mondverzorging en het aan-/uitkleden. Het gaat tevens om het stimuleren van de jeugdige bij het zelfstandig uitvoeren van de persoonlijke verzorging en het geven van advies, instructie en voorlichting over persoonlijke verzorging aan de jeugdige en desgevraagd diens ouder(s)/verzorger(s)/mantelzorger(s). *Onder haarverzorging wordt niet verstaan het knippen van het haar of het in model brengen van het haar middels toepassing bijzondere (tijdrovende) haartechnieken. |
||
|
Activiteiten |
||
|
De jeugdige wordt op vaste momenten ondersteund bij activiteiten op het gebied van de persoonlijke verzorging. Het gaat hierbij om hulp bij de zelfverzorging gericht op wassen, haarverzorging*, mondverzorging en het aan-/uitkleden. Het gaat tevens om het stimuleren van de jeugdige bij het zelfstandig uitvoeren van de persoonlijke verzorging en het geven van advies, instructie en voorlichting over persoonlijke verzorging aan de jeugdige en desgevraagd diens ouder(s)/verzorger(s)/mantelzorger(s). *Onder haarverzorging wordt niet verstaan het knippen van het haar of het in model brengen van het haar middels toepassing bijzondere (tijdrovende) haartechnieken. Concreet gaat het om de volgende activiteiten:
Onder de Zvw valt de persoonlijke verzorging die nodig is in verband met een 'behoefte aan geneeskundige zorg of een hoog risico daarop'. Bedoeld wordt de verpleging en verzorging die verpleegkundigen bieden. Dit wordt ook wel wijkverpleging genoemd. Voor jeugdigen tot 18 jaar beoordeelt een kinderverpleegkundige of er sprake is van 'behoefte aan geneeskundige zorg of een hoog risico daarop'. Als dat zo is geeft de kinderverpleegkundige een indicatie af voor persoonlijke verzorging op grond van de Zvw. |
||
|
Doelgroep |
||
|
De jeugdige is beperkt in zijn ontwikkeling door een lichamelijke, zintuiglijke, cognitieve of verstandelijke beperking, of een psychiatrische of psychosociaal probleem, of een combinatie daarvan (in ernstige mate) en is daardoor beperkt in de persoonlijke verzorging. |
||
|
Voor wie |
||
|
Jeugdigen die extra ondersteuning nodig hebben bij de dagelijkse verzorging als wassen/douchen, aankleden, eten en drinken, toedienen van medicatie en toiletbezoek. Het betreft ondersteuning die niet door ouders, leerkrachten of jeugdprofessionals kan worden geleverd. |
||
|
Resultaat |
||
|
De zelfredzaamheid van de jeugdige/ het gezin m.b.t. zelfzorg van de jeugdige is toegenomen. Uitzondering hierop is wanneer een jeugdige nog niet in aanmerking komt voor de Wlz, maar wel langdurige verzorging nodig heeft. |
||
|
Specifieke eisen |
||
|
||
|
Functieprofiel |
De hulp wordt geleverd door zorgverleners met een minimaal opleidingsniveau variërend van mbo niveau 2 tot en met mbo niveau 4. |
|
|
Functiemix |
80% mbo 3, 20% mbo – 4. |
|
|
Financiering |
P * Q / uur. |
|
|
Tarief |
€ 69,40 (uur) / € 1,16 (minuut). |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten werk-werk en woon-werk, indirecte en overige kosten (31%), werkgeverslasten 33%, eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren 35%, marge 3% (innovatie, resultaten, risico), 4,5 % ORT. |
|
|
Bijzonderheden |
|
|
Begeleiding basis
|
Product: Begeleiding |
||
|
Dienst: Begeleiding basis |
||
|
Eenheid |
Minuten / Uren |
|
|
Intensiteit |
Intensiteit is afhankelijk van de problematiek en de ondersteuningsbehoefte en noodzakelijkheid. Gemiddeld wordt dit 12 maanden afgegeven. |
|
|
Omschrijving |
||
|
Ten behoeve van de jeugdige De jeugdige of ouder/verzorger wordt individueel begeleid. Bij de jeugdige zijn de activiteiten gericht op bevordering, behoud of compensatie van de zelfredzaamheid. Hieronder wordt verstaan ondersteuning bij beperkingen op het vlak van zelfregie over het dagelijks leven, waaronder:
Ten behoeve van de ouder/verzorger Bij de volwassene zijn de activiteiten gericht op beter omgaan met de jeugdige als ouder/verzorger. Het gaat hierbij om opvoedkundige vragen en/of situaties waarbij de jeugdige in een onveilige situatie terecht komt, zoals ouders die in een complexe echtscheiding zijn beland. De begeleiding is hierbij gericht op de ouder(s). |
||
|
Activiteiten |
||
|
Ten behoeve van de jeugdige:
Ten behoeve van de volwassene:
|
||
|
Doelgroep |
||
|
||
|
Voor wie |
||
|
Volwassenen en Jeugdigen (desgevraagd hun ouders/verzorgers, mantelzorgers in het zelfde traject). |
||
|
Resultaat |
||
|
De aanbieder van jeugdhulp hoeft er niet voor te zorgen dat de problematiek wordt opgelost, maar wel dat de hulpvraag wordt beantwoord, door gebruik te maken van de eigen kracht van het gezin en het netwerk daar omheen. De jeugdige kan zonder jeugdhulp verder. Uitzondering hierop is wanneer een jeugdige nog niet in aanmerking komt voor de Wlz, maar wel langdurige begeleiding nodig heeft. De beoogde resultaten van de hulp gericht op jeugdigen liggen op de volgende gebieden:
De beoogde resultaten van de hulp gericht op volwassenen is met name gericht op:
|
||
|
Specifieke eisen |
||
|
||
|
Functieprofiel |
De begeleiding wordt geleverd door zorgverleners met een minimaal opleidingsniveau variërend van mbo niveau 3 tot en hbo. Het zwaartepunt ligt bij de inzet op mbo 4 niveau. Vanwege de doelgroep dienst een gecertificeerde SKJ-er gekoppeld te zijn aan een niet gecertificeerde medewerker. Voor de ondersteuning van volwassenen in het kader van complexe scheidingen ligt de inzet op HBO+ niveau (geen functiemix). |
|
|
Functiemix |
Jeugdigen: 70% Mbo-4, 20 % Hbo, 10 % WO. |
|
|
Financiering |
P * Q / uur |
|
|
Tarief |
€ 82,86 (uur) / € 1,38 (minuut) |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten werk-werk en woon-werk, indirecte en overige kosten (31%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (35%), marge 3% (innovatie, resultaten, risico), 4,5% ORT |
|
|
Bijzonderheden |
|
|
Begeleiding specialistisch
|
Product: Begeleiding |
||
|
Dienst: Begeleiding specialistisch |
||
|
Eenheid |
Minuten / Uren |
|
|
Intensiteit |
Intensiteit is afhankelijk van de problematiek en de ondersteuningsbehoefte en noodzakelijkheid. Gemiddeld wordt dit 12 maanden afgegeven. |
|
|
Omschrijving |
||
|
Het kind wordt individueel begeleid en de activiteiten zijn gericht op bevordering, behoud of compensatie van de zelfredzaamheid. Hieronder wordt verstaan:
Bij de volwassene zijn de activiteiten gericht op beter omgaan met de jeugdige als ouder/verzorger. Het gaat hierbij om opvoedkundige vragen. |
||
|
Activiteiten |
||
|
Ten behoeve van de jeugdige:
Daarnaast is de begeleiding gericht op het geven van advies, instructie en voorlichting aan de jeugdige en desgevraagd diens ouder(s)/verzorger(s)/mantelzorger(s). Ten behoeve van de volwassene:
|
||
|
Doelgroep |
||
|
||
|
Voor wie |
||
|
||
|
Resultaat |
||
|
De jeugdige en het gezin kunnen zonder jeugdhulp verder. De beoogde resultaten van de jeugdhulp liggen op de volgende gebieden:
|
||
|
Specifieke eisen |
||
|
||
|
Functieprofiel |
De begeleiding wordt geleverd door zorgverleners met een minimaal opleidingsniveau variërend van hbo tot en met wo+, soms met inzet van medisch specialist (functiemix). Het zwaartepunt ligt bij een inzet op hbo-opleidingsniveau. |
|
|
Functiemix |
35 % Hbo / 30% HBO+, 40 % WO. |
|
|
Financiering |
P * Q / uur. |
|
|
Tarief |
€ 110,47 (uur) / € 1,84 (minuut). |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten werk-werk en woon-werk, indirecte en overige kosten (41%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren 35 %, marge 3% (innovatie, resultaten, risico), 4,5 % ORT. |
|
|
Bijzonderheden |
|
|
Vaktherapie
|
Product: Begeleiding |
||
|
Dienst: Vaktherapie |
||
|
Eenheid |
Minuten / Uren |
|
|
Intensiteit |
Maximaal 30 uur, maximaal 12 maanden. Dit is het maximum dat geïndiceerd kan worden. Verlengingen zijn hierbij niet mogelijk. |
|
|
Omschrijving |
||
|
Vaktherapie is een manier van behandelen van psychosociale en psychische problematiek, verwerken van trauma waarbij de nadruk ligt op doen en ervaren, en minder op praten. Het biedt de jeugdige de mogelijkheid te communiceren en zich te uiten, daar waar hij dit verbaal nog niet kan. Daarnaast geeft het jeugdige de mogelijkheid spanning te ontladen en gevoelens te uiten. Daardoor kunnen zij hun ervaringen verwerken en experimenteren met vormen van nieuw gedrag. |
||
|
Activiteiten |
||
|
Onder vaktherapie vallen:
|
||
|
Doelgroep |
||
|
||
|
Voor wie |
|
|
|
Jeugdigen (desgevraagd hun ouders/verzorgers, mantelzorgers) |
||
|
Resultaat |
||
|
Aanleren van vaardigheden/ nieuw gedrag voor jeugdige en ouders Verwerkt trauma
T.a.v. Executieve functies: het betreft hier niet de activiteiten die gericht zijn op de schoolse vaardigheden. |
||
|
Specifieke eisen |
||
|
||
|
Functieprofiel |
Zie specifieke eisen |
|
|
Functiemix |
HBO+ (10%/ WO (90%) |
|
|
Financiering |
P * Q / uur |
|
|
Tarief |
€ 114,01 (uur) / € 1,90 (minuut) |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten werk-werk en woon-werk, indirecte en overige kosten (41%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (35 %), marge 3% (innovatie, resultaten, risico), |
|
|
Bijzonderheden |
Ook mogelijk in groepsverband. Hierbij wordt declaratie aangepast aan het aantal deelnemers, waarbij factor 1,5 kan worden gehanteerd. Het aantal uren wordt gedeeld door het aantal deelnemers. Bijvoorbeeld 4 deelnemers 4 uur in een maand = 1,5 uur per deelnemer declareren. Hierdoor is het mogelijk met 2 begeleiders, 4 jeugdigen te begeleiden. Als de cliënt in een opeenvolgende periode meer dan 50% afwezig is, mag de eerste periode van 3 weken 100% gedeclareerd worden. Na deze 3 weken mag maximaal 80% van de gemaakte afspraken gedeclareerd worden. |
|
Logeren licht
|
Product: Logeren (verschil in zwaarte tussen logeren licht, midden en zwaar zit in de groepsgrootte van maximaal 8, 6 of 4 kinderen per groep) |
||
|
Dienst: Logeren licht |
||
|
Eenheid |
Etmaal |
|
|
Intensiteit |
1 tot maximaal 3 aansluitende etmalen per week. Bij uitzondering kan hiervan worden afgeweken. |
|
|
Omschrijving |
||
|
Om tijdelijk de ouder(s)/verzorger(s) te verlichten, wordt het kind in een huiselijke omgeving logeeropvang geboden, waarbij ontwikkelingsgerichte begeleiding wordt geboden en toezicht en/of zorg (24 uur per dag) noodzakelijk is. |
||
|
Activiteiten |
||
|
Tijdelijke verblijfszorg in een beschermende woonomgeving in combinatie met samenhangende zorg. De samenhangende zorg is niet alleen verpleging, begeleiding of verzorging. Dit kan ook specifieke behandeling zijn die de jeugdige nodig heeft tijdens het logeren. |
||
|
Doelgroep |
||
|
||
|
Voor wie |
||
|
Jeugdigen en ouders/opvoeders. |
||
|
Resultaat |
||
|
Tijdelijke verlichting van de thuissituatie / gezinssysteem zodat ouders / verzorgers in staat worden gesteld de zorg (langer) vol te kunnen houden. |
||
|
Specifieke eisen |
||
|
||
|
Functieprofiel |
De begeleiding wordt geleverd door zorgverleners met een minimaal opleidingsniveau variërend van mbo niveau 3 tot en met hbo. |
|
|
Functiemix |
20 % Mbo-3, 60 % Mbo-4, 20 % Hbo. |
|
|
Financiering |
P * Q / etmaal. |
|
|
Tarief |
€ 235,00 (inclusief huisvesting- en voedingskosten) / all-in tarief / maximaal 8 jeugdigen. |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten woon-werk, indirecte en overige kosten (42%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (28 %), marge 3% (innovatie, resultaten, risico). Opslag weekend en avond (4,5%). Inclusief normatieve huisvestingskosten (NHC) en normatieve inventariskosten (NIC) per etmaal. Voedingskosten ook per etmaal. |
|
|
Bijzonderheden |
In eerste toegekend voor een half jaar. In dit half jaar onderzoekt de jeugdhulpaanbieder met het gezin en de casusregisseur van het lokale team wat er nodig is om de jeugdige deel te laten nemen aan (reguliere) activiteiten en/of logeren binnen het netwerk. Want, het uitgangspunt is en blijft dat de jeugdige zoveel als mogelijk deel kan nemen aan het 'gewone' maatschappelijk verkeer. Als cliënt in een opeenvolgende periode meer dan 50% afwezig is, mag de eerste periode van 3 weken 100% gedeclareerd worden. Na deze 3 weken mag maximaal 80% van de gemaakte afspraken gedeclareerd worden. Ter verlichting van de ouders geldt dit alleen voor jeugdigen die:
|
|
Logeren midden
|
Product: Logeren |
||
|
Dienst: Logeren – midden |
||
|
Eenheid |
Etmaal |
|
|
Intensiteit |
1 tot maximaal 3 aansluitende etmalen per week. Bij uitzondering kan hiervan worden afgeweken. |
|
|
Omschrijving |
||
|
Om tijdelijk de ouder(s)/verzorger(s) te ontlasten, wordt het kind in een huiselijke omgeving een logeeropvang geboden, waarbij ontwikkelingsgerichte begeleiding wordt geboden en toezicht en/of zorg (24 uur per dag) noodzakelijk is. |
||
|
Activiteiten |
||
|
Tijdelijke verblijfszorg in een beschermende woonomgeving in combinatie met samenhangende zorg. De samenhangende zorg is niet alleen verpleging, begeleiding of verzorging. Dit kan ook specifieke behandeling zijn die de jeugdige nodig heeft tijdens het logeren. |
||
|
Doelgroep |
||
|
||
|
Voor wie |
||
|
Jeugdigen en ouders/opvoeders |
||
|
Resultaat |
||
|
Tijdelijke verlichting van de thuissituatie / gezinssysteem zodat ouders / verzorgers in staat worden gesteld de zorg (langer) vol te kunnen houden. |
||
|
Specifieke eisen |
||
|
||
|
Functieprofiel |
De begeleiding wordt geleverd door professionals met een minimaal opleidingsniveau variërend van mbo niveau 3 tot en met hbo+. |
|
|
Functiemix |
50 % Mbo-4,40 % Hbo, 10 % Hbo+ |
|
|
Financiering |
P * Q / etmaal |
|
|
Tarief |
€ 318,55 (inclusief huisvesting- en voedingskosten) Etmaal / all-in tarief / maximaal 6 jeugdigen |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten woon-werk, indirecte en overige kosten (42%), werkgeverslasten 33%, eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren 28 %, marge 3% (innovatie, resultaten, risico). Opslag weekend en avond (4,5%) Normatieve huisvestingskosten (NHC) en normatieve inventariskosten (NIC) per etmaal. Voedingskosten ook per etmaal. |
|
|
Bijzonderheden |
In eerste toegekend voor een half jaar. In dit half jaar onderzoekt de jeugdhulpaanbieder met het gezin en de casusregisseur van het lokale team wat er nodig is om de jeugdige deel te laten nemen aan (reguliere) activiteiten en/of logeren binnen het netwerk. Want, het uitgangspunt is en blijft dat de jeugdige zoveel als mogelijk deel kan nemen aan het 'gewone' maatschappelijk verkeer. Als cliënt in een opeenvolgende periode meer dan 50% afwezig is, mag de eerste periode van 3 weken 100% gedeclareerd worden. Na deze 3 weken mag maximaal 80% van de gemaakte afspraken gedeclareerd worden. Ter verlichting van de ouders geldt dit alleen voor jeugdigen die:
|
|
Logeren zwaar
|
Product: Logeren |
||
|
Dienst: Logeren – zwaar |
||
|
Eenheid |
Etmaal |
|
|
Intensiteit |
1 tot maximaal 3 aansluitende etmalen per week. Bij uitzondering kan hiervan worden afgeweken; |
|
|
Omschrijving |
||
|
Om tijdelijk de ouder(s)/verzorger(s) te verlichten, wordt het kind in een huiselijke omgeving een logeeropvang geboden, waarbij ontwikkelingsgerichte begeleiding wordt geboden en toezicht en/of zorg (24 uur per dag) noodzakelijk is. |
||
|
Activiteiten |
||
|
Tijdelijke verblijfszorg in een beschermende woonomgeving in combinatie met samenhangende zorg. De samenhangende zorg is niet alleen verpleging, begeleiding of verzorging. Dit kan ook specifieke behandeling zijn die de jeugdige nodig heeft tijdens het logeren. |
||
|
Doelgroep |
||
|
||
|
Voor wie |
||
|
Jeugdigen en hun ouders/opvoeders. |
||
|
Resultaat |
||
|
Tijdelijke verlichting van de thuissituatie / gezinssysteem zodat ouders / verzorgers in staat worden gesteld de zorg (langer) vol te kunnen houden. |
||
|
Specifieke eisen |
||
|
Het kortdurend verblijf wordt aangeboden in een groep bestaande uit maximaal 4 kinderen; |
||
|
Functieprofiel |
De begeleiding wordt geleverd door professionals met een minimaal opleidingsniveau variërend van mbo niveau 4 tot en met hbo+. |
|
|
Functiemix |
30 % Mbo-4,40 % Hbo,20 % Hbo+,10 % Wo. |
|
|
Financiering |
P * Q / (Etmaal). |
|
|
Tarief |
€ 472,97 (inclusief huisvesting- en voedingskosten). Etmaal / all-in tarief / maximaal 4 jeugdigen. |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten woon-werk, indirecte en overige kosten (42%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren 28 %, marge 3% (innovatie, resultaten, risico). Opslag weekend en avond (4,5%). Normatieve huisvestingskosten (NHC) en normatieve inventariskosten (NIC) per cliënt per etmaal. Voedingskosten ook per etmaal. |
|
|
Bijzonderheden |
In eerste toegekend voor een half jaar. In dit half jaar onderzoekt de jeugdhulpaanbieder met het gezin en de casusregisseur van het lokale team wat er nodig is om de jeugdige deel te laten nemen aan (reguliere) activiteiten en/of logeren binnen het netwerk. Want, het uitgangspunt is en blijft dat de jeugdige zoveel als mogelijk deel kan nemen aan het 'gewone' maatschappelijk verkeer. Als cliënt in een opeenvolgende periode meer dan 50% afwezig is, mag de eerste periode van 3 weken 100% gedeclareerd worden. Na deze 3 weken mag maximaal 80% van de gemaakte afspraken gedeclareerd worden. Indien een jeugdige vanwege zijn/haar beperkingen meer begeleiding en/of ondersteuning nodig heeft, dan geboden kan worden binnen dit product, kan eventueel een ander product worden toegevoegd. Ter verlichting van de ouders geldt logeren alleen voor jeugdigen die:
|
|
Diagnose basis
|
Product: Diagnose |
||
|
Dienst: Diagnose basis |
||
|
Eenheid |
Minuten / Uren |
|
|
Intensiteit |
Maximaal 21 uur gedurende maximaal 3 maanden. |
|
|
Omschrijving |
||
|
Basis diagnostisch onderzoek is het door middel van gesprekken, testen, observatie en vragenlijsten helder krijgen van het diagnostisch beeld van de jeugdige. Diagnostiek omvat alle activiteiten gericht op verduidelijking van de klachten en van de jeugdhulpvraag. Diagnostiek is noodzakelijk wanneer nog niet duidelijk is welke aanpak/hulp er nodig/passend is voor een jeugdige. |
||
|
Activiteiten |
||
|
Multidisciplinair onderzoek (ofwel ‘assessment’) om te bepalen welk arrangement of welk zorg- en behandelplan een kind nodig heeft. |
||
|
Doelgroep |
||
|
Indien er een vermoeden is van een onderliggende psychische stoornis en het voor de inzet van passende ondersteuning t.b.v. van de jeugdige noodzakelijk is meer helderheid te krijgen over de oorzaak van de beperkingen in het functioneren en indien de vraaganalyse van de verwijzer onvoldoende aanknopingspunten biedt voor een vervolgtraject. |
||
|
Voor wie |
||
|
Er is bij de jeugdige sprake van een tijdelijke of blijvende psychische stoornis, die maakt dat de jeugdige matige tot ernstige beperkingen ervaart en/of bedreigd wordt in zijn ontwikkeling. |
||
|
Resultaat |
||
|
Het opstellen van een diagnostisch verslag met daarin een duidelijk beeld van de oorzaken van klachten en hulpvraag van de jeugdige en het gezin op basis van een verklarende analyse. Door het diagnostische proces kan de inhoud en omvang bepaald worden van noodzakelijk vervolgstappen in behandeling/ begeleiding. |
||
|
Specifieke eisen |
||
|
Regiebehandelaar is opgenomen in het register basisdiagnostiek en in het bezit van basisaantekening orthopedagogiek of psychodiagnostiek. |
||
|
Functieprofiel |
Gedragswetenschapper. |
|
|
Functiemix |
70% Wo/20% Wo+ / 10% MS. |
|
|
Financiering |
P * Q / uur. |
|
|
Tarief |
€ 129,58 (uur) / € 2,16 (minuut). |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten woon-werk, indirecte en overige kosten (31%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (35 %), marge 3% (innovatie, resultaten, risico). |
|
|
Bijzonderheden |
|
|
Behandeling Basis
|
Product: Behandeling |
||
|
Dienst: Behandeling basis |
||
|
Eenheid |
Minuten / Uren |
|
|
Intensiteit |
Maximaal 40 uur over een periode van maximaal 12 maanden. |
|
|
Omschrijving |
||
|
Het kind wordt individueel behandeld, gericht op het ontwikkelen en aanleren van praktische, cognitieve en emotionele vaardigheden, waarbij de mogelijkheden van het kind optimaal worden benut. |
||
|
Activiteiten |
||
|
De behandeling is gericht op:
|
||
|
Doelgroep |
||
|
Kinderen met gedragsproblemen door een lichamelijke, zintuiglijke, cognitieve of verstandelijke beperking, of een psychiatrische of psychosociaal probleem, of een combinatie daarvan. |
||
|
Voor wie |
|
|
|
Jeugdige en zijn/haar ouders/verzorgers |
||
|
Resultaat |
||
|
||
|
Specifieke eisen |
||
|
||
|
Functieprofiel |
De behandeling wordt geleverd door professionals met een minimaal opleidingsniveau variërend van hbo tot en met medisch specialist. Het zwaartepunt ligt bij een inzet op WO opleidingsniveau. |
|
|
Functiemix |
10 % Hbo+, 80 % Wo, 5% Wo+, 5 % Ms. |
|
|
Financiering |
P * Q (uur). |
|
|
Tarief |
€ 135,96 (uur) / € 2,27 (minuut). |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten woon-werk, indirecte en overige kosten (39%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (39 %), marge 3% (innovatie, resultaten, risico). |
|
|
Bijzonderheden |
Indien op voorhand (tijdens het onderzoek) duidelijk wordt dat langer dan 1 jaar behandeling noodzakelijk is, kan door de toegangsmedewerker een indicatie voor 1,5 jaar worden afgegeven met in totaal 60 uur behandeltijd. Als de cliënt in een opeenvolgende periode meer dan 50% afwezig is, mag de eerste periode van 3 weken 100% gedeclareerd worden. Na deze 3 weken mag maximaal 80% van de gemaakte afspraken gedeclareerd worden. |
|
Perceel 2: Dagprogramma’s
In dit perceel gaat het om ondersteuning gericht op een zo optimaal mogelijke ontwikkeling van de jeugdige. Hierbij wordt rekening gehouden met de mate van beperking of stoornis van de jeugdige. De ondersteuning is gericht op het verkrijgen van meer kennis en inzicht, het aanleren van vaardigheden en het vergroten van competenties en zelfredzaamheid, zodat de jeugdige zich maximaal kan ontwikkelen.
Deze manier van ondersteuning is gericht op jeugdigen die wegens hun beperking niet in staat zijn om onderwijs te volgen of gebruik te maken van een reguliere opvangvoorziening. Wel wordt zoveel mogelijk gestreefd naar het volgen van onderwijs of dagbesteding, op basis van de mogelijkheden die er (beperkt) zijn.
Deze jeugdhulp wordt meestal uitgevoerd op de locatie van de aanbieder en/of in samenwerking met onderwijs. De activiteiten zijn gericht op een zo optimaal mogelijke ontwikkeling van de jeugdige. Hierbij worden de ouders zoveel mogelijk ondersteund, maar ook, wanneer nodig, verlicht in hun taken als ouders/verzorgers.
Het gaat om jeugdhulp aan jeugdigen met een verstandelijke en/of lichamelijke beperking of stoornis en bijkomende comorbiditeit op het gebied van gedrag, leefgebieden thuis en omgeving. Jeugdigen:
- •
Met een verstandelijke beperking; een aangeboren of een later in de ontwikkeling optredende beperking in het intellectueel functioneren. Dit gaat gepaard met beperkingen in de sociale (zelf)redzaamheid.
- •
Met een lichamelijke of zintuigelijke beperking, die als gevolg hiervan ondersteuning nodig hebben.
- •
Met een meervoudige beperking, hieronder wordt een combinatie van een lichamelijke-, verstandelijke-en/of zintuigelijke handicap verstaan, soms met moeilijk te reguleren gedragsproblematiek als gevolg van ernstige psychiatrische stoornissen.
- •
Met een chronische uitbehandelde psychiatrische aandoening of stoornis of psychosociaal probleem.
In afwijking van de lopende opdracht lokale jeugdhulp zijn er regionale producten naar de lokale opdracht over gegaan. Het betreft uit de huidige opdracht D (regionaal):
- •
Daghulp gericht op onderwijs.
- •
Daghulp gericht op werk (met name 16+).
Bovenstaande producten maken nu onderdeel uit van Perceel 2.
Dagactiviteit licht
|
Product: Dagactiviteit (verschil in zwaarte tussen dagactiviteit licht, midden en zwaar zit o.a. in maximum aantal kinderen per begeleider; 1:10, 1:4 en 1:3 en functiemix) |
||
|
Dienst: Dagactiviteit – licht |
||
|
Eenheid |
Dagdeel |
|
|
Intensiteit |
Maximaal 10 dagdelen per week, maximaal 12 maanden (met uitzondering voor zware problematiek, maximaal 24 maanden). Indien respijtzorg: 2 dagdelen per week, max 9 maanden |
|
|
Omschrijving |
||
|
Zinvolle dagbesteding door middel van een programma. De activiteiten vinden in groepsverband zonder overnachting plaats. Het dagprogramma biedt ruimte voor vaardigheidstraining |
||
|
Activiteiten |
||
|
Inzicht verwerven in de mogelijkheden van het kind en het stimuleren van leren met als doel een mogelijke doorstroom naar vormen van (passend) onderwijs. Op basis daarvan (dag)programma met accent op:
|
||
|
Doelgroep |
||
|
||
|
Voor wie |
||
|
Jeugdigen die wegens hun beperking niet in staat zijn om onderwijs te volgen of gebruik te maken van een reguliere opvangvoorziening. Ouders worden betrokken zodat zij leren aansluiten bij de behoeften van hun kind en weten hoe zij de ontwikkeling zelf kunnen stimuleren |
||
|
Resultaat |
||
|
||
|
Specifieke eisen |
||
|
De dagbesteding wordt aangeboden in een groep waarbij de verhouding tussen begeleiding en jeugdigen is: 1 professional staat tot 5 en maximaal 10 jeugdigen. |
||
|
Functieprofiel |
De begeleiding wordt geleverd door een zorgverlener met een minimaal opleidingsniveau variërend van mbo niveau 2 tot en met hbo+ (functiemix). Het zwaartepunt ligt bij een inzet van een professional met mbo-opleidingsniveau, die werkt onder de supervisie van een professional met hbo-opleidingsniveau. |
|
|
Functiemix |
20% Mbo – 3, 50 % Mbo -4, 30% Hbo. |
|
|
Financiering |
P * Q / ( dagdeel – all-in tarief). |
|
|
Tarief |
€ 78,07 (dagdeel – all-in tarief). |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten woon-werk, indirecte en overige kosten (42%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (30 %), marge 3% (innovatie, resultaten, risico). Normatieve huisvestingskosten (NHC) en normatieve inventariskosten (NIC) per dagdeel. Daarnaast voedingskosten ook per dagdeel. |
|
|
Bijzonderheden |
Dagdeel is 4 uur waarvan minimaal 3 uur directe cliëntcontacttijd. Verzorgingskosten ( tussendoortjes en broodmaaltijd) maken onderdeel uit van het dagtarief. 1 begeleider op een groep van maximaal 10 kinderen. Als de cliënt in een opeenvolgende periode meer dan 50% afwezig is, mag de eerste periode van 3 weken 100% gedeclareerd worden. Na deze 3 weken mag maximaal 80% van de gemaakte afspraken gedeclareerd worden. |
|
Dagactiviteit midden
|
Product: Dagactiviteit |
||
|
Dienst: Dagactiviteit midden |
||
|
Eenheid |
Dagdeel |
|
|
Intensiteit |
Maximaal 10 dagdelen per week, maximaal 12 maanden (met uitzondering voor zware problematiek, maximaal 24 maanden). Indien respijtzorg: 2 dagdelen per week, max 9 maanden |
|
|
Omschrijving |
||
|
Zinvolle dagbesteding door middel van een programma. De activiteiten vinden in groepsverband zonder overnachting plaats. Het dagprogramma biedt ruimte voor vaardigheidstraining. |
||
|
Activiteiten |
||
|
Inzicht verwerven in de mogelijkheden van het kind en het stimuleren van leren met als doel een mogelijke doorstroom naar vormen van (passend) onderwijs. Op basis daarvan (dag)programma met accent op:
|
||
|
Doelgroep |
||
|
||
|
Voor wie |
||
|
||
|
Resultaat |
||
|
||
|
Specifieke eisen |
||
|
De dagbesteding wordt aangeboden in een groep waarbij de verhouding tussen begeleiding en jeugdigen is: 1 professional staat tot 4 jeugdigen. |
||
|
Functieprofiel |
De begeleiding wordt geleverd door zorgverlener met een minimaal opleidingsniveau variërend van mbo niveau 3 tot en met wo (functiemix). Het zwaartepunt ligt bij een inzet van een professional met hbo-opleidingsniveau, die wordt ondersteund door een professional met mbo-opleidingsniveau. |
|
|
Functiemix |
15 % Mbo-3, 30 % Mbo-4, 35 % Hbo,10 % Hbo+,10 % Wo. |
|
|
Financiering |
P * Q / dagdeel. |
|
|
Tarief |
€ 98,63 (dagdeel – all-in tarief). |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten woon-werk, indirecte en overige kosten (42%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (30 %), marge 3% (innovatie, resultaten, risico). Normatieve huisvestingskosten (NHC) en normatieve inventariskosten (NIC) per dagdeel. Daarnaast voedingskosten ook per dagdeel. |
|
|
Bijzonderheden |
Dagdeel is 4 uur waarvan minimaal 3 uur directe cliëntcontacttijd Verzorgingskosten ( tussendoortjes en broodmaaltijd) maken onderdeel uit van het dagtarief. Maximale groepsgrootte: 4, 1:4. Als cliënt in een opeenvolgende periode meer dan 50% afwezig is, mag de eerste periode van 3 weken 100% gedeclareerd worden. Na deze 3 weken mag maximaal 80% van de gemaakte afspraken gedeclareerd worden. |
|
Dagactiviteit zwaar
|
Product: Dagactiviteit |
||
|
Dienst: Dagactiviteit zwaar |
||
|
Eenheid |
Dagdeel |
|
|
Intensiteit |
Maximaal 10 dagdelen per week, maximaal 12 maanden (met uitzondering voor zware problematiek, maximaal 24 maanden). Indien respijtzorg: 2 dagdelen per week, max 9 maanden |
|
|
Omschrijving |
||
|
Zinvolle dagbesteding door middel van een programma. De activiteiten vinden in groepsverband zonder overnachting plaats. Het dagprogramma biedt ruimte voor vaardigheidstraining. |
||
|
Activiteiten |
||
|
Inzicht verwerven in de mogelijkheden van het kind en het stimuleren van leren met als doel een mogelijke doorstroom naar vormen van (passend) onderwijs. Op basis daarvan (dag)programma met accent op:
|
||
|
Doelgroep |
||
|
||
|
Voor wie |
||
|
||
|
Resultaat |
||
|
||
|
Specifieke eisen |
||
|
De dagbesteding wordt aangeboden in een groep waarbij de verhouding tussen begeleiding en jeugdigen is: 1 professional staat tot 3 jeugdigen. |
||
|
Functieprofiel |
De begeleiding wordt geleverd door zorgverlener met een minimaal opleidingsniveau variërend van hbo tot en met wo (functiemix). Het zwaartepunt ligt bij een inzet van een professional met hbo-opleidingsniveau, die wordt ondersteund door een professional met mbo-opleidingsniveau. |
|
|
Functiemix |
30 % Mbo-4, 50 % Hbo, 5 % Hbo+, 15 % Wo. |
|
|
Financiering |
P x Q / dagdeel. |
|
|
Tarief |
€ 133,03 (dagdeel – all-in tarief). |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten woon-werk, indirecte en overige kosten (42%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (30 %), marge 3% (innovatie, resultaten, risico). Normatieve huisvestingskosten (NHC) en normatieve inventariskosten (NIC) per dagdeel. Daarnaast voedingskosten ook per dagdeel. |
|
|
Bijzonderheden |
Dagdeel is 4 uur waarvan minimaal 3 uur directe cliëntcontacttijd Verzorgingskosten ( tussendoortjes en broodmaaltijd) maken onderdeel uit van het dagtarief. Maximale groepsgrootte: 3, 1:3. Als cliënt in een opeenvolgende periode meer dan 50% afwezig is, mag de eerste periode van 3 weken 100% gedeclareerd worden. Na deze 3 weken mag maximaal 80% van de gemaakte afspraken gedeclareerd worden. |
|
Dagbehandeling regulier
|
Product: Dagbehandeling |
||
|
Dienst: Dagbehandeling regulier |
||
|
Eenheid |
Dagdeel |
|
|
Intensiteit |
Maximaal 10 dagdelen per week, maximaal 12 maanden (met uitzondering voor zware problematiek, maximaal 24 maanden). |
|
|
Omschrijving |
||
|
Ontwikkelen en aanleren van praktische, cognitieve en/of sociaal emotionele vaardigheden waarbij de mogelijkheden van het kind optimaal benut worden, zodat een zo zelfstandig mogelijk niveau van functioneren bereikt kan worden. De dagbehandeling is gericht op de ontwikkeling van het kind. |
||
|
Activiteiten |
||
|
Het aanleren van praktische en cognitieve vaardigheden, gericht op het zo zelfstandig mogelijk leren leven. Te denken valt aan zelfredzaamheid met betrekking tot persoonlijke verzorging, communicatie en het aanleren van vaardigheden voor schoolvoorbereiding (niet school vervangend). Naast de groepsbehandeling wordt er een ambulant hulpverlener ingezet voor behandeling in de thuissituatie. |
||
|
Doelgroep |
||
|
||
|
Voor wie |
||
|
Jeugdigen die wegens hun beperking niet in staat zijn om onderwijs te volgen of gebruik te maken van een reguliere opvangvoorziening en die een behandeling nodig hebben in een multidisciplinair team met als uiteindelijke doel : doorstroming naar (passend) onderwijs. Ouders worden betrokken, zodat zij leren aansluiten bij de behoeften van hun kind en weten hoe zij de ontwikkeling zelf kunnen stimuleren |
||
|
Resultaat |
||
|
Dagbehandeling vindt altijd plaats met een concreet behandeldoel. Deze kunnen liggen op het gebied van:
|
||
|
Specifieke eisen |
||
|
||
|
Functieprofiel |
De behandeling wordt geleverd door professionals met een minimaal opleidingsniveau variërend van mbo niveau 3 tot en met hbo+. |
|
|
Functiemix |
40 % Mbo-4,40 % Hbo,10 % Hbo+,10 % Wo. |
|
|
Financiering |
P * Q / dagdeel. |
|
|
Tarief |
€ 120,88 (dagdeel – all-in). |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten woon-werk, indirecte en overige kosten (42%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (35 %), marge 3% (innovatie, resultaten, risico). Normatieve huisvestingskosten (NHC) en normatieve inventariskosten (NIC) per dagdeel. Daarnaast voedingskosten ook per dagdeel. |
|
|
Bijzonderheden |
Dagbehandeling regulier kan voor jeugdigen in de leerplichtige leeftijd uitsluitend gedeclareerd worden als sprake is van een ontwikkelingsgericht behandelplan. Als de cliënt in een opeenvolgende periode meer dan 50% afwezig is, mag de eerste periode van 3 weken 100% gedeclareerd worden. Na deze 3 weken mag maximaal 80% van de gemaakte afspraken gedeclareerd worden. |
|
Dagbehandeling midden
|
Product: Dagbehandeling |
||
|
Dienst: Dagbehandeling midden |
||
|
Eenheid |
Dagdeel |
|
|
Intensiteit |
Maximaal 10 dagdelen per week, maximaal 12 maanden (met uitzondering voor zware problematiek, maximaal 24 maanden). |
|
|
Omschrijving |
||
|
Ontwikkelen en aanleren van praktische, cognitieve en/of sociaal emotionele vaardigheden waarbij de mogelijkheden van het kind optimaal benut worden, zodat een zo zelfstandig mogelijk niveau van functioneren bereikt kan worden. De dagbehandeling is gericht op de ontwikkeling van het kind. |
||
|
Activiteiten |
||
|
Het aanleren van praktische en cognitieve vaardigheden, gericht op het zo zelfstandig mogelijk leren leven. Te denken valt aan zelfredzaamheid met betrekking tot persoonlijke verzorging, communicatie en het aanleren van vaardigheden voor schoolvoorbereiding (niet school vervangend). Naast de groepsbehandeling is de mogelijkheid om een ambulant hulpverlener in te zetten voor behandeling in de thuissituatie. |
||
|
Doelgroep |
||
|
||
|
Voor wie |
||
|
Jeugdigen die wegens hun beperking niet in staat zijn om onderwijs te volgen of gebruik te maken van een reguliere opvangvoorziening en die een behandeling nodig hebben in een multidisciplinair team met als uiteindelijke doel: doorstroming naar (passend) onderwijs. Ouders worden betrokken, zodat zij leren aansluiten bij de behoeften van hun kind en weten hoe zij de ontwikkeling zelf kunnen stimuleren |
||
|
Resultaat |
||
|
Dagbehandeling vindt altijd plaats met een concreet behandeldoel. Deze kunnen liggen op het gebied van:
|
||
|
Specifieke eisen |
||
|
||
|
Functieprofiel |
De behandeling wordt geleverd door professionals met een minimaal opleidingsniveau variërend van mbo niveau 4 tot en met wo |
|
|
Functiemix |
40 % Mbo-4,40 % Hbo,10 % Hbo+,10 % Wo. |
|
|
Financiering |
P * Q / dagdeel. |
|
|
Tarief |
€ 154,30 (dagdeel – all-in). |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten woon-werk, indirecte en overige kosten (42%), werkgeverslasten (35,33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (33 %), marge 2% (innovatie, resultaten, risico). Normatieve huisvestingskosten (NHC) en normatieve inventariskosten (NIC) per dagdeel. Daarnaast voedingskosten ook per dagdeel. |
|
|
Bijzonderheden |
Dagbehandeling midden kan voor jeugdigen in de leerplichtige leeftijd uitsluitend gedeclareerd worden als sprake is van een ontwikkelingsgericht behandelplan. Als de cliënt in een opeenvolgende periode meer dan 50% afwezig is, mag de eerste periode van 3 weken 100% gedeclareerd worden. Na deze 3 weken mag maximaal 80% van de gemaakte afspraken gedeclareerd worden. |
|
Dagbehandeling intensief
|
Product: Dagbehandeling |
||
|
Dienst: Dagbehandeling intensief |
||
|
Eenheid |
Dagdeel |
|
|
Intensiteit |
Maximaal 10 dagdelen per week, maximaal 12 maanden (met uitzondering voor zware problematiek, maximaal 24 maanden). |
|
|
Omschrijving |
||
|
Ontwikkelen en aanleren van praktische, cognitieve en/of sociaal emotionele vaardigheden waarbij de mogelijkheden van het kind optimaal benut worden, zodat een zo zelfstandig mogelijk niveau van functioneren bereikt kan worden. De dagbehandeling is gericht op de ontwikkeling van het kind. |
||
|
Activiteiten |
||
|
Het aanleren van praktische en cognitieve vaardigheden, gericht op het zo zelfstandig mogelijk leren leven. Te denken valt aan zelfredzaamheid met betrekking tot persoonlijke verzorging, communicatie en het aanleren van vaardigheden voor schoolvoorbereiding (niet school vervangend). Naast de groepsbehandeling is de mogelijkheid om een ambulant hulpverlener in te zetten voor behandeling in de thuissituatie. |
||
|
Doelgroep |
||
|
||
|
Voor wie |
||
|
Jeugdigen die wegens hun beperking niet in staat zijn om onderwijs te volgen of gebruik te maken van een reguliere opvangvoorziening en die een behandeling nodig hebben in een multidisciplinair team met als uiteindelijke doel : doorstroming naar (passend) onderwijs. Ouders worden betrokken, zodat zij leren aansluiten bij de behoeften van hun kind en weten hoe zij de ontwikkeling zelf kunnen stimuleren |
||
|
Resultaat |
||
|
Dagbehandeling vindt altijd plaats met een concreet behandeldoel. Deze kunnen liggen op het gebied van:
|
||
|
Specifieke eisen |
||
|
||
|
Functieprofiel |
De behandeling wordt geleverd door professionals met een minimaal opleidingsniveau variërend van mbo niveau 4 tot en met wo. |
|
|
Functiemix |
40% Mbo 4, 40 % Hbo, 10% HBO+, 10 % WO |
|
|
Financiering |
P * Q / dagdeel. |
|
|
Tarief |
€ 182,67 (dagdeel – all-in). |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten woon-werk, indirecte en overige kosten (42%), werkgeverslasten (35,33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (33 %), marge 2% (innovatie, resultaten, risico). Normatieve huisvestingskosten (NHC) en normatieve inventariskosten (NIC) per dagdeel. Daarnaast voedingskosten ook per dagdeel. |
|
|
Bijzonderheden |
Dagbehandeling intensief kan voor jeugdigen in de leerplichtige leeftijd uitsluitend gedeclareerd worden als sprake is van een ontwikkelingsgericht behandelplan. Als de cliënt in een opeenvolgende periode meer dan 50% afwezig is, mag de eerste periode van 3 weken 100% gedeclareerd worden. Na deze 3 weken mag maximaal 80% van de gemaakte afspraken gedeclareerd worden. |
|
Begeleiding basis
|
Product: Begeleiding |
||
|
Dienst: Begeleiding basis |
||
|
Eenheid |
Minuten / Uren |
|
|
Intensiteit |
Intensiteit is afhankelijk van de problematiek en de ondersteuningsbehoefte en noodzakelijkheid. Gemiddeld wordt dit 12 maanden afgegeven. |
|
|
Omschrijving |
||
|
Bij de volwassene zijn de activiteiten gericht op beter omgaan met de jeugdige als ouder/verzorger. Het gaat hierbij om opvoedkundige vragen. De begeleiding is hierbij gericht op de ouder(s). Door het aanleren van opvoedkundige vaardigheden aan ouders wordt de jeugdige in een stabiele, veilige en opvoedkundige leefomgeving optimaal gestimuleerd om tot verdere ontwikkeling te komen. Ouders weten op adequate wijze aan te sluiten bij de behoefte van hun kind. |
||
|
Activiteiten |
||
|
||
|
Doelgroep |
||
|
||
|
Voor wie |
||
|
Ouders, verzorgers en jeugdigen |
||
|
Resultaat |
||
|
De aanbieder van jeugdhulp hoeft er niet voor te zorgen dat de problematiek wordt opgelost, maar wel dat de hulpvraag wordt beantwoord, door gebruik te maken van de eigen kracht van het gezin en het netwerk daar omheen. De jeugdige kan zonder jeugdhulp verder. Uitzondering hierop is wanneer een jeugdige nog niet in aanmerking komt voor de Wlz, maar wel langdurige begeleiding nodig heeft. De beoogde resultaten van de hulp is met name gericht op:
|
||
|
Specifieke eisen |
||
|
||
|
Functieprofiel |
De begeleiding wordt geleverd door zorgverleners met een minimaal opleidingsniveau variërend van mbo niveau 3 tot en hbo. Het zwaartepunt ligt bij de inzet op mbo 4 niveau. Vanwege de doelgroep dienst een gecertificeerde SKJ-er gekoppeld te zijn aan een niet gecertificeerde medewerker. Voor de ondersteuning van volwassenen in het kader van complexe scheidingen ligt de inzet op HBO+ niveau (geen functiemix). |
|
|
Functiemix |
Jeugdigen: 70% Mbo-4, 20 % Hbo, 10 % WO |
|
|
Financiering |
P * Q / uur. |
|
|
Tarief |
€ 82,86 (uur) / € 1,38 (minuut). |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten werk-werk en woon-werk, indirecte en overige kosten (31%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (35%), marge 3% (innovatie, resultaten, risico), 4,5% ORT |
|
|
Bijzonderheden |
|
|
Begeleiding specialistisch
|
Product: Begeleiding |
||
|
Dienst: Begeleiding specialistisch |
||
|
Eenheid |
Minuten / Uren |
|
|
Intensiteit |
Intensiteit is afhankelijk van de problematiek en de ondersteuningsbehoefte en noodzakelijkheid. Gemiddeld wordt dit 12 maanden afgegeven. |
|
|
Omschrijving |
||
|
Bij de volwassene zijn de activiteiten gericht op beter omgaan met de jeugdige als ouder/verzorger. Het gaat hierbij om opvoedkundige vragen. De begeleiding is hierbij gericht op de ouder(s). Door het aanleren van opvoedkundige vaardigheden aan ouders wordt de jeugdige in een stabiele opvoedkundige leefomgeving optimaal gestimuleerd om tot verdere ontwikkeling te komen. Ouders weten op adequate wijze aan te sluiten bij de behoefte van hun kind. Tevens hebben ouders opvoedvaardigheden geleerd om de fysieke en emotionele veiligheid van het kind te waarborgen. |
||
|
Activiteiten |
||
|
||
|
Doelgroep |
||
|
||
|
Voor wie |
||
|
||
|
Resultaat |
||
|
De jeugdige en het gezin kunnen zonder jeugdhulp verder. De beoogde resultaten van de jeugdhulp liggen op de volgende gebieden:
|
||
|
Specifieke eisen |
||
|
||
|
Functieprofiel |
De begeleiding wordt geleverd door zorgverleners met een minimaal opleidingsniveau variërend van hbo tot en met wo+, soms met inzet van medisch specialist (functiemix). Het zwaartepunt ligt bij een inzet op hbo-opleidingsniveau. |
|
|
Functiemix |
35 % Hbo / 30% HBO+, 40 % WO. |
|
|
Financiering |
P * Q / uur. |
|
|
Tarief |
€ 110,47 (uur) / € 1,84 (minuut). |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten werk-werk en woon-werk, indirecte en overige kosten (41%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren 35 %, marge 3% (innovatie, resultaten, risico), 4,5 % ORT. |
|
|
Bijzonderheden |
|
|
Diagnose basis
|
Product: Diagnose |
||
|
Dienst: Diagnose basis |
||
|
Eenheid |
Minuten / Uren |
|
|
Intensiteit |
Maximaal 21 uur gedurende maximaal 3 maanden. |
|
|
Omschrijving |
||
|
Basis diagnostisch onderzoek is het door middel van gesprekken, testen, observatie en vragenlijsten helder krijgen van het diagnostisch beeld van de jeugdige. Diagnostiek omvat alle activiteiten gericht op verduidelijking van de klachten en van de jeugdhulpvraag. Diagnostiek is noodzakelijk wanneer nog niet duidelijk is welke aanpak/hulp er nodig/passend is voor een jeugdige. |
||
|
Activiteiten |
||
|
Multidisciplinair onderzoek (ofwel ‘assessment’) om te bepalen welk arrangement of welk zorg- en behandelplan een kind nodig heeft. |
||
|
Doelgroep |
||
|
Indien er een vermoeden is van een onderliggende psychische stoornis en het voor de inzet van passende ondersteuning t.b.v. van de jeugdige noodzakelijk is meer helderheid te krijgen over de oorzaak van de beperkingen in het functioneren en indien de vraaganalyse van de verwijzer onvoldoende aanknopingspunten biedt voor een vervolgtraject. |
||
|
Voor wie |
||
|
Er is bij de jeugdige sprake van een tijdelijke of blijvende psychische stoornis, die maken dat de jeugdige matige tot ernstige beperkingen ervaart en/of bedreigd wordt in zijn ontwikkeling. |
||
|
Resultaat |
||
|
Het opstellen van een diagnostisch verslag met daarin een duidelijk beeld van de oorzaken van klachten en hulpvraag van de jeugdige en het gezin op basis van een verklarende analyse. Door het diagnostische proces kan de inhoud en omvang bepaald worden van noodzakelijk vervolgstappen in behandeling/ begeleiding. |
||
|
Specifieke eisen |
||
|
Regiebehandelaar is opgenomen in het register basisdiagnostiek en in het bezit van basisaantekening orthopedagogiek of psychodiagnostiek. |
||
|
Functieprofiel |
Gedragswetenschapper. |
|
|
Functiemix |
70% Wo/20% Wo+ / 10% MS. |
|
|
Financiering |
P * Q / uur. |
|
|
Tarief |
€ 129,58 (uur) / € 2,16 (minuut). |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten woon-werk, indirecte en overige kosten (31%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (35 %), marge 3% (innovatie, resultaten, risico). |
|
|
Bijzonderheden |
|
|
Perceel 3: Generalistische Basis GGz
In de opdrachten voor de gemeente Barendrecht en de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR) wordt onderscheid gemaakt tussen generalistische Basis GGz en gespecialiseerde GGz.
De gespecialiseerde GGz wordt regionaal ingekocht gezien het specialistische karakter en het vereiste schaalniveau dat specialistische zorgaanbieders dienen te hebben. Net als bij de gespecialiseerde GGz dient er voor verwijzing naar de Generalistische Basis GGz sprake te zijn van een vermoeden van een DSM-IV stoornis. Er is echter in deze situaties geen sprake van een hoog risico of hoge complexiteit. De behandeling is gericht op het stabiliseren, verminderen, behandelen en/of opheffen van en/of leren omgaan met een Enkelvoudige stoornis. In sommige gevallen kan er ook specialistische GGz lokaal ingezet worden. Bijvoorbeeld als overbruggingszorg of directe inzet van hulp vanwege langere wachttijden in de regio. Samen met de gecontracteerde aanbieders zal in 2023 de dienst specialistische GGz verder gedefinieerd worden.
Bij de verwijzing door een medisch specialist, de afweging van de medewerker Toegang (wijkteam) of POH GGZ moet blijken of de jeugdige verwezen wordt naar de Generalistische Basis GGZ, of in geval van een complexe Meervoudige problematiek én een hoog risico of problematiek met schaars aanbod en laag aantal cliënten, naar perceel/opdracht E van de GRJR.
Het gaat om jeugdhulp aan:
- •
Kinderen met gedragsproblemen door een lichamelijke, zintuiglijke, cognitieve of verstandelijke beperking, of een psychiatrische of psychosociaal probleem, of een combinatie daarvan.
Het betreft tijdelijke enkelvoudige, psychische problematiek, die binnen een kortdurende periode behandeld kan worden. Waar nodig aangevuld met consultatie en psychodiagnostiek. De behandeling is gericht op:
- •
Het vaststellen van de problematiek en de oorzaak (diagnostiek);
- •
Het herstel of voorkoming van verergering van gedragsproblemen;
- •
Het herstel en/of het aanleren van vaardigheden c.q. praktische handvatten aanreiken;
- •
Met de behandeling kunnen we een blijvende verbetering in het functioneren realiseren;
- •
De behandeling kan ook gericht zijn op het verbeteren van de interactie binnen het gezin. Het gaat hierbij om gerichte professionele interventies.
In afwijking van de lopende opdracht lokale jeugdhulp zijn er regionale producten naar de lokale opdracht over gegaan. Het betreft uit de huidige opdracht E (regionaal):
- •
Resultaatgebied 2, trede 1 en 2;
- •
Medicatieconsulten (productcode 45A48).
Diagnose basis
|
Product: Diagnose |
||
|
Dienst: Diagnose basis |
||
|
Eenheid |
Minuten / Uren |
|
|
Intensiteit |
Maximaal 21 uur gedurende maximaal 3 maanden. |
|
|
Omschrijving |
||
|
Basis diagnostisch onderzoek is het door middel van gesprekken, testen, observatie en vragenlijsten helder krijgen van het diagnostisch beeld van de jeugdige. Diagnostiek omvat alle activiteiten gericht op verduidelijking van de klachten en van de jeugdhulpvraag. Diagnostiek is noodzakelijk wanneer nog niet duidelijk is welke aanpak/hulp er nodig/passend is voor een jeugdige. |
||
|
Activiteiten |
||
|
Multidisciplinair onderzoek (ofwel ‘assessment’) om te bepalen welk arrangement of welk zorg- en behandelplan een kind nodig heeft. |
||
|
Doelgroep |
||
|
Indien er een vermoeden is van een onderliggende psychische stoornis en het voor de inzet van passende ondersteuning t.b.v. van de jeugdige noodzakelijk is meer helderheid te krijgen over de oorzaak van de beperkingen in het functioneren en indien de vraaganalyse van de verwijzer onvoldoende aanknopingspunten biedt voor een vervolgtraject. |
||
|
Voor wie |
||
|
Er is bij de jeugdige sprake van een tijdelijke of blijvende psychische stoornis, die maken dat de jeugdige matige tot ernstige beperkingen ervaart en/of bedreigd wordt in zijn ontwikkeling. |
||
|
Resultaat |
||
|
Het opstellen van een diagnostisch verslag met daarin een duidelijk beeld van de oorzaken van klachten en hulpvraag van de jeugdige en het gezin op basis van een verklarende analyse. Door het diagnostische proces kan de inhoud en omvang bepaald worden van noodzakelijk vervolgstappen in behandeling/ begeleiding. |
||
|
Specifieke eisen |
||
|
Regiebehandelaar is opgenomen in het register basisdiagnostiek en in het bezit van basisaantekening orthopedagogiek of psychodiagnostiek. |
||
|
Functieprofiel |
Gedragswetenschapper. |
|
|
Functiemix |
70% Wo/20% Wo+ / 10% MS. |
|
|
Financiering |
P * Q / uur |
|
|
Tarief |
€ 129,58 (uur) / € 2,16 (minuut). |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten woon-werk, indirecte en overige kosten (31%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (35 %), marge 3% (innovatie, resultaten, risico). |
|
|
Bijzonderheden |
|
|
Behandeling Basis
|
Product: Behandeling |
||
|
Dienst: Behandeling basis |
||
|
Eenheid |
Minuten / Uren |
|
|
Intensiteit |
Maximaal 40 uur over een periode van maximaal 12 maanden. |
|
|
Omschrijving |
||
|
Het kind wordt individueel behandeld, gericht op het ontwikkelen en aanleren van praktische, cognitieve en emotionele vaardigheden, waarbij de mogelijkheden van het kind optimaal worden benut. |
||
|
Activiteiten |
||
|
De behandeling is gericht op:
|
||
|
Doelgroep |
||
|
Kinderen met gedragsproblemen door een lichamelijke, zintuiglijke, cognitieve of verstandelijke beperking, of een psychiatrische of psychosociaal probleem, of een combinatie daarvan. |
||
|
Voor wie |
||
|
Jeugdige en zijn/haar ouders/verzorgers |
||
|
Resultaat |
||
|
||
|
Specifieke eisen |
||
|
||
|
Functieprofiel |
De behandeling wordt geleverd door professionals met een minimaal opleidingsniveau variërend van hbo tot en met medisch specialist. Het zwaartepunt ligt bij een inzet op WO opleidingsniveau. |
|
|
Functiemix |
10 % Hbo+, 80 % Wo, 5% Wo+, 5 % Ms. |
|
|
Financiering |
P * Q / uur |
|
|
Tarief |
€ 135,96 (uur) / € 2,27 (minuut). |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten woon-werk, indirecte en overige kosten (39%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (39 %), marge 3% (innovatie, resultaten, risico). |
|
|
Bijzonderheden |
Indien op voorhand (tijdens het onderzoek) duidelijk wordt dat langer dan 1 jaar behandeling noodzakelijk is, kan door de toegangsmedewerker een indicatie voor 1,5 jaar worden afgegeven met in totaal 60 uur behandeltijd. Als de cliënt in een opeenvolgende periode meer dan 50% afwezig is, mag de eerste periode van 3 weken 100% gedeclareerd worden. Na deze 3 weken mag maximaal 80% van de gemaakte afspraken gedeclareerd worden. |
|
Behandeling specialistisch
|
Product: Behandeling |
||
|
Dienst: Behandeling specialistisch |
||
|
Eenheid |
Minuten / Uren |
|
|
Intensiteit |
Maximaal 80 uur over een periode van maximaal 1 jaar. Indien op voorhand (tijdens het onderzoek) duidelijk wordt dat langer dan 1 jaar behandeling noodzakelijk is, kan door een indicatie voor 1,5 jaar worden afgegeven met in totaal 120 uur behandeltijd. |
|
|
Omschrijving |
||
|
De specialistische jeugd GGz is gericht op behandelen van matig tot ernstige, complexe psychische problemen of niet-stabiele chronische problematiek met matige tot ernstige beperkingen in het dagelijks functioneren. De in te zetten hulp is doelmatig en passend om het behandeldoel te bereiken. |
||
|
Activiteiten |
||
|
Het is aan de zorgaanbieder om binnen het behandeltraject een passend zorgaanbod te organiseren. Voor diagnostiek wordt het hiervoor ingerichte product diagnostiek ingezet. |
||
|
Doelgroep |
||
|
GGz specialistisch is voor jeugdigen met een beperking op grond van een DSM-benoemde stoornis. Er is sprake is van een hoog risico, een ernstig ziektebeeld en ernstige beperkingen in het dagelijks functioneren. Er zijn duidelijke aanwijzingen die duiden op co morbiditeit, een gevaar voor zelfverwaarlozing, ernstige opvoedingsproblematiek en/of decompensatie. |
||
|
Voor wie |
||
|
De jeugdige en zijn/haar ouders |
||
|
Resultaat |
||
|
||
|
Specifieke eisen |
||
|
||
|
Functieprofiel |
De behandeling wordt geleverd door professionals met een minimaal opleidingsniveau variërend van hbo tot en met medisch specialist. Het zwaartepunt ligt bij een inzet op WO opleidingsniveau. |
|
|
Functiemix |
50% WO, 30% Wo+, 20% MS |
|
|
Financiering |
P * Q / uur |
|
|
Tarief |
€ 144,46 (uur) / € 2,41 (minuut). |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten woon-werk, indirecte en overige kosten (39%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (39 %), marge 3% (innovatie, resultaten, risico). |
|
|
Bijzonderheden |
Indien op voorhand (tijdens het onderzoek) duidelijk wordt dat langer dan 1 jaar behandeling noodzakelijk is, kan door de toegangsmedewerker een indicatie voor 1,5 jaar worden afgegeven met in totaal 120 uur behandeltijd. Als de cliënt in een opeenvolgende periode meer dan 50% afwezig is, mag de eerste periode van 3 weken 100% gedeclareerd worden. Na deze 3 weken mag maximaal 80% van de gemaakte afspraken gedeclareerd worden. |
|
Medicatiebegeleiding
|
Product: Medicatiebegeleiding |
||
|
Dienst: Medicatiebegeleiding/ consultatie |
||
|
Eenheid |
Minuten / Uren |
|
|
Intensiteit |
Minimaal 20 minuten en maximaal 45 minuten per consult, maximaal 6 consulten per jaar. Maximaal voor een periode van 1,5 jaar. Dit betekent bij toekenning van de maximale tijd (45 min. per consult):
|
|
|
Omschrijving |
||
|
Medicamenteuze behandeling en medicatiecontroles om te onderzoeken of het voorgeschreven middel goed werkt, of er bijwerkingen zijn en om eventueel de dosis of het middel te wijzigen. |
||
|
Activiteiten |
||
|
||
|
Doelgroep |
||
|
Jeugdigen met (lichte tot matige, licht- tot middelcomplexe ADHD of overige) stabiele chronische problematiek die na afsluiting van een (psychologische) behandeling ondersteuning blijvend medicatie nodig hebben om de belemmerende effecten van de aandoening te dempen. |
||
|
Voor wie |
||
|
Jeugdigen tot 18 jaar met gedragsproblemen en psychische en/of psychiatrische stoornissen waarbij het monitoren evalueren en indien nodig bijlstellen van medicatie noodzakelijk is om de belemmerende effecten van de aandoening te dempen. Jeugdigen met complexe (DSM V) stoornissen. |
||
|
Resultaat |
||
|
||
|
Specifieke eisen |
||
|
||
|
Functieprofiel |
|
|
|
Functiemix |
30 % WO+, 70 % Medisch specialist. |
|
|
Financiering |
P * Q, per consult |
|
|
Tarief |
€ 4,03 (minuut) |
|
|
Opbouw tarief |
Reiskosten woon-werk, indirecte en overige kosten (31%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) + vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (35%), marge 3% (innovatie, resultaten, risico). |
|
|
Bijzonderheden |
|
|
Perceel 4: Ernstige Dyslexie
Kinderen met dyslexie hebben ernstige problemen met lezen en/of spellen. Het is een hardnekkig probleem dat zich ook voordoet bij alle vakken waarbij taalvaardigheid een rol speelt. Dyslexie wordt daarom ook wel een stoornis in het ‘technisch lezen’ genoemd. Kinderen moeten vaak meer energie steken in het lezen en zijn sneller afgeleid.
De inzet van jeugdhulp op het gebied van dyslexie is erop gericht om kinderen van 7 tot 12 jaar in staat te stellen om hun basisschoolperiode zo optimaal mogelijk te doorlopen. Via onderzoek (diagnostiek) wordt nagegaan of er inderdaad sprake is van dyslexie. Indien dit het geval is, dan wordt een behandeltraject ingezet.
In afwijking van de hierboven genoemde leeftijd behoort deze zorg niet tot de vergoedde prestaties, indien de zorg aanvangt op of na het bereiken van de dertienjarige leeftijd.
De toeleidingsroute en verwijzing voor diagnostiek en behandeling verloopt via de Poortwachter van samenwerkingsverband RiBA. Alleen leerlingen met een compleet schooldossier komen in aanmerking voor het starten van een diagnose en/of behandeling.
Diagnose Dyslexie
|
Product: Diagnose Dyslexie |
||
|
Dienst: Diagnose |
||
|
Eenheid |
Minuten / Uren |
|
|
Intensiteit |
Maximaal 12 uur, in maximaal 16 weken |
|
|
Omschrijving |
||
|
Door middel van gesprekken, testen, observatie en vragenlijsten helder krijgen van het diagnostisch beeld van de jeugdige. Diagnostiek omvat alle activiteiten gericht om na te gaan of er sprake is van ED problematiek. |
||
|
Activiteiten |
||
|
Observaties, gesprekken, testen vragenlijst afnemen, rapportage opstellen. Het opstellen van een diagnostisch verslag. (technisch professioneel en een cliëntverslag). |
||
|
Doelgroep |
||
|
Jeugdige waarbij vermoeden is dat sprake is van Dyslexie. |
||
|
Voor wie |
||
|
Er is bij de jeugdige sprake van signalen die erop wijzen dat sprake is van dyslexie, die maken dat de jeugdige matige tot ernstige beperkingen ervaart en/of bedreigd wordt in zijn toekomstperspectief, wat betreft het maken van vorderingen in het onderwijs. |
||
|
Resultaat |
||
|
Het opstellen van een diagnostisch verslag. Door het diagnostische proces kan de inhoud en omvang bepaald worden van noodzakelijk vervolgstappen in behandeling/ begeleiding. |
||
|
Specifieke eisen |
||
|
||
|
Functieprofiel |
Orthopedagoog of psycholoog. |
|
|
Functiemix |
85% WO /15% WO+ |
|
|
Financiering |
P * Q / uur |
|
|
Tarief |
€ 120,94 (uur) / € 2,02 (minuut). |
|
|
Opbouw tarief |
Indirecte en overige kosten (31%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %), vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (35 %), marge 3% (innovatie, resultaten, risico). |
|
|
Bijzonderheden |
|
|
Behandeling Dyslexie
|
Product: Behandeling Dyslexie |
||
|
Dienst: Behandeling |
||
|
Eenheid |
Minuten / Uren |
|
|
Intensiteit |
Maximaal 65 sessies, in maximaal 20 maanden. |
|
|
Omschrijving |
||
|
Behandeling ten behoeve van het bereiken van een voldoende niveau van technisch lezen en spellen. De achterstand wordt veroorzaakt door Dyslexie. |
||
|
Activiteiten |
||
|
Behandeling volgens het landelijk Protocol Dyslexie Diagnostiek en Behandeling van het Nederlands Kwaliteitsinstituut Dyslexie en daarbij is voldaan aan de criteria voor vergoede dyslexiezorg aan leerlingen met ernstige dyslexie. |
||
|
Doelgroep |
||
|
Jeugdigen waarbij zeer duidelijk is dat sprake is van dyslexie en de jeugdige gebaat is bij behandeling |
||
|
Voor wie |
||
|
Jeugdigen van 7 jaar of ouder die basisonderwijs volgen |
||
|
Resultaat |
||
|
Het bereiken van een voldoende niveau van technisch lezen en spellen, uitgedrukt in gangbare eisen en criteria passend bij de leeftijd, schoolniveau en/of beroepsperspectief van cliënt en een voor cliënt acceptabel niveau van zelfredzaamheid. |
||
|
Specifieke eisen |
||
|
||
|
Functieprofiel |
Orthopedagoog en/of psycholoog |
|
|
Functiemix |
4%hbo/86%wo/10%wo+ |
|
|
Financiering |
P * Q / uur |
|
|
Tarief |
€ 115,63 (uur) / € 1,93 (minuut) |
|
|
Opbouw tarief |
Indirecte en overige kosten (31%), werkgeverslasten (33%), eindejaarsuitkering (8,33 %) , vakantietoeslag (8%), niet productieve uren (35 %), marge 3% (innovatie, resultaten, risico). |
|
|
Overleguren |
In tarief opgenomen. |
|
|
Bijzonderheden |
|
|
Bijlage: Overzicht productcodes t.b.v. zorgbestelling (betreft een bijlage van de dienstencatalogus)
Bijlage: Overzicht lokaal gecontracteerde aanbieders: hoofd- en onderaannemers (betreft een bijlage van de dienstencatalogus)
|
Zorgaanbieders |
Perceel |
|||
|
1 |
2 |
3 |
4 |
|
|
ASVZ/ Lelie Zorggroep |
X |
|
|
|
|
Basic Trust |
|
|
X |
|
|
Boba Groep |
X |
|
|
|
|
Care-4All |
X |
|
|
|
|
City Kids |
|
X |
|
|
|
Coach-Point |
X |
|
|
|
|
DEVOTAS |
|
|
X |
|
|
Distinto |
X |
X |
X (M) |
|
|
Eddee Zorgverlening |
X |
|
X |
|
|
Eleos christelijke GGZ |
|
|
X (M) |
|
|
Enver |
|
X |
|
|
|
Focus Op Zorg |
X |
|
|
|
|
Focuz Behandelcentrum Kind en Jeugd (Behandelcentrum Kindergeneeskunde) |
|
|
X (M) |
|
|
GZ+ |
|
|
X |
|
|
Horses & Co, zorg & leerboerderij voor orthopedagogiek |
X |
X |
X (M) |
|
|
Jeugdprofs |
X |
|
|
|
|
Kinderplein |
|
|
X (M) |
|
|
Mentaal Beter |
|
|
X |
|
|
Pameijer |
X |
|
|
|
|
Parnassia Groep |
|
X |
X (M) |
|
|
PKJP (V.M. Kooij Praktijk voor Kinder- en Jeugdpsychiatrie) |
|
|
X (M) |
|
|
Praktijk Effe Anders |
|
|
X (M) |
|
|
Praktijk Vergne |
|
|
X |
|
|
Profila Zorggroep |
X |
|
|
|
|
Psychologenpraktijk Brouwer |
|
|
X |
|
|
Stichting Bram Ridderkerk |
|
X |
|
|
|
Therapiepraktijk Marleen van de Grift |
|
|
X |
|
|
Urban Skillsz |
|
X |
|
|
|
Vink Psychologisch Centrum |
|
|
X |
|
|
Yulius |
|
|
X |
|
|
Zorgboeren Zuid-Holland |
|
X |
|
|
|
Zorgnijverij |
X |
X |
|
|
|
Driestar educatief |
|
|
X |
X |
|
Leestalent |
|
|
|
X |
|
Logopediepraktijk M.E. van der List |
|
|
|
X |
|
Opdidakt |
|
|
|
X |
|
Regionaal Instituut voor Dyslexie |
|
|
|
X |
*M: aanbieder biedt medicatiebegeleiding
Bijlage 2 Artikel 2 Tarievenlijst PGB’s vanaf 2026
|
PGB Tarieven Lokale Jeugdhulp |
Formeel PGB tarief per uur (per 1 maart 2026) |
Informeel PGB tarief per uur (per 1 maart 2026) |
Formeel PGB tarief per dagdeel/etmaal (per 1 maart 2026) |
Informeel PGB tarief per dagdeel/etmaal (per 1 maart 2026) |
|
PERCEEL 1 |
||||
|
Persoonlijke verzorging 40A04 |
€ 69,40 |
Minimum uurloon met vakantiebijslag |
|
|
|
Begeleiding basis 45A04 |
€ 82,86 |
|||
|
Begeleiding specialistisch 45A05 |
€ 110,47 |
|||
|
Diagnose basis 45A06 |
€ 129,58 |
Niet toegestaan |
||
|
Behandeling basis 45A65 |
€ 135,96 |
|||
|
Vaktherapie 45A53 |
€ 114,01 |
|||
|
Logeren licht 44A32 |
|
|
€ 235,00 |
tegemoetkoming (verordening jeugdhulp 2026 artikel 7.6) |
|
Logeren midden 44A33 |
€ 318,55 |
|||
|
Logeren zwaar 44A34 |
€ 472,97 |
|||
|
PERCEEL 2 |
||||
|
Dagactiviteit licht 41A22 |
|
|
€ 78,07 |
Niet toegestaan |
|
Dagactiviteit midden 41A23 |
€ 98,63 |
|||
|
Dagactiviteit zwaar 41A24 |
€ 133,03 |
|||
|
Dagbehandeling regulier 41A03 |
€ 120,88 |
|||
|
Dagbehandeling midden 41A13 |
€ 154,30 |
|||
|
Dagbehandeling intensief 41A15 |
€ 182,67 |
|||
|
Begeleiding basis 45A51 |
€ 82,86 |
Minimum uurloon met vakantiebijslag |
|
|
|
Begeleiding specialistisch 45A56 |
€ 110,47 |
|||
|
Diagnose basis 45A45 |
€ 129,58 |
Niet toegestaan |
||
|
PERCEEL 3 |
||||
|
Behandeling basis 54001 |
€ 135,96 |
Niet toegestaan |
|
|
|
Behandeling specialistisch 54002 |
€ 144,46 |
|||
|
Diagnose basis 54004 |
€ 129,58 |
|||
|
Medicatiebegeleiding (per minuut) 45A55 |
€ 4,03 |
|||
|
PERCEEL 4 |
||||
|
Diagnose 45A70 |
€ 120,94 |
Niet toegestaan |
|
|
|
Behandeling 45A74 |
€ 115,63 |
|||
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl