Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR757920
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR757920/1
Beleidsregel ontheffing artikel 35 Alcoholwet Eindhoven 2026
Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 04-03-2026
Intitulé
Beleidsregel ontheffing artikel 35 Alcoholwet Eindhoven 2026BURGEMEESTER VAN EINDHOVEN,
Gelet op:
- -
artikelen 4:81, eerste lid, en 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht;
- -
artikel 35 van de Alcoholwet;
- -
de artikelen 2:24, 2:48 van de Algemene Plaatselijke Verordening Eindhoven (hierna: APV Eindhoven);
Overwegende dat:
- -
bij uiteenlopende activiteiten tijdelijk zwak-alcoholhoudende drank wordt verstrekt met gebruikmaking van de ontheffingsmogelijkheid als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet;
- -
artikel 35 van de Alcoholwet de burgemeester de bevoegdheid geeft om hiervoor tijdelijk ontheffing te verlenen bij bijzondere gelegenheden van zeer tijdelijke aard;
- -
een eenduidig, uitvoerbaar en handhaafbaar kader noodzakelijk is om te bepalen wanneer van een dergelijke gelegenheid sprake is, onder welke voorwaarden alcoholverstrekking verantwoord kan plaatsvinden en hoe toezicht en naleving worden geborgd;
- -
het, met het oog op de rechtszekerheid, wenselijk is vast te leggen hoe de burgemeester omgaat met de bevoegdheid tot het verlenen van ontheffingen op grond van artikel 35 van de Alcoholwet;
BESLUIT:
Vast te stellen de navolgende beleidsregel:
“Beleidsregel ontheffing artikel 35 Alcoholwet Eindhoven 2026”
Artikel 1 – Begripsbepalingen
In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
- a.
Bijzondere gelegenheid
- -
Een incidentele, feestelijke, culturele, sportieve of maatschappelijk relevante gebeurtenis, die zich duidelijk onderscheidt van reguliere bedrijfsvoering of structurele activiteiten, en waarbij alcoholverstrekking uitsluitend ondersteunend is aan het karakter van de gelegenheid.
- b.
Tijdelijke aard
- -
De omstandigheid dat een activiteit binnen een kalenderjaar een beperkt en incidenteel karakter heeft. Als uitgangspunt geldt dat voor dezelfde gelegenheid binnen één kalenderjaar maximaal twaalf dagen ontheffing kan worden verleend.
- c.
Activiteit
- -
Een evenement, bijeenkomst, manifestatie, buurtactiviteit of andere publiek toegankelijke of besloten gelegenheid, dan wel een onderdeel daarvan, waarvoor geen reguliere Alcoholwetvergunning geldt.
- d.
Ontheffinghouder
- -
Degene aan wie de burgemeester een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet verleent.
- e.
Leidinggevende
- -
Een meerderjarige persoon onder wiens onmiddellijke leiding zwak-alcoholhoudende dranken worden verstrekt.
- f.
Uitgiftepunt
- -
Een vaste of tijdelijke voorziening van waaruit zwak-alcoholhoudende drank aan bezoekers wordt verstrekt, waaronder begrepen een tappunt, bar, kraam of andere vergelijkbare voorziening.
- g.
Zwak-alcoholhoudende drank
- -
Alcoholhoudende drank, met uitzondering van sterke drank, zoals bedoeld in artikel 1 van de Alcoholwet.
Artikel 2 – Doel en reikwijdte
-
1. Deze beleidsregel geeft richting aan de toepassing van artikel 35 Alcoholwet door de burgemeester van Eindhoven.
-
2. De beleidsregel is van toepassing op het tijdelijk schenken van zwak-alcoholhoudende drank buiten een geldige Alcoholwetvergunning bij:
- a.
publiek toegankelijke evenementen in de openbare ruimte;
- b.
besloten of semi-openbare activiteiten1 die niet onder een reguliere Alcoholwetvergunning vallen;
- c.
tijdelijke en incidentele gelegenheden met een feestelijk of maatschappelijk karakter waarbij alcoholverstrekking ondersteunend is aan de aard van de gelegenheid.
-
3. De beleidsregel geldt niet voor:
- a.
activiteiten die binnen een geldige Alcoholwetvergunning plaatsvinden;
- b.
structurele of bedrijfsmatige horeca-activiteiten;
- c.
commerciële of promotionele activiteiten waarbij alcoholverstrekking een zelfstandig doel vormt.
-
4. De beleidsregel dient ter bescherming van openbare orde, veiligheid, volksgezondheid en naleving van de Alcoholwet.
Artikel 3 – Bijzondere gelegenheid van zeer tijdelijke aard
-
1. De burgemeester verleent uitsluitend ontheffing indien sprake is van een bijzondere gelegenheid én deze van zeer tijdelijke aard is als bedoeld in artikel 1, onder b.
-
2. Bij de beoordeling betrekt de burgemeester ten minste de volgende aspecten:
Aard en doel – de gelegenheid heeft een feestelijk, cultureel, sportief of maatschappelijk karakter. De bijzondere gelegenheid kan bestaan uit één activiteit of uit een samenhangend geheel van op elkaar afgestemde activiteiten, mits deze als één gelegenheid kunnen worden aangemerkt;
Tijdelijkheid – de activiteit is incidenteel en maakt geen onderdeel uit van reguliere, bedrijfsmatige of anderszins structurele activiteiten;
Ondersteunend karakter – alcoholverstrekking mag niet het hoofddoel zijn van de activiteit;
Afwijking van de reguliere bedrijfsvoering – de gelegenheid onderscheidt zich duidelijk van reguliere horeca-, detailhandels- of bedrijfsactiviteiten op de locatie.
Artikel 4 – Aanvraagvereisten
-
1. De aanvraag bevat ten minste:
- a.
naam en contactgegevens van de aanvrager;
- b.
datum/data en tijden van de activiteit en de voorgenomen schenktijden;
- c.
een duidelijke plattegrond met legenda waarop het uitgiftepunt of de uitgiftepunten zijn ingetekend;
- d.
voornamen, achternaam en geboortedata van leidinggevenden;
- e.
beschrijving van de aard en opzet van de activiteit;
-
2. De burgemeester kan aanvullende gegevens verlangen indien dit noodzakelijk is voor een zorgvuldige beoordeling.
-
3. Een aanvraag om een ontheffing wordt in beginsel niet eerder dan acht weken en uiterlijk twee weken vóór aanvang van de activiteit ingediend.
Artikel 5 – Voorschriften en beperkingen
-
1. De burgemeester verbindt aan een artikel 35-ontheffing de voorschriften die noodzakelijk zijn ter bescherming van openbare orde, veiligheid, volksgezondheid en naleving van de Alcoholwet.
-
2. Voorschriften kunnen in elk geval betrekking hebben op:
- a.
aanwijzing van leidinggevenden;
- b.
inzet van vrijwilligers of personeel;
- c.
toezicht- en leeftijdscontrolemaatregelen (o.a. ID-controle, polsbandjes);
- d.
de aanwezigheid van een afschrift van de ontheffing;
- e.
de wijze waarop alcoholverstrekking plaatsvindt, waaronder het gebruik van een (tijdelijk) tappunt of uitgiftepunt;
- f.
schenktijden en beperking tot zwak-alcoholhoudende drank;
- g.
situering van uitgiftepunten met het oog op crowdmanagement, bereikbaarheid en zichtlijnen;
- h.
eisen aan beëindiging van alcoholverstrekking bij ordeverstoring of onveilige situaties;
- i.
samenwerking met andere verstrekkers bij evenementen met meerdere alcoholuitgiftepunten, waaronder begrepen afspraken over gezamenlijke of collectieve alcoholverstrekking;
-
3. De burgemeester kan voorschriften aanpassen of aanvullen wanneer gewijzigde omstandigheden dit noodzakelijk maken, dan wel wanneer hij dit anderszins noodzakelijk acht.
-
4. Indien de Nadere regels herbruikbare statiegeldbekers Eindhoven op de activiteit van toepassing zijn, verbindt de burgemeester aan de ontheffing de daarbij behorende rechten en verplichtingen.
Artikel 6 – Verantwoordelijkheden van de ontheffinghouder
-
1. De ontheffinghouder draagt zorg voor:
- a.
naleving van alle aan de ontheffing verbonden voorschriften;
- b.
aanwezigheid van een meerderjarig persoon onder wiens onmiddellijke leiding de alcoholverstrekking plaatsvindt gedurende de schenktijden;
- c.
voldoende toezicht op orde, alcoholgebruik en leeftijdscontrole;
- d.
directe opvolging van aanwijzingen van politie of toezichthouders;
- e.
onmiddellijke beëindiging van alcoholverstrekking bij overtreding van voorschriften, ordeverstoringen of bij onveiligheid; en
- f.
samenwerking met andere ontheffinghouders bij activiteiten met meerdere verstrekkers.
Artikel 7 – Handhaving
-
1. Het toezicht op de naleving van de aan een artikel 35-ontheffing verbonden voorschriften berust bij de daartoe aangewezen toezichthouders en de politie.
-
2. Indien voorschriften niet worden nageleefd of indien de alcoholverstrekking leidt tot verstoring van de openbare orde, aantasting van de veiligheid, gezondheid of andere onaanvaardbare risico’s, kan de burgemeester:
- a.
de alcoholverstrekking onmiddellijk (doen) beëindigen;
- b.
de ontheffing tijdelijk opschorten, beperken of intrekken en/of;
- c.
aanvullende voorschriften stellen.
-
3. Herhaalde of ernstige overtredingen kunnen door de burgemeester worden betrokken bij de beoordeling van toekomstige aanvragen om een artikel 35-ontheffing.
-
4. Handhavingsmaatregelen worden proportioneel toegepast, waarbij de aard en ernst van de overtreding, de omstandigheden van het geval en het nalevingsgedrag van de ontheffinghouder worden meegewogen.
Artikel 8 – Weigeringsgronden
-
1. De burgemeester kan een aanvraag om een artikel 35-ontheffing geheel of gedeeltelijk weigeren indien:
- a.
geen sprake is van een bijzondere gelegenheid van zeer tijdelijke aard als bedoeld in artikel 3;
- b.
de activiteit naar aard, omvang of duur het karakter heeft van een reguliere of structurele horeca- of detailhandelsactiviteit;
- c.
de aanvraag - al dan niet in combinatie met andere aanvragen voor dezelfde activiteit - ertoe strekt de maximale geldigheidsduur (12 dagen) van een ontheffing te omzeilen;
- d.
het schenken van alcohol niet ondersteunend is aan de aard van de gelegenheid, maar een zelfstandig of overheersend doel vormt;
- e.
naar het oordeel van de burgemeester onvoldoende vertrouwen bestaat in een veilige, verantwoorde en handhaafbare alcoholverstrekking;
- f.
de activiteit naar verwachting leidt tot verstoring van de openbare orde, aantasting van de veiligheid of andere onaanvaardbare risico’s;
- g.
de leidinggevende of ontheffinghouder niet voldoet aan het vereiste van goed levensgedrag als bedoeld in artikel 35, tweede lid, van de Alcoholwet, waarbij de burgemeester aansluit bij de Beleidsregel beoordeling levensgedrag Eindhoven.
Artikel 9 – Slotbepalingen
-
1. Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na bekendmaking.
-
2. De burgemeester kan afwijken van deze beleidsregel indien toepassing leidt tot onevenredige gevolgen voor één of meer belanghebbenden (artikel 4:84 Awb).
-
3. Deze beleidsregel wordt aangehaald als:
Beleidsregel ontheffing artikel 35 Alcoholwet Eindhoven 2026.
Ondertekening
Eindhoven, 26 februari 2026
De burgemeester van Eindhoven
Ir. J.R.V.A. Dijsselbloem
TOELICHTING
Algemeen
Deze beleidsregel geeft invulling aan de wijze waarop de burgemeester gebruikmaakt van de bevoegdheid uit artikel 35 van de Alcoholwet om tijdelijk ontheffing te verlenen voor het schenken van zwak-alcoholhoudende drank bij bijzondere gelegenheden van zeer tijdelijke aard.
De beleidsregel biedt duidelijkheid over:
het toepassingsbereik van artikel 35 Alcoholwet;
de beoordeling van aanvragen;
de verantwoordelijkheden van ontheffinghouders;
de wijze waarop voorschriften en handhaving worden toegepast.
De beleidsregel wordt toegepast bij uiteenlopende tijdelijke en incidentele activiteiten, waaronder evenementen en andere gelegenheden waarbij tijdelijk zwak-alcohol wordt verstrekt buiten een reguliere Alcoholwetvergunning.
Toelichting bij artikel 1 (Begripsbepalingen)
De begripsbepalingen zijn opgenomen om de beleidsregel zelfstandig leesbaar te maken en om misverstanden in de uitvoering te voorkomen.
In artikel 1 is onderscheid gemaakt tussen het begrip bijzondere gelegenheid en het criterium tijdelijke aard. Met deze tweedeling wordt verduidelijkt dat eerst wordt beoordeeld of een activiteit naar aard en karakter kan worden aangemerkt als een bijzondere gelegenheid, en vervolgens of deze gelegenheid ook van voldoende tijdelijke aard is om voor een ontheffing op grond van artikel 35 van de Alcoholwet in aanmerking te komen.
Het uitgangspunt dat voor dezelfde gelegenheid binnen één kalenderjaar maximaal twaalf dagen ontheffing wordt verleend, dient ter afbakening van het incidentele karakter van artikel 35 van de Alcoholwet. Hiermee wordt voorkomen dat de ontheffingsbevoegdheid wordt ingezet voor feitelijk structurele of terugkerende alcoholverstrekking. Deze benadering sluit aan bij de uitvoeringspraktijk van de burgemeester en laat onverlet dat iedere aanvraag afzonderlijk wordt beoordeeld aan de hand van deze beleidsregel.
De definitie van zwak-alcoholhoudende drank sluit aan bij artikel 1 van de Alcoholwet. Onder zwak-alcoholhoudende drank valt alcoholhoudende drank die niet als sterke drank wordt aangemerkt. Voor de meeste dranken is daarbij het alcoholpercentage bepalend, waarbij drank met minder dan 15%alcohol als zwak-alcoholhoudend wordt aangemerkt. Wijn wordt op grond van de Alcoholwet niet aangemerkt als sterke drank en valt daarom ook bij een hoger alcoholpercentage onder zwak-alcoholhoudende drank.
Toelichting bij artikel 2 (Doel en reikwijdte)
Artikel 2 bepaalt het toepassingsbereik van deze beleidsregel. De bepaling maakt duidelijk wanneer de beleidsregel wordt toegepast en wanneer niet.
Het tweede lid benoemt de situaties waarin het tijdelijk schenken van alcohol onder deze beleidsregel valt. Daarbij is bewust gekozen voor een functionele benadering: het gaat om het schenken van alcohol buiten een reguliere Alcoholwetvergunning bij tijdelijke en incidentele gelegenheden. De opsomming in dit lid sluit aan bij de praktijk waarin artikel 35 Alcoholwet wordt toegepast en borgt dat ook niet-evenementmatige gelegenheden, zoals besloten of semi-openbare activiteiten en incidentele feestelijke of maatschappelijke gelegenheden, onder het bereik van de beleidsregel kunnen vallen.
Het derde lid bevat een expliciete uitsluiting. Daarmee wordt verduidelijkt dat artikel 35 Alcoholwet niet is bedoeld voor structurele of bedrijfsmatige activiteiten, noch voor commerciële of promotionele activiteiten waarbij alcoholverstrekking een zelfstandig doel vormt. Deze afbakening voorkomt dat artikel 35 wordt gebruikt als alternatief voor reguliere vergunningen.
Van reguliere bedrijfsvoering is in ieder geval sprake wanneer alcohol wordt verstrekt in het kader van normale opening, dienstverlening of klantbediening van een onderneming. Dergelijke activiteiten vallen buiten de reikwijdte van artikel 35 Alcoholwet, ook indien zij een besloten of promotioneel karakter hebben. Slechts indien sprake is van een duidelijke afgebakende, incidentele activiteit met een eigen karakter, die zich naar aard en opzet onderscheidt van de reguliere exploitatie, kan worden beoordeeld of artikel 35 van toepassing is.2
Toelichting bij artikel 3 (Bijzondere gelegenheid van zeer tijdelijke aard)
Artikel 3 verduidelijkt wanneer een activiteit kan worden aangemerkt als een bijzondere gelegenheid van zeer tijdelijke aard in de zin van artikel 35 Alcoholwet. De criteria in dit artikel zien uitsluitend op de aard van de gelegenheid zelf.
De beoordeling richt zich op de vraag of sprake is van een incidentele activiteit met een tijdelijk karakter, die zich duidelijk onderscheidt van reguliere of structurele bedrijfsvoering en waarbij alcoholverstrekking een ondersteunende rol heeft. Deze kwalificatie is bepalend voor de vraag of artikel 35 Alcoholwet überhaupt kan worden toegepast.
Artikel 35 van de Alcoholwet is bedoeld voor uitzonderlijke, incidentele gelegenheden en niet voor het faciliteren van reguliere exploitatie of het overbruggen van een lopend vergunningentraject. Indien een activiteit feitelijk samenhangt met reguliere bedrijfsvoering, structureel van aard is of herhaaldelijk plaatsvindt, ontbreekt het incidentele karakter dat voor toepassing van artikel 35 is vereist.
Aspecten als veiligheid, toezicht, locatiegeschiktheid en handhaafbaarheid maken geen onderdeel uit van deze kwalificatie. Deze aspecten worden betrokken bij de beoordeling van de aanvraag en bij het verbinden van voorschriften aan de ontheffing, maar zijn niet bepalend voor het antwoord op de vraag of sprake is van een bijzondere gelegenheid van zeer tijdelijke aard.
Met deze scheiding wordt voorkomen dat de begripsafbakening en de uitvoeringsvoorwaarden door elkaar gaan lopen.
Toelichting bij artikel 4 (Aanvraagvereisten)
Artikel 4 geeft aan welke gegevens nodig zijn om een aanvraag voor een artikel 35-ontheffing zorgvuldig te kunnen beoordelen. De vereisten zijn beperkt tot informatie die noodzakelijk is voor het vaststellen of sprake is van een bijzondere gelegenheid van zeer tijdelijke aard en voor het kunnen verbinden van passende voorschriften.
Het opnemen van een plattegrond met daarop de uitgiftepunten is van belang om inzicht te krijgen in de situering van de alcoholverstrekking. Dit stelt de burgemeester in staat om te beoordelen of toezicht, bereikbaarheid en handhaafbaarheid voldoende kunnen worden geborgd en om, indien nodig, gerichte voorschriften te verbinden aan de ontheffing.
De mogelijkheid om aanvullende gegevens te verlangen is bedoeld om maatwerk te kunnen leveren en om te voorkomen dat ontheffingen worden verleend op basis van onvolledige informatie.
Op aanvragen om een ontheffing op grond van artikel 35 Alcoholwet is geen lex silencio positivo van toepassing. De Alcoholwet voorziet niet in verlening van een ontheffing van rechtswege. Aanvragen worden steeds inhoudelijk beoordeeld met het oog op openbare orde, veiligheid en volksgezondheid.
Indien een aanvraag kort voor aanvang van de activiteit wordt ingediend, bestaat het risico dat deze niet tijdig kan worden beoordeeld.
Toelichting bij artikel 5 (Voorschriften en beperkingen)
Artikel 5 regelt dat aan een artikel 35-ontheffing voorschriften kunnen worden verbonden ter bescherming van de openbare orde, veiligheid, volksgezondheid en de naleving van de Alcoholwet. Het artikel is bewust open geformuleerd, zodat voorschriften kunnen worden afgestemd op de aard, omvang en locatie van de betreffende activiteit.
De opsomming in het tweede lid geeft aan welke onderwerpen in voorschriften kunnen worden geregeld, zonder deze uitputtend vast te leggen. Dit voorkomt dat voorschriften onnodig worden gestandaardiseerd en maakt maatwerk mogelijk.
In voorkomende gevallen kan alcoholverstrekking plaatsvinden onder gezamenlijke of collectieve regie, bijvoorbeeld wanneer meerdere uitgiftepunten binnen één evenement worden geëxploiteerd. In die situaties kan de burgemeester voorschriften stellen over verantwoordelijkheden, coördinatie en toezicht, gericht op een veilige en handhaafbare uitvoering.
Het vierde lid ziet op de toepassing van de Nadere regels herbruikbare bekers Eindhoven. Deze beleidsregel introduceert geen zelfstandige verplichtingen op dit punt, maar verduidelijkt dat de burgemeester bij het verlenen van een artikel 35-ontheffing aansluit bij de verplichtingen die voortvloeien uit de Nadere regels, voor zover deze op de activiteit van toepassing zijn. De wijze waarop deze verplichtingen gelden, volgt uit die regeling zelf.
Toelichting bij artikel 6 (Verantwoordelijkheden van de ontheffinghouder)
Artikel 6 benadrukt dat de ontheffinghouder eindverantwoordelijk is voor de naleving van de aan de ontheffing verbonden voorschriften en voor een verantwoorde alcoholverstrekking.
De bepaling maakt duidelijk dat deze verantwoordelijkheid niet kan worden overgedragen aan leidinggevenden, personeel of vrijwilligers. Wel is vereist dat de ontheffinghouder zorgt voor een duidelijke taakverdeling, adequate instructie en voldoende toezicht tijdens de activiteit.
De verplichting om aanwijzingen van toezichthouders en politie onverwijld op te volgen en om de alcoholverstrekking zo nodig onmiddellijk te beëindigen, onderstreept dat het belang van openbare orde, veiligheid en volksgezondheid steeds vooropstaat.
Toelichting bij artikel 7 (Handhaving)
Artikel 7 beschrijft de bevoegdheden van de burgemeester bij niet-naleving van de aan de ontheffing verbonden voorschriften. Het artikel maakt duidelijk dat de burgemeester kan ingrijpen indien de alcoholverstrekking leidt tot verstoring van de openbare orde, aantasting van de veiligheid of andere onaanvaardbare risico’s.
De bepaling bevat bewust geen uitgewerkt handhavingsstappenplan of sanctiematrix. Handhaving vindt plaats op basis van de omstandigheden van het geval en met inachtneming van de beginselen van proportionaliteit en zorgvuldigheid. Afhankelijk van aard en ernst van de overtreding kan worden volstaan met een waarschuwing, maar kan ook direct worden ingegrepen, bijvoorbeeld door het beëindigen van de alcoholverstrekking of het intrekken van de ontheffing.
Het betrekken van overtredingen bij de beoordeling van toekomstige aanvragen onderstreept het belang van naleving en verantwoordelijk handelen door ontheffinghouders.
Toelichting bij artikel 8 (Weigeringsgronden)
Artikel 8 bevat de gronden op basis waarvan de burgemeester een aanvraag om een artikel 35-ontheffing kan weigeren. Deze gronden zijn rechtstreeks verbonden met het karakter en de reikwijdte van artikel 35 van de Alcoholwet.
De weigeringsgronden maken duidelijk dat een ontheffing niet wordt verleend indien:
geen sprake is van een bijzondere gelegenheid van zeer tijdelijke aard;
de activiteit feitelijk het karakter heeft van reguliere of structurele horeca- of detailhandelsactiviteiten;
alcoholverstrekking een zelfstandig of overheersend doel vormt.
Daarnaast biedt het artikel ruimte om een aanvraag te weigeren indien onvoldoende vertrouwen bestaat in een veilige, verantwoorde en handhaafbare uitvoering, of indien risico’s voor de openbare orde of veiligheid niet aanvaardbaar worden geacht. Deze beoordeling is contextafhankelijk en vraagt om een integrale afweging van de omstandigheden van het geval.
Ten aanzien van het vereiste van goed levensgedrag sluit de burgemeester aan bij de Beleidsregel beoordeling levensgedrag Eindhoven. Daarmee wordt geborgd dat de beoordeling van dit criterium op consistente wijze plaatsvindt, zonder dat de inhoud daarvan in deze beleidsregel wordt herhaald.
Noot
1Voorbeelden van besloten of semi-openbare activiteiten zijn een besloten buurtfeest, een verenigingsactiviteit, een personeelsbijeenkomst of een jubileumviering.
Noot
2Te denken valt aan een afzonderlijk, incidenteel evenement met een eigen karakter, zoals een besloten modeshow, jubileumviering of een eenmalige culturele of maatschappelijke bijeenkomst. Activiteiten die onderdeel zijn van de reguliere bedrijfsvoering, zoals reguliere winkelopenstelling met alcoholverstrekking, terugkerende klant- of promotieactiviteiten of het faciliteren van reguliere horeca-exploitatie, vallen hier niet onder. Deze opsomming is niet uitputtend.
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl