Verordening presidium gemeenteraad Amsterdam

Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 01-04-2026

Intitulé

Verordening presidium gemeenteraad Amsterdam

De raad van de gemeente Amsterdam,

gelezen het voorstel van het presidium van 26 januari 2026,

gelet op artikel 84 van de Gemeentewet,

besluit vast te stellen:

Verordening presidium gemeenteraad Amsterdam

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1 Definities

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • -

    college: het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam;

  • -

    fractie: in de raad vertegenwoordigde groepering;

  • -

    fractievoorzitter: een door een fractie aangewezen lid dat de fractie vertegenwoordigt;

  • -

    griffier: de griffier als bedoeld in artikel 100 van de Gemeentewet of diens plaatsvervanger;

  • -

    presidium: een commissie als bedoeld in artikel 84, eerste lid, van de Gemeentewet;

  • -

    raad: de gemeenteraad van de gemeente Amsterdam;

  • -

    raadscommissie: raadscommissie als bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet;

  • -

    voorzitter: de voorzitter van het presidium is de plaatsvervangend voorzitter van de raad als bedoeld in artikel 77 van de Gemeentewet.

Hoofdstuk 2 Het presidium

Artikel 2 Instelling presidium

  • 1. Er is een presidium.

  • 2. Het presidium is een commissie als bedoeld in artikel 84, eerste lid, van de Gemeentewet.

Artikel 3 Samenstelling presidium

  • 1. Het presidium bestaat uit vijf leden, waaronder de voorzitter, afkomstig uit verschillende frac-ties die in de raad zijn vertegenwoordigd.

  • 2. De leden van het presidium worden door de raad uit zijn midden benoemd voor de duur van de zittingsperiode van de raad.

  • 3. De voorzitter is de plaatsvervangend voorzitter van de raad.

  • 4. Bij langdurige afwezigheid van een lid kan de raad een vervanger benoemen.

  • 5. Het lidmaatschap van de in het vorige leden bedoelde leden van het presidium eindigt:

    • a.

      op eigen verzoek, na schriftelijke mededeling aan de raad;

    • b.

      aan het einde van de zittingsperiode;

    • c.

      wanneer de raad de benoeming intrekt.

  • 6. Het presidium benoemt uit zijn midden één van de leden tot plaatsvervangend voorzitter van het presidium.

  • 7. De voorzitter van de raad kan als adviseur deelnemen aan vergaderingen van het presidium in zijn hoedanigheid als voorzitter van de raad en het college.

  • 8. Het presidium wordt bijgestaan door de griffier.

  • 9. Het presidium kan zich doen bijstaan door adviseurs.

Artikel 4 Taken presidium

  • 1. Het presidium is belast met de voorbereiding, coördinatie en ondersteuning van de raad, met bijzondere aandacht voor agendavoorbereiding, procesregie en de organisatie van bedrijfsvoe-ring en facilitaire voorzieningen.

  • 2. Het presidium ziet toe op een correcte en tijdige voorbereiding van de agenda voor zowel de raad als raadscommissies als ook het waarborgen dat de bijbehorende stukken volledig en deugdelijk worden voorbereid.

  • 3. Het presidium stelt het startprogramma voor de nieuwe raad, het programma voor permanente educatie voor de raad en de behandelwijze van de begroting, voorjaarsnota en jaarrekening en de bestuursrapportage(s) (P&C cyclus) vast.

  • 4. Het presidium kan onderwerpen aandragen voor het fractievoorzittersoverleg en commissie-voorzittersoverleg.

  • 5. Het presidium overlegt met de voorzitters van de raadscommissies en met het college inzake de werkwijze tussen de raad en het college.

  • 6. Het presidium vervult ten aanzien van de directeur van de rekenkamer, de ombudsman en de gemeenteaccountant de rechtspositionele bevoegdheden en andere taken rondom hun rechts-positie.

  • 7. Op verzoek van de raad of een raadscommissie kan het presidium een ad hoc werkgroep instel-len en verricht desgewenst namens de raad representatieve taken.

  • 8. Het presidium houdt toezicht op alle technische en huishoudelijke aspecten van de bedrijfsvoe-ring van de raad. Het presidium besluit over de huisvesting van de raad en ICT-voorzieningen van de raad, griffie, fracties en de vergaderzalen voor de raadscommissies en raad.

Hoofdstuk 3 Vergaderingen

Artikel 5 Vergaderingen algemeen

  • 1. Het presidium vergadert in beslotenheid, tenzij hij anders bepaalt.

  • 2. Het presidium vergadert zo vaak als hij dat nodig oordeelt.

  • 3. Om als presidium te kunnen vergaderen is vereist dat tenminste drie leden bij aanvang en voor de duur van de vergadering aanwezig is. In het geval dat het quorum er niet is vangt de vergade-ring niet aan dan wel wordt de vergadering beëindigd.

Artikel 6 Oproep

  • 1. Het presidium bepaalt de wijze waarop en de tijdigheid waarmee de voorzitter de leden oproept voor vergaderingen.

  • 2. De griffier publiceert ten minste twee dagen vóór de vergadering een voorstel voor de agenda in het raadsinformatiesysteem.

  • 3. De bij de agenda behorende stukken worden voor het presidium in een beveiligde omgeving in het raadsinformatiesysteem geplaatst.

Artikel 7 Agenda en besluitenlijst

  • 1. Bij aanvang van de vergadering stelt het presidium de agenda vast.

  • 2. Wanneer het presidium een onderwerp of voorstel onvoldoende voor de beraadslaging acht voorbereid, kan het aan de griffier, het college of de burgemeester nadere inlichtingen of advies vragen. Het presidium bepaalt in welke vergadering het onderwerp of voorstel opnieuw wordt geagendeerd.

  • 3. De concept besluitenlijst wordt gepubliceerd in het raadsinformatiesysteem.

  • 4. De besluitenlijst wordt in de eerstvolgende bijeenkomst van het presidium vastgesteld en ge-publiceerd in het raadsinformatiesysteem.

  • 5. In uitzondering op de voorgaande leden worden stukken waar op grond van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, in een beveiligde omgeving in het raadsinformatiesysteem ge-plaatst.

Artikel 8 Aanwezigheid college, directeur Rekenkamer, ombudsman en gemeenteaccountant

  • 1. De voorzitter kan het college, directeur Rekenkamer, ombudsman en gemeenteaccountant uitnodigen in de vergadering aanwezig te zijn en aan de beraadslagingen deel te nemen.

  • 2. Indien het college, ombudsman, directeur Rekenkamer en accountant bij een vergadering aan-wezig wil zijn en wil deelnemen aan de beraadslagingen, doet zij hiertoe een verzoek aan de voorzitter.

  • 3. De voorzitter neemt zo spoedig mogelijk een voorlopige beslissing op het verzoek, bedoeld in het tweede lid.

Artikel 9 Stemming

  • 1. Het presidium besluit bij meerderheid van stemmen.

  • 2. Elk lid, inclusief de voorzitter, heeft één stem in het presidium.

  • 3. Wanneer de stemmen staken, beslist de voorzitter.

  • 4. Het presidium kan ook buiten de vergadering besluiten nemen, mits alle leden in de gelegen-heid zijn gesteld hun mening te uiten.

Hoofdstuk 4 Slotbepalingen

Artikel 10 Onvoorziene omstandigheden

In gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel over de toepassing ervan beslist het presidium op voorstel van de voorzitter.

Artikel 11 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening presidium gemeenteraad Amsterdam.

Artikel 12 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op 1 april 2026.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 18 februari 2026.

De voorzitter

Femke Halsema

De raadsgriffier

Jolien Houtman

Toelichting

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1 Definities

Om te voorkomen dat de omschrijving van terugkerende begrippen in de verordening moeten wor-den herhaald, zijn in deze bepaling een aantal begrippen eenmalig gedefinieerd.

De Kieswet en de Gemeentewet kennen het begrip fractie niet. In de Gemeentewet wordt wel uitge-gaan van het bestaan van in de raad vertegenwoordigde groeperingen (artikel 33, tweede lid). Voor de definitie ‘fractie’ is hier op aangesloten.

Hoofdstuk 2 Het presidium

Artikel 2 Instelling presidium

Het presidium is een door de raad ingestelde commissie op grond van artikel 84, eerste lid, van de Gemeentewet, ook wel ‘andere commissie’ genoemd, dat de raadsagenda voorbereidt en beslissin-gen neemt over werkzaamheden waarbij het presidium als orgaan van de raad fungeert.

Artikel 3 Samenstelling presidium

De griffier is bij elke vergadering van het presidium aanwezig en kan desgewenst deelnemen aan de beraadslagingen. Hij bereidt de concept agenda voor de vergaderingen van het presidium voor in overleg met de voorzitter.

Een lid van het presidium kan bij langdurige afwezigheid worden vervangen door een raadslid die door de raad is benoemd. Van langdurige afwezigheid is sprake wanneer een lid tijdelijk ontslag neemt, omdat hij verwacht vanwege ziekte, zwangerschap of bevalling langer dan acht weken af-wezig te zijn conform artikel X10 tweede lid van de Kieswet. De vervanging geldt voor een periode van 16 weken, die indien nodig verlengd kan worden voor opeenvolgende perioden van zestien we-ken, tot maximaal drie keer binnen dezelfde zittingstermijn van de raad.

Het presidium bestaat uit vijf leden. Deze leden komen doorgaans uit de vijf grootste fracties die in de raad zijn vertegenwoordigd. Elk lid van het presidium heeft één stem die even zwaar weegt. Op deze wijze wordt de positie van minderheidsfracties in een dualistisch stelsel versterkt. Tevens kan dit de betrokkenheid van alle fracties bij de raadsvergaderingen vergroten.

Wanneer een raadslid dat tevens lid is van het presidium zich tijdens een raadsperiode afsplitst, kan het presidium het lidmaatschap van het presidium van dit lid heroverwegen waarbij gekeken zal worden of er nog sprake is van evenredige vertegenwoordiging van fracties in het presidium als ook (indien aan de orde) of het presidiumlidmaatschap is te combineren met een eenmansfractie.

Eén van de redenen waarom het lidmaatschap van het presidium eindigt, is het aflopen van de zit-tingsperiode. Deze periode loopt gelijk met die van de gemeenteraad en eindigt formeel bij de in-stallatie van de nieuwe raad na de gemeenteraadsverkiezingen. Na deze installatie wordt een tijde-lijk presidium benoemd om de continuïteit van het werk/taken te waarborgen. Het is gebruikelijk dat de leden van het ‘oude’ presidium die opnieuw als raadslid zijn geïnstalleerd, worden benoemd als leden van het tijdelijk presidium. Daarbij wordt ook een tijdelijk plaatsvervangend voorzitter van de raad benoemd.

Artikel 4 Taken presidium

Het presidium vervult een centrale rol in het goed functioneren van de raad. De taken van het presi-dium zijn onderverdeeld in drie hoofddomeinen: agendavoorbereiding, procesregie en bedrijfsvoe-ring en facilitaire zaken.

Door deze taken uit te voeren, zorgt het presidium voor een ordelijke, transparante en efficiënte werkwijze voor de raad. Het biedt structuur, bewaakt de kwaliteit van besluitvorming en zorgt dat raadsleden hun werk onder optimale omstandigheden kunnen doen.

Het presidium overlegt regelmatig – maximaal 2 keer per jaar – met het college over de manier waarop de samenwerking tussen raad en het college wordt vormgegeven.

De raad heeft op basis van het Besluit werkgeversfunctie griffie gemeente Amsterdam 2023 een werkgeverscommissie voor de griffier ingesteld. De leden van deze commissie zijn dezelfde perso-nen als de leden van het presidium.

Hoofdstuk 3 Vergaderingen

Artikel 5 Vergaderingen algemeen

De bijeenkomsten van het presidium vinden achter gesloten deuren plaats, om de mogelijkheid te bieden om vertrouwelijke kwesties te bespreken.

Het presidium vergadert meestal op de maandag volgend op de raadsvergadering.

Artikel 6 Oproep

Deze bepaling in de verordening verzekert dat het presidium de autonomie heeft om de praktische regelingen omtrent haar vergaderingen zelf te bepalen.

Artikel 7 Agenda en besluitenlijst

De concept agenda en de concept besluitenlijst worden gepubliceerd op het raadsinformatiesys-teem. De stukken behorende bij de agenda worden voor de leden van het presidium in een beveilig-de omgeving op het raadsinformatiesysteem geplaatst.

Artikel 8 Aanwezigheid college, directeur Rekenkamer, ombudsman en gemeenteaccountant

De aanwezigheid van één of meer collegeleden, de gemeentesecretaris, de directeur Rekenkamer, ombudsman of gemeenteaccountant kan gewenst zijn, omdat zij aandacht moeten kunnen vragen voor of een toelichting kunnen geven op een onderwerp die wordt voorbereid door of namens hen. Uiteraard is het ook mogelijk dat het gehele college al dan niet met de gemeentesecretaris aanwezig is bij een vergadering van het presidium.

De voorzitter neemt uit praktische redenen eerst een voorlopige beslissing op een verzoek om bij een vergadering aanwezig te zijn. Vervolgens bespreekt de voorzitter het verzoek met de andere leden van het presidium, waarna een definitieve beslissing wordt genomen.

Artikel 9 Stemming

Dit artikel bepaalt de procedure voor het nemen van besluiten binnen het presidium. Het principe is dat alle beslissingen genomen worden bij meerderheid van stemmen. Dit betekent dat een voorstel wordt aangenomen als meer dan de helft van de aanwezige leden voor stemt. In het geval dat er bij een stemming een gelijke verdeling van stemmen is, dus wanneer de stemmen staken, neemt de voorzitter van het presidium de beslissing. Dit is een praktische regeling om impasses te voorkomen en de voortgang van de werkzaamheden te waarborgen. De voorzitter neemt dan een bindende beslissing die als geldig wordt beschouwd voor het presidium.

Het presidium heeft de bevoegdheid om beslissingen te nemen buiten de reguliere vergaderingen om, op voorwaarde dat alle leden de kans hebben gekregen om hun mening kenbaar te maken.

Hoofdstuk 4 Slotbepalingen

Artikel 10 Onvoorziene omstandigheden

Dit artikel biedt een richtlijn voor situaties waarin de verordening geen duidelijke bepalingen bevat of wanneer er twijfel bestaat over de toepassing ervan. In dergelijke gevallen heeft het presidium de bevoegdheid om te beslissen op basis van een voorstel van de voorzitter. Dit zorgt ervoor dat het presidium kan blijven functioneren en besluiten kan nemen, zelfs wanneer de verordening geen directe richtlijnen biedt.