Beleidsregel uitvoeringsvoorwaarden financiële participatie bij duurzame energieprojecten

Geldend van 03-03-2026 t/m heden

Intitulé

Beleidsregel uitvoeringsvoorwaarden financiële participatie bij duurzame energieprojecten

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Noordoostpolder,

gelezen het voorstel van de directeur van 3 februari 2026, No. 26.0000134.

gelet op:

  • -

    artikel 4:81 van Algemene wet bestuursrecht;

  • -

    artikel 160, eerste lid, onder d van de Gemeentewet;

  • -

    hoofdstuk 4 van de Structuurvisie ‘Zon in de polder’;

  • -

    pagina 37 van de Omgevingsvisie Noordoostpolder;

  • -

    artikel 13:22 van de Omgevingswet.

B E S L U I T:

vast te stellen de volgende beleidsregel:

Beleidsregel uitvoeringsvoorwaarden financiële participatie bij duurzame energieprojecten

1.1 Inleiding

Hoewel de structuurvisie als formeel instrument is vervallen sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet, blijven de uitgangspunten uit de structuurvisie Zon in de Polder van kracht. Deze zijn bestuurlijk geborgd via de Omgevingsvisie, die daarmee de wettelijke basis vormt voor onder meer het vragen van een financiële participatiebijdrage aan het gemeentelijk duurzaamheidsfonds, in lijn met het Klimaatakkoord.

Voor grootschalige duurzame energieprojecten geldt dat initiatiefnemers een financiële bijdrage leveren aan het duurzaamheidsfonds. De gemeente Noordoostpolder vraagt deze bijdrage bij diverse vormen van duurzame energieprojecten, omdat zij initiatiefnemers bijzondere ontwikkelmogelijkheden biedt op geselecteerde locaties binnen de gemeentegrenzen. De afspraken over deze bijdrage worden vastgelegd in privaatrechtelijke anterieure overeenkomsten.

Met deze bijdrage wordt gewaarborgd dat ook de lokale gemeenschap kan meeprofiteren van de opbrengsten van duurzame energieprojecten. Het duurzaamheidsfonds heeft als doel de brede energietransitie te stimuleren door initiatieven die bijdragen aan dit doel te ondersteunen.

Deze beleidsregel geeft invulling aan het gemeentelijk beleid ten aanzien van financiële participatie bij duurzame energieprojecten en heeft tot doel duidelijkheid en uniformiteit te bieden aan initiatiefnemers, exploitanten en de gemeente. De beleidsregel beschrijft:

  • de werkwijze voor het tot stand komen van privaatrechtelijke anterieure overeenkomsten;

  • de minimale financiële en procedurele bepalingen die in deze overeenkomsten worden opgenomen;

  • de door de gemeente verwachte financiële participatiebijdrage;

  • het moment en de wijze waarop deze bijdrage wordt overeengekomen en geïnd;

  • de specifieke verwachtingen van de gemeente per type duurzaam energieproject.

Deze uitvoeringsvoorwaarden schrijven voor hoe hier invulling aan gegeven wordt en bieden een transparant en consistent kader voor alle betrokken partijen.

1.2 Algemene bepalingen

  • 1.

    Deze beleidsregel is van toepassing op duurzame energieprojecten waarvoor een omgevingsvergunning wordt verleend in de periode 2026–2030.

  • 2.

    Elke exploitant, ontwikkelaar of initiatiefnemer van een dergelijk project is verplicht een financiële participatiebijdrage af te dragen aan het gemeentelijk duurzaamheidsfonds.

  • 3.

    Alle afspraken over de participatiebijdrage worden vastgelegd in een privaatrechtelijke anterieure overeenkomst, behorend bij het vergunningstraject, en ondertekend door alle betrokken partijen.

  • 4.

    Bij overdracht van eigendom blijft de oorspronkelijke vergunninghouder aansprakelijk voor het resterende deel van de participatiebijdrage. Het resterende bedrag wordt vóór overdracht volledig voldaan.

  • 5.

    In geval van niet-tijdige betaling is de exploitant een rentevergoeding aan de gemeente verschuldigd ter hoogte van de wettelijke rente voor handelstransacties (artikel 6:119a BW), berekend vanaf het moment van verzuim tot de dag van volledige betaling. Deze verplichting geldt zonder ingebrekestelling en laat contractuele boetes of andere rechtsmiddelen onverlet.

  • 6.

    De initiatiefnemer toont in het vergunningstraject aan op welke wijze wordt gestreefd naar minimaal 50% lokaal eigenaarschap en/of ondernemerschap. Deze verplichting staat los van de financiële bijdrage en is opgenomen in de Verordening lokaal eigendom bij grootschalige elektriciteitsopwek Noordoostpolder.

1.3 Begripsbepalingen

Duurzame energieprojecten: projecten die gericht zijn op de opwekking, omzetting, productie, opslag of distributie van energie uit hernieuwbare en milieuvriendelijke bronnen.

Grootschalig windenergieproject: de productie van elektriciteit door middel van een windturbine die primair energie levert aan het openbare elektriciteitsnet (front-of-the-meter). Het betreft de grootschalige opwekking van duurzame elektriciteit voor levering aan derden, niet voor eigen verbruik.

Grootschalig zonne-energieproject: grootschalige zonne-energieopwek is de productie van elektriciteit uit zonlicht door middel van grondgebonden zonnepaneleninstallaties die primair leveren aan het openbare elektriciteitsnet (front-of-the-meter). Het betreft de grootschalige opwekking van duurzame elektriciteit voor levering aan derden, niet voor eigen verbruik.

Grootschalige energieopslagprojecten: Installaties voor de opslag van elektrische energie die als afzonderlijke inrichting zijn vergund met een eigen netaansluiting of gebruik maken van de netaansluiting van een wind- of zonnepark, en worden gebruikt voor de inkoop en/of verkoop van elektriciteit.

Waterstofproductieprojecten: De financiële participatiebijdrage is van toepassing op waterstofproductieprojecten die waterstof produceren door middel van elektrolyse. De regeling geldt voor iedere installatie, of samenhangend geheel van installaties, die waterstof produceert voor levering aan derden of voor gebruik in industriële of commerciële toepassingen.

2. Participatiebijdragen per categorie

2.1 Opwek elektriciteit (wind- en zonne-energie)

2.1.1 Algemene bepalingen

  • 1.

    De participatiebijdrage wordt jaarlijks betaald, telkens vóór 15 december van het betreffende kalenderjaar.

  • 2.

    De exploitant kan ervoor kiezen de totale bijdrage in één keer te voldoen in het eerste volledige exploitatiejaar. In dat geval wordt een bedrag ter hoogte van 20 maal het jaarlijkse bijdragebedrag voldaan.

  • 3.

    Het college van burgemeester en wethouders stelt elke vijf jaar de hoogte van de bijdrage per eenheid vermogen vast voor nieuwe projecten.

  • 4.

    De hoogte van de bijdrage wordt jaarlijks geïndexeerd op basis van de Consumentenprijsindex (CPI) van het CBS, waarbij voor elk kalenderjaar T de indexering over het voorafgaande kalenderjaar (T-1) bepalend is, en toegepast vanaf het jaar volgend op de vastgestelde bijdrage van 2026.

Tabel – Opwekprojecten

Projecttype

Uitgangspunt duur bijdrage

Grondslag

Hoogte jaarlijkse bijdrage (2026–2030)

Eenheid

Zonne-energie

25 jaar

MWp opgesteld vermogen

€650

Per MWp

Windenergie

25 jaar

MW opgesteld vermogen

€1.100

Per MW

2.2 Energieopslag en waterstofproductie

2.2.1 Algemene bepalingen

  • 1. De gehele participatiebijdrage dient uiterlijk voor aanvang van de start van exploitatie van het project te zijn voldaan.

  • 2. De bijdrage dient in termijnen te worden voldaan, gekoppeld aan de volgende afdrachtsmomenten:

    • a)

      het onherroepelijk worden van het omgevingsplan dan wel BOPA;

    • b)

      de financiële sluiting (Financial Close);

    • c)

      de start van de exploitatie.

  • 3. De hoogte van de bijdrage wordt jaarlijks geïndexeerd op basis van de Consumentenprijsindex (CPI) van het CBS, waarbij voor elk kalenderjaar T de indexering over het voorafgaande kalenderjaar (T-1) bepalend is, en toegepast vanaf het jaar volgend op de vastgestelde bijdrage van 2026.

  • 4. Na ieder afdrachtsmoment verzendt de gemeente een schriftelijk betalingsverzoek. De exploitant/ontwikkelaar voldoet de bijdrage overeenkomstig dit verzoek en conform de bepalingen van de anterieure overeenkomst.

Tabel – Energieopslag en waterstofproductie

Projecttype

Energieopslagsysteem

Waterstofproductie

Bijdrage is uiterlijk voor start exploitatie voldaan

Maximaal in 3 termijnen

Maximaal in 3 termijnen

Grondslag

Geplande opslagcapaciteit (MWh)

Geïnstalleerd elektrolyser vermogen (MW)

Hoogte bijdrage (2026–2030)

€1.000

€15.000

Eenheid

Per MWh

Per MW

Betalingswijze

Termijnen volgens overeenkomst

Termijnen volgens overeenkomst

Overige voorwaarden

Bedrag wordt verdeeld over overeengekomen moment

Bedrag wordt verdeeld over overeengekomen moment

3. Slotbepalingen

3.1. Inwerkingtreding

Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na de dag van bekendmaking.

3.2 Intrekking vigerende beleidsregel

De Beleidsregel financiële participatie zonne-energieprojecten van 18 juni 2020 wordt ingetrokken.

3.3 Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: “Beleidsregel uitvoeringsvoorwaarden financiële participatie bij duurzame energieprojecten”.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in vergadering van het college van burgemeester en wethouders van 3 februari 2026.

De burgemeester

De secretaris