Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR757653
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR757653/1
Verordening op de Rekenkamer Hof van Twente 2026
Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 01-03-2026
Intitulé
Verordening op de Rekenkamer Hof van Twente 2026De raad van de gemeente Hof van Twente;
gelezen het voorstel van het seniorenconvent d.d. 22 januari 2026;
gelet op hoofdstuk IVa, paragraaf 1 en artikel 149 van de Gemeentewet en de Wet
versterking decentrale rekenkamers;
besluit:
1. in te trekken de ‘Verordening gemeentelijke rekenkamer Hof van Twente 2024’;
2. vast te stellen de navolgende verordening overeenkomstig de volgende bepalingen:
Verordening op de rekenkamer Gemeente Hof van Twente 2026
Artikel 1 Definities
In deze verordening wordt verstaan onder:
a. rekenkamer: gemeentelijke rekenkamer als bedoeld in artikel 81a van de Gemeentewet;
b. voorzitter: voorzitter van de rekenkamer zoals benoemd door de raad;
c. lid: lid van de rekenkamer;
d. de wet: de Gemeentewet;
e. de raad: de gemeenteraad Hof van Twente;
f. de secretaris: de secretaris van de rekenkamer.
Artikel 2 Samenstelling rekenkamer
1. Er is een rekenkamer.
2. De rekenkamer bestaat uit minimaal twee leden en maximaal drie leden, waaronder een
voorzitter.
3. De rekenkamer wijst uit haar midden een plaatsvervangend voorzitter aan, die de taken
van de voorzitter waarneemt bij diens afwezigheid.
4. Minimaal de helft van de leden dient specifieke deskundigheid te bezitten op het gebied
van het uitvoeren van beleidsevaluaties, bij voorkeur bij de lokale overheid.
5. De leden hebben bij voorkeur verschillende profielen, achtergrond en deskundigheid.
6. De leden voeren zelf onderzoek uit in opdracht van de rekenkamer en coördineren
onderzoeken die in opdracht van de rekenkamer worden uitgevoerd.
7. De leden van de rekenkamer opereren verder in overeenstemming met het profiel zoals
deze in de vacature voorafgaand aan hun aanstelling openbaar is gemaakt.
Artikel 3 Taken van de Rekenkamer
1. De rekenkamer heeft als taak het uitvoeren van onderzoek naar de doeltreffendheid,
doelmatigheid en rechtmatigheid van het gemeentelijk beleid en beheer, alsmede het
uitvoeren van onderzoek naar de doeltreffendheid en doelmatigheid van instellingen
waarvan de activiteiten geheel of in belangrijke mate worden bekostigd door de
gemeente. In dit verband wordt verstaan onder:
- •
doeltreffendheid: de mate waarin met de geleverde prestaties de gestelde doelen of
beoogde (maatschappelijke) effecten worden bereikt;
- •
doelmatigheid: het streven met een zo gering mogelijke inzet van middelen een
bepaald resultaat te bereiken dan wel met een bepaalde inzet van middelen een
optimaal resultaat te bereiken;
- •
rechtmatigheid: het voldoen aan wettelijke kaders en regelgeving.
2. De rekenkamer stelt een reglement van orde voor haar vergaderingen en andere
werkzaamheden vast en zendt dit reglement na vaststelling ter kennisneming naar de
raad.
3. De rekenkamer stelt een onderzoeksprotocol op waarin is opgenomen wat de werkwijze
is bij de voorbereiding, uitvoering en publicatie van haar onderzoeken en zendt dit
onderzoeksprotocol ter kennisneming naar de raad.
Artikel 4 Taken en bevoegdheden voorzitter
1. De voorzitter draagt, in overleg met de secretaris, zorg voor het bijeenroepen van de
vergaderingen van de rekenkamer.
2. De voorzitter leidt de vergaderingen, bewaakt de uitgangspunten, ziet toe op naleving
van deze verordening, het Reglement van orde en het onderzoeksprotocol en draagt
zorg voor een zorgvuldige besluitvorming.
3. De voorzitter treedt op als woordvoerder van de rekenkamer naar raad, college,
ambtelijke organisatie, inwoners, organisaties en media, tenzij de voorzitter dit overlaat
aan een ander lid of onderzoeker.
4. De voorzitter leidt gesprekken met externen voor de uitvoering ne begeleiding van
onderzoeken.
5. De voorzitter beheert het budget en stelt de begroting van de rekenkamer op.
6. De voorzitter stuurt de secretaris aan, met inachtneming van artikel 9, derde lid, van deze
verordening.
7. De voorzitter besluit in samenspraak met de rekenkamer over het aanwijzen van een
onderzoekcoördinator per onderzoek en – in het geval van onderzoek in eigen beheer –
een onderzoekend lid.
8. De voorzitter neemt deel aan bovenlokale overleggen ten behoeve van onderzoek van of
namens de rekenkamer.
9. De voorzitter is verantwoordelijk voor het opstellen en aanbieden van het jaarverslag aan
de raad.
Artikel 5 Contact met de raad
1. De rekenkamer stelt de gemeenteraad minimaal drie keer jaar in de gelegenheid om
bijgepraat te worden over mogelijke onderzoeksonderwerpen, voorbereiding en planning
van aanstaande onderzoeken, voortgang van lopende onderzoeken, de wijze van
presenteren van eindonderzoeken aan de raad en de onderlinge communicatie.
2. De rekenkamer biedt alle raadsleden en fracties een gelijke informatiepositie.
3. De rekenkamer communiceert daarnaast met de raad via griffieberichten (informeel) en
brieven aan de raad (formeel).
4. De voorzitter spreekt minimaal één keer per jaar met het seniorenconvent over het
functioneren van de rekenkamer.
5. In het contact met de raad opereert de rekenkamer onafhankelijk en zelfstandig.
Artikel 6 Benoeming en herbenoeming
1. Er is een profiel voor de voorzitter en voor de overige leden.
2. De leden van de rekenkamer worden op voordracht van een selectiecommissie door de
raad benoemd voor een periode van zes jaar. Het rooster van aftreden ziet op het belang
van continuïteit in de rekenkamer met inachtneming van de maximale
benoemingsperiode.
3. De raad besluit op voordracht van de selectiecommissie ten minste zes maanden voor
afloop van de benoemingsperiode over het al dan niet herbenoemen van de leden. De
leden kunnen worden herbenoemd voor maximaal één periode van zes jaar.
4. De rekenkamer kan voor een korte periode uit meer dan het maximum aantal leden
bestaan, indien:
a. vóór het verstrijken van de benoemingstermijn van een vertrekkend lid, dan wel in het
belang van de continuïteit een nieuw lid ter opvolging wordt benoemd;
b. één lid aangeeft langer dan zes weken het lidmaatschap niet te kunnen of willen
vervullen door omstandigheden;
c. Een lid door de raad is geschorst of ontslagen op grond van artikel 8, tweede en
derde lid van deze verordening.
5. De selectiecommissie voor de voorzitter bestaat uit twee leden van het seniorenconvent,
de griffier en/of de secretaris en een lid van de rekenkamer.
6. De selectiecommissie voor overige leden bestaat uit de voorzitter, de secretaris en 1 lid
van het seniorenconvent.
7. Voorafgaand aan de voordrachten aan de raad, pleegt de selectiecommissie overleg met
de rekenkamer.
8. Alvorens tot benoeming wordt overgegaan, wordt van iedere voorgedragen kandidaat in
ieder geval voorgelegd:
- •
de mededeling dat deze de benoeming zal aanvaarden;
- •
een overzicht van diens overige functies;
- •
een Verklaring Omtrent Gedrag.
Artikel 7 Afleggen eed / belofte
Alvorens hun functie uit te kunnen oefenen, leggen de leden van de rekenkamer in de
vergadering van de raad in handen van de voorzitter van de raad de eed (verklaring en
belofte) af overeenkomstig het bepaalde in artikel 81g van de wet.
Artikel 8 Ontslag en non-activiteit
1. De raad ontslaat de leden van de rekenkamer.
2. Het lidmaatschap van een lid eindigt op gronden zoals genoemd in artikel 81c, zesde en
zevende lid van de wet.
3. De raad stelt een rekenkamerlid op non-actief op gronden zoals genoemd in artikel 81d,
eerste en tweede lid van de wet.
4. Indien zich een van de gronden voor ontslag of non-activiteit voordoet zoals genoemd in
het vorige lid onder, doet de rekenkamer dan wel het betreffende rekenkamerlid hiervan
terstond mededeling aan de raad.
5. In geval van interne onenigheden en/of conflicten, kunnen griffier en burgemeester als
vertrouwenspersoon voor de rekenkamer optreden.
6. In het geval van onenigheden met de ambtelijke organisatie, kan de griffier als
vertrouwenspersoon optreden.
7. In geval van onenigheden met de griffie(ondersteuning), kan de burgemeester als
vertrouwenspersoon optreden.
- •
Artikel 9 Ambtelijke ondersteuning
1. De rekenkamer heeft een secretaris.
2. De raadsadviseur of plaatsvervangend griffier werkzaam op de griffie van de
gemeenteraad is belast met het secretariaat van de rekenkamer.
3. De taken van de secretaris worden door de voorzitter afgestemd met de griffier en
kunnen alleen gewijzigd worden in overleg met de griffier.
4. Tot de taken van de secretaris behoren in ieder geval:
- •
verslaglegging van hetgeen ter vergadering is besproken en besloten, door middel
van een afsprakenlijst;
- •
het ondersteunen van de voorzitter;
- •
het ondersteunen van de overige leden van de rekenkamer, zulks op aanwijzing van
de voorzitter;
- •
het verzorgen van communicatie over en voor de rekenkamer.
Artikel 10 Budget en verantwoording
1. De voorzitter van de rekenkamer is bevoegd binnen zijn bij de begroting vastgestelde
budget uitgaven te doen voor de uitvoering van de werkzaamheden van de rekenkamer
en legt hier verantwoording aan de raad over af in het jaarverslag dat vóór 1 april wordt
aangeboden aan de raad.
2. Ten laste van het in eerste lid bedoelde budget worden de kosten gebracht betreffende:
a. de vergoedingen aan de leden als bedoeld In artikel 11;
b. de externe deskundigen die eventueel door de commissie zijn ingeschakeld;
c. overige uitgaven die de rekenkamer nodig acht voor de uitoefening van haar taak.
3. Indien het budget ontoereikend is kan de rekenkamer om aanvullend budget vagen bij de
raad. Dit gebeurt schriftelijk en gemotiveerd.
Artikel 11 Vergoeding
1. De leden van de rekenkamer ontvangen voor hun reguliere werkzaamheden een vaste
vergoeding per maand. De reguliere werkzaamheden betreffen in ieder geval:
- •
het voorbereiden en bijwonen van de vergaderingen van de rekenkamer en uitvoeren
van acties die daar uit voortvloeien;
- •
het verzorgen van het jaarverslag, het opstellen en actualiseren van jaarplan,
reglement van orde en onderzoeksprotocol;
- •
het voorbereiden en evalueren van onderzoek;
- •
het uitvoeren dan wel het coördineren van onderzoek in opdracht van de rekenkamer.
2. De voorzitter ontvangt vier-en-een-half maal het bedrag dat is genoemd in artikel 3.4.1.
van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
3. De overige leden ontvangen drie-en-een-half maal het bedrag dat is genoemd in artikel
3.4.1. van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
4. Voor het zelfstandig doen van onderzoek door de rekenkamer, ontvangen voorzitter en
leden aanvullend een uurvergoeding van 75 euro, gebaseerd op vooraf vastgelegde
afspraken over concrete werkzaamheden en te declareren urenbesteding.
5. De leden van de rekenkamer ontvangen daarnaast een vergoeding voor hun reiskosten.
Dit is maximaal de belastingvrije kilometervergoeding. De afstand wordt berekend op
basis van de kortste route volgens de ANWB-routeplanner. Kosten van openbaar vervoer
worden geheel vergoed.
Artikel 12 Monitoring aanbevelingen
1. De raadsgriffie verstrekt de raad jaarlijks voor 1 april een overzicht van de aan de raad
gedane voorstellen van de rekenkamer welke door de raad zijn overgenomen en door de
raad zelf moeten worden uitgevoerd, vergezeld van de wijze waarop aan de voorstellen
vervolg is gegeven.
2. Het college verstrekt de raad jaarlijks voor 1 april een overzicht van de aan de raad
gedane voorstellen van de rekenkamer welke door de raad zijn overgenomen en door het
college moeten worden uitgevoerd, vergeld van de wijze waarop aan de voorstellen
vervolg is gegeven.
Artikel 13 Slotbepalingen
1. Deze verordening treedt in werking met ingang 1 maart 2026, onder gelijktijdige
intrekking van de Verordening gemeentelijke rekenkamer Hof van Twente 2024.
2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening op de rekenkamer gemeente Hof
van Twente 2026.
Ondertekening
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Hof van Twente
d.d. 10 februari 2026
De raad van de gemeente Hof van Twente,
de griffier, de voorzitter,
H.M. Meerman drs. H.A.M. Nauta-van Moorsel MPM
Toelichting verordening rekenkamer gemeente Hof van Twente 2026
Artikel 1 Definities
De inhoud van dit artikel spreekt voor zich.
Artikel 2 Samenstelling rekenkamer
Er is meer aandacht voor het gewenste profiel van rekenkamerleden en de voor de
combinatie van ervaring en vaardigheden binnen de rekenkamer.
Artikel 3 Taken van de rekenkamer
Dit artikel geeft uiting aan de bedoeling van de Wet versterking decentrale rekenkamers
(2023) die de onafhankelijkheid en onderzoeksbevoegdheden heeft versterkt en een
verplichte, onafhankelijke rekenkamerinstelling voor alle gemeenten en waterschappen heeft
geïmplementeerd.
Artikel 4 Taken en bevoegdheden voorzitter
Taken en verantwoordelijkheden van de voorzitter zijn specifiek omschreven, waardoor de
voorzittersrol iets minder vrijblijvend is en meer verantwoordelijkheid vraagt m.b.t. het toezien
op de juiste rolinvulling zoals bijvoorbeeld coördinatie van onderzoek. Dit biedt een steviger
opdracht-kader voor het functioneren van de rekenkamer dan de variant waarin de
rekenkamer alles in een eigen Reglement van Orde.
Artikel 5 Contact met de raad
Door de inwerkingtreding van de wet versterking decentrale rekenkamers in 2023 maken
raadsleden geen onderdeel meer uit van de rekenkamer. Het is onmiskenbaar dat een goed
contact tussen de rekenkamer en de raad ten goede komt aan het werk en de effectiviteit
van de rekenkamer. Voor de invulling van dat contact tussen raad en rekenkamer bestaan
veel uiteenlopende modellen.
Een klankbordgroep (in diverse verschijningsvormen) is daarvan één optie. Die optie is
gehanteerd in 2024 en 2025 en leidde niet tot het gewenste contact tussen rekenkamer en
raad. De rol van (en het overleg met) de klankbordgroep was te vrijblijvend omschreven in de
verordening, waardoor de invulling van de rol werd overgelaten aan het overleg tussen
klankbordgroep en rekenkamer, i.e. de raad heeft te weinig vooraf aangegeven wat het
gedachte samenspel tussen klankbordgroep en rekenkamer moet zijn.
Dit artikel voorziet in periodieke contactmomenten met de raad, waarbij de raad wordt
bijgepraat over stand van zaken van onderzoek(voorbereiding) en planning, de raad
onderzoeksonderwerpen kan aandragen of wensen/aandachtspunten aan kan geven over
geplande onderzoeken dan wel bijv. de opzet of de eindpresentatie daarvan. Hierdoor
hebben alle raadsleden c.q. alle fracties (kans op) gelijke informatiepositie, is er bredere
betrokkenheid bij en bekendheid van het rekenkamerwerk en is de rekenkamer beter
zichtbaar voor de raad.
Artikelen 6 Benoeming en herbenoeming
In dit artikel krijgt de raad een duidelijker positie in de werving en selectie van de
rekenkamerleden. Daarnaast dekt dit artikel de risico’s af als er onvoorziene problemen
optreden in de beschikbaarheid en samenstelling van de rekenkamerleden, bijvoorbeeld in
geval van ziekte of conflict.
Artikel 7 Verslaglegging
De inhoud van dit artikel spreekt voor zich.
Artikel 8 Ontslag en non-activiteit
De inhoud van dit artikel spreekt voor zich.
Artikel 9 Ambtelijke ondersteuning
De inhoud van dit artikel spreekt voor zich en benadrukt dat de ambtelijke ondersteuning
naast een secretariële invulling, óók en vooral een adviserende invulling heeft.
Artikel 10 Budget en verantwoording
De rekenkamer legt verantwoording af aan de raad voor de besteding van het door de raad
aan de rekenkamer beschikbaar gestelde budget.
Artikel 11 Vergoeding
De vergoeding voor de rekenkamerleden wordt veranderd van een vergoeding per
vergadering naar een vaste maandvergoeding, met dien verstande dat de verhouding
vergoeding versus onderzoeksbudget (circa 30% - 70%) onveranderd blijft en de vergoeding
concurrerend is t.o.v. omliggende c.q. vergelijkbare gemeenten. Dit biedt meer zekerheid
over het beschikbaar budget voor onderzoek én benadrukt dat de rekenkamer niet enkel een
overlegorgaan is, maar dat de leden ook zelfstandig een rol hebben in onderzoek.
Door een extra vergoeding in te stellen voor eigen onderzoek door de rekenkamerleden, kan
de rekenkamer indien mogelijk/wenselijk sneller en goedkoper zélf onderzoek dan bij
uitbesteding aan een onderzoeksbureau. Dat vereist overigens wél goede afspraken over en
omschrijving van welke werkzaamheden onder welke vergoeding vallen.
Artikel 12 Monitoren aanbevelingen
Dit artikel werkt de wettelijke verplichting uit en maakt daarbij onderscheid tussen college en
raad in de terugkoppeling over de opvolging van de aanbevelingen van de rekenkamer.
Artikel 13 Slotbepalingen
De inhoud van dit artikel spreekt voor zich.
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl