Verordening over de verstrekking van alcoholhoudende drank door paracommerciële rechtspersonen in de gemeente Midden-Groningen 2026

Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 01-03-2026

Intitulé

Verordening over de verstrekking van alcoholhoudende drank door paracommerciële rechtspersonen in de gemeente Midden-Groningen 2026

De raad van de Gemeente Midden-Groningen;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 09 december 2025;

gelet op artikel 147 van de Gemeentewet en artikel 4 (en 25a) van de Alcoholwet;

besluit vast te stellen de: Verordening over de verstrekking van alcoholhoudende drank door paracommerciële rechtspersonen in de gemeente Midden-Groningen 2026.

Artikel 1 Begripsbepalingen

  • 1.

    De definities in artikel 1 van de Alcoholwet zijn op deze verordening van toepassing.

  • 2.

    Met jeugd wordt in deze verordening bedoeld: personen tot en met 17 jaar.

Artikel 2 Verbod sterke drank

  • 1.

    Het is paracommerciële rechtspersonen verboden om sterke drank te verstrekken indien de rechtspersoon zich in hoofdzaak richt op:

    • a.

      Het organiseren van activiteiten van sportieve aard;

    • b.

      Het organiseren van activiteiten voor de jeugd, of die voornamelijk worden bezocht door de jeugd.

  • 2.

    De burgemeester kan, voor alle paracommerciële rechtspersonen, in het belang van de openbare orde, de veiligheid, de zedelijkheid of de volksgezondheid aan een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet voorschriften verbinden en de vergunning beperken tot het verstrekken van zwak-alcoholhoudende drank.

Artikel 3 Schenktijden (reguliere bijeenkomsten)

  • 1.

    Paracommerciële rechtspersonen mogen uitsluitend alcoholhoudende drank verstrekken op:

    • a.

      zondag tot en met donderdag van 08.00 uur tot 24.00 uur;

    • b.

      vrijdag en zaterdag van 08.00 uur tot 01.00 uur.

  • 2.

    Paracommerciële rechtspersonen die zich in hoofdzaak richten op activiteiten van sportieve aard mogen rond reguliere bijeenkomsten uitsluitend alcoholhoudende drank verstrekken op:

    • a.

      maandag tot en met donderdag van 13.00 uur tot 24.00 uur;

    • b.

      vrijdag en zaterdag van 13.00 uur tot 01.00 uur;

    • c.

      zondag van 11.00 uur tot 24.00 uur.

  • 3.

    Paracommerciële rechtspersonen die zich in hoofdzaak richten op activiteiten voor de jeugd, zoals jeugdsozen, mogen rond reguliere bijeenkomsten uitsluitend alcoholhoudende drank verstrekken op:

    • a.

      maandag tot en met donderdag van 19.00 uur tot 23.00 uur;

    • b.

      vrijdag en zaterdag van 19.00 uur tot 01.00 uur;

    • c.

      zondag van 17.00 uur tot 21.00 uur.

  • 4.

    Onverminderd de leden 1 en 2 is het verboden alcoholhoudende drank te verstrekken tot het tijdstip waarop de laatste activiteit, zoals een wedstrijd of training, voor jeugdigen tot de leeftijd van 13 jaar is beëindigd;

  • 5.

    De burgemeester kan bij bijzondere gelegenheden, in relatie tot de activiteiten van die rechtspersoon, ontheffing verlenen van het bepaalde in de leden 1, 2 en 3.

  • 6.

    Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing.

Artikel 4 Verstrekken alcohol bij andere dan reguliere bijeenkomsten

  • 1.

    Het is paracommerciële rechtspersonen die zich in hoofdzaak richten op activiteiten voor de jeugd, zoals jeugdsozen, niet toegestaan om alcoholhoudende drank te verstrekken tijdens bijeenkomsten van persoonlijke aard en bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de betreffende rechtspersoon betrokken zijn.

  • 2.

    Overige categorieën paracommerciële rechtspersonen, die gevestigd zijn in een dorp waar binnen de dorpsgrenzen vergelijkbare commerciële horeca aanwezig is, mogen maximaal 12 keer per jaar alcoholhoudende drank verstrekken bij bijeenkomsten van persoonlijke aard of bijeenkomsten die zijn gericht op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de betreffende rechtspersoon betrokken.

  • 3.

    In afwijking van het tweede lid mogen overige categorieën paracommerciële rechtspersonen, die gevestigd zijn in een dorp waar binnen de dorpsgrenzen geen vergelijkbare commerciële horeca aanwezig is, alcoholhoudende drank verstrekken tijdens een onbeperkt aantal bijeenkomsten van persoonlijke aard of bijeenkomsten die zijn gericht op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de betreffende rechtspersoon betrokken zijn.

  • 4.

    Een paracommerciële rechtspersoon meldt de bijeenkomst, zoals bedoeld in het tweede lid, schriftelijk of per e-mail uiterlijk op de dag van de bijeenkomst en als dit geen werkdag is op de laatste werkdag voor de bijeenkomst. De meldingsplicht geldt niet als sprake is van de situatie in het derde lid.

  • 5.

    Als een bijeenkomst niet is gemeld is de bijeenkomst niet toegestaan. Is de bijeenkomst er desondanks geweest, dan kan de burgemeester een opvolgende bijeenkomst verbieden.

  • 6.

    De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, de veiligheid, de zedelijkheid, de volksgezondheid of bij oneerlijke mededinging een bijeenkomst zoals genoemd in het tweede en derde lid verbieden.

  • 7.

    Het is verboden om de mogelijkheid tot het houden van bijeenkomsten van persoonlijke aard of bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de betreffende rechtspersonen betrokken zijn openlijk aan te prijzen of door middel van reclame onder de aandacht te brengen.

  • 8.

    De burgemeester kan in bijzondere omstandigheden, in relatie tot de activiteiten van die rechtspersoon, ontheffing verlenen van het bepaalde in het tweede lid.

  • 9.

    Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing.

Artikel 5 Inwerkingtreding en overgangsrecht

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking nadat zij is bekendgemaakt op 1 maart 2026.

  • 2.

    Voor aanvragen waarop ten tijde van de inwerkingtreding van deze verordening nog geen besluit is genomen worden de voorschriften genoemd in deze verordening toegepast.

  • 3.

    Voor verleende en onherroepelijk zijnde vergunningen of ontheffingen, die meer rechten garanderen dan voortvloeien uit deze verordening, geldt een overgangsperiode van 1 jaar na inwerkingtreding van deze verordening.

Artikel 6 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als ‘Paracommerciële verordening gemeente Midden-Groningen’.

Ondertekening

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 29 januari 2026,

Burgemeester, E. van Lente

Griffier, Y. Goedhart

Bijlage A – Lijst met reguliere bijeenkomsten (niet limitatief)

Reguliere bijeenkomsten voor alle categorieën paracommerciële rechtspersonen:

- Bestuursvergaderingen;

- Ledenvergaderingen;

- Jaarvergaderingen;

- Jubileumvieringen.

Reguliere bijeenkomsten voor paracommerciële rechtspersonen die zich richten op het faciliteren van sociale interactie of op activiteiten van sociaal-culturele aard:

- Kaart-, dart-, dobbel- en/of bordspelavonden voor buurtbewoners en introducés;

- Jaar- en/of buurtfeesten;

- Rouwdiensten/condoleances;

- Kerstfeest, oud en nieuwjaarsbijeenkomst en Koningsdagbijeenkomst;

- bijeenkomsten georganiseerd door/op initiatief van de gemeente (info-, inspraakavonden, etc.).

Reguliere bijeenkomsten voor paracommerciële rechtspersonen die zich richten op activiteiten van sportieve of recreatieve aard:

- Trainingen en wedstrijden;

- Jaar(afsluitings)feesten, kampioensfeesten en promotiefeesten;

- Kerst en/of oud en nieuwjaarsbijeenkomsten;

- Kaart-, dart-, dobbel- en/of bordspelavonden voor leden en introducés.

Reguliere bijeenkomsten voor paracommerciële rechtspersonen die zich richten op activiteiten van levensbeschouwelijke of godsdienstige aard:

- Levensbeschouwelijke of godsdienstige diensten, bijvoorbeeld de kerkdienst op zondag;

- Bijeenkomsten in het kader van een religieus feest;

- Rouwdiensten/condoleances;

- Huwelijksdiensten (niet de recepties).

Algemene toelichting

Deze verordening heeft twee hoofddoelen. Enerzijds is het doel het beschermen van de reguliere horeca tegen oneerlijke concurrentie van paracommerciële rechtspersonen (zoals dorps- en buurthuizen, wijk- en buurtcentra en sportkantines). Deze rechtspersonen draaien immers vaak op de inzet van vrijwilligers, soms ook op subsidies en kunnen in aanmerking komen voor gunstiger fiscale regels. Anderzijds is het doel het vastleggen en harmoniëren van de regels die gelden voor paracommerciële rechtspersonen met betrekking tot het schenken van alcohol en het organiseren van bijeenkomsten binnen de gemeente Midden-Groningen. Voorheen golden de regels zoals die waren in de voormalige gemeenten Hoogezand-Sappemeer, Menterwolde en Slochteren.

Deze verordening is gebaseerd op artikel 4 van de Alcoholwet. Daarin is vastgelegd dat bij gemeentelijke verordening, ter voorkoming van oneerlijke concurrentie, regels gesteld moeten worden waaraan paracommerciële rechtspersonen zich te houden hebben. Op grond van het 3e lid van artikel 4 van de Alcoholwet moeten die regels in elk geval betrekking hebben op:

  • a.

    tijden gedurende welke alcohol geschonken mag worden;

  • b.

    in de inrichting te houden bijeenkomsten van persoonlijke aard, zoals bruiloften en partijen;

  • c.

    in de inrichting te houden bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de rechtspersoon betrokken zijn.

Deze regels worden primair gesteld vanuit het oogpunt van oneerlijke mededinging. Er mag onderscheid gemaakt worden naar de aard van de paracommerciële rechtspersonen (met name met het oog op verantwoorde alcoholverstrekking). In feite gaat het om een afweging waarbij de belangrijke maatschappelijke functie van de verschillende paracommerciële instellingen in acht wordt genomen, maar geen onnodige beperkingen op worden gelegd daar waar de mededinging niet in het geding is en er geen sprake is van onverantwoorde verstrekking van alcohol, met name aan jongeren. In het kader van deze laatste overweging wordt ook betrokken dat de gemeente het Lokaal Preventieakkoord Midden-Groningen en de beleidsnotitie Gezondheid Midden-Groningen 2021-2025 heeft vastgesteld en zich gecommitteerd heeft aan de zogeheten JOGG-aanpak (stichting Jongeren Op Gezond Gewicht, voorheen Convenant Gezond Gewicht). De gemeente richt zich op het doorlopend en integraal werken aan een gezonde omgeving voor de jeugd. Landelijk uitgangspunt is geen alcohol onder 18 jaar. Deze verordening geeft specifieke regels voor de paracommerciële rechtspersonen die zich specifiek op jeugd en jongvolwassenen richten. Aanvullend wordt beoogd te bereiken dat op alle plekken aan de jeugd onder de 18 en de jongvolwassenen ook een voorbeeld wordt gegeven van verantwoord en gezond alcoholgebruik (bijvoorbeeld in de sportkantines).

Vergunningen voor het schenken van alcohol door paracommerciële rechtspersonen worden verleend door de burgemeester. Hetzelfde geldt voor de ontheffingen voor het houden van bijeenkomsten van persoonlijke aard (artikel 3 en 4 van de Alcoholwet). Op alle ontheffingsmogelijkheden in deze verordening is overigens de Lex Silencio Positivo (LSP; paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht) niet van toepassing verklaard. De LSP houdt in dat een positieve beslissing, zoals het afgeven van een ontheffing, van rechtswege (= automatisch) is gegeven na het verstrijken van de beslistermijn als dit bij wettelijk voorschrift is bepaald (en dat is het geval in artikel 28 van de Dienstenwet). Vanuit het oogpunt van bescherming van de volksgezondheid en ter criminaliteitspreventie is toepassing van de LSP op alcoholgerelateerde beslissingen niet wenselijk.

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 1 Begripsbepalingen

Hier wordt verwezen naar de Alcoholwet. Voor een goed begrip van en de leesbaarheid van deze verordening wordt de definitie van ‘paracommerciële rechtspersoon’ die in de Alcoholwet staat hier benoemd en nader uitgelegd.

Een paracommerciële rechtspersoon is een rechtspersoon niet zijnde een naamloze vennootschap of besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, die zich naast activiteiten van recreatieve, sportieve, sociaal-culturele, educatieve, levensbeschouwelijke of godsdienstige aard richt op de exploitatie in eigen beheer van een horecabedrijf.

De definitiebepaling is dwingend geformuleerd. Dit betekent dat er niet een keuze bestaat tussen het aanvragen van een paracommerciële en een commerciële alcoholvergunning. Als aan de drie elementen in de definitiebepaling is voldaan, is sprake van een paracommerciële rechtspersoon. Dan geldt dat een zodanige vergunning aangevraagd wordt/moet worden en dat de regels uit deze verordening voor die rechtspersoon gelden. Het gaat om de volgende elementen die beoordeeld moeten worden:

  • 1.

    Is het een rechtspersoon niet zijnde een naamloze vennootschap of besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid?

  • 2.

    Richt deze rechtspersoon zich op activiteiten van recreatieve, sportieve, sociaal-culturele, educatieve, levensbeschouwelijke of godsdienstige aard?

  • 3.

    Richt deze rechtspersoon zich ook op de exploitatie in eigen beheer van een horecabedrijf?

Om te bepalen wat de rechtspersoon is en waar deze zich op richt kan bijvoorbeeld gekeken worden naar het handelsregister (KvK), de oprichtingsakte, de statuten of de korte en langetermijnvisie of -plannen van de rechtspersoon.

Artikel 2 Verbod sterke drank

De paracommerciële rechtspersonen die geen sterke drank mogen schenken staan benoemd in dit artikel. Het spreekt voor zich dat het schenken van sterke drank niet past bij paracommerciële rechtspersonen die zich in de kern richten op activiteiten van sportieve aard of voor de jeugd. Voorgaande betekent ook dat het de hier niet benoemde rechtspersonen wel is toegestaan sterke drank te schenken.

Artikel 3 Schenktijden (reguliere bijeenkomsten)

Een reguliere bijeenkomst heeft een link met de statutaire doelstellingen van de paracommerciële rechtspersoon. Bij een sportclub zijn er reguliere bijeenkomsten rond de trainingen en de wedstrijden, maar bijvoorbeeld ook bestuurs- en ledenvergaderingen of meer uitzonderlijk het zoveeljarig jubileumfeest van de club. Daarvoor gelden de schenktijden en regels genoemd in dit artikel. Voor de duidelijkheid is een lijst opgesteld waarin per categorie paracommerciële rechtspersoon is opgenomen wat in ieder geval als reguliere bijeenkomsten wordt gezien (de lijst is niet limitatief). Hierin staan ook bijeenkomsten die wellicht niet helemaal passen bij de statutaire doelstellingen, maar waarover wel maatschappelijke consensus bestaat dat dit plaatsvindt bij paracommerciële rechtspersonen. Deze bijeenkomsten worden als regulier gezien en vallen onder de toepassing van dit artikel. De lijst is te vinden in bijlage A bij deze verordening.

Qua schenktijden wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de tot op heden geldende regels en de situatie zoals die altijd was. Er geldt in eerste instantie een algemene regel, namelijk slechts schenken van alcohol gedurende de volgens de APV toegestane openingstijden (eerste lid). Afhankelijk van de aard van de paracommerciële rechtspersoon gelden specifieke en meer beperkende schenktijden (tweede en derde lid). Zoals gebruikelijk in Midden-Groningen en de rest van Nederland zijn de schenktijden van paracommerciële rechtspersonen die zich richten op activiteiten van sportieve aard en op activiteiten voor de jeugd gekoppeld aan de hoofdactiviteiten en meer beperkt. Bijzondere aandacht verdient het verbod om alcohol te schenken bij activiteiten die zich richten op de (jongere) jeugd. Tijdens activiteiten voor jeugd jonger dan 13 jaar mag er nooit alcohol geschonken worden (zo staat in artikel 3, vierde lid). Dit geldt ongeacht of er gelijktijdig activiteiten voor volwassenen plaatsvinden.

Bij bijzondere gelegenheden, in relatie tot de activiteiten van die rechtspersoon, kan ontheffing van de vastgestelde schenktijden verleend worden. Uitgangspunt bij deze ontheffingsmogelijkheid is dat er met terughoudendheid gebruik van gemaakt wordt. Volgens artikel 4, vierde lid, van de Alcoholwet kan de burgemeester met het oog op bijzondere gelegenheden van zeer tijdelijke aard voor een aaneengesloten periode van ten hoogste twaalf dagen ontheffing verlenen van de bij of krachtens dit artikel gestelde regels. Dat zijn de regels in deze verordening.

Er kan voor maximaal 12 dagen per jaar ontheffing van de schenktijden verleend worden. Dit mogen dagen achter elkaar zijn of 12 losse dagen verspreid over het jaar.

Een bijzondere gelegenheid kan bijvoorbeeld zijn een feestweek in het dorp, of oud- en nieuw, Koningsdag. Op deze dagen wordt er vaak langer doorgegaan. Is ontheffing voor de sluitingstijden (artikel 2:29a APV) gevraagd en wil men dan ook langer alcohol schenken, dan kan hiervoor ontheffing gevraagd worden. Zomaar ontheffing zodat er langer doorgefeest kan worden in het weekend zonder aanleiding behoort niet tot de mogelijkheden. Langer doorfeesten bij een bijzondere gelegenheid, zoals de genoemde feestdagen, wel.

Artikel 4 Schenken alcohol bij andere dan reguliere bijeenkomsten

In dit artikel wordt ingegaan op andere bijeenkomsten dan de reguliere bijeenkomsten van de paracommerciële rechtspersoon. Het komt namelijk ook voor dat paracommerciële rechtspersonen andere dan reguliere activiteiten organiseren of faciliteren en daarbij alcohol willen schenken. Deze andere activiteiten vallen voor de Alcoholwet uiteen in bijeenkomsten van persoonlijke aard en bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de betreffende rechtspersoon betrokken zijn. De activiteiten zijn dus niet rechtstreeks gekoppeld aan de activiteiten van de paracommerciële rechtspersonen. Het is verder niet van belang of de kantine of de zaal wel of niet verhuurd is, of dat het een besloten feest is voor alleen leden. De vraag is alleen of de activiteit binnen de statutaire doelstelling van de paracommerciële rechtspersoon valt. Zo is een dansfeest alleen voor leden ook een bijeenkomst van persoonlijke aard, tenzij het toevallig een dansvereniging betreft. Ook het met alle leden bekijken van voetbalwedstrijden van het Nederlands elftal is een bijeenkomst van persoonlijke aard, tenzij het een voetbalvereniging betreft.

Voorbeelden van bijeenkomsten van persoonlijke aard zijn: bruiloften, koffietafels, verjaardagen, examenfeestjes, enzovoorts. Er moet hierbij altijd een link zijn tussen de mensen die de bijeenkomst van persoonlijke aard, zoals de bruiloft, willen vieren in de horecazaak van de paracommerciële rechtspersoon (bijvoorbeeld de sportkantine). De bruid of bruidegom en vele gasten zijn lid van de sportclub, zijn donateur, zitten in het bestuur of zijn gedurende het jaar vrijwilliger. Er wordt ook vanuit gegaan dat er een link is tussen de paracommerciële rechtspersoon die is gevestigd in een bepaald dorp en de inwoners van dat dorp. Is de link er niet dan gaat het om een bijeenkomst gericht op personen die niet of niet rechtstreeks bij de paracommerciële rechtspersoon zijn betrokken.

Een voorbeeld van een activiteit die gericht is op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de betreffende rechtspersoon zijn betrokken is bijvoorbeeld een algemeen toegankelijke (of iedereen kan een kaartje kopen) algemene feestavond in een sportclub. Er is dan geen link tussen de mensen die bij de bijeenkomst zijn en de paracommerciële rechtspersoon.

Er wordt in deze verordening voor gekozen om voor beide soorten bijeenkomsten dezelfde regels te laten gelden. Het maakt dus niet uit of het gaat om bijeenkomsten van persoonlijke aard of bijeenkomsten gericht op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de betreffende rechtspersoon betrokken zijn. Het enige onderscheid dat we maken is het onderscheid tussen reguliere bijeenkomsten en andere dan reguliere bijeenkomsten.

Voor de verschillende paracommerciële rechtspersonen gelden verschillende regels (eerste, tweede en derde lid) en uitzonderingsmogelijkheden (achtste lid). Dit artikel geeft de regels voor de mogelijkheden van het schenken van alcohol bij andere dan reguliere bijeenkomsten. Voor de schenktijden die tijdens deze andere dan reguliere bijeenkomst gelden moet weer gekeken worden in artikel 3.

Er is qua regels een driedeling gemaakt. Voor jeugdsozen is het niet toegestaan om alcohol te schenken bij andere dan reguliere bijeenkomsten. Een afwijkingsmogelijkheid voor bijzondere gevallen is er niet, dat wordt niet gewenst geacht.

Voor de overige categorieën paracommerciële rechtspersonen is het uitgangspunt dat er bij maximaal 12 bijeenkomsten van persoonlijke aard of andere bijeenkomsten per kalenderjaar alcohol geschonken mag worden.

In afwijking van dit uitgangspunt geldt dat als paracommerciële rechtspersonen bij een onbeperkt aantal bijeenkomsten van persoonlijke aard of bijeenkomsten die zijn gericht op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de betreffende rechtspersoon betrokken zijn alcohol mogen schenken als er geen vergelijkbare commerciële horeca is gevestigd binnen hetzelfde dorp.

Of een paracommerciële rechtspersoon bij een onbeperkt aantal bijeenkomsten alcohol mag schenken wordt bepaald door het antwoord op twee vragen:

  • 1.

    Bevindt zich commerciële horeca binnen hetzelfde dorp?

  • 2.

    Is die commerciële horeca qua aard vergelijkbaar.

Het antwoord op de eerste vraag is in alle gevallen duidelijk vast te stellen. Er is gekozen voor dorpsgrenzen om zo goed mogelijk maatwerk te leveren. In de gemeente zijn namelijk veel kleine en grotere dorpen die qua voorziening op het eigen dorp zijn gericht. Er is in die zin geen concurrentie met commerciële horeca in andere dorpen.

Het antwoord op de tweede vraag ligt iets gecompliceerder. Een commercieel café met een totale capaciteit van 30 personen is qua aard niet vergelijkbaar met een paracommerciële rechtspersoon die ook meerdere zalen verhuurt voor groepen van 50 personen. In een nabijgelegen luxe-restaurant kan doorgaans geen verjaardagsfeest georganiseerd worden, waar dit wel kan bij het buurthuis.

In al deze gevallen kan de activiteit alleen bij de paracommerciële rechtspersoon plaatsvinden en niet bij de commerciële horeca. De paracommerciële rechtspersoon en de commerciële horeca zijn dan niet qua aard vergelijkbaar, richten zich niet op dezelfde activiteiten of het bij die activiteiten horende publiek. In deze gevallen wordt geen oneerlijke concurrentie gezien, waardoor de bijeenkomsten ook niet beperkt hoeven te worden.

Artikel 5 Inwerkingtreding en overgangsrecht

In dit artikel is de inwerkingtreding en het overgangsrecht geregeld. Na inwerkingtreding geldt de verordening direct voor nieuwe aanvragen en voor aanvragen waarop nog niet is beslist. Voor verleende en onherroepelijk zijnde vergunningen of ontheffingen geldt een overgangsperiode van maximaal één jaar. Daarna gelden alle uitgangspunten, voorwaarden en beperkingen voortvloeiend uit deze verordening onverkort. De overgangsperiode van een jaar geeft vergunninghouders de tijd om zich aan eventuele wijzigingen aan te passen en geeft ook de gemeente de tijd om voorschriften en beperkingen in de bestaande vergunningen te wijzigen in lijn met de nieuwe regels.