Subsidieregeling Beheer kinderboerderij Klein Boveneind

Geldend van 24-02-2026 t/m heden

Intitulé

Subsidieregeling Beheer kinderboerderij Klein Boveneind

Burgemeester en Wethouders van Krimpen aan den IJssel

overwegende dat het beheer van kinderboerderij Klein Boveneind met ingang van 1 april 2017 extern verzelfstandigd is

gelet op artikel 2, 4 en 6 van de Algemene Subsidieverordening Krimpen aan den IJssel 2018

besluiten

vast te stellen de volgende regeling:

Subsidieregeling Beheer kinderboerderij Klein Boveneind

Doel

De Kinderboerderij Klein Boveneind is een laagdrempelig en openbaar toegankelijke recreatieve voorziening waar kennis kan worden gemaakt met (boerderij)dieren, natuur en milieu. Op de kinderboerderij is een educatief centrum gevestigd van waaruit natuur- en milieulessen worden ontwikkeld en verzorgd. De kinderboerderij heeft derhalve een belangrijke maatschappelijke functie gericht op:

  • 1.

    Ontmoeten en recreatie

  • 2.

    Natuur- en milieueducatie

  • 3.

    Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (waaronder dagbesteding)

Per 1 april 2017 is het beheer van kinderboerderij Klein Boveneind extern verzelfstandigd en wordt uitgevoerd door een lokale stichting. Het betreft:

  • a)

    Dagelijkse beheer:

  • -

    Programmabeheer

  • -

    Exploitatiebeheer

  • -

    Facilitair beheer

  • b)

    Eigenarenbeheer

Doelgroep

  • A.

    Alle inwoners

  • B.

    Basisscholen

Aanvrager

  • A.

    Stichting IJsselWerk

Subsidiesoort

  • A.

    Budgetsubsidie

Inwerkingtreding

Deze beleidsregel geldt voor aanvragen vanaf het subsidiejaar 2019.

Basisvoorwaarden

Tarieven

  • a)

    De exploitant is niet bevoegd om een toegangsprijs te heffen.

  • b)

    Voor bijzondere activiteiten en evenementen mag een prijs in rekening worden gebracht.

  • c)

    Voor commerciële activiteiten mag een prijs in rekening worden gebracht.

Kwaliteitsborging

  • a)

    De exploitant voldoet aan de wettelijke regelgeving m.b.t. het exploiteren van een kinderboerderij.

  • b)

    De exploitant zorgt dat voor de kinderboerderij het keurmerk van de Vereniging van Samenwerkende Kinderboerderijen Nederland (SKBN) en het keurmerk Zoönosen wordt verworven.

  • c)

    De exploitant zorgt dat de kinderboerderij een erkend leerbedrijf blijft en stages aanbiedt voor leerlingen die de VMBO/MBO-opleiding dierverzorging volgen.

  • d)

    De exploitant stelt een beheercommissie in, bestaande uit omwonenden en andere geïnteresseerden die bereid zijn actief bij te dragen in de exploitatie van de kinderboerderij.

  • e)

    De exploitant organiseert tweemaal per jaar een overleg met de beheercommissie en de medewerkers en rapporteert over de acties uit dit overleg aan de gemeente.

  • f)

    De exploitant registreert klachten en handelt deze snel en correct af en legt hierover in het jaarverslag verantwoording af.

  • g)

    De exploitant dient jaarlijks een jaarverslag in.

  • h)

    Twee maal per jaar vindt overleg plaats tussen de gemeente (als opdrachtgever en eigenaar) en de exploitant om te bewaken dat partijen de overeengekomen verplichtingen nakomen en de exploitant voldoet aan de gestelde kwaliteitseisen.

  • i)

    De gemeente voert periodiek een benchmark uit naar de (financiële) prestatie van de exploitant.

Gebruik en commerciële activiteiten

  • a)

    De exploitant dient de kinderboerderij optimaal beschikbaar te houden voor bovengenoemde maatschappelijke functies en hanteert daarbij de openingstijden zoals die gelden op het moment van verzelfstandiging.

  • b)

    De exploitant stelt jaarlijks – per schooljaar – een rooster op voor natuur- en milieulessen voor het (basis)onderwijs.

  • c)

    De exploitant organiseert jaarlijks bijzondere activiteiten en evenementen en dient daarvoor de Handleiding evenementenbeleid te volgen.

  • d)

    De exploitant kan zelf andere activiteiten organiseren die een bijdrage leveren aan gemeentelijk beleid of maatschappelijke initiatieven van anderen faciliteren.

  • e)

    Commerciële activiteiten en reclame zijn toegestaan, maar ondergeschikt aan de maatschappelijke functies.

  • f)

    De exploitant organiseert tweemaal per jaar een overleg met de Stichting ‘Vrienden van Kinderboerderij Klein Boveneind’.

Specifieke criteria

Eigendomssituatie

  • a)

    De gemeente blijft eigenaar van de kinderboerderij.

  • b)

    De gemeente verhuurt de kinderboerderij aan de exploitant.

  • c)

    Gebruikskosten (gas, water, licht) komen voor rekening van de exploitant

  • d)

    Gemeente en exploitant maken in de huurovereenkomst nadere afspraken over het uitvoeren van klein en planmatig onderhoud van en levensduur verlengende investeringen in de kinderboerderij. Uitgangspunt daarbij is om de exploitant zoveel mogelijk verantwoordelijk te maken voor het klein en planmatig onderhoud.

Belastingen en verzekeringen

  • a)

    De gemeente neemt voor haar rekening het eigenaarsdeel van de OZB en de waterschapslasten.

  • b)

    De gemeente houdt de brand- en stormverzekering aan. De stichting kan een bedrijfsschade verzekering afsluiten.

  • c)

    Alle overige lasten en belastingen die wegens of in verband met het specifieke karakter van het gebruik en het gehuurde, van de verhuurder geheven zullen worden, komen t.l.v. de huurder.

Bijdrage, vermogen en garanties

  • a)

    Het subsidieplafond wordt door de gemeenteraad vastgesteld in de meerjarenbegroting. Exploitant respecteert het geldende subsidieplafond en geeft concreet aan welke bezuinigingsmogelijkheden daarbij gerealiseerd kunnen worden. Daarbij gaat het om:

    • o

      Vervanging van de personele formatie door inzet van vrijwilligers (bij natuurlijk verloop).

    • o

      Door verwachte financiële bijdragen van de vriendenstichting

    • o

      Door ingeschatte opbrengsten uit verhuur aan derden van met name de bovenverdieping van de hooiberg.

    • o

      Door besparingen die IJsselWerk op onderhoudskosten kan realiseren door inzet van eigen personeel.

  • b)

    De subsidie wordt jaarlijks, conform de systematiek van de Algemene Subsidieverordening, op basis van een ingediend jaarplan inclusief begroting verleend.

  • c)

    De opbrengsten zijn onvoldoende om de huurprijs te dekken; het verschil wordt verdisconteert in de subsidie.

  • d)

    De in de verordening opgenomen bepalingen m.b.t. vermogen etc. zijn van toepassing.

Verdeelsleutel

De gemeenteraad stelt jaarlijks het subsidieplafond vast.

Ondertekening