Regeling vervalt per 01-01-2029

Subsidieregeling isolatie Verenigingen van Eigenaars De Ronde Venen

Geldend van 25-02-2026 t/m 31-12-2028 met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2026

Intitulé

Subsidieregeling isolatie Verenigingen van Eigenaars De Ronde Venen

Burgemeester en wethouders van De Ronde Venen;

gelet op de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene Subsidieverordening De Ronde Venen;

overwegende dat het gewenst is activiteiten te stimuleren die bijdragen aan de verduurzaming van gebouwen van Verenigingen van Eigenaars (VvE’s) en dat eigenaar-bewoners binnen VvE’s gestimuleerd moeten worden om samen met de VvE energiebesparende isolatiemaatregelen te treffen;

besluiten vast te stellen de volgende regeling:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a)

    appartement: deel van een gebouw waarop een appartementsrecht rust en waarvoor een VvE is opgericht;

  • b)

    Asv: Algemene subsidieverordening De Ronde Venen;

  • c)

    bouwbedrijf: bedrijf dat in een handelsregister van een lidstaat van de Europese Unie of een van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, is ingeschreven in de sectie bouwnijverheid of vergelijkbare sectie;

  • d)

    bouwdeel: één van de volgende vier categorieën: 1.vloer en/of bodem; 2.gevel waaronder spouw; 3. dak en/of zolder en of vlieringvloer; 4. glas en ramen;

  • e)

    eigenaar-bewoner: meerderjarig natuurlijk persoon, die blijkens de kadastrale gegevens eigenaar is van een appartement en in de gemeentelijke basisregistratie personen staat ingeschreven op het adres van dit appartement;

  • f)

    ISDE: investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland;

  • g)

    Rc waarde: totale isolatiewaarde van een bepaald constructieonderdeel;

  • h)

    Rd waarde: waarde die de isolerende werking van een enkel materiaal in een constructie weergeeft;

  • i)

    slecht geïsoleerd bouwdeel:

    • i.

      dak, hellend/plat: geen, slechte en matige isolatie. Minder dan 9 cm aanwezig, Rc ≤ 2,0

    • ii.

      dak, zolder-/vlieringvloerisolatie: Als er geen zolder-/vlieringvloerisolatie aanwezig is, Rc ≤ 0,5

    • iii.

      gevel: geen spouwmuurisolatie, voorzetwand of buitengevelisolatie aanwezig Rc ≤ 1,1

    • iv.

      vloer-/bodemisolatie: geen of slechte vloer- en bodemisolatie aanwezig. Minder dan 5cm aanwezig, Rc ≤ 1,3

    • v.

      glas: Enkel glas, oud dubbelglas en HR glas. U-waarde ≥ 1,6

  • j)

    SVVE: subsidieregeling verduurzaming voor Verenigingen van Eigenaars van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland;

  • k)

    Ug waarde: waarde die aangeeft in hoeverre glas de warmte doorlaat;

  • l)

    VvE: vereniging van eigenaars als bedoeld in artikel 112, eerste lid, onderdeel e, van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek;

  • m)

    WOZ-waarde: Waardering Onroerende Zaken.

Artikel 2. Doel van de regeling

Het doel van deze regeling is het isoleren van slecht geïsoleerde bouwdelen in gebouwen van VvE’s.

Artikel 3. Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen

  • 1. Burgemeester en wethouders verstrekken uitsluitend subsidie ten behoeve van het laten uitvoeren van één of meer van de in het tweede lid genoemde energiebesparende isolatiemaatregelen aan appartementen die aan alle volgende eisen voldoen:

    • a)

      het appartement is onderdeel van een VvE;

    • b)

      het appartement wordt bewoond door de eigenaar-bewoner;

    • c)

      het appartement had in januari 2022 een maximale WOZ-waarde van € 498.200.

    • d)

      het gebouw van de VvE waarin het appartement zich bevindt heeft ten minste twee slecht geïsoleerde bouwdelen;

    • e)

      het appartement grenst fysiek aan het slecht geïsoleerde bouwdeel waaraan de energiebesparende isolatiemaatregel wordt uitgevoerd, met uitzondering van gevelisolatie, hierbij mogen alle appartementen worden meegeteld.

  • 2. De energiebesparende isolatiemaatregelen bedoeld in het eerste lid zijn:

    • a)

      dakisolatie dan wel zolder- of vlieringvloerisolatie, waarbij:

      • i.

        minimaal 70% van de oppervlakte van het gehele dak behorend tot de bestaande thermische schil wordt geïsoleerd;

      • ii.

        het toegevoegde isolatiemateriaal een Rd-waarde van ten minste 3,5 m2K/W heeft en in geval van een monument een Rd-waarde van ten minste 2,5 m2K/W heeft; en

      • iii.

        het aanbrengen van lokaal gespoten PIR of PUR gebeurt met HFK-vrije blaasmiddelen;

    • b)

      gevelisolatie, waarbij:

      • i.

        gemiddeld minimaal 10 m2 per appartement van de oppervlakte van de binnen- of buitengevel van de bestaande thermische schil wordt geïsoleerd; en

      • ii.

        het toegevoegde isolatiemateriaal een Rd-waarde van ten minste 3,5 m2K/W heeft en in geval van een monument een Rd-waarde van ten minste 2,5 m2K/W heeft;

    • c)

      spouwmuurisolatie, waarbij:

      • i.

        gemiddeld minimaal 10 m2 per appartement van de oppervlakte van bestaande spouwmuren in de bestaande thermische schil wordt geïsoleerd;

      • ii.

        het toegevoegde isolatiemateriaal een Rd-waarde van ten minste 1,1 m2K/W heeft; en

      • iii.

        het aanbrengen van lokaal gespoten PIR of PUR gebeurt met HFK-vrije blaasmiddelen;

    • d)

      vloer- dan wel bodemisolatie, waarbij:

      • i.

        minimaal 70% van de oppervlakte van de gehele vloer of bodem behorend tot de bestaande thermische schil wordt geïsoleerd;

      • ii.

        het toegevoegde isolatiemateriaal voor de vloer of bodem een Rd-waarde van ten minste 3,5 m2K/W heeft; en

      • iii.

        het aanbrengen van lokaal gespoten PIR of PUR gebeurt met HFK-vrije blaasmiddelen.

    • e)

      glas-, kozijnpaneel- of deurisolatie in de bestaande thermische schil door het vervangen van:

      • i.

        gemiddeld minimaal 3 m2 per appartement van de oppervlakte van glas, kozijnpanelen of deuren door HR++ glas met een U-waarde van ten hoogste 1,2 W/m2K, eventueel in combinatie met nieuwe isolerende kozijnpanelen met een U-waarde van ten hoogste 1,2 W/m2K of nieuwe isolerende deuren met een U-waarde van ten hoogste 1,5 W/m2K;

      • ii.

        gemiddeld minimaal 3 m2 per appartement van de oppervlakte van glas, kozijnpanelen of deuren door triple-glas, met een U-waarde van ten hoogste 0,7W/m2K, in combinatie met een nieuw isolerend kozijn met een U-waarde van ten hoogste 1,5 W/ m2K, eventueel in combinatie met nieuwe isolerende kozijnpanelen met een U-waarde van ten hoogste 0,7 W/m2K of nieuwe isolerende deuren met een U-waarde van ten hoogste 1,0 W/m2K;

      • iii.

        gemiddeld minimaal 3 m2 per monumentaal appartement van de oppervlakte van glas, kozijnpanelen, deuren met hoogrendementsglas of het plaatsen van voor- of achterzetbeglazing met een U-waarde van ten hoogste 3,0 W/m2K, eventueel in combinatie met kozijnpanelen met een U-waarde van ten hoogste 3,0 W/m2K of nieuwe isolerende deuren met een U-waarde van ten hoogste 2 W/m2K;of

      • iv.

        glas, kozijnpanelen, deuren in een monumentaal appartement door hoogrendementsglas of het plaatsen van voor- of achterzetbeglazing met een U-waarde van ten hoogste 2,0 W/m2K, eventueel in combinatie met kozijnpanelen met een U-waarde van ten hoogste 2,0 W/m2K of nieuwe isolerende deuren met een U-waarde van ten hoogste 2,0 W/m2K.

Artikel 4. Indieningstermijn aanvraag

Subsidieaanvragen kunnen doorlopend worden ingediend bij het college tot het subsidieplafond is bereikt.

Artikel 5. Eisen aan de aanvrager

Subsidie kan enkel worden aangevraagd door een VvE.

Artikel 6. Eisen aan de aanvraag

  • 1. Een aanvraag wordt ingediend op het door burgemeester en wethouders vastgesteld aanvraagformulier. Op het aanvraagformulier wordt de volgende informatie ingevuld:

    • a)

      adresgegevens VvE;

    • b)

      bouwjaar gebouw;

    • c)

      indien van toepassing, verklaring dat het gebouw een monument is;

    • d)

      naam en contactgegevens VvE;

    • e)

      registratie KvK;

    • f)

      IBAN nummer VvE;

    • g)

      gegevens per appartement in de VvE die voldoet aan de eisen gesteld in artikel 3, lid 1: adres, WOZ-waarde, te isoleren oppervlak in m2, grenzend aan welk slecht geïsoleerde bouwdeel waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.

  • 2. De aanvraag voldoet aan alle eisen zoals gesteld in artikel 6 van de Asv. In aanvulling op artikel 6 van de Asv, wordt de aanvraag enkel in behandeling genomen als met het aanvraagformulier de volgende gegevens worden verstrekt:

    • a)

      een afschrift van de akte van splitsing;

    • b)

      een Meerjarenonderhoudsplan (MJOP);

    • c)

      bewijs van minimaal twee slecht geïsoleerde bouwdelen waarvoor de subsidie wordt aangevraagd, dit is een van de volgende bewijsmiddelen:

      • i.

        energielabel D of slechter per appartement; of

      • ii.

        bouwkundig rapport; of

      • iii.

        rapport van een gecertificeerd energieadviseur; of

      • iv.

        offerte voor het isoleren van 2 slecht geïsoleerde bouwdelen;

    • d)

      een verslag van de Algemene Ledenvergadering van de VvE met daarin het besluit van de VvE over de voorgenomen activiteiten en om een subsidieaanvraag op grond van de regeling in te dienen;

    • e)

      één offerte van een bouwbedrijf, met daarin minimaal:

      • i.

        naam en KvK nummer bouwbedrijf;

      • ii.

        naam VvE en adressen die vallen onder de VvE;

      • iii.

        uit te voeren maatregelen, inclusief isolatiewaarden en het aantal geïsoleerde vierkante meters per isolatiemaatregel;

      • iv.

        isolatiematerialen (meldcodes);

      • v.

        indien van toepassing, hoe wordt gehandeld conform de methode natuurvriendelijk isoleren of hoe bij het uitvoeren van isolatiemaatregelen in spouwmuur of dak de regels en voorschriften uit het Soortmanagementplan (SMP van de gemeente [GEMEENTE] worden nageleefd;

      • vi.

        verwachte datum van installatie;

      • vii.

        verdeling materiaalkosten/arbeidskosten.

Artikel 7. Subsidiabele kosten

  • 1. De volgende kosten komen in aanmerking voor subsidie:

    • a)

      kosten die:

      • doelmatig zijn;

      • redelijkerwijs nodig zijn voor het uitvoeren van de subsidiabele activiteiten;

      • rechtstreeks zijn toe te rekenen aan de uitvoering van de subsidiabele activiteiten.

    • b)

      kosten van het door een bouwbedrijf laten uitvoeren van energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 3.

  • 2. De volgende kosten komen niet in aanmerking voor subsidie:

    • a)

      kosten ten behoeve van het opstellen van de aanvraag;

    • b)

      kosten die worden gemaakt voordat de aanvraag is ontvangen;

    • c)

      kosten die uit anderen hoofde worden gesubsidieerd;

    • d)

      verrekenbare of compensabele belastingen, heffingen of lasten;

    • e)

      kosten van rente, bankdiensten, financieringen, gerechtelijke procedures, boetes en sancties;

    • f)

      fooien, geschenken, gratificaties en bonussen;

    • g)

      kosten voor representatie, overboekingen en annuleringen;

    • h)

      kosten om te voldoen aan wettelijke verplichtingen of aan gangbare minimumkwaliteitseisen;

    • i)

      arbeidskosten van doe-het-zelvers;

    • j)

      zelf ingekochte apparatuur en materialen;

    • k)

      kosten voor regulier onderhoud;

    • l)

      kosten voor het opstellen van een Meerjarenonderhoudsplan (MJOP);

    • m)

      kosten voor adviezen en/of onderzoeken;

    • n)

      kosten voor procesbegeleiding;

    • o)

      vervoerskosten;

    • p)

      verzendkosten;

    • q)

      afwerkingskosten;

    • r)

      kosten gemaakt na beëindiging van de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;

    • s)

      kosten van gelieerde rechtspersonen die onderling in rekening worden gebracht.

Artikel 8. Hoogte subsidie

De hoogte van de subsidie is niet hoger dan 100% van de kosten van de activiteiten, met een maximum van €1500 inclusief btw per appartement en een maximum van €75.000 per VvE.

Artikel 9. Subsidieplafond

Burgemeester en wethouders stellen een subsidieplafond vast voor deze regeling van € 180.000,- voor de gehele looptijd.

1.

Artikel 10. Weigeringsgronden

Overeenkomstig artikel 9, derde lid, onder l, van de Asv beslissen burgemeester en wethouders afwijzend op de aanvraag als:

  • a)

    de aanvrager al eerder subsidie heeft ontvangen vanuit deze subsidieregeling;

  • b)

    de aanvraag niet voldoet aan de voorwaarden en eisen gesteld in deze subsidieregeling;

  • c)

    het subsidieplafond is bereikt.

Artikel 11. Wijze van verdeling

  • 1. Verstrekking van subsidie vindt plaats op volgorde van ontvangst van complete aanvragen die voor subsidie in aanmerking komen, totdat het voor de betrokken subsidie vastgestelde subsidieplafond is bereikt.

  • 2. Als de aanvrager op grond van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt met betrekking tot de verdeling als datum van ontvangst van de aanvraag de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen.

  • 3. Indien door verlening het subsidieplafond wordt overschreden en de aanvraag gedeeltelijk kan worden verleend, wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld om aan te geven welk deel van zijn aanvraag voor het resterende subsidiebedrag binnen het subsidieplafond kan worden uitgevoerd. Een aanvrager kan besluiten van deze mogelijkheid geen gebruik te maken, op dat moment kunnen burgemeester en wethouders besluiten de opvolgende aanvrager deze mogelijkheid te bieden.

Artikel 12. Bevoorschotting

  • 1. Het subsidiebedrag wordt voor maximaal 80% bevoorschot.

  • 2. De wijze van bevoorschotting wordt in de verleningsbeschikking opgenomen.

Artikel 13. Verplichtingen

In aanvulling op de verplichtingen van de subsidieontvanger uit Asv is de subsidieontvanger verplicht:

  • a)

    de activiteit binnen 18 maanden na verlening uit te voeren;

  • b)

    de verkregen subsidie ook daadwerkelijk in te zetten voor de uitvoering van de activiteit;

  • c)

    de benodigde publiekrechtelijke en/of privaatrechtelijke toestemmingen voor het uitvoeren van activiteit te verkrijgen.

Artikel 14. Vaststelling

  • 1. Overeenkomstig de Asv dient de aanvraag tot vaststelling van de subsidie binnen 13 weken na afronding van de werkzaamheden te worden ingediend.

  • 2. Het aanvragen van de vaststelling van de subsidie geschiedt met het e-formulier op de website van de gemeente.

  • 3. In aanvulling op artikel 14 en 15 van de Asv dient de subsidieontvanger tevens de volgende documenten bij zijn aanvraag voor vaststelling in:

    • a)

      kopie van factuur van bouwbedrijf voor de uitvoering van de maatregelen, waarop de volgende informatie vermeld is:

      • i.

        naam en KvK nummer bouwbedrijf;

      • ii.

        naam VvE en bijbehorende adressen;

      • iii.

        datum van werkzaamheden;

      • iv.

        uitgevoerde maatregelen, inclusief isolatiewaarde en het aantal geïsoleerde vierkante meters per isolatiemaatregel;

      • v.

        isolatiematerialen (meldcodes);

      • vi.

        totale kosten uitvoering in euro’s met verdeling arbeidskosten/materiaalkosten.

    • b)

      afschriften van betaalbewijzen aan bouwbedrijf voor uitvoering van de maatregelen;

    • c)

      minimaal één foto van de aanleg per energiebesparende isolatiemaatregel. Hieruit moeten blijken: de naam, soort, dikte en merk van het materiaal. Deze zijn te zien op de productsticker.

Artikel 15. Slotbepalingen

  • 1. Deze subsidieregeling treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari 2026.

  • 2. Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling isolatie Verenigingen van Eigenaars De Ronde Venen.

  • 3. Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2029.

  • 4. Deze subsidieregeling blijft van toepassing op subsidies die voor de vervaldatum onder deze subsidieregeling zijn verstrekt.

Ondertekening

Vastgesteld in de vergadering van (...)

De secretaris,

De burgemeester,