Omgevingsvisie gemeente Haaksbergen

Geldend van 19-02-2026 t/m heden

1 Hoofdstuk 1: Algemeen deel

1.1 Introductie: De omgevingsvisie van Haaksbergen

Een toekomstdroom is vaak het begin van iets nieuws. Van iets dat je wilt bereiken. Waar je keihard aan gaat werken. Als je die droom eenmaal helder voor ogen hebt, dan maak je een plan om die droom waar te maken. Ook een gemeente moet toekomstdromen hebben. Als een soort kompas dat richting geeft voor de vraagstukken van nu en in de toekomst.

Alle gemeenten in Nederland zijn of gaan aan de slag met het ontwikkelen van een omgevingsvisie voor de fysieke leefomgeving. Dat is een wettelijke verplichting. De omgevingsvisie van de gemeente Haaksbergen ligt nu voor. In de omgevingsvisie beschrijven we hoe de leefomgeving van Haaksbergen, Buurse en Sint Isidorushoeve en de omliggende ommelanden eruitziet in 2040. De omgevingsvisie beschrijft onze toekomstdroom voor alles wat te maken heeft met onze fysieke leefomgeving: de dorpen, het centrum, bedrijventerreinen, sportvelden en het buitengebied met het agrarisch landschap, natuur en recreatie. 

Het duurt meerdere jaren om de ambities uit de omgevingsvisie te realiseren, maar de ambities zijn wel tijdsgebonden, concreet en urgent. De stip op 2040 geeft ons tijd om grote stappen te zetten richting onze toekomstdroom. Direct na het vaststellen van de visie moeten we de eerste stappen zetten, om de droom in 2040 gerealiseerd te hebben.

Onze Haaksbergse omgevingsvisie is een visie die bestaande kwaliteiten behoudt of zelfs versterkt en ruimte geeft aan nieuwe ontwikkelingen. Deze omgevingsvisie is dan ook tot stand gebracht samen met de gemeenschap. We hebben de kracht van de samenleving gebruikt voor een gedragen visie. 

1.2 Waarom een omgevingsvisie

Een omgevingsvisie is een belangrijk document dat de toekomstplannen voor onze gemeente vastlegt. Een kompas dat ons helpt om koersvast de juiste stappen te zetten richting de leefomgeving die we in 2040 wensen. Iedere gemeente in Nederland doet dat op basis van de Omgevingswet die sinds 1 januari 2024 geldt. De Omgevingswet is bedoeld om een goed evenwicht te vinden tussen het gebruiken en beschermen van de fysieke leefomgeving. Volgens de Omgevingswet moet de omgevingsvisie in elk geval het volgende beschrijven:

  • de grootste kwaliteiten van de leefomgeving;

  • de plannen en richting voor ontwikkeling;

  • de hoofdlijnen van het beleid.

 

In de gemeente Haaksbergen spelen veel verschillende ontwikkelingen in de leefomgeving. We zoeken bijvoorbeeld naar oplossingen voor nieuwe woningen, toekomstbestendige landbouw en leefbare kernen. Het vinden van oplossingen is niet altijd eenvoudig. Wat voor iets een oplossing lijkt, kan iets anders weer in de weg staan. In de omgevingsvisie houden we rekening met alles wat er speelt, waarbij we luisteren naar de vele wensen en belangen in de samenleving. We kijken naar het complete plaatje en kiezen dan richting.

Een omgevingsvisie helpt de gemeente en de samenleving op verschillende manieren:

  • De omgevingsvisie geeft richting aan hoe bepaalde onderwerpen zich in de toekomst mogen of moeten ontwikkelen. We proberen hierbij zoveel mogelijk thema’s met elkaar te combineren.

  • De omgevingsvisie vertelt onze toekomstdroom op hoofdlijnen en is de basis voor al het toekomstige beleid in het ruimtelijk domein. Na de visie maken we omgevingsprogramma’s en een omgevingsplan. Daarin staat concreter hoe we onze toekomstdromen gaan realiseren. Bijvoorbeeld door aan te geven aan welke specifieke eisen nieuwe initiatieven moeten voldoen.

  • De omgevingsvisie maakt keuzes inzichtelijk. Sommige opgaven kunnen tot een tegenstelling leiden (bijv. verdichten voor woningbouw en meer ruimte maken voor groen kan niet op dezelfde plek).

  • De omgevingsvisie is bruikbaar en inspirerend. Het toekomstbeeld is gemaakt met en voor inwoners, organisaties en (maatschappelijke) ondernemers.

  • De omgevingsvisie beschrijft hoe en met wie we de visie straks gaan toepassen: wat doet de gemeente, wat doen onze ondernemers, wat doen onze inwoners, en welke voorwaarden zijn hierbij belangrijk?

1.3 De omgevingsvisie blijft actueel

De omgevingsvisie is gericht op de lange termijn, met een stip op de horizon in 2040. Doordat de Omgevingsvisie voornamelijk op hoofdlijnen een toekomstvisie schetst, zal deze niet snel verouderen. Wel is het mogelijk dat de monitoring, wetswijzingen of nieuwe ontwikkelingen vragen om een aanpassing van de omgevingsvisie.

Omdat we nu nog niet weten hoe de situatie er over een enkele jaren uit ziet, kiezen we er als gemeente voor om onze omgevingsvisie zo actueel mogelijk te houden. We gaan uit van bijstelling van de omgevingsvisie, vier jaar na vaststelling. Het actualiseren van de omgevingsvisie kan door bijvoorbeeld het toevoegen van nieuwe uitgangspunten of door het geven van duidelijkere kaders op een bepaald onderwerp. Hieruit kan ook volgen dat een omgevingsprogramma moet worden aangepast, of dat een nieuw programma moet worden opgestart. 

1.4 De hoofdthema's van de omgevingsvisie

1.4.1 Hoofdthema's omgevingsvisie

De omgevingsvisie bouwen we op aan de hand van drie hoofdthema’s: Samen sociaal, Krachtige kernen en Toekomstbestendig buitengebied. De hoofdthema’s zijn onderverdeeld in verschillende subthema’s. De thema’s bieden structuur en steun bij de invulling van de omgevingsvisie. De thema’s hebben we bewust zo gekozen dat alle aspecten van de leefomgeving hierin terug kunnen komen: ze bestaan uit ruimtelijke, economische en sociale aspecten. De drie thema’s staan niet los van elkaar, maar vormen juist één geheel. Samen geven ze richting aan de ontwikkeling, de bescherming en het gebruik van de leefomgeving van Haaksbergen op weg naar 2040. Hiermee bieden de thema’s een goede basis om op zoek te gaan naar de juiste balans tussen het benutten en beschermen van onze leefomgeving en het behouden en verbeteren van de leefbaarheid in de kernen en het landelijk gebied.

Hoofdthema's omgevingsvisie
afbeelding binnen de regeling

1.4.2 Samen sociaal

Het hoofdthema Samen Sociaal gaat over onze sociale verbondenheid en noaberschap. Het gaat over onderwerpen die eraan bijdragen dat iedereen volwaardig mee kan draaien in de samenleving, met gelijke kansen en mogelijkheden voor een prettig leven en een goede leefomgeving. Een omgeving die uitnodigt tot wandelen, fietsen, spelen, ontspannen of elkaar ontmoeten. Andere belangrijke onderwerpen zijn een gezonde leefomgeving, een goede milieukwaliteit, klimaatadaptatie15 en een goede toegang tot voorzieningen. Maatschappelijke voorzieningen voor o.a. zorg, sport, bewegen, kunst, cultuur en plaatsen voor ontmoeting. Ook onderwijs en het blijven betrekken van de jeugd is belangrijk binnen dit thema. 

1.4.3 Krachtige kernen

Het hoofdthema Krachtige kernen heeft betrekking op prettig wonen en economie als drager. Prettig wonen in onze kernen gaat over wonen en alles wat samenhangt met een prettige en gezonde woonomgeving. Bijvoorbeeld hoe we genoeg en de juiste woningen bouwen of hoe we onze omgeving groen inrichten en hoe we in onze kernen omgaan met een veranderend klimaat. Economie als drager gaat over de economische aspecten, zoals het vestigingsklimaat, kennis en innovatie en de arbeidsmarkt. Bij Krachtige kernen denken we na over het verduurzamen van hoe we wonen en werken. Ook gaat het over circulaire economie4, over hoe we ons verplaatsen en over de bereikbaarheid in en van de gemeente. 

1.4.4 Toekomstbestendig buitengebied

Toekomstbestendig buitengebied is een breed thema dat ingaat op een groen buitengebied en de functie van het buitengebied voor de economie. Bij een groen buitengebied gaat het over thema’s zoals natuur en landschap. Ook biodiversiteit2, klimaatadaptatie15 en bodem en water komen terug binnen dit hoofdthema. Voor de economische functie van het buitengebied gaat het over de landbouw, vrijetijdseconomie en de opwekking van duurzame energie. Onder dit thema vallen ook de functieveranderingen van bebouwing in het buitengebied en de ontwikkeling van agrarische bedrijven.

1.5 Beleidsinventarisatie

1.5.1 Beleidsinventarisatie gemeente Haaksbergen

Het beleid van de gemeente Haaksbergen bestaat uit plannen en doelen voor een bepaald beleidsterrein met daarbij de bekostiging en benodigde maatregelen, regels en afspraken om de benoemde doelen te realiseren. Er is al veel beleid, daarom hebben we het samengevat met een beleidsinventarisatie. Omdat de beleidsinventarisatie goed de huidige situatie weergeeft, gebruiken we het als vertrekpunt bij het maken van de omgevingsvisie. Het vastgestelde beleid dat op niveau van de omgevingsvisie relevant is, is samengevat in een beleidsinventarisatiekaart (volgende pagina). Een paar voorbeelden daarvan zijn:

  • Verbeteren van de groene verbindingen tussen de kernen en het buitengebied.

  • Zoekgebieden voor duurzame energie.

  • Uitbreidingen bedrijventerrein Stepelerveld.

  • Woningbouw aan de randen

 

Er zijn veel (samenwerkende) overheden met beleid voor het grondgebied van de gemeente Haaksbergen. Het gaat om de Rijksoverheid, Provincie Overijssel, Waterschap Vechtstromen, Waterschap Rijn en IJssel en gemeente Haaksbergen zelf. De beleidsinventarisatie helpt ons om het beleid van andere overheden goed af te stemmen met de omgevingsvisie. Hierdoor kunnen we straks, in de uitvoerende fase, beter samenwerken met andere overheden.

1.5.2 Beleidsanalysekaart 

Beleidsanalysekaart Haaksbergen
afbeelding binnen de regeling

1.6 Kwaliteiten

1.6.1 De kwaliteiten van Haaksbergen

In gesprek met onze inwoners kregen we bevestigd dat onze gemeente verschillende kenmerkende kwaliteiten heeft. Deze kwaliteiten zijn typerend voor onze gemeente en zijn daarom het fundament voor onze toekomstvisie. Hieronder de kwaliteiten die door de inwoners zijn benoemd. 

1.6.2 Wat moet de gemeente Haaksbergen zeker behouden?

  • Groen, natuur en het landschappelijke karakter;

  • De voorzieningen;

  • De top 5 binnen voorzieningen die behouden moeten blijven:

    • Centrum met goed winkelaanbod/horeca/evenementen;

    • De Kappen;

    • Verenigingsleven/sport;

    • (Voortgezet) onderwijs.

1.6.3 Wat moet jouw woonplek zeker behouden?

Centrum Haaksbergen

Voorzieningen, zoals de Kappen, winkels, bibliotheek en evenementen

De Pas

De rust - Het beetje groen dat er is - Museum Buurtspoorweg

Industrieterrein

Rust (de afwezigheid van intensieve bedrijvigheid)

Langelo-Honesch

Landschappelijke karakter/natuur – School – Landbouw

Hassinkbrink

De groene omgeving - Speelplekken voor de kinderen

Zienesch/Wolferink

Variatie in woningaanbod – Groen – Basisschool

De Veldmaat

Groen - Speelvoorzieningen voor de kinderen – Sportvoorzieningen - Winkels

Buurse

Natuur – School – Gemeenschapshuis

Sint Isidorushoeve

Voorzieningen zoals de school, het café, het dorpshuis en de sport

1.6.4 Kernkwaliteiten

We vroegen onze inwoners naar de grootste kwaliteiten van Haaksbergen. 224 inwoners dachten met ons mee. Als we naar onze gemeente als geheel kijken, zien we vier kenmerken die onze gemeente echt bijzonder maken. Dit noemen we onze kernkwaliteiten. De kernkwaliteiten volgen uit de beleidsinventarisatie en gesprekken met inwoners en professionele stakeholders. De vier kernkwaliteiten zij

  • Een écht Twents dorp,

  • Noaberschap en verenigingsleven,

  • Groen buitengebied en

  • Kernen om samen te komen

 

De door onze inwoners benoemde kwaliteiten van Haaksbergen spelen een grote rol in de omgevingsvisie. Het is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van het Haaksbergse gemeentebestuur én de samenleving om de kwaliteiten te koesteren en te versterken. Nieuw beleid en nieuwe initiatieven mogen daarom geen afbreuk doen aan de kernkwaliteiten.

1.6.5 Kwaliteiten op de kaart 

De kwaliteiten van Haaksbergen staan aangegeven op de onderstaande kaart. Je kan hierbij denken aan bijvoorbeeld natuurgebieden of de markt.

Kwaliteiten op de kaart
afbeelding binnen de regeling

1.6.6 Kernkwaliteitenkaart

Kernkwaliteitenkaart
afbeelding binnen de regeling

1.7 Trends en ontwikkelingen

1.7.1 Landelijke trends en ontwikkelingen

1.7.1.1 Versnelling woningbouw

We zagen de afgelopen jaren een aantal ontwikkelingen in de woningmarkt. Het aantal huishoudens in Nederland neemt toe. Deze groei komt deels door migratie: er komen meer mensen in Nederland wonen dan dat er mensen uit Nederland vertrekken. Bovendien worden huishoudens steeds kleiner, waardoor je voor dezelfde hoeveelheid mensen meer huizen nodig hebt. De woningbouw moet versnellen om de groei van huishoudens bij te houden. Een andere ontwikkeling is dat de samenstelling van huishoudens verandert. Het aantal ouderen (met een zorgvraag) en alleenstaanden groeit het sterkst. Er zijn voor hen meer woningen nodig.

1.7.1.2 Vergrijzing en verandering in de zorg

Door verschillende ontwikkelingen verandert de zorgvraag. Vergrijzing zorgt voor een stijgende vraag naar zorg. Door individualisering wonen mensen vaker alleen en zijn ze vaker eenzaam. Door extramuralisering van de ggz gaan meer mensen met psychische kwetsbaarheden een beroep doen op voorzieningen in de wijk (urgentieregeling voor aandachtsgroepen). Er is een toenemende vraag naar wonen met zorg voor diverse doelgroepen.

Er zijn meer zorgvragen en de zorgvragen worden complexer. Dit vergroot de druk op de toegang tot zorg, die bij complexe casussen een grotere regisserende rol heeft. Daarbij speelt de krapte op de arbeidsmarkt van zorgpersoneel. De toenemende tekorten aan zorgpersoneel zorgen voor veel uitdagingen. De druk op de zorg heeft ook gevolgen voor vrijwilligers en mantelzorgers.

1.7.1.3 Energietransitie en warmtetransitie

Bij de energietransitie11 gaat het om duurzame vervanging van bestaande fossiele bronnen naar hernieuwbare bronnen. Dit is een opgave die voortkomt uit het Nationale Klimaatakkoord, waarin beschreven staat dat in 2050 de uitstoot van broeikasgassen met 95% afgenomen moet zijn in vergelijking tot 1990. De ambitie van het Rijk is dat alle gemeenten in 2050 energieneutraal10 zijn. Het plaatsen van hernieuwbare energiebronnen, zoals zon- en windenergie heeft impact op het ruimtegebruik en de fysieke leefomgeving. Er komen steeds meer elektrische auto’s, bussen en bestelauto’s, nieuwe windmolens, zonnevelden en zonnepanelen op daken. Ook komen er nieuwe woningen en bedrijven bij. Al die ontwikkelingen leiden tot een grote groei van energievraag én -aanbod. Het elektriciteitsnetwerk en de opslag van elektriciteit gaat daarom in de toekomst om meer ruimte vragen. Nieuwe installaties zoals elektriciteitshuisjes boven de grond en alle leidingen onder de grond zullen een plek moeten krijgen. Opslag van energie kan bij mensen thuis, per wijk (buurtbatterij) of grootschalig in het buitengebied. Dit is afhankelijk van waar de energie wordt opgewekt of gebruikt. 

In het Klimaatakkoord staat ook beschreven dat woningen vanaf 2050 duurzaam verwarmd moeten worden. Hiervoor moeten woningen en gebouwen aardgasvrij worden, dit noemen we de warmtetransitie. Bij de warmtetransitie wordt er veel gewerkt met een wijkaanpak: woningen worden niet individueel aardgasvrij gemaakt, maar wijk voor wijk. De gemeente speelt hierbij een belangrijke en coördinerende rol. Dit betekent dat we in de toekomst meer ruimte onder en boven de grond nodig hebben voor bijvoorbeeld warmtenetten of warmtepompen. Dit gebeurt in fases, wijk voor wijk.

1.7.1.4 Klimaatadaptatie

Als gevolg van klimaatverandering nemen de kansen op hittegolven, wateroverlast en droogte toe. Klimaatverandering beïnvloedt ook de kwaliteit van de bodem. Bij klimaatadaptatie15 gaat het niet om het verminderen van de klimaatverandering, maar om de voorbereiding tegen de gevolgen hiervan. Op nationaal niveau is er afgesproken dat heel Nederland in 2050 waterrobuust en klimaatbestendig is ingericht. Wij moeten hiervoor maatregelen nemen, want andere weersomstandigheden vragen om een andere inrichting van onze ruimte. Denk bijvoorbeeld aan het waarborgen van het beschikbare wateraanbod, het vergroenen van versteende gebieden of het aanleggen van meer waterberging.

1.7.1.5 Digitalisering

Sinds de coronaperiode in 2020 is er een merkbare trend dat mensen meer vanuit huis werken. Men hoeft minder vaak naar kantoor te reizen want er gebeurt steeds meer online. Dit betekent dat er meer auto’s thuis staan, dat er meer behoefte is aan parkeergelegenheid bij huis en dat er voor sommige bedrijven minder behoefte is aan kantoren. Digitalisering en automatisering kunnen banen beïnvloeden doordat robots steeds vaker (een deel van) ons werk overnemen. Er zijn dus nieuwe digitale vaardigheden nodig om relevant te blijven op de arbeidsmarkt. Ook wijzigt kunstmatige intelligentie de vraag naar bepaalde arbeid, sommige beroepen worden overbodig terwijl andere nieuwe beroepen ontstaan. Ontwikkelingen in digitalisering helpen ons bij het efficiënter en veiliger maken van onze gemeente, bijvoorbeeld door slimme straatverlichting. Dit heeft een directe impact op onze fysieke leefomgeving. Digitalisering draagt via e-health ook bij aan onze gezondheidszorg. Hierdoor stijgen de zorgkosten minder hard, bijvoorbeeld door apps die helpen om je conditie te verbeteren of digitale hulpmiddelen waardoor mensen langer zelfstandig thuis kunnen wonen. Digitalisering brengt ook nieuwe risico’s met zich mee. Denk aan cyberaanvallen, datalekken of groeiende ongelijkheid doordat niet iedereen gelijke toegang heeft tot digitale middelen of digitaal vaardig is.

1.7.1.6 Landbouw

Het landelijk gebied heeft veel kwaliteiten die we willen waarborgen. Omdat er hier veel ontwikkelingen spelen, komen daar ook uitdagingen bij kijken. We hebben te maken met de gevolgen van de klimaatverandering, de biodiversiteit2 gaat achteruit en er zijn problemen met stikstof. Dit vraagt om een omslag (transitie) in de landbouw. Tegelijkertijd biedt het landelijk gebied mogelijkheden voor onder andere woningbouw, recreatie en het opwekken van duurzame energie.

Steeds meer landbouwbedrijven zoeken naar verbreding of verandering van hun activiteiten om te blijven voortbestaan, dit noemen we multifunctionele landbouw. Denk aan nevenfuncties zoals zorgboerderijen, educatie, recreatie, innovatieve teelten of directe verkoop van streekproducten aan consumenten. Ook landschapsbeheer kan gezien worden als bouwsteen binnen een nieuw verdienmodel voor agrarische ondernemers. Dit biedt kansen voor zowel de agrariërs als de natuur als het behouden van cultuurhistorische eigenschappen in het landelijk gebied. 

Daarnaast krijgt duurzaamheid9 en (dier)gezondheid een steeds grotere rol. De regels waaraan agrariërs moeten voldoen qua milieubelasting worden strenger en er komt meer aandacht voor het herstel van de biodiversiteit2 en klimaatneutrale producten. Agrariërs voelen dat er veel van hen gevraagd wordt. Het is zoeken naar een goed verdienmodel met een duurzame bedrijfsvoering. Continuïteit in beleid, financiering, duidelijke informatie-voorziening en samenwerkingen tussen agrarische bedrijven en andere partijen zijn daarbij van groot belang. 

1.7.1.7 Deeleconomie

Er is een snelgroeiende opkomst van deeleconomie dankzij nieuwe mogelijkheden op het internet. Er zijn steeds meer bedrijven en initiatieven die zich inzetten om producten of services met elkaar te delen (soms tegen betaling). Voorbeelden zijn deelauto’s of een speel-o-theek. Hierbij komen kansen tevoorschijn die het toelaten, tussen consumenten onderling, deze goederen duurzaam te gebruiken.

1.7.1.8 Circulaire economie

Het Rijk heeft de ambitie dat Nederland in 2050 circulair is. Veel van de wereldwijde problemen zijn namelijk het gevolg van de grote hoeveelheid primaire grondstoffen die we gebruiken voor ons voedsel, de energie die we gebruiken en de producten die we kopen. In een circulaire economie4 zijn vrijwel alleen herbruikbare en duurzame grondstoffen in omloop. Producten worden binnen gesloten kringlopen gemaakt, verspreid en geconsumeerd. Hiermee wordt de waarde van grondstoffen, materialen en producten zo lang mogelijk behouden, waardoor er minder afval is. Circulariteit draagt bij aan een duurzame leefomgeving maar kent nog wel uitdagingen. Technisch is het op dit moment nog niet mogelijk om al onze producten te hergebruiken. Ook zijn veel mensen en bedrijven zich nog niet bewust van de kansen die er wel al liggen. 

1.7.2 Trends en ontwikkelingen binnen de gemeente Haaksbergen

1.7.2.1 Trends en ontwikkelingen binnen de gemeente Haaksbergen

Er zijn ook trends en ontwikkelingen die specifiek zijn voor de gemeente Haaksbergen of landelijke of mondiale trends die extra grote impact hebben in Haaksbergen. We hebben voor de drie hoofdthema’s (Samen sociaal, Krachtige kernen en Toekomstbestendig buitengebied) van de omgevingsvisie de belangrijkste trends en ontwikkelingen beschreven. Trends en ontwikkelingen laten zien hoe thema’s in de toekomst veranderen of hetzelfde blijven. Trends en ontwikkelingen kunnen het gevolg zijn van nieuwe ideeën, uitvindingen, veranderend gedrag of andere normen en waarden. Om de kernkwaliteiten van Haaksbergen te waarborgen is het belangrijk dat we afspraken maken over hoe we omgaan met de ruimtelijke effecten van relevante trends en ontwikkelingen.

1.7.2.2 Samen sociaal

De inwoners, ondernemers, organisaties en instellingen van Haaksbergen zijn actief betrokken bij de gemeenschap en zijn vaak bereid om iets voor anderen te doen en/of elkaar te helpen. Er worden regelmatig sociale-, culturele- en sportieve activiteiten georganiseerd. Toch geeft 37% van de inwoners aan zich wel eens eenzaam te voelen. We staan er beter voor dan het landelijk gemiddelde, maar dit percentage groeit door een toenemende individualisering. Het voortbestaan van voorzieningen en ontmoetingsplekken is extra belangrijk om te ontmoeten en te verbinden. Ook in verband met de dubbele vergrijzing8. Op dit moment is 25% van de inwoners van Haaksbergen 65+. De verwachting is dat dit percentage in 2040 stijgt naar ongeveer 30%. Tegelijkertijd telt Haaksbergen volgens de prognose in 2040 15% minder scholieren dan nu. Door de veranderende bevolkingssamenstelling ontstaat ook de behoefte aan andere voorzieningen.

Binnen de gemeente kijken we veel naar elkaar om. 31% van onze inwoners doet aan vrijwilligerswerk. Hiermee zorgen we ervoor dat iedereen zo lang en goed mogelijk mee kan doen in de samenleving. Wel zien we (net zoals in de rest van Nederland) dat het aantal vrijwilligers en zorgprofessionals afneemt, terwijl de behoefte aan zorg toeneemt. De groep kwetsbare inwoners groeit verder, onder andere doordat we ouder worden en door het groeiende percentage WMO-gebruikers. Als gemeente streven we ernaar om deze zo vroeg mogelijk te signaleren (preventief) en op te lossen. Laagdrempelige voorzieningen in de omgeving zijn daarbij belangrijk. Bovendien groeit het aantal inwoners met overgewicht, 14,7% van de inwoners heeft obesitas. Daar tegenover staat dat meer dan de helft van onze inwoners voldoet aan de beweegrichtlijn. Vooral onze kinderen en jongeren doen het goed: er is een stijgende lijn in het aantal kinderen dat dagelijks buiten speelt en het aantal jongeren dat dagelijks wandelt of fietst.

Een andere trend is het licht groeiende aantal huishoudens met energie-armoede. Dit zijn huishoudens met weinig inkomen en een hoog gasverbruik. In 2020 had 6% van onze huishoudens hier last van, in 2022 was dit 7%. In de wijk Haaksbergen-kern lag het percentage in 2022 tegen de 10%.

1.7.2.3 Krachtige kernen

De gemeente biedt een uitstekende woon- en werkkwaliteit, in de nabijheid van Hengelo en Enschede. Volgens de bevolkingsprognose van het CBS daalt het aantal inwoners in Haaksbergen met 4,5% tot 2035. Er wonen steeds minder mensen in een huis (gezinsverdunning) en ouderen wonen langer thuis. Dit betekent dat er, ondanks de verwachtte bevolkingskrimp, behoefte blijft aan nieuwe woningen. 

Ook zien we een trend van dubbele vergrijzing8. Er wonen in de gemeente Haaksbergen steeds meer ouderen, terwijl jongeren vaker wegtrekken. Een deel van de jongeren zou wel graag in Haaksbergen willen blijven wonen, maar kunnen geen passende woning vinden. Op dit moment hebben we in Haaksbergen relatief veel eengezinswoningen (83%). In de kernen Buurse en St. Isidorushoeve ligt dit percentage nog hoger. De verwachting is daarom dat er de komende jaren behoefte is aan meer kleine en betaalbare (sociale) huur- en koopwoningen. Deze woningen passen beter bij de kleinere huishoudens en de vraag van starters en ouderen. 

De vergrijzing verhoogt ook het belang van toegankelijke voorzieningen. Dit is een uitdaging, omdat er in de winkelgebieden meer leegstand ontstaat en er minder jongeren in de kernen zijn die de voorzieningen levendig houden. Minder winkels maakt het centrum minder aantrekkelijk voor de vestiging van nieuwe winkels.

Naast de hoeveelheid voorzieningen wordt ook de bereikbaarheid belangrijker. Er is een flinke toename van doelgroepenverkeer (wmo/ onderwijs). De frequentie en opstapplaatsen voor OV-bussen zijn met de komst van de nieuwe N18 afgenomen. Dit beïnvloedt het aantal auto- en fietsritten. Wel zien we hierbij een stijgende lijn op het gebied van duurzaam vervoer: de auto’s die rijden zijn steeds vaker elektrisch. Ook pakken mensen steeds vaker de fiets in plaats van de auto, vanwege de opmars van de elektrische fiets.

Als onderdeel van het thema Krachtige kernen en prettig leven is ook gekeken naar de leefbaarheid binnen de gemeente (Leefbaarometer 3.0). Deze wordt als volgt gedefinieerd: ‘Leefbaarheid is de mate waarin de omgeving aansluit bij de eisen en wensen die er door de mens aan worden gesteld.’ Haaksbergen is, net zoals alle andere Nederlandse gemeenten, gescoord op de thema’s Woningvoorraad, Fysieke omgeving, Voorzieningen, Sociale samenhang en Overlast & onveiligheid. Alles bij elkaar opgeteld krijgt de gemeente Haaksbergen de score ‘goed’. Hiermee scoren we iets hoger dan Enschede en gelijk aan andere omliggende, landelijke gemeenten. In Langelo-Honesch wordt de leefbaarheid zelfs als ‘uitstekend’ beoordeeld. Een aandachtspunt ligt bij het Industriegebied-West, waar de overlast de afgelopen jaren is toegenomen. 

We zien dat de arbeidsmarkt verandert. Een kwaliteit van de gemeente Haaksbergen is de sterke innovatiekracht en de ligging aan de Duitse grens. Ook het grote aanbod aan werkgelegenheid is kenmerkend voor de gemeente. Binnen de gemeente zijn er ongeveer evenveel woningen als banen. Er is een groeiend aantal arbeidsmigranten en ook is de werkloosheid onder Haaksbergenaren de afgelopen jaren afgenomen. Bovendien ligt de werkloosheid al jaren onder het landelijk gemiddelde en hebben minder mensen een uitkering nodig.

In verhouding tot Nederlandse gemiddelden, werkt in Haaksbergen een groot deel van de bevolking (Haaksbergen 31%, Nederland 16%) in de industrie. Haaksbergen heeft een hoog percentage innovatieve bedrijven die tot de top van het duurzame bedrijfsleven horen. Dat komt tot uiting in de bedrijfspanden en productiemethodes. Bovendien ontstaat er een hernieuwde interesse in de maakindustrie in westerse landen. Gemeente Haaksbergen heeft diverse maakbedrijven die kunnen profiteren van deze trend, wat tevens kansen biedt voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. De beschikbaarheid van voldoende gekwalificeerd personeel is een zorg voor veel bedrijven. 

Daarnaast ontstaat er bij meer mensen een mix van thuiswerken en op kantoor werken. Deze mix zorgt ervoor dat er in de toekomst minder behoefte is aan kantoorgebouwen.

1.7.2.4 Toekomstbestendig buitengebied

Er gebeurt veel in ons buitengebied, veel ontwikkelingen komen hier samen. Aan de ene kant blijven (melk)veehouderij, akkerbouw en natuur belangrijke vormen van landgebruik. Aan de andere kant vragen de kansen rondom recreatie, wonen, klimaatadaptatie15, biodiversiteit2, opwekking van hernieuwbare energie en andere bedrijvigheid ook om ruimte in het buitengebied. 

De landbouw in Haaksbergen bestaat met name uit melkveehouderij en enkele bedrijven met aanduiding intensieve veehouderij. Het zijn voornamelijk familiebedrijven die al generaties lang op dezelfde plek boeren, ‘oale groond’ en ‘noaberschap’ is aan de orde van de dag. De agrarische sector is hier onlosmakelijk verbonden met de leefbaarheid van het buitengebied en kleine kernen. 

Er leven veel zorgen over het voortbestaan van agrarische bedrijven. Naast de autonome ontwikkeling waarbij het aantal bedrijven jaarlijks met circa 2 tot 3 % afneemt, zullen door vergrijzing, toenemende regeldruk en onzekerheid naar verwachting meer bedrijven gaan stoppen. Waarschijnlijk willen veel stoppende agrariërs blijven wonen op de locatie, waardoor de toekomstige functie van de gebouwen en de locatie een belangrijke vraag is voor het buitengebied. Doordat een deel van de landbouwgronden in de toekomst minder intensief gebruikt kunnen worden, blijft er ook met een afname van het aantal agrarische bedrijven een groeiende vraag naar landbouwgrond. Daarnaast spelen ook nieuwe vormen van landbouw een rol.

Naast dat er agrariërs zullen stoppen, zullen er ook agrariërs zijn die juist hun bedrijf willen doorontwikkelen, verbreden of op een andere manier hun verdienmodel veranderen. Door deze multifunctionele landbouw zal er in het buitengebied meer variatie aan functies en activiteiten ontstaan. Ook zullen nieuwe eisen aan diergezondheid en innovatie meer ruimte gaan vragen op agrarische erven.

Er is ook een groeiend verlangen naar ruimte voor recreatie en toerisme in het buitengebied. Ons buitengebied is groen en afwisselend, steeds meer mensen gaan hier opzoek naar rust en ontspanning. Er is een groeiend bewustzijn van de positieve impact die een groene omgeving heeft op je gezondheid en welbevinden. Meer recreatie en toerisme in het buitengebied kan dus bijdragen aan gezondheid en aan een sociaaleconomisch sterker platteland. Dit vergroot de leefbaarheid in het buitengebied. De bestaande natuurgebieden en de omliggende landbouwgronden moeten zo worden ingericht dat ze de verwachte groei van toeristen en dagjesmensen kunnen verwerken zonder verlies van natuur-, of landschappelijke waarde. 

Door klimaatverandering worden er in de toekomst steeds meer en langere perioden van droogte verwacht en stevigere buien. Dit kan invloed hebben op de grondwaterstand, zowel op het gebied van lage grondwaterstanden als van wateroverlast. Bij de transitie van het buitengebied moeten we kijken hoe we omgaan met de gevolgen hiervan voor de landbouw. Ook vermindert, door droogte en door een te hoge stikstofdepositie, de biodiversiteit2 in Natura2000 gebieden zoals het Buurserzand en het Haaksbergerveen.

In Haaksbergen zijn er ontwikkelingen rondom zoutwinning. Nobian heeft Haaksbergen als meest geschikte locatie aangewezen voor een nieuw zoutwingebied en is gestart met de werkzaamheden. Deze zoutwinning vraagt ook om ruimte maar dan vooral ondergronds. Maar heeft daarmee wel impact op de ontwikkelingen in het buitengebied.

Ten slotte zien we in heel de gemeente een steeds groter wordende vraag naar de opwekking van duurzame energie. Er is daardoor ook steeds meer vraag naar plaats voor de opslag van energie. We werken daarom in de regio Twente samen aan de Regionale Energiestrategie (RES). Kansrijke locaties voor windenergie in het buitengebied rondom Buurse zijn onderzocht en verschillende locaties hebben een vergunning voor een zonneveld. Ook onderzoeken we de kansen voor duurzaam gas (biogas). Al deze vormen leveren een bijdrage aan de energietransitie11 in Haaksbergen. We moeten hierbij rekening houden met de beschikbare ruimte op het elektriciteitsnetwerk, want die is beperkt.

1.8 Hoodsopgaven

1.8.1 Hoofdopgaven gemeente Haaksbergen

De ontwikkelingen die het meeste invloed op onze gemeente hebben en waar we iets mee moeten, noemen we opgaven. Gemeente Haaksbergen staat voor grote opgaven, nu en in de toekomst. Een opgave kan volgen uit bestaand beleid of een reactie zijn op een trend of ontwikkeling. Een opgave kan zich ook richten op het behouden of versterken van de kwaliteiten van Haaksbergen. 

We beschrijven de hoofdopgaven per thema. De opgaven staan niet op zichzelf, maar zijn met elkaar verbonden. Een keuze bij de ene opgave, heeft effect op de andere opgave. Sommige opgaven versterken elkaar en sommige opgaven botsen. De opgaven vormen de basis voor het opstellen van de omgevingsvisie. Wil je meer toelichting lezen over onze opgaven? Lees dan onze Notitie Kernkwaliteiten en Opgaven.

1.8.2 Samen Sociaal

Binnen het thema Samen sociaal spelen er verschillende opgaven. De sociale omgeving van inwoners heeft daar veel invloed op. Dit omvat de directe fysieke en sociale omgeving waarin mensen leven. We willen dat alle Haaksbergenaren tevreden zijn over hun sociale leven. Dit houdt in dat zowel de kwantiteit als de kwaliteit van contacten goed is. Er is al veel verbondenheid binnen de gemeente Haaksbergen. Met name binnen de kernen Buurse en Hoeve wordt veel waarde gehecht aan het samenkomen en klaarstaan voor de buurtgenoten. 

Het is hierbij van belang dat er verspreid over de gemeente voldoende levendigheid en ontmoetingsplekken zijn. Dit wordt een steeds grotere uitdaging, door het vertrek van jongeren en de vergrijzing. Ook gaat er meer aandacht uit naar positieve gezondheid. Bij positieve gezondheid gaat het over onze veerkracht, eigen regie en aanpassingsvermogen in ons dagelijks leven. 

Deelopgaven bij samen sociaal zijn: 

  • Waarborgen van het noaberschap

  • Minimaal behouden van ontmoetingsplekken die bijdragen aan versterking sociale basis

  • Behouden en aantrekken van jongeren en jongvolwassenen

  • Leefbaarheid en veiligheid (inclusief de fysieke veiligheid) in de wijken vergroten

  • Een openbare ruimte die een gezonde leefstijl met voldoende beweging, ontmoeting en ontspanning stimuleert

  • Een breed en zichtbaar sportaanbod 

  • Iedereen kan meedoen

  • Balans tussen vraag en aanbod in de zorg

  • Voldoende mogelijkheden voor onderwijs

1.8.3 Krachtige kernen

Prettig wonen

Het is in gemeente Haaksbergen prettig wonen, dat willen we in de toekomst ook zo houden. Op dit moment ontstaat er een mismatch tussen de vraag en het aanbod van woningen. Er is een vraag naar meer en andere type woningen. Vanuit de samenleving wordt aangegeven dat er op de korte termijn behoefte is aan meer woningen, met name voor de eigen inwoners. Er is vooral behoefte aan meer kleine en betaalbare (sociale) huur- en koopwoningen onder jongeren en ouderen. Daarnaast ligt er een opgave in het verduurzamen van de huidige en nieuwe woningvoorraad en in het vergroten van het aandeel sociale huurwoningen.

Naast de woning zelf, speelt ook de woonomgeving een rol bij prettig wonen. Een groene en beweegvriendelijke omgeving draagt bij aan welzijn en gezondheid. Daarom moeten we blijven letten op ruimte voor ontmoeting en ruimte voor spelen. Ook de aanwezigheid, bereikbaarheid en spreiding van voorzieningen dragen bij aan prettig wonen.

Daarnaast hebben we te maken met een warmer wordend klimaat, met zowel langdurige natte als droge periodes en hittestress14. Vergroening van de versteende omgeving kan bijdragen aan verkoeling, en het is de wens, ook vanuit de samenleving, om de groene buitengebieden te verbinden met de dorpen. Dit vormt vooral in bestaand bebouwd gebied een uitdaging.

Deelopgaven bij prettig wonen zijn:

  • Vergroten van de woningvoorraad

  • Een passende woningvoorraad

  • Verduurzamen van onze woningvoorraad

  • Voldoende, toegankelijke en bereikbare voorzieningen in alle kernen

  • Borgen van een goede leefbaarheid

  • Het verduurzamen van onze mobiliteit

  • Verbetering van de bereikbaarheid, de verkeersveiligheid en de doorstroming van het wegennet

  • Groen van het buitengebied meer de kernen in laten komen

 

Economie als drager

Twente staat steeds meer bekend als internationale en bereikbare technologische regio. Twente zet zich in als cleantech regio: groene, duurzame en inclusieve groei. Ook in gemeente Haaksbergen willen we onze innovatiekracht, duurzaamheid9 en inclusiviteit omarmen. Haaksbergen beschikt over veel grote, soms zelfs internationale, vestigingen en ieder jaar komen er nieuwe arbeidsplaatsen bij. Er zijn vooral veel vestigingen in groothandel, maakindustrie, detailhandel en de gezondheid. De huidige werkgelegenheid willen we behouden en versterken. Het is hierbij belangrijk dat we elkaar weten te vinden. Voor zowel ondernemers onderling, als voor onderwijsinstellingen, maatschappelijke organisaties en de overheid is het belangrijk dat er ruimte is voor samenwerking. Hiermee dragen we bij aan gezamenlijke doelen en participatie. 

Er zijn weinig vrije kavels beschikbaar, waardoor uitbreiding of verhuizing lastig is voor bedrijven. De groei en vestiging van nieuwe bedrijven wordt gefaciliteerd door bedrijventerrein Stepelerveld verder uit te breiden. Een doorontwikkeling van Stepelerveld heeft de voorkeur vanwege de optimale bereikbaarheid en ligging ten opzichte van de N18. Het is hierbij van belang om te kijken welke bedrijven qua bedrijfsactiviteiten en ruimtebeslag het beste bij Haaksbergen passen. Ook kijken we naar hoe we de bestaande bedrijventerreinen kunnen verduurzamen. Verduurzamen verbetert innovatiekracht, concurrentiepositie en toekomstbestendigheid van bedrijven. 

Deelopgaven bij een economie als drager zijn:

  • Haaksbergen circulair in 2050

  • Goed vestigingsklimaat en versterken van de veelzijdigheid van de Haaksbergse economie 

  • Meer duurzaamheid9 en schuifruimte op bedrijventerreinen

  • Ontwikkeling van bedrijventerrein Stepelerveld

  • Samenwerkingsverbanden met omliggende gemeenten

  • Goede verbinding tussen onderwijs en de arbeidsmarkt

  • Onze centrum- en winkelgebieden levendig en financieel gezond houden 

  • Versterken en transformeren van recreatie

 

Groei opgave Twente

In het ontwerp van de Nota Ruimte is Twente benoemd als gebied waar na 2030 een verstedelijkingsopgave kan plaatsvinden. Het Rijk, de provincie, het waterschap en de 14 Twentse gemeenten werken samen aan een ruimtelijke ontwikkelstrategie. We verkennen samen wat nodig is om een schaalsprong te maken in Twente na 2030: een schaalsprong in inwoners (100.000+), woningen en arbeidsplaatsen. De verstedelijkingsstrategie moet een integraal toekomstbeeld geven voor wonen, werken en leven in Twente. Daarbij is er aandacht voor voorzieningen, bereikbaarheid, economie, landschap, natuur, energie en klimaat. Alle aspecten hangen samen. Wij willen als Haaksbergen ook een evenredige bijdrage leveren aan de opgave. 

1.8.4 Toekomstbestendig buitengebied

Een buitengebied voor economie

De druk op het buitengebied neemt toe. In het buitengebied komen veel functies samen, bijvoorbeeld energie, landbouw, natuur, klimaat, gezondheid, recreatie en wonen. Deze functies trekken bewoners en bezoekers en zijn belangrijk om het buitengebied leefbaar te houden. Het buitengebied biedt veel kansen, maar het is ook ingewikkeld om alle functies op de juiste plek met elkaar te combineren. Er ligt in het buitengebied een grote opgave voor de energietransitie11. De Regionale Energiestrategie (RES) benoemd 30ha zonnevelden en 5 windturbines in de gemeente Haaksbergen voor 2030. Drie zonnevelden zijn vergund en worden aangelegd. Wij zien geen ruimte voor nieuwe grootschalige zonnevelden. Bij woningen of agrarische erven gaat zon op dak voor zon op land. Zon op land moet goed landschappelijk worden ingepast. De ontwikkeling van vernieuwende initiatieven van energieopslag en opwek gaan snel, we zullen in de toekomst continu ook ons beleid daarop moeten aanpassen. Veiligheid, gezondheid, landschap en leefbaarheid worden hierin meegewogen. Ook hebben we aandacht voor netcongestie.

De landbouw in Haaksbergen bestaat met name uit melkveehouderij en enkele bedrijven met aanduiding intensieve veehouderij. Het zijn voornamelijk familiebedrijven die al generaties lang op dezelfde plek boeren, ‘oale groond’ en ‘noaberschap’ is aan de orde van de dag. De agrarische sector is hier onlosmakelijk verbonden met de leefbaarheid van het buitengebied en kleine kernen. 

Er leven veel zorgen over het voortbestaan van agrarische bedrijven. Naast de autonome ontwikkeling waarbij het aantal bedrijven jaarlijks afneemt, zullen door toenemende regeldruk en onzekerheid naar verwachting meer bedrijven stoppen.  Met name rond de N2000-gebieden en beekdalen liggen natuur- en milieu opgaven die extra uitdaging met zich meebrengen voor de agrarische sector. Hier moet vooral gekeken worden naar wat wel kan. Een economisch gezond buitengebied biedt de agrarische ondernemingen een verdienmodel dat past bij de opgaven en tegelijk de agrariërs een toekomstperspectief biedt. Voorwaarde voor ontwikkelingen is dat er voldoende financiële middelen beschikbaar zijn. We pleiten voor structurele financiering van langjarige ecosysteemdiensten, agrarisch natuurbeheer en een efficiënte inzet van ruimte, onder meer door het benutten van koppelkansen en innovatie. 

Rondom Sint Isidorushoeve en Stepelo spelen deze problemen ook, maar hier zijn de opgaven anders. Tussen Sint Isidorushoeve en de grens met Hof van Twente ligt het gebied met generieke opgaven. Dit gebied is vanwege de condities van de omgeving geschikt voor landbouw. Hier gaan we terughoudend om met functies die belemmerend zijn voor de landbouw. Naast agrarische bedrijven zijn ook de landgoederen zoekende naar passende economische dragers voor een duurzaam toekomstperspectief. Landgoederen weten al generaties lang de balans tussen agrarische en natuurwaarden te behouden. Met de huidige opgaven is ontwikkeling van  nieuwe duurzame verdienmodellen noodzakelijk voor een gezonde bedrijfsvoering. 

Deelopgaven bij een buitengebied voor economie zijn:

  • Energieneutraal10 in 2050

  • Balans tussen landbouw, stikstof, natuur en landschap

  • Herbestemming van erven van stoppende agrariërs en verduidelijken van landbouw-ontwikkelingsgebied (gebied met generieke opgaven)

  • Passende economische dragers een plek geven in het buitengebied

  • Verduurzamen en het verbreden van ons aanbod aan recreatievoorzieningen en het verbeteren van de recreatieve verbinding tussen stad en land

  • Zoutwinning een plek geven in het buitengebied

 

Een groen buitengebied

We werken toe naar een toekomstbestendige en gezonde leef-, woon- en werkomgeving. Het buitengebied speelt hierbij een belangrijke rol. Meer groen in de gemeente draagt bij aan o.a. ons klimaat, bodem, biodiversiteit2, natuur en welzijn. De opgave is om in harmonie diverse (groen-)functies in het buitengebied te ontwikkelen, terwijl we ook ruimte behouden voor wonen, natuur, recreatie, energieopwekking en bedrijvigheid.Vergroening is nodig in zowel de kernen als in het buitengebied. Hierbij moeten we niet alleen letten op de hoeveelheid, maar ook juist op de kwaliteit van het groen. Het type groen, of type water, moet goed aansluiten bij de functie en doel van het gebied. 

Het buitengebied van Haaksbergen ziet er nu al divers uit qua begroeiing en grondgebruik. Dit mag in de toekomst nog meer versterkt worden. De gemeente kan hier deels op sturen, maar er spelen belangrijke ontwikkelingen op nationaal en provinciaal niveau. Deze opgaven verschillen sterk per gebied. Het hangt onder andere af van de afstand tot stikstofgevoelige Natura2000-gebieden en de ligging van essen en beekdalen. Met het behalen van de opgaven moet rekening gehouden worden met een integrale aanpak. Iets wat niet altijd vanzelfsprekend is. Ontwikkelingen die voor de ene opgave een oplossing lijken, kunnen tegenstrijdig zijn voor het andere. 

Het landschap van Haaksbergen kenmerkt zich door de afwisseling van (grote) natuurgebieden met cultuurgronden. Inwoners en bezoekers waarderen juist de afwisseling tussen, bos, heide en het coulissen- en essenlandschap met de koeien in de wei. Het is van belang dat deze balans behouden blijft. De landgoederen in de gemeente vormen een mooie balans tussen al deze gebiedskenmerken. Met name de oudere landgoederen weten al generaties de balans tussen natuur, cultuur en landbouw te behouden. Maar ook zij staan voor grotere opgaven. Behoud van de natuur- en cultuurwaarden en tegelijkertijd financieel gezonde bedrijfsvoering is ook hier aan de orde.

Deelopgaven bij een groen buitengebied zijn:

  • Klimaatrobuust watersysteem in 2050

  • Realiseren van 10% groenblauwe dooradering12 in het (buiten)gebied

  • Meer kwalitatief groen en het groen uit het buitengebied beter verbinden met de kernen

  • Onze natuur herstellen en versterken

  • Karakter van het landschap beschermen

1.9 Omgevingsvisie Haaksbergen

1.9.1 Haaksbergse omgevingsvisie

De gemeente Haaksbergen staat bekend als dorp in het groen, met veel voorzieningen, werkgelegenheid en een afwisselend en aantrekkelijk landschap. De rust en de gemoedelijkheid maken Haaksbergen een écht Twents dorp. In zowel de kernen als het buitengebied is er sprake van noaberschap waarbij Haaksbergenaren aandacht hebben voor elkaar. Er heerst een gastvrij karakter en er is een hecht verenigingsleven. Hierdoor voelen mensen in Haaksbergen zich thuis en gezien. Het landschap in de gemeente is uniek, met een goede balans tussen natuur, landbouw en recreatie. Het maakt Haaksbergen een prettige plek om te wonen en te werken.

In deze omgevingsvisie kijken we ver vooruit, naar 2040. We beschrijven onze ambities voor de ontwikkeling van de gemeente Haaksbergen in die tijd, gebaseerd op de kwaliteiten die Haaksbergen nu tot zo’n prettige plek maken. We geven de omgevingsvisie vorm door middel van uitgangspunten, die zijn gebaseerd op de kwaliteiten en opgaven in de gemeente Haaksbergen. Een uitgangspunt beschrijft hoe we willen dat gemeente Haaksbergen er in 2040 uitziet en hoe we dat gaan doen. We beschrijven de uitgangspunten per deelgebied, op basis van de drie hoofdthema’s. De deelgebieden zijn:

1. Langelo-Honesch;

2. kern Haaksbergen

3. De Veldmaat;

4. Sint Isidorushoeve; en

5. Buurse.

1.9.2 Omgevingsvisie op de kaart

Omgevingsvisie op de kaart
afbeelding binnen de regeling

1.9.3 Belangrijkste speerpunten

Samen sociaal

Ook in 2040 staan we voor gemoedelijkheid, noaberschap en aandacht voor elkaar. Richting 2040 verandert de leeftijdsopbouw van de bevolking. Inwoners in de leeftijdsklassen van 65 jaar en ouder nemen sterk in omvang toe, terwijl jongere leeftijdsklassen juist in aantal afnemen of stabiel blijven. We moeten daarom toekomstgericht bouwen. Zij die zorg nodig hebben moeten daarop kunnen rekenen. Anderszijds bouwen we ook voor de jongeren en jonge gezinnen.

Gezien de vergrijzing en het personeelstekort als gevolg daarvan is het daarom maatschappelijk van belang dat iedereen binnen zijn of haar mogelijkheden zo zelfstandig mogelijk is en kan meedoen en bijdragen aan de samenleving. Dit is voor zowel het individu als de samenleving als geheel belangrijk. 

De inrichting van de openbare ruimte moet bewegen stimuleren. Dit vraagt bijvoorbeeld om goede, veilige en aantrekkelijke fiets- en wandelpaden. En speelvoorzieningen voor kinderen. Aandacht besteden we aan een gezonde leefstijl zodat zoveel mogelijk inwoners gezond oud worden. Naast de fysieke gezondheid is de mentale gezondheid belangrijk, daarbij is ontmoeten, samenwerken en gezien worden van groot belang. Hiermee werken we aan (positieve) gezondheid.

Als gemeente ondersteunen we in locaties en activiteiten die ontmoeting tussen inwoners stimuleren. Wij sluiten in deze omgevingsvisie aan bij de visie op het sociaal domein “De kracht van samen". Daarnaast werken we aan de veiligheid in onze gemeente. Als grensgemeente met een groot buitengebied is Haaksbergen aantrekkelijk voor vormen van ondermijning (bijvoorbeeld bij leegstaande boerenschuren of kantoorpanden). Samen met de regio werken we aan maatschappelijke bewustwording en weerbaarheid.

De Kappen
afbeelding binnen de regeling

Krachtige kernen

We hebben in 2040 drie krachtige kernen in onze gemeente. Een krachtige kern is opgebouwd uit een aantal pijlers die we ook hebben opgehaald tijdens gesprekken met de samenleving:

  • Een goed aanbod aan voorzieningen, zodat inwoners voor veel van hun dagelijkse activiteiten in het eigen dorp terecht kunnen. Dit zorgt voor ontmoeting en levendigheid en maakt de kernen aantrekkelijk als woonplaats.

  • Diversiteit in bedrijvigheid met maakindustrie, zakelijke dienstverlening, detailhandel, recreatie en horeca, waarbij er sprake is van een hoogwaardige en innovatieve bedrijvigheid. We liggen in een regio met grotere kernen, maar zijn geen forensengemeente. Haaksbergen heeft op economisch gebied een eigen rol in de regio en veel mensen werken hier in de maakindustrie. We willen de werkgelegenheid behouden en verder uitbreiden. 

  • Reuring in de kernen, met onze meerdere festivals of dorpsfeesten, versterkt de sociale cohesie en draagt bij aan het in stand houden van een goed en aantrekkelijk aanbod aan voorzieningen. Uiteraard maken we afspraken om overlast te beperken, maar we verwachten ook acceptatie van enige overlast als er iets wordt georganiseerd.

  • Het moet goed wonen zijn in de kernen. Dat betekent een prettige leefomgeving met (biodivers) groen en geen verloedering van de openbare ruimte. Daarnaast moet het woningaanbod aansluiten op de vraag vanuit de (lokale) samenleving, zowel in de hoeveelheid woningen als in het type woningen, waarbij we ook meer kijken naar de mogelijkheden van hoogbouw. 

  • Sociale cohesie staat voor gemoedelijkheid, we kijken naar elkaar om en er is een levendig verenigingsleven. Een actieve samenleving met mensen die zich inzetten voor de lokale samenleving. Initiatieven van onder op die noaberschap vormgeven kunnen rekenen op waardering en ondersteuning vanuit de gemeente (zie thema: samen sociaal). 

  • Vanuit de kleinere kernen, het buitengebied en omliggende steden en kernen moet Haaksbergen goed bereikbaar zijn te voet, met de fiets, het OV en de (deel-)auto. Daarnaast maken we onderdeel uit van de regio Twente en hebben daarom goede verbindingen met omliggende steden zoals Enschede en Hengelo, maar ook met de Achterhoek. Binnen onze kernen zorgen we voor goede en veilige wandel- en fietsverbindingen. 

 

Als één van de bovengenoemde pijlers wegvalt dan is de samenhang weg en spreken we niet meer over een krachtige kern. Dan ontstaat er een groot risico op langzame achteruitgang op alle pijlers. Voor de krachtige kernen is voldoende bevolkingsomvang nodig. Daarom is woningbouw in onze gemeente van cruciaal belang. Wij willen bouwen voor de eigen behoefte en voor de regionale behoefte. Als voldoende fundament onder de pijlers die een krachtige kern vormen en die ervoor zorgen dat er in Haaksbergen leefbare dorpen blijven met een evenwichtige bevolkingsopbouw.

Krachtige kernen
afbeelding binnen de regeling

Toekomstbestendig buitengebied

Het landschap in Haaksbergen is een unieke afwisseling van weilanden, houtwallen, bossen, essenland, heidevelden, boerenerven, beekdalen en landgoederen. Dit afwisselende landschap is belangrijk voor biodiversiteit2, gezondheid en als recreatiegebied, zowel voor onze inwoners als voor toeristen. De vele boeren in onze gemeente hebben hier hun bedrijf. Richting 2040 en verder willen we dat afwisselende landschap behouden. De ecologie en economie moeten daarvoor in balans zijn: voor agrariërs is een economisch gezonde bedrijfsvoering mogelijk en de kwaliteit van de natuur is op orde. Water is schoon en er is voldoende in tijden van droogte, en niet te veel in natte tijden. De beken en houtwallen zorgen voor een sterke groenblauwe dooradering12, waardoor natuur en landbouw samengaan in ons landschap. Door de ligging van de natuurgebieden in onze gemeente betekent dit in enkele delen van de gemeente omgeschakeld wordt naar extensievere vormen van landbouw, terwijl in andere delen intensievere landbouwvormen mogelijk blijven. Om ondanks die verschillen overal een gezonde agrarische bedrijfsvoering mogelijk te maken denken we mee in mogelijkheden voor verbreding, extensivering en innovatie, passend bij de verschillende gebieden in onze gemeente. Hierbij kijken wij ook de naar de mogelijkheden voor andere economische dragers in het buitengebied. Hierdoor wordt het buitengebied een fijne en leefbare plek om te wonen, werken of te recreëren. 

Om bovenstaande te realiseren is er een transitie nodig in het buitengebied. Daarin is Haaksbergen niet uniek in Nederland. Als gemeente zijn we één van de partijen om hier invulling aan te geven. Wij zien het als onze taak om te borgen dat in dit proces zorgvuldige integrale afwegingen worden gemaakt en alle belangen worden meegewogen, ook de individuele belangen. De belangenafweging en besluitvorming moet daarbij transparant en navolgbaar zijn. We hebben als gemeente de taak om de leefbaarheid te koesteren en te verbeteren. 

Wij zijn niet altijd bevoegd gezag, maar zetten ons wel in om de transitie van het landelijk gebied mogelijk te maken. Dit betreft aanpassingen op het gebied van landbouw en andere economische dragers, voorzieningen en een gezond woon- en leefklimaat.

Toekomstbestendig buitengebied
afbeelding binnen de regeling

1.9.4 Speerpunten op de kaart

Speerpunten op de kaart
afbeelding binnen de regeling

1.10 Haaksbergen in de regio

Haaksbergen staat bekend als een productiegemeente met een diverse bedrijvigheid en een grote gevestigde maakindustrie. Ondanks dat naburige kernen (zoals Enschede en Hengelo) groter zijn, is Haaksbergen door haar eigen werkgelegenheid geen forenzen-gemeente geworden. In de toekomst wordt deze rol behouden en uitgebreid: Haaksbergen zet in op het stimuleren van de werkgelegenheid binnen de gemeentegrenzen. De afgelopen 30 jaar is het aantal banen met 25% gegroeid, en deze groei moet worden doorgezet om in 2040 meer dan 10.000 fulltimebanen te hebben. Met name de Twentse ambitie om een hoogwaardige en innovatieve maakindustrie te ontwikkelen, kan goed landen in Haaksbergen omdat hier al een bestaande basis aan hoogwaardige maakindustrie bestaat.

Om deze groei aan banen te faciliteren en de maakindustrie te stimuleren wordt de verbinding gezocht met de onderwijsinstellingen in de regio. Zowel startups, scale-ups and grown-ups moeten zich gemakkelijk kunnen vestigen in het ondernemersklimaat van Haaksbergen. Om de geplande groei van de bestaande bedrijvigheid te ondersteunen, zetten we in op beter contact met de Universiteit Twente, Saxion, het ROC Twente en het Assink Lyceum. Op deze manier kan voorzien worden in de vraag naar innovatie en (gekwalificeerde) medewerkers. 

Bijkomend voordeel van het aantrekken van jong talent naar Haaksbergen is dat de opkomende vergrijzing kan worden verminderd. Dit is belangrijk voor de vitaliteit in de kernen en als basis voor de voorzieningen. Op korte termijn gaat het percentage senior inwoners (65+) richting de 30%, mede daarom is het belangrijk dat Haaksbergen een nog grotere economische rol gaat spelen in de regio. 

Ook is, en blijft, Haaksbergen een knooppunt voor regionale en internationale wandel- en fietsverbindingen. Door haar groene buitengebieden en relatieve grote natuurgebieden, is Haaksbergen een geliefde bestemming voor dagjesmensen en toeristen. Uit de gehele regio, zelfs uit Duitsland, komen mensen genieten van de vele wandel- en fietsverbindingen door het mooie landschap. Ook in de toekomst moet het aantrekkelijke buitengebied van Haaksbergen behouden blijven. Dit is voordelig voor de vrijetijdseconomie (boerencampings en B&B ’s) en voor het woongenot van de inwoners. 

Voor zowel het economische perspectief als de toeristisch-recreatieve rol van Haaksbergen is het verbeteren van de bereikbaarheid van en naar omliggende plaatsen van belang. Dit doen we onder andere door een mobiliteit hub in Haaksbergen te realiseren. Deze hub verbindt Haaksbergen met Enschede, de Achterhoek en de omliggende kernen met een snelle OV-verbinding. Om gebruik te kunnen maken van de voorzieningen en de arbeidskrachten van onze buurgemeenten is het belangrijk dat het openbaar vervoer van voldoende kwaliteit is en meegaat met de ontwikkelingen. Behalve het openbaar vervoer is een goede bereikbaarheid per auto en fiets ook belangrijk. Haaksbergen is met de ligging direct aan de N18 en de nabijheid van de A35 goed bereikbaar in de regio. Ook zijn er goede fietsverbindingen naar de omliggende gemeenten. De basis voor een goede bereikbaarheid is dus aanwezig. We zien nog verschillende mogelijkheden voor het verbeteren van de bereikbaarheid, zowel voor de auto en de fiets, als het openbaar vervoer (bijvoorbeeld betere verbinding naar de Achterhoek en de buurtbus Buurse). Al deze verbindingen willen we behouden en versterken.

Kijkend naar het aantrekkelijke buitengebied, de huidige werkgelegenheidsontwikkelingen en de goede bereikbaarheid is het logisch om als Haaksbergen een grotere rol te gaan spelen op het gebied van woningbouw in de regio. De aantrekkelijke leefomgeving vraagt om meer ruimte om te wonen. Allereerst om de huidige bevolking voldoende te kunnen huisvesten, met name de starters en de senioren. Maar daar bovenop ook om nieuwe inwoners aan te trekken om te komen wonen en werken in Haaksbergen of elders in de regio. Er moet toekomstgericht gebouwd worden, dat wil zeggen dat er niet alleen voor de huidige vraag huizen worden neergezet, maar ook met het oog op de situatie van 2040. Twente is door het Rijk aangewezen als groeiregio voor de woningbouwopgave. De gemeente Haaksbergen wil ook bijdragen aan deze woningbouwopgave. 

Niet iedereen wil namelijk wonen in een stedelijk gebied, veel mensen voelen zich beter thuis in een woonmilieu met lagere dichtheden. Ook heeft Haaksbergen goede voorzieningen, zoals een breed aanbod aan winkels, horeca en zijn er diverse culturele-, maatschappelijke- en sportvoorzieningen. Dit maakt dat veel mensen willen wonen in een plaats als Haaksbergen met een aantrekkelijk buitengebied, goede voorzieningen en een divers aanbod aan werkgelegenheid.

1.11 Doorwerking van de omgevingsvisie

1.11.1 Doorwerking omgevingsvisie

Onze omgevingsvisie legt de toekomstplannen voor 2040 van onze gemeente vast. De visie vertelt de hoofdlijnen van het beleid en de ontwikkelingen. De omgevingsvisie biedt houvast voor het koesteren van onze kernkwaliteiten en beschrijft hoe we omgaan met onze opgaven. De uitgangspunten in deze omgevingsvisie helpen ons om de balans te vinden tussen het gebruiken en beschermen van de leefomgeving. 

Omdat de omgevingsvisie een hoog schaalniveau heeft, kunnen we de kernkwaliteiten, opgaven en uitgangspunten goed met elkaar combineren. Als we de omgevingsvisie concreter gaan uitwerken kan het duidelijk worden op welke plekken het oplossen van opgaven met elkaar schuurt. Hierbij is het leidende principe dat nieuwe initiatieven en projecten niet ten koste mogen gaan van onze huidige, gemeentelijke kernkwaliteiten. Een kleine plaatselijke afname van een kernkwaliteit kan geoorloofd zijn, als we hiermee bijdragen aan een zwaarwegend en gemeenschappelijk belang. Deze afweging is in elke situatie anders en zullen we dus per geval beoordelen. 

Het ontwikkelen van onze leefomgeving gaat dus verder na het vaststellen van deze omgevingsvisie. Het is daarom goed om te kijken hoe de omgevingsvisie straks doorwerkt in ander beleid. Hoe kan een initiatief straks tot stand komen? Wie waarborgt de kwaliteit? Hoe werken we aan onze uitgangspunten? De Omgevingswet biedt verschillende instrumenten om uitvoering aan de omgevingsvisie te geven. Voor de juiste inzet van de instrumenten is het van belang stil te staan bij de rol die we als gemeente hierin willen en kunnen vervullen, dit noemen de ‘rolverdeling’ of ‘sturingsfilosofie’.

1.11.2 Rolverdeling

De sturingsfilosofie gaat over de rolverdeling tussen de gemeente en de samenleving. Deze is de afgelopen jaren veranderd. In onze complexe en snel veranderende samenleving zijn inwoners steeds vaker goed geïnformeerd en betrokken. Visies en plannen zijn niet langer een mededeling, maar een uitnodiging voor samenwerking. Als gemeente zoeken we naar de juiste balans tussen hoe we initiatieven kunnen ondersteunen en hoe we de kwaliteit van onze leefomgeving waarborgen. 

De rol van gemeente Haaksbergen

In het onderstaande schema benoemen we vier rollen die we als gemeente kunnen aannemen. In elke rol gaan we anders om met hoe we initiatieven sturen of ondersteunen. We kunnen de nadruk leggen op het behalen van resultaten of op het creëren van randvoorwaarden. Ook maken we onderscheid in de betrokkenheid van de samenleving bij de ambities van de gemeente. 

Rolverdeling
afbeelding binnen de regeling

We willen in Haaksbergen een ondersteunende en faciliterende gemeente zijn. Dit houdt in dat we als gemeente in eerste plaats kaderstellend zijn. Dat betekent dat we met ons beleid nadenken over de grenzen van het speelveld en we regie houden over wat er in de gemeente gebeurt. Waar mogelijk leggen we verantwoordelijkheid bij inwoners en ondernemers. We hopen dat inwoners en (maatschappelijke) organisaties actief bijdragen aan onze leefomgeving en samenleving. We ondersteunen en faciliteren dus initiatieven, terwijl we als gemeente duidelijk zijn in wat er wel en wat er niet mogelijk is. Voorbeelden hiervan zijn:

  • Onze inwoners kijken naar elkaar om en zorgen voor elkaar;

  • Er ligt steeds meer verantwoordelijkheid bij onze inwoners en ondernemers;

  • Open houding tegenover veranderingen in het landelijk gebied, waarbij we als gemeente wel kaders geven terwijl we ondernemersvrijheid waarborgen;

  • Er zijn veel bewonersinitiatieven waarbij inwoners ideeën organiseren en realiseren.

 

Ondanks dat we een ondersteunende en faciliterende gemeente willen zijn, is onze rol ook sterk afhankelijk van het onderwerp. Als gemeente zijn we niet over elk onderwerp het bevoegde gezag en zijn wij dus niet altijd degene die de regels bepaalt. Soms is het Rijk, de provincie of het waterschap verantwoordelijk, bijvoorbeeld bij zoutwinning of grootschalige windenergie. Het kan ook voorkomen dat we er als gemeente bewust voor kiezen om van onze ondersteunende en faciliterende rol af te stappen, om bepaalde opgaven te versnellen. Zo hebben we als gemeente gekozen voor een uitvoerende rol om beter te kunnen bijdragen aan woningbouw. Bij een goede samenwerking tussen gemeente en samenleving is participatie onmisbaar. Daarvoor hebben we een handreiking voor participatie. Hierin staat omschreven over hoe een goed participatieproces eruitziet.

1.11.3 Instrumenten

De Omgevingswet bestaat uit zes instrumenten: 

  • Omgevingsvisie

  • Omgevingsprogramma

  • Omgevingsplan

  • Algemene Rijskregels (niet voor gemeenten)

  • Omgevingsvergunningen

  • Projectbesluit (niet voor gemeenten)

 

Hieronder vertellen we meer over het omgevingsprogramma en het omgevingsplan. Informatie over de andere instrumenten kan je lezen op informatiepunt leefomgeving. 

Omgevingsprogramma’s

De omgevingsvisie omvat alle thema’s die te maken hebben met de fysieke leefomgeving en is gericht op de lange termijn. Voor de uitvoering op korte en middellange termijn maken we omgevingsprogramma’s. Een omgevingsprogramma helpt bij het realiseren van de ontwikkelrichtingen uit de omgevingsvisie.

Wanneer maken we een omgevingsprogramma?

We maken een omgevingsprogramma als dit wettelijk verplicht is, of bij een meerjarige, belangrijke en/of ingewikkelde opgave. Bijvoorbeeld wanneer er vanuit de politiek prioriteit wordt gegeven aan een bepaald onderwerp, als er meerdere (type) maatregelen nodig zijn, of als de opgave een grote invloed heeft op de samenleving of onze fysieke leefomgeving. 

Uitgangspunten

In aanvulling op de wettelijke vereisten worden de volgende uitgangspunten gehanteerd voor nieuwe omgevingsprogramma’s:

  • De omgevingsprogramma’s moeten aansluiten bij de omgevingsvisie. Dat houdt in dat het programma inhoud geeft aan de opgaven of ontwikkelrichtingen uit de omgevingsvisie en rekening houdt met de kernkwaliteiten van de gemeente.

  • De omgevingsprogramma’s maken de ontwikkelrichtingen uit de omgevingsvisie meer concreet door het stellen van (meetbare) doelen voor de korte- en middellange termijn. Door middel van monitoring van het programma controleren we of de doelen worden behaald.

  • De omgevingsprogramma’s kunnen verdieping en detaillering aanbrengen op een bepaald thema of gebied, maar moeten wel bijdragen aan de onderlinge afstemming met andere thema’s of gebieden.

  • De omgevingsprogramma’s worden gemaakt met behulp van participatie. Dit betekent dat het omgevingsprogramma een kans biedt aan de samenleving, andere overheden en marktpartijen om betrokken te zijn bij het maken van het programma en om vervolgens bij te dragen aan de doelstellingen van het programma.

  • De omgevingsprogramma’s beschrijven wat de rolverdeling (sturingsfilosofie) is en wie het programma vaststelt (het college van burgemeesters en wethouders of de gemeenteraad).

 

Omgevingsplan

Het omgevingsplan vervangt de bestemmingsplannen en lokale verordeningen die we eerder hadden. Het nieuwe omgevingsplan bevat (samen met de waterschapsverordening van het waterschap) alle regels voor de fysieke leefomgeving op lokaal niveau.

Onze omgevingsvisie is een langetermijnvisie. Bij het maken van het omgevingsplan houden we rekening met de keuzes en uitgangspunten uit de omgevingsvisie. Het omgevingsplan geeft invulling aan de ambities uit onze omgevingsvisie, met name voor thema’s waarbij de gemeente een sturende rol heeft.

Het omgevingsplan kan helpen om de uitgangspunten van de omgevingsvisie of een programma te stimuleren, door meer ruimte te bieden aan ontwikkelingen die hierbij passen. Ook de uitwerking van een omgevingsprogramma kan leiden tot regels in het omgevingsplan.

1.11.4 Beleidscyclus en monitoring

Beleidscyclus

De Omgevingswet maakt het verplicht om beleid te monitoren en te evalueren. Hiermee wordt duidelijk of de uitwerking van het beleid ook daadwerkelijk bijdraagt aan het verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving. Hiervoor maken we gebruik van een beleidscyclus:

Beleidscyclus
afbeelding binnen de regeling

 

  • a.

    Beleidsontwikkeling: Het opstellen van de Omgevingsvisie. Deze stap ronden we af met het vaststellen van de Omgevingsvisie Haaksbergen.

  • b.

    Beleidsdoorwerking: Uitspraken uit de Omgevingsvisie maken we concreet met de instrumenten van de Omgevingswet (in bijvoorbeeld een omgevingsprogramma of omgevingsplan).

  • c.

    Uitvoering: We passen concrete besluiten en regels toe. Dat doen wij niet alleen als gemeente Haaksbergen. Juist de uitvoering van activiteiten en projecten door initiatiefnemers staat in deze stap centraal.

  • d.

    Terugkoppeling: Met behulp van monitoring en evaluatie reflecteren.

Actualisering van de omgevingsvisie

De omgevingsvisie is gericht op de lange termijn, met een stip op de horizon in 2040. Doordat de omgevingsvisie voornamelijk op hoofdlijnen een toekomstvisie schetst, zal deze niet snel verouderen. Wel is het mogelijk dat de monitoring, wetswijzingen of nieuwe ontwikkelingen vragen om een aanpassing van de omgevingsvisie.

Omdat we nu nog niet weten hoe de situatie er over een enkele jaren uit ziet, kiezen we er als gemeente voor om onze omgevingsvisie zo actueel mogelijk te houden. We gaan uit van bijstelling van de omgevingsvisie, vier jaar na vaststelling. Het actualiseren van de omgevingsvisie kan door bijvoorbeeld het toevoegen van nieuwe uitgangspunten of door het geven van duidelijkere kaders op een bepaald onderwerp. Hieruit kan ook volgen dat een omgevingsprogramma moet worden aangepast. Of dat een nieuw programma moet worden opgestart.

1.11.5 Kostenverhaal

De Omgevingswet maakt onderscheid tussen kostenverhaal en financiële bijdragen. Kostenverhaal heeft betrekking op de kosten voor bijvoorbeeld noodzakelijke publieke voorzieningen of plankosten binnen een gebiedsontwikkeling. 

De gemeente is verplicht om bij bouwactiviteiten de kosten te verhalen bij ontwikkelaars. Het afsluiten van een overeenkomst tussen de initiatiefnemer van de bouwactiviteit en het bevoegd gezag heeft daarbij de voorkeur. Als het niet mogelijk is een overeenkomst af te sluiten, is de publiekrechtelijke weg verplicht. Dan verhaalt het bevoegd gezag de kosten op basis van de regels in een omgevingsplan, een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit of een projectbesluit. Zolang de kostenverhaalbijdrage niet is betaald, is het verboden om de bouwwerkzaamheden uit te voeren.

Financiële bijdragen hebben betrekking op de maatregelen die nodig zijn om de kwaliteit van de leefomgeving buiten het bouwgebied te verbeteren, bijvoorbeeld de inrichting van een park. Er zijn investeringen nodig om de uitgangspunten uit deze omgevingsvisie te realiseren. Ook zijn er investeringen nodig om de kwaliteit van de leefomgeving te behouden en te verbeteren. De Omgevingswet geeft gemeenten de bevoegdheid om financiële bijdragen te vragen voor gebiedsoverstijgende voorzieningen bij bouwactiviteiten (bijvoorbeeld via een fonds bovenwijkse voorzieningen of via een fonds Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving). Het is hierbij belangrijk dat de ontwikkelingen in de omgevingsvisie of in een programma zijn vastgelegd. Na vaststelling van de omgevingsvisie zullen wij deze mogelijkheden verder uitwerken.

1.11.6 Heeft u een initiatief?

We willen graag samenwerken aan een fijne leefomgeving in gemeente Haaksbergen. Daarom denken we mee over nieuwe initiatieven en kijken we waar we projecten kunnen faciliteren. Het is hierbij belangrijk dat nieuwe ontwikkelingen passen binnen de kaders van deze omgevingsvisie. 

Wilt u een nieuw initiatief of project aandragen? Dien dan een vooroverlegplan in. Dan kijken we naar de volgende punten:

  • Omschrijving en onderbouwing: Wat houdt het voorgestelde initiatief in? Hoe past het initiatief bij de uitgangspunten van de omgevingsvisie? Doet het initiatief geen afbreuk aan de kernkwaliteiten van de gemeente, zoals beschreven in deze omgevingsvisie?

  • Past het initiatief binnen de huidige regels van het omgevingsplan? Dit is een eerste beoordeling op de haalbaarheid van een initiatief.

2 Hoofdstuk 2: De deelgebieden

2.1 Leeswijzer deelgebieden

Deze omgevingsvisie beschrijft de toekomst van de fysieke leefomgeving van de gemeente Haaksbergen. Dit onderdeel van de visie is opgebouwd per deelgebied en volgt steeds dezelfde hoofdstructuur. Zo is in één oogopslag zichtbaar welke uitgangspunten overal gelden, en welke keuzes specifiek zijn voor een bepaald gebied.

Per deelgebied wordt in schuingedrukte en onderstreepte tekst aangegeven welke uitgangspunten, kwaliteiten of opgaven specifiek gelden voor dat deelgebied.

Opbouw per deelgebied

Elk gebiedshoofdstuk (Langelo-Honeschkern HaaksbergenDe VeldmaatSint Isidorushoeve en Buurse) bestaat uit drie vaste themablokken:

1. Samen Sociaal

Hierin staan de maatschappelijke en sociale uitgangspunten centraal. In elk gebied worden vier thema’s uitgewerkt:

  • Iedereen kan zo lang mogelijk meedoen;

  • Passende voorzieningen;

  • Cultuurhistorie6;

  • Gezondheid en openbare ruimte.

 

2. Krachtige Kernen

Dit themablok gaat over wonen, werken, mobiliteit en duurzaamheid9. De volgende thema’s worden per gebied uitgewerkt:

  • Genoeg woningen en de juiste woningen;

  • Woningen verduurzamen;

  • Werken en leren;

  • Bewegen en verplaatsen;

  • Circulair;

  • (Waar van toepassing:) Centrum.

 

3. Toekomstbestendig Buitengebied

Hierin worden de landschappelijke en agrarische kwaliteiten en de energietransitie11 beschreven. De vaste thema’s zijn:

  • Water en bodem sturend3;

  • Landschap;

  • Werken in landelijk gebied;

  • Energie en warmte;

  • (Waar van toepassing:) Zoutwinning.

 

Hoe de visie gebruikt kan worden:

  • Wie een ruimtelijk initiatief wil indienen, kan direct naar het betreffende ambtsgebied gaan om te zien welke uitgangspunten daar gelden.

  • Wie thematisch wil werken (bijvoorbeeld aan wonen, landschap of mobiliteit), kan in elk gebied dezelfde thematische indeling volgen.

  • De schuingedrukte en onderstreepte onderdelen laten per gebied zien welke keuzes gebiedsspecifiek zijn en dus lokaal maatwerk vragen.

 

Deze opbouw maakt de omgevingsvisie overzichtelijk, herkenbaar en bestuurlijk goed toepasbaar.

2.2 Deelgebied Langelo-Honesch

2.2.1 Langelo-Honesch

Langelo en Honesch zijn twee buurtschappen met een groot buitengebied. De Buurserbeek slingert door het afwisselende landschap van weilanden en boerenhoeves, en van bossen en bomenrijen. Kenmerkend voor dit gebied is dat het landschap hier intact is gebleven. Het typische kampenlandschap van  Langelo-Honesch  herbergt het best bewaarde cultuurlandschap van Haaksbergen. Dit is met name te danken aan het grote aantal landgoederen. Waaronder het historische landgoed Lankheet, die met zijn afwisseling van bos en landbouwgrond voor een groot deel het groene karakter van het buitengebied bepaalt. Hier zijn ook kenmerkende cultuurhistorische elementen zoals de Oostendorper watermolen en de vele boerderij-monumenten te vinden. Het gebied Scholtenhagen is met zijn sportvoorzieningen en recreatieterreinen een belangrijk onderdeel van het recreatieve en toeristische netwerk van de hele gemeente Haaksbergen. In de buurtschappen Langelo en Honesch vormen het buurthuis, de kinderboerderij, de basisschool en park Scholtenhagen belangrijke voorzieningen waar plaats is voor ontmoeting, activiteit en noaberschap. Inwoners van Langelo-Honesch geven aan hoe bijzonder het is dat je hier landelijk kan wonen, terwijl je zo dicht bij het centrum van Haaksbergen bent.

Deze eigenschappen vormen het uitgangspunt voor de toekomstige ontwikkelingen in Langelo-Honesch. Hierbij ligt de nadruk op de landschappelijke inpassing in het essenlandschap. Over 20 jaar is de leefbaarheid in deze buurtschappen nog steeds geborgd, omdat de school en sociale voorzieningen zo goed mogelijk behouden zijn. Grenzend aan Haaksbergen zijn woningen bijgebouwd, die met groene verbindingen aansluiten op het buitengebied van Langelo-Honesch. Recreatie speelt een steeds grotere rol in het gebied, deels door Scholtenhagen, maar ook als belangrijke economische drager. Grenzend aan natuurgebied Haaksbergerveen, en met landgoed Lankheet en de watermolen als kernpunten, is het afwisselende landschap met natuurinclusieve landbouw een geliefd gebied om te recreëren.

2.2.2 Langelo-Honesch op de kaart

Langelo-Honesch op de kaart
afbeelding binnen de regeling

2.2.3 Samen sociaal

2.2.3.1 Iedereen kan zo lang mogelijk meedoen

De omgeving is zo ingericht dat iedereen zo goed mogelijk deel kan nemen aan de maatschappij. De gemeente Haaksbergen stelt mensen in staat om elkaar te ontmoeten. Hierbij spelen verschillen in achtergrond, leeftijd, fysieke gezondheid of inkomen geen rol. Ook verbetert de toegankelijkheid van voorzieningen en de openbare ruimte, zodat ook mensen met een beperking hier gebruik van kunnen maken.

Het verenigingsleven, evenementen en vrijwilligerswerk spelen een belangrijke rol in het verbinden van onze jongeren, ouderen en nieuwe inwoners. Het verenigingsleven bijvoorbeeld de sportverenigingen in Scholtenhagen en de carnavalsvereniging dragen daaraan bij. Als gemeente ondersteunen we kansrijke initiatieven.

Met meer samenwerking tussen de gemeente en zorgorganisaties wordt het ook makkelijker voor (kwetsbare) inwoners om zo lang mogelijk mee te doen en op zichzelf te blijven wonen. We maken het makkelijker voor zorgbehoevenden om de juiste zorg te vinden: we stemmen woningen, zorg en welzijn beter op elkaar af. We zetten daarom in op meer volledig aangepaste woningen, woningen voor speciale doelgroepen (zoals beschermd wonen) en de betaalbaarheid van deze specifieke woonvormen. In dit kader kijken we ook naar de mogelijkheden voor mantelzorgwoningen en familiewoningen.

2.2.3.2 Passende voorzieningen

Bij een fijne woonomgeving horen passende voorzieningen. Het centrum van Haaksbergen, het winkelcentrum van de Veldmaat en Scholtenhagen zijn belangrijke ontmoetingsplekken voor inwoners uit de hele gemeente. We onderzoeken of we op meer plekken horecavoorzieningen kunnen toevoegen, ter verbinding van het centrum en het buitengebied. Belangrijk zijn de maatschappelijke voorzieningen en welzijn/zorg dichtbij in de omgeving, waar inwoners met hulpvragen terecht kunnen. Waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten en aan activiteiten kunnen deelnemen. Met mogelijkheden voor laagdrempelig dagbesteding voor inwoners die een steuntje in de rug nodig hebben om weer zelfredzaam te kunnen zijn.

Voor een vitaal  Langelo-Honesch  zijn de basisschool, de sportverenigingen en het buurthuis belangrijk. We kunnen het niet garanderen, maar we proberen zoveel mogelijk voorzieningen te behouden. De voorzieningen dragen bij aan de leefbaarheid in en rondom het gebied Langelo-Honesch en bij het behouden en aantrekken van jongeren. Hierbij willen we vanuit de gemeente samenwerken met de gebruikers, bijvoorbeeld doordat inwoners en verenigingen een rol hebben in het onderhoud. Voorzieningen kosten de gemeente geld. Het is mogelijk dat het financieel gezien niet haalbaar is om alle voorzieningen te behouden. Een optimaal gebruik van voorzieningen rechtvaardigt de maatschappelijk investeringen. We onderzoeken of er aanpassingen nodig zijn waardoor meerdere functies gebruik kunnen maken van dezelfde voorziening. Het is hierbij belangrijk dat organisaties onderling goed samenwerken. We onderzoeken de mogelijkheden om meerdere verenigingen te huisvesten onder één dak. Dit draagt bij aan de duurzaamheid9 van onze gebouwen, is kostenefficiënt voor verenigingen en vermindert het aantal gebouwen dat op bepaalde tijden leeg staat.

In Langelo-Honesch  speelt vooral Scholtenhagen een belangrijke rol door het brede aanbod aan voorzieningen en evenementen. Er zijn op Scholtenhagen veel opties die beweging en ontmoeting stimuleren, zoals de (sport)verenigingen, de bootcamproute, de kinderboerderij en de horeca. Ook verschillende wandel- en fietsroutes langs de natuur en de landbouwgronden stimuleren om te bewegen en nodigen uit om te recreëren. We werken aan het herstel van de kerkenpaden en aan de verbindingen tussen wandel- en fietsroutes. Scholtenhagen is een plek waar heel Haaksbergen graag gebruikt van maakt. We willen de activiteiten in en rondom Scholtenhangen met elkaar verbinden en het gebied verder verbreden met genoeg opties voor recreatie, naast de sportvoorzieningen. Zo zijn er genoeg opties voor recreatie, naast de sportvoorzieningen.

Daarnaast streven we naar een goed niveau van basisonderwijs op een daarvoor geschikte locatie. Het is hierbij van belang dat elke dorpsschool zijn eigen karakter behoudt en er verschillende onderwijsvormen worden aangeboden, zo besteedt de basisschool in Honesch extra aandacht aan natuur en buiten zijn. Het aantrekken van jonge gezinnen en de woninguitbreidingen ten noorden van Langelo-Honesch dragen bij aan het behoud van de voorzieningen en de school in Langelo-Honesch.

2.2.3.3 Cultuurhistorie

Nieuwe ontwikkelingen houden rekening met de identiteit van de plek. Er zijn veel plaatsen met een rijke cultuurhistorie6 en erfgoed, zoals landgoed Lankheet, boerderijen en andere historische gebouwen. Met de Oostendorper Watermolen en de vloeiweiden bij het Waterpark Lankheet hebben we in Langelo-Honesch op het gebied van cultureel erfgoed unieke, historische objecten. Dit zijn trekpleisters waar ook toekomstige generaties van moeten kunnen genieten. Het erfgoed wordt gewaardeerd en kent een plek in de samenleving. Nieuwe ontwikkelingen staan in dienst van het behoud ervan en beleefbaar maken van het cultureel erfgoed.

2.2.3.4 Gezondheid en openbare ruimte

Uit onderzoek blijkt dat Haaksbergenaren hun gezondheid als zeer goed ervaren en dit willen we behouden. We bevorderen de positieve gezondheid (fysiek en mentaal) door het voor iedereen mogelijk te maken om voor gezonde opties te kiezen. In elke dorpskern is er een aanbod in sport, kunst, spel en/of groen in de openbare ruimte. Je kan hierbij denken aan een buitengym, speeltuinen of fietsroutes. De (sociale) veiligheid wordt beter door zichtbare en toegankelijke openbare ruimtes, zoals pleinen, wegen, fiets- en wandelpaden en groen. De fietsroutes en oversteekplaatsen zijn veilig. Dit biedt kansen om laagdrempelig te bewegen en elkaar te ontmoeten. Een gezonde openbare ruimte versterkt daarmee niet alleen onze gezondheid, maar ook ons noaberschap. 

We beschermen onze gezondheid ook tegen de effecten van het veranderende klimaat. Dit doen we met maatregelen voor klimaatadaptatie15. In 2050 zijn we volledig klimaatbestendig en waterrobuust. Hiervoor moeten de waterveiligheid, de zoetwatervoorziening en de ruimtelijke inrichting op orde zijn. We vinden het daarom ook belangrijk dat ons water- en bodemsysteem sturend3 zijn als we de functie van een gebied willen veranderen of als we een gebied anders willen inrichten. Het is ook goed voor meer diversiteit van groen en klimaatadaptatie15We zorgen ervoor dat we het groene, gezonde gevoel van het buitengebied binnen Langelo-Honesch blijven ervaren, ook in de nieuwe woonwijken.

Naast het bevorderen van gezondheid, beschermen we ook de gezondheid. We gaan zorgvuldig om met gewasbeschermingsmiddelen en zullen de overlast hiervan zoveel mogelijk beperken. De gemeente Haaksbergen heeft het streven om beleid op te stellen voor de verschillende milieuthema’s voor het hele gemeentelijke grondgebied. Het gaat hierbij in ieder geval om de thema’s geluid, licht, lucht, geur en veiligheid. De gemeente Haaksbergen zoekt hierbij samenwerking met de omgevingsdienst Twente. De wens hierbij is om zoveel mogelijk aansluiting te zoeken bij regionale beleid. Het doel hierbij is een zo optimaal mogelijke balans na te streven tussen het woon- en leefklimaat en de bedrijvigheid in de gemeente. Dit doen wij in samenspraak met onze inwoners en (agrarische) ondernemers.

2.2.4 Krachtige kernen

2.2.4.1 Genoeg woningen en de juiste woningen

Haaksbergen is een plattelandsgemeente. We bouwen voor onze lokale behoefte en voor de regionale behoefte. Dit helpt bij het in stand houden van voorzieningen en is goed voor een evenwichtige leeftijdsopbouw. Het toevoegen van woningen is nodig om onze kernen leefbaar en vitaal te houden. Ook is er vanuit het Rijk behoefte aan meer woningen voor aandachtsgroepen. Het is belangrijk dat ook de buurtschappen zoals Langelo en Honesch voorzien in extra woningbouw. In de hele gemeente Haaksbergen, zowel binnen als buiten de bebouwde kom, willen we tot 2034 900 woningen toevoegen. Dit volgt uit het reeds vastgestelde addendum bij de structuurvisie Haaksbergen 2030. Dit addendum gebruiken als richtlijn voor de woningbouwontwikkeling tot 2034 en maakt hiermee onderdeel uit van deze omgevingsvisie. Na 2034 stoppen we niet met bouwen. Twente is aangewezen als gebied voor een verstedelijkingsopgave. Wij willen hier een evenwichtige bijdrage aan leveren. We houden hierbij rekening met een verdeling van 30% sociale huur, 40% betaalbare huur-/ koopwoningen en 30% in het dure segment. Bij het toevoegen van nieuwe woningen hebben we een voorkeursvolgorde voor (1) transformeren van leegstaande gebouwen naar woningen, (2) toevoegen van woningen binnen de huidige bebouwde kom en (3) uitbreiden aan de randen. We hebben alle drie de opties nodig om genoeg woningen te bouwen voor iedereen die in Haaksbergen wil wonen. Ook bij ontwikkelingen op erven kijken we naar de bijdrage in de woonbehoefte. We beoordelen per locatie de impact op de ruimtelijke kwaliteit, de haalbaarheid en hoe praktisch/ functioneel de locatie is. We houden er bijvoorbeeld rekening mee dat er voldoende (open) ruimte is voor ontspanning, groen, biodiversiteit2 en cultuurhistorie6. We willen het ontstaan van nieuwe woonlandschappen in het landelijk gebied voorkomen. Dit werken we gebiedsgericht verder uit in het Programma Toekomstbestendig Buitengebied en het Omgevingsplan.

Specifiek voor  Langelo-Honesch  is het zoekgebied voor woninguitbreiding aan de noordzijde van Honesch tegen de kern van Haaksbergen (de zoekgebieden zijn aangegeven op de kaart). Hier woningen bouwen kunnen we koppelen aan het verbeteren van de infrastructuur, het herstellen van landschapselementen, en recreatieve ontsluiting. Je kan hierbij denken aan een groene verbinding van het centrum naar het buitengebied. Door een groene inrichting van deze woninguitbreiding kan de harde overgang van de kern van Haaksbergen naar het landelijk gebied van Langelo-Honesch verzacht worden. Indien we bouwen in het essenlandschap, dan hebben we extra aandacht voor de landschappelijke inpassing.

We houden bij de uitbreiding van onze woningvoorraad extra rekening met de behoefte van jongeren en ouderen, bijvoorbeeld door meer kleinschalige en betaalbare woningen te ontwikkelen door het makkelijker te maken om een woning te splitsen. We sturen op gemengde wijken, met woningen in verschillende segmenten en met verschillende bewoners. We hebben ruimte voor verschillende doelgroepen en aandachtsgroepen en zetten in op de betaalbaarheid van specifieke woonvormen. Voor Langelo-Honesch zetten we specifiek in op beschermd wonen en meer seniorenwoningen (gelet op de nabijheid van de voorzieningen). Alle nieuwe woningbouwontwikkelingen bieden kansen om de harde dorpsgrenzen te verzachten. De inwoners van gemeente Haaksbergen zien ons groene karakter als kernkwaliteit. Dit willen we in de toekomst behouden en versterken. Dit kan door het groen uit het buitengebied beter terug te laten komen in de woonwijken en door recreatieve verbindingen te maken met het buitengebied. In het op te stellen Programma Volkshuisvesting wordt de woningbouwopgave verder uitgewerkt.

2.2.4.2 Woningen verduurzamen

In de komende jaren moeten we onze woningvoorraad verduurzamen. Bij alle woningen (zowel huidig als nieuw) letten we op een betere isolatie en ventilatie (zonder dat de karakteristieken van de woning verloren gaan). Voor alle nieuwbouw geldt dat we (afhankelijk van het type gebouw) gedeeltelijk willen bouwen met natuurlijke materialen, dit noemen we biobased bouwen1. Ook moet er zoveel mogelijk energieneutraal10 worden ontwikkeld. We stimuleren ontwikkelaars tot het bouwen van nul-op-de-meter woningen die nog een stapje verder gaan voor een lagere energierekening. Bij nieuwe woningen in de kernen en bij de woninguitbreiding aan de noordzijde van Honesch onderzoeken we de mogelijkheden voor een warmtenet. Bij het landelijke wonen, zoals bij de bestaande meer verspreide woningen in Langelo-Honesch, kijken we naar kleinschalig duurzaam gas of een warmtepomp.

2.2.4.3 Werken en leren

Haaksbergen is een ondernemende gemeente met veel arbeidsplaatsen binnen de gemeentegrenzen. We werken aan een gevarieerde economie met diverse sectoren, zodat er voor veel inwoners passend werk is. Hiermee groeit de werkgelegenheid en behouden we ook werkgelegenheid als het met een bepaald deel van de economie wat minder gaat. We helpen bedrijven om toekomstbestendig te worden door inzicht te organiseren in de mogelijke maatregelen die bedrijven kunnen inzetten om zelf te verduurzamen. 

Twente staat bekend om innovatie en technische ontwikkelingen. Ook op de Haaksbergse bedrijventerreinen ligt hier veel nadruk op en dit benutten we. De onderwijsinstellingen in de regio (zoals Assink Lyceum (middelbare school), Universiteit Twente (WO), Saxion (HBO) en ROC van Twente (MBO)) trekken jongvolwassenen aan en stimuleren ontwikkelingen. We maken kenbaar wat er in Haaksbergen te doen is. Samenwerkingen met praktijk en theorie tussen bedrijven en onderwijs bieden nieuwe kansen en ideeën die benut kunnen worden voor bijvoorbeeld de zorg, techniek, energie of landbouw. De samenwerkingen zijn ook aantrekkelijk voor het aantrekken van jong talent.

Specifiek in  Langelo-Honesch zetten wij in op de ontwikkeling van toekomstbestendige bedrijvigheid op agrarische percelen. Agrarische bedrijven krijgen de ruimte om nieuwe activiteiten te ontwikkelen. Deze moeten passen bij het karakter en schaal van het erf en het landschap. Je leest hier meer over bij Toekomstbestendig buitengebied. Meer industriële activiteiten zoals productie- of transportbedrijven horen thuis op één van de bedrijventerreinen in Haaksbergen of Sint Isidorushoeve.

2.2.4.4 Bewegen en verplaatsen

Voor mobiliteit is het STOMP-principe leidend: dit is een voorkeursvolgorde die staat voor Stappen, Trappen, OV, Mobility-as-a-service (bijv. een deelauto) en als laatste voorkeur een Personenauto. Hiermee verminderen we de uitstoot van broeikassen door mobiliteit. Het wordt makkelijker om in en tussen de kernen meer te wandelen en te fietsen. Door de aanleg van ontbrekende schakels wordt wandelen en fietsen waar nodig aantrekkelijker en veiliger gemaakt. De wandelaar en de fietser krijgen steeds vaker voorrang op het autoverkeer waar dit veilig kan en oversteken van drukkere wegen wordt makkelijker. We zetten in op gedragsverandering en gezondheid door voorzieningen toe te voegen zoals voldoende fietsparkeerplaatsen, oplaadpunten voor e-bikes, zitgelegenheden, ommetjes en brede stoepen. We houden hierbij rekening met de toegankelijkheid voor mindervaliden. De auto blijft nodig voor verbinding tussen kernen, maar de focus ligt op de duurzamere alternatieven. 

Om de overstap van en naar de bus en andere duurzame vervoerwijzen te promoten, onderzoeken we op drie locaties of we er mobiliteitshubs kunnen realiseren. Hier komen verschillende vormen van vervoer samen waardoor het makkelijker wordt om de overstap te maken naar een (duurzaam) vervoersmiddel. Op basis van het bestaande busgebruik, zouden er ook plushaltes gerealiseerd kunnen worden op plekken waar nu al regelmatig veel fietsen staan. Een plushalte heeft meer voorzieningen voor fietsen en parkeren dan een gewone bushalte. Het openbaar vervoer is een verantwoordelijkheid van de Provincie Overijssel, zij maken concrete afspraken met vervoersmaatschappijen voor de bus en trein. Buiten de mobiliteitshub om is het niet realistisch dat het bus-netwerk in de gemeente uitgebreid wordt. In plaats daarvan werken we aan het behouden van het huidige aanbod en zorgen we ervoor dat alle haltes goed en veilig te bereiken zijn voor wandelaars en fietsers.

Bij nieuwbouwwijken onderzoeken we samen met de regionale vervoerder de mogelijkheden om deze zo goed mogelijk te ontsluiten met een buslijn . Op plekken waar de vraag naar openbaar vervoer laag is, onderzoeken we welk andere manieren er zijn om bereikbaarheid te garanderen. Zo houden we bij het bouwen van nieuwe woningen en bedrijven meteen rekening met de bereikbaarheid en doorstroming. En hoewel parkeren van belang blijft, beoordelen we per project hoeveel prioriteit dit heeft. Ook beoordelen we of het mogelijk is om de parkeervoorziening aan de uiteinden van een straat of wijk te realiseren. Uit participatie is gebleken dat veel inwoners hiervoor open staan, omdat er hierdoor voor het huis meer ruimte is voor groen, spel en ontmoeting.

2.2.4.5 Circulair

We werken toe naar een circulaire economie4 in 2050. We creëren een gesloten cirkel waarbij geen afval vrijkomt en we grondstoffen telkens hergebruiken. Om dit te bereiken verminderen we het gebruik van grondstoffen en we (her)gebruiken de beschikbare grondstoffen zo efficiënt mogelijk. Als we meer producten hergebruiken, verminderen we onze milieu-impact en de schaarste van sommige producten. Soms kan je een product één-op-één hergebruiken, maar vaker vraagt het om een bewerking of verwerking, bijvoorbeeld recycling of reparatie. Deze bewerkingen vragen om werkruimtes en creatieve ideeën. Omdat circulair denken nog vrij nieuw is, moeten we onze mogelijkheden voor circulaire economie4 nog onderzoeken. Doordat we straks anders met onze spullen omgaan, verandert onze omgeving ook. Het is denkbaar dat er meer opslag- en distributieplaatsen nodig zijn, dat er minder ruimtes nodig zijn om nieuwe producten te produceren, of dat we meer spullen met elkaar delen (bijvoorbeeld auto’s of energie). Er lopen al initiatieven voor circulariteit in Haaksbergen. We bekijken in hoeverre we deze verder kunnen uitbouwen en/of hoe we de initiatieven elkaar kunnen laten versterken.

Onze bedrijven spelen een belangrijke rol bij het ontwikkelen van onze circulaire economie4. We stimuleren hen om ook zoveel mogelijk circulaire keuzes te maken bij onderhoud, reconstructies en realisatie. Met ons inkoopbeleid richten we ons op een gezamenlijke aanpak om bij te dragen aan circulariteit. We kunnen de circulaire economie4 verder versnellen door een betere samenwerking met andere Twentse gemeenten. Het is voor een circulaire economie4 namelijk belangrijk dat bedrijven elkaars (rest)producten kunnen gebruiken en dat we leren van elkaars projecten. Twente heeft een grote bouwsector en die speelt een belangrijke rol in de omschakeling naar circulair bouwen. Als beheerder van de openbare ruimte en een aantal publieke gebouwen gaan we als gemeente zelf aan de slag om circulariteit toe te passen in realisatie en onderhoudsprojecten en in ons afvalbrengpunt. We bieden aannemers de kans om nieuwe duurzame technieken toe te passen in de praktijk.

2.2.5 Toekomstbestendig buitengebied

2.2.5.1 Water en bodem sturend

Het water- en bodemsysteem zijn sturend3 als we de functie van een gebied willen veranderen of als we een gebied anders willen inrichten. Langelo-Honesch wordt een gebied waar natuur en landbouw goed samengaan. Er is een geleidelijk overgang tussen het agrarisch gebied en de Natura-2000 gebieden. De overgang van agrarisch gebruik naar natuur wordt bepaald door de aanwezig omgevingscondities en helpt bij het beschermen van de Natura-2000 gebieden en beekdalen. In deze overgangen zijn er gelijktijdig ontwikkelkansen voor toekomstbestendige landbouw. We geven de Buurserbeek de ruimte, zodat we voldoende water kunnen vasthouden voor in droge periodes. In het beekdal hier omheen liggen mogelijkheden voor bijvoorbeeld recreatie, maar ontwikkelingen als woningbouw kunnen niet meer plaatsvinden. Ook landgebruik voor intensieve landbouw nabij de beek wordt zoveel mogelijk beperkt om de waterkwaliteit te verbeteren. Om grondwater beter vast te houden wordt ingezet op het verbeteren van de sponswerking van de bodem. Dit helpt ook om de impact van droogte zo klein mogelijk te maken. De bodem wordt sturend voor de keuze voor typen landgebruik en typen landbouw. De natuurlijke samenstelling van de bodem bepaalt mee over hoe intensief deze bodem gebruikt kan worden. We zorgen voor een balans tussen benutten en beschermen van bodem en ondergrond, waarbij verstoring van de bodem zo veel mogelijk voorkomen wordt. Een vitalere bodem versterkt namelijk zowel de sponswerking van de bodem als de capaciteit van de bodem om koolstof op te nemen.

Klimaatadaptieve maatregelen, zoals het beter vasthouden van water, zijn een randvoorwaarde voor ontwikkelingen binnen de dorpen en in het landelijk gebied. Hierbij is ‘groenblauwe dooradering12’ van groot belangGroenblauwe dooradering12 houdt in dat een gebied wordt doorkruist (‘dooraderd’) door groene (hagen, bomenrijen) en blauwe (sloten, beken) landschapsonderdelen. Deze plekken zorgen voor schuilplaatsen voor dieren en helpen bij het verplaatsen van planten en dieren. Ook helpt het om te werken aan onze Basiskwaliteit Natuur en daarmee aan onze biodiversiteit2. Net als in de rest van Nederland, willen we dat in 2035 10% van de oppervlakte in het buitengebied onderdeel is van groenblauwe dooradering12. In Langelo-Honesch zetten wij daarvoor in op het behouden, versterken en mogelijk ontwikkelen van houtwallen, bomenrijen en beekjes die passen in het huidige landschap. Ook willen we de groenblauwe dooradering12, waar mogelijk, doortrekken naar onze bebouwde gebieden. Zo verbinden we onze kernen sterker met het groene, landelijke gebied.

2.2.5.2 Landschap

Het buitengebied van  Langelo-Honesch vormt een overgangszone tussen het Natura-2000 natuurgebied Haaksbergerveen en de intensievere landbouw in Brammelo en Sint Isidorushoeve. Langelo-Honesch kent veel NNN-natuurgebieden (Nederlands Natuur Netwerk), die een minder strenge bescherming kennen dan Natura2000-gebieden, met name in het landgoed Lankheet. Het Lankheet is een uniek stukje Haaksbergen waar natuur, recreatie en cultuur samenkomen. Het landgoed heeft een waterpark met ruimte voor educatie en waterkwaliteit. Landgoed Lankheet gaat al eeuwen op een bijzondere manier om met water. Het Lankheet staat op de UNESCO-lijst van immaterieel erfgoed vanwege de speciale techniek waardoor rivierwater via geulen over een weiland stroomt (graslandbevloeiing). Het Lankheet, maar ook het Assinkbos, worden door de inwoners ervaren als kernwaarden van Haaksbergen. Beide gebieden hebben mooie en toegankelijke wandel- en fietspaden die dwars door het groene buitengebied gaan, waar je ook de Buurserbeek goed kan beleven.

Langelo-Honesch heeft veel boerderij-monumenten. Met zijn vele houtwallen en boomsingels kent het gebied ook al veel elementen van de groenblauwe dooradering 12 . We zetten in op het beschermen en versterken van deze natuurwaarden en het koesteren van het landgoederenlandschap. We moeten hierbij rekening houden met een goede balans tussen natuur, biodiversiteit 2 , cultuur en recreatie.

2.2.5.3 Werken in landelijk gebied

Het agrarisch gebruik is belangrijk voor de inrichting en het behoud van het Haaksbergse landschap, met zijn weilanden en houtwallen. In het landelijk gebied is het belangrijk om te kijken naar onze rol als gemeente. Het Rijk en de provincie stellen regels en voorwaarden aan activiteiten en grondgebruik in het landelijk gebied. Hoewel een transformatie van landbouw noodzakelijk is, zetten we erop in om de landbouw in Haaksbergen zo veel mogelijk te behouden en een gezonde bedrijfsvoering mogelijk te maken. Als gemeente maken we economische dragers in het buitengebied mogelijk mits deze voldoen aan de randvoorwaarden qua landschap, veiligheid en gezondheid als pijlers voor de leefbaarheid. We geven hierbij ruimte aan ondernemerschap. Het agrarische gebruik draagt bij aan het onderhouden van het cultuurlandschap. Ook hierbij gelden de principes van water en bodem sturend3: de landbouw gebruikt water en bodem als hulpbronnen, maar in de mate waarin deze natuurlijk aanwezig zijn zonder deze uit te putten. Bij de transformatie van de huidige landbouw naar duurzame landbouw is ons uitgangspunt dat de agrarisch ondernemers een toekomstperspectief blijven houden waarin ze hun inkomen blijven verdienen door bedrijvigheid op hun eigen percelenAls gemeente verstrekken we informatie over ruimtelijk beleid om agrariërs te ondersteunen bij de transitie naar duurzame landbouw

Er zijn ook agrariërs die willen stoppen of verbreden. Zij krijgen de ruimte om (onder bepaalde voorwaarden) hun verdienmodel te veranderen. We geven hierbij ruimte aan (agrarisch) ondernemerschap binnen gestelde kaders. Het is hierbij belangrijk dat er per situatie beoordeeld wordt of de verandering past bij het groene en agrarische karakter van het buitengebied van  Langelo-Honesch  en wat de (milieu)-impact is op de omliggende erven.

Het gebied rondom het Assinkbos en het gebied langs de Buurserbeek lenen zich er goed voor om groen en water te combineren met vormen van (route-gebonden) recreatie die de natuur weinig aantasten. Er is hier ruimte voor bijvoorbeeld wandelen, fietsen, mountainbike-routes of een sup-route In het buitengebied van Langelo-Honesch zetten we in op de ondersteuning en versterking van bestaande recreatieondernemers. Ze maken het buitengebied toegankelijk voor recreanten en dragen bij aan onze economie. Het is onze ambitie om deze recreatieve bedrijven te behouden Hierbij letten we erop dat het recreatieaanbod divers is en goed aansluit bij de vraag en doelgroep, zonder dat de waarde van het landschap achteruitgaat. We streven naar een goede balans tussen natuur (rust, donkerte etc.) en recreatie. We zetten onszelf meer op de kaart met activiteiten voor dagrecreatie. Ook verbeteren we ons aanbod in verblijfsrecreatie doordat we meer diverse opties aanbieden, passend bij de verschillende type bezoekers. We willen meer bezoekers aantrekken die iets toevoegen aan ons omgeving óf onze economie. We richten ons naast onze huidige bezoekers (voornamelijk gepensioneerden) meer op stellen en gezinnen die komen voor de rust, ruimte en natuur. Binnen deze focusdoelgroepen richten we ons met name op millennials en de alpha-generatie. Zij willen ervaringen op doen, worden aangetrokken door cultuur en natuur en zoeken de uitdaging op. Bezoekers dragen bovendien bij aan de leefbaarheid en het in stand houden van voorzieningen in de kern. Binnen het gebied Langelo-Honesch is al veel bestaande verblijfsrecreatie aanwezig. We zetten in op vitalisering en versterking van bestaande voorzieningen.

2.2.5.4 Energie en warmte

We willen in 2050 energieneutraal10 en aardgasvrij zijn. We moeten onze woningen en bedrijven dus verduurzamen. Energieneutraal10 worden we vooral door zonnepanelen op daken, de vergunde zonnevelden in het landelijk gebied en windenergie. 

De energietransitie11 vraagt om meer ruimte, omdat we ons energienet moeten verzwaren. Onder de grond is ruimte nodig voor nieuwe leidingen en er komen meer transformatorhuisjes en schakelstations in het straatbeeld. Zo zorgen we ervoor dat we alle energie die we opwekken ook kwijt kunnen en dat nieuwe woningen/ bedrijven verzekerd zijn van genoeg elektriciteitWe onderzoeken de kansen om de ruimtevraag van de energietransitie11 te verminderen door in te zetten op warmtenetten en de opwekking van (innovatieve) duurzame gassen, zoals groengas of waterstof. In Langelo-Honesch zien wij ook kansen voor energieopwekking op erven van agrariërs, met bijvoorbeeld erfmolens op een boerenerf of zonnepanelen op daken. We willen in Langelo-Honesch geen energie opwekken met grootschalige zonnevelden op weilanden.

Ten slotte zetten we in op energiebesparing: alle energie die we niet verbruiken, hoeven we ook niet op te wekken. We helpen bedrijven hierbij met duidelijke informatievoorziening over de mogelijkheden om te verduurzamen.

2.2.5.5 Hoofdopgaven Langelo-Honesch op de kaart
Hoofdopgaven Langelo-Honesch
afbeelding binnen de regeling

2.3 Deelgebied kern Haaksbergen

2.3.1 Kern Haaksbergen

De  kern Haaksbergen is de grootste plaats van onze gemeente. De kracht van Haaksbergen is dat het de voorzieningen van een stad combineert met de gemoedelijkheid, gezelligheid, bereikbaarheid en groene sfeer van een dorp te midden van een prachtig landschap. Het centrum kent veel voorzieningen voor de mensen uit de hele gemeente, en ook voor dorpen daarbuiten. Je vindt hier stedelijke voorzieningen zoals winkels, scholen en horeca, met de kenmerkende Markt als het centrale punt. Het centrum is ook een plaats voor ontmoeting, bijvoorbeeld bij theater De Kappen. De woonwijken van Haaksbergen zijn ruim en groen, en bieden een echte dorpse woonsfeer. Haaksbergen is vooral gegroeid dankzij een bloeiende industrie, waar industrieterreinen nog aan herinneren, net zoals de Museum Buurtspoorweg. De industrieterreinen bieden ook nu nog volop werkgelegenheid.

Deze kwaliteiten vormen de basis voor de verdere ontwikkeling van Haaksbergen in de komende 20 jaar. Door extra woningen te bouwen voor jongeren en ouderen is het dorp leefbaar gebleven voor alle leeftijdsgroepen, die elkaar ontmoeten en naar elkaar omkijken. Hierdoor zijn ook de voorzieningen in het dorp gebleven. Niet alleen hebben we ruimte gemaakt voor woningen, ook is er extra ruimte gekomen voor bedrijven zodat de werkgelegenheid groeit. We hebben bij deze uitbreidingen gezorgd voor aantrekkelijke, groene omgevingen waar het prettig wonen en werken is. Ook het bestaande dorp is vergroend, met meer focus op fiets- en wandelroutes ten koste van de auto. Het groene en levendige centrum met aantrekkelijke winkels is een belangrijke trekpleister voor de Haaksbergenaren, mensen uit omliggende gemeenten én voor toeristen, mede dankzij het groene buitengebied dat het dorp omringt.

2.3.2 Kern Haaksbergen op de kaart

Kern Haaksbergen op de kaart
afbeelding binnen de regeling

2.3.3 Samen sociaal

2.3.3.1 Iedereen kan zo lang mogelijk meedoen

De omgeving is zo ingericht dat iedereen zo goed mogelijk deel kan nemen aan de maatschappij. De gemeente Haaksbergen stelt mensen in staat om elkaar te ontmoeten. Hierbij spelen verschillen in achtergrond, leeftijd, fysieke gezondheid of inkomen geen rol. Ook verbetert de toegankelijkheid van voorzieningen en de openbare ruimte, zodat ook mensen met een beperking hier gebruik van kunnen maken.

Het verenigingsleven, evenementen en vrijwilligerswerk spelen een belangrijke rol in het verbinden van onze jongeren, ouderen en nieuwe inwoners. Het verenigingsleven bijvoorbeeld de sportverenigingen en de carnavalsvereniging dragen daaraan bij. Als gemeente ondersteunen we kansrijke initiatieven.

Met meer samenwerking tussen de gemeente en zorgorganisaties wordt het ook makkelijker voor (kwetsbare) inwoners om zo lang mogelijk mee te doen en op zichzelf te blijven wonen. We maken het makkelijker voor zorgbehoevenden om de juiste zorg te vinden: we stemmen woningen, zorg en welzijn beter op elkaar af. We zetten daarom in op meer volledig aangepaste woningen, woningen voor speciale doelgroepen (zoals beschermd wonen) en de betaalbaarheid van deze specifieke woonvormen. In dit kader kijken we ook naar de mogelijkheden voor mantelzorgwoningen en familiewoningen.

2.3.3.2 Passende voorzieningen

Bij een fijne woonomgeving horen passende voorzieningen.Het centrum van Haaksbergen, het winkelcentrum van de Veldmaat en Scholtenhagen zijn belangrijke ontmoetingsplekken voor inwoners uit de hele gemeente. We onderzoeken of we op meer plekken horecavoorzieningen kunnen toevoegen, ter verbinding van het centrum en het buitengebied. Belangrijk zijn de maatschappelijke voorzieningen en welzijn/zorg dichtbij in de omgeving, waar inwoners met hulpvragen terecht kunnen. Waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten en aan activiteiten kunnen deelnemen. Met mogelijkheden voor laagdrempelig dagbesteding voor inwoners die een steuntje in de rug nodig hebben om weer zelfredzaam te kunnen zijn.

Voor een vitaal Haaksbergen zijn de voorzieningen in het centrum van groot belang. Deze dragen bij aan een (be)leefbaar Haaksbergen. Inwoners uit onze kernen en omliggende kernen komen naar  kern Haaksbergen om gebruik te maken van het winkel- en horeca-aanbod.

Wat betreft maatschappelijke voorzieningen willen we vanuit de gemeente samenwerken met de gebruikers, bijvoorbeeld doordat inwoners en verenigingen een rol hebben in het onderhoud. Voorzieningen kosten de gemeente geld. Het is mogelijk dat het financieel gezien niet haalbaar is om alle voorzieningen te behouden. Een optimaal gebruik van voorzieningen rechtvaardigt de maatschappelijk investeringen. We onderzoeken of er aanpassingen nodig zijn waardoor meerdere functies gebruik kunnen maken van dezelfde voorziening. Het is hierbij belangrijk dat organisaties onderling goed samenwerken. We onderzoeken de mogelijkheden om meerdere verenigingen te huisvesten onder één dak. Dit draagt bij aan de duurzaamheid9 van onze gebouwen, is kostenefficiënt voor verenigingen en vermindert het aantal gebouwen dat op bepaalde tijden leeg staat.

Daarnaast streven we naar een goed niveau van basisonderwijs op daarvoor geschikte locaties. Het is hierbij van belang dat elke school zijn eigen karakter behoud en er verschillende onderwijsvormen (inclusief voortgezet onderwijs) worden aangeboden. Het aantrekken van jonge gezinnen en het toevoegen van woningen dragen tevens bij aan het behoud van de voorzieningen in Haaksbergen.

2.3.3.3 Cultuurhistorie

Nieuwe ontwikkelingen houden rekening met de identiteit van de plek. Er zijn veel plaatsen met een rijke cultuurhistorie6 en erfgoed, zoals landgoed Lankheet, boerderijen en andere historische gebouwen. Voorbeelden zijn de monumentale panden en in ons dorpscentrum, de bijzondere dorpsgezichten en andere historische gebouwen zoals de molen ‘De Korenbloem’ en de Pancratiuskerk. Ook belangrijk voor Haaksbergen is ons industriële erfgoed met de kenmerkende historische gebouwen en schoorstenen, wat deels nog levend gehouden wordt door de Museum Buurtspoorweg. Het erfgoed wordt gewaardeerd en kent een plek in de samenleving. Nieuwe ontwikkelingen staan in dienst van het behoud ervan en beleefbaar maken van het cultureel erfgoed.

2.3.3.4 Gezondheid en openbare ruimte

Uit onderzoek blijkt dat Haaksbergenaren hun gezondheid als zeer goed ervaren en dit willen we behouden. We bevorderen de positieve gezondheid (fysiek en mentaal) door het voor iedereen mogelijk te maken om voor gezonde opties te kiezen. In elke dorpskern is er een aanbod in sport, kunst, spel en/of groen in de openbare ruimte. Je kan hierbij denken aan een buitengym, speeltuinen of fietsroutes. De (sociale) veiligheid wordt beter door zichtbare en toegankelijke openbare ruimtes, zoals pleinen, wegen, fiets- en wandelpaden, en groen. Haaksbergen heeft momenteel al veel groene fietspaden die onze wijken verbinden: dit versterken we, en we zorgen dat fietsroutes en oversteekplaatsen veilig zijn. Dit biedt kansen om laagdrempelig te bewegen en elkaar te ontmoeten. Een gezonde openbare ruimte versterkt daarmee niet alleen onze gezondheid, maar ook ons noaberschap. Hierbij speelt de bereikbaarheid naar sport- en cultuurfaciliteiten en winkels in Haaksbergen een grote rol, net als de verbindingen naar de wandel- en fietsroutes in het buitengebied. Het moet een aantrekkelijke keuze zijn om alles te voet of per fiets te bereiken.

We beschermen onze gezondheid ook tegen de effecten van het veranderend klimaat. Dit doen we met maatregelen voor klimaatadaptatie15. In 2050 zijn we volledig klimaatbestendig en waterrobuust. Hiervoor moeten de waterveiligheid, de zoetwatervoorziening en de ruimtelijke inrichting op orde zijn. We vinden het daarom ook belangrijk dat ons water- en bodemsysteem sturend3 zijn als we de functie van een gebied willen veranderen of als we een gebied anders willen inrichten. Het is ook goed voor meer diversiteit van groen en klimaatadaptatie15

In  kern Haaksbergen  kijken we kritisch naar de hoeveelheid verharding. Door het toevoegen van bijvoorbeeld bomen, plantenvakken en groene parkeerplaatsen maken we de omgeving groener. We moedigen inwoners en bedrijven aan om met ons mee te doen. Je kan hierbij denken aan tegelwippen of het vergroenen van je dak. Meer groen in de kern werkt verkoelend en daarmee verminderen we de risico’s op hittestress 14 . Ook zorgen we hiermee dat de groenblauwe dooradering 12  vanuit het buitengebied doordringt tot in het dorp. Daarmee maken we groene wandel- en fietsroutes van dorp naar buitengebied mogelijk, en biedt de bebouwde omgeving meer ruimte voor biodiversiteit 2 . Klimaatadaptieve maatregelen zijn daarom een randvoorwaarde voor alle nieuwe ontwikkelingen. Voor groen in de kernen hanteren we het 3‑30‑300 doel. Dit houdt in dat we willen dat er vanuit elk huis 3 bomen zichtbaar zijn, dat 30% van een wijk in de schaduw van een boom valt en dat iedereen binnen 300 meter van een park of groene ruimte woont. Ook zetten we in op het behoud van bestaande groene structuren, zoals de Hengelosestraat.

Naast het bevorderen van gezondheid, beschermen we ook de gezondheid. We gaan zorgvuldig om met gewasbeschermingsmiddelen en zullen de overlast hiervan zoveel mogelijk beperken. De gemeente Haaksbergen heeft het streven om beleid op te stellen voor de verschillende milieuthema’s voor het hele gemeentelijke grondgebied. Het gaat hierbij in ieder geval om de thema’s geluid, licht, lucht, geur en veiligheid. De gemeente Haaksbergen zoekt hierbij samenwerking met de omgevingsdienst Twente. De wens hierbij is om zoveel mogelijk aansluiting te zoeken bij regionale beleid. Het doel hierbij is een zo optimaal mogelijke balans na te streven tussen het woon- en leefklimaat en de bedrijvigheid in de gemeente. Dit doen wij in samenspraak met onze inwoners en (agrarische) ondernemers.

2.3.4 Karchtige kernen

2.3.4.1 Genoeg woningen en de juiste woningen

Haaksbergen is een plattelandsgemeente. We bouwen voor onze lokale behoefte en voor de regionale behoefte. Dit helpt bij het in stand houden van voorzieningen en is goed voor een evenwichtige leeftijdsopbouw. Het toevoegen van woningen is nodig om onze kernen leefbaar en vitaal te houden. Ook is er vanuit het Rijk behoefte aan meer woningen voor aandachtsgroepen. In de hele gemeente Haaksbergen, zowel binnen als buiten de bebouwde kom, willen we tot 2034 900 woningen toevoegen. Dit volgt uit het reeds vastgestelde addendum bij de structuurvisie Haaksbergen 2030. Dit addendum gebruiken als richtlijn voor de woningbouwontwikkeling tot 2034 en maakt hiermee onderdeel uit van deze Omgevingsvisie. Na 2034 stoppen we niet met bouwen. Twente is aangewezen als gebied voor een verstedelijkingsopgave. Wij willen hier een evenwichtige bijdrage aan leveren. We houden hierbij rekening met een verdeling van 30% sociale huur, 40% betaalbare huur-/ koopwoningen en 30% in het dure segment. Bij het toevoegen van nieuwe woningen hebben we een voorkeursvolgorde voor (1) transformeren van leegstaande gebouwen naar woningen, (2) toevoegen van woningen binnen de huidige bebouwde kom en (3) uitbreiden aan de randen. We hebben alle drie de opties nodig om genoeg woningen te bouwen voor iedereen die in Haaksbergen wil wonen. 

Ook bij ontwikkelingen op erven kijken we naar de bijdrage in de woonbehoefte. We beoordelen per locatie de impact op de ruimtelijke kwaliteit, de haalbaarheid en hoe praktisch/ functioneel de locatie is. We houden er bijvoorbeeld rekening mee dat er voldoende (open) ruimte is voor ontspanning, groen, biodiversiteit2 en cultuurhistorie6. We willen het ontstaan van nieuwe woonlandschappen in het landelijk gebied voorkomen. Dit werken we gebiedsgericht verder uit in het Programma Toekomstbestendig Buitengebied en het Omgevingsplan.

Specifiek voor de  kern Haaksbergen  zijn er twee grotere ontwikkelgebieden. Het gebied ten noorden van Haaksbergen, Wissinkbrink-West en het gebied ten westen van Haaksbergen, Kolderveld. We geven hierbij prioriteit aan het gebied Wissinkbrink ten opzichte van het gebied Kolderveld. We bouwen vooral rijtjes, tweekappers, appartementen, en vernieuwende typen woningen (bijvoorbeeld verplaatsbare woningen en clusterwoningen in het landschap). We besteden extra aandacht aan duurzaamheid 9  en respecteren het beekdal van de Bolscherbeek. Wissinkbrink-west en Kolderveld hebben de ambitie om compacte woningen te realiseren, om ruimte te houden voor landschap en om de barrière van de rondweg te doorbreken. Zo kan de harde overgang die er nu is tussen de bebouwing van Haaksbergen en het buitengebied verzacht worden. 

Ook aan de zuidkant van de kern Haaksbergen in Honesch ligt een zoekgebied voor woningbouw. Hier woningen bouwen kunnen we koppelen aan het verbeteren van de infrastructuur, het herstellen van landschapselementen, en recreatieve ontsluiting. Door een groene inrichting van deze woninguitbreiding kan ook hier de harde overgang van de kern van Haaksbergen naar het landelijk gebied verzacht worden. In dit zoekgebied is er extra aandacht voor beschermd wonen. Naast de uitbreidingslocaties zijn er binnen de kern Haaksbergen een aantal plekken geschikt om woningen te realiseren. Dit zijn vooral gebieden die hun oorspronkelijke functie hebben verloren of kwijtraken, denk bijvoorbeeld aan verschillende schoollocaties en het O&K terrein.

We houden bij de uitbreiding van onze woningvoorraad extra rekening met de behoefte van jongeren en ouderen, door meer kleinschalige en betaalbare woningen te ontwikkelen. We kijken hierbij ook naar kansen om de begane grond van hoogbouw te herbestemmen voor wonen (uitplinten), door het makkelijker te maken om een woning te splitsen of door het begrenzen van het aantal mogelijkheden om een starterswoning op te waarderen (doorstroming bevorderen, in plaats van een starterswoning te verbouwen tot middenklas). Uit de participatie voor deze omgevingsvisie werd ook duidelijk dat men openstaat voor gestapelde woningen, met maximaal 3 tot 5 bouwlagen in kern Haaksbergen. We willen bouwen binnen de mogelijkheden die Haaksbergen biedt. Dat kan ook betekenen meer dan 3 woonlagen en hoger dan 16 meter, uiteraard rekening houdend met de geldende wet- en regelgeving, de kenmerken van de specifieke locatie en een goede ruimtelijke inpassing. We sturen op gemengde wijken, met woningen in verschillende segmenten en met verschillende bewoners. We hebben ruimte voor doelgroepen en aandachtsgroepen en zetten in op de betaalbaarheid van specifieke woonvormen.

De woningbouwplannen bieden kansen om betere routes en oversteekplaatsen voor wandelaars en fietsers te maken. Ook helpen de uitbreidingsplannen bij het maken van een geleidelijke overgang van woonwijk naar buitengebied. De groene kwaliteit van Haaksbergen wordt door de inwoners als kernkwaliteit van de gemeente gezien en dat willen we nog meer versterken. Groen in zowel het buitengebied als binnen de kern draagt bij aan de biodiversiteit en helpt om het dorp koel te houden bij warm weer. In het op te stellen Programma Volkshuisvesting wordt de woningbouwopgave verder uitgewerkt.

2.3.4.2 Woningen verduurzamen

We willen in 2050 energieneutraal10 en aardgasvrij zijn. We moeten onze woningen en bedrijven dus verduurzamen. Energieneutraal10 worden we vooral door zonnepanelen op daken, zonnevelden in het landelijk gebied en windenergie. Binnen kern Haaksbergen richten we ons vooral op zon-op-dak, zowel bij woningen als bedrijven. 

In de komende jaren moeten we onze woningvoorraad verduurzamen. Voor alle nieuwbouw geldt dat we (afhankelijk van het type gebouw) gedeeltelijk willen bouwen met natuurlijke materialen, dit noemen we biobased bouwen1. Ook moet er zoveel mogelijk energieneutraal10 worden ontwikkeld. We stimuleren ontwikkelaars tot het bouwen van nul-op-de-meter woningen die nog een stapje verder gaan voor een lagere energierekening. Bij nieuwe bedrijven die zich vestigen wordt bijvoorbeeld zon-op-dak en/of een bijdrage aan klimaatadaptatie15 een voorwaarde. 

De energietransitie11 vraagt om meer ruimte, omdat we ons energienet moeten verbeteren. Onder de grond is ruimte nodig voor nieuwe leidingen en er komen meer transformatorhuisjes en schakelstations in het straatbeeld. Zo zorgen we ervoor dat we alle energie die we opwekken ook kwijt kunnen en dat nieuwe woningen/ bedrijven verzekerd zijn van genoeg elektriciteit. We onderzoeken de kansen om de ruimtevraag van de energietransitie11 te verminderen door in te zetten op warmtenetten en de opwekking van (innovatieve) duurzame gassen, zoals groengas of waterstof. 

Ten slotte richten we ons op energiebesparing: alle energie die we niet verbruiken, hoeven we ook niet op te wekken. We helpen bedrijven hierbij met duidelijke informatievoorziening over de mogelijkheden om te verduurzamen.

2.3.4.3 Werken en leren

Haaksbergen is een ondernemende gemeente met veel arbeidsplaatsen binnen de gemeentegrenzen. We werken aan een gevarieerde economie met diverse sectoren, zodat er voor veel inwoners passend werk is. Hiermee groeit de werkgelegenheid en behouden we ook werkgelegenheid als het met een bepaald deel van de economie wat minder gaat. We helpen bedrijven om toekomstbestendig te worden door inzicht te organiseren in de mogelijke maatregelen die bedrijven kunnen inzetten om zelf te verduurzamen.

Twente staat bekend om innovatie en technische ontwikkelingen. Ook op de Haaksbergse bedrijventerreinen ligt hier veel nadruk op en dit benutten we. De onderwijsinstellingen in de regio (zoals Assink Lyceum (middelbare school), Universiteit Twente (WO), Saxion (HBO) en ROC van Twente (MBO)) trekken jongvolwassenen aan en stimuleren ontwikkelingen. We maken kenbaar wat er in Haaksbergen te doen is. Samenwerkingen met praktijk en theorie tussen bedrijven en onderwijs bieden nieuwe kansen en ideeën die benut kunnen worden voor bijvoorbeeld de zorg, techniek, energie of landbouw. De samenwerkingen zijn ook aantrekkelijk voor het aantrekken van jong talent.

Bedrijventerrein Stepelerveld heeft de ambitie om het duurzaamste bedrijventerrein van Twente te worden. Voor Stepelerveld fase 1 heeft dit geresulteerd in het verkrijgen van het BREAAM-gebiedscertificaat, Het streven is dat bedrijven die zich hier vestigen inzetten op duurzame gebouwen, bedrijfsprocessen en inrichting van de openbare ruimte. Er wordt hier rekening gehouden met biodiversiteit 2 , schoon en zichtbaar water, slimme wegen en duurzame bedrijfskavels. De samenwerkingen en de duurzaamheidsambities bieden kansen voor nieuwe ondernemers en nieuw talent. De ervaring die we hiermee opdoen nemen we mee bij uitbreidingen van onze bedrijventerreinen. Er is op dit moment te weinig ruimte voor onze huidige bedrijven om te groeien. Er zijn meerdere zoekgebieden, waarbij we nu inzetten op het uitbreiden van Stepelerveld. Als bedrijven uit Brammelo en Industrieterrein ’t Varck willen groeien dan is het vaak het beste om deze te helpen verhuizen naar het Stepelerveld. Dit biedt kansen om de vrijkomende bedrijfspercelen te gebruiken voor andere bedrijven die huisvesting zoeken, of voor oplossingen die bijdragen in de netcongestie. Een uitzondering wordt alleen gemaakt voor bestaande bedrijven aan de rand van bedrijventerrein Brammelo die vanuit het oogpunt van een gezonde bedrijfsvoering moeten uitbreiden.

Alle zoekgebieden voor uitbreiding van bedrijventerreinen zijn aangegeven op de kaart. We zoeken naar ruimte, vooral voor bedrijven die hier al gevestigd zijn en een groei- of transformatiewens hebben. De sterke mkb- en (familie)bedrijven dragen bij aan de economie en sociale samenhang. Bij elk type uitbreiding moet er sprake zijn van een goede landschappelijke inpassing, het is belangrijk dat we ons dorpse karakter ook op de bedrijventerreinen waarborgen. We behouden ruimte voor waterberging en houden rekening met de milieu-impact van bedrijven. Ook houden we rekening met de programmeringsafspraken en de ruimtelijke ontwikkelstrategie Twente. Net zoals bij woningbouw willen we ook voor de ontwikkeling van bedrijventerrein een evenwichtige bijdrage leveren aan de verstedelijkingsopgave.

Ook houden we rekening met de bereikbaarheid van bedrijven. We maken de oversteek van bushaltes naar de industrieterreinen veiliger en we verbeteren de mogelijkheden voor wandelen en fietsen op de industrieterreinen, voor zowel woon-werk verkeer als ommetjes.

2.3.4.4 Bewegen en verplaatsen

Voor mobiliteit is het STOMP-principe leidend: dit is een voorkeursvolgorde die staat voor Stappen, Trappen, OV, Mobility-as-a-service (bijv. een deelauto) en als laatste voorkeur een Personenauto. Hiermee verminderen we de uitstoot van broeikassen door mobiliteit. Het wordt makkelijker om in en tussen de kernen meer te wandelen en te fietsen. Door de aanleg van ontbrekende schakels wordt wandelen en fietsen waar nodig aantrekkelijker en veiliger gemaakt. De wandelaar en de fietser krijgen steeds vaker voorrang op het autoverkeer waar dit veilig kan en oversteken van drukkere wegen wordt makkelijker. We zetten in op gedragsverandering en gezondheid door voorzieningen toe te voegen zoals voldoende fietsparkeerplaatsen, oplaadpunten voor e-bikes, zitgelegenheden, ommetjes en brede stoepen. We houden hierbij rekening met de toegankelijkheid voor mindervaliden. De auto blijft nodig voor verbinding tussen kernen, maar de focus ligt op de duurzamere alternatieven. 

Om de overstap van en naar de bus en andere duurzame vervoerwijzen te promoten, onderzoeken we op drie locaties of we er mobiliteitshubs kunnen realiseren. Hier komen verschillende vormen van vervoer samen waardoor het makkelijker wordt om de overstap te maken naar een (duurzaam) vervoersmiddel. Op basis van het bestaande busgebruik, zouden er ook plushaltes gerealiseerd kunnen worden op plekken waar nu al regelmatig veel fietsen staan. Een plushalte heeft meer voorzieningen voor fietsen en parkeren dan een gewone bushalte. Het openbaar vervoer is een verantwoordelijkheid van de Provincie Overijssel, zij maken concrete afspraken met vervoersmaatschappijen voor de bus en trein. Buiten de mobiliteitshub om is het niet realistisch dat het bus-netwerk in de gemeente uitgebreid wordt. In plaats daarvan werken we aan het behouden van het huidige aanbod en zorgen we ervoor dat alle haltes goed en veilig te bereiken zijn voor wandelaars en fietsers. Bij nieuwbouwwijken onderzoeken we in kern Haaksbergen samen met de regionale vervoerder de mogelijkheden om deze zo goed mogelijk te ontsluiten met een buslijn. Op plekken waar de vraag naar openbaar vervoer laag is, onderzoeken we welk andere manieren er zijn om bereikbaarheid te garanderen. Zo houden we bij het bouwen van nieuwe woningen en bedrijven meteen rekening met de bereikbaarheid en doorstroming. En hoewel parkeren van belang blijft, beoordelen we per project hoeveel prioriteit dit heeft. Ook beoordelen we of het mogelijk is om de parkeervoorziening aan de uiteinden van een straat of wijk te realiseren. Uit participatie is gebleken dat veel inwoners hiervoor open staan, omdat er hierdoor voor het huis meer ruimte is voor groen, spel en ontmoeting.

2.3.4.5 Circulair

We werken toe naar een circulaire economie4 in 2050. We creëren een gesloten cirkel waarbij geen afval vrijkomt en we grondstoffen telkens hergebruiken. Om dit te bereiken verminderen we het gebruik van grondstoffen en we (her)gebruiken de beschikbare grondstoffen zo efficiënt mogelijk. Als we meer producten hergebruiken, verminderen we onze milieu-impact en de schaarste van sommige producten. Soms kan je een product één-op-één hergebruiken, maar vaker vraagt het om een bewerking of verwerking, bijvoorbeeld recycling of reparatie. Deze bewerkingen vragen om werkruimtes en creatieve ideeën. Omdat circulair denken nog vrij nieuw is, moeten we onze mogelijkheden voor circulaire economie4 nog onderzoeken. Doordat we straks anders met onze spullen omgaan, verandert onze omgeving ook. Het is denkbaar dat er meer opslag- en distributieplaatsen nodig zijn, dat er minder ruimtes nodig zijn om nieuwe producten te produceren, of dat we meer spullen met elkaar delen (bijvoorbeeld auto’s of energie). Er lopen al initiatieven voor circulariteit in Haaksbergen. We bekijken in hoeverre we deze verder kunnen uitbouwen en/of hoe we de initiatieven elkaar kunnen laten versterken.

Onze bedrijven spelen een belangrijke rol bij het ontwikkelen van onze circulaire economie4. We stimuleren hen om ook zoveel mogelijk circulaire keuzes te maken bij onderhoud, reconstructies en realisatie. Met ons inkoopbeleid richten we ons op een gezamenlijke aanpak om bij te dragen aan circulariteit. We kunnen de circulaire economie4 verder versnellen door een betere samenwerking met andere Twentse gemeenten. Het is voor een circulaire economie4 namelijk belangrijk dat bedrijven elkaars (rest)producten kunnen gebruiken en dat we leren van elkaars projecten. Twente heeft een grote bouwsector en die speelt een belangrijke rol in de omschakeling naar circulair bouwen. Als beheerder van de openbare ruimte en een aantal publieke gebouwen gaan we als gemeente zelf aan de slag om circulariteit toe te passen in realisatie en onderhoudsprojecten en in ons afvalbrengpunt. We bieden aannemers de kans om nieuwe duurzame technieken toe te passen in de praktijk.

2.3.4.6 Centrum

Het centrum van Haaksbergen, in het deelgebied  kern Haaksbergen, vormt een belangrijke ontmoetingsplek. Er zijn veel voorzieningen waar alle Haaksbergenaren gebruik van maken, zoals de wekelijkse markt. We proberen zoveel mogelijk voorzieningen te behouden, maar dat kunnen we niet garanderen. Bepaalde voorzieningen zoals winkels zijn privaat.

Voor het in stand houden van de voorzieningen is het belangrijk dat er genoeg doorloop is. Dit kunnen naast onze eigen inwoners ook toeristen en recreanten zijn. Ons buitengebied is al bij vele bezoekers bekend, maar in de toekomst is ook het centrum van Haaksbergen aantrekkelijk voor recreatief verblijf. Het vormt een verblijfslocatie en vertrekpunt van waaruit men de omgeving kan ontdekken. We verbeteren ons aanbod in verblijfsrecreatie doordat we meer diverse opties aanbieden, passend bij de verschillende type bezoekers. We willen meer bezoekers aantrekken die iets toevoegen aan ons omgeving óf onze economie. We richten ons naast onze huidige bezoekers (voornamelijk gepensioneerden) meer op stellen en gezinnen die komen voor de rust, ruimte en natuur. Binnen deze focusdoelgroepen richten we ons met name op millennials en de alpha-generatie. Zij willen ervaringen op doen, worden aangetrokken door cultuur en natuur en zoeken de uitdaging op.

In het centrum accepteren we dat er af en toe overlast is, als we daarmee meer evenementen kunnen organiseren die bijdragen aan het noaberschap en het aantrekken van jongeren. Ook geven we in het centrum meer ruimte aan wandelaars en fietsers. We herstellen de kenmerkende dorpsstructuur om het dorpshart verder te versterken. Automobiliteit en parkeren wordt meer naar de randen van het centrum verplaatst. Om een aantrekkelijk centrum te behouden streven we naar een compact centrum waarbij winkels zich vestigen in het kernwinkelgebied (Spoorstraat e.o. en Markt) en de Molenstraat.   Aan de randen van het centrum kunnen tevens leegstaande winkels getransformeerd worden naar woningen, als we daarmee de compactheid van het centrum waarborgen. Met korte loopafstanden houden we het winkelcentrum aantrekkelijk en bevorderen we de levendigheid.

Eventuele nieuwe woningen houden rekening met het Twentse, dorpse karakter. We benutten kansen om woningen voor jongeren, senioren en bepaalde doelgroepen dicht bij voorzieningen toe te voegen. Deze kansen spelen in het centrum vooral bij vrijkomende winkels of bedrijven aan de randen van het centrum.

2.3.5 Toekomstbestendig buitengebied

2.3.5.1 Water en bodem sturend

Het deelgebied  kern Haaksbergen  heeft weinig buitengebied, maar de principes van water en bodem sturend 3  gelden ook voor het bebouwde gebied. Dit houdt in dat het water- en bodemsysteem sturend is als we de functie van een gebied willen veranderen of als we een gebied anders willen inrichten. De bodem wordt sturend voor de keuze voor typen landgebruik. De natuurlijke samenstelling van de bodem bepaalt mede over hoe intensief een grond gebruikt kan worden. We zorgen voor een balans tussen benutten en beschermen van bodem en ondergrond, waarbij verstoring van de bodem zo veel mogelijk voorkomen wordt.

Klimaatadaptieve maatregelen, zoals het beter vasthouden van water, zijn een randvoorwaarde voor ontwikkelingen binnen de dorpen. In het buitengebied én in de kern is ‘groenblauwe dooradering12’ van groot belangGroenblauwe dooradering12 houdt in een gebied wordt doorkruist (‘dooraderd’) door groene (hagen, bomenrijen) en blauwe (sloten, beken) landschapsonderdelen. Deze plekken zorgen voor schuilplaatsen voor dieren en helpen bij het verplaatsen van planten en dieren. Ook helpt het om te werken aan onze Basiskwaliteit Natuur en daarmee aan onze biodiversiteit2. We willen dat in 2035 10% van de oppervlakte in het buitengebied onderdeel is van groenblauwe dooradering12. We willen deze groenblauwe dooradering12 vanuit het landelijk gebied doortrekken naar het bebouwde gebied van Haaksbergen. Zo verbinden we het dorp sterker met het groene, landelijke gebied. Meer groen in de kern Haaksbergen draagt bij aan biodiversiteit2, klimaatadaptatie15 en helpt tegen hittestress14.

2.3.5.2 Zoutwinning

Zoutwinning in Haaksbergen is een belangrijk onderwerp. Zoutproducent Nobian is van plan om op acht locaties in Haaksbergen zout te winnen. Begin 2024 heeft het ministerie van Economische Zaken vergunningen verleend voor acht zoutwinlocaties en een leidingentracé in Haaksbergen richting een fabriek in Hengelo. Voor de ontwikkelingen zullen er nieuwe gebouwen nodig zijn in het landschap, ter ondersteuning van de zoutwinning.

Zoutwinning valt onder de Mijnbouwwet en is in eerste instantie een verantwoordelijkheid van de Rijksoverheid. De bevoegdheid van gemeente Haaksbergen is beperkt, maar we kunnen als gemeente wel een rol spelen in het monitoren van de lokale impact van de zoutwinning. Dit omvat het nauwlettend volgen van de effecten op het landschap, de landbouw en de invloed op inwoners.

2.3.6 Hoofdopgaven kern Haaksbergen op de kaart

Hoofdopgaven kern Haaksbergen
afbeelding binnen de regeling

2.4 Deelgebied De Veldmaat

2.4.1 De Veldmaat

De  De Veldmaat  is van oorsprong een eigen kerkdorp, dat vanaf 1934 ontstaan is rond de toen gebouwde Bonifatiuskerk. Het dorp is de afgelopen decennia vastgegroeid aan de kern Haaksbergen, maar heeft eigen winkels, scholen en een eigen verenigingsleven. Veel inwoners voelen zich dan ook échte Veldmaters, en geen Haaksbergenaren. De ontmoetingsplek is De Greune, waar ook de lokale voetbalclub zit. De Veldmaat kent een groot buitengebied, dat grenst aan het Buurserzand. Het Veldmater buitengebied met zijn vele bomenrijen en houtwallen vormt de overgang van het natuurgebied Buurserzand naar het meer intensief agrarisch gebruikte buitengebied van Sint Isidorushoeve. Hier rijdt ook de stoomtrein van het Museum Buurtspoorweg.

Deze eigenschappen vormen het uitgangspunt voor de toekomstige ontwikkelingen in De Veldemaat. Over 20 jaar vormt de Veldmaat nog steeds zijn eigen dorpje binnen Haaksbergen, met eigen voorzieningen en een sterk gemeenschapsgevoel. Groene verbindingen zorgen voor fijne wandel- en fietsroutes naar het centrum van Haaksbergen en naar het buitengebied. Het buitengebied van De Veldmaat  i s aantrekkelijk om te wandelen en fietsen, als schakel tussen Haaksbergen, het Buurserzand, Twickel en het Rutbeek. Hier is recreatie dan ook een steeds belangrijkere economische pijler geworden, naast de landbouw die kan verduurzamen met het oog op de nabijgelegen natuurgebieden.

2.4.2 De Veldmaat op de kaart

De Veldmaat op de kaart
afbeelding binnen de regeling

2.4.3 Samen sociaal

2.4.3.1 Iedereen kan zo lang mogelijk meedoen

De omgeving is zo ingericht dat iedereen zo goed mogelijk deel kan nemen aan de maatschappij. De gemeente Haaksbergen stelt mensen in staat om elkaar te ontmoeten. Hierbij spelen verschillen in achtergrond, leeftijd, fysieke gezondheid of inkomen geen rol. Ook verbetert de toegankelijkheid van voorzieningen en de openbare ruimte, zodat ook mensen met een beperking hier gebruik van kunnen maken.

Het verenigingsleven, evenementen en vrijwilligerswerk spelen een belangrijke rol in het verbinden van onze jongeren, ouderen en nieuwe inwoners. Het verenigingsleven bijvoorbeeld de sportverenigingen bij De Greune dragen daaraan bij. Als gemeente ondersteunen we kansrijke initiatieven. Inwoners van De Veldmaat geven aan veel waarde te hechten aan het behoud van voorzieningen waar spontane ontmoetingen plaatsvinden.

Met meer samenwerking tussen de gemeente en zorgorganisaties wordt het ook makkelijker voor (kwetsbare) inwoners om zo lang mogelijk mee te doen en op zichzelf te blijven wonen. We maken het makkelijker voor zorgbehoevenden om de juiste zorg te vinden: we stemmen woningen, zorg en welzijn beter op elkaar af. We zetten daarom in op meer volledig aangepaste woningen, woningen voor speciale doelgroepen (zoals beschermd wonen) en de betaalbaarheid van deze specifieke woonvormen. In dit kader kijken we ook naar de mogelijkheden voor mantelzorgwoningen en familiewoningen.

2.4.3.2 Passende voorzieningen

Bij een fijne woonomgeving horen passende voorzieningen. Het centrum van Haaksbergen, het winkelcentrum van de Veldmaat en Scholtenhagen zijn belangrijke ontmoetingsplekken voor inwoners uit de hele gemeente. We onderzoeken of we op meer plekken horecavoorzieningen kunnen toevoegen, ter verbinding van het centrum en het buitengebied. Belangrijk zijn de maatschappelijke voorzieningen en welzijn/zorg dichtbij in de omgeving, waar inwoners met hulpvragen terecht kunnen. Waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten en aan activiteiten kunnen deelnemen. Met mogelijkheden voor laagdrempelig dagbesteding voor inwoners die een steuntje in de rug nodig hebben om weer zelfredzaam te kunnen zijn.

Het winkelcentrum  De Veldmaat  vormt een belangrijke ontmoetingsplek voor inwoners uit De Veldmaat. Het is vanwege de goede bereikbaarheid ook populair bij andere Haaksbergenaren. De gemeente zet zich daarom actief in om het voortbestaan van het winkelcentrum te ondersteunen. We proberen zoveel mogelijk voorzieningen te behouden, maar dat kunnen we niet garanderen. Bepaalde voorzieningen zoals winkels zijn privaat. Voor het in stand houden van de voorzieningen is het belangrijk dat er genoeg doorloop is. De geplande woningbouwontwikkelingen in de gemeente Haaksbergen zullen hieraan bijdragen. Door een kwalitatieve upgrade willen we het aantrekkelijker maken voor ondernemers om zich hier te vestigen; voorzieningen die bij elkaar zitten versterken elkaar. Voor het verenigingsleven in De Veldmaat zijn de (sport)voorzieningen bij ontmoetingspark De Greune van groot belang. Hierbij willen we vanuit de gemeente samenwerken met de gebruikers, bijvoorbeeld doordat inwoners en verenigingen een rol hebben in het onderhoud. Voorzieningen kosten de gemeente geld. Het is mogelijk dat het financieel gezien niet haalbaar is om alle voorzieningen te behouden. Een optimaal gebruik van voorzieningen rechtvaardigt de maatschappelijk investeringen. We onderzoeken of er aanpassingen nodig zijn waardoor meerdere functies gebruik kunnen maken van dezelfde voorziening. Het is hierbij belangrijk dat organisaties onderling goed samenwerken. We onderzoeken de mogelijkheden om meerdere verenigingen te huisvesten onder één dak. Dit draagt bij aan de duurzaamheid9 van onze gebouwen, is kostenefficiënt voor verenigingen en vermindert het aantal gebouwen dat op bepaalde tijden leeg staat.

Daarnaast streven we naar een goed niveau van basisonderwijs op een daarvoor geschikte locaties. Het is hierbij van belang dat elke dorpsschool zijn eigen karakter behoudt en er verschillende onderwijsvormen worden aangeboden. Het aantrekken van jonge gezinnen en het toevoegen van woningen dragen tevens bij aan het behoud van de voorzieningen in De Veldmaat.

2.4.3.3 Cultuurhistorie

Nieuwe ontwikkelingen houden rekening met de identiteit van de plek. Er zijn veel plaatsen met een rijke cultuurhistorie6 en erfgoed, zoals landgoed Lankheet, boerderijen en andere historische gebouwen. Voor De Veldmaat is de monumentale Bonifatiuskerk een belangrijk historisch gebouw. Een herkenbaar historisch en recreatief element is de spoorlijn van het Museum Buurspoorweg, die de Haaksbergse dorpskern via De Veldmaat verbindt met het buitengebied. Het erfgoed wordt gewaardeerd en kent een plek in de samenleving. Nieuwe ontwikkelingen staan in dienst van het behoud ervan en beleefbaar maken van het cultureel erfgoed.

2.4.3.4 Gezondheid en openbare ruimte

Uit onderzoek blijkt dat Haaksbergenaren hun gezondheid als zeer goed ervaren en dit willen we behouden. We bevorderen de positieve gezondheid (fysiek en mentaal) door het voor iedereen mogelijk te maken om voor gezonde opties te kiezen. In elke dorpskern is er een aanbod in sport, kunst, spel en/of groen in de openbare ruimte. Je kan hierbij denken aan een buitengym, speeltuinen of fietsroutes. De (sociale) veiligheid wordt beter door zichtbare en toegankelijke openbare ruimtes, zoals pleinen, wegen, fiets- en wandelpaden en groen. De fietsroutes en oversteekplaatsen zijn veilig. Dit biedt kansen om laagdrempelig te bewegen en elkaar te ontmoeten. Een gezonde openbare ruimte versterkt daarmee niet alleen onze gezondheid, maar ook ons noaberschap. De Veldmaat is verbonden met de natuurgebieden rond Buurse via verschillende wandelroutes door de natuur en de landbouwgronden. Het verbeteren van de zichtbaarheid en het onderhoud van deze wandel- en fietsroutes draagt bij aan een recreatief netwerk door en langs de buurtschappen en buitengebieden.

We beschermen onze gezondheid ook tegen de effecten van het veranderend klimaat. Dit doen we met maatregelen voor klimaatadaptatie15. In 2050 zijn we volledig klimaatbestendig en waterrobuust. Hiervoor moeten de waterveiligheid, de zoetwatervoorziening en de ruimtelijke inrichting op orde zijn. We vinden het daarom ook belangrijk dat ons water- en bodemsysteem sturend3 zijn als we de functie van een gebied willen veranderen of als we een gebied anders willen inrichten. Het is ook goed voor meer diversiteit van groen en klimaatadaptatie15Binnen De Veldmaat kijken we kritisch naar de hoeveelheid verharding. Door het toevoegen van bijvoorbeeld bomen, plantenvakken en groene parkeerplaatsen maken we de omgeving groener. We moedigen inwoners en bedrijven aan om met ons mee te doen. Je kan hierbij denken aan tegelwippen of het vergroenen van je dak. Meer groen in de kern werkt verkoelend en daarmee verminderen we de risico’s op hittestress14. Ook zorgen we hiermee dat het groen vanuit het buitengebied doordringt tot in het dorp. Daarmee maken we groene wandel- en fietsroutes van dorp naar buitengebied mogelijk, en biedt de bebouwde omgeving meer ruimte voor biodiversiteit2. Klimaatadaptieve maatregelen zijn daarom een randvoorwaarde voor alle nieuwe ontwikkelingen. Voor groen in de kernen hanteren we het 3‑30‑300 doel. Dit houdt in dat we willen dat er vanuit elk huis 3 bomen zichtbaar zijn, dat 30% van een wijk in de schaduw van een boom valt en dat iedereen binnen 300 meter van een park of groene ruimte woont. Hiermee zorgen we ervoor dat we het groene, gezonde gevoel van het buitengebied ook in onze woonwijken ervaren.

Naast het bevorderen van gezondheid, beschermen we ook de gezondheid. We gaan zorgvuldig om met gewasbeschermingsmiddelen en zullen de overlast hiervan zoveel mogelijk beperken. De gemeente Haaksbergen heeft het streven om beleid op te stellen voor de verschillende milieuthema’s voor het hele gemeentelijke grondgebied. Het gaat hierbij in ieder geval om de thema’s geluid, licht, lucht, geur en veiligheid. De gemeente Haaksbergen zoekt hierbij samenwerking met de omgevingsdienst Twente. De wens hierbij is om zoveel mogelijk aansluiting te zoeken bij regionale beleid. Het doel hierbij is een zo optimaal mogelijke balans na te streven tussen het woon- en leefklimaat en de bedrijvigheid in de gemeente. Dit doen wij in samenspraak met onze inwoners en (agrarische) ondernemers.

2.4.4 Krachtige kernen

2.4.4.1 Genoeg en de juiste woningen

Haaksbergen is een plattelandsgemeente. We bouwen voor onze lokale behoefte en voor de regionale behoefte. Dit helpt bij het in stand houden van voorzieningen en is goed voor een evenwichtige leeftijdsopbouw. Het toevoegen van woningen is nodig om onze kernen leefbaar en vitaal te houden. Ook is er vanuit het Rijk behoefte aan meer woningen voor aandachtsgroepen. In de hele gemeente Haaksbergen, zowel binnen als buiten de bebouwde kom, willen we tot 2034 900 woningen toevoegen. Dit volgt uit het reeds vastgestelde addendum bij de structuurvisie Haaksbergen 2030. Dit addendum gebruiken als richtlijn voor de woningbouwontwikkeling tot 2034 en maakt hiermee onderdeel uit van deze omgevingsvisie. Na 2034 stoppen we niet met bouwen. Twente is aangewezen als gebied voor een verstedelijkingsopgave. Wij willen hier een evenwichtige bijdrage aan leveren. We houden hierbij rekening met een verdeling van 30% sociale huur, 40% betaalbare huur-/ koopwoningen en 30% in het dure segment. Bij het toevoegen van nieuwe woningen hebben we een voorkeursvolgorde voor (1) transformeren van leegstaande gebouwen naar woningen, (2) toevoegen van woningen binnen de huidige bebouwde kom en (3) uitbreiden aan de randen. We hebben alle drie de opties nodig om genoeg woningen te bouwen voor iedereen die in Haaksbergen wil wonen. Ook bij ontwikkelingen op erven kijken we naar de bijdrage in de woonbehoefte. We beoordelen per locatie de impact op de ruimtelijke kwaliteit, de haalbaarheid en hoe praktisch/ functioneel de locatie is. We houden er bijvoorbeeld rekening mee dat er voldoende (open) ruimte is voor ontspanning, groen, biodiversiteit en cultuurhistorie6. We willen het ontstaan van nieuwe woonlandschappen in het landelijk gebied voorkomen. Dit werken we gebiedsgericht verder uit in het Programma Toekomstbestendig Buitengebied en het Omgevingsplan.

Het is belangrijk is dat ook de kleinere kernen zoals  De Veldmaat  voorzien in een extra woonopgave. We kijken in De Veldmaat vooral naar kleinschalige woningbouw. In het buitengebied krijgt landbouw minder prioriteit, waardoor er meer ruimte gemaakt kan worden voor woningen. De grote kavels in het buitengebied van De Veldmaat zouden geschikt kunnen zijn voor woningbouw, maar liggen verder van het dorp af. Er is voor gekozen om prioriteit te geven aan locaties tegen de dorpsgrens aan. Grootschalige uitbreiding is op dit moment niet aantrekkelijk, omdat we het kenmerkende landschap, de doorkijkjes en de lintbebouwing willen beschermen. Wel benutten we kansen om woningen voor met name senioren dichtbij voorzieningen toe te voegen. Deze kansen spelen vooral rondom het winkelcentrum van de Veldmaat.

Bij alle woningbouwprojecten houden we extra rekening met de behoeften van jongeren en ouderen, bijvoorbeeld door meer kleinschalige en betaalbare woningen te ontwikkelen, door het makkelijker te maken om een woning te splitsen of door het begrenzen van het aantal mogelijkheden om een starterswoning te opwaarderen (doorstroming bevorderen, in plaats van een starterswoning te verbouwen tot middenklas). We willen bouwen binnen de mogelijkheden die Haaksbergen biedt. Dat kan ook betekenen meer dan 3 woonlagen en hoger dan 16 meter, uiteraard rekening houdend met de geldende wet- en regelgeving, de kenmerken van de specifieke locatie en een goede ruimtelijke inpassing. We sturen op gemengde wijken, met woningen in verschillende segmenten en met verschillende bewoners. We hebben ruimte voor doelgroepen en aandachtsgroepen en zetten in op de betaalbaarheid van specifieke woonvormen.

Alle nieuwe woningbouwontwikkelingen bieden kansen om de harde dorpsgrenzen te verzachten. De inwoners van gemeente Haaksbergen zien ons groene karakter als kernkwaliteit. Dit willen we in de toekomst behouden en versterken. In het op te stellen Programma Volkshuisvesting wordt de woningbouwopgave verder uitgewerkt.

2.4.4.2 Woningen verduurzamen

In de komende jaren moeten we onze woningvoorraad verduurzamen. Voor alle nieuwbouw geldt dat er (afhankelijk van het type gebouw) gedeeltelijk willen bouwen met natuurlijke materialen, dit noemen we biobased bouwen1. Ook moet er zoveel mogelijk energieneutraal10 worden ontwikkeld. We stimuleren ontwikkelaars tot het bouwen van nul-op-de-meter woningen die nog een stapje verder gaan voor een lagere energierekening.

2.4.4.3 Werken en leren

Haaksbergen is een ondernemende gemeente met veel arbeidsplaatsen binnen de gemeentegrenzen. We werken aan een gevarieerde economie met diverse sectoren, zodat er voor veel inwoners passend werk is. Hiermee groeit de werkgelegenheid en behouden we ook werkgelegenheid als het met een bepaald deel van de economie wat minder gaat. We helpen bedrijven om toekomstbestendig te worden door inzicht te organiseren in de mogelijke maatregelen die bedrijven kunnen inzetten om zelf te verduurzamen. 

Twente staat bekend om innovatie en technische ontwikkelingen. Ook op de Haaksbergse bedrijventerreinen ligt hier veel nadruk op en dit benutten we. De onderwijsinstellingen in de regio (zoals Assink Lyceum (middelbare school), Universiteit Twente (WO), Saxion (HBO) en ROC van Twente (MBO)) trekken jongvolwassenen aan en stimuleren ontwikkelingen. We maken kenbaar wat er in Haaksbergen te doen is. Samenwerkingen met praktijk en theorie tussen bedrijven en onderwijs bieden nieuwe kansen en ideeën die benut kunnen worden voor bijvoorbeeld de zorg, techniek, energie of landbouw. De samenwerkingen zijn ook aantrekkelijk voor het aantrekken van jong talent.

2.4.4.4 Bewegen en verplaatsen

Voor mobiliteit is het STOMP-principe leidend: dit is een voorkeursvolgorde die staat voor Stappen, Trappen, OV, Mobility-as-a-service (bijv. een deelauto) en als laatste voorkeur een Personenauto. Hiermee verminderen we de uitstoot van broeikassen door mobiliteit. Het wordt makkelijker om in en tussen de kernen meer te wandelen en te fietsen. Door de aanleg van ontbrekende schakels wordt wandelen en fietsen waar nodig aantrekkelijker en veiliger gemaakt. De wandelaar en de fietser krijgen steeds vaker voorrang op het autoverkeer waar dit veilig kan en oversteken van drukkere wegen wordt makkelijker. We zetten in op gedragsverandering en gezondheid door voorzieningen toe te voegen zoals voldoende fietsparkeerplaatsen, oplaadpunten voor e-bikes, zitgelegenheden, ommetjes en brede stoepen. We houden hierbij rekening met de toegankelijkheid voor mindervaliden. De auto blijft nodig voor verbinding tussen kernen, maar de focus ligt op de duurzamere alternatieven. 

Om de overstap van en naar de bus en andere duurzame vervoerwijzen te promoten, onderzoeken we op drie locaties of we er mobiliteitshubs kunnen realiseren. Hier komen verschillende vormen van vervoer samen waardoor het makkelijker wordt om de overstap te maken naar een (duurzaam) vervoersmiddel. Op basis van het bestaande busgebruik, zouden er ook plushaltes gerealiseerd kunnen worden op plekken waar nu al regelmatig veel fietsen staan. Voorbeelden daarvan zijn de twee bushaltes op de Enschedesestraat. Een plushalte heeft meer voorzieningen voor fietsen en parkeren dan een gewone bushalte. Het openbaar vervoer is een verantwoordelijkheid van de Provincie Overijssel, zij maken concrete afspraken met vervoersmaatschappijen voor de bus en trein. Buiten de mobiliteitshub om is het niet realistisch dat het bus-netwerk in de gemeente uitgebreid wordt. In plaats daarvan werken we aan het behouden van het huidige aanbod en zorgen we ervoor dat alle haltes goed en veilig te bereiken zijn voor wandelaars en fietsers.

Op plekken waar de vraag naar openbaar vervoer laag is, onderzoeken we welk andere manieren er zijn om bereikbaarheid te garanderen. Zo houden we bij het bouwen van nieuwe woningen en bedrijven meteen rekening met de bereikbaarheid en doorstroming. En hoewel parkeren van belang blijft, beoordelen we per project hoeveel prioriteit dit heeft. Ook beoordelen we of het mogelijk is om de parkeervoorziening aan de uiteinden van een straat of wijk te realiseren. Uit participatie is gebleken dat veel inwoners hiervoor open staan, omdat er hierdoor voor het huis meer ruimte is voor groen, spel en ontmoeting.

2.4.4.5 Circulair

We werken toe naar een circulaire economie4 in 2050. We creëren een gesloten cirkel waarbij geen afval vrijkomt en we grondstoffen telkens hergebruiken. Om dit te bereiken verminderen we het gebruik van grondstoffen en we (her)gebruiken de beschikbare grondstoffen zo efficiënt mogelijk. Als we meer producten hergebruiken, verminderen we onze milieu-impact en de schaarste van sommige producten. Soms kan je een product één-op-één hergebruiken, maar vaker vraagt het om een bewerking of verwerking, bijvoorbeeld recycling of reparatie. Deze bewerkingen vragen om werkruimtes en creatieve ideeën. Omdat circulair denken nog vrij nieuw is, moeten we onze mogelijkheden voor circulaire economie4 nog onderzoeken. Doordat we straks anders met onze spullen omgaan, verandert onze omgeving ook. Het is denkbaar dat er meer opslag- en distributieplaatsen nodig zijn, dat er minder ruimtes nodig zijn om nieuwe producten te produceren, of dat we meer spullen met elkaar delen (bijvoorbeeld auto’s of energie). Er lopen al initiatieven voor circulariteit in Haaksbergen. We bekijken in hoeverre we deze verder kunnen uitbouwen en/of hoe we de initiatieven elkaar kunnen laten versterken.

Onze bedrijven spelen een belangrijke rol bij het ontwikkelen van onze circulaire economie4. We stimuleren hen om ook zoveel mogelijk circulaire keuzes te maken bij onderhoud, reconstructies en realisatie. Met ons inkoopbeleid richten we ons op een gezamenlijke aanpak om bij te dragen aan circulariteit. We kunnen de circulaire economie4 verder versnellen door een betere samenwerking met andere Twentse gemeenten. Het is voor een circulaire economie4 namelijk belangrijk dat bedrijven elkaars (rest)producten kunnen gebruiken en dat we leren van elkaars projecten. Twente heeft een grote bouwsector en die speelt een belangrijke rol in de omschakeling naar circulair bouwen. Als beheerder van de openbare ruimte en een aantal publieke gebouwen gaan we als gemeente zelf aan de slag om circulariteit toe te passen in realisatie en onderhoudsprojecten en in ons afvalbrengpunt. We bieden aannemers de kans om nieuwe duurzame technieken toe te passen in de praktijk.

2.4.5 Toekomstbestendig buitengebied

2.4.5.1 Water en bodem sturend

Het water- en bodemsysteem zijn sturend3 als we de functie van een gebied willen veranderen of als we een gebied anders willen inrichten. Het buitengebied van De Veldmaat wordt een gebied waar natuur en landbouw goed samengaan. Er is een geleidelijke overgang tussen agrarisch gebied en het Natura2000-gebied Buurserzand. De overgang van agrarisch gebruik naar natuur wordt bepaald door de aanwezig omgevingscondities en helpen bij het beschermen van de Natura-2000 gebieden en beekdalen. In deze overgangen zijn er gelijktijdig ontwikkelkansen voor toekomstbestendige landbouw. In het noordwesten van De Veldmaat, grenzend aan het deelgebied Sint Isidorushoeve, verschuift de focus langzaam richting het voorrang geven aan agrarisch gebruik. Met name hier gaan we zuinig om met andere functies die belemmerend zijn voor de landbouw.

De Hagmolenbeek krijgt meer ruimte. Hierdoor kan in natte tijden water goed afgevoerd worden, en ook biedt dit kansen voor natuur (kaderrichtlijn water). In het beekdal hier omheen liggen mogelijkheden voor bijvoorbeeld recreatie, maar ontwikkelingen als woningbouw kunnen niet meer plaatsvinden. Ook landgebruik voor intensieve landbouw nabij de beek wordt zoveel mogelijk beperkt om de waterkwaliteit te verbeteren. Om grondwater beter vast te houden wordt ingezet op het verbeteren van de sponswerking van de bodem. Dit helpt ook om de impact van droogte zo klein mogelijk te maken.  De bodem wordt sturend voor de keuze voor typen landgebruik en typen landbouw. De natuurlijke samenstelling van de bodem bepaalt mee over hoe intensief deze bodem gebruikt kan worden. We zorgen voor een balans tussen benutten en beschermen van bodem en ondergrond, waarbij verstoring van de bodem zo veel mogelijk voorkomen wordt. Een vitalere bodem versterkt namelijk zowel de sponswerking van de bodem als de capaciteit van de bodem om koolstof op te nemen.

Klimaatadaptieve maatregelen, zoals het beter vasthouden van water, zijn een randvoorwaarde voor ontwikkelingen binnen de dorpen en in het landelijk gebied. Hierbij is ‘groenblauwe dooradering12’ van groot belang. Groenblauwe dooradering12 houdt een gebied wordt doorkruist (‘dooraderd’) door groene (hagen, bomenrijen) en blauwe (sloten, beken) landschapsonderdelen. Deze plekken zorgen voor schuilplaatsen voor dieren en helpen bij het verplaatsen van planten en dieren. Ook helpt het om te werken aan onze Basiskwaliteit Natuur en daarmee aan onze biodiversiteit2. Net als in de rest van Nederland, willen we dat in 2035 10% van de oppervlakte in het buitengebied onderdeel is van groenblauwe dooradering12. In De Veldmaat zetten wij daarvoor in op het ontwikkelen van houtwallen, bomenrijen en beekjes die passen in het huidige landschap. Ook willen we de groenblauwe dooradering12, waar mogelijk, doortrekken naar onze bebouwde gebieden. Zo verbinden we onze kernen sterker met het groene, landelijke gebied.

2.4.5.2 Landschap

Het buitengebied van  De Veldmaat  vormt een overgangszone tussen het Natura-2000 natuurgebied Buurserzand en de intensievere landbouw in Sint Isidorushoeve. De Veldmaat kent een paar NNN-natuurgebieden (Natuur Netwerk Nederland), die een minder strenge bescherming kennen dan Natura2000-gebieden. Deze liggen aan de grens met het Buurserzand en aan de gemeentegrens met Enschede en Hengelo. Met zijn vele houtwallen en boomsingels kent het gebied al veel elementen van de groenblauwe dooradering 12 . We zetten in op het beschermen en versterken van deze natuur- en landschappelijke waarden.

2.4.5.3 Werken in landelijk gebied

Het agrarisch gebruik is belangrijk voor de inrichting en het behoud van het Haaksbergse landschap, met zijn weilanden en houtwallen. In het landelijk gebied is het belangrijk om te kijken naar onze rol als gemeente. Het Rijk en de provincie stellen regels en voorwaarden aan activiteiten en grondgebruik in het landelijk gebied. Hoewel een transformatie van landbouw noodzakelijk is, zetten we erop in om de landbouw in Haaksbergen zo veel mogelijk te behouden en een gezonde bedrijfsvoering mogelijk te maken. Als gemeente maken we economische dragers in het buitengebied mogelijk mits deze voldoen aan de randvoorwaarden qua landschap, veiligheid en gezondheid als pijlers voor de leefbaarheid. We geven hierbij ruimte aan ondernemerschap. Het agrarische gebruik draagt bij aan het onderhouden van het cultuurlandschap. Ook hierbij gelden de principes van water en bodem sturend3: de landbouw gebruikt water en bodem als hulpbronnen, maar in de mate waarin deze natuurlijk aanwezig zijn zonder deze uit te putten. Bij de transformatie van de huidige landbouw naar duurzame landbouw is ons uitgangspunt dat de agrarisch ondernemers een toekomstperspectief blijven houden waarin ze hun inkomen blijven verdienen door bedrijvigheid op hun eigen percelen. Als gemeente verstrekken we informatie over ruimtelijk beleid om agrariërs te ondersteunen bij de transitie naar duurzame landbouw.

Agrarisch gebruik in het oostelijk deel van  De Veldmaat , nabij het Buurserzand, wordt zoveel mogelijk getransformeerd naar vormen van duurzame landbouw die bijdragen aan de biodiversiteit 2 . Je kan hierbij denken aan natuurinclusieve landbouw of kringlooplandbouw. Ook het beheer door boeren van groenblauwe landschapselementen, zoals houtwallen en hagen die van oorsprong in dit gebied voorkomen, hoort hierbij. De agrarische gronden in het westen van De Veldmaat houden we zoveel mogelijk beschikbaar voor landbouw en wij faciliteren agrariërs bij de transitie naar duurzame landbouw of het stopzetten van het bedrijf door hen te voorzien van voldoende passende informatie. We kiezen niet voor intensivering van landbouw.

Er zijn ook agrariërs die willen stoppen of verbreden. Zij krijgen de ruimte om (onder bepaalde voorwaarden) hun verdienmodel te veranderen. Het is hierbij belangrijk dat er per situatie beoordeeld wordt of de verandering passend is voor het buitengebied van De Veldmaat en wat de (milieu)-impact is op de omliggende erven.

Het gebied dat grenst aan het Buurserzand leent zich er goed voor om dit groen te combineren met vormen van (route-gebonden) recreatie die de natuur weinig aantasten. Er is hier ruimte voor bijvoorbeeld wandelen en fietsen.   In het oostelijk deel van De Veldmaat wordt ingezet op de ondersteuning en versterking van bestaande recreatieondernemers. Hierbij wordt gekeken dat het recreatieaanbod goed aansluit bij de vraag en doelgroep, zonder dat de waarde van het landschap achteruitgaat. We streven naar een goede balans tussen natuur (rust, donkerte etc.) en recreatie. Er zijn mogelijkheden om recreatie uit te breiden rondom het spoorlijntje Haaksbergen – Boekelo. Dit is één van de weinige lokaalspoorwegen die behouden is gebleven en verbindt de kern van Haaksbergen, via De Veldmaat, met het buitengebied.

We zetten onszelf meer op de kaart met activiteiten voor dagrecreatie. Ook verbeteren we ons aanbod in verblijfsrecreatie doordat we meer diverse opties aanbieden, passend bij de verschillende type bezoekers. We willen meer bezoekers aantrekken die iets toevoegen aan ons omgeving óf onze economie. We richten ons naast onze huidige bezoekers (voornamelijk gepensioneerden) meer op stellen en gezinnen die komen voor de rust, ruimte en natuur. Binnen deze focusdoelgroepen richten we ons met name op millennials en de alpha-generatie. Zij willen ervaringen op doen, worden aangetrokken door cultuur en natuur en zoeken de uitdaging op. Bezoekers dragen bovendien bij aan de leefbaarheid en het in stand houden van voorzieningen in de Veldmaat.

2.4.5.4 Energie en warmte

We willen in 2050 energieneutraal10 en aardgasvrij zijn. Energieneutraal10 worden we vooral door zonnepanelen op daken, zonnevelden in het landelijk gebied en windenergie. 

De energietransitie11 vraagt om meer ruimte, omdat we ons energienet moeten verbeteren. Onder de grond is ruimte nodig voor nieuwe leidingen en er komen meer transformatorhuisjes en schakelstations in het straatbeeld. Zo zorgen we ervoor dat we alle energie die we opwekken ook kwijt kunnen en dat nieuwe woningen/ bedrijven verzekerd zijn van genoeg elektriciteit. We onderzoeken de kansen om de ruimtevraag van de energietransitie11 te verminderen door in te zetten op warmtenetten en de opwekking van (innovatieve) duurzame gassen, zoals groengas of waterstof. We willen in het buitengebied van De Veldmaat geen energie opwekken met zonnevelden op weilanden: dit doen we alleen op de al vergunde zonneparken in Sint Isidorushoeve.

Ten slotte richten we ons op energiebesparing: alle energie die we niet verbruiken, hoeven we ook niet op te wekken. We helpen bedrijven hierbij met duidelijke informatievoorziening over de mogelijkheden om te verduurzamen.

2.4.6 Hoofdopgaven De Veldmaat op de kaart

Hoofdopgaven De Veldmaat
afbeelding binnen de regeling

2.5 Deelgebied Sint Isidorushoeve

2.5.1 Sint Isidorushoeve

Rondom Haaksbergen werden begin 20e eeuw enkele nieuwe kerken gebouwd, waaronder de Sint Isidoruskerk in 1927. De kerk en het dorp danken hun naam aan de heilige Isidorus, onder andere beschermheilige van de boeren. Het kerkdorp  Sint Isidorushoeve  is sindsdien gegroeid tot een kleine 2000 inwoners. De Hoeve, zoals het in de volksmond genoemd wordt, kent net als de meeste kleine kernen een hecht sociaal leven. Hoevenaren zijn sterk betrokken bij hun kerkdorp en kennen een uitgebreid verenigingsleven, wat samenkomt op de jaarlijkse Zomerfeesten. Ook de verbinding tussen het dorp en het buitengebied is van groot belang. Het buitengebied van Sint Isidorushoeve is wat grootschaliger dan in de rest van de gemeente, en bestaat eigenlijk uit een groter aantal historische buurtschappen. Stepelo en Brammelo zijn elk onderdeel van het deelgebied ‘de Hoeve’ met elk hun elke historie en karakter. Overkoepelend staat intensieve agrarische productie centraal in al deze gebieden.

Deze bestaande waarden vormen de kern voor de toekomstige ontwikkeling van De Hoeve. Het landbouwgebied ligt redelijk ver verwijderd van belangrijke natuurgebieden. Dit gebied blijft gezien de omgevingscondities geschikt voor de landbouw. We willen stimuleren dat hier, binnen de kaders van de natuurwetgeving, zo veel mogelijk boeren kunnen blijven boeren. Belemmerende activiteiten in het buitengebied worden daarom ondergeschikt gemaakt aan de (agrarische) economische activiteiten. Het dorp zelf behoudt hierdoor zijn boerengemeenschap, die belangrijk is voor het sociale leven in De Hoeve. Door het bouwen van extra woningen kunnen jongeren en ouderen in het dorp blijven wonen, waardoor de bestaande voorzieningen op peil kunnen blijven. Het buitengebied heeft zijn karakter met bomenrijen en hagen behouden, waar steeds meer recreanten op af komen. Groene verbindingen naar Haaksbergen zorgen voor fijne fietsroutes en gezonde mobiliteit.

2.5.2 Sint Isidorushoeve op de kaart

Sint Isidorushoeve op de kaart
afbeelding binnen de regeling

2.5.3 Samen sociaal

2.5.3.1 Iedereen kan zo lang mogelijk meedoen

De omgeving is zo ingericht dat iedereen zo goed mogelijk deel kan nemen aan de maatschappij. De gemeente Haaksbergen stelt mensen in staat om elkaar te ontmoeten. Hierbij spelen verschillen in achtergrond, leeftijd, fysieke gezondheid of inkomen geen rol. Ook verbetert de toegankelijkheid van voorzieningen en de openbare ruimte, zodat ook mensen met een beperking hier gebruik van kunnen maken.

Het verenigingsleven, evenementen en vrijwilligerswerk spelen een belangrijke rol in het verbinden van onze jongeren, ouderen en nieuwe inwoners. Het verenigingsleven bijvoorbeeld de sportverenigingen dragen daaraan bij. Als gemeente ondersteunen we kansrijke initiatieven. Voor dagelijkse boodschappen en zorgvoorzieningen is een goede verbinding naar de kern van Haaksbergen of De Veldmaat belangrijk. Dit kunnen ook sociale voorzieningen zijn, zoals een buurttaxi. Met meer samenwerking tussen de gemeente en zorgorganisaties wordt het ook makkelijker voor (kwetsbare) inwoners om zo lang mogelijk mee te doen en op zichzelf te blijven wonen. We maken het makkelijker voor zorgbehoevenden om de juiste zorg te vinden: we stemmen woningen, zorg en welzijn beter op elkaar af. We zetten daarom in op meer volledig aangepaste woningen, woningen voor speciale doelgroepen (zoals beschermd wonen) en de betaalbaarheid van deze specifieke woonvormen. In dit kader kijken we ook naar de mogelijkheden voor mantelzorgwoningen en familiewoningen.

2.5.3.2 Passende voorzieningen

Bij een fijne woonomgeving horen passende voorzieningen. Het centrum van Haaksbergen, het winkelcentrum van de Veldmaat en Scholtenhagen zijn belangrijke ontmoetingsplekken voor inwoners uit de hele gemeente. We onderzoeken of we op meer plekken horecavoorzieningen kunnen toevoegen, ter verbinding van het centrum en het buitengebied. Belangrijk zijn de maatschappelijke voorzieningen en welzijn/zorg dichtbij in de omgeving, waar inwoners met hulpvragen terecht kunnen. Waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten en aan activiteiten kunnen deelnemen. Met mogelijkheden voor laagdrempelig dagbesteding voor inwoners die een steuntje in de rug nodig hebben om weer zelfredzaam te kunnen zijn.

In  Sint Isidorushoeve  zijn het café en het zalencentrum belangrijke private voorzieningen die we willen behouden. In het gemeenschapshuis van ‘t Meûken komen sport, spel en ontmoeting samen. Ook de jaarlijkse zomerfeesten dragen bij aan ontmoeting en leefbaarheid.  Wat betreft maatschappelijke voorzieningen willen we vanuit de gemeente samenwerken met de gebruikers, bijvoorbeeld doordat inwoners en verenigingen een rol hebben in het onderhoud. Voorzieningen kosten de gemeente geld. Het is mogelijk dat het financieel gezien niet haalbaar is om alle voorzieningen te behouden. Een optimaal gebruik van voorzieningen rechtvaardigt de maatschappelijk investeringen. We onderzoeken of er aanpassingen nodig zijn waardoor meerdere functies gebruik kunnen maken van dezelfde voorziening. Het is hierbij belangrijk dat organisaties onderling goed samenwerken. We onderzoeken de mogelijkheden om meerdere verenigingen te huisvesten onder één dak. Dit draagt bij aan de duurzaamheid9 van onze gebouwen, is kostenefficiënt voor verenigingen en vermindert het aantal gebouwen dat op bepaalde tijden leeg staat.

Daarnaast streven we naar een goed niveau van basisonderwijs op een daarvoor geschikte locatie. Het is hierbij van belang dat elke dorpsschool zijn eigen karakter behoud en er verschillende onderwijsvormen worden aangeboden. Het aantrekken van jonge gezinnen en het toevoegen van woningen dragen tevens bij aan het behoud van de voorzieningen in Sint Isidorushoeve.

2.5.3.3 Cultuurhistorie

Nieuwe ontwikkelingen houden rekening met de identiteit van de plek. Er zijn veel plaatsen met een rijke cultuurhistorie6 en erfgoed, zoals landgoed Lankheet, boerderijen en andere historische gebouwen. Voor Sint Isidorushoeve is de Isidoruskerk een belangrijk historisch gebouw. In het buitengebied van Sint Isidorushoeve ligt uniek agrarisch erfgoed in de vorm van twee historische boerderijen, zogeheten lösse huuze. Het erfgoed wordt gewaardeerd en kent een plek in de samenleving. Nieuwe ontwikkelingen staan in dienst van het behoud ervan en beleefbaar maken van het cultureel erfgoed.

2.5.3.4 Gezondheid en openbare ruimte

Uit onderzoek blijkt dat Haaksbergenaren hun gezondheid als zeer goed ervaren en dit willen we behouden. We bevorderen de positieve gezondheid (fysiek en mentaal) door het voor iedereen mogelijk te maken om voor gezonde opties te kiezen. In elke dorpskern is er een aanbod in sport, bewegen, cultuur en/of groen in de openbare ruimte. Je kan hierbij denken aan een buitengym, speeltuinen of fietsroutes. De (sociale) veiligheid wordt beter door zichtbare en toegankelijke openbare ruimtes, zoals pleinen, wegen, fiets- en wandelpaden, en groen. De fietsroutes en oversteekplaatsen zijn veilig. Dit biedt kansen om laagdrempelig te bewegen en elkaar te ontmoeten. Een gezonde openbare ruimte versterkt daarmee niet alleen onze gezondheid, maar ook ons noaberschap. 

We beschermen onze gezondheid ook tegen de effecten van het veranderend klimaat. Dit doen we met maatregelen voor klimaatadaptatie15. In 2050 zijn we volledig klimaatbestendig en waterrobuust. Hiervoor moeten de waterveiligheid, de zoetwatervoorziening en de ruimtelijke inrichting op orde zijn. We vinden het daarom ook belangrijk dat ons water- en bodemsysteem sturend3 zijn als we de functie van een gebied willen veranderen of als we een gebied anders willen inrichten. Het is ook goed voor meer diversiteit van groen en klimaatadaptatie15.

In de kern van  Sint Isidorushoeve  kijken we kritisch naar de hoeveelheid verharding. Door het toevoegen van bijvoorbeeld groene parkeerplaatsen en struiken maken we de omgeving groener. We moedigen inwoners en bedrijven aan om met ons mee te doen. Je kan hierbij denken aan tegelwippen of het vergroenen van je dak. Meer groen in de kern werkt verkoelend en daarmee verminderen we de risico’s op hittestress 14 . Ook zorgen we hiermee dat het groen vanuit het buitengebied doordringt tot in het dorp. Daarmee maken we groene wandel- en fietsroutes van dorp naar buitengebied mogelijk, en biedt de bebouwde omgeving meer ruimte voor biodiversiteit 2 . Klimaatadaptieve maatregelen zijn daarom een randvoorwaarde voor alle nieuwe ontwikkelingen.

Voor groen in de kernen hanteren we het 3‑30‑300 doel. Dit houdt in dat we willen dat er vanuit elk huis 3 bomen zichtbaar zijn, dat 30% van een wijk in de schaduw van een boom valt en dat iedereen binnen 300 meter van een park of groene ruimte woont. Hiermee zorgen we ervoor dat we het groene, gezonde gevoel van het buitengebied ook in onze woonwijken ervaren.

Naast het bevorderen van gezondheid, beschermen we ook de gezondheid. We gaan zorgvuldig om met gewasbeschermingsmiddelen en zullen de overlast hiervan zoveel mogelijk beperken. De gemeente Haaksbergen heeft het streven om beleid op te stellen voor de verschillende milieuthema’s voor het hele gemeentelijke grondgebied. Het gaat hierbij in ieder geval om de thema’s geluid, licht, lucht, geur en veiligheid. De gemeente Haaksbergen zoekt hierbij samenwerking met de omgevingsdienst Twente. De wens hierbij is om zoveel mogelijk aansluiting te zoeken bij regionale beleid. Het doel hierbij is een zo optimaal mogelijke balans na te streven tussen het woon- en leefklimaat en de bedrijvigheid in de gemeente. Dit doen wij in samenspraak met onze inwoners en (agrarische) ondernemers.

2.5.4 Krachtige kernen

2.5.4.1 Genoeg woningen en de juiste woningen

Haaksbergen is een plattelandsgemeente. We bouwen voor onze lokale behoefte en voor de regionale behoefte. Dit helpt bij het in stand houden van voorzieningen en is goed voor een evenwichtige leeftijdsopbouw. Het toevoegen van woningen is nodig om onze kernen leefbaar en vitaal te houden. Ook is er vanuit het Rijk behoefte aan meer woningen voor aandachtsgroepen. Het is belangrijk dat ook de kleinere kernen zoals Sint Isidorushoeve voorzien in extra woningbouw. In de hele gemeente Haaksbergen, zowel binnen als buiten de bebouwde kom, willen we tot 2034 900 woningen toevoegen. Dit volgt uit het reeds vastgestelde addendum bij de structuurvisie Haaksbergen 2030. Dit addendum gebruiken als richtlijn voor de woningbouwontwikkeling tot 2034 en maakt hiermee onderdeel uit van deze omgevingsvisie. Na 2034 stoppen we niet met bouwen. Twente is aangewezen als gebied voor een verstedelijkingsopgave. Wij willen hier een evenwichtige bijdrage aan leveren. We houden hierbij rekening met een verdeling van 30% sociale huur, 40% betaalbare huur-/ koopwoningen en 30% in het dure segment. Bij het toevoegen van nieuwe woningen hebben we een voorkeursvolgorde voor (1) transformeren van leegstaande gebouwen naar woningen, (2) toevoegen van woningen binnen de huidige bebouwde kom en (3) uitbreiden aan de randen. We hebben alle drie de opties nodig om genoeg woningen te bouwen voor iedereen die in Haaksbergen wil wonen. Ook bij ontwikkelingen op erven kijken we naar de bijdrage in de woonbehoefte. We beoordelen per locatie de impact op de ruimtelijke kwaliteit, de haalbaarheid en hoe praktisch/ functioneel de locatie is. We houden er bijvoorbeeld rekening mee dat er voldoende (open) ruimte is voor ontspanning, groen, biodiversiteit2 en cultuurhistorie6. We willen het ontstaan van nieuwe woonlandschappen in het landelijk gebied voorkomen. Dit werken we gebiedsgericht verder uit in het Programma Toekomstbestendig Buitengebied en het Omgevingsplan.

Sint Isidorushoeve moet een dorp blijven dat ‘los in het landschap ligt’. Omdat de Hoeve midden in het gebied met generieke opgeven en kansen ligt, zijn we terughoudend met het toevoegen van woningen in het landelijk gebied. We onderzoeken woningbouwlocaties binnen in het huidige dorp (inbreiding) en aan de noordwestelijke en zuidelijke randen van het dorp (uitbreiding). De exacte zoekgebieden zijn aangegeven op de kaart. Groene plekken binnenin het dorp dienen als ‘ademruimte’ en dragen ook bij aan die geleidelijke overgang tussen dorp en landschap. Bij uitbreiding is het belangrijk dat we zoveel mogelijk rekening houden met bestaande landschappelijke elementen. Als we bouwen in de Hoeve, kijken we samen met Provincie of we de Goorsestraat als doorgaande route kunnen ontmoedigen (met uitzondering van vrachtverkeer) door de straat anders in te richten. Zo maken we de straat veiliger en wordt het prettiger wonen rondom deze straat.

Bij alle woningbouwprojecten houden we extra rekening met de behoeften van jongeren en ouderen, bijvoorbeeld door meer kleinschalige en betaalbare woningen te ontwikkelen, door het makkelijker te maken om een woning te splitsen. We sturen op gemengde wijken, met woningen in verschillende segmenten en met verschillende bewoners. We hebben ruimte voor doelgroepen en aandachtsgroepen en zetten in op de betaalbaarheid van specifieke woonvormen.

Alle nieuwe woningbouwontwikkelingen bieden kansen om de harde dorpsgrenzen te verzachten. De inwoners van gemeente Haaksbergen zien ons groene karakter als kernkwaliteit. Dit willen we in de toekomst behouden en versterken. In het op te stellen Programma Volkshuisvesting wordt de woningbouwopgave verder uitgewerkt.

2.5.4.2 Woningen verduurzamen

In de komende jaren moeten we onze woningvoorraad verduurzamen. Voor alle nieuwbouw geldt dat we (afhankelijk van het type gebouw) gedeeltelijk willen bouwen met natuurlijke materialen, dit noemen we biobased bouwen1. Ook moet er zoveel mogelijk energieneutraal10 worden ontwikkeld. We stimuleren ontwikkelaars tot het bouwen van nul-op-de-meter woningen die nog een stapje verder gaan voor een lagere energierekening. 

2.5.4.3 Werken en leren

Haaksbergen is een ondernemende gemeente met veel arbeidsplaatsen binnen de gemeentegrenzen. We werken aan een gevarieerde economie met diverse sectoren, zodat er voor veel inwoners passend werk is. Hiermee groeit de werkgelegenheid en behouden we ook werkgelegenheid als het met een bepaald deel van de economie wat minder gaat. We helpen bedrijven om toekomstbestendig te worden door inzicht te organiseren in de mogelijke maatregelen die bedrijven kunnen inzetten om zelf te verduurzamen.

Twente staat bekend om innovatie en technische ontwikkelingen. Ook op de bedrijventerreinen in Sint Isidorushoeve ligt hier veel nadruk op. Het is belangrijk dat we het dorpse karakter van onze gemeente ook op de bedrijventerreinen waarborgen. We kijken naar uitbreidingsruimte voor bedrijventerreinen, vooral voor bedrijven die hier al gevestigd zijn en een groei- of transformatiewens hebben. De sterke mkb- en (familie)bedrijven dragen bij aan de economie en sociale samenhang. De onderwijsinstellingen in de regio (zoals Assink Lyceum (middelbare school), Universiteit Twente (WO), Saxion (HBO) en ROC van Twente (MBO)) trekken talent aan en stimuleren ontwikkelingen. We maken kenbaar wat er in Haaksbergen te doen is. Samenwerkingen met praktijk en theorie tussen industrie, bedrijven en onderwijs bieden nieuwe kansen en ideeën die benut kunnen worden voor bijvoorbeeld voor de zorg, techniek, energie of landbouw. De samenwerkingen zijn ook aantrekkelijk voor het aantrekken van jong talent.

Omdat er op dit moment te weinig ruimte is voor onze huidige bedrijven om te groeien, zoeken we naar mogelijkheden om onze bedrijventerreinen uit te breiden. Specifiek in Sint Isidorushoeve bieden we de kansen voor een nieuw bedrijventerrein aan de zuidzijde van het dorp. Op het nieuwe bedrijventerrein is ruimte voor kleinschalige kavels die goed in het landschap passen. Het bedrijventerrein is bedoeld voor ondernemers die een sterke binding hebben met de Hoeve. De ontwikkeling van het nieuwe bedrijventerrein gaat samen met het opknappen van het huidige terrein. Hierbij proberen we zoveel mogelijk bedrijven op hun huidige locatie te behouden. We houden ook rekening met de bereikbaarheid van bedrijven. We maken de oversteek van bushaltes naar de industrieterreinen veiliger en we verbeteren de mogelijkheden voor wandelen en fietsen op de industrieterreinen, voor zowel woon-werk verkeer als ommetjes.

We helpen onze huidige en nieuwe bedrijven om toekomstbestendig te worden door inzicht te organiseren in de mogelijke maatregelen die bedrijven kunnen inzetten om zelf te verduurzamen. We onderzoeken of we bij de bouw van nieuwe bedrijfspanden als voorwaarde kunnen stellen dat de daken benut worden voor zonne-energie en/of een bedrijf bijdraagt aan vergroening.

Daarnaast zitten er in het landelijk gebied van Sint Isidorushoeve veel bedrijven. Dit is niet alleen veehouderij, maar ook andere vormen van (agrarische) bedrijvigheid. Je leest meer over onze visie over het buitengebied bij het hoofdstuk Toekomstbestendig buitengebied. In alle gevallen beogen we dat de kwaliteit van onze bedrijven verbetert door ze bereikbaar te houden en door te investeren in duurzame en klimaatadaptieve maatregelen. Als gemeente organiseren we inzicht in de mogelijke maatregelen die bedrijven kunnen inzetten om zelf te verduurzamen.

2.5.4.4 Bewegen en verplaatsen

Voor mobiliteit is het STOMP-principe leidend: dit is een voorkeursvolgorde die staat voor Stappen, Trappen, OV, Mobility-as-a-service (bijv. een deelauto) en als laatste voorkeur een Personenauto. Hiermee verminderen we de uitstoot van broeikassen door mobiliteit. Het wordt makkelijker om in en tussen de kernen meer te wandelen en te fietsen. Door de aanleg van ontbrekende schakels wordt wandelen en fietsen waar nodig aantrekkelijker en veiliger gemaakt. De wandelaar en de fietser krijgen steeds vaker voorrang op het autoverkeer waar dit veilig kan en oversteken van drukkere wegen wordt makkelijker. We zetten in op gedragsverandering en gezondheid door voorzieningen toe te voegen zoals voldoende fietsparkeerplaatsen, oplaadpunten voor e-bikes, zitgelegenheden, ommetjes en brede stoepen. We houden hierbij rekening met de toegankelijkheid voor mindervaliden. De auto blijft nodig voor verbinding tussen kernen, maar de focus ligt op de duurzamere alternatieven. 

Om de overstap van en naar de bus en andere duurzame vervoerwijzen te promoten, onderzoeken we op drie locaties of we er mobiliteitshubs kunnen realiseren. Hier komen verschillende vormen van vervoer samen waardoor het makkelijker wordt om de overstap te maken naar een (duurzaam) vervoersmiddel. Op basis van het bestaande busgebruik, zouden er ook plushaltes gerealiseerd kunnen worden op plekken waar nu al regelmatig veel fietsen staan. Een plushalte heeft meer voorzieningen voor fietsen en parkeren dan een gewone bushalte. Het openbaar vervoer is een verantwoordelijkheid van de Provincie Overijssel, zij maken concrete afspraken met vervoersmaatschappijen voor de bus en trein. Buiten de mobiliteitshub om is het niet realistisch dat het bus-netwerk in de gemeente uitgebreid wordt. In plaats daarvan werken we aan het behouden van het huidige aanbod en zorgen we ervoor dat alle haltes goed en veilig te bereiken zijn voor wandelaars en fietsers.

Op plekken waar de vraag naar openbaar vervoer laag is, onderzoeken we welk andere manieren er zijn om bereikbaarheid te garanderen. Zo houden we bij het bouwen van nieuwe woningen en bedrijven meteen rekening met de bereikbaarheid en doorstroming. En hoewel parkeren van belang blijft, beoordelen we per project hoeveel prioriteit dit heeft. Ook beoordelen we of het mogelijk is om de parkeervoorziening aan de uiteinden van een straat of wijk te realiseren. Uit participatie is gebleken dat veel inwoners hiervoor open staan, omdat er hierdoor voor het huis meer ruimte is voor groen, spel en ontmoeting.

2.5.4.5 Circulair

We werken toe naar een circulaire economie4 in 2050. We creëren een gesloten cirkel waarbij geen afval vrijkomt en we grondstoffen telkens hergebruiken. Om dit te bereiken verminderen we het gebruik van grondstoffen en we (her)gebruiken de beschikbare grondstoffen zo efficiënt mogelijk. Als we meer producten hergebruiken, verminderen we onze milieu-impact en de schaarste van sommige producten. Soms kan je een product één-op-één hergebruiken, maar vaker vraagt het om een bewerking of verwerking, bijvoorbeeld recycling of reparatie. Deze bewerkingen vragen om werkruimtes en creatieve ideeën. Omdat circulair denken nog vrij nieuw is, moeten we onze mogelijkheden voor circulaire economie4 nog onderzoeken. Doordat we straks anders met onze spullen omgaan, verandert onze omgeving ook. Het is denkbaar dat er meer opslag- en distributieplaatsen nodig zijn, dat er minder ruimtes nodig zijn om nieuwe producten te produceren, of dat we meer spullen met elkaar delen (bijvoorbeeld auto’s of energie). Er lopen al initiatieven voor circulariteit in Haaksbergen. We bekijken in hoeverre we deze verder kunnen uitbouwen en/of hoe we de initiatieven elkaar kunnen laten versterken.

Onze bedrijven spelen een belangrijke rol bij het ontwikkelen van onze circulaire economie4. We stimuleren hen om ook zoveel mogelijk circulaire keuzes te maken bij onderhoud, reconstructies en realisatie. Met ons inkoopbeleid richten we ons op een gezamenlijke aanpak om bij te dragen aan circulariteit. We kunnen de circulaire economie4 verder versnellen door een betere samenwerking met andere Twentse gemeenten. Het is voor een circulaire economie4 namelijk belangrijk dat bedrijven elkaars (rest)producten kunnen gebruiken en dat we leren van elkaars projecten. Twente heeft een grote bouwsector en die speelt een belangrijke rol in de omschakeling naar circulair bouwen. Als beheerder van de openbare ruimte en een aantal publieke gebouwen gaan we als gemeente zelf aan de slag om circulariteit toe te passen in realisatie en onderhoudsprojecten en in ons afvalbrengpunt. We bieden aannemers de kans om nieuwe duurzame technieken toe te passen in de praktijk.

2.5.5 Toekomst bestendig buitengebied

2.5.5.1 Water en bodem sturend

Het water- en bodemsysteem zijn sturend3 als we de functie van een gebied willen veranderen of als we een gebied anders willen inrichten. De Bolscherbeek en de Buurserbeek krijgen meer ruimte. Hierdoor kan in natte tijden water goed afgevoerd worden, en ook biedt dit kansen voor natuur (kaderrichtlijn water). In het beekdal hier omheen liggen mogelijkheden voor bijvoorbeeld recreatie, maar ontwikkelingen als woningbouw kunnen niet meer plaatsvinden. Ook landgebruik voor intensieve landbouw nabij de beek wordt zoveel mogelijk beperkt om de waterkwaliteit te verbeteren. Om grondwater beter vast te houden wordt ingezet op het verbeteren van de sponswerking van de bodem. Dit helpt ook om de impact van droogte zo klein mogelijk te maken. De bodem wordt sturend voor de keuze voor typen landgebruik en typen landbouw. De natuurlijke samenstelling van de bodem bepaalt mee over hoe intensief deze bodem gebruikt kan worden. We zorgen voor een balans tussen benutten en beschermen van bodem en ondergrond, waarbij verstoring van de bodem zo veel mogelijk voorkomen wordt. Een vitalere bodem versterkt namelijk zowel de sponswerking van de bodem als de capaciteit van de bodem om koolstof op te nemen.

Binnen deze kaders van water en bodem sturend 3  blijft het buitengebied van  Sint Isidorushoeve  geschikt voor landbouw. Agrarisch gebruik heeft voorrang op andere functies. Bij functieverandering gaan we zorgvuldig om met functies die belemmerend kunnen zijn voor de landbouw. Waar mogelijk faciliteren we ook de aansluiting tussen water en bodem sturend 3 , en het agrarisch gebruik van de bodem. Een voorbeeld is het inzaaien van bloemrijkgras op weilanden van veeteeltbedrijven. Dit kan op de lange termijn de biodiversiteit 2  en sponswerking in de bodem vergroten zonder grote verstoring op het bedrijf.

Klimaatadaptieve maatregelen, zoals het beter vasthouden van water, zijn een randvoorwaarde voor ontwikkelingen binnen de dorpen en in het landelijk gebied. Hierbij is ‘groenblauwe dooradering12’ van groot belang. Groenblauwe dooradering12 houdt een gebied wordt doorkruist (‘dooraderd’) door groene (hagen, bomenrijen) en blauwe (sloten, beken) landschapsonderdelen. Deze plekken zorgen voor schuilplaatsen voor dieren en helpen bij het verplaatsen van planten en dieren. Ook helpt het om te werken aan onze Basiskwaliteit Natuur en daarmee aan onze biodiversiteit2. Net als in de rest van Nederland, willen we dat in 2035 10% van de oppervlakte in het buitengebied onderdeel is van groenblauwe dooradering12. In Sint Isidorushoeve zetten wij daarvoor in op het ontwikkelen van houtwallen, bomenrijen en beken die passen in het huidige landschap. Ook willen we deze groenblauwe dooradering12, waar mogelijk, doortrekken naar het bebouwd gebied. Zo verbinden we de dorpskern van de Hoeve sterker met het groene, landelijke gebied. Meer groen in de kern van Sint Isidorushoeve draagt bij aan biodiversiteit2, klimaatadaptatie15 en helpt tegen hittestress14.

2.5.5.2 Landschap

Het buitengebied van  Sint Isidorushoeve  wordt vooral agrarisch gebuikt en kent vrijwel geen natuurgebieden zoals NNN (Natuur Netwerk Nederland). Er is hier veel ruilverkaveling geweest. Met zijn houtwallen en boomsingels kent het gebied al verschillende elementen van de groenblauwe dooradering 12 . Die we verder versterken om de basiskwaliteit natuur te behalen. We zetten in op het beschermen, versterken en ontwikkelen van deze natuur- en landschappelijke waarden.

2.5.5.3 Werken in landelijk gebied

Het agrarisch gebruik is belangrijk voor de inrichting en het behoud van het Haaksbergse landschap, met zijn weilanden en houtwallen. In het landelijk gebied is het belangrijk om te kijken naar onze rol als gemeente. Het Rijk en de provincie stellen regels en voorwaarden aan activiteiten en grondgebruik in het landelijk gebied. Hoewel een transformatie van landbouw noodzakelijk is, zetten we erop in om de landbouw in Haaksbergen zo veel mogelijk te behouden en een gezonde bedrijfsvoering mogelijk te maken. Als gemeente maken we economische dragers in het buitengebied mogelijk mits deze voldoen aan de randvoorwaarden qua landschap veiligheid en gezondheid als pijlers voor de leefbaarheid. We geven hierbij ruimte aan ondernemerschap. 

Zo willen we dat in het landelijk gebied van  Sint Isidorushoeve  zoveel mogelijk landbouwgrond in productie blijft. Er zitten hier namelijk veel bedrijven die bijdragen aan onze economie. Dat beperkt zich niet alleen tot veehouderij, er zitten hier ook andere vormen van (agrarische) bedrijvigheid. Het buitengebied van de Hoeve valt grotendeels binnen het gebied met generieke opgeven en kansen. In dit gebied zijn er weinig belemmerende functies voor bedrijven, en met name voor agrarische bedrijven. We zijn daarom terughoudend met het toevoegen van woningen en andere functies die belemmerend kunnen zijn voor de landbouw. Ook in de toekomst moet de plattelandseconomie hier zoveel mogelijk ruimte krijgen.

Agrarisch gebruik wordt zodanig ingericht dat boeren met bijvoorbeeld agrarisch landschapsbeheer bijdragen aan het in stand houden van het cultuurlandschap, inclusief het onderhoud van groenblauwe dooradering12 met zijn functies voor natuur. Ook hierbij gelden de principes van water en bodem sturend3: de landbouw gebruikt water en bodem als hulpbronnen, maar in de mate waarin deze natuurlijk aanwezig zijn zonder deze uit te putten. Bij de transformatie van het agrarische gebied is ons uitgangspunt dat de agrarisch ondernemers een toekomstperspectief blijven houden waarin ze hun inkomen blijven verdienen door bedrijvigheid op hun percelen. Daarnaast stimuleren we agrariërs en bedrijven om lokaal hun agrarische producten te verkopen. In een dergelijke ‘korte keten’ zijn er geen of zo min mogelijk schakels tussen wie het voedsel maakt en wie het opeet. Dit levert een bijdrage aan de opbrengst voor de lokale partijen en de duurzaamheid van de agrariërs. Op andere plekken in de gemeente zien wij al voorbeelden van deze korte ketens. Wij zetten in op het stimuleren en uitbreiden van deze initiatieven.

Er zijn ook agrariërs die willen verbreden. Zij krijgen de ruimte om hun verdienmodel te veranderen, zo lang dit geen beperkingen geeft voor agrarisch gebruik in de omgeving.

We zetten onszelf meer op de kaart met activiteiten voor dagrecreatie. De groenblauwe structuren van het landschap kunnen de basis vormen voor (route-gebonden) recreatie in het gebied. Er is hier ruimte voor bijvoorbeeld wandelen en fietsen, zo lang de recreatieve activiteiten geen negatieve invloed hebben op het agrarische gebruik in de omgeving. Ook verbeteren we ons aanbod in verblijfsrecreatie doordat we meer diverse opties aanbieden, passend bij de verschillende type bezoekers. We willen meer bezoekers aantrekken die iets toevoegen aan ons omgeving óf onze economie. We richten ons naast onze huidige bezoekers (voornamelijk gepensioneerden) meer op stellen en gezinnen die komen voor de rust, ruimte en natuur. Binnen deze focusdoelgroepen richten we ons met name op millennials en de alpha-generatie. Zij willen ervaringen op doen, worden aangetrokken door cultuur en natuur en zoeken de uitdaging op. Bezoekers dragen bovendien bij aan de leefbaarheid en het in stand houden van voorzieningen in de kern. 

Agrarisch gebruik zal in het deelgebied Sint Isidorushoeve voorrang hebben op recreatief gebruik. Het is hierbij belangrijk dat er per situatie beoordeeld wordt of de verandering passend is voor het buitengebied van Sint-Isidorushoeve en wat de impact is op de omliggende bedrijven. Wel is versterking van recreatieve routes als verbinding met de Achterhoek wenselijk. Met functies die de ontwikkeling van landbouw in de weg staan (zoals wonen) gaan we terughoudend om. Het uitgangspunt is dat waar landbouw kan, landbouw moet blijven.

2.5.5.4 Energie en warmte

We willen in 2050 energieneutraal10 en aardgasvrij zijn. Energieneutraal10 worden we vooral door zonnepanelen op daken, zonnevelden in het landelijk gebied en windenergie. In Sint Isidorushoeve dragen verschillende zonnevelden bij aan het behalen van de doelen uit de Regionale Energiestrategie (RES). Zonnepark De Stegenhoek is al ontwikkeld.

De energietransitie11 vraagt om meer ruimte, omdat we ons energienet moeten verbeteren. Onder de grond is ruimte nodig voor nieuwe leidingen en er komen meer transformatorhuisjes en schakelstations in het straatbeeld. Zo zorgen we ervoor dat we alle energie die we opwekken ook kwijt kunnen en dat nieuwe woningen/ bedrijven verzekerd zijn van genoeg elektriciteit. We onderzoeken de kansen om de ruimtevraag van de energietransitie11 te verminderen door in te zetten op warmtenetten en de opwekking van (innovatieve) duurzame gassen, zoals groengas of waterstof. In Sint-Isidorushoeve onderzoeken we ook wat de mogelijkheden zijn voor biogas en groen gas. Deze vormen van energieopwekking vragen vaak om minder ruimte. Ook zien we kansen voor energieopwekking op erven van agrariërs, met bijvoorbeeld mestvergisters, erfwindmolens of zonnepanelen op daken.

Ten slotte richten we ons op energiebesparing: alle energie die we niet verbruiken, hoeven we ook niet op te wekken. We helpen bedrijven hierbij met duidelijke informatievoorziening over de mogelijkheden om te verduurzamen.

2.5.5.5 Zoutwinning

Zoutwinning in Haaksbergen is een belangrijk onderwerp. Zoutproducent Nobian is van plan om op acht locaties in Haaksbergen zout te winnen. Begin 2024 heeft het ministerie van Economische Zaken vergunningen verleend voor acht zoutwinlocaties en een leidingentracé in Haaksbergen richting een fabriek in Hengelo. Voor de ontwikkelingen zullen er nieuwe gebouwen nodig zijn in het landschap, ter ondersteuning van de zoutwinning. Zoutwinning valt onder de Mijnbouwwet en is in eerste instantie een verantwoordelijkheid van de Rijksoverheid. De bevoegdheid van gemeente Haaksbergen is beperkt, maar we kunnen als gemeente wel een rol spelen in het monitoren van de lokale impact van de zoutwinning. Dit omvat het nauwlettend volgen van de effecten op het landschap, de landbouw en de invloed op inwoners.

2.5.6 Hoofdopgaven Sint Isidorushoeve op de kaart

Hoofdopgaven Sint Isidorushoeve
afbeelding binnen de regeling

2.6 Deelgebied Buurse

2.6.1 Buurse

Het buurtschap  Buurse  is al heel vroeg in de middeleeuwen ontstaan op de relatief hoge vruchtbare gronden langs de beek, die later naar het dorp vernoemd werd tot de Buurserbeek. Rondom Buurse zijn in de loop van de middeleeuwen veel essen (landbouwgronden) ontstaan, ingeklemd tussen de Buurserbeek in het noorden en de Zoddebeek in het zuiden. Het dorp Buurse, zoals wij hem nu kennen, ontstond als afsplitsing van het grote Haaksbergen in de periode 1850-1900, Tegelijk werden ook grote gebieden omgevormd tot landbouwgrond. Er bleven bij deze omvorming ook veel stukken ‘woeste grond’ over. Die vormen nu de basis van drie grote natuurgebieden die het buitengebied van Buurse kenmerken: het Buurserzand, het Haaksbergerveen en het Witte Veen. Tussen de natuurgebieden ligt een coulissenlandschap 5  met veel bomenrijen en hagen, die zorgen voor een heel afwisselend en aantrekkelijk landschap, wat veel recreanten naar Buurse trekt. Temidden hiervan ligt het dorp Buurse, wat eigenlijk bestaat uit twee delen: een zuidelijk deel dat van oorsprong protestant is, en een katholiek noordelijk deel. Buurse kent een hecht verenigingsleven met een eigen school en een actieve dorpsvereniging, met de Trefkoel als centrale plek voor ontmoeting.

Deze kwaliteiten vormen de basis voor de ontwikkeling van Buurse. Over 20 jaar zijn er extra woningen bijgebouwd, met name voor jongeren en ouderen. Hierdoor is het dorp leefbaar gebleven voor alle leeftijdsgroepen, die elkaar ontmoeten en naar elkaar omkijken. Daarvoor zijn ook de voorzieningen in het dorp gebleven. In het buitengebied is veel aandacht voor de ontwikkeling van de landbouw. Door deze ontwikkelingen kunnen de boeren in Buurse blijven wonen en werken, waardoor de hechte dorpsgemeenschap behouden is. Bovendien zijn er hierdoor meer recreatieve mogelijkheden ontstaan, waardoor er nog meer mensen komen genieten van het prachtige landschap en de natuur rondom Buurse.

2.6.2 Buurse op de kaart

Buurse op de kaart
afbeelding binnen de regeling

2.6.3 Samen sociaal

2.6.3.1 Iedereen kan zo lang mogelijk meedoen

De omgeving is zo ingericht dat iedereen zo goed mogelijk deel kan nemen aan de maatschappij. De gemeente Haaksbergen stelt mensen in staat om elkaar te ontmoeten. Hierbij spelen verschillen in achtergrond, leeftijd, fysieke gezondheid of inkomen geen rol. Ook verbetert de toegankelijkheid van voorzieningen en de openbare ruimte, zodat ook mensen met een beperking hier gebruik van kunnen maken.

Het verenigingsleven, evenementen en vrijwilligerswerk spelen een belangrijke rol in het verbinden van onze jongeren, ouderen en nieuwe inwoners. Het verenigingsleven bijvoorbeeld de sportverenigingen en de carnavalsvereniging dragen daaraan bij. Als gemeente ondersteunen we kansrijke initiatieven.

Voor dagelijkse boodschappen en zorgvoorzieningen is een goede verbinding naar de kern van Haaksbergen of de Veldmaat belangrijk. Dit kunnen ook sociale voorzieningen zijn, zoals de Buurtbusvereniging Buurse-Haaksbergen en Omstreken. Met meer samenwerking tussen de gemeente en zorgorganisaties wordt het ook makkelijker voor (kwetsbare) inwoners om zo lang mogelijk mee te doen en op zichzelf te blijven wonen. We maken het makkelijker voor zorgbehoevenden om de juiste zorg te vinden: we stemmen woningen, zorg en welzijn beter op elkaar af. We zetten daarom in op meer volledig aangepaste woningen, woningen voor speciale doelgroepen (zoals beschermd wonen) en de betaalbaarheid van deze specifieke woonvormen. In dit kader kijken we ook naar de mogelijkheden voor mantelzorgwoningen en familiewoningen.

2.6.3.2 Passende voorzieningen

Bij een fijne woonomgeving horen passende voorzieningen. Het centrum van Haaksbergen, het winkelcentrum van de Veldmaat en Scholtenhagen zijn belangrijke ontmoetingsplekken voor inwoners uit de hele gemeente. We onderzoeken of we op meer plekken horecavoorzieningen kunnen toevoegen, ter verbinding van het centrum en het buitengebied. Belangrijk zijn de maatschappelijke voorzieningen en welzijn/zorg dichtbij in de omgeving, waar inwoners met hulpvragen terecht kunnen. Waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten en aan activiteiten kunnen deelnemen. Met mogelijkheden voor laagdrempelig dagbesteding voor inwoners die een steuntje in de rug nodig hebben om weer zelfredzaam te kunnen zijn.

In  Buurse  is het gemeenschapshuis De Trefkoel, met bijbehorende sportvoorzieningen en verenigingsleven, van groot belang als een plek waar sport, spel en ontmoeting samenkomen.  Hierbij willen we vanuit de gemeente samenwerken met de gebruikers, bijvoorbeeld doordat inwoners en verenigingen een rol hebben in het onderhoud. Voorzieningen kosten de gemeente geld. Het is mogelijk dat het financieel gezien niet haalbaar is om alle voorzieningen te behouden. Een optimaal gebruik van voorzieningen rechtvaardigt de maatschappelijk investeringen. In Buurse onderzoeken we of het haalbaar is om één gezamenlijke, multifunctionele accommodatie te realiseren waarin de basisschool, een sportzaal en overige functies kunnen worden ondergebracht. Het is hierbij belangrijk dat organisaties onderling goed samenwerken. Dit draagt bij aan de duurzaamheid9 van onze gebouwen, is kostenefficiënt voor verenigingen en vermindert het aantal gebouwen dat op bepaalde tijden leeg staat.

Daarnaast streven we naar een goed niveau van basisonderwijs op een daarvoor geschikte locatie. Het is hierbij van belang dat elke dorpsschool zijn eigen karakter behoud en er verschillende onderwijsvormen worden aangeboden. Het aantrekken van jonge gezinnen en het toevoegen van woningen dragen tevens bij aan het behoud van de voorzieningen in Buurse.

2.6.3.3 Cultuurhistorie

Nieuwe ontwikkelingen houden rekening met de identiteit van de plek. Er zijn veel plaatsen met een rijke cultuurhistorie6 en erfgoed, zoals landgoed Lankheet, boerderijen en andere historische gebouwen. Buurse kent met zijn twee kerken enkele kenmerkende historische gebouwen. De combinatie van de kerk, pastorie, Irenegebouw en begraafplaatsen langs de Alsteedseweg vormt een bijzonder cultuurhistorisch geheel. Het erfgoed wordt gewaardeerd en kent een plek in de samenleving. Nieuwe ontwikkelingen staan in dienst van het behoud ervan en beleefbaar maken van het cultureel erfgoed.

2.6.3.4 Gezondheid en openbare ruimte

Uit onderzoek blijkt dat Haaksbergenaren hun gezondheid als zeer goed ervaren en dit willen we behouden. We bevorderen de positieve gezondheid (fysiek en mentaal) door het voor iedereen mogelijk te maken om voor gezonde opties te kiezen. In elke dorpskern is er een aanbod in sport, kunst spel en/of groen in de openbare ruimte. Je kan hierbij denken aan een buitengym, speeltuinen of fietsroutes. De -sociale- veiligheid wordt beter door zichtbare en toegankelijke openbare ruimtes, zoals pleinen, wegen, fiets- en wandelpaden en groen. De fietsroutes en oversteekplaatsen zijn veilig. Dit biedt kansen om laagdrempelig te bewegen en elkaar te ontmoeten. Een gezonde openbare ruimte versterkt daarmee niet alleen onze gezondheid, maar ook ons noaberschap. Buurse ligt te midden van natuurgebieden met verschillende wandel- en fietsroutes die stimuleren om te bewegen. Het verbeteren van de zichtbaarheid en het onderhoud van deze wandel- en fietsroutes draagt bij aan een recreatief netwerk door en langs de buurtschappen en buitengebieden.

We beschermen onze gezondheid ook tegen de effecten van het veranderend klimaat. Dit doen we met maatregelen voor klimaatadaptatie15. In 2050 zijn we volledig klimaatbestendig en waterrobuust. Hiervoor moeten de waterveiligheid, de zoetwatervoorziening en de ruimtelijke inrichting op orde zijn. We vinden het daarom ook belangrijk dat ons water- en bodemsysteem sturend3 zijn als we de functie van een gebied willen veranderen of als we een gebied anders willen inrichten. Het is ook goed voor meer diversiteit van groen en klimaatadaptatie15

We kijken kritisch naar waar in de kern Buurse we verharding kunnen vergroenen en we moedigen inwoners en bedrijven aan om met ons mee te doen. Je kan hierbij denken aan tegelwippen of het vergroenen van je dak. Voor groen in de kernen hanteren we het 3‑30‑300 doel. Dit houdt in dat we willen dat er vanuit elk huis 3 bomen zichtbaar zijn, dat 30% van een wijk in de schaduw van een boom valt en dat iedereen binnen 300 meter van een park of groene ruimte woont. Hiermee zorgen we ervoor dat we het groene, gezonde gevoel van het buitengebied ook in onze woonwijken ervaren.

Naast het bevorderen van gezondheid, beschermen we ook de gezondheid. We gaan zorgvuldig om met gewasbeschermingsmiddelen en zullen de overlast hiervan zoveel mogelijk beperken. De gemeente Haaksbergen heeft het streven om beleid op te stellen voor de verschillende milieuthema’s voor het hele gemeentelijke grondgebied. Het gaat hierbij in ieder geval om de thema’s geluid, licht, lucht, geur en veiligheid. De gemeente Haaksbergen zoekt hierbij samenwerking met de omgevingsdienst Twente. De wens hierbij is om zoveel mogelijk aansluiting te zoeken bij regionale beleid. Het doel hierbij is een zo optimaal mogelijke balans na te streven tussen het woon- en leefklimaat en de bedrijvigheid in de gemeente. Dit doen wij in samenspraak met onze inwoners en (agrarische) ondernemers.

2.6.4 Krachtige kernen

2.6.4.1 Genoeg woningen en de juiste woningen

Haaksbergen is een plattelandsgemeente. We bouwen voor onze lokale behoefte en voor de regionale behoefte. Dit helpt bij het in stand houden van voorzieningen en is goed voor een evenwichtige leeftijdsopbouw. Het toevoegen van woningen is nodig om onze kernen leefbaar en vitaal te houden. Ook is er vanuit het Rijk behoefte aan meer woningen voor aandachtsgroepen. Het is belangrijk dat ook de kleinere kernen zoals Buurse voorzien in extra woningbouw. In de hele gemeente Haaksbergen, zowel binnen als buiten de bebouwde kom, willen we tot 2034 900 woningen toevoegen. Dit volgt uit het reeds vastgestelde addendum bij de structuurvisie Haaksbergen 2030. Dit addendum gebruiken als richtlijn voor de woningbouwontwikkeling tot 2034 en maakt hiermee onderdeel uit van deze omgevingsvisie. Na 2034 stoppen we niet met bouwen. Twente is aangewezen als gebied voor een verstedelijkingsopgave. Wij willen hier een evenwichtige bijdrage aan leveren. We houden hierbij rekening met een verdeling van 30% sociale huur, 40% betaalbare huur-/ koopwoningen en 30% in het dure segment. Bij het toevoegen van nieuwe woningen hebben we een voorkeursvolgorde voor (1) transformeren van leegstaande gebouwen naar woningen, (2) toevoegen van woningen binnen de huidige bebouwde kom en (3) uitbreiden aan de randen. We hebben alle drie de opties nodig om genoeg woningen te bouwen voor iedereen die in Haaksbergen wil wonen. Ook bij ontwikkelingen op erven kijken we naar de bijdrage in de woonbehoefte. We beoordelen per locatie de impact op de ruimtelijke kwaliteit, de haalbaarheid en hoe praktisch/ functioneel de locatie is. We houden er bijvoorbeeld rekening mee dat er voldoende (open) ruimte is voor ontspanning, groen, biodiversiteit2 en cultuurhistorie6. We willen het ontstaan van nieuwe woonlandschappen in het landelijk gebied voorkomen. Dit werken we gebiedsgericht verder uit in het Programma Toekomstbestendig Buitengebied en het Omgevingsplan.

Buurse  ligt te midden van beschermde essen waardoor het bouwen van extra woningen uitdagend is. De woningbouw en het versterken van het cultuurhistorische landschap moeten zoveel mogelijk hand in hand gaan. We onderzoeken woningbouwlocaties binnen in het huidige dorp (inbreiding) en aan de randen van het dorp (uitbreiding). De zoekgebieden zijn aangegeven op de kaart. Hiermee maken we ruimte voor vrijstaande woningen, rijtjes of tweekappers. De zoekgebieden aan de randen van het dorp bieden kansen om de dorpsgrenzen te vergroenen. Er zijn nu al veel groene plekken binnenin het dorp, zoals bosjes en paardenweitjes, die bijdragen aan een geleidelijke overgang tussen dorp en buitengebied. Dit willen we verder ontwikkelen, bijvoorbeeld met ommetjes.

Bij alle woningbouwprojecten houden we extra rekening met de behoeften van jongeren en ouderen, bijvoorbeeld door meer kleinschalige en betaalbare woningen te ontwikkelen, door het makkelijker te maken om een woning te splitsen. We sturen op gemengde wijken, met woningen in verschillende segmenten en met verschillende bewoners. We hebben ruimte voor doelgroepen en aandachtsgroepen en zetten in op de betaalbaarheid van specifieke woonvormen.

Alle nieuwe woningbouwontwikkelingen bieden kansen om de harde dorpsgrenzen te verzachten. De inwoners van gemeente Haaksbergen zien ons groene karakter als kernkwaliteit. Dit willen we in de toekomst behouden en versterken. In het op te stellen Programma Volkshuisvesting wordt de woningbouwopgave verder uitgewerkt.

2.6.4.2 Woningen verduurzamen

In de komende jaren moeten we onze woningvoorraad verduurzamen. Voor alle nieuwbouw geldt dat we (afhankelijk van het type gebouw) gedeeltelijk willen bouwen met natuurlijke materialen, dit noemen we biobased bouwen1. Ook moet er zoveel mogelijk energieneutraal10 worden ontwikkeld. We stimuleren ontwikkelaars tot het bouwen van nul-op-de-meter woningen die nog een stapje verder gaan voor een lagere energierekening. 

2.6.4.3 Werken en leren

Haaksbergen is een ondernemende gemeente met veel arbeidsplaatsen binnen de gemeentegrenzen. We werken aan een gevarieerde economie met diverse sectoren, zodat er voor veel inwoners passend werk is. Hiermee groeit de werkgelegenheid en behouden we ook werkgelegenheid als het met een bepaald deel van de economie wat minder gaat. We helpen bedrijven om toekomstbestendig te worden door inzicht te organiseren in de mogelijke maatregelen die bedrijven kunnen inzetten om zelf te verduurzamen. 

Twente staat bekend om innovatie en technische ontwikkelingen. Ook op de Haaksbergse bedrijventerreinen ligt hier veel nadruk op en dit benutten we. De onderwijsinstellingen in de regio (zoals Assink Lyceum (middelbare school), Universiteit Twente (WO), Saxion (HBO) en ROC van Twente (MBO)) trekken jongvolwassenen aan en stimuleren ontwikkelingen. We maken kenbaar wat er in Haaksbergen te doen is. Samenwerkingen met praktijk en theorie tussen bedrijven en onderwijs bieden nieuwe kansen en ideeën die benut kunnen worden voor bijvoorbeeld de zorg, techniek, energie of landbouw. De samenwerkingen zijn ook aantrekkelijk voor het aantrekken van jong talent.

Wij zetten niet in op het toevoegen van bedrijventerrein in  Buurse . Beschikbare ruimte gebruiken we voor de ontwikkeling van woningbouw. In het buitengebied van Buurse zal ruimte ontstaan voor het toevoegen van bedrijvigheid, passend in de omgeving.  Specifiek voor Buurse zetten wij in op de ontwikkeling van recreatie en toerisme. Het natuurgebied rondom Buurse trekt verschillende recreanten en functioneert als uitloopgebied vanuit Enschede. Je leest hier meer over bij het kopje Toekomstbestendig buitengebied.

2.6.4.4 Bewegen en verplaatsen

Voor mobiliteit is het STOMP-principe leidend: dit is een voorkeursvolgorde die staat voor Stappen, Trappen, OV, Mobility-as-a-service (bijv. een deelauto) en als laatste voorkeur een Personenauto. Hiermee verminderen we de uitstoot van broeikassen door mobiliteit. Het wordt makkelijker om in en tussen de kernen meer te wandelen en te fietsen. Door de aanleg van ontbrekende schakels wordt wandelen en fietsen waar nodig aantrekkelijker en veiliger gemaakt. De wandelaar en de fietser krijgen steeds vaker voorrang op het autoverkeer waar dit veilig kan en oversteken van drukkere wegen wordt makkelijker. We zetten in op gedragsverandering en gezondheid door voorzieningen toe te voegen zoals voldoende fietsparkeerplaatsen, oplaadpunten voor e-bikes, zitgelegenheden, ommetjes en brede stoepen. We houden hierbij rekening met de toegankelijkheid voor mindervaliden. De auto blijft nodig voor verbinding tussen kernen, maar de focus ligt op de duurzamere alternatieven. 

Om de overstap van en naar de bus en andere duurzame vervoerwijzen te promoten, onderzoeken we op drie locaties of we er mobiliteitshubs kunnen realiseren. Hier komen verschillende vormen van vervoer samen waardoor het makkelijker wordt om de overstap te maken naar een (duurzaam) vervoersmiddel. Het openbaar vervoer is een verantwoordelijkheid van de Provincie Overijssel, zij maken concrete afspraken met vervoersmaatschappijen voor de bus en trein. Buiten de mobiliteitshub om is het niet realistisch dat het bus-netwerk in de gemeente uitgebreid wordt. In plaats daarvan werken we aan het behouden van het huidige aanbod en zorgen we ervoor dat alle haltes goed en veilig te bereiken zijn voor wandelaars en fietsers.

Op plekken waar de vraag naar openbaar vervoer laag is, onderzoeken we welk andere manieren er zijn om bereikbaarheid te garanderen. Zo houden we bij het bouwen van nieuwe woningen en bedrijven meteen rekening met de bereikbaarheid en doorstroming. En hoewel parkeren van belang blijft, beoordelen we per project hoeveel prioriteit dit heeft. Ook beoordelen we of het mogelijk is om de parkeervoorziening aan de uiteinden van een straat of wijk te realiseren. Uit participatie is gebleken dat veel inwoners hiervoor open staan, omdat er hierdoor voor het huis meer ruimte is voor groen, spel en ontmoeting.

2.6.4.5 Circulair

We werken toe naar een circulaire economie4 in 2050. We creëren een gesloten cirkel waarbij geen afval vrijkomt en we grondstoffen telkens hergebruiken. Om dit te bereiken verminderen we het gebruik van grondstoffen en we (her)gebruiken de beschikbare grondstoffen zo efficiënt mogelijk. Als we meer producten hergebruiken, verminderen we onze milieu-impact en de schaarste van sommige producten. Soms kan je een product één-op-één herbruiken, maar vaker vraagt het om een bewerking of verwerking, bijvoorbeeld recycling of reparatie. Deze bewerkingen vragen om werkruimtes en creatieve ideeën. Omdat circulair denken nog vrij nieuw is, moeten we onze mogelijkheden voor circulaire economie4 nog onderzoeken. Doordat we straks anders met onze spullen omgaan, verandert onze omgeving ook. Het is denkbaar dat er meer opslag- en distributieplaatsen nodig zijn, dat er minder ruimtes nodig zijn om nieuwe producten te produceren, of dat we meer spullen met elkaar delen (bijvoorbeeld auto’s of energie). Er lopen al initiatieven voor circulariteit in Haaksbergen. We bekijken in hoeverre we deze verder kunnen uitbouwen en/of hoe we de initiatieven elkaar kunnen laten versterken.

Onze bedrijven spelen een belangrijke rol bij het ontwikkelen van onze circulaire economie4. We stimuleren hen om ook zoveel mogelijk circulaire keuzes te maken bij onderhoud, reconstructies en realisatie. Met ons inkoopbeleid richten we ons op een gezamenlijke aanpak om bij te dragen aan circulariteit. We kunnen de circulaire economie4 verder versnellen door een betere samenwerking met andere Twentse gemeenten. Het is voor een circulaire economie4 namelijk belangrijk dat bedrijven elkaars (rest)producten kunnen gebruiken en dat we leren van elkaars projecten. Twente heeft een grote bouwsector en die speelt een belangrijke rol in de omschakeling naar circulair bouwen. Als beheerder van de openbare ruimte en een aantal publieke gebouwen gaan we als gemeente zelf aan de slag om circulariteit toe te passen in realisatie en onderhoudsprojecten en in ons afvalbrengpunt. We bieden aannemers de kans om nieuwe duurzame technieken toe te passen in de praktijk. 

2.6.5 Toekomstbestendig buitengebied

2.6.5.1 Water en bodem sturend

Het water- en bodemsysteem zijn sturend3 als we de functie van een gebied willen veranderen of als we een gebied anders willen inrichten. Het buitengebied van Buurse ligt temidden van drie beschermde Natura-2000 natuurgebieden (Haaksbergerveen, Buurserzand en Witte Veen). De natuurgebieden bepalen voor een groot deel het ruimtegebruik en het landschappelijk beeld van Buurse, omdat er voor gebieden rondom beschermde natuur strenge stikstof-eisen gelden. Dit stelt eisen aan de landbouw. Tegelijkertijd is de agrarisch sector belangrijk voor het onderhoud van het landschap van weilanden en houtwallen dat onze gemeente kenmerkt. Dit landschap willen we graag behouden en dat betekent dat we binnen de gestelde kaders onze agrariërs willen behouden. Ook krijgen Buurserbeek, de Hagmolenbeek en de Zoddebeek meer ruimte. Hierdoor kan in natte tijden water goed afgevoerd worden, en ook biedt dit kansen voor natuur (kaderrichtlijn water). In het beekdal hier omheen liggen mogelijkheden voor bijvoorbeeld recreatie, maar ontwikkelingen als woningbouw kunnen niet meer plaatsvinden. Ook landgebruik voor intensieve landbouw nabij de beek wordt zoveel mogelijk beperkt om de waterkwaliteit te verbeteren. Om grondwater beter vast te houden wordt ingezet op het verbeteren van de sponswerking van de bodem. Dit helpt ook om de impact van droogte zo klein mogelijk te maken. De bodem wordt sturend voor de keuze voor typen landgebruik en typen landbouw. De natuurlijke samenstelling van de bodem bepaalt mee over hoe intensief deze bodem gebruikt kan worden. We zorgen voor een balans tussen benutten en beschermen van bodem en ondergrond, waarbij verstoring van de bodem zo veel mogelijk voorkomen wordt. Een vitalere bodem versterkt namelijk zowel de sponswerking van de bodem als de capaciteit van de bodem om koolstof op te nemen.

Klimaatadaptieve maatregelen, zoals het beter vasthouden van water, zijn een randvoorwaarde voor ontwikkelingen binnen de dorpen en in het landelijk gebied. Hierbij is ‘groenblauwe dooradering12’ van groot belang. Groenblauwe dooradering12 houdt in dat een gebied wordt doorkruist (‘dooraderd’) door groene (hagen, bomenrijen) en blauwe (sloten, beken) landschapsonderdelen. Deze plekken zorgen voor schuilplaatsen voor dieren en helpen bij het verplaatsen van planten en dieren. Ook helpt het om te werken aan onze Basiskwaliteit Natuur en daarmee aan onze biodiversiteit2. Net als in de rest van Nederland, willen we dat in 2035 10% van de oppervlakte in het buitengebied onderdeel is van groenblauwe dooradering12. Daarom zetten we in Buurse in op het behouden en waar mogelijk/nodig ontwikkelen van houtwallen, hagen en waterlopen die passen in het huidige landschap, ter versterking van het coulissenlandschap5. Ook willen we deze groenblauwe dooradering12, waar mogelijk, doortrekken naar onze bebouwde gebieden. Zo verbinden we onze kernen sterker met het groene, landelijke gebied.

2.6.5.2 Landschap

Het buitengebied van  Buurse  bestaat voor een groot deel uit Natura-2000 natuurgebieden Haaksbergerveen, Buurserzand en Witte Veen. Daarnaast kent het gebied NNN-natuurgebieden (Nederlands Natuur Netwerk), die een minder strenge bescherming kennen dan Natura2000-gebieden. Een van de doelen van deze gebieden is om de Natura2000-gebieden met elkaar te verbinden. Het Buurserzand, maar ook het Haaksbergerveen, worden door de inwoners ervaren als kernwaarden van Haaksbergen. Beide gebieden hebben mooie en toegankelijke wandel- en fietspaden die dwars door het groene buitengebied gaan. Met zijn vele houtwallen en boomsingels kent het gebied al veel elementen van de groenblauwe dooradering 12 . We zetten in op het beschermen en versterken van deze natuurwaarden. Het gebied langs de Buurserbeek leent zich er goed voor om groen en water te combineren met vormen van (route-gebonden) recreatie die de natuur weinig aantasten. Er is hier ruimte voor bijvoorbeeld wandelen, fietsen, mountainbike-routes of een sup-route.

2.6.5.3 Werken in landelijk gebied

Het agrarisch gebruik is belangrijk voor de inrichting en het behoud van het Haaksbergse landschap, met zijn weilanden en houtwallen. In het landelijk gebied is het belangrijk om te kijken naar onze rol als gemeente. Het Rijk en de provincie stellen regels en voorwaarden aan activiteiten en grondgebruik in het landelijk gebied. Hoewel een transformatie van landbouw noodzakelijk is, zetten we erop in om de landbouw in Haaksbergen zo veel mogelijk te behouden en een gezonde bedrijfsvoering mogelijk te maken. Als gemeente maken we economische dragers in het buitengebied mogelijk mits deze voldoen aan de randvoorwaarden qua landschap, veiligheid en gezondheid als belangrijke pijlers voor de leefbaarheid. Het agrarische gebruik draagt meer bij aan het onderhouden van landschapselementen zoals houtwallen. Ook agrarisch natuurbeheer zal in Buurse een belangrijke rol gaan spelen. We zetten in op duurzame vormen van landschapsbeheer. Hierbij gelden de principes van water en bodem sturend3: de landbouw gebruikt water en bodem als hulpbronnen, maar in de mate waarin deze natuurlijk aanwezig zijn zonder deze uit te putten. Bij de transformatie van de huidige landbouw naar duurzame landbouw is ons uitgangspunt dat de agrarisch ondernemers een toekomstperspectief blijven houden waarin ze hun inkomen blijven verdienen door bedrijvigheid op hun eigen percelen en door middel van subsidies voor natuurbeheer. 

Er zijn ook agrariërs die willen stoppen of verbreden. Zij krijgen de ruimte om (onder bepaalde voorwaarden) hun verdienmodel te veranderen. Het is hierbij belangrijk dat er per situatie beoordeeld wordt of de verandering passend is voor het buitengebied van Buurse, wat de (milieu-) impact is op de omliggende erven en wat de impact is op de natuurbeschermingsdoelen. In het buitengebied van Buurse  zetten we in op de ondersteuning en versterking van bestaande recreatieondernemers. Ze maken het buitengebied toegankelijk voor recreanten en dragen bij aan onze economie. Het is onze ambitie om deze recreatieve bedrijven zoveel mogelijk te behouden en te versterken. Hierbij letten we erop dat het recreatieaanbod divers is en goed aansluit bij de vraag en doelgroep, zonder dat de waarde van het landschap achteruitgaat. We streven naar een goede balans tussen natuur (rust, donkerte etc.) en recreatie. We zetten onszelf meer op de kaart met activiteiten voor dagrecreatie. Ook verbeteren we ons aanbod in verblijfsrecreatie doordat we meer diverse opties aanbieden, passend bij de verschillende type bezoekers. We willen meer bezoekers aantrekken die iets toevoegen aan ons omgeving óf onze economie. We richten ons naast onze huidige bezoekers (voornamelijk gepensioneerden) meer op stellen en gezinnen die komen voor de rust, ruimte en natuur. Binnen deze focusdoelgroepen richten we ons met name op millennials en de alpha-generatie. Zij willen ervaringen op doen, worden aangetrokken door cultuur en natuur en zoeken de uitdaging op. Bezoekers dragen bij aan de leefbaarheid en het in stand houden van voorzieningen in de kern. Dit biedt ook kansen voor (stoppende) agrarische ondernemers die hun bedrijf willen uitbreiden met andere activiteiten of die van activiteit willen veranderen.

2.6.5.4 Energie en warmte

We willen in 2050 energieneutraal10 en aardgasvrij zijn. Energieneutraal10 worden we vooral door zonnepanelen op daken, zonnevelden in het landelijk gebied en windenergie. In Buurse draagt de opwekking van windenergie bij aan de doelen van de Regionale Energiestrategie (RES). Het gebied ten noorden van Buurse is aangewezen als potentieel gebied voor een windpark. Of er wel of geen windturbines komen is uiteindelijk aan de provincie, maar de gemeente kan de provincie wel uitgangspunten meegeven over niet-ruimtelijke kaders, zoals lokaal eigenaarschap, beperking aantasting van de leefomgeving en verdeling van lusten en lasten.

De energietransitie11 vraagt om meer ruimte, omdat we ons energienet moeten verbeteren. Onder de grond is ruimte nodig voor nieuwe leidingen en er komen meer transformatorhuisjes en schakelstations in het straatbeeld. Zo zorgen we ervoor dat we alle energie die we opwekken ook kwijt kunnen en dat nieuwe woningen/ bedrijven verzekerd zijn van genoeg elektriciteit. We onderzoeken de kansen om de ruimtevraag van de energietransitie11 te verminderen door in te zetten op warmtenetten en de opwekking van (innovatieve) duurzame gassen, zoals groengas of waterstof. In Buurse onderzoeken we ook wat de mogelijkheden zijn voor biogas en groen gas. Deze vormen van energieopwekking vragen vaak om minder ruimte. Daarnaast zien we in Buurse kansen voor energieopwekking op erven van agrariërs, met bijvoorbeeld mestvergisters, erfmolens of zonnepanelen op daken. We willen in Buurse geen energie opwekken met grootschalige zonnevelden op weilanden. 

Ten slotte richten we ons op energiebesparing: alle energie die we niet verbruiken, hoeven we ook niet op te wekken. We helpen bedrijven hierbij met duidelijke informatievoorziening over de mogelijkheden om te verduurzamen. 

2.6.6 Hoofdopgaven Buurse op de kaart

Hoofdopgaven Buurse
afbeelding binnen de regeling

3 Hoofdstuk 3: Afsluitend deel

3.1 Totstandkoming

We werkten in drie fases aan de totstandkoming van onze omgevingsvisie. Bij elke fase betrokken we de samenleving. Hiermee haalden we veel meningen en ideeën op.

Stappenplan totstandkoming omgevingsvisie
afbeelding binnen de regeling

3.2 Fase 1: Kwaliteiten en opgaven

We zijn deze fase gestart met een beleidsinventarisatie. Hierin is al het huidige, vastgestelde beleid samengevat. De beleidsinventarisatie geeft inzicht in de kwaliteiten en opgaven van gemeente Haaksbergen. Ook is gekeken naar de trends en ontwikkelingen die op gemeente Haaksbergen afkomen. Samen met inwoners, professionele stakeholders en de ambtelijke organisatie zijn de kwaliteiten en opgaven aangescherpt. Hoe moet de gemeente Haaksbergen er in 2040 uit zien? Waar dromen we van? Hiervoor zijn de mensen opgezocht. We waren daar waar onze inwoners zijn: wij hebben gevraagd om input op straat, op de markt, bij de verenigingen en bij de evenementen in Haaksbergen. De bevindingen uit de beleidsinventarisatie, kwaliteiten, trends en ontwikkelingen en opgaven zijn vastgelegd in dit eerste deelproduct: Notitie Kernkwaliteiten en Opgaven.

3.3 Fase 2: Uitgangspunten

Op basis van de kwaliteiten en opgaven formuleren we uitgangspunten. Deze uitgangspunten kregen een plek in tekst en op de kaart. Sommige uitgangspunten gelden voor de hele gemeente, andere uitgangspunten gelden alleen voor een specifiek deelgebied. Ook in deze fase werkten we samen met de samenleving. We organiseerden vijf bijeenkomsten, omgevingsvisites, verdeeld over de gemeente. We koppelden terug wat we in de eerste fase hebben opgehaald en presenteerden de eerste aanzet van de gebiedsgerichte uitwerking. Op basis van de input uit de vijf bijeenkomsten maakten we de ontwerp omgevingsvisie.

3.4 Fase 3: Besluitvorming

De laatste fase was de terinzagelegging van de ontwerp omgevingsvisie en het vaststellen van de omgevingsvisie. Tijdens deze fase kunnen alle belanghebbenden nog een keer hun mening (zienswijze) geven, tijdens de officiële inspraakprocedure. De reacties worden, waar dat kan, verwerkt in de omgevingsvisie. Daarna heeft de gemeenteraad de omgevingsvisie Haaksbergen vastgesteld en kunnen we gaan samenwerken aan het waarmaken van onze gezamenlijke droom.

Bijlage I Overzicht Informatieobjecten

Bijlage II Overzicht Documentenbijlagen

Bijlage III Begrippen

1 Biobased bouwen

Biobased bouwmaterialen zijn bouwmaterialen gemaakt van dierlijk materiaal of van schimmels, planten, bacteriën die ecologisch verantwoord geteeld, geoogst, gebruikt en hergebruikt worden. Planten en bomen nemen tijdens het groeiproces aanzienlijke hoeveelheden CO2 op. in het biobased gebouw wordt deze CO2 langdurig opgeslagen in het bouwmateriaal.

2 Biodiversiteit

Biodiversiteit omvat alle soorten planten, dieren en micro-organismen, maar ook de genetische variatie binnen die soorten en de variatie aan ecosystemen waarvan ze deel uitmaken.

3 Bodem en water sturend

Wanneer het boden-watersysteem een doorslaggevende rol speelt bij de inrichting van de gemeente. Hiermee zijn we beter bestand tegen klimaatverandering en voorkomen we druk op de biodiversiteit.

4 Circulaire economie

Systeem waarin afval niet meer bestaat en alle producten (of onderdelen daarvan) worden hergebruikt. 

5 Coulisselandschap

Halfopen landschap dat door heggen, houtwallen en muurtjes ontstaan is door kleinschalig grondgebruik.

6 Cultuurhistorie

De geschiedeis van alles dat door mensen gemaakt is en niet op natuurlijke wijze ontstaan is.

7 Deelmobiliteit

Vervoermiddelen die met verschillende gebruikers worden gedeeld. Bijvoorbeeld auto's, fietsen of bromfietsen, zijn (tegen betaling) voor een korte periode voor iedereen toegankelijk.

8 Dubbele vergrijzing

Wanneer niet alleen de groep ouderen steeds groter wordt, maar daarnaast ook de gemiddelde leeftijd steeds hoger wordt.

9 Duurzaamheid

Milieuvriendelijk of grondstof-besparend. Een duurzame ontwikkeling voorziet in de behoeften van de huidige generatie, zonder de behoeften van toekomstige generaties (zowel hier als in andere delen van de wereld) in gevaar te brengen.

10 Energieneutraal

Wanneer je evenveel energie gebruikt als je opwekt. 

11 Energietransitie

De overgang van een energiesysteem gebaseerd op fossiele energiebronnen naar een energiesysteem gebaseerd op duurzame en CO2-neutrale energiebronnen. Dit betekent de overgang van het gebruik van kolen, olie en gas naar het gebruik van zon, wind en water als bron van energie.

12 Groenblauwe dooradering

Een netwerk van kleine landschapselementen in een gebied. Dit zijn in de meeste gevallen "lijnvormige" elementen, zoals dijken, heggen en beken. Ook kleine natuurgebiedjes, aardwallen en poelen kunnen er deel van uitmaken. 

13 Hernieuwbare grondstoffen 

Hernieuwbare grondstoffen zijn onuitputtelijk, groeien weer aan en kunnen telkens opnieuw worden gewonnen. Bijvoorbeeld hout, katoen en wol.

14 Hittestress

Negatieve effecten die zich voordoen in een periode van zeer warm weer.

15 Klimaatadaptatie

Maatregelen waarmee de negatieve effecten van klimaatverandering worden beperkt.