Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR757320
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR757320/1
Verordening op de ambtelijke bijstand Hengelo 2026
Geldend van 21-02-2026 t/m heden
Intitulé
Verordening op de ambtelijke bijstand Hengelo 2026De raad van de gemeente Hengelo;
Gelet op artikel 33, derde lid, van de Gemeentewet;
Besluit vast te stellen de volgende verordening:
Verordening op de ambtelijke bijstand Hengelo 2026
Paragraaf I. Algemene bepalingen
Artikel 1. Definities
-
1. In deze verordening wordt verstaan onder:
- a.
ambtelijke bijstand: bijstand verleend door onder het gezag van het college werkzame ambtenaren;
- b.
bijstand: ondersteuning bij het opstellen van voorstellen, amendementen en moties of andere ondersteuning niet zijnde een verzoek om informatie;
- c.
raadslid: leden van de raad als bedoeld in artikel 7 Gemeentewet;
- d.
fractievertegenwoordiger: een fractievertegenwoordiger als bedoeld in artikel 6a van het Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad en politieke markt van de gemeente Hengelo;
- e.
college: het college van burgemeester en wethouders als bedoeld in artikel 34 Gemeentewet
- f.
secretaris: de secretaris als bedoeld in artikel 100 Gemeentewet;
- g.
griffier: de griffier als bedoeld in artikel 100 Gemeentewet.
- a.
Paragraaf II. Verzoeken om informatie of bijstand
Artikel 2. Verzoek om informatie
-
1. Een raadslid c.q. fractievertegenwoordiger kan de griffier verzoeken om feitelijke (technische) informatie van geringe omvang of om inzage in of afschrift van bij de raad, college of burgemeester berustende schriftelijke stukken en ander materiaal dat gegevens bevat.
-
2. Indien het verzoek om informatie aan de griffier wordt gericht en de griffier kan die informatie niet verstrekken, wendt de griffier zich met dat verzoek tot een ambtenaar of verwijst het raadslid c.q. fractievertegenwoordiger door naar een ambtenaar.
-
3. In afwijking van het bepaalde in het eerste en tweede lid kan een raadslid c.q. fractievertegenwoordiger zich voor het verkrijgen van de feitelijke informatie ook rechtstreeks en zonder tussenkomst van de griffier tot de behandelend ambtenaar wenden.
-
4. Een ambtenaar verstrekt de gevraagde informatie, onder de voorwaarden dat:
- a.
Het verzoek geen betrekking heeft op informatie, neergelegd in documenten ten aanzien waarvan het college op grond van een belang, vermeld in artikel 5.1 Wet open overheid, geheimhouding heeft opgelegd dan wel een aldaar vermeld belang zich tegen openbaarmaking verzet;
- b.
het verstrekken van de gevraagde informatie geen dusdanig groot beslag legt op de ambtelijke capaciteit dat de uitvoering van de aan de ambtelijke organisatie opgedragen werkzaamheden in het gedrang komt.
- a.
-
5. Indien de ambtenaar twijfelt of het verzoek betrekking heeft op informatie bedoeld onder het eerste lid of dat zich een uitzondering voordat als bedoeld in het vierde lid, stelt hij de secretaris daarvan in kennis. De secretaris beslist.
Artikel 3. Verzoek om bijstand
-
1. Een raadslid c.q. fractievertegenwoordiger kan de griffier verzoeken om bijstand.
-
2. De verzochte bijstand wordt zo spoedig mogelijk verleend, voor zover dit naar het oordeel van de griffier in redelijkheid kan worden gevergd. Als de griffier de verzochte bijstand niet kan verlenen, verzoekt hij de secretaris om een of meer ambtenaren aan te wijzen die ambtelijke bijstand verlenen.
-
3. De secretaris weigert het verzoek om ambtelijke bijstand als:
- a.
naar zijn oordeel niet aannemelijk is gemaakt dat de ambtelijke bijstand betrekking heeft op raadswerkzaamheden, of;
- b.
dit naar zijn oordeel het belang van de gemeente kan schaden, of;
- c.
Het verlenen van de verzochte ambtelijke bijstand naar zijn oordeel in redelijkheid niet kan worden gevergd.
- a.
-
4. Als de secretaris het verzoek om ambtelijke bijstand weigert, deelt hij dit met redenen omkleed mee aan de griffier en aan het raadslid c.q. fractievertegenwoordiger door wie het verzoek is ingediend. De griffier of het raadslid kan de burgemeester verzoeken met de griffier en de secretaris en zo nodig het raadslid c.q. fractievertegenwoordiger in overleg te treden over het alsnog laten verlenen van de ambtelijke bijstand. De burgemeester geeft zo spoedig mogelijk gehoor aan dit verzoek.
Artikel 4. Geschil over verleende ambtelijke bijstand
-
1. Een raadslid c.q. fractievertegenwoordiger die niet tevreden is over de aan hem verleende ambtelijke bijstand, kan de griffier verzoeken hierover in overleg te treden met de secretaris.
-
2. Als overleg met de secretaris niet leidt tot een ook voor het raadslid c.q. fractievertegenwoordiger bevredigende oplossing, kan deze de burgemeester verzoeken met de griffier en de secretaris en zo nodig het raadslid c.q. fractievertegenwoordiger in overleg te treden over de aan hem verleende ambtelijke bijstand. De burgemeester geeft zo spoedig mogelijk gehoor aan dit verzoek.
Artikel 5. Verstrekking informatie over verzoeken om ambtelijke bijstand
Als het college of één of meer leden van het college informatie wensen over een verzoek om ambtelijke bijstand of over de inhoud van verleende ambtelijke bijstand, wenden zij zich daartoe rechtstreeks tot het betrokken raadslid c.q. fractievertegenwoordiger.
Paragraaf III. Slotbepalingen
Artikel 6. Intrekken oude verordening en overgangsrecht
De ‘Verordening ambtelijke bijstand 2006,’ vastgesteld op 3 oktober 2006, wordt ingetrokken op het moment van inwerkingtreding van de Verordening ambtelijke bijstand 2026.
Artikel 7. Inwerkingtreding en citeertitel
-
1. Deze verordening treedt in werking op de datum van bekendmaking.
-
2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening ambtelijke bijstand Hengelo 2026
Ondertekening
Ondertekening
Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Hengelo in de openbare vergadering van
11 februari 2026
de griffier
de voorzitter
Toelichting
Algemeen
Artikel 33, eerste lid, van de Gemeentewet (hierna: wet) bepaalt dat de raad en elk van zijn leden recht hebben op ambtelijke bijstand. Met betrekking tot de ambtelijke bijstand moet de raad een verordening vaststellen die ten aanzien van de ondersteuning regels bevat (derde lid).
De formulering van artikel 33 van de wet laat buiten twijfel dat ook individuele raadsleden, recht hebben op ambtelijke bijstand. Op deze verordening kan dus door alle raadsleden een beroep worden gedaan. En aangezien wij fractievertegenwoordigers in hun mogelijkheden zoveel mogelijk willen gelijk schakelen aan de raadsleden kunnen fractievertegenwoordigers ook een beroep doen op deze verordening.
In deze verordening vervult de griffier een belangrijke rol. De hoofdverantwoordelijkheid van de griffier is de ondersteuning van de raad; de griffier is onder andere het eerste aanspreekpunt als het gaat om verzoeken om informatie en bijstand. Een nadere omschrijving van en toelichting op de taken van de griffier is vastgelegd in de ambtsinstructie van de griffier. De griffiemedewerkers (adjunct-griffiers en griffiemedewerker) vallen onder het gezag van de griffier.
Dat de raad over een griffier met griffie beschikt die bijstand kan verlenen, betekent niet dat er geen behoefte is aan ambtelijke bijstand door de reguliere ambtelijke organisatie. De griffie is, in vergelijking met de reguliere organisatie, beperkt in omvang. Voor specialistische hulp op het gebied van het maken van amendementen, moties en regelingen zal in bepaalde gevallen een beroep op deze organisatie dan ook nodig zijn. Dit geldt ook voor specifieke informatie die alleen bij de reguliere ambtelijke organisatie beschikbaar is.
Omdat de griffier geen zeggenschap heeft over de reguliere ambtelijke organisatie zal daarom de secretaris in dergelijke gevallen de ambtenaar die de ambtelijke bijstand verleent moeten aanwijzen. Daarom zijn bepaalde aspecten van de rol van de secretaris in deze verordening nader uitgewerkt. Dat is van belang om de rol van de secretaris op een juiste wijze vorm te geven vanwege de sinds de invoering van het dualisme aanwezige splitsing tussen griffie en reguliere ambtelijke organisatie.
Artikelsgewijze toelichting 2026:
In deze artikelsgewijze toelichting worden enkel die bepalingen die nadere toelichting behoeven behandeld.
Artikel 1. Definities
In dit artikel worden definities gegeven van enkele begrippen die in de verordening voorkomen en die verduidelijking behoeven omdat de betekenis niet per se voor zich spreekt. Door hierna te bespreken tekstuele wijzigingen in andere artikelen van de verordening, bevat de nieuwe verordening minder definities dan voorheen.
Om het noodzakelijke onderscheid te kunnen blijven maken tussen de ondersteuning die verleend wordt door ambtenaren van de griffie en ambtenaren van de reguliere ambtelijke organisatie, wordt in artikel 1 nu duidelijk gemaakt dat de term ‘bijstand’ ziet op het verlenen van ondersteuning bij het opstellen van voorstellen, amendementen en moties of andere ondersteuning niet zijnde een verzoek om informatie. De term ‘ambtelijke bijstand’ is voorbehouden voor gevallen waarin deze ondersteuning door ambtenaren van de reguliere ambtelijke organisatie verleend wordt.
Fractievertegenwoordigers kunnen ook een beroep doen op deze verordening.
Artikel 2.Verzoek om informatie
Raadsleden die feitelijke informatie van geringe omvang nodig hebben of inzage of afschrift van bij de raad, burgemeester en wethouders of de burgemeester berustende schriftelijke stukken, hoeven zich niet via de formele weg van artikel 169, tweede en volgende lid, van de Gemeentewet tot het college te richten. In dit artikel is bepaald dat zij hun verzoek aan de griffier kunnen richten.
Een raadslid kan in Hengelo zich met een verzoek om informatie te wenden tot de griffier danwel rechtstreeks tot de behandelend ambtenaar. De griffier kan een van een raadslid ontvangen verzoek om informatie door de griffie zelf behandelen, danwel neerleggen bij een ambtenaar van de reguliere ambtelijke organisatie. Artikel 2 van de verordening ambtelijke bijstand 2006 van Hengelo is hier overgenomen. Een en ander is laagdrempeliger geformuleerd dan de VNG in haar Modelverordening adviseert. Onze formulering maakt dat niet alle verzoeken om informatie via de griffier en de secretaris hoeven te lopen: het gaat hier immers in de regel om verzoeken om informatie, zijnde in principe lichte verzoeken, waarvoor tussenkomst van griffier en secretaris niet noodzakelijk is. De bruikbaarheid en de goede werking van dit artikel heeft zich de afgelopen jaren ook bewezen.
Verzoeken die betrekking hebben op documenten waarop al dan niet geheimhouding rust, worden eveneens aan de griffier gericht. Daarbij zij er volledigheidshalve op gewezen dat de griffier een opgelegde geheimhouding in acht moet nemen. Als een raadslid geheime stukken opvraagt die alleen mogen worden ingezien, moet de griffier het verzoek van het raadslid doorgeleiden naar het orgaan dat de geheimhouding heeft opgelegd.
De griffier (of één van de griffiemedewerkers) verstrekt de informatie zo spoedig mogelijk. Als de griffier niet in staat is om volledig tegemoet te komen aan het verzoek, kan hij de secretaris vragen of de reguliere ambtelijke organisatie de informatie kan leveren. Het is in lijn met de onderlinge taakverdeling dat de griffier het aanspreekpunt en de aangewezen persoon is om de voortgang in het proces te bewaken.
Artikel 3 Verzoek om bijstand
Ook verzoeken om bijstand moeten aan de griffier gericht worden. Als de griffier of de griffiemedewerkers de verzochte bijstand niet kunnen leveren, verzoekt de griffier de secretaris om inzet van ambtenaren van de reguliere ambtelijke organisatie. Het is aan de secretaris om te beoordelen of een van de in het derde lid genoemde ‘weigeringsgronden’ voor het door ambtenaren van de reguliere ambtelijke organisatie verlenen van ambtelijke bijstand zich voordoet. Overigens ligt het bij een conflict over het al dan niet verlenen van ambtelijke bijstand in de rede dat de burgemeester, als voorzitter van de raad en het college, hierover overleg voert met de secretaris, de griffier en indien nodig ook het betrokken raadslid (vierde lid).
Artikel 4 Geschil over verleende ambtelijke bijstand
Net als bij de weigering om ambtelijke bijstand door ambtenaren vanuit de reguliere ambtelijke organisatie te verlenen, kan de burgemeester ook een rol vervullen als een raadslid niet tevreden is over de door een ambtenaar van de reguliere ambtelijke organisatie verleende ambtelijke bijstand. Als er een conflictsituatie ontstaat of dreigt te ontstaan zal de burgemeester ook hier een bemiddelende rol kunnen spelen (tweede lid). De positie van de burgemeester maakt hem bij uitstek geschikt voor deze taak als bruggenbouwer.
Artikel 5 Verstrekking informatie over verzoeken om ambtelijke bijstand
Dit artikel treft een voorziening om de ambtenaar die ambtelijke bijstand aan een raadslid verleent, te beschermen. Het artikel voorkomt dat de betreffende ambtenaar in een spagaat tussen raad en college terecht komt. Als een raadslid om ambtelijke bijstand verzoekt, moet hij ervan uit kunnen gaan dat de ambtenaar bij het verrichten van die werkzaamheden onafhankelijk opereert van het college. Om te verzekeren dat een ambtenaar niet door collegeleden onder druk wordt gezet om toch inlichtingen te verschaffen over het verzoek van een raadslid, is bepaald dat collegeleden zich voor informatie direct tot het betrokken raadslid wenden en niet tot de behandelend ambtenaar. Dit biedt bovendien een extra waarborg voor de onafhankelijke behandeling van een verzoek om ambtelijke bijstand.
De ambtenaar die ambtelijke bijstand verleent blijft echter wel onderdeel van de reguliere ambtelijke organisatie. Het verlenen van ambtelijke bijstand hoort tot de normale uitoefening van zijn taak. Als hij of zij dit gedeelte van zijn taak niet goed uitoefent, behoudt het college dus de mogelijkheid om de ambtenaar hierop via de gemeentesecretaris aan te spreken. Dit impliceert wél dat het college via de secretaris op de hoogte moet c.q. mag zijn van het onderwerp van het verzoek zelf, anders zou het college ook het raadslid niet kunnen benaderen over de inhoud en over de strekking van het verzoek.
Artikel 6 en 7
Deze artikelen behoeven geen toelichting.
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl