Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR757305
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR757305/1
Geldend van 17-02-2026 t/m heden
Hoofdstuk 1 Inhoudsopgave
Paragraaf 1.1 Wat is de omgevingsvisie?
Introductie
In de omgevingsvisie van de gemeente Veendam staat beschreven wat wij met elkaar belangrijk vinden als het om onze leefomgeving
gaat. De leefomgeving gaat over alles wat we buiten zien, ervaren, horen en ruiken.
Bijvoorbeeld hoe onze gemeente eruitziet, hoe schoon de lucht is, welke bedrijven
er zijn, hoe we omgaan met vergrijzing, het winkelaanbod en duurzaamheid. In de omgevingsvisie
kijken we niet alleen naar de leefomgeving die we kunnen aanraken of voelen. We kijken
ook naar sociale onderwerpen zoals veiligheid en gezondheid. Met de omgevingsvisie
willen we samen met inwoners, ondernemers én bestuurders een toekomstbeeld schetsen
om onze gemeente nog mooier te maken om in te wonen, werken en verblijven.
De onderdelen van onze leefomgeving waar we trots op zijn, willen we graag beschermen
en verbeteren. Daarnaast willen we ook nieuwe doelen bereiken. Deze doelen vertalen
we in ambities en leggen we vast in de omgevingsvisie. Zo beschrijven we waar we tot
2040 mee aan de slag gaan. De omgevingsvisie is een dynamisch document. Dit betekent
dat regelmatig wordt beoordeeld of de visie nog klopt, of dat de inhoud aangepast
moet worden. Zo kunnen wij inspelen op ontwikkelingen in de samenleving.
Doel
Met de omgevingsvisie schetsen wij samen met inwoners en ondernemers een toekomstbeeld
voor onze gemeente. Dit toekomstbeeld is erop gericht om de gemeente nog mooier te
maken zodat iedereen er prettig kan wonen, werken en verblijven. De kaders die wij
belangrijk vinden voor nieuwe initiatieven (plannen) worden per gebied in de omgevingsvisie
omschreven. Deze kaders zijn de onderdelen van de visie, namelijk de thema’s, waarden
en ambities (zie ook: Paragraaf 1.3 Hoe werkt de website?). Wij bepalen niet precies wat er ergens moet gebeuren. Met onze kaders geven we
aan wat we belangrijk vinden en zo nodigen we u als inwoners, organisatie of ondernemer
uit om plannen te maken die hierbij passen.
Initiatief nemen
Nieuwe initiatieven (plannen) worden getoetst aan onze omgevingsvisie. Wanneer het
initiatief aansluit bij de keuzes die wij maken in de omgevingsvisie, gaan we ermee
aan de slag. Aan de slag betekent niet dat wij als gemeente het plan gaan uitvoeren.
Samen met de initiatiefnemer bespreken we wie welke rol pakt. De visie zelf maakt
nog geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk. Vaak heeft u hiervoor nog wel een nieuwe
vergunning nodig.
Overig beleid
Deze omgevingsvisie wordt vastgesteld als gebiedsdekkende structuurvisie voor de gemeente
Veendam. Wanneer de Omgevingswet in werking treedt wordt de omgevingsvisie het belangrijkste
beleidsmatige instrument. De omgevingsvisie dient dan de strategische hoofdlijnen
van al het beleid voor de fysieke leefomgeving in de gemeente te bevatten. Deze omgevingsvisie
is alvast in de geest van dat vereiste opgesteld, maar voldoet er nog niet volledig
aan. Tot 31 december 2024 heeft de gemeente Veendam de tijd om alle strategische hoofdlijnen
van beleid uit huidige structuurvisies en overige beleidsdocumenten voor de fysieke
leefomgeving over te brengen naar de omgevingsvisie. Het meer uitvoeringsgerichte
beleid dat daaruit voortvloeit, zal in datzelfde tijdsbestek vastgesteld worden in
verschillende uitvoeringsprogramma’s. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een uitvoeringsprogramma
wonen, een uitvoeringsprogramma centrum en een uitvoeringsprogramma mobiliteit. In
aanloop naar de inwerkingtreding van de Omgevingswet zal bij de actualisaties van
huidige structuurvisies en andere beleidsdocumenten al zoveel mogelijk gewerkt worden
in die nieuwe systematiek. Totdat de uitbouw van de omgevingsvisie en de vaststelling
van de uitvoeringsprogramma’s voltooid is, blijven de huidige structuurvisies en overige
beleidsdocumenten (naast de omgevingsvisie) van kracht.
Paragraaf 1.2 Proces
Bij het opstellen van de omgevingsvisie vinden wij het belangrijk dat inwoners, bedrijven en andere partijen meedenken over de inhoud. Inwoners zijn de experts en weten het beste wat er in hun omgeving en hun leven belangrijk is. Daarom is hun mening waardevol. Op deze manier is de omgevingsvisie niet alleen een visie van de gemeente, maar van iedereen!
Voorbereiding
Wij zijn begonnen met het verzamelen van wat er op dit moment gebeurt in de gemeente Veendam. Hoe ziet de gemeente eruit? Wat zijn de kwaliteiten? Welk beleid kent de gemeente en is dit beleid nog actueel? Welke nieuwe ontwikkelingen komen er op ons af? Zo brachten we in beeld welke belangrijke opgaven (uitdagingen) er zijn waar we de komende jaren mee aan de slag moeten. Dit is onder andere gedaan op basis van de dorps- en wijkagenda’s, de leefomgevingsfoto van Veendam en beleidsdocumenten.
Wijkprikker
De mening en bijdrage van de inwoners van Veendam is een belangrijk onderdeel voor
het opstellen van de omgevingsvisie. Om informatie op te halen bij bewoners over wat
zij belangrijk vinden voor de toekomst van Veendam is de wijkprikker opgesteld. Tussen
25 maart en 1 mei 2021 konden deelnemers deze wijkprikker invullen. Ten eerste konden
twee algemene vragen worden beantwoord: Waar bent u trots op als u denkt aan Veendam?
En wat zou volgens u de leefomgeving van Veendam nog mooier, beter of gezonder maken?
Vervolgens konden de deelnemers prikkers plaatsen op een kaart om per thema of per
deelgebied gerichte input te geven voor de omgevingsvisie. In totaal zijn er 500 reacties
binnen gekomen via de wijkprikker. Deze informatie is waardevol geweest bij het opstellen
van de omgevingsvisie.
Ontmoetingen
Naast de informatie die we door middel van de wijkprikker hebben opgehaald hebben
we verdiepende gesprekken gevoerd met stakeholders, zoals woningcorporaties, wijkteams
en de GGD Groningen. Deze ontmoetingen vonden op drie verschillende avonden plaats
(18, 19 en 20 mei 2021). Tijdens de eerste avond stonden de thema’s ondernemen, buitengebied
en energie centraal. Op de tweede avond hebben we gesproken over de thema’s wonen
en bereikbaarheid. De derde ontmoeting stond in het teken van de thema’s sport, recreatie,
leefbaarheid en gezondheid. Tijdens deze avonden werden vragen gesteld zoals hoe ziet
het buitengebied van Veendam er in 2040 uit? En wat vindt u goed en wat mist u aan
de woonkwaliteit in Veendam? Aan de hand van dergelijke vragen konden de deelnemers
digitaal stickers/geeltjes plakken met hun mening of input voor de omgevingsvisie.
Botsingen en keuzes maken
Alle opbrengsten uit de wijkprikker en de ontmoetingen namen we mee in het verdere
proces. Deze uitkomsten hebben we naast het huidige beleid en de huidige staat van
de leefomgeving gezet. Zo werd duidelijk dat er botsingen ontstaan omdat we niet alles
tegelijkertijd of in dezelfde ruimte kunnen realiseren. Een voorbeeld van zo’n botsing:
in de woongebieden en in het centrum is meer behoefte aan groen. Tegelijkertijd staat
de gemeente Veendam voor een woningbouwopgave. Waar zetten we de beschikbare ruimte
voor in? We brachten alle botsingen in kaart en bespraken deze met het college van
burgemeester en wethouders (6 juli 2021). Daarbij namen we ook de impactbeoordeling
van verschillende alternatieven vanuit de strategische impactbeoordeling mee. Per
botsing heeft het college richting aangegeven op basis van informatiebladen. De uitgesproken
voorkeur van het college is verwerkt in deze omgevingsvisie.
Strategische impactbeoordeling
Bij het opstellen van een omgevingsvisie is het belangrijk om de effecten op de fysieke
leefomgeving mee te nemen in de keuzes die worden gemaakt. Deze effecten hebben we
in beeld gebracht in de strategische impactbeoordeling. Om de effecten goed te kunnen
bepalen, hebben we eerst de leefomgevingsfoto (LOF) opgesteld. In deze foto kunt u
de situatie in Veendam zien voor veel onderwerpen, zoals luchtkwaliteit, groen en
energie. In de strategische impactbeoordeling zijn de gemaakte keuzes en ambities
samen beoordeeld waarmee duidelijk wordt welke effecten de visie heeft op de leefomgeving
van Veendam. In de strategische impactbeoordeling zijn daarbij aanbevelingen gegeven
om de omgevingsvisie scherper te maken. Ook is advies gegeven over het omgevingsbeleid
dat na de omgevingsvisie wordt opgesteld (zie ook de Paragraaf 1.5 Beleidscyclus). De stappen die we gaan zetten om de ambities waar te maken, zijn vervolgens zo
concreet mogelijk gemaakt in de omgevingsvisie.
Besluitvorming en zienswijzen
De ontwerp-omgevingsvisie is het resultaat van de inbreng uit de wijkprikker, ontmoetingen
met stakeholders, ambtelijke bijdragen en de uitgevoerde botsproeven met het College
van Burgemeester en Wethouders. De ontwerp-omgevingsvisie heeft van 15 september t/m
30 oktober 2021 ter inzage gelegen. Iedereen heeft in deze periode de gelegenheid
gehad om op de ontwerp-omgevingsvisie te reageren. Een samenvatting van de ontvangen
reacties is hieronder te vinden. Uiteindelijk neemt de gemeenteraad het besluit over
de omgevingsvisie.
Paragraaf 1.3 Hoe werkt de website?
Onze omgevingsvisie is de website. Hiermee kunnen we op een duidelijke manier laten zien wat we belangrijk vinden in onze gemeente en waar we naartoe willen.
De website bestaat uit een aantal onderdelen, namelijk gebieden, thema’s, waarden en ambities. Als u benieuwd bent wat er in een gebied speelt, kan u per gebied bekijken welke thema’s, waarden en ambities hier gelden. Maar u kunt ook direct naar een onderwerp gaan onder het kopje “Thema’s”. We leggen hier uit wat er per onderdeel wordt besproken.
-
Thema’s: in een thema wordt besproken hoe we in onze gemeente om willen gaan met een bepaald onderwerp. Bij het thema ‘Wonen’ geven we bijvoorbeeld aan welk soort woningen we graag in onze gemeente willen bouwen de komende jaren.
-
Waarden: de waarden geven aan wat de kracht van de gemeente Veendam is. De waarden bepalen het DNA en de identiteit van de gemeente. Deze waarden willen we graag behouden of zelfs versterken met nieuwe initiatieven.
-
Ambities: de ambities geven aan waar we in de toekomst naar toe willen met onze gemeente. Bij een nieuw plan bekijken wij of het bijdraagt aan het behalen van onze ambities.
Met de omgevingsvisie laten we zien waar we als gemeente voor staan. De combinatie van ‘thema’s’, ‘waarden’ en ‘ambities’ wordt ook wel het toetsingskader genoemd voor nieuwe plannen. Past een plan binnen dit kader, dan kunt u ervan uitgaan dat we als gemeente hier positief naar kijken. Het is dus belangrijk dat een nieuw plan op de juiste manier omgaat met verschillende thema’s, onze waarden behoudt of versterkt en een bijdrage levert aan het behalen van onze ambities!
U kunt de website op verschillende manieren gebruiken. Door op de kaart een gebied aan te klikken vindt u alle informatie over het gebied, met de links naar thema’s, waarden en ambities die hier belangrijk zijn. Wilt u zich juist verdiepen in een thema? Klik dan op het thema wat u interessant vindt in het menu. Op de themapagina leest u waar we staan, welke ontwikkelingen er op ons af komen en wat we daarbij belangrijk vinden. Ook leest u in welke gebieden het thema speelt en welke andere thema’s, waarden en ambities er zijn. De deelgebieden op de kaart zijn indicatief. Dit wil zeggen dat de gebieden de globale structuur van de omgevingsvisie vormen. Zoals op de kaart te zien is, is de lintstructuur ook in de woongebieden en het centrum weergegeven. Daarmee wordt duidelijk dat hier kenmerken (zoals historische bebouwing) aanwezig zijn die aansluiten bij het deelgebied lintdorpen. Het betekent echter niet dat alleen dit deelgebied van toepassing is, hier geldt namelijk ook het beleid voor het centrum en de woongebieden. Bij de vertaling van de omgevingsvisie naar het omgevingsplan worden de regels voor deze gebieden verder geconcretiseerd.
Paragraaf 1.4 Rol van de gemeente
De rol van de gemeente verandert. Op dit moment bekijken we samen met inwoners en
andere betrokkenen welke rol we pakken per project.
We bekijken per project welke rol we als gemeente pakken. Dit kan de rol van initiatiefnemer
zijn, maar we pakken niet bij iedere project de regie. Bij sommige projecten kan de
initiatiefnemer zelf prima de gesprekken aangaan met de omgeving. Maar bij andere
projecten kan het zijn dat wij die zelf begeleiden en tot een goed einde brengen.
Het blijft wel de rol van de gemeente om te zorgen dat alle projecten goed met elkaar
zijn afgestemd.
Belangrijk om hierbij te benoemen is dat initiatieven altijd getoetst worden aan het
bestemmingsplan (straks omgevingsplan). Past het initiatief niet in het bestemmingsplan,
dan wordt door de gemeente bekeken of een initiatief mogelijk is en wenselijk is.
Bij deze afweging wordt onder andere de omgevingsvisie gebruikt.
Paragraaf 1.5 Beleidscyclus
De komst van de Omgevingswet introduceert niet alleen de omgevingsvisie, maar ook instrumenten zoals het omgevingsplan en programma’s. Via de beleidscyclus worden alle onderdelen van de Omgevingswet doorlopen. In het figuur is te zien welke onderdelen worden doorlopen, met als eerste onderdeel het opstellen van de omgevingsvisie.

De beleidscyclus bestaat uit vier onderdelen. Tijdens het eerste onderdeel ‘de beleidsontwikkeling’
staat de visievorming centraal. De omgevingsvisie beschrijft op lange termijn keuzes
voor de leefomgeving.
Na de beleidsontwikkeling volgt de beleidsdoorwerking. Hierin worden de hoofdkeuzes
die gemaakt zijn in de omgevingsvisie nader uitgewerkt door middel van instructieregels
en programma’s. Een instructieregel is een doe- en denkregel. Soms zijn instructieregels
dwingend: de gemeente mag niet van deze regel afwijken. Veel vaker geven deze regels
juist ruimte voor maatwerk. De regels geven daarmee een denkrichting, waarbij de gemeente
de vrijheid heeft om een eigen afweging te maken. De omgevingsvisie en instructieregels
worden uitgewerkt in programma’s. Een programma kan gericht zijn op een bepaald thema
of gebied. In een programma kan de gemeente concrete maatregelen opnemen waarmee de
‘hoe-vraag’ verder wordt uitgewerkt. Oftewel, hoe worden de keuzes en ambities uit
de omgevingsvisie gerealiseerd? Een programma is daarmee zelfbindend.
De volgende stap in de beleidscyclus is de uitvoering. Dat gebeurt door de initiatiefnemers van activiteiten en projecten: burgers, bedrijven of overheden die iets willen ontwikkelen. Hiervoor zijn regels voor de fysieke leefomgeving in de gemeente nodig, die passen bij de omgevingsvisie en programma’s, om de juiste ontwikkelingen mogelijk te maken. Het belangrijkste instrument hiervoor is het omgevingsplan. Op dit moment kent de gemeente meerdere bestemmingsplannen, straks wordt dit één omgevingsplan. Het omgevingsplan wordt breder dan de bestemmingsplannen. Er is niet alleen aandacht voor de ruimtelijke inpassing van plannen en projecten, maar het omgevingsplan kent regels over de gehele fysieke leefomgeving. Daarnaast worden de regels algemener en flexibeler beschreven, zodat er meer maatwerk toegepast kan worden bij initiatieven.
Tot slot wordt in de cyclus een terugkoppeling gedaan. Door onder andere monitoring wordt bijgehouden of de doelen uit de omgevingsvisie daadwerkelijk gehaald worden of dat bijsturen van de doelen of maatregelen nodig is. Wanneer dit het geval is moet er weer beleidsontwikkeling plaatsvinden, waarmee de cyclus rond is.
Kostenverhaal
Bij het uitvoeren van projecten van initiatiefnemers maken wij als gemeente kosten. Deze kosten betaalt de initiatiefnemer. Voor kleine plannen brengen wij leges in rekening. Voor het uitvoeren van grotere projecten, leggen we in principe afspraken vast in een overeenkomst met deze initiatiefnemer. Lukt dit niet, dan zullen we met een exploitatieplan de kosten alsnog (achteraf) verhalen. Bij sommige projecten levert de initiatiefnemer een bijdrage aan bovenwijkse voorzieningen, bijvoorbeeld voor de aanleg van een rondweg of een park, waar ook het nieuwe project gebruik van maakt. Hiervoor maken wij project afhankelijk individuele afspraken met de initiatiefnemers op basis van de Woningwet.
Paragraaf 1.6 Versiebeheer
Versie 1.0
De eerste omgevingsvisie van de gemeente Veendam is op 7 februari 2022 vastgesteld
door de gemeenteraad.
Versie 1.1
In 2024 is de omgevingsvisie partieel herzien in verband met opname van beleid uit
de Woonvisie 2023-2027 (30 oktober 2023) en de centrumvisie (Juli 2023). De aangevulde
omgevingsvisie versie 1.1 is op 27 januari 2025 vastgesteld door de gemeenteraad.
Hoofdstuk 2 Gebieden
Paragraaf 2.1 Algemeen
De gemeente Veendam kent verschillende typen gebieden. Ieder gebied ziet er anders uit en er vinden andere activiteiten plaats. Zo wordt er in het ene gebied gewoond en in het andere gebied gewerkt. De activiteit die in een gebied plaatsvindt, bepaalt in grote mate wat we in een gebied belangrijk vinden en wat we met een gebied willen in de toekomst. Zo mag er op een bedrijventerrein meer geluid worden gemaakt, terwijl het in de woongebieden wat rustiger moet zijn.
In de gemeente Veendam onderscheiden we zes gebieden voor de omgevingsvisie:
Per gebied bepalen we wat er wel en niet kan, en welke thema’s, waarden en ambities we daaraan koppelen. De omgevingsvisie gaat enkel over het grondgebied van de gemeente Veendam. Een deel van de Borgercompagnie valt buiten de gemeente, waardoor uitspraken uit de visie niet van toepassing zijn op het deel dat buiten de gemeente Veendam gelegen is.
Onder de Omgevingswet ontstaat er voor de gemeente lokale afwegingsruimte voor een aantal milieuthema’s (denk aan geur, geluid). Dit betekent dat er ruimte is voor de gemeente om zelf keuzes te maken in wat we wel en niet toestaan. Deze afwegingsruimte biedt kansen maar kent ook uitdagingen. De kwaliteit die we per gebied graag zien wordt benoemd in de omgevingsvisie, en kan vervolgens worden vertaald in (soepelere of strengere) normen in het omgevingsplan. Het omgevingsplan is straks de vervanger van alle verschillende bestemmingsplannen binnen de gemeente. Er is straks één omgevingsplan waarin alle regels (met betrekking tot de fysieke leefomgeving) voor de verschillende delen van de gemeente staan. De gebieden zijn dan een belangrijke verbinding tussen de omgevingsvisie en het omgevingsplan.
Paragraaf 2.2 Centrum
Het Centrum van Veendam heeft een breed aanbod aan activiteiten, zoals winkelen, sporten, recreatie, horeca, werken en wonen. Daarnaast is ook de historie van Veendam terug te zien in het centrum. Dit alles maakt het centrum erg divers. Het centrum heeft echter ook te maken met leegstand.
De deelgebieden op de kaart zijn indicatief. Dit wil zeggen dat de gebieden de globale structuur van de omgevingsvisie vormen. Zoals op de kaart te zien is, is een deel van het centrum als lintstructuur aangegeven. Daarmee wordt duidelijk dat hier kenmerken (zoals historische bebouwing) aanwezig zijn die aansluiten bij het deelgebied [lintdorpen]. Het betekent echter niet dat alleen dit deelgebied van toepassing is, hier geldt namelijk ook het beleid voor het centrum.
Huidige situatie
Het centrum bestaat uit het gebied binnen de Julianalaan, Sorghvlietlaan, Buitenwoellaan,
Jakob Bruggemalaan, Lloydsweg en Van Stolbergweg. Van oorsprong is het centrum ontstaan
tussen het Ooster- en het Westerdiep. De naoorlogse groei van Veendam zorgde voor
een toename van het autogebruik. Om deze reden zijn aan het begin van de jaren ‘70
het Boven Westerdiep en het Beneden Oosterdiep gedempt. Dit leidde ertoe dat het centrum
er anders uit kwam te zien. Toch zijn enkele structuren, zoals het Ooster- en Westerdiep
en het beschermd stadsgezicht Tusschendiepen nog goed herkenbaar. Deze zichtbare structuren
en de historische gebouwen dragen bij aan de identiteit van het centrum en laten de
rijke historie zien. Deze gebouwen staan niet alleen langs het Oosterdiep, maar ook
op andere plekken in het centrum. Denk bijvoorbeeld aan de Grote Kerk, het Veenkoloniaal
museum of het Noorderpoortgebouw aan de Hertenkampstraat. Om deze historie te behouden
is een deel van het centrum aangewezen als beschermd stadsgezicht.
Midden in het centrum ligt het kernwinkelgebied. Dit is het gebied tussen het Ooster- en Westerdiep, rondom de Kerkstraat en de Promenade. Hier zijn de meeste winkels te vinden, maar ook verschillende horecagelegenheden.
In het westen van het centrumgebied bevinden zich verschillende sportaccommodaties. Hier zijn bijvoorbeeld het Zwembad Tropiqua en de Sorghvliethal gevestigd. Dit is de thuisbasis voor verschillende (binnensport)verenigingen. Aan de oostkant van het centrum is het station te vinden. Hier stopt de trein van en naar Groningen en is tevens het busstation gevestigd. In de rest van het centrum zijn naast woningen op het Aquapark en in de straten rond het kernwinkelgebied ook kantoren en dienstverlening te vinden.
Wat komt er op ons af?
Veranderingen in ons consumentengedrag zorgen ervoor dat het centrum van Veendam onder
druk staat. We winkelen anders, we werken anders en delen onze vrije tijd anders in.
Daarnaast zijn sommige delen van het centrum verloederd en is de leegstand de afgelopen
jaren sterk toegenomen tot 24% van het aantal verkooppunten (koopstromenonderzoek
Groningen, 2022). Dit is fors hoger dan het landelijk en Gronings gemiddelde. Gezien
landelijke trends en ontwikkelingen is het denkbaar dat de leegstand, zonder ingrepen,
verder gaat toenemen. Daarbij kan de ontwikkeling in het centrum van Veendam ook niet
los gezien worden van andere belangrijke ontwikkelingen en overwegingen:
-
Veendam heeft een beperkte regionale aantrekkingskracht. De inwoners van Veendam vormen de het primaire verzorgingsgebied.
-
Het centrum van Veendam staat niet op zichzelf maar is onderdeel van een gemeentelijk ‘ecosysteem’ van winkelgebieden.
-
Het in stand houden van een sterk en compleet dagelijks aanbod in het centrum is van belang voor een toekomstbestendig centrum omdat het de basis vormt voor andere functies.
-
De supermarkten zijn belangrijke (publieks)trekkers en liggen nu net buiten het kernwinkelgebied en hebben nauwelijks een relatie met de rest van het centrum. Terwijl deze verbinding van groot belang is voor een vitaal en toekomstbestendig centrum.
-
We winkelen anders (meer online) en fysieke winkels hebben het lastig. Ook om opvolging en personeel te vinden. Tegelijkertijd verandert de behoefte in fysieke winkels, zo zien we steeds vaker ‘blurring’, oftewel het mengen van activiteiten en functies binnen (winkel)panden.Het centrum van Veendam bestaat naast winkels ook uit horeca en dienstverlening. En daarnaast zijn er ook tal van culturele- en maatschappelijke functies zoals de Grote Kerk, het Veenkoloniaal Museum, de bibliotheek, het gemeentehuis en cultuurcentrum van Beresteyn.Doordat als deze functies zich verspreid over het centrum bevinden, is er beperkte synergie tussen de verschillende functies.
-
Het centrum moet toegankelijk zijn voor iedereen. Dit vraagt om een goede bereikbaarheid, ontsluiting, oog voor mindervaliden en meer ruimte en goede routes voor voetgangers en fietsers. Daarnaast zijn nu niet alle parkeermogelijkheden van voldoende niveau, qua vindbaarheid, capaciteit, uitstraling en functionaliteit.
-
Groene- en blauwe aders zijn in het centrum van Parkstad beperkt zichtbaar. Het centrum is versteend met schaarse beplanting. Mede daardoor ligt hittestress op de loer. Evenals wateroverlast bij grote buien.
-
Er moet worden gezocht naar een gepaste balans tussen de functies als verblijf- en verplaatsgebied van de openbare ruimte en pleinen. De openbare ruimte fungeert enerzijds als verblijfsruimte, als een bestemming voor ontmoeting, recreatie en beleving. Anderzijds is het ook de plek voor verplaatingsmogelijkheden voor de auto, fiets en voetganger. Daarbij komt dat de diverse pleinen hebben ieder een eigen uistraling, maar hebben weinig verbinding met elkaar hebben.
-
Het is de uitdaging om de historische identiteit van het centrum van Veendam tot uiting laten komen zodat deze ook daadwerkelijk beleefd kan worden door de bezoekers van het centrum.
Hoe zien we de toekomst van het centrum?
Onze ambitie
We willen het centrum doorontwikkelen van een ‘place to buy’ naar een ‘place to be’.
Waar we de kwaliteiten die het centrum heeft centraal stellen en op verder bouwen.
Een aantrekkelijk, sfeervol, compact en compleet centrum in een groene en aantrekkelijke
omgeving dat functioneert als hét kloppend hart van de gemeente. Dat daardoor dé plek
is waar de Veendammer graag vertoeft, verblijft, ontmoet, onderneemt, en woont.
Om deze ambitie te bereiken zetten we in op de volgende doelen
-
a.
Voor Veendam kiezen we voor het bedienen en verleiden van vooral de inwoners uit de eigen gemeente en de direct omliggende plaatsen.
-
b.
We willen dat Veendam een aantrekkelijke plek is met een mix van voorzieningen. We richten ons daarom op het vestigen van verschillende functies op de juiste plekken (clustering) in het centrum om synergie te bewerkstelligen en optimaal de kwaliteiten van verschillende locaties te benutten. Naast winkels en horeca gaat het bijvoorbeeld ook om dienstverleners, ambacht, zorg, cultuur, en werkfuncties. De ruimtelijke-functionele structuur vormt de ‘kapstok’ voor de toekomstige ontwikkeling van het centrum. Deze structuur bestaat uit het winkelrondje, trekkers, bronpunten (parkeerplaatsen) en verbindingsroutes tussen de verschillende centrumdelen.
-
c.
De belangrijkste publiekstrekkers zijn de supermarkten, maar ook cultuurcentrum van Beresteyn en andere winkels, horecazaken of lokale parels trekken een gemêleerd publiek naar het centrum. De relatie tussen de supermarkten en het centrum is cruciaal voor de economische vitaliteit van het centrum en die willen we dan ook versterken. De overige trekkers bevinden zich in en rondom het bekende winkelrondje.
-
d.
We streven naar het behoud en versterken van het dagelijks aanbod
i. We willen dat in het centrum een passend boodschappen aanbod aanwezig is en blijft.
ii. De supermarkten zijn als trekkers hierin essentieel. Maar ook onze (ambachtelijke) levensmiddelspeciaalzaken zijn kenmerkend.
iii.We zetten daarom in op het behouden en versterken van het huidig boodschappen aanbod. -
e.
We willen de ruimtelijke-functionele relatie tussen de supermarkten en de rest van het centrum versterken.
-
f.
We streven naar het clusteren van winkels en winkelondersteunende horeca zoveel mogelijk in het kernwinkelgebied. Een compacte opzet en clustering draagt bij aan de synergie tussen winkels, horeca en andere functies.
-
g.
We willen de horeca versterken door te focussen op clustering van het aanbod op sleutellocaties in het centrum die met de juiste kwaliteit en invulling zorgen voor een versterking van het gebied en het centrum als geheel. De kwaliteit en aantrekkelijkheid van de omgeving is een belangrijke vestigingsplaatsfactor voor horeca (en terrassen). Daarnaast zorgen we voor de juiste balans tussen horeca en leefbaarheid.
-
h.
We streven naar een centrum dat een prettige plek is om elkaar te ontmoeten en te vertoeven in een groene omgeving. We kijken daarom naar de mogelijkheden in de openbare ruimte om ontmoeting, recreatie en beleving te stimuleren.
i. Om het merk Parkstad nog meer te accentueren willen we de twee groenen longen in het centrum, Julianapark en Hertenkamp, met elkaar verbinden door het vergroenen van de buitenruimte op het Kerkplein en Museumplein. -
i.
We willen werk maken van de Veendamse identiteit.
i. Het centrum vormt een belangrijk onderdeel van de Veendamse identiteit. In het centrum willen we de unieke verhalen van Veendam zichtbaar en voelbaar maken in de openbare ruimte, de bebouwde omgeving maar ook via evenementen en gezamenlijke acties.
ii. Op deze manier willen we het centrum onderscheiden van andere gebieden en ook een aantrekkelijke plek creëren, niet alleen voor de Veendammer, maar ook voor bezoekers, toeristen en bedrijven. -
j.
We willen transformatiekansen naar wonen in het centrum van Veendam verzilveren. Daarbij leggen we de volgende accenten:
i. Het centrum is een concentratiegebied voor nieuwbouw en transformatie. We voegen hier minimaal 300 woningen toe.
ii. Accent op woningen voor senioren en starters zorgt voor meer levendigheid (verschillende doelgroepen die op verschillende momenten op de dag aanwezig zijn).
iii. Mix van grondgebonden woningen en appartementen
iv. Architectonische en stedenbouwkundige kwaliteit heeft prioriteit.
v. Zonering binnen het centrum uit de centrumvisie is leidend voor waar wel/geen transformatie, appartementen, kwalitatieve criteria en wel/niet wonen in de plint.
vi. Verkennen mogelijke locatie voor woonzorgzone
vii. Historische structuren en beschermde stadsgezichten versterken -
k.
Samenwerking. Bij het bereiken van deze doelen zijn we mede afhankelijk van de inzet van ondernemers en vastgoedeigenaren. De samenwerking die is ontstaan met het opstellen van de centrumvisie, wordt gecontinueerd en verder uitgebouwd.

Om meer invulling te geven aan de ambitie en de toekomstige ruimtelijke-functionele structuur, is het centrum opgedeeld in diverse deelgebieden. Ieder deelgebied heeft zijn eigen kenmerken, zo ook opgaven en ontwikkelrichting. Sommige deelgebieden hebben al een helder profiel met een duidelijke ontwikkelrichting terwijl andere deelgebieden juist nog om verdere uitwerking vragen. De deelgebieden waarvoor het profiel nog niet helder is, bestempelen we in deze visie als ontwikkellocaties.

Kerkstraat-Oost
Dit gebied willen we transformeren met het accent op wonen, groen en historische uitstraling.
Veenlustplein/Raadhuisplein
Dit gebied willen we consolideren met het accent op verblijven en evenementen
Hazepad
Dit gebied willen we transformeren met het accent op wonen en groen.
ABC
Dit gebied willen we transformeren met het accent op functiemenging.
Kernwinkelgebied (Kerkstraat-Midden, WP Passage, Promenade en het Promenadepad)
Dit gebied willen we versterken met het accent op winkelen, winkelondersteunende horeca
en de groene parkomgeving.
Museumplein
Dit gebied willen we versterken met het accent op ontmoeting, verblijf, vermaak en
groen.
Kerkstraat-West/Kerkplein
Dit gebied willen we transformeren (op termijn) met het accent op de stedenbouwkundige
verbinding tussen de supermarkten en het hart van het centrum. En groen, wonen en
verblijfsruimte.
Prins-Hendrikplein
Dit gebied willen we consolideren en op termijn transformeren, met het accent op uitgaan
en vertier en in de toekomst op de balans met eventueel wonen.
J.G. Pinksterstraat
Dit gebied willen we transformeren, met het accent op groen en wonen.
Paragraaf 2.3 Woongebieden
In de Woongebieden wordt voornamelijk gewoond, maar er zijn ook verschillende voorzieningen te vinden. De woongebieden worden onderscheiden in drie wijken: Veendam Noord, Sorghvliet en Buitenwoel. Daarnaast maakt een gedeelte van Wildervank onderdeel uit van dit deelgebied. De woongebieden van Borgercompagnie, Bareveld, Wildervanksterdallen, Ommelanderwijk en Zuidwending en het overige deel van Wildervank beschrijven we onder het deelgebied lintdorpen.
Huidige situatie
Naast woningen zijn er in de woongebieden verschillende voorzieningen te vinden. Denk
bijvoorbeeld aan scholen, kinderdagverblijven, supermarkten, verzorgingstehuizen,
apotheken en sportaccommodaties. De aanwezigheid van deze voorzieningen draagt bij
aan een prettig woonklimaat. In de woongebieden zijn de oorspronkelijke linten van
het deels beschermde stadsgezicht Oosterdiep en het Westerdiep terug te zien. Langs
deze diepen staan veel mooie en oude gebouwen.
Door de aanwezigheid van groen en water wordt Veendam ook wel Parkstad genoemd. De woningvoorraad in onze gemeente bestaat voor een groot deel uit koopwoningen (62%). Het aandeel corporatiewoningen is 24%, waarvan het overgrote deel van woningcorporatie Acantus is. Zo’n 11% van de woningvoorraad betreft particuliere huurwoningen (cijfers uit de Woonvisie). Er worden in de woongebieden drie wijken onderscheiden: Veendam Noord, Sorghvliet en Buitenwoel.
Veendam Noord is een naoorlogse wijk. De woningen rondom de Vredenrustlaan zijn gebouwd in de periode 1945-1960. Vervolgens is de wijk in de jaren ’60 en ’70 naar het oosten uitgebreid (Bouwjaar woningen gebaseerd op Atlas van de Leefomgeving). In de jaren na de eeuwwisseling zijn delen van de wijk opgeknapt. In sommige delen staat de leefbaarheid echter nog steeds onder druk, zoals rondom de Vredenrustlaan.
De wijk Sorghvliet ligt ten zuidwesten van het centrum en is ruim opgezet met veel groen- en waterstructuren. Sorghvliet bestaat uit een vijftal buurten: Scheepskwartier, Zeestratenwijk, Borgerspark, Provinciehoek en Rivierenbuurt. Elke buurt heeft zijn eigen karakter. Dit komt door de grootte van de wijk, maar ook door het feit dat de wijk niet in één keer gebouwd is. De wijk Sorghvliet is namelijk in de jaren ’60 tot de jaren ’80 in fasen ontwikkeld (Wijkagenda Sorghvliet).
De wijk Buitenwoel is gelegen aan de noordwestzijde van Veendam. Deze wijk bestaat uit drie buurten: Zilverpark, Gildenbuurt en Golflaan. Het Zilverpark ligt tussen het voetbalstadion, scholengemeenschap Winkler Prins en de Buitenwoellaan en is gebouwd in de jaren ’90. Ten noorden van het Zilverpark ligt de Gildenbuurt. De bouw van deze buurt is gestart in de jaren ’80. De woningbouw is tot de jaren ’00 eerst in westelijke richting en vervolgens in noordelijke richting uitgebreid. Daarmee is de Golflaan ontstaan. Tot slot ligt aan de zuidzijde van de wijk de straat Langeleegte. Hier staan vooral oudere woningen die aan het begin van de 20ste eeuw zijn gebouwd. De Langeleegte ligt langs de Veendammerweg, de ontsluitingsweg van Veendam richting Hoogezand (Wijkagenda Buitenwoel).
Toekomstperspectief
We vinden het belangrijk dat ook in de toekomst Veendammers fijn kunnen blijven wonen.
We staan daarbij wel voor een aantal uitdagingen. De bevolking wordt steeds ouder
(vergrijzing) en de huishoudens worden steeds kleiner. Dit vraagt om voldoende levensloopbestendige
woningen en het toevoegen van twee-onder-een-kap en vrijstaande woningen. Daarom gaan
we aan de slag met het bouwen van nieuwe woningen en het verbeteren van bestaande
woningen. Het doel is dat iedereen in Veendam een geschikte woning moet kunnen vinden
die aansluit bij zijn of haar eigen wensen.
Elke wijk heeft zijn eigen identiteit en daarmee ook zijn eigen toekomstperspectief. In Veendam Noord zetten we in op een verbetering van zowel de fysieke als sociale kwaliteit van de wijk. Dit betekent onder andere dat we (in nauwe samenwerking met de woningcorporaties) woningen verbeteren of vernieuwen. Hiervoor stellen we voor het westelijk deel van Veendam Noord (gebied rond de Vredenrustlaan) Veendam Noord een wijkontwikkelplan op. De leefbaarheid in de wijk Sorghvliet is nu nog goed, maar we willen wel aandacht geven aan mogelijke achteruitgang. Tot slot vinden we dat de leefbaarheid in Buitenwoel toekomstbestendig is.
Per wijk leggen we voor wonen verder de volgende accenten:
Veendam Noord
» Ruimte voor inbreiding
» Accent in nieuwbouw op middensegment
» Voortzetten gebiedsaanpak bestaande woningvoorraad/verduurzaming
» Vergroenen woonomgeving
» Verkennen mogelijke locatie voor woonzorgzone
De wijk Sorghvliet
» Ruimte voor inbreiding
» Nieuwbouw inpassen in bestaande ruimtelijke context
» Inzet op verduurzaming met woningeigenaren
» Verkennen mogelijke locatie voor woonzorgzone
De wijk Buitenwoel
» Buitenwoel is een concentratiegebied voor nieuwbouw. Er is ruimte voor uitbreiding. We voegen hier minimaal 300 woningen toe
» Woningbouwprogramma nog uit te werken. Meer diversiteit in doelgroep en prijssegment dan tot op heden het beleid is geweest.
» Accent op gezinnen
» Waterrijk wonen
» Aanleg Buitenwoeltracé in verband met de noodzakelijke verkeersafwikkeling voor dit gebied en het aangrenzende Veendam-Noord
» Verkennen mogelijke locatie voor woonzorgzone
Wildervank
» Ruimte voor het toevoegen van woningen via nieuwbouw en transformatie
» Inzet op verduurzaming met woningeigenaren
» Transformatie van bedrijfsmatig vastgoed
» Verkennen mogelijke locatie voor woonzorgzone
In alle wijken moet voldoende ruimte zijn voor klimaatadaptatie. Bij inbreiding van de woongebieden (zie Paragraaf 3.2 Wonen) wordt de ruimte niet volledig vol gebouwd, maar zullen we streefnormen hanteren. De streefnormen worden in het omgevingsplan opgenomen. De kwaliteit van het te ontwikkelen gebied staat altijd centraal.
De deelgebieden op de kaart zijn indicatief. Dit wil zeggen dat de gebieden de globale structuur van de omgevingsvisie vormen. Zoals op de kaart te zien is, is een deel van de woongebieden als lintstructuur aangegeven. Daarmee wordt duidelijk dat hier kenmerken (zoals historische bebouwing) aanwezig zijn die aansluiten bij het deelgebied Paragraaf 2.4 Lintdorpen. Het betekent echter niet dat alleen dit deelgebied van toepassing is, hier geldt namelijk ook het beleid voor de woongebieden.
Zie voor de verdere uitwerking en uitvoering van de doelen en ambities voor wonen ook het omgevingsprogramma wonen.
Paragraaf 2.4 Lintdorpen
In de Lintdorpen wordt, net als in de woongebieden, voornamelijk gewoond en zijn er enkele voorzieningen te vinden. De lintdorpen hebben een langgerekte structuur (soms langs een van de diepen) en worden omgeven door een open landschap. De lintdorpen horen bij het veenkoloniaal landschap. In onze gemeente zijn de volgende lintdorpen te onderscheiden: Borgercompagnie, Wildervank, Bareveld, Wildervanksterdallen, Ommelanderwijk en Zuidwending.
Huidige situatie
Rondom de lintdorpen ligt een open landschap waardoor vanaf de linten prachtige vergezichten
te zien zijn. Daarnaast zijn in de lintdorpen veel historisch waardevolle gebouwen
te vinden. Elk lintdorp heeft zijn eigen identiteit. De lintdorpen zijn ontstaan langs
een diep, waarvan een groot deel in het verleden zijn gedempt. Dit zijn bijvoorbeeld
Borgercompagnie, Ommelanderwijk en Zuidwending. Wildervank heeft daarentegen twee
nog grotendeels intacte diepen: het Oosterdiep en het Westerdiep. Ook Wildervanksterdallen
heeft een bijzondere structuur. Het dalkanaal met zijn scherpe hoeken is gevormd door
het verbinden van dwarswijken.
In de lintdorpen wordt voornamelijk gewoond. Daarnaast zijn er enkele voorzieningen aanwezig. Denk bijvoorbeeld aan de cafés, de basisschool in Wildervank en het kindcentrum in Ommelanderwijk. Ook zijn er agrarische bedrijven, kleinschalige bedrijvigheid en enkele verhuurlocaties voor boten in de lintdorpen te vinden, omdat er op de diepen mooi kan worden gevaren.
Toekomstperspectief
Het behoud van de historisch waardevolle gebouwen en structuren in de lintdorpen vinden
wij belangrijk. Daarnaast moet de leefbaarheid in de lintdorpen behouden blijven.
We bieden ruimte voor inbreiding passend in de ruimtelijke context (met behoud van
de verbinding tussen buitengebied en lint).
Door de afname van draagvlak is het verdwijnen van voorzieningen onvermijdelijk. Dit hoeft echter niet te leiden tot een afname van de leefbaarheid in de lintdorpen of in de rest van Veendam. De compactheid van Veendam maakt dat alle voorzieningen relatief dichtbij zijn. Door in te zetten op de bereikbaarheid van de voorzieningen willen we de leefbaarheid van de lintdorpen en Veendam in zijn geheel behouden.
Naast het faciliteren in de bereikbaarheid van voorzieningen willen we de leefbaarheid van de lintdorpen versterken door functiewijzigingen in leegstaande of leegkomende panden in de linten toe te staan. We bieden ruimte voor functiewijziging met als doel het toevoegen van woonvormen die nu nog niet aanwezig zijn, zoals kleinschalige collectieve woonvormen voor mensen met een zorgbehoefte. Voor transformatie (boerenerven) geldt dat deze zich dient te verhouden met de omgeving in de zin van gebruiksintensiteiten (maatwerk). Daarnaast zetten we in op verduurzaming met woningeigenaren en willen we rotte kiezen aanpakken.
Samen met de gemeenten Midden-Groningen, Oldambt en de provincie Groningen stellen we het Ruimtelijk-economisch perspectief A7/N33-regio op. Door functiewijzigingen in vrijgekomen agrarische bebouwing (VAB’s) toe te staan bieden we mogelijkheden voor (economische) ontwikkeling van deze bebouwing, passend bij de cultuurhistorische waarde.
Er zijn gebiedsgerichte accenten voor de lintdorpen opgenomen in de huidige woonvisie 2023-2027. De deelgebieden op de kaart zijn indicatief. Dit wil zeggen dat de gebieden de globale structuur van de omgevingsvisie vormen. Zoals op de kaart te zien is, ligt een deel van de linten in het centrum en de woongebieden. Daarmee wordt duidelijk dat hier kenmerken (zoals historische bebouwing) aanwezig zijn die aansluiten bij het deelgebied lintdorpen. Het betekent echter niet dat alleen dit deelgebied van toepassing is, hier geldt namelijk ook het beleid voor het centrum en de woongebieden.
Paragraaf 2.5 Bedrijventerreinen
De Bedrijventerreinen zijn belangrijk voor de werkgelegenheid en de welvaart van onze gemeente. Ze liggen vooral langs de N33 en het A.G. Wildervanckkanaal. Dit zorgt voor een gunstige ligging ten opzichte van de regio. Op de bedrijventerreinen zijn verschillende soorten bedrijven gevestigd. In het noorden en zuiden zijn zwaardere industrieën te vinden, terwijl rond het station en de oprit van de N33 juist bedrijvigheid gevestigd is, zoals kantoren, groothandels en autobedrijven.
Huidige situatie
De gunstige ligging van de bedrijventerreinen komt onder andere door de N33 en het
spoor. Via de N33 bestaat een goede ontsluiting naar Groningen, de Eemshaven en Assen.
Via het spoor is de stad Groningen bereikbaar. De ligging maakt de bedrijventerreinen
interessant voor bedrijven die gericht zijn op de regio of zelfs Duitsland.
Op de waterkavels langs het A.G. Wildervanckkanaal zijn enkele grote bedrijven gevestigd. Denk bijvoorbeeld aan Nedmag, Kisuma en Groningen Railport. Deze bedrijven geven het gebied een industrieel uiterlijk. In de naastgelegen woongebieden zijn de activiteiten van deze bedrijven te horen. Aan de zuidoostzijde van Veendam liggen de bedrijventerreinen Dallen I en Dallen II. Hier zijn verschillende industrieën te vinden, zoals een afvalverwerkingsbedrijf.
Nabij het centrum, het station en de afrit van de N33 liggen de bedrijventerreinen Zwaaikom, Tradepark, Vrijheid en Lloyd. Op deze bedrijventerreinen is geen zware industrie te vinden. Hier zijn bijvoorbeeld veel kantoorlocaties, autobedrijven en groothandels gevestigd.
Door de ligging langs het kanaal is er behoorlijk wat groen en water op de bedrijventerreinen te vinden. De kans op hittestress is daardoor laag. Hittestress is de “aandoening veroorzaakt door extreme hitte, die zich uit in diverse lichamelijke klachten, waarbij mensen en dieren warmte niet kwijt kunnen”. In gebieden met veel bebouwing en verharding is de kans op hittestress hoger dan in het buitengebied. Door klimaatverandering worden vaker warme dagen verwacht, waardoor de kans op hittestress toeneemt.
Toekomstperspectief
Zonnepanelen zijn niet alleen te vinden in het zonnepark in Dallen I/Industrieweg.
Verschillende bedrijven hebben zonnepanelen op hun dak liggen. We moedigen het plaatsen
van zonnepanelen op daken van bedrijven aan, zodat de bedrijventerreinen verder verduurzamen.
Ook willen we verduurzamen door energiebesparing of door over te schakelen naar andere
energiebronnen, denk bijvoorbeeld aan waterstof.
Klimaatverandering vraagt ook om verduurzaming van de bedrijventerreinen. Met name op Zwaaikom, Vrijheid en Lloyd zien we mogelijkheden om meer groen toe te voegen, zodat we de kans op hittestress verder verkleinen.
We willen bedrijven aanmoedigen om over te schakelen naar duurzame energiebronnen. Hiervoor gaan we samenwerken met lokale partijen en gebruik maken van de ondergrondse opslag in Zuidwending. Waterstof en de opslag daarvan bieden grote kansen als duurzame energiebron voor onze ondernemers. Daarmee willen we ook nieuwe bedrijven naar onze gemeente trekken. Om de aantrekkelijkheid van bedrijventerreinen verder te verbeteren zorgen we voor een prettig werkklimaat en een betere uitstraling.
Door in te zetten op ongeveer 40 hectare extra bedrijventerrein, willen we ruimte bieden aan grotere bedrijven, onder andere op het gebied van health science. We zetten daarvoor in op het uitbreiden van de bedrijventerreinen richting het zuiden. Deze locatie aan de zuidkant van de bestaande bedrijventerreinen is gekozen omdat dit een goed bereikbare locatie is ten opzichte van de N33 en het spoor, het beste en meest logische aansluit op bestaand bedrijventerrein en de bestaande ruimtelijk-functionele structuur van de gemeente. Overigens is de provincie Groningen bezig met het uitwerken van een plan om het spoor tussen Veendam en Stadskanaal in 2026 geschikt te hebben voor personenvervoer.
Bij de uitbreiding van bedrijventerrein is het beperken van milieuhinder op de omgeving een belangrijke randvoorwaarde. Deze milieuhinder beperken we door uitbreiding enkel toe te staan wanneer dit binnen de wettelijke gestelde normen past. Daarnaast houden we oog voor de kwaliteit van zowel de bestaande bedrijventerreinen als nieuw bedrijventerrein. Dit wordt uitgewerkt in het Ruimtelijk-economisch perspectief A7/N33-regio. Dit doen we in overleg met de gemeenten Midden-Groningen, Oldambt en de provincie Groningen. In het ruimtelijk-economisch perspectief zetten we niet alleen in op de economische ontwikkeling van de regio, maar besteden we ook aandacht aan de ruimtelijke kwaliteiten zoals de natuur, het erfgoed, water en het open landschap.
Als randvoorwaarde voor het uitbreiden van het bedrijventerrein geldt dat er voldoende ruimte voor groen- en/of waterstructuren beschikbaar is. Hiermee bieden we een aangenaam verblijfsklimaat en wordt de kans op hittestress of wateroverlast verkleind. We zien daarbij met name kansen voor het verfraaien van de entree van Veendam vanaf de N33. Deze randvoorwaarde krijgt een verdere vertaling in omgevingsplan.
Paragraaf 2.6 Recreatiegebieden
Onze Recreatiegebieden zijn erg divers. Naast het groen en het water zijn er veel voorzieningen gericht op sporten en bewegen. Denk bijvoorbeeld aan de vele sportvelden bij de Langeleegte, de zeilplas, het strand en de zwemplas, het watersportcentrum, volkstuinen, een mountainbikeroute en de manage. We willen deze voorzieningen behouden, maar ook nieuwe recreatiemogelijkheden verkennen.
Huidige situatie
De recreatiegebieden liggen tussen Buitenwoel, Sorghvliet, Wildervank en Borgercompagnie.
Het gebied is gericht op sporten, bewegen en recreëren. De inwoners van de omliggende
wijken en dorpen gaan dan ook graag naar de recreatiegebieden voor rust en ruimte.
Het gebied wordt namelijk gekenmerkt door groen en water. Een deel van deze wateren
is ontstaan door zandafgravingen.
Onze gemeente heeft een breed aanbod aan voorzieningen zoals de zeilplas Langebosch, een strand en zwemplas, het watersportcentrum, een manege, een kinderboerderij volkstuinen en verschillende wandel- en fietspaden. Doordat er veel groen en water aanwezig is in de recreatiegebieden, zijn er veel plant- en diersoorten te vinden.
Toekomstperspectief
De recreatiegebieden spelen een belangrijke rol bij de gezondheid en vitaliteit van
onze inwoners. Het brede aanbod van activiteiten willen we dan ook graag behouden.
Daarnaast bieden de recreatiegebieden volop kansen om verder te ontwikkelen, onder
meer door de goede bereikbaarheid. Denk bijvoorbeeld aan de oude afvalheuvel in het
westen van Borgerswold. Doordat de afvalberg al voor langere tijd is afgedekt met
schone grond en gras is het veilig om hier een andere invulling aan te geven. De ontwikkeling
van het Leer- en Sportpark (LSP) past ook in dit toekomstperspectief. Het sportcomplex
De Langeleegte en scholengemeenschap Winkler Prins worden ontwikkeld tot een modern
en compleet leer-sportpark dat aansluit bij de huidige behoefte. Tegelijkertijd wordt
de relatie tussen sport, bewegen en onderwijs versterkt.
De aanwezige voorzieningen en de mogelijkheden voor nieuwe voorzieningen zorgen voor kansen om meer toeristen en recreanten aan te trekken. Het gebied kan daarmee een trekpleister worden in de regio. Om deze plannen uit te voeren werken we nauw samen met belanghebbenden, zoals ondernemers en verenigingen.
We zien het uitbreiden van de recreatiegebieden als kans voor Veendam, onder andere doordat we dan ruimte kunnen bieden aan verblijfsrecreatie. Wel dient de ruimtelijke structuur van Veendam te worden behouden. Zowel ten zuiden als ten noorden van het huidige recreatiegebied zien wij mogelijkheden voor uitbreiding.
Paragraaf 2.7 Buitengebied
Een groot deel van het Buitengebied is in gebruik door de landbouw. Hierdoor wordt het buitengebied gekenmerkt door een open landschap. Daarnaast vindt er mijnbouw (gas- en zoutwinning en de opslag van gas) plaats en wordt duurzame energie opgewekt in de vorm van zonne- en windenergie en biogas.
Huidige situatie
In het veenkoloniaal landschap van Veendam zijn verschillende buurtschappen te vinden.
Dit landschap wordt gekenmerkt door een open landschap met rechte wegen en diepen.
Vanuit de lintdorpen heb je hier ver zicht. Het buitengebied is voor een groot deel
in gebruik door de landbouw. Circa 2% van de banen in de gemeente zijn banen in de
landbouw (LISA/Waarstaatjegemeente.nl). Dit betreft vooral akkerbouw en in mindere
mate veeteelt. De landbouw draagt bij aan het open landschap.
Naast de landbouwgronden vinden er in het buitengebied mijnbouwactiviteiten plaats. Dit is zoutwinning, gaswinning en ondergrondse opslag van gassen. Onder Veendam zijn dikke zoutlagen van soms wel honderden meters dik te vinden. In onze gemeente wint Nedmag magnesiumzout, op de WHC-2 locatie tussen Tripscompagnie en Borgercompagnie en WHC-1 tussen Borgercompagnie en Kalkwijk.

Er wordt binnen onze gemeente gas gewonnen uit verschillende gasvelden. Onze gemeente ligt namelijk tegen het Groningenveld aan en het zuidelijke deel van de gemeente ligt boven een deel van het Annerveense gasveld. Deze gaswinning is in het buitengebied te zien. Denk aan de gaswinningslocatie aan de Woortmanslaan en in het Borgerswold. Bij Zuidwending wordt aardgas opgeslagen in ondergrondse zoutlagen door EnergyStock B.V. Dit gas wordt gebruikt om bijvoorbeeld verschillen tussen vraag en aanbod van gas op te vangen.
Tot slot wordt er in het buitengebied steeds meer duurzame energie opgewekt. De acht windturbines langs de N33 zijn daar een voorbeeld van. Daarnaast wordt er zonne-energie opgewekt op de gasopslaglocatie van EnergyStock bij Zuidwending.
Toekomstperspectief
Een van de uitdagingen voor ons buitengebied is het behoud van het open landschap.
Er wordt steeds meer een beroep gedaan op het buitengebied. Bijvoorbeeld in de zoektocht
naar woningbouwlocaties, nieuwe bedrijventerreinen of duurzame energieopwekking. Wij
zien de openheid van het landschap als een belangrijke waarde van Veendam. De openheid
van het landschap houden wij dan ook in stand. In het uitwerkingsprogramma wonen en
de zonnevisie wordt de openheid van het landschap meegenomen als afwegingskader.
Voor het thema wonen leggen we in het buitengebied de volgende accenten:
» Ruimte voor beperkt woningen toevoegen via transformatie (maatwerk)
» Onderzoek naar nieuw uitbreidingsgebied (voor na 2030)
» Inzet op verduurzaming met woningeigenaren
Daarmee blijft de landbouw centraal staan in het buitengebied. We vinden het belangrijk dat de landbouw verduurzaamt om zo de impact op mens en natuur te beperken. Met betrekking tot verduurzaming van de landbouw volgen we het beleid van de provincie, zoals opgenomen in het programma Duurzame Landbouw Provincie Groningen 2020-2024.
In onze gemeente is sprake van bodemdaling door de winning van grondstoffen. We zoeken naar een invulling van dit gebied die past bij de ontwikkelingen met betrekking tot de bodem. Er zijn daarnaast plannen om de ondergrondse opslagmogelijkheden bij Zuidwending uit te breiden met bijvoorbeeld perslucht of waterstof. Hiermee zetten we het huidige beleid voort, waarbij er al de mogelijkheid bestaat met betrekking tot het verbreden naar energie of recreatie. De huidige zoutwinningslocaties behouden hun huidige functie. Daarbij moet de zoutwinning plaatsvinden volgens het vastgestelde winningsplan dat is ingediend bij het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat.

Hoofdstuk 3 Thema's
Paragraaf 3.1 Algemeen
In een thema bespreken we hoe we in onze gemeente om willen gaan met een bepaald onderwerp. Bij ieder thema, zoals wonen, bereikbaarheid of duurzaamheid omschrijven we wat we eronder verstaan, welke ontwikkelingen er plaatsvinden rond dit onderwerp en hoe we hiermee om (willen) gaan. Dit kan bestaand beleid zijn, wanneer dit nog actueel is voor het thema. Maar het kan ook juist vragen om nieuwe opgaven en keuzes, die we in deze omgevingsvisie vastleggen. De thema’s hebben we gekoppeld aan de gebieden waar zij gelden.
We onderscheiden de volgende thema’s:
Paragraaf 3.2 Wonen
In onze gemeente is het fijn om te wonen en leven. Dat noemen we ook wel een aantrekkelijk woon- en leefklimaat. De kernen bieden verschillende omgevingen om te wonen, zoals het centrum, de woongebieden en de lintdorpen. In dit thema beschrijven we hoe we het aantrekkelijke woon- en leefklimaat behouden.
Hoe ziet wonen in Veendam eruit?
In onze gemeente wordt er op verschillende plekken gewoond. Zo zijn veel woningen
in het centrum te vinden, maar ook in de wijken Sorghvliet, Buitenwoel en Veendam
Noord. Andere woongebieden zijn Wildervank en de kleinere lintdorpen: Borgercompagnie,
Bareveld, Wildervanksterdallen, Ommelanderwijk en Zuidwending. Alle dorpen en wijken
hebben hun eigen kenmerken en identiteit. Zo is de langgerekte structuur en het omliggende
open landschap kenmerkend voor de lintdorpen. In de woongebieden en het centrum is
relatief veel groen en water te vinden. Veendam wordt daarom ook wel Parkstad genoemd.
Waar staan we nu?
In de gemeente Veendam stonden in 2021 in totaal 12.906 woningen. Van deze woningen
zijn ongeveer 80% eengezinswoningen en het restant (20%) meergezinswoningen (appartementen).
Als we kijken naar het aandeel koop- en huurwoningen zien we dat circa 64% van de
woningvoorraad koopwoningen zijn, 24% corporatiewoningen, 11% particuliere huurwoningen
en 1% onbekend (Woonvisie).
Op 1 januari 2021 telde de gemeente 27.417 inwoners. Volgens de bevolkingsprognose van de regio Oost-Groningen en provincie Groningen neemt de bevolkingsomvang af met ongeveer 1.000 personen in de periode 2020-2040. Ondanks deze verwachte bevolkingskrimp wordt voorspeld dat het aantal huishoudens in deze periode met ruim 600 huishoudens toeneemt. Dit komt omdat steeds meer mensen alleen wonen en vanuit de regio (Groningen en Assen) steeds meer richting Veendam trekken door de gevolgen van de overspannen woningmarkt.
Niet alleen de omvang van de bevolking verandert, ook de samenstelling. De voorspelling is dat door vergrijzing het aantal personen van 65 jaar of ouder sterk toeneemt tot 2040. Vooral het aantal 75-plussers groeit van circa 2.700 (10%) naar 4.700 (18%) personen. Dit heet dubbele vergrijzing. Tegelijkertijd is de verwachting dat het aantal personen jonger dan 30 afneemt. Dit wordt ontgroening genoemd.

Wat komt er op ons af?
De verwachting is dat de vraag naar woningen in de toekomst anders is dan nu. Dit
vraagt om aanpassingen van de huidige woningvoorraad. Een ontwikkeling die hierbij
meespeelt is dat ouderen langer zelfstandig blijven wonen in het kader van het scheiden
van wonen en zorg. Doordat het aantal ouderen toeneemt, neemt de vraag naar levensloopbestendige
woningen toe.
De druk op de woningmarkt in de stad Groningen maar ook in Assen neemt steeds verder toe. Naar verwachting wijken steeds meer woningzoekenden uit naar omliggend gebied. Hierdoor neemt mogelijk de vraag naar woningen in Veendam toe.
Door de energietransitie is het nodig dat we ook in woningen energie besparen. Dit kan bijvoorbeeld door bestaande woningen (nog) beter te isoleren. Nieuwbouwwoningen kunnen bovendien zo gebouwd worden dat deze zo goed mogelijk omgaan met energie.
Hoe zien we de toekomst voor wonen?
De ontwikkelingen die op ons af komen vragen om aanpassingen van de woningvoorraad.
Hieronder is op basis van de gemeentelijke Woonvisie 2019-2023 beschreven hoe we dit
als gemeente willen aanpakken.
Om de groei van het aantal huishoudens op te kunnen vangen vinden wij het belangrijk dat geïnvesteerd wordt in de woningvoorraad. We willen dat er nieuwe woningen worden gebouwd, maar ook dat de bestaande woningen verbeterd worden. Ook willen we dat een deel van de leegstaande winkelpanden getransformeerd wordt tot woningen. We gaan in overleg met ondernemers die boven hun winkel ruimte beschikbaar hebben, met als doel deze ruimte in samenwerking met de ondernemer om te zetten in woningen. Dit draagt bij aan het verminderen van de leegstand.
Bij de bestaande huurwoningen zetten we in op verbetering, aanpassing en verduurzaming.
Hiervoor maken we prestatieafspraken met sociale verhuurders in de gemeente. De sociale
verhuurders hebben in het Aedes-akkoord afgesproken dat hun woningvoorraad in 2050
CO2-neutraal en (aard)gasloos is. Daarnaast willen we het gesprek aangaan met particuliere
beleggers die woningen verhuren, om hen aan te moedigen woningen te onderhouden, verbeteren
en verduurzamen. Woningeigenaren stimuleren we door voorlichting (bijvoorbeeld via
een website) over goede voorbeelden en mogelijkheden om de woning te verduurzamen.
We maken afspraken met projectontwikkelaars, bouwers, particuliere en sociale verhuurders
over het realiseren van betaalbare woningen, met name voor één- en tweepersoonshuishoudens.
De afspraken kunnen bijvoorbeeld gaan over de prijs van nieuwe woningen.
De komende 20 jaar bouwen we circa 820 woningen in Veendam. Hiermee spelen we in op de verwachte veranderingen in de samenstelling van de bevolking. We houden in de gaten of dit woningaantal, ook in de toekomst, past bij de vraag naar woningen. Daarom actualiseren we de Woonvisie in 2022 op basis van de laatste bevolkingsprognose en een woningmarktonderzoek. We hebben speciaal aandacht voor starters door duidelijk in beeld te brengen wat de wensen en behoeften zijn van starters.
We willen maatwerkafspraken maken over huisvesting van kwetsbare doelgroepen. Zo hebben wij net als andere gemeenten in Oost-Groningen een afspraak ondertekend dat mensen die uitstromen uit beschermd wonen, binnen drie maanden gegarandeerd op huisvesting kunnen rekenen. Daarnaast willen we in samenwerking met de jeugdzorg en het onderwijs kijken welke behoefte er is bij kwetsbare jongeren om begeleid te wonen. Tot slot willen we de vraag naar woonwagenstandplaatsen in kaart brengen. Bij voorkeur pakken we dit in regionaal verband op.
De samenwerking tussen onze sectoren Wonen en het Sociaal Domein willen we verbeteren. Wonen en zorg moeten bij zowel nieuwbouw als in de bestaande woningvoorraad beter op elkaar afgestemd worden. We houden daarom de vraag en aanbod van (voormalige) verzorgings- en verpleeghuizen in de gaten. Doordat ouderen steeds langer zelfstandig blijven wonen kan de vraag naar deze woonopties afnemen. Dit kan uiteindelijk leiden tot leegstand. Door de vraag en het aanbod in de gaten te houden kunnen we op tijd inspelen op eventuele leegstand en nadenken over functieverandering.
Er moet meer aandacht besteed worden aan de bouw van levensloopgeschikte woningen. Maar we willen ook ouderen informeren over (preventieve) woningaanpassingen, mogelijkheden voor zorg aan huis en mogelijkheden voor een verhuizing. Dit bij voorkeur in samenwerking met de huurdersorganisaties, ouderenbonden, corporaties en andere partijen. Samen met Acantus werken we aan het opstellen van Meerjarige Regionale Samenwerkingsafspraken onder andere met betrekking tot levensloopgeschikte woningen.
We staan open voor creatieve oplossingen voor slim (her)gebruik van monumentale panden of het opzetten van creatieve woonconcepten. Er staan in onze gemeente diverse oudere “bejaardenwoningen” die eigenlijk niet meer aan de eisen van de tijd voldoen. Wij zijn er een voorstander van om deze op den duur op een verantwoorde wijze te vervangen. Daarbij zien wij mogelijkheden voor tijdelijke verhuur aan starters onder voorwaarden (geen overlast). Zie voor de verdere uitwerking en uitvoering van de doelen en ambities voor wonen ook het omgevingsprogramma wonen
Omdat er veel onzeker is over de woningbouwontwikkeling en de vraag naar woningen blijven we continu peilen hoeveel woningen benodigd zijn. Mocht blijken dat er na de realisatie van de huidige woningbouwopgave meer woningen benodigd zijn, sluiten we mogelijkheden voor verdere uitbreiding van het aanbod niet uit. De ruimtelijke structuur van Veendam is daarbij onze leidraad.
Zie voor de verdere uitwerking en uitvoering van de doelen en ambities voor wonen ook het omgevingsprogramma wonen.
Relatie met: Paragraaf 3.3 Bereikbaarheid, Paragraaf 3.4 Voorzieningen, Paragraaf 3.7 Groen en recreatie, Paragraaf 3.8 Duurzaamheid, Paragraaf 3.6 Gezonde omgeving.
Paragraaf 3.3 Bereikbaarheid
Een goede bereikbaarheid zorgt ervoor dat inwoners zich kunnen verplaatsen en mee kunnen doen aan activiteiten. Het gaat daarbij over verschillende vervoersmiddelen, zoals auto, bus, trein en fiets. Hoe verplaatsen onze inwoners zich het liefst? En zijn de winkels en bedrijven met verschillende vervoersmiddelen te bereiken?
Wat is bereikbaarheid?
Met bereikbaarheid worden de mogelijkheden aangegeven die inwoners hebben om zich
te verplaatsen en deel te nemen aan activiteiten. Inwoners kunnen zich lopend verplaatsen,
maar ook gebruik maken van vervoersmiddelen als de fiets, auto, bus en trein. Ook
de wegen en paden zijn onderdeel van een goed bereikbaar Veendam. Een goede bereikbaarheid
zorgt ervoor dat inwoners gemakkelijk mee kunnen doen aan activiteiten. Met activiteiten
denken we aan onder meer werken, winkelen, recreëren en ontmoeten.
Waar staan we nu?
De inwoners van Veendam verplaatsen zich voor vele activiteiten zoals school, werk,
boodschappen, sporten en nog veel meer. Veendam is gelegen langs de N33, hiermee zijn
de A7 en A28 goed te bereiken. Via deze twee wegen kunnen inwoners zich gemakkelijk
verplaatsen richting Groningen, Assen en de grens met Duitsland. Daarnaast is Veendam
via de N366 verbonden met Nieuwe-Pekela, Stadskanaal en Winschoten en bieden de N963
en de N385 routes richting Hoogezand-Sappemeer en Zuidlaren.
Veendam beschikt ook over een treinstation, vanaf hier kan met een stoptrein de stad
Groningen worden bereikt. Naast de treinverbinding is er een busnetwerk aanwezig binnen
de gemeente. De totale OV-dekking binnen de gemeente is 73% (Antea Group). Dit is
hoger dan het Nederlands gemiddelde voor weinig stedelijke gebieden (59%) en matig
stedelijke gebieden (67%). Veendam heeft daarmee een goede OV-bereikbaarheid. Alleen
op de bedrijventerreinen zijn relatief weinig bushaltes aanwezig en ook de inwoners
van de lintdorpen Borgercompagnie, Zuidwending en Wildervanksterdallen kunnen maar
beperkt gebruik maken van het openbaar vervoer.

Tot slot zijn er binnen de gemeente Veendam ook voldoende routes en paden aanwezig voor (recreatief) fiets- en wandelverkeer.
Wat komt er op ons af?
Veel vervoer vindt plaats met de auto, maar alternatieven zijn steeds vaker beschikbaar.
Er zijn steeds meer vormen van openbaar vervoer “op maat”. Zo is er een groei aan
deelmobiliteiten waarbij onder andere auto’s worden gedeeld. Hierbij wordt gebruik
gemaakt van de mogelijkheden op het internet (apps). Ook zien we dat de elektrische
auto en fiets steeds vaker gebruikt worden. Hierdoor is een andere inrichting van
de openbare ruimte nodig met bijvoorbeeld meer oplaadpunten voor elektrische auto’s.
Daarnaast vraagt de opkomst van de elektrische fiets om een andere inrichting van
fietspaden om de veiligheid te behouden. Er kan daarvoor gedacht worden aan het verbreden
van fietspaden om bij grotere snelheidsverschillen tussen fietsers meer ruimte te
kunnen geven.
Om voorzieningen voor iedereen bereikbaar te houden zijn goede fiets- en wandelpaden nodig. De vergrijzing van onze bevolking zorgt ervoor dat het aantal ouderen toeneemt. Daarmee kan ook het aantal verplaatsingen met bijvoorbeeld een rollator toenemen. Goed begaanbare voetpaden zijn voor ouderen, maar ook voor andere minder mobiele personen, belangrijk.
Hoe zien we de toekomst van bereikbaarheid?
Veendam heeft een gunstige ligging ten opzichte van de N33. We vinden het daarom belangrijk
dat de bereikbaarheid voor autoverkeer behouden blijft, zodat mensen vanuit de regio
Veendam kunnen blijven bezoeken. Daarnaast willen we voor onze eigen inwoners inzetten
op het verbeteren van de bereikbaarheid per fiets, te voet en met het openbaar vervoer.
We willen bijvoorbeeld de fiets- en wandelverbindingen tussen de woongebieden en het centrum verbeteren, zodat het centrum met verschillende vervoersmiddelen te bereiken is. Daarnaast vinden we het belangrijk dat alle gebieden in Veendam goed bereikbaar zijn met het openbaar vervoer. Het openbaar vervoer kan een belangrijke rol spelen bij het mobiel houden van onze inwoners, zodat mensen elkaar kunnen blijven opzoeken (en we vereenzaming tegengaan) en de voorzieningen ook voor minder mobiele personen te bereiken zijn. We onderzoeken daarom waar nieuwe verbindingen of extra haltes gewenst zijn, maar we vinden het ook belangrijk dat nieuwe verbindingen rendabel zijn. Daarnaast kijken we naar de frequentie waarin het openbaar vervoer rijdt. We stellen daarom een mobiliteitsplan op waarin dit verder wordt uitgewerkt.
Daarnaast plaatsen we nieuwe voorzieningen zo veel mogelijk in de nabijheid van de betreffende doelgroep. Dit betekent dat we bijvoorbeeld voorzieningen voor kinderen proberen te plaatsen in de buurt van scholen of voorzieningen voor ouderen nabij seniorenwoningen of verzorgingstehuizen.
De provincie Groningen heeft het voornemen de spoorlijn tussen Veendam en Stadskanaal weer in gebruik te nemen voor personenvervoer. De huidige planning is erop gericht dat deze lijn in 2026 weer actief is. Dit is tevens de eerste aanzet naar de realisatie van de Nedersaksenlijn. De Nedersaksenlijn is een voorgestelde directe spoorverbinding tussen Enschede en Groningen (via Emmen). Met het oog op deze nieuwe lijn is het wenselijk om een station in Wildervank te realiseren. Zo verbetert de bereikbaarheid van het bedrijventerrein.
Tot slot willen we voldoende mogelijkheden bieden voor elektrisch vervoer. Dit betekent dat er meer laadpalen nodig zijn voor bijvoorbeeld elektrische auto’s. De provincies Groningen, Friesland en Drenthe hebben aangegeven om deze opgave regionaal op te pakken en samen te werken met netbeheerders en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Door deze opgave regionaal uit te voeren kan de laadinfrastructuur efficiënt aangelegd worden zodat het netwerk goed op elkaar aansluit. De gemeente Veendam volgt daarom het beleid van de provincie Groningen wat betreft laadinfrastructuur. Daarbij willen wij zoveel mogelijk in spelen op ontwikkelingen op het gebied van snelladen en deze voorzieningen concentreren rond bijvoorbeeld de huidige tankstations. Verdere uitwerking van het beleid op het gebied van bereikbaarheid vindt plaats in het mobiliteitsplan. Tevens wordt in het uitvoeringsprogramma mobiliteit invulling gegeven aan het verbeteren van de verkeersveiligheid.
Relatie met: Paragraaf 3.2 Wonen, Paragraaf 3.5 Werken en ondernemen, Paragraaf 3.4 Voorzieningen, Paragraaf 3.8 Duurzaamheid, Paragraaf 3.10 Leefbaarheid
Paragraaf 3.4 Voorzieningen
Voorzieningen zijn nodig om fijn te kunnen wonen in onze gemeente. Het is belangrijk dat er voldoende voorzieningen in jouw buurt zijn en dat deze van goede kwaliteit zijn. Dit noemen we ook wel het voorzieningenniveau. Onze wereld verandert razendsnel door digitalisering en we zien ook steeds meer ouderen in onze gemeente door vergrijzing. Wat betekent dit voor onze voorzieningen in onze gemeente?
Wat zijn voorzieningen?
Voorzieningen zijn de hulpmiddelen in de gemeente waar inwoners gebruik van kunnen
maken. Voorzieningen zijn nodig om fijn te kunnen wonen in een dorp of stad. U kunt
denken aan winkels voor boodschappen, de huisarts of huisartsenpost, scholen en nog
veel meer. Het is belangrijk dat er voldoende voorzieningen in de buurt zijn en dat
deze van goede kwaliteit zijn. Dit noemen we ook wel het voorzieningenniveau.
Hier volgt een lijst met voorzieningen in de gemeente:
-
winkels;
-
scholen;
-
kinderdagverblijven;
-
zorgcomplexen;
-
huisartsen, tandartsen en andere zorgvoorzieningen;
-
horecagelegenheden;
-
speelplekken;
-
een zwembad;
-
maatschappelijke dienstverlening zoals het gemeentehuis;
-
culturele voorzieningen zoals verenigingsgebouwen, een theater en bibliotheken;
-
sportmogelijkheden zoals sportscholen, binnen- en buitensportverenigingen en het Leer en Sportpark.
Waar staan we nu?
In de gemeente Veendam zijn de meeste voorzieningen in het centrum van Veendam gelegen.
Hier zijn ook de meeste zorgvoorzieningen, maatschappelijke dienstverleningen, horecagelegenheden
en winkels te vinden. Ook zijn hier het Zwembad Tropiqua en het Sportplein Veendam
gevestigd. In de woongebieden zijn ook verschillende voorzieningen te vinden, denk
aan verschillende supermarkten en het sportpark Wildervank. In en rondom Borgerswold
zijn veel voorzieningen aanwezig die gericht zijn op sporten, bewegen en recreëren.
Denk bijvoorbeeld aan een strand en zwemplas, het watersportcentrum, een manege, een
kinderboerderij en verschillende wandel- en fietspaden. Tot slot heeft Veendam ook
de zeilplas Langebosch, het golfterrein en een wielerbaan.
Onze gemeente heeft te maken met leegstand van veel winkels. In 2020 stond ongeveer 17% van de winkels leeg. Dit is ver boven het provinciaal en landelijk gemiddelde van 8%. Vooral het centrum van Veendam heeft te maken met leegstand.
Op veel verschillende plekken staan panden leeg in het centrum (Landelijke monitor leegstand (CBS)). Het koopstromenonderzoek uit 2022 toont dat het leegstandpercentage in het centrum 24% bedraagt (op basis van het aantal verkooppunten). Dit is fors ten opzichte van veel andere plekken in de provincie.
Wat komt er op ons af?
Een aantal grote (landelijke) ontwikkelingen heeft mogelijk gevolgen voor het voorzieningenniveau.
Het gaat hier om vergrijzing waardoor het aantal ouderen verhoudingsgewijs toeneemt
ten opzichte van het aantal jongeren. Dit heeft invloed op welke voorzieningen er
nodig zijn in onze gemeente. Hier moeten we aandacht aan geven. Het kan bijvoorbeeld
zorgen voor meer vraag naar zorgvoorzieningen. Als er steeds minder kinderen en jongeren
zijn heeft dat ook effect op hoeveel scholen en kinderdagverblijven we nodig hebben.
Specifiek voor sportvoorzieningen zien we dat mensen minder én eenzijdiger bewegen. De vitaliteit van sportverenigingen staat daardoor onder druk. De vergrijzing kan ervoor zorgen dat het lastiger wordt om vrijwilligers voor onze verenigingen te vinden. Daarnaast moeten sportaccommodaties aan hoge verwachtingen en kwaliteitseisen van gebruikers en sportbonden voldoen. Het sporten en bewegen in de openbare ruimte neemt wel toe. Dit vraagt om voldoende openbare sportvoorzieningen.
Digitalisering is ook een ontwikkeling die invloed heeft op voorzieningen. We doen steeds meer via de computer, zoals zaken regelen met de bank, maar ook winkelen en boodschappen bestellen we steeds vaker via internet. De stijgende vraag naar online winkelen kan leiden tot een dalende vraag naar producten uit fysieke winkels. Hierdoor krijgen winkels in centrumgebieden het steeds vaker lastig. Dit is dan ook een van de oorzaken dat er in onze gemeente veel leegstand is. Niet alle inwoners kunnen meekomen in deze ontwikkeling, doordat zij bijvoorbeeld geen toegang hebben tot een computer of internet.
Hoe zien we de toekomst van voorzieningen?
In Veendam moeten voor alle leeftijdsgroepen geschikte voorzieningen aanwezig zijn.
Veendam heeft namelijk al een breed aanbod van voorzieningen, maar we merken dat er
niet voor alle doelgroepen voldoende mogelijkheden zijn (bijvoorbeeld voor jongeren).
We vinden het belangrijk dat de voorzieningen passen bij de vraag.
Met betrekking tot de huisvesting van scholen stellen we samen met schoolbesturen en andere partners een nieuw Integraal Huisvestingsplan Veendam 2022-2038 (IHP) op. Daarmee houden we de trends en ontwikkelingen met betrekking tot het onderwijs in de gaten en werken we gezamenlijke doelstellingen uit, zodat het onderwijsaanbod ook in de toekomst op peil blijft.
Om de levendigheid in Veendam te versterken willen we onze voorzieningen meer laten aansluiten op de wensen van de verschillende doelgroepen. Dit doen we door enerzijds onze huidige voorzieningen te versterken en duidelijker te communiceren wat we allemaal al te bieden hebben in Veendam. Anderzijds willen we per doelgroep beter in beeld brengen welke voorzieningen gemist worden en wat de wensen zijn. Op basis daarvan is er ruimte voor nieuwe voorzieningen, wanneer deze passen bij de vraag van de doelgroep.
Ondanks dat we in Veendam over een breed aanbod aan voorzieningen beschikken zien we ook dat er in de lintdorpen steeds minder draagvlak is voor voorzieningen. Hierdoor is het onvermijdelijk dat er dagelijkse voorzieningen verdwijnen uit de lintdorpen. We zien dit niet als een probleem zolang de voorzieningen in Veendam zelf maar goed bereikbaar blijven. Doordat Veendam relatief compact is zijn alle voorzieningen relatief dichtbij. Onze opgave ligt bij het bereikbaar houden van de voorzieningen voor alle inwoners van Veendam en daarmee de leefbaarheid te behouden.
Naast het bieden van voorzieningen voor de inwoners van Veendam, willen we ons ook verder ontwikkelen als recreatieve trekpleister. We hebben als gemeente al veel te bieden, zoals onder andere het recreatiegebied Borgerswold, de golfclub en een zeilplas bij Langebosch. Deze voorzieningen zijn vooral gericht op dagrecreatie, waarbij bezoekers enkel voor een kort verblijf in Veendam zijn. Door uitbreiding van de recreatievoorzieningen met onder andere verblijfsrecreatie zoals een camping blijven bezoekers langer in Veendam, maar we zien ook kansen voor de vaarrecreatie. Het bieden van meer verblijfsmogelijkheden en vaarrecreatie stimuleert de levendigheid in Veendam en zorgt voor meer draagvlak voor de overige voorzieningen. Bij het uitbreiden van recreatiegebied sluiten we aan op de ruimtelijke structuur van Veendam.
Relatie met: Paragraaf 3.2 Wonen, Paragraaf 3.3 Bereikbaarheid, Paragraaf 3.5 Werken en ondernemen, Paragraaf 3.7 Groen en recreatie.
Paragraaf 3.5 Werken en ondernemen
Bij werken en ondernemen hebben we het over werkgelegenheid, ondernemerschap, en het vestigingsklimaat in de gemeente Veendam als geheel. We kijken naar werken en ondernemen zowel op de bedrijventerreinen als andere plekken in onze gemeente.
Wat is werken en ondernemen?
Werken en ondernemen is een breed thema. We hebben het niet alleen over de vraag of
er voldoende werk is binnen de gemeente of in de regio (de werkgelegenheid). Het gaat
ook over de sectoren waar deze werkgelegenheid te vinden is. En het gaat over de aantrekkelijkheid
van onze gemeente voor specifieke vormen van werkgelegenheid. Die aantrekkelijkheid
heet ook wel vestigingsklimaat en wordt bepaald door onder andere de bereikbaarheid
van onze gemeente, het opleidingsniveau van inwoners en regels die wij stellen.
Waar staan we nu?
Veendam maakt onderdeel uit van de Veenkoloniën. De veenkolonie behoorde tot de grootste
industriecomplexen van Noord-Nederland. Nadat het veen was gewonnen, zijn de gronden
gebruikt voor de landbouw. Grootschalige fabriekscomplexen ontstonden met bedrijvigheid,
zoals scheepvaart en aardappelzetmeelfabrieken. Deze industrieterreinen zijn er nog
steeds en liggen langs het spoor en het Oosterdiep. Op een groot deel van deze bedrijventerreinen
is zwaardere industrie mogelijk.
Er zijn in onze gemeente ook enkele mijnbouwlocaties aanwezig. Er wordt namelijk zout en gas gewonnen. Onder Veendam zijn dikke zoutlagen van soms wel honderden meters dik te vinden. In onze gemeente wint Nedmag magnesiumzout, op de zoutwinningslocatie tussen het golfterrein en Borgercompagnie en op een tweede zoutwinningslocatie tussen Borgercompagnie en Lula. Daarnaast wordt er gas gewonnen uit verschillende gasvelden. Onze gemeente ligt namelijk tegen het Groningenveld aan en het zuidelijke deel van de gemeente ligt boven een deel van het Annerveense gasveld. Deze gaswinning is in het buitengebied te zien. Denk de gaswinningslocatie aan de Woortmanslaan en in het Borgerswold. Bij Zuidwending slaat EnergyStock B.V. aardgas op in ondergrondse zoutlagen. Dit gas wordt gebruikt om bijvoorbeeld verschillen tussen vraag en aanbod van gas op te vangen.
Onze grote industrieterreinen zorgen voor banen. In 2019 was 27% van het totaal aantal banen in onze gemeente in de industriesector. Dit is veel meer dan gemiddeld in de provincie Groningen. Daarentegen zijn er in onze gemeente relatief minder banen in de collectieve en zakelijke dienstverlening. Met collectieve dienstverlening bedoelen we banen in dienst van de overheid, zoals het onderwijs, de zorg en het openbaar bestuur. Zakelijke dienstverlening gaat over banen in bijvoorbeeld vervoer en opslag, horeca en financiële instellingen (LISA/Waarstaatjegemeente.nl).

In 2019 was ongeveer 4% van onze inwoners werkzoekend (CBS/waarstaatjegemeente.nl). Daarbij gaat het om inwoners die willen en kunnen werken en niet om personen die bijvoorbeeld arbeidsongeschikt zijn. Dit werkloosheidspercentage is vergelijkbaar met het provinciaal gemiddelde (circa 4%).
Onze gemeente heeft te maken met leegstand van veel winkels. In 2020 stond ongeveer 17% van de winkels leeg. Dit is ver boven het provinciaal en landelijk gemiddelde van 8%. Vooral het centrum van Veendam heeft te maken met leegstand. Op veel verschillende plekken staan panden leeg in het centrum. Het koopstromenonderzoek uit 2022 toont dat het leegstandpercentage in het centrum 24% bedraagt (op basis van het aantal verkooppunten). Dit is fors ten opzichte van veel andere plekken in de provincie.
Wat komt er op ons af?
We hebben te maken met een vergrijzende bevolking. Dit betekent dat het aantal ouderen
in onze gemeente toeneemt, terwijl het aantal jongeren niet meegroeit. Als gevolg
van de ouder wordende bevolking, neemt de vraag naar zorg toe. Dit leidt tot steeds
meer banen in deze sector. Daarnaast verwachten we als gevolg van digitalisering dat
het aantal banen in de ICT-sector groeit.
We hebben te maken met veel leegstand van winkels in onze gemeente. Het draagvlak voor fysieke winkels neemt verder af doordat de bevolking krimpt (niet alleen in Veendam, maar ook in andere Groningse gemeenten) en we steeds meer online winkelen. We hebben meer winkelruimte dan we nodig hebben.
Hoe zien we de toekomst van werken en ondernemen?
Samen met de gemeenten Midden-Groningen, Oldambt en de provincie Groningen stellen
we het Ruimtelijk-economisch perspectief A7/N33-regio op. We zien namelijk kansen
om de economische ontwikkeling en werkgelegenheid in deze regio te verbeteren, onder
andere vanwege de goede verbindingen en de kracht van de aanwezige bedrijvigheid.
Met het Ruimtelijk-economisch perspectief zetten we in op economische ontwikkeling,
waarbij we ruimtelijke kwaliteiten (denk bijvoorbeeld aan natuur, erfgoed, water en
het open landschap) respecteren.
Voor Veendam betekent dit dat we inzetten op een uitbreiding van onze bedrijventerreinen, passend bij de ruimtelijke structuur van Veendam. We krijgen als gemeente regelmatig aanvragen van grotere bedrijven om zich in Veendam te vestigen, maar op dit moment is er onvoldoende ruimte op de bestaande bedrijventerreinen om deze bedrijven naar Veendam te halen. We zetten daarom in op een uitbreiding van ongeveer 40 hectare aan de zuidzijde van de bestaande bedrijventerreinen. Met de uitbreiding van de bedrijventerreinen bieden we ruimte aan grotere bedrijven, onder andere in de sector health science. De locatie vinden wij geschikt omdat dit past binnen de ruimtelijke structuur van Veendam en de locatie goed te bereiken is vanaf de N33 en het spoor. Uitbreiding is daarbij enkel mogelijk wanneer dit past binnen de wettelijk gestelde normen met betrekking tot milieuhinder. De uitbreiding mag daarnaast niet ten koste gaan van de kwaliteit van de bestaande bedrijventerreinen. We stimuleren daarom initiatieven waarbij de bestaande bedrijventerreinen gerevitaliseerd/opgeknapt worden. Het Ruimtelijk-economisch perspectief A7/N33-regio beschrijft de rol van de gemeente bij het revitaliseren van de bestaande bedrijventerreinen.
De leegstand van winkels pakken we aan. We hebben hiervoor al een subsidieregeling voor de concentratie van winkels in het centrum. We hebben een visie voor het centrum opgesteld en verwerkt in deze omgevingsvisie. Lees onder Paragraaf 2.2 Centrum verder welke ambitie de gemeente heeft voor het centrum en welke doelen er zijn gesteld.
Relatie met: Paragraaf 3.4 Voorzieningen, Paragraaf 3.3 Bereikbaarheid
Paragraaf 3.6 Gezonde omgeving
Een gezonde omgeving is een omgeving die als prettig wordt ervaren, die uitnodigt tot gezond gedrag en waar de druk op gezondheid zo laag mogelijk is. Dit betekent bijvoorbeeld dat de leefomgeving schoon en veilig is, uitnodigt om te sporten en te bewegen en ervoor zorgt dat mensen elkaar kunnen ontmoeten. Ook de aanwezigheid van groen, natuur en water draagt bij aan een gezonde leefomgeving. Onderwerpen zoals frisse lucht en schoon water nemen we op bij het thema milieu, water en bodem.
Wat is een gezonde omgeving?
Om gezond te leven zijn er allerlei dingen die we zelf kunnen doen zoals gezond eten,
voldoende slapen en hygiëne. Wanneer we het hebben over gezondheid binnen de omgevingsvisie
gaat het juist over de delen die zich buiten afspelen. Denk daarbij aan spelen, sporten,
bewegen en ontmoeten. Hiervoor is voldoende ruimte buiten nodig, in parken en in het
buitengebied. Onderwerpen zoals frisse lucht en schoon water nemen we op bij het thema
milieu, water en bodem.
Waar staan we nu?
In de gemeente Veendam voldoen minder inwoners aan de beweegrichtlijn in vergelijking
met de provincie Groningen. De beweegrichtlijn is het advies over hoeveel lichaamsbeweging
nodig is voor een goede gezondheid. Gemiddeld voldoet 40% van de inwoners aan de beweegrichtlijn.
We zien dan ook dat het aantal personen met overgewicht toeneemt. In onze gemeente
heeft 59% van de bevolking overgewicht terwijl het gemiddelde van de provincie Groningen
50% is (GGD Groningen).
Met betrekking tot gezond gedrag zoals roken, alcohol drinken en het gebruik van cannabis leeft de Veendammer gezonder dan gemiddeld in de provincie.
Wat komt er op ons af?
We zien dat onze inwoners minder én eenzijdiger bewegen. De vitaliteit van sportverenigingen
staat daardoor onder druk. De vergrijzing kan er daarnaast voor zorgen dat het lastiger
wordt om vrijwilligers voor onze verenigingen te vinden. Ook moeten sportaccommodaties
aan hoge verwachtingen en kwaliteitseisen van gebruikers en sportbonden voldoen. Het
sporten en bewegen in de openbare ruimte neemt wel toe. Dit vraagt om voldoende openbare
sportgelegenheden.
Er is een aantal landelijke ontwikkelingen dat op ons af komt en die invloed hebben op het thema gezondheid. We hebben het dan over langer thuis wonen, ‘positieve gezondheid’ en mantelzorg. Per ontwikkeling leggen we kort uit wat het inhoudt en waarom het invloed heeft.
Langer thuis wonen: Er komen steeds meer ouderen in onze gemeente. Ouderen blijven langer thuis wonen. Dat betekent dat er soms wel aanpassingen nodig zijn, bijvoorbeeld met advies van een wooncoach kunnen we daar oplossingen voor vinden.Positieve gezondheid: Zorg gaat vaak over het beter maken van mensen als ze ziek zijn. Positieve gezondheid gaat over het voorkomen van problemen (preventie). Het gaat over het idee dat gezondheid 6 kanten kent: lichaam, mentaal, idealen proberen te halen, genieten en gelukkig zijn, meedoen en dagelijkse dingen kunnen doen. Als u zich op een of meer van die 6 kanten beter voelt, dan gaat het daardoor ook op de andere kanten beter. Positieve gezondheid heeft invloed op hoe we met zorg omgaan, als we niet alleen aandacht hebben voor de zieken, maar juist zorgen dat al onze bewoners zich beter voelen op de verschillende kanten van positieve gezondheid.Mantelzorg: Mantelzorg is de zorg en ondersteuning die partners, kinderen, familie, vrienden en andere bekenden aan een naaste verlenen. Dit doen mensen vaak vrijwillig en onbetaald. Mantelzorg kost mensen veel energie en moet vaak gebeuren naast opleiding, werk of hobby’s. Het kan dus een fijne oplossing zijn voor de persoon die zorg nodig heeft, maar we moeten oppassen dat de mantelzorger (die de zorg verleent) onvoldoende steun krijgt.
Hoe zien we de toekomst voor een gezonde omgeving?
We willen dat de inwoners van Veendam gezond blijven, en daar draagt onze leefomgeving
aan bij. Dit doen we op twee manieren. Ten eerste nemen we gezondheid mee als integrale
afweging bij nieuwe ontwikkelingen. Dit betekent dat bij een ontwikkeling (zoals de
bouw van nieuwe woningen) rekening gehouden wordt met een schone en veilige leefomgeving
die uitnodigt om te bewegen. We zorgen er bijvoorbeeld voor dat bij nieuwe ontwikkelingen
voldoende groen en water wordt aangelegd en dat er genoeg bankjes, sport- en speeltoestellen
aanwezig zijn. Ten tweede zorgen we ervoor dat ook de bestaande woonomgeving gezond
ingericht blijft. In de bestaande woonomgevingen zetten we in op het vergroenen van
de openbare ruimte en het creëren van meer ontmoetingsplekken en mogelijkheden om
buiten te verblijven. Zo nodigt onze omgeving uit om te bewegen, spelen, sporten en
elkaar ontmoeten. Daarmee draagt de leefomgeving bij aan de gezondheid van de Veendammers.
Net als nu blijven bewoners in de toekomst naar elkaar omkijken. Vrijwilligerswerk en mantelzorg worden gestimuleerd, en waar nodig biedt gemeente Veendam passende ondersteuning aan inwoners die zich niet of onvoldoende zelfstandig kunnen redden. Daarbij is het belangrijk om zorg goed te organiseren en het betaalbaar te houden. Gezamenlijk met inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties wordt gekeken naar het betaalbaar houden van de zorg en het bieden van zorg op maat. Op het gebied van zorg en ondersteuning werken het sociale en ruimtelijke domein binnen de gemeentelijke organisatie steeds meer en beter samen.
Ouderen en andere inwoners die hulp nodig hebben moeten (langer) zelfstandig zijn. De gemeente zet daarom in op levensloopbestendige woningen en het creëren van centrale ontmoetingsplekken in gebouwen en de openbare ruimte. Wij besteden ook aandacht aan de digitale bereikbaarheid waar die voor senioren mogelijk problematisch kan zijn.
Eenzaamheid en kwetsbaarheid willen we terugdringen, geluk vergroten en de ondersteuning hiervan verbeteren. Eenzaamheid raakt niet alleen ouderen maar ook andere groepen in de gemeente, zoals mensen met psychische problemen, migranten, jongeren, gezinnen die in armoede leven of mensen die zonder werk thuis zitten.
Ten slotte zoeken we met betrekking tot omgevingsveiligheid samenwerking met de relevante partners om de veiligheid in Veendam te waarborgen. Bij alle ontwikkelingen zal de veiligheid als integraal onderdeel worden meegenomen. Indien ontwikkelingen plaatsvinden rond risicobronnen worden de veiligheidsafstanden zoals deze wettelijk zijn vastgesteld gehanteerd en worden de mogelijke risico’s in beeld gebracht.
Relatie met: Paragraaf 3.9 Milieu, water en bodem, Paragraaf 3.2 Wonen, Paragraaf 3.7 Groen en recreatie, Paragraaf 3.10 Leefbaarheid
Paragraaf 3.7 Groen en recreatie
Onze gemeente heeft veel groene gebieden en recreatiemogelijkheden. Bij het thema groen en recreatie gaat het over natuur, biodiversiteit, het landschap en alle activiteiten die we ondernemen om hiervan te genieten, zoals fietsen en wandelen.
Wat verstaan we onder groen en recreatie?
Het huidige Nederlandse landschap is grotendeels door mensenhanden gemaakt. Het Veenkoloniaal
landschap is hier een goed voorbeeld van. Dit landschap wordt gekenmerkt met lange
rechte wegen en diepen en een open agrarisch landschap.
Groen en recreatie gaat over onze groene omgeving, water, beplanting en biodiversiteit. Een groene omgeving is een belangrijke factor in de waardering voor onze leefomgeving. Het draagt daarnaast bij aan het behalen van doelen op het gebied van klimaatadaptatie. Een brede straat met veel bomen is in de zomer bijvoorbeeld koeler dan een (smalle) straat zonder bomen en alleen maar verharding. Tot slot zijn de groene gebieden ook belangrijk voor recreatiemogelijkheden. Denk bijvoorbeeld aan fietsen en wandelen in een groene omgeving. De beleidskaders voor het bomenbeleid opgenomen in de ‘handreiking omgevingswet en bomen’ is het uitgangspunt voor het bomenbeleid voor de komende jaren.
Waar staan we nu?
In onze gemeente zijn door de provincie Groningen of de Rijksoverheid geen gebieden
aangewezen als Natura 2000-gebied of gebied dat onderdeel is van het Natuurnetwerk
Nederland. Dat betekent niet dat er in onze gemeente geen natuur te vinden is. In
het recreatiegebied Borgerswold zijn bijvoorbeeld veel verschillende plant- en diersoorten
te vinden. Maar ook de parkachtige opzet van de woongebieden met veel groen en water
is belangrijk voor planten en dieren.

We zien dat het aantal plant- en diersoorten (de biodiversiteit) in het oosten van
de gemeente lager ligt. Hier zijn veel landbouwgronden te vinden. De monocultuur van
landbouw (op hetzelfde stuk grond altijd hetzelfde gewas verbouwen) en de versnippering
van leefgebied van plant- en diersoorten vormen een bedreiging voor de biodiversiteit.
Ook het gebruik van gewassenbeschermingsmiddelen kunnen leiden tot een verslechtering
van de biodiversiteit. Ten behoeve van de biodiversiteit en landbouw wordt in nauw
overleg met het waterschap als peilbeheerder aan een zo optimaal mogelijke waterstand
gewerkt.
De groene gebieden zoals Borgerswold en het buitengebied zijn belangrijk voor recreatiemogelijkheden.
Onze inwoners gaan graag een ommetje wandelen of een stukje fietsen in deze groene
gebieden.
In de kernen, waar meer bebouwing voorkomt wordt het hitte-eiland in warme periodes
steeds beter merkbaar. Voor de gehele regio Groningen & Noord-Drenthe is een klimaatstrategie
uitgewerkt waarbij we samen werken met de werkregio voor een klimaatadaptieve regio.
Hierin zijn klimaatadaptatie maatregelen opgenomen voor de gehele regio.
Een groene omgeving is ook van belang voor klimaatadaptatie in een gebied. Zo heeft een groene omgeving een verkoelend effect en is belangrijk om de kans op hittestress te verminderen. Hittestress is de “aandoening veroorzaakt door extreme hitte, die zich uit in diverse lichamelijke klachten, waarbij mensen en dieren warmte niet kwijt kunnen”. In gebieden met veel bebouwing en verharding is de kans op hittestress hoger dan in het buitengebied. Doordat er in onze gemeente veel groen en water te vinden is, is de kans op hittestress laag.
Wat komt er op ons af?
Klimaatverandering kan gevolgen hebben voor de natuur. Een verhoging van de temperatuur
kan bijvoorbeeld leiden tot het uitsterven van planten die nu nog in Nederland voorkomen.
Het uitblijven van strenge winters kan gevolgen hebben voor de vogeltrek. Ook breder
heeft klimaatverandering grote gevolgen voor de biodiversiteit. Het leefgebied van
bijen, vlinders en insecten staat bijvoorbeeld onder druk. Maar ook plantensoorten
verdwijnen of vermeerderen juist door veranderende omstandigheden.
Er is steeds meer aandacht voor natuurwaarden in agrarische gebieden. Dit wordt natuurinclusieve
landbouw genoemd. Hierbij wordt gekeken hoe de landbouw juist samen kan gaan met meer
biodiversiteit, zoals bloemen- en kruidenrijke akkerranden. Zo verbetert niet alleen
de biodiversiteit, maar ook de bodemkwaliteit.
Vanwege de uitstoot van stikstof, zijn veel ontwikkelingen in Nederland stil komen te liggen. Het gaat om het effect van stikstof op Natura 2000-gebieden (natuurgebieden die op basis van richtlijnen van de Europese Unie beschermd worden). In onze gemeente liggen geen Natura 2000-gebieden, maar stikstof kan ook over een grote afstand effect hebben. Daarom moeten wij ook rekening houden met de hoeveelheid stikstof die wij uitstoten.
Hoe zien we de toekomst voor groen en recreatie?
We willen een fijn en leefbaar woon- en leefklimaat bieden voor onze bewoners en bezoekers.
Het groene karakter van Veendam willen we behouden en versterken. Een groene omgeving
heeft namelijk veel voordelen. Het draagt bijvoorbeeld bij aan gezondheid, klimaatadaptatie,
biodiversiteit. Onze ambities met betrekking tot een groene leefomgeving, werken we
uit in een groen- en waterbeleidsplan.
Bij alle ruimtelijke ontwikkelingen hebben we specifiek aandacht voor klimaatadaptatie. In de woonwijken moet voldoende groen aanwezig zijn. Ook wanneer we nieuwe woningen gaan realiseren behouden we ruimte voor klimaatadaptatie. Om te kunnen waarborgen dat er voldoende groen beschikbaar blijft nemen we een groennorm op in het omgevingsplan. Hiermee voorkomen we dat woningbouw ten koste gaat van de groene omgeving die zo kenmerkend is voor Veendam.
We hebben als gemeente al veel te bieden met betrekking tot recreatie, zoals onder andere het recreatiegebied Borgerswold, de golfclub en een zeilplas bij Langebosch. Voor de toekomst zien wij echter wel kansen die nu nog onbenut blijven. Recreatie richt zich nu vooral op dagrecreatie, waardoor bezoekers slecht voor een korte tijd in Veendam verblijven. Door meer ruimte te bieden voor verblijfsrecreatie wordt een verblijf verlengd. Wij zien dit als een kans voor de levendigheid in Veendam en voor de ondernemingen en voorzieningen. Naast de verblijfsrecreatie zien we kansen voor recreatie op het water. De waterstructuur van Veendam met de diependoor de lintdorpen willen we beter benutten. Door het stimuleren van de vaarrecreatie kan ook de zeilplas beter worden benut en mogelijk worden uitgebreid. Hierbij kan gedacht worden aan het ontwikkelen en stimuleren van zowel gemotoriseerde als ongemotoriseerde vaarrecreatie, zoals kanovaart of suppen. We zien verschillende mogelijkheden voor uitbreiding van de recreatiegebieden, passend bij de ruimtelijke structuur van Veendam. We stellen hiervoor een recreatievisie op waarin we nader uitwerken hoe we het recreatieaanbod in Veendam verbeteren.
Met de gemeenten Oldambt, Pekela, Stadskanaal, en Westerwolde hebben we daarnaast de strategische visie vrijetijdseconomie die is opgesteld. Hierin geven we voor komende 10 jaar aan waarop we inzetten om recreatie en toerisme te stimuleren.
Relatie met: Paragraaf 3.9 Milieu, water en bodem, Paragraaf 3.6 Gezonde omgeving, Paragraaf 3.2 Wonen, Paragraaf 3.4 Voorzieningen.
Paragraaf 3.8 Duurzaamheid
Duurzaamheid is een breed begrip. Het gaat bijvoorbeeld over energie, klimaat en duurzame vervoersmiddelen. Wij richten ons bij dit thema op energie en klimaat. De ontwikkelingen met betrekking tot duurzame mobiliteit hebben we beschreven onder het thema Paragraaf 3.3 Bereikbaarheid.
Wat is duurzaamheid?
Nederland staat voor een grote uitdaging: de energietransitie. Dit betekent dat we
het gebruik van fossiele energie (zoals kolen of gas) verminderen en meer duurzame
energie gebruiken (zoals zonne- en windenergie) om uiteindelijk geen fossiele energie
meer te gebruiken. Fossiele brandstoffen zoals olie, aardgas en steenkolen zijn de
bron van de meeste energie die we vandaag gebruiken. Het winnen (uit de grond halen)
en gebruiken van deze fossiele bronnen is niet alleen erg slecht voor het milieu,
het is ook slecht voor onze gezondheid. De uitstoot van CO2 door het gebruik van fossiele
brandstoffen is zo groot dat het klimaat verandert en de aarde opwarmt. De energietransitie,
het massaal overstappen op duurzame energiebronnen die nooit op gaan, zoals wind en
zon, moet de CO2-uitstoot en de klimaatverandering tegenhouden.
Deze overstap naar duurzame energiebronnen heeft gevolgen voor onze leefomgeving.
We halen gemeentelijke gebouwen (zoals scholen etc.) van het aardgas af en verwarmen
ze op een andere manier. Daarnaast moeten we de infrastructuur aanpassen die nodig
is om energie te verplaatsen, zoals kabels, leidingen en transformatorhuisjes. Tot
slot gaat de energietransitie over het opwekken van duurzame energie. Denk bijvoorbeeld
aan zonnepanelen en windmolens.
We moeten niet alleen overstappen naar duurzame energiebronnen, ook het besparen van
energie is belangrijk. Als we nu al minder fossiele brandstoffen gebruiken, beperken
we de CO2-uitstoot. Daarnaast kunnen we ook slimmer omgaan met duurzame energie. We
kunnen energie besparen door bijvoorbeeld woningen goed te isoleren.
Met het type energie dat we gebruiken en de activiteiten die we uitvoeren hebben we invloed op het klimaat. Door alles wat we uitstoten (door bijvoorbeeld machines, auto’s en fabrieken) komen er gassen in de lucht die allerlei gevolgen hebben. Dit zorgt ervoor dat het klimaat verandert. Deze klimaatverandering heeft grote gevolgen: de zeespiegel stijgt en we hebben steeds vaker te maken met extreem weer. De kans bestaat dat veel plant- en diersoorten uitsterven.
Waar staan we nu?
In 2018 was ongeveer 12% van de elektriciteit die we in de gemeente gebruikten afkomstig
van hernieuwbare bronnen. Voor de energie die nodig is voor vervoer was dit in 2018
ongeveer 5% (Klimaatmonitor). In 2019 had ongeveer 10% van de woningen zonnepanelen
op het dak liggen (waarstaatjegemeente.nl/CBS).
In onze gemeente wekken we op verschillende manieren duurzame energie op. Zo staan er langs de N33 acht windturbines en zijn er op meerdere plekken zonnepanelen te vinden. Bijvoorbeeld op daken van huizen of bedrijven, in het zonnepark op bedrijventerrein Dallen I en bij de gasopslag nabij Zuidwending. Onze gemeente vormt samen met alle Groningse gemeenten, waterschappen Noorderzijlvest en Hunze en Aa’s en de provincie Groningen de energieregio Groningen. Deze energieregio heefteen Regionale Energiestrategie (RES 1.0) opgesteld. Dit is een plan waarin wij met elkaar bepalen hoeveel duurzame energie we willen opwekken tot 2030.
Door klimaatverandering hebben we vaker te maken met warm weer. Een groene omgeving heeft dan een verkoelend effect en vermindert de kans op hittestress. Hittestress is de “aandoening veroorzaakt door extreme hitte, die zich uit in diverse lichamelijke klachten, waarbij mensen en dieren warmte niet kwijt kunnen”. In gebieden met veel bebouwing en verharding is de kans op hittestress hoger dan in het buitengebied. Dit noemen we het stedelijk hitte-eiland effect. Doordat er in onze gemeente veel groen en water te vinden is, is de kans op hittestress laag.

Klimaatverandering zorgt er ook voor dat we vaker te maken hebben met hevige regenbuien. Ook hierbij speelt groen een belangrijke rol. In groene gebieden kan dit regenwater beter in de grond trekken dan in gebieden waar veel bestrating is. Er kan dan water op straat blijven staan omdat het riool niet overal voorbereid is op veel regen in een keer.
Wat komt er op ons af?
De komende tijd gaan we met de energieregio Groningen onderdelen van de Regionale
Energiestrategie (RES) verder uitwerken. Daarnaast kijken we naar hoe we onze woningen
van het aardgas af kunnen krijgen. Dit wordt uitgewerkt in een gemeentelijke Warmtevisie.
De energietransitie heeft niet alleen gevolgen voor de manieren waarop wij onze woningen verwarmen. Ook bedrijven en organisaties moeten hun werkwijzen en energieverbruik aanpassen om bij te dragen aan de energietransitie. De energietransitie heeft ook gevolgen voor onze mobiliteit. Auto’s gaan op elektriciteit, waterstof of een combinatie van (duurzame) energiedragers rijden in plaats van op benzine of diesel.
Als we het over klimaat(verandering) hebben dan zien we allerlei ontwikkelingen. Het heeft effecten zoals hittestress, extreme droogte, extreme neerslag en de stijgende zeespiegel. Om de schade van de klimaatverandering zoveel mogelijk te beperken moeten we maatregelen nemen en de leefomgeving klimaatbestendig inrichten. Een klimaatbestendige leefomgeving heeft bijvoorbeeld voldoende groen en een riolering die bestand is tegen hevige regenbuien. Het vraagt ook om aanpassingen in het buitengebied, bijvoorbeeld op het gebied van de landbouw. Door zorgvuldig om te gaan met grondstoffen en hulpbronnen kunnen we de effecten van klimaatverandering beperken.
Hoe zien we de toekomst voor duurzaamheid?
In de zonnevisie vindt een beleidsmatige uitwerking plaats op het gebied van zonne-energie.
Hierin wordt uitgewerkt op welke manier er in Veendam ruimte geboden wordt voor zonneparken.
Met de zonnevisie zijn we er nog niet. Om de doelstelling om in 2050 geen CO2 meer
uit te stoten te halen, moeten we ook aandacht hebben voor ons energieverbruik en
verduurzaming. Dit gaan we doen door ons de komende jaren te richten op energiebesparing
en verduurzaming van de bestaande bebouwing. In de Warmtevisie geven we hier invulling
aan.
Voor de komende decennia ligt er een belangrijke uitdaging om de vitale infrastructuur te beschermen tegen uitval door klimaatverandering. Op het gebied van klimaatadaptatie wordt samengewerkt met de regio Groningen en Noord-Drenthe. In 2021 en 2022 wordt een Regionale Klimaatadaptatiestrategie opgesteld waarin de opgaven met betrekking tot klimaatadaptatie worden verduidelijkt. Vervolgens wordt een Regionaal Uitvoeringsprogramma 2022-2027 uitgewerkt. Wij volgen deze regionale aanpak.
Daarnaast zetten wij in op het behouden en versterken van de groenstructuren in de
woongebieden. We stellen een groennorm op en leggen deze vast in het omgevingsplan.
Daarmee houden we voldoende ruimte voor groen en wordt een bijdrage geleverd aan een
klimaatadaptieve inrichting van onze omgeving. Dit draagt tevens bij aan de biodiversiteit
in de gemeente. In het groen- en waterbeleidsplan volgt verder uitwerking voor het
behouden en versterken van de groenstructuren.
Om als gemeente duurzaam te zijn moeten we niet alleen aandacht hebben voor de energievoorziening
maar ook voor ons grondstoffengebruik. Hergebruik van grondstoffen is daarbij een
belangrijk onderdeel. Door grondstoffen te hergebruiken dragen we bij aan een duurzamere
economie. We zien afval dan ook niet langer als afval maar als een secundaire grondstof.
We zetten ons gescheiden afvalbeleid dan ook verder voort, waarin we in zetten op
hergebruik van materialen uit het huishoudelijk afval.
Relatie met: Paragraaf 3.2 Wonen, Paragraaf 3.5 Werken en ondernemen, Paragraaf 3.4 Voorzieningen, Paragraaf 3.3 Bereikbaarheid, Paragraaf 3.6 Gezonde omgeving
Paragraaf 3.9 Milieu, water en bodem
Milieu, water en bodem gaat over de kenmerken van onze omgeving die belangrijk zijn om ergens gezond te kunnen leven. Bijvoorbeeld, is de lucht die we inademen schoon? En wat is de kwaliteit van het water in onze gemeente?
Wat verstaan we onder milieu, water en bodem?
Onder het milieu vallen de kenmerken van onze omgeving die belangrijk zijn om ergens
gezond te kunnen leven. Het gaat daarbij om de kwaliteit van de lucht, maar ook de
bodem en het water. Het geluid uit de omgeving maar ook geur vanuit het gebied kan
van invloed zijn op het milieu. Het gaat hierbij om wat we zowel buiten als binnen
ervaren.
Waar staan we nu?
De luchtkwaliteit van de gemeente Veendam is goed. De wettelijke normen en de advieswaarden
voor de luchtkwaliteit worden overal binnen de gemeente gehaald. Wel zijn er binnen
de gemeente geluidhinder bronnen aanwezig die overlast kunnen veroorzaken bij inwoners.
Zo liggen de bedrijventerreinen en woongebieden dicht naast elkaar. In het centrum,
in de wijk Veendam Noord en langs de diepen kunnen inwoners daardoor overlast ervaren
van industrielawaai.

In vergelijking met andere gemeenten binnen de provincie Groningen ervaren de Veendammers gemiddeld minder geurhinder dan de omliggende gemeenten. Wel is de geurhinder die de inwoners ervaren de afgelopen jaren toegenomen (GGD Groningen).
In onze gemeente is veel water te vinden, zowel in de woongebieden als in het buitengebied.
Denk bijvoorbeeld aan het A.G. Wildervanckkanaal en de vele sloten die onderdeel uitmaken
van het Veenkoloniaal landschap. Een deel van de wateren in onze gemeente is ontstaan
door zandwinning. Hierdoor zijn verschillende recreatieplassen ontstaan. Over het
algemeen heeft het water een goede kwaliteit. Dit is te zien doordat het water helder
is.
Een groot deel van de grond in het buitengebied is in gebruik door de landbouw. Intensieve
landbouw kan zorgen voor uitputting van de bodem. Door het versneld afvoeren van water
en het intensief gebruik van de bodem gaat de bodemkwaliteit achteruit. We zien dat
de agrariërs in onze gemeente maatregelen treffen om de kwaliteit van de bodem te
verbeteren. Duurzame vormen van landbouw kunnen hier nog verder aan bijdragen.
In sommige delen van onze gemeente daalt de bodem. Bodemdaling kan ontstaan door wegzakkende grondwaterstanden, maar ook de gas- en zoutwinning speelt hierbij een rol. Er vinden verschillende typen zoutwinningen plaats binnen de gemeente. Dit betreft magnesiumzoutwinning ten behoeve van productie door Nedmag en de winning van zout bij Zuidwending voor de ontwikkeling van cavernes. Deze cavernes worden gebruikt voor de opslag van aardgas en in de toekomst mogelijk voor de opslag van waterstof en perslucht. De bodemdaling die veroorzaakt wordt door gas- en zoutwinning gebeurt in de diepe ondergrond. Bodemdaling als gevolg van schommelingen in waterpeil, klimaatverandering en verdroging vindt plaats in de ondiepe ondergrond. Bodemdaling als gevolg van de waterpeilschommelingen, klimaatverandering en verdroging, en daarmee in de ondiepe bodem, kan leiden tot schade aan bijvoorbeeld gebouwen of wegen. Ook kan het gevolgen hebben voor de kwaliteit van de bodem. Deze bodemdaling speelt vooral in het noorden van onze gemeente.
Wat komt er op ons af?
Er is in Nederland steeds meer aandacht voor een gezonde omgeving. Hierbij gaat het
ook om het verminderen van geluid, geur en luchtvervuiling. Denk bijvoorbeeld aan
de strenger wordende regels voor de uitstoot van stoffen en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen
in de landbouw. Daarnaast zijn er technologische ontwikkelingen waardoor de vervuiling
van het milieu afneemt. Een voorbeeld is de opkomst van de elektrische auto. Deze
auto's zijn stiller en schoner dan gemotoriseerd verkeer.
Door klimaatverandering verwachten we vaker hevige regenbuien en langere periodes van droogte. We moeten daarom slim omgaan met het water in onze gemeente. Regenwater moet goed in de bodem kunnen trekken zodat er geen wateroverlast ontstaat. Maar we moeten ook water vasthouden zodat we voldoende water hebben in een droge periode. Dit vraagt om een klimaatadaptieve inrichting van onze leefomgeving.
We krijgen naar verwachting te maken met een verdere daling van de bodem. We moeten daarom slimme oplossingen bedenken om schade aan bijvoorbeeld huizen en wegen te voorkomen.
Hoe zien we de toekomst voor het milieu, water en de bodem?
Met betrekking tot het milieu, water en de bodem blijven we ons houden aan de wettelijke
normen. We zetten ons huidige beleid voort waarin we onder andere inzetten op het
verbeteren van de bodemkwaliteit waar dit gewenst is, zoals woongebieden en speelplaatsen.
Naast de wettelijke normen willen we voldoende ruimte bieden aan klimaatadaptatie
in de woonwijken. Bij de inbreiding van de woonwijken met extra woningen hanteren
we daarom een groennorm. Door het hanteren van een groen norm zorgen we ervoor dat
de woningbouwopgave niet ten koste gaat van het groen en klimaatadaptatie. Klimaatadaptatie
geven we op deze manier voldoende ruimte in de woonwijken en hiermee garanderen we
dat alle inwoners voldoende ruimte hebben om buiten van de groene omgeving gebruik
kunnen maken om te recreëren, bewegen en ontmoeten.
In de Omgevingswet worden vier milieubeginselen opgenomen waar ook wij vanuit gaan. Dit zijn:
-
a.
Het voorzorgsbeginsel;
-
b.
Het beginsel van preventief handelen;
-
c.
Het beginsel van milieuaantastingen bij voorrang aan de bron bestreden moet worden en;
-
d.
Het beginsel dat de vervuiler betaalt.
De gemeente hanteert de algemene milieubeginselen in haar beleidsvoorstellen. Ook gaan we uit van de algemene zorgplicht waarbij niet alleen wij als gemeente maar ook onze bedrijven en inwoners verantwoordelijk zijn voor een veilige en gezonde leefomgeving. Risico’s worden voorkomen of beperkt door het treffen van maatregelen aan de bron.
Met betrekking tot luchtkwaliteit, zeer zorgwekkende stoffen en geluid volgen we het landelijke beleid en houden we ons aan de wettelijke gestelde normen. Bij de uitvoering van plannen en projecten wordt altijd getoetst aan de wettelijke normen. We streven daarnaast naar het verder verbeteren van de luchtkwaliteit om zo aan de WHO-advieswaarden voor luchtkwaliteit te voldoen.
Met betrekking tot omgevingsveiligheid zoeken we samenwerking met de relevante partners om de veiligheid in Veendam te waarborgen. Bij alle ontwikkelingen zal de veiligheid als integraal onderdeel worden meegenomen. Indien ontwikkelingen plaatsvinden rond risicobronnen worden de veiligheidsafstanden zoals deze wettelijk zijn vastgesteld gehanteerd en worden de mogelijke risico’s in beeld gebracht.
We zien kwetsbare gebieden in onze gemeente met betrekking tot bodemdaling. Het ontzien van deze kwetsbare gebieden zal een belangrijk onderdeel worden van het omgevingsplan. Daarmee zorgen we ervoor dat nieuwe initiatieven de bodemdaling niet verergeren. Daarnaast gaan we aan de slag met maatregelen om de daling van de bodem tot een halt te roepen. Er zijn plannen om de ondergrondse opslagmogelijkheden uit te breiden met bijvoorbeeld perslucht of waterstof. Welke maatregelen nodig en passend zijn bepalen we gebiedsgericht. Hiervoor zoeken we samenwerking met het waterschap, de provincie en buurgemeenten. De huidige zoutwinningslocaties behouden hun huidige functie, en vindt plaats volgens het vastgestelde winningsplan ingediend bij het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat.
De landbouw centraal blijft staan in het buitengebied. We vinden het belangrijk dat de landbouw verduurzaamt om zo de impact op mens en natuur te beperken. Met betrekking tot verduurzaming van de landbouw volgen we het beleid van de provincie, zoals opgenomen in het programma Duurzame Landbouw Provincie Groningen 2020-2024.
Relatie met: Paragraaf 3.7 Groen en recreatie, Paragraaf 3.6 Gezonde omgeving.
Paragraaf 3.10 Leefbaarheid
Leefbaarheid gaat over de aantrekkelijkheid van onze gemeente om er te wonen en te werken. Het gaat erom hoe u zich in Veendam voelt. Kan iedereen meedoen in de samenleving? Ook gaat leefbaarheid over veiligheid. Natuurlijk dragen woningen, voorzieningen, het milieu en banen ook bij aan de leefbaarheid, maar dit nemen we op in de thema’s wonen, voorzieningen, milieu, water en bodem en werken en ondernemen.
Wat is leefbaarheid?
Met leefbaarheid bedoelen we de aantrekkelijkheid van Veendam om er te wonen en te
werken. Het gaat dan niet om het type huis of type baan dat u heeft, maar meer over
hoe u zich in Veendam voelt. Het gaat bijvoorbeeld over de toegankelijkheid van openbare
plekken en activiteiten en de manier waarop Veendammers met elkaar omgaan en naar
elkaar omkijken. Kan iedereen meedoen in de samenleving? Dit noemen we sociale cohesie.
Tot slot gaat leefbaarheid ook over veiligheid. Het gaat daarbij om de veiligheid
op straat, maar ook om het aantal criminele activiteiten. De inrichting van de leefomgeving
kan bijdragen aan sociale cohesie en het veiligheidsgevoel.
Waar staan we nu?
Volgens de Leefbaarometer scoort de veilige woon- en leefomgeving van onze gemeente
iets beter dan het landelijk gemiddelde. Daarbij is gekeken naar de overlast die inwoners
ervaren en naar de criminaliteitscijfers.
Zo’n 92% van onze inwoners geeft een voldoende voor de eigen woonbuurt. Dat betekent dat de overige inwoners een onvoldoende geven (GGD Groningen).
Wat komt er op ons af?
De samenleving wordt steeds individueler, waarbij mensen minder naar elkaar omkijken.
Met voldoende openbare ontmoetingsplekken kunnen we stimuleren dat mensen elkaar opzoeken.
Een andere ontwikkeling die we zien is de toename van leegstand, met name in het centrum.
De leegstaande winkels dragen niet bij aan een aantrekkelijke leefomgeving. Daarom
kijken we of we een deel van de winkels anders kunnen gebruiken, bijvoorbeeld door
er woonruimte van te maken.
Hoe zien we de toekomst voor leefbaarheid?
Er wordt in de Woonvisie Veendam 2023-2027 op het gebied van leefbaarheid extra nadruk
gelegd op het creëren van vernieuwende woonmilieus met een regionale aantrekkingskracht
en groene, gezonde woningbouwinitiatieven die passen bij het karakter van onze parkstad.
Hierbij wordt specifieke aandacht besteed aan het behouden en aantrekken van werknemers
door het creëren van aantrekkelijke woonmilieus voor de toekomst. Daarnaast wordt
er een gebiedsgerichte aanpak voorgesteld om kwetsbare (verouderde) panden aan te
pakken, wat gericht is op het verbeteren of herontwikkelen van deze woningen. Dit
alles komt bovenop het bestaande beleid, waarin al maatregelen werden genomen zoals
het continueren van de inzet van regionale instrumenten zoals RWLP, het benutten van
regulier contact met werkgevers voor afstemming over benodigde woningen voor werknemers,
en het handhaven van een woonoverlastproces. Dit komt de aantrekkelijkheid en levendigheid
in het centrum ten goede en kan het veiligheidsgevoel van inwoners verbeteren. De
inzet op een leefbaar en aantrekkelijk centrum is in de visie op het centrum opgenomen.
Daarnaast blijft de subsidieregeling voor de concentratie van winkels in het centrum
gelden.
We willen de subsidieregeling Reserve Krimpgebieden inzetten om wijken op te knappen en aansprekender te maken. Er zal vooral ingezet worden op Bareveld, Veendam Noord, en Havenbuurt. Voor een deel van Veendam Noord stellen we een wijkontwikkelplan op. We werken samen met inwoners en corporaties een toekomstperspectief uit, bijvoorbeeld over renovatie en herstructurering. Voor Bareveld hebben we al een wijkontwikkelplan opgesteld.
Om de leefbaarheid verder te verbeteren vinden we samenwerking tussen domeinen (zoals sociaal domein, ruimtelijke ordening en veiligheid) belangrijk. Ook zoeken we samenwerking met woningcorporaties zoals Acantus en welzijnsorganisaties. Hierbij kijken we verder dan leefbaarheid en veiligheid, maar denken we ook na over bijvoorbeeld toenemende gezondheidsrisico’s en mobiliteitsproblemen. De veiligheid op straat willen we waarborgen en waar mogelijk verbeteren. In het op te stellen mobiliteitsplan worden daarvoor concrete maatregelen uitgewerkt.
Daar waar door het verlies aan draagkracht voorzieningen verdwijnen uit de lintdorpen zetten we in op een goede bereikbaarheid van de voorzieningen in het centrum van Veendam. Veendam is een compacte gemeente waardoor alle voorzieningen voor iedereen goed toegankelijk moeten zijn. Het garanderen van toegankelijkheid van voorzieningen geldt niet alleen voor de inwoners van onze lintdorpen, maar voor iedere inwoner van Veendam. Als gemeente willen we dat iedereen zich thuis voelt. Op basis van het verdrag Handicap van de Verenigde Naties maken we Veendam inclusief voor iedereen. In dit verdrag staat wat Nederland moet doen om de positie van mensen met een beperking te verbeteren. Denk daarbij aan het zelfstandig reizen met het openbaar vervoer, het verbeteren van de rolstoeltoegankelijkheid en het kunnen deelnemen aan sport, cultuur en onderwijs. Voor iedere inwoner moeten voorzieningen bereikbaar zijn en iedereen moet mee kunnen doen in de samenleving. Een toegankelijk Veendam voor iedereen is daarom ook ons uitgangspunt bij nieuwbouw en herinrichting van gebieden.
Relatie met: Paragraaf 3.2 Wonen, Paragraaf 3.3 Bereikbaarheid, Paragraaf 3.4 Voorzieningen, Paragraaf 3.6 Gezonde omgeving, Paragraaf 3.7 Groen en recreatie, Paragraaf 3.9 Milieu, water en bodem.
Hoofdstuk 4 Waarden
Paragraaf 4.1 Algemeen
Onder de waarden van onze gemeente verstaan we de kwaliteiten van de fysieke leefomgeving.
Een aantal waarden heeft betrekking op de identiteit van Veendam en de ontstaansgeschiedenis. Denk daarbij aan historische bebouwing en de diepen.
Maar ook kwaliteiten zoals de groene leefomgeving vinden wij een belangrijke waarde.
In de toekomst willen we de waarden van Veendam behouden en versterken. Keuzes en
ontwikkelingen die we de komende jaren gaan maken dragen hieraan bij.
Paragraaf 4.2 Complete parkstad
We zien Veendam als een ‘complete parkstad’, dit is van grote waarde voor onze gemeente. Onze gemeente kenmerkt zich door het vele groen. Zo wordt Veendam omringd door groen in het buitengebied, maar ook in de woongebieden wordt veel ruimte gegeven aan de groene inrichting. De groene inrichting van Veendam vinden wij waardevol en draagt bij aan de gezonde leefomgeving die wij de inwoners willen bieden. De openheid van Veendam, het iedereen thuis kunnen laten voelen maakt Veendam compleet en inclusief.
De kleinschaligheid van Veendam is waardevol, hierdoor kunnen we een ruime opzet behouden en veel ruimte gebruiken voor de groenblauwe inrichting. Daarnaast draagt de kleinschaligheid bij aan de toegankelijkheid van Veendam. Iedereen is welkom in Veendam en voelt zich er thuis.
Het groene karakter van Veendam begint bij de entree en de centrumring. Het groen langs de hoofdverbindingen binnen de bebouwde kom speelt daarbij een nadrukkelijke rol in voor het groene beeld van de gemeente. Wij vinden het van belang dat de groenstructuren van Veendam behouden worden. In het omgevingsplan nemen we de groenstructuren daarom op. Hierdoor wordt niet enkel het woonplezier versterkt, het draagt ook bij aan de verschillende planten en diersoorten in de omgeving, ook wel de biodiversiteit. Daarbij hebben we aandacht voor de locaties van het groen. Zo houden we in het zuidwesten van Veendam de parkachtige rand in stand, met mogelijk ruimte voor uitbreiding. En in het noordoosten behouden we het meer open groene landschap gerelateerd aan het veenkoloniale landschap.
Veendam is voor iedereen, iedereen is welkom en kan hier zijn wie ze willen zijn. We houden rekening met elkaar en bieden iedereen de mogelijkheid om mee te kunnen doen. Onze voorzieningen en het groen dragen bij aan de inclusieve samenleving.
Paragraaf 4.3 Ruimtelijke structuur
Onze gemeente heeft een zeer kenmerkende ruimtelijke structuur. Dit maakt de gemeente overzichtelijk en toegankelijk. De ruimtelijke structuur wordt grotendeels bepaald door het Ooster- en Westerdiep. Op deze ruimtelijke structuur die ook is opgenomen in de eerdere structuurvisie bouwen we verder voort in de omgevingsvisie.
De ruimtelijke structuur typeert verschillende gebieden als één samenhangend gebied op basis van overeenkomende kenmerken. De ruimtelijke structuur biedt ons uitgangspunten voor het mogelijk maken van nieuwe ontwikkelingen. We houden daarbij de volgende structuur aan van oost naar west; buitengebied, bedrijven, wonen, recreatie, buitengebied.
Buitengebied
In het buitengebied zijn verschillende kwaliteiten aanwezig. Afgezien van de linten
is er in het buitengebied ruimte voor klein- en grootschalige landbouw (in de figuur
wordt dit gebied ook wel aangegeven als agrarisch gebied). Aan de oostzijde is er
een harde scheiding tussen het buitengebied en stedelijk gebied die wordt gevormd
door de N33. Aan de westzijde is de grens van het buitengebied minder hard door het
afwisselende beeld van het lint van Wildervank tot de parkachtige, grillige lijnen
van bossen, water en sportterreinen.
Bedrijven
Grenzend aan de N33 bevindt zich het gebied aangewezen voor bedrijvigheid. In dit
gebied bevinden zich verschillende typen bedrijven en industrie. We bieden mogelijkheden
voor het uitbreiden van de bedrijventerreinen in zuidelijke richting om ruimte te
bieden aan grotere bedrijven.
Wonen
De woongebieden worden onderscheiden in drie wijken: Veendam Noord, Sorghvliet en
Buitenwoel, en de lintdorpen Wildervank, Bareveld, Borgercompagnie, Ommelanderwijk,
Zuidwending en Wildervanksterdallen. Naast woningen zijn er in de woongebieden verschillende
voorzieningen te vinden. Denk bijvoorbeeld aan scholen, kinderdagverblijven, supermarkten,
verzorgingstehuizen, apotheken en sportaccommodaties. De aanwezigheid van deze voorzieningen
draagt bij aan een prettig woonklimaat. De woongebieden van Veendam kenmerken zich
daarnaast door de vele ruimte voor groenkwaliteiten. In de woongebieden zijn de oorspronkelijke
linten van het Ooster- en het Westerdiep terug te zien. Langs deze diepen staan veel
mooie en oude gebouwen.
Recreatie
Het recreatiegebied is ook wel een groene zoom langs het woongebied en vormt een natuurlijke
overgang richting het buitengebied. Verschillende voorzieningen zijn aanwezig in dit
gebied zoals de golfbaan, het ‘Borgerswold’, een zeilplas en een sportcomplex. Wanneer
we het recreatief gebied willen uitbreiden zal dit worden aangesloten op het bestaande
recreatiegebied.
Linten
De kenmerkende linten voor het Veenkoloniën gebied vallen voornamelijk in het buitengebied
en deels in het centrum. Voor deze gebieden hanteren we andere waarden. In het centrum
van Veendam en in Wildervank kenmerken de linten zich door kleinschalige bebouwing
langs de diepen. De linten in het buitengebied karakteriseren zich meer als boerderijlinten
met klein- en grootschalige bedrijven. De kenmerken van de linten zijn van belang
voor onze gemeente en deze gebieden zien wij daarom als losstaande gebieden waarvan
we de waarden behouden en waar mogelijk versterken.

Paragraaf 4.4 Erfgoed en Landschap
De geschiedenis van Veendam is terug te vinden in ons erfgoed en het landschap. Het erfgoed en het landschap bieden dan ook kansen voor het ontwikkelen van de gemeente en het versterken van onze eigen identiteit. De landschappelijke structuren, de wateren en ook de cultuurhistorisch waardevolle elementen in Veendam dragen bij aan het ruimtelijke karakter.
De gemeente Veendam maakt onderdeel uit van de Veenkoloniën. De kenmerken van het Veenkoloniaal landschap zoals het open landschap met rechte wegen en kanalen zijn duidelijk terug te vinden in het landschap van Veendam. Het veenkoloniaal landschap is ontstaan door de veenontginning in de 17e, 18e en 19e eeuw. Turf is gedroogde veengrond. Vanaf de late middeleeuwen nam de economische waarde van turf toe. Het werd gebruikt als brandstof voor huishoudens en bijvoorbeeld ovens van steenbakkerijen. Door de turfwinning is het huidige landschap met lange lijnen ontstaan. Dit is terug te zien in de wijkenstructuur van het buitengebied. Deze wijkenstructuur van het veenkoloniale landschap zien wij als cultuurhistorisch waardevol omdat hierin het verhaal van de turfwinning en het ontstaan van de Veenkoloniën ligt. Bij toekomstige plannen en beleid willen we dit waardevolle landschap behouden.
Ook in de rest van Veendam is het veenkoloniaal verleden goed terug te vinden in de rechte vaarten en de bebouwing langs de waterwegen. De langgerekte bouwlinten zijn omsloten door een ruim weids gebied, en worden verbonden door landwegen tussen de verschillende nederzettingen. In het centrum is deze kenmerkende structuur aangewezen als beschermd stadsgezicht.
De dorpen zijn ontstaan langs een diep, zoals dit in bijvoorbeeld Wildervank nog te zien is aan het Ooster- en Westerdiep. In Zuidwending, Ommelanderwijk en een groot deel van Borgercompagnie is geen diep meer aanwezig. De lange rechte structuur van de lintdorpen willen we behouden en waar mogelijk versterken door meer aandacht te vestigen op de wateren en de pleziervaart in het gebied. De diverse rijks- en gemeentelijke monumenten die Veendam rijk is bevinden zich voornamelijk langs de diepen en linten.

De historische kenmerken in onze gemeente bieden kansen bij de ontwikkeling van de gemeente en het versterken van de lokale identiteit. We hebben aandacht voor de monumentale gebouwen, maar ook voor de contrasten tussen de openheid van het landschap en de meer besloten lintdorpen. We willen onze geschiedenis behouden, beleven en beschermen voor de huidige en toekomstige generaties. Cultuurhistorische waarden die in de bestemmingsplannen beschermd zijn geven we ook in het omgevingsplan juridische bescherming. Hieronder vallen onder ander onze beschermde gezichten en monumenten.
Voor het beleven willen we onder andere meer aandacht voor de wateren in Veendam. De kenmerkende diepen in Veendam die vroeger veel benut zijn en Veendam hebben gevormd, zijn nog steeds van belang voor onder andere recreatie en toerisme, natuur, wonen en klimaatadaptatie. Door de mogelijkheden voor vaarrecreatie uit te breiden ontstaan er meer mogelijkheden voor toeristen en inwoners om gebruik te maken van het water.
In de gemeente Veendam zijn er gebieden met een (zeer) hoge kans op het aantreffen van archeologische resten. In de Nota Archeologie en Cultuurhistorie staat hoe we omgaan met archeologie. Afhankelijk van de archeologische verwachtingswaarde van een gebied stellen we andere eisen. In het beleid is een overzicht opgenomen van de normen die bepalen of archeologisch onderzoek nodig is, dit hoort bij de Beleidskaart archeologie en cultuurhistorie Veendam (2018). Deze normen zijn vertaald naar het bestemmingsplan en nemen we over in het omgevingsplan. We beschermen daarmee archeologische resten als bron van informatie over het lokale verleden en via het benutten ervan bij de verdere ontwikkeling van de gemeente (bijvoorbeeld op het gebied van toerisme en recreatie). De huidige beleidsnota’s blijven van kracht tot de nota gemeentelijk erfgoedbeleid geactualiseerd is.
Paragraaf 4.5 Water
De aanwezigheid van water in onze gemeente is een waarde waar wij nog meer op in willen zetten. We willen de aanwezige waterlopen in stand houden want die hebben een belangrijke hydrologische, ecologische en cultuurhistorische functie. Denk hierbij aan de diepen, plassen en sloten. Het zorgt als het ware voor een rode (of blauwe) draad in veel thema’s die in onze gemeente spelen. Daarnaast heeft de gemeente een aantal watertaken en zorgplichten, deze lichten we hier toe.
We dragen bij aan de gezondheid van onze inwoners door een duurzame veiligstelling van de openbare drinkwatervoorziening. De komende jaren moet de gemeente hier rekening mee houden bij vergunningen en calamiteiten. Bij ontwikkelingen in de ondergrond houden wij rekening met de verschillende gebruikers van de ondergrond, zoals energie, riolering en drinkwater.
Daarnaast zijn de gemeentelijke watertaken gericht op drie zorgplichten, namelijk voor afvalwater, hemelwater en grondwater. Hier werken we samen met Waterschap Hunze en Aa's aan. Samen bepalen we het beleid en de uitvoeringsagenda van deze zorgplichten. Dit voeren we uit op een integrale manier samen met ander onderhoud zoals aan wegen en groen. De gemeentelijke zorgplichten hangen samen met de regionale zorgplichten (van het waterschap) voor het zuiveren van afvalwater en die voor het regionaal watersysteem. We streven naar gezondheid, ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid van ons watersysteem. We scheiden vuilwater van schoonwater en streven ernaar dat er zo min mogelijk contact met afvalwater is. Daarnaast werken we aan een ecologisch gezond en natuurlijk (grond)watersysteem. Daarbij koppelen we de waterkwaliteitsdoelen aan andere gebiedsfuncties, zoals landbouw, natuur en recreatie. We dragen bij aan leefbaarheid door de omgeving aan te passen aan het veranderend klimaat. Wonen aan het water is tevens een kwaliteit van Veendam waar we ook bij nieuwe ontwikkelingen aandacht aan besteden.
Hoofdstuk 5 Ambities
Paragraaf 5.1 Algemeen
In de omgevingsvisie komen de verschillende opgaven en gemaakte keuzes in de integrale ambities voor de komende 20 jaar. Met deze ambities geven we aan waar we als gemeente voor staan en waar we naartoe willen.
Op basis van de gemaakte keuzes tijdens het proces kunnen we drie integrale ambities vormen die richting geven voor de komende jaren. We maken keuzes en geven prioriteit aan de opgaven, waar we mee aan de slag willen, omdat we niet alle opgaven tegelijk én overal op kunnen pakken.
Deze ambities zijn het resultaat van het uitgebreide participatietraject, het interne proces en de keuzes gemaakt door het college van Veendam. Met deze set ambities bouwen we verder aan de fysieke leefomgeving van Veendam.
Paragraaf 5.2 Veendam leeft
In Veendam is en blijft het fijn wonen. Er is veel ruimte voor groen, recreatie en we hebben een ruim aanbod aan voorzieningen. Hierin zit de kracht van onze gemeente. Daarom blijven we in de toekomst aandacht behouden voor veranderende wensen en verwachtingen van inwoners. We creëren meer reuring passend bij onze gemeente. Zo blijven we een levendige gemeente zonder in te leveren op de leefbaarheid. Ook de openbare ruimte moet hieraan bijdragen. Onze omgeving nodigt uit om erop uit te gaan en anderen te ontmoeten. Deze ambitie gaat daarom over het versterken en verbeteren van de levendigheid en het behouden en versterken van de fijne en gezonde leefomgeving.
Levendigheid
Het is onze ambitie om de levendigheid van Veendam te versterken. Wij hebben als gemeente
een ruim aanbod aan voorzieningen zoals scholen, zwembad, sportvoorzieningen, winkels,
horeca en meer. Het ruime aanbod aan voorzieningen alleen is geen garantie voor een
levendige gemeente. De voorzieningen moeten passen bij de vraag van inwoners. Wij
gaan aan de slag om te zorgen dat het voorzieningenaanbod meer aansluit bij de vraag
van onze inwoners. Daarin staat onze inwoner centraal en houden we rekening met de
wensen en behoeften van verschillende doelgroepen. Ook zetten we meer in op communicatie
zodat inwoners weten wat Veendam te bieden heeft. Zo brengen we het huidige voorzieningenaanbod
(waaronder ook evenementen) en nieuwe mogelijkheden beter onder de aandacht. We zetten
dus niet enkel in op nieuwe voorzieningen en evenementen, maar ook op het verbeteren
van de bekendheid van het bestaande aanbod.
Het bieden van voorzieningen die passen bij de wensen van de doelgroepen draagt bij aan een levendiger Veendam. De voorzieningen moeten bovendien bereikbaar en toegankelijk zijn, zowel voor inwoners als voor bezoekers. We zetten daarom in op het verbeteren van de bereikbaarheid van voorzieningen. Daarmee blijft de leefbaarheid in de lintdorpen behouden, ook wanneer voorzieningen hier verdwijnen doordat er te weinig draagvlak voor is. Voor iedere inwoner blijven de voorzieningen goed toegankelijk, ook wanneer deze verder weg gelegen zijn.
Niet alleen voorzieningen dragen bij aan de levendigheid in Veendam, reuring draagt hier ook aan bij. De aanwezigheid van inwoners draagt bij aan reuring. Op verschillende locaties in het centrum willen we de reuring terug krijgen door de leegstaande winkelpanden te transformeren naar woningen. Hierdoor komt er meer levendigheid terug in het centrum. Het centrum wordt zo een aantrekkelijker verblijfsgebied, niet alleen voor inwoners maar ook voor bezoekers.
Vitaal en gezond
Naast een levendig Veendam willen we ook een vitaal en gezond Veendam. Als gemeente
kunnen we hieraan bijdragen door de omgeving zo in te richten dat het uitnodigt om
te sporten, spelen, bewegen en ontmoeten. Een groene en gezonde omgeving helpt daarbij.
Bomen en groen zijn positief voor de beleving, dragen bij aan de een goede luchtkwaliteit
en zorgen voor verkoeling tijdens warme dagen. Daarnaast nodigt een groene omgeving
uit om buiten te bewegen, sporten en ontmoeten. Hiermee dragen we bij aan de positieve
gezondheid van onze inwoners. Gezondheid zien we daarom als een integrale afweging
bij alle nieuwe ontwikkelingen maar ook in de bestaande woonomgeving. Zo zorgen we
er bijvoorbeeld voor dat bij nieuwe ontwikkelingen voldoende ruimte is voor sporten,
spelen en ontmoeten. Hiervoor nemen we regels op in het omgevingsplan. Bestaande voorzieningen
behouden we en zorgen ervoor dat deze goed toegankelijk zijn en blijven.
Sporten stimuleren we daarnaast door onze sportvoorzieningen te behouden. In Veendam beschikken we over een ruim aanbod aan kwalitatief goede sportvoorzieningen die we onderhouden en verder verbeteren. Dit bevordert de sportparticipatie en daarmee de gezondheid van onze inwoners.
In bestaande woongebieden behouden we het groen en water om hittestress en wateroverlast te voorkomen. Zo blijven de woonwijken bestand tegen verandering van het klimaat. Aan nieuwe ontwikkelingen stellen we voorwaarden zodat ook deze gebieden klimaatrobuust worden ingericht.
Bij het ontwikkelen van nieuwe woningen hebben we ook aandacht voor de ouder wordende bevolking. We bouwen meer levensloopbestendige woningen en geven informatie over het (preventief) aanpassen van woningen zodat iedereen oud kan worden in Veendam. Daarnaast zetten we in op het uitvoeren van het verdrag Handicap van de Verenigde Naties. Veendam is en blijft zo toegankelijk en bereikbaar voor iedereen.
Wat gaan we doen?
-
We zetten in op een aantrekkelijk, levendig en toegankelijk centrum. We hebben een visie voor het centrum opgesteld en verwerkt in deze omgevingsvisie. Lees onder Paragraaf 2.2 Centrum verder welke ambitie de gemeente heeft voor het centrum en welke doelen er zijn gesteld.
-
De visie op het centrum werken we verder uit in doelen en maatregelen die we opnemen in een omgevingsprogramma. Eventuele regels en normen die wel willen borgen werken we vervolgens verder uit in het omgevingsplan.
-
Wij communiceren duidelijk over de bestaande voorzieningen. Iedere inwoner moet op de hoogte zijn van de mogelijkheden die Veendam te bieden heeft.
-
We hebben aandacht voor de verschillende doelgroepen in Veendam en hun wensen. De verschillende doelgroepen worden actief betrokken bij vraagstukken met betrekking tot wensen en verwachtingen in het voorzieningenaanbod.
-
De Woonvisie 2023-2027 gaat in op hoe we de leegstand in het centrum tegengaan. Dit betekent dat we meer woningen in het centrum realiseren. Lees hierover meer in Paragraaf 3.2 Wonen, of in de Woonvisie.
-
We zetten in op de bereikbaarheid van voorzieningen, zowel uit de kern van Veendam als voor inwoners uit de lintdorpen. Dit doen we door meer en betere fietsverbindingen aan te leggen, en in gesprek met de provincie te blijven over verbetering van het openbaar vervoer. Als gemeente werken we aan een mobiliteitsstrategie waarin de bereikbaarheid van de gehele gemeente centraal staat.
-
In het omgevingsplan nemen we regels op met betrekking tot de gewenste ruimte voor sporten, spelen en ontmoeten in de openbare ruimte.
-
We zetten ons sportbeleid voort, waarbij toegankelijkheid van sporten voor alle inwoners en kwaliteitsbewaking van sportaccommodaties centraal staan.
-
In het omgevingsplan nemen we regels op met betrekking tot de hoeveelheid groen en waterstructuren in de woongebieden.
Paragraaf 5.3 Veendam ontwikkelt
Veendam is klaar voor de toekomst. We bereiden ons voor op de grote uitdagingen van onze tijd, waaronder de energietransitie en klimaatverandering. Veendam kiest niet voor snelle, maar voor slimme oplossingen. Zo gaan we de komende jaren steeds meer gebruik maken van duurzame energiebronnen en passen we onze omgeving aan, zodat we bestand zijn tegen het steeds extremere weer. Nu en straks biedt Veendam ruimte om aangenaam te wonen en te ondernemen. Er is ruimte voor nieuwe woningen die ingepast worden in het woongebied. Nieuwe bedrijven gericht op de health science worden richting Veendam getrokken door het bedrijventerrein uit te breiden voor bedrijven in deze sector. Door ruimte te bieden voor deze grotere bedrijven zetten we Veendam sterker op de kaart in de regio. Zowel in de kern Veendam maar ook in de lintdorpen bieden we een aantrekkelijk woon-, werk en verblijfsklimaat.
Een plek voor iedereen
De komende jaren groeit de vraag naar woningen. Tot 2040 is er vraag naar ongeveer
820 extra woningen. We gaan op zoek naar locaties voor deze nieuwe woningen, waarbij
we de voorkeur geven aan inbreiding in de huidige woongebieden en herinrichting van
VAB’s (vrijkomende agrarische bebouwing). Bij de inbreiding houden we rekening met
water- en klimaatverandering door (ruim)voldoende ruimte te behouden voor groen- en
waterstructuren in Veendam. Hiervoor nemen we een groennorm op in het omgevingsplan.
We houden daarnaast de ontwikkelingen in onze bevolking nauwkeurig in de gaten en
sturen de bouw van woningen bij wanneer dit nodig lijkt. Wanneer verdere uitbreiding
van woningbouw benodigd is, zal dit gebeuren op basis van de ruimtelijke structuur
van Veendam.
We willen dat iedereen in de toekomst een geschikte woonruimte kan vinden in Veendam die aansluit bij de eigen behoefte. Het type woningen wat we de komende jaren ontwikkelen is gericht op de vraag van dat moment met een doorkijk naar de lange termijn. Denk aan appartementen in de huursector, twee-onder-een-kapwoningen en andere woningtypen in de koopsector. Bij deze nieuwe woningen zorgen we dat er voldoende en kwalitatief goed groen in de omgeving is.
De bestaande woningen houden we op ten minste het huidige kwaliteitsniveau. We behouden en versterken de bestaande kwaliteiten van de woonomgeving, zoals het groen en water in de wijken en de voorzieningen in de buurt. We activeren en stimuleren initiatieven om woningen te verduurzamen en/of levensloopbestendig te maken.
Ondernemend Veendam
Ondernemen, dat kunnen wij goed! Veendam is een ondernemende gemeente met veel kansen.
We maken op de bedrijventerreinen, langs de westzijde van de N33, voldoende ruimte
voor bedrijven om zich ook in de toekomst te kunnen vestigen en zich te kunnen blijven
ontwikkelen. We ontwikkelen daarom extra bedrijventerrein om ruimte te bieden aan
grotere bedrijven. De bedoeling hierbij is om in ieder geval één (en mogelijk meer)
bedrijven in de sector health science aan te trekken. De uitbreiding vindt plaats
richting het zuiden, aansluitend op de bestaande bedrijventerreinen. Deze locatie
is goed bereikbaar ten opzichte van de N33 en het spoor. Zeker met het oog op de plannen
voor de spoorlijn Veendam-Stadskanaal.
De ruimte voor uitbreiding van de bedrijventerreinen richting het zuiden sluit aan op de huidige ruimtelijke structuur van Veendam. Het beperken van milieuhinder op de omgeving is een belangrijke randvoorwaarde voor de uitbreiding. Deze milieuhinder beperken we door uitbreiding enkel toe te staan wanneer dit binnen de wettelijke gestelde normen past. Daarnaast stellen we als randvoorwaarde dat bij het uitbreiden van het bedrijventerrein voldoende ruimte voor groen- en/of waterstructuren beschikbaar is. Hiermee bieden we een aangenaam verblijfsklimaat en wordt de kans op hittestress of wateroverlast verkleind. Deze randvoorwaarde krijgt een verdere vertaling in het omgevingsplan.
In overleg met de gemeente Midden-Groningen, Oldambt en de provincie Groningen werken we aan het Ruimtelijk-economisch perspectief A7/N33-regio. De uitbreiding van de bedrijventerreinen in Veendam in zuidelijke richting draagt bij aan de economisch ontwikkeling van de regio. Daarbij zetten we niet alleen in op de economische ontwikkeling, maar besteden we ook aandacht aan de ruimtelijke kwaliteiten zoals de natuur, het erfgoed, water en het open landschap.
Op de bestaande bedrijventerreinen houden we de kwaliteit op peil. We zien daarbij kansen voor het verfraaien van de entree van Veendam vanaf de N33. Door het bieden van aantrekkelijke bedrijfsruimte blijft Veendam ook in de toekomst aantrekkelijk voor bedrijven om zich hier te vestigen.
Ondernemend Veendam is niks zonder haar midden- en kleinbedrijven (MKB) en daarom hebben we speciale aandacht hiervoor. Met name in de lintdorpen zien we kansen voor MKB door ruimte te bieden voor functieveranderingen. Door de schaalvergroting in de landbouw bevinden zich hier steeds meer vrijkomende agrarische bebouwing (leegstaande of leegkomende boerderijen en schuren, ook wel VAB’s genoemd). Door mogelijkheden te bieden voor het veranderen van de functie naar bijvoorbeeld zorg of recreatie zien we kansen. Bijvoorbeeld kleinschalige woon-zorg combinaties of bed & breakfasts. Een voorwaarde daarbij is dat de functie past binnen de ruimte en het landschap. Bovendien willen we cultuurhistorisch waardevolle gebouwen en elementen behouden.
Toekomstbestendig Veendam
We maken Veendam klaar voor de toekomst door het verduurzamen van onze omgeving. Samen
met de energieregio Groningen gaan we aan de slag met deze opgave. We willen Veendam
verduurzamen en gebruik maken van duurzame energie. In de zonnevisie volgt de beleidsmatige
uitwerking voor de invulling van zonne-energie in Veendam. Omdat we ons landschap
zeer waardevol vinden, stellen we hierin voorwaarden voor de mogelijkheid om deze
zonneparken te ontwikkelen. Ons landelijke karakter behouden we daarbij.
Naast elektriciteit is veel energie nodig voor het verwarmen van onze woningen en gebouwen. In de toekomst verwarmen we onze woningen niet langer met aardgas. We zetten daarom in op nieuwe vormen van warmte. In de Warmtevisie werken we uit hoe we onze woningen van het gas kunnen halen. Samen met de sociale verhuurders hebben we afspraken gemaakt zodat hun woningvoorraad in 2050 CO2-neutraal en (aard)gasloos is.
We pakken als gemeente een stimulerende en faciliterende rol bij initiatieven vanuit inwoners om hun eigen woning te verduurzamen. We informeren onze inwoners over duurzame mogelijkheden en bieden inwoners de ruimte om eigen initiatief te nemen. Voor duurzame energieopwekking bij cultuurhistorische gebouwen stellen we specifieke regels op. Daarnaast geven we ook bedrijven de ruimte om verduurzamingsmaatregelen te nemen voor hun eigen bedrijf en op eigen terrein. Zeker initiatieven rondom zonnepanelen op daken moedigen wij aan. Andere maatregelen zijn alleen mogelijk indien deze minimaal effect hebben op de omgeving, milieu en het landschap.
Tot slot willen we duurzame mobiliteit stimuleren. Er zijn steeds meer duurzame mogelijkheden zoals elektrische auto’s en deelfietsen, waar we in Veendam ook ruimte voor willen bieden. Om de overstap naar elektrisch vervoer voor de inwoners toegankelijker te maken gaan we meer mogelijkheden bieden voor laadpalen en bieden we snellaadmogelijkheden aan op strategische plekken (bijvoorbeeld bij tankstations). Hierin volgen we het beleid van de Provincie Groningen. Daarnaast wordt een mobiliteitsplan opgesteld waarin verdere uitwerking plaatsvindt van het beleid op het gebied van mobiliteit en bereikbaarheid.
Wat gaan we doen?
-
Tot 2030 bouwen we minimaal 800 woningen in Veendam. Hiermee spelen we in op de verwachte veranderingen in de samenstelling van de bevolking. De woningbouw gebeurt met name op basis van inbreiding in bestaande woonwijken. De kwantitatieve en kwalitatieve woningbouwopgave is opgenomen in de Woonvisie 2023-2027.
-
We nemen een groennorm op in het omgevingsplan om voldoende ruimte voor klimaatadaptatie en groen te behouden.
-
We zetten in op uitbreiding van de bedrijventerreinen met ongeveer 40 hectare om ruimte te bieden aan grotere bedrijven, onder andere in de sector health science. We stellen hiervoor een gebiedsvisie op waarin we ook aandacht besteden aan het op peil houden van de kwaliteit van de bestaande bedrijventerreinen.
-
We bieden mogelijkheden voor functieveranderingen van leegstaande of leegkomende agrarische bebouwing in het omgevingsplan. Hiermee bieden we kansen voor bijvoorbeeld kleinschalige woon-zorg combinaties en recreatie, passend bij de vraag.
-
In de zonnevisie nemen we op of en onder welke voorwaarden we ruimte bieden voor zonneparken.
-
We pakken als gemeente een informerende, stimulerende en faciliterende rol bij initiatieven vanuit inwoners om hun eigen woning te verduurzamen. Door bijvoorbeeld subsidiemogelijkheden beter onder de aandacht te brengen.
-
Onze woningen gaan van het gas af. Hoe we dit precies kunnen doen werken we uit in de Warmtevisie.
-
We stellen een mobiliteitsplan op waarin het beleid op het gebied van bereikbaarheid wordt uitgewerkt.
-
In 2021 en 2022 wordt een Regionale Klimaatadaptatiestrategie opgesteld waarin de opgaven met betrekking tot klimaatadaptatie worden verduidelijkt. Vervolgens wordt een Regionaal Uitvoeringsprogramma 2022-2027 uitgewerkt. Wij volgen deze regionale aanpak.
Paragraaf 5.4 Veendam beleeft
Veendam heeft als gemeente veel te bieden en er is genoeg te beleven. Niet alleen Veendammers maar ook vanuit de regio komt men naar Veendam om te recreëren en te verblijven. Als gemeente hebben we veel moois te bieden en hier willen we gebruik van maken. Deze ambitie richt zich daarom op het stimuleren van recreatie in Veendam.
Genieten in het groen
Binnen de ruimtelijke structuur van Veendam zien we wijde gebieden van groen en water
waar recreatie plaatsvindt. Daar bovenop zien we kansen om de recreatiegebieden verder
uit te breiden. In de recreatiegebieden is nu vooral ruimte voor dagrecreatie zoals
sportactiviteiten, wandelmogelijkheden en evenementen. Dit vullen we in de toekomst
aan met verblijfsrecreatie. Denk bijvoorbeeld aan een vakantiepark met bungalows of
een camping. Hiermee bieden we de mogelijkheid aan bezoekers om langer in onze gemeente
te genieten, en kunnen ook andere ondernemers en voorzieningen profiteren.
We zien ook kansen in het stimuleren van de recreatie op het water, zoals varen, suppen en kanoën. We zijn trots op onze waardevolle waterstructuur met alle diepen, plassen en sloten. Deze mogen daarom meer benut worden. Vanuit verschillende windrichtingen is Veendam over het water te bereiken. Daarnaast zien we kansen voor het uitbreiden van de zeilplas. Door ruimte te bieden voor de verschillende typen vaarrecreatie zien wij Veendam als recreatieve trekpleister voor de regio. Waarbij bezoekers uit de wijde omgeving graag naar Veendam komen om te verblijven en te recreëren.
Bruisend centrum
Het centrum is het bruisend hart van Veendam. Hier ontmoeten we elkaar, hier moet
het levendig zijn. We gaan het centrum weer aantrekkelijk maken en de levendigheid
terugbrengen. Dit doen we door het centrum compacter te maken. We gaan leegstand tegen
door woningen in leegstaande panden te realiseren. En we maken pleinen toegankelijk
en groener. Dit maakt het centrum een aantrekkelijke locatie om te recreëren. In het
centrum willen we daarnaast ruimte bieden voor het organiseren van activiteiten en/of
evenementen. Dit zorgt voor een centrum dat in beweging is.
Evenementen
In Veendam hebben we ruimte voor evenementen in onder andere Borgerswold. Deze evenementen
willen we blijven stimuleren. Zowel in Borgerswold als in het centrum van Veendam.
Hierin variëren we in type evenementen, die aansluiten bij de wensen van de verschillende
doelgroepen. Naast dat dit een ontmoetingsmoment is voor inwoners van Veendam, trekken
evenementen bezoekers. Hiermee plaatsen we ons steeds meer op de kaart als recreatief
gebied. Daarnaast stimuleren we onze inwoners om ook in de buurt kleinschalige activiteiten
te blijven organiseren samen met de buurt.
Bodem in balans
In het bodemdalingsgebied doen we onderzoek naar een alternatieve invulling van het
gebied. We betrekken bewoners en andere betrokkenen bij de zoektocht naar een (mogelijk
recreatieve) invulling.
Wat gaan we doen?
-
We zien kansen om de recreatiegebieden uit te breiden aansluitend op de bestaande ruimtelijke structuur van Veendam. Hoe we hier invulling aan gaan geven werken we komende tijd verder uit in de recreatievisie.
-
In de recreatie- en centrumvisie werken we verder uit hoe we omgaan met evenementen in Veendam.
-
We stimuleren vaarrecreatie richting Veendam door de wateren aantrekkelijker en toegankelijker te maken voor pleziervaart.
-
Er wordt een gebiedsvisie opgesteld voor het bodemdalingsgebied. Hiermee brengen we in beeld wat mogelijke (recreatieve) invullingen zijn voor dit gebied. Bij deze processen worden inwoners nauw betrokken om zo goed mogelijk aan te sluiten op de wensen.
Bijlage I Overzicht Informatieobjecten
- 210520 Verslag Wijkprikker [definitief]
-
/join/id/regdata/gm0047/2026/pdf_10c4e788-3477-42fb-9d0c-720cb9bdb53d/nld@2026‑02‑17;56
- 210706 Keuzebladen omgevingsvisie Veendam
-
/join/id/regdata/gm0047/2026/pdf_852428da-fd98-4623-918f-da74d5760eb5/nld@2026‑02‑17;56
- 211208 Strategische impactbeoordeling Veendam [definitief] incl. bijlage
-
/join/id/regdata/gm0047/2026/pdf_c47205ed-627e-4690-9253-2c7d5d77096d/nld@2026‑02‑17;56
- 211209 Nota beantwoording zienswijzen en wijzigingen Ontwerp-Omgevingsvisie Veendam
-
/join/id/regdata/gm0047/2026/pdf_bff4e3ee-042e-403a-b2f8-ff42589b0c0b/nld@2026‑02‑17;56
- 24052024 - Bouwstenendoc omgevingsvisie Veendam - v1.1 concept - incl wijz
-
/join/id/regdata/gm0047/2026/pdf_0ef03031-8608-4f46-8c16-0763d21eae58/nld@2026‑02‑17;56
- Centrumvisie (7)
-
/join/id/regdata/gm0047/2026/pdf_caf1041f-8be1-4ba2-a580-fbdf0abd2808/nld@2026‑02‑17;56
- Verslag ontmoeting 18 mei 2021 - ondernemen, buitengebied en energietransitie
-
/join/id/regdata/gm0047/2026/pdf_9a3289e0-ce3d-4e08-8e3a-9b5954f81ab1/nld@2026‑02‑17;56
- Verslag ontmoeting 19 mei 2021 - wonen en bereikbaarheid
-
/join/id/regdata/gm0047/2026/pdf_2c9a7d23-01a7-463c-a807-3c5ab52d3977/nld@2026‑02‑17;56
- Verslag ontmoeting 20 mei 2021 - sport, recreatie, leefbaarheid en gezondheid
-
/join/id/regdata/gm0047/2026/pdf_7cd289e6-16c8-4d5a-a79c-8acea2b0fd63/nld@2026‑02‑17;56
- bedrijventerreinen
-
/join/id/regdata/gm0047/2026/gioe7f64def-9bca-4091-a924-5bdaf175b5cf/nld@2026‑02‑17;3-1
- buitengebied
-
/join/id/regdata/gm0047/2026/gio5e6f6bdf-492b-45a6-a219-e9e81f7c2a4e/nld@2026‑02‑17;5-1
- centrum
-
/join/id/regdata/gm0047/2026/giodb3b5c2d-d677-440a-8900-a23f105122ea/nld@2026‑02‑17;7-1
- lintdorpen
-
/join/id/regdata/gm0047/2026/gioa846f4ca-1544-4ab9-9b30-ef6c5299647a/nld@2026‑02‑17;9-1
- recreatiegebieden
-
/join/id/regdata/gm0047/2026/gio301aa202-adbf-40d5-b80e-d81b6ad7bd6d/nld@2026‑02‑17;11-1
- veendam
-
/join/id/regdata/gm0047/2026/gio66f3c089-e2da-40b7-b241-7aa22950913d/nld@2026‑02‑17;15-1
- woongebieden
-
/join/id/regdata/gm0047/2026/gio6892be4f-10a0-4c23-b4cf-f6044cf5bc38/nld@2026‑02‑17;13-1
Bijlage III Verslag ontmoeting 18 mei 2021
Verslag ontmoeting 18 mei 2021 - ondernemen, buitengebied en energietransitie
Verslag ontmoeting 18 mei 2021 - ondernemen, buitengebied en energietransitie.pdf
Bijlage IV Verslag ontmoeting 19 mei 2021
Verslag ontmoeting 19 mei 2021 - wonen en bereikbaarheid
Verslag ontmoeting 19 mei 2021 - wonen en bereikbaarheid.pdf
Bijlage V Verslag ontmoeting 20 mei 2021
Verslag ontmoeting 20 mei 2021 - sport, recreatie, leefbaarheid en gezondheid
Verslag ontmoeting 20 mei 2021 - sport, recreatie, leefbaarheid en gezondheid.pdf
Bijlage VII Strategische impactbeoordeling Veendam
Strategische impactbeoordeling Veendam
211208 Strategische impactbeoordeling Veendam [definitief] incl. bijlage.pdf
Bijlage VIII Nota beantwoording zienswijzen en wijzigingen Ontwerp-Omgevingsvisie Veendam
Nota beantwoording zienswijzen en wijzigingen Ontwerp-Omgevingsvisie Veendam
211209 Nota beantwoording zienswijzen en wijzigingen Ontwerp-Omgevingsvisie Veendam.pdf
Bijlage IX Bouwstenendoc Omgevingsvisie Veendam
Bouwstenendoc omgevingsvisie Veendam
24052024 - Bouwstenendoc omgevingsvisie Veendam - v1.1 concept - incl wijz.pdf
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl