Beleidsregels Woonkostentoeslag (WKT) gemeente Best 2026

Geldend van 19-02-2026 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2026

Intitulé

Beleidsregels Woonkostentoeslag (WKT) gemeente Best 2026

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Best,

gelet op:

artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht en de artikelen 35, 44 en 55 van de Participatiewet;

overwegende dat:

  • woonkostentoeslag een vorm van bijzondere bijstand is die bedoeld is voor situaties waarin noodzakelijke woonlasten niet (volledig) kunnen worden opgevangen door huurtoeslag of andere voorliggende voorzieningen;

  • de gemeente op grond van de Participatiewet beleid kan voeren om inwoners tijdelijk financieel te ondersteunen bij deze woonlasten;

  • het wenselijk is om het beleid omtrent de verstrekking van woonkostentoeslag vast te leggen in beleidsregels ter bevordering van de rechtszekerheid en een eenduidige uitvoering;

B E S L U I T:

vast te stellen de Beleidsregels Woonkostentoeslag (WKT) gemeente Best 2026.

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

  • a.

    college: het college van burgemeester en wethouders van Best;

  • b.

    wet: de Participatiewet;

  • c.

    Wht: de Wet op de huurtoeslag;

  • d.

    woonlasten: de maandelijkse kale huur of, bij een eigen woning, de aan de eigen woning verbonden noodzakelijke lasten zoals hypotheekrente, erfpachtcanon, opstalverzekering, VvE-bijdrage en andere noodzakelijke eigenaarslasten;

  • e.

    woonkostentoeslag (WKT): bijzondere bijstand ter gedeeltelijke vergoeding van noodzakelijke woonlasten die niet volledig worden gedekt door de huurtoeslag of andere voorliggende voorzieningen;

  • f.

    maximale rekenhuur: de maximale huurprijs die op grond van de Wht in aanmerking wordt genomen voor de berekening van de huurtoeslag;

  • g.

    basishuur: het bedrag dat op grond van de Wht geldt als minimale eigen bijdrage in de woonkosten, zijnde het deel van de rekenhuur dat voor rekening van de huurder blijft en waarover geen huurtoeslag wordt verstrekt, zoals jaarlijks vastgesteld door of krachtens die wet;

  • h.

    aftoppingsgrens: het bedrag dat binnen deze beleidsregels maximaal als noodzakelijke woonlasten kan worden aangemerkt voor de WKT, gelijk aan 135% van de maximale rekenhuur zoals bedoeld in de Wht.

Artikel 2. Doel en grondslag

  • 1. De WKT is bijzondere bijstand als bedoeld in artikel 35 van de Participatiewet, en heeft tot doel inwoners met een laag inkomen tijdelijk te ondersteunen bij noodzakelijke woonlasten.

  • 2. Toekenning van WKT plaats na een individuele beoordeling van noodzaak, redelijkheid en passendheid; aan een aanvraag kan geen automatisch recht op WKT worden ontleend.

  • 3. WKT wordt slechts verleend voor zover huurtoeslag of andere voorliggende voorzieningen niet toereikend zijn.

Artikel 3. Doelgroep

  • 1. Inwoners van de gemeente Best komen in aanmerking voor WKT indien zij:

    • a.

      woonlasten hebben die naar hun aard voor WKT in aanmerking kunnen komen en die worden beoordeeld op noodzakelijkheid en redelijkheid;

    • b.

      een inkomen hebben dat niet hoger is dan 100% van de bijstandsnorm;

    • c.

      geen in aanmerking te nemen vermogen hebben boven de vermogensgrens als bedoeld in artikel 34 van de Participatiewet.

  • 2. Ook huurders in de vrije sector komen in aanmerking, mits de woning als passend wordt aangemerkt en aan de voorwaarden van het eerste lid wordt voldaan.

Artikel 4. Voorwaarden voor toekenning

  • 1. Belanghebbende moet in geval van een huurwoning huurtoeslag hebben aangevraagd of aannemelijk maken dat dit niet mogelijk is.

  • 2. Woonlasten worden beoordeeld op noodzakelijkheid, redelijkheid en passendheid. Daarbij wordt rekening gehouden met:

    • a.

      de actuele aftoppingsgrens;

    • b.

      de plaatselijke woningmarkt, waaronder die van de gemeente Best en de gemeente Oirschot in verband met de per 1 januari 2028 beoogde gemeentelijke fusie, alsmede de regionale woningmarkt en de beschikbare huisvestingsmogelijkheden;

    • c.

      persoonlijke omstandigheden.

  • 3. Bij de beoordeling van de noodzakelijkheid en passendheid van de woonlasten wordt in ieder geval betrokken of de huurprijs uitkomt boven de maximale rekenhuur zoals bedoeld in de Wht en de aftoppingsgrens.

  • 4. WKT kan worden geweigerd of beperkt indien onvoldoende inspanningen zijn geleverd door de inwoner, overeenkomstig artikel 55 van de Participatiewet. Hierbij geldt:

    • a.

      Bij de eerste aanvraag wordt gekeken naar de inspanningen die tot dat moment zijn geleverd, bijvoorbeeld:

      • 1)

        Inschrijving bij woningcorporaties;

      • 2)

        Actief reageren op passende woningen;

      • 3)

        Gebruik van voorliggende voorzieningen waar mogelijk.

    • b.

      Bij verlenging of heronderzoek wordt de volledige inspanningsverplichting getoetst, waaronder:

      • 1)

        Actief zoeken naar een passende alternatieve woning en het benutten van alle redelijke mogelijkheden om woonlasten te verlagen;

      • 2)

        Gebruik van beschikbare voorliggende voorzieningen, zoals huurtoeslag of andere regelingen;

      • 3)

        Medewerking aan onderzoek en aanleveren van relevante gegevens;

      • 4)

        Aantonen van reacties op aangeboden woningen of andere passende huisvestingsmogelijkheden.

  • 5. Het college kan afzien van het vereisen van een daadwerkelijke verhuizing indien geen passende of beschikbare goedkopere woning aanwezig is, of indien verhuizen om medische, sociale of gezinsredenen niet verantwoord is. Bij een eerste aanvraag wordt beoordeeld of de inwoner redelijke inspanningen heeft geleverd om een passende alternatieve woning te vinden; een daadwerkelijke verhuizing wordt hierbij (nog) niet verwacht. Bij verlenging of heronderzoek wordt de inspanningsverplichting strenger getoetst, zoals nader uitgewerkt in lid 4, onderdeel b.

Artikel 5. Woonkostentoeslag voor huiseigenaren

  • 1. Huiseigenaren komen in aanmerking indien zij voldoen aan artikelen 3 en 4.

  • 2. Alleen de noodzakelijke lasten die verband houden met eigenaarschap komen voor WKT in aanmerking; aflossing van de hypotheek wordt niet meegenomen.

  • 3. De berekening van de WKT volgt de systematiek van artikel 6 en de duur en herbeoordeling zijn geregeld in artikel 7.

  • 4. Huiseigenaren moeten wijzigingen die van invloed zijn op woonlasten of toeslag tijdig melden.

Artikel 6. Hoogte van de woonkostentoeslag

  • 1. De WKT wordt vastgesteld op het bedrag van de noodzakelijke woonlasten dat uitkomt boven:

    • a.

      voor huurders: de maximale rekenhuur als bedoeld in de Wht;

    • b.

      voor huiseigenaren: de basishuur.

  • 2. De noodzakelijke woonlasten worden in beginsel vastgesteld tot maximaal 135% van de maximale rekenhuur.

  • 3. Het deel van de huur/woonkosten dat uitkomt boven deze grens (van 135%) wordt in beginsel niet als noodzakelijk aangemerkt.

  • 4. Het bedrag dat maximaal door de WKT kan worden gecompenseerd, mag niet hoger zijn dan 35% van de maximale rekenhuur. Alles daarboven wordt niet vergoed.

  • 5. In bijzondere medische, sociale of gezinsomstandigheden kan het college besluiten de WKT hoger vast te stellen dan de berekende noodzakelijke woonlasten volgens lid 1 tot en met 3, maar nooit hoger dan het maximum als bedoeld in lid 4.

Artikel 7. Duur van de Woonkostentoeslag en heronderzoek

  • 1. De WKT wordt in beginsel toegekend voor een periode van 12 maanden.

  • 2. Tegen het einde van de toekenning wordt een heronderzoek uitgevoerd naar de noodzaak, redelijkheid en passendheid van de woonlasten, inclusief de mate waarin de inspanningsverplichting is nagekomen.

  • 3. Indien uit het heronderzoek blijkt dat de WKT nog steeds noodzakelijk is en de inspanningsverplichting is nagekomen, kan de WKT worden verlengd voor een tweede periode van maximaal 12 maanden.

  • 4. Tegen het einde van de tweede periode vindt opnieuw een heronderzoek plaats. In zeer bijzondere en schrijnende omstandigheden kan de WKT vervolgens nog een derde periode van maximaal 12 maanden worden toegekend.

  • 5. In normale omstandigheden eindigt de WKT na de tweede periode van 12 maanden (dus na 24 maanden) zodra uit het heronderzoek blijkt dat verlenging niet gerechtvaardigd is.

  • 6. De totale duur van de WKT, inclusief alle perioden waarvoor een verlenging is verleend, kan niet langer zijn dan 36 maanden binnen een aaneengesloten periode. Na het verstrijken van deze maximale periode stopt de WKT automatisch.

  • 7. Elke toekenning blijft maatwerk; het college houdt steeds rekening met noodzakelijkheid, redelijkheid en passendheid van de woonlasten.

Artikel 8. Vorm van de bijstand

WKT wordt om niet verleend.

Artikel 9. Aanvraag

  • 1. WKT wordt toegekend op basis van een ingediende aanvraag. Het indienen van een aanvraag geeft geen automatisch recht op WKT; iedere aanvraag wordt beoordeeld op basis van de geldende voorwaarden en de individuele situatie.

  • 2. De WKT gaat in op de eerste dag van de maand waarin de aanvraag is ontvangen door de gemeente.

  • 3. In afwijking van lid 2 kan het college besluiten de WKT met terugwerkende kracht toe te kennen tot maximaal drie maanden voorafgaand aan de dag waarop de aanvraag voor WKT is ontvangen, indien individuele omstandigheden daartoe noodzaken.

    • a.

      Hierbij wordt beoordeeld of de belanghebbende zich tijdig heeft gemeld, gelet op wat in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs van hem of haar kon worden verwacht.

    • b.

      Het college motiveert de toepassing van terugwerkende kracht in het besluit.

  • 4. Een nieuwe aanvraag voor WKT kan buiten behandeling worden gelaten zolang de belanghebbende dezelfde woning bewoont en de overige relevante omstandigheden, zoals inkomen en woonlasten, onveranderd zijn gebleven.

Artikel 10. Hardheidsclausule

Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van de beleidsregels indien strikte toepassing leidt tot onbillijkheden van overwegende aard.

Artikel 11. Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1. Inwerkingtreding: met terugwerkende kracht per 1 januari 2026.

  • 2. Citeertitel: “Beleidsregels Woonkostentoeslag (WKT) gemeente Best 2026”.

Ondertekening

Toelichting Beleidsregels Woonkostentoeslag (WKT) gemeente Best 2026

Algemene toelichting

Per 1 januari 2026 verandert de Wet op de huurtoeslag (Wht) op twee belangrijke punten:

  • 1.

    Vervallen maximale huurgrens als toegangseis

    Huurders met een laag inkomen kunnen ook in de vrije sector huurtoeslag aanvragen, ongeacht de hoogte van de huurprijs. Voorheen was het recht op huurtoeslag beperkt tot woningen onder een bepaalde huurprijs.

  • 2.

    Maximale rekenhuur blijft bestaan

    De huurtoeslag wordt uitsluitend berekend over de huur tot het wettelijk vastgestelde maximale bedrag. Huur boven dit plafond wordt niet gesubsidieerd, waardoor sommige huurders ondanks huurtoeslag een tekort hebben om hun volledige woonlasten te betalen.

De gemeente blijft op grond van artikel 35 van de Participatiewet verantwoordelijk voor maatwerk bij noodzakelijke woonlasten. De woonkostentoeslag (WKT) biedt een vangnet voor inwoners met noodzakelijke woonlasten die niet volledig door huurtoeslag of andere voorliggende voorzieningen worden gedekt. De regeling richt zich op inwoners met een laag inkomen en beperkt vermogen, zodat de meest kwetsbare huishoudens worden ondersteund zonder het landelijke huurtoeslagsysteem te doorkruisen.

Om de noodzakelijkheid en redelijkheid van woonlasten te borgen, is in deze beleidsregels gekozen voor een begrenzing van de woonkosten die voor WKT in aanmerking komen. Deze begrenzing sluit aan bij de maximale rekenhuur van de Wht en wordt uitgedrukt in een percentage daarvan (135%). Het bedrag dat maximaal kan worden gecompenseerd door de WKT is dus begrensd tot 35% van de maximale rekenhuur. Hiermee wordt enerzijds rekening gehouden met de krapte op de woningmarkt en anderzijds voorkomen dat zeer hoge woonlasten volledig worden gecompenseerd met publieke middelen.

Voor de WKT wordt een inkomensgrens van 100 % van de bijstandsnorm gehanteerd (dit komt overeen met een draagkrachtpercentage van 100 %). Dit is in heel Nederland gebruikelijk bij woonkostentoeslag en zorgt ervoor dat de gemeentelijke regeling het landelijke stelsel van huurtoeslag niet doorkruist.

  • Samenhang met het landelijke stelsel:

    Een hogere grens (bijvoorbeeld 120 %) zou betekenen dat mensen met relatief hogere inkomens aanspraak kunnen maken op gemeentelijke compensatie van woonlasten, terwijl de landelijke huurtoeslag al inkomensafhankelijk is ontworpen om woonlasten te ondersteunen. Een hogere grens zou het nationale stelsel doorkruisen of verruimen buiten wat maatschappelijk en wettelijk bedoeld is.

  • Consistentie met bestaande gemeentelijke beleidsregels bijzondere bijstand:

    In de Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Best 2023 wordt bij woonkostentoeslag expliciet een draagkrachtpercentage van 100 % gehanteerd voor inkomen en vermogen, in afwijking van de algemene regels over draagkracht. Het hanteren van een andere inkomensgrens of draagkrachtpercentage voor de WKT zou leiden tot interne tegenstrijdigheden en uitvoeringsproblemen. Het handhaven van 100 % borgt zowel wettelijke consistentie als praktische uitvoerbaarheid. Ook bij toekomstige herzieningen of nieuwe beleidsregels voor bijzondere bijstand blijft deze inkomensgrens voor WKT gehandhaafd, zodat de regeling stabiel en voorspelbaar blijft.

Met deze beleidsregels wordt een zorgvuldig afgewogen en begrensde invulling gegeven aan de verantwoordelijkheid van de gemeente om inwoners met noodzakelijke woonlasten tijdelijk te ondersteunen, in samenhang met het landelijke stelsel van huurtoeslag.

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

De definities van woonlasten, WKT, maximale rekenhuur, basishuur, aftoppingsgrens en overige begrippen vormen de basis voor uitvoering en afbakening van de regeling. De begrippen zijn duidelijk omschreven om zowel uitvoering, toetsing én een consistente toepassing van de regeling te borgen en de communicatie richting inwoners eenvoudig en eenduidig te maken.

Artikel 2. Doel en grondslag

Dit artikel maakt duidelijk dat de WKT een vorm van bijzondere bijstand is op grond van artikel 35 van de Participatiewet. Toekenning vindt uitsluitend plaats na individuele beoordeling van de noodzaak, redelijkheid en passendheid van de woonlasten. Een aanvraag geeft dus geen automatisch recht op WKT. De regeling fungeert als een tijdelijk vangnet en aanvullend instrument, voor inwoners met noodzakelijke woonlasten die niet (volledig) door voorliggende voorzieningen, zoals huurtoeslag, worden gedekt.

Artikel 3. Doelgroep

De WKT is bedoeld voor inwoners van onze gemeente met woonlasten die na beoordeling als noodzakelijk en redelijk worden aangemerkt, en die niet volledig door huurtoeslag of andere voorliggende voorzieningen worden gedekt.

In aanmerking komen inwoners met een inkomen tot 100% van de bijstandsnorm en een beperkt vermogen. Zowel huurders als huiseigenaren kunnen WKT aanvragen, mits zij voldoen aan de overige voorwaarden.

Artikel 4. Voorwaarden voor toekenning

Dit artikel bevat het toetsingskader voor de beoordeling van aanvragen. De woonlasten worden beoordeeld op noodzakelijkheid, redelijkheid en passendheid, rekening houdend met: de actuele aftoppingsgrens, de plaatselijke woningmarkt (gemeente Best en gemeente Oirschot; gelet op de beoogde gemeentelijke fusie per 1 januari 2028), de regionale woningmarkt en de beschikbare huisvestingsmogelijkheden, en persoonlijke omstandigheden.

Van de inwoner wordt verwacht dat hij of zij redelijke inspanningen levert om woonlasten te beperken en gebruik te maken van voorliggende voorzieningen.

  • Bij de eerste aanvraag betekent dit bijvoorbeeld het actief reageren op aangeboden woningen of andere passende huisvestingsmogelijkheden, het inschrijven bij woningcorporaties en het benutten van beschikbare regelingen zoals huurtoeslag.

  • Bij heronderzoek of verlenging wordt strenger getoetst of de inspanningsverplichting daadwerkelijk is nagekomen, waaronder concrete stappen om een passende of betaalbare woning te vinden en volledige medewerking aan het onderzoek door het college.

Het college kan afzien van het vereisen van een daadwerkelijke verhuizing indien geen passende of beschikbare goedkopere woning aanwezig is, of indien verhuizen om medische, sociale of gezinsredenen niet verantwoord is.

Bij de toepassing van dit toetsingskader staat maatwerk centraal, waarbij het college steeds een integrale afweging maakt op basis van de individuele omstandigheden van de inwoner.

Artikel 5. Woonkostentoeslag voor huiseigenaren

Huiseigenaren kunnen in aanmerking komen voor WKT onder dezelfde voorwaarden als huurders. Alleen noodzakelijke lasten die verband houden met eigenaarschap, zoals benoemd in artikel 1, worden meegenomen; aflossing van de hypotheek wordt niet vergoed.

De systematiek voor hoogte, duur en heronderzoek volgt dezelfde uitgangspunten als voor huurders. Wijzigingen in woon- of financiële situatie moeten onverwijld worden gemeld.

Artikel 6. Hoogte van de woonkostentoeslag

Dit artikel beschrijft hoe WKT wordt berekend.

Bij huurders wordt uitgegaan van het deel van de huur dat, na toepassing van de huurtoeslag op grond van de Wet op de huurtoeslag, niet wordt gecompenseerd en uitkomt boven de maximale rekenhuur.

Voor huiseigenaren geldt dat de WKT wordt berekend over het deel van de noodzakelijke woonlasten dat boven de basishuur uitkomt.

De noodzakelijke woonlasten worden in beginsel beperkt tot 135% van de maximale rekenhuur. Het deel van de huur of woonlasten boven deze grens wordt normaal gesproken niet als noodzakelijk aangemerkt. Daarnaast geldt dat de WKT maximaal 35% van de maximale rekenhuur kan vergoeden.

In bijzondere situaties, zoals bij medische, sociale of gezinsomstandigheden, kan het college gemotiveerd besluiten een hoger bedrag als noodzakelijk aan te merken, binnen de vastgestelde maximale vergoeding. Dit mag echter nooit leiden tot een WKT hoger dan het in lid 4 vastgestelde maximum. Hiermee wordt geborgd dat de toeslag een vangnetfunctie vervult, zonder dat buitensporige woonlasten volledig door publieke middelen worden gecompenseerd.

Artikel 7. Duur van de Woonkostentoeslag en heronderzoek

Dit artikel regelt het tijdelijke karakter van de WKT. De WKT wordt in beginsel toegekend voor een periode van maximaal 12 maanden. Tegen het einde van deze periode vindt een heronderzoek plaats naar de noodzaak, redelijkheid en passendheid van de woonlasten, alsmede naar de mate waarin is voldaan aan de inspanningsverplichting.

Indien de WKT na heronderzoek nog noodzakelijk is, kan de toeslag worden verlengd voor een tweede periode van maximaal 12 maanden. In zeer bijzondere en schrijnende omstandigheden is vervolgens nog één verlenging van maximaal 12 maanden mogelijk. De totale duur van de WKT bedraagt daarmee maximaal 36 maanden binnen een aaneengesloten periode.

In normale omstandigheden eindigt de WKT na maximaal 24 maanden. De maximale termijn van 36 maanden vormt het uiterste vangnet; structurele of langdurige compensatie van woonlasten is niet beoogd. Bij iedere beoordeling blijft maatwerk centraal staan.

Artikel 8. Vorm van de bijstand

De WKT wordt in beginsel om niet verstrekt. Gelet op het karakter van woonkosten als noodzakelijke, terugkerende kosten van het bestaan wordt woonkostentoeslag niet als lening verstrekt.

Artikel 9. Aanvraag

De WKT wordt toegekend op basis van een ingediende aanvraag. Het indienen van een aanvraag geeft geen automatisch recht op WKT; iedere aanvraag wordt beoordeeld op basis van de geldende voorwaarden en de individuele omstandigheden van de belanghebbende.

De toeslag gaat in beginsel in op de eerste dag van de maand waarin de aanvraag door de gemeente is ontvangen. In afwijking hiervan kan het college besluiten de WKT met terugwerkende kracht toe te kennen tot maximaal drie maanden voorafgaand aan de dag waarop de aanvraag is ontvangen, indien de individuele omstandigheden daartoe aanleiding geven. Deze mogelijkheid is gebaseerd op artikel 44, vijfde lid, van de Participatiewet. Bij de beoordeling wordt betrokken of de belanghebbende zich onverwijld heeft gemeld, gelet op wat in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs van hem of haar mocht worden verwacht. Het college motiveert een besluit tot terugwerkende kracht altijd expliciet.

De eventuele toepassing van terugwerkende kracht heeft geen invloed op de maximale duur van de woonkostentoeslag zoals geregeld in artikel 7; de totale toekenningsduur bedraagt ook in dat geval maximaal 36 maanden.

Indien een belanghebbende dezelfde woning blijft bewonen en de overige relevante omstandigheden, zoals inkomen en woonlasten, onveranderd zijn gebleven, kan een nieuwe aanvraag buiten behandeling worden gelaten. Deze bepaling voorkomt herhaalde aanvragen zonder gewijzigde omstandigheden en draagt bij aan een doelmatige uitvoering van de regeling.

Artikel 10. Hardheidsclausule

Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van de beleidsregels indien strikte toepassing leidt tot onbillijkheden van overwegende aard. Dit artikel biedt ruimte voor maatwerk in uitzonderlijke situaties waarin de beleidsregels niet voorzien.

Artikel 11. Inwerkingtreding en citeertitel

Regelt de datum van inwerkingtreding (met terugwerkende kracht per 1 januari 2026) en de citeertitel van de beleidsregels.