Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Berg en Dal 2026

Geldend van 17-02-2026 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2026

Intitulé

Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Berg en Dal 2026

De raad van de gemeente Berg en Dal;

Gelezen het voorstel van het presidium van 22 januari 2026;

gelet op de artikelen 95, 96 en 99 van de Gemeentewet;

gelet op de artikelen 3.1.1, 3.1.3 eerste lid, 3.1.4 eerste lid, 3.1.4a, 3.3.2, 3.3.3 en 3.4.1 van het Besluit rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.1 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers;

besluit:

vast te stellen de volgende verordening:

Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Berg en Dal 2026

Artikel 1 Definitiebepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    Commissielid: lid van een commissie als bedoeld in de artikelen 82, 83 en 84 van de Gemeentewet, dat niet tevens raadslid is of ambtenaar die als zodanig tot lid van een commissie is benoemd; Hieronder vallen ook de carrouselleden.

  • b.

    Griffier: de griffier, bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet;

  • c.

    Raadslid: lid van de gemeenteraad.

Artikel 2 Vergoeding voor de werkzaamheden van raadsleden

De vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, wordt uitgekeerd.

Artikel 3 Toelage raadslid onderzoekscommissie

Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet wordt voor de duur van de activiteiten van die commissie ten laste van de gemeente een toelage toegekend. De toelage is per jaar maximaal driemaal de maandelijkse vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

Artikel 4 Toelage raadslid bijzondere commissie

  • 1. De Werkgeverscommissie en Auditcommissie worden aangemerkt als een bijzondere commissie zoals bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

  • 2. Raadsleden die lid zijn van een van deze commissies, ontvangen op grond van artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers de maximale maandelijkse vergoeding per bijgewoonde vergadering.

  • 3. De vergoeding geldt voor de vergaderingen boven 4 vergaderingen per jaar.

Artikel 5 Toelage vaste voorzitter commissie als bedoeld in artikel 82 Gemeentewet

Een raadslid dat voorzitter is van een commissie als bedoeld in artikel 3.1.4a, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, ontvangt per voorgezeten vergadering de maximale maandelijkse vergoeding op grond van artikel 3.1.4, eerste lid.

Artikel 6 Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing raads- en commissieleden

  • 1. Een raads- of commissielid dat wil deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van zijn functie als bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, dient daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de griffier.

  • 2. Deze aanvraag gaat vergezeld van stukken met inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie.

  • 3. De griffier beslist op de aanvraag op basis van de overgelegde stukken en legt hierover verantwoording af in het Presidium.

Artikel 7 Informatie- en communicatievoorzieningen raads- en commissieleden

  • 1. Een raads- of commissielid tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie een laptop ter beschikking wordt gesteld. Het gaat hier om een informatie- en communicatievoorziening zoals bedoeld in artikel 3.3.2 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

  • 2. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast.

  • 3. Een raads- of commissielid levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde laptop compleet in bij de griffie/gemeente.

  • 4. Overname van de informatie- en communicatievoorzieningen is mogelijk na schoning en tegen vergoeding van de resterende waarde van de voorzieningen in het economisch verkeer.

Artikel 8 Betaling en declaratie van onkosten

  • 1. Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door:

    • a.

      betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur,

    • b.

      betaling vooruit uit eigen middelen of

    • c.

      betaling ten laste van de gemeentelijke creditcard.

  • 2. De declaratie van de kosten die uit eigen middelen vooruit zijn betaald en de vergoeding van reiskosten met de eigen auto vindt plaats door gebruikmaking van het declaratieformulier met de bewijsstukken die hierop betrekking hebben.

  • 3. Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden uiterlijk 1 maand na afloop van een kalenderjaar, gedateerd en ondertekend door het raads- of commissielid ingediend bij de griffier.

  • 4. Betaling aan raads- of carrouselleden vindt binnen 2 maanden na het indienen van de aanvraag plaats. Carrouselleden ontvangen de vergoeding op grond van artikel 3.4.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

Artikel 9 Intrekking oude verordening

De Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Berg en Dal 2024 wordt ingetrokken per 1 januari 2026.

Artikel 10 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt met terugwerkende kracht in werking op 1 januari 2026.

Artikel 11 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Berg en Dal 2026.

Ondertekening

Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Berg en Dal op 5 februari 2026,

De raadsgriffier

E.W.A.T. Pastoors

De voorzitter,

mr. M. Slinkman

Toelichting

Artikel 1

Commissies waarvoor raadsleden een aparte vergoeding kunnen krijgen zijn:

  • 1.

    De vertrouwenscommissie voor benoeming van de burgemeester; De vergoeding wordt geregeld in de verordening waarbij de commissie wordt ingesteld.

  • 2.

    Een eventueel in te stellen onderzoekscommissie (artikel 2).

  • 3.

    De carrousel is gebaseerd op een van de genoemde artikelen van de Gemeentewet. Niet-raadsleden krijgen een vergoeding voor deelname aan de carrouselvergaderingen.

Artikel 3 Toelage raadslid onderzoekscommissie

Het gaat hierbij om een raadscommissie die een onderzoek instelt naar het door het college gevoerde bestuur.

Artikel 6 Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing raads- en commissieleden

Onder commissieleden vallen ook de carrouselleden.

Artikel 7 Informatie- en communicatievoorzieningen raads- en commissieleden

Onder commissieleden vallen ook de carrouselleden.