Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR756608
Naar de door u bekeken versie
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR756608/1
Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning Wageningen 2026
Geldend van 10-02-2026 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2026
Intitulé
Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning Wageningen 2026De raad van de gemeente Wageningen,
Gelezen:
het voorstel van het Presidium van 2 december 2025,
gelet op:
Artikel 33, derde lid, van de Gemeentewet;
BESLUIT
De verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning Wageningen 2026 vast te stellen
Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning van de gemeenteraad van Wageningen 2026
Paragraaf 1. Algemene bepalingen
Artikel 1: Definities
In deze verordening wordt verstaan onder:
- -
ambtelijke bijstand: bijstand, verleend door onder het gezag van het college werkzame ambtenaren;
- -
auditcommissie: een groep raadsleden die door de gemeenteraad is ingesteld of een aantal raadsleden die namens de raad dit werk doen;
- -
bijstand: ondersteuning bij het opstellen van voorstellen, amendementen en moties of andere ondersteuning niet zijnde een verzoek om informatie;
- -
fractie: fractie als bedoeld in artikel 10 van het Reglement van Orde voor de Politieke Avond van de gemeente Wageningen 2024;
- -
fractiemedewerker: een persoon die werkzaamheden verricht voor één van de raadsfracties. Deze persoon is officieel aangemeld bij de griffier. Het aantal hiervan is beperkt tot één persoon per fractie;
- -
griffier: de raadsgriffier of diens plaatsvervanger;
- -
griffie: de medewerkers, inclusief de raadsgriffier, die zijn aangesteld door of namens de raad;
- -
raadslid: een lid van de gemeenteraad of de gemeenteraad in zijn geheel;
- -
secretaris: de gemeentesecretaris of diens plaatsvervanger;
- -
steunfractielid: een niet gekozen inwoner die door de gemeenteraad is benoemd als lid van een of meerdere raadsadviescommissies en/of deelneemt aan rondetafel- en/of opiniegesprekken, op voordracht en ter ondersteuning van een fractie.
Paragraaf 2. Verzoeken om informatie of bijstand
Artikel 2: Verzoek om informatie
-
1. Een raadslid kan de griffier vragen om feitelijke informatie over een onderwerp. Ook kan het raadslid vragen om stukken of andere gegevens die bij de raad, het college van burgemeester en wethouders of bij de burgemeester liggen. Een fractiemedewerker mag dit verzoek ook namens een raadslid doen.
-
2. De griffier stuurt de gevraagde informatie, als hij deze heeft, zo snel mogelijk toe aan het raadslid.
-
3. Kan de griffier het verzoek niet zelf afhandelen? Dan vraagt de griffier hulp aan één of meer ambtenaren. Deze geven de informatie zo snel mogelijk, als dat kan. De griffier informeert de secretaris hier regelmatig over.
Artikel 3: Verzoek om bijstand
-
1. Het uitgangspunt is dat de griffie raadsleden ondersteunt bij hun werkzaamheden.
-
2. Een raadslid kan de griffie vragen om bijstand. Ook een fractiemedewerker mag dit namens een raadslid doen.
-
3. De griffier verleent de gevraagde bijstand zo spoedig mogelijk, voor zover dit redelijk is. Als de griffier dit niet zelf kan doen, vraagt hij één of meer ambtenaren om de bijstand te verlenen. Indien nodig legt de griffier het verzoek eerst voor aan de direct leidinggevende van de ambtenaar of aan de secretaris.
-
4. De ambtenaar verleent de gevraagde bijstand, tenzij:
- a.
het raadslid niet duidelijk maakt dat de bijstand nodig is voor het raadswerk;
- b.
de gevraagde informatie geheim is op grond van artikel 5.1 van de Wet open overheid en deze informatie niet met het raadslid mag worden gedeeld;
- c.
het verlenen van de bijstand onredelijk veel tijd of werk kost;
- d.
de bijstand naar het oordeel van de ambtenaar schadelijk kan zijn voor het belang van de gemeente.
- a.
-
5. Voordat de ambtenaar op grond van het vierde lid bijstand weigert, overlegt hij eerst met zijn leidinggevende. De leidinggevende kan dit, indien nodig, bespreken met de secretaris.
Artikel 4: Weigering van een verzoek om bijstand
-
1. Als een ambtenaar, de secretaris of de griffier een verzoek om bijstand weigert op grond van artikel 3, meldt hij dit binnen vijf werkdagen nadat het verzoek is ingediend aan de griffier en het raadslid dat het verzoek heeft gedaan.
-
2. Als de weigering afkomstig is van de griffier, kan het raadslid de griffier vragen om het verzoek voor te leggen aan het presidium. Het presidium neemt dan zo snel mogelijk een besluit.
-
3. In alle overige gevallen legt de secretaris, als het raadslid dit wenst, de zaak voor aan het college dat dan zo snel mogelijk een besluit neemt.
-
4. Maakt het raadslid geen gebruik van de mogelijkheid in het derde lid, dan kan hij, of de griffier, het verzoek voorleggen aan de burgemeester wanneer de secretaris of een ambtenaar de bijstand weigert. De burgemeester neemt dan zo snel mogelijk een besluit.
Artikel 5: Geschil over verleende ambtelijke bijstand
-
1. Als een raadslid niet tevreden is over de ambtelijke bijstand die hij heeft ontvangen, bespreekt hij dit eerst met de behandelend ambtenaar of de medewerker van de griffie.
-
2. Als dit gesprek niet tot een oplossing leidt, kan het raadslid de griffier vragen om hierover te overleggen met de secretaris.
-
3. Komt er ook na deze stappen geen oplossing waar beide partijen tevreden mee zijn, dan kan de secretaris of de griffier, op verzoek van het raadslid, de zaak voorleggen aan de burgemeester. De burgemeester neemt dan zo snel mogelijk een besluit.
-
4. Als de burgemeester beslist dat de bijstand niet voldoende was, geeft hij aan op welke manier alsnog adequate bijstand kan worden verleend.
Artikel 6: Verstrekking informatie over verzoeken om ambtelijke bijstand
Als het college of één of meer leden van het college informatie willen over een verzoek om ambtelijke bijstand, of over de inhoud van die bijstand, vragen zij dit rechtstreeks aan het betrokken raadslid.
Paragraaf 3. Fractieondersteuning
Artikel 7: Informatie- en communicatievoorziening per fractie
-
1. Elk raadslid heeft recht op een laptop met moderne werkomgeving in bruikleen van de gemeente om het fractiewerk te doen.
-
2. Het raadslid tekent hiervoor een bruikleenovereenkomst met de gemeente.
-
3. Stopt het raadslid met zijn werk? Dan levert hij of zij de laptop in bij de griffie.
-
4. Alle raadsleden en fractiemedewerkers krijgen toegang tot een persoonlijk e-mailaccount.
-
5. Alle raadsleden, fractiemedewerkers en steunfractieleden hebben recht op toegang tot het beveiligde deel van het raadsinformatiesysteem.
-
6. Een fractiemedewerker kan een laptop met moderne werkomgeving in bruikleen krijgen, als de fractievoorzitter dit schriftelijk bij de griffier aanvraagt. Voor hen gelden lid 2 en 3 van dit artikel ook, waarbij ‘fractiemedewerker’ voor ‘raadslid’ gelezen moet worden.
-
7. Een steunfractielid kan een iPad in bruikleen krijgen als de fractievoorzitter dit schriftelijk bij de griffier aanvraagt. Voor hen gelden lid 2 en 3 van dit artikel ook, waarbij in ‘steunfractielid’ voor ‘raadslid’ en in lid 3 ‘iPad’ voor ‘laptop’ gelezen moet worden.
Artikel 8: Recht op financiële bijdrage
-
1. Elke fractie krijgt elk jaar een financiële bijdrage om het werk van de fractie te ondersteunen.
-
2. Deze bijdrage bestaat uit een vast bedrag per fractie en een extra bedrag voor elke zetel van de fractie in de raad.
Artikel 9: Hoogte van de financiële bijdrage
-
1. De financiële bijdrage (prijspeil 2026) bestaat uit een vast bedrag van € 3.600,00 per fractie en een extra bedrag per raadslid. Voor het eerste en tweede raadslid is dit € 250,00 per raadslid, vanaf het derde raadslid is dit € 100,00.
Dit betekent:
Een fractie van 1 raadslid: € 3.850,00
Een fractie van 2 raadsleden: € 4.100,00
Een fractie van 3 raadsleden: € 4.200,00
Een fractie van 4 raadsleden: € 4.300,00
Een fractie van 5 raadsleden: € 4.400,00
Enzovoort (+ € 100,00 per extra raadslid)
-
2. De financiële bijdrage wordt per kalenderjaar verstrekt.
-
3. In een verkiezingsjaar wordt de financiële bijdrage verdeeld naar de periode tussen de installatie van de nieuwe raad en het begin of einde van dat kalenderjaar.
-
4. De financiële bijdrage wordt elk jaar aangepast op basis van de indexcijfers die zijn benoemd in ‘het rechtspositiebesluit voor politieke ambtsdragers’ en in de Staatscourant worden gepubliceerd.
Artikel 10: Besteding van de financiële bijdrage
-
1. De financiële bijdrage mag alleen worden gebruikt voor ondersteuning die zorgt dat de fractie haar taken: het vertegenwoordigen van inwoners, het kaders stellen voor onder andere gemeentelijk beleid en het controleren van het college, goed kan uitvoeren.
-
2. Uit de bijdrage mag ook een vergoeding worden betaald aan de fractiemedewerker die werkzaamheden voor de fractie uitvoert. Deze persoon mag geen raadslid of steunfractielid in de gemeente Wageningen zijn.
-
3. De financiële bijdrage mag in ieder geval niet worden gebruikt voor:
- a.
uitgaven die in strijd zijn met de wet;
- b.
betalingen (zoals contributies) aan politieke partijen, organisaties die daarbij horen of personen, behalve als het gaat om een duidelijke en echte vergoeding voor geleverde diensten of goederen voor fractieondersteuning, of op basis van een gespecificeerde declaratie, vrijwilligersovereenkomst of arbeidsovereenkomst met de fractie;
- c.
giften, leningen, beleggingen of voorschotten;
- d.
uitgaven die al op een andere wettelijke manier door de overheid worden vergoed, zoals kosten voor verkiezingsactiviteiten;
- e.
opleidingen voor individuele raadsleden of steunfractieleden.
- a.
-
4. Een verdere uitleg over dit artikel is opgenomen in de toelichting.
Artikel 11: Voorschot op de financiële bijdrage
-
1. Een fractie kan de griffier schriftelijk vragen om een voorschot van maximaal 25% van de totale financiële bijdrage waar de fractie volgens artikel 8 recht op heeft. Hierbij wordt rekening gehouden met nog niet verrekende voorschotten uit eerdere perioden.
-
2. In een verkiezingsjaar, zowel bij reguliere verkiezingen als bij een herindeling, wordt – anders dan in lid 1 – een voorschot verstrekt tot en met de maand van de verkiezingen of vanaf de eerste volle maand waarin de nieuwe raad is geïnstalleerd. Dit voorschot is maximaal 25% van de financiële bijdrage.
-
3. Declaraties van de fractie worden altijd eerst verrekend met het uitgekeerde voorschot. Pas daarna wordt de rest van de declaratie uitbetaald.
Artikel 12: Gevolgen splitsen en einde bestaan fractie
-
1. Als raadsleden een nieuwe fractie vormen of zich aansluiten bij een andere fractie, gaat het variabele deel van de financiële bijdrage mee naar die fractie.
-
2. Dit geldt vanaf de maand na de melding aan de raad.
-
3. De bijdrage wordt voor de betrokken fracties aangepast naar het aantal resterende maanden van het kalenderjaar.
-
4. Een nieuwe fractie heeft vanaf het volgende kalenderjaar recht op een eigen financiële bijdrage.
-
5. Als een fractie tijdens de zittingsperiode ophoudt te bestaan, stopt de financiële bijdrage vanaf de maand na de melding aan de raad.
-
6. In dat geval maakt de griffie een eindafrekening. Te veel ontvangen of niet verantwoorde bedragen moeten worden terugbetaald.
-
7. Bij een fusie van fracties gelden dezelfde regels. Te veel ontvangen bedragen worden ingehouden op de financiële bijdrage van de nieuwe fractie.
Artikel 13: Reserve
Fracties mogen geld dat in een jaar niet is gebruikt, niet meenemen naar het volgende jaar.
Artikel 14: Administratieve verplichtingen
-
1. De fractie is altijd eindverantwoordelijk voor de financiële administratie van de financiële bijdrage die zij ontvangt op basis van deze verordening.
-
2. De griffie houdt de administratie bij en noteert de uitgaven van de financiële bijdrage per fractie.
-
3. De administratie is zo ingericht dat de raad op verzoek alle informatie en bewijsstukken kan inzien.
-
4. De fractie moet alle uitgaven indienen bij de griffie met facturen of declaraties.
-
5. Declaraties en facturen kunnen tot uiterlijk 16 januari van het volgende jaar worden ingediend.
-
6. Bij declaraties moeten minimaal twee personen van de fractie ondertekenen en moeten bonnen of facturen worden overlegd, voordat de griffie uitbetaalt.
Artikel 15: Verantwoording, controle en vaststelling financiële bijdrage
-
1. De raad geeft het Presidium de taak om de verantwoording vast te stellen.
-
2. De griffie stuurt de fracties vóór 1 februari een concept financieel verslag over het voorgaande jaar.
-
3. De fractie is verantwoordelijk voor een juiste besteding van de financiële bijdrage en voor het naleven van de regels.
-
4. De fractie moet uiterlijk 1 maart een definitief financieel verslag indienen. De griffie legt dit voor aan de auditcommissie.
-
5. De auditcommissie controleert jaarlijks de financiële verslagen en adviseert het Presidium vóór 1 april.
-
6. Het Presidium stelt in de eerstvolgende vergadering de bedragen vast van:
- a.
de uitgaven die uit de bijdrage zijn betaald;
- b.
de verrekening van de uitgaven met het voorschot en de eventuele terugbetaling van het voorschot.
- a.
-
7. Te veel ontvangen voorschotten worden na de vaststelling verrekend.
-
8. Het advies van de auditcommissie wordt openbaar gemaakt via het raadsinformatiesysteem, nadat het Presidium het heeft vastgesteld.
-
9. Als een fractie, ook na een schriftelijke waarschuwing, geen verantwoording indient, worden betalingen in dat jaar opgeschort.
-
10. Als een fractie, ook na een schriftelijke waarschuwing, niet terugbetaalt wat zij moet terugbetalen, wordt dit bedrag ingehouden op nieuwe declaraties.
Paragraaf 4. Slotbepalingen
Artikel 16: Uitleg
In gevallen waarin deze verordening geen oplossing biedt of bij twijfel, beslist het Presidium op voorstel van de auditcommissie.
Artikel 17: Intrekking oude verordening en overgangsrecht
-
1. De “Verordening op de ambtelijke bijstand en de fractieondersteuning 2010” en “Wageningse spelregels fractievergoeding, vastgesteld door het presidium op 25 mei 2010 en gewijzigd op 18 september 2012” worden ingetrokken.
-
2. Deze oude regelingen blijven alleen gelden voor bijdragen die toen al zijn verstrekt, en voor de bijbehorende verantwoording, controle en afrekening.
Artikel 18: Inwerkingtreding en citeertitel
-
1. Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking en werkt terug tot 1 januari 2026.
-
2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning gemeente Wageningen 2026.
Ondertekening
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 12 januari 2026.
de griffier,
G.B. Gnodde
de voorzitter,
F. Vermeulen
Toelichting
Algemeen
In artikel 33 van de Gemeentewet (hierna: wet) staat dat de raad en alle raadsleden recht hebben op ambtelijke bijstand en dat de fracties recht hebben op ondersteuning. De raad stelt hierover regels vast in een verordening.
Deze verordening geeft uitvoering aan artikel 33. Alle raadsleden, ook die van een minderheid, kunnen een beroep doen op deze regeling.
De financiële bijdrage voor fractieondersteuning is een subsidie volgens artikel 4:21 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Daarom gelden de regels van titel 4.2 van de Awb en is verantwoording en controle hierop nodig. Het besluit van de raad over de hoogte van de bijdrage (zie artikel 14) is vatbaar voor bezwaar en beroep.
De griffier speelt een centrale rol. Hij ondersteunt de raad en is het eerste aanspreekpunt voor informatie en bijstand. De taken van de griffier zijn verder uitgewerkt in de ambtsinstructie. Alle medewerkers van de griffie vallen onder zijn gezag.
De griffier is, via de gemeentesecretaris, ook de schakel naar de reguliere ambtelijke organisatie. De griffie is klein en kan niet altijd specialistische hulp bieden. Voor complexe vragen of specifieke informatie kan de reguliere organisatie nodig zijn. Omdat de griffier daar geen zeggenschap over heeft, wijst de secretaris in die gevallen een ambtenaar aan. De rol van de secretaris is daarom in deze verordening uitgewerkt.
Artikelsgewijze toelichting
Artikel 1: Definities
Ambtelijke bijstand is hulp bij het opstellen van voorstellen, amendementen of moties. Deze hulp kan komen van ambtenaren onder gezag van de raad (artikel 107e Gemeentewet), of ambtenaren van de reguliere organisatie onder gezag van het college (artikel 160 Gemeentewet). In deze verordening bedoelen we met ‘ambtelijke bijstand’ alleen de hulp van de reguliere organisatie, dus niet van de griffie.
Artikel 2: Verzoek om informatie
Raadsleden kunnen feitelijke informatie of documenten opvragen via de griffier. Zij hoeven zich daarvoor niet zelf tot het college te wenden. Dit geldt ook voor geheime stukken. De griffier moet geheimhouding respecteren. Als een raadslid geheime stukken wil inzien, legt de griffier het verzoek voor aan het bestuursorgaan dat de geheimhouding heeft opgelegd. De griffier (of één van de griffiemedewerkers) verstrekt de informatie zo snel mogelijk. Als dat niet lukt, vraagt hij de gemeentesecretaris om hulp van de reguliere organisatie. De hele raad krijgt daarna toegang tot de informatie, tenzij een raadslid expliciet verzoekt om dit nog niet te doen.
Artikel 3: Verzoek om bijstand
Verzoeken om bijstand gaan via de griffier. Als de griffie de hulp niet kan bieden, vraagt de griffier de secretaris om inzet van ambtenaren.
Artikel 4: Weigering van een verzoek om bijstand
De secretaris beslist uiteindelijk of er een reden is om het verzoek om ambtelijke bijstand te weigeren. Bij een meningsverschil over het weigeren van bijstand kunnen de stappen worden gevolgd die in dit artikel van deze verordening zijn genoemd.
Artikel 5: Geschil over verleende ambtelijke bijstand
Als een raadslid ontevreden is over de verleende ambtelijke bijstand, wordt dit eerst besproken met de betrokken medewerker. Bij een meningsverschil over het verlenen of weigeren bijstand kunnen de stappen worden gevolgd die in dit artikel van deze verordening zijn genoemd.
Artikel 6: Verstrekking informatie over verzoeken om ambtelijke bijstand
Ambtenaren die bijstand verlenen, moeten onafhankelijk kunnen werken. Collegeleden mogen daarom geen informatie opvragen bij de ambtenaar zelf, maar moeten zich richten tot het raadslid. Zo blijft de ambtenaar vrij van druk en kan hij onafhankelijk van het college de informatie geven. De ambtenaar blijft wel onderdeel van de reguliere organisatie en de bijstand is onderdeel van zijn reguliere taak. Het college kan hem aanspreken als hij de ambtelijke bijstand niet goed uitvoert.
Artikel 7: Informatie- en communicatievoorziening per fractie
Fractiemedewerkers, raadsleden en steunfractieleden hebben recht op gebruik van informatie- en communicatievoorzieningen. Dit helpt hen bij het uitvoeren van hun taken. In het rechtspositiebesluit voor politieke ambtsdragers is dit recht geregeld voor raadsleden, maar niet voor fractiemedewerkers en steunfractieleden. Dit artikel zorgt voor duidelijkheid hierover.
Artikel 8: Recht op financiële bijdrage
Elke fractie heeft recht op financiële ondersteuning. De raad stelt het totale budget vast in de gemeentebegroting. De bijdrage bestaat uit een vast bedrag per fractie en een variabel bedrag per raadszetel. Het vaste bedrag zorgt ervoor dat elke fractie op basisniveau ondersteuning krijgt. Het variabele bedrag zorgt voor gelijke ondersteuning per raadslid.
Artikel 9: Hoogte van de financiële bijdrage
De bijdrage voor fractieondersteuning is een subsidie volgens artikel 4:21 van de Awb. De Algemene subsidieverordening (ASV) is niet van toepassing op deze bijdrage. Dit komt door het dualisme tussen raad en college en omdat de regels in de ASV niet passen bij deze vorm van ondersteuning.
Een aanvullende toelichting op het derde lid is dat de bijdrage als volgt wordt berekend:
- •
Voor zittende fracties: van 1 januari tot de installatie van de nieuwe raad.
- •
Voor nieuwe fracties: vanaf de installatie tot het einde van het kalenderjaar.
Artikel 10: Besteding van de financiële bijdrage
Fracties mogen de bijdrage vrij besteden, zolang deze wordt gebruikt voor ondersteuning van de volksvertegenwoordigende, kaderstellende of controlerende rol van de fractie.
Voorbeelden van toegestane uitgaven zijn:
- •
gezamenlijke fractieactiviteiten;
- •
bijeenkomsten en overleggen die door de fractie zijn georganiseerd of in opdracht van de fractie zijn bijgewoond;
- •
opleiding en teamvorming voor de hele fractie;
- •
representatie bij officiële gelegenheden;
- •
raadsbrede lobbyactiviteiten voor de gemeente Wageningen;
- •
noodzakelijke logistieke en facilitaire middelen, niet gefaciliteerd door de gemeente Wageningen;
- •
abonnementen op bestuurlijke tijdschriften voor de fractie;
- •
een herkenbare website, specifiek voor de fractie binnen de gemeente Wageningen;
- •
inzet van fractiemedewerkers of vrijwilligers, mits onderbouwd met facturen of een vrijwilligersverklaring, met daarin een omschrijving van uitgevoerde werkzaamheden (periode, uren en ontvangen vergoeding).
In artikel 3 staan uitgaven waar de financiële bijdrage niet voor gebruikt mag worden. Niet-toegestane uitgaven zijn onder andere:
- •
individuele activiteiten van raadsledenop eigen initiatief;
- •
persoonlijke opleidingen;
- •
kosten voor politieke partijen;
- •
inschrijving bij de Kamer van Koophandel;
- •
notariële akten;
- •
verkiezingscampagnes;
- •
websites van politieke partijen, niet zijnde de eigen lokale partij of -afdeling;
- •
aanvulling op de reguliere vergoeding van raads- en steunfractieleden.
Kosten die onder andere (wettelijke) regelingen vallen, zoals het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambstdragers, mogen niet uit deze bijdrage worden betaald. Dit geldt bijvoorbeeld voor reis- en verblijfkosten, computers, internet en contributies aan beroepsverenigingen. Opleidingen voor individuele raadsleden zijn geregeld in de “Verordening rechtspositie raadsleden en commissieleden gemeente Wageningen 2024”.
Artikel 11: Voorschot op de financiële bijdrage
Fracties kunnen een voorschot aanvragen. Alle uitgaven moeten worden verantwoord bij de griffie. Fracties kunnen ook facturen direct aan de griffie sturen met een toelichting en verzoek om deze te betalen. De griffie betaalt dan rechtstreeks aan de begunstigde.
Artikel 12: Gevolgen splitsen en einde bestaan fractie
Bij wijzigingen in fracties wordt de bijdrage aangepast. Het vaste bedrag blijft bij de oorspronkelijke fractie. Het variabele bedrag wordt verdeeld op basis van het aantal zetels en gaat mee naar een nieuwe fractie bij splitsing.
Artikel 13: Reserve
Volgens artikel 6, lid 5, van de Financiële verordening gemeente Wageningen geldt een grens van € 25.000 voor het overhevelen van budgetten. Daarom is het niet toegestaan om ongebruikte middelen voor fractieondersteuning te reserveren voor volgende jaren.
Artikel 14: Administratieve verplichtingen
Fracties moeten hun uitgaven goed administreren. Deze administratie vormt de basis voor het verslag over de besteding van de bijdrage (zie artikel 14). Om de administratieve lasten te beperken, voert de griffie deze administratie uit. De fractie blijft verantwoordelijk voor de uitgaven.
Artikel 15: Verantwoording, controle en vaststelling financiële bijdrage
De raad stelt de hoogte van de financiële bijdrage vast op basis van het verslag en de controle daarvan. De vaststelling geeft recht op het genoemde bedrag.
Als het voorschot hoger is dan de vastgestelde bijdrage, wordt het verschil teruggevorderd volgens artikel 4:57, lid 1, van de Awb. Zowel het besluit tot vaststelling als het besluit tot terugvordering zijn besluiten waartegen bezwaar en beroep mogelijk is.
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl