Handhavingsbeleid Openbare Ruimte 2026

Geldend van 10-02-2026 t/m heden

Intitulé

Handhavingsbeleid Openbare Ruimte 2026

Team Openbare Orde en Veiligheid

1. Aanleiding

Handhavingsorganisaties hebben een beginselplicht tot handhaven. Handhavend optreden is zowel eerlijk tegenover degenen waarvoor de wettelijke normen gelden als tegenover de maatschappij die ervan uit mag gaan dat handhavers zodanig optreden dat haar rechtsgevoel wordt gerespecteerd en de leefomgeving veilig, schoon en gezond blijft.

Omdat het een gegeven is dat gemeenten en dus ook de gemeente Medemblik niet beschikt over oneindige handhavingscapaciteit, zullen verantwoorde keuzes moeten worden gemaakt. Aan de hand van geformuleerde prioriteiten wordt bepaald wanneer, op welke wijze en aan de hand van welke instrumenten zal worden gehandhaafd. Uit jurisprudentie blijkt dat prioriteitstelling is toegestaan om in het kader van doelmatige handhaving onderscheid te maken in de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan de handhavingstaak.

In onderstaande handhavingsbeleid wordt beschreven hoe toezicht wordt gehouden, welke prioriteiten worden gesteld en hoe wordt opgetreden tegen overtredingen. Dit handhavingsbeleid is door het college van burgemeester en wethouders vastgesteld.

2. Toezichtstrategie

Toezicht houden is een belangrijk onderdeel van handhaven. Toezicht heeft tot doel het bevorderen van naleefgedrag op gestelde normen en het voorkomen van overtredingen. Dat doen we zoveel mogelijk informatiegestuurd1 en we zetten in op situaties waar de risico’s op niet naleven en/of de nadelige effecten daarvan het grootst zijn. In 2026 werken we meer proactief door intensief toezicht te houden op de top 5 van meldingen uit 2025. Om inzicht te geven in het stijgende aantal meldingen hebben we de meldingen van 20242 ook toegevoegd. De top 5 meldingen zijn kleine ergernissen in de openbare ruimte die gelet op het aantal meldingen een behoorlijke maatschappelijke relevantie hebben. Deze worden beschouwd als handhavingsprioriteiten. Daarnaast blijven signalen, handhavingsverzoeken en overige meldingen aanknopingspunten voor handhavingsactiviteiten als daarbij sprake is van excessen. De beoordeling daarvan wordt aan de professionaliteit van de boa gelaten. Er wordt informatiegestuurd ingezet op situaties met meer dan 5 meldingen. Overige meldingen worden gebruikt voor het opbouwen van de informatiepositie. Nieuwe meldingen van top 5 worden meegenomen.

Op een formeel verzoek tot handhaving zal altijd een besluit worden genomen.

Over deze aanpak wordt actief richting bewoners gecommuniceerd.

Tijdens de dienst worden waarnemingen over probleemlocaties en mogelijke overtredingen geregistreerd in CityControl. Deze waarnemingen kunnen aanleiding zijn tot een projectmatige aanpak.

In 2024 zijn er 2833 meldingen gedaan. Hieronder is de top 10 aangegeven. Van deze meldingen zijn de meeste heterdaadsituaties op parkeren en vaaroverlast op basis van het overlastbeeld vanwege de duur van de overtredingen.

In 2025 zijn er 3634 meldingen gedaan. Hieronder is aangegeven hoeveel meldingen er zijn gedaan over de top 5 uit 20243.

Vuurwerk wordt buiten beschouwing gelaten omdat er gelet op het actiepunt Veilig verloop jaarwisseling al een handhavingsstrategie en veiligheidsdraaiboek is opgesteld voor de hele gemeente. Inclusief inzet extra toezicht en handhavingscapaciteit gedurende de jaarwisseling.

Top 10 meldingen en totaal aantal meldingen

Overtreding

Aantal 2024

Aantal

2025

Overlast parkeren4

1221

1430

Afval (bijplaatsingen, zwerfafval)

317

397

Overlast (buren5, verwarde of mensen zvwov)

185

239

Vaaroverlast

150

286

Overlast (jongeren)5

144

215

Geluid

142

122

Hondenoverlast

74

107

Burenruzie6

48

133

Bedrijven

34

31

Vandalisme

34

25

Vuurwerk

435

459

Totaal aantal meldingen

2833

3634

Prioriteiten

In 2026 wordt ingezet op de volgende prioriteiten:

  • 1.

    Overlast parkeren

  • 2.

    Afval

  • 3.

    Overlast personen

  • 4.

    Vaaroverlast

  • 5.

    Jongerenoverlast

Geluid benoemen we niet als prioriteit omdat de bevoegdheden voor de Boa’s om hierop te handhaven zeer gering zijn. Meldingen over geluidsoverlast van bedrijven sturen we door naar de Omgevingsdienst Noord-Holland noord en aan andere meldingen over geluid ligt vaak een burenconflict ten grondslag die we vaak verwijzen naar buurtbemiddeling. Met behulp van het dashboard wordt inzichtelijk gemaakt waar en wanneer de problematiek van deze meldingen zich afspeelt. Bovendien wordt geanalyseerd of bij de meldingen daadwerkelijk sprake was van overtredingen. Als dat het geval was wordt beoordeeld wat de achterliggende reden van overtreden is geweest. Zo nodig wordt contact gezocht met andere afdelingen van Medemblik om te bespreken of bv. fysieke maatregelen of voorlichting kunnen leiden tot minder overtredingen.

3. Sanctiestrategie

Bestuursrechtelijk optreden is vooral gericht op het herstellen van de situatie en strafrechtelijk optreden is vooral gericht op het straffen van de overtreder en het wegnemen van diens wederrechtelijk genoten voordeel. Beide kunnen elkaar versterken en het is in bepaalde situaties bij overtredingen mogelijk om beide instrumenten in te zetten.

Bij geconstateerde overtredingen wordt eerst gewaarschuwd en in een volgende situatie beboet. Daar wordt in het belang van de geloofwaardigheid van de handhaving consequent in opgetreden.

Om dat mogelijk te maken worden alle waarschuwingen in CityControl geregistreerd.

Op excessen (niet uitsluitend top 5) wordt direct gehandhaafd en een proces-verbaal opgemaakt. Op basis van de ervaringen van de boa’s gaat dat om de volgende overtredingen:

  • parkeren op een invalideplek of voor een in- en uitrit;

  • parkeren waar de doorstroom van het verkeer gehinderd wordt en/of de doorgang voor noodhulpvoertuigen wordt belemmerd;

  • afvaldumpingen;

  • hardvaren.

De meeste overtredingen in de openbare ruimte lenen zich voor de strafrechtelijke afhandeling.

De gemeente Medemblik maakt voor de aanpak van overlast in het publieke domein gebruik van de bestuurlijke strafbeschikking (bsb) overlast. De boa mag alleen een bsb opleggen voor overtredingen die zijn opgenomen in de feitenlijst (besluit OM-afdoening). Deze overtredingen zijn gebaseerd op de model-APV en de model-afvalstoffenverordening. Daarnaast worden er strafbeschikkingen opgelegd voor overlast op het water op grond van het Binnenvaartpolitiereglement (BPR) en voor parkeerfeiten (Mulder). Dit zijn allemaal feitgecodeerde overtredingen. Voor het uitschrijven van een strafbeschikking gebruiken de boa’s CityControl. Hierdoor kunnen de strafbeschikkingen digitaal worden geregistreerd en verwerkt.

Bestuursrechtelijke handhaving

Wanneer de strafrechtelijke afhandeling niet of onvoldoende werkt om een situatie op te lossen, wordt met de jurist van team OOV besproken of een last onder dwangsom wordt opgelegd of (spoedeisende) bestuursdwang wordt toegepast.

Daarnaast wordt in het algemeen bestuursrechtelijk opgetreden als bijvoorbeeld aanhangers, caravans, campers etc. langer dan drie dagen achtereen op de weg worden geplaats of auto- en vaarwrakken worden aangetroffen (grondslag daarvoor is de Verordening Fysieke leefomgeving).

Afval en graffiti

De kosten voor het opruimen van bijplaatsingen7 en schoonmaken van graffiti zijn voor de gemeente. Tegen verkeerd aangeboden huisvuil wordt in heterdaadsituaties opgetreden met een bsb (straf), waarbij de overtreder wordt gemaand het afval volgens de regels af te voeren. In niet-heterdaadsituaties wordt voor afval spoedeisende bestuursdwang ingezet. Voor graffiti wordt zowel in heterdaadsituaties als niet-heterdaadsituaties bestuursdwang ingezet. Met de inzet van (spoedeisende) bestuursdwang worden onder het mom van ‘de vervuiler betaalt’ de kosten voor verwijdering van het afval en reiniging van de graffiti verhaald op de overtreder. In niet-heterdaadsituaties moet worden aangetoond wie de overtreding heeft begaan.

Voor de aanpak van bedrijfsafval wordt gewerkt met een uitgebreid proces-verbaal (geen bsb) én de spoedeisende bestuursdwang.

Discretionaire bevoegdheid

De individuele opsporingsambtenaar heeft de bevoegdheid om na het constateren van een strafbaar feit te beslissen om wel of geen proces-verbaal op te leggen. De beoordeling daarvan wordt aan de professionaliteit van de boa gelaten. Vanwege de geloofwaardigheid van de gemeentelijke handhaving is het van belang om als boa’s zoveel mogelijk één lijn te trekken. Dat voorkomt ook onnodige irritatie voor een inwoner of ondernemer als voor hetzelfde vergrijp de ene boa een bon schrijft en de andere boa een proces-verbaal opmaakt. Over dergelijk situaties worden werkafspraken vastgelegd. Als er door de boa gebruik wordt gemaakt van de discretionaire bevoegdheid, wordt als alternatief een kort rapport van bevindingen opgemaakt en wordt een registratie gemaakt in CityControl. Het is van belang dat de overtreder wel de gebruikelijke uitleg krijgt over het ongewenste gedrag en de reden waarom wordt afgezien van een pv.

3. Verantwoording

Via de reguliere P&C cyclus verantwoorden we de resultaten die we hebben behaald met informatiegestuurde handhaving. Deze informatie gebruiken we vervolgens voor het handhavingsprogramma in het volgende jaar, zodat wij kunnen bijsturen waar nodig8. Ook gebruiken we de resultaten uit 2026 voor het nieuwe Integraal Veiligheidsplan 2027-2030.


Noot
1

Om meer informatiegestuurd te kunnen werken is analyse van de aard en omvang van de problematiek noodzakelijk. Door analyse ontstaat kennis, inzicht en begrip, waardoor weloverwogen keuzes kunnen worden gemaakt in de aanpak en de planning, voorbereiding en uitvoering daarvan.

Noot
2

Inschatting is dat Handhaving 75% van de tijd bezig is met de afhandeling van meldingen. Overige tijd zit in werkzaamheden als wegsleep tijdens evenementen en weekmarkten, evenementencontroles, afvalcontroles, alcoholcontroles en handhaving blauwe zones in Medemblik- Stad en Wognum.

Noot
3

Dit betreft 3136 meldingen in 2025, dit is 86% van het totaal aantal meldingen in 2025.

Noot
4

Er wordt binnen de gemeente gesproken over een groot vergunninghoudergebied in Medemblik; dit kan een grote toename betekenen voor het aantal meldingen.

Noot
5

Advies om die door Jongerenwerk op te laten pakken.

Noot
6

Is geen taak voor Handhaving.

Noot
7

Opruimen van bijplaatsingen en dumpingen is een taak voor de Buitendienst omdat zij verantwoordelijk zijn voor het schoonhouden van de Openbare Ruimte. Dekking komt daarvoor uit de algemene middelen.

Noot
8

Tussentijdse verantwoording en bijsturing van het lopende uitvoeringsprogramma vindt plaats in het stafoverleg OOV.