Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR756532
Naar de door u bekeken versie
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR756532/1
Regeling vervalt per 01-01-2028
Subsidieregeling verduurzaming Limbrichterveld Noord 2024 - 2027
Geldend van 09-02-2026 t/m 31-12-2027 met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2024
Intitulé
Subsidieregeling verduurzaming Limbrichterveld Noord 2024 - 2027Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Sittard-Geleen,
gelet op artikel 3 van de Algemene subsidieverordening gemeente Sittard-Geleen 2020,
overwegende dat het gewenst is om eigenaren in de wijk Limbrichterveld Noord te stimuleren hun woning, maatschappelijk vastgoed (verder) te verduurzamen.
Deze regeling is uitsluitend bedoeld voor maatregelen die bijdragen aan:
- •
Energiebesparing
- •
Het verminderen of volledig beëindigen van aardgasgebruik
besluit vast te stellen de volgende regeling:
Subsidieregeling verduurzaming Limbrichterveld Noord 2024 - 2027
Artikel 1: Begripsbepalingen
In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:
- a.
Aanvrager: een natuurlijk persoon of rechtspersoon die het recht van eigendom met betrekking tot de woning(en) dan wel het maatschappelijk vastgoed heeft of gerechtigd is tot een appartementsrecht waarbinnen de woning of het maatschappelijk vastgoed valt en die de aanvraag om subsidie indient. In het geval van meerdere eigenaren zijn de gezamenlijke eigenaren aanvrager. Een vereniging van eigenaars kan binnen de grenzen van haar bevoegdheid de gezamenlijke appartementseigenaars vertegenwoordigen.
- b.
Aanvraagformulier: het door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Sittard-Geleen vastgestelde formulier voor subsidieaanvragen op grond van deze subsidieregeling;
- c.
ASV: de Algemene subsidieverordening gemeente Sittard-Geleen 2020, dan wel een latere, opvolgende subsidieverordening.
- d.
College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Sittard-Geleen;
- e.
Complex: meerdere woningen in hetzelfde gebouw, die aangesloten zijn op een gezamenlijk netwerk waarmee de woningen worden voorzien van aardgas;
- f.
DAEB-vrijstellingsbesluit: het Besluit van de Europese Commissie van 20 december 2011, betreffende de toepassing van artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie voor openbare dienst, verleend aan bepaalde, met beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen (PbEU C9380), met inbegrip van eventueel in de toekomst vast te stellen wijzigingen of later daarvoor in de plaats tredende Europese regelgeving;
- g.
De-minimisverordening: Verordening (EU) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op deminimissteun (PB EU L 352 van 24.12. 2013), met inbegrip van eventueel in de toekomst vast te stellen wijzigingen of later daarvoor in de plaats tredende Europese regelgeving;
- h.
Gebouwgebonden maatregelen: maatregelen die in het kader van deze subsidieregeling op, in of aan een bestaande woning, bestaand complex of bestaand maatschappelijk vastgoed worden uitgevoerd teneinde de woning, het complex of het vastgoed (verder) te verduurzamen;
- i.
Gereedmeldingsformulier: het door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Sittard-Geleen vastgestelde formulier met bijbehorende bijlagen en bewijsstukken, waarmee gemeld wordt dat de activiteiten waarvoor subsidie is verleend zijn verricht, dat is voldaan aan de verplichtingen die aan de subsidie zijn verbonden en dat de woning dan wel het maatschappelijk vastgoed wordt verduurzaamd en gevraagd wordt het subsidiebedrag definitief vast te stellen.
- j.
Intermediair: geeft in opdracht van de gemeente Sittard-Geleen uitvoering aan de subsidieregeling verduurzaming Limbrichterveld Noord en wordt door het College gemandateerd om deze regeling uit te voeren;
- k.
Maatschappelijk vastgoed: een bestaand gebouw met een publieke functie op het gebied van onderwijs, sport, cultuur, welzijn, maatschappelijke opvang of zorg, gebruikt door een rechtspersoon zonder winstoogmerk, statutair gericht op een maatschappelijk belang met een publieke functie op het gebied van onderwijs, sport, cultuur, welzijn, maatschappelijke opvang of zorg. Het aardgasvrij bouwen van nieuwbouw komt niet voor subsidiëring in aanmerking;
- l.
Onderneming: Onderneming als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de de-minimisverordening, uitgezonderd woningcorporaties;
- m.
Rc/U waarde: de isolatiewaarde van een bepaald materiaal;
- n.
Starten: aanvang maken met het treffen van de fysieke gebouwgebonden maatregelen;
- o.
Verblijfsruimte: verblijfsruimte zoals bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van het Bouwbesluit 2012. In het geval van een woning kan bijvoorbeeld gedacht worden aan een woonkamer, slaapkamer of keuken. Toiletruimten, badruimten, een garage, berging of technische ruimte zijn voorbeelden van ruimten die geen verblijfsruimte zijn.
- p.
Woning: een bestaand gebouw dat voor bewoning is bestemd met de daarbij horende grond of een afzonderlijk gedeelte van een bestaand gebouw, welk gedeelte tot bewoning is bestemd, dat als een zelfstandige woning zoals bedoeld in artikel 7:234 BW wordt aangemerkt. Het aardgasvrij bouwen van nieuwbouw komt niet voor subsidiëring in aanmerking;
- q.
Woningcorporaties: toegelaten instellingen zoals bedoeld in artikel 19 van de Woningwet en het Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015.
- r.
Wijk Limbrichterveld Noord: de door het college vastgestelde lijst met adressen die de pilotwijk vormen
- s.
Natuurvriendelijk isoleren: werkwijze om te kunnen isoleren zoals omschreven op de volgende website: Externe link: https://www.natuurvriendelijkisoleren.nl/.
Artikel 2: Reikwijdte
Deze subsidieregeling geldt aanvullend op de ASV. Ingeval de ASV en deze regeling onderling afwijken op aspecten die ingevolge de ASV nader mogen worden geregeld in een subsidieregeling, geldt hetgeen vermeld staat in deze subsidieregeling.
Artikel 3: Europees kader bij subsidie aan woningcorporaties
In zover woningcorporaties activiteiten uitvoeren die op grond van deze subsidieregeling voor subsidie in aanmerking komen, zij deze subsidie aanvragen en ook toegekend krijgen, dient deze subsidieregeling tezamen met de subsidiebeschikking gelezen te worden als een aanwijzing voor deze activiteiten als Dienst van Algemeen Economisch belang als bedoeld in artikel 47 van de Woningwet. Het betreft een additionele, specifieke vergoeding in aanvulling op de compensatie die is genoemd in het Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015.
Artikel 4: Doel subsidieregeling
Deze subsidieregeling heeft tot doel het stimuleren van eigenaren van bestaande woningen, complexen en bestaand maatschappelijk vastgoed in de wijk Limbrichterveld Noord tot het (verder) treffen van maatregelen die noodzakelijk zijn om het mogelijk te maken dat de woning, het complex of het vastgoed (verder) wordt verduurzaamd.
Artikel 5: Subsidiabele activiteiten - woningen
-
1. Het college kan op aanvraag een eenmalige subsidie verlenen voor het treffen van fysieke gebouwgebonden maatregelen aan bestaande woningen in de wijk Limbrichterveld Noord, om te stimuleren en ervoor te zorgen dat (verder) wordt verduurzaamd.
-
2. De volgende categorieën gebouwgebonden maatregelen komen per woning tot een maximum bedrag van € 3.500,- inclusief BTW voor subsidiëring in aanmerking:
- •
Hybride warmtepomp
- •
Volledig elektrische warmtepomp
- •
Warmtepompboiler
- •
zonnepanelen
- •
Thuisbatterij
- •
Zonneboiler
- •
Elektrische kookplaat inclusief meterkast aanpassing
- •
Kleinschalige isolatiemaatregelen
- •
Spouwmuurisolatie
- •
Gevelisolatie
- •
Vloerisolatie
- •
Bodemisolatie
- •
Dakisolatie (hellend en schuin dak)
- •
Zoldervloerisolatie
- •
Glasisolatie (HR++ / triple glas)
- •
Groene daken
- •
Geïsoleerde voordeur
- •
-
3. Voor zover een aanvrager wenst meerdere van de in het voorgaande lid genoemde categorieën gebouwgebonden maatregelen uit te voeren, komen deze voor subsidiëring in aanmerking tot een maximumbedrag van € 3.500,- inclusief BTW
-
4. Voor zover de werkelijk gemaakte kosten het bovenbedoelde totaalbedrag onderschrijden, komen slechts de werkelijk gemaakte kosten voor subsidiëring in aanmerking. Op geld gewaardeerde gespendeerde tijd of kosten welke samenhangen met door de aanvrager (of zijn medewerkers) zelf uitgevoerde werkzaamheden, komen niet voor subsidiëring in aanmerking. Wanneer de aanvrager de BTW welke samenhangt met de uitvoering van de gebouwgebonden maatregelen kan aftrekken (bijvoorbeeld de BTW over de factuur van een aannemer of de factuur van aangeschafte materialen), wordt het bedrag aan BTW niet meegeteld bij de berekening van de werkelijk gemaakte kosten.
Artikel 6: Subsidiabele activiteiten – maatschappelijk vastgoed
-
1. Het college kan op aanvraag een eenmalige subsidie verlenen voor het treffen van fysieke gebouwgebonden maatregelen aan bestaand maatschappelijk vastgoed in de wijk Limbrichterveld Noord, om te stimuleren en ervoor te zorgen dat verder wordt verduurzaamd.
-
2. De aanvraag om subsidie voor het treffen van gebouwgebonden maatregelen aan bestaand maatschappelijk vastgoed, zoals bedoeld in het voorgaande lid, kan worden ingediend vanaf 9 februari 2026. Aanvragen die voor dit moment worden ingediend, komen niet voor subsidieverlening in aanmerking en worden afgewezen.
-
3. De aanvrager kan maximaal € 21.000,- inclusief BTW per gebouw ontvangen voor uitvoering van bovengenoemde maatregelen in artikel 5.2.
-
4. Slechts werkelijk gemaakte kosten komen voor subsidiëring in aanmerking. Op geld gewaardeerde gespendeerde tijd of kosten welke samenhangen met door de aanvrager (of zijn medewerkers) zelf uitgevoerde werkzaamheden, komen niet voor subsidiëring in aanmerking. Wanneer de aanvrager de BTW welke samenhangt met de uitvoering van de gebouwgebonden maatregelen kan aftrekken (bijvoorbeeld de BTW over de factuur van een aannemer of de factuur van aangeschafte materialen), wordt het bedrag aan BTW niet meegeteld bij de berekening van de werkelijk gemaakte kosten.
-
5. Voor ondernemingen, niet zijnde woningcorporaties, kan de totale hoogte van ontvangen subsidies per subsidieaanvrager de in de de-minimisverordening genoemde grens van € 300.000,- per drie belastingjaren niet overschrijden.
Artikel 7: Subsidiabele activiteiten - woningcorporaties
-
1. Voor woningcorporaties geldt, in afwijking van het gestelde onder artikel 5, lid 2, dat zij enkel aanspraak kunnen maken op een subsidie voor het plaatsen van een hybride warmtepomp dan wel een volledig elektrische warmtepomp in aan hen in eigendom toebehorende woningen.
-
2. De woningcorporaties kunnen maximaal € 3.500,- inclusief BTW per woning ontvangen voor uitvoering van bovengenoemde maatregel.
Artikel 8: Kwaliteitseisen
Ten aanzien van de kwaliteitseisen per maatregelen wordt verwezen naar de in de bijlage genoemde technische en installatie-eisen per maatregel.
Artikel 9: Subsidieplafond en verdelingswijze
-
1. Het subsidieplafond voor subsidieverlening in het kader van deze subsidieregeling bedraagt € 2.155.000,-.
-
2. Het college verdeelt het beschikbare bedrag tussen de toewijsbare aanvragen in volgorde van ontvangst van de complete aanvragen. Wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Awb de gelegenheid krijgt de aanvraag aan te vullen, geldt als datum van ontvangst van de aanvraag de dag, waarop alle benodigde informatie is ontvangen door het college en de aanvraag compleet is.
-
3. Indien de aanvraag na het bieden van de gelegenheid tot aanvulling en het verstrijken van de daartoe geboden termijn nog steeds onvolledig is, wordt de aanvraag niet in behandeling genomen en wordt de aanvrager van dit besluit schriftelijk in kennis gesteld.
-
4. Indien subsidieaanvragen een gelijke ontvangstdatum hebben en gezamenlijk het subsidieplafond overschrijden, wordt door middel van loting de volgorde van deze subsidieaanvragen bepaald.
-
5. Indien bij het toewijzen van een aanvraag het subsidieplafond wordt bereikt, wordt aan die aanvraag maximaal het bedrag toegekend dat nog beschikbaar is, zodat het subsidieplafond niet wordt overschreden.
Artikel 10: De aanvraag
-
1. De aanvrager vraagt bij het College een subsidie aan voor de maatregel op een daarvoor ingerichte aanmeldpagina van de intermediair.
- a.
De intermediair controleert de aanvraag en verleent ondersteuning aan bewoners bij het aanvraagproces.
- b.
Alleen aanvragen voor subsidie die volledig zijn ingevuld op de aanmeldpagina van de intermediair worden in behandeling genomen.
- c.
De datum van volledig zijn van de aanvraag wordt als de datum van binnenkomst beschouwd.
- d.
Het College handelt de aanvragen in volgorde van binnenkomst af met toepassing van artikel 9.
- a.
-
2. Bij de aanvraag in afwijking van artikel 7, tweede en derde lid, van de ASV, worden daarbij de volgende gegevens overgelegd:
- a.
In het geval van een aanvraag om subsidie voor een woning of complex: een overzicht van de te treffen gebouwgebonden maatregelen waarvoor subsidie wordt gevraagd, zoals bedoeld in artikel 5, tweede lid, van deze subsidieregeling, die leiden tot verduurzaming van de woning;
- b.
In het geval van een aanvraag om subsidie voor een groendak: de aanvraag dient voorzien te worden van een draagkrachtberekening van de dakconstructie, tekeningen, en van andere schriftelijke stukken zoals offertes;
- c.
Een onderbouwing dat is voldaan aan de kwaliteitseisen, bedoeld in artikel 8. Deze onderbouwing kan onder meer geleverd worden door middel van de hieronder tevens genoemde offerte(s) of bijvoorbeeld door verstrekking van de technische specificaties van het aangeschafte isolatiemateriaal bij het zelf uitvoeren van (een deel van) de gebouwgebonden maatregelen;
- d.
Voor zover (al dan niet een deel van) de gebouwgebonden maatregelen zelf worden uitgevoerd: een beschrijving van de maatregelen die zelf worden uitgevoerd, waaronder begrepen het totale te isoleren oppervlak (in m2), een kostenraming middels offerte(s) of prijsopgaven voor de aan te kopen materialen, een onderbouwing van de isolatiewaarde van de te gebruiken materialen (blijkt meestal uit de gegevens van de fabrikant van de materialen) en een opgave van de tijd die met het treffen van de maatregelen gepaard zal gaan en wanneer gestart wordt met het treffen van de maatregelen;
- e.
Offerte(s) voor de uitvoering van (al dan niet een deel van) de gebouwgebonden maatregelen, opgemaakt na 1 januari 2024. Deze offerte dient de volgende informatie te bevatten:
- I.
De certificering die het bedrijf heeft en eventuele brancheverenigingen waarbij het bedrijf is aangesloten;
- II.
De totale kosten van de werkzaamheden, inclusief eventueel bijkomende werkzaamheden;
- III.
Toepassing van de belastingverlaging op arbeidsloon (om woningisolatie te stimuleren is er een regeling waardoor de BTW op arbeidsloon omlaag gaat);
- IV.
Een overzichtelijke omschrijving van de toe te passen materialen (inclusief certificering, hoeveelheden en isolatiewaardes) en het totale te isoleren oppervlak. In het geval van glasisolatie: plaatsing van het glas volgens NPR 3577-richtlijn, de U-waardes, de oppervlaktes en de certificering van het glas;
- V.
De gegarandeerde minimale isolatiewaarde na voltooiing van de werkzaamheden;
- VI.
De leveringsvoorwaarden van het bedrijf, de garanties die het bedrijf geeft en voor hoeveel jaar;
- I.
- f.
Een verklaring van de aanvrager waarin hij aangeeft dat hij akkoord zal gaan met de bovenbedoelde offerte(s) van aannemers of offerte(s)/prijsopgave(s) voor aan te kopen materialen (bij aanvragers die zelf de werkzaamheden uitvoeren), indien aan hem subsidie wordt verleend;
- g.
Voor zover reeds aanwezig ten tijde van de aanvraag: de facturen en betaalbewijzen van gemaakte kosten, aansluitend bij de offerte(s), opgemaakt na 1 januari 2024;
- h.
Een opgave van bij anderen aangevraagde en/of verkregen subsidies, vergoedingen of feitelijke verstrekkingen ten behoeve van dezelfde activiteiten en doelen (het verduurzamen), onder vermelding van de stand van zaken daarvan. Wanneer er wordt samengewerkt en andere partijen een deel van de gebouwgebonden maatregelen feitelijk uitvoeren of bekostigen dient dit ook vermeld te worden;
- i.
Voor zover van toepassing: bewijs dat er voldaan is aan geldende goedkeuringsverplichtingen;
- j.
Voor zover van toepassing: een overzicht van aangevraagde (omgevings)vergunningen, voor zover deze noodzakelijk zijn voor het realiseren van de gebouwgebonden maatregelen, onder vermelding van de stand van zaken van deze procedures.
- k.
Een bewijs dat het bankrekeningnummer waarop de aangevraagde subsidie ontvangen wenst te worden, op naam staat van de aanvrager;
- l.
Voor een ondernemer, niet zijnde een woningcorporatie:
- 1.
een volledig ingevulde verklaring de-minimissteun, waaruit volgt dat het drempelbedrag van de-minimissteun van € 300.000,- niet wordt overschreden;
- 2.
Een opgave van subsidies, vergoedingen of tegemoetkomingen in welke vorm ook met staatsmiddelen bekostigd, die al zijn of zullen worden ontvangen voor de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;
- 1.
- a.
-
3. Aanvragen dienen uiterlijk 30 september 2026 om 17:00 uur te zijn ontvangen. Aanvragen die na dit moment worden ontvangen, komen niet voor subsidieverlening in aanmerking en worden afgewezen.
-
4. Het college neemt binnen vier weken na ontvangst van een volledige aanvraag een besluit op deze aanvraag.
-
5. Bij aanvragen om een subsidie die overeenkomstig artikel 108, derde lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie worden aangemeld bij de Europese Commissie wordt de termijn verdaagd totdat de Europese Commissie een eindbeslissing heeft genomen.
Artikel 11: Weigeringsgronden
-
1. Onverminderd het bepaalde in artikel 4:25, tweede lid en artikel 4:35, van de Awb, het bepaalde elders in deze subsidieregeling en het bepaalde in artikel 10 van de ASV, wijst het college een aanvraag om subsidie in ieder geval af indien:
- a.
De ondernemer, niet zijnde een woningcorporatie, niet aan de vrijstellingsvoorwaarden van de de-minimisverordening voldoet;
- b.
De aanvraag is ingediend na de in artikel 9 genoemde uiterlijke termijn van indiening of, in het geval van aanvraag om subsidie voor het treffen van gebouwgebonden maatregelen aan bestaand maatschappelijk vastgoed, voorafgaand aan het in artikel 6, tweede lid, genoemde moment.
- a.
-
2. Onverminderd het vorige lid kan het college de aanvraag om subsidie in ieder geval (al dan niet deels) afwijzen indien:
- a.
Aannemelijk is dat niet aan de voorwaarden en verplichtingen van deze subsidieregeling wordt voldaan of zal worden voldaan, dan wel de activiteiten niet of niet geheel zullen plaatsvinden;
- b.
De aanvraag het maximaal te subsidiëren totaalbedrag, zoals genoemd in deze subsidieregeling, overschrijdt;
- c.
Feitelijk door een andere partij in een of meerdere van de uit te voeren gebouwgebonden maatregelen wordt voorzien ten behoeve van de aanvrager, welke partij daarvoor ook subsidie ontvangt, waardoor de kosten van aanvrager voor deze gebouwgebonden maatregelen lager worden. In dat geval komen de betreffende door de andere partij uitgevoerde gebouwgebonden maatregelen (als geheel) niet voor subsidiëring in aanmerking.
- d.
Aannemelijk is dat de aanvrager niet in staat of bevoegd is de subsidiabele activiteiten uit te voeren, bijvoorbeeld omdat er niet voldaan is aan geldende goedkeuringsverplichtingen;
- e.
De aanvrager reeds gestart is met het treffen van gebouwgebonden maatregelen voorafgaand aan 1 januari 2024;
- f.
De woning, het complex dan wel het maatschappelijk vastgoed waaraan de gebouwgebonden maatregelen worden getroffen, gelegen is buiten de pilotwijk Limbrichterveld Noord;
- g.
Een eventueel benodigde omgevingsvergunning niet kan worden verleend.
- a.
Artikel 12: Verplichtingen
-
1. Naast de verplichtingen die direct gelden op grond van artikel 12 van de ASV en de verplichtingen die op grond van artikel 4:37 van de Awb aan de subsidieontvanger kunnen worden opgelegd, zijn aan de subsidie de volgende aanvullende verplichtingen verbonden:
- a.
De gebouwgebonden maatregelen dienen binnen 12 maanden na de verleningsbeschikking volledig te zijn uitgevoerd;
- b.
De subsidieontvanger zal uiterlijk binnen 1 maand na de datum van de verleningsbeschikking starten met de uitvoering van de gebouwgebonden maatregelen.
- c.
De subsidieontvanger houdt een administratie bij van de gemaakte kosten, waaronder facturen en betaalbewijzen voor aangeschaft materiaal, de uitgevoerde werkzaamheden, etc. Op verzoek van het college geeft de subsidieontvanger inzage in deze stukken.
- d.
De woningcorporatie administreert de netto kosten, bedoeld in artikel 5 van het DAEB-vrijstellingsbesluit, die zijn verbonden met de subsidiabele activiteiten, op een zodanige wijze dat inzicht kan worden verkregen in de hoogte van deze kosten, zulks afgescheiden van de reguliere bedrijfsvoering, in relatie tot de voor deze activiteiten verstrekte subsidie;
- e.
Een door het college aangewezen inspecteur wordt op zijn verzoek in de gelegenheid gesteld zowel de uitgangssituatie ten tijde van de aanvraag als de situatie na uitvoering van de gebouwgebonden maatregelen ter plaatse te inspecteren;
- f.
Voor zover vereist: het verkrijgen van (omgevings)vergunningen voor de activiteiten welke samenhangen met het verduurzamen van de woning, het complex of het vastgoed en/of het treffen van gebouwgebonden maatregelen;
- a.
-
2. De termijn zoals genoemd in het eerste lid, onder a, kan door het college in bijzondere situaties op gemotiveerd verzoek worden verlengd met een termijn van maximaal zes maanden indien het college dit uitstelverzoek binnen de genoemde termijn ontvangt en voor zover het niet verlengen van de termijn naar het discretionaire oordeel van het college leidt tot onbillijke of onevenredige gevolgen.
-
3. Het college kan aan de beschikking tot subsidieverlening nadere voorwaarden, voorschriften en verplichtingen verbinden.
Artikel 13: Bevoorschotting
-
1. Wanneer de aan één aanvrager verleende subsidie in totaal niet meer bedraagt dan een bedrag van ten hoogste €3.500,- wordt tegelijk met de verleningsbeschikking een voorschot ter hoogte van het totale subsidiebedrag verstrekt.
Artikel 14: Verantwoording en vaststelling van de subsidie
-
1. Binnen 2 weken na het voltooien van de subsidiabele activiteiten dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in door middel van een gereedmeldingsformulier.
-
2. Wanneer ten tijde van de aanvraag de gebouwgebonden maatregelen reeds zijn uitgevoerd, en tegelijk met het aanvraagformulier tevens een ingevuld en compleet gereedmeldingsformulier wordt ingediend, kan het college ervoor kiezen de subsidie direct vast te stellen.
-
3. Het gereedmeldingsformulier bevat of gaat vergezeld van de volgende bijlagen en bewijsstukken:
- a.
Een inhoudelijke toelichting waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht, wat de gemaakte kosten waren en in hoeverre is voldaan aan de verplichtingen, verbonden aan de subsidie.
- b.
De betaalde facturen voor de uitgevoerde gebouwgebonden maatregelen, aangeschafte materialen, inclusief betaalbewijzen etc;
- c.
Ingeval van een woningcorporatie: de kostenadministratie zoals bedoeld in artikel 12, eerste lid, onder d, van deze subsidieregeling;
- a.
-
4. Het college stelt de subsidie vast binnen vier weken na ontvangst van het ingevulde en complete gereedmeldingsformulier.
-
5. Als een aanvraag tot vaststelling en/of een ingevuld en compleet gereedmeldingsformulier niet binnen de termijn, genoemd in het eerste en tweede lid, is ingediend kan het college schriftelijk een nieuwe termijn stellen. Wanneer de aanvraag tot vaststelling en/of het ingevuld en compleet gereedmeldingsformulier niet binnen deze termijn wordt ingediend, kan het college overgaan tot ambtshalve vaststelling. In dit geval wordt de subsidie ambtshalve en zonder verdere toetsing op nihil vastgesteld en worden eventueel verstrekte voorschotten teruggevorderd. Bij het bieden van de nadere termijn wordt de subsidieontvanger op deze consequentie gewezen.
-
6. De subsidie wordt op nihil vastgesteld bij ontbreken van een (tijdig) gereedmeldingsformulier of wanneer (al dan niet uit het gereedmeldingsformulier) blijkt dat de woning, het complex of het maatschappelijk vastgoed niet binnen de in de subsidieverleningsbeschikking gestelde termijn (verder) is verduurzaamd.
-
7. De subsidie kan overeenkomstig het bepaalde in artikel 4:46 van de Awb in ieder geval lager worden vastgesteld indien de woning, het complex of het maatschappelijk vastgoed wel binnen de in de subsidieverlening gestelde termijn (verder)is verduurzaamd en:
- a.
De maatregelen waarvoor subsidie is verleend niet/niet geheel zijn uitgevoerd;
- b.
De subsidieontvanger niet (volledig) heeft voldaan aan de voorschriften, voorwaarden of verplichtingen, verbonden aan de subsidie;
- c.
De subsidieontvanger onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste en volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag tot subsidieverlening zou hebben geleid;
- d.
De subsidieverlening anderszins onjuist was en de subsidieontvanger dit wist of behoorde te weten;
- e.
De werkelijk gemaakte kosten lager uitvallen dan de subsidie, opgenomen in de subsidieverleningsbeschikking.
- a.
Artikel 15: Slotbepalingen
-
1. Deze regeling treedt in werking op 9 februari 2026 en werkt terug tot en met 1 januari 2024. De regeling vervalt van rechtswege op 31 december 2027, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op de op grond van deze regeling ingediende aanvragen en verstrekte subsidies.
-
2. De regeling wordt aangehaald als de “Subsidieregeling verduurzaming Limbrichterveld Noord 2024-2027”.
-
3. Het college kan in bijzondere gevallen, gelet op het belang van een aanvrager, artikelen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing naar het discretionaire oordeel van het college leidt tot onbillijke of onevenredige gevolgen.
Ondertekening
Aldus vastgesteld in de vergadering van 3 februari 2026.
Het College voornoemd,
mr. J.Th.C.M. Verheijen,
burgemeester
drs. L.J.F.P. Busschops
gemeentesecretaris/ algemeen directeur
Bijlage: Technische en Installatie-eisen per maatregel woningeigenaren
Hybride warmtepomp
Technische eisen
- •
Het apparaat moet nieuw zijn.
- •
Minimaal energielabel A++.
- •
Vermelding op de meldcodelijst van de RVO.
Installatie-eisen
- •
Uitgevoerd door erkend bedrijf.
- •
Woning moet gebouwd zijn vóór 2019.
Volledig elektrische warmtepomp
Technische eisen
- •
Het apparaat moet nieuw zijn.
- •
Minimaal energielabel A++.
- •
Vermelding op de meldcodelijst van de RVO.
Installatie-eisen
- •
Uitgevoerd door erkend bedrijf.
- •
Woning moet gebouwd zijn vóór 2019.
Warmtepompboiler
Technische eisen
- •
Nieuw apparaat.
- •
Energielabel A++ of hoger.
- •
Vermelding op de meldcodelijst van RVO.
Installatie-eisen
- •
Installatie door erkend installateur.
- •
Woning moet gebouwd zijn vóór 2019.
Zonnepanelen
Technische eisen
- •
De subsidie is alleen voor het kopen van duurzame zonnepanelen.
- •
De zonnepanelen voldoen aan de volgende duurzaamheidseisen:
- •
Ze hebben een geldig CO2-voetafdrukcertificaat.
- •
Ze zijn niet gemaakt met schadelijke stoffen zoals PFAS, lood of antimoon.
- •
Ze moeten gemaakt zijn in landen waarvan is bewezen dat mensen er onder goede werkomstandigheden werken.
- •
Ze zijn goed te recyclen.
Installatie-eisen
- •
Uitgevoerd door erkend bedrijf.
Zonneboiler
Technische eisen
- •
Systeem moet bestaan uit zonnecollector, boilervat en pomp.
- •
Product moet nieuw zijn en beschikken over meldcode.
Installatie-eisen
- •
Uitgevoerd door erkend bedrijf.
- •
Woning moet gebouwd zijn vóór 2019.
Elektrische kookplaat
Technische eisen
- •
Apparaat moet nieuw zijn.
Installatie-eisen
- •
Professionele installatie vereist.
Spouwmuurisolatie
Technische eisen
- •
Minimaal Rd-waarde van 1,1 m²K/W.
- •
Minimaal 10 m² isolatieoppervlak.
Installatie-eisen
- •
Uitgevoerd door erkend bedrijf.
Vloerisolatie
Technische eisen
- •
Minimaal Rd-waarde van 3,5 m²K/W.
- •
Minimaal 20 m² isolatieoppervlak.
Installatie-eisen
- •
Uitgevoerd door erkend bedrijf.
Bodemisolatie
Technische eisen
- •
Minimaal Rd-waarde van 3,5 m²K/W.
- •
Minimaal 20 m² isolatieoppervlak.
Installatie-eisen
- •
Uitgevoerd door erkend bedrijf.
Gevelisolatie
Technische eisen
- •
Minimaal Rd-waarde van 3,5 m²K/W.
- •
Minimaal 10 m² isolatieoppervlak.
Installatie-eisen
- •
Uitgevoerd door erkend bedrijf.
Dakisolatie
Technische eisen
- •
Minimaal Rd-waarde van 3,5 m²K/W.
- •
Minimaal 20 m² isolatieoppervlak.
Installatie-eisen
- •
Uitgevoerd door erkend bedrijf.
Zoldervloerisolatie
Technische eisen
- •
Minimaal Rd-waarde van 3,5 m²K/W.
- •
Minimaal 20 m² isolatieoppervlak.
Installatie-eisen
- •
Uitgevoerd door erkend bedrijf.
Glasisolatie (HR++ glas)
Technische eisen
- •
U-waarde van maximaal 1,2 W/m²K.
- •
Minimaal 3 m² glasoppervlak.
Installatie-eisen
- •
Uitgevoerd door erkend bedrijf.
Glasisolatie (Triple glas)
Technische eisen
- •
U-waarde van maximaal 0,7 W/m²K.
- •
Kozijnen met Uf-waarde van maximaal 1,5 W/m²K.
- •
Minimaal 3 m² glasoppervlak.
Installatie-eisen
- •
Uitgevoerd door erkend bedrijf
Groene daken (sedumdak)
Technische eisen
Eigenaar/gebruiker van het gebouw.
- •
Plat dak met beton- of houtconstructie (bestaande bouw).
- •
Minimale oppervlakte van 10 m².
Installatie-eisen
- •
Deugdelijk ontwerp, aanleg en onderhoud.
- •
Geen wateroverlast op andere locaties.
Thuisbatterijen
Technische eisen
- •
Eigenaar en bewoner van de woning.
- •
Maximaal 10 kWh opslagcapaciteit.
- •
Maximaal 5 kW ontlaadvermogen.
- •
Alleen zelf opgewekte energie mag worden opgeslagen.
- •
Minimale kosten van €5.000 inclusief installatie.
Installatie-eisen
- •
Installatie door gecertificeerd bedrijf.
- •
Offerte met specificaties vereist.
Geïsoleerde voordeur (hoogbouw appartementen)
Technische eisen
- •
U-waarde gelijk aan HR++ of triple glas.
- •
Minimaal 3 m² gecombineerd met glas of kozijn.
Installatie-eisen
- •
Uitgevoerd door erkend bedrijf.
- •
Combinatie met glas of kozijn vereist.
Kleinschalige isolatiemaatregelen
Technische eisen
- •
Moet bijdragen aan energiebesparing.
Installatie-eisen
- •
Zelf aan te brengen of door erkend installateur.
- •
Bewijs van aanschaf vereist.
Technische en Installatie-eisen per maatregel woningcorporaties
Woningcorporaties kunnen uitsluitend subsidie aanvragen voor de volgende maatregelen:
Hybride warmtepomp
Technische eisen
- •
Het apparaat moet nieuw zijn.
- •
Energielabel A++ of hoger.
- •
Vermelding op de meldcodelijst van de RVO.
Installatie-eisen
- •
Installatie door een erkend installateur.
- •
Woning moet gebouwd zijn vóór 2019.
Volledig elektrische warmtepomp
Technische eisen
- •
Het apparaat moet nieuw zijn.
- •
Energielabel A++ of hoger.
- •
Vermelding op de meldcodelijst van de RVO.
Installatie-eisen
- •
Installatie door een erkend installateur.
- •
Woning moet gebouwd zijn vóór 2019.
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl