Verordening onderzoek doelmatigheid en doeltreffendheid 213a Gemeentewet Rotterdam 2026

Geldend van 07-02-2026 t/m heden

Intitulé

Verordening onderzoek doelmatigheid en doeltreffendheid 213a Gemeentewet Rotterdam 2026

De Raad van de gemeente Rotterdam,

gelezen het raadsvoorstel van burgemeester en wethouders van 16 december 2025

(raadsvoorstel nr. 25bb009468/25bo009558); 26bb000755;

gelet op artikel 197 en artikel 213a van de Gemeentewet;

overwegende dat:

de Gemeentewet gemeenten verplicht tot het verrichten van periodiek onderzoek naar doelmatigheid en doeltreffendheid;

besluit:

vast te stellen de Verordening onderzoek naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het door het college gevoerde bestuur. (Verordening onderzoek doelmatigheid en doeltreffendheid 213a Gemeentewet Rotterdam 2026)

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • 1.

    Doelmatigheid: de mate waarin een maximale hoeveelheid producten en prestaties is gerealiseerd met een minimale hoeveelheid middelen of een hogere kwaliteit wordt bereikt met een gelijkblijvende hoeveelheid aan middelen;

  • 2.

    Doeltreffendheid: de mate waarin de geleverde producten en prestaties bijdragen aan het realiseren van gestelde gemeentelijke beleidsdoelen.

  • 3.

    Onderzoeken doelmatigheid/doeltreffendheid: Onderzoeken die door middel van evaluatie bijdragen aan de doeltreffendheid van het door het college gevoerde beleid en de doelmatige voorbereiding en uitvoering ervan.

  • 4.

    Concern Auditing (CA): organisatie binnen het concern die is belast met de uitvoering van geprioriteerde onderzoeken naar de doelmatigheid en doeltreffendheid in opdracht van het college.

Artikel 2 Onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid

  • 1. Jaarlijks wordt de doeltreffendheid en/of doelmatigheid van één of meerdere (aspecten van) begrotingprogramma’s onderzocht.

  • 2. Het college stelt een meerjarenprogramma vast voor de te onderzoeken begrotingsprogramma’s en informeert de raad hierover. Bij de opstelling van het meerjarenprogramma’s draagt het college er zorg voor dat alle begrotingsprogramma’s een keer aan bod komen.

Artikel 3 Informatie over voorgenomen onderzoeken en voortgang daarvan

  • 1. Het college informeert de raad jaarlijks uiterlijk in het laatste kwartaal over de voorgenomen onderzoeken met informatie over de vraagstelling en de aanpak op hoofdlijnen, alsmede de voortgang van lopende onderzoeken.

  • 2. Het college stelt de rekenkamer in het laatste kwartaal schriftelijk op de hoogte van de voorgenomen onderzoeken en voortgang lopende onderzoeken.

Artikel 4 Rapportage afgeronde onderzoeken

  • 1. De onderzoeksresultaten worden vastgelegd in een rapportage. Elke rapportage bevat tenminste een analyse van de onderzoeksresultaten en indien nodig aanbevelingen voor verbetering.

  • 2. Op basis van de rapportage stelt het college indien nodig een plan van verbetering op.

  • 3. De rapportage en het eventuele plan van verbetering worden ter kennisgeving aan de raad en de rekenkamer aangeboden.

  • 4. Het college informeert de raad en rekenkamer in mei over de voortgang van lopende onderzoeken en over de opvolging van aanbevelingen van afgeronde onderzoeken.

Artikel 5 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na de dagtekening van het gemeenteblad waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 6 Intrekking

De Auditverordening 213a Rotterdam 2015 wordt ingetrokken.

Artikel 7 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening onderzoek doelmatigheid en doeltreffendheid 213a Gemeentewet Rotterdam 2026.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 29 januari 2026.

De griffier,

I.C.M. Broeders

De voorzitter,

C.J. Schouten

Dit gemeenteblad ligt ook ter inzage bij het Concern Informatiecentrum Rotterdam (CIC): 010-267 2514 of bir@rotterdam.nl