Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR756260
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR756260/1
VTH-Omgevingsuitvoeringsprogramma 2026 Gemeente Cranendonck
Geldend van 04-02-2026 t/m heden
Intitulé
VTH-Omgevingsuitvoeringsprogramma 2026 Gemeente CranendonckVergunningverlening, toezicht en handhaving gemeente Cranendonck
Vastgesteld op 27 januari 2026 door het college van burgemeester en wethouders
1. Inleiding
Voor u ligt het Omgevingsuitvoeringsprogramma Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving 2026 van de gemeente Cranendonck (VTH-Omgevingsuitvoeringsprogramma 2026 en hierna kortweg: uitvoeringsprogramma). Op grond van artikel 13.8 van het Omgevingsbesluit is het opstellen van een uitvoeringsprogramma verplicht. De inhoud van dit programma is gebaseerd op de keuzes en prioriteiten zoals vastgelegd in het Beleidsplan Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving 2024–2027 van de gemeente Cranendonck (hierna: VTH-beleidsplan).
Het VTH-beleidsplan is op 12 december 2023 vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Cranendonck (hierna: het college). De gemeenteraad van de gemeente Cranendonck heeft op 19 december 2023 kennisgenomen van het beleid. Op dezelfde datum is het beleid aangeboden aan de Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant (hierna: GS).
Dit uitvoeringsprogramma geeft een overzicht van de geplande werkzaamheden op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving (hierna: VTH) voor het jaar 2026. Op basis van de gestelde prioriteiten wordt aangegeven welke taken worden uitgevoerd en op welke wijze. Ook de inzet van ketenpartners, zoals de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (hierna: Odzob) en de Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (hierna: VRBZO), wordt in dit programma meegenomen. Daarnaast bevat het programma een overzicht van de beschikbare formatie voor VTH in 2026.
De opbouw van dit uitvoeringsprogramma is als volgt:
- •
Hoofdstuk 2 behandelt de actualiteiten en ontwikkelingen binnen het VTH-domein.
- •
Hoofdstuk 3 gaat in op de formatie van VTH-medewerkers binnen de gemeente Cranendonck.
- •
Hoofdstuk 4 beschrijft de werkzaamheden, capaciteit en prioritering binnen de vergunningverlening.
- •
Hoofdstuk 5 richt zich op toezicht en handhaving, inclusief de inzet en prioriteiten.
Bij dit uitvoeringsprogramma hoort ook een jaarverslag Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (hierna: jaarverslag VTH). In dit verslag worden de resultaten van de vergunningverlening en de uitgevoerde toezicht- en handhavingsactiviteiten van 2026 geëvalueerd. Daarbij wordt tevens bekeken in hoeverre uitvoering is gegeven aan het vastgestelde beleid. Begin 2027 wordt dit verslag opgesteld.
2. Actualiteiten en ontwikkelingen
2.1 Algemeen
Het VTH-domein is voortdurend in beweging. Nieuwe wet- en regelgeving, maatschappelijke trends en lokale vraagstukken beïnvloeden de uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Dit hoofdstuk geeft een overzicht van de belangrijkste ontwikkelingen en prioriteiten die in 2026 van invloed zijn op onze werkzaamheden. Deze actualiteiten vormen het kader voor de keuzes die in de volgende hoofdstukken verder worden uitgewerkt.
Een duidelijke voortzetting van een ontwikkeling betreft het aantal meldingen en verzoeken om handhaving dat aanzienlijk toegenomen is en lijkt te blijven toenemen. De beschikbare capaciteit binnen toezicht en handhaving wordt daarom grotendeels ingezet op het behandelen van formele handhavingsverzoeken. Deze verzoeken moeten altijd in behandeling worden genomen, ongeacht de prioritering in het gemeentelijk beleid. Voor de afhandeling van overige meldingen wordt gewerkt volgens de prioriteiten zoals vastgelegd in het VTH-beleidsplan.
Daarnaast blijven we als gemeente Cranendonck streven naar een veilige en leefbare omgeving waarin criminaliteit zoveel mogelijk wordt beperkt. Dit streven is, en blijft, verankerd in het Integraal Veiligheidsbeleid, dat samen met het VTH-beleidsplan richting geeft aan de uitvoering. Het Integraal Veiligheidsbeleid richt zich op zeven prioriteiten:
- •
De Gemeenschappelijke Vreemdelingenlocatie Budel (AZC)
- •
Ondermijning
- •
Rampenbestrijding en crisisbeheersing
- •
BIBOB
- •
Zorg en Veiligheid
- •
Digitale veiligheid
- •
Mensenhandel
Voorgaande prioriteiten gelden als basis voor de werkzaamheden in 2026.
Naast voorgaand zijn er enkele actuele thema’s die in 2026 in meer en mindere mate bijzonder aandacht vragen:
- •
Spuitzones: De discussie over spuitzones en de impact op gezondheid en leefomgeving speelt een steeds grotere rol. Dit vraagt om nauwe samenwerking met de omgevingsdienst en een duidelijke beleidslijn bij vergunningverlening en toezicht.
- •
Einde TAM-IMRO-projecten: Vanaf 2026 is het niet langer mogelijk om TAM-IMRO-projecten te draaien. Dit betekent dat meer initiatieven via Buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (Bopa’s) moeten worden afgehandeld, wat extra capaciteit en afstemming vraagt.
- •
Uitbreiding boa-bevoegdheden: Landelijke wetsvoorstellen voorzien in een uitbreiding van bevoegdheden voor boa’s lijken voor 2026 weer actueel te zijn. Dit kan gevolgen hebben voor de inzet en prioritering van toezicht in de openbare ruimte.
Deze ontwikkelingen hebben invloed op alle onderdelen van het VTH-werkveld en vragen om een flexibele inzet van capaciteit en middelen, waartoe dit uitvoeringsprogramma mede basis biedt.
2.2 Implementatie Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging
2.2.1 Omgevingswet
Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet (hierna: Ow) in werking getreden. Ter voorbereiding op de inwerkingtreding zijn de nodige voorbereidingen getroffen, zoals het verder opleiden van onze medewerkers evenals het aanschaffen van het VTH-systeem ‘Powerbrowser’ voor de afhandeling van vergunningen en de uitvoering van toezicht- en handhavingstaken.
De wet is inmiddels ruime tijd in werking en we ervaren als organisatie inmiddels ook dat de betrokken medewerkers in voldoende mate overweg kunnen met de Ow. Ook het gebruik van Powerbrowser spreekt inmiddels over het algemeen voor zich.
Wel blijft het noodzakelijk dat medewerkers zich blijven verdiepen en ontwikkelen. Temeer nu de eerste hogere rechtspraak ontstaat en dit dus ook aanpassing vraagt op bepaalde vlakken.
Ook in 2026 zullen daarom, individueel of in groepsverband, verdiepende opleidingen en cursussen worden gevolgd, ook specifiek ten aanzien van de Ow. De werkprocessen worden waar nodig verder bijgeschaafd en brieven en sjablonen voor toezicht- en handhavingstaken worden door systeembeheer aangepast. De kosten hiervoor worden gedekt uit de reguliere budgetten.
2.2.2 Wet kwaliteitsborging voor het bouwen
Gelijktijdig met de Ow is de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (hierna: Wkb) in werking getreden. Deze wet – die als doel heeft om de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht te verbeteren – heeft ingrijpende gevolgen voor het proces van bouwen, vergunningverlening en toezicht.
Private kwaliteitsborgers houden toezicht op het bouwproces van gevolgklasse 1 (met uitzondering van verbouw) en de aansprakelijkheid van aannemers is verruimd. Het bouwproces van deze activiteiten moet worden ingericht volgens toegelaten instrumenten. Wel geldt er (in sommige gevallen) een meldingsplicht.
De Wkb is op 1 januari 2024 stapsgewijs in werking getreden, beginnend met nieuwe bouwwerken in gevolgklasse 1 met uitzondering van verbouw. Gevolgklasse 1 houdt in dat het bouwwerk beperkte persoonlijke gevolgen heeft. Hierbij kan gedacht worden aan woningen en eenvoudige bedrijfsgebouwen.
Hoewel de Wkb voor verbouwwerkzaamheden en renovatie zou gelden vanaf 1 juli 2025 is dit uitgesteld, zonder dat een nieuwe datum bekend is. Uiterlijk op 1 januari 2027 zal een evaluatie plaatsvinden naar de regels voor kwaliteitsborging.
Afhankelijk van de uitkomsten van de evaluatie volgen daarna (al dan niet gelijktijdig) de bouwwerken in de hogere risicoklassen (gevolgklasse 2 en 3).
Onder gevolgklasse 2 worden de bouwwerken verstaan welke een reële kans op persoonlijke gevolgen hebben als niet aan de bouwtechnische voorschriften wordt voldaan. Hierbij valt te denken aan bibliotheken, gemeentehuizen, onderwijsgebouwen en woongebouwen tot 70 meter hoogte.
Gevolgklasse 3 betreft bouwwerken waar kans is op aanzienlijke persoonlijke gevolgen als niet aan de bouwtechnische voorschriften wordt voldaan. Hieronder vallen bouwwerken zoals metrostations, voetbalstadions, ziekenhuizen en gebouwen hoger dan 70 meter.
Vooralsnog is de gemeente dus aan zet voor gevolgklasse 2 en 3. Gevolgklasse 2 zal een enkele keer aan bod komen en naar verwachting zullen (ook) in 2026 geen aanvragen worden ingediend uit gevolgklasse 3.
Daarnaast zullen er meldingen worden ingediend voor bouwwerken vallend in gevolgklasse 1. Deze meldingen moeten ingediend worden in plaats van het aanvragen van een omgevingsvergunning.
Wij beoordelen de startmelding op diverse aspecten zoals:
- -
wat wordt er gebouwd?;
- -
wie is de kwaliteitsborger?;
- -
met welk instrument wordt gewerkt?;
- -
is er een risicobeoordeling?;
- -
is er een borgingsplan?
In de gereedmelding wordt gecontroleerd of de verklaring van de kwaliteitsborger aanwezig is.
In bepaalde gevallen geldt een uitzondering waardoor voor bouwwerken vallend in gevolgklasse 1 toch een omgevingsvergunning moet worden aangevraagd in plaats van dat de bouw begeleid wordt door een kwaliteitsborger en er een melding ingediend moet worden bij de gemeente. Deze uitzonderingen zijn er bijvoorbeeld voor monumenten, als er een gebruiksmelding nodig is voor het brandveilig gebruik van het bouwwerk of wanneer een beroep wordt gedaan op een gelijkwaardige maatregel. In dat geval behandelen wij als gemeente de omgevingsvergunningaanvraag. Deze aanvragen kunnen net als andere aanvragen voor een omgevingsvergunning worden ingediend via het Digitaal Stelsel Omgevingswet (hierna: DSO).
In de gemeente Cranendonck geldt een aantal bijzondere lokale omstandigheden. Een bijzondere lokale omstandigheid is een lokaal risico waardoor het resultaat van een bouwactiviteit wellicht niet aan de bouwtechnische regels van het Besluit bouwwerken leefomgeving (hierna: Bbl) voldoet.
Elke gemeente dient dergelijke bijzondere lokale omstandigheden kenbaar maken. De bijzondere lokale omstandigheden van de gemeente Cranendonck zijn kenbaar gemaakt op de website: https://www.cranendonck.nl/wet-kwaliteitsborging-voor-het-bouwen.
2.2.3 Powerbrowser
De VTH-applicatie Powerbrowser is in lijn met de werkprocessen onder de Ow. Waar nodig zullen de werkprocessen, brieven en sjablonen geoptimaliseerd worden, zoals hiervoor ook eerder aangehaald, bijvoorbeeld wanneer dit uit nodig is gelet op rechtspraak.
2.2.4 Digitaal Stelsel Omgevingswet
De gemeente Cranendonck is aangesloten op het DSO. Aanvragen, meldingen, verkennen mogelijkheden met ‘idee verkennen’ en informatiemomenten worden ingediend en kunnen ontvangen worden via het DSO. Ook kan er door inwoners gebruikgemaakt worden van vragenbomen. Wanneer blijkt dat er over een specifiek onderwerp veel vragen inkomen, zullen de vragenbomen geoptimaliseerd of aangevuld worden.
2.3 Constructieve veiligheid
De constructieve veiligheid speelt ook een belangrijke rol in de gemeente Cranendonck. Voor het (op papier) toetsen van de constructie tijdens het behandelen van de omgevingsvergunning, voor zover deze niet onder toets door de kwaliteitsborger valt zoals bovenstaand is omschreven, maakt de gemeente Cranendonck gebruik van inhuur van externe experts.
De constructieve beoordeling in het werk zelf wordt uitgevoerd door de bouwtoezichthouders. Bij dergelijke controles wordt ook altijd gekeken naar de constructieve veiligheid.
De VTH-taakuitvoering op het gebied van constructieve veiligheid van gebouwen is geborgd. Zo voldoet de gemeente Cranendonck aan de landelijke kwaliteitseisen.
Ook vindt vergunningverlening voor de bouwactiviteit technische toets plaats volgens de eisen van wet- en regelgeving en vindt toezicht en handhaving plaats conform vastgesteld beleid. Er is sprake van voldoende functiescheiding op het gebied van vergunningverlening enerzijds en toezicht en handhaving anderzijds.
2.4 Wet open overheid
De Wet open overheid (hierna: Woo) is op 1 mei 2022 in werking getreden en heeft daarmee de Wet openbaarheid van bestuur (hierna: Wob) vervangen. De Woo heeft als doel om overheden en semioverheden transparanter te maken. De Woo draagt eraan bij dat overheidsinformatie beter vindbaar, uitwisselbaar, toegankelijk en goed archiefwaardig is.
Binnen het samenwerkingsverband van de A2-gemeenten is een projectgroep actief die zich bezighoudt met het onderhoud van de Woo binnen de organisatie.
De medewerkers van VTH nemen Woo-verzoeken in behandeling, voor zover deze betrekking hebben op de werkzaamheden binnen het VTH-domein. De verwachting is dat dergelijke verzoeken met enige regelmaat zullen worden ingediend. Deze verzoeken worden afgehandeld binnen de beschikbare capaciteit. Waar nodig kan ondersteuning worden gevraagd bij de genoemde projectgroep.
2.5 Samenwerkingen
2.5.1 Kwaliteitscriteria
Op het gebied van VTH werkt de gemeente Cranendonck samen met de gemeenten Heeze-Leende en Valkenswaard. Gezamenlijk vormen we de A2-gemeenten.
De samenwerking krijgt op verschillende manieren vorm. Een belangrijk onderdeel is het onderling uitwisselen van kennis en ervaringen – ook wel omschreven als ‘bij elkaar in de keuken kijken’. Door van elkaars werkwijzen te leren, ontstaat een continu proces van verbetering en professionalisering. Dit draagt bij aan het voldoen aan de gestelde kwaliteitscriteria, zoals vastgelegd in het Brabant-brede bodemniveau.
Mede dankzij deze samenwerking voldoet de gemeente Cranendonck aan de landelijke kwaliteitscriteria voor VTH. De samenwerking uit zich onder meer in:
- -
Overleg over concrete casussen;
- -
Het werken op elkaars locaties;
- -
Het zoveel mogelijk afstemmen van werkprocessen.
Deze gezamenlijke aanpak versterkt de kwaliteit en efficiëntie van de VTH-taken binnen de A2-gemeenten.
2.5.2 Buurtbemiddeling
In het geval van o.a. burenruzies wordt vanaf 2016 samenwerking gezocht met het sociaal team van de gemeente Cranendonck en met vrijwilligers. Een burenruzie kan worden aangemeld bij de coördinator van buurtbemiddeling. De coördinator screent of een buurtbemiddeling door vrijwilligers van buurtbemiddeling kan worden opgepakt. De bemiddelaars zoeken samen met buren naar een voor beide partijen acceptabele oplossing. Bij herkenning van een burenruzie wordt gezamenlijk gekeken naar de beste aanpak. Bij complexe burenruzies wordt samengewerkt met gemeente, woningbouw en/of politie. Deze aanpak wordt in 2026 voortgezet.
2.5.3 Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost
De Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (hierna: VRBZO) controleert hoofdzakelijk grotere inrichtingen en evenementen, omdat hier de grootste risico’s liggen met betrekking tot brandveiligheid. Niet alleen wordt op die manier brandveiligheid betrokken vanuit vergunningverlening, maar ook vanuit het kader van toezicht en handhaving wanneer blijkt dat brandveiligheid in het geding is.
Bij kleinere risico’s wordt volstaan met het geven van voorschriften. Er wordt overigens niet alleen gekeken naar aantal of grootte, maar vooral ook uit risicobenadering zoals zelfredzaamheid, overnachting, bekendheid, gevaarlijke stoffen, complexe situaties, optreden brandweer, gelijkwaardigheid, bereikbaarheid etc.
Daarnaast is voor omgevingsvergunningen een risicomatrix opgesteld waarin wordt aangegeven in welke gevallen de VRBZO wil en/of moet adviseren. Wanneer externe veiligheid in het geding is bij een omgevingsvergunning wordt overigens ten allen tijde geadviseerd, ondanks dat dit niet opgenomen is in de matrix. Ook in de gevallen wanneer (net) niet voldaan wordt aan de matrix zorgt men voor advies.
Naast deze rechtstreeks adviserende taken neemt de VRBZO ook deel aan de controles van het Dommelstroom Interventie Team (hierna: DIT) én voeren ze controles uit ten aanzien van brandveiligheid.
De planning van de VRBZO voor de gemeente Cranendonck in 2026 is opgenomen als bijlage (Bijlage 1 - Planning VRBZO Cranendonck 2026).
De gemeente Cranendonck en de VRBZO hebben afspraken gemaakt voor duidelijke communicatie en evalueren frequent om zo de werkkwaliteit te verbeteren.
2.5.4 GGD Brabant-Zuidoost
De GGD Brabant-Zuidoost (hierna: GGD) is een belangrijke samenwerkingspartner binnen het VTH-domein. Zij ondersteunen ons bij het signaleren en beoordelen van gezondheidsrisico’s die samenhangen met vergunningverlening, toezicht en handhaving. Denk hierbij aan aspecten zoals luchtkwaliteit, magneetvelden, spuitzones en de gevolgen van andere bepaalde activiteiten voor de volksgezondheid. Door de expertise van de GGD te benutten, kunnen wij bij vergunningaanvragen en handhavingsacties beter onderbouwde besluiten nemen en zorgen voor een gezonde en veilige leefomgeving. Daarnaast adviseert de GGD bij complexe casussen en draagt zij bij aan preventie door vroegtijdig risico’s in beeld te brengen.
2.5.5 Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant
De gemeente Cranendonck is, samen met 20 andere gemeenten en de Provincie, oprichter en opdrachtgever voor de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (hierna: Odzob). Doel van deze gemeenschappelijke regeling is de verbetering van de kwaliteit van de vergunningverlening, het toezicht op de milieuvergunningen en omgevingsplanactiviteiten én de handhaving daarvan. De gemeente Cranendonck legt verschillende taken en opdrachten bij de Odzob neer, veelal op het gebied van milieu.
In het werkprogramma 2026 van de Odzob wordt omschreven welke taken zij verwachten uit te gaan voeren voor de gemeente Cranendonck. Vooraf is niet exact in te schatten welke werkzaamheden uitgevoerd gaan worden. Dit is onder andere afhankelijk van het aantal meldingen en de ernst van de overtredingen én het aantal vergunningen.
Ook is dat afhankelijk van het aantal controles dat wordt uitgevoerd naar aanleiding van klachten of bestuurlijke prioriteiten. Het werkprogramma van de Odzob is bijgevoegd als bijlage (bijlage 2 - Werkprogramma ODZOB 2026 Cranendonck).
Daarnaast voert de Odzob diverse verzoektaken uit voor de gemeente Cranendonck.
Zo worden onder andere beoordeeld:
- •
uitgebreide Aeriusberekeningen;
- •
flora- en faunaonderzoeken;
- •
onderbouwingen en etfal-motiveringen ten aanzien van milieuaspecten.
Daarnaast worden ook zaken (zelfstandig) behandeld en wel:
- •
sloopmeldingen;
- •
omgevingsvergunningen.
Voor deze verzoektaken wordt gewerkt met de samenwerkingsfunctionaliteit uit Powerbrowser en worden bepaalde omgevingsvergunning overgedragen door middel van het wijzigen van de behandeldienst. Het voordeel van deze functionaliteit is dat vanuit de gemeente Cranendonck een actief verzoek kan worden uitgezet en de reactie ook direct bij de zaak in Powerbrowser kan worden toegevoegd. Er zijn werkafspraken gemaakt met tussen diverse gemeenten in de regio Zuid-Oost Brabant, de Odzob, VRBZO en de GGD hoe bepaalde verzoeken worden uitgezet. De gemeente Cranendonck werkt ook via deze samenwerkingsafspraken.
In onderstaande tabel zijn alle basis- en verzoektaken opgenomen. Per werkzaamheid is aangegeven of de Odzob de taak uitvoert en de Odzob daarvoor mandaat (m) heeft om besluiten te nemen, of een machtiging (mch) heeft om handelingen te verrichten niet zijnde het nemen van een besluit óf dat de Odzob enkel advies (a) kan verstrekken.
Tabel 1 - Overzicht werkzaamheden en mandaat Odzob
|
A. VERGUNNINGVERLENING |
|
|
Vooroverleg |
M |
|
Milieuactiviteit industrieel / natuur |
M |
|
Milieuactiviteit agrarisch / natuur |
M |
|
Gesloten bodemenergiesysteem |
M |
|
Sloopactiviteit incl asbest |
M |
|
Bodemactiviteit |
M |
|
Bouwactiviteit |
nvt |
|
Juridische procedures vergunningverlening |
|
|
behandelen bezwaar en (hoger)beroep (incl verweerschrift) |
M |
|
Administratieve en procedurele afhandeling meldingen en vergunningen |
M |
|
publiceren (Wep) |
M |
|
digitale ter inzage legging (uitgebreide procedures) |
M |
|
heffen leges milieuvergunningen |
nvt |
|
|
|
|
B. TOEZICHT EN HANDHAVING |
|
|
Milieuactiviteit industrie |
M |
|
Milieuactiviteit agrarisch |
M |
|
Bodemactiviteit |
M |
|
Bodemactiviteit (voormalig besluit bodemkwaliteit) |
M |
|
Bouwactiviteit |
nvt |
|
Sloopactiviteit verwijdering asbest |
M |
|
Gesloten bodemenergiesystemen |
M |
|
Klacht/meldingen behandelen |
M |
|
Juridische procedures handhaving, waaronder: |
|
|
opstellen+verzenden verbeurtebrief |
nvt |
|
invorderingsbesluit |
nvt |
|
behandelen bezwaar en (hoger)beroep (incl verweerschrift) |
M |
|
|
|
|
C. ADVIES |
|
|
Advies juridisch |
M |
|
Verzoek Woo |
A |
|
Advies bodem/water |
M |
|
Advies geluid |
M |
|
Zonebeheer |
M |
|
Geluidmetingen |
M |
|
Advies archeologie |
M |
|
Advies erfgoed en omgevingskwaliteit |
M |
|
Advies gebiedsontwikkeling en omgevingsplan |
M |
|
Advies omgevingsveiligheid |
M |
|
Advies energie en duurzaamheid |
M |
|
|
|
|
D. INFORMATIEANALYSE, -VERSTREKKING EN GEGEVENSBEHEER |
|
|
Gegevensbeheer |
|
|
RVMK/ LVMK |
M |
|
CIMLK verkeer |
M |
|
CIMLK agrarisch |
M |
|
KRD |
M |
|
BZV (alleen bouwtaken uitvoeren) |
nvt |
|
REV |
M |
|
IPPC database |
M |
|
E-MJA (energie efficiency) |
M |
|
E-PRTR |
M |
|
Amice |
M |
|
BIS (alleen voor nieuwe bodemtaken onder OW en bodemtaken waarvoor de Provincie het bevoegd gezag is) |
M |
|
NAZCA (inclusief externe kosten) |
M |
|
|
|
|
|
|
|
M = Mandaat (om besluiten te nemen) |
|
|
MCH = Machtiging (handelingen zonder rechtsgevolg) |
|
|
A = Advies (bij machtiging verstrekken we enkel advies) |
|
|
Nvt = taak wordt niet afgenomen |
|
Bereikbaarheid en beschikbaarheid 24/7
Naast voorgaand brengt de samenwerking met de Odzob ook met zich mee dat buiten kantooruren acute klachten gemeld kunnen worden en dat medewerkers beschikbaar zijn voor het behandelen van incidenten. Deze samenwerking kan gezien worden als een wisselwerking. Zo zijn de toezichthouders en boa’s van de gemeente Cranendonck beschikbaar op een apart opengesteld telefoonnummer. De Odzob beschikt over een consignatiedienst om bij nacht en ontij snel ter plekke te zijn als er zich een incident voordoet (met mogelijke gevolgen voor de omgeving). Hiermee wordt de wettelijke bereikbaar- en beschikbaarheid geborgd.
2.5.6 Omgevingsdienst Brabant Noord
Binnen het VTH-domein werkt de gemeente Cranendonck eveneens nauw samen met de Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN) op het gebied van stikstof. ODBN ondersteunt bij het beoordelen van vergunningaanvragen waarbij stikstofuitstoot een rol speelt, door specialistische berekeningen uit te voeren met AERIUS en advies te geven over interne of externe saldering. Deze expertise is essentieel om te bepalen of projecten voldoen aan de geldende natuur- en stikstofnormen en om passende maatregelen te treffen waar nodig. Daarnaast helpt ODBN bij toezicht en handhaving op naleving van stikstofregels, zodat wij als gemeente zorgvuldig en juridisch robuust kunnen handelen en bijdragen aan het behoud van kwetsbare natuur in en rondom Cranendonck.
2.5.7 Regionaal operationeel kader milieutoezicht en vergunningverlening
Op grond van artikel 13.2 van het Omgevingsbesluit is de gemeente verplicht om beleid vast te stellen voor VTH. Voor de milieutaken moet dit beleid op regionaal niveau worden vastgesteld. Dit beleid is vastgesteld in samenwerking met de Odzob en de deelnemende gemeenten. Vanaf 1 januari 2020 is het Regionaal Operationeel Kader (hierna: ROK) van kracht. Dit zorgt ervoor dat milieutoezicht meer risicogericht plaatsvindt en vergunningen meer risicogericht worden getoetst. De toename van kosten door het ROK zijn stapsgewijs verwerkt in de gemeentelijke begroting.
2.5.8 Samen sterk in Brabant
De gemeente Cranendonck neemt deel aan het project Samen sterk in Brabant (hierna: SSiB). Het team van SSiB is 24 uur per dag, 7 dagen per week beschikbaar in het buitengebied. De boa’s van SSiB zorgen ervoor dat gebruikers van het buitengebied het milieu niet te zwaar belasten. Daarnaast treden zij bij een overtreding op.
Bij besluit van 20 oktober 2022 zijn de natuurinspecteurs van SSiB, in dienst van of werkend in opdracht van de Odzob, aangewezen als toezichthouder voor de Algemene Plaatselijke Verordening van de gemeente Cranendonck 2023 (hierna: APV) en de Afvalstoffenverordening. Dit om de samenwerking te verbeteren en efficiënter op te kunnen treden.
2.5.9 Dommelstroom Interventie Team
De gemeente Cranendonck werkt samen met het Dommelstroom Interventie Team (hierna: DIT). Het DIT-team bestaat uit vertegenwoordigers van de gemeente, politie, VRBZO, Odzob, Belastingdienst, NVWA en Enexis. Het hoofddoel van het DIT is het aanpakken van ondermijnende criminaliteit.
In 2024 heeft een kwartiermaker – aangesteld door de deelnemende gemeenten – onderzoek verricht naar de structuur en werkwijze van het DIT. Dit onderzoek heeft geleid tot een advies dat in mei 2025 door de deelnemende gemeenten bestuurlijk is omarmd en dat vanaf 2026 in werking treedt. De veranderingen richten zich met name op de (overleg)structuur. De nieuwe overlegstructuur bestaat uit een bestuurlijk overleg DIT, managementoverleg breed, managementoverleg DIT, AVO-DIT en uitvoerend DIT. Naast uitvoerende overleggen worden dus voortaan ook bestuurlijke overleggen gevoerd om de planmatige sturing te versterken en de betrokkenheid van het bestuur te vergroten.
Vanuit (partners van) het DIT, maar ook vanuit de gemeente Cranendonck, kunnen casussen en adressen worden aangedragen. De DIT-coördinator, die voor 0,89 Full Time Equivalent (hierna: FTE) voor alle deelnemende gemeenten is aangesteld, vervult hierbij de centrale rol: het verzamelen en inventariseren van informatie, het opstellen van een draaiboek en het coördineren van de uitvoering.
Voorafgaand aan een actie vindt een briefing plaats en na afloop rapporteert iedere discipline haar bevindingen. Op basis daarvan worden de vervolgstappen bepaald en verdeeld. De inzet varieert afhankelijk van de aard en omvang van de acties, de beschikbare capaciteit en de prioritering. In 2026 staan vier actieweken gepland. Afhankelijk van thema, voorbereiding en capaciteit neemt de gemeente Cranendonck hieraan deel. De juridische afhandeling van eventuele overtredingen die tijdens deze acties worden geconstateerd, wordt meegenomen in de reguliere bedrijfsvoering van handhaving.
Met de nieuwe versterkte structuur, duidelijke coördinatie en bestuurlijke gedragenheid zet de gemeente Cranendonck zich in om de aanpak van ondermijnende criminaliteit verder te professionaliseren.
2.5.10 Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA)
De ontvangstlocatie van het COA in Budel is, na de locatie in Ter Apel, de grootste ontvangstlocatie in Nederland. De ontvangstlocatie bestaat sinds 2014 en biedt plaats aan veel maximaal 1500 asielzoekers. Voor het strijdige gebruik ter plaatse is een omgevingsvergunning verleend.
Op 24 juni 2025 is een nieuwe bestuursovereenkomst afgesloten tussen de gemeente en het COA. In deze overeenkomst is bepaald dat het aantal opvangplekken uiterlijk 31 december 2027 afneemt naar 960 en zijn er afspraken gemaakt over de samenstelling van deze groep. De overeenkomst eindigt per 8 februari 2028. Indien aan de capaciteitsbehoefte is voldaan, wordt de termijn van rechtswege met 10 jaar verlengd tot 8 februari 2038. Hierop is 1 jaar verlenging mogelijk waardoor de termijn uiterlijk op 8 februari 2029 eindigt.
Om de overlastproblematiek te kunnen monitoren en bijsturen, is er een overlegstructuur opgezet in de vorm van een kernteam, in samenwerking met alle ketenpartners. Dit resulteert in een permanente monitoring van zich voordoende incidenten en het naar aanleiding hiervan handelen: proactieve communicatie is hierbij een belangrijk middel.
In het kader van de openbare orde en veiligheid heeft het Rijk financiële middelen ter beschikking gesteld om de overlast tegen te gaan (Decentrale Uitkering (D.U.). Deze financiële middelen worden met name ingezet op toezicht (en handhaving), die significant meer aandacht vraagt als gevolg van de aanwezigheid van de Gemeenschappelijke vreemdelingen locatie (hierna: GVL).
2.5.11 Overleg met (andere) handhavingspartners
Ingevolge de vereisten van artikel 13.4 (e.v.) van het Omgevingsbesluit voert de gemeente structureel overleg met de andere handhavingspartners. Dit overleg wordt in ieder geval gehouden met de:
- -
Provincie, onder andere in het kader van het jaarlijkse gemeentelijke uitvoeringsprogramma;
- -
A2-gemeenten, met name in het kader van de versterking van de samenwerking op diverse gebieden, zoals hiervoor reeds;
- -
Odzob, onder andere in het kader van het jaarlijkse werkprogramma;
- -
Politie, zes wekelijks in het driehoeksoverleg, tweewekelijks operationeel en waar nodig incidenteel;
- -
VRBZO, onder andere in het kader van het jaarlijkse uitvoeringsprogramma van deze instantie;
- -
DIT, maandelijks tussen de gemeentelijke DIT-deelnemers;
- -
COA, 2-wekelijks kernteamoverleg in het kader van Openbare Orde en Veiligheid.
2.6 Borgen financiële middelen (artikel 13.10 Omgevingsbesluit)
De in te zetten capaciteit is afgestemd op de noodzakelijk uit te voeren werkzaamheden zoals genoemd in dit uitvoeringsprogramma. Indien nodig wordt het uitvoeringsprogramma aangepast en/of worden de middelen aangevuld als de omstandigheden of bestuurlijke keuzes/prioriteiten daarom vragen.
Voor de uitvoering van de reguliere taken die in dit uitvoeringsprogramma zijn opgenomen, zijn de financiële middelen geborgd. De bijdrage voor de kosten van de afdeling VTH (met name loonkosten en personele- en organisatiekosten) wordt gedeeltelijk gedekt door het opnemen van de daarvoor overeengekomen gemeentelijke bijdrage in de gemeentelijke begroting. Wij zijn ons ervan bewust dat we met de beschikbare capaciteit weloverwogen keuzes moeten maken.
Voor omgevingsvergunningen is een bedrag opgenomen in de begroting van € 220.820,- waarvan € 187.600,- voor ingeleend personeel, €100,- voor aanschaf en materiaal en €33.120,- voor advieskosten algemeen. Een bedrag van € 24.811, - is begroot voor vergunningen bijzondere wetten en de APV.
Ten aanzien van toezicht en handhaving zijn de volgende bedragen opgenomen: €55.906,- waarvan €8.330,- voor onderzoeken (bodem, milieu, akoestisch ed.), €26.241,- voor algemene/overige uitgaven en €21.335,- voor advieskosten algemeen.
Voor tussentijds door de gemeente op te starten projecten waarvoor inzet van medewerkers VTH is gewenst, moeten in de projectbegroting de benodigde middelen vrijgemaakt worden. In dit uitvoeringsprogramma is daar geen rekening mee gehouden, omdat hier binnen de huidige capaciteit geen ruimte voor is. Per project zal bekeken moeten worden welke mogelijkheden er zijn, bijvoorbeeld door het inhuren van extra personeel of het financieel deelnemen in het project.
Omdat een gedeelte van de beschikbare kennis niet (meer) aanwezig is bij de gemeente Cranendonck, is het noodzakelijk extern expertise in te huren. Dit gebeurt onder andere bij de Odzob. Een gedeelte van deze uitbesteding is verplicht omdat het basistaken zijn die uitgevoerd moeten worden door de Odzob. Daarnaast zijn enkele taken vrijwillig aan de Odzob uitbesteed. Met deze taken is in de begroting rekening gehouden.
Voor de werkzaamheden van de Odzob zijn de volgende bedragen opgenomen in de begroting 2026:
Gedurende het jaar wordt gemonitord of er grote verschillen zijn ten opzichte van de opgenomen bedragen in de begroting.
3. Formatie VTH
Met ingang van 1 januari 2026 bedraagt de formatie van VTH 18,21 FTE. Eén FTE betreft 1400 uren.
|
|
Vaste formatie |
Tijdelijke formatie |
Capaciteit totaal |
|
Vergunningverlening Omgevingswet |
3,00 |
0,00 |
3,00 |
|
Ondersteuning/administratie |
1,50 |
1,00 |
2,50 |
|
Vergunningverlening APV & bijzondere wetten |
2,03 |
0,00 |
2,03 |
|
Juridische capaciteit VTH/beleid |
1,00 |
0,00 |
1,00 |
|
Toezicht |
4,00 |
2,50 |
6,50 |
|
Juridische capaciteit handhaving |
3,00 |
0,00 |
3,00 |
|
Teamleider Dommelstroom Interventieteam |
0,00 |
0,18 |
0,18 |
|
Capaciteit totaal* |
14,53 |
3,68 |
18,21 |
*Het betreft capaciteit c.q. formatie. Daadwerkelijke inzetbaarheid kan anders zijn (door bijv. ziekte).
Naast de bovenstaande FTE, zoals deze geborgd zijn in de gemeentelijke begroting van 2026, worden ook taken uitgevoerd door de Odzob en de VRBZO. Het betreft een flexibele inzet die wordt ingezet afhankelijk van het aantal meldingen, klachten en aanvragen. In hoofdstuk 2.5 wordt aangegeven welke taken de Odzob en de VRBZO in ieder geval gaan uitvoeren.
Het team wordt aangestuurd door één teammanager. Deze teammanager heeft kennis en kunde op bovenstaande terreinen waardoor naast afstemming ook inhoudelijke aansturing van VTH kan plaatsvinden. De rol van deze teammanager draagt bij aan de doelmatigheid en efficiëntie van VTH.
4. Vergunningen
4.1 Algemeen
De medewerkers van vergunningen behandelen omgevingsbewust de vergunningaanvragen en verzorgen informatieverstrekking en uitleg over wet- en regelgeving binnen dit vakgebied. In 2026 wordt er voor een klein gedeelte onder de oude regelgeving gewerkt (Wabo). Zo zijn er nog aanvragen uit 2023 en daarvoor in behandeling. Oorzaken hiervan zijn de vertragingen welke aanvragen hebben opgelopen door het doorlopen van wijzigingen van het bestemmingsplan en omdat initiatiefnemer het plan (tijdelijk) stil heeft gelegd. Hierdoor wordt voornamelijk onder de huidige regelgeving (Ow) gewerkt.
De werkprocessen zijn reeds aangepast aan de nieuwe wetgeving en zullen waar nodig bijgestuurd worden. De software (Powerbrowser) is geïmplementeerd in samenwerking met onder andere de Odzob.
Naast de basistaken worden de volgende taken uitgevoerd door de medewerkers van vergunningen:
- •
input leveren voor het nieuwe Omgevingsplan;
- •
participeren in diverse gemeentelijke overleggen (vergunningenkamer en intaketafel);
- •
(digitaal) bijwonen van informatiemomenten vanuit provincie en VNG;
- •
voorlichting en advisering;
- •
projecten;
- •
behandelen en beantwoorden van Woo-verzoeken;
- •
behandelen en beantwoorden van informatieverzoeken;
- •
begeleiden en verkennen van initiatieven;
- •
key-user Powerbrowser;
- •
opstellen van beleid;
- •
maken van planschadeovereenkomsten en overeenkomsten nadeelcompensatie.
4.1.1 Vergunningen
De taken van de medewerkers van vergunningen zijn voor een groot deel afhankelijk van externe factoren. Het aantal aanvragen is afhankelijk van initiatieven van burgers en bedrijven en kan mede worden bepaald door de ruimtelijke ambities van de gemeente. Ook intensief toezicht kan tot meer aanvragen leiden.
In 2024 hebben we gemerkt dat er nog onwetendheid bestond ten aanzien van de Ow, in 2025 was dit al verbeterd. Zo werden er activiteiten los aangevraagd, terwijl dit niet de bedoeling was van gemachtigde en initiatiefnemer. We verwachten dat deze stijgende lijn zich voor 2026 voortzet en dat aanvragen op de juiste manier worden ingediend. Uiteraard bepaalt de aanvrager (en zijn gemachtigde) of activiteiten samen of los worden aangevraagd.
Daarnaast verwachten we ook meer Bopa-aanvragen, aangezien in 2026 het niet langer mogelijk is om een zogenoemd TAM-IMRO plan te draaien. Dit was een Tijdelijke Alternatieve Maatregel voor gemeenten om onder de Omgevingswet tijdelijk de oude werkwijze (via de IMRO-standaard) te gebruiken voor het wijzigen van omgevingsplannen, hetgeen voor veel initiatiefnemers tevens nog erg toegankelijk werd geacht. De Bopa-vergunning is het meest eenvoudige alternatief in 2026 en vandaar dat verwacht wordt dat deze procedure ook veelvuldig gebruikt zal worden.
4.1.2 (Woning)bouwprogramma’s
Gelet op de gemeentelijke (woning)bouwprogramma’s wordt verwacht dat het aantal omgevingsvergunningen voor bouwprojecten in 2026 niet verder toeneemt; woningbouw blijft vrij constant. Het woningbouwprogramma is vastgelegd in De Woonvisie Cranendonck.
Op 9 maart 2023 is de woondeal Zuidoost Brabant getekend. De regio zet zich, in samenwerking met corporaties en marktpartijen, in voor de realisatie van minimaal 45.135 woningen in de periode 2022 tot en met 2030. Elke gemeente neemt een fair share van deze opgave. Voor Cranendonck betekent dat een netto opgave van 555 woningen.
De nieuwbouwopgave dient uit twee derde betaalbare woningen te bestaan. De gemeenteraad van Cranendonck heeft op 25 april 2023 de Actualisatie Woonvisie Gemeente Cranendonck vastgesteld. Hierin is opgenomen dat de woningbouwproductie dient te bestaan uit:
- •
Minimaal 20% sociale huur
- •
Minimaal 20% sociale koop
- •
Minimaal 10% betaalbare koop
- •
Minimaal 16% middenhuur
Door de toename van het aantal kleinere en oudere huishoudens wordt vooral gestuurd op nul-tredenwoningen, appartementen en andere kleinere woningtypen.
4.1.3 Milieu
In 2026 staan we opnieuw voor ingrijpende ontwikkelingen die het werkveld van vergunningverlening beïnvloeden. De effecten van de Ow worden steeds zichtbaarder, en de transitie binnen de veehouderij blijft volop in beweging. Deze veranderingen zijn nauw verbonden met bredere maatschappelijke trends, zoals een vernieuwde kijk op de leefomgeving, hervormingen in de agrarische sector en een meer inclusieve dialoog met bedrijven, inwoners en maatschappelijke organisaties.
De problematiek rondom stikstof en verduurzaming van de landbouw speelt in deze regio een grote rol en heeft direct invloed op de behandeling van vergunningaanvragen. Door fungerende wet- en regelgeving liggen veel aanvragen stil. Daarnaast speelt de Ow een rol bij de invulling van het onderwerp gezondheid bij vergunningverlening. De beleidsonderwerpen Zeer zorgwekkende stoffen (ZZS), Schone Lucht Akkoord, circulaire economie en energie werken de komende jaren door in de vergunningverlening en afhandeling van meldingen.
Verder zijn er vanaf 2026 bestaande én nieuwe initiatieven. Specifieke projecten rondom circulaire economie, duurzame energie, energiebesparing en reductie van CO2 worden belangrijker om zo de ontwikkeling van duurzame bedrijventerreinen te bevorderen. Toezicht bij bedrijven op circulaire economie en energiebesparings –en informatieplicht gaat daarom toenemen. Daarnaast zal ook in 2026 verder gegaan worden met toezicht op de Werkgebonden Personen Mobiliteit, regelgeving gericht op CO2 reductie van woon-werkverkeer en zakelijk verkeer van werknemers van bedrijven met tenminste 100 werknemers.
Daarnaast zal er in 2026 ook (wederom) veel ingezet worden hoe om te gaan met spuitzones en ontwikkelingen in de nabijheid.
Dit alles zorgt ervoor dat dossier complex blijven en complexer worden. Dat vraagt daarmee ook in 2026 extra expertise van de Odzob.
4.1.4 Klimaat en energie
De komende jaren wordt het stroomnet grootschalig uitgebreid. Voor de gemeente Cranendonck betekent dit dat er meerdere nieuwe wijkstations vergund moeten worden. Op dit moment is er een aantal locaties in beeld en wel in Budel, Soerendonk én twee locaties in Maarheeze Deze locaties bevinden zich allen in een andere fase, maar verwachting is wel dat in meer of mindere mate in 2026 deze locaties in aanraking komen met vergunningen. Een eveneens grote uitdaging vormt het bijplaatsen van transformatorhuisjes. Hoewel deze vergunningsvrij zijn, is er wel VTH-capaciteit nodig om afspraken met Enexis te kunnen maken en te bewaken dat deze afspraken ook worden nageleefd.
Daarnaast is er een groeiende interesse in het realiseren van grootschalige batterijopslagsystemen. Twee initiatieven zijn inmiddels concreet in ontwikkeling en de verwachting is dat er meer zullen volgen, zeker wanneer bedrijven zelf toestemming gaan vragen om batterijen op hun eigen terrein te plaatsen.
Tegelijkertijd wordt er gewerkt aan een gemeente-brede isolatieopgave. Hiervoor zullen mogelijk vergunningen nodig zijn. De uitvoering hiervan hangt echter samen met de ontwikkelingen in de wet- en regelgeving rondom beschermde soorten.
4.1.5 Cultureel erfgoed
De erfgoednota 2025-2035 is vastgesteld. In dit beleid zijn kaders voor vergunningverlening voor de bescherming en instandhouding van cultureel erfgoed binnen de gemeente Cranendonck opgesteld. Er is o.a. een voorzet gegeven voor een uitvoeringsagenda erfgoed en er zijn voorbeeldregels ingevoegd, die nader uitgewerkt dienen te worden als definitieve regels in het Omgevingsplan. De regels hebben voornamelijk betrekking op het behoud, bescherming en (her)ontwikkeling van cultureel erfgoed (cultuurhistorie en archeologie) in de fysieke leefomgeving, waarbij de nadruk ook ligt op de omgeving van het waardevol erfgoed.
In de voorgestelde uitvoeringsagenda staat onder meer het opstellen van een Nota Ruimtelijke Kwaliteit (hierna: NRK). Cultureel erfgoed vormt samen met welstand, stedenbouw, groen, verkeer, bodem, water en het landschap de basis voor deze nota. De NRK moet voldoen aan de wetgeving in de Ow. Hierin is ten aanzien van cultureel erfgoed gesteld dat er een evenwichtige verdeling van alle facetten binnen de fysieke leefomgeving volgt, waaraan ruimtelijke initiatieven getoetst gaan worden. In samenhang met de regels uit het erfgoedbeleid zal dus ook een nieuwe welstandskaart/ruimtelijke kwaliteitskaart volgen. Een vervolg kan zijn dat de toetsingscriteria voor welstand bij het nemen van bouwbesluiten gewijzigd gaat worden.
4.1.6 Opleiding
De medewerkers VTH zullen op diverse gebieden kennis moeten blijven vergaren, onder andere vanwege de Ow en de Wkb. Daarom is er ruimte voor het volgen van trainingen en opleidingen. Per medeweker wordt bekeken of scholing wenselijk is. Dit kan individueel plaatsvinden of gezamenlijk.
4.1.7 VTH-beleidsplan
Vanaf 2024 is het VTH-beleidsplan van toepassing. De prioriteiten in de taakuitvoering voor vergunningen zijn bepaald in dit beleidsplan. Op grond hiervan worden de zaken op basis van thema’s, locatie en risico getoetst volgens de vastgestelde toetsingsniveaus. Deze toetsingen worden op zaakniveau uitgevoerd en geregistreerd. Hetgeen hier verderop opgenomen is ten aanzien van de verwachte werkzaamheden in 2026 zijn in lijn met de gestelde prioriteiten en doelen uit dit VTH-beleidsplan.
4.1.8 Omgevingsplan
Net als alle andere gemeenten maken ook wij een Omgevingsplan. De medewerkers van vergunningen zullen worden gevraagd om hiervoor input aan te leveren. Ook nemen de medewerkers van vergunningen deel aan de werkgroep welke keuzes maakt in het kader van het Omgevingsplan. In 2026 worden wederom stappen gemaakt voor het aanpassen van een gedeelte van het grondgebied van de gemeente Cranendonck, waarbij de planning aangeeft dat ten aanzien van bouwregels een eerste wijziging zal plaatsvinden.
4.1.9 Vergunningenkamer, intaketafel en VTH-overleg
In de vergunningenkamer en intaketafel worden plannen besproken die niet passen binnen het Omgevingsplan. In de vergunningenkamer wordt onderzocht of een ontheffing van het omgevingsplan kan worden verleend, bijvoorbeeld door een binnenplanse omgevingsplanactiviteit (hierna: Opa) of buitenplanse omgevingsplanactiviteit (Bopa). De vergunningenkamer bestaat uit medewerkers van vergunningen en ruimtelijke ordening.
Grootschalige plannen die niet passen binnen het geldende Omgevingsplan worden voorgelegd aan de intaketafel. Dit is een integraal overleg waar ruimtelijke initiatieven worden beoordeeld en onderzocht op haalbaarheid en wenselijkheid. Wanneer er een positief advies van de intaketafel komt, is een wijziging van het Omgevingsplan nodig of een omgevingsvergunning voor de omgevingsplanactiviteit (binnenplans of buitenplans). Het voordeel voor de initiatiefnemer is dat hij in een vroeg stadium een integrale afweging heeft ontvangen van zijn voorgenomen plan; dit is ook in de lijn met de Ow. Deze taken voeren de vergunningsverleners uit binnen de reguliere tijd voor omgevingsvergunningen.
Tweewekelijks wordt 10 uur besteed aan de vergunningenkamer en 7 uur aan de intaketafel (inclusief voorbereiding).
Daarnaast sluiten de medewerkers van vergunningen aan bij het afdelingsoverleg dat iedere zes weken plaatsvindt. Tijdens het afdelingsoverleg wordt onder andere aandacht besteed aan de (verbeteringen voor) gehanteerde programma’s en het (beter) inregelen van de administratieve taken.
4.1.10 Key-user overleg Powerbrowser
Het applicatiebeheer van Powerbrowser is in de A2-samenwerking belegd bij het team functioneel beheer. Echter, er wordt ook input gevraagd van de vakafdeling. De procesbeheerder (ook wel key-user) is kennishouder van een proces en daarmee de contactpersoon op de afdeling voor de applicatie leverancier en/of de functioneel beheerder. De key-users hebben de volgende rollen:
- •
signaleren als het proces wijzigt en dit tijdig aangeven;
- •
problemen en wensen signaleren en afstemmen met de functioneel beheerders;
- •
meedenken over de doorontwikkeling van werkprocessen en inrichting;
- •
wijzigingen communiceren met de collega gebruikers.
Twee medewerkers van vergunningen zijn aangesteld als key-user. Hiervoor wordt onder andere deelgenomen aan een key-user overleg welke iedere twee weken plaatsvindt. Tijdens het key-user overleg wordt samen met de functioneel beheerder en key-users uit de gemeente Heeze-Leende en Valkenswaard overlegd over mogelijke aanpassingen aan Powerbrowser.
4.1.11 (Digitaal) bijwonen van informatiedagen vanuit provincie en VNG
Wanneer er informatiedagen of momenten worden georganiseerd die relevante raakvlakken hebben in het kader van vergunningverlening worden deze (digitaal) bijgewoond door in ieder geval één medewerker uit voornoemd vakgebied. Ingeval het informatiedagen of momenten voor andere disciplines betreft, worden deze in de organisatie doorgestuurd naar de betreffende medewerkers.
4.1.12 Voorlichting / Informatieverzoek
De potentiële aanvrager of een persoon welke meer informatie wil hebben kan bij een medewerker vergunningen algemene informatie alsook de voor een specifiek perceel geldende informatie opvragen. Door een medewerker wordt onder andere aangegeven waar bepaalde informatie staat, hoe het Omgevingsplan moet worden bekeken, welke regels van toepassing zijn op de situatie en welke vervolgstappen genomen kunnen worden. De voorlichting betreft geen vergunningaanvraag. De verzoeker krijgt geen toestemming om iets te doen. Het gaat enkel om het verstrekken van (algemene) informatie. Daarnaast wordt er altijd geattendeerd op de mogelijkheid een adviseur te benaderen voor de vervolgstappen.
Wanneer een initiatiefnemer gebruik wil maken van de vergunningsvrije bouwmogelijkheden dan kan de initiatiefnemer, zonder tussenkomst van de gemeente, direct aan de slag gaan. Indien een dergelijk plan niet door de gemeente is beoordeeld, is dit op eigen risico.
4.1.13 Verkennen initiatief
De gemeente adviseert initiatiefnemers van ruimtelijke ontwikkelingen en bouwplannen om plannen in een vroeg stadium met de gemeente te bespreken. Dat noemen we ‘idee verkennen’.
De gemeente behandelt het plan op hoofdlijnen. Vervolgens krijgt de initiatiefnemer te horen in hoeverre de gemeente het plan wenselijk en haalbaar acht. Idee verkennen is dus een quickscan om als initiatiefnemer in een vroeg stadium een inschatting te kunnen maken of er binnen de gemeente draagvlak is voor het plan. Tijdens het idee verkennen kunnen er twee conclusies zijn, namelijk:
- -
het plan voldoet aan het Omgevingsplan. De initiatiefnemer krijgt hierover dan een schriftelijke reactie;
- -
het plan voldoet niet aan het Omgevingsplan. De gemeente gaat dan onderzoeken of van de regels kan worden afgeweken. Afhankelijk of het een grote of kleine wijziging is worden er meer of minder disciplines betrokken. De gemeente houdt de initiatiefnemer op de hoogte welke stappen doorlopen worden, bijvoorbeeld dat het plan wordt voorgelegd bij de vergunningenkamer of intaketafel. Het doel is om het plan en de (on)haalbaarheid duidelijk te krijgen. Wanneer het initiatief besproken wordt in de intaketafel is er een nauwe samenwerking tussen de vergunningverlener en de secretaris van de intaketafel. De intaketafel wordt gezamenlijk voorbereid en de secretaris communiceert de informatie naderhand met de indiener.
4.1.14 Advisering aan provincie
Voor één grote onderneming in onze gemeente is de provincie het bevoegd gezag. Het college wordt dan om advies of advies met instemming gevraagd. Het aantal zaken is beperkt (ongeveer 5 per jaar). Deze taken voeren de medewerkers van vergunningen uit binnen de reguliere tijd voor omgevingsvergunningen.
4.1.15 Tweewekelijks overleg portefeuillehouder
Elke twee weken vindt er een overleg plaats waarbij de portefeuillehouder en de vergunningverleners aanwezig zijn. Indien nodig kunnen de teammanager Omgeving & Veiligheid of andere betrokken medewerkers ook aansluiten bij dit overleg. Het overleg is geïnitieerd om de portefeuillehouder in een vroeg stadium bij de lopende vergunningsaanvragen te betrekken.
4.2 Werkzaamheden en capaciteit
Hieronder wordt weergegeven welke werkzaamheden, mede in overeenstemming met het VTH-Beleidsplan, in 2026 worden verwacht voor de medewerkers van vergunningen en hoeveel uren hiervoor nodig zijn.
Ook wordt weergegeven hoeveel uren er beschikbaar zijn aan de hand van het aantal FTE’s en of het haalbaar is om de te verwachten werkzaamheden uit te kunnen voeren binnen de beschikbare capaciteit.
4.2.1 Vergunningverlening
In onderstaande tabel wordt een schatting weergegeven van het aantal producten/vergunningen in 2026.
|
Activiteit |
Producten |
Soort |
Kengetal |
Uren ‘25 |
|
informatieverzoeken |
275 |
Product |
1 |
275 |
|
Idee verkennen |
25 |
Product |
10 |
250 |
|
Omgevingsvergunning technische toets |
40 |
Vergunning |
27 |
1080 |
|
Omgevingsvergunning Opa |
70 |
Vergunning |
30 |
2100 |
|
Omgevingsvergunning Bopa |
45 |
Vergunning |
57 |
2565 |
|
Omgevingsvergunning overige activiteiten |
22 |
Vergunning |
15 |
330 |
|
Mer-procedure |
0 |
Product |
0 |
0 |
|
Intrekkingen |
3 |
Besluit |
4 |
12 |
|
Opleggen maatwerkvoorschriften |
2 |
Besluit |
2 |
4 |
|
Woo-verzoek |
10 |
Product |
15 |
150 |
|
Adviesverzoeken |
10 |
Product |
5 |
50 |
|
Verwerken gegevens Odzob |
420 |
Product |
1 |
420 |
|
Totaal |
922 |
|
|
7.236 |
Voor de omgevingsvergunningen zijn er drie vergunningverleners in vaste dienst (waarvan 1 vanuit het traject Ruimte voor groei).
Daarnaast is er een administratief medewerker en is er een persoon ondersteuning voor vergunningen. Dit is desondanks (net) onvoldoende om bovengenoemde werkzaamheden uit te kunnen voeren. Hierdoor wordt, waar nodig, extra ingehuurd bij de Odzob, zodat tot een goede uitvoering gekomen wordt tot voorgaande schatting.
4.2.2 Prioritering
Voor vergunningverlening is door middel van een risicoanalyse in kaart gebracht welke vormen van vergunningverlening prioriteit hebben, in lijn met het VTH-beleidsplan. Daarbij is naar voren gekomen dat de volgende zaken een hoge prioriteit hebben:
|
Woongebouwen, appartementen, kamerverhuur |
1 |
|
Infrastructurele werken |
1 |
|
Bedrijfsmatige bouwwerken met hoge gebruiksintensiteit (o.a. horeca) |
1 |
Deze zaken krijgen bij de vergunningverlening de meeste aandacht en worden op het hoogste niveau getoetst.
Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl)
Het wettelijk kader biedt op het ogenblik aan gemeenten de ruimte om – op basis van een risicoanalyse – te variëren in intensiteit van toetsing van (verschillende typen bouwwerken) aan het Bbl.
Variatie in de intensiteit van toetsing is noodzakelijk om de beschikbare capaciteit effectief in te zetten. Om te bepalen met welke intensiteit een bepaald onderdeel binnen het Bbl wordt getoetst (toetsingsniveau) hebben wij in het VTH-beleidsplan, overeenkomstig de systematiek van het toezicht, prioriteiten bepaald door effect (van eventuele regelovertreding) af te zetten tegen de kans dat iets dergelijks zich voordoet.
De volgende prioriteiten stellen wij aan Bbl-toetsen:
|
Woongebouwen, appartementen, kamerverhuur |
1 |
|
Infrastructurele werken |
1 |
|
Bedrijfsmatige bouwwerken met hoge gebruiksintensiteit (o.a. horeca) |
1 |
|
Bedrijfsgebouwen (kantoor / industrie) > één bouwlaag |
2 |
|
Particuliere grondgebonden (één)gezinswoningen |
2 |
|
Projectmatige grondgebonden (één)gezinswoningen |
2 |
|
Bedrijfsgebouwen (kantoor / industrie) < of = één bouwlaag |
2 |
|
Mantelzorgwoningen |
2 |
|
Publiek toegankelijke bouwwerken |
2 |
|
Gevelwijzigingen, aan/uitbouwen en vrijstaande bijgebouwen, dakkapellen |
3 |
|
Bedrijfsmatige vrijstaande bijgebouwen |
3 |
|
Overige bouwwerken geen gebouwen zijnde |
4 |
|
Bouwwerken geen gebouwen zijnde |
4 |
|
Bedrijfsmatige bouwwerken geen gebouwen zijnde |
4 |
In de tabel hieronder wordt aangegeven op welk niveau het Bbl wordt getoetst:
Tabel 2 - Toets niveau Bbl
Steekproefsgewijs worden toetsen met een lagere prioriteit toch op een hoger niveau getoetst. Dit wordt gedaan om ervoor te zorgen dat de kwaliteit van de bouwplannen met een lagere prioriteit van voldoende niveau blijft.
Daarnaast moet worden opgemerkt dat niet voor alle bouwwerken de gemeente een toetsing hoeft uit te voeren. Wanneer de Wkb bepaalt dat een kwaliteitsborger de toetsing aan de regelgeving uit het Bbl doet, bijvoorbeeld omdat het gaat om de nieuwbouw van een woonhuis (gevolgklasse 1 niet zijnde verbouw) dan vindt er bij de gemeente geen toetsing plaats. Meer informatie over de Wkb staat in paragraaf 2.2.2. De gemeente signaleert wel in aanvragen of de Wkb van toepassing is en wijst een initiatiefnemer hier actief op.
Overige toetsen
Alle overige toetsen zoals de toets aan het omgevingsplan en welstand worden volledig getoetst. Hier wordt geen prioritering voor gemaakt of toegepast.
4.2.3 Juridisch
Op basis van de voorgaande jaren is een inschatting gemaakt van het aantal te verwachten juridische procedures. Hoewel (wederom) een lichte afname aanwezig lijkt te zijn, worden procedures omvangrijker.
Hier dient wel bij opgemerkt te worden dat een reëel schatting lastig is. De uiteindelijke omvang van een zaak, specifiek de inhoud, is hier met name bepalend. Daarentegen worden procedures inzake bezwaar, voorlopige voorzieningen en (hoger) beroep altijd opgepakt; er worden geen keuzes gemaakt. Indien nodig wordt voor een procedure binnen de beschikbare middelen in capaciteit ingehuurd.
|
Activiteit |
Producten |
Soort |
Kengetal |
Uren ‘25 |
|
Bezwaar vergunning |
25 |
Product |
35 |
875 |
|
Voorlopige voorziening vergunning |
4 |
Product |
32 |
128 |
|
Beroep vergunning rechtstreeks |
4 |
Product |
40 |
160 |
|
Beroep vergunning na bezwaar |
5 |
Product |
35 |
175 |
|
Hoger beroep vergunning |
3 |
Product |
40 |
120 |
|
Woo-verzoeken |
3 |
Product |
30 |
90 |
|
Totaal |
44 |
|
|
1548 |
5. Toezicht & handhaving
5.1 Algemeen
De (juridisch) medewerkers van toezicht & handhaving zijn verantwoordelijk voor het uitvoeren van de toezicht- en handhavingstaken. Denk hierbij onder andere aan het uitvoeren van (her)controles, het opstellen van (waarschuwings-)brieven en (voorgenomen) besluiten, inclusief invorderingsprocedures en het vertegenwoordigen van de bestuursorganen in bezwaar-, beroeps- en verzoekschriftprocedures. Sluitingen van woningen en panden op grond van de Opiumwet vallen ook onder het taakgebied van toezicht en handhaving.
Naast voornoemde taken worden ook andere taken uitgevoerd die verband houden met toezicht en handhaving, zoals:
- •
juridische ondersteuning en integrale afstemming met andere organisatieonderdelen (zoals toezicht, vergunningen, veiligheid en milieu);
- •
bijwonen van informatiedagen van externe partners;
- •
participeren in diverse gemeentelijke overleggen (bijpraatmoment met de secretaris van de intaketafel, weekstart met de medewerkers van toezicht & handhaving en de afdelingsmanager Omgeving & Veiligheid, tweewekelijks overleg tussen handhavingsjuristen);
- •
(digitaal) bijwonen van informatiedagen vanuit provincie en VNG;
- •
voorlichting(en) en webinars;
- •
grote ruimtelijke ontwikkelingen;
- •
het behandelen en beantwoorden van Woo-verzoeken en informatieverzoeken;
- •
DIT.
5.1.1 Verzoeken om handhaving, ambtshalve handhaving en meldingen
Het overgrote deel van de werkzaamheden van de (juridisch) medewerkers handhaving komt voort uit formele handhavingsverzoeken. Het betreft in dat geval extern aangedragen handhavingszaken. Ontvankelijke verzoeken om handhaving moeten altijd worden opgepakt en behandeld worden binnen een redelijke termijn. Deze termijn bedraagt 8 weken en kan worden verlengd indien meer onderzoek nodig is voor het nemen van een besluit op het handhavingsverzoek. Sporadisch is er tijd en capaciteit voor hoog geprioriteerde ambtshalve casussen.
Kenmerkend voor de gemeente Cranendonck is dat er relatief veel meldingen (en verzoeken om handhaving) worden ingediend. Vaak gaat dit om langslepende trajecten waar al het nodige aan vooraf is gegaan. Voor de behandeling van meldingen is de prioriteitenlijst, zoals opgenomen in het VTH-beleid, van toepassing.
5.1.2 Damocles-sluitingen
De (juridisch) medewerkers handhaving houden zich naast verzoeken om handhaving ook bezig met het sluiten van woningen/lokalen en bijbehorende erven op grond van artikel 13b Opiumwet. De burgemeester is bevoegd om woningen/lokalen en bijbehorende erven te sluiten. Na ontvangst van de bestuurlijke rapportage die door de politie wordt opgesteld, stelt de juridisch medewerker handhaving - in afstemming met de burgemeester - het (voorgenomen) besluit op en begeleidt eventuele procedures, zoals bezwaar, beroep, hoger beroep en voorlopige voorziening.
Het uitvoeren van het besluit, oftewel het sluiten van de woning of het pand, behoort tot de taken van de toezichthouders, alsook het toezicht houden op een gesloten woning/lokaal/erf.
Het is vooraf lastig in te schatten hoeveel sluitingen er in 2026 op grond van artikel 13b Opiumwet zullen plaatsvinden. Factoren zoals de meldingsbereidheid van burgers, politietoezicht en trends in drugscriminaliteit kunnen van invloed zijn op het aantal. De uitvoering van sluitingen gebeurt in nauwe samenwerking met politie, openbaar ministerie en andere relevante afdelingen binnen de gemeente zoals het sociaal team.
5.1.3 Milieu
Handhavingszaken die (voornamelijk) milieugericht zijn, worden overgedragen aan de Odzob of gezamenlijk opgepakt. De Odzob wordt door de gemeente in kennis gebracht van de situatie en voorzien van de benodigde stukken. Deze taak is opgenomen in het werkprogramma van de Odzob.
5.1.4 Cultureel erfgoed
In 2026 wordt extra ingezet op de naleving (van besluiten) op het gebied van cultuurhistorie. Als voor cultuurhistorisch waardevolle objecten of gebieden voorwaarden in de vergunningen of ruimtelijke planprocedures worden gesteld, zal dit door een (bouw)toezichthouder gecontroleerd worden. Bij het niet naleven van deze voorwaarden/regels dient gestart te worden met een handhavingstraject. Er is 0,5 FTE in de begroting toegekend (als onderdeel van de formatie voor toezicht) onder andere voor het toezicht op omgevingsvergunningen én cultureel erfgoed binnen de fysieke leefomgeving.
Toezicht op de archeologische werkzaamheden wordt uitgevoerd door de archeologische deskundige van de Odzob in samenspraak met de gemeente. Archeologische onderzoeksrapporten worden beoordeeld door de archeologisch deskundige van de Odzob.
Verder is de landelijke handhavingsstrategie van toepassing op overtredingen die kenbaar worden op het gebied van cultureel erfgoed. Uitgangspunt bij handhaving is het in stand houden van waardevolle gebieden en objecten. Alle signalen met betrekking tot aantasting daarvan, zoals landschapselementen, historische bebouwing of houtopstanden die op basis van bijvoorbeeld de bomenlijst als waardevol of monumententaal zijn aangemerkt, zullen dan ook worden opgepakt om schade zo veel mogelijk te beperken.
5.1.5 Opleiding
Ook in 2026 zullen verschillende medewerkers cursussen volgen met betrekking tot de Omgevingswet en de Algemene wet bestuursrecht. De (juridisch) medewerkers handhaving zorgen ervoor dat ze op de hoogte blijven van de actuele ontwikkelingen door het volgen van webinars en het bijhouden van de jurisprudentie (en overzichtsuitspraken). Op meerdere momenten per jaar worden er cursussen gevolgd. Daarnaast zullen ook cursussen gevolgd worden met betrekking tot ondermijnende criminaliteit. Een voorbeeld hiervan is de trainingslocatie LOODS12. Het RIEC Zeeland West-Brabant en RIEC Oost-Brabant biedt trainingen aan om te zorgen voor kennisoverdracht om zo gezamenlijk een vuist te maken tegen ondermijnende criminaliteit.
5.1.6 VTH-beleidsplan
Vanaf 2024 is het VTH-beleidsplan van toepassing. De prioriteiten in de taakuitvoering voor toezicht en handhaving zijn bepaald in dit beleidsplan. Meldingen worden aan de hand van deze prioriteitenlijst opgepakt. Hetgeen hier verderop opgenomen is ten aanzien van de verwachte werkzaamheden in 2026 zijn in lijn met de gestelde prioriteiten en doelen uit dit VTH-beleidsplan.
5.1.7 Idee verkennen, vergunningenkamer en intaketafel
Bij handhavingsdossiers waarin geconstateerde overtredingen wellicht te legaliseren zijn, wordt verwezen naar de mogelijkheid van 'idee verkennen'. De gemeente beoordeelt het plan op hoofdlijnen. Vervolgens krijgt de initiatiefnemer te horen in hoeverre de gemeente het plan wenselijk en haalbaar acht. Idee verkennen is een quickscan om als initiatiefnemer in een vroeg stadium een inschatting te kunnen maken of er binnen de gemeente draagvlak is voor het plan. Indien blijkt dat het plan niet voldoet aan het Omgevingsplan, wordt ingezet op de vergunningenkamer óf de intaketakel. Dit hangt af van de omvang van het initiatief.
Indien wordt ingezet op de vergunningenkamer, dan zullen de (juridisch) medewerkers handhaving de dossiers aandragen voor een legalisatietoets. Tijdens het overleg wordt een integraal oordeel gevormd over de voorgelegde handhavingszaken. Van de vergunningenkamer worden verslagen gemaakt. Deze verslagen worden in de digitale werkomgeving van de gemeente geplaatst. Op die manier werken medewerkers van vergunningen, ruimtelijke ordening en toezicht en handhaving nauw samen.
Grootschalige plannen die niet passen binnen het Omgevingsplan worden niet via de vergunningenkamer behandeld, maar worden voorgelegd aan de intaketafel. In het geval een handhavingszaak is ingebracht in de vergunningenkamer, maar door de intaketafel behandeld dient te worden, zorgt de secretaris intaketafel hiervoor.
De (juridisch) medewerkers handhaving kunnen bij voornoemde overleggen aansluiten, indien sprake is van een handhavingstraject op een locatie, om toelichting te geven op het handhavingstraject. In ieder geval vindt iedere vier weken overleg plaats tussen de (juridisch) medewerkers handhaving, de vergunningverleners en de secretaris van de intaketafel waarbij de voortgang wordt besproken, informatie gedeeld en vervolgstappen worden afgestemd.
5.1.8 (Handhavingsspecifieke) overleggen
Driewekelijks overleg portefeuillehouder
Elke drie weken vindt er een overleg plaats waarbij de portefeuillehouder en de (juridisch) medewerkers handhaving aanwezig zijn. Indien nodig kunnen de teammanager Omgeving & Veiligheid of andere betrokken medewerkers ook aansluiten bij dit overleg. Het overleg is geïnitieerd om de portefeuillehouder in een vroeg stadium bij de lopende handhavingszaken te betrekken.
Tweewekelijks overleg veiligheid
Elke twee weken vindt er een overleg plaats waarbij de burgemeester, de medewerker van Openbare Orde en Veiligheid (hierna: OOV), de medewerker Rampen en Crisis, de (juridisch) medewerkers handhaving, de teammanager Omgeving & Veiligheid en een notulist aanwezig zijn. Tijdens dit overleg worden de casussen besproken die verband houden met de veiligheid van de openbare orde binnen de gemeente Cranendonck, waarvan de burgemeester portefeuillehouder is.
Maandelijks regulier veiligheidsoverleg
Iedere maand vindt er een overleg plaats waarbij de burgemeester, de medewerker van OOV, de medewerker Rampen en Crisis, de (juridisch) medewerkers handhaving en de politie aanwezig is. In dit overleg worden de cijfers van de strafbare feiten die hebben plaatsgevonden in de gemeente Cranendonck besproken, alsook de actuele veiligheidscasussen.
Zeswekelijks DIT-overleg
Elke zes weken vindt er een overleg plaats tussen de partners van het DIT. In ieder geval sluiten vertegenwoordigers aan vanuit de VRBZO, Odzob, gemeente Cranendonck, Heeze-Leende, Valkenswaard, Nuenen, Gelderop-Mierlo en Son en Breugel. In dit overleg wordt besproken hoe de actieweken worden ingericht. Daarnaast wordt gereflecteerd op voorgaande actieweken waarbij tevens de actualiteiten worden besproken.
Gemeentelijk Signalen Overleg (GSO)
Nadat een signaal met betrekking tot ondermijnende criminaliteit inkomt, wordt een Gemeentelijk Signalen Overleg (hierna: GSO) opgestart. Tijdens dit overleg wordt besproken of binnen een bepaalde casus meerdere gemeentelijke signalen zijn waardoor nader onderzoek kan worden verricht.
Afdelingsoverleg
Eveneens sluiten de medewerkers van toezicht en handhaving aan bij het afdelingsoverleg dat iedere zes weken plaatsvindt. Tijdens het afdelingsoverleg wordt onder andere aandacht besteed aan de (verbeteringen voor) gehanteerde programma’s en het (beter) inregelen van de administratieve taken.
5.1.9 (Digitaal) bijwonen van informatiedagen vanuit provincie en VNG
Wanneer informatiedagen worden georganiseerd die relevante raakvlakken hebben in het kader van toezicht en handhaving worden deze (digitaal) bijgewoond door in ieder geval één medewerker uit voornoemd vakgebied. Ingeval het informatiedagen voor andere disciplines betreft, worden deze in de organisatie doorgestuurd naar de betreffende medewerkers.
5.1.10 Informatie verstrekken
In het geval van een lopende handhavingszaak of klacht kunnen de betrokkenen en/of belanghebbenden informatie inwinnen bij de medewerkers handhaving. Het komt regelmatig voor dat de burger niet bekend is met de stappen in een handhavingstraject en hierover geïnformeerd wil worden. Het is echter ook mogelijk dat men vragen heeft die specifiek zijn gericht op het perceel waar de handhavingszaak loopt of waar de klacht tegen gericht is.
5.1.11 Grote ruimtelijke ontwikkelingen
In de afgelopen jaren hebben we geconstateerd dat gedurende projecten met een grote ruimtelijke ontwikkeling vaak veel handhavingscapaciteit moet worden ingezet, zowel op het gebied van toezicht als op het gebied van juridische handhaving. Mogelijk zal dit ook in 2026 bij projecten met grote ruimtelijke ontwikkelingen gebeuren. Dergelijke projecten kennen politieke en bestuurlijke druk waardoor deze projecten veel aandacht vragen.
5.1.12 Ondermijning
De ‘onderwereld’ is voor haar illegale activiteiten afhankelijk van diensten in de ‘bovenwereld’. De vermenging van deze onder- en bovenwereld heet ondermijning. Meerdere factoren maken de gemeente Cranendonck aantrekkelijk voor ondermijnende criminaliteit. Met name de geografische ligging van de gemeente speelt hierin een rol. Cranendonck heeft een aantrekkelijke infrastructuur als het gaat om snel-, lucht-, spoor- en waterwegen.
Daarnaast ligt de gemeente dicht bij de grens met België en Duitsland. Bovendien is er (relatief) veel industrie en heeft de gemeente een groot buitengebied.
Ondermijning is een onderwerp dat landelijk, regionaal en lokaal veel aandacht krijgt. Dat ondermijning ook in Cranendonck een onderwerp is dat aandacht verdient, zien we onder andere aan het aantal aangetroffen hennepkwekerijen en het aantal gevallen van voorbereidingshandelingen in de afgelopen jaren. De burgemeester kan in die gevallen gebruik maken van zijn bevoegdheid om over te gaan tot sluiting van een woning of lokaal en/of bijbehorende erven. De Damocles-sluitingen worden uitgevoerd binnen de reguliere taken. Het toezicht houden op de sluitingen van de woningen/panden heeft impact op de capaciteit.
5.1.13 Meld Misdaad Anoniem (MMA)
De gemeente Cranendonck is sinds 2021 aangesloten bij het meldpunt Meld Misdaad Anoniem (hierna: MMA). Deze meldingen vormen een belangrijk middel in de gezamenlijke aanpak van (ondermijnende) criminaliteit. Aansluiting bij MMA draagt bij aan een betere informatiepositie van gemeenten. Daarnaast helpt dit in de integrale samenwerking met de politie en/of het RIEC. Ook krijgen de gemeenten een beter zicht op mogelijke problemen die de veiligheid in de buurt kunnen aantasten. Inkomende meldingen worden doorgestuurd naar de politie, andere partners of worden door de gemeente intern opgepakt en vervolgens in het tweewekelijks overleg Veiligheid besproken met de burgemeester. De voortgang van de MMA-meldingen wordt hierna periodiek besproken in het reguliere overleg met de Operationeel Expert Wijk (OEWIJK).
5.1.14 Landelijke handhavingsstrategie
Bij handhavingszaken wordt gebruik gemaakt van de Landelijke handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO). Deze strategie is voor Cranendonck vastgesteld in het VTH-beleidsplan. Binnen deze strategie kan ook strafrechtelijke handhaving aan de orde zijn. Als hier sprake van is, vindt er overleg plaats met de politie.
5.1.15 Project inventarisatie industrieterreinen
In het VTH-beleidsplan is aangegeven dat er enkele projecten wenselijk zijn, waaronder het project inventarisatie industrieterreinen. In 2024 is een start gemaakt. Gezamenlijk met het DIT is een aantal locaties bezocht op het industrieterrein in Maarheeze, het Rondven. Afhankelijk van de beschikbare capaciteit van alle partners voor de voorbereiding en de juridische afwikkeling van de daaruit voortvloeiende werkzaamheden wordt dit project verder opgepakt.
5.2 Werkzaamheden en capaciteit
Hieronder wordt weergegeven welke werkzaamheden in 2026 worden verwacht voor de medewerkers van toezicht en handhaving en hoeveel uren hiervoor nodig zijn. Ook is er in onderstaande tabellen kritisch gekeken naar de beschikbare capaciteit en is onderzocht of er voldoende FTE beschikbaar is om alle taken uit te voeren.
5.2.1 Toezichthouders/boa’s
In de hiernavolgende tabellen wordt het aantal geschatte controles en producten weergegeven per onderwerp. Voor sommige onderwerpen is dit lastig in te schatten. Dit hangt ook af van het aantal meldingen dat wordt ingediend door de inwoners. In de eerste tabel staan de aantallen voor het toezicht met betrekking tot de Wkb, in de tweede tabel het toezicht ruimtelijke ordening (Omgevingsplan), gevolgd door het toezicht op de omgevingsvergunningen/bouw, in de vierde tabel het toezicht op de openbare ruimte, Alcoholwet in de vijfde tabel en tot slot het toezicht m.b.t. het GVL.
Met de grote capaciteit, zoals ook toegelicht in hoofdstuk 3, is dit alles naar alle waarschijnlijkheid voldoende om alle bovenstaande geschatte werkzaamheden uit te voeren. Waar nodig zal in de praktijk prioritering ingezet worden.
Wkb
|
Activiteit |
Producten |
Kengetal |
Uren ‘26 |
Soort |
|
Informatiemoment start bouw |
90 |
1 |
90 |
Informatie-plicht |
|
Informatiemoment bouw gereed |
90 |
1 |
90 |
Informatie-plicht |
|
Informatiemoment Stikstofemissie |
60 |
1 |
60 |
Informatie-plicht |
|
Risicomatrix Bouw- en sloop |
60 |
1 |
60 |
Informatie-plicht |
|
Startmelding |
90 |
2 |
180 |
Melding |
|
Gereedmelding |
90 |
2,5 |
225 |
Melding |
|
Totaal |
480 |
|
705 |
|
Het blijft voor 2026 nog steeds lastig om een inschatting te maken van het aantal controles met betrekking tot de Wkb. Dit hoewel het voor toezicht weliswaar al aan de orde is, maar tot op heden nog altijd maar een klein deel van de toezichtzaken vallen in gevolgklasse 1.
Binnen Cranendonck hebben we één vaste bouwtoezichthouder (1,0 FTE). Sinds 2025 staat tijdelijk (voor de duur van twee jaar) ook een vacature uit voor een extra bouwtoezichthouder (0,5 FTE). Tot op heden is deze functie nog niet vervuld. Deze toezichthouders voeren een gedeelte van de controles uit met een andere toezichthouder. Daarnaast dienen zij de bijbehorende administratieve werkzaamheden uit te voeren, zoals controlerapportages. De bouwtoezichthouders beoordelen ook de start- en gereedmeldingen en de informatiemomenten waarbij de bouwtoezichthouder ondersteund wordt door de juridisch administratief medewerker.
Ruimtelijke ordening (Omgevingsplan)
|
Activiteit |
Producten |
Kengetal |
Uren ‘26 |
Soort |
|
Controle op strijdig gebruik met het omgevingsplan door bedrijven |
10 |
6 |
60 |
Controle |
|
Controle op bewoning in strijd met het omgevingsplan |
20 |
6 |
120 |
Controle |
|
Controle op strijdig gebruik met het omgevingsplan door particulieren |
40 |
6 |
240 |
Controle |
|
Klachtenafhandeling |
30 |
3 |
90 |
Product |
|
Totaal |
100 |
|
510 |
|
Omgevingsvergunningen/bouw
|
Activiteit |
Producten |
Kengetal |
Uren ‘26 |
Soort |
|
Toezicht op omgevingsvergunningen |
200 |
3 |
600 |
Controle |
|
Toezicht op Bopa’s |
50 |
3 |
150 |
Controle |
|
Toezicht op Opa’s voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden zonder vergunning |
10 |
3 |
30 |
Controle |
|
Toezicht op Opa’s |
200 |
3 |
600 |
Controle |
|
Wkb meldingen |
480 |
1,47 |
706 |
Controle |
|
Toezicht op Bbl |
50 |
2 |
100 |
Controle |
|
Toezicht brandveiligheid |
50 |
1 |
50 |
Controle |
|
Toezicht bouwen zonder vergunning |
90 |
7 |
630 |
Controle |
|
Toezicht WOZ |
250 |
0,5 |
125 |
Product |
|
Totaal |
1380 |
|
2991 |
|
Openbare ruimte
|
Activiteit |
Producten |
Kengetal |
Uren ‘26 |
Soort |
|
Behandeling klachten/meldingen |
350 |
2 |
700 |
Product |
|
Controle afval/vuilnis (inclusief dumpingen) |
65 |
1 |
65 |
Controle |
|
Controle loslopende honden/Hondenpoep |
15 |
1 |
15 |
Controle |
|
Controle parkeren |
450 |
1 |
450 |
Controle |
|
Controle reclame |
10 |
1 |
10 |
Controle |
|
Controle evenementen |
15 |
16 |
240 |
Controle |
|
Controle overige APV/omgeving/overlast |
30 |
1,5 |
45 |
Controle |
|
Ondermijnende criminaliteit |
35 |
10 |
350 |
Controle |
|
Totaal |
970 |
|
1875 |
|
Alcoholwet
|
Activiteit |
Producten |
Kengetal |
Uren ‘26 |
Soort |
|
Controle vergunning Alcoholwet |
2 |
2 |
4 |
Controle |
|
Controle inrichtingseisen Alcoholwet |
3 |
2 |
6 |
Controle |
|
Controle paracommercie |
3 |
2 |
6 |
Controle |
|
Controle schenken onder 18 |
8 |
1 |
8 |
Controle |
|
Totaal |
16 |
|
24 |
|
GVL en GVL-gerelateerd
|
Activiteit |
Producten |
Kengetal |
Uren ‘26 |
Soort |
|
Toezicht GVL |
300 |
8 |
2400 |
Controle |
|
|
|
|
|
|
|
Totaal |
300 |
|
2400 |
|
5.2.2 Prioritering
Vanwege de grote diversiteit en omvang van de taken op het gebied van toezicht en handhaving kunnen we met de beschikbare capaciteit niet alle zaken (tegelijk) aanpakken. Verspreid over de tijd en capaciteit moeten daarom keuzes gemaakt worden. Daarom zijn (door middel van een risicoanalyse) per thema waarbinnen toezicht en handhaving een rol speelt, risico’s in kaart gebracht. De risico’s bepalen voor een groot deel de bestuurlijke prioriteit.
In het VTH-beleidsplan is een prioriteringslijst opgenomen voor toezicht en handhaving. Een concept prioriteringslijst is besproken met de gemeenteraad. Na de verkregen feedback is onderstaande prioriteringslijst op- en vastgesteld.
Verzoeken tot handhaving worden te allen tijde opgepakt en behandeld. Overige meldingen/klachten en daaruit vloeiende werkzaamheden worden uitgevoerd aan de hand van de prioriteringslijst zoals opgenomen in het VTH-Beleidsplan.
Onderstaande onderwerpen hebben de hoogste prioriteit en worden met voorrang opgenomen ten opzichte van meldingen met een lagere prioriteit. De tabel geeft geen volgorde in prioritering aan; alle zaken in de tabel zijn hoog geprioriteerd en hebben in die zin geen voorrang op elkaar.
|
Onderwerp |
|
Toezicht op drugsgerelateerde onderwerpen |
|
Toezicht op ondermijnende criminaliteit |
|
Toezicht op azc-gerelateerde overlast |
|
Toezicht op grote/risicovolle evenementen en festiviteiten (geluid/eindtijden) |
|
Toezicht verleende Ow-vergunningen |
|
Beoordeling van de start- en gereedmeldingen |
|
Toezicht op slopen (asbest) zonder melding |
|
Toezicht op strijdig gebruik door particulieren |
|
Toezicht op strijdig gebruik door bedrijven |
|
Toezicht op bouwen zonder vergunning (n.a.v. een melding) |
|
Toezicht op bewoning in strijd met het Op |
|
Toezicht op Bbl (brand)veiligheid |
|
Toezicht op exploitatievergunning |
|
Toezicht op illegale bewoning arbeidsmigranten |
|
Toezicht op (leegstand) woonadressen/Landelijke Aanpak Adreskwaliteit |
|
Toezicht op parkeerexcessen |
|
Toezicht op verbranden van afvalstoffen/stoken van vuur |
|
Toezicht op afval/vuilnis (inclusief dumpingen) |
|
Toezicht op voorwerpen op/aan de weg (hinderlijk/gevaarlijk) |
|
Toezicht op omgevingsplanactiviteiten met betrekking tot het uitvoeren van werken of werkzaamheden zonder of in strijd met de vergunning |
|
Bouwtoezicht na calamiteiten |
5.2.3 Juridisch
In onderstaande tabel wordt weergegeven welke juridische werkzaamheden in 2026 worden verwacht door de (juridisch) medewerkers handhaving en hoeveel uren hiervoor nodig zijn. Ook wordt weergegeven hoeveel uren er beschikbaar zijn aan de hand van het aantal FTE’s en of het haalbaar is de verwachte werkzaamheden uit te kunnen voeren binnen de beschikbare capaciteit.
|
Activiteit |
Producten |
Soort |
Ken getal |
Uren ‘26 |
|
Aanschrijving/ waarschuwingsbrief / dringend verzoek |
50 |
Product |
10 |
500 |
|
Voornemen LOD/LOB |
45 |
Product |
25 |
1125 |
|
Besluit LOD/LOB |
45 |
Besluit |
20 |
900 |
|
Intrekking besluit |
3 |
Besluit |
5 |
15 |
|
Voornemen afwijzen handhavingsverzoek |
6 |
Product |
20 |
120 |
|
Besluit afwijzen handhavingsverzoek |
6 |
Besluit |
10 |
60 |
|
Voornemen tot invordering |
15 |
Product |
6 |
90 |
|
Invorderingsbesluit/ besluit tot afzien van invordering |
15 |
Besluit |
8 |
120 |
|
Aanmaning |
8 |
Product |
3 |
24 |
|
Bezwaar (incl. beslissing op bezwaar) |
12 |
Product |
35 |
420 |
|
Voorlopige voorziening |
3 |
Product |
24 |
72 |
|
Beroep |
6 |
Product |
30 |
180 |
|
Hoger beroep |
3 |
Product |
30 |
90 |
|
Damocles voornemen LOB |
6 |
Product |
20 |
120 |
|
Damocles besluit LOB |
6 |
Besluit |
22 |
132 |
|
Damocles bezwaar |
5 |
Product |
30 |
150 |
|
Damocles voorlopige voorziening |
2 |
Product |
24 |
48 |
|
Damocles beroep |
2 |
Product |
30 |
60 |
|
Damocles hoger beroep |
1 |
Product |
30 |
30 |
|
Woo-verzoeken |
15 |
Product |
30 |
450 |
|
Totaal |
254 |
|
|
4706 |
Er wordt een stijging in het aantal aanschrijvingen/waarschuwingen verwacht ten opzichte van vorig jaar, omdat we in 2025 een stijging in het aantal werkzaamheden hebben waargenomen. Er wordt geanticipeerd op de waargenomen stijging.
De gemeente Cranendonck heeft drie (juridisch) medewerkers handhaving in dienst, allen ter grootte van 1 FTE. Deze capaciteit i.c.m. beperkte aanvulling van de nog beschikbare capaciteit van toezicht maakt dat de voorgenomen werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd.
Lijst met afkortingen
|
APV |
Algemene plaatselijke verordening gemeente Cranendonck |
|
Bbl Boa |
Besluit bouwwerken leefomgeving Buitengewoon opsporingsambtenaar |
|
Bopa |
Buitenplanse omgevingsplanactiviteit |
|
COA |
Centraal Orgaan opvang Asielzoekers |
|
College |
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Cranendonck |
|
DIT |
Dommelstroom Interventie Team |
|
DSO FTE GGD |
Digitaal Stelsel Omgevingswet Full Time Equivalent (voltijdsequivalent) GGD Brabant-Zuidoost |
|
GVL |
Gemeenschappelijke vreemdelingen locatie |
|
GS |
Gedeputeerde Staten |
|
GSO |
Gemeentelijk Signalen Overleg |
|
LHS |
Landelijke handhavingsstrategie |
|
LOB |
Last onder bestuursdwang |
|
LOD |
Last onder dwangsom |
|
MMA NRK ODBN |
Meld Misdaad Anoniem Nota Ruimtelijke Kwaliteit Omgevingsdienst Brabant Noord |
|
Odzob |
Omgevingsdienst Zuidoost Brabant |
|
OEWIJK |
Operationeel Expert Wijk |
|
OOV |
Openbare Orde en Veiligheid |
|
Opa |
Binnenplanse omgevingsplanactiviteit |
|
Ow |
Omgevingswet |
|
RIEC |
Regionaal Informatie en Expertise Centrum |
|
RO ROK |
ruimtelijke ordening Regionaal Operationeel Kader |
|
SSiB TAM |
Samen sterk in Brabant Tijdelijke Alternatieve Maatregel |
|
VNG |
Vereniging van Nederlandse gemeenten |
|
VRBZO |
Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost |
|
VTH |
Vergunningen, Toezicht en Handhaving |
|
VTH-beleid |
Vergunningen-, toezichts- en handhavingsbeleid 2024-2027 van de gemeente Cranendonck |
|
Wabo |
Wet algemene bepalingen omgevingsrecht |
|
Wkb |
Wet kwaliteitsborging voor het bouwen |
|
Woo |
Wet open overheid |
|
WOZ |
Wet waardering onroerende zaken |
Ondertekening
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl