Omgevingsvisie Hardinxveld-Giessendam

Geldend van 28-01-2026 t/m heden

Voorwoord

Met trots presenteer ik u de omgevingsvisie van onze mooie gemeente. Dit document gaat over onze leefomgeving: de plek waar we wonen, werken, elkaar ontmoeten en waar onze kinderen opgroeien. De omgevingsvisie is een gezamenlijk toekomstbeeld. Hoe willen we dat Hardinxveld-Giessendam eruit ziet in 2050 en verder? De keuzes die we nu maken, zijn bepalend voor de leefomgeving van de generaties na ons.

Ons dorp heeft een hechte gemeenschap waarin saamhorigheid centraal staat. Onze sportverenigingen, kerken en nog veel meer initiatieven dragen dagelijks bij aan het welbevinden van onze inwoners. Diezelfde saamhorigheid zien we ook terug in de gesprekken die we de afgelopen tijd hebben gevoerd met ondernemers, inwoners, verenigingen en andere partners. Tijdens verschillende bijeenkomsten en via enquêtes, zowel online als offline, hebben veel betrokken Hardinxveld-Giessendammers hun stem laten horen. Ik ben oprecht dankbaar voor deze belangrijke bijdrage aan de omgevingsvisie.
Tegelijkertijd staan we met elkaar voor grote uitdagingen, zoals het vinden van ruimte voor nieuwe woningen, het omgaan met klimaatverandering en het verbeteren van bereikbaarheid en leefbaarheid. We realiseren ons dat de tijdgeest vraagt om aanpassingsvermogen, maar we geloven in de kracht van onze nuchterheid en samenwerking. Samen kunnen we de uitdagingen van deze tijd het hoofd bieden en de kansen grijpen die zich voordoen.

De omgevingsvisie is een uitnodiging om met elkaar in gesprek te blijven over wat we belangrijk vinden. Om samen verder te bouwen aan een Hardinxveld-Giessendam dat klaar is voor de toekomst. En toch helemaal zichzelf blijft.

Jan Nederveen

Wethouder omgevingsvisie

Wethouder Jan Nederveen
afbeelding binnen de regeling

1 Een omgevingsvisie voor Hardinxveld-Giessendam

1.1 Inleiding

Gelegen aan de Merwede en de Giessen, heeft Hardinxveld-Giessendam zich eeuwenlang ontwikkeld als een centrum van scheepsbouw en watergebonden bedrijvigheid. Van oudsher waren de inwoners afhankelijk van de griendcultuur met hoepmakerijen en de visserij en later de binnenvaart en scheepsbouw. Hardinxveld-Giessendam groeide uit tot een dorp in de maritieme sector met een sterke traditie van ambachtelijkheid en innovatie. De gemeente maakt onderdeel uit van de zuidelijke Randstad en de verstedelijkte Drechtsteden. Daarnaast heeft Hardinxveld-Giessendam een strategische ligging ten opzichte van waardevol landelijk gebied, is het onderdeel van de landelijke Alblasserwaard en het Groene Hart en ligt het tegen de Biesbosch. De verwevenheid met het water heeft naast het landschap ook de identiteit van de gemeenschap bepaald: ondernemend, verbonden met traditie en gericht op vernieuwing.

Waarom en wat is een omgevingsvisie?

In deze omgevingsvisie zijn de ambities voor de lange termijn tot 2050 vastgelegd. Dat is van invloed op keuzes die we maken in de fysieke leefomgeving. De fysieke leefomgeving gaat over bijna alles buiten, dus: gebouwen, bodem, water, natuur, lucht, maar ook wegen en duurzame opwek van energie. Deze omgevingsvisie is opgesteld om de keuzes die we maken in de fysieke leefomgeving in samenhang te bekijken. Hierin komen thema’s als gezondheid, sociale ontwikkelingen en duurzaamheid samen. Deze visie gaat over de gehele leefomgeving, in tegenstelling tot eerdere visies die zich op één thema of gebied richtten.

In de Omgevingswet is de omgevingsvisie als instrument voor gemeenten verplicht. In de omgevingsvisie staan de strategische doelen voor de fysieke leefomgeving. In Hardinxveld-Giessendam waren 34 actuele beleidsdocumenten de basis voor de omgevingsvisie. Met het verwerken van de beleidsdocumenten in één visie is één beeld uitgewerkt over de kwaliteiten die we willen behouden en de ontwikkeling die we zien. Dat samenbrengen van kwaliteiten en ontwikkelingen is gedaan met de zogenaamde lagenbenadering waarbij thema’s als bodem, water, ruimtelijke inrichting, etc. over elkaar heen worden gelegd. Zo zien we waar kwaliteiten elkaar versterken of juist botsen. Dit helpt met het benoemen van richtinggevende keuzes die we maken voor de toekomst. Naast gemeenten, hebben ook provincies en het rijk een omgevingsvisie voor het eigen grondgebied.

Leeswijzer omgevingsvisie

In hoofdstuk 1 is te lezen wat de omgevingsvisie is, waarom de gemeente deze opstelt en welke onderdelen erin terugkomen. Ook staat beschreven hoe de visie tot stand is gekomen. In hoofdstuk 2 staat de beschrijving van de huidige kwaliteiten van Hardinxveld-Giessendam. In dit hoofdstuk is ook uitgewerkt welke trends op de gemeente af komen en welke ontwikkelingen er zijn. In hoofdstuk 3 zijn de vijf ontwikkelopgaven uitgewerkt. Dit zijn de keuzes die we maken voor de toekomst waarin we op basis van de lagenbenadering uitwerken wat voor gemeente we in 2050 willen zijn. In hoofdstuk 4 is tot slot uitgewerkt hoe we uitvoering geven aan de omgevingsvisie.

Lagenbenadering
afbeelding binnen de regeling

De formele plaatsnaam is Hardinxveld-Giessendam. Dit is de enige formele naam van het dorp. Echter, in beleving, bebording en spreektaal zijn er diverse manieren waarop er naar delen van het dorp verwezen wordt. Dit heeft te maken met de ontstaansgeschiedenis; u leest daar meer over in hoofdstuk 2. In deze omgevingsvisie gebruiken we een beperkt aantal aanduidingen, namelijk:

  • Hardinxveld-Giessendam als het gaat om het dorp als geheel.

  • Boven-Hardinxveld als aanduiding voor het gebied dat ook met plaatsnaamborden op deze manier is geduid.

  • Neder-Hardinxveld voor de aanduiding van het gebied ‘anders dan Boven-Hardinxveld’. Giessendam valt in de omgevingsvisie ook onder de benaming Neder-Hardinxveld.

Verplichte onderdelen in de omgevingsvisie:

De omgevingsvisie helpt ons om keuzes te maken over hoe we omgaan met ruimte, natuur, verkeer, woningen en voorzieningen. Elke gemeente moet uiterlijk 1 januari 2027 één visie voor haar grondgebied vaststellen. Dat staat in de Omgevingswet. In de omgevingsvisie staat:

  • 1.

    Wat we belangrijk vinden voor de kwaliteit van onze leefomgeving.

  • 2.

    Hoe we de ruimte in Hardinxveld-Giessendam willen gebruiken, beschermen en beheren.

  • 3.

    Hoe we zorgen dat alle plannen goed op elkaar aansluiten.

De omgevingsvisie 2050 is anders dan de toekomstvisie

Naast de omgevingsvisie heeft Hardinxveld-Giessendam ook een toekomstvisie. De visies overlappen in het doel om te kijken naar de toekomst van Hardinxveld-Giessendam. Maar de omgevingsvisie gaat over de fysieke leefomgeving en de wijze waarop het dorp zich ontwikkelt. De toekomstvisie richt zich meer op de politiek-bestuurlijke, organisatorische en financiële aspecten van de gemeente waarmee de omgevingsvisie uitgevoerd kan worden.

Status omgevingsvisie en samenhang instrumenten Omgevingswet

Eén van de doelen van de Omgevingswet is om meer ruimte te geven aan maatschappelijke initiatieven. Vandaar dat we de gemeente samen verder ontwikkelen. De omgevingsvisie is een uitnodiging aan de samenleving om de ambities en doelen uit de visie gezamenlijk te realiseren.

Naast de omgevingsvisie, beschrijft de Omgevingswet het programma en het omgevingsplan als instrumenten voor gemeenten. De ambities en opgaven uit de omgevingsvisie, kunnen in programma’s concreter worden uitgewerkt. Dit kan gaan over een thema (zoals wonen of economie) of gebied (zoals het centrum of landelijk gebied). Het programma omschrijft welke maatregelen de gemeente Hardinxveld-Giessendam neemt en met wie de ambities en doelen uit de visie worden uitgewerkt. In de omgevingsvisie en het programma staan geen regels die juridisch bindend zijn voor inwoners en ondernemers in de gemeente. Die legt de gemeenteraad vast in het omgevingsplan. Daarmee is duidelijk welke ontwikkelingen en mogelijkheden er zijn in de leefomgeving. In het omgevingsplan staan de regels over wat per locatie wel en niet mag.

Om als gemeente sturend te zijn op de toekomstige ontwikkeling is er met de invoering van de Omgevingswet vastgelegd dat de omgevingsvisie een bindend instrument is. De omgevingsvisie is uitsluitend bindend voor de gemeenteraad bij de uitoefening van bevoegdheden. Dit wordt ‘zelfbinding’ genoemd. De inhoud van deze omgevingsvisie is dus niet bindend voor de inwoner. Inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties en overheid zijn wel samen verantwoordelijk voor het realiseren van de ambities en opgaven uit de omgevingsvisie. We streven naar een effectieve samenwerking, zowel binnen de gemeente als in regionaal verband. Gezamenlijke verantwoordelijkheid vraagt om een andere rolverdeling tussen overheid en samenleving. De omgevingsvisie is de basis voor uitwerking en uitvoering van toekomstige ontwikkelingen.

1.2 Zo is de omgevingsvisie tot stand gekomen

De omgevingsvisie is tot stand gekomen in de zomer van 2024 t/m het najaar van 2025. Gedurende het traject om tot de omgevingsvisie te komen, zijn gesprekken gevoerd met de samenleving. De gesprekken hebben informatie opgeleverd voor de ontwikkeling van de leefomgeving. Deze informatie heeft de basis gevormd voor de afwegingen die in deze omgevingsvisie zijn gemaakt. De uitkomsten van deze gesprekken zijn te vinden in bijlage 2.

Resultaten participatie
afbeelding binnen de regeling

De omgevingsvisie is de uitkomst van een interactief proces met inwoners, jongeren van 12-18 jaar, ondernemers, maatschappelijke organisaties, ketenpartners (zoals de veiligheidsregio en het waterschap), medewerkers van de gemeente, college van B&W en gemeenteraad. Eerst is verkend welke opgaven een plek moeten krijgen in de omgevingsvisie. Mogelijke ontwikkelopgaven en een toekomstbeeld zijn in een participatietraject voorgelegd aan de samenleving. Vervolgens hebben we met elkaar toegewerkt naar een toekomstbeeld en ontwikkelopgaven. Deze zijn in maart 2025 besproken in de gemeenteraad. Daarin is de koers van de omgevingsvisie beschreven. In de uiteindelijke omgevingsvisie staat ook de kwaliteit van de leefomgeving beschreven, waarbij bestaand beleid als basis is gebruikt.

Participatie in de praktijk
afbeelding binnen de regeling

De ontwerp omgevingsvisie is op 22 mei 2025 door de gemeenteraad vastgesteld, waarbij middels moties is aangegeven welke aanpassingen wenselijk waren. Deze ontwerp omgevingsvisie heeft, inclusief voornoemde moties, van 16 juni tot en met 15 augustus 2025 ter inzage gelegen. Tijdens deze periode kon iedereen schriftelijk een zienswijze indienen. Er zijn in totaal 6 zienswijzen ingediend. Op 2 oktober 2025 is de op basis van de moties en zienswijzen aangepaste concept omgevingsvisie in een werksessie besproken met de gemeenteraad.

2 Hardinxveld-Giessendam in 2025

2.1 Achtergrond en historie

Hardinxveld-Giessendam kent een rijke geschiedenis die teruggaat tot de Middeleeuwen. “Hardinxveld” werd voor het eerst schriftelijk genoemd in de 12e eeuw en was oorspronkelijk een moerassig landbouwgebied. Giessendam ontleent de naam aan de rivier de Giessen die door de regio stroomt. 

In de 16e en 17eeuw ontwikkelden beide dorpen zich als kleine landbouwgemeenschappen, waarbij de rivier een belangrijke rol speelde in handel en transport. De vlasindustrie in de 19e eeuw en de opkomst van infrastructuur in de 20e eeuw versnelden de industrialisatie en verstedelijking. 

Sinds de fusie van Hardinxveld en Giessendam in 1957 groeide de gemeente door de gunstige ligging nabij steden als Rotterdam, Dordrecht en Utrecht. Hardinxveld-Giessendam werd een woonomgeving met een landelijke uitstraling. Het is een gewaardeerde woonplek vanwege de rustige omgeving, goede verbindingen met de omliggende grote steden en de landelijke uitstraling.

afbeelding binnen de regeling

2.2 Het dorp en de kernen

Hardinxveld-Giessendam bestaat uit Neder- en Boven-Hardinxveld. Giessendam ontstond als dijkdorp langs de Giessen. Historische straten zoals Buitendams, Peulenstraat en Rivierdijk zijn herkenbaar gebleven. De polderlinten zoals Broekseweg en Tiendweg zijn nog zichtbaar. 

Neder-Hardinxveld heeft zich in eerste instantie vanaf de Rivierdijk langs de Sluisweg en de Nieuweweg ontwikkeld. De wijk Over ’t Spoor is in de jaren ’30 ontwikkeld. In de jaren ‘60 volgde de uitbreiding ten noorden van het centrum. In de jaren ‘60 en ‘70 maakte Neder-Hardinxveld een schaalsprong met de ontwikkeling van de woonwijken De Peulen en Wielwijk. Ook ontstonden de eerste bedrijventerreinen achter de Nieuweweg en vond verdere uitbreiding van de watergebonden bedrijvigheid langs de Merwede plaats. Later vonden de grote uitbreidingen plaats op het gebied van woningbouw aan de westzijde van de Nieuweweg en bedrijvigheid op de Peulen. Aan de oostzijde van de kern werden de bestaande bedrijventerreinen verder uitgebreid. De meest recente woningbouwontwikkelingen zijn de wijken Westwijk, De IJzergieterij en de Blauwe Zoom. De laatste is momenteel nog in ontwikkeling. Datzelfde geldt ook voor het bedrijventerrein ’t Oog en de 1e fase van de woningbouw ‘t Oog. 

Boven-Hardinxveld is met name aan de noordzijde gegroeid. Eerst aan de westzijde van de Koningin Wilhelminalaan vanaf de jaren ‘50. Daarna vanaf eind jaren ‘60 aan de oostzijde. Later werden de eerste bedrijventerreinen aangelegd langs de Merwede. De laatste woningbouwontwikkelingen bevinden zich aan de oostzijde van de kern en de herontwikkeling van de Zalmrokerij. 

Het onderscheid tussen de kernen Neder-Hardinxveld en Boven-Hardinxveld zien we als kwaliteit. De identiteit die er is behouden en koesteren we. Bij ontwikkelingen richting de toekomst is dit een belangrijk uitgangspunt.

2.3 Onze gemeente en de regio

Hardinxveld-Giessendam is onderdeel van de Smart Delta Drechtsteden. Het ligt strategisch aan de Merwede en de A15, aantrekkelijk voor scheepvaart, logistiek en industrie. De Merwede biedt kansen voor scheepsbouw en reparatie. Dit draagt bij aan de economische ontwikkeling van Hardinxveld-Giessendam en de regio. Via de MerwedeLingelijn is de gemeente goed bereikbaar. Voor stedelijke voorzieningen wordt samengewerkt met Gorinchem, Sliedrecht en Dordrecht. De gemeente biedt ruimte voor recreatie, werkgelegenheid en onderwijs. 

Het noordelijk deel ligt in het Groene Hart en de Alblasserwaard, met het open polderlandschap en het Nationaal Park De Biesbosch ten zuiden van de rivier. Dit draagt bij aan het gevoel en de beleving van dorps, landelijk en ruim wonen.

2.4 Kwaliteiten en opgaven

Algemeen

Hardinxveld-Giessendam heeft een sterke ruimtelijke, sociale en economische identiteit. De ligging aan de Merwede, de aanwezigheid van waterstructuren, de lintbebouwing, de verbondenheid in de gemeenschap en de maritieme bedrijvigheid geven het dorp karakter en kwaliteit. Tegelijkertijd staan we voor grote ruimtelijke, maatschappelijke en ecologische veranderingen.

Bodem, water en landschap

In Hardinxveld-Giessendam bestaat de bodem uit klei- en veengronden. De kleigronden zijn erg vruchtbaar. De veengronden zijn gevoelig voor bodemdaling als gevolg van ontwatering. 

De Merwede en Giessen zijn cruciaal voor waterbeheer, landbouw en recreatie. Daarbij is de Merwede een belangrijk scheepvaartroute die een verbinding vormt tussen de Rijn en het havengebied van Rotterdam. De Giessen daarentegen is een kleine rivier die met name van belang is voor de afwatering van het (polder)gebied en tevens een recreatieve functie heeft. De aanwezigheid van deze waterwegen maakt dat het gebied kwetsbaar kan zijn voor overstromingen, maar tegelijkertijd zorgt het voor een gevarieerd ecosysteem, landbouwgrond en mogelijkheden voor recreatie langs het water. 

Het landschap varieert van open veenpolders tot natuurgebieden langs de Merwede, die deels deel uitmaken van het NatuurNetwerk Nederland (NNN-gebied). Deze variatie komt voort uit het van oorsprong moerassige landschap. De rivieren en veenstromen hebben het veenweidegebied aan de oostelijke kant gevormd. In het buitendijkse deel bevindt zich een bosrijk natuurgebied dat deel uitmaakt van het NatuurNetwerk Nederland.

Opgaven op het gebied van bodem, water en landschap:

  • Toenemende bodemdaling (met name in veengebieden) ondermijnt landbouw en infrastructuur. 

  • Door klimaatverandering neemt de kans op overstromingen en wateroverlast toe. 

  • Langdurige droogteperiodes veroorzaken verzilting en schade aan natuur en landbouw. 

  • Nieuwe ruimteclaims voor waterberging en klimaatadaptieve maatregelen zijn noodzakelijk. 

  • De druk op ecologische kwaliteiten en biodiversiteit neemt toe, o.a. door versnippering en intensief ruimtegebruik.

afbeelding binnen de regeling

Leefomgeving en gezondheid 

Hardinxveld-Giessendam is een hechte gemeenschap waar zorg voor elkaar en verbondenheid centraal staan. Een gezonde leefomgeving is vanuit ons bestaand beleid een speerpunt in de ontwikkeling van Hardinxveld-Giessendam. Het dorp heeft een rijk verenigingsleven, goede sportvoorzieningen en kent relatief weinig grote sociaal-maatschappelijke problemen. Toch zijn er verschillen tussen wijken, en draagt de ligging nabij snelweg, spoor en industrie bij aan milieu-impact in delen van de gemeente. De gezondheid van inwoners wordt beïnvloed door de fysieke omgeving, waarin ruimte voor groen, beweging en ontmoeting belangrijk is.

Opgaven op het gebied van leefomgeving en gezondheid:

  • In de bebouwde omgeving is sprake van luchtvervuiling en geluidshinder o.a. door de A15 en het spoor. 

  • De ruimtelijke inrichting zo vormgeven dat inwoners worden gestimuleerd om te wandelen, fietsen en buiten te recreëren. 

  • In blijven zetten op een integrale benadering bij ontwikkelingen, waarin schonere lucht, water en bodem samengaan met een leefomgeving die uitnodigt tot bewegen, ontmoeten, spelen, sporten en ontspannen. 

  • Ontwikkeling van een inclusieve, toegankelijke openbare ruimte, met aandacht voor gezondheid en welzijn.

Omgevingsveiligheid

Omgevingsveiligheid is van belang voor de kwaliteit van de leefomgeving. Dat is vooral in gebieden waar risicobronnen aanwezig zijn, zoals spoorwegen, gasleidingen, rijkswegen, laagvliegroutes en bedrijventerreinen. Binnen het kader van omgevingsveiligheid ligt de nadruk op het waarborgen van de veiligheid van kwetsbare gebouwen, waaronder scholen, kinderdagverblijven, kerken en verzorgingstehuizen. De gemeente werkt nauw samen met diverse partners, zoals de Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid, Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ) en GGD. Besluiten worden integraal genomen, ook met het oog op toekomstige ontwikkelingen.

Opgaven op het gebied van omgevingsveiligheid:

  • De aanwezigheid van risicobronnen zoals spoorwegen, leidingen en bedrijventerreinen vraagt om zorgvuldige afwegingen bij nieuwe ontwikkelingen. 

  • De energietransitie brengt nieuwe veiligheidsvraagstukken met zich mee, zoals de opslag en het transport van waterstof. 

  • De samenwerking met regionale partners, zoals de veiligheidsregio’s en omgevingsdienst wordt steeds belangrijker om risico’s integraal te blijven beheersen.

afbeelding binnen de regeling

Cultuur en erfgoed

Cultuur is een breed begrip dat niet alleen kunst en erfgoed omvat, maar het zijn ook normen en waarden, tradities en gedragingen. Het bepaalt de identiteit van de gemeente. Hardinxveld-Giessendam is een gemeente met een herkenbare identiteit, geworteld in een overwegend christelijke traditie. Deze signatuur komt tot uiting in het dagelijks leven, in de manier waarop inwoners met elkaar omgaan en in de rol die kerken, vrijwilligers en verenigingen spelen in het sociale weefsel van het dorp. De gemeente koestert deze verbondenheid en ziet deze als fundament voor een leefbare en zorgzame samenleving. In de omgevingsvisie erkennen we deze waarden expliciet en geven we ruimte aan initiatieven die deze gemeenschapszin versterken.

Cultureel erfgoed is zichtbaar in monumentale boerderijen, dijkwoningen, gemalen, een molen, een watertoren en monumentale bomen. Er zijn in Hardinxveld-Giessendam in totaal 11 rijksmonumenten en 35 gemeentelijke monumenten. Maar ook dijken, kaden en lintstructuren vertellen het verhaal van het landschap. Jaarlijkse evenementen en culturele activiteiten geven inwoners en bezoekers de kans om cultuur in de gemeente te ervaren.

Opgaven op het gebied van cultuur en erfgoed:

  • De druk op cultuurhistorisch waardevolle gebouwen, zoals structuren neemt toe door ruimtelijke ontwikkelingen en functieveranderingen. 

  • De betrokkenheid bij cultureel erfgoed neemt af, wat vraagt om nieuwe vormen van beleving en educatie. 

  • Er is behoefte aan het integreren van cultuur en erfgoed in nieuwe ruimtelijke plannen, zodat de identiteit behouden blijft in een veranderende omgeving.

Buitengebied

Het dorps wonen in een groene omgeving is een belangrijke kwaliteit. Het agrarische karakter en de openheid van het landschap aan de noord- en oostzijde van onze gemeente is kenmerkend voor de gemeente. Het gebruik van agrarische gronden neemt af en verandert. Dat komt onder andere door verstedelijking, bodemdaling, verzilting en energietransitie. 

Het landschap krijgt meer een recreatieve en groene waarde. Gebieden zoals de Dordtse Avelingen, Giessenzoom en het polderlandschap ten noorden van de Betuweroute zijn populair voor rust en ontspanning. Delen van het grondgebied zijn onderdeel van het NatuurNetwerk Nederland. Het gebied ten oosten van Boven-Hardinxveld is een weidevogelgebied en een deel van het gebied ten noorden van het dorp is waterbergingsgebied.

Opgaven op het gebied van het buitengebied:

  • De agrarische functie van het buitengebied verandert door schaalvergroting, verduurzaming en afname van bedrijven. 

  • Recreatie en natuurontwikkeling leggen nieuwe claims op de ruimte, wat vraagt om een zorgvuldige balans tussen functies. 

  • Klimaatverandering en bodemdaling beïnvloeden het gebruik en de inrichting van het landschap.

afbeelding binnen de regeling

Demografie, woningbouw en omgeving

Hardinxveld-Giessendam is een gewaardeerde woonplek vanwege de rustige omgeving, goede verbindingen met de omliggende grote steden en de landelijke uitstraling. De woningvoorraad in Hardinxveld-Giessendam bestaat, vergeleken met het regionaal gemiddelde, uit relatief veel (koop)eengezinswoningen en minder (huur)appartementen. Het aandeel sociale huur ligt met 27% in 2025 iets onder de streefwaarde van 30%. In 2023 waren er 11.810 actieve woningzoekenden in de Drechtsteden, met een gemiddelde zoektijd van 38 maanden. Er wordt onvoldoende gebouwd om in de vraag te kunnen voorzien. Daarnaast zijn een aantal bouwlocaties in de gemeente nog onvoldoende uitgewerkt. Daarom faciliteren we ook onder andere de transformatie van bestaande gebouwen tot woningen.

De bevolking groeide van 17.555 in 1995 naar circa 19.000 in 2025. De toenemende vergrijzing heeft een tweeledig effect: er zijn meer alleenstaanden en de beroepsbevolking neemt af. Dit beïnvloedt de arbeidsmarkt, woningbehoefte en zorgvraag. Er is meer behoefte aan mantelzorgwoningen en aangepaste woningen voor ouderen.

Opgaven op het gebied van demografie, woningbouw- en omgeving:

  • Behoefte om de grote druk op de woningmarkt, met name voor starters en ouderen weg te nemen. 

  • Tot 2035 zijn er ongeveer 750 tot 1250 nieuwe woningen nodig. 

  • Er is een tekort aan betaalbare en sociale huurwoningen en levensloopbestendige woningen. 

  • Klimaatverandering vraagt om het ontwikkelen van duurzame en energiezuinige woningen. 

  • De bevolking blijft in aantal toenemen en er is sprake van vergrijzing. Ook het aantal alleenstaanden zal groeien. Hier dienen we met onze woningbouwopgave op in te spelen.

Economie en werkgelegenheid

Hardinxveld-Giessendam kent een sterke economie, die voornamelijk wordt gedragen door de maritieme sector, de bouw en de logistiek. Deze sectoren bieden veel werkgelegenheid en dragen bij aan de economische stabiliteit van de regio. Er is werkgelegenheid in en om het dorp, met een lange traditie van ambacht en ondernemerschap. De gemeente heeft een Economische Visie opgesteld die inzet op het versterken van de bestaande economische clusters en het stimuleren van innovatie en duurzaamheid.

Opgaven op het gebied van economie en werkgelegenheid:

  • Digitalisering en automatisering vragen om nieuwe vaardigheden en scholing. 

  • De energietransitie vraagt om verduurzaming van bedrijventerreinen. 

  • Verkeersdruk en slechte bereikbaarheid beïnvloeden het ondernemersklimaat. 

  • Behoefte aan innovatie, circulaire economie en ruimte voor nieuwe bedrijvigheid

Voorzieningen

In Neder-Hardinxveld is een dorpscentrum met diverse winkels en historische gebouwen. Dat bevindt zich in de driehoek tussen de Peulenstraat, de Thorbeckestraat en Buitendams. Boven-Hardinxveld heeft minder voorzieningen. De supermarkt is gevestigd aan de Juliana van Stolbergstraat.

De gemeente heeft basisvoorzieningen voor onderwijs, zorg en welzijn. Jeugd kan deelnemen aan sport, cultuur en onderwijs. De betrokkenheid van jongeren is een belangrijk aandachtspunt. Om jongeren optimaal te ondersteunen in hun ontwikkeling, wordt geïnvesteerd in voorzieningen die aansluiten op hun behoeften. Daarnaast wordt gewerkt aan sport- en speelvoorzieningen en laagdrempelige hulpverlening voor jongeren met psychosociale problemen. Door voorzieningen aan te bieden, wil de gemeente jongeren actief betrekken bij de gemeenschap en hun kansen op een gezonde en stabiele toekomst vergroten.

Opgaven op het gebied van voorzieningen:

  • Behoud van de identiteit van de verschillende kernen met voorzieningen. 

  • Het actief betrekken van jongeren bij de gemeenschap. 

  • Ruimte bij ontwikkelingen voor ontmoeting, sport en cultuur. 

  • Behoud van voorzieningen voor onderwijs, zorg en welzijn, waarbij de gemeente dient te blijven investeren in bereikbaarheid en kwaliteit.

Mobiliteit en bereikbaarheid

De gemeente ligt strategisch aan de A15, de MerwedeLingelijn en de Merwede. Indirect heeft Hardinxveld-Giessendam een verbinding met de N214. Drie stations zorgen voor goede ov-verbindingen. Naast de ov-verbindingen zijn er fietsnetwerken en waterwegen die kansen bieden voor duurzame mobiliteit. De Merwede is een belangrijke scheepsvaartroute die het havengebied van Rotterdam verbindt met de Rijn. De bereikbaarheid maakt ook dat er meerdere (spoor)wegen zijn die onze gemeente doorkruisen. In oost-westelijke richting zijn dit de Merwede, de A15, de MerwedeLingelijn en de Betuweroute. In noord-zuidrichting zijn dit de Giessen en het Kanaal van Steenenhoek.

Opgaven op het gebied van mobiliteit en bereikbaarheid: 

  • De verkeersintensiteit groeit, wat leidt tot vertragingen en veiligheidsrisico’s. Dit vraagt om gerichte maatregelen voor betere doorstroming en verkeersveiligheid. 

  • Spoorwegovergangen vormen een knelpunt bij nieuwe ontwikkelingen (bijvoorbeeld bij ’t Oog). 

  • De ontwikkeling van mobiliteitshubs, deelvervoer en multimodaal knooppunt in de gemeente. 

  • Het versterken van fietsroutes, voetpaden en personenvervoer over water is nodig.

2.5 Algemene trends en ontwikkelingen​

Naast de opgaven voor de gemeente Hardinxveld-Giessendam zijn er algemene trends en ontwikkelingen. Deze algemene trends en ontwikkelingen spelen op dit moment bij veel gemeenten. Hieruit volgen opgaven voor de gemeente zoals hiervoor benoemd.

  • Klimaatverandering: De gevolgen van klimaatverandering vragen om aanpassingen in energiegebruik, natuur en inrichting van de ruimte. 

  • Demografische ontwikkeling: De samenleving verandert door vergrijzing, individualisering en veranderingen op de arbeidsmarkt. 

  • Woningbouwopgave: De druk op de woningmarkt neemt toe, met groeiende behoefte aan betaalbare en passende woningen. 

  • Gezonde leefomgeving: Er is meer aandacht voor een duurzame, groene leefomgeving die uitnodigt tot gezondheid en ontmoeting. 

  • De economie: Verandert door technologische ontwikkelingen, verduurzaming en de noodzaak tot innovatie. 

  • Mobiliteit en bereikbaarheid: Blijven belangrijke aandachtspunten in relatie tot wonen, werken en duurzaamheid. 

  • Samenwerking: Overheden en maatschappelijke partners werken steeds nauwer samen aan integrale oplossingen voor deze opgaven.

3 Hardinxveld-Giessendam 2050

Ontwikkelopgaven voor Hardinxveld-Giessendam

Voor Hardinxveld-Giessendam zijn er vijf ontwikkelopgaven opgesteld. Deze geven richting aan hoe we als gemeente omgaan met veranderingen en kansen richting 2050. Ze helpen ons keuzes te maken voor ontwikkelingen in de leefomgeving die passen bij de kenmerken en kwaliteiten van Hardinxveld-Giessendam. Bij elke ontwikkelopgave staat:

  • Opgave - Wat er speelt in onze gemeente? 

  • Ambitie - Waar we in 2050 willen staan? 

  • Aanpak - Welke richtinggevende keuzes we maken om daar te komen? 

  • Uitvoering - Wat we daarvoor moeten organiseren?

We willen de sterke punten van Hardinxveld-Giessendam behouden en versterken. Tegelijk spelen we in op trends en ontwikkelingen die op ons afkomen. De vijf ontwikkelopgaven dragen bij aan een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving voor iedereen. 

De omgevingsvisie is een uitnodiging aan inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties en andere overheden om samen aan de slag te gaan. Samen initiatieven realiseren binnen de kaders van de omgevingsvisie en het omgevingsplan. We willen zorgen voor een goede verdeling van de ruimte in zowel bestaande wijken als bij nieuwe ontwikkelingen. 

Met de richtinggevende keuzes die zijn geformuleerd voor de vijf ontwikkelopgaven wordt maximaal aangesloten bij de ambities (o.a. van de Regionale Energie Strategie) op het gebied van energietransitie, duurzaamheid en klimaatadaptatie. Bij de energietransitie nemen we als gemeente een actieve- en voorbeeldrol. Welke keuzes daadwerkelijk worden gerealiseerd en welk ruimtebeslag daarmee is gemoeid, hangt af van de concrete programma’s en projecten die in de komende periode worden vastgesteld en uitgevoerd. Wij zijn ervan bewust dat deze richtinggevende keuzes een duidelijke ruimtelijke impact hebben. Daarom worden ze zorgvuldig afgewogen, zodat ze bijdragen aan een leefomgeving die toekomstbestendig, gezond, duurzaam en aantrekkelijk blijft voor inwoners, ondernemers en bezoekers.

3.1 Onze visie

We kijken vooruit naar 2050. We willen een gemeente zijn waar het prettig, gezond en duurzaam wonen, werken en recreëren is. In 2050 is Hardinxveld-Giessendam een gemeente waar landschap, bereikbaarheid, wonen, economie en samenleving met elkaar in balans zijn en waar iedereen mee kan doen.

We bouwen voort op onze sterke identiteit: een dorp met een maritieme traditie, een hechte gemeenschap en een landschap dat uitnodigt tot rust en beweging. Tegelijkertijd geven we richting aan de grote opgaven van deze tijd op basis van de lagenbenadering: klimaatverandering, woningbouw, mobiliteit, economie, verduurzaming en vergrijzing. Het toekomstbeeld voor 2050 is als volgt:

Groene omgeving en water: Hardinxveld-Giessendam is dan een groene, gezonde en verbonden gemeente aan het water, waar het prettig wonen, werken en leven is voor iedereen. Onze leefomgeving is duurzaam en uitnodigend. Groen en water vormen de basis van onze inrichting. We versterken de relatie tussen dorp en rivier, vergroenen wijken en maken ruimte voor natuur, recreatie en biodiversiteit. De openbare ruimte nodigt uit tot ontmoeten, bewegen en ontspannen en is veilig en toegankelijk voor iedereen.

Duurzame mobiliteit: Mobiliteit is slim, duurzaam en veilig. We stimuleren lopen, fietsen, openbaar vervoer en deelmobiliteit. De stationsomgevingen zijn aantrekkelijke overstappunten en de verbindingen tussen kernen en voorzieningen zijn sterk verbeterd. In woongebieden maken we slim gebruik van beschikbare ruimte voor de auto, waardoor er meer ruimte ontstaat voor groen en verblijfskwaliteit.

Samen fijn, veilig en gezond wonen: We zorgen voor voldoende en passende woningen, afgestemd op de behoeften van starters, gezinnen en ouderen. Wonen gebeurt in gemengde wijken, dichtbij voorzieningen zoals zorg, onderwijs, sport en cultuur. We bouwen meer circulair en toekomstbestendig, met oog voor klimaatadaptatie en energie.

Een veerkrachtige economie: Onze economie is veelzijdig en veerkrachtig. We versterken de maritieme (maak)industrie, logistiek en bouwsector, en bieden ruimte aan innovatieve en duurzame bedrijven. In de landbouw stimuleren we kringlooplandbouw, biodiversiteit en multifunctioneel gebruik. Onderwijs en arbeidsmarkt zijn beter op elkaar afgestemd, met aandacht voor een leven lang ontwikkelen.

Toekomstbestendig centrum: Het centrum van Neder-Hardinxveld is het levendige dorpshart van de gemeente. Hier komen wonen, winkelen, ontmoeten en verblijven samen in een groene en aantrekkelijke omgeving. De Giessen is zichtbaar en beleefbaar als onderdeel van het centrum. In Boven-Hardinxveld is ruimte voor kleinschalige voorzieningen, passend bij het dorpse karakter.

We benaderen de leefomgeving vanuit drie invalshoeken: bodem, netwerken en gebouwen. Zo ontstaat een samenhangende visie waarin landschap, mobiliteit en ruimtelijke inrichting elkaar versterken. De ontwikkelopgaven vertalen we, waar nodig, naar concrete programma’s. Zo bouwen we samen aan een toekomstbestendig Hardinxveld-Giessendam.

3.2 De vijf ontwikkelopgaven

Ontwikkelopgave 1 - Groene omgeving en water

Een gemeente in een groene omgeving die water omarmt

Opgave

In Hardinxveld-Giessendam lopen de A15, de Rivierdijk en spoorlijnen dwars door het landschap en vormen zo barrières. Daardoor zijn het groen, het water en het landschap minder goed beleefbaar vanuit het dorp. Vooral de verbindingen van noord naar zuid ontbreken. Denk aan de verbinding van de Merwede naar het Groene Hart via de Alblasserwaard. Door het dorp beter te verbinden met het omliggende landschap en het water, versterken we de beleving van deze kwaliteiten. Dat stimuleert ook recreatie en beweging. Tegelijkertijd werken we aan een gezonde leefomgeving, met schone lucht, bodem en water.

Ambitie

In 2050 is Hardinxveld-Giessendam een groene, gezonde en toekomstbestendige gemeente. We zorgen goed voor onze bodem, het water en het landschap, met extra aandacht voor de Giessen en de Merwede. De openbare ruimte is groen ingericht en vertelt het verhaal van onze (cultuur)historie en ons erfgoed. Waar mogelijk worden restruimten gebruikt voor het opwekken van zonne-energie. Met volop ruimte voor natuur, water, wandelen en fietsen. De oevers zijn aantrekkelijk en natuurvriendelijk ingericht. Inwoners kunnen volop genieten van de rivieren, het landschap en de geschiedenis van het dorp. Tegelijkertijd zorgen we voor veiligheid, bijvoorbeeld door reservering van ruimte voor dijkversterking. We behouden en stimuleren kleinschalige recreatie en vergroening, vooral langs de Binnen-Giessen en in het buitengebied, wat beweging stimuleert en een bijdrage levert aan klimaatadaptatie en de reductie van CO2. Ook bij grote infrastructurele projecten in de regio houden we rekening met het behoud en de beleving van het groen en het water in en rond ons dorp. We zetten in op ruimte voor een duurzaam ingerichte gemeente, waarbij duurzaamheid en klimaatadaptatie een grote rol spelen.

Uitvoering aan ambitie: Ontwikkeling van het Boezemkanaal

Waterschap Rivierenland gaat het watersysteem in de Alblasserwaard verbeteren met een nieuw boezemgemaal in Hardinxveld-Giessendam. Het oude systeem bereikt zijn limiet: de peilen zijn niet meer te regelen met de twee gemalen in Kinderdijk. Veel boezemkades zijn te laag of zwak. Bij droogte wordt water uit de Lek ingelaten, maar door lage rivierstanden en zeespiegelstijging komt zout water verder landinwaarts. Dat schaadt landbouw en natuur. Klimaatverandering verergert dit. Ook daalt de bodem en zijn kades onvoldoende.

Een nieuw gemaal bij Kanaaldijk Noord zorgt dat niet al het water via Kinderdijk hoeft. Zo zijn peilen beter te regelen en minder kades hoeven versterkt. Er komt een nieuw kanaal naar de Giessen en Beneden-Merwede, lokaal 100 meter breed en 1,5 km lang, met natuurvriendelijke oevers. Er komen drie bruggen, waaronder een spoorbrug voor de MerwedeLingelijn, een sifon onder de A15 en een nieuw poldergemaal. Ook de F15-doorfietsroute kruist het kanaal als onderdeel van de route Papendrecht-Gorinchem.

Verder komt er een flexibel afsluitmiddel in het Achterwaterschap en een opening in de Middelkade. Zo ontstaat een nieuwe indeling van Overwaard en Nederwaard. Door het gemaal en kanaal stroomt meer water naar de Giessen. Dat is geen probleem, behalve bij de bocht bij Giessen-Oudekerk. Daar wordt de rivier verdiept.

Aanpak

We zetten in op een groene leefomgeving waarin water een centrale plek krijgt. Dat doen we in het dorp, in woonwijken, op bedrijventerreinen en in het landelijk gebied. De Merwedeboulevard wordt ontwikkeld als een groene en aantrekkelijke verbinding tussen het dorp en de rivier. Het wordt een plek waar je kunt wandelen, fietsen en ontspannen aan het water. We bouwen aan een leefomgeving die bijdraagt aan duurzaamheid, gezondheid, mobiliteit en biodiversiteit, met oog voor inclusiviteit. Door groen, water en mobiliteit slim te combineren, ontstaat een veilige en milieuvriendelijke inrichting van de ruimte. Naast de verbinding richten we ons ook op het meer aansluiten op bestaande natuurstructuren zoals het Groene Hart. Zo maken we van Hardinxveld-Giessendam een toekomstbestendige plek waar natuur, recreatie en leefkwaliteit samenkomen.

Concreet zetten we in op de volgende richtinggevende keuzes:

  • Ontwikkeling van een hoogwaardige verblijfs- en recreatiezone aan het water: De Merwedeboulevard; 

  • Verbetering van fiets-, wandel- en vaarverbindingen met het Groene Hart, Kinderdijk en de Biesbosch. Met extra aandacht voor de noord-zuidverbindingen in de gemeente; 

  • Verbetering van de waterkwaliteit, zowel van de Giessen, de Merwede en andere watergangen in de gemeente; 

  • Versterking van ecologische verbindingen en behoud van open landschap en waardevolle historische structuren; 

  • Behouden en bevorderen van kleinschalige (dag)recreatie langs de Merwede en de Binnen-Giessen zoals de jachthaven als belangrijke schakel met de Biesbosch en Kinderdijk; 

  • Vergroening van de openbare ruimte, inclusief bedrijventerreinen en het centrum; 

  • Stimuleren van sociale ontmoeting, bewegen en gezonde leefstijl in de openbare ruimte en bij sportvoorzieningen. Ontmoeting stimuleren kan kleinschalig met zitplekken, een jeu de boulesbaan, moestuinen, een pluktuin, etc. Er is hiermee aandacht voor lichamelijke gezondheid, mentaal welbevinden, zingeving, kwaliteit van leven, meedoen en toegankelijkheid; 

  • Aanpak van milieuproblemen zoals geluidshinder en luchtvervuiling waarmee uitvoering gegeven wordt aan het Schone Lucht Akkoord; 

  • Inzet op ruimte voor een duurzaam ingerichte gemeente. Bij ontwikkelingen is aandacht voor groen, circulaire materialen, klimaatadaptatie (tegengaan van hittestress, verdroging en wateroverlast) en biodiversiteit.

Uitvoering

We overwegen een programma op te zetten onder de Omgevingswet en faciliteren initiatieven om de groene en blauwe structuren in Hardinxveld-Giessendam te versterken. Dit programma heet ‘versterking groenblauwe structuren’. Met dit programma werken we onder andere aan:

  • een betere verbinding tussen het dorp en de rivier; 

  • meer ruimte voor water en groen in het dorp; 

  • en het versterken van de kwaliteit van het landschap.

We houden bij ruimtelijke ontwikkelingen rekening met dijkversterkingsprojecten en zorgen ervoor dat ook in bestaande woonwijken het groen en water beter zichtbaar en beleefbaar worden. Zo bouwen we stap voor stap aan een gezondere, mooiere en toekomstbestendige leefomgeving voor iedereen.

Ontwikkelopgave 2 - Duurzame mobiliteit

Een goed verbonden gemeente met duurzame mobiliteit

Opgave

We zien dat de huidige infrastructuur, zoals de spoorlijn, de A15 en de verspreide kernen, de onderlinge bereikbaarheid en verkeersveiligheid onder druk zet. Hierdoor zijn voorzieningen, werkgelegenheid en recreatie niet altijd goed bereikbaar. Met name de verbindingen tussen de kernen en de aansluiting op regionale netwerken zijn versnipperd. Verbetering van de bereikbaarheid en verkeersveiligheid draagt bij aan een leefbare en toegankelijke gemeente.

Ambitie

In 2050 hebben we een duurzaam en toekomstbestendig mobiliteitssysteem, waar bij de A15 mogelijkheden zijn voor opwekking van zonne-energie. Bij ontwikkelingen is er aandacht voor verkeersveiligheid, bereikbaarheid en duurzame vervoersvormen - met bijzondere aandacht voor het stimuleren van fietsgebruik, vernieuwing van openbaar vervoer en inzetten op deelmobiliteit. Hierdoor neemt de emissie af en ontstaat ruimte, voor bijvoorbeeld groen. Hardinxveld-Giessendam is goed verbonden met de regio en kent veilige, toegankelijke en milieuvriendelijke infrastructuur. Er is plaats voor voetgangers, fietsers en openbaar vervoer, met veilige overstappunten en aantrekkelijke routes. De bereikbaarheid van voorzieningen, werk en recreatie is versterkt, gericht op inclusiviteit en duurzaamheid. Er is ruimte voor multimodale mobiliteit en slimme vervoersoplossingen, vooral rondom stations en langs hoofdroutes. Bij regionale mobiliteitsprojecten is rekening gehouden met leefbaarheid, verkeersveiligheid en duurzaamheid in en om ons dorp.

Uitvoering aan ambitie: Ontwikkeling vanmobiliteit

De spoorwegovergang bij Binnendams is heel druk. Voor de realisatie van de 1e fase woningbouw in ‘t Oog is onderzocht wat de capaciteit is van de overweg. Die capaciteit is bijna bereikt. Om de 1e fase van ‘t Oog te kunnen realiseren moeten we enerzijds de capaciteit op de spoorwegovergang vergroten door de kruising ten zuiden van de spoorwegovergang aan te passen. Anderzijds moeten we maatregelen nemen om het aanbod van verkeer op de spoorwegovergang te beperken. 

Als we de rest van ‘t Oog willen ontwikkelen, moet er een duurzame oplossing komen. De enige maatregel met voldoende oplossend vermogen is de aanleg van een tunnel. De tunnel is randvoorwaardelijk voor de verdere ontwikkeling van ‘t Oog. Met alleen een tunnel zijn we er niet. Ook andere (doorgaande) wegen in ons wegennet moeten worden aangepast om de grotere hoeveelheid verkeer te kunnen afwikkelen. Dat is op het gebied van mobiliteit onze grootste ambitie. 

Gelijktijdig willen we onze inwoners eerst verleiden tot het gebruik van andere vormen van vervoer (STOMP-principe). Ook voor onze ondernemers zien wij hier een rol. Door het slim combineren van doelgroepenvervoer willen we samen met de regio Drechtsteden de verdere verschraling van het openbaar vervoer ondervangen.

Aanpak

Concreet zetten we in op de volgende richtinggevende keuzes:

  • Het STOMP principe (Stappen, Trappen, Openbaar vervoer, Mobility as service, Privé auto) is het uitgangspunt voor duurzame mobiliteit. Dat zorgt voor het vergroten van de bereikbaarheid én de economische aantrekkelijkheid. Belangrijk daarbij is dat het deelvervoer betrouwbaar is; 

  • Ontwikkeling van stationsgebieden langs de MerwedeLingelijn met ruimte voor mobiliteitshubs op strategische locaties en logistieke hubs voor efficiënter vervoer; 

  • Verbetering van fiets-, wandel-, OV-verbindingen en vervoer over water binnen de regio, zoals de doorfietsroute naar Gorinchem en de mobiliteitsverbinding van de waterbus Drechtsteden; 

  • Verbetering van verkeersveiligheid, met name bij spoorwegovergangen en drukke kruispunten door het creëren van verkeersluwe zones, veilige fietspaden en oversteekplaatsen. Maar ook bijvoorbeeld de aanleg van een tunnel onder het spoor bij de ontwikkeling van ’t Oog. 

  • Bij ontwikkelingen is aandacht voor laadinfrastructuur, circulair materiaalgebruik, klimaatadaptatie en inclusieve bereikbaarheid. Dat houdt in dat ongeacht leeftijd, inkomen of fysieke beperking, iedereen gebruik moet kunnen maken van het mobiliteitssysteem; 

  • Versterking van verbindingen tussen (bestaande en nieuwe) wijken, stationsgebieden en voorzieningen, met aandacht voor de ‘first en last mile’; 

  • Meer alternatieven voor het autoverkeer in woongebieden en inzet op het tegengaan van sluipverkeer, waarmee ruimte ontstaat voor onder andere groen en bewegen in woongebieden; 

  • Inzetten op een gezonde balans in vraag en aanbod van parkeervoorzieningen; 

  • Stimuleren van sociale ontmoeting, beweging en gezondheid via veilige en aantrekkelijke routes die voor iedereen toegankelijk zijn. Dat draagt bij aan vitaliteit, gezondheid en samenhang van de gemeenschap; 

  • Aanpak van milieuproblemen binnen onze mogelijkheden zoals geluidshinder en luchtvervuiling, waarmee een bijdrage wordt geleverd aan het Schone Lucht Akkoord; 

  • Optimalisatie van toe-/afrit constructies van de A15. Bij een eventuele (regionale) vervolgstudie omtrent de A15 de mogelijkheden voor optimalisatie van toe-/afrit constructies meenemen (Hardinxveld-Oost/Nieuweweg) wat leidt tot verbetering van de verkeerssituatie en ontsluiting; 

  • Blijven lobbyen met de regio voor capaciteitsvergroting van de A15.

We zetten in op een verbonden gemeente met duurzame mobiliteit in het dorp, de wijken, op bedrijventerreinen en in het buitengebied. We ontwikkelen de stationsomgevingen en mobiliteitshubs als schakels tussen vervoersvormen. Deze knooppunten bieden aantrekkelijke, toegankelijke en veilige overstapmogelijkheden. We ontwikkelen een mobiliteitssysteem dat bijdraagt aan duurzaamheid, gezondheid, bereikbaarheid en inclusiviteit. Een veilige, toegankelijke en milieuvriendelijke infrastructuur waar mobiliteit en leefkwaliteit elkaar versterken maakt Hardinxveld-Giessendam een toekomstbestendig gebied waar bereikbaarheid, duurzaamheid en gezondheid samenkomen.

Uitvoering

We overwegen een programma op te zetten onder de Omgevingswet en faciliteren initiatieven om het thema mobiliteit in Hardinxveld-Giessendam verder uit te werken. Het programma heet ‘Mobiliteitsprogramma’. Met dit programma geven we opvolging aan het mobiliteitsplan en werken onder andere aan:

  • het realiseren van een multimodale gemeente waarin verschillende vervoersvormen goed op elkaar aansluiten; 

  • het verbeteren van de bereikbaarheid en inrichting van specifieke gebieden zoals de spoorzone, stationsomgeving en de A15; 

  • en het maken van keuzes over hoe we mobiliteit duurzaam, veilig en toekomstbestendig vormgeven.

Zo bouwen we stap voor stap aan een goed verbonden, toegankelijke en leefbare gemeente waarin mobiliteit bijdraagt aan de kwaliteit van wonen, werken en leven.

Ontwikkelopgave 3 - Samen fijn, veilig en gezond wonen

Een dorp waar het samen fijn, veilig en gezond wonen is

Opgave

Hardinxveld-Giessendam staat voor de opgave om een gezonde, veilige, sociale en inclusieve leefomgeving te realiseren. Er is behoefte aan voldoende nieuwe woningen, zowel voor de eigen inwoners als deels voor de regio. Een woonbehoefteonderzoek gaat uit van het doortrekken van de behoefte van de afgelopen jaren en komt uit op circa 70 woningen per jaar aan lokale behoefte. Het daadwerkelijk aantal woningen dat de afgelopen jaren gebouwd is zit daar boven, met circa 80 woningen lokaal per jaar. Met het huidige bouwtempo wordt onvoldoende in de bestaande behoefte voorzien, wat onder andere leidt tot wachtlijsten voor passende woningen. Binnen de dorpskern wordt ingezet op herstructurering, transformatie en verdichting om ruimte te maken voor nieuwe ontwikkelingen. Betaalbare woningbouw en kansengelijkheid in kwetsbare wijken zijn van belang bij nieuwe ontwikkelingen. Rondom de stations in Neder-Hardinxveld liggen kansen voor hogere bebouwing, passend bij het dorpse karakter. Ook aan de randen van het dorp wordt op een zorgvuldige manier ruimte geboden aan woningbouw, om de leefbaarheid en voorzieningen in stand te houden. De gemeente wil bijdragen aan een toekomstbestendige woon- en leefomgeving waarin iedereen veilig en gezond kan leven, met regie over het eigen leven en behoud van de gemeenschapszin.

Ambitie

In 2050 is Hardinxveld-Giessendam een dorp met een gevarieerd woningaanbod dat aansluit bij de bevolkingsopbouw en behoeften van verschillende doelgroepen, zoals ouderen, starters en gezinnen. Gemeente Hardinxveld-Giessendam is naast de eigen behoefte bereid ook een deel van de regionale woningbouwbehoefte op te nemen, passend bij de gemeenschap. We zetten in op een bandbreedte tussen de huidige 80 woningen per jaar en 125 woningen per jaar, afhankelijk van de (regionale) behoefte. Voor bestaande woningen wordt een aardgasvrij alternatief voor verwarmen aangereikt (handelingsperspectief). De (woon)omgeving is groen, veilig en gezond, met voor ruimte sport, cultuur en ontmoeten. Rondom de stations en in gebieden als ’t Oog en Boven-Hardinxveld is ruimte voor een hogere dichtheid en levensloopbestendig woningen. We zetten in op zo veel mogelijk opwekking van zonne-energie door zon op dak. De openbare ruimte is uitnodigend en draagt bij aan sociale verbondenheid en een gezonde leefstijl. De gemeente werkt samen met sportverenigingen en maatschappelijke partners aan een aantrekkelijk voorzieningenniveau. De regio zet in op versterking van de bestaanszekerheid door in te zetten op een leven lang ontwikkelen.

Uitvoering aan ambitie: Ontwikkeling van ‘t Oog

Vanuit onze inwoners is er grote behoefte aan meer nieuwe woningen binnen onze gemeente. We gaan daar invulling aan geven met de bouw van nieuwe woningen in het gebied tussen de MerwedeLingeLijn en de Betuweroute, ten noorden van de kern van Neder-Hardinxveld. 

Naast een bedrijventerrein in de westpunt van het gebied, is het de bedoeling dat er maximaal 2.000 woningen gebouwd gaan worden mits dit goed verkeerskundig ontsloten kan worden. Op dit moment is er een onherroepelijk bestemmingsplan alleen voor de eerste fase. Deze behelst 170 woningen en komen ten oosten van de Polderweg. De planning is nog niet definitief. Naar verwachting worden de eerste woningen vanaf 2027 opgeleverd. 

De werkzaamheden voor fase 1 zijn in voorbereiding. De “Kaders voor gebiedsontwikkeling ‘t Oog” zijn 26 juni 2025 door de raad vastgesteld waarbij de ontsluiting van het gebied een belangrijk onderdeel vormt. Het gaat hier om de totale invulling van het terrein, dus inclusief de bouw van de woningen en de aanleg van groenzones en een tunnel. Tenslotte wordt gewerkt aan de financiering voor de infrastructuur van het gebied.

Aanpak

Concreet zetten we in op de volgende richtinggevende keuzes:

  • Realisatie van levensloopbestendige woningen voor doorstroming en langer zelfstandig wonen; 

  • Verdichting rondom stations met behoud van dorpse kwaliteit. Met versterking van fietsnetwerken en ingericht volgens het STOMP-principe; 

  • Uitbreiding van woningbouw in Boven-Hardinxveld en ’t Oog met groen en voorzieningen; 

  • Bij de ontwikkeling van nieuwe woningen behouden of versterken we maatschappelijke voorzieningen en ontmoetingsplekken zoals winkels, gezondheidszorg, culturele instellingen en openbare diensten; 

  • Inzetten op herstructurering (sloop-nieuwbouw) en transformatie binnen het dorp om meer ruimte voor ontwikkelingen en groen te realiseren; 

  • Rekening houden met de pijlers van toekomstbestendig bouwen bij ontwikkelingen: circulair, natuurinclusief en biodiversiteit, klimaatadaptatie, energie, duurzame mobiliteit & gezonde leefomgeving; 

  • Meer ruimte voor sport, bewegen en ontmoeten (voldoende aanbod voor sportgelegenheden afgestemd op de behoefte) dat zien we met name in relatie tot de inrichting van de openbare ruimte en maatschappelijke voorzieningen als ontmoetingsplaats; 

  • Inrichting van de openbare ruimte met aandacht voor waterberging, gezondheid (groen en bewegen), veiligheid, milieu en toegankelijkheid met waar nodig scherpere normen voor geluid bij activiteiten zoals industrie. Normen gaan over tegengaan van hinder door trillingen, geur, geluid en licht; 

  • Klimaatadaptieve maatregelen tegen hittestress, droogte en wateroverlast, zoals goed peilbeheer, een wijkgerichte aanpak, richtlijnen bij nieuwe projecten zoals het stimuleren van minder verharding; 

  • Stimuleren van zonne-energie en energiebesparing in bestaande woningen. Rekening houden met de ruimtelijke weerslag van de energietransitie in ontwikkelingen; 

  • Randvoorwaarde bij de ambities, aanpak en uitvoering op het brede gebied van verduurzaming en duurzaamheid is dat deze reëel haalbaar en betaalbaar zijn; 

  • Toegankelijke inrichting van de openbare ruimte, zodat ook personen die mindervalide zijn gebruik kunnen maken van deze gebieden.

We zetten in op een inclusieve en toekomstbestendige woonomgeving. Regionaal werken we samen aan de uitwerking van de volkshuisvestingskoers, zodat deze aansluit bij zowel de lokale als de regionale woningbehoefte. Daarmee bepalen we het daadwerkelijk aantal woningen dat we jaarlijks bijbouwen. In de gemeente Hardinxveld-Giessendam sturen we op een woningbouwprogramma in de gehele gemeente met als uitgangspunt de volgende verdeling: 1/3 sociale huur, 1/3 betaalbaar en 1/3 duurder segment. Bij nieuwe ontwikkelingen passen we de 3‑30‑300-regel toe: zicht op drie bomen vanuit huis, 30% schaduw van boomkruinen in de wijk en een groene plek op maximaal 300 meter afstand. Zo zijn wijken gezonder en minder heet. We stimuleren herstructurering en verdichting in de kern en bouwen aan de randen van het dorp op een manier die past bij het landschap. Er is aandacht voor water- en bodem sturend, klimaatadaptatie, biodiversiteit, circulair bouwen en duurzame mobiliteit. De stationsomgeving wordt versterkt als multimodaal knooppunt. We verbeteren fietsverbindingen en stimuleren het gebruik van openbaar vervoer. De openbare ruimte wordt ingericht voor ontmoeting, beweging en veiligheid, met ruimte voor sport, spel en ontspanning.

Uitvoering

Het Warmteprogramma is vanaf 2026 verplicht voor alle gemeenten en vervangt de huidige transitievisie warmte. In dit programma leggen we vast welke technieken en oplossingen we inzetten en hoe we bewoners en ondernemers hierbij betrekken.

We stellen een programma op onder de Omgevingswet om de warmtetransitie in Hardinxveld-Giessendam vorm te geven. Dit programma heet ‘Warmteprogramma’. Met dit programma werken we onder andere aan:

  • het stapsgewijs aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving; 

  • het isoleren van woningen en gebouwen; 

  • en het bepalen welke wijken en buurten in de komende jaren van het aardgas gaan en hoe dat gebeurt.

We stellen een programma op onder de Omgevingswet en faciliteren initiatieven om onze ambities op het gebied van wonen te realiseren. Het programma heet ‘Volkshuisvestingsprogramma’. Met dit programma werken we onder andere aan:

  • Het bouwen van voldoende en passende woningen voor verschillende doelgroepen; 

  • Het zorgvuldig voorbereiden van gebiedsontwikkelingen zoals ’t Oog, met oog voor landschap, ontsluiting en samenhang met het bestaande dorp; 

  • En het vertalen van onze woonambities naar concrete acties.

Zo bouwen we stap voor stap aan een prettige, veilige en gezonde woonomgeving waarin iedereen in Hardinxveld-Giessendam een passende plek kan vinden.

We overwegen een programma onder de Omgevingswet om te werken aan een gezonde leefomgeving in Hardinxveld-Giessendam. Dit programma heet ‘Gezonde Leefomgeving’. Met dit programma werken we onder andere aan:

  • het verbeteren van de lucht-, bodem- en waterkwaliteit in onze gemeente; 

  • het creëren van een leefomgeving die uitnodigt tot bewegen, ontmoeten, spelen en ontspannen; 

  • en het verkleinen van gezondheidsverschillen door een inclusieve en toegankelijke inrichting van de openbare ruimte.

We zetten in op een leefomgeving waarin gezondheid, duurzaamheid en sociale verbondenheid hand in hand gaan. Denk aan vergroening van wijken, ruimte voor sport en spel, veilige routes voor fietsers en voetgangers, en het stimuleren van een gezonde levensstijl. Ook zorgen we voor een goede toegang tot basisvoorzieningen en informatie over zelfstandig wonen in elke levensfase.

Ontwikkelopgave 4 - Een veerkrachtige economie

Dorp aan het water met een veelzijdige en veerkrachtige economie

Opgave

Onze gemeente staat voor de uitdaging om binnen beperkte fysieke ruimte een toekomstbestendige economie te ontwikkelen. De bestaande bedrijventerreinen bieden nog optimalisatiemogelijkheden, maar uitbreiding daarbuiten is nauwelijks mogelijk. Daarbij staat de bereikbaarheid, met name via de A15 onder druk. Tegelijkertijd vraagt de overgang naar een circulaire economie, duurzame energievoorziening en klimaatadaptieve landbouw om nieuwe oplossingen. De landbouwsector kampt met bodemdaling door droogte en hitte.

Ambitie

In 2050 is onze gemeente een aantrekkelijke plaats voor hoogwaardige, duurzame en innovatieve bedrijven in de maritieme (maak)industrie, logistiek, zakelijke dienstverlening, bouw- en infrasector, van zelfstandigen tot grootschalige bedrijven die regionaal en landelijk actief zijn. We zetten in op circulaire economie door hergebruik, duurzame bouw en klimaatadaptatie. We versterken onze positie in de regio en faciliteren bedrijven die investeren in mensen, innovatie en maatschappelijke opgaven. We brengen het onderwijs en de arbeidsmarkt dichter bij elkaar en blijven inzetten op een goede bereikbaarheid van onze gemeente.

In de landbouwsector liggen kansen, met name door in te zetten op kringlooplandbouw, biodiversiteit en landschapsbehoud. Er is ruimte voor nieuwe vormen van agrarisch grondgebruik. We stimuleren dan ook regionale voedselsystemen en multifunctioneel grondgebruik waarin landbouw samengaat met zorg, recreatie, energieopwekking en natuurbehoud.

Uitvoering aan ambitie: Samenwerking bedrijven

De onderlinge verbondenheid tussen bedrijven in Hardinxveld-Giessendam is een belangrijke kracht. Een grote scheepswerf kan niet zonder het MKB-bedrijf dat de elektrotechniek verzorgt of het bouwbedrijf dat de betimmering regelt. We kunnen met recht spreken van een bouwcluster en een maritiem cluster. 

Een voorbeeld daarvan is te zien bij een bedrijf aan de Rivierdijk dat actief is in de bouw en exploitatie van riviercruises. Verschillende bedrijven die gevestigd zijn in het dorp hebben daar een aparte unit om zo de samenwerking op locatie te optimaliseren. De bouw van het pand is ook nog eens verzorgd door een lokale aannemer. Kortom: een mooi voorbeeld hoe bedrijven elkaar weten te vinden, elkaar aanvullen en samen aan internationaal toonaangevende producten werken.

Aanpak

Concreet zetten we in op de volgende richtinggevende keuzes:

  • Clustering van duurzame bedrijvigheid langs de Merwede, met focus op maritieme (maak)industrie voor het versterken van regionale economie en stimuleren werkgelegenheid; 

  • Optimalisatie van bestaande bedrijventerreinen, passend binnen milieuzonering nieuwe stijl. Behoud van diversiteit in werkgelegenheid en inzetten op kansen voor innovatie horen hierbij; 

  • Stimuleren van bedrijven om bij te dragen aan het promoten van alternatieve, duurzame mobiliteitsvormen; 

  • Ruimte voor circulaire economie: voorzieningen voor hergebruik, duurzame bouw en klimaatadaptatie; 

  • Inzetten op regionale voorzieningen zoals voortgezet- en beroepsonderwijs, zorgvoorzieningen, sportvoorzieningen en recreatie; 

  • Energie-opwekking via zonnevelden en innovatieve vormen zoals bijvoorbeeld kleinschalige windenergie (ashoogte maximaal 15 meter) in het buitengebied en op bedrijventerreinen (bijvoorbeeld windwokkels op bedrijfsdaken), met inzet van een lokale energiecoöperatie. We zien de ontwikkeling van een robuust en betrouwbaar lokaal/regionaal energiesysteem als een belangrijke koers, waarbij duurzame opwek, opslag en gebruik met elkaar in balans zijn. Daarbij kijken we naar een mix van (innovatieve) energiebronnen en -dragers; 

  • Stimuleren van sociale cohesie en gezondheid door werkgelegenheid, leefbaarheid en balans tussen economische groei en milieukwaliteit; 

  • Toekomstbestendige landbouw met aandacht voor kringlooplandbouw, biodiversiteit, waterbeheer, landschapsbehoud en multifunctioneel grondgebruik.

We zetten in op een veelzijdige economie, waarin aantrekkelijke, duurzame en goed bereikbare bedrijventerreinen met een nadrukkelijk onderscheid in watergebonden en reguliere bedrijven het uitgangspunt vormen.

Uitvoering

De economie/bedrijvigheid is een belangrijke pijler van onze gemeente. Daarbij werken we in de uitvoering van opgaven en ambities nauw samen met ondernemers. Natuurlijk hebben zowel ondernemers als de gemeente ieder eigen verantwoordelijkheden en bevoegdheden in de uitvoering ervan, maar we voelen de verantwoordelijkheid om samen de acties op te pakken en onze ambities te behalen. 

We zetten in op een toekomstbestendige leeromgeving waarin jongeren en volwassenen zich kunnen ontwikkelen, dichtbij huis en in verbinding met de regio. Daarbij hoort ook het realiseren van passende onderwijshuisvesting, het verbeteren van de bereikbaarheid van scholen en het creëren van een veilige, gezonde en inspirerende leeromgeving.

Ontwikkelopgave 5 - Toekomstbestendig centrum

Een dorp met ruimte voor horeca, winkels en(wijk)voorzieningen

Opgave

We gaan het huidige centrum toekomstbestendig versterken waarbij het de centrumfunctie vervult voor de huidige en toekomstige omvang van het dorp. Het centrum van Neder-Hardinxveld vervult een belangrijke rol als plek voor ontmoeting en voor voorzieningen voor de inwoners. Tegelijkertijd staat het onder druk door veranderende winkelstructuren en versnipperde functies. In Boven-Hardinxveld zijn er kleinschalige (detailhandel)voorzieningen, zoals een supermarkt. Dit vraagt om een perspectief op het behoud van voorzieningen.

Bij de ontwikkeling van ’t Oog realiseren we voorzieningen die passen bij de schaal van deze ontwikkeling. Daarbij blijft het uitgangspunt dat het dorp één centrum kent.

Ambitie

In 2050 is het centrum van Neder-Hardinxveld een levendig, groen en toekomstbestendig dorpshart, met ruimte voor klimaatadaptatie en energieopwekking. Er is een goede balans tussen horeca, winkels, maatschappelijke voorzieningen en ontmoetingsplekken. De openbare ruimte is aantrekkelijk ingericht, met ruimte voor voetgangers, fietsers en duurzame mobiliteit. De Giessen is zichtbaar en beleefbaar als onderdeel van het centrum. Er is ook een sterke verbinding met ’t Oog, waardoor voorzieningen beter bereikbaar zijn en het centrum aantrekkelijker wordt voor inwoners en ondernemers. We zetten in op het reduceren van het energieverbruik door inwoners en ondernemers. In Boven-Hardinxveld is ruimte voor kleinschalige voorzieningen.

Uitvoering aan ambitie: Ontwikkelingcentrum

“Zet een stip op de horizon: hoe ziet het centrum er over 10 tot 15 jaar eruit?”. Dat was de oproep van winkeliers en andere betrokken ondernemers voorafgaand aan het opstellen van de centrumvisie. Daarom zijn er samen met hen inspirerende droombeelden opgesteld. Deze beelden zijn geen benadering van hoe herontwikkeling er precies uit gaat zien, maar geven krachtig weer wat de onderliggende principes zijn: commerciële plinten met ruimte voor horeca, ruimte voor groen, aangename plekken om te verblijven, verbinding met de Giessen, minder (zichtbare) aanwezigheid van de auto en ruimte voor woningbouw. Zo maken we het centrum levendig én toekomstbestendig.

Aanpak

We zetten in op een compact en multifunctioneel centrum met ruimte voor vergroening, ontmoeting en duurzame mobiliteit. We stimuleren een samenhangend winkelaanbod en diverse horecagelegenheden. Door het verminderen van (zichtbaar) autoverkeer ontstaat meer ruimte voor voetgangers, fietsers en verblijfskwaliteit. We versterken de verbindingen en maken de Giessen beter zichtbaar en toegankelijk. We voegen woningen toe voor verschillende doelgroepen, zodat jong en oud nabij voorzieningen kunnen wonen. Door klimaatadaptieve maatregelen, zoals het verminderen van verharding en het toevoegen van groen, maken we het centrum bestand tegen hittestress en wateroverlast.

Uitvoering

Veel uitvoering hangt af van de plannen van vastgoedeigenaren waar de centrumvisie (juni 2025) voor de gemeente leidend is (faciliteren). Daar waar het gaat om maatregelen vanuit de gemeente ten aanzien van de openbare ruimte, onderzoeken we of het noodzakelijk is om een programma op te stellen. Het programma heet ‘Centrumontwikkeling’. Met dit programma werken we onder andere aan:

  • een prettige woon-, winkel- en ontmoetingsomgeving in het centrum; 

  • meer ruimte voor groen, verblijfskwaliteit en duurzame mobiliteit; 

  • een betere verbinding tussen het centrum en omliggende wijken zoals ’t Oog; 

  • en ruimte voor kleinschalige voorzieningen in de omliggende wijken.

We zetten in op een levendig dorpshart waar ontmoeten, verblijven en ondernemen centraal staan. Door vergroening, het verminderen van (zichtbaar) autoverkeer en het toevoegen van woningen en voorzieningen, ontstaat een centrum dat uitnodigt tot gebruik en beleving. Zo bouwen we stap voor stap aan een centrum dat past bij het karakter van Hardinxveld-Giessendam én klaar is voor de toekomst.

4 Werken met de omgevingsvisie

De omgevingsvisie van onze gemeente geeft op hoofdlijnen de gewenste ontwikkeling van de leefomgeving weer. De volgende stap is de visie samen uitvoeren. De ontwikkeling van de leefomgeving kan met behulp van verschillende instrumenten en projecten worden uitgevoerd. Dit hoofdstuk geeft richting aan de uitvoering, dus hoe we de visie gaan realiseren. We gaan in op de noodzaak om flexibel te zijn bij de uitvoering van de omgevingsvisie en ons aan te kunnen passen als ontwikkelingen daarom vragen. De inbedding van de omgevingsvisie in de gemeentelijke beleidscyclus laat de samenhang zien tussen de instrumenten omgevingsvisie, programma en omgevingsplan. Tenslotte beschrijven we hoe we omgaan met monitoring, evaluatie en actualisatie van de omgevingsvisie

4.1 Strategische uitvoeringsagenda

Inwoners, ondernemers, organisaties en overheid zijn samen verantwoordelijk voor het realiseren van de ambities en opgaven uit de omgevingsvisie. We zoeken daar een effectieve samenwerking binnen Hardinxveld-Giessendam en in de regio’s. De omgevingsvisie is de basis voor uitwerking en uitvoering en nodigt uit om de kwaliteiten in onze gemeente samen te behouden en te ontwikkelen. We geven richting aan de verdere uitvoering van de omgevingsvisie. Onderstaande acties zijn richtinggevend en kunnen worden aangevuld:

  • We pakken de ambities die verder gaan dan de gemeentegrenzen op met onze partners in en buiten de regio. Dit doen we door het verbinden van ambities binnen de bestaande samenwerkingen of door nieuwe samenwerkingen op basis van ambities die we gemeenschappelijk hebben. Afhankelijk van de opgave, bepalen we als gemeente onze rol; 

  • We zien een combinatie van meer sturen en uitnodigen (o.a. specifieke doelgroepen) waarbij we de samenwerking zoeken met partijen en het initiatief nemen om tot realisatie te komen van de vijf ontwikkelopgaven van Hardinxveld-Giessendam; 

  • We zetten in op samenwerking tussen samenleving en overheid. Het leven van inwoners en dagelijks gebruik van de leefomgeving staat daarbij centraal. Initiatieven vanuit inwoners omarmen we en wegen we af, waarbij de omgevingsvisie als richtinggevend kader werkt; 

  • We vertalen de omgevingsvisie, voor zover mogelijk, in een juridisch bindend omgevingsplan inclusief (landelijke) omgevingswaarden; 

  • Daarbij maken we gebruik van het instrument ‘programma’, zoals het onder de Omgevingswet bedoeld is. We bewaken daarbij de verbinding tussen gemeenteraad, college van B&W, organisatie en samenleving. Zo realiseren we de doelen en geven we uitvoering aan de visie. 

  • De financiële middelen voor de uitvoering worden middels de begroting vastgelegd. Daarbij wordt aangegeven wanneer welke ontwikkeling (of een deel daarvan) wordt gerealiseerd. Jaarlijks vindt via de P&C-cyclus financiële en inhoudelijke verantwoording en actualisatie plaats.

4.2 Programma’s en omgevingsplan

Er wordt uitwerking gegeven aan de ambities en doelen uit de visie. Dat doen we onder andere door in te zetten op het instrument dat de Omgevingswet hiervoor biedt: programma’s. Omdat het werken met programma’s nieuw is en gewenning vraagt, is in deze visie regelmatig aangegeven dat een programma overwogen wordt. Door de komende jaren beter te leren werken binnen de kaders van de Omgevingswet zal bij een herziening van deze visie de inzet van het instrument programma duidelijker opgenomen zijn. 

Een programma kan over een thema gaan, zoals mobiliteit of wonen. Een programma kan ook gericht zijn op de ontwikkeling van een gebied, zoals het centrum, werklocaties of woningbouwontwikkelingen. Alle lokale regels over de leefomgeving komen uiteindelijk in één omgevingsplan voor de gemeente Hardinxveld-Giessendam te staan. We werken in stappen naar het definitieve omgevingsplan toe, daar hebben we tot 2032 de tijd voor. We faseren de ambities en ontwikkelingsrichtingen voor de periode tot 2030, tot 2040 en met een blik vooruit richting 2050. 

Vanuit de omgevingsvisie werken we, naast programma’s, toe naar het omgevingsplan. We kijken daarin naar de kwaliteiten en ontwikkelingen die we in de omgevingsvisie hebben benoemd. Zo draagt het omgevingsplan bij aan het behoud van de kwaliteiten en het stimuleren van de ontwikkelingen die in deze omgevingsvisie staan beschreven.

4.3 Fasering ambities en ontwikkelopgaven: 2030 - 2040 - 2050

Om de ontwikkelopgaven en ambities uit deze omgevingsvisie voor de periode tot 2050 uit te werken, overwegen we de uitwerking van de volgende programma’s en plannen:

  • Versterking groenblauwe structuren 

  • Mobiliteitsprogramma 

  • Warmteprogramma (vanaf 2026 verplicht) 

  • Volkshuisvestingsprogramma inclusief een woningbouwprogramma, al dan niet gevolgd door een gebiedsgerichte uitwerking voor: 

    • Inbreidingslocaties 

    • ’t Oog als integrale gebiedsontwikkeling 

    • Uitwerking van woningbouwontwikkeling rondom de stations 

    • Uitwerking van woningbouwontwikkeling rondom stations in de kern Neder-Hardinxveld 

    • Verkenning uitbreidingsmogelijkheden Boven-Hardinxveld 

  • Gezonde leefomgeving 

  • Centrumontwikkeling

In onder andere programma’s werken we de doelen en maatregelen uit voor de periode tot 2030 en 2040. De Omgevingswet is nieuw, dus de gemeente gaat voor het eerst vanuit deze systematiek werken aan de uitvoering van de ambities en opgaven uit de omgevingsvisie. Vandaar dat deze systematiek geëvalueerd wordt.

4.4 Milieueffectrapportage

In afdeling 16.4 van de Omgevingswet is een bepaling opgenomen voor milieueffectrapportages (m.e.r), voor plannen en programma’s met aanzienlijke milieueffecten. Voor deze omgevingsvisie is geen m.e.r. opgesteld. Dat heeft te maken met het karakter van deze visie. Er worden ambities uitgesproken, maar geen nieuwe concrete locaties voor ruimtelijke ontwikkelingen aangewezen. Ook zijn geen concrete ontwikkelingen benoemd waarvoor in dit stadium een m.e.r.-procedure nodig is, zoals bedoeld in Bijlage V van het Omgevingsbesluit. De omgevingsvisie schetst het kader waarbinnen ontwikkelingen mogelijk zijn. Daarbij spelen omgevingsaspecten, zoals omgevingsveiligheid, water, bodem, maar ook erfgoed, gezondheid en welzijn een rol. De omgevingsvisie omschrijft dus de ontwikkelingen voor de leefomgeving op hoofdlijnen, waardoor eventuele milieueffecten op voorhand niet betrouwbaar zijn in te schatten. De m.e.r. komt na vaststelling van de omgevingsvisie bij de verdere uitwerking van de omgevingsvisie in (de eerdergenoemde) programma’s, plannen en initiatieven aan de orde. We zien daarbij dat een m.e.r. in ieder geval aan de orde kan zijn bij de programma’s: volkshuisvesting, versterking groenblauwe structuren en de uitwerking van het mobiliteitsplan.

Bij ontwikkelingen die volgen uit deze omgevingsvisie gelden de milieubeginselen. Deze zijn van toepassing bij het koesteren van de huidige kwaliteiten en toekomstige ontwikkelingen in de gemeente. Deze beginselen zijn:

  • 1.

    Het voorzorgsbeginsel. Bedrijven en overheden nemen maatregelen wanneer er gegronde redenen zijn om aan te nemen dat activiteiten negatieve gevolgen kunnen hebben voor het milieu of de gezondheid. 

  • 2.

    Het beginsel van preventief handelen. Dit betekent dat er eerder gehandeld wordt om problemen te voorkomen, dan dat er gewacht wordt tot schade daadwerkelijk is ontstaan. 

  • 3.

    Het beginsel dat milieuaantastingen bij voorrang aan de bron bestreden moeten worden. Dit speelt onder andere bij afvalbeheer en betekent dat maatregelen genomen worden aan de bron om negatieve gevolgen voor het milieu te voorkomen. 

  • 4.

    Het beginsel dat de vervuiler betaalt. Dit houdt in dat de kosten van de maatregelen om de milieuvervuiling aan te pakken worden gedragen door de veroorzakers van de milieuvervuiling.

4.5 Regionale samenwerking

Om toekomstige uitdagingen het hoofd te bieden, werkt Hardinxveld-Giessendam samen met omliggende gemeenten, de provincie en andere regionale partners. Samenwerking op het gebied van woningbouw, economie, infrastructuur en duurzaamheid is noodzakelijk om een toekomstbestendige en leefbare regio te garanderen. Door gezamenlijk op te trekken bij de aanpak van mobiliteit, voorzieningen, klimaatadaptatie, energiesysteem en economische ontwikkeling, kan de gemeente profiteren van kennisdeling en gezamenlijke investeringen. Dit versterkt de positie van Hardinxveld-Giessendam binnen de regio en draagt bij aan de duurzame groei van de gemeente.

4.6 Flexibele en adaptieve omgevingsvisie: sturing, monitoring, evaluatie en actualisatie

We moeten snel kunnen reageren op veranderende omstandigheden. Dit uit zich in het volgende:

  • De omgevingsvisie is een langetermijnvisie voor de leefomgeving, gebaseerd op onze kernkwaliteiten. Zo’n visie verandert niet direct bij een onvoorziene ontwikkeling, het biedt juist ook houvast. De in deze visie neergelegde ontwikkelingen, bijvoorbeeld rondom het beschermen van waarden, kunnen een handvat zijn voor de beoordeling van nu nog onvoorziene ontwikkelingen. 

  • De ontwikkelopgaven zijn beschreven als ontwikkeling in de verdere toekomst, namelijk de komende 25 jaar. 

  • Ook nieuwe, nu nog onbekende ontwikkelingen, dienen aan de visie te worden getoetst en daarop aan te sluiten. Indien noodzakelijk kunnen ontwikkelingen leiden tot bijstelling van de ambities en het bijbehorend tijdspad. 

  • De inbedding van de omgevingsvisie in de P&C-cyclus en de samenhang met de instrumenten programma’s en omgevingsplan zorgen voor een goede invulling van de kerninstrumenten van de Omgevingswet. 

  • Het verschil in abstractieniveau en uitvoeringsgerichtheid van de verschillende instrumenten zorgen voor flexibiliteit. Het instrument programma is meer uitvoeringsgericht dan de omgevingsvisie. Programma’s bieden de nodige flexibiliteit en kunnen makkelijker gewijzigd worden dan de omgevingsvisie. Tegelijkertijd is er vanwege het abstractieniveau van de omgevingsvisie ook het besef dat beleidsmatige verdieping op onderdelen nodig is. Dan gaat het over programma’s bij beleidsontwikkeling. Dit raakt aan de kaderstellende rol van de raad. Hoewel een programma wettelijk een bevoegdheid van het college is, zoeken we naar een werkbare praktijk als het gaat om rolinvulling door raad en college. Deze werkwijze zal geëvalueerd worden. Hiermee werken de gemeenteraad en college samen om zorg te dragen voor de samenhang in de beleidscyclus. 

  • Van een aantal onderwerpen is te verwachten dat zich in de toekomst ontwikkelingen voordoen die impact hebben op de leefomgeving. Hierbij gaat het onder meer om klimaatadaptatie, energietransitie, lokale economische ontwikkelingen en technische vernieuwingen. 

  • Door te monitoren en te evalueren kan tijdig ingezet worden op gevolgen van nieuwe ontwikkelingen. Voor de monitoring en evaluatie van de omgevingsvisie gaan we uit van een tweejarige cyclus. De evaluatie kan leiden tot bijstelling van de omgevingsvisie.

4.7 Sturingsfilosofie, kostenverhaal en grondbeleid

Tijdens het opstellen van de omgevingsvisie zijn verschillende aspecten van de sturingsfilosofie die passen bij de gemeente Hardinxveld-Giessendam naar boven gekomen. Het gaat om de wijze waarop we omgaan met de mogelijkheden en kansen die de Omgevingswet biedt op bijvoorbeeld het gebied van integraliteit en de wisselwerking tussen overheid en samenleving. De omgevingsvisie geeft de raad een instrument in handen om op hoofdlijnen te sturen op gewenste ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving. Daarbij wordt actief gestuurd op de vijf ontwikkelopgaven van Hardinxveld-Giessendam om onze doelen na te streven en worden de kaders bewaakt. Hierbij is, volgens de filosofie van de Omgevingswet, meer ruimte voor initiatieven maar moet participatie tussen de initiatiefnemer en omwonenden zorgvuldig gebeuren. Daar moeten afspraken over worden gemaakt bijvoorbeeld in een participatieplan, vastgesteld door college of raad. Dit betekent een veranderende rol voor college en raad, waarbij het bereiken van draagvlak overigens niet betekent dat een initiatief pas doorgang kan vinden als iedere betrokkene het daarmee eens is. 

De raad heeft een bepalende rol bij het omgevingsplan door dit plan vast te stellen. Daarmee verankert de raad de kaders en richtlijnen vanuit de omgevingsvisie en de doorvertaling in programma’s in het omgevingsplan. Naast het instrument programma’s kunnen ook andere instrumenten ingezet worden zoals het vestigen van voorkeursrecht of het instellen van een vereveningsfonds. De gemeente heeft hiermee de instrumenten in handen om de richtingen uit deze omgevingsvisie waar te maken. 

De gemeente heeft de wettelijke verplichting om bij elk initiatief kosten te verhalen die de gemeente ervoor maakt. 

Naast de wettelijke verplichte kosten (voor plankosten en planfysieke kosten) mag er een bijdrage gevraagd worden ten behoeve van ruimtelijke ontwikkeling en ter realisatie van sociale woningen. Ook verkent de gemeente de mogelijkheden voor het oprichten van een mobiliteitsfonds. Dit om de parkeervraag en het parkeeraanbod in balans te houden en het treffen of verbeteren van flankerende maatregelen op het gebied van mobiliteit. Dit met als doel de parkeervraag te verlagen. Er zijn mogelijkheden om verplichte en vrijwillige bijdrages te vragen. Dit geldt zowel voor publieke als private initiatieven indien deze initiatieven winstgevend zijn. De wettelijke verankering hiervan is terug te vinden in de Omgevingswet en het Omgevingsbesluit. De gemeentelijke uitwerking voor kostenverhaal is terug te vinden in de Kadernota Strategisch Grondbeleid. De gemeentelijke uitwerking van de financiële bijdrages wordt in een later stadium geregeld via aparte daarvoor opgestelde omgevingsprogramma’s.

4.8 Waar moet een initiatief aan voldoen?

De omgevingsvisie nodigt mensen uit om initiatieven te nemen. Als een initiatief binnen de regels past, volgt doorgaans een vergunning. Als het initiatief niet in de regels past, dan wordt aan de intaketafel gewogen of het initiatief wenselijk is. Zo ja, dan kan aan de omgevingstafel samen met de initiatiefnemer gekeken worden of het plan mogelijk gemaakt kan worden. Initiatieven moeten bijdragen aan ambities en opgaven die in deze omgevingsvisie zijn beschreven. Bij initiatieven maken we in onze beoordeling een afweging op basis van de mate waarin het initiatief bijdraagt aan de volgende doelstellingen uit de omgevingsvisie. Het initiatief draagt bij aan:

  • Een gezonde, duurzame en veilige leefomgeving. 

  • Het gewenste behoud en de gewenste versterking van de leefomgeving in de kernen en het buitengebied. 

  • Behoud van Hardinxveld-Giessendam als aantrekkelijke, groene en dorpse gemeente met een sterke binding met het water. 

  • De ontwikkelingsambities uit hoofdstuk 3

  • Een samenhangende (integrale) ontwikkeling van de leefomgeving, door het zoveel als mogelijk combineren van activiteiten die meerdere doelen dienen op een plek. 

  • Een vitale regio doordat regionaal afgestemde ambities elkaar versterken. 

  • Als algemene basisvoorwaarde geldt dat in alle gevallen een initiatief geen onevenwichtige negatieve gevolgen mag afwentelen op de sociale en fysieke leefomgeving binnen en buiten de gemeente Hardinxveld-Giessendam.

Bijlage A Regeling PDF Documenten

Bijlage B Informatieobjecten