Regeling gratis vraagafhankelijk vervoer gemeente Maastricht 2026 e.v.

Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 01-04-2026

Intitulé

Regeling gratis vraagafhankelijk vervoer gemeente Maastricht 2026 e.v.

Burgemeester en Wethouders van de gemeente Maastricht d.d. 20 januari 2026, registratienummer 2026.00050, besluiten vast te stellen ‘Regeling gratis vraagafhankelijk vervoer gemeente Maastricht 2026 e.v.’.

In deze regeling wordt beschreven op welke wijze uitvoering wordt gegeven aan compensatie van de kosten voor vraagafhankelijk vervoer voor inwoners met een laag inkomen en een Wmo-indicatie voor Collectief Vraagafhankelijk Vervoer (CVV). Deze regeling vloeit voort uit het beleidskader armoede en schulden ‘We zien je’, door de gemeenteraad vastgesteld op 23 september 2025. Dit op basis van artikel 108 van de Gemeentewet, waarbij de regeling bijdraagt aan de maatschappelijke doelen van de gemeente zoals bestaanszekerheid en gelijke kansen voor iedereen.

Artikel 1. Doelgroep

  • 1. Voor deze regeling komen in aanmerking inwoners van de gemeente Maastricht die beschikken over een geldige Wmo-indicatie voor CVV en een laag inkomen.

  • 2. Als laag inkomen wordt aangemerkt een netto gezamenlijk maandinkomen (exclusief vakantiegeld) tot 110% van de voor de huishoudsituatie (alleenstaande, alleenstaande ouder en gehuwden/samenwonenden) van toepassing zijnde bijstandsnorm exclusief vakantiegeld. De individuele inkomstenstoeslag wordt niet in aanmerking genomen.

  • 3. Bij het bepalen van de bijstandsnorm wordt de kostendelersnorm niet toegepast.

  • 4. De bijstandsnorm genoemd in artikel 23 van de Participatiewet wordt niet gehanteerd voor personen verblijvend in een WLZ-inrichting. Personen in deze situatie worden beoordeeld op basis van hun leefvorm, niet op basis van hun woonsituatie. Daarom dient voor deze personen artikel 23 van de Participatiewet buiten beschouwing gelaten te worden en dient rekening te worden gehouden met de normering op grond van artikelen 20 tot en met 22 en artikel 24 en artikel 24 a van de Participatiewet.

Artikel 2. Ambtshalve toekenning en aanvraag

  • 1. In het kader van dienstverlening, vereenvoudiging van regelgeving en aanpak van non-gebruik wordt in beginsel uitvoering gegeven aan ambtshalve toekenning. De inwoner komt in aanmerking voor ambtshalve toekenning wanneer wordt voldaan aan de voorwaarden van artikel 1 van deze regeling.

  • 2. Wanneer de inwoner in de voorliggende periode van 12 maanden van de indicatie voor CVV gebruik heeft gemaakt van een andere voorziening waarbij via een inkomenstoets is vastgesteld dat men voldoet aan de inkomensgrens van minder dan 110% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm, wordt gesteld dat wordt voldaan aan de voorwaarden van artikel 1.

  • 3. Wanneer een ambtshalve toekenning niet mogelijk is vanwege onvoldoende gegevens om het recht op compensatie vast te stellen, kan een aanvraag worden ingediend bij Sociale Zaken Maastricht Heuvelland door middel van een daarvoor bestemd aanvraagformulier, met verstrekking van de vermelde bewijsstukken.

  • 4. Bij het ontbreken van gegevens dan wel bewijsstukken wordt de aanvrager eenmaal in de gelegenheid gesteld om de ontbrekende gegevens dan wel bewijsstukken binnen een gestelde termijn aan te vullen. Indien de ontbrekende gegevens of bewijsstukken niet binnen de gestelde termijn worden overgelegd, kan de aanvraag niet in behandeling worden genomen.

  • 5. De compensatie gaat in per datum van aanvraag. In het geval van een ambtshalve toekenning gaat de compensatie in per 1 januari van het betreffende jaar, met uitzondering van de compensatie over het jaar 2026. In 2026 gaat de compensatie bij ambtshalve toekenning in per 1 april 2026. De toekenning geldt per kalenderjaar.

  • 6. Wanneer de CVV-indicatie voor langere tijd is afgegeven en de verwachting is dat het inkomen van de inwoner buiten jaarlijkse indexeringen niet zal veranderen kan de compensatie worden verlengd voor 5 jaar.

  • 7. Zowel de ambtshalve toekenning als de beslissing op de aanvraag worden schriftelijk medegedeeld aan de inwoner. Op de aanvraag wordt binnen 8 weken na ontvangst beslist.

Artikel 3. Hoogte compensatie

  • 1. Gemeente Maastricht financiert maximaal 590 zones per kalenderjaar. Vervoer dat het maximale aantal zones overstijgt komt niet in aanmerking voor een compensatie.

  • 2. De toegekende compensatie wordt rechtstreeks verrekend met de vervoersaanbieder.

Artikel 4. Hardheidsclausule

Het college kan in individuele bijzondere gevallen afwijken van de bepalingen in deze uitvoeringsregeling, als toepassing daarvan tot onbillijkheden van overwegende aard leidt.

Artikel 5. Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1. Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 april 2026.

  • 2. Deze regeling kan worden aangehaald als: ‘Regeling Gratis Vraagafhankelijk Vervoer gemeente Maastricht 2026 e.v.’.

Ondertekening

Aldus besloten door het College van Burgemeester en Wethouders van Maastricht d.d. 20 januari 2026,

Burgemeester en Wethouders van Maastricht,

De Secretaris a.i.,

G.G.H.M. Haanen

De Burgemeester,

W.A.G. Hillenaar

Toelichting

Algemeen

Deze regeling is bedoeld als ondersteuning voor inwoners met een laag inkomen die vanwege hun beperkingen geen of verminderd gebruik kunnen maken van de reguliere vervoersvoorziening. Hierdoor worden ze vaker geconfronteerd met extra kosten en hebben zij geen mogelijkheid om gebruik te maken van voorzieningen zoals Dal vrij Reizen Limburg.

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 1

Hierin wordt beschreven welke inwoners van de gemeente Maastricht in aanmerking komen voor compensatie van de kosten voor vraagafhankelijk vervoer. De compensatie is persoonsgebonden. Het kan dus voorkomen dat binnen een huishouden meerdere personen recht hebben op een compensatie.

Artikel 2

Binnen dit artikel worden de ambtshalve toekenning en de toekenning na aanvraag behandeld. De toekenning geldt in beginsel per kalenderjaar met ingang van datum aanvraag dan wel, in het geval van ambtshalve toekenning, 1 januari van het betreffende jaar. Uitbreiding van de toekenningstermijn is mogelijk voor inwoners waarbij de CVV-indicatie voor langere periode is afgegeven en waarvan de verwachting is dat het inkomen niet zal wijzigen binnen afzienbare tijd. Hierbij kan gedacht worden aan inwoners die een Arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangen zoals WAO, WIA of Wajong en Ouderen met alleen een AOW-uitkering.

Artikel 3

Binnen dit artikel wordt het maximaal aantal zones benoemd die in aanmerking komen voor compensatie. De inwoner die in aanmerking komt voor compensatie ontvangt geen geldbedrag. De kosten worden in beginsel door gemeente Maastricht direct voldaan aan de vervoerder.

Artikel 4

Binnen dit artikel wordt aangegeven dat het college op basis van de individuele bijzondere omstandigheden van de persoon ten gunste van de inwoner kan afwijken van de beleidsregels.

Er vindt in beginsel geen compensatie plaats voor de zones boven het maximale aantal tenzij er sprake is van individuele bijzondere omstandigheden die meer reizen noodzakelijk maken.