Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR755946
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR755946/1
Beleidsnota Mantelzorg 2026 - 2030
Geldend van 29-01-2026 t/m heden
Intitulé
Beleidsnota Mantelzorg 2026 - 2030De raad van de gemeente Dinkelland,
gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 15 december 2025, nr. 14 A;
gelet op het advies van de commissie Sociaal Domein en Bestuur van 13 januari 2026;
gelet op de artikelen 2.1.2 en 2.1.6 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en artikel 10.1 van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Dinkelland 2025
[De grondslag bevat een kennelijke verschrijving, hier wordt bedoeld: gelet op de artikelen 2.1.2 en 2.1.6 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en artikel 10.1 van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Dinkelland 2026.]
besluit:
- 1.
De 'Beleidsnota Mantelzorg 2026 - 2030' vast te stellen.
- 2.
Kennis te nemen van het advies van de adviesraad Sociaal Domein Dinkelland.
Voorwoord
In de gemeente Dinkelland vinden we het belangrijk dat iedereen mee kan doen op zijn of haar eigen manier. Ook als dat niet vanzelfsprekend is. Zorgen en ondersteuning voor een ander is waardevol en past bij onze traditie van noaberschap: naar elkaar omkijken, helpen waar nodig en verbonden blijven met de mensen om ons heen. Mantelzorg is een vorm van zorg die vaak onzichtbaar blijft, maar essentieel is voor onze gemeenschap. Het legt het fundament onder een samenleving waarin we elkaar ondersteunen. Dat verdient erkenning én ondersteuning.
Mantelzorg gaat verder dan praktische hulp. Het vraagt om balans, draagkracht en ruimte voor herstel. Voor steeds meer inwoners is het combineren van werk, gezin en zorg een dagelijkse realiteit. Door vergrijzing, een veranderende samenleving en de krapte in de zorg, wordt er steeds vaker een beroep gedaan op mantelzorgers. Dat zien we ook in onze gemeente. En daarom willen wij de komende jaren extra inzetten op ondersteuning, waardering en bewustwording.
We doen dat niet alleen. Dit mantelzorgbeleid is tot stand gekomen samen met mantelzorgers, professionals, vrijwilligers en maatschappelijke organisaties. Zij hebben hun ervaringen, knelpunten en ideeën gedeeld. Hun verhalen vormen de basis van dit beleid. Het resultaat is een koersdocument dat richting geeft. Waar willen we naartoe? Wat gaan we anders doen? En hoe zorgen we dat mantelzorgers zich gezien, gesteund en gewaardeerd voelen?
Mantelzorg raakt ons allemaal: het speelt zich af binnen gezinnen, buurten en kernen. Met dit beleid onderstrepen we dat onze waardering voor mantelzorgers verder gaat dan alleen woorden. We maken die waardering zichtbaar in concrete maatregelen en investeringen die aansluiten bij wat er lokaal nodig is. Zo bouwen we aan een sterke sociale basis waarin mantelzorg vol te houden is, nu en in de toekomst.
We danken iedereen die heeft bijgedragen aan de totstandkoming van dit beleid en kijken uit naar de samenwerking in de uitvoering ervan.
Cel Severijn
Wethouder Gemeente Dinkelland
Hoofdstuk 1: Inleiding
1.1 Aanleiding
Door de dubbele vergrijzing en de toenemende druk op formele en informele zorg (betaalde zorg tegenover onbetaalde zorg) verandert de samenleving sneller dan het ondersteuningsaanbod kan bijbenen. De vraag naar zorg en ondersteuning neemt sterk toe, terwijl het beschikbare aanbod onder druk staat. Ongeveer 1 op de 5 inwoners in Nederland is mantelzorger. Steeds vaker wordt van mantelzorgers verwacht dat zij langdurig en intensief zorg en ondersteuning verlenen aan naasten, naast hun werk, studie en andere maatschappelijke verantwoordelijkheden. Hierdoor neemt het risico op overbelasting toe. De druk op de sociale basis groeit, en mantelzorgers worden een steeds belangrijkere spil in het zorgnetwerk rondom kwetsbare inwoners, terwijl hun eigen draagkracht zwaar op de proef wordt gesteld.
Als definitie voor mantelzorg hanteert MantelzorgNL de definitie van het Sociaal Cultureel Planbureau: “Mantelzorg is alle hulp aan een hulpbehoevende door iemand uit diens directe sociale omgeving. Ook minder intensieve hulp, de hulp aan huisgenoten en de hulp aan instellingsbewoners zijn meegenomen. Mantelzorg is hulp die verder gaat dan de zogenoemde ‘gebruikelijke hulp”. Het gaat daarbij om onbetaalde hulp en mantelzorg kan nooit als een verplichting aan iemand opgelegd worden. Denk bijvoorbeeld hulp aan mensen met een chronische ziekte, beperking, psychische kwetsbaarheid en/of verslaving. Hulp aan mensen zonder gezondheidsbeperkingen, zoals oppassen op gezonde kleinkinderen, valt buiten de definitie.
In de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015) is vastgelegd dat gemeenten verantwoordelijk zijn voor het ondersteunen en waarderen van mantelzorgers. De recente Mantelzorgagenda 2023-2026 van het ministerie van VWS benadrukt het belang van een stevige lokale ondersteuning, waarin waardering, preventie van overbelasting en versterking van de draagkracht centraal staan. Daarnaast wordt in landelijke onderzoeken, zoals van het SCP en MantelzorgNL, gewaarschuwd voor het groeiende aantal zwaar- en overbelaste mantelzorgers.
Ook in lokale beleidskaders zoals de nota Publieke Gezondheid, de nota Financiële Gezondheid en de Sport- en beweegnota onderstreept de gemeente Dinkelland het uitgangspunt dat inwoners volwaardig moeten kunnen meedoen in de samenleving: collectief waar mogelijk, individueel maatwerk waar nodig. Mantelzorg is daarmee een integraal onderdeel van het streven naar een inclusieve, gezonde en verbonden gemeente.
Voor de gemeente Dinkelland is het ondersteunen van mantelzorgers een speerpunt binnen de ambitie Positieve Gezondheid. In het Collegeakkoord van gemeente Dinkelland (2022-2026) is afgesproken dat mantelzorgers zo goed mogelijk ondersteunt worden. Daarom wordt het huidige mantelzorgbeleid geëvalueerd en waar nodig bijgesteld. Het doel is om de druk op mantelzorgers te verlagen. In het mantelzorgbeleid wordt er gefocust op drie groepen mantelzorgers, elk met hun eigen uitdagingen en aanpak:
- •
De jonge mantelzorger: alle groepen kinderen en jongeren die opgroeien met iemand in hun directe omgeving met een zorgsituatie. Deze betekenis ligt in lijn met het uitgangspunt van JMZ Pro.
- •
De werkende mantelzorger: alle werknemers die naast hun baan zorgen voor een naaste.
- •
De oudere mantelzorger: ouderen (vaak 65+) die langdurige intensieve zorg verlenen een naaste (vaak een partner of kinderen).
Om tot dit doel te komen zijn er twee documenten opgeleverd waar verder op gebouwd wordt. De Startfoto mantelzorg 2025 en het lokale behoefteonderzoek, welke de bron vormde voor de Startfoto mantelzorg. Deze documenten brengen de ondersteuning en waardering voor mantelzorgers in beeld en geven aan waar de verbetering nodig is. Hierbij wordt aangesloten op de behoeften van onze mantelzorgers. De beide documenten bevestigen dat mantelzorgers behoefte hebben aan betere ondersteuning, toegankelijke informatie en passende waardering. Specifiek werd duidelijk dat zware belasting vaak samenhangt met beperkte bekendheid van ondersteuningsmogelijkheden, een gebrek aan passende respijtzorg, en onvoldoende maatwerk in waardering.
Deze maatschappelijke ontwikkelingen en lokale inzichten onderstrepen de urgentie om een samenhangend, toekomstgericht en uitvoerbaar mantelzorgbeleid te ontwikkelen. Een beleid dat niet alleen aansluit bij landelijke richtlijnen, maar vooral recht doet aan de wensen en behoeften van de mantelzorgers in Dinkelland. Door te investeren in preventie, waardering, passende ondersteuning en samenwerking wil de gemeente bijdragen aan een sterke sociale basis waarin mantelzorgers hun belangrijke rol kunnen blijven vervullen zonder zichzelf daarbij tekort te doen.
1.2 Probleemstelling
De gemeente Dinkelland staat, net als veel andere gemeenten in Nederland, voor de uitdaging om mantelzorgers beter te ondersteunen en te waarderen. In Dinkelland geeft ongeveer 1 op 5 inwoners mantelzorg. Mantelzorg verlenen kan zowel fysiek als mentaal belastend zijn. Door vergrijzing, arbeidsmarktkrapte in de zorg en het langer thuis blijven wonen stijgt de druk op de mantelzorgers. Dit geldt vooral voor jonge, werkende en oudere mantelzorgers. Lokale onderzoeken tonen aan dat:
- •
Mantelzorgers moeite hebben om werk, studie en zorgtaken te combineren.
- •
Er knelpunten zijn in informatievoorziening en ondersteuningsaanbod.
- •
Waardering voor mantelzorg niet altijd goed aansluit en maatwerk vraagt.
- •
Specifieke doelgroepen, zoals jonge mantelzorgers en werkende mantelzorgers, extra kwetsbaar zijn voor overbelasting.
Daarnaast blijkt uit de behoeftepeiling dat veel mantelzorgers hun zorgtaken niet goed kunnen delen binnen hun netwerk, waardoor het risico op overbelasting verder toeneemt. Vroege signalering, effectieve ondersteuning en een betere waardering zijn noodzakelijk om te voorkomen dat mantelzorgers uitvallen of zelf gezondheidsproblemen ontwikkelen.
1.3 Doelen
Hoofddoel
De gemeente Dinkelland ontwikkelt en implementeert een samenhangend mantelzorgbeleid, dat zorgt voor passende ondersteuning, maatwerk in waardering en versterking van de sociale basis, met specifieke aandacht voor zwaarbelaste en moeilijk bereikbare groepen mantelzorgers.
Subdoelen
- •
Erkennen en waarderen van mantelzorgers als essentieel onderdeel van de sociale basis en deze erkenning structureel borgen in beleid en praktijk.
- •
Ontwikkelen en implementeren van een duidelijke visie en strategisch beleid rond mantelzorg, gericht op inclusieve ondersteuning voor alle typen mantelzorgers.
- •
Verhogen van bewustwording en informatievoorziening onder inwoners, professionals en werkgevers over de rol, behoeften en ondersteuningsmogelijkheden voor mantelzorgers.
- •
Realiseren van passende, flexibele en toegankelijke ondersteuning, waaronder maatwerkvoorzieningen, respijtzorg en praktische hulp voor diverse mantelzorgdoelgroepen.
- •
Bevorderen van integrale en duurzame samenwerking tussen lokale partners, zodat mantelzorgondersteuning breed gedragen en structureel georganiseerd wordt.
1.4 Leeswijzer
Dit document is opgebouwd in een logische volgorde, waarin stap voor stap wordt toegewerkt van analyse naar actie. In hoofdstuk 2 wordt eerst de Startfoto mantelzorg besproken. Deze biedt een overzicht van de ervaringen, behoeften en knelpunten van mantelzorgers in Dinkelland, op basis van onderzoek en gesprekken met betrokkenen. De uitkomsten vormen de basis voor het beleid in dit document. Hoofdstuk 3 gaat in op de landelijke en lokale stand van zaken. Hier worden trends en cijfers uiteengezet die laten zien hoe de druk op mantelzorgers toeneemt en hoe deze ontwikkeling zich vertaalt naar de situatie in de eigen gemeente. Vervolgens worden in hoofdstuk 4 de beleidsambities geformuleerd. Deze ambities zijn gebaseerd op de knelpunten en kansen die in de eerdere hoofdstukken zijn benoemd, en worden gekoppeld aan concrete acties per thema. In hoofdstuk 5 wordt de stap gemaakt naar de uitvoering. Hierin wordt toegelicht welke mensen en middelen nodig zijn, hoe monitoring en evaluatie plaatsvinden, en welke rol communicatie speelt bij het bereiken en ondersteunen van onze mantelzorgers. Hoofdstuk 6 beschrijft ten slotte hoe de uitvoering van het beleid in de praktijk vorm krijgt.
Hoofdstuk 2: Startfoto mantelzorg
Naast de wettelijke taak vanuit de Wmo 2015, heeft de gemeente Dinkelland vanuit de ambitie Positieve Gezondheid de ambitie uitgesproken om mantelzorgers beter te ondersteunen en te waarderen. De dubbele vergrijzing, de stijgende druk op de sociale basis1 en signalen van overbelasting onder mantelzorgers maakten inzicht in de huidige situatie noodzakelijk. Daarom is begin 2025 de Startfoto mantelzorg afgerond, een onderzoek om een helder beeld te krijgen van de behoeften van mantelzorgers, de bestaande ondersteuning en waardering, en knelpunten en kansen te identificeren. De inzichten vormen de basis voor dit beleid op mantelzorgondersteuning en -waardering. Het gehele onderzoek is te vinden in bijlage 1.
Het onderzoek is tot stand gekomen door een combinatie van een behoefteonderzoek onder mantelzorgers, uitgezet via een vragenlijst, en werksessies met professionals en projectgroep leden. In totaal hebben 124 mantelzorgers de vragenlijst volledig ingevuld.
Een belangrijke leidraad in het onderzoek zijn de acht vraaggebieden. Jet Bussemaker lanceerde in 2009 de vraaggebieden als de acht basisfuncties voor mantelzorgondersteuning, zie afbeelding 1. Veel gemeenten hebben het mantelzorgbeleid op basis hiervan ingericht. Deze vraaggebieden bieden houvast bij het creëren van ondersteuning en beleid voor mantelzorgers. Een goede structuur houdt in dat op elk vraaggebied een variatie aan ondersteuningsvormen beschikbaar is, aangeboden door gemeenten, zorgaanbieders, verenigingen of vrijwilligersorganisaties.
De acht vraaggebieden zijn als volgt:
- 1.
Informatie en advies: Mantelzorgers hebben behoefte aan informatie over ziektebeelden, beschikbare zorg en ondersteuningsregelingen.
- 2.
Persoonlijke begeleiding: Ondersteuning om als mantelzorger regie te houden en balans te bewaren door middel van coaching en begeleiding.
- 3.
Emotionele steun: Een luisterend oor, begrip en erkenning van lotgenoten, familie, vrienden of professionals.
- 4.
Educatie: Trainingen en cursussen gericht op het versterken van de draagkracht van mantelzorgers.
- 5.
Praktische hulp: Ondersteuning in dagelijkse taken zoals huishoudelijke hulp, hulp door vrijwilligers of ondersteuning bij het aanvragen van zorg.
- 6.
Materiële steun: Beschikbaarheid van hulpmiddelen voor mantelzorgers en zorgvragers om de zorgtaken te verlichten.
- 7.
Financiële ondersteuning: Tegemoetkomingen in kosten verbonden aan mantelzorg, zoals onkosten of inkomstenderving.
- 8.
Vervangende zorg: Respijtzorgmogelijkheden, zoals tijdelijke overname van zorgtaken om mantelzorgers te ontlasten.
Afbeelding 1: Overzicht acht vraaggebieden, MantelzorgNL.
De belangrijkste bevindingen en aanbevelingen uit het behoefteonderzoek zijn:
- •
Veel mantelzorgers ervaren moeite om mantelzorg te combineren met werk, studie of andere verplichtingen.
- •
Onbekendheid met bestaande ondersteuningsmogelijkheden vormt een grote drempel.
- •
Zwaar- tot overbelaste mantelzorgers ervaren vaker knelpunten in ondersteuning en maatwerk ontbreekt regelmatig.
- •
Waardering door de gemeente is gewenst, maar behoeft maatwerk.
- •
Samenwerking tussen organisaties is versnipperd en verbetering van afstemming is nodig.
De Startfoto mantelzorg toont aan dat er in Dinkelland noodzaak is voor versterking van bewustwording, toegankelijke en passende ondersteuning, betere informatievoorziening, erkenning van mantelzorgers en duurzame samenwerking. Bij deze aanbevelingen wordt de koppeling gemaakt met de acht vraaggebieden. Door de acht vraaggebieden als fundament te gebruiken, kan de gemeente een integraal en toekomstgericht mantelzorgbeleid ontwikkelen dat aansluit bij de diverse behoeften van mantelzorgers.
In het volgende hoofdstuk wordt ingezoomd op landelijke en lokale cijfers en ontwikkelingen, om het fundament onder onze beleidskeuzes verder te onderbouwen.
Hoofdstuk 3: Stand van zaken in Dinkelland
3.1 Landelijke situatie
Cijfers over mantelzorg
De maatschappelijke waarde van mantelzorg is enorm. Zonder mantelzorgers zou de formele zorg in Nederland fors onder druk staan. De economische waarde van informele zorg wordt door het Sociaal en Cultureel Planbureau geschat op miljarden euro's per jaar.
In Nederland zijn naar schatting ongeveer 1 op de 5 mensen actief als mantelzorger. Mantelzorg is daarmee een wijdverspreid en essentieel onderdeel van de structuur in onze samenleving. Mantelzorg komt voor in alle leeftijdsgroepen en maatschappelijke lagen. De betrokkenheid bij mantelzorg varieert sterk per leeftijdsgroep, zoals weergegeven in Tabel 1.
|
Jongeren* |
Jongvolwassenen** |
Volwassenen*** |
Senioren*** |
|
|
Nederland |
21% |
7% |
13% |
16% |
Tabel 1: Percentage mantelzorgers in Nederland. * cijfers uit de Gezondheidsmonitor Jeugd 2023. ** cijfers uit de Gezondheidsmonitor Jongvolwassenen 2024 *** cijfers uit de Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2024.
Mantelzorgers vervullen uiteenlopende taken zoals persoonlijke verzorging, begeleiding, emotionele steun, toezicht en hulp bij huishoudelijke werkzaamheden. De gemiddelde tijdsbesteding aan mantelzorg bedraagt 7,4 uur per week. Echter, bij mantelzorgers die zich zwaarbelast voelen, kan de belasting oplopen tot meer dan 20 uur per week.
Van alle mantelzorgers voelt ongeveer 10% zich zwaar tot overbelast. Deze groep loopt aanzienlijk meer risico op gezondheidsproblemen, oververmoeidheid, psychische klachten en sociale isolatie. Dit kan vervolgens leiden tot uitval van werk, studie of andere maatschappelijke participatie.
Een bijzondere risicogroep binnen de mantelzorgers zijn de jonge mantelzorgers. Naar schatting groeit één op de vier jongeren op in een gezin waarin sprake is van extra zorgtaken, bijvoorbeeld voor een ouder met een lichamelijke of psychische aandoening of een verslaving. Jonge mantelzorgers ervaren vaker emotionele belasting en hebben een verhoogd risico op schooluitval, psychische klachten en een verstoorde ontwikkeling.
Verder blijkt uit onderzoek van MantelzorgNL (2024) dat mantelzorg in veel gevallen langdurig is. Circa 40% van de mantelzorgers verleent langer dan drie jaar zorg aan hun naaste. Vooral mantelzorg voor mensen met dementie, chronische ziekten, lichamelijke- en/of verstandelijke beperkingen, niet-aangeboren-hersenletsel en psychische problematiek is langdurig en intensief. Deze langdurige inzet zonder adequate ondersteuning vergroot het risico op uitputting en gezondheidsproblemen.
Trends en ontwikkelingen
Mantelzorg in Nederland staat onder invloed van diverse maatschappelijke trends die de druk op mantelzorgers verder vergroten. Een belangrijke ontwikkeling is de dubbele vergrijzing. Niet alleen neemt het aantal ouderen toe, ook de levensverwachting stijgt, waardoor ouderen langer zorg nodig hebben. Tegelijkertijd daalt het aantal potentiële mantelzorgers door een afname van geboortecijfers en veranderingen in gezinssamenstellingen. Hierdoor ontstaat een steeds groter beroep op een steeds kleinere groep mantelzorgers.
Afbeelding 2: Trends en ontwikkelingen in Nederland.
Tegelijkertijd wordt er een toenemende druk op informele zorg gezien. Beleidsmaatregelen zijn steeds meer gericht op het langer zelfstandig thuis blijven wonen van ouderen en mensen met een beperking. Hierdoor wordt van het sociale netwerk — en dus van mantelzorgers — verwacht dat zij meer zorgtaken op zich nemen. Dit verhoogt de belasting, zeker in situaties waarin professionele zorg niet voldoende beschikbaar is.
Een andere trend is dat circa 35% van de werkende mantelzorgers knelpunten ervaren bij het combineren van werk en mantelzorg. De noodzaak om arbeidsparticipatie te blijven combineren met zorgtaken leidt tot spanningen, ziekteverzuim en in sommige gevallen uitstroom uit het arbeidsproces. De impact op de werk-privébalans is aanzienlijk, zeker wanneer werkgevers weinig oog hebben voor de ondersteuningsbehoeften van werkende mantelzorgers. En dat terwijl de rol van de werkgever van grote invloed kan zijn voor de mantelzorger. Het goede gesprek tussen werkgever en werknemers met een zware mantelzorgtaken kan hierin ondersteunend zijn. De vraag ‘wat zou jou helpen” staat hierin centraal.
Daarnaast groeit de behoefte aan respijtzorg en andere ondersteuningsvormen. Mantelzorgers zoeken naar flexibele, laagdrempelige en toegankelijke manieren om hun zorgtaken tijdelijk over te dragen. De vraag naar maatwerkvoorzieningen zoals casemanagement, kortdurende opvang en dagbesteding neemt daarom toe. Gemeenten en zorgorganisaties worden uitgedaagd om hun ondersteuningsaanbod hier beter op af te stemmen.
Tot slot verandert ook de maatschappelijke verwachting rondom mantelzorg. Steeds vaker wordt mantelzorg als vanzelfsprekend gezien, waardoor mantelzorgers zichzelf minder snel als zodanig identificeren en minder snel hulp durven of willen vragen. Dit vergroot het risico op verborgen overbelasting en sociaal isolement. De maatschappelijke druk en het ontbreken van erkenning maken het moeilijker voor mantelzorgers om grenzen aan te geven en tijdig ondersteuning te zoeken.
3.2 Lokale situatie in Dinkelland
Cijfers over mantelzorg
In de gemeente Dinkelland speelt mantelzorg een belangrijke rol binnen de sociale basis. In tabel 2 zijn de gegevens uit de GGD-monitor weergegeven:
|
Jongeren* |
Jongvolwassenen** |
Volwassenen*** |
Senioren*** |
|
|
Dinkelland |
18% |
7% |
18% |
16% |
|
Nederland |
21% |
7% |
13% |
16% |
Tabel 2: Percentage mantelzorgers gemeente Dinkelland. * cijfers uit de Gezondheidsmonitor Jeugd 2023. ** cijfers uit Gezondheidsmonitor Jongvolwassenen 2024 *** cijfers uit de Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2024.
Volgens de resultaten uit de Startfoto mantelzorg en het behoefteonderzoek uitgevoerd onder lokale mantelzorgers, is ongeveer 1 op de 5 inwoners actief als mantelzorger. Dit benadrukt dat mantelzorg een onmisbaar onderdeel vormt van de gemeenschap.
Opvallend is dat 47% van de mantelzorgers aangeeft de enige zorgverlener voor hun naaste te zijn. Dit betekent dat bijna de helft van de mantelzorgers de zorgtaken niet kan delen met anderen, wat de druk op deze groep aanzienlijk vergroot. Het delen van zorgtaken binnen een sociaal netwerk wordt algemeen gezien als een belangrijke beschermende factor tegen overbelasting.
Van de mantelzorgers in Dinkelland ervaart 82% van de zwaarbelaste mantelzorgers knelpunten in de ondersteuning. Knelpunten betreffen vooral het niet aansluiten van het bestaande ondersteuningsaanbod op de specifieke behoeften van de mantelzorger, de bureaucratische complexiteit en een gebrek aan maatwerk.
Ook op het gebied van werk en mantelzorg blijkt de situatie zorgwekkend: 34% van de werkende mantelzorgers geeft aan mantelzorg en werk slecht of matig te kunnen combineren. Dit percentage ligt in lijn met landelijke cijfers en wijst op de noodzaak om lokaal werk- en mantelzorgvriendelijk beleid te stimuleren. Het valt op dat bij de groep 35 – 55 jarigen deze druk het grootste is. Dit komt ook naar voren in de cijfers. Inwoners tot en met 55 jaar (52% tegen 19% bij groep 56-plus) voelen zich veel vaker tamelijk zwaar of zwaar- tot overbelast. Dit verschil laat zich met name verklaren door de mate waarin respondenten de mantelzorg met andere zorgen weten te combineren. Zij ervaren een opstapeling van werk, zorg voor de kinderen, vrijwilligerswerk, noaberschap en mantelzorg.
Daarnaast geven lokale mantelzorgers aan gemiddeld 4,5 vormen van ondersteuning te bieden, variërend van praktische hulp tot intensieve persoonlijke verzorging, toezicht en emotionele steun. Vergeleken met landelijke gemiddelden is het aandeel mantelzorgers dat zorgtaken op zich neemt bij mensen met dementie in Dinkelland hoger dan gemiddeld. Dit vraagt om specifieke aandacht voor ondersteuning gericht op dementiezorg.
Een ander belangrijk knelpunt blijkt de onbekendheid met bestaande ondersteuningsmogelijkheden. Veel mantelzorgers weten niet dat er hulp beschikbaar is of ervaren een hoge drempel om gebruik te maken van bestaande voorzieningen. Dit leidt ertoe dat noodzakelijke ondersteuning vaak niet wordt benut.
Trends en ontwikkelingen
De lokale trends in Dinkelland sluiten grotendeels aan bij de landelijke ontwikkelingen, maar vertonen ook enkele eigen accenten. Zo blijkt dat de onbekendheid met het bestaande aanbod van mantelzorgondersteuning groter is dan het landelijk gemiddelde. Veel mantelzorgers zien zichzelf niet als mantelzorger, wat maakt dat zij geen gebruik maken van de beschikbare ondersteuning.
Daarnaast is er een duidelijke behoefte aan maatwerk. Standaardoplossingen voldoen vaak niet aan de specifieke situatie van de mantelzorger en diens naaste. De complexiteit van mantelzorgsituaties — bijvoorbeeld bij meervoudige problematiek zoals dementie gecombineerd met lichamelijke beperkingen — vraagt om flexibele en persoonsgerichte ondersteuning.
Ook op het gebied van samenwerking zijn verbeteringen nodig. De ondersteuning voor mantelzorgers is momenteel versnipperd over verschillende organisaties en loketten. Er ontbreekt vaak een integrale benadering waarbij de mantelzorger centraal staat. Zowel mantelzorgers als professionals signaleren dat betere afstemming en samenwerking tussen organisaties nodig is.
Emotionele belasting en gevoelens van eenzaamheid spelen een grote rol bij zwaarbelaste mantelzorgers in de gemeente Dinkelland. Het daarbij ontbreken van een sociaal vangnet voor de mantelzorger (door het geven van mantelzorg en de tijdsinvestering) vergroot het risico op overbelasting. Daarom is investeren in respijtzorg, lotgenotencontact en het versterken van de sociale basis van groot belang.
3.3 Hoe is mantelzorgondersteuning georganiseerd?
In de gemeente Dinkelland is de mantelzorgondersteuning decentraal georganiseerd, onder regie van de gemeente zelf. De toeleiding en de feitelijke uitvoering is grotendeels belegd bij Sociaal Werk Tubbergen Dinkelland (SWTD) en laagdrempelige toegangspunten zoals Schakel. SWTD speelt hierin een centrale rol en is verantwoordelijk voor de coördinatie en uitvoering van mantelzorgondersteuning. Schakel functioneert in de gemeente als een laagdrempelig toegangspunt waar inwoners terecht kunnen met vragen over zorg, ondersteuning en onder andere mantelzorg.
SWTD biedt een breed pakket aan diensten voor mantelzorgers. Mantelzorgers kunnen bij SWTD terecht voor persoonlijke begeleiding door gespecialiseerde sociaal werkers die ondersteuning bieden in het vinden van passende hulp, maar ook voor praktische zaken zoals informatie, advies en emotionele steun. SWTD organiseert tevens bijeenkomsten en lotgenotencontacten, waarin mantelzorgers ervaringen kunnen delen en ondersteuning kunnen vinden bij elkaar. Daarnaast verzorgt SWTD trainingen en cursussen gericht op het versterken van de draagkracht van mantelzorgers, bijvoorbeeld cursussen over omgaan met dementie. Ook is er specifieke aandacht voor jonge mantelzorgers.
Schakel biedt aanvullend informatie en advies op het gebied van mantelzorg en vervult een belangrijke rol in de toeleiding naar het ondersteuningsaanbod van SWTD en andere mogelijke organisaties. Daarmee is Schakel een netwerkorganisatie bestaande uit SWTD en de gemeente. Medewerkers van Schakel helpen inwoners met het aanvragen van voorzieningen, bijvoorbeeld voor respijtzorg of hulpmiddelen, en verwijzen waar nodig door naar geïndiceerde zorg.
Door deze samenwerking is er een basisstructuur neergezet waarin informatievoorziening, ondersteuning en doorverwijzing integraal met elkaar verbonden zijn. Echter, zoals ook blijkt uit de Startfoto mantelzorg, zijn er nog verbeterpunten in bekendheid, toegankelijkheid en maatwerk binnen deze bestaande structuur.
In het volgende hoofdstuk worden deze inzichten naar vijf concrete beleidsambities met bijbehorende acties vertaald.
Hoofdstuk 4: Ambities
De gemeente Dinkelland erkent mantelzorgers als onmisbaar onderdeel in het lokale zorgnetwerk. In lijn met de uitkomsten van de Startfoto mantelzorg wordt er gestreefd naar een samenleving waarin mantelzorgers hun zorgtaken duurzaam, gezond en met voldoende ondersteuning kunnen combineren met andere levensdomeinen, zoals werk, studie en vrije tijd.
In dit hoofdstuk worden de cijfers, trends en ontwikkelingen vertaald naar de lokale uitdagingen en ambities. De vijf kernpunten die centraal staan, zijn direct afgeleid uit de analyse van de Startfoto mantelzorg en sluiten aan op de landelijke ontwikkelingen en gemeentelijke prioriteiten binnen het sociaal domein. Om een volledig en integraal beeld te geven, worden de ambities bovendien gekoppeld aan de acht landelijke vraaggebieden voor mantelzorgondersteuning. Deze koppeling wordt gemaakt omdat deze vraaggebieden de breedte en diepgang van goede mantelzorgondersteuning inzichtelijk maken en richting geven aan lokaal beleid.
Onze beleidsambities voor 2026-2030 richten zich op vijf kernpunten:
- •
Ambitie 1: Strategische visievorming
- •
Ambitie 2: Versterking van samenwerking
- •
Ambitie 3: Erkenning van de positie van mantelzorgers
- •
Ambitie 4: Bewustwording en informatievoorziening
- •
Ambitie 5: Passende en toegankelijke ondersteuning
In Tabel 3 is een overzicht te zien waarin duidelijk wordt hoe de verschillende ambities bijdragen aan de acht vraaggebieden voor mantelzorg. De ambities worden in de volgende hoofdstukken verder uitgewerkt.
|
Vraaggebied |
Ambitie 1 |
Ambitie 2 |
Ambitie 3 |
Ambitie 4 |
Ambitie 5 |
|
Informatie en advies |
X |
X |
X |
X |
|
|
Persoonlijke begeleiding |
X |
X |
X |
X |
|
|
Emotionele steun |
X |
X |
X |
X |
|
|
Educatie |
X |
X |
X |
X |
|
|
Praktische hulp |
X |
X |
X |
||
|
Materiële hulp |
X |
X |
X |
||
|
Financiële ondersteuning |
X |
X |
X |
X |
|
|
Vervangende zorg (respijtzorg) |
X |
X |
X |
Tabel 3: Overzicht ambities in relatie tot de acht vraaggebieden mantelzorg.
4.1 Strategische visievorming
“Een stevig en samenhangend beleid opstellen voor mantelzorg dat structureel is ingebed in het sociaal domein van de gemeente Dinkelland.”
Waarom is deze ambitie belangrijk?
Zowel uit de Startfoto mantelzorg als het behoefteonderzoek blijkt dat het huidige beleid op mantelzorg niet de juiste doelgroep bereikt en vaak afhankelijk is van incidentele inzet of tijdelijke projecten. Dit maakt ondersteuning kwetsbaar en onvoorspelbaar. Gemeenten hebben vanuit de Wmo 2015 een wettelijke opdracht om mantelzorgers te ondersteunen. Die verantwoordelijkheid vraagt om een lange termijnvisie, duidelijke beleidskeuzes en borging in gemeentelijke programma’s.
In de lokale praktijk wordt mantelzorg nog te weinig meegenomen als integraal onderdeel van brede beleidsdomeinen zoals gezondheid, participatie, jeugd, onderwijs en werk. Hierdoor ontstaan kansen op versnippering van ondersteuning, onduidelijke toegang en gebrek aan regie. Strategisch beleid helpt om koers te bepalen, middelen doelgericht in te zetten en samenhang tussen partners en domeinen te versterken.
Landelijke ontwikkelingen zoals de Hervormingsagenda jeugd en de Mantelzorgagenda VWS benadrukken het belang van gemeentelijke regie, structurele samenwerking en gedeelde verantwoordelijkheid. Door mantelzorg stevig te positioneren binnen het sociaal domein kunnen gemeenten proactief inspelen op trends zoals dubbele vergrijzing, werkdruk onder mantelzorgers en de toename van complexe zorgsituaties thuis.
Acties:
- •
Ontwikkelen van beleid 'Mantelzorg 2026-2030', gekoppeld aan het bredere beleidsplan sociaal domein.
- •
Benoemen van een vaste beleidsadviseur mantelzorg binnen de organisatie met duidelijke taak- en rolomschrijving.
- •
Tussentijdse actualisatie op het uitvoeringsplan op basis van monitoring en signalen uit het veld.
4.2 Versterking van samenwerking mantelzorg
“Het versterken en verbeteren van de samenwerking met alle betrokken partijen rondom mantelzorg door samenwerking overzichtelijker te maken en beter op elkaar af te stemmen.”
Waarom is deze ambitie belangrijk?
Uit het behoefteonderzoek en de Startfoto mantelzorg blijkt dat mantelzorgers knelpunten ervaren in de toegankelijkheid en afstemming van ondersteuning. Bureaucratie, onvoldoende samenwerking en het ontbreken van maatwerk leiden ertoe dat met name zwaarbelaste mantelzorgers niet de juiste hulp krijgen op het juiste moment. Ook professionals benoemen dat informatievoorziening en samenwerking tussen instanties onvoldoende op elkaar afgestemd zijn.
Daarnaast blijkt dat mantelzorgers niet altijd weten waar ze terecht kunnen. Dit vergroot de kans op overbelasting, zeker bij doelgroepen zoals werkende en jonge mantelzorgers. Het ontbreken van integrale samenwerking belemmert een tijdige en passende ondersteuning.
In de Startfoto mantelzorg wordt benadrukt dat het belangrijk is dat organisaties die met mantelzorg te maken hebben, goed met elkaar samenwerken en elkaar makkelijk kunnen vinden. Denk bijvoorbeeld aan een versterking van de samenwerking tussen SWTD, Wijkracht, Schakel, MantelzorgNL, huisartsen, beleidsmedewerkers/consulenten van de gemeente, dorpsondersteuners en anderen. Alleen dan kunnen mantelzorgers op tijd en op de juiste manier geholpen worden. Dat vraagt om samenwerking op verschillende niveaus: in de dagelijkse praktijk, in afspraken tussen organisaties en in het beleid van de gemeente.
Acties:
- •
Samen met de welzijnsorganisatie kijken naar een optimale inzet van middelen en capaciteit op basis van het mantelzorgbeleid. Hierbij ligt de nadruk op het versterken van de tactische laag: van vertaling van beleid naar uitvoering, en omgekeerd.
- •
Ontwikkelen en instellen van een lokaal Netwerk mantelzorg Dinkelland, waarin onder andere de gemeente, de welzijnsorganisatie(s), de dorpsondersteuners, onderwijs, ondernemers en een aantal vrijwilligers op mantelzorg samenkomen om ervaringen te delen, knelpunten te bespreken en gezamenlijk tot verbeteringen te komen. Dit gebeurt 1x per jaar.
- •
Opstellen van een jaarlijks integraal ondersteuningsplan voor mantelzorgers, waarin duidelijk staat wie wat doet, hoe de onderlinge samenwerking verloopt en welke afspraken er zijn over afstemming en communicatie. Dit is op basis van de input van het mantelzorgbeleid.
- •
Organiseren van casuïstiekbesprekingen in het netwerk om van elkaar te leren en samen te zoeken naar passende oplossingen bij complexe situaties.
- •
Ontwikkelen van een gezamenlijke kalender voor mantelzorgers, met bijeenkomsten, trainingen en themadagen over actuele onderwerpen zoals jonge mantelzorgers, respijtzorg en de combinatie van werk en mantelzorg. Dit is in samenwerking tussen de gemeente en welzijnsorganisatie(s).
- •
Vastleggen van structureel halfjaarlijks overleg tussen gemeente en welzijnsorganisatie(s), waarin regelmatig wordt besproken hoe de ondersteuning verloopt, welke signalen er uit de praktijk komen en welke verbeteringen nodig zijn.
4.3 Erkenning van de positie van mantelzorgers
“Meer mantelzorgers herkennen, erkennen en ondersteunen als essentieel onderdeel van de sociale basis.“
Door hen beter in beeld te brengen, bureaucratische drempels weg te nemen, hun zichtbaarheid te vergroten en hun behoeften centraal te stellen in beleid en praktijk, kan hun draagkracht worden versterkt en kan overbelasting worden voorkomen.
Waarom is deze ambitie belangrijk?
In de sociale basis van Dinkelland is mantelzorg een onmisbaar onderdeel. Mantelzorgers nemen een centrale plek in binnen netwerken van zorg en ondersteuning, maar hun positie wordt lang niet altijd als zodanig erkend. Uit de Startfoto mantelzorg blijkt dat mantelzorgers vaak verdwalen in het systeem, van het kastje naar de muur worden gestuurd en onvoldoende weten waar ze terechtkunnen. Veel mantelzorgers ervaren regeldruk en missen overzicht en duidelijkheid. Tegelijkertijd geven zij aan behoefte te hebben aan erkenning, ondersteuning en ruimte voor eigen herstel.
Het behoefteonderzoek toont aan dat 47% van de mantelzorgers de enige zorgverlener is voor hun naaste, wat de kans op overbelasting sterk vergroot. Vooral zwaarbelaste mantelzorgers geven aan dat ondersteuning onvoldoende aansluit en dat maatwerk ontbreekt. De erkenning van mantelzorgers is dan ook geen symbolisch gebaar, maar een noodzakelijke voorwaarde om deze groep in staat te stellen hun zorgtaken vol te houden.
Door meer mantelzorgers actief te erkennen kan er voor gezorgd worden dat zij zich gezien en ondersteund voelen. Dit versterkt hun draagkracht, verlaagt de drempel om hulp te vragen, en draagt bij aan een maatschappelijke beweging waarin mensen op elkaar kunnen terugvallen. Het expliciet erkennen van mantelzorgers, zoals aanbevolen in de Mantelzorgagenda VWS (2023) draagt bij aan duurzame ondersteuning, een sterke sociale basis en betere zorg voor iedereen.
Acties:
- •
Jaarlijks een herkennings- en waarderingsmoment organiseren rondom de Dag van de mantelzorg, met een combinatie van ontmoeting, ontspanning en informatie, afgestemd op diverse doelgroepen onder mantelzorg (jonge, werkende en oudere mantelzorgers).
- •
Scholing voor uitvoerende professionals en vrijwilligers gericht op het vroegtijdig herkennen en gericht doorverwijzen van mantelzorgers, met gebruik van herkenbare signaleringskaarten.
- •
Standaardvragen opnemen in intake- en keukentafelgesprekken waarmee mantelzorgers tijdig in beeld komen en op maat ondersteund kunnen worden.
- •
Verkenning van een 'mantelzorgvriendelijke organisatie' in gesprekken met partnerorganisaties zoals het onderwijs en ondernemers, gericht op het verbeteren van combinatie werk, school en zorg. Het is van belang dat de gemeente zelf het goede voorbeeld geeft door het ontwikkelen levensfasebewust personeelsbeleid, waarbij mantelzorg één van de thematieken is.
- •
Organiseer contactmomenten voor lotgenotencontact. Hierbij wordt er onderscheid gemaakt in de drie verschillende doelgroepen. Met name jonge mantelzorgers hebben behoefte aan herkenning en erkenning en onderlinge steun.
4.4 Bewustwording en informatievoorziening
"Inwoners en professionals in Dinkelland herkennen mantelzorgers in hun omgeving en weten hen gericht te informeren over lokale ondersteuning."
Waarom is deze ambitie belangrijk?
Uit het behoefteonderzoek en de Startfoto mantelzorg blijkt dat veel mantelzorgers zichzelf niet als zodanig herkennen, waardoor zij geen gebruik maken van bestaande ondersteuningsmogelijkheden. Onbekendheid is een belangrijke drempel: 42% van de niet-gebruikers van mantelzorgondersteuning geeft aan de mogelijkheden niet te kennen. Dit leidt tot onbenut potentieel in de ondersteuning, hogere kans op overbelasting en onnodige uitval. Daarnaast signaleren professionals versnippering en gebrek aan zicht op het bestaande aanbod.
Het versterken van bewustwording draagt bij aan tijdige signalering, het verlagen van de drempel om hulp te vragen en het vergroten van draagkracht. Goede en toegankelijke informatievoorziening is essentieel voor het benutten van bestaande ondersteuning en het verminderen van regeldruk. Een samenleving waarin mantelzorg gezien en gewaardeerd wordt, voorkomt overbelasting en maakt zorg duurzamer.
Acties:
- •
Het opstellen van een gezamenlijk communicatieplan (gericht op de drie doelgroepen), waarbij de uitvoerende welzijnsorganisatie(s) en de gemeente de communicatie op elkaar afstemt. In het communicatieplan komen onder andere de volgende onderdelen terug:
- o
Uitvoeren van lokale bewustwordingsacties, zoals jaarlijkse aandacht rond de Dag van de mantelzorg en de Week van de jonge mantelzorger. Hierbij worden waar mogelijk herkenbare verhalen uit Dinkelland gedeeld via (digitale) media.
- o
Vergroten van de bekendheid van mantelzorgondersteuning via bestaande structuren, zoals dorpsondersteuners, huisartspraktijken, scholen, bibliotheken en Schakel. De gemeente zorgt ervoor dat deze partijen beschikken over actuele en toegankelijke informatie.
- o
Aanscherpen van de Wegwijzer Mantelzorg door actualisatie van de bestaande informatie en verspreiding via lokale netwerken zoals welzijnsorganisatie(s), Schakel en scholen. Waar mogelijk wordt aangesloten bij bestaande communicatie of gemeentelijke uitingen.
- o
Inzetten van bestaande communicatiekanalen, zoals gemeentelijke nieuwsbrieven en websites. Informatie wordt in eenvoudige taal gedeeld, met voorbeelden uit de regio. Ook Fit & Vitaal en Schakel worden structureel ingezet als communicatiekanalen.
- o
Delen van ervaringsverhalen, twee keer per jaar in de (digitale) media. Deze verhalen maken verschillende doelgroepen, zoals jonge en werkende mantelzorgers, zichtbaar.
- o
- •
Scholen betrekken bij het herkennen en ondersteunen van jonge mantelzorgers, door een nauwe samenwerking tussen scholen, jeugdteams, welzijnswerkers en dorpsondersteuners. Hiervoor starten de welzijnsorganisaties met gesprekken met scholen. Dit kan uiteindelijk uitgebreid worden naar een bijeenkomst voor onderwijsprofessionals. Dezelfde methodiek is ook toepasbaar bij ondernemers om de werkende mantelzorger onder de aandacht te brengen.
- •
Verduidelijken van de rol van de sociaal werkers in relatie tot mantelzorg. Het moet voor de drie doelgroepen duidelijk zij bij wie ze terecht kunnen met vragen.
4.5 Passende en toegankelijke ondersteuning
"Realiseren van passende en toegankelijke ondersteuning voor alle mantelzorgers, jong en oud."
Waarom is deze ambitie belangrijk?
Uit zowel de Startfoto mantelzorg als het behoefteonderzoek blijkt dat veel mantelzorgers in Dinkelland moeite hebben om passende ondersteuning te vinden. Vooral zwaar- tot overbelaste mantelzorgers (82%) geven aan dat ondersteuning niet aansluit bij hun behoeften. Ze ervaren bureaucratie, langdurige wachttijden, versnippering van het aanbod en een gebrek aan maatwerk. Er is behoefte aan een aanspreekpunt wanneer er iets nodig is, of als er wat gebeurd. Met name de regelzaken moeten daarbij gemakkelijker worden.
Volgens de Startfoto Mantelzorg blijkt dat 47% van de mantelzorgers de enige zorgverlener is voor hun naaste. Dit vergroot de kans op overbelasting aanzienlijk. Daarbij geeft een groot deel van de mantelzorgers aan dat ondersteuning voornamelijk is gericht op de zorgvrager en onvoldoende rekening houdt met hun eigen situatie. In de werksessies kwam ook naar voren dat het toepassen van starre regelgeving en schotten tussen domeinen de toegankelijkheid van ondersteuning belemmeren.
Het behoefteonderzoek laat zien dat mantelzorgers gemiddeld 4 tot 5 soorten hulp bieden, waaronder persoonlijke verzorging, toezicht en emotionele steun. Deze intensieve zorg leidt bij een aanzienlijke groep (11%) tot zware of overbelasting. Vooral jongere mantelzorgers (tot 56 jaar) en degenen die mantelzorg combineren met werk of studie ervaren hoge druk. Bovendien is voor veel mantelzorgers onbekend waar ze terecht kunnen voor hulp: 42% kent de mogelijkheden niet en 25% denkt er niets aan te hebben.
Specifieke groepen, zoals jonge mantelzorgers, werkende mantelzorgers en mantelzorgers die voor mensen met dementie zorgen, hebben vaak andere ondersteuningsbehoeften dan gemiddeld. Toch zijn juist deze groepen nu slecht in beeld. Hoewel er al verschillende vormen van ondersteuning zijn ingericht, sluiten deze nog niet altijd voldoende aan op de specifieke behoeften van deze doelgroepen. Er is ruimte voor verbetering en verfijning van het aanbod.
Acties:
- •
Onderzoeken hoe de gemeente en de welzijnsorganisatie(s) de weg voor de mantelzorger kunnen vergemakkelijken en beter vindbaar zijn. Daarbij wordt ook gekeken naar de inzet van hulpmiddelen die de weg naar informatie kunnen vergemakkelijken.
- •
Schaal knelpunten op naar strategisch en tactisch niveau: verzamel regelmatig signalen uit de praktijk van mantelzorgers en professionals. Bespreek deze ook op beleidsniveau, zodat duidelijk wordt waar knelpunten zitten in regels of afspraken. Kijk daarbij per onderwerp wie binnen de organisatie of bij partners de bevoegdheid heeft om iets aan het probleem te doen.
- •
Versterken van laagdrempelige toegangspunten voor mantelzorgvragen. Dit door de toegangspunten te voorzien van informatie over mantelzorg en de medewerkers goed uit te rusten met de nodige kennis zodat zij inwoners kunnen verwijzen en voorzien van informatie.
- •
Inzetten van laagdrempelige toegangspunten om zwaarbelaste mantelzorgers te herkennen. Dit zijn onder andere de dorpsondersteuners, huisartsen, praktijkondersteuners, casemanagers dementie, onafhankelijke clientondersteuners en de medewerkers van schakel.
- •
Structurele inzet op respijtzorg:
- o
Inventarisatie huidige respijtzorgvormen en de behoefte aan respijtzorg, voor zowel jonge, werkende en oudere mantelzorgers.
- o
Onderzoek naar mogelijke uitbreiding van dagopvang en vrijwillige vervanging. Logeerzorg wordt regionaal gemonitord en geëvalueerd door Twentse Koers.
- o
Bepalen hoe respijtzorg flexibeler en beter toegankelijk kan worden ingericht, afgestemd op de variëteit aan behoeften van mantelzorgers.
- o
- •
Voer verdiepend onderzoek uit naar groepen mantelzorgers die nu onvoldoende zichtbaar zijn of waarvoor het aanbod onvoldoende aansluit.
- •
Extra aandacht voor specifieke doelgroepen, waaronder:
- o
Jonge mantelzorgers: vergroten van zichtbaarheid van jonge mantelzorgers via scholen en jongerenwerk en het ontwikkelen van ondersteuningsprogramma's;
- o
Werkende mantelzorgers: het verkennende gesprek aangaan met ondernemers gericht op het verbeteren van combinatie werk en zorg;
- o
Mantelzorgers van mensen met dementie of psychische problematiek: versterken van samenwerking met casemanagers dementie, GGZ-instellingen en het ontwikkelen van ondersteuning die aansluit op de behoefte.
- o
- •
Onderzoeken of 'Mantelzorgmaatje' versterkt kan worden, hierbij worden vrijwilligers gekoppeld aan zwaarbelaste mantelzorgers ter ondersteuning en tijdelijke verlichting.
- •
Stimuleren van netwerkversterking via initiatieven als lotgenotencontact, informele netwerken en inzet van vrijwilligers in de buurt. Zet in op versterking van het netwerk van zorgvrager en mantelzorger als beschermende factor tegen overbelasting. Stimuleer gezamenlijk eigenaarschap in de sociale basis, waarin zorg gedeeld wordt.
- •
Het onderzoeken van ondersteuning voor ouders van zorg intensieve kinderen, zodat zij vitaal, gezond en duurzaam inzetbaar blijven op de arbeidsmarkt. De gemeente neemt onder andere deel in een klankbordgroep en denkt mee over voortgang en impact, signaleert kansen en knelpunten in de lokale praktijk.
In de volgende hoofdstukken wordt ingegaan op de uitvoering, monitoring en communicatie van dit beleid, zodat ambitie ook leidt tot resultaat.
Hoofdstuk 5: Van beleid naar uitvoering
5.1 Mensen
Om mantelzorgers goed te kunnen ondersteunen, is het belangrijk dat de gemeente voldoende mensen, capaciteit en middelen heeft om de uitvoering van het mantelzorgbeleid duurzaam vorm te geven. Dit vraagt om een goede balans tussen beleid, uitvoering en samenwerking met partners in het veld.
Binnen de gemeentelijke organisatie zijn beleidsadviseurs en consulenten actief die verantwoordelijk zijn voor het ontwikkelen, borgen en afstemmen van beleid rondom mantelzorg. De beleidsadviseur mantelzorg vervult hierin een tactische rol: hij of zij vertaalt beleid naar uitvoering, bewaakt samenhang met andere beleidsterreinen binnen het sociaal domein (zoals Wmo, Jeugd en Onderwijs) en onderhoudt structureel contact met uitvoerende partij. Daarnaast heeft de beleidsadviseur een regiefunctie in het netwerk, fungeert als ambassadeur voor mantelzorg en zorgt ervoor dat signalen vanuit de praktijk worden teruggekoppeld naar beleid.
De uitvoering van het mantelzorgbeleid ligt grotendeels bij SWTD, de welzijnsstichting die namens de gemeente mantelzorgondersteuning biedt. Binnen SWTD zijn mantelzorgcoördinatoren actief die zorgen voor begeleiding, informatie en advies aan mantelzorgers. Hun rol gaat verder dan het organiseren van activiteiten en cursussen: zij vervullen ook een verbindende functie richting het ondersteuningsnetwerk, zoals de dorpsondersteuners, scholen, ondernemers en andere lokale partijen. Op die manier dragen zij bij aan een integrale benadering van mantelzorg en versterken zij de sociale basis in de dorpen. Daarnaast heeft SWTD een belangrijke rol in het ophalen van signalen uit de praktijk. Deze signalen zorgen ervoor dat beleidsontwikkeling en uitvoering beter op elkaar kunnen worden afgestemd en bijgestuurd waar nodig. Hiervoor is de verbinding met de beleidsadviseur mantelzorg essentieel. In samenwerking met SWTD wordt gewerkt aan een uitvoeringsplan, waarmee praktijk en beleid nog beter met elkaar worden verbonden en gezamenlijke stappen richting verdere versterking van de mantelzorgondersteuning worden gezet.
Naast SWTD spelen ook andere partners een cruciale rol. Denk hierbij aan Schakel, Wijkracht, dorpsondersteuners, onderwijsinstellingen, ondernemers en samenwerkingspartners zoals Dementie Twente. Zij signaleren mantelzorgers, bieden ondersteuning, en dragen vanuit hun bij aan bewustwording en doorverwijzing.
Het Netwerk Mantelzorg Dinkelland vormt de spil in bovengenoemde samenwerking. Hierin nemen onder andere medewerkers van de gemeente (beleidsadviseur/consulenten/dorpsondersteuners), welzijnsorganisaties, onderwijs, ondernemers en vrijwilligers deel. Zij komen jaarlijks bijeen om ervaringen te delen, resultaten te evalueren en prioriteiten te bepalen. Deze overlegmomenten bieden ruimte om signalen uit de praktijk te bespreken met de beleidsadviseur mantelzorg, waardoor inzichten direct kunnen worden meegenomen in beleidsontwikkeling en uitvoering.
5.2 Middelen
Voor 2026 bestaan de middelen voor mantelzorgondersteuning uit de volgende onderdelen:
- •
Structureel: Subsidie aan SWTD, waar mantelzorgondersteuning een onderdeel van is (+/- €100.000).
- •
Structureel: Preventiemiddelen voor doorontwikkeling en innovatie van mantelzorgondersteuning (+/- €20.000)
- •
Incidenteel: Beschikbare middelen uit brede SPUK tot en met 2026 (+/- €12.000)
De inzet voor mantelzorg wordt grotendeels gefinancierd via een subsidie aan de welzijnsorganisatie.
Tot nu toe werd de inzet vooral besteed aan begeleiding, bijeenkomsten en praktische ondersteuning. Maar om aan de ambities uit dit beleid te voldoen, moeten de beschikbare uren mogelijk anders worden ingedeeld. De gemeente wil meer investeren in zaken als respijtzorg, ondersteuning van jonge mantelzorgers, communicatie, samenwerking en innovatie. Dat betekent dat de bestaande inzet opnieuw bekeken wordt en uren wellicht anders ingedeeld moeten worden, samen met uitvoerende welzijnsorganisatie.
Tevens zijn er middelen beschikbaar vanuit het preventiebudget. Deze middelen worden ingezet op doorontwikkeling en innovatie voor mantelzorgondersteuning. Daarnaast biedt het Rijk via regelingen zoals de Brede SPUK mogelijkheden om geld in te zetten voor projecten op het gebied van welzijn, gezondheid en participatie. Dit zijn incidentele gelden en lopen tot en met 2026. De gemeente verkent actief hoe deze beide middelen ook ingezet kunnen worden voor mantelzorgondersteuning, bijvoorbeeld door innovatie, respijtzorg of ondersteuning van jonge mantelzorgers. Ook communicatie speelt hierin een belangrijke rol. Goede en toegankelijke informatie is essentieel om mantelzorgers te bereiken en te ondersteunen. Daarom kan een deel van de beschikbare middelen gereserveerd worden voor bijvoorbeeld communicatiemiddelen, het ontwikkelen van lokale campagnes en doorontwikkeling van ondersteuning.
Voor een goede uitvoering van het mantelzorgbeleid is inzet nodig op strategisch, tactisch en uitvoerend niveau. Dat vraagt om voldoende capaciteit en kennis binnen zowel de gemeentelijke organisatie als de betrokken welzijnsorganisatie(s) die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van mantelzorgondersteuning. Tegelijkertijd staan veel gemeenten voor financiële uitdagingen in de komende jaren, wat gevolgen kan hebben voor de gemeentelijke begroting en daarmee voor de inzet van functies zoals beleidsadviseurs en medewerkers van de welzijnsorganisatie(s). Dit vraagt om een flexibele en kritische benadering van de inzet van middelen, waarbij keuzes worden gemaakt op basis van impact en urgentie. Op basis van het uitvoeringsplan dat in 2026 wordt opgesteld, kan een betere inschatting worden gemaakt voor de jaren 2027 en verder. Indien in de loop van 2026 blijkt dat de beschikbare middelen vanaf 2027 onvoldoende zijn, wordt dit opnieuw onder de aandacht gebracht.
Ondanks deze financiële druk is het van groot belang om te blijven investeren in preventie en het versterken van mantelzorgondersteuning. Voldoende inzet op dit terrein voorkomt zwaardere zorgvragen op de lange termijn en draagt bij aan de duurzaamheid van het sociaal domein. Daarom is het essentieel dat hiervoor binnen de beschikbare middelen voldoende structurele dekking wordt geborgd voor het uitvoeringsplan.
5.3 Evaluatie en monitoring
Monitoring
Een effectief mantelzorgbeleid vraagt om inzicht in wat werkt en waar bijsturing nodig is. Evaluatie en monitoring zijn daarom een vast onderdeel van de uitvoering van dit beleid. Tegelijkertijd wordt er gerealiseerd dat de capaciteit in kleinere gemeenten zoals Dinkelland beperkt is. Daarom wordt er gekozen voor een praktische, haalbare en uitvoerbare vorm van monitoring, die gericht is op signaleren en geleidelijk verbeteren.
Het doel van monitoring is als volgt:
- •
Vroegtijdig signaleren waar knelpunten bestaan in de ondersteuning en waardering van mantelzorgers;
- •
Meten in hoeverre de beleidsambities en doelstellingen daadwerkelijk worden gerealiseerd;
- •
Op basis van ervaringen en gegevens onderbouwde keuzes te maken voor vervolgbeleid en uitvoering;
De effecten uit het hoofddoel staan centraal in de monitoring:“De gemeente Dinkelland ontwikkelt en implementeert een samenhangend mantelzorgbeleid, dat zorgt voor passende ondersteuning, maatwerk in waardering en versterking van de sociale basis, met specifieke aandacht voor zwaarbelaste en moeilijk bereikbare groepen mantelzorgers.” In tabel 4 is een volledig overzicht te vinden van mogelijke indicatoren. Op basis van uitvoerbaarheid en haalbaarheid is er gekozen om de volgende effecten te monitoren:
- •
Betere combinatie van werk, studie en zorgtaken
- •
Versterkte samenwerking rondom mantelzorg
- •
Meer erkenning van de positie
|
Effect |
Mogelijke Indicator |
Mogelijk kengetal |
Meetmethode |
|
Betere combinatie van werk, studie en zorgtaken (hoofdeffect) |
% overbelaste mantelzorgers |
Score op mate van overbelasting tijdens het keukentafel gesprek en na 1 jaar |
Uitvraag tijdens keukentafelgesprek of intake |
|
Versterkte samenwerking rondom mantelzorg (subeffect) |
Afname van het aantal doorverwijsmomenten |
Aantal verwijsmomenten of aantal partijen waarmee de mantelzorger contact heeft om zaken te regelen |
Uitvraag tijdens keukentafelgesprek of intake Registratie Schakel of partners |
|
Meer erkenning van de positie (subeffect) |
Deelname herkennings en waarderingsmoment |
Aantal deelnemers |
Registratie aanmelding |
|
Grotere bewustwording (subeffect) |
Meer kennis over aanbod mantelzorgondersteuning bij inwoners |
Mate van bekendheid van mantelzorgondersteuning onder inwoners |
Uitvraag bij intake/keukentafelgesprek |
|
Passende en toegankelijke ondersteuning (subeffect) |
Juiste hulp op juiste plek |
Ondersteuning is passend bij de behoefte |
Evaluatie / uitvraag bij mantelzorger |
Tabel 4: Overzicht effecten en indicatoren. Opmerking: De strategische visievorming vanuit de ambities is niet opgenomen in bovenstaande tabel als effect omdat deze geldt als een randvoorwaarde voor de uitvoer van het hoofddoel.
Evaluatie
In het eerste kwartaal van elk jaar wordt een gezamenlijke reflectie georganiseerd met het lokaal Netwerk Mantelzorg Dinkelland. Tijdens deze sessie worden signalen, trends en resultaten besproken. De voorbereiding en verslaglegging worden beknopt gehouden. Een belangrijk onderdeel van deze reflectie is ook het overleg met de accounthouder van de welzijnsorganisatie(s) om de signalen terug te koppelen. Tijdens dit overleg wordt specifiek afgestemd wat de signalen zijn die bij de welzijnsorganisatie(s) binnenkomen rond mantelzorg.
Gedurende het jaar wordt er signaal gestuurd gewerkt. Dat betekent dat opvallende ontwikkelingen, knelpunten of goede voorbeelden informeel worden gedeeld door uitvoerende partners zoals de welzijnsorganisatie(s), dorpsondersteuners of Wmo-consulenten. Deze signalen worden besproken in reguliere overleggen en gebundeld door de beleidsadviseur mantelzorg.
De verdeling van verantwoordelijkheden is tevens onderdeel van de evaluatie en monitoring. De beleidsadviseur mantelzorg heeft voornamelijk een coördinerende rol en bewaakt het proces binnen de beschikbare tijd. De welzijnsorganisaties leveren inhoudelijke input vanuit hun praktijk. Dorpsondersteuners en consulenten zijn tevens belangrijke bronnen van signalen.
De uitkomsten van evaluatie en monitoring helpen om het beleid jaarlijks aan te scherpen en waar nodig bij te stellen. Ze bieden input voor praktische verbeteringen in het ondersteuningsaanbod. Ze ondersteunen de communicatie met netwerkpartners en helpen trends zichtbaar te maken.
5.4 Communicatie
Effectieve communicatie is een succesfactor binnen het mantelzorgbeleid. Uit het behoefteonderzoek blijkt dat veel mantelzorgers geen gebruik maken van ondersteuning omdat zij niet weten wat er beschikbaar is of zich niet als mantelzorger herkennen. Daarom is communicatie niet slechts een uitvoeringsmiddel, maar een belangrijk onderdeel van de beleidsambities. Met name ambitie 3 (erkenning van de positie van mantelzorgers) en ambitie 4 (bewustwording en informatievoorziening) leunen sterk op duidelijke, gerichte en toegankelijke communicatie.
Om dit goed te organiseren wordt er een communicatieplan opgesteld dat aansluit bij het bredere mantelzorgbeleid en de gemeentelijke communicatiestrategie. Dit plan beschrijft de drie verschillende doelgroepen, kernboodschappen, communicatiemiddelen, kanalen en een jaarplanning. De uitvoering gebeurt in nauwe samenwerking met de gemeentelijke communicatieadviseur en een communicatiemedewerker van de welzijnsorganisatie(s).
De communicatie richt zich op:
- •
Het vergroten van de herkenning van mantelzorgers onder inwoners.
- •
Het bekend maken van ondersteuningsmogelijkheden (zoals respijtzorg, begeleiding en waardering).
- •
Het stimuleren van het gesprek over mantelzorg voeren bij professionals in zorg, welzijn en onderwijs.
- •
Het delen van ervaringsverhalen via verschillende (digitale) mediakanalen.
- •
Het actualiseren en verspreiden van de Wegwijzer Mantelzorg via Schakel, scholen en huisartspraktijken.
Daarnaast worden jaarlijkse publiekscampagnes georganiseerd. Hierin wordt de lokale context centraal gesteld, met verhalen en initiatieven uit de gemeente.
Hoofdstuk 6: Uitvoeringsplan
De uitvoering vormt een brug tussen visie en praktijk. Er wordt gewerkt aan een uitvoeringsplan dat kan groeien met de ontwikkelingen in het veld en de ervaringen uit de praktijk. Het uitvoeringsplan is daarom geen statisch, maar een dynamisch document dat wordt geactualiseerd op basis van monitoring, signalen van partners en evaluaties. In samenwerking met SWTD wordt gewerkt aan een uitvoeringsplan, waarmee praktijk en beleid nog beter met elkaar worden verbonden en gezamenlijke stappen richting verdere versterking van de mantelzorgondersteuning worden gezet.
De uitvoering van het mantelzorgbeleid vraagt om een gedeelde verantwoordelijkheid en nauwe samenwerking tussen verschillende partijen. Binnen de gemeentelijke organisatie is de beleidsadviseur mantelzorg aangewezen als coördinerend aanspreekpunt. Deze functionaris bewaakt onder andere de samenhang en onderhoudt contact met partners.
Momenteel loopt er een advies over de rolverdeling in het ondersteuningsnetwerk. De uitkomst van het advies heeft invloed op de rolverdeling in het uitvoeringsplan van mantelzorg. Daarom wordt dit meegenomen in het uitvoeringsplan.
Ondertekening
Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 20 januari 2026
de raadsgriffier,
mr. L.J.H Engelbertink
de voorzitter,
J.G.J. Joosten
Bijlage 1: Startfoto Mantelzorg
Het volledige rapport over de startfoto mantelzorg kunt u hier lezen: https://www.dinkelland.nl/sites/default/files/2025-03/startfoto-mantelzorg-gemeente-dinkelland-en-gemeente-tubbergen-def-5.pdf
Noot
1Het geheel van informele sociale verbanden (buurten, groepen, verenigingen, netwerken, gezinnen) van mensen, aangevuld en ondersteund vanuit de lokale overheid, organisaties, diensten en voorzieningen. Zij maken het mogelijk dat inwoners de mogelijkheden hebben om te participeren in sociale relaties op een manier die hun welzijn, capaciteiten en individueel potentieel verbetert.
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl