Integraal Evenementenfonds gemeente Barneveld

Geldend van 15-01-2026 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2026

Intitulé

Integraal Evenementenfonds gemeente Barneveld

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Barneveld;

gelet op artikel 3 van de Algemene subsidieverordening gemeente Barneveld;

besluit:

tot vaststelling van het Integraal Evenementenfonds gemeente Barneveld.

Artikel 1 Begripsbepalingen

  • Evenement: elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak. Hieronder worden mede verstaan herdenkingsplechtigheden, optochten, feesten of wedstrijden op of aan de openbare weg. Onder dit begrip vallen in ieder geval niet: bioscoopvoorstellingen, reguliere markten, kansspelen en betogingen.

  • ASV: de algemene subsidieverordening van de gemeente Barneveld.

  • College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Barneveld.

  • Subsidietender: de jaarlijkse openstelling waarbij subsidieaanvragen onderling worden gerangschikt op kwaliteit, maatschappelijke waarde en bijdrage aan beleidsdoelen, tot het subsidieplafond is bereikt.

Artikel 2 Doel en reikwijdte

  • 1. Bijdrage aan beleidskaders: de subsidietenderregeling van het Integraal Evenementenfonds gemeente Barneveld geeft uitwerking aan de gemeentelijke ambities uit de Integrale Cultuurvisie 2025–2035, de Economische Visie 2030 Barneveld 2030, de Omgevingsvisie Barneveld 2040, de centrumvisies van Barneveld en Voorthuizen. Het college stimuleert met deze regeling evenementen die bijdragen aan ontmoeting, participatie, zichtbaarheid van erfgoed en identiteit, vitale dorpen en een aantrekkelijk leef- en vestigingsklimaat. Evenementen die levendigheid in de centra versterken, samenwerken met lokale partners en toegankelijk zijn voor diverse doelgroepen sluiten nadrukkelijk aan bij deze beleidsdoelen. Bij de beoordeling wordt gelet op maatschappelijke, culturele en sportieve meerwaarde, bereik en toegankelijkheid, spreiding over de kernen en samenwerking, alsmede op de bijdrage aan centrumlevendigheid en economische profilering.

  • 2. Deze regeling heeft tot doel het ondersteunen van lokale evenementen die bijdragen aan:

    • Cultuur- en sportparticipatie;

    • sociale cohesie, ontmoeting en participatie;

    • brede welvaart en leefbaarheid in de dorpen;

    • sport gericht op het verbinden van inwoners en organisaties;

    • economische vitaliteit, profilering en beleving van de dorpen.

  • 3. Alleen evenementen die plaatsvinden binnen de gemeente Barneveld en georganiseerd worden door lokale stichtingen of verenigingen zonder winstoogmerk, komen voor subsidie in aanmerking.

Artikel 3 Categorieën en subsidieplafonds

  • 1. Het totale subsidieplafond van deze subsidietenderregeling bedraagt maximaal € 40.000 per kalenderjaar, te verdelen over drie categorieën:

    Categorie

    Omschrijving

    Subsidieplafond maximaal (€)

    I. Maatschappelijke culturele evenementen

    Evenementen die bijdragen aan cultuurparticipatie, sociale cohesie en gemeenschapszin, zoals dorpsfeesten, culturele festivals, amateurkunst- en muziekmanifestaties.

    € 17.500

    II. Maatschappelijke sportevenementen

    Evenementen die sport, bewegen en gezondheid bevorderen en inwoners met elkaar verbinden, zoals dorpslopen, fietsevenementen en beweegdagen.

    € 5.000

    III. Economische promotie- en centrum-evenementen

    Evenementen die de levendigheid, aantrekkingskracht en samenwerking in centra versterken, zoals een kerstmarkt, braderie, centrumactiviteiten of toeristisch-promotionele evenementen. Hieronder vallen niet de reguliere markten.

    € 17.500

  • 2. Het maximale subsidiebedrag per subsidieaanvraag/ evenement bedraagt € 2.500.

  • 3. Staffels: er wordt gewerkt met vaste staffels om de verhouding tussen de gevraagde subsidie en de schaal, reikwijdte en impact van het evenement te waarborgen. Aanvragers kunnen subsidie aanvragen in de volgende bedragen: € 1.000, € 1.500, € 2.000 of € 2.500.

  • 4. De hoogte van de toe te kennen subsidie (staffelbedrag) wordt afgestemd op de inhoudelijke kwaliteit van de aanvraag, de verwachte maatschappelijke waarde, het bereik en de mate van cofinanciering of eigen bijdrage. De score op deze criteria bepaalt of en in welke staffel het evenement wordt gehonoreerd.

  • 5. Aanvragen die leiden tot overschrijding van het subsidieplafond (per categorie en/of totaalregeling) worden op grond van artikel 4:25, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht geweigerd.

  • 6. Het college kan het jaarlijkse subsidieplafond indexeren met een inflatiecorrectie, gebaseerd op de door het CBS vastgestelde consumentenprijsindex (CPI), teneinde de subsidiekracht van het beschikbare budget in stand te houden.

  • 7. Aanvragen worden beoordeeld op basis van het in deze regeling opgenomen afwegingskader. Zolang het subsidieplafond per onderdeel niet is bereikt, kunnen aanvragen op inhoudelijke gronden worden gehonoreerd. Indien uit de beoordeling blijkt dat een evenwichtigere verdeling gewenst is, kan het college binnen het totale subsidieplafond tussen de onderdelen schuiven. Wanneer het beschikbare budget wordt overschreden, vindt rangschikking plaats op basis van de puntentelling uit het afwegingskader.

  • 8. In bijlage wordt een toelichting op de categorieën gegeven. Deze bijlage maakt deel uit van deze regeling.

Artikel 4 Subsidiabele activiteiten

  • 1. Voor subsidie komen in aanmerking evenementen die openbaar toegankelijk zijn en bijdragen aan ontmoeting, participatie, cultuur, sport en de promotie van de gemeente Barneveld.

  • 2. Aanvullend zijn subsidiabel:

    • Dorpsfeesten, culturele evenementen/festivals en muziekmanifestaties.

    • Sportieve evenementen, zoals dorpslopen, beweegdagen en recreatieve fietstochten.

    • Centrumactiviteiten, jaarmarkten en promotionele evenementen gericht op samenwerking, ontmoeting en lokale levendigheid.

    • Activiteiten die bijdragen aan sociale cohesie, participatie en het versterken van de identiteit van de kernen binnen de gemeente Barneveld.

Artikel 5 Subsidievorm, aanvraag, procedure en termijn

  • 1. Subsidie wordt in principe verstrekt in de vorm van een eenmalige subsidie (subsidietender).

  • 2. Aanvragen kunnen jaarlijks worden ingediend van 1 juni tot en met 1 oktober voorafgaand aan het kalenderjaar waarin het evenement plaatsvindt.

  • 3. De aanvraag wordt digitaal ingediend via de website van de gemeente (met DigiD of eHerkenning) en bevat ten minste:

    • een inhoudelijke project-/ evenementbeschrijving/ lokaal programma (met doelgroep, datum en locatie);

    • een sluitende begroting en dekkingsplan (inclusief cofinanciering; geen winstmarge);

    • een uittreksel KvK en bankrekeningafschrift/ bewijs (met de naam van de subsidieaanvrager).

    • eventuele machtiging voor ondertekening.

  • 4. Het college beslist binnen 13 weken na sluiting van de indieningstermijn.

Artikel 6 Beoordelingscriteria

  • 1. Aanvragen worden gerangschikt op basis van het onderstaande beoordelingskader (maximaal 100 punten):

    Categorie

    Toelichting

    Max. punten

    1. Maatschappelijke meerwaarde

    Bijdrage aan sociale cohesie, verbinding, inclusie, cultuurparticipatie of vitaliteit van de dorpen.

    25

    2. Bereik en doelgroep

    Omvang en diversiteit van doelgroep; toegankelijkheid en herkenbaarheid voor inwoners.

    20

    3. Lokale binding en continuïteit

    Lokale inbedding, lokale programmering, vrijwilligersinzet, herhaalbaarheid, samenwerking met lokale partners.

    15

    4. Thematische of innovatieve waarde

    Actualiteit, duurzaamheid, gezondheid/ sport, of vernieuwende invulling van het evenement.

    15

    5. Organisatorisch vermogen

    Realistische begroting, uitvoerbaarheid en coördinatie.

    15

    6. Cofinanciering / inzet derden

    Inzet van eigen middelen, sponsoring of partners.

    10

  • 2. Subsidie wordt alleen verleend aan aanvragen die ten minste 55 punten behalen. In het voorgeschreven aanvraagformulier dient de aanvrager per criteria te onderbouwing in hoeverre hij hieraan voldoet. Mede aan de hand daarvan kan door een passende en goed onderbouwde score worden toegekend.

  • 3. In de bijlage wordt een toelichting op de beoordelingscriteria gegeven. Deze bijlage maakt deel uit van de subsidietenderregeling van het Integraal Evenementenfonds gemeente Barneveld.

Artikel 7 Voorwaarden

  • 1. De subsidieaanvrager:

    • is een vereniging of stichting zonder winstoogmerk met zetel in de gemeente Barneveld;

    • organiseert een evenement dat openbaar toegankelijk is en binnen het grondgebied van de gemeente plaatsvindt;

    • heeft geen winstoogmerk en voldoet aan de bepalingen van de Algemene subsidieverordening (ASV) en deze regeling.

  • 2. Een evenement komt niet in aanmerking voor subsidie uit deze regeling indien het (deels) subsidie ontvangt uit welke andere gemeentelijke subsidieregeling dan ook, waaronder mede begrepen:

    • de subsidieregeling exploitatiesubsidie cultuurorganisaties;

    • de cultuurregeling;

    • enige andere gemeentelijke subsidieregeling of overeenkomst met de gemeente Barneveld (zoals de gesubsidieerde activiteiten van een centrumorganisatie).

  • 3. Evenementen met een besloten of commercieel karakter komen niet in aanmerking. Evenementen waarbij (een aanzienlijk deel van) de deelnemers, standhouders of betrokken partijen een direct commercieel belang of winstdoel hebben, komen niet in aanmerking voor subsidie. De subsidie is uitsluitend bedoeld voor evenementen met een maatschappelijk, cultureel of verbindend doel, waarbij eventuele verkoop- of promotieactiviteiten ondergeschikt zijn aan dat doel.

  • 4. De activiteit vindt plaats binnen het kalenderjaar waarop de aanvraag betrekking heeft.

  • 5. Bij de uitvoering van het evenement wordt waar mogelijk toepassing gegeven aan de principes van de Governance Code Cultuur, de Fair Practice Code en de Code Diversiteit en Inclusie, voor zover deze passend zijn bij de aard en schaal van de organisatie.

Artikel 8 Verplichtingen subsidieontvanger

  • 1. De ontvanger dient binnen drie maanden na afloop van het evenement een aanvraag tot subsidievaststelling in, voorzien van:

    • een inhoudelijk verslag;

    • een financieel overzicht.

  • 2. In afwijking van het eerste lid geldt dat voor subsidies tot en met € 2.500:

    • geen afzonderlijke aanvraag tot subsidievaststelling hoeft te worden ingediend;

    • geen inhoudelijk of financieel verslag verplicht is;

    • geen accountants- of controleverklaring wordt verlangd;

    • de subsidie door het college direct wordt vastgesteld op het moment van verlening, conform artikel 13 van de Algemene subsidieverordening gemeente Barneveld.

  • 3. Indien het college dit noodzakelijk acht, kan alsnog een lichte verantwoordingsplicht (in de vorm van een inhoudelijke en financiële eindrapportage) worden opgelegd bij twijfel over uitvoering of rechtmatigheid.

Artikel 9 Niet-subsidiabele activiteiten

In ieder geval wordt geen subsidie verleend voor:

  • commerciële evenementen, kleine buurtgerichte evenementen, evenementen die niet openbaar toegankelijk zijn of zich uitsluitend richten op een afgebakende doelgroep (bijvoorbeeld buurt, scholieren, leden, cliënten, kerkgemeenten; zoals schoolfeesten, verenigingsjubilea of sportdagen/ schoolsporttoernooi zonder openbaar karakter);

  • evenementen waarbij het commerciële doel overheerst, of waarbij de opbrengst primair ten goede komt aan individuele ondernemers, komen niet voor subsidie in aanmerking.

  • activiteiten die al worden gefinancierd via andere gemeentelijke regelingen en gemeentelijke subsidies;

  • reguliere exploitatiekosten van organisaties;

  • activiteiten die uitsluitend bedoeld zijn voor onderwijsinstellingen of afgebakende doelgroepen;

  • alcohol en horecaverstrekking;

  • aflossing van schulden of boetes;

  • investeringen in vastgoed of duurzame goederen;

  • onbetaalde vrijwilligersuren zonder onderbouwing.

Artikel 10 Hardheidsclausule

Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van deze regeling, indien toepassing leidt tot onbillijkheden van overwegende aard.

Artikel 11 Begrotingsvoorbehoud

Subsidies worden verleend onder voorbehoud van beschikbaarheid van middelen. Dit betekent dat subsidieverlening plaatsvindt onder het uitdrukkelijke voorbehoud dat de benodigde financiële middelen voor deze regeling zijn opgenomen in de programmabegroting en de kadernota, zoals vastgesteld door de raad.

Artikel 12 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1. Deze regeling treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari 2026, onder intrekking van: “Nadere regels subsidiëring Evenementenfonds gemeente Barneveld”.

  • 2. Deze regeling wordt aangehaald als: “Integraal Evenementenfonds gemeente Barneveld.”

Ondertekening

Aldus vastgesteld op 16 december 2025.

Burgemeester en wethouders voornoemd,

W. Wieringa

Secretaris

J. van der Tak,

Burgemeester

Bijlage : toelichting op het beoordelingskader en categorieën

1. Inleiding

Deze bijlage geeft een nadere toelichting op artikel 3 (categorieën en subsidieplafonds) en artikel 6 (beoordelingscriteria) van de subsidietenderregeling van het Integraal Evenementenfonds gemeente Barneveld. De toelichting heeft als doel om inzicht te geven in de aard van de categorieën en de inhoud van de beoordelingscriteria.

2. Categorieën

Categorie I: maatschappelijke culturele evenementen

Evenementen die cultuurparticipatie, creativiteit en sociale verbinding bevorderen. Voorbeelden zijn: dorpsfeesten met culturele component, muziekmanifestaties, amateurkunst, exposities en erfgoedactiviteiten.

Doelgroep: deze categorie richt zich op een brede en diverse groep inwoners uit alle dorpen van de gemeente Barneveld. Het gaat om culturele evenementen die toegankelijk zijn voor:

  • gezinnen, kinderen en jongeren;

  • volwassenen en senioren;

  • inwoners die actief willen deelnemen (amateurkunst, muziek, optredens, workshops);

  • inwoners voor wie ontmoeting en gemeenschapszin belangrijk zijn, waaronder ook nieuwe inwoners;

  • doelgroepen die minder snel deelnemen aan cultuur, maar door laagdrempelig aanbod worden bereikt.

De kern van deze categorie is brede cultuurparticipatie en het versterken van sociale cohesie onder inwoners met uiteenlopende achtergronden en leeftijden.

Categorie II: maatschappelijke sportevenementen

Evenementen gericht op bewegen, gezondheid en ontmoeting. Voorbeelden: dorpslopen, fietstochten, beweegdagen en toegankelijke breedtesportevenementen.

Doelgroep: de doelgroep voor deze categorie bestaat uit inwoners die willen bewegen, sporten of deelnemen aan laagdrempelige recreatieve sportactiviteiten. Het gaat om:

  • kinderen, jongeren en gezinnen die in groepsverband willen bewegen;

  • volwassenen en senioren (bijvoorbeeld bij wandelingen of dorpslopen);

  • breedtesporters en recreatieve deelnemers;

  • inwoners die sport zien als middel om elkaar te ontmoeten;

  • doelgroepen waarvoor sport en gezond bewegen belangrijk is ter bevordering van vitaliteit.

De nadruk ligt op sportieve evenementen die inclusief en breed toegankelijk zijn en inwoners met elkaar verbinden.

Categorie III: economische promotie- en centrum-evenementen

Evenementen die de levendigheid, aantrekkingskracht en samenwerking in de centra versterken. Voorbeelden zijn: kerstmarkten, braderieën, centrumgerichte evenementen en toeristische promotie.

Doelgroep: deze categorie richt zich op bezoekers en inwoners die centra bezoeken voor ontmoeting, beleving en activiteiten. Doelgroepen zijn:

  • inwoners uit alle kernen die lokale winkels, horeca en activiteiten bezoeken;

  • gezinnen en recreanten die zoeken naar laagdrempelige vrijetijdsactiviteiten;

  • regionale bezoekers die bijdragen aan economische levendigheid;

  • ondernemers, verenigingen en centrumorganisaties die samenwerken aan een aantrekkelijk centrumaanbod;

  • doelgroepen die door evenementen worden gestimuleerd om het centrum te bezoeken en lokaal te besteden.

De nadruk ligt op centrumbeleving, economische versterking en samenwerking tussen ondernemers en maatschappelijke partners.

3. Toelichting op het beoordelingskader (artikel 6)

Onderstaand wordt per beoordelingscriterium toegelicht wanneer een hoge score wordt toegekend, zodat de beoordeling transparant en navolgbaar is.

3.1 Maatschappelijke meerwaarde (max. 25 punten)

Een hogere score wordt toegekend wanneer:

  • Het evenement aantoonbaar inwoners uit meerdere dorpen, leeftijden en achtergronden samenbrengt.

  • Er een sterke bijdrage is aan ontmoeting, gemeenschapszin en sociale cohesie.

  • Actieve cultuurparticipatie centraal staat (inwoners doen mee, in plaats van alleen kijken).

  • Het evenement binnen de identiteit en opgaven van de dorpen past en bijdraagt aan vitaliteit.

  • De maatschappelijke effecten concreet en overtuigend zijn onderbouwd.

Een lagere score volgt bij beperkte of niet onderbouwde maatschappelijke impact.

3.2 Bereik en doelgroep (max. 20 punten)

Een hogere score wordt toegekend wanneer:

  • Het evenement een groot en divers bereik heeft, realistisch onderbouwd.

  • Meerdere doelgroepen worden bereikt, waaronder jongeren, ouderen, gezinnen en kwetsbare groepen.

  • De toegankelijkheid hoog is (financieel, fysiek en qua communicatie).

  • Het evenement openbaar is voor iedereen.

  • De doelgroepomschrijving concreet en goed onderbouwd is.

Een lagere score volgt bij een beperkte, vage of onvoldoende onderbouwde doelgroep.

3.3 Lokale binding en continuïteit (max. 15 punten)

Een hogere score wordt toegekend wanneer:

  • Het evenement wordt gedragen door lokale organisaties, verenigingen en vrijwilligers.

  • Lokale makers, sportaanbieders en maatschappelijke partners actief betrokken zijn.

  • Er sprake is van traditie, continuïteit of sterke lokale verankering.

  • De samenwerking met dorpshuizen, scholen, verenigingen of ondernemers aantoonbaar is.

Een lagere score volgt bij weinig lokale betrokkenheid.

3.4 Thematische of innovatieve waarde (max. 15 punten)

Een hogere score wordt toegekend wanneer:

  • Het evenement vernieuwend is qua concept, doelgroep of aanpak.

  • Het evenement aansluit op gemeentelijke thema’s zoals duurzaamheid, gezondheid, jongeren, erfgoed of inclusie.

  • Nieuwe samenwerkingen tussen cultuur, sport, welzijn of ondernemers ontstaan.

  • Het programma onderscheidend is binnen de Barneveldse evenementenkalender.

Een lagere score volgt bij beperkte thematische of vernieuwende waarde.

3.5 Organisatorisch vermogen (max. 15 punten)

Een hogere score wordt toegekend wanneer:

  • De begroting volledig, realistisch en sluitend is.

  • De organisatie aantoonbare ervaring heeft of werkt met deskundige partners.

  • De planning realistisch en volledig onderbouwd is.

Een lagere score volgt bij onduidelijke begrotingen, planning of organisatorische risico’s.

3.6 Cofinanciering / inzet derden (max. 10 punten)

Een hogere score wordt toegekend wanneer:

  • Er sprake is van een gezonde financieringsmix (eigen middelen, sponsoring, bijdragen fondsen). Er mag geen winst met het evenement worden gemaakt.

  • Lokale ondernemers of maatschappelijke partners bijdragen.

  • Er zichtbaar maatschappelijk draagvlak is via vrijwilligers, donaties of materiële ondersteuning.

  • Indien er sprake is van subsidiering vanuit andere regelingen en fondsen van de gemeente Barneveld (betreft eveneens een knock-out criterium; het evenement komt dan niet voor subsidie vanuit het Evenementenfonds in aanmerking).

Een lagere score volgt wanneer het evenement volledig of grotendeels afhankelijk is van gemeentelijke subsidie.

4. Slotbepaling

Deze bijlage maakt deel uit van het Integraal Evenementenfonds gemeente Barneveld en de daarin opgenomen subsidietenderregeling.