Verordening stads- en dorpsraden 2026

Geldend van 01-01-2026 t/m heden

Intitulé

Verordening stads- en dorpsraden 2026

De raad van de gemeente Veere,

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 28 oktober 2025 met nummer 25B.06676;

gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;

overwegende dat:

- de gemeenteraad erkent dat de stads- en dorpsraden in Veere een belangrijke positie hebben binnen de samenleving en het algemeen belang van hun stad, dorp of buurtschap behartigen;

- de stads- en dorpsraden de gemeente helpen inzicht te krijgen in wat de gemeenschap wil en de betrokkenheid van bewoners bij het bestuur en de leefbaarheid in en rond de kernen bevorderen;

- de geldende overleg- en bijdrageregeling voor stads- en dorpsraden niet meer de wederzijdse behoefte dekt aan duidelijkheid over de taken en rol van stads- en dorpsraden, de bekostiging daarvan en de verhouding van de stads- en dorpsraden tot de gemeentelijke organisatie;

- een nieuwe regeling gewenst is om hierin meer duidelijkheid te bieden;

BESLUIT,

vast te stellen de: Verordening stads- en dorpsraden 2026

Artikel 1 Begrippen

In deze verordening wordt verstaan onder:

1. college: het college van burgemeester en wethouder van de gemeente Veere;

2. stads- en/of dorpsraad: een door het college erkende rechtspersoon die zich als raad van vrijwilligers de behartiging van het algemeen belang van een werkgebied en zijn bewoners ten doel stelt, in wisselwerking met de bewoners;

3. kernwethouder: lid van het college dat optreedt als bestuurlijk aanspreekpunt voor de stads- en dorpsraden, volgens een door het college opgestelde indeling;

4. werkgebied: de kern, dan wel het werkgebied van de stads- of dorpsraad.

Artikel 2 Erkenning stads- en dorpsraden

1. De huidige stads- en dorpsraden van de dertien kernen van de gemeente Veere en de raad van het buurtschap Dishoek worden op dit moment als stads- of dorpsraad erkend.

2. Een stads- of dorpsraad kan bij het college een schriftelijk verzoek tot erkenning indienen.

3. Een stads- of dorpsraad wordt door het college erkend, indien:

a. de stads- of dorpsraad naar het oordeel van het college een representatieve vertegenwoordiging vormt van de bewoners van het werkgebied;

b. het bestuur van de stads- of dorpsraad uit tenminste drie personen bestaat en bij voorkeur altijd een oneven aantal leden heeft;

c. de bestuursleden zijn ingezetene van het werkgebied;

d. de bestuursleden geen lid van de gemeenteraad of van een raadscommissie zijn;

e. besluiten over adviezen aan de gemeente genomen worden bij meerderheid van stemmen van ten minste de helft van het aantal bestuursleden van de stads- of dorpsraad;

f. uit de statutaire doelstelling blijkt dat de stads- of dorpsraad zich de behartiging van het algemeen belang van het werkgebied en zijn bewoners ten doel stelt, in wisselwerking met die bewoners;

g. De statuten aangeven over welk geografisch logisch afgebakend gebied zich de activiteiten van de stads- of dorpsraad uitstrekken;

h. Het bestuur van de stads- of dorpsraad tenminste vier keer per jaar vergadert, waarvan minimaal twee keer openbaar. Een openbare vergadering moet tijdig worden aangekondigd in het werkgebied.

4. Het college kan de erkenning van een stads- of dorpsraad weigeren indien de statuten niet voldoen aan de in lid 3 gestelde eisen.

5. Voor het oprichten van een stads- of dorpsraad in een werkgebied waar al een stads- of dorpsraad is gevestigd, is overleg vereist met de aanwezige stads- of dorpsraad. Indien er geen instemming van de bestaande raad verkregen wordt, beslist het college.

6. Het college kan de erkenning van een stads- of dorpsraad intrekken indien een stads- of dorpsraad niet (meer) voldoet aan de in lid 3 gestelde erkenningsvoorwaarden of als de gedragingen van de bestuursleden hiermee niet overeenstemmen. Met intrekking van de erkenning vervallen de gevolgen die deze verordening aan een erkende stads- of dorpsraad toekent.

Artikel 3 Taken en rol stads- en dorpsraden

1. Een stads- of dorpsraad is adviseur van de gemeente en kan het college en de gemeenteraad gevraagd en ongevraagd adviseren over beleidsvoornemens en andere onderwerpen met betrekking tot het werkgebied;

2. Een stads- of dorpsraad behartigt het algemeen belang voor het werkgebied. Daartoe haalt een stads- of dorpsraad informatie op uit het werkgebied en zet deze door naar de gemeente. Daarbij stimuleert een stads- of dorpsraad steeds overleg, samenwerking en participatie binnen het werkgebied.

3. Een stads- of dorpsraad kan in samenspraak met de gemeente en de bewoners van het werkgebied een stads- of dorpsplan opstellen. De onderwerpen uit het plan worden door de gemeente betrokken bij het bepalen van de gemeentelijke agenda. Bij die onderwerpen worden stads- en dorpsraden altijd actief betrokken als adviseur.

4. De gemeente faciliteert steeds dat belangen van stads- en dorpsraden vroegtijdig kunnen worden ingebracht bij beleidsvoornemens en besluiten met betrekking tot het werkgebied. Uitgangspunt is dat daarbij via overleg, advies, inspraak en participatie steeds tot gedragen resultaten en oplossingen kan worden gekomen en bezwaar- en beroepsprocedures zoveel mogelijk worden voorkomen.

Artikel 4 Overleg

1. De kernwethouder sluit in ieder geval twee keer per jaar aan bij een vergadering van een stads- of dorpsraad. Deze vergaderingen worden in overleg tussen de stads- of dorpsraad en het bestuurssecretariaat ingepland, zo mogelijk steeds voorafgaand aan een nieuw kalenderjaar.

2. Uitgangspunt is dat uiterlijk 1 week voorafgaand aan de vergadering met de kernwethouder de stads- of dorpsraad het college informeert over de agenda en/of te behandelen gespreksonderwerpen.

3. Op verzoek van de stads- of dorpsraad of van het college kan, buitenom het in dit artikel bedoelde overleg met de kernwethouder, altijd tussentijds overleg plaatsvinden.

4. De gemeente stelt voor elke stads- of dorpsraad een vast contactpersoon aan die voor een stads- of dorpsraad het aanspreekpunt vormt.

Artikel 5 Inspraak, informatie en advies

1. Inspraak en participatie wordt geregeld bij wet en door de Inspraakverordening en Participatienota van de gemeente Veere.

2. Het college zal de stads- of dorpsraad steeds zo vroeg mogelijk advies vragen over beleidsvoornemens die het algemeen belang van het werkgebied van een stads- of dorpsraad raken.

3. De adviesaanvraag bevat alle voor de advisering relevante informatie. Indien het college bepaalde informatie vertrouwelijk ter beschikking heeft gesteld, neemt de stads- of dorpsraad deze vertrouwelijkheid in acht.

4. De stads- en dorpsraad kan bij het college nadere informatie opvragen voor beleidsvoornemens die de stads- of dorpsraad ter advisering worden voorgelegd.

5. De stads- of dorpsraad brengt zijn advies uit aan het college binnen de daartoe gestelde termijn en zo nodig vergezeld van een nadere toelichting.

6. Het college zal een uitgebracht advies bij de besluitvorming betrekken. Wanneer van het advies wordt afgeweken, wordt dat gemotiveerd aan de stads- of dorpsraad meegedeeld.

Artikel 6 Subsidie

1. Stads- en dorpsraden die zijn erkend en voldoen aan de voorwaarden genoemd in artikel 2 lid 3, komen in aanmerking voor subsidie voor organisatiekosten. Dit gaat om secretariaatskosten, vergaderkosten (zaalhuur en consumpties), bankkosten, representatiekosten, verzekeringen enzovoorts. Kosten voor het uitvoeren van plannen en activiteiten door een stads- of dorpsraad vallen hier niet onder.

2. De subsidie bedoeld in het eerste lid van dit artikel wordt bij deze verordening apart geregeld als bedoeld in artikel 2 van de Algemene Subsidieverordening Veere 2026.

3. Voor de uitvoering van de subsidie is een subsidiejaar gelijk aan het kalenderjaar. Een subsidietijdvak betreft een periode van vier jaar.

4. Stads- of dorpsraden die op grond van deze verordening voor subsidie in aanmerking komen, kunnen hiertoe eenmaal per vier jaar, uiterlijk op 1 oktober voorafgaand aan het eerste jaar of het nieuwe subsidietijdvak, een aanvraag indienen.

5. De subsidie wordt voor een periode van vier jaar elk jaar verleend, onder voorbehoud dat de gemeenteraad hiervoor de benodigde middelen beschikbaar stelt. Het is dus mogelijk dat de in dit artikel genoemde subsidiebedrag in de loop van de periode hierop wordt aangepast.

6. Per stads- of dorpsraad wordt met ingang van 2026 jaarlijks maximaal een vast bedrag van €3.500 aan subsidie verleend.

7. Dit bedrag wordt vanaf 2027 in principe jaarlijks geïndexeerd op basis van de index die in de begroting wordt afgesproken voor subsidiebudgetten.

8. Van de besteding van de subsidie wordt jaarlijks verantwoording afgelegd aan het college voor 1 mei van het volgend jaar. Na verantwoording volgt de definitieve vaststelling van het subsidiebedrag per jaar. De verantwoording bestaat in ieder geval uit een inhoudelijk verslag van de uitgevoerde activiteiten en een overzicht van de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten.

9. De stads- of dorpsraad mag het niet gebruikte deel van de jaarlijkse subsidie tot een bedrag van maximaal € 3.500 reserveren. Voor het overige dient het niet gebruikte deel van de subsidie steeds te worden teruggestort aan de gemeente.

10. Bij de oprichting van een nieuwe stads- of dorpsraad of de aanpassing van de statuten van een bestaande stads- of dorpsraad na inwerkingtreding van deze verordening kan, eenmalig en met voorafgaande goedkeuring van het college, subsidie worden verleend voor de oprichtings- en/of aanpassingskosten.

11. Voor het aanvragen van en het verantwoording afleggen over subsidie wordt gebruik gemaakt van een door de gemeente verstrekt aanvraag- of verantwoordingsformulier.

Artikel 7 Slotbepaling

1. Het college kan met betrekking tot de uitvoering van deze verordening in overleg met de stads- of dorpsraden nadere regels stellen;

2. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2026.

3. De verordening “Overleg- en bijdrageregeling stads- en dorpsraden Veere 2007” wordt per 1 januari 2026 ingetrokken;

4. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening stads- en dorpsraden 2026.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Veere, gehouden op 11 december 2025.

De Griffier, De Voorzitter