Beleidsregel voor de Wet Bibob gemeente Hillegom

Geldend van 01-01-2026 t/m heden

Intitulé

Beleidsregel voor de Wet Bibob gemeente Hillegom

De burgemeester en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hillegom, ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft;

Gelet op het bepaalde in de Wet Bibob, artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht, alsook de relevante bepalingen in de Alcoholwet, de Omgevingswet, de (Algemene) plaatselijke verordening (m.b.t. gemeentelijke vergunningen), de Jeugdwet, de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, de gemeentelijke Drank- en horecaverordening en Subsidieverordening(en), Wet op de Kansspelen, de Aanbestedingswet 2012 en het Burgerlijk Wetboek.

Besluiten vast te stellen de ‘Beleidsregel voor de Wet Bibob gemeente Hillegom’.

Inleiding

De Wet Bibob verschaft de gemeente Hillegom de mogelijkheid zich via een Bibob-onderzoek te beschermen tegen het risico dat criminele activiteiten worden gefaciliteerd bij het verlenen van vergunningen, het verstrekken van subsidies, het gunnen van overheidsopdrachten of het aangaan van vastgoedtransacties.

De Wet Bibob geeft de gemeente Hillegom eigen beleidsruimte bij de besluitvorming over het toepassen van uit deze wet voortvloeiende bevoegdheden. Na de wijzigingen van de Wet Bibob op 1 augustus 2020 en 1 oktober 2022, en in het kader van de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024, is de beleidsregel in 2025 geactualiseerd. Dit heeft geleid tot de nieuwe Beleidsregel voor de Wet Bibob van de gemeente Hillegom, die duidelijkheid schept naar de burgers en de ondernemingen die aan een Bibob-onderzoek kunnen worden onderworpen. Deze beleidsregel vervangt de beleidsregel uit 2021.

Meer informatie

In de ‘Toelichting: hoe past de gemeente Hillegom de Wet Bibob toe?’ kunt u meer informatie vinden over onder andere:

  • a.

    De werking van Wet Bibob

  • b.

    Eigen onderzoek gemeente Hillegom

  • c.

    Onderzoek door het Landelijk Bureau Bibob (LBB)

  • d.

    Beschikkingen, overheidsopdrachten en vastgoedtransacties

  • e.

    Termijnen

Hoofdstuk 1: Algemeen

Artikel 1.1 Uitleg begrippen

In deze beleidsregel staan verschillende begrippen. In artikel 1.1 van de Wet Bibob leest u van de meeste begrippen wat ze betekenen. Daarnaast staan in deze beleidsregel nog enkele andere begrippen. Hieronder leest u wat die begrippen betekenen.

  • a.

    Wet Bibob: de Wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob);

  • b.

    De gemeente: de gemeente Hillegom;

  • c.

    Eigen onderzoek: het Bibob-onderzoek dat de gemeente Hillegom uitvoert, zoals bedoeld in artikel 7a van de Wet Bibob.

  • d.

    Eigen ambtelijke informatie: informatie die binnen de gemeente beschikbaar is, zoals in documenten of digitaal. Dit omvat ook informatie die de gemeente in open of gesloten bronnen kan inzien of aanvragen. De gemeente is toegestaan deze informatie te gebruiken voor eigen onderzoek.

  • e.

    Bibob-vragenformulier: het formulier dat iemand in moet vullen bij de start van een Bibob-onderzoek (zie artikel 7a, lid 5 van de Wet Bibob).

  • f.

    RIEC: het Regionaal Informatie- en Expertise Centrum; het regionaal samenwerkingsverband zoals bedoeld in artikel 28, lid 2 onder d van de Wet Bibob.

  • g.

    Landelijk Bureau Bibob (hierna: LBB): het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, zoals bedoeld in artikel 8 van de Wet Bibob. De gemeente kan dit bureau vragen om een Bibob-advies te geven.

  • h.

    Risicogebied: gebied dat op basis van artikel 2:34 van de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Hillegom (hierna: APV) als risicovol is aangewezen.

Artikel 1.2 De gemeente mag afwijken van deze beleidsregel

In deze beleidsregel heeft de gemeente Hillegom omschreven in welke gevallen zij een Bibob-onderzoek uitvoert. Ook in andere gevallen kan de gemeente een Bibob-onderzoek uitvoeren als zij dat nodig vindt, zolang zij zich aan de Wet Bibob en andere wetten houdt.

Hoofdstuk 2: Signalen

In deze beleidsregel worden een aantal gevallen benoemd waarin de gemeente een Bibob-onderzoek kan uitvoeren of gevallen waarin de gemeente in beginsel geen onderzoek zal verrichten. In de hiervoor genoemde gevallen zal de gemeente in ieder geval overgaan tot het uitvoeren van een Bibob-onderzoek indien:

  • a.

    De vergunning is aangevraagd voor één of meerdere activiteiten en/of projecten die vallen onder de risicoactiviteiten (zie bijlage 1);

  • b.

    De locatie waarvoor de vergunning is aangevraagd een risicogebied is (zie bijlage 2);

  • c.

    De gemeente dit nodig vindt door eigen ambtelijke informatie of informatie die de gemeente heeft ontvangen van één van de partners van het samenwerkingsverband RIEC;

  • d.

    De gemeente een tip heeft ontvangen van het Landelijk Bureau Bibob, zoals bedoeld in artikel 11 van de Wet Bibob;

  • e.

    De gemeente een tip heeft ontvangen van de officier van justitie, een ander bestuursorgaan dat de Wet Bibob mag uitvoeren, of een rechtspersoon met een overheidstaak die de Wet Bibob mag uitvoeren, zoals bedoeld in artikel 26 van de Wet Bibob.

Hoofdstuk 3: Weigeren volledig invullen Bibob-vragenformulieren

In dit hoofdstuk leest u wat de gevolgen zijn van het weigeren de Bibob-vragenformulieren volledig in te vullen volgens de Wet Bibob.

Artikel 3.1 Aanvragen om beschikkingen

Bij weigering om de Bibob-vragenformulieren (inclusief de gevraagde bescheiden) in te vullen of deze niet volledig ingevuld te retourneren, worden bij aanvragen om een beschikking de daarvoor geldende regels van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) toegepast. Bij volharding zal de gevraagde beschikking buiten behandeling worden gesteld op grond van artikel 4:5 van de Awb.

Artikel 3.2 Verleende beschikkingen

Bij verleende beschikkingen wordt een weigering om de Bibob-vragenformulieren (inclusief de gevraagde bescheiden) in te vullen of deze niet volledig ingevuld te retourneren, op grond van artikel 4, eerste lid van de Wet Bibob worden beschouwd als een ernstige mate van gevaar als bedoeld in artikel 3 van de Wet Bibob. De verstrekte beschikking kan als gevolg daarvan worden ingetrokken.

Artikel 3.3 Nieuwe vastgoedtransacties en overheidsopdrachten

Indien er sprake is van een vastgoedtransactie of een overheidsopdracht, leidt weigering om de Bibob-vragenformulieren (inclusief de gevraagde bescheiden) in te vullen of deze niet volledig ingevuld te retourneren tot het niet sluiten van de vastgoedovereenkomst of het niet gunnen van de overheidsopdracht.

Hoofdstuk 4: Publiekrechtelijke beschikkingen

In dit hoofdstuk leest u wanneer de gemeente de Wet Bibob zal of kan gebruiken bij aanvragen voor publiekrechtelijke beschikkingen, zoals vergunningen en subsidies.

Artikel 4.1 Bibob-onderzoek bij aanvraag voor een vergunning

  • 1. Uitvoering van het Bibob-onderzoek zal plaatsvinden bij elke aanvraag voor een:

    • a.

      Alcoholwetvergunning zoals bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet voor horecabedrijven, indien er sprake is van vestiging van een nieuw bedrijf, de overname van een bestaand bedrijf, de overname van (de meerderheid van) de aandelen van een bestaand bedrijf of wijziging van de rechtsvorm, tenzij sprake is van een para-commerciële inrichting;

    • b.

      Exploitatievergunning openbare inrichting zoals bedoeld in artikel 2:28 van de APV, indien er sprake is van vestiging van een nieuw bedrijf, de overname van een bestaand bedrijf, de overname van (de meerderheid van) de aandelen van een bestaand bedrijf, wijziging van financier of van de rechtsvorm of het wijzigen en/of bijschrijven van leidinggevende(n);

    • c.

      Evenementenvergunning zoals bedoeld in artikel 2:25 van de APV, indien sprake is van een aanvraag voor een evenementenvergunning voor een vechtsportgala;

    • d.

      Exploitatievergunning speelgelegenheid zoals bedoeld in artikel 2:39 en 2:40 van de APV;

    • e.

      Flexibele brancheringsvergunning zoals bedoeld in artikel 2:34 van de APV;

    • f.

      Exploitatievergunning voor een seksinrichting of escortbedrijf zoals bedoeld in artikel 3:3 van de APV.

  • 2. Uitvoering van het Bibob-onderzoek kan plaatsvinden bij elke aanvraag, indien sprake is van een van de gevallen zoals benoemd in hoofdstuk 2 van deze Beleidsregel, voor een:

    • a.

      Een vergunning zoals bedoeld in artikel 5.1 van de Omgevingswet voor:

      • Een bouwactiviteit;

      • Een omgevingsplanactiviteit;

      • Een milieubelastende activiteit.

    • b.

      Een aanvraag om een omgevingsplan te wijzigen zoals bedoeld in en volgens de voorwaarden van artikel 4.19b van de Omgevingswet;

    • c.

      Evenementenvergunning zoals bedoeld in artikel 2:25 van de APV;

    • d.

      Bijschrijving (dag)leidinggevende op Alcoholwetvergunning zoals bedoeld in artikel 30a en 30b van de Alcoholwet;

    • e.

      Alcoholwetvergunning zoals bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet voor paracommerciële rechtspersonen zoals bedoeld in artikel 1 van de Alcoholwet.

  • 3. De gemeente voert in beginsel geen eigen Bibob-onderzoek uit voor aanvragen van overheidsinstanties, semi-overheidsinstanties of woning(bouw)corporaties die onder de Woningwet vallen.

Artikel 4.2 Bibob-onderzoek bij verleende vergunningen

  • 1. Uitvoering van het Bibob-onderzoek zal plaatsvinden bij verleende beschikkingen in de onderstaande gevallen:

    De gemeente ontvangt een melding dat de vergunninghouder de vergunning op naam van een ander wil zetten (wijziging aanvrager of vergunninghouder zoals bedoeld in artikel 5.37 van de Omgevingswet);

  • 2. Uitvoering van het Bibob-onderzoek kan plaatsvinden bij een verleende beschikking in de onderstaande gevallen:

    Wanneer sprake is van één van de gevallen zoals benoemd in hoofdstuk 2 van deze Beleidsregel. Dit gebeurt uitsluitend wanneer er bij de verlening van de oorspronkelijke vergunning ook een Bibob-toets uitgevoerd dient te worden, op basis van de criteria benoemd in artikel 4.1 van deze beleidsregel. Bij omgevingsvergunningen kan dit alleen als aan de voorwaarden is voldaan van artikel 5.40 van de Omgevingswet (bevoegdheid tot wijziging voorschriften omgevingsvergunning en intrekking omgevingsvergunning).

Artikel 4.3 Bibob-onderzoek bij subsidies

Uitvoering van het Bibob-onderzoek zal plaatsvinden bij elke aanvraag om subsidie dan wel een al verleende subsidie zoals bedoeld in de Algemene Subsidieverordening indien:

Sprake is van een van de gevallen zoals benoemd in hoofdstuk 2 van deze Beleidsregel.

Hoofdstuk 5: Privaatrechtelijke transacties

In dit hoofdstuk leest u wanneer de gemeente de Wet Bibob kan toepassen bij privaatrechtelijke transacties, zoals het kopen of verkopen van gebouwen of grond, of bij overheidsopdrachten.

Artikel 5.1 Vastgoed

De uitvoering van een Bibob-onderzoek kan plaatsvinden bij vastgoedtransacties waarbij de gemeente partij is. Bij de start van de onderhandelingen zal de gemeente de wederpartij (schriftelijk) in kennis stellen dat een Bibob-onderzoek deel kan uitmaken van de procedure.

In de overeenkomst wordt een integriteitsclausule opgenomen, op basis waarvan kan worden overgegaan tot ontbinding, opzegging, vernietiging of opschorting van de overeenkomst als uit een Bibob-onderzoek blijkt dat de andere partij niet integer is.

  • 1.

    Uitvoering van het Bibob-onderzoek zal plaatsvinden bij vastgoedtransacties in de onderstaande gevallen:

    • a.

      Als bij het aangaan van de vastgoedtransactie blijkt dat de wederpartij in de toekomst ook een aanvraag moet indienen voor een beschikking zoals genoemd in deze beleidsregel;

    • b.

      Sprake is van de gevallen zoals benoemd in hoofdstuk 2 van deze Beleidsregel.

  • 2.

    Bij een vastgoedtransactie voert de gemeente in beginsel geen eigen Bibob-onderzoek uit, in het geval sprake is van transacties met overheidsinstanties, semi-overheidsinstanties of woning(bouw)corporaties.

Artikel 5.2 Overheidsopdrachten

De gemeente kan de Wet Bibob toepassen bij overheidsopdrachten zoals bedoeld in de Aanbestedingswet 2012, dan wel een bij zorgovereenkomsten op grond van de Jeugdwet of de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo).

In de aanbestedingsdocumenten zal worden opgenomen dat inschrijvende partijen er rekening mee moeten houden dat de gemeente, alvorens tot definitieve gunning wordt overgegaan, een Bibob-onderzoek kan starten, dan wel advies kan inwinnen als bedoeld in artikel 9 lid 2 van de Wet Bibob. Dit onderzoek kan mede zien op eventuele onderaannemers.

Daarnaast wordt een integriteitsclausule opgenomen in de aanbestedingsdocumenten op basis waarvan kan worden overgegaan tot uitsluiting van de inschrijvende partij als uit een Bibob-onderzoek blijkt dat de uitvoerder van de opdracht niet integer is, zoals bedoeld in artikel 9 tweede lid van de Wet (dan wel een situatie zoals bedoeld in artikel 3.3 van deze Beleidsregel).

Ook in de af te sluiten overeenkomsten zal een integriteitsclausule worden opgenomen waarin wordt aangegeven dat de overeenkomst kan worden ontbonden als uit een Bibob-onderzoek blijkt dat de uitvoerder van de opdracht niet integer is, zoals bedoeld in artikel 9, tweede lid van de Wet.

  • 1.

    Uitvoering van het Bibob-onderzoek zal plaatsvinden bij overheidsopdrachten in de onderstaande gevallen indien:

    Sprake is van een van de gevallen zoals benoemd in hoofdstuk 2 van deze Beleidsregel.

Hoofdstuk 6: Slotbepalingen

Artikel 6.1 Intrekking

De beleidslijn voor de toepassing van de Wet Bevordering integriteitsbeoordeling door het openbaar bestuur 2021 wordt ingetrokken met ingang van het moment waarop de Beleidsregel voor de wet Bibob gemeente Hillegom in werking treedt.

Artikel 6.2 Inwerkingtreding

Vastgesteld bij besluit van burgemeester en wethouders van Hillegom d.d. 16 december 2025.

Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking.

Artikel 6.3 Citeertitel

Deze beleidsregel worden aangehaald als: ‘Beleidsregel voor de Wet Bibob gemeente Hillegom’.

Ondertekening

Aldus vastgesteld door de burgemeester en het college van Burgemeester en Wethouders op 16 december 2025.

Bijlage 1: Risicoactiviteiten

In deze bijlage staan activiteiten benoemd waarvoor de gemeente Hillegom, indien mogelijk, een Bibob-onderzoek wil uitvoeren. Voor deze activiteiten bestaat een verhoogd risico op criminaliteit of het witwassen van crimineel verkregen vermogen.

In de lijst met risicoactiviteiten staan de volgende activiteiten:

  • Activiteiten die onder de Wet Bibob vallen, zoals activiteiten waar een alcoholwetvergunning voor nodig is of sommige milieu- of bouwactiviteiten. Sinds 2013 vallen ook vastgoedtransacties onder de Wet Bibob, en sinds 2022 ook (zorg)aanbestedingen. Deze activiteiten vallen onder de Wet Bibob omdat bij deze activiteiten volgens de overheid een verhoogd risico is op criminaliteit. De overheid maakt hiervoor bijvoorbeeld gebruik van een onderzoek van criminoloog/emeritus hoogleraar Cyrille Fijnaut (hierna: Fijnaut) (zie ook ‘Activiteiten die de overheid heeft toegevoegd aan de Wet Bibob’).

  • Activiteiten waarvoor in de gemeente Hillegom een vergunning vereist is. Gemeenten mogen zelf bepalen voor welke bedrijfsmatige activiteiten een vergunningplicht geldt, ter bestrijding van ondermijning. De gemeente Hillegom heeft gekozen voor vergunningplicht bij activiteiten die overlast, onveiligheid of andere maatschappelijke risico’s kunnen veroorzaken.

  • Activiteiten waar de gemeente negatieve ervaringen heeft opgedaan. Denk hierbij aan zorgfraude bij bepaalde zorgbureaus, misstanden bij uitzendbureaus of onregelmatigheden bij duurzaamheidsprojecten. Ook activiteiten die in een bepaald gebied veel voorkomen, kunnen aan de lijst worden toegevoegd.

De overheid heeft er bewust voor gekozen om geen definitieve lijst met risicoactiviteiten op te stellen, maar om gemeenten de vrijheid te geven zelf activiteiten toe te voegen. Ze kunnen dat bijvoorbeeld doen als uit onderzoek blijkt dat ook andere branches in hun gemeente een verhoogd risico hebben op criminaliteit. Met een definitieve lijst zou ook het risico bestaan dat criminelen overstappen naar andere branches die buiten de Wet Bibob vallen.

Lijst van risicoactiviteiten

In onderstaande lijst staan de risicoactiviteiten die gelden in de gemeente Hillegom. Ze zijn verdeeld over categorieën.

Detailhandel en dienstverlening

Voor deze activiteiten is in beginsel geen vergunning nodig, tenzij de gemeente een vergunning verplicht heeft ingesteld. In sommige gevallen bepaalt het Omgevingsplan dat voor deze activiteiten een omgevingsplanactiviteit moet worden aangevraagd.

  • 1.

    Automotives

  • 2.

    Belwinkels

  • 3.

    Darkstores

  • 4.

    Goudinkoopbedrijven

  • 5.

    Hoogwerkers

  • 6.

    Kappers/barbershops/nagelstudio’s/tattooshops

  • 7.

    Pandjeshuizen

  • 8.

    Slijterijen

  • 9.

    Smartshops/headshops/giftshops

  • 10.

    Supermarkten

  • 11.

    Transportbedrijven

  • 12.

    Verhuur van transportmiddelen (auto’s, (bestel)bussen, deelvoertuigen)

  • 13.

    Wellnesscentra/massagesalons/zonnestudio’s

Duurzaamheid en transitie

Voor deze activiteiten is in sommige gevallen een omgevingsvergunning nodig, bijvoorbeeld voor bouwactiviteiten. Daarnaast kan er voor bepaalde activiteiten een subsidie worden aangevraagd.

  • 1.

    Activiteiten voor uitkoop- en opkoopregelingen (in verband met onder andere stikstof)

  • 2.

    Energieproductie (inclusief (mest)vergisters, windmolens, zonneparken, enzovoort)

Horeca-activiteiten

Voor deze activiteiten is in beginsel een vergunning nodig vanuit de Alcoholwet of de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van de gemeente, zoals de exploitatievergunning voor openbare inrichtingen.

  • 1.

    Coffeeshops

  • 2.

    Horecabedrijven

  • 3.

    Hotel/pensions, of andere locaties om te overnachten

  • 4.

    Shishalounges

  • 5.

    Zaalverhuur

De rechter heeft in verschillende uitspraken over horecabedrijven1 geoordeeld dat algemeen bekend is dat deze sector een verhoogd risico heeft op criminaliteit. Zie ook de memorie van toelichting van de Wet Bibob.2

Milieubelastende activiteiten

Voor deze activiteiten is in beginsel een vergunning nodig vanuit de Omgevingswet (vergunning voor een milieubelastende activiteit en/of omgevingsplanactiviteit).

  • 1.

    (gevaarlijke) Afvalbewerking en -verwerking

  • 2.

    Afvalrecycling

  • 3.

    Autodemontage

  • 4.

    Datacenters

  • 5.

    Mestverwerking

  • 6.

    Sloop- en/ of asbestverwijdering

  • 7.

    Vuurwerkopslag/ transport

Opslag

Als voor deze activiteiten gebouwd moet worden, is er vaak een omgevingsvergunning nodig. Ook moet het omgevingsplan misschien veranderd worden.

  • 1.

    Bedrijfsverzamelgebouwen

  • 2.

    Garageboxen/opslagruimtes

Prostitutie

Voor deze activiteit is een vergunning nodig vanuit de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van de gemeente. Voor deze activiteit geldt ook vaak een maximumaantal per gebied. Soms is ook een wijziging van het omgevingsplan nodig om deze activiteit op een locatie mogelijk te maken.

  • 1.

    Erotische massagesalons

  • 2.

    Escortbedrijven

  • 3.

    Prostitutie- en seksbedrijven

  • 4.

    Seksbioscopen

De rechter heeft in verschillende uitspraken over prostitutiebedrijven geoordeeld dat het algemeen bekend is dat deze sector een verhoogd risico heeft op criminaliteit.3 Zie ook de memorie van toelichting van de Wet Bibob.4

Recreatie en vrije tijd

Voor deze activiteiten kan een vergunning nodig zijn vanuit de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van de gemeente. Ook kan er een combinatie zijn met andere activiteiten, bijvoorbeeld wanneer er ook horecabedrijf op een recreatiepark aanwezig is. Dan is er sowieso een vergunning nodig.

  • 1.

    Commerciële sportactiviteiten

  • 2.

    Evenementen, zoals

    • Vechtsportgala’s (of vergelijkbare evenementen)

    • Ride outs motorclubs (of vergelijkbare evenementen)

  • 3.

    Fitnessbedrijven/sportscholen

  • 4.

    Jachthavens

  • 5.

    Recreatieparken/campings

  • 6.

    Speelautomatenhallen/gamecenters/casino’s

  • 7.

    Sporthallen/-complexen

Wonen

Voor deze activiteiten is in beginsel een omgevingswetvergunning nodig, bijvoorbeeld voor een bouwactiviteit of een omgevingsplanactiviteit. Ook kunnen er vergunningen nodig zijn vanuit de Huisvestingswet, de Wet goed verhuurderschap of regels van de gemeente.

  • 1.

    Aanpassen kantoorpanden (naar woningen en/of kamers)

  • 2.

    Huisvesting van arbeidsmigranten

  • 3.

    Kamerverhuurbedrijven (inclusief omgevingsvergunningen voor kamerverhuur- en/of logiespanden met twee of meer kamers)

  • 4.

    Omzetten/splitsen van woningen/panden voor kamerverhuur of realisatie van (meerdere) woonruimten

  • 5.

    Opvang vluchtelingen

Zorg, welzijn en opleiden

Deze activiteiten gebeuren soms via een overheidsopdracht en soms kan er een subsidie voor worden aangevraagd. Ook is er soms een vergunning voor nodig vanuit de Omgevingswet.

  • 1.

    Het aanbieden van particuliere schoolactiviteiten

  • 2.

    Het aanbieden van zorg (inclusief aanbieden van zorgwoningen)

  • 3.

    Religieuze instellingen

  • 4.

    Re-integratie-activiteiten

Bovenstaande opsomming van risicocategorieën is niet-limitatief, maar geeft een indicatie van mogelijke risicocategorieën. Deze opsomming kan aangepast worden, indien ontwikkelingen hiertoe aanleiding geven.

Bijlage 2: Risicogebieden

De gemeente kan bepaalde gebieden aanwijzen waarbij het wenselijk is dat in dat gebied een eigen onderzoek wordt gestart indien sprake is van een aanvraag om een beschikking (of een verleende vergunning) of een vastgoedtransactie wordt aangegaan of een overheidsopdracht wordt gegund.

Hiervan kan bijvoorbeeld sprake zijn bij nieuw te ontwikkelen bedrijventerreinen, revitalisatie van gebieden, bepaalde gebieden waar sprake is van (vermoedens van) ondermijnende activiteiten, en dergelijke.

Aangewezen risicogebieden:

Momenteel zijn er geen risicogebieden aangewezen.

Toelichting: hoe past de gemeente Hillegom de Wet Bibob toe?

Beleidsregel voor de Wet Bibob gemeente Hillegom

Op 18 oktober 2002 is de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob) in werking getreden. Deze wet geeft de burgemeester/het college van burgemeester en wethouders (verder: het bestuursorgaan) een instrument in handen om zich te beschermen tegen het risico dat ongewild criminele activiteiten worden gefaciliteerd. De Wet Bibob is een facultatieve wet, waarbij het bestuursorgaan zelf de bevoegdheid heeft om te bepalen in welke van de gevallen zij dit instrument daadwerkelijk zal toepassen. Het vaststellen en implementeren van een beleidslijn biedt de gemeente meer structuur en zekerheid in haar werkwijze aan zowel het bestuursorgaan als aan de betrokkene(n).

In de beleidslijn staat aangegeven op welke beschikkingen (vergunningen en subsidies), overheidsopdrachten en vastgoedtransacties de Wet Bibob wordt toegepast en in welke gevallen de Bibob-toets wordt uitgevoerd. Voor alle beschikkingen, vastgoedtransacties en overheidsopdrachten geldt dat het toepassingsbereik in beginsel niet algemeen is, maar beperkt wordt door lokale keuzes. Belangrijk is daarbij het wel/niet aanwezig zijn van specifieke relevante informatie die kan duiden op een integriteitsrisico voor het bestuursorgaan (criminaliteitsbeeld- of risicoanalyses).

In de Beleidsregel voor de Wet Bibob gemeente Hillegom wordt een onderscheid gemaakt tussen vergunningen waarbij het bestuursorgaan, met inachtneming van het bepaalde in de beleidslijn, een Bibob-toets zal uitvoeren ('zal-bepalingen') en de vergunningen waarbij het bestuursorgaan een Bibob-toets kan uitvoeren ('kan-bepalingen'). De 'zal bepalingen' zijn gekwalificeerd als risicovolle(re) branches, omdat deze meer dan andere vatbaar zijn voor criminele beïnvloeding. Het toepassen van de Wet Bibob heeft voor deze gevallen dan ook een preventief karakter. In het geval van branches die minder vatbaar zijn, maar niet uitgezonderd van criminele beïnvloeding, of in het geval reguliere wetgeving al bepaalde waarborgen biedt, wordt gekozen voor een risicogerichte benadering ('kan-bepaling').

De evenwichtige inzet van 'kan-'- en 'zal- bepalingen' zorgt ervoor dat de gemeente Hillegom flexibel kan inspelen op signalen en maatwerk kan toepassen waar nodig. Tegelijkertijd wordt zo de noodzakelijke rechtszekerheid voor aanvragers en andere betrokken partijen gewaarborgd.

Eigen Bibob-onderzoek door de gemeente

Deze toelichting legt de stappen uit die de gemeente Hillegom zet bij een Bibob-onderzoek. In sommige gevallen kan het onderzoek op een andere wijze of volgorde worden uitgevoerd. Hierbij zorgt de gemeente er altijd voor dat zij zich aan de wet houdt.

De gemeente Hillegom begint altijd met een eigen Bibob-onderzoek. Als dit onderzoek niet genoeg informatie oplevert om een beslissing te nemen, kan de gemeente ook het Landelijk Bureau Bibob om advies vragen. Dit bureau heeft toegang tot meer informatie dan de gemeente. Ook kan de gemeente tijdens het onderzoek hulp vragen aan het Regionaal Informatie- en Expertise Centrum (RIEC).

In de Beleidsregel voor de Wet Bibob gemeente Hillegom staat wanneer de gemeente een eigen Bibob-onderzoek kan starten. De gemeente kan eigen ambtelijke informatie bij dit onderzoek gebruiken. Het kan zijn dat de gemeente deze informatie heeft gekregen uit één of meerdere (gesloten) bronnen, zoals gegevens van de politie. De gemeente houdt zich hierbij altijd aan de Wet Bibob.

Gaat het om een privaatrechtelijke overeenkomst? Dan gelden de afspraken in het (algemene) inkoopbeleid van de gemeente Hillegom, de (algemene) verkoopvoorwaarden van de gemeente Hillegom en contracten. De Beleidsregel voor de Wet Bibob gemeente Hillegom is een aanvulling op die afspraken.

De gemeente Hillegom hanteert bij elk Bibob-onderzoek een vaste werkwijze. De concrete stappen worden hieronder toegelicht:

De betrokkene moet een Bibob-vragenformulier invullen

Wanneer de gemeente Hillegom een eigen Bibob-onderzoek start, vraagt het de betrokkene om het Bibob-vragenformulier, de bijlage behorende bij het Bibob-vragenformulier en, indien van toepassing, het machtigingsformulier in te vullen en aan te leveren bij de gemeente. De betrokkene moet ook alle documenten (bijlagen) aanleveren waar in het vragenformulier om wordt gevraagd. Deze documenten gelden als bewijs voor de antwoorden.

De gemeente Hillegom voert daarna de volgende acties uit:

  • De gemeente controleert en onderzoekt alle informatie die de betrokkene heeft ingevuld op het Bibob-vragenformulier en alle toegevoegde documenten (bijlagen);

  • De gemeente controleert en onderzoekt extra informatie die de betrokkene heeft aangeleverd bij de gemeente als de gemeente hierom heeft gevraagd;

  • De gemeente doet onderzoek naar informatie over de betrokkene en de Bibob-relaties van de betrokkene in open bronnen waar iedereen toegang toe heeft, zoals de Kamer van Koophandel en het Kadaster.

De gemeente Hillegom kan de volgende extra gegevens opvragen:

  • Politiegegevens (zie artikel 4.3 onder l van het Besluit politiegegevens);

  • Justitiële gegevens, zoals een strafblad;

  • Informatie van het Landelijk Bureau Bibob, zoals bedoeld in artikel 11a van de Wet Bibob;

  • Informatie van de Rijksbelastingdienst zoals bedoeld in artikel 7c van de Wet Bibob.

De gemeente Hillegom kan aanvullende informatie opvragen bij de betrokkene zoals bedoeld in artikel 1, lid 1 van de Wet Bibob. Daarnaast kan ook informatie worden opgevraagd bij zogenoemde Bibob-relaties van de betrokkene. Onder deze relaties vallen de volgende personen:

  • Degene die direct of indirect leidinggeeft of heeft gegeven aan de betrokkene;

  • Degene die direct of indirect zeggenschap heeft of heeft gehad over de betrokkene;

  • Degene die direct of indirect vermogen geeft of heeft gegeven aan de betrokkene;

  • Degene die als leidinggevende, beheerder, bedrijfsleider of vervoersmanager staat vermeld op de aangevraagde of al gegeven beschikking;

  • Degene die met de betrokkene gelijk kan worden gesteld door zijn invloed op de betrokkene.

De betrokkene is verplicht de volgende informatie te geven over hoe het project of de activiteit gefinancierd wordt:

De financiering van het project of de activiteit moet aannemelijk en inzichtelijk zijn. Dit betekent dat geloofwaardig moet zijn dat de betrokkene het geld heeft en dat duidelijk moet zijn waar het geld vandaan komt. Daarom gelden de volgende regels:

Optie 1: De betrokkene gebruikt eigen vermogen

De betrokkene moet kunnen bewijzen dat hij het geld heeft en waar het vandaan komt. Ook als de betrokkene met contant geld betaalt.

Optie 2: De betrokkene gebruikt vreemd vermogen

In dit geval moet de betrokkene de volgende documenten inleveren:

  • Een lenings- of schenkingscontract waarop staat wat de voorwaarden voor de lening of schenking zijn. Dit contract moet in het Nederlands zijn, of vertaald zijn naar het Nederlands.

  • Documenten die de identiteit van de (indirecte) geldgever bewijzen:

  • Geldig identiteitsbewijs

    • Adres en woonplaats

    • Gegevens over de natuurlijke personen (aandeelhouders) als de financiering door rechtspersonen gebeurt.

    • Documenten waaruit blijkt waar het geld van de geldgever vandaan komt en om hoeveel geld het gaat. Denk aan overeenkomsten, jaaropgaven, loonstroken en belastingaangiftes.

  • Bankafschriften waaruit blijkt dat de betrokkene het geld heeft ontvangen.

  • Betaalt de betrokkene met contant geld? Dan moet de betrokkene laten zien hoe hij aan dit geld komt.

  • Maakt de betrokkene gebruik van crowdfunding of andere manieren om via een platform geld op te halen bij een groep mensen? Dan kan de gemeente het platform of de aanvrager verplichten de identiteit van de uiteindelijke vermogensverschaffers bekend te maken aan de betrokkene of de gemeente.

Onderzoek door het Landelijk Bureau Bibob

De gemeente Hillegom kan het Landelijk Bureau Bibob een onderzoek laten doen. Het Landelijk Bureau Bibob heeft toegang tot meer informatie dan de gemeente, zoals internationale informatie en informatie van inlichtingendiensten. Een onderzoek door het Landelijk Bureau Bibob heeft daarom meer invloed op een betrokkene en de privacy van een betrokkene dan een onderzoek door de gemeente. De gemeente Hillegom laat het Landelijk Bureau Bibob daarom alleen een onderzoek doen als zij dit echt nodig vindt.

De gemeente kan het Landelijk Bureau Bibob (LBB) onderzoek laten doen in de volgende gevallen:

  • De gemeente heeft nog vragen over de integriteit van de betrokkene en/of de omgeving van de betrokkene, zoals bedoeld in artikel 3, lid 4 van de Wet Bibob;

  • De gemeente heeft nog vragen over de bedrijfsstructuur van één of meerdere bedrijven die te maken hebben met de beschikking, overheidsopdracht of vastgoedtransactie;

  • De gemeente heeft nog vragen over de financiering van de activiteiten;

  • Het Landelijk Bureau Bibob adviseert de gemeente om hen onderzoek te laten doen naar de betrokkene, zoals bedoeld in artikel 11 van de Wet Bibob;

  • De gemeente heeft een tip ontvangen van de officier van justitie, of een ander bestuursorgaan, of een rechtspersoon met een overheidstaak, zoals bedoeld in artikel 26 van de Wet.

Een betrokkene kan geen bezwaar maken of in beroep gaan tegen een adviesvraag bij het Landelijk Bureau Bibob. De betrokkene kan de aanvraag wel altijd intrekken.

Wanneer besluit de gemeente Hillegom om geen vergunning of subsidie te geven, of geen vastgoedtransactie of overheidsopdracht te verlenen?

De gemeente Hillegom beoordeelt zelf, of met een advies van het Landelijk Bureau Bibob, of het een negatief of positief besluit neemt. In de Wet Bibob staat hoe de gemeente moet omgaan met de kans op criminele activiteiten. Als die kans erg groot is, heeft de Wet Bibob het over ‘een ernstige mate van gevaar’. Als de kans kleiner is heeft de Wet Bibob het over ‘een mindere mate van gevaar’.

Vergunningen en subsidies

De gemeente Hillegom kan besluiten een aanvraag voor een vergunning of subsidie niet in behandeling te nemen of te weigeren, of een reeds verleende vergunning of subsidie in te trekken, dit gebeurt, op basis van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 3 en 4 van de Wet Bibob, in de volgende gevallen:

  • De betrokkene werkt niet mee aan het eigen Bibob-onderzoek van de gemeente, bijvoorbeeld door het Bibob-vragenformulier niet of niet volledig in te vullen, en/of niet alle gevraagde bewijzen mee te sturen, ook niet nadat de gemeente de betrokkene tijd heeft gegeven om de missende informatie aan te vullen.

  • De betrokkene heeft expres informatie weggelaten van het Bibob-formulier of foute informatie gegeven. Dit is strafbaar volgens artikel 225 van het Wetboek van Strafrecht. Als de gemeente denkt dat de betrokkene dit heeft gedaan, kan de gemeente aangifte doen bij de politie.

  • De betrokkene heeft onvoldoende kunnen bewijzen dat hij het geld voor de activiteit heeft en hoe hij aan dit geld is gekomen.

  • De betrokkene werkt niet mee aan het onderzoek van het Landelijk Bureau Bibob, bijvoorbeeld door de gevraagde informatie of bewijzen niet te geven, of door niet naar waarheid te antwoorden.

  • Uit het Bibob-onderzoek blijkt dat er een ernstig mate van gevaar is, zoals bedoeld in artikel 3, lid 1 van de Wet Bibob. Als de vergunning of subsidie al gegeven is, kan de gemeente deze intrekken.

  • Is er geen ernstige mate van gevaar, maar een mindere mate van gevaar, zoals bedoeld in artikel 3, lid 1 van de Wet Bibob? Dan kan de gemeenten extra voorschriften (regels) opleggen voor de vergunning of subsidie. Die extra voorschriften moeten ervoor zorgen dat het gevaar voor criminele activiteiten verdwijnt of kleiner wordt.

  • Is er wel een ernstige mate van gevaar, maar vindt de gemeente het weigeren of intrekken van de vergunning of subsidie een te zware beslissing? Ook dan kan de gemeente extra regels opleggen. Die extra regels moeten ervoor zorgen dat het gevaar voor criminele activiteiten verdwijnt of kleiner wordt. Als de betrokkene zich niet aan deze regels houdt, kan de gemeente de vergunning of subsidie intrekken.

Vastgoedtransacties

De gemeente Hillegom kan beslissen om een geen vastgoedtransactie te sluiten, of het contract te verbreken dat na de vastgoedtransactie is gesloten. Er moet dan wel een integriteitsclausule in het contract te worden opgenomen, die de gemeente hiertoe in staat stelt. De gemeente kan daartoe besluiten in de volgende gevallen:

  • De betrokkene werkt niet mee aan het eigen Bibob-onderzoek van de gemeente. Bijvoorbeeld door het Bibob-vragenformulier niet of niet helemaal in te vullen, en/of niet alle gevraagde bewijzen mee te sturen. Ook niet nadat de gemeente de betrokkene tijd heeft gegeven om de missende informatie aan te vullen.

  • De betrokkene heeft expres informatie weggelaten van het Bibob-formulier of foute informatie gegeven. Dit is strafbaar volgens artikel 225 van het Wetboek van Strafrecht. Als de gemeente denkt dat de betrokkene dit heeft gedaan, kan de gemeente aangifte doen bij de politie.

  • De betrokkene heeft niet goed genoeg kunnen bewijzen dat hij het geld voor de activiteit heeft en hoe hij aan dit geld is gekomen.

  • De betrokkene werkt niet mee aan het onderzoek van het Landelijk Bureau Bibob. Bijvoorbeeld door de gevraagde informatie of bewijzen niet te geven. Of door niet naar waarheid te antwoorden.

  • Er bestaat minimaal een mindere mate van gevaar dat de vastgoedtransactie wordt gebruikt voor het witwassen van crimineel geld of vermogen.

  • Er is minimaal een mindere mate van gevaar dat in of met het gebouw of de grond strafbare activiteiten zullen gebeuren.

  • De gemeente is ervan overtuigd dat de betrokkene mogelijk niet integer is door ernstige strafbare activiteiten waarmee de betrokkene te maken heeft.

  • De gemeente is ervan overtuigd dat er strafbare activiteiten zijn uitgevoerd om het gebouw of de grond te verkrijgen.

Overheidsopdrachten

De gemeente Hillegom kan beslissen om geen overheidsopdracht te geven, of het contract voor deze overheidsopdracht te verbreken. Er moet dan wel een integriteitsclausule in het contract te worden opgenomen, die de gemeente hiertoe in staat stelt. De gemeente kan daartoe besluiten in de volgende gevallen:

  • De betrokkene werkt niet mee aan het eigen Bibob-onderzoek van de gemeente. Bijvoorbeeld door het Bibob-vragenformulier niet of niet helemaal in te vullen, en/of niet alle gevraagde bewijzen mee te sturen. Ook niet nadat de gemeente de betrokkene tijd heeft gegeven om de missende informatie aan te vullen.

  • De betrokkene heeft expres informatie weggelaten van het Bibob-formulier of foute informatie gegeven. Dit is strafbaar volgens artikel 225 van het Wetboek van Strafrecht. Als de gemeente denkt dat de betrokkene dit heeft gedaan, kan de gemeente aangifte doen bij de politie.

  • De betrokkene heeft niet goed genoeg kunnen bewijzen dat hij het geld voor de activiteit heeft en hoe hij aan dit geld is gekomen.

  • De betrokkene werkt niet mee aan het onderzoek van het Landelijk Bureau Bibob. Bijvoorbeeld door de gevraagde informatie of bewijzen niet te geven. Of door niet naar waarheid te antwoorden.

  • Uit het Bibob-onderzoek blijkt dat de betrokkene mogelijk niet integer handelt. De gemeente kan dan beslissen dat de partij niet mee mag doen aan de aanbesteding volgens de Aanbestedingswet 2012.

  • Bij contracten zoals bedoeld in de Jeugdwet en/of de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo) kan de informatie uit het Bibob-onderzoek reden voor de gemeente zijn om het contract niet te sluiten of te verbreken.

Hoe snel krijgt de betrokkene de uitslag van het onderzoek?

De gemeente Hillegom moet binnen een termijn van 8 weken de Bibob-toets hebben uitgevoerd. De wettelijke beslistermijn wordt opgeschort op het moment dat de gemeente aanvullende informatie opvraagt bij de aanvrager(s). Dit is vastgelegd in artikel 4:15 van de Algemene wet Bestuursrecht.

Indien de gemeente Hillegom het Landelijk Bureau Bibob (LBB) om advies vraagt voor een aanvullend Bibob-onderzoek, heeft het LBB eveneens 8 weken de tijd om een advies uit te brengen. Als de gemeente dus advies vraagt aan het LBB krijgt de gemeente meer tijd om op de aanvraag te reageren. De periode die het LBB heeft mag in eerste instantie niet meer dan 8 weken zijn (zie artikel 15, lid 1 van de Wet Bibob). Mocht het LBB niet in staat zijn om binnen 8 weken een advies te geven, kan de termijn met maximaal 4 weken worden verlengd (zie artikel 15, lid 3 van de Wet Bibob). De gemeente informeert de betrokkene onmiddellijk wanneer deze verlenging van toepassing is.

Informatieplicht van de gemeente Hillegom

Als de gemeente Hillegom het Landelijk Bureau Bibob een onderzoek laat doen, moet de gemeente dit in een brief laten weten aan de betrokkene. De gemeente laat de betrokkene ook weten dat dit betekent dat de gemeente meer tijd krijgt om over de aanvraag van de betrokkene te beslissen (zie artikel 31 Wet Bibob). Een kopie van die brief voegt de gemeente toe aan de vraag om een advies bij het Landelijk Bureau Bibob.

De gemeente Hillegom moet de betrokkene een kopie van het advies van het Landelijk Bureau Bibob geven als dit advies reden was voor de gemeente om:

  • Een aanvraag voor een beschikking te weigeren;

  • Een verleende beschikking in te trekken;

  • Extra voorschriften (regels) op te leggen voor de beschikking.

De gemeente moet deze kopie ook aan andere personen geven als die zijn onderzocht (derden, zoals bedoeld in artikel 28 en 33 van de Wet Bibob) en de informatie over deze personen onderdeel heeft uitgemaakt van de beslissing van de gemeente. De gemeente mag alleen de onderdelen die over hen gaan met hen delen.

De betrokkene en anderen die de kopie hebben ontvangen moeten de informatie hieruit geheimhouden (geheimhoudingsplicht). De gemeente laat dit in een brief aan hen weten (zie artikel 28 Wet Bibob).

Reageren op een negatief besluit naar aanleiding van een Bibob-onderzoek

Komt er een negatief besluit na het onderzoek? Dan mogen de betrokkene en andere personen die zijn onderzocht hierop reageren, zoals bedoeld in artikel 33 van de Wet Bibob.

Gebruiken van Bibob-advies (en informatie uit eigen onderzoek)

De gemeente mag een advies van het Landelijk Bureau Bibob en informatie uit het eigen onderzoek vijf jaar lang gebruiken voor een andere beslissing.

Aantekening maken in het Bibob-register

Het Bibob-register zorgt ervoor dat verschillende overheidsorganisaties informatie met elkaar kunnen delen. De gemeente Hillegom maakt een aantekening in het Bibob-register, zoals bedoeld in artikel 7a, lid 7 en 8 van de Wet Bibob, als:

  • Uit het eigen Bibob-onderzoek van de gemeente blijkt dat de betrokkene een gevaar vormt.

  • De gemeente vermoedt dat de betrokkene de aanvraag heeft ingetrokken omdat de gemeente de Wet Bibob uitvoert.

Tippen andere gemeenten en/of rechtspersonen

De gemeente Hillegom tipt andere gemeenten of rechtspersonen met een overheidstaak wanneer zij naar verwachting relevante informatie over betrokkenen nodig hebben, zoals bedoeld in artikel 26 van de Wet Bibob.

Delen van gegevens met andere gemeenten en/of rechtspersonen

De gemeente Hillegom deelt Bibob-informatie met andere gemeenten en/of rechtspersonen met een overheidstaak als zij daarom vragen, zoals bedoeld en onder de voorwaarden in artikel 28, lid 2 onder m van de Wet Bibob.


Noot
1

Bijvoorbeeld: ECLI:NL:RVS:2009:BJ1892, overweging 2.12.1

Noot
2

Kamerstukken II, 1999/00, 26883, nr. 3, p. 4

Noot
3

Bijvoorbeeld: ECLI:NL:RVS:2009:BJ1892, overweging 2.12.1

Noot
4

Kamerstukken II, 1999/00, 26883, nr. 3, p. 4