Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten Nieuwegein 2026

Geldend van 30-12-2025 t/m heden

Intitulé

Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten Nieuwegein 2026

De raad van de gemeente Nieuwegein;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 28 oktober 2025;

gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet;

besluit:

vast te stellen de volgende verordening:

Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten Nieuwegein 2026

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

  • a.

    begraafplaats: de begraafplaats(en) “Kerkveld” en “Noorderveld”;

  • b.

    eigen graf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:

    • -

      het doen begraven en begraven houden van lijken;

    • -

      het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;

    • -

      het doen verstrooien van as;

  • c.

    algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan eenieder gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken;

  • d.

    eigen urnengraf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor voor bepaalde of onbepaalde tijd het uitsluitend recht is verleend tot:

    • -

      het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;

    • -

      het doen verstrooien van as;

  • e.

    asbus: een bus ter berging van as van een overledene;

  • f.

    urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen;

  • g.

    verstrooiingsplaats: een permanent daartoe bestemd terrein waarop as wordt verstrooid, dan wel een plaats waarvoor voor bepaalde of onbepaalde tijd het recht is verleend om as te doen verstrooien;

  • h.

    rechthebbende: degene aan wie een uitsluitend recht als bedoeld in artikel 28 van de Wet op de Lijkbezorging is verleend;

  • i.

    gedenkteken: een object, hieronder mede begrepen één of meer kruisen en/of één of meer zerken, opgericht ter nagedachtenis van de overledene.

Artikel 2. Belastbaar feit

Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats.

Artikel 3. Belastingplicht

De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt.

Artikel 4. Vrijstellingen

De rechten worden niet geheven voor:

  • a.

    het lichten van een lijk of asbus op rechtelijk gezag;

  • b.

    het begraven van doodgeboren kinderen of van zuigelingen mits deze met de overleden moeder in één kist worden begraven.

Artikel 5. Maatstaf van heffing en belastingtarief

  • 1. De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 2. Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 6. Belastingjaar

  • 1. Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.

  • 2. Met betrekking tot de rechten genoemd in 4.1 en 4.2 van hoofdstuk 4 van de tarieventabel is het belastingtijdvak gelijk aan de periode waarvoor wordt afgekocht.

Artikel 7. Wijze van heffing

  • 1. De onderhoudsrechten, bedoeld in hoofdstuk 4 van de tarieventabel, worden geheven bij wijze van aanslag met dien verstande dat per belastbaar feit een afzonderlijke aanslag kan worden opgelegd.

  • 2. Andere rechten dan die bedoeld in hoofdstuk 4 van de tarieventabel worden geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld.

Artikel 8. Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang voor de verschuldigde rechten

De onderhoudsrechten, als bedoeld in hoofdstuk 4 van de tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht, voor de gehele gebruiksperiode.

Artikel 9. Ontstaan van de belastingschuld voor de overige rechten

Andere rechten dan die bedoeld in hoofdstuk 4 van het tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen.

Artikel 10. Termijnen van betaling

  • 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de rechten worden betaald binnen 30 dagen na de dagtekening van het aanslagbiljet of de schriftelijke kennisgeving.

  • 2. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijn.

Artikel 11. Kwijtschelding

Bij de invordering van de lijkbezorgingsrechten wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 12. Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1. De ‘Verordening lijkbezorgingsrechten 2025’ van 18 december 2024 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 3. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.

  • 4. Deze verordening wordt aangehaald als de ‘Verordening lijkbezorgingsrechten Nieuwegein 2026’.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 16 december 2025

Jan Karens

griffier

Marijke van Beukering-Huijbregts

voorzitter

Tarieventabel, behorende bij Verordening lijkbezorgingsrechten Nieuwegein 2026

Alle bedragen in de tabel worden uitsluitend weergegeven in Euro’s.

Nr.

Omschrijving

Tarief 2026

 

Hoofdstuk 1

Uitsluitend recht

 

1.1

Voor het verlenen van het uitsluitend recht tot het doen begraven in een eigen graf wordt geheven

 

1.1.1

voor een periode van 20 jaar locatie Noorderveld

 

1.1.1.1

Voor personen van 12 jaar en ouder

1.707

1.1.1.2

Voor personen van 2 tot 12 jaar

1.241

1.1.1.3

Voor personen van 0 tot 2 jaar

621

1.1.2

voor een periode van 20 jaar locatie Kerkveld

 

1.1.2.1

Voor personen van 12 jaar en ouder

1.964

1.1.3

voor een periode van 10 jaar locatie Noorderveld

 

1.1.3.1

Voor personen van 12 jaar en ouder

938

1.1.3.2

Voor personen van 2 tot 12 jaar

682

1.1.3.3

Voor personen van 0 tot 2 jaar

342

1.1.3.4

Voor foetussen

251

1.1.4

voor een periode van 10 jaar locatie Kerkveld

 

1.1.4.1

Voor personen van 12 jaar en ouder

1.083

1.1.5

voor een periode van 10 jaar locatie Noorderveld

 

1.1.5.1

Voor een urnengraf

261

1.1.5.2

Voor een urnenkelder

499

1.2

Voor het verlengen van het uitsluitend recht met 5 jaar

 

1.2.1

Locatie Noorderveld

 

1.2.1.1

Voor personen van 12 jaar en ouder

488

1.2.1.2

Voor personen van 2 tot 12 jaar

361

1.2.1.3

Voor personen van 0 tot 2 jaar

181

1.2.1.4

Voor foetussen

137

1.2.2

Locatie Kerkveld

558

1.2.3

Locatie Noorderveld

 

1.2.3.1

Voor urnengraf

151

1.2.3.2

Voor urnenkelder

270

1.3

Voor het verlengen van het uitsluitend recht met 10 jaar

 

1.3.1

Locatie Noorderveld

 

1.3.1.1

Voor personen van 12 jaar en ouder

887

1.3.1.2

Voor personen van 2 tot 12 jaar

655

1.3.1.3

Voor personen van 0 tot 2 jaar

329

1.3.1.4

Voor foetussen

250

1.3.2

Locatie Kerkveld

1.019

1.3.3

Locatie Noorderveld

 

1.3.3.1

Voor urnengraf

261

1.3.3.2

Voor urnenkelder

499

 

Hoofdstuk 2

Begraven

 

2.1

Voor het begraven op locatie Noorderveld van een lijk van een persoon

 

2.1.1

Van 12 jaar en ouder

2.311

2.1.2

2 tot 12 jaar

1.814

2.1.3

0 tot 2 jaar

909

2.1.4

Voor foetussen

151

2.2

Voor het begraven op locatie Kerkveld van een lijk van een persoon

 

2.2.1

Van 12 jaar en ouder

2.863

2.2.2

2 tot 12 jaar in bestaand graf

2.425

2.2.3

0 tot 2 jaar in bestaand graf

1.212

2.2.4

Voor foetussen in bestaand graf

151

2.3

Voor het begraven op buitengewone uren wordt het recht bedoeld in 2.1 en 2.2 verhoogd met

 

2.3.1

- maandag t/m vrijdag voor 09.00 uur en na 16.00 uur

379

2.3.2

- zaterdag voor 09.00 uur en na 13.00 uur

423

 

Hoofdstuk 3

Bijzetten van asbussen en urnen

 

3.1

Voor het bijzetten van een asbus of urn wordt geheven:

438

3.2

Voor het bijzetten van een asbus of urn op buitengewone uren wordt het recht bedoeld in 3.1 verhoogd met

 

3.2.1

- maandag t/m vrijdag voor 09.00 uur en na 16.00 uur

129

3.2.2

- zaterdag voor 09.00 uur en na 13.00 uur

147

 

Hoofdstuk 4

Grafbedekking en onderhoud

 

4.1

Voor het afgeven van een vergunning:

 

4.1.1

- voor het stichten van een grafkelder

116

4.1.2

- voor het stichten van een gedenkteken of graftuin

58

4.2

Voor het door of vanwege de gemeente onderhouden van de voorwerpen wordt geheven:

 

4.2.1

- voor een grafkelder per jaar

370

4.2.2

- voor gedenkteken of graftuin:

 

4.2.2.1

Voor een periode van 20 jaar voor

 

4.2.2.1.1

een graf met uitsluitend recht voor een periode van 20 jaar

2.851

4.2.2.1.2

een kindergraf 2 – 12 jaar met uitsluitend recht voor een periode van 20 jaar

2.201

4.2.2.1.3

een kindergraf 0 – 2 jaar met uitsluitend recht voor een periode van 20 jaar

1.104

4.2.2.2

Voor een periode van 10 jaar voor

 

4.2.2.2.1

een Algemeen graf

1.062

4.2.2.2.2

een Algemeen kindergraf

865

4.2.2.2.3

een graf met uitsluitend recht en / of een verlenging van 10 jaar

1.521

4.2.2.2.4

een kindergraf 2 – 12 jaar met uitsluitend recht en / of een verlenging van 10 jaar

1.164

4.2.2.2.5

een kindergraf 0 – 2 jaar met uitsluitend recht en / of een verlenging van 10 jaar

583

4.2.2.2.6

een urnengraf met uitsluitend recht en / of een verlenging voor een periode van 10 jaar

767

4.2.2.2.7

een urnenkelder met uitsluitend recht en / of een verlenging voor een periode van 10 jaar

957

4.2.2.2.8

Een foetusgraf met uitsluitend recht en / of een verlenging van 10 jaar

167

4.2.2.3

Voor een periode van 5 jaar

 

4.2.2.3.1

een graf met uitsluitend recht voor een verlenging van 5 jaar

784

4.2.2.3.2

een kindergraf 2 – 12 jaar met uitsluitend recht en / of een verlenging van 5 jaar

598

4.2.2.3.3

een kindergraf 0 – 2 jaar met uitsluitend recht en / of een verlenging van 5 jaar

302

4.2.2.3.4

een urnengraf met uitsluitend recht en / of een verlenging van 5 jaar

375

4.2.2.3.5

een urnenkelder met uitsluitend recht en / of een verlenging van 5 jaar

462

4.2.2.3.6

Een foetusgraf met uitsluitend recht en / of een verlenging van 5 jaar

91

4.3

Jaarlijkse onderhoudskosten op Noorderveld en Kerkveld, voor graven uitgegeven vóór 2002

 

4.3.1

Graf zonder gedenkteken

17

4.3.2

Graf met een staand gedenkteken

49

4.3.3

Graf met een staand en een liggend gedenkteken

66

4.3.4

Indien sprake is van een verenging

 

4.3.4.1

voor een periode van 10 jaar jaarlijks voor

 

4.3.4.1.1

een graf met uitsluitende recht en / of een verlenging van 10 jaar

152

4.3.4.1.2

een kindergraf 2 - 12 jaar met uitsluitend recht en / of een verlenging van 10 jaar

116

4.3.4.1.3

een kindergraf 0 - 2 jaar met uitsluitend recht en /of een verlenging van 10 jaar

58

4.3.4.1.4

een urnengraf met uitsluitend recht en / of een verlenging voor een periode van 10 jaar

77

4.3.4.1.5

een urnenkelder met uitsluitend recht en / of een verlenging voor een periode van 10 jaar

96

4.3.4.1.6

een foetusgraf met uitsluitend recht en /of een verlenging van 10 jaar

17

4.3.4.2

voor een periode van 5 jaar jaarlijks voor

 

4.3.4.2.1

een graf met uitsluitend recht voor een verlenging van 5 jaar

157

4.3.4.2.2

een kindergraf 2 – 12 jaar met uitsluitend recht en /of een verlenging van 5 jaar

119

4.3.4.2.3

een kindergraf 0 – 2 jaar met uitsluitend recht en / of een verlenging van 5 jaar

60

4.3.4.2.4

een urnengraf met uitsluitend recht en /of een verlenging van 5 jaar

75

4.3.4.2.5

een urnenkelder met uitsluitend recht en / of een verlenging van 5 jaar

92

4.3.4.2.6

een foetusgraf met uitsluitend recht en /of een verlenging van 5 jaar

18

 

Hoofdstuk 5

leges

 

5.1

Voor het inschrijven en overboeken van eigen graf, urnengraf of urnenkelder in een daartoe bestemd register wordt geheven

37

 

Hoofdstuk 6

Opgraven, ruimen, verstrooien

 

6.1

Voor het opgraven van een lijk wordt geheven

340

6.2

Voor het na opgraving weer opnieuw begraven, in hetzelfde of een ander graf, wordt geheven

340

6.3

Voor het opgraven van een asbus of urn of bij het weer terugplaatsen van een asbus of urn wordt geheven:

340

6.4

Voor het ruimen van een graf op verzoek van de recht- belanghebbende wordt geheven

340

6.5

Voor het verstrooien van as wordt per asbus geheven:

 

6.5.1

- in een graf of urnengraf

254

6.5.2

- op een verstrooiingsplaats

134

6.5.3

- as van een foetus op een verstrooiingsplaats

37

6.6

- plaatsen in memoriam bordje voor de duur van 2 jaar

280

6.7

- verlenging plaatsen in memoriam bordje per jaar

65