Beleidsregels Meedoen budget kinderen Gooise Meren 2026

Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 01-07-2026

Intitulé

Beleidsregels Meedoen budget kinderen Gooise Meren 2026

Het college van burgemeester en wethouders van Gooise Meren

gelet op artikel 35, lid 1, van de Participatiewet, artikel 108 van de Gemeentewet, advies van de Adviesraad Werk en Inkomen (ARWI) en resultaten van kwalitatief en kwantitatief onderzoek;

Overwegende dat van belang is dat kinderen uit gezinnen met een laag inkomen zich door maatschappelijke participatie kunnen ontwikkelen en ontplooien,

b e s l u i t:

tot het vaststellen van de Beleidsregels Meedoen budget kinderen Gooise Meren 2026.

Artikel 1. Begripsbepalingen

Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet en de Algemene wet bestuursrecht.

In deze regeling wordt verstaan dat:

  • a.

    aanvrager: (pleeg)ouder van een kind geregistreerd als inwoner van de gemeente Gooise Meren in de leeftijd van 0 tot 18 jaar;

  • b.

    co-ouderschap: een ouder die aantoonbaar minimaal 3 dagen per week de zorg voor het kind heeft; de andere ouder voert geen gezamenlijke huishouding met de ouder die het Meedoen budget kinderen aanvraagt;

  • c.

    indirecte schoolkosten: uitgaven die verband houden met het volgen van basis-, voorgezet of middelbaar (beroeps)onderwijs voor schoolgaand kind van 4 tot 18 jaar. Dit geldt voor kosten die niet worden vergoed op basis van een rijksregeling;

  • d.

    jaar: periode die loopt van 1 juli tot en met 30 juni van het volgende kalenderjaar;

  • e.

    laag inkomen: maximaal 130 procent van de geldende netto bijstandsnorm, zonder vakantiegeld. De kostendelersnorm als bedoeld in artikel 22a van de Participatiewet wordt daarbij niet toegepast.

  • f.

    maatschappelijke participatie: het deelnemen aan activiteiten die met school verband houden, sportieve, sociale of culturele activiteiten, de betaling van een identiteitskaart en bestedingen die in overleg met de minimaspecialist worden toegekend en behoren tot de categorie ‘open’;

  • g.

    minimaspecialist: de medewerker, werkzaam bij de gemeente, die de behandelaar is van de aanvraag van het Meedoen budget kinderen;

  • h.

    onbillijkheden van overwegende aard: de hardheidsclausule is bedoeld voor gevallen waarin echt sprake is van een onredelijk gevolg als deze regeling streng wordt toegepast. Het gaat dan om een gevolg dat niet de bedoeling van de maker van deze regeling kan zijn geweest,

  • i.

    pleegouder: persoon die een jeugdige die niet zijn kind of stiefkind is, als behorende tot zijn gezin verzorgt en daartoe een pleegcontract als bedoeld in artikel 5.2, eerste lid van de Jeugdwet, heeft gesloten met een pleegzorgaanbieder;

  • j.

    zelfstandige: de persoon die voldoet aan de omschrijving van artikel 1, onderdeel b, van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004.

Artikel 2. Totstandkoming

In 2023 en 2024 zijn er verschillende onderzoeken (A: data-onderzoek naar gebruik van de minimaregelingen, B: deskresearch naar literatuur en minimabeleid van andere gemeenten, C: brainstormsessies met betrokkenen en D: kwalitatief onderzoek onder de inwoners van Gemeente Gooise Meren) uitgevoerd. Hierbij is de Adviesraad Werk en Inkomen (ARWI) betrokken. Deze onderzoeken en de constructieve gesprekken met de leden van de ARWI hebben geleid tot verbeterpunten die in de nu voorliggende versie zijn verwerkt.

Artikel 3. Doelstelling

Het doel van het Meedoen budget kinderen is om kinderen die in een gezin opgroeien met een laag inkomen, financiële ondersteuning te bieden bij maatschappelijke participatie. Maatschappelijke participatie is onder andere mogelijk in de volgende categorieën: sociaal, cultureel, sport, school/educatie en open.

Artikel 4. Doelgroep

  • 1. De regeling is toegankelijk voor (pleeg) kinderen van 0 tot 18 jaar, van alleenstaande ouders en gehuwden/samenwonenden, in de zin van de artikelen 3 en 4 van de Participatiewet, die:

    • a.

      staan geregistreerd als inwoner van Gooise Meren in de basisregistratie personen in de leeftijdscategorie van 0 tot 18 jaar en waarvan de aanvrager:

    • b.

      een laag inkomen heeft en

    • c.

      een vermogen heeft onder de grens van het vrij te laten vermogen, zoals bedoeld in artikel 34, lid 3, van de Participatiewet. Het vermogen in de door belanghebbende zelf bewoonde eigen woning wordt niet in aanmerking genomen.

  • 2. Kinderen van zelfstandige ondernemers met een laag inkomen met een besteedbaar inkomen tot 130% behoren ook tot de doelgroep.

Artikel 5. De aanvraag en toekenning

  • 1. Via een door het college vastgesteld formulier wordt een aanvraag om een tegemoetkoming digitaal of schriftelijk ingediend.

  • 2. Een persoon die aanvraagt moet de noodzakelijke informatie en medewerking geven om het recht op een tegemoetkoming te kunnen vaststellen.

  • 3. Het recht op het Meedoen budget en de hoogte ervan is afhankelijk van de volgende factoren: de persoonlijke situatie, het inkomen over de maand voorafgaand aan de aanvraag en het vermogen op de laatste dag voorafgaand aan de maand van aanvraag. Dit is niet van toepassing als het voorzienbaar is dat er in de resterende periode tot 30 juni een wijziging optreedt in het recht op het Meedoen budget kinderen.

  • 4. Het inkomen van zelfstandig ondernemers wordt vastgesteld met de meest recente (maximaal twee jaar oude) definitieve aanslag inkomstenbelasting. Wanneer er nog geen voorlopige aanslag aangeleverd kan worden, volstaat de meest recente aangifte omzetbelasting.

  • 5. Het inkomen wordt bij wisselende inkomsten vastgesteld aan de hand van het gemiddelde inkomen in de drie maanden voorafgaande aan de aanvraag.

  • 6. Het inkomen wordt vastgesteld exclusief vakantietoeslag of individueel keuzebudget.

  • 7. Om aanspraak te maken op de regeling is het nodig om een keer per jaar een aanvraag in te dienen.

  • 8. Het college kan een Meedoen budget zonder aanvraag toekennen aan kinderen van personen met algemene bijstand, die deze regeling al eerder van het college hebben gehad.

Artikel 6. Het budget

  • 1. Het Meedoen budget kinderen wordt volledig toegekend voor de duur van maximaal één jaar (ingaand op 1 juli) als de aanvraag voor 1 september van het lopende jaar is ingediend. Daarna wordt het budget naar verhouding toegekend over de volledige nog niet verstreken maanden van het jaar.

  • 2. Het budget wordt vastgesteld aan de hand van de gezinssamenstelling en woonsituatie.

  • 3. Als er sprake is van co-ouderschap kan maar één aanvrager (of beide ouders samen) één budget voor een kind aanvragen. De ouders moeten dit onderling afstemmen.

  • 4. Zodra de aanvraag van het Meedoen budget kinderen is toegekend, ontvangt de aanvrager binnen 8 weken het Meedoen budget kinderen op zijn rekening.

Artikel 7. Hoogte van het budget

De aanvrager heeft de mogelijkheid om één budget aan te vragen. Het maximale budget wordt met ingang van 1 juli 2026 vastgesteld. Dit maximale budget kan elk jaar vòòr 1 juli worden aangepast voor het daarop volgende jaar.

Met ingang van 1 juli 2026 zijn de volgende budgetten vastgesteld:

Kinderen in de leeftijd van 0 tot 4 jaar

€150,-

Kinderen in de leeftijd van 4 tot 12 jaar

€275,-

Kinderen in de leeftijd van 12 tot 18 jaar

€575,-

Artikel 8. Situaties waarin deze regeling niet voorziet

Het college kan in bijzondere individuele gevallen ten gunste van de belanghebbende afwijken van de bepalingen in deze regeling als de toepassing van deze bepalingen tot onbillijkheden van overwegende aard leidt.

Artikel 9. Mandaatregeling

Het college heeft de manager van de Uitvoeringsdienst Sociaal Domein gemandateerd om deze regeling uit te voeren en besluiten te nemen op grond van deze regeling.

Artikel 10. Inwerkingtreding en overgangsrecht

  • 1. Deze beleidsregels treden in werking per 1 juli 2026.

  • 2. De Beleidsregels Doe-budget Gooise Meren 2021 wordt per deze datum ingetrokken.

  • 3. De aanvragen voor een Meedoen budget kinderen die zijn toegekend vóór 1 juli 2026, worden met toepassing van de op dat moment geldende regeling afgehandeld. Dit geldt ook bij bezwaar of (hoger) beroep.

  • 4. Beschikkingen die zijn afgegeven op grond van de regelgeving van vóór 1 juli 2026 behouden hun geldigheid.

  • 5. Zolang een aanvrager en/of diens gezinslid een lopend Meedoen budget kinderen op grond van de oude regelgeving heeft, wordt er geen Meedoen budget kinderen op grond van de nieuwe regeling verstrekt. Dit geldt ook als er een verschil zit tussen de bedragen die vóór 1 juli 2026 zijn toegekend en de bedragen die vanaf 1 juli 2026 gelden.

Artikel 11. Citeertitel

Deze regeling kan worden aangehaald als Beleidsregels Meedoen budget kinderen Gooise Meren 2026.

Ondertekening

Burgemeester en wethouders van Gooise Meren

de secretaris

M. Voorhorst

burgemeester

drs. H.M.W. ter Heegde

TOELICHTING

Aanleiding

Het Meedoen budget kinderen is bedoeld voor kinderen van inwoners met een laag inkomen. Door middel van dit budget kunnen kinderen maatschappelijk participeren. Het budget kan bijvoorbeeld uitgegeven worden aan het lidmaatschap van een sportclub, bibliotheek of deelname aan een cursus. Daarnaast kan het gebruikt worden om de middelen die nodig zijn om het participeren te betalen, zoals reiskosten, sportkleding, een fiets of een laptop. Voor inwoners van 18 jaar en ouder is het ‘Meedoen budget volwassenen’ van toepassing.

Toelichting per artikel

Alleen de bepalingen die om een nadere toelichting vragen worden hier behandeld. Begrippen die al zijn omschreven in de Participatiewet, de Algemene wet bestuursrecht of de Gemeentewet worden niet afzonderlijk gedefinieerd in deze regeling.

Artikel 1

Geen toelichting noodzakelijk.

Artikel 3

Het Meedoen budget kinderen kan bijvoorbeeld besteed worden aan het lidmaatschap van een sportclub of de scouting of de aanschaf of reparatie van een computer of fiets. Inwoners hebben de mogelijkheid om bij twijfel over een bestedingsdoel naar de gemeente te bellen.

Artikel 4

Lid 1

De inkomensgrens wordt voor alleenstaande ouders verhoogd met 20% van de bijstandsnorm, als de alleenstaande ouder geen aanspraak kan maken op de verhoging van het kindgebonden budget. De kostendelersnorm als bedoeld in artikel 22a van de Participatiewet wordt daarbij niet toegepast.

In deze regeling is het mogelijk dat een pleegouder, een zelfstandig ondernemer met een laag inkomen of een woningeigenaar met een krediethypotheek een aanvraag indient.

Artikel 5

Lid 3

Wanneer het aanleveren van een definitieve aanslag inkomstenbelasting niet mogelijk is, volstaat het aanleveren van een voorlopige aanslag. Als er een voorlopige aanslag wordt aangeleverd, is de inwoner verplicht om een melding te maken als het belastbare inkomen in de definitieve aanslag meer dan 10% hoger uitvalt.

Artikel 6

Lid 1

Wanneer de aanvraag voor een Meedoen budget kinderen wordt gedaan na 1 september wordt het budget aangepast.

Voorbeeld

Wanneer het Meedoen budget kinderen wordt aangevraagd op 1 januari, is dit op de helft van de gehandhaafde periode (juli-juni) van het Meedoen budget kinderen . De aanvrager ontvangt dan de helft van het aangevraagde Meedoen budget kinderen .

Lid 4

De kosten moeten overeenkomen met het doel van het Meedoen budget kinderen. Het gaat om maatschappelijke participatie en dit wordt ingedeeld naar de categorieën sociaal, cultureel, sport, school/educatie en open.

Artikel 7

Er is voor gekozen om bedragen niet automatisch te indexeren. Als de regeling aangepast moet worden, dan wordt hier een collegebesluit over genomen.