Paracommerciële alcoholverordening gemeente Cranendonck 2025

Geldend van 24-12-2025 t/m heden

Intitulé

Paracommerciële alcoholverordening gemeente Cranendonck 2025

De raad van de gemeente Cranendonck;

Gelet op en met overneming van het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 28 oktober 2025:

Overwegende dat:

  • -

    de Alcoholwet de verplichting bevat om bij gemeentelijke verordening, ter voorkoming van oneerlijke mededinging, regels te stellen waaraan paracommerciële rechtspersonen zich dienen te houden bij de verstrekking van alcoholhoudende drank;

  • -

    in de huidige regeling in Afdeling 2.5 “Regulering paracommerciële en overige aangelegenheden uit de Alcoholwet” (de artikelen 2:34a, 2:34b en 2:34c) van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Cranendonck 2023 (APV) artikel 2:34b dient te worden ingetrokken vanwege het intrekken van de in artikel 2:34b genoemde convenantfiguur;

Gelet op de artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet en artikel 4 van de Alcoholwet;

Gelet op en met overneming van het advies van de adviescommissie van de gemeenteraad van 25 november 2025;

besluit:

de volgende verordening vast te stellen:

Paracommerciële alcoholverordening gemeente Cranendonck 2025

Artikel 1 Begripsbepalingen

  • 1. In deze verordening wordt verstaan onder:

    • a.

      de wet: de Alcoholwet;

    • b.

      paracommerciële rechtspersoon: een rechtspersoon niet zijnde een naamloze vennootschap of besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, die zich, naast activiteiten van recreatieve, sportieve, sociaal-culturele, educatieve, levensbeschouwelijke of godsdienstige aard, richt op de exploitatie in eigen beheer van een horecabedrijf;

    • c.

      horecabedrijf: de activiteit in ieder geval bestaande uit het bedrijfsmatig, of anders dan om niet, verstrekken van alcoholhoudende drank voor gebruik ter plaatse;

    • d.

      bijeenkomsten van persoonlijke aard: bijeenkomsten van persoonlijke aard die gerelateerd zijn aan de activiteiten van de paracommerciële rechtspersoon zoals het jubileum van een vereniging en de viering van een prestatie;

    • e.

      bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet, of niet rechtstreeks, bij de activiteiten van de betreffende rechtspersoon zijn betrokken: activiteiten van derden die los staan van de (statutaire) activiteiten van de paracommerciële rechtspersoon;

    • f.

      oneerlijke mededinging: het ontstaan van een ongewenste concurrentieverhouding tussen paracommerciële instellingen en reguliere commerciële horecagelegenheden, waarbij paracommerciële instellingen, door de aard van hun maatschappelijke of niet-commerciële functie, structurele voordelen genieten die commerciële partijen niet hebben hetgeen kan leiden tot een scheve concurrentiepositie wanneer paracommerciële instellingen alcoholhoudende dranken aanbieden onder voorwaarden die hen onevenredig bevoordelen ten opzichte van commerciële bedrijven. Hierbij gaat het om situaties waarin paracommerciële instellingen hun alcoholverkoop buiten hun maatschappelijke functie uitbreiden, hetgeen afbreuk doet aan een eerlijk speelveld binnen de lokale horecasector:

    • g.

      regulier horecabedrijf: commercieel horecabedrijf (zoals cafés en restaurants) niet zijnde een paracommerciële rechtspersoon;

    • h.

      gemeenschapshuis: een stichting of vereniging die zich richt op sociaal-culturele activiteiten, zoals genoemd in de definitie van “paracommerciële rechtspersoon”;

    • i.

      schuttersgildes en schutterijen: schietverenigingen, voortkomend uit lokale milities, broederschappen of gildes, in de middeleeuwen opgericht ter verdediging van stad of dorp, met een huidige sociaal-culturele doelstelling;

    • j.

      vergunning: een vergunning zoals bedoeld in artikel 3 van de wet;

    • k.

      ontheffing: een ontheffing zoals bedoeld in artikel 4, vierde en vijfde lid, van de wet.

  • 2. Voor de toepassing van deze verordening wordt onder de overige genoemde begrippen in deze verordening verstaan, hetgeen de wet daaronder verstaat.

Artikel 2 Voorschriften en beperkingen vergunning paracommercieel horecabedrijf

  • 1. De burgemeester kan aan een vergunning voor het uitoefenen van het horecabedrijf door een paracommerciële rechtspersoon voorschriften verbinden. Deze voorschriften kunnen worden gesteld:

    • a.

      ter bescherming van de volksgezondheid;

    • b.

      in het belang van de openbare orde.

  • 2. De burgemeester kan, gelet op de belangen genoemd in het eerste lid, de vergunning beperken tot de verstrekking van zwak-alcoholhoudende drank.

Artikel 3 Sluitingstijd paracommercieel horecabedrijf

Het paracommerciële horecabedrijf dient de sluitingstijden van openbare inrichtingen, zoals genoemd in artikel 2:29, eerste lid, van de APV in acht te nemen. Als gevolg hiervan dienen paracommerciële horecabedrijven gesloten te zijn op maandag tot en met vrijdag tussen 01:00 uur en 07:00 uur en op zaterdag en zondag tussen 02:00 uur en 07:00 uur.

Artikel 4 Schenktijden gemeenschapshuizen

  • 1. Het is gemeenschapshuizen en overige paracommerciële rechtspersonen, waarbij het faciliteren van sociaal-culturele activiteiten direct voortvloeit uit hun statutaire doelomschrijving, toegestaan alcoholhoudende drank te schenken gedurende de periode beginnend met één uur voor aanvang en eindigend op twee uur na beëindiging van genoemde activiteiten, maar nooit later dan de in artikel 3 van deze verordening genoemde sluitingstijden.

  • 2. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, mag niet eerder alcohol worden geschonken dan 12:00 uur.

  • 3. Gemeenschapshuizen die gevestigd zijn in een kern waar binnen de dorpsgrenzen ook reguliere horeca aanwezig is, mogen, naast hun reguliere schenktijden zoals genoemd in het eerste lid, tevens alcoholhoudende drank verstrekken tijdens maximaal twaalf bijeenkomsten van persoonlijke aard die gerelateerd zijn aan de activiteiten van de gemeenschapshuizen per kalenderjaar.

  • 4. Gemeenschapshuizen die gevestigd zijn in een kern waar binnen de dorpsgrenzen:

    • a.

      geen reguliere horeca aanwezig is, of;

    • b.

      wel reguliere horeca aanwezig is maar deze reguliere horeca niet beschikt over vergelijkbare zaalruimte in relatie tot de betreffende gemeenschapshuizen,

  • is het toegestaan om alcoholhoudende drank te schenken tijdens bijeenkomsten van persoonlijke aard die gerelateerd zijn aan de activiteiten van de gemeenschapshuizen en bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de desbetreffende rechtspersoon zijn betrokken, vanwege het hierbij ontbreken van oneerlijke mededinging in de zin van artikel 1, eerste lid, onderdeel f van deze verordening.

  • 5. Het is gemeenschapshuizen niet toegestaan om alcoholhoudende drank te verstrekken tijdens bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de betreffende rechtspersoon zijn betrokken, met uitzondering van de gemeenschapshuizen, zoals genoemd in het vierde lid van dit artikel.

  • 6. Het is gemeenschapshuizen toegestaan alcoholhoudende drank te verstrekken tijdens condoleancebijeenkomsten. Het vijfde lid van dit artikel is niet van toepassing op deze condoleancebijeenkomsten.

  • 7. Gemeenschapshuizen doen uiterlijk tien werkdagen voorafgaande aan het plaatsvinden van een bijeenkomst van persoonlijke aard mededeling hiervan aan de burgemeester via een daartoe vastgesteld formulier.

  • 8. Indien een bijeenkomst niet, of niet tijdig wordt gemeld, kan de burgemeester deze, of de opvolgende, bijeenkomst verbieden.

Artikel 5 Schenktijden paracommerciële rechtspersonen van sportieve aard

  • 1. Paracommerciële rechtspersonen van sportieve aard verstrekken uitsluitend alcoholhoudende drank op:

    • a.

      maandag tot en met vrijdag na 17:00 uur en tot 23:00 uur;

    • b.

      zaterdag na 13:00 uur en tot 21:00 uur;

    • c.

      zondag na 11:00 uur en tot 21:00 uur.

  • 2. Voor zover er bij paracommerciële rechtspersonen, als bedoeld in het eerste lid, verenigings- of wedstrijdactiviteiten plaatsvinden die eindigen tijdens het laatste uur vóór het verlopen van de, in dat lid, genoemde schenktijden of na afloop van de in dat lid genoemde schenktijden, is het deze paracommerciële rechtspersonen toegestaan, in aanvulling op de schenktijden zoals genoemd in dat lid, alcoholhoudende drank te verstrekken tot twee uur na beëindiging van deze activiteiten, maar niet later dan 00:00 uur.

  • 3. Deze paracommerciële rechtspersonen is het toegestaan om, naast hun reguliere schenktijden zoals genoemd in het eerste lid, tevens alcoholhoudende drank te verstrekken tijdens maximaal zes bijeenkomsten van persoonlijke aard die gerelateerd zijn aan de statutaire doelstelling van desbetreffende paracommerciële rechtspersoon per kalenderjaar.

  • 4. Deze paracommerciële rechtspersonen is het niet toegestaan om alcoholhoudende drank te verstrekken tijdens bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van deze rechtspersonen zijn betrokken.

  • 5. Deze paracommerciële rechtspersonen doen uiterlijk tien werkdagen voorafgaande aan het plaatsvinden van een bijeenkomst van persoonlijke aard hiervan mededeling aan de burgemeester via een daartoe vastgesteld formulier.

  • 6. Indien een bijeenkomst niet, of niet tijdig wordt gemeld, kan de burgemeester deze, of de opvolgende, bijeenkomst verbieden.

Artikel 6 Schenktijden schuttersgildes en schutterijen

  • 1. Schuttersgildes en schutterijen verstrekken uitsluitend alcoholhoudende drank gedurende de periode beginnend met één uur voor aanvang en eindigend op twee uur na beëindiging van activiteiten die passen binnen de statutaire doelomschrijving van de desbetreffende schuttersgildes en schutterijen, maar niet later dan 01:00 uur.

  • 2. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, mag niet eerder alcohol worden geschonken dan om 12:00 uur.

  • 3. Schuttersgildes en schutterijen is het toegestaan om, naast hun reguliere schenktijden, zoals genoemd in het eerste lid, alcoholhoudende drank te verstrekken tijdens maximaal twaalf bijeenkomsten van persoonlijke aard die gerelateerd zijn aan de activiteiten van desbetreffende schuttersgilde of schutterij per kalenderjaar.

  • 4. Schuttersgildes en schutterijen is het niet toegestaan om alcoholhoudende drank te verstrekken tijdens bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet, of niet rechtstreeks, bij de activiteiten van de gildes zijn betrokken.

  • 5. Een schuttersgilde of schutterij doet uiterlijk tien werkdagen voorafgaande aan het plaatsvinden van een bijeenkomst van persoonlijke aard, hiervan mededeling aan de burgemeester via een daartoe vastgesteld formulier.

  • 6. Indien een bijeenkomst niet, of niet tijdig wordt gemeld, kan de burgemeester deze, of de opvolgende, bijeenkomst verbieden.

Artikel 7 Schenktijden overige paracommerciële rechtspersonen

  • 1. Paracommerciële rechtspersonen die niet kunnen worden gerangschikt onder de paracommerciele rechtspersonen, genoemd in de artikelen 4, 5 en 6 van deze verordening, verstrekken uitsluitend alcoholhoudende drank gedurende de periode beginnend één uur voor aanvang en eindigend twee uur na beëindiging van de activiteiten die overeen komen met de statutaire doelomschrijving van de desbetreffende rechtspersoon tot uiterlijk 01:00 uur.

  • 2. Deze paracommerciële rechtspersonen is het toegestaan om, naast hun reguliere schenktijden zoals genoemd in het eerste lid, tevens alcoholhoudende drank te verstrekken tijdens maximaal zes bijeenkomsten van persoonlijke aard per kalenderjaar die gerelateerd zijn aan de activiteiten van desbetreffende paracommerciële rechtspersoon.

  • 3. Deze paracommerciële rechtspersonen is het niet toegestaan om alcoholhoudende drank te verstrekken tijdens bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van deze rechtspersonen zijn betrokken.

  • 4. Deze paracommerciele rechtspersonen doen uiterlijk tien werkdagen voorafgaande aan het plaatsvinden van een bijeenkomst van persoonlijke aard hiervan mededeling aan de burgemeester via een daartoe vastgesteld formulier.

  • 5. Indien een bijeenkomst niet, of niet tijdig, wordt gemeld, kan de burgemeester deze, of de opvolgende, bijeenkomst verbieden.

Artikel 8 Verstrekken van sterke drank

Het is een paracommerciële rechtspersoon verboden om sterke drank te schenken tijdens het organiseren van activiteiten:

  • a.

    van sportieve aard;

  • b.

    voor de leeftijdsgroep onder de 18 jaren of activiteiten die voornamelijk worden bezocht door deze leeftijdsgroep;

  • c.

    van educatieve aard.

Artikel 9 Uitbreiding ontheffingsmogelijkheid/voorkoming oneerlijke mededinging

  • 1. De burgemeester kan in bijzondere omstandigheden, door middel van de verlening van een ontheffing, een verdere uitbreiding toestaan van de in de artikelen 4, 5, 6, en 7 van deze verordening genoemde maximale aantallen, dan wel het organiseren van een bijeenkomst van persoonlijke aard die geen binding heeft met de statuaire doelstelling van de paracommerciële rechtspersoon toestaan, mits dit geschiedt met instemming van de plaatselijke horeca en/of er via de plaatselijke horeca geen passende alternatieve zaalruimte beschikbaar is.

  • 2. Deze ontheffing wordt niet verleend indien dit leidt tot oneerlijke mededinging.

  • 3. Om oneerlijke mededinging met de plaatselijke horeca te voorkomen, worden door de paracommerciële rechtspersonen, bij het schenken van alcoholhoudende dranken bij bijeenkomsten van persoonlijke aard die gerelateerd zijn aan de activiteiten van desbetreffende paracommerciële rechtspersoon, consumptieprijzen gehanteerd die gelijke tred houden met het prijsniveau van de reguliere horecabedrijven.

Artikel 10 Hardheidsclausule

De burgemeester is bevoegd om af te wijken van enig artikel in deze verordening, dan wel enig artikel buiten toepassing te laten, indien deze toepassing zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel 11 Handhaving

  • 1. Overtreding van de in deze verordening vastgestelde bepalingen geschiedt door het opleggen van een bestuurlijke boete in de zin van artikel 44a van de Alcoholwet.

  • 2. Indien de overtreding een direct gevaar voor de gezondheid of veiligheid van personen oplevert, of het door de overtreder genoten economisch voordeel groter is dan de bestuurlijke boete, wordt, via tussenkomst van het Openbaar ministerie (OM), gehandhaafd op grond van de Wet op de economische delicten (WED).

Artikel 12 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking na de bekendmaking ervan.

Artikel 13 Intrekking oude regelingen

  • 1. Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze verordening worden de volgende regelingen ingetrokken:

    • a.

      artikel 2:34b van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Cranendonck 2023;

    • b.

      het convenant paracommercie gemeente Cranendonck december 2014;

    • c.

      alle eerdere versies van dit convenant: zoals het convenant paracommercialisme gemeente Cranendonck januari 2016 en het convenant paracommercialisme gemeente Cranendonck 2018.

  • 2. Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze verordening vervallen voor de paracommerciële rechtspersonen de voorschriften en beperkingen die in de respectievelijke paracommerciële Drank- en Horecavergunningen dan wel Alcoholwetvergunningen zijn opgenomen.

Artikel 14 Citeertitel

Deze verordening wordt aangeduid als: “Alcoholverordening paracommercie gemeente Cranendonck 2025”.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 9 december 2025,

De griffier

P. Stawiarska

De voorzitter.

F.A.P. van Kessel

Algemene toelichting

Deze verordening is gebaseerd op artikel 4 van de Alcoholwet (Aw). Op grond van dit artikel moeten er, ter voorkoming van oneerlijke mededinging, door middel van een gemeentelijke verordening regels worden gesteld waaraan paracommerciële rechtspersonen zich dienen te houden bij de verstrekking van alcoholhoudende drank.

De Alcoholwet bepaalt in dit artikel dat deze regels in elk geval betrekking moeten hebben op:

  • de tijden van alcoholverstrekking in de betrokken inrichting;

  • in de inrichting te houden bijeenkomsten van persoonlijke aard die gerelateerd zijn aan de activiteiten van de paracommerciële rechtspersoon, zoals het jubileum van een vereniging en de viering van een prestatie;

  • in de inrichting te houden bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet, of niet rechtstreeks, bij de activiteiten van de betreffende rechtspersoon zijn betrokken: activiteiten van derden die los staan van de (statutaire) activiteiten van de paracommerciële rechtspersoon zoals bruiloften en verjaardagen.

Ter beantwoording aan deze wettelijke verplichting om bij verordening regels te stellen, was deze materie eerder opgenomen en verder uitgewerkt in artikel 2:34b van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Cranendonck 2023 (APV).

In dit artikel was een summiere wettelijke regeling opgenomen waar de paracommerciële rechtspersoon gericht op activiteiten van sportieve aard in de gemeente aan dient te voldoen met betrekking tot de tijden waarop alcoholhoudende drank wordt verstrekt in het kader van de activiteiten die passen binnen de statutaire doelstelling van de betreffende paracommerciële rechtspersoon.

De inrichting van dit artikel betrof echter tevens de stelselmatige verwijzing naar een convenant waarbij, in afwijking van deze wettelijke regeling in de APV, de juridische mogelijkheid werd gecreëerd om deze verstrekking van alcoholhoudende drank door paracommerciele rechtspersonen te verruimen door middel van de zinsnede in ieder artikellid: “tenzij door een convenant anders is bepaald”.

In het convenant (verschillende versies tussen 2014 en 2018) werd in één artikel deze verruiming gestalte gegeven waarbij afwijkende schenktijden en schenkmomenten voor naar aard verschillende horecabedrijven (voetbalverenigingen, tennisverenigingen, jeugdcentra, educatieve en maatschappelijke instellingen en schutterijen en gildes) werden opgenomen.

Hiernaast werden in bijlage III “matrix activiteiten gemeenschapshuizen zonder melding” van dit convenant voor een vijftal gemeenschapshuizen diverse activiteiten benoemd die gemeenschapshuizen mochten ontwikkelen, afhankelijk van de specifieke aard van de activiteit, gekoppeld aan de vereiste acceptatiehandeling/melding; aan de hand van de term “ja”, “nee” en

“met ontheffing” werd in het van toepassing zijnde kader van de matrix, aangegeven of er, al dan niet, een melding moest worden verricht om de specifieke activiteit te doen plaatsvinden.

Deze activiteiten betroffen vergaderingen, feesten, recepties, carnavalsactiviteiten, condoleancebijeenkomsten en bruiloften waarbij de alcoholverstrekking bij deze activiteiten strijdig is met de Alcoholwet.

Omdat dit meldingenstelsel geen juridisch fundament kent in de Alcoholwet (de Alcoholwet kent alleen de ontheffingsfiguur), moet dit meldingssysteem worden verlaten vanwege de juridische onvolledigheid ervan.

In fysieke zin wordt een convenantfiguur dan echter dermate uitgebreid ingezet dat een dergelijk document qua inhoud/geringe omvang zodanig beperkt is dat de huidige convenantopzet niet meer kan worden gehandhaafd vanwege de geringe juridische meerwaarde ervan.

In dit licht bezien is gekozen voor een meer uitgebreide regulering in de vorm van een separate paracommerciële verordening waarbij een zorgvuldiger gefundeerde wettelijke regeling wordt gerealiseerd en er tevens maatwerk per kern kan worden geleverd ter verdere invulling van het criterium van de cruciale term in de Alcoholwet: “oneerlijke mededinging”.

Hierbij wordt onderscheid per kern gemaakt waarbij kernen zonder aanwezigheid van reguliere horeca, dan wel zonder aanwezigheid van vergelijkbare reguliere zaalaccommodaties, meer schenkmogelijkheden verkrijgen bij bijeenkomsten van persoonlijke aard dan kernen waar wel reguliere horeca aanwezig is, vanwege de afwezigheid van deze oneerlijke mededinging in dit eerste geval.

Gezien de aard en cultuur van de gemeente Cranendonck als plattelandsgemeente waarbij de gemeenschapshuizen een belangrijke rol spelen in het behoud van voorzieningen en sociaal-culturele activiteiten waarbij zij in deze zin onderdak bieden aan ontspannende, creatieve en culturele activiteiten is ervoor gekozen om alcoholverstrekking door gemeenschapshuizen in kernen zonder reguliere horeca, dan wel zonder vergelijkbare reguliere zaalruimte, bij bijeenkomsten van persoonlijke aard onbeperkt toe te staan vanwege de afwezigheid van oneerlijke mededinging/concurrentie.

Ten aanzien van de gildes en schutterijen is, in samenspraak met deze paracommerciële rechtspersonen, een uitgebalanceerde verruiming toegepast van het aantal toegestane ontheffingen ten aanzien van alcoholverstrekking bij feesten die gerelateerd zijn aan de activiteiten van de vereniging rekening houdend met de voorkoming van oneerlijke mededinging.

De regeling in het convenant ten aanzien van de sportclubs is geüniformeerd voor wat betreft de schenktijden doordeweeks nu de behoefte hiertoe geuit is. Daarnaast is een verruiming toegepast in de schenktijd na afloop van een activiteit: waar voorheen één uur na afloop van de activiteit alcohol mocht worden geschonken, is deze termijn nu verlengd naar twee uur, zulks na afstemming met de commerciële horeca tijdens de informatieavonden van 7 resp. 8 oktober jl.

Oneerlijke mededinging

Zoals reeds toegelicht, verplicht artikel 4 van de Alcoholwet gemeenten om bij verordening regels te stellen ter voorkoming van oneerlijke mededinging waaraan paracommerciële rechtspersonen die in eigen beheer horecafaciliteiten exploiteren, zich dienen te houden bij de verstrekking van alcoholhoudende drank.

De Alcoholwet definieert de term “oneerlijke mededinging” echter niet.

Voor een beter begrip van deze term is in de voorliggende verordening deze term alsnog gedefinieerd.

De beperkende maatregelen om oneerlijke mededinging te voorkomen betreffen voornamelijk de momenten waarop in de inrichtingen alcohol mag worden geschonken en het schenken van alcohol bij “bijeenkomsten van persoonlijke aard en bijeenkomsten die zijn gericht op personen die niet, of niet rechtstreeks, bij de activiteiten van de betreffende rechtspersoon zijn betrokken”.

De Alcoholwet biedt echter ruimte om rekening te houden met lokale omstandigheden. Hierbij is het uitgangspunt bepalend dat er geen onnodige beperkingen aan paracommerciële instellingen moet worden opgelegd.

Dit is in lijn met het standpunt van de regering dat stelt dat “gemeenten de belangrijke maatschappelijke functie van de verschillende paracommerciële instellingen in acht moeten nemen en geen onnodige beperkingen zullen opleggen daar waar de mededinging niet in het geding is en er geen sprake is van onverantwoorde verstrekking van alcohol, met name aan jongeren” (Kamerstukken II 2008/2009, 32 022, nr. 3 blz. 10).

In deze zin biedt de Alcoholwet de gemeente de kans om lokaal maatwerk te leveren en rekening te houden met de aard van de paracommerciële rechtspersoon en de mate van aanwezigheid van reguliere horecabedrijven in de directe omgeving.

Omdat voorschriften en beperkingen dus alleen noodzakelijk zijn als de plaatselijke situatie daartoe noopt en de mededinging vanuit economisch perspectief als onwenselijk moet worden beschouwd, is in de voorliggende verordening dit uitgangspunt toegepast.

Als er geen reguliere horeca in de omgeving van het gemeenschapshuis werd aangetroffen die een reëel alternatief biedt in de vorm van passende (gelijkwaardige) faciliteiten, heeft de burgemeester (in de hoedanigheid van bevoegd bestuursorgaan), door middel van een afweging van belangen, rekening houdend met de Cranendonckse horecasituatie, per kern de eventuele oplegging van beperkingen beoordeeld ter voorkoming van oneerlijke mededingingsaspecten per specifieke kern.

Tot slot zijn zowel de paracommerciële als commerciële rechtspersonen uitgenodigd om vragen te stellen en input te leveren voor de eerder opgestelde conceptverordening tijdens de bijeenkomsten van 7 oktober 2025 respectievelijk 8 oktober 2025.

Voornoemde afwegingen hebben gestalte gekregen in de verordening.

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 1 Begripsbepalingen

Zoals artikel 1, tweede lid, van deze verordening reeds aangeeft, wordt aangesloten bij de wettelijke begripsbepalingen zoals deze worden aangetroffen in artikel 1 van de Alcoholwet. Deze zijn onverminderd van toepassing op deze verordening.

Voor een beter begrip alsmede de leesbaarheid van deze verordening zijn de belangrijkste van toepassing zijnde begrippen in deze verordening overgenomen.

Hiernaast zijn een aantal begrippen in deze verordening gedefinieerd die geen basis kennen in de Alcoholwet. Deze begrippen zijn de termen: “bijeenkomsten van persoonlijke aard”, “bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet, of niet rechtstreeks, bij de activiteiten van de betreffende rechtspersoon zijn betrokken”, “oneerlijke mededinging”, “regulier horecabedrijf”, “gemeenschapshuis”, en “schuttersgildes en schutterijen”.

Een aanvullende toelichting behoeft het begrip ‘bijeenkomst van persoonlijke aard’. Een dergelijke bijeenkomst betreft een samenkomst waarbij alcoholhoudende drank wordt genuttigd en die primair is gericht op het vieren of herdenken van gebeurtenissen in de persoonlijke levenssfeer van betrokkenen. Een dergelijke bijeenkomst dient binding te hebben met de statutaire doelstelling van de paracommerciële rechtspersoon. Dit betekent dat de bijeenkomst georganiseerd wordt ten behoeve van personen die rechtstreeks betrokken zijn bij de organisatie zoals leden, vrijwilligers of bestuursleden én dat de aard van de bijeenkomst aansluit bij de maatschappelijke, sportieve, culturele of levensbeschouwelijke doelstellingen zoals vastgelegd in de statuten van de rechtspersoon.

Artikel 2 Voorschriften en beperkingen vergunning paracommercieel horecabedrijf

In de literatuur en jurisprudentie bestaat geen discussie over de bevoegdheid tot het verbinden van voorschriften en beperkingen aan ontheffingen en vergunningen.

Toch verdient het uit een oogpunt van duidelijkheid aanbeveling om deze bevoegdheid uitdrukkelijk vast te leggen. Daarbij moet ook worden aangegeven dat die voorschriften uitsluitend mogen strekken tot bescherming van de belangen in verband waarmee de vereiste vergunning of ontheffing is verleend. Het artikel voldoet aan deze vereisten.

Artikel 3 Sluitingstijd paracommercieel horecabedrijf

Artikel 2:29 van de APV voorziet in een algemene sluitingsregeling voor openbare inrichtingen (zowel paracommerciële als reguliere horecabedrijven).

Voor de paracommerciële rechtspersonen die in deze verordening worden gereguleerd, worden echter alleen de schenktijden van alcoholhoudende drank wettelijk bepaald die zij mogen hanteren maar niet de sluitingstijden die zij (wettelijk) in acht moeten nemen.

Om deze omissie te herstellen, wordt in dit artikel van de verordening artikel 2:29 van de APV van overeenkomstige toepassing verklaard waardoor paracommerciële gehouden zijn aan opvolging van dit APV-artikel bij de inachtneming van hun sluitingstijden.

Artikel 4 Schenktijden gemeenschapshuizen

Met verwijzing naar het gestelde in de algemene toelichting wordt in dit artikel uitdrukkelijk invulling gegeven aan het wettelijk uitgangspunt dat er geen onnodige beperkingen aan paracommerciële instellingen moet worden opgelegd en in dit kader de belangrijke maatschappelijke functies van de verschillende paracommerciële instellingen in acht zullen nemen door geen onnodige beperkingen op te leggen in die gevallen waar oneerlijke mededinging niet van toepassing is en er geen sprake is van een onverantwoorde verstrekking van alcoholhoudende dranken.

De Alcoholwet biedt in dit kader ruimte aan gemeenten om rekening te houden met lokale omstandigheden. Met andere woorden: de Alcoholwet biedt gemeenten de kans om lokaal maatwerk te leveren en rekening te houden met de aard van de paracommerciele rechtspersoon.

Voorschriften en beperkingen zijn alleen noodzakelijk als de plaatselijke situatie daartoe aanleiding geeft en de mededinging vanuit economisch perspectief als onwenselijk moet worden beschouwd.

Als er geen reguliere horeca in de omgeving van het buurt- of dorpshuis aanwezig is die een reëel alternatief biedt in de vorm van passende gelijkwaardige faciliteiten, kan de gemeente door middel van een afweging van belangen, besluiten dat er geen sprake is van oneerlijke mededinging en geen of minder beperkingen opleggen omdat er in dat specifieke geval geen sprake is van concurrerend paracommercialisme.

Vorenstaand motief in dit artikel toepassend wordt in dit artikel ten aanzien van de Cranendonckse gemeenschapshuizen een onderscheid gemaakt tussen gemeenschapshuizen in kernen waar geen reguliere horeca aanwezig is, dan wel er geen vergelijkbare reguliere zaalaccommodatie aanwezig is, en kernen waar dit wel aanwezig is.

In dit artikel worden de betreffende kernen niet met name genoemd om niet telkens deze verordening aan aanpassing te moeten blootstellen indien in een specifieke kern de onderscheiddefinitie verandert (wel reguliere horeca waar voorheen deze niet aanwezig was en vice versa).

Zoals reeds in de algemene toelichting werd gesteld is er, gezien hun belangrijke sociaal-maatschappelijke functie, in het vierde lid van dit artikel bepaald om gemeenschapshuizen in kernen zonder reguliere horeca, dan wel zonder vergelijkbare commerciële zaalruimte, bij bijeenkomsten van persoonlijke aard die gerelateerd zijn aan de activiteiten van de gemeenschapshuizen en bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van desbetreffende rechtspersoon zijn betrokken, alcoholverstrekking onbeperkt toe te staan vanwege de afwezigheid van oneerlijke mededinging in de zin van artikel 4 van de Alcoholwet.

Om de gemeenschapshuizen in kernen waar wel reguliere horeca aanwezig is, tegemoet te komen met betrekking tot het schenken van alcoholhoudende drank wordt in het derde lid van dit artikel bepaald dat deze gemeenschapshuizen gedurende twaalf bijeenkomsten van persoonlijke aard op jaarbasis deze bijeenkomsten mogen houden met gelijktijdige schenking van alcoholhoudende drank zonder dat er sprake is van oneerlijke mededinging, mits deze gerelateerd zijn aan de statutaire doeleinden van de gemeenschapshuizen.

In het zesde lid van dit artikel wordt het gemeenschapshuizen onbeperkt toegestaan om bij condoleancebijeenkomsten alcoholhoudende drank te verstrekken.

Deze uitzondering heeft een algemeen karakter en geldt dus voor alle gemeenschapshuizen, dus ook voor de gemeenschapshuizen die zijn gesitueerd in kernen met reguliere horeca.

In de verlaten convenantconstructie werd slechtst een uitzondering gemaakt voor condoleancebijeenkomsten en herdenkingsdiensten in gemeenschapshuizen in kleine kernen zonder zaalvoorzieningen.

Deze regeling is in deze verordening verruimd omdat de mate van schenking van alcoholhoudende drank dermate kleinschalig is door de geringe alcoholbehoefte van het publiek dat er nauwelijks sprake kan zijn van oneerlijke mededinging.

In het vijfde lid wordt het gemeenschapshuizen niet toegestaan om alcoholhoudende drank te verstrekken tijdens bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet, of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de betreffende rechtspersoon zijn betrokken (met voorbijgaan aan de genoemde uitzondering). Dit is ook verboden voor sportclubs (artikel 5, vierde lid van de verordening), voor gildes (artikel 6, vierde lid van de verordening) en overige rechtspersonen (artikel 7, derde lid van de verordening).

Dit verbod is opgenomen om oneerlijke concurrentie te voorkomen met de reguliere horeca. Hierdoor wordt bewerkstelligd dat, bijvoorbeeld bij de verhuur van een ruimte in een gemeenschapshuis voor een feest waarbij geen enkele binding met de paracommerciële rechtspersoon aanwezig is, ongewenste concurrentie optreedt met de aanwezige reguliere horeca.

Het staat de betrokken derde partij uiteraard vrij om zelf in de alcoholhoudende drank te voorzien.

Artikel 5 Schenktijden paracommerciële rechtspersonen van sportieve aard

In het convenant werd ten aanzien van paracommerciële rechtspersonen van sportieve aard (sportclubs) in het enige artikel een aanzienlijke verruiming toegepast van de toegestane schenktijden ten opzichte van de regeling in de APV.

Met name in de weekenden werd in de weekenden een verruiming toegestaan van de aanvang van de schenktijden. Hierbij werden de aanvangstijden voor de zaterdagen vervroegd van 15:00 uur naar 12:00 uur en op de zondagen van 12:00 uur naar 11:00 uur.

Omwille van voorkoming van het alcoholmisbruik met name onder jongeren (één van de speerpunten van de Alcoholwet) is voor de zaterdagen een nieuwe aanvangstijd ingesteld van 13:00 uur. Deze nieuwe schenktijd wordt met name ingegeven door rekening te houden met de jeugdcompetitie op de zaterdagen bij voetbalclubs en de hockeyclub.

Omdat op de zondagen niet de juniorenteams spelen, de wens vanuit paracommerciële rechtspersonen van sportieve aard is geuit om de aanvangstijd op 11.00 uur te houden en er geen bezwaar is geuit door de commerciële horeca ten aanzien van dit punt, blijft de aanvangstijd op de zondagen ongewijzigd.

Ten aanzien van de schenktijden op doordeweekse dagen is gekozen voor een eenduidig kader om verwarring te voorkomen bij zowel de rechtspersonen als de doelgroepen die de activiteiten bijwonen. Daarnaast is vanuit handhavingsperspectief een eenduidig kader wenselijk.

Voorts werd in het convenant een beperking opgelegd ten aanzien van schenktijden na afloop van een activiteit, zijnde één uur. In voorliggende verordening is de regeling verruimd: waar voorheen slechts één uur na afloop van de activiteit alcohol mocht worden geschonken, is deze periode verruimd naar twee uur. Door paracommerciële rechtspersonen van sportieve aard werd aangegeven dat de sociale binding onder de leden juist plaatsvindt na afloop van een activiteit. Het fluitsignaal na het einde van een wedstrijd / activiteit is aangeduid als het punt waarop de activiteit is afgelopen en de twee uur ingaan.

Artikel 6 Schenktijden schuttersgildes en schutterijen

Vanwege het feit dat een aantal gildes en schutterijen al in een vroegtijdig stadium hadden aangegeven dat de herziening van het convenant dringend gewenst was, zijn deze organisaties bij de voorgenomen actualisering van het paracommerciële convenant betrokken.

In dit kader is vastgesteld dat de gildes c.a. weliswaar de 2014-versie van het convenant hadden ondertekend, maar niet voorkwamen op de genoemde matrix waar alleen gemeenschapshuizen, al dan niet door middel van een melding, in aanmerking kwamen voor verregaande uitbreiding van hun activiteiten.

Aldus konden de gildes slechts terugvallen op de reguliere ontheffingsmogelijkheid van vier ontheffingen per kalenderjaar voor het houden van particuliere feesten met de verstrekking van alcoholhoudende drank.

De Alcoholwet biedt de mogelijkheid om lokaal maatwerk te leveren alsmede rekening te houden met de aard van de paracommerciële rechtspersoon.

In dit artikel wordt deze mogelijkheid benut ten aanzien van de gildes en schutterijen omdat deze organisaties vanuit hun aard, kleinschaligheid en specifieke doelgroep dermate ver afstaan van de reguliere horeca dat er geen vrees van concurrentie aanwezig is, mede gezien de geringe alcoholnuttiging van de leden en bezoekers.

Op grond hiervan wordt het in het derde lid van dit artikel toegestaan om twaalf bijeenkomsten van persoonlijke aard per kalenderjaar toe te staan, mits deze gerelateerd zijn aan/binding hebben met de statutaire activiteiten van de gildes.

Artikel 7 Schenktijden overige paracommerciële rechtspersonen

Dit artikel betreft een vangnet dat kan worden toegepast indien wordt geconstateerd dat onbekende, dan wel andere, paracommerciële rechtspersonen die niet worden genoemd, dan wel niet kunnen worden gerangschikt onder de in de artikelen 4,5 en 6 van deze verordening genoemde rechtspersonen, in aanmerking willen komen voor een ontheffing.

Hierbij kan (niet gelimiteerd) worden gedacht aan paracommerciële rechtspersonen van levensbeschouwelijke of godsdienstige aard (kerkgenootschappen), educatieve aard en jeugdcentra.

Artikel 8 Verstrekken van sterke drank

De Alcoholwet stelt in beginsel geen beperkingen voor wat betreft het schenken van sterke drank door paracommerciële rechtspersonen.

Op grond van het bepaalde in artikel 25a, onderdeel b, van de Alcoholwet kan echter bij gemeentelijke verordening het bedrijfsmatig of anders dan om niet verstrekken van alcoholhoudende drank in inrichtingen worden verboden of aan beperkingen worden onderworpen.

Wederom ter voorkoming van alcoholmisbruik, met name onder jongeren is dit artikel opgenomen in deze verordening waardoor het verboden is om gedurende de in dit artikel genoemde activiteiten sterke drank te schenken.

Artikel 9 Uitbreiding ontheffingsmogelijkheid/voorkoming oneerlijke mededinging

Wanneer het maximale aantal bijeenkomsten van persoonlijke aard in een kalenderjaar is behaald en er bij een paracommerciële rechtspersoon behoefte is aan een extra bijeenkomst, dan wel behoefte is aan een bijeenkomst van een persoonlijke aard die niet gerelateerd is aan de statutaire doelstellingen van de rechtspersoon, kan de burgemeester hiervoor een ontheffing verlenen onder de voorwaarden zoals genoemd in het eerste lid van dit artikel; instemming van de in de betreffende kern eventueel aanwezige commerciële horeca of de afwezigheid van een passende alternatieve zaalruimte.

Binnen de afweging om de gevraagde ontheffing al dan niet te verlenen dient te allen tijde een afweging door de burgemeester plaats te vinden of de te verlenen beschikking niet in strijd is met de oneerlijke mededinging zoals het tweede lid van dit artikel uitdrukkelijk bepaalt.

De term “oneerlijke mededinging” wordt in artikel 4, tweede lid, van de Alcoholwet wel genoemd, maar wordt in artikel 1 van deze wet niet nader gedefinieerd. Om te voorzien in deze omissie is in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, van deze verordening een definitie van deze term opgenomen.

Het derde lid van dit artikel bepaalt, ter voorkoming van structurele prijsverschillen indien gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheid tot het schenken van alcoholhoudende drank bij bijeenkomsten van persoonlijke aard die niet gerelateerd zijn aan de statutaire doelstelling van de paracommerciële rechtspersoon, dat het prijsniveau van de te verstrekken consumpties gelijke tred dient te houden met het gemiddelde prijsniveau dat wordt gehanteerd in de Cranendonckse commerciële horeca. Hieromtrent is een zekere afstemming gewenst.

Artikel 10 Hardheidsclausule

Indien er sprake is van een kennelijke onredelijkheid heeft de burgemeester de bevoegdheid om af te wijken van hetgeen is bepaald in deze verordening. Of er sprake is van een kennelijke onredelijkheid is afhankelijk van de feiten en omstandigheden.

Artikel 11 Handhaving

Artikel 44a van de Alcoholwet bepaalt dat de burgemeester een bestuurlijke boete kan opleggen ter zake van overtreding van de in dat artikellid genoemde overtredingen. In de in dit artikel aan te treffen opsomming wordt ook artikel 4 van deze wet vermeld waardoor bij constatering van het niet in acht nemen van oneerlijke mededinging, op grondslag van dit artikel, een bestuurlijke boete kan worden opgelegd.

Artikel 12 Inwerkingtreding

Dit artikel spreekt voor zich.

Artikel 13 Intrekking oude regelingen

De voorschriften die zijn opgenomen in de individuele Alcoholwetvergunningen (voorheen Drank- & Horecawetvergunningen) van paracommerciële rechtspersonen vervallen.

In de huidige paracommerciële Alcoholwetvergunningen zijn de regels ter voorkoming van oneerlijke mededinging nog opgenomen in de individuele vergunningen op grond van de verplichting daartoe in de toenmalige Drank- & Horecawet.

Deze verplichting is in de Alcoholwet overgeheveld naar de gemeentelijke verordening. Op grond van artikel 48b van de Alcoholwet blijven deze vergunningen onverkort van kracht.

Echter is gebleken dat ten aanzien van deze destijds wettelijk verplichte opname van voorschriften en beperkingen slechts artikel 2:34a van de toenmalige APV alleen in algemene zin letterlijk is overgenomen in de separate vergunning.

Hierdoor is nagelaten om ten aanzien van iedere individuele paracommerciële rechtspersoon specifieke voorschriften en beperkingen op te nemen, noodzakelijk ter voorkoming van oneerlijke mededinging afhankelijk van de specifieke situatie in de specifieke kern.

Deze omissie wordt in dit artikellid hersteld door onverkort deze verordening van toepassing te verklaren.

Artikel 14 Citeertitel

Dit artikel spreekt voor zich.