Mandaatbesluit Berkelland 2026

Geldend van 01-01-2026 t/m heden

Intitulé

Mandaatbesluit Berkelland 2026

Het college van burgemeester en wethouders van Berkelland

en de burgemeester van Berkelland,

ieder voor zover het zijn of haar bevoegdheden betreft;

  • gelet op de artikelen 59a, 168 en 171 van de Gemeentewet;

  • gelet op de artikelen 10:1 tot en met 10:12 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb);

Overwegende dat:

  • de ambtelijke organisatie is doorontwikkeld sinds de wijziging van de organisatiestructuur;

  • er behoefte bestaat om een aantal bevoegdheden binnen de organisatie opnieuw te beschrijven;

  • er voor de griffie het Mandaatbesluit Griffier Berkelland 2024 van toepassing is;

  • in dit Mandaatbesluit publiekrechtelijke en privaatrechtelijke bevoegdheden aan behandelend medewerkers in de organisatie worden toegekend om hen in staat te stellen de toegekende taken rechtmatig en doelmatig uit te voeren;

  • in dit Mandaatbesluit is gekozen voor de toekenning van zoveel mogelijk wettelijke bevoegdheden van het college van burgemeester en wethouders en burgemeester aan medewerkers in de organisatie, met uitzondering van die bevoegdheden die in dit Mandaatbesluit specifiek voorbehouden zijn aan het college van burgemeester en wethouders, aan de burgemeester, gemeentesecretaris, concernmanager of teamleider.

Besluiten vast te stellen:

De navolgende regeling:

Het Mandaatbesluit Berkelland 2026

Artikel 1: Definities

In deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • a.

    Algemeen directeur: de gemeentesecretaris

  • b.

    Apv: Algemene plaatselijke verordening

  • c.

    Awb: Algemene wet bestuursrecht (Awb)

  • d.

    besluit: een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling (definitie artikel 1:3 Awb)

  • e.

    bestuursorgaan: het college of de burgemeester

  • f.

    bijlage: een bijlage behorende bij dit Mandaatbesluit

  • g.

    burgemeester: de burgemeester van Berkelland

  • h.

    Cao Gemeenten: collectieve arbeidsovereenkomst voor werknemers die in dienst zijn bij een gemeente.

  • i.

    college: het college van burgemeester en wethouders van Berkelland

  • j.

    concernmanager: leidinggevende van een focusveld, integraal verantwoordelijk voor het focusveld en voor integrale afstemming binnen het concernmanagementteam

  • k.

    focusveld: Een organisatie-eenheid bestaande uit meerdere teams, die op grond van dit besluit een eigen verantwoordingsplicht heeft aan de gemeentesecretaris / algemeen directeur.

  • l.

    gemeentebestuur: het college, de gemeenteraad en de burgemeester

  • m.

    gemeenteraad: de gemeenteraad van Berkelland

  • n.

    gemeentesecretaris: de functionaris zoals bedoeld in artikel 103 Gemeentewet.

  • o.

    machtiging: de bevoegdheid tot het verrichten van feitelijke handelingen namens een bestuursorgaan

  • p.

    mandaat: de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen. Het gaat hierbij steeds om een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan die een publiekrechtelijke rechtshandeling inhoudt (zie artikel 10:1 Awb) alsmede ondertekening namens het bestuursorgaan (artikel 10:11 Awb)

  • q.

    mandaatgever: het bestuursorgaan dat de oorspronkelijke wettelijke bevoegdheid heeft en aan de mandaathouder de bevoegdheid geeft om in naam van het bestuursorgaan besluiten te nemen

  • r.

    mandaathouder: de medewerker die namens het bestuursorgaan een bevoegdheid uitoefent

  • s.

    medewerker: degene die is belast met een taak of uitvoering van wet- en regelgeving en/of beleid onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur

  • t.

    portefeuillehouder: het lid van het college dat bestuurlijk verantwoordelijk is voor een bepaald onderwerp

  • u.

    teamleider: leidinggevende van een of meerdere teams, verantwoordelijk voor de betreffende organisatie-eenheden en voor integrale afstemming binnen het focusveld

  • v.

    volmacht: de bevoegdheid om privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten door personen die werken binnen de eigen organisatie, of die door de eigen organisatie zijn ingezet om namens de organisatie op te treden (artikel 171, lid 2, Gemeentewet juncto artikel 3:60 Burgerlijk Wetboek)

Artikel 2: Schakelbepaling mandaat, volmacht, machtiging

Op grond van artikel 10:12 van de Awb zijn de mandaatregels overeenkomstig van toepassing op het verlenen van een volmacht en op het verlenen van een machtiging. In dit Mandaatbesluit wordt daarom alleen gesproken over mandaat.

Artikel 3: Inhoud mandaat

  • 1. De bevoegdheid om krachtens mandaat besluiten te nemen omvat tevens de bevoegdheid tot het stellen van voorschriften en beperkingen en het verrichten van voorbereidings- en uitvoeringshandelingen aangaande het besluit.

  • 2. De mandaathouder heeft naast de bevoegdheid het in het eerste lid genoemde besluit te nemen ook de bevoegdheid het desbetreffende besluit te ondertekenen.

Artikel 4: Algemene bepaling

  • 1. Het college en de burgemeester verlenen de medewerker het mandaat om alle besluiten te nemen en alle overige (rechts)handelingen te verrichten, waaronder de vertegenwoordiging in en buiten rechte, die in het kader van een goede uitoefening van zijn taken en bevoegdheden nodig zijn.

  • 2. Het gestelde in het eerste lid geldt uitsluitend wanneer is voldaan aan de voorwaarden en er geen sprake is van de uitzonderingen zoals genoemd in de artikelen 5 en 6. Daarnaast is er geen mandaat als er sprake is van een van de uitzonderingen die vermeld staan in de bijlagen bij dit Mandaatbesluit.

  • 3. Er is geen toestemming voor ondermandaat op grond van het bepaalde in artikel 10:9 van de Awb.

Artikel 5: Voorwaarden algemeen

  • 1. De mandaathouder kan zijn bevoegdheid alleen toepassen wanneer het mandaat overeenstemt met de taken en verantwoordelijkheden die passen binnen zijn functie en werkzaamheden en

    • a.

      er niet wordt afgeweken van een wettelijk verplicht advies, en

    • b.

      er niet wordt afgeweken van beleidsregels zoals bedoeld in artikel 4:84 Awb, bestendige bestuurspraktijk en richtlijnen

    • c.

      de standpunten van de behandelend medewerkers eensluidend zijn.

  • 2. De in bijlage 1 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan het college.

  • 3. De in bijlage 2 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de burgemeester.

  • 4. De in bijlage 3 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de gemeentesecretaris.

  • 5. De in bijlage 4 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de concernmanager.

  • 6. De in bijlage 5 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de teamleider.

  • 7. Indien de mandaathouder een persoonlijk of conflicterend belang heeft bij de uitoefening van de bevoegdheden, dan vindt besluitvorming plaats door de teamleider. Indien de teamleider op grond van bijlage 5 het mandaat heeft, vindt bij een persoonlijk of conflicterend belang de besluitvorming plaats door de concernmanager. Indien de concernmanager op grond van bijlage 4 het mandaat heeft, vindt bij een persoonlijk of conflicterend belang de besluitvorming plaats door de gemeentesecretaris.

Artikel 6: Voorwaarden financieel

  • 1. Wanneer een mandaathouder ook budgethouder of budgetbeheerder op grond van de Budgethoudersregeling is kan hij, van zijn mandaat alleen gebruikmaken wanneer dat mandaat past binnen zijn budget.

  • 2. Bij de uitoefening van de bevoegdheden in mandaat moeten, naast alle regels van dit mandaatbesluit ook de regels van de Financiële verordening Berkelland en daarmee verband houdende regelingen in acht worden genomen.

  • 3. In geval van strijdigheid tussen het mandaatbesluit en de Financiële verordening en/of daarmee verband houdende regelingen, gaan de Financiële verordening en/of daarmee verband houdende regelingen voor.

Artikel 7: Voorafgaand overleg

  • 1. De mandaathouder draagt er zorg voor dat overleg plaatsvindt met de portefeuillehouder via het portefeuilleoverleg voordat een besluit wordt genomen of (rechts)handeling plaatsvindt als:

    • a.

      het een aangelegenheid betreft waarover door de gemeenteraad in een eerder stadium vragen zijn gesteld aan het college, de portefeuillehouder(s) of de burgemeester;

    • b.

      het college, een portefeuillehouder of de burgemeester dit kenbaar heeft gemaakt;

    • c.

      het een aangelegenheid betreft waarover de raad moties en/of amendementen heeft aangenomen;

    • d.

      het een aangelegenheid betreft waarover de portefeuillehouder toezeggingen heeft gedaan aan de raad(scommissie);

    • e.

      het besluit ingrijpende financiële consequenties kan hebben, bijvoorbeeld dreigende budgetoverschrijding of het aangaan van meerjarige verplichtingen;

    • f.

      uit het besluit of de (rechts)handeling aanzienlijke juridische, financiële, organisatorische, politiek/bestuurlijke en of publicitaire consequenties kunnen voortvloeien;

    • g.

      er in mandaat wordt beslist op een bezwaarschrift;

    • h.

      er een dwangbevel wordt uitgevaardigd.

  • 2. Het college of de burgemeester kan, indien zich een situatie voordoet als onder lid 1 beschreven, het betreffende besluit zelf nemen.

Artikel 8: Overeenkomsten

  • 1. Bij overeenkomsten ten aanzien van onroerend goed en grondzaken moet eerst overleg en afstemming plaats te vinden met een medewerker vastgoed.

  • 2. Bij overeenkomsten op het gebied van inkoop moet eerst overleg en afstemming plaats te vinden met de adviseur inkoop/inkoopadviseur.

Artikel 9: Plaatsvervanging

  • 1. Indien het mandaat aan een bepaalde medewerker is verleend, is daarmee het mandaat eveneens verleend aan de hiërarchisch hoger geplaatsten.

  • 2. Bij afwezigheid van een medewerker die een besluit in mandaat neemt, wordt deze vervangen door zijn teamleider.

  • 3. Bij afwezigheid van een teamleider kan deze vervangen worden door een andere teamleider of door de concernmanager van zijn of haar focusveld.

  • 4. Bij afwezigheid van een concernmanager kan deze worden vervangen door een andere concernmanager of de gemeentesecretaris.

  • 5. De vervanging van de gemeentesecretaris is geregeld in een collegebesluit.

Artikel 10: Wijze van ondertekenen

  • 1. Een krachtens mandaat genomen besluit vermeldt namens welk bestuursorgaan het besluit is genomen, als volgt:

    Met vriendelijke groet, / Hoogachtend,

    namens burgemeester en wethouders van Berkelland, / namens de burgemeester van Berkelland,

    handtekening

    naam mandaathouder

    functie mandaathouder

  • 2. Een krachtens mandaat genomen besluit bij vervanging vermeldt de naam en functie van degene die wordt vervangen met daarachter “bij afwezigheid” (b.a.) en de handtekening van de vervanger.

  • 3. Een op basis van mandaat gesloten overeenkomst wordt als volgt ondertekend:

    De gemeente Berkelland,

    Vertegenwoordigd door,

    handtekening

    naam gevolmachtigde

    functie gevolmachtigde

Artikel 11: Inwerkingtreding

  • 1. Dit Mandaatbesluit treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2. Het Mandaatbesluit 2019 wordt per 1 januari 2026 ingetrokken.

Artikel 12: Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: ‘Mandaatbesluit Berkelland 2026’.

Ondertekening

Borculo, 16 december 2025

Burgemeester en wethouders van Berkelland,

de secretaris,

drs. J. Jonker

de burgemeester,

drs. J.H.A. van Oostrum

Burgemeester,

drs. J.H.A. van Oostrum

Bijlage 1 Bevoegdheden voorbehouden aan het college

ALGEMEEN

  • 1.

    Als een lid van het college, de gemeentesecretaris, de concernmanager of de teamleider van de mandaathouder heeft aangegeven dat hij het te nemen besluit aan het college wenst voor te leggen.

  • 2.

    In de volgende gevallen legt de gemandateerde of gevolmachtigde de kwestie in ieder geval ter besluitvorming aan het bestuursorgaan voor, onverminderd het bepaalde in artikel 10:3, tweede lid, van de Awb:

    • a.

      indien het betreft het vaststellen van beleid(sregels) en algemeen verbindende voorschriften;

    • b.

      het vragen van krediet aan de raad indien niet begrote financiële of andere belangrijke consequenties zijn te verwachten of anderszins een aanmerkelijk beslag op financiële middelen is te verwachten;

    • c.

      indien de uitgave niet past binnen het daarvoor bestemde budget of investeringskrediet.

  • 3.

    Het nemen van besluiten waar geldbedragen mee zijn gemoeid vanaf € 1.000.000,- die passen binnen de vastgestelde budgetten, niet zijnde subsidiebesluiten.

  • 4.

    Het besluiten over subsidieaanvragen vanaf € 100.000,-, ook als ze passen binnen de vastgestelde budgetten.

  • 5.

    Het nemen van besluiten waar geen budget voor is vastgesteld.

  • 6.

    Regels vast te stellen over de ambtelijke organisatie van de gemeente, met uitzondering van het vaststellen, wijzigen of intrekken van regelingen en arbeidsvoorwaarden in het personeelshandboek.

  • 7.

    Jaarmarkten of gewone marktdagen instellen, afschaffen of veranderen.

  • 8.

    Besluiten tot de oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen.

  • 9.

    Het aanwijzen van ambtenaren van de burgerlijke stand, behoudens de aanwijzing voor één dag.

  • 10.

    Het oninbaar verklaren van vorderingen boven de € 25.000,-.

  • 11.

    Het nemen van besluiten op grond van de archiefwetgeving, behoudens de aan de gemeentesecretaris toegekende bevoegdheden op grond van het besluit betreffende de inrichting en uitvoering van het informatiebeheer

PUBLIEKRECHT

  • 1.

    Het doen van voorstellen aan de gemeenteraad.

  • 2.

    Voordracht voor of benoeming van personen op grond van een wettelijk voorschrift anders dan het aangaan van een dienstverband.

  • 3.

    Het instellen van commissies als bedoeld in de artikelen 83 en 84 Gemeentewet.

  • 4.

    Het benoemen van personen als vertegenwoordiger van de gemeente in organen.

  • 5.

    Het benoemen van personen in adviesorganen van het college van publiekrechtelijke en privaatrechtelijke rechtspersonen.

  • 6.

    Correspondentie en besluiten gericht tot:

    • a.

      de gemeenteraad;

    • b.

      leden van het Koninklijk Huis;

    • c.

      de ministers van het Koninkrijk, de ministerraad of een daaruit gevormde onderraad of commissie, ministers en staatssecretarissen;

    • d.

      de voorzitter van de Eerste of Tweede Kamer der Staten-Generaal of van een uit die Kamers gevormde commissie;

    • e.

      de vicepresident van de Raad van State;

    • f.

      de president van de Algemene Rekenkamer.

  • 7.

    Het nemen van een besluit dat is voorbereid met de uniforme openbare voorbereidingsprocedure en waarbij zienswijzen zijn ingediend.

  • 8.

    Het vestigen van een voorlopig voorkeursrecht op grond van de Omgevingswet.

  • 9.

    Het beslissen op een aanvraag om vergunning als advies van de gemeenteraad verplicht is, of instemming van het provinciebestuur verplicht is, of als de vergunning geweigerd moet worden vanwege de Wet Bibob.

  • 10.

    Het beslissen tot het voeren van rechtsgedingen inzake geschillen in kwesties met een geldwaarde van € 25.000,00 en meer.

  • 11.

    Besluiten omtrent convenanten en bestuursovereenkomsten.

  • 12.

    Alle bevoegdheden op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen.

  • 13.

    Besluiten tot het onttrekken van een weg aan het openbaar verkeer.

  • 14.

    Vaststellen grenzen van de bebouwde kom ingevolge de Wegenverkeerswet 1994 en de bebouwingscontour houtkap op grond van de Omgevingswet.

  • 15.

    Toedelen van namen aan delen van de openbare ruimte en zo nodig aan gemeentelijke gebouwen en bouwwerken.

  • 16.

    Het besluit tot hoger beroep, het verzoek om (wijziging of opheffing van een verzoek om) een voorlopige voorziening in procedures die betrekking hebben op eerder genomen collegebesluit.

  • 17.

    Het besluit tot het instemmen met mediation als hier in beroep of hoger beroep om wordt verzocht of de verwachting is dat hier om zal worden verzocht.

  • 18.

    Het beslissen op een bezwaarschrift wanneer het besluit afwijkt van het advies van de commissie bezwaarschriften.

  • 19.

    Het besluiten op een verzoek in te stemmen met rechtstreeks beroep bij de bestuursrechter.

PRIVAATRECHT

Overeenkomsten

  • 1.

    Het nemen van besluiten tot het aangaan van overeenkomsten indien op grond van de Gemeentewet de gemeenteraad in de gelegenheid moet worden gesteld zijn wensen en bedenkingen over de overeenkomst ter kennis van het college te brengen omdat deze ingrijpende gevolgen voor de gemeente kan hebben;

  • 2.

    Het afgeven van borgstellingen nadat de raad is gevraagd wensen of bedenkingen kenbaar te maken aan het college, tenzij de raad een publieke taakbesluit heeft genomen op de grond van de Wet financiering decentrale overheden.

  • 3.

    Het verstrekken van kapitaal aan instellingen en ondernemingen.

  • 4.

    Het aanvragen van surseance van betaling of faillissement van contractspartijen.

  • 5.

    Het besluit tot aanvaarding of afwijzing van een schenking, erfstelling of legaat of het doen van een schenking.

  • 6.

    Het nemen van besluiten over het verstrekken van een gemeentegarantie of -lening aan een derde (zoals een stichting of een vereniging) in de uitoefening van een publieke taak nadat de raad is gevraagd wensen of bedenkingen kenbaar te maken aan het college.

  • 7.

    Besluiten om een privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten in gevallen waarvoor de gemeenteraad heeft verzocht om van tevoren te worden ingelicht.

  • 8.

    Het aangaan, wijzigen en beëindigen van een dienstverleningsovereenkomst.

  • 9.

    Besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot aankoop of verkoop van onroerende zaken met een aan- of verkoopwaarde boven het bedrag van € 50.000,00, met uitzondering van de verkoop van bouwkavels in overeenstemmming met de vastgestelde kostprijsberekening.

  • 10.

    Besluiten tot het vestigen, wijzigen of beëindigen van zakelijke rechten met een financiële waarde van de opstal van meer dan € 50.000,00 en/of een canon retributie boven het bedrag van € 10.000,00 per jaar.

  • 11.

    Besluiten tot het aangaan van een bevoegdhedenovereenkomst (inspanningsverplichting): zowel een solitaire overeenkomst alsmede een overeenkomst deel uitmakende van een realiseringsovereenkomst, met uitzondering van een overeenkomst in het kader van landschappelijke inpassing of verevening.

  • 12.

    Besluiten tot het voeren van rechtsgedingen inzake geschillen in kwesties met een geldwaarde van € 25.000,00 en meer, alsmede schikkingen daaromtrent.

  • 13.

    Besluiten omtrent hoger beroep of cassatie namens de gemeente in civiele procedures.

PERSONEELSAANGELEGENHEDEN

  • 1.

    Het nemen van besluiten inzake benoeming, schorsing, vrijstelling van werk, ontslag van en overige besluiten over de gemeentesecretaris.

  • 2.

    Het voldoen aan de re-integratieplicht van de werkgever als bedoeld in het Burgerlijk Wetboek en de Wet verbetering Poortwachter, voor zover het betreft de gemeentesecretaris.

  • 3.

    Het treffen van een bijzondere voorziening indien het personeelshandboek er niet in voorziet, als het de gemeentesecretaris betreft.

Bijlage 2 Bevoegdheden voorbehouden aan de burgemeester

  • 1.

    Als de gemeentesecretaris, de concernmanager of de teamleider van de mandaathouder heeft aangegeven dat hij het te nemen besluit aan de burgemeester wenst voor te leggen.

  • 2.

    Besluiten op grond van de artikelen 151b (openbare orde), 151c (cameratoezicht), 154a (ophouden personen), 154b (bestuurlijke boete) en 172 (openbare orde) tot en met 176a Gemeentewet (ophouding).

  • 3.

    Een besluit op grond van de Wet tijdelijk huisverbod.

  • 4.

    Een besluit op grond van de Wet openbare manifestaties.

  • 5.

    De machtiging tot binnentreden op grond van de Algemene wet op het binnentreden.

  • 6.

    Het opleggen van een last onder bestuursdwang op een woning, lokaal of daarbij behorend erf (artikel 13b Opiumwet).

  • 7.

    Uitvoering Naturalisatie(ceremonie).

  • 8.

    Alle bevoegdheden op grond van de Wet aanpak woonoverlast en de daarop gebaseerde bepalingen in de Apv.

  • 9.

    Het besluit inhoudende een last tot inbewaringstelling (psychiatrisch ziekenhuis) op grond van de Wet zorg en dwang (Wzd) en de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz).

  • 10.

    Alle bevoegdheden op grond van de Wet veiligheidsregio’s.

  • 11.

    Het sluiten van een horeca-inrichting en/of de intrekking van een vergunning voor een horeca-inrichting.

  • 12.

    Het vaststellen van (tijdelijke) sluitingstijden voor horeca-inrichtingen in afwijking van het bepaalde in de Apv.

  • 13.

    Het nemen van een aanwijzingsbesluit op grond van de Apv, als het een bevoegdheid van de burgemeester betreft.

  • 14.

    Het opleggen van een gebiedsverbod op grond van de Apv.

  • 15.

    Het beslissen op een bezwaarschrift wanneer het besluit afwijkt van het advies van de commissie bezwaarschriften.

  • 16.

    Het besluit tot hoger beroep, het verzoek om (wijziging of opheffing van een verzoek om) een voorlopige voorziening in procedures die betrekking hebben op eerder genomen burgemeestersbesluit.

  • 17.

    Het besluiten op een verzoek in te stemmen met rechtstreeks beroep bij de bestuursrechter.

Bijlage 3 Bevoegdheden voorbehouden aan gemeentesecretaris

  • 1.

    Het nemen van besluiten tot het aangaan, wijzigen, ontbinden en overige mutaties van arbeidsovereenkomsten, inclusief het ondertekenen van de overeenkomsten, van de concernmanagers, en van leden van de concernstaf.

  • 2.

    Het opleggen van een disciplinaire maatregel aan een medewerker waaronder het ontzeggen van de toegang tot het gemeentehuis of gemeentewerf.

  • 3.

    Het nemen van besluiten over het vrijstellen van werk aangaande medewerkers.

  • 4.

    Het nemen van besluiten aangaande vaststellingsovereenkomsten met medewerkers.

  • 5.

    Het indienen van een verzoek tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst bij de ontslagcommissie op grond van de Cao gemeenten (tot 31 december 2026).

  • 6.

    Het doen van een verzoek tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst bij de kantonrechter of het aanvragen van een ontslagvergunning bij het UWV.

  • 7.

    Het nemen van besluiten op grond van de Wet op de ondernemingsraden als WOR-bestuurder.

  • 8.

    Het vaststellen van de functiebeschrijvingen conform vastgestelde functiewaarderingssystematiek met uitzondering van de griffie.

  • 9.

    Het vaststellen, wijzigen of intrekken van regelingen en arbeidsvoorwaarden in het personeelshandboek, inclusief het treffen van een bijzondere voorziening indien het personeelshandboek er niet in voorziet.

  • 10.

    In afwijking van het bepaalde in artikel 5, eerste lid van dit Mandaatbesluit is het nemen van besluiten inzake personeelsaangelegenheden waarbij wordt afgeweken van het beleid, richtlijnen, bestendige bestuurspraktijk en/of voorschriften voorbehouden aan de gemeentesecretaris.

  • 11.

    Het nemen van besluiten die betrekking hebben op de rechtspositie van politieke ambtsdragers en waarbij er beleidsvrijheid geldt en het financieel belang groter is dan € 2500,--

  • 12.

    Het voldoen aan de re-integratieplicht van de werkgever als bedoeld in het Burgerlijk Wetboek en de Wet verbetering Poortwachter, voor zover het betreft de concernmanager en concernstaf.

  • 13.

    Opdracht geven tot geneeskundig onderzoek van concernmanagers, concernstaf en gemeentesecretaris op grond van de Cao gemeenten.

  • 14.

    Het intrekken van een eenmaal verleende vakantie om zwaarwegende en gegronde redenen van de concernmanagers en concernstaf.

  • 15.

    Het nemen van besluiten en het aangaan van overeenkomsten waar geldbedragen mee zijn gemoeid tussen € 100.000,- en € 1.000.000,- en passen binnen de budgethoudersregeling, niet zijnde subsidiebesluiten.

  • 16.

    Bevoegdheden op grond van het besluit betreffende de inrichting en uitvoering van het informatiebeheer.

  • 17.

    Het aanwijzen van functionarissen op basis van de beheerregeling basisregistratie adressen en gebouwen Berkelland 2018.

Bijlage 4 Bevoegdheden voorbehouden aan concernmanager

  • 1.

    Alle bevoegdheden op grond van de Cao Gemeenten en de daarop gebaseerde regelingen, voor zover niet toegewezen aan de gemeentesecetaris of de teamleider.

  • 2.

    Het nemen van besluiten tot het aangaan, wijzigen, ontbinden en overige mutaties van arbeidsovereenkomsten, inclusief het ondertekenen van de overeenkomsten, van medewerkers van het desbetreffende focusveld, inclusief de teamleiders.

  • 3.

    Het nemen van besluiten tot het aangaan van overeenkomsten met betrekking tot het inhuren van tijdelijk personeel.

  • 4.

    Het nemen van besluiten en het aangaan van overeenkomsten waar geldbedragen mee zijn gemoeid tussen € 100.000,- en € 1.000.000,- en passen binnen de budgethoudersregeling, niet zijnde subsidiebesluiten.

  • 5.

    Het nemen van besluiten tot het aangaan en wijzigen van verzekeringsovereenkomsten voor de gemeente is voorbehouden aan de concernmanager bedrijfsvoering.

  • 6.

    Het verlengen van een dienstverleningsovereenkomst.

  • 7.

    Het beslissen tot het in gebruik geven van gronden en objecten (zowel tijdelijk als voor onbepaalde tijd) in de vorm van huur of bruikleen.

  • 8.

    Besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot aankoop of verkoop van onroerende zaken met een aan- of verkoopwaarde tot een bedrag van € 50.000,00, met uitzondering van de verkoop van bouwkavels in overeenstemming met de vastgestelde kostprijsberekening.

  • 9.

    Besluiten tot het vestigen, wijzigen of beëindigen van zakelijke rechten met een financiële waarde van de opstal tot een bedrag van € 50.000,00 en/of een canon retributie tot een bedrag van € 10.000,00 per jaar.

  • 10.

    Het besluiten op een ingediende klacht op grond van hoofdstuk 9 Awb (klachtbehandeling).

  • 11.

    Vaststellen gegevensbeschermingseffectbeoordeling.

  • 12.

    Beslissing melden datalek bij Autoriteit Persoonsgegevens en betrokkene(n).

  • 13.

    Het beslissen op een bezwaarschrift wanneer het besluit in overeenstemming is met het advies van de commissie bezwaarschriften, tenzij het besluit waartegen het bezwaar zich richt ook door de concernmanager is genomen.

  • 14.

    Het aanwijzen van kanalen zoals bedoeld in het Aanwijzingsbesluit elektronisch kanalen publieke dienstverlening is voorbehouden aan de concernmanager bedrijfsvoering.

  • 15.

    Het voldoen aan de re-integratieplicht van de werkgever als bedoeld in het Burgerlijk Wetboek en de Wet verbetering Poortwachter, voor zover het betreft de teamleider.

  • 16.

    Opdracht geven tot geneeskundig onderzoek van de teamleider op grond van de Cao gemeenten.

  • 17.

    Het intrekken van een eenmaal verleende vakantie om zwaarwegende en gegronde redenen van de teamleiders en medewerkers.

  • 18.

    Het toekennen van nadeelcompensatie op grond van de Algemene wet bestuursrecht.

Bijlage 5 Bevoegdheden voorbehouden aan teamleider

  • 1.

    Het nemen van besluiten tot het aangaan en opzeggen van verwerkersovereenkomsten.

  • 2.

    Het nemen van besluiten tot het aanwijzen van toezichthouders en afgifte van legitimatiebewijzen toezichthouders.

  • 3.

    Het nemen van besluiten en het aangaan van overeenkomsten waar geldbedragen mee zijn gemoeid tot € 100.000,- en die passen binnen de vastgestelde budgetten.

  • 4.

    Het besluit tot opleggen van een last onder dwangsom of een last onder bestuursdwang, met uitzondering van het onmiddellijk stilleggen van werkzaamheden of activiteiten door een daartoe bevoegde medewerker.

  • 5.

    Het besluiten op een verzoek om de begunstigingstermijn te verlengen.

  • 6.

    Het besluiten op een verzoek van de overtreder om de last op te heffen, de looptijd ervan op te schorten voor een bepaalde termijn of de dwangsom te verminderen ingeval van blijvende of tijdelijke gehele of gedeeltelijk onmogelijkheid voor de overtreder om aan zijn verplichtingen te voldoen.

  • 7.

    Het verkopen van een meegevoerde en opgeslagen zaak, indien de zaak niet binnen 13 weken nadat het is meegevoerd kan worden teruggeven. Of eerder dan 13 weken als de kosten onevenredig hoog zijn geworden. Indien de verkoop niet mogelijk is, kan de zaak om niet aan een derde in eigendom overgedragen worden of worden vernietigd.

  • 8.

    Het oninbaar verklaren van vorderingen tussen de € 5.000,00 en € 25.000,00.

  • 9.

    Het voldoen aan de re-integratieplicht van de werkgever als bedoeld in het Burgerlijk Wetboek en de Wet verbetering Poortwachter, voor zover het betreft de medewerker.

  • 10.

    Het toekennen of afwijzen van een verzoek tot het overhevelen van vakantiedagen of plus-uren naar het volgend kalenderjaar.

  • 11.

    Opdracht geven tot geneeskundig onderzoek van werknemer op grond van de Cao gemeenten.

  • 12.

    Besluiten tot het aangaan van een overeenkomst tot landschappelijke inpassing en verevening.

  • 13.

    Besluiten tot het aangaan van een verhaalsovereenkomst nadeelcompensatie (schadevergoedingsovereenkomst).

  • 14.

    Besluiten op een ingebrekestelling op grond van de Algemene wet bestuursrecht.