LEGESVERORDENING 2026

Geldend van 20-12-2025 t/m heden

Intitulé

LEGESVERORDENING 2026

Vastgesteld bij raadsbesluit van 11 december 2025, zaak kenmerk Z.124675

De raad van de gemeente West Maas en Waal;

Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 4 november 2025, zaak kenmerk Z.124675;

Gelet op de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h, en 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet, de artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet en artikel 13.1a van de Omgevingswet;

Besluit vast te stellen de volgende verordening:

Verordening op de heffing en invordering van LEGES 2026

Artikel 1 Definities

Deze verordening verstaat onder:

- dag: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;

- jaar: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n-1)e dag in het volgende kalenderjaar;

- kalenderjaar: de periode van 1 januari tot en met 31 december;

- maand: het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand tot en met de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand, met dien verstande dat als de ne dag in een kalendermaand 30 of 31 januari is, de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand altijd de laatste dag van de maand februari is;

- week: een aaneengesloten periode van zeven dagen.

Artikel 2 Belastbaar feit

Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor:

a. het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een dienst of het nemen van een besluit;

b. het verlenen van een dienst op aanvraag; of

c. het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een document; een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

Artikel 3 Belastingplicht

Belastingplichtig is de aanvrager of degene voor wie de aanvraag is gedaan.

Artikel 4 Vrijstellingen

Leges worden niet geheven voor:

a. diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 13.6 van de Omgevingswet zijn of worden verhaald;

b. diensten die ingevolge een wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend.

Artikel 5 Maatstaven van heffing en tarieven

1. De leges worden geheven naar de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

2. Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 6 Wijze van heffing

De leges worden geheven door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur, of een kennisgeving langs elektronische weg. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving of langs de elektronische weg aan de belastingschuldige bekendgemaakt.

Artikel 7 Termijnen van betaling

1. In afwijking artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving bedoeld in artikel 6:

a. mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;

b. schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen 10 dagen na de dagtekening van de kennisgeving.

c. langs elektronische weg in het aanvraagproces wordt gedaan onverwijld, dan wel als die mogelijkheid wordt geboden binnen 10 dagen na het indienen van de aanvraag langs de elektronische weg

d. langs elektronische weg na indiening van de aanvraag wordt gedaan, binnen 10 dagen na dagtekening van kennisgeving.

2. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.

Artikel 8 Kwijtschelding

Bij de invordering van leges wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 9 Vermindering of teruggaaf

Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in die tarieventabel opgenomen bepaling.

Artikel 10 Overdracht van bevoegdheden

Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, indien de wijzigingen:

  • a.

    van zuiver redactionele aard zijn;

  • b.

    een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die inwerking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en het hoofdstukken of onderdelen van titel 1 van de tarieventabel betreft.

Een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden.

Artikel 11 Overgangsrecht

  • 1.

    De " Legesverordening 2025" van 12 december 2024, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 12, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in artikel 12, tweede lid, opgenomen datum van ingang van de heffing, blijft de in het eerste lid genoemde verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover de heffing van de leges hiervoor in die periode plaatsvindt.

Artikel 12 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 2.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.

Artikel 13 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als "Legesverordening 2026".

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering op 11 december 2025.

De raad van West Maas en Waal,

C. (Elles) Jansen-Bouwman

griffier

V.M. (Vincent) van Neerbos

voorzitter

Ondertekening

Tarieventabel 2026, behorende bij de Legesverordening 2026

Met ingang van 1 januari 2026

Hoofdstuk 1 – Algemene dienstverlening

Paragraaf 1.1 Burgerlijke stand

 

 

1.1.1

Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap in het gemeentehuis of op een aangewezen locatie van de gemeente West Maas en Waal op:

 

1.1.1.2

maandag t/m vrijdag tussen 09.00 uur en 16.30 uur

€ 422,00

1.1.1.3

maandag t/m vrijdag tussen 16.30 uur en 21.00 uur en zaterdag

€ 617,00

1.1.1.4

woensdag tussen 09.00uur en 09.45 uur

          Gratis

1.1.2

Indien de voltrekking van een huwelijk of de registratie van een partnerschap plaatsvindt op een eigen locatie bedraagt het tarief:

 

1.1.2.1

maandag tot en met vrijdag tussen 09.00 uur en 16.30 uur

€ 478,00

1.1.2.2

maandag t/m vrijdag tussen 16.30 uur en 21.00 uur en zaterdag

€ 685,00

1.1.2.3

omzetting geregistreerd partnerschap in een huwelijk, zonder ceremonie

€ 62,00

1.1.3

Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap in een bijzonder huis op grond van artikel 64, Boek 1, van het Burgerlijk Wetboek

€ 629,00

1.1.4

Indien voor de voltrekking van een huwelijk of de registratie van een partnerschap benoeming plaatsvindt van een ambtenaar van de burgerlijke stand naar eigen keuze tot buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand voor één dag worden de in artikel 1.1.1. genoemde bedragen opgehoogd met

€ 101,00

1.1.4a

Indien voor de voltrekking van een huwelijk of de registratie van een partnerschap benoeming en beëdiging plaatsvindt van een persoon naar eigen keuze tot buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand voor één dag worden de in artikel 1.1.1. genoemde bedragen verhoogd met

€ 210,00

1.1.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.1.5.1

een trouwboekje of partnerschapsboekje (kunstleren uitvoering)

€ 33,45

1.1.5.2

een trouwboekje of partnerschapsboekje bedoeld onder 1.1.5.1 met kalligrafisch schrift

€ 50,00

1.1.5.3

een trouwboekje of partnerschapsboekje (leren-uitvoering)

€ 43,50

1.1.5.4

een trouwboekje of partnerschapsboekje bedoeld onder 1.1.5.5 met kalligrafisch schrift

€ 59,50

1.1.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot:

 

1.1.6.1

het inschrijven van een kind in een trouwboekje met kalligrafisch schrift

€ 11,25

1.1.6.2

het van gemeentewege beschikbaar stellen van getuigen, per getuige

€ 47,00

1.1.7

Het tarief bedraagt voor het op aanvraag doen van naspeuringen in de registers van de Burgerlijke Stand, voor ieder daaraan besteed kwartier:

€ 26,50

1.1.8

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand.

 

1.1.9

Het tarief bedraagt het maximum tarief zoals opgenomen in de Regeling rechten naamkeuze overgangsregeling Wet introductie gecombineerde geslachtsnaam (WIGG) voor het in behandeling nemen van een aanvraag naamkeuze o.g.v. de overgangsregeling nieuw Naamrecht.

 

Paragraaf 1.2 Reisdocumenten

 

 

1.2

Het tarief bedraagt het maximum tarief zoals dat voor dit document is opgenomen in artikel 6, tweede lid, van het Besluit paspoortgelden afgerond op een veelvoud van € 0,05 naar beneden voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag:

 

1.2.1

Van een nationaal paspoort:

 

1.2.1.a

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

 

1.2.1.b

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

 

1.2.2

Van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in onderdeel a (zakenpaspoort):

 

1.2.2.a

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

 

1.2.2.b

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

 

1.2.3

Van een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort):

 

1.2.3.a

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

 

1.2.3.b

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

 

1.2.3.c

een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen

 

1.2.4

Van een Nederlandse Identiteitskaart

 

1.2.4.a

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

 

1.2.4.b

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

 

1.2.5

Voor een spoedlevering van een in de artikelen 1.2.1, 1.2.2, 1.2.3 en 1.2.4 genoemde document

 

Paragraaf 1.3 Rijbewijzen

 

 

1.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs: van de Regeling tarieven Dienst Wegverkeer genoemde bedrag, vermeerderd met het in het artikel 104b van het Reglement rijbewijzen genoemde bedrag, waarbij de som van deze bedragen naar ben

eden zal worden afgerond op een veelvoud van € 0,05

 

1.3.1.1

Het tarief genoemd in onderdeel 1.3.1 wordt bij een spoedaanvraag vermeerderd met het bedrag genoemd in de Regeling tarieven Dienst Wegverkeer en verminderd met het bedrag genoemd in bovenstaande regeling.

Paragraaf 1.4 Verstrekkingen uit de Basisregistratie Personen (BRP)

 

 

1.4.1

Voor de toepassing van dit hoofdstuk, wordt onder één verstrekking verstaan één of meer gegevens omtrent één persoon waarvoor de BRP moet worden geraadpleegd.

 

1.4.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.4.3

tot het verstrekken van gegevens, per verstrekking

€ 6,15

1.4.4

het tarief bedraagt voor het op aanvraag doornemen van de BRP, voor ieder daaraan besteed kwartier:

€ 26,50

Paragraaf 1.5 Verstrekkingen uit het Kiezersregister

 

 

Paragraaf 1.6 Verstrekkingen op grond van Wet bescherming persoonsgegevens

 

 

Paragraaf 1.7 Bestuursstukken

 

 

Paragraaf 1.8 Vastgoedinformatie

 

 

1.8.1

Het tarief bedraagt voor het raadplegen dan wel verstrekken van de bij de gemeente berustende kadastrale stukken:

 

1.8.1.1

indien daarbij de bijstand van een ambtenaar van de gemeente is verkregen, per kwartier

€ 26,50

1.8.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vertrekken van afdrukken en afschriften van of uittreksels uit de kadastrale stukken:

1.8.2.1

indien deze worden gemaakt door de gemeenteambtenaar en de kadastrale leggers betreffen per perceel

€ 7,80

1.8.2.2

indien analoge afdrukken worden geleverd, per perceel:

 

- op A4-formaat

€ 7,80

 

- op A3-formaat

€ 8,40

1.8.2.3

-

1.8.3

Het tarief bedraagt voor het raadplegen dan wel verstrekken van de bij de gemeente berustende stukken betreffende vastgoedinformatie:

1.8.3.1

voor het verstrekken van informatie betreffende wkpb:

 

- uittreksel beperkingenregister

€ 13,00

 

- uittreksel beperkingenregistratie

€ 13,00

 

- uittreksel verklaringen afwezigheid beperking

€ 13,00

1.8.3.2

indien daarbij de bijstand van een ambtenaar van de gemeente is verkregen, per kwartier

€ 26,50

1.8.4

-

1.8.4.1

-

1.8.4.2

-

1.8.4.3

-

1.8.4.4

Het tarief bedraagt voor het van het in behandeling nemen van een aanvraag:

1.8.4.5

voor het leveren van een analoge luchtfoto (kleurenplot):

 

- op A4-formaat

€ 9,80

 

- op A3-formaat

€ 20,50

 

- op A2-formaat

€ 40,50

 

- op A1-formaat

€ 81,00

 

- op A0-formaat

€ 159,50

1.8.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.8.5.1

-

 

1.8.5.2

voor de afgifte van een kleurenplot, gecombineerd met BGT en/of kadastrale

 

 

kaart met luchtfoto's:

 

 

- op A4-formaat

€ 37,00

 

- op A3-formaat

€ 66,50

 

- op A2-formaat

€ 100,50

 

- op A1-formaat

€ 143,00

 

- op A0-formaat

€ 216,50

Paragraaf 1.9 Overige publiekszaken

 

 

1.9

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.9.1

Ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een verklaring omtrent het gedrag geldt het tarief zoals dat in artikel 39 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens voor dit document is vastgesteld.

 

1.9.2

Voor het legaliseren van een handtekening of foto

€ 13,00

1.9.3

Voor het ter legalisatie opsturen van stukken naar een andere gemeente in Nederland, in het persoonlijk belang van de aanvrager

€ 13,00

1.9.4

Voor het afgeven van een bewijs van inschrijving in de basisregistratie personen

€ 13,00

1.9.5

Voor het afgeven van een attestatie de vita

€ 17,80

1.9.5.1

voor het afgeven van een attestatie de vita, meertalig

€ 17,80

1.9.6

Voor het afgeven van een bewijs van Nederlanderschap

€ 13,00

1.9.7

Voor het afgeven van elke andere verklaring of bewijs ten behoeve van het bijzonder belang van de aanvrager, voor zover in deze tabel niet met name genoemd

€ 13,00

Paragraaf 1.10 Gemeentearchief

 

 

1.10.1

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doen van naspeuringen, ongeacht het resultaat, in de in het gemeentearchief berustende stukken door een ambtenaar van het gemeentearchief per kwartier

€ 26,50

1.10.2

Onverminderd het in 1.10.1 bepaalde, bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van:

 

1.10.2.1

een afschrift of fotokopie van een in het gemeentearchief berustend stuk, per pagina

€ 2,60

Paragraaf 1.11 Huisvestingswet

 

Paragraaf 1.12 Leegstandwet

 

 

1.12

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.12.1

tot het verkrijgen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid van de Leegstandwet

€ 164,00

1.12.2

indien aanvragen in het kader van de leegstandswet gelijktijdig worden ingediend en woonruimten in hetzelfde gebouw betreffen worden de bedoelde leges slechts eenmaal geheven.

 

Paragraaf 1.13 Gemeentegarantie

 

 

1.13

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.13.1

tot het verkrijgen van een gemeentegarantie

€ 164,00

1.13.2

tot het instemmen met het wijzigen of omzetten van een door de gemeente gegarandeerde hypothecaire geldlening

€ 54,50

Paragraaf 1.14 Marktstandplaatsen

 

 

Paragraaf 1.15 Winkeltijdenwet

 

 

1.15

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.15.1

voor een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet

€ 15,60

1.15.2

tot het verlenen van toestemming om een in onderdeel 1.15.1 bedoelde ontheffing over te dragen aan een ander

€ 15,60

1.15.3

tot het intrekken of wijzigen van een in onderdeel 1.15.1 bedoelde ontheffing

€ 15,60

Paragraaf 1.16 Kansspelen

 

 

1.16.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een aanwezigheidsvergunning ingevolge artikel 30b van de Wet op de Kansspelen:

 

1.16.1.1

voor een periode van twaalf maanden voor één speelautomaat

€ 57,60

1.16.1.2

voor een periode van twaalf maanden voor twee speelautomaten

€ 92,30

1.16.2

Het verlenen van een vergunning tot het organiseren van een kansspel als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de Kansspelen

€ 40,80

Paragraaf 1.17 Kinderopvang

 

 

 

Verplaatst naar hoofdstuk 3

 

Paragraaf 1.18 Telecommunicatie

 

 

1.18.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding/aanvraag in verband met het verkrijgen van instemming of vergunning omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid, van de Telecommunicatiewet en artikel 5, eerste lid van de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur (AVOI)

€ 520,00

1.18.2

Het tarief conform artikel 1.18.1 wordt, bij aaneengesloten graafwerkzaamheden over een lengte van 25 meter of meer, verhoogd voor het uitvoeren van coördinatie en toezicht met € 1,30 per strekkende meter sleuf.

 

Paragraaf 1.19 Verkeer en vervoer

 

 

1.19.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

 

- Ontheffing verkeerstekens (art. 87 RVV1990): t/m 5 verkeersregels, per aanvraag

€ 192,50

 

- Ontheffing verkeerstekens (art. 87 RVV1990): vanaf 6 verkeersregels, per aanvraag

€ 295,50

 

- Ontheffing vervoer personen in aanhangwagen (art. 61b RVV1990):

€ 192,50

1.19.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

 

- onttrekking openbaarheid en toevoegen openbaarheid (art. 4 en 7 Wegenwet)

€ 710,50

1.19.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

 

- ontheffing wedstrijd op de weg (artikel 10 Wegenverkeerswet)

€ 192,50

 

- afgeven verklaring van geen bezwaar wedstrijd op de weg (art. 10 WVW)

€ 192,50

1.19.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

 

- ontheffing APV: parkeren grote voertuigen (art. 5:8 APV)

€ 192,50

 

- ontheffing APV: aantasting groenvoorziening door voertuigen (art. 5:11 APV)

€ 192,50

1.19.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

 

- ontheffing vervoer gevaarlijke stoffen (o.a. vuurwerk) (art. 29 wet verv. gev. Stoffen)

€ 192,50

1.19.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

 

- verkeersbesluit voor tijdelijke verkeersmaatregelen langer dan 4 maanden

€ 295,50

 

(art. 15 WVW)

 

1.19.7

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

 

- ontheffing als bedoeld in artikel 9.1 van de Regeling voertuigen

€ 192,50

1.19.8

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.19.8.1

- aanvraag gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats (incl. borden en montage)

€ 536,00

1.19.8.2

- verplaatsen borden gehandicaptenparkeerplaats in verband met verhuizing

€ 225,50

1.19.8.3

- vervangen onderbord gereserveerde gehandicapten parkeerplaats

€ 160,00

1.19.8.4

- Indien de aanvraag zoals bedoeld in artikel 1.19.8.1 niet leidt tot een onherroepelijk positief besluit of indien voor het feitelijk begin van de aanleg van een gehandicaptenparkeerplaats de aanvraag zoals bedoeld in artikel 1.19.8.1 wordt ingetrokken, bestaat aanspraak op teruggaaf van de betaalde leges voor een bedrag van

€ 446,50

1.19.9

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

 

- op verzoek uitvoeren van verkeerstelling gedurende maximaal 1 week, per telling

€ 1.082,00

 

- verstrekken resultaten verkeerstelling jonger dan 1 jaar

€ 751,00

 

- verstrekken resultaten verkeerstelling tussen 1 en 2 jaar oud

€ 640,00

 

- verstrekken resultaten verkeerstelling tussen 2 en 3 jaar oud

€ 530,50

 

- verstrekken resultaten verkeerstelling tussen 3 en 4 jaar oud

€ 475,50

 

- verstrekken resultaten verkeerstelling ouder dan 4 jaar

€ 420,50

 

- verstrekken verkeersgegevens uit het vigerende verkeersmodel, per 5 wegen

€ 310,00

1.19.10

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: Tot het verkrijgen van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW)

€ 106,00

Paragraaf 1.20 Diversen

 

 

1.20.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.20.1.1

gewaarmerkte afschriften van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina

€ 10,60

1.20.1.2

afschriften, doorslagen of fotokopieën van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, voor de eerste pagina vermeerderd met een bedrag per pagina

€ 10,60

 

voor elke volgende pagina

€ 2,15

1.20.1.3

kaarten en tekeningen, dan wel kopieën daarvan, per kaart, tekening of kopie

 

 

tot 1.000 cm²

€ 52,00

 

van 1.000 - 2.000 cm²

€ 65,25

 

van 2.000 - 5.000 cm²

€ 84,90

 

van 5.000 - 10.000 cm²

€ 125,30

1.20.1.4

een beschikking op een aanvraag, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen

€ 223,90

1.20.1.5

stukken of uittreksels, welke op aanvraag moeten worden opgemaakt, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina

€ 11,70

1.20.2.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor ontheffing ingevolge artikel 4:6 van de APV (geluidhinder)

€ 106,00

1.20.2.2

een vergunning tot het na het algemeen sluitingsuur voor publiek geopend houden van cafés en dergelijke inrichtingen.

€ 106,00

1.20.3.1

voor een vergunning om in de gemeente een standplaats in te nemen of een

 

 

ventvergunning met een kraam, ijscokar, stalletje en dergelijke inrichtingen:

 

 

- geldig voor maximaal één maand

€ 61,20

 

- langer dan één maand, doch niet langer dan 6 maanden

€ 141,80

 

- langer dan zes maanden, doch niet langer dan 12 maanden

€ 323,35

1.20.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het afgeven van een vergunning tot het kappen van hakhout

 

 

- t/m 25 m², per 5 m²

€ 4,25

 

- voor meer dan 25 m², voor elke 5 m² boven de 25 m²

€ 2,10

1.20.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.20.5.1

tot het verkrijgen van een vergunning voor het inzamelen van derden afkomstige, huishoudelijke afvalstoffen, grof huisvuil en/of andere categorieën van afvalstoffen

€ 26,50

1.20.5.2

tot het verlenen van een ontheffing ten behoeve van het in de bodem brengen of houden van stoffen

€ 53,00

1.20.5.3

tot het opgeslagen hebben van afvalstoffen zichtbaar vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats

€ 53,00

1.20.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning of ontheffing als bedoeld in de APV voor zover niet afzonderlijk en met name in deze rubriek genoemd.

€ 106,00

1.20.7

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 2.28 van de APV

€ 208,00

 

 

 

Hoofdstuk 2 Dienstverlening en besluiten in het kader van de Omgevingswet

 

 

 

 

Paragraaf 2.1

Algemene bepalingen

 

Artikel 2.1

Definities

 

1.

Begripsbepalingen die zijn opgenomen in de bijlage bij de Omgevingswet, in bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling en in de bijlagen bij het gemeentelijke omgevingsplan, zijn van toepassing op dit hoofdstuk, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald.

 

2.

In dit hoofdstuk voorkomende begrippen die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander dan een in het eerste lid bedoeld wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald.

 

3.

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

Verken uw idee Initiatiefnemers kunnen via het omgevingsloket hun 'idee' voorleggen om te kijken of het past binnen de ruimtelijke omgeving en of het idee wenselijk is. Het proces helpt bij het verkennen van de mogelijkheden en beperkingen van het idee.

Concept verzoek (Omgevingsoverleg), bij een concept verzoek wordt vooraf aan een vergunningsaanvraag gekeken of en plan haalbaar is. Gekeken wordt of het plan past binnen het omgevingsplan en het plan wordt aan de welstandscommissie voorgelegd. Het is mogelijk dat er nog kosten bij komen als het plan behandeld moet worden in de intaketafel. (Concept verzoek plus). Ook worden er kosten gerekend voor het voorleggen aan de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (welstand).

Intaketafel: beoordelen van verzoeken op wenselijkheid (niet de haalbaarheid) en de te doorlopen procedure. De belangrijkste vraag hierbij is of het verzoek past binnen de Omgevingsvisie.  

Omgevingstafel: Beoordelen van verzoeken op de haalbaarheid, beoordeling op het doorlopen participatieproces en het maken van afspraken over het vervolgproces.   

 

 

Binnenplanse omgevingsplanactiviteit: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die niet in strijd is met het omgevingsplan;

 

 

Buitenplanse omgevingsplan activiteit: een activiteit waarvoor het omgevingsplan bepaalt dat een vergunning nodig is, maar het volgens de beoordelingsregels niet mogelijk is de vergunning te verlenen of een andere activiteit die in strijd is met het omgevingsplan;

 

 

Bouwkosten In afwijking van bijlage I bij de Omgevingsregeling wordt onder bouwkosten verstaan de normbouwkosten voor de bouwactiviteit. Bij het bepalen van de hoogte van de bouwkosten wordt uitgegaan van normbouwkosten, zoals die staan vermeld in het overzicht (ROEB-lijst 2026, bijlage A) dat bij deze tarieventabel als bijlage is opgenomen. Indien de bouwkosten niet kunnen worden bepaald aan de hand van het hiervoor genoemde overzicht, worden de bouwkosten vastgesteld op basis van het bedrag waarvoor de aannemer zich heeft verbonden het werk tot stand te brengen (de aannemingssom conform de Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 zoals bekendgemaakt in de Staatscourant 2012, 1567), de omzetbelasting daarin niet begrepen, of voor zover deze ontbreekt een raming van de kosten die voortvloeien uit aangegane verplichtingen voor de fysieke realisatie (het bouwen) van de bouwwerken, de omzetbelasting daarin niet begrepen, en indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt, de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft, de omzetbelasting daarin niet begrepen.

Bijzondere bepaling voor Bouwkosten zonnepanelen en zonnevelden: bij een aanvraag voor het plaatsen van zonnepanelen en bijbehorende omvormers, bedrading en trafo´s voor zonneparken wordt voor de bepaling van de bouwkosten uitsluitend uitgegaan van de bouwkosten van de onderconstructie.

 

 Artikel2.2

Dienstverlening en besluiten waarvoor leges worden geheven

Leges worden geheven voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:

 

a.

Verken uw idee, concept verzoek, de intaketafel en een omgevingstafel.

b.

een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1 of artikel 22.8 van de Omgevingswet in samenhang met artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit;

c.

een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in artikel 4.5 van de Omgevingswet;

d.

toestemming voor het treffen van een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet;

e.

een wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning;

f.

intrekking van een omgevingsvergunning;

g.

wijziging van een besluit als bedoeld in de onderdelen b, c en d;

h.

een besluit in het kader van de Omgevingswet, anders dan bedoeld in de onderdelen b tot en met g.

Artikel 2.3

Bepalen tarief

 

1.

De in artikel 2.2 bedoelde leges worden geheven naar de tarieven zoals opgenomen in de volgende paragrafen van dit hoofdstuk.

2.

Als een aanvraag betrekking heeft op meerdere activiteiten, is het tarief opgebouwd uit de som van de verschuldigde leges behorend bij die activiteiten.

3.

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag wordt in voorkomend geval verhoogd met een of meer modaliteiten bedoeld in paragraaf 2.12.

4.

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag wordt in voorkomend geval verminderd overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 2.13.

5.

Het tarief behorend bij een aanvraag om een maatwerkvoorschrift of bij een aanvraag om toestemming om een gelijkwaardige maatregel te treffen is niet van toepassing als het onderwerp waarop het maatwerkvoorschrift betrekking heeft of de gelijkwaardige maatregel onderdeel is van een aanvraag om een omgevingsvergunning.

6.

In afwijking van het tweede en derde lid kan ook per activiteit of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.

7.

De tarieven in dit hoofdstuk worden niet in rekening gebracht als op andere wijze kostenverhaal is overeengekomen.

Paragraaf 2.2

Voorfase

 

Artikel 2.4

Als de aanvraag betrekking heeft op het houden over een of meer activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving, bedraagt het tarief:

 

a.

Verken uw idee

gereserveerd

b.

Concept verzoek

€ 304,55

c.

Concept verzoek plus

gereserveerd

d.

Intaketafel

€ 512,50

e.

Omgevingstafel

€ 4.676,75

Paragraaf 2.3

Activiteiten met betrekking tot bouwwerken

 

Artikel 2.5

Bouwactiviteit (bouwtechnische deel)

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in paragraaf 2.3.2 van het Besluit bouwwerken leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

 

a.

Indien de bouwkosten minder bedragen dan € 25.000,-

1,04%

 

van de bouwkosten met een minimum van:

€ 116,56

b.

Indien de bouwkosten € 25.000,- tot € 50.000,- bedragen

0,65%

 

van de bouwkosten met een minimum van:

€ 273,42 

c.

Indien de bouwkosten € 50.000 tot € 200.000,- bedragen

0,58%

 

van de bouwkosten met een minimum van:

€ 443,52

d.

Indien de bouwkosten € 200.000,- tot € 2.500.000,- bedragen

0,50%

 

van de bouwkosten met een minimum van:

€ 1.350,72

e.

Indien de bouwkosten € 2.500.000,- of meer bedragen

0,43%

 

van de bouwkosten met een minimum van:

€ 13.522,32

Artikel 2.6

Omgevingsplanactiviteit: bouwactiviteit, in stand houden of gebruiken bouwwerk (ruimtelijke deel)

 

 1

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een bouwactiviteit, het in stand houden of gebruiken van het bouwwerk, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

 

voor een (binnenplanse) omgevingsplanactiviteit waarbij sprake is van een bouwactiviteit:

 

a.

Indien de bouwkosten minder bedragen dan € 25.000,-

2,44%

 

van de bouwkosten met een minimum van:

€ 259,99

b.

Indien de bouwkosten € 25.000,- tot € 50.000,- bedragen

1,51%

 

van de bouwkosten met een minimum van:

€ 637,56

c.

Indien de bouwkosten € 50.000 tot € 200.000,- bedragen

1,34%

 

van de bouwkosten met een minimum van:

€ 1.034,46

d.

Indien de bouwkosten € 200.000,- tot € 2.500.000,- bedragen

1,18%

 

van de bouwkosten met een minimum van:

€ 3.151,26

e.

Indien de bouwkosten € 2.500.000,- of meer bedragen

1,01%

 

van de bouwkosten met een minimum van:

€ 31.551,66

2.

De tarieven genoemd onder lid 1 worden in voorkomende gevallen verhoogd als volgt:

a.

als de bouwactiviteit plaatsvindt op een bodemgevoelige locatie en de toelaatbare kwaliteit van de bodem moet worden beoordeeld, verhoogd met:

€ 456,25

b.

als sprake is van toepassing van de wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht, zoals bedoeld in artikel 22.1, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, verhoogd met:

€ 456,25

3.

voor een omgevingsplanactiviteit waarbij geen sprake is van een bouwactiviteit:

€ 456,25

4.

Onverminderd de overige onderdelen van dit artikel wordt indien sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit het tarief verhoogd met:

a.

indien de aanvraag valt onder de categorie ‘klein initiatief', zoals bedoeld in de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening":

€ 456,25

b.

indien de aanvraag valt onder de categorie 'middelgroot initiatief', zoals bedoeld in de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening":

€ 3.150,00

c.

indien de aanvraag valt onder de categorie 'groot initiatief', zoals bedoeld in de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening":

€ 14.599,87

d.

voor overige activiteiten die niet overeenkomen met de gevallen zoals genoemd onder a, b of c:

€ 18.900,00

Artikel 2.7

Omgevingsplanactiviteit: slopen van een bouwwerk

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een sloopactiviteit, niet zijnde een sloopactiviteit met betrekking tot een monument of beschermd stads- en dorpsgezicht, als bedoeld in paragraaf 2.4, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

€ 456,25

Paragraaf 2.4

Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed

 

Artikel 2.8

Monumenten

 

Omgevingsplanactiviteit: monumenten

1.

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, met betrekking tot een gemeentelijk monument, provinciaal monument, rijksmonument, voorbeschermd gemeentelijk monument, voorbeschermd provinciaal monument of voorbeschermd rijksmonument, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

a.

Voor een binnenplanse danwel buitenplanse omgevingsplanactiviteit:

1˚ voor het slopen, verstoren, verplaatsen of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument:

€ 456,25

b.

2˚ voor het herstellen of gebruiken van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:

€ 912,50

2.

Als de in het eerste lid bedoelde aanvraag een archeologisch monument betreft, worden de in het eerste lid genoemde tarieven verhoogd met:

€ 300,00

Artikel 2.9

Rijksmonumentenactiviteit

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een rijksmonumentenactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, met uitzondering van een rijksmonumentenactiviteit met betrekking tot een archeologisch monument, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

a.

voor het slopen, verstoren, verplaatsen of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument:

€ 456,25

b.

voor het herstellen of gebruiken van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:

€ 912,50

Artikel 2.10

Omgevingsplanactiviteit: sloopactiviteit in beschermd stads- of dorpsgezicht

 

1.

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een sloopactiviteit in een rijksbeschermd, provinciaal beschermd of gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

a.

voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit of bij toepassing van artikel 20 van de Erfgoedverordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit:

€ 456,25

b.

voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht:

€ 912,50

c.

voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:

€ 912,50

2.

Het eerste lid, aanhef en onder a, is van overeenkomstige toepassing op een sloopactiviteit die wordt verricht op een locatie waarvoor een op grond van artikel 4.35, eerste lid, van de Invoeringswet Omgevingswet als instructie geldende aanwijzing als beschermd stads- of dorpsgezicht als bedoeld in artikel 35, eerste lid, van de Monumentenwet 1988 zoals die wet luidde voor de inwerkingtreding van de Erfgoedwet van kracht is, zolang in het omgevingsplan aan die locatie nog niet de functie-aanduiding rijksbeschermd stads- of dorpsgezicht is gegeven.

Artikel 2.11

Omgevingsplanactiviteit: overig cultureel erfgoed en werelderfgoed

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een andere activiteit dan die genoemd in de artikelen 2.8, 2.9 en 2.10 en cultureel erfgoed of werelderfgoed betreft, waarvoor in het omgevingsplan met het oog op het behoud van cultureel erfgoed of van de uitzonderlijke universele waarde van werelderfgoed een verbod is opgenomen om zonder omgevingsvergunning deze activiteit te verrichten, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

€ 456,25

Paragraaf 2.5

Milieubelastende activiteiten

 

Artikel 2.12

Omgevingsplanactiviteit: milieubelastende activiteit

 

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een milieubelastende activiteit als bedoeld in  paragraaf 22.3.26 van het tijdelijke deel van het omgevingsplan zoals opgenomen in artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:  

 

a.

voor de activiteit verwerken polyesterhars:

€ 5.887,98

b.

voor de activiteit installeren gesloten bodemenergiesysteem:

€ 5.887,98

c.

voor de activiteit kweken maden van vliegende insecten:

€ 3.788,82

d.

voor de activiteit opslaan propaan of propeen:

€ 5.887,98

e.

voor de activiteit tanken met LPG:

€ 5.887,98

f.

voor de activiteit antihagelkanonnen:

€ 3.788,82

g.

voor de activiteit biologische agens:

€ 5.887,98

h.

voor de activiteit genetisch gemodificeerde organismen:

€ 5.887,98

i.

voor de activiteit opslaan dierlijke meststoffen:

€ 3.788,82

j.

voor de activiteit lozen in de bodem (vangnetvergunning):

€ 3.788,82

k.

voor de activiteit lozen in schoonwaterriool (vangnetvergunning):

€ 5.887,98

l.

voor een andere activiteit dan genoemd in de onderdelen a tot en met k:

€ 3.788,82

Artikel 2.13

Activiteiten die bedrijfstakken overstijgen (afdeling 3.2 Besluit activiteiten leefomgeving)

 

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten die bedrijfstakken overstijgen als bedoeld in de paragrafen 3.2.1, 3.2.3 tot en met 3.2.15, 3.2.17 tot en met 3.2.19 en 3.2.24 van afdeling 3.2 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: 

 

a.

voor één milieubelastende activiteit:

€ 5.887,98

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

€ 4.121,59

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

€ 3.532,79

Artikel 2.14

Nutssector en industrie (afdeling 3.4 Besluit activiteiten leefomgeving)

 

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de categorie nutssector en industrie als bedoeld in de paragrafen 3.4.2, 3.4.4 tot en met 3.4.9 en 3.4.11 van afdeling 3.4 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

 

a.

voor één milieubelastende activiteit:

€ 5.887,98

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

€ 4.121,59

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

€ 3.532,79

Artikel 2.15

Afvalbeheer (afdeling 3.5 Besluit activiteiten leefomgeving)

 

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de sector afvalbeheer als bedoeld in de paragrafen 3.5.1, 3.5.4, 3.5.7, 3.5.8 en 3.5.11 van afdeling 3.5 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

 

a.

voor één milieubelastende activiteit:

€ 5.887,98

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

€ 4.121,59

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

€ 3.532,79

Artikel 2.16

Agrarische sector (afdeling 3.6 Besluit activiteiten leefomgeving)

 

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de agrarische sector als bedoeld in de paragrafen 3.6.1, 3.6.7 en 3.6.8 van afdeling 3.6 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

 

a.

voor één milieubelastende activiteit:

€ 3.788,82

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

€ 2.652,18

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

€ 2,273,29

Artikel 2.17

Dienstverlening, onderwijs en zorg (afdeling 3.7 Besluit activiteiten leefomgeving)

 

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een activiteit in de sector dienstverlening, onderwijs en zorg als bedoeld in de paragrafen 3.7.6 en 3.7.10 van afdeling 3.7 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief per milieubelastende activiteit, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

 

a.

voor één milieubelastende activiteit:

€ 5.887,98

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

€ 4.121,59

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

€ 3.532,79

Artikel 2.18

Transport, logistiek en ondersteuning daarvan (afdeling 3.8 Besluit activiteiten leefomgeving)

 

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de sector transport, logistiek en ondersteuning daarvan als bedoeld in de paragrafen 3.8.2, 3.8.3, 3.8.5, 3.8.6, 3.8.8 tot en met 3.8.11 van afdeling 3.8 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

 

a.

voor één milieubelastende activiteit:

€ 5.887,98

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

€ 4.121,59

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

€ 3.532,79

Artikel 2.19

Sport en recreatie (afdeling 3.9 Besluit activiteiten leefomgeving)

 

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een activiteit in de sector sport en recreatie als bedoeld in paragraaf 3.9.1 van afdeling 3.9 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief per milieubelastende activiteit, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

 

a.

voor één milieubelastende activiteit:

€ 5.887,98

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

€ 4.121,59

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

€ 3.532,79

Artikel 2.20

Samenloop van milieubelastende activiteiten

 

1.

Als bij de toepassing van de artikelen 2.13 tot en met 2.19 dezelfde milieubelastende activiteit onder meer dan een artikel valt, wordt die milieubelastende activiteit slechts eenmaal in de heffing betrokken, waarbij het voor de belastingplichtige meest gunstige van toepassing zijnde tarief wordt toegepast.

 

2.

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een kernactiviteit in een bedrijfstak gecombineerd met functioneel ondersteunende activiteiten uit andere bedrijfstakken, dan is, in afwijking van het bepaalde in deze paragraaf, op al deze activiteiten het artikel van toepassing waaronder de bedrijfstak die bepalend is voor de kernactiviteit valt.

 

Paragraaf 2.6

Lozingsactiviteiten

 

Artikel 2.21

Lozingsactiviteit niet afkomstig van milieubelastende activiteit

 

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij de gemeente, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder c, onder 1, van de Omgevingswet, en het gaat niet om het lozen van water of stoffen afkomstig van een milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

€ 504,00

Artikel 2.22

Lozingsactiviteit afkomstig van milieubelastende activiteit

 

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een lozingsactiviteit op een oppervlaktelichaam in beheer bij de gemeente, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder c, onder 1, van de Omgevingswet, bestaande uit het lozen van afvalwater, koelwater of stoffen afkomstig van een milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

€ 504,00

Paragraaf 2.7

Aanlegactiviteiten

 

Artikel 2.23

Gereserveerd (Omgevingsplanactiviteit: opbreken en graven)

 

Artikel 2.24

Gereserveerd (Omgevingsplanactiviteit: overige activiteiten beperkingengebied leidingen, landschapselement en aardkundige waarde)

 

Artikel 2.25

Gereserveerd (Omgevingsplanactiviteit: geluid weg)

 

Artikel 2.26

Omgevingsplanactiviteit: aanleggen of veranderen weg

 

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg, bedoeld in artikel 2:11 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:  

€ 304,55

Artikel 2.27

Omgevingsplanactiviteit: uitweg/uitrit

 

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg, bedoeld in de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

€ 304,55

Artikel 2.28

Omgevingsplanactiviteit: overige aanlegactiviteiten

 

 a.

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of een werkzaamheid (aanlegactiviteit), niet zijnde een activiteit die in de voorgaande artikelen van deze paragraaf is benoemd, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

€ 767,22

b.

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of een werkzaamheid (aanlegactiviteit), niet zijnde een activiteit die in de voorgaande artikelen van deze paragraaf is benoemd, en het een leidingtracé betreft, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

€ 4.500,00

Paragraaf 2.8

Overige activiteiten

 

Artikel 2.29

Gereserveerd (Omgevingsplanactiviteit: alarminstallatie)

 

Artikel 2.30

Omgevingsplanactiviteit: kappen van bomen of vellen van houtopstanden

 

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het vellen van een houtopstand, bedoeld in de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

€ 95,00 

Artikel 2.31

Omgevingsplanactiviteit: reclame

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit handelsreclame met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die zichtbaar is vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats, als bedoeld in artikel 4:21 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, en als niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in paragraaf 2.3, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:  

a.

als de activiteit bestaat uit het op of aan een onroerende zaak maken of voeren van die handelsreclame: 

€ 304,55

b.

als de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat die handelsreclame op of aan die onroerende zaak wordt gemaakt of gevoerd: 

€ 304,55

c.

indien de activiteit bestaat uit het op of aan een onroerende zaak maken of voeren van verlichte handelsreclame:

€ 304,55

Artikel 2.32

Omgevingsplanactiviteit: opslag van roerende zaken of objecten plaatsen op de weg

 

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit de opslag van roerende zaken in een aangewezen gedeelte van de gemeente, bedoeld in artikel 2:10 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:  

 

a.

als de activiteit bestaat uit het opslaan van roerende zaken op of bij de weg:

€ 304,55

b.

als de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat daar roerende zaken worden opgeslagen:

€ 304,55

Artikel 2.33

Gereserveerd (Omgevingsplanactiviteit: standplaatsen)

 

Artikel 2.34

Andere activiteiten

 

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit dan in deze paragraaf en voorgaande paragrafen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit:

 

a.

betreft een bij of krachtens artikel 5.1 van de Omgevingswet aangewezen vergunningplichtige activiteit, uitgezonderd de activiteit bedoeld in onderdeel b, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

€ 1.139,93

b.

betreft een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

€ 1.139,93

Paragraaf 2.9

Maatwerkvoorschriften

 

Artikel 2.35

Maatwerkvoorschriften bij bouwactiviteiten

 

 

Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een bouwactiviteit, bedraagt het tarief:

 

a.

voor een maatwerkvoorschrift dat betrekking heeft op:

 

1.

het in stand houden van een bestaand bouwwerk, bedoeld in artikel 3.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;

 

2.

bouwactiviteiten die het bouwen van nieuwe bouwwerken betreffen als bedoeld in artikel 4.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;

 

3.

het gebruik van een bouwwerk, bedoeld in artikel 6.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving; of

 

4.

het verrichten van bouw- of sloopwerkzaamheden als bedoeld in artikel 7.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;

 

 

per maatwerkvoorschrift:

€ 630,00

Artikel 2.36

Maatwerkvoorschriften bij milieubelastende activiteiten

 

1.

Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving betrekking heeft op:

 

a.

voor één milieubelastende activiteit:

€ 5.887,98

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

€ 4.121,59

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

€ 3.532,54

2.

Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere milieubelastende activiteit dan bedoeld in het eerste lid, bedraagt het tarief per milieubelastende activiteit

€ 5.887,98

Artikel 2.37

Maatwerkvoorschriften bij overige activiteiten

 

 

Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere activiteit dan genoemd in de artikelen 2.35 en 2.36, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift:

€ 630,00

Paragraaf 2.10

Gelijkwaardigheid

 

Artikel 2.38

Gelijkwaardige maatregel

 

1.

Als de aanvraag om toestemming voor een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet betrekking heeft op:

 

a.

een bouwactiviteit, bedraagt het tarief, per uur:

€ 110,00

b.

een activiteit met betrekking tot cultureel erfgoed, bedraagt het tarief, per uur:

€ 110,00

c.

als sprake is van een milieubelastende activiteit in de agrarische sector, per uur

€ 95,00

als sprake is van een milieubelastende activiteit in de niet-agrarische sector, per uur:

€ 110,00

d.

Een andere activiteit dan bedoeld in de onderdelen a, b of c, bedraagt het tarief, per uur:

€ 110,00

2.

Het op grond van het eerste lid verschuldigde bedrag wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

Paragraaf 2.11

Overige tarieven

 

Artikel 2.39

Verlengen tijdelijke omgevingsvergunning bouwactiviteit

 

 

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om verlenging van de in een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit gestelde termijn, bedoeld in artikel 10.23, tweede lid, van het Omgevingsbesluit:

€ 630,00

Artikel 2.40

Wijzigen omgevingsvergunning

 

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot:

1.

het wijzigen van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project:

€ 304,55

2.

het wijzigen van de tenaamstelling van een verleende omgevingsvergunning:

€ 95,00

3.

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om andere wijzigingen van een omgevingsvergunning dan genoemd onder lid 1 of lid 2 is hetzelfde tarief verschuldigd als op grond van dit hoofdstuk verschuldigd is voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit of activiteiten waarop de aanvraag tot wijziging betrekking heeft.

 

Artikel 2.41

Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning

 

 

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning:

€ 630,00

Artikel 2.42

Intrekken omgevingsvergunning

 

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning, tenzij artikel 2.57 van toepassing is:

€ 304,55

Artikel 2.43

Beoordeling aanvullende gegevens

 

Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van aanvullende gegevens die worden ingediend nadat de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, in behandeling is genomen:

€ 304,55

Artikel 2.44

Beoordeling onderzoeksrapporten

 

 

De in artikel 2.49 opgenomen tarieven zijn van overeenkomstige toepassing op het in behandeling nemen van een aanvraag tot het beoordelen van een onderzoeksrapport, zonder dat sprake is van een aanvraag om een omgevingsvergunning.

Artikel 2.45

Wijzigen van het omgevingsplan

 

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van het omgevingsplan:

€ 14.599,87

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van het omgevingsplan voor woningbouw conform offerte.

Artikel 2.46

Niet genoemd besluit op aanvraag (waaronder ingebruiknamebesluit)

 

 

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een ander, in dit hoofdstuk niet benoemd besluit op grond van de Omgevingswet, de op die wet gebaseerde algemene maatregelen van bestuur of het omgevingsplan:

€ 304,55

Paragraaf 2.12

Modaliteiten

 

Artikel 2.47

Achteraf ingediende aanvraag

 

 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de activiteit, wordt het legesbedrag verhoogd met:

12%

 

van de op grond van de paragrafen 2.3 tot en met 2.8 verschuldigde leges

 

 

Met een maximum verhoging van:

€ 1.260,00

Artikel 2.48

Uitgebreide voorbereidingsprocedure

 

 

Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is op de voorbereiding van het besluit:

 

a.

als sprake is van een milieubelastende activiteit in de agrarische sector:

€ 12.894,84

b.

als sprake is van een milieubelastende activiteit in de niet-agrarische sector:

€ 14.994,00

c.

als sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:

€ 14.994,00

d.

als sprake is van andere activiteiten dan bedoeld in de onderdelen a tot en met c.:

€ 630,00

Artikel 2.49

Beoordeling onderzoeksrapporten

 

 

Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als krachtens wettelijk voorschrift voor de betreffende aanvraag een rapport moet worden beoordeeld: 

 

a.

voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport (historisch of verkennend):

€ 500,00

b.

voor de beoordeling van een verkennend archeologisch (bodem)rapport:

€ 500,00

c.

voor de beoordeling van een archeologisch rapport veldonderzoek:

€ 500,00

d.

voor de beoordeling van een programma van eisen voor archeologisch veldonderzoek:

€ 500,00

e.

voor de beoordeling van een vrijstelling van het indienen van een bodemonderzoek op basis van reeds beschikbare gegevens:

€ 500,00

f.

voor de beoordeling van een aangeleverd Plan van Aanpak inzake archeologisch (voor)onderzoek:

€ 500,00

g.

voor de beoordeling van een akoestisch rapport:

€ 500,00

h.

voor de beoordeling van een rapport luchtkwaliteit:

€ 500,00

i.

voor de beoordeling van een rapport geur:

€ 500,00

j.

voor de beoordeling van een rapport externe veiligheid:

€ 500,00

k.

voor de beoordeling van een rapport flora en fauna:

€ 500,00

l.

voor de beoordeling van een milieu effect rapport:

€ 650,00

m.

voor de beoordeling van een waterhuishoudingsplan:

€ 500,00

n.

voor de beoordeling van een cultuurhistorisch onderzoek:

€ 500,00

o.

voor de beoordeling van een rapport niet gesprongen explosieven:

€ 500,00

p.

voor de beoordeling van een aeriusberekening:

€ 225,00

q.

voor de beoordeling van een niet in de voorgaande onderdelen genoemd rapport:

€ 350,00

Bij toepassing van artikel 2.6 Buitenplanse omgevingsplanactiviteit met BOPA motivatie (BOPA groot) blijft artikel 2.49 buiten werking.

 

Het beoordelen van een rapport wordt maximaal 1x in rekening gebracht.

 

Artikel 2.50

Advies

 

1.

Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet:

 

a.

voor een advies van de gemeenteraad:

Gereserveerd 

b.

voor een advies van de gemeentelijke adviescommissie dat uitsluitend betrekking heeft op de redelijke eisen van welstand als bedoeld in de gemeentelijke beleidsregels bedoeld in artikel 4.19 van de Omgevingswet:

het tarief zoals vastgesteld volgens de in deze tarieventabel als bijlage opgenomen tariefregeling van het Gelders Genootschap

c.

voor een advies in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel b

€ 126,00

d.

voor een advies van de agrarische commissie wordt in rekening gebracht de kosten volgens de tariefregeling van de agrarische commissie.

e.

voor een advies in andere gevallen dan bedoeld in de onderdelen a tot en met d:

€ 126,00

het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

2.

Als een begroting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel e, is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

Artikel 2.51

Instemming

 

1.

Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op de aanvraag op grond van artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een bestuursorgaan:

 

 

het bedrag dat dit bestuursorgaan aan rechten zou heffen als het voor de activiteit waarvoor instemming wordt verzocht zelf bevoegd gezag zou zijn.

 

2.

Het bedrag bedoeld in het eerste lid wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

Paragraaf 2.13

Vermindering

 

Artikel 2.52

Vermindering bij een aanvraag voorafgegaan door een concept verzoek

 

1.

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, onderdelen a., c. en d. en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8, is voorafgegaan door een concept verzoek (plus) als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel a., c. en d. en zoals nader omschreven in paragraaf 2.2, waarop de aanvraag om de omgevingsvergunning betrekking heeft, bestaat onder de in het tweede lid genoemde voorwaarden aanspraak op vermindering van de voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning verschuldigde leges. De vermindering bedraagt:

100%

 

van de voor het concept verzoek geheven leges.

 

2.

Voor de toepassing van het eerste lid wordt de aanvraag om een omgevingsvergunning gedaan:

 

a.

voor dezelfde activiteit of activiteiten als waarop het concept verzoek betrekking had;

 

b. in overeenstemming met de uitkomsten van het concept verzoek; en

 

 

c. binnen 12 maanden na afronding van het concept verzoek of, als het omgevingsoverleg volgens afspraak leidt tot een kennisgeving aan de aanvrager, na de dagtekening van de kennisgeving.

 

3.

Bij de toepassing van het eerste lid blijft voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning in ieder geval verschuldigd:

€ 180,00

Dit artikel 2.52 is niet van toepassing voor een behandeling in de intaketafel, omgevingstafel of verken uw idee.

Artikel 2.53

Gereserveerd (Vermindering bij meervoudige aanvraag)

Paragraaf 2.14

Teruggaaf

 

Artikel 2.54

Als uit de beoordeling blijkt dat er geen vergunning nodig is

 

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van:

1.

2.

3.

een concept aanvraag waaruit blijkt dat de aanvraag vergunningsvrij is

een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor een project waarvoor na beoordeling blijkt dat geen omgevingsvergunning is vereist overeenkomstig artikel 2.27 en 2.29 Besluit Bouwwerken Leefomgeving en artikel 22.27 Omgevingswet

of een verklaring vergunningsvrij

€ 151,64

Artikel 2.55

Teruggaaf als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten

Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag die geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw- of aanlegactiviteiten als bedoeld in artikel 2.5, artikel 2.6, lid 1, artikel 2.7, paragraaf 2.4 en artikel 2.28 buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt:

Van de op grond van artikel 2.5, artikel 2.6, lid 1, artikel 2.7, paragraaf 2.4 en artikel 2.28 verschuldigde leges

90%

Artikel 2.56

Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning voor bouw- of aanlegactiviteiten, milieubelastende activiteiten of maatwerkvoorschrift bij reguliere procedure

Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is en die geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw- of aanlegactiviteiten als bedoeld in artikel 2.5, artikel 2.6, lid 1, artikel 2.7, artikel 2.28, paragraaf 2.4, paragraaf 2.5 en paragraaf 2.9 geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

Bij intrekking binnen één week van concept verzoek of vergunningsaanvraag, of wanneer er ingetrokken wordt op verzoek van gemeente:

100%

a.

bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen vier weken na de indiening van de aanvraag:

75%

van de op grond van artikel 2.5, artikel 2.6, lid 1, artikel 2.7, artikel 2.28, paragraaf 2.4, paragraaf 2.5 en paragraaf 2.9 verschuldigde leges.

b.

bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf vier weken tot zes weken na de indiening van de aanvraag:

50%

van de op grond van artikel 2.5, artikel 2.6, lid 1, artikel 2.7, artikel 2.28, paragraaf 2.4, paragraaf 2.5 en paragraaf 2.9 verschuldigde leges.

c.

bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf zes weken na de indiening van de aanvraag:

25%

van de op grond van artikel 2.5, artikel 2.6, lid 1, artikel 2.7, artikel 2.28, paragraaf 2.4, paragraaf 2.5 en paragraaf 2.9 verschuldigde leges.

d.

Indien binnen dertien weken na het verzoek tot intrekking een nieuwe aanvraag wordt ingediend voor hetzelfde bouwplan, worden deze leges met de behandeling van de nieuwe aanvraag verrekend.

Artikel 2.57

Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning voor bouw- of aanlegactiviteiten, milieubelastende activiteiten of maatwerkvoorschrift bij uitgebreide voorbereidingsprocedure

Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is en die geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw- of aanlegactiviteiten als bedoeld in artikel 2.5, artikel 2.6, lid 1, artikel 2.7, artikel 2.28, paragraaf 2.4, paragraaf 2.5 en paragraaf 2.9 geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

a.

bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen zes weken na de indiening van de aanvraag:

75%

van de op grond van artikel 2.5, artikel 2.6, lid 1, artikel 2.7, artikel 2.28, paragraaf 2.4, paragraaf 2.5 en paragraaf 2.9 verschuldigde leges.

b.

bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf zes weken tot achttien weken na de indiening van de aanvraag:

50%

van de op grond van artikel 2.5, artikel 2.6, lid 1, artikel 2.7, artikel 2.28, paragraaf 2.4, paragraaf 2.5 en paragraaf 2.9 verschuldigde leges.

c.

bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf achttien weken na de indiening van de aanvraag:

25%

van de op grond van artikel 2.5, artikel 2.6, lid 1, artikel 2.7, artikel 2.28, paragraaf 2.4, paragraaf 2.5 en paragraaf 2.9 verschuldigde leges.

d.

Indien binnen dertien weken na het verzoek tot intrekking een nieuwe aanvraag wordt ingediend voor hetzelfde bouwplan, worden deze leges met de behandeling van de nieuwe aanvraag verrekend.

Artikel 2.58

Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw- of aanlegactiviteiten, of milieubelastende activiteiten

Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw- of aanlegactiviteiten als bedoeld in artikel 2.5, artikel 2.6, lid 1, artikel 2.7, paragraaf 2.4 en artikel 2.28 of een verleende omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 6 maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt:

Van de op grond van artikel 2.5, artikel 2.6, lid 1, artikel 2.7, paragraaf 2.4, paragraaf 2.5 en artikel 2.28 verschuldigde leges.

20%

Artikel 2.59

Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevings-vergunning voor bouw-, aanleg-, sloop- of milieubelastende activiteiten

a.

b.

Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw- of aanlegactiviteiten als bedoeld in artikel 2.5, artikel 2.6, lid 1, artikel 2.7, paragraaf 2.4 en artikel 2.28 of een omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

van de op grond van artikel 2.5, artikel 2.6, lid 1, artikel 2.7, paragraaf 2.4, paragraaf 2.5 en artikel 2.28 verschuldigde leges.

Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.

20%

Artikel 2.60

Geen teruggaaf overige legesonderdelen

In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12

Artikel 2.61

Minimumbedrag voor teruggaaf

Een bedrag wordt niet teruggegeven als het bedrag minder is dan:

€ 50,00

 

 

Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder de dienstenrichtlijn en niet vallend onder

 

 

 

 

Paragraaf 3.1 Horeca

 

 

3.1.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning ingevolge artikel 3 van de Alcoholwet

€ 826,00

3.1.2

Het tarief voor het in behandeling nemen van een melding ingevolge artikel 30 van de Alcoholwet (gewijzigde vergunning)

€ 413,00

3.1.3

Het tarief voor het in behandeling nemen van een melding ingevolge artikel 30a van de Alcoholwet (nieuw aanhangsel leidinggevenden)

€ 306,00

3.1.4

In afwijking van het in 3.1.1 bepaalde bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet

€ 102,00

Paragraaf 3.2 Organiseren evenementen en markten

 

 

3.2.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een vergunning voor grote jaarlijkse evenementen, als bedoeld in artikel 2.25 van de APV

legesvrij

Paragraaf 3.3 Prostitutiebedrijven

 

 

3.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verlenen van een exploitatievergunning in gevolge artikel 3.3., eerste lid van de Algemene Plaatselijke Verordening bedraagt het tarief:

 

3.3.1

voor seksinrichtingen met 1 medewerker

€ 1.166,30

3.3.2

voor seksinrichtingen met meerdere medewerkers

€ 1.429,50

3.3.3

voor escortbedrijven

€ 635,70

Paragraaf 3.4 Splitsingsvergunning woonruimte

 

 

Paragraaf 3.5 Leefmilieuverordening

 

 

Paragraaf 3.6 Brandbeveiligingsverordening

 

 

Paragraaf 3.7 Kinderopvang

 

 

3.7.1

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot registratie kinderopvang in het LRK als zijnde een buitenschoolse opvang of kinderdagverblijf inclusief het tarief voor het aanvragen van een GGD-inspectie op grond van de ingediende aanvraag, als bedoeld in artikel 1.45, eerste lid en artikel 1.46 eerste lid van de Wet kinderopvang, bedraagt:

€ 1.362,40

3.7.2

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot registratie kinderopvang in het LRK als zijnde een gastouderbureau inclusief het tarief voor het aanvragen van een GGD-inspectie op grond van de ingediende aanvraag, als bedoeld in artikel 1.45, eerste lid en artikel 1.46 eerste lid van de Wet kinderopvang, bedraagt:

€ 1.362,40

3.7.3

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot registratie kinderopvang in het LRK als zijnde een gastouderopvang inclusief het tarief voor het aanvragen van een GGD-inspectie op grond van de ingediende aanvraag, als bedoeld in artikel 1.45, eerste lid en artikel 1.46 eerste lid van de Wet kinderopvang, bedraagt:

€ 723,60

Paragraaf 3.8 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

 

 

3.8

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

3.8.1

tot het afgeven van een afschrift van een verklaring als bedoeld in de artikelen 3 en 9 van de Wet bestrijding infectieziekten en opsporing ziekte-oorzaken, per afschrift

€ 6,40

3.8.2

voor het afgeven van verklaringen, bedoeld in artikel 56.f. van de Pachtwet

€ 10,60

3.8.3

-

 

3.8.4

-

 

3.8.5

-

 

3.8.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een vergunningaanvraag op grond van de ´verordening aansluitvoorwaarden riolering Gemeente West Maas en Waal 2006´

€ 829,90