Subsidieregeling Activiteiten Kunst en Cultuur Gemeente Assen 2026

Geldend van 01-01-2025 t/m heden

Intitulé

Subsidieregeling Activiteiten Kunst en Cultuur Gemeente Assen 2026

Artikel 1. Definities

Deze regeling verstaat onder de volgende begrippen:

  • a.

    aanvraagperiode: een periode van vier kalendermaanden. Het jaarlijkse subsidieplafond wordt evenredig over deze perioden verdeeld. Na de sluitingsdatum van een aanvraagperiode worden de subsidieaanvragen beoordeeld door de adviescommissie.

  • b.

    activiteit: een kunstzinnige of culturele productie die een aanvulling is op de reguliere werkzaamheden van een organisatie. Deze regeling maakt onderscheid tussen activiteiten (zoals concerten, tentoonstellingen en festivals) en producten (zoals apps, podcasts, boeken).

  • c.

    ASV: de Algemene Subsidieverordening Assen.

  • d.

    adviescommissie: de commissie die voor deze regeling advies uitbrengt aan het college over het wel of niet verlenen van een subsidie.

  • e.

    begroting: een sluitend financieel overzicht van de verwachte inkomsten en uitgaven van de activiteit waar de subsidie voor wordt aangevraagd.

  • f.

    jaarrekening: een gedetailleerde financiële samenvatting van uw organisatie in het afgelopen jaar. Een jaarrekening bestaat uit een balansrekening, winst- en verliesrekening en toelichting.

  • g.

    organisaties: (semi-)professionele instellingen, amateurverenigingen en stichtingen die actief zijn op het gebied van kunst en cultuur.

  • h.

    sluitingsdata: De datum waarop de aanvraagperiode sluit en waarna de adviescommissie in beraad gaat. De beslissing volgt 8 weken na de sluitingsdatum. De sluitingsdata zijn: 1 januari, 1 mei en 1 september.

  • i.

    subsidieplafond: het jaarlijkse subsidiebudget. Dit budget wordt jaarlijks in het gemeenteblad gepubliceerd.

Artikel 2. Doel

Het doel van deze subsidieregeling is om kunst- en cultuuractiviteiten in Assen te ondersteunen, die:

  • a.

    een gevarieerd en levendig cultureel klimaat bevorderen;

  • b.

    bijdragen aan de deelname van diverse doelgroepen, waaronder kinderen en jongeren;

  • c.

    samenwerkingsverbanden tussen (culturele) organisaties stimuleren.

Artikel 3. Doelgroep

Deze subsidie wordt verstrekt aan organisaties die kunstzinnige of culturele activiteiten in de gemeente Assen organiseren.

Artikel 4. De aanvraag

  • 1.

    Een aanvraag wordt minimaal 8 weken voor de activiteit in Assen ingediend.

  • 2.

    De aanvraag bevat een volledig ingevuld aanvraagformulier, een kopie van de jaarrekening, een activiteitenplan en een sluitende begroting.

  • 3.

    Als het een eerste aanvraag betreft of er sprake is van een wijziging in de gegevens van de aanvrager bevat de aanvraag ook: een kopie van de oprichtingsakte of de statuten.

  • 4.

    Een activiteitenplan bevat minimaal:

    • a.

      de datum van de activiteit;

    • b.

      een omschrijving van (de inhoud van) de activiteit;

    • c.

      een gemotiveerde schatting van het aantal bezoekers of deelnemers;

    • d.

      een beschrijving hoe de activiteit voldoet aan de criteria zoals beschreven in artikel 12 van deze subsidieregeling.

  • 5.

    Een begroting bevat:

    • a.

      een overzicht van andere aangevraagde subsidies of vergoedingen voor de activiteit in Assen, met vermelding van de stand van zaken daarvan.

  • 6.

    Een aanvraag wordt pas in behandeling genomen als het aanvraagformulier compleet is en alle gevraagde stukken zijn aangeleverd.

Artikel 5. Voorwaarden voor subsidieverlening

  • 1.

    Een activiteit kan subsidie krijgen als deze aan de volgende voorwaarden voldoet:

    • a.

      De activiteit vindt plaats in Assen en richt zich (voornamelijk) op een Assens publiek;

    • b.

      De activiteit is openbaar toegankelijk of, indien gericht op kinderen en jongeren, toegankelijk voor iedereen binnen die doelgroep;

    • c.

      De Adviescommissie vindt dat de activiteit voldoende voldoet aan de criteria zoals beschreven in artikel 12.

  • 2.

    Een product kan subsidie krijgen als deze aan de volgende extra voorwaarden voldoet:

    • a.

      Het product heeft een duidelijke relatie met (de inwoners van) Assen;

    • b.

      De maker van het product stelt gratis exemplaren beschikbaar aan openbare plekken in Assen of organiseert een openbaar toegankelijke presentatie.

Artikel 6. Weigeringsgronden

In aanvulling op artikel 9 van de ASV, krijgt een activiteit geen subsidie als:

  • 1.

    de aanvraag niet voldoet aan de voorwaarden in artikel 5;

  • 2.

    een benodigde vergunning voor de activiteit wordt geweigerd;

  • 3.

    de activiteit voornamelijk een partijpolitiek, godsdienstig of levensbeschouwelijk karakter heeft;

  • 4.

    de aanvrager geen bij de Kamer van Koophandel ingeschreven rechtspersoon zonder winstoogmerk is;

  • 5.

    de aanvrager genoeg eigen financiële middelen heeft om de kosten van de activiteit te dekken, ook zonder subsidie;

  • 6.

    de activiteit al is gestart voordat de aanvraag is ingediend;

  • 7.

    de doelen van de activiteit in strijd zijn met het algemeen belang of de openbare orde;

  • 8.

    de activiteit bij het reguliere takenpakket van de aanvrager hoort, tenzij de activiteit een bijzonder karakter betreft.

Artikel 7. Subsidiabele kosten

Voor subsidie komen alleen de kosten in aanmerking die direct en op een duidelijke manier met de uitvoering van een activiteit te maken hebben.

Artikel 8. Niet-subsidiabele kosten

Het college verstrekt geen subsidie:

  • 1.

    voor het in standhouden van een organisatie;

  • 2.

    voor een activiteit die bedoeld is voor de persoonlijke ontwikkeling van slechts één persoon;

  • 3.

    voor een activiteit op het gebied van binnenschools cultuuronderwijs;

  • 4.

    voor een activiteit die commerciële doelen heeft;

  • 5.

    voor cursussen of workshops (zoals het aanbod van muziekscholen, theaterscholen of zzp’ers);

  • 6.

    voor een activiteit die geld inzamelt voor goede doelen of jubilea;

  • 7.

    voor jubileumactiviteiten, behalve als die door hun bijzondere karakter iets toevoegen aan het culturele aanbod;

  • 8.

    voor de kosten van catering;

  • 9.

    voor de aanschaf van roerende goederen, zoals kostuums of schildermaterialen.

Artikel 9. Subsidiehoogte

  • 1.

    Voor een activiteit is de hoogte van de subsidie maximaal 50% van de subsidiabele kosten, met een maximum van € 10.000.

  • 2.

    Voor producten is de hoogte van de subsidie maximaal € 2.000, ongeacht de subsidiabele kosten.

Artikel 10. Subsidieplafond

  • 1.

    Het totale subsidieplafond wordt jaarlijks door het college vastgesteld en gepubliceerd in het gemeenteblad.

  • 2.

    Het subsidieplafond wordt jaarlijks verhoogd met een bijdrage vanuit het Naoberschapsfonds van de Provincie Drenthe.

  • 3.

    Het subsidieplafondbedrag wordt verdeeld over drie aanvraagperioden.

  • 4.

    De subsidieaanvragen worden pas beoordeeld en toegekend nadat de aanvraagperiode is gesloten. De aanvraagperiodes hebben de volgende sluitingsdata:

    • a.

      1 januari

    • b.

      1 mei

    • c.

      1 september

  • 5.

    Als de aanvrager volgens artikel 4:5 van de Algemene Wet Bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt de datum waarop de aanvulling is ontvangen als officiële ontvangstdatum.

Artikel 11. Adviescommissie

  • 1.

    Een subsidieaanvraag binnen deze subsidieregeling wordt inhoudelijk beoordeeld door de adviescommissie, volgens de criteria in artikel 12.

  • 2.

    De taak van de adviescommissie is om een onderbouwd advies aan het college te geven.

  • 3.

    De adviescommissie heeft minimaal drie en maximaal vijf leden. De commissie heeft een onafhankelijk voorzitter. Het college benoemt de leden.

  • 4.

    De commissieleden ontvangen een vaste vergoeding per vergadering, voor maximaal vier vergaderingen per jaar. De vergoeding komt overeen met de indexatieregeling politieke ambtsdragers.

  • 5.

    De adviescommissie mag de aanvrager vragen om een presentatie van de plannen om de subsidieaanvraag beter te kunnen beoordelen.

  • 6.

    Het college kan gemotiveerd afwijken van een advies van de adviescommissie.

Artikel 12. Beoordeling aanvraag

  • 1.

    De adviescommissie beoordeelt of de activiteit waarvoor een subsidieaanvraag is ingediend tenminste twee van deze vier ambities realiseert:

    • a.

      Spraakmakende provinciehoofdstad van Drenthe;

    • b.

      Kinderen en jongeren groeien op met cultuur;

    • c.

      Kunst en cultuur voor iedereen;

    • d.

      Met kunst en cultuur meer bereiken.

  • 2.

    De artistieke kwaliteit wordt als volgt beoordeeld:

    • a.

      inhoudelijke verdieping en deskundigheid;

    • b.

      originaliteit en vernieuwing;

    • c.

      samenwerking met (culturele) organisaties.

  • 3.

    De zakelijke kwaliteit wordt als volgt beoordeeld:

    • a.

      begroting en financiën;

    • b.

      publieksbereik;

    • c.

      prijskwaliteitverhouding;

    • d.

      duurzaamheid en continuïteit.

  • 4.

    Als een aanvrager al twee keer eerder voor dezelfde soort activiteit subsidie kreeg, moet er een duidelijke ontwikkeling zichtbaar zijn. De artistieke en zakelijke ontwikkeling wordt daarom getoetst.

Artikel 13. Subsidieverlening

  • 1.

    De adviescommissie geeft binnen 4 weken na de sluitingsdatum van de aanvraagperiode advies aan het college over de aanvragen.

  • 2.

    Het college neemt binnen 8 weken na de sluitingsdatum van de aanvraagperiode een besluit, nadat het advies van de commissie is ontvangen.

  • 3.

    Als het totaalbedrag van positief beoordeelde subsidieaanvragen in een aanvraagperiode hoger is dan het beschikbare bedrag, wordt het beschikbare budget naar verhouding toegekend.

  • 4.

    Als het totaalbedrag van positief beoordeelde subsidieaanvragen in een aanvraagperiode lager is dan het beschikbare bedrag, schuift het restbedrag door naar de volgende aanvraagperiode.

  • 5.

    Het college kan de beslissing over een aanvraag met maximaal 4 weken uitstellen.

Artikel 14. Subsidievaststelling

  • 1.

    Subsidiebedragen tot en met € 5.000 worden bij verlening tegelijkertijd vastgesteld.

    • a.

      De subsidieontvanger levert binnen 13 weken na de activiteit een kort financieel en inhoudelijk verslag in om aan te geven dat de activiteiten waarvoor subsidie is aangevraagd zijn uitgevoerd.

  • 2.

    Subsidiebedragen hoger dan € 5.000 worden achteraf vastgesteld.

    • a.

      De subsidieontvanger levert binnen 13 weken na de activiteit een aanvraag tot vaststelling in bij het college.

    • b.

      Bij een aanvraag om subsidievaststelling toont de aanvrager aan dat de activiteiten plaatsvonden en dat aan de subsidieverplichtingen van de gemeente is voldaan.

    • c.

      De aanvraag bestaat uit een financieel en inhoudelijk verslag volgens de indeling van de oorspronkelijke aanvraag zoals beschreven in artikel 4, lid 4 en 5.

    • d.

      Het college stelt de subsidie binnen 8 weken vast.

  • 3.

    Alle veranderingen in de inhoud of opzet van de activiteit, of in de begroting, dienen direct aan de gemeente te worden doorgegeven.

Artikel 15. Hardheidsclausule

  • 1.

    Als toepassing van deze subsidieregeling leidt tot onredelijkheid voor de aanvrager, kan het college besluiten af te wijken van deze regeling.

  • 2.

    In gevallen waarin deze subsidieregeling niet voorziet, beslist het college.

Artikel 16. Citeertitel en inwerkingtreding

  • 1.

    Deze regeling heet: Subsidieregeling Activiteiten Kunst en Cultuur gemeente Assen 2026;

  • 2.

    De Subsidieregeling Activiteiten Kunst en Cultuur gemeente Assen 2023, vastgesteld op 1 november 2022, wordt ingetrokken.

  • 3.

    Deze regeling gaat in op 1 januari 2026.

  • 4.

    Aanvragen waar nog geen besluit over is genomen vóór 1 januari 2026 worden beoordeeld volgens de Subsidieregeling Activiteiten Kunst en Cultuur gemeente Assen 2023.

Ondertekening

Toelichting subsidieregeling

Artikel 9: totale subsidiehoogte 

Organiseert u een activiteit waarbij u ook een product maakt? Dan kunt u maximaal € 12.000,- subsidie ontvangen. U geeft dan in uw activiteitenplan duidelijk aan om wat voor product het gaat. Op uw begroting zet u de kosten duidelijk uiteen. Het is niet toegestaan om meer dan € 2.000,- in te zetten voor productontwikkeling. Let op dat uw product voldoet aan de aanvullende eisen voor producten, zoals omschreven in deze regeling. 

Voorbeeld: u organiseert een concert met verschillende koren. Tijdens het concert worden opnames gemaakt, die u daarna uitgeeft als album. U wilt € 12.000,- aanvragen. Voor de organisatie van het concert zet u € 10.000,- in. Voor de ontwikkeling van het album gebruikt u de resterende € 2.000,-. 

 

Artikel 10: aanvraagperiodes en sluitingsdata 

Het subsidieplafond wordt evenredig verdeeld over drie aanvraagperiodes. Een aanvraagperiode is een periode van vier maanden. Alle aanvragen die in deze periode positief worden beoordeeld, worden uit hetzelfde deelbudget bekostigd. Zijn er meer aanvragen dan budget? Dan wordt het budget naar verhouding verdeeld. Is er meer budget dan aanvragen? Dan schuift het resterende budget door naar de volgende aanvraagperiode.

De eerste aanvraagperiode start in september, omdat de middelen uit deze periode worden ingezet voor het volgende jaar (=boekjaar). De aanvraagperiodes zijn: 

Van 1 september t/m 31 december (periode 1) 

Van 1 januari t/m 30 april (periode 2) 

Van 1 mei t/m 31 augustus (periode 3) 

Elke aanvraagperiode eindigt met een sluitingsdatum. Na de sluitingsdatum gaat de adviescommissie in beraad. De beslissing over subsidieverlening volgt 8 weken na de sluitingsdatum. De sluitingsdata zijn:

1 januari (subsidieaanvragen die vóór 31 december 23:59  zijn ingeleverd, worden meegenomen in de beoordeling)

1 mei  (subsidieaanvragen die vóór 30 april 23:59  zijn ingeleverd, worden meegenomen in de beoordeling)

1 september ((subsidieaanvragen die vóór 31 augustus 23:59  zijn ingeleverd, worden meegenomen in de beoordeling)

De aanvraagperiodes gaan over wanneer u de aanvraag indient. Niet over wanneer de activiteit plaatsvindt. U moet uw subsidieaanvraag uiterlijk 8 weken voor het plaatsvinden van de activiteit indienen. Let erop dat de aanvraagperioden langer zijn dan 8 weken.  

Voorbeeld: u wilt 28 april een activiteit organiseren. De aanvraag doet u 8 weken van tevoren, op 3 maart. Uw aanvraag valt in aanvraagperiode 2. De sluitingsdatum daarvan is 30 april. De beslissing voor subsidieverstrekking is uiterlijk op 28 juni. Wilt u eerder duidelijkheid? Kies er dan voor om de aanvraag al in periode 1 in te dienen. 

 

Artikel 12: Leidraad voor de beoordeling

Bij het inhoudelijk beoordelen van de subsidieaanvraag maakt de adviescommissie gebruik van de volgende leidraad:

Criteria 

Beoordeling 

Kadernota-ambities 

1.1 Spraakmakende provinciehoofdstad van Drenthe 

We willen een cultureel profiel dat recht doet aan onze positie als provinciehoofdstad. Dat betekent dat Assen zich in het cultureel aanbod positief onderscheidt van andere Drentse gemeenten: Assen biedt activiteiten die net iets meer verrassender, prikkelender of vernieuwender zijn. Assen is een toegankelijke, vriendelijke middelgrote stad waar mensen uit de regio en andere delen van ons land graag naartoe komen. 

 

1.2 Kinderen en jongeren groeien op met cultuur 

We vinden het belangrijk dat kinderen al op jonge leeftijd kansen krijgen om zich cultureel te ontwikkelen. Dat past bij ons karakter als familiestad. In Assen is er een bovengemiddelde aandacht voor prikkelende activiteiten en participatieprojecten voor kinderen en jongeren. Opgroeien met cultuur is belangrijk en wordt steeds belangrijker in een snel veranderende wereld. 

 

1.3 Kunst en cultuur voor iedereen 

Kunst en cultuur zijn er in Assen voor alle inwoners. In het centrum, maar ook in de woonwijken en dorpen. Iedereen in Assen kan van kunst en cultuur genieten en er actief aan deelnemen. Dat vraagt een gevarieerd, toegankelijk en gespreid aanbod met extra aandacht voor inclusiviteit van diverse doelgroepen. 

 

1.4 Met kunst en cultuur meer bereiken 

Onze samenleving verandert. Technologische ontwikkelingen, vergrijzing, nieuwkomers, veranderende arbeidsverhoudingen, stadsontwikkeling…. Kunst en cultuur bieden bij uitstek instrumenten om maatschappelijke opgaven aan te gaan en soms te helpen oplossen. Kunst en cultuur verruimen de blik, stimuleren de creativiteit, verbinden en dragen bij aan welzijn en gezondheid. 

 

Artistieke kwaliteit 

2.1 Inhoudelijke verdieping en deskundigheid 

De aanvraag toont een helder artistiek concept, waarin een duidelijke visie en inhoudelijke samenhang te herkennen zijn. De aanvragers beschikken over de noodzakelijke specifieke deskundigheid om kwalitatief werk te leveren. Het project getuigt van zorgvuldige voorbereiding, wat blijkt uit een gedegen projectomschrijving. 

 

2.2 Originaliteit en vernieuwing 

Uit de aanvraag blijkt dat de aanvrager zorg draagt dat de activiteiten actueel, relevant of eigenzinnig zijn. De activiteiten dragen bij aan het karakter van een bruisende stad waar veel te ontdekken is en bieden ruimte voor experiment, onderzoek of nieuwe vormen van artistieke expressie. Er is aandacht voor het betrekken van een specifieke groep makers of het aantrekken van nieuw publiek. De aanvragers zetten zich ervoor in om nieuwe doelgroepen aan te spreken. 

 

2.3 Samenwerking met (culturele) organisaties 

Uit de aanvraag blijkt dat de aanvrager zich bewust is van zijn eigen positionering in het Asser culturele veld en de mate waarin de aanvrager aantoonbaar opereert in samenwerking met andere (vergelijkbare) instellingen. In het activiteitenplan wordt beschreven hoeveel en welke samenwerkingen de aanvrager aangaat. Dit kan om samenwerkingen binnen en buiten het culturele veld gaan. Per samenwerking wordt een toelichting gegeven hoe deze samenwerking eruitziet en hoe deze logisch voortvloeien uit de visie van de organisatie. 

 

Zakelijke kwaliteit 

3.1 Begroting en financiën 

De aanvraag bevat een financieel goed onderbouwd en haalbaar plan met een sluitende begroting en toelichting per post. We kijken naar de financiële positie van de aanvrager: kan deze een financieel gezonde activiteit neerzetten? Daarnaast bekijken we of er sprake is van een evenwichtige mix van inkomstenbronnen (naast gemeentelijke steun ook fondsen, crowdfunding of sponsoren). Uit de aanvraag blijkt de kwaliteit van de bedrijfsvoering van de aanvrager, zoals die onder andere tot uiting komt in zijn ondernemerschap. We kijken ook naar de toelichting op de financiële risico’s voor de uitvoering van de activiteiten die de instelling voorziet en hoe zij daarmee omgaat. 

 

3.2 Publieksbereik 

In de aanvraag wordt helder omschreven welke doelgroep(en) de aanvrager met zijn activiteiten wil bereiken. Ook wordt toegelicht hoeveel cultuurbeoefenaars en/of cultuurbezoekers de aanvrager wil bereiken en hoe dat wordt aangepakt. De aanvraag beschrijft onder andere de marketing- en communicatiestrategie die hij inzet om zijn doelgroep(en) te bereiken. Ook wordt beoordeeld of het beoogde publieksbereik passend is bij de omvang en doelstellingen van de instelling. 

 

3.3 Prijskwaliteitverhouding 

Uit de aanvraag blijkt dat de kosten van de activiteit in redelijke verhouding staan tot de inhoudelijke kwaliteit van de activiteit. Bij gratis activiteiten wordt dit beoordelingscriterium buiten beschouwing gelaten. 

 

3.4 Duurzaamheid en continuïteit 

Wij beoordelen in hoeverre het project bijdraagt aan blijvende waarde voor de aanvrager, het publiek of het culturele veld. Dit kan door het opbouwen van kennis, netwerken of nieuwe werkvormen. Ook kijken we naar mogelijkheden voor vervolgactiviteiten, herhaling of langdurige samenwerking, zodat de impact verder reikt dan de subsidieperiode.