Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR750639
Naar de door u bekeken versie
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR750639/1
Legesverordening 2026
Geldend van 01-01-2026 t/m heden
Intitulé
Legesverordening 2026De raad van de gemeente Almelo;
gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 30 september 2025;
gelet op de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h, en 229, eerste lid,
aanhef onderdeel b, van de Gemeentewet en de artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet en artikel 13.1a van de Omgevingswet;
besluit:
de volgende verordening vast te stellen:
Verordening op de heffing en de invordering van leges 2026.
Artikel 1 Definities
In deze verordening wordt verstaan onder:
-
1. ’dag’: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;
-
2. ’week’: een aaneengesloten periode van zeven dagen;
-
3. ’maand’: het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand tot en met de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand, met dien verstande dat als de ne dag in een kalendermaand 30 of 31 januari is, de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand altijd de laatste dag van de maand februari is;
-
4. ’jaar’: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n-1)e dag in het volgende kalenderjaar;
-
5. 'kalenderjaar': de periode van 1 januari tot en met 31 december.
Artikel 2 Belastbaar feit
Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor:
-
a. het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een dienst of het nemen vaneen besluit;
-
b. het verlenen van een dienst op aanvraag; of
-
c. het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een document;
-
een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.
Artikel 3 Belastingplicht
Belastingplichtig is de aanvrager of degene voor wie de aanvraag is gedaan.
Artikel 4 Vrijstellingen
Leges worden niet geheven voor:
-
1. diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 13.6 van de Omgevingswet zijn of worden verhaald;
-
2. diensten die ingevolge wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend;
-
3. het in behandeling nemen van een aanvraag voor een uittreksel of afschrift uit de registers van de burgerlijke stand en een uittreksel uit de basisadministratie personen (bevolkingsregister), waarbij de Raad van Rechtsbijstand (RvR) de toevoeging heeft afgegeven met een minimum eigen bijdrage.
Artikel 5 Maatstaven en tarieven
-
1. De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.
-
2. Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.
-
Het bedrag van de heffing op grond van hoofdstuk 2 van de tarieventabel wordt per belastingaanslag naar beneden afgerond op hele euro’s.
Artikel 6 Wijze van heffing
-
1. De leges op basis van hoofdstuk 2 van de tarieventabel worden bij wege van aanslag geheven.
-
2. De overige leges worden geheven door middel van een mondelinge kennisgeving, een gedagtekende schriftelijke kennisgeving , waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, een zegel, een nota of andere schriftuur of een kennisgeving langs elektronische weg. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving of langs elektronische weg aan de belastingschuldige bekendgemaakt
Artikel 7 Termijnen van betaling
-
1. De bij wege van aanslag geheven leges zijn, in afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990, invorderbaar in een termijn die vervalt op de laatste dag van de maand volgende op die waarin het aanslagbiljet is gedagtekend. Dit geldt ook in geval het totaalbedrag van de op één aanslag verschuldigde bedrag door middel van automatische betalingsincasso van de betaalrekening van de belastingschuldige kan worden afgeschreven.
-
2. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving bedoeld in artikel 6, tweede lid:
- a.
mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;
- b.
schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen 10 dagen na de dagtekening van de kennisgeving;
- c.
langs de elektronische weg in het aanvraagproces wordt gedaan onverwijld, dan wel als die mogelijkheid wordt geboden, op het moment van mailing van de kennisgeving. Dit moment ligt voor in ieder geval de volgende heffingen direct na de aanvraag en voor de verstrekking: artikel 1.15 lid b onder 1 en artikel 1.15 lid c.
- d.
langs de elektronische weg na indiening van de aanvraag wordt gedaan, op het moment van mailing van de kennisgeving;
- a.
-
3. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.
Artikel 8 Kwijtschelding
Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 9 Vermindering of teruggaaf
Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in die tarieventabel opgenomen bepaling.
Artikel 10 Overdracht van bevoegdheden
Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, indien de wijzigingen:
-
a. van zuiver redactionele aard zijn;
-
b. een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en het de volgende paragrafen of artikelen van hoofdstuk 1 van de tarieventabel betreft:
- •
paragraaf 1.2 (reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart);
- •
paragraaf 1.3 (rijbewijzen)
- •
artikel 1.15 (papierenverstrekking uit de basisregistratie personen)
- •
artikel 1.25, onder a (verklaring omtrent het gedrag);
- •
artikel 1.31 (kansspelen);
- •
-
1. een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden.
Artikel 11 Overgangsrecht
De ‘Legesverordening 2025’ van 7 november 2024, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 12, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten:
-
1. die zich voor die datum hebben voorgedaan;
-
2. de bekendmaking van de in onderdeel 2.1.1.2. van de bij deze verordening behorende tarieventabel genoemde normbladen en de in hetzelfde onderdeel genoemde UAV 2012 geschiedt door terinzagelegging op het gemeentehuis;
-
3. indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in artikel 12, tweede lid, opgenomen datum van ingang van de heffing, blijft de in het eerste lid genoemde verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover de heffing van de leges hiervoor in die periode plaatsvindt.
Artikel 12 Inwerkingtreding
-
1. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
-
2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.
Artikel 13 Citeertitel
Deze verordening wordt aangehaald als de ‘Legesverordening 2026’.
Ondertekening
Gedaan ter openbare vergadering van 6 november 2025,
de griffier, de burgemeester,
drs. J.W. Scherpenzeel R.T.A. Korteland
Tarieventabel, behorende bij legesverordening
Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening
Paragraaf 1.1 Burgerlijke stand
Paragraaf 1.2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart
Paragraaf 1.3 Rijbewijzen
Paragraaf 1.4 Verstrekkingen in het kader van de basisregistratie persoonsgegevens
Paragraaf 1.5 Bestuursstukken
Paragraaf 1.6 Vastgoedinformatie
Paragraaf 1.7 Overige publiekszaken
Paragraaf 1.8 Gemeentearchief
Paragraaf 1.9 Bijzondere wetten
Paragraaf 1.10 Diversen
Hoofdstuk 2 Omgevingswet
Paragraaf 2.1 Algemene bepalingen
Paragraaf 2.2 Voorfase
Paragraaf 2.3 Activiteiten met betrekking tot bouwwerken
Paragraaf 2.4 Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed
Paragraaf 2.5 Milieubelastende activiteiten
Paragraaf 2.6 Lozingsactiviteiten
Paragraaf 2.7 Aanlegactiviteiten
Paragraaf 2.8 Overige activiteiten
Paragraaf 2.9 Maatwerkvoorschriften bij bouwactiviteiten
Paragraaf 2.10 Maatwerkvoorschriften bij overige activiteiten
Paragraaf 2.11 Overige tarieven
Paragraaf 2.12 Modaliteiten
Paragraaf 2.13 Vermindering
Paragraaf 2.14 Teruggaaf
Hoofdstuk 3 Europese dienstenrichtlijn
Paragraaf 3.1 Horeca
Paragraaf 3.2 Seksbedrijven
Paragraaf 3.3 Winkeltijdenwet
Paragraaf 3.4 Organiseren evenement of markt
Paragraaf 3.5 Standplaatsen
Paragraaf 3.6 Huisvestingswet 2014
Paragraaf 3.7 In dit hoofdstuk niet genoemd besluit
Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening
|
Artikel |
Omschrijving |
Verkooptarief |
|
Paragraaf 1.1 Burgerlijke stand |
||
|
Huwelijksvoltrekking of registratie partnerschap |
||
|
1.1 |
Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap op: |
|
|
a. |
maandag tot en met vrijdag 09.00 uur - 18.00 uur: |
|
|
|
1. als deze digitaal is ingediend: |
€ 441,00 |
|
|
2. als deze via de balie is ingediend: |
€ 477,00 |
|
b. |
maandag tot en met vrijdag 18.00 uur - 22.00 uur: |
|
|
|
1. als deze digitaal is ingediend: |
€ 690,00 |
|
|
2. als deze via de balie is ingediend: |
€ 726,00 |
|
c. |
zaterdag: |
|
|
|
1. als deze digitaal is ingediend: |
€ 895,00 |
|
|
2. als deze via de balie is ingediend: |
€ 931,00 |
|
d. |
zondag: |
|
|
|
1. als deze digitaal is ingediend: |
€ 974,00 |
|
|
2. als deze via de balie is ingediend: |
€ 1.011,00 |
|
e. |
maandag tot en met vrijdag 09.00 uur - 18.00 uur zonder ceremonie op de door de gemeente vastgestelde tijdstippen: |
|
|
|
1. als deze digitaal is ingediend: |
€ 194,00 |
|
|
2. als deze via de balie is ingediend: |
€ 231,00 |
|
f. |
In afwijking van artikel 1.1 zijn geen leges verschuldigd indien het huwelijk wordt voltrokken op de door de gemeente vastgestelde tijdstippen voor kosteloze huwelijken. |
|
|
Omzetten geregistreerd partnerschap in huwelijk |
||
|
1.2.1 |
Het tarief voor het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk bedraagt hetzelfde als de genoemde bedragen onder artikel 1.1. |
|
|
1.2.2 |
Het tarief bedraagt voor het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk, op de door de gemeente vastgestelde tijdstippen, zonder getuigen, gasten, bode en toespraak: |
€ 70,50 |
|
Huwelijksvoltrekking of registratie partnerschap buiten het stadhuis |
||
|
1.3 |
Bij de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap buiten het stadhuis worden: |
|
|
a. |
de tarieven genoemd in artikel 1.1b verminderd met: |
€ -241,00 |
|
b. |
de tarieven genoemd in artikel 1.1c verminderd met: |
€ -428,00 |
|
c. |
de tarieven genoemd in artikel 1.1d verminderd met: |
€ -486,00 |
|
Gereserveerd |
||
|
1.4 |
|
|
|
Aanwijzing buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand voor één dag |
||
|
1.5 |
Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om bij besluit een buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand aan te wijzen voor één dag: |
|
|
a. |
als beëdiging bij de rechtbank al heeft plaatsgevonden en deze nog geldig is, bedraagt het tarief: |
€ 155,00 |
|
b. |
als beëdiging bij de rechtbank nog niet heeft plaatsgevonden of deze niet meer geldig is, bedraagt het tarief: |
€ 188,00 |
|
1.6 |
Gereserveerd |
|
|
Annuleren of wijzigen datum |
||
|
1.7.1 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een gereserveerde datum voor de huwelijksvoltrekking, registratie van het partnerschap of omzetting van het geregistreerd partnerschap in een huwelijk te wijzigen van de geplande datum naar een nieuwe datum indien het verzoek tot deze omzetting niet minstens vier weken voorafgaand aan de oorspronkelijk geplande datum aan de ambtenaar van de burgerlijke stand wordt medegedeeld: |
€ 92,30 |
|
1.7.2 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een gereserveerde datum voor de huwelijksvoltrekking, registratie van het partnerschap of omzetting van het geregistreerd partnerschap in een huwelijk te annuleren ongeacht de oorzaak: |
|
|
a. |
en de afmelding minstens vier weken voorafgaand aan de geplande datum aan de ambtenaar van de burgerlijke stand wordt medegedeeld, wordt ontheffing verleend van het bedrag dat op grond van dit hoofdstuk verschuldigd is, ter grootte van: |
100,00% |
|
b. |
en de afmelding niet minstens vier weken maar minstens twee weken voorafgaand aan de geplande datum aan de ambtenaar van de burgerlijke stand wordt medegedeeld, wordt ontheffing verleend van het bedrag dat op grond van dit hoofdstuk verschuldigd is, ter grootte van: |
50,00% |
|
c. |
en de afmelding korter dan twee weken voorafgaand aan de geplande datum aan de ambtenaar van de burgerlijke stand wordt medegedeeld, wordt ontheffing verleend van het bedrag dat op grond van dit hoofdstuk verschuldigd is, ter grootte van: |
0,00% |
|
Trouwboekje of partnerschapsboekje |
||
|
1.8 |
Het tarief bedraagt voor het verstrekken van een (duplicaat) huwelijksboekje of partnerschapsboekje: |
€ 57,65 |
|
Paragraaf 1.2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart |
||
|
Paspoorten of andere reisdocumenten |
||
|
1.9 |
Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van: |
|
|
a. |
een nationaal paspoort: |
|
|
|
1. voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is, is gelijk aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het bedrag wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. |
|
|
|
2. voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt, is gelijk aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het bedrag wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. |
|
|
b. |
een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in onderdeel a (zakenpaspoort): |
|
|
|
1. voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is, is gelijk aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het tarief wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. |
|
|
|
2. voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt, is gelijk aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het tarief wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. |
|
|
c. |
een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort): |
|
|
|
1. voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is, is gelijk aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het tarief wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. |
|
|
|
2. voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt, is gelijk aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het tarief wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. |
|
|
d. |
een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen is gelijk aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het tarief wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. |
|
|
Nederlandse identiteitskaart |
||
|
1.10 |
Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van: |
|
|
a. |
een Nederlandse identiteitskaart: |
|
|
|
1. voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is, is gelijk aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het tarief wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. |
|
|
|
2. voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt, is gelijk aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het tarief wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. |
|
|
b. |
een vervangende Nederlandse identiteitskaart voor een persoon met een uitreisverbod, ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon, is gelijk aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het tarief wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. |
|
|
Modaliteiten |
||
|
1.11 |
Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag: |
|
|
a. |
voor de versnelde uitreiking van een in de artikelen 1.9 en 1.10 genoemd document, zijnde een toeslag op de in die artikelen genoemde bedragen gelijk aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het tarief wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. |
|
|
b. |
voor het bezorgen van een in de artikelen 1.9 en 1.10 genoemd document, zijnde een toeslag op de in die artikelen genoemde bedragen gelijk aan het maximale tarief dat is vermeld in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden, zoals laatstelijk is vervangen of gewijzigd, met dien verstande dat het tarief wordt afgerond op € 0,05 naar beneden. |
|
|
Paragraaf 1.3 Rijbewijzen |
||
|
Rijbewijzen |
||
|
1.12 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs: het in bijlage VI van de Regeling tarieven Dienst Wegverkeer genoemde bedrag, vermeerderd met het in het artikel 104b van het Reglement rijbewijzen genoemde bedrag, waarbij de som van deze bedragen naar beneden wordt afgerond op een veelvoud van € 0,05. |
|
|
Modaliteiten |
||
|
1.13.1 |
Het tarief genoemd in artikel 1.12 wordt: |
|
|
a. |
bij een spoedaanvraag vermeerderd met het bedrag genoemd in de Regeling tarieven Dienst Wegverkeer en verminderd met het bedrag genoemd in bijlage VI onder afdracht van gemeenten van die Regeling. |
|
|
b. |
bij een aanvraag in verband met [beschadiging of] vermissing van een eerder afgegeven rijbewijs vermeerderd met: |
€ 14,50 |
|
1.13.2 |
De verhogingen genoemd in het eerste lid zijn in voorkomend geval cumulatief verschuldigd. |
|
|
1.13.3 |
Het tarief bedraagt voor het leveren van een papieren formulier gezondheidsverklaring CBR – Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen via de balie: |
€ 48,45 |
|
Paragraaf 1.4 Verstrekkingen in het kader van de basisregistratie persoonsgegevens |
||
|
Definities |
||
|
1.14 |
Voor de toepassing van artikel 1.15 wordt onder één verstrekking verstaan verstrekking van een of meer gegevens over één persoon waarvoor de basisregistratie personen moet worden geraadpleegd. |
|
|
Verstrekking van gegevens uit de basisregistratie personen |
||
|
1.15 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot: |
|
|
a. |
het verstrekken van gegevens: per verstrekking (1(gezins-) uittreksel uit de basisregistratie personen): |
€ 22,20 |
|
|
1. Indien de aanvraag als bedoeld in artikel 1.15.a via internet wordt gedaan, bedraagt het tarief: |
€ 15,45 |
|
|
2. indien de aanvraag als bedoeld in artikel 1.15.a via internet wordt gedaan en als digitale verstrekking aan een Almelose woningcorporatie wordt verstrekt. |
gratis |
|
b. |
het verstrekken van daartoe geschikte opgaven voor publicatie van geboorten, huwelijksaangiften, voltrokken huwelijken, partnerschapsregistraties en sterfgevallen bij afsluiten van een: |
|
|
|
1. maandabonnement: |
€ 89,90 |
|
|
2. jaarabonnement: |
€ 933,00 |
|
c. |
het verstrekken namens de Minister van BZK van 1 uittreksel uit de basisregistratie personen via de RNI-inschrijfvoorziening aan een niet-gezeten waarbij: |
|
|
|
1. de aanvraag als bedoeld in artikel 1.15.c via internet wordt gedaan en wordt betaald of de aanvraag via de balie wordt gedaan en wordt betaald: |
€ 19,15 |
|
|
2. de aanvraag als bedoeld in artikel 1.15.c via mail of post wordt gedaan en er een factuur wordt opgesteld voor het aangevraagde: |
€ 35,35 |
|
d. |
Inlichtingen uit de basisregistratie personen en inlichtingen en uittreksels uit de registers van de burgerlijke stand, die de pensioenuitvoerder nodig heeft met het oog op de uitvoering van zijn taak: |
gratis |
|
Gereserveerd |
||
|
1.16 |
|
|
|
Schriftelijke verstrekking |
||
|
1.17 |
In afwijking van het artikel 1.15 bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het schriftelijk verstrekken van gegevens bedoeld in artikel 17, tweede lid, van het Besluit basisregistratie personen: |
€ 7,50 |
|
Gereserveerd |
||
|
1.18 |
|
|
|
Paragraaf 1.5 Bestuursstukken |
||
|
Afschriften van bestuursstukken |
||
|
1.19 |
Afschriften van bestuursstukken zijn allemaal gratis digitaal online beschikbaar. Voor het verkrijgen van fysieke kopieën van stukken worden de tarieven onder artikel 1.34 opgelegd. |
|
|
Gereserveerd |
||
|
1.20 |
|
|
|
Paragraaf 1.6 Vastgoedinformatie |
||
|
Plan- of kaartinformatie |
||
|
1.21.1 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een ruimtelijk plan of deel daarvan, zoals omgevingsvisie, omgevingsplan, wegenkaart behorende bij de legger bedoeld in artikel 1.22, onderdeel b, luchtfoto, cyclomedia of hoogtemerkennet: |
|
|
a. |
Voor ieder daaraan besteed kwartier inclusief de tijd die besteed wordt aan het maken van fotokopie(en), scans of andere duplicatiemethoden van de te verstrekken stukken: (Indien de bestede tijd minder dan 30 minuten bedraagt dan zijn voor dit onderdeel geen leges verschuldigd.) |
€ 21,75 |
|
b. |
een eenmalig starttarief van: (Indien de bestede tijd minder dan 30 minuten bedraagt dan zijn voor dit onderdeel geen leges verschuldigd.) |
€ 16,50 |
|
1.21.2 |
Het op grond van het eerste lid verschuldigde bedrag wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld, tenzij de in artikel 1.21.a te besteden tijd onder de 30 minuten blijft. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. |
|
|
a. |
van een kopie (A4 of A3 formaat): |
€ 11,70 |
|
b. |
voor elke volgende kopie (A4 of A3 formaat): |
€ 11,70 |
|
Gereserveerd |
||
|
1.22 |
|
|
|
Gereserveerd |
||
|
1.23 |
|
|
|
Overig |
||
|
1.24 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot uitzetten van een rooilijn en/of de peilhoogte: |
€ 189,00 |
|
Paragraaf 1.7 Overige publiekszaken |
||
|
Overige publiekszaken |
||
|
1.25 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot: |
|
|
a. |
het verkrijgen van een verklaring omtrent het gedrag voor natuurlijke personen: |
€ 41,35 |
|
b. |
het verkrijgen van een legalisatie van een handtekening: |
€ 12,50 |
|
c. |
het verstrekken van een bewijs van Nederlanderschap: |
€ 22,20 |
|
|
1. indien de aanvraag als bedoeld in artikel 1.25c via internet wordt gedaan, bedraagt het tarief: |
€ 15,45 |
|
d. |
het verstrekken van iedere andere verklaring omtrent een bepaalde persoon: |
€ 24,35 |
|
Paragraaf 1.8 Gemeentearchief |
||
|
Naspeuringen in gemeentearchief |
||
|
1.26 |
Voor het op verzoek doen van naspeuringen of het opzoeken van in de in het gemeentearchief berustende stukken worden de tarieven onder artikel 1.34 opgelegd. |
|
|
Paragraaf 1.9 Bijzondere wetten |
||
|
Gereserveerd |
||
|
1.26 |
|
|
|
Gereserveerd |
||
|
1.27 |
|
|
|
Gereserveerd |
||
|
1.28 |
|
|
|
Gereserveerd |
||
|
1.29 |
|
|
|
Leegstandwet |
||
|
1.30.1 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: |
|
|
a. |
een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet: |
€ 186,00 |
|
b. |
verlenging van een vergunning tot tijdelijke verhuur van woonruimte als bedoeld in artikel 15, negende lid, van de Leegstandwet: |
€ 186,00 |
|
1.30.2 |
Als aanvragen als bedoeld in 1.30.1, onderdelen a en b, gelijktijdig worden ingediend en woonruimten in hetzelfde gebouw, zoals een flat, een school of een kantoor betreffen, worden de in die onderdelen bedoelde leges slechts eenmaal geheven. |
|
|
Wet op de kansspelen |
||
|
1.31.1 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen: |
|
|
a. |
voor een periode van twaalf maanden voor één kansspelautomaat: |
€ 56,50 |
|
b. |
voor een periode van twaalf maanden voor twee of meer kansspelautomaten, voor de eerste kansspelautomaat: |
€ 56,50 |
|
|
en voor iedere volgende kansspelautomaat: |
€ 34,00 |
|
c. |
voor één kansspelautomaat, welke vergunning geldt voor onbepaalde tijd: |
€ 226,50 |
|
d. |
voor twee of meer kansspelautomaten, welke vergunning geldt voor onbepaalde tijd, voor de eerste kansspelautomaat: |
€ 226,50 |
|
|
en voor iedere volgende kansspelautomaat: |
€ 136,00 |
|
1.31.2 |
Gereserveerd |
|
|
1.31.3 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de kansspelen (loterijvergunning): |
€ 60,00 |
|
Telecommunicatiewet |
||
|
1.32.1 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding in verband met het verkrijgen van instemming omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid, van de Telecommunicatiewet dan wel een aanvraag voor een vergunning voor het aanleggen van overige kabels en/of leidingen: |
€ 218,00 |
|
1.32.2 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding als bedoeld in artikel 2.1, lid 2, van de Algemene verordening ondergrondse infrastructuren (AVOI), omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden van niet ingrijpende aard: |
€ 39,70 |
|
Wegenverkeerswetgeving |
||
|
1.33 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: |
|
|
a. |
een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, alleen wanneer deze wordt verleend: |
|
|
|
1. als deze bij de aanvraag gelijk digitaal wordt betaald: |
€ 64,00 |
|
|
2. als deze na de aanvraag met een factuur wordt betaald: |
€ 84,55 |
|
b. |
Indien de aanvraag als bedoeld in artikel 1.33 a van deze verordening, wordt gedaan ten behoeve van: |
|
|
|
1. een verleende evenementvergunning zoals genoemd in artikel 3.6.1 a, b of c van deze verordening; |
|
|
|
2. een gemeld evenement op basis van artikel 2.25 a (meldingsplicht klein evenement) van de Algemene Plaatselijke Verordening, |
|
|
|
3. op basis van een bij de aanvrager in bezit zijnde en geldige landelijke RVV ontheffing verleend door Rijkswaterstaat; |
|
|
|
4. door een overheidsorganisatie ten behoeve van de door deze organisatie uitgevoerde diensten; |
|
|
|
dan wordt voor deze ontheffing geen leges geheven. |
gratis |
|
d. |
een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW), waarbij: |
|
|
|
1. een medische keuring noodzakelijk is: |
€ 122,00 |
|
|
2. geen medische keuring noodzakelijk is: |
€ 30,45 |
|
|
3. een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) voor het bestuur van een instelling als bedoeld in artikel 3.1.1 van de Wet langdurige zorg: |
€ 50,85 |
|
|
4. een duplicaat van een gehandicaptenparkeerkaart zoals bedoeld in artikel 1.33.c, onderdeel 1 en 2: |
€ 49,40 |
|
|
5. overeenkomstig het artikel 1.33c.1 geheven bedrag, wordt indien de aanvraag wordt ingetrokken voordat de medische keuring heeft plaatsgevonden het bedrag terugbetaald. |
|
|
d. |
in afwijking van het bepaalde in artikel 1.33 a, b en c is het tarief voor een ontheffing om langer te mogen parkeren in een blauwe zone: |
|
|
|
voor bezoekers voor maximaal 24 uur (zogeheten bezoekersregeling): |
|
|
|
1. indien de aanvraag hiervoor digitaal wordt gedaan (1x te gebruiken): |
€ 1,00 |
|
|
2. digitaal ook te verkrijgen in een bundel van 20 stuks: |
€ 20,00 |
|
|
3. digitaal ook te verkrijgen in een bundel van 50 stuks: |
€ 50,00 |
|
|
4. indien hiervoor aan de balie een boekje met kraskaarten wordt afgenomen (1 boekje bevat 20 afzonderlijk te gebruiken kraskaarten): |
€ 42,95 |
|
e. |
Het tarief bedraagt voor het verkrijgen van een ontheffing in de blauwe zone (de parkeerschijfzone als bedoeld in artikel 25 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens (RVV 1990 van 26 juli 1990, Stb. 459)): |
|
|
|
1. voor een eerste ontheffing van bewoners in de blauwe zone per jaar: |
€ 101,00 |
|
|
2. voor een tweede ontheffing van diezelfde bewoner per jaar: |
€ 128,00 |
|
|
3. voor een derde ontheffing van diezelfde bewoner per jaar: |
€ 163,00 |
|
|
4. voor een eerste ontheffing van ondernemers in de blauwe zone per jaar: |
€ 424,00 |
|
|
5. voor een tweede ontheffing van diezelfde ondernemer per jaar: |
€ 493,00 |
|
|
6. een derde ontheffing voor diezelfde ondernemer per jaar: |
€ 573,00 |
|
|
7. Als de gemeente een verleende ontheffing als bedoeld in de onderdelen 1.33e intrekt wegens afschaffing van het regime van de blauwe zone op de plaats waarop de ontheffing betrekking heeft, bestaat aanspraak op teruggaaf van zoveel twaalfde gedeelten van de geheven leges als dat er volle kalendermaanden zijn sinds de afschaffing van het regime van de blauwe zone. |
|
|
f. |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van de aanvraag om een gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats nabij de woning aan te leggen dan wel het verplaatsen van een gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats: |
|
|
|
1.Het behandelen en beoordelen van de aanvraag: |
€ 63,25 |
|
|
2. Bij positieve beoordeling de fysieke aanleg van de gehandicaptenparkeerplaats: |
€ 191,00 |
|
|
3. het wijzigen van een kenteken op het bord ten behoeve van een gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats: |
€ 80,60 |
|
|
4. het opheffen van een gehandicaptenparkeerplaats |
gratis |
|
g. |
een beschikking ingevolge de Wet personenvervoer, indien deze beschikking voor de aanvrager, dan wel voor diegene ten behoeve van wie de aanvraag is ingediend, gunstig is: |
€ 34,45 |
|
h. |
een ontheffing als bedoeld in artikel 5.2 (Voertuigen van autobedrijf en dergelijke) van de Algemene Plaatselijke Verordening: |
€ 73,65 |
|
i. |
een vergunning als bedoeld in artikel 4.13 (Opslag voertuigen, vaartuigen, mest, afvalstoffen en dergelijke) van de Algemene Plaatselijke Verordening: |
€ 73,65 |
|
j. |
een ontheffing op basis van artikel 22 van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen (Wvgs): |
€ 143,00 |
|
Paragraaf 1.10 Diversen |
||
|
(Gewaarmerkte) afschriften, kopieën, stukken of uittreksels |
||
|
1.34.1 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een (gewaarmerkte) afdruk, fotokopie, tekening, ingescand of digitaal document: |
|
|
a. |
Voor ieder daaraan besteed kwartier inclusief de tijd die besteed wordt aan het maken van fotokopie(ën), scans of andere duplicatiemethoden van de te verstrekken stukken: (Indien de bestede tijd minder dan 30 minuten bedraagt dan zijn voor dit onderdeel geen leges verschuldigd. Indien wel leges worden opgelegd dan worden de eerste 30 minuten niet in rekening gebracht) |
€ 21,75 |
|
b. |
een eenmalig starttarief van: (Indien de bestede tijd minder dan 30 minuten bedraagt dan zijn voor dit onderdeel geen leges verschuldigd.) |
€ 16,50 |
|
1.34.2.1 |
Het op grond van het eerste lid verschuldigde bedrag wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag zoals genoemd in artikel 1.34.1 aan de aanvrager meegedeeld, tenzij de in artikel 1.34.1.a te besteden tijd onder de 30 minuten blijft en de in artikel 1.34.4 genoemde leges onder de € 10,00 blijft. In dit laatste geval wordt de behandeling zonder mededeling gelijk gestart en zijn er geen leges verschuldigd. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. |
|
|
1.34.2.2 |
De aanvraag zoals genoemd in artikel 1.34.1 wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. |
|
|
1.34.3 |
Aanvullend op artikel 1.34.1 bedraagt het tarief voor het verkrijgen van een fotokopie per pagina: (Indien de leges voor dit onderdeel minder bedragen dan € 10,00 dan zijn voor dit onderdeel geen leges verschuldigd) |
|
|
a. |
Zwart-wit, enkelzijdig A4: |
€ 0,05 |
|
b. |
Zwart-wit, dubbelzijdig A4: |
€ 0,10 |
|
c. |
Kleur, enkelzijdig A4: |
€ 0,20 |
|
d. |
Kleur, dubbelzijdig A4: |
€ 0,40 |
|
e. |
Zwart-wit, enkelzijdig A3: |
€ 0,10 |
|
f. |
Zwart-wit, dubbelzijdig A3: |
€ 0,20 |
|
g. |
Kleur, enkelzijdig A3: |
€ 0,40 |
|
h. |
Kleur, dubbelzijdig A3: |
€ 0,80 |
|
i. |
per pagina op formaat A2 of gedeelte daarvan (op A0-printer): |
€ 2,50 |
|
j. |
per pagina op formaat A1 of gedeelte daarvan (op A0-printer): |
€ 5,00 |
|
k. |
per pagina op formaat A0 of gedeelte daarvan (op A0-printer): |
€ 7,50 |
|
1.34.4 |
De in de artikelen 1.34.1 en 1.34.3 genoemde leges worden niet opgelegd indien de aanvrager een niet commerciële directe ketenpartner van de gemeente Almelo is zoals: de brandweer, de omgevingsdienst Twente, etc. |
|
|
1.34.5 |
Fotokopieën van schriftelijke stukken, vervaardigd op grond van een verzoek ingevolge artikel 1 van de Wet open overheid bedragen per pagina: |
|
|
a. |
Zwart-wit, enkelzijdig A4: |
€ 0,05 |
|
b. |
Zwart-wit, dubbelzijdig A4: |
€ 0,10 |
|
c. |
Kleur, enkelzijdig A4: |
€ 0,20 |
|
d. |
Kleur, dubbelzijdig A4: |
€ 0,40 |
|
e. |
Zwart-wit, enkelzijdig A3: |
€ 0,10 |
|
f. |
Zwart-wit, dubbelzijdig A3: |
€ 0,20 |
|
g. |
Kleur, enkelzijdig A3: |
€ 0,40 |
|
h. |
Kleur, dubbelzijdig A3: |
€ 0,80 |
|
Diverse vergunningen of beschikkingen |
||
|
1.35 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: |
|
|
a. |
tot ontheffing als bedoeld in artikel 4.6 (overige geluidshinder) van de Algemene Plaatselijke Verordening: |
€ 303,00 |
|
b. |
voor een ontheffing of vergunning op basis van de Havenverordening Almelo 2021 of de Verordening voor pleziervaart en overige vaartuigen Almelo 2021 (excl. BTW): |
€ 86,10 |
|
c. |
om bodeminformatie uit het gemeentelijk bodeminformatiesysteem betreffende de bodemgesteldheid per adres of locatie: |
€ 79,35 |
|
d. |
voor het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 2:10 (Voorwerpen op, aan of boven openbare plaatsen) van de Algemene Plaatselijke Verordening (voorwerpen op, aan of boven de weg of op andere openbare plaatsen in strijd met de publieke functie van die weg of plaats), voor zover deze betrekking heeft op een uitstalling: |
€ 123,00 |
|
e. |
voor het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 2:10 (Voorwerpen op, aan of boven openbare plaatsen) van de Algemene Plaatselijke Verordening voor zover deze betrekking heeft op een uitstalling van een tent van meer dan 50 m²: |
€ 49,75 |
|
f. |
voor het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 2:6 (Verspreiden gedrukte of geschreven stukken of afbeeldingen) van de Algemene Plaatselijke Verordening, indien de activiteit een commercieel oogmerk dient: |
€ 110,00 |
|
|
1. indien de activiteit een ideëel oogmerk dient: |
gratis |
|
g. |
voor het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 5:13 (Inzamelen van geld of goederen of leden- of donateurwerving) van de Algemene Plaatselijke Verordening, indien de activiteit een commercieel oogmerk dient: |
€ 60,00 |
|
h. |
voor het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 2:10 (Voorwerpen op, aan of boven openbare plaatsen) van de Algemene Plaatselijke Verordening ten behoeve van bouwactiviteiten: |
€ 114,00 |
|
i. |
tot een beschikking op aanvraag, hieronder begrepen een niet geheel afwijzende beschikking, vergunning, ontheffing of verklaring, voor zover daarvoor niet elders in deze titel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen: |
€ 60,00Hoofdstuk 2 Omgevingswet |
|
Artikel |
Omschrijving |
Vast tarief |
Variabel tarief |
|
Paragraaf 2.1 Algemene bepalingen |
|||
|
Definities |
|
||
|
2.1.1 |
Begripsbepalingen die zijn opgenomen in de bijlage bij de Omgevingswet, in bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling, zijn van toepassing op dit hoofdstuk, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald. |
|
|
|
2.1.2 |
In dit hoofdstuk voorkomende begrippen die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander dan een in het eerste lid bedoeld wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald. |
|
|
|
2.1.3 |
In dit hoofdstuk wordt verstaan onder: |
|
|
|
|
- binnenplanse omgevingsplanactiviteit: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die niet in strijd is met het omgevingsplan; |
|
|
|
|
- binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij afwijkingsbevoegdheid: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan, maar die toelaatbaar is op grond van een afwijkingsbevoegdheid zoals opgenomen in het tijdelijke deel van het omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, aanhef en onder a, van de Omgevingswet; |
|
|
|
|
- binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan, maar die mogelijk is op grond van een wijzigingsbevoegdheid of het voldoen aan een uitwerkingsplicht zoals opgenomen in het tijdelijke deel van het omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, aanhef en onder a, van de Omgevingswet; |
|
|
|
|
- buitenplanse omgevingsplanacitiviteit: een activiteit waarvoor het omgevingsplan bepaalt dat een vergunning nodig is, maar waarbij de beoordelingsregels geen ruimte bieden om deze vergunning te verlenen. Het gaat om activiteiten die in strijd zijn met het omgevingsplan en die niet vallen onder een kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteit als bedoeld in bijlage I. |
|
|
|
|
- kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteit: een activiteit waarvoor het omgevingsplan bepaalt dat een vergunning nodig is, maar die van beperkte aard is en geen wezenlijke strijd oplevert met de ruimtelijke regels. De specifieke activiteiten die hieronder vallen, zijn opgenomen in bijlage I. |
|
|
|
2.1.4 |
In aanvulling op de in bijlage I bij de Omgevingsregeling opgenomen omschrijving van het begrip ‘bouwkosten’ betreffen de in die omschrijving: |
|
|
|
|
- onder a genoemde Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 de voorwaarden die bekendgemaakt zijn in Staatscourant 2012, 1567; |
|
|
|
|
- onder b bedoelde bouwkosten de kosten voor de fysieke realisatie (het bouwen) van het bouwwerk; |
|
|
|
|
- onder c bedoelde prijs de prijs exclusief omzetbelasting. |
|
|
|
2.1.5 |
In afwijking van bijlage I bij de Omgevingsregeling wordt onder bouwkosten verstaan de normbouwkosten voor de bouwactiviteit, als daarin is voorzien in de bij deze tarieventabel behorende “Nadere regels berekening bouwkosten 2026 gemeente Almelo” en de bij de aanvraag opgegeven bouwkosten meer dan 10% afwijken van deze normbouwkosten. |
|
|
|
2.1.6 |
Uitgangspunt “niet-standaard” bouwwerken": Voor bouwwerken die niet in bovenstaande tabel Bouwkosten zijn genoemd worden de bouwkosten (exclusief BTW) als uitgangspunt genomen. Onder bouwkosten wordt in deze gevallen verstaan de aan een derde in het economisch verkeer te betalen aanneemsom als bedoeld in paragraaf 1, lid 1 van de “Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken en technische installatiewerken 2012 (UAV 2012) van het uit te voeren werk, of, voor zover deze ontbreekt: een raming van de aan een derde in het economisch verkeer te betalen prijs voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft, berekend op de wijze als bedoeld in normblad NEN 2699, uitgave 2013, of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd (exclusief BTW). |
|
|
|
Dienstverlening en besluiten waarvoor leges worden geheven |
|
||
|
2.2 |
Leges worden geheven voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: |
|
|
|
a. |
vooroverleg; |
|
|
|
b. |
een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1 of artikel 22.8 van de Omgevingswet in samenhang met artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit; |
|
|
|
c. |
een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in artikel 4.5 van de Omgevingswet; |
|
|
|
d. |
toestemming voor het treffen van een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet; |
|
|
|
e. |
een wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning; |
|
|
|
f. |
intrekking van een omgevingsvergunning; |
|
|
|
g. |
wijziging van een besluit als bedoeld in de onderdelen b, c en d; |
|
|
|
h. |
een besluit in het kader van de Omgevingswet, anders dan bedoeld in de onderdelen b tot en met g. |
|
|
|
Bepalen tarief |
|
||
|
2.3.1 |
De in artikel 2.2 bedoelde leges worden geheven naar de tarieven zoals opgenomen in de volgende paragrafen van dit hoofdstuk. |
|
|
|
2.3.2 |
Als een aanvraag betrekking heeft op meerdere activiteiten, is het tarief opgebouwd uit de som van de verschuldigde leges behorend bij die activiteiten. |
|
|
|
2.3.3 |
Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag wordt in voorkomend geval verhoogd met het tarief voor een of meer modaliteiten bedoeld in paragraaf 2.12. |
|
|
|
2.3.4 |
Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag wordt in voorkomend geval verminderd overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 2.13. |
|
|
|
2.3.5 |
Het tarief behorend bij een aanvraag om een maatwerkvoorschrift of bij een aanvraag om toestemming om een gelijkwaardige maatregel te treffen is niet van toepassing als het onderwerp waarop het maatwerkvoorschrift betrekking heeft of de gelijkwaardige maatregel onderdeel is van een aanvraag om een omgevingsvergunning. |
|
|
|
2.3.6 |
In afwijking van het tweede en derde lid kan ook per activiteit of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd. |
|
|
|
Paragraaf 2.2 Voorfase |
|||
|
Vooroverleg |
|
||
|
2.4 |
Als de aanvraag betrekking heeft op het houden van vooroverleg over een of meer activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving, bedraagt het tarief: |
|
|
|
a. |
voor een verkennend overleg dat is gericht op het verkrijgen van een indicatie van de vergunbaarheid van een voorgenomen initiatief in het kader van de Omgevingswet, en op het inzichtelijk maken van de daarvoor benodigde procedure(s) (conceptaanvraag): |
gratis |
|
|
b. |
voor een overleg gericht op het beoordelen van de wenselijkheid van een voorgenomen initiatief (intaketafel): |
gratis |
|
|
c. |
voor een overleg gericht op het breder beoordelen van de haalbaarheid van een initiatief (omgevingstafel): |
€ 500,00 |
|
|
d. |
voor een overleg gericht op het krijgen van een principebesluit vanuit het College van burgemeester en wethouders: |
€ 2.109,00 |
|
|
e. |
voor de betrokkenheid en advisering door de omgevingsdienst gedurende de voorfase, waaronder het verstrekken van informatie en het beoordelen van een conceptaanvraag, worden de volgende tarieven gehanteerd: |
€ 801,00 |
|
|
Paragraaf 2.3 Activiteiten met betrekking tot bouwwerken |
|||
|
Bouwactiviteit (bouwtechnische deel) |
|
||
|
2.5 |
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in paragraaf 2.3.2 van het Besluit bouwwerken leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: |
|
|
|
a. |
indien de bouwkosten minder dan € 50.000 bedragen: |
1,00% |
|
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van: |
€ 270,00 |
|
|
b. |
indien de bouwkosten € 50.000 tot € 100.000 bedragen: |
€ 498,00 |
|
|
|
vermeerderd met: |
0,97% |
|
|
|
van het deel van de bouwkosten waarmee die bouwkosten € 50.000 te boven gaat; |
|
|
|
c. |
indien de bouwkosten € 100.000 tot € 250.000 bedragen: |
€ 981,00 |
|
|
|
vermeerderd met: |
0,93% |
|
|
|
van het deel van de bouwkosten waarmee die bouwkosten € 100.000 te boven gaat; |
|
|
|
d. |
indien de bouwkosten € 250.000 tot € 500.000 bedragen: |
€ 2.383,00 |
|
|
|
vermeerderd met: |
0,90% |
|
|
|
van het deel van de bouwkosten waarmee die bouwkosten € 250.000 te boven gaat; |
|
|
|
e. |
indien de bouwkosten € 500.000 tot € 1.000.000 bedragen: |
€ 4.643,00 |
|
|
|
vermeerderd met: |
0,85% |
|
|
|
van het deel van de bouwkosten waarmee die bouwkosten € 500.000 te boven gaat; |
|
|
|
f. |
indien de bouwkosten € 1.000.000 tot € 5.000.000 bedragen: |
€ 8.907,00 |
|
|
|
vermeerderd met: |
0,82% |
|
|
|
van hetc deel van de bouwkosten waarmee die bouwkosten € 1.000.000 te boven gaat; |
|
|
|
g. |
indien de bouwkosten € 5.000.000 tot € 10.000.000 bedragen: |
€ 41.871,00 |
|
|
|
vermeerderd met: |
0,80% |
|
|
|
van het deel van de bouwkosten waarmee die bouwkosten € 5.000.000 te boven gaat; |
|
|
|
h. |
indien de bouwkosten meer dan € 10.000.000 bedragen: |
€ 81.641,00 |
|
|
|
vermeerderd met: |
0,77% |
|
|
|
van het deel van de bouwkosten waarmee die bouwkosten € 10.000.000 te boven gaat; |
|
|
|
Omgevingsplanactiviteit: bouwactiviteit, in stand houden of gebruiken bouwwerk (ruimtelijke deel) |
|
||
|
2.6 |
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: |
|
|
|
a. |
indien de bouwkosten minder dan € 50.000 bedragen: |
1,41% |
|
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van: |
€ 270,00 |
|
|
b. |
indien de bouwkosten € 50.000 tot € 100.000 bedragen: |
€ 703,00 |
|
|
|
vermeerderd met: |
1,37% |
|
|
|
van het deel van de bouwkosten waarmee die bouwkosten € 50.000 te boven gaat; |
|
|
|
c. |
indien de bouwkosten € 100.000 tot € 250.000 bedragen: |
€ 1.386,00 |
|
|
|
vermeerderd met: |
1,32% |
|
|
|
van het deel van de bouwkosten waarmee die bouwkosten € 100.000 te boven gaat; |
|
|
|
d. |
indien de bouwkosten € 250.000 tot € 500.000 bedragen: |
€ 3.370,00 |
|
|
|
vermeerderd met: |
1,28% |
|
|
|
van het deel van de bouwkosten waarmee die bouwkosten € 250.000 te boven gaat; |
|
|
|
e. |
indien de bouwkosten € 500.000 tot € 1.000.000 bedragen: |
€ 6.573,00 |
|
|
|
vermeerderd met: |
1,21% |
|
|
|
van het deel van de bouwkosten waarmee die bouwkosten € 500.000 te boven gaat; |
|
|
|
f. |
over het deel van de bouwkosten vanaf €1.000.000 tot €5.000.000: |
€ 12.620,00 |
|
|
|
vermeerderd met: |
1,17% |
|
|
|
van het deel van de bouwkosten waarmee die bouwkosten € 1.000.000 te boven gaat; |
|
|
|
g. |
over het deel van de bouwkosten vanaf €5.000.000 tot €10.000.000: |
€ 59.360,00 |
|
|
|
vermeerderd met: |
1,13% |
|
|
|
van het deel van de bouwkosten waarmee die bouwkosten € 5.000.000 te boven gaat; |
|
|
|
h. |
indien de bouwkosten meer dan € 10.000.000 bedragen: |
€ 115.735,00 |
|
|
|
vermeerderd met: |
1,09% |
|
|
|
van het deel van de bouwkosten waarmee die bouwkosten € 10.000.000 te boven gaat; |
|
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.6.2 |
|
|
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.6.3 |
|
|
|
|
Omgevingsplanactiviteit: slopen van een bouwwerk |
|
||
|
2.7 |
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in paragraaf 2.3.2 van het Besluit bouwwerken leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: |
€ 540,00 |
|
|
Paragraaf 2.4 Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed |
|||
|
Omgevingsplanactiviteit: monumenten |
|
||
|
2.8.1 |
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, onder a, van de Omgevingswet, en deze activiteit betrekking heeft op een gemeentelijk of provinciaal monument (waaronder voorbeschermde monumenten), een archeologisch monument, een beschermd stads- of dorpsgezicht of op cultureel of werelderfgoed waarvoor het omgevingsplan een vergunningplicht bevat, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk: |
gratis |
|
|
2.8.2 |
Als de aanvraag betrekking heeft op een rijksmonumentenactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, onder b, van de Omgevingswet, met uitzondering van een activiteit met betrekking tot een archeologisch monument, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk: |
gratis |
|
|
2.8.3 |
Indien de aanvraag, bedoeld in het eerste of tweede lid, mede betrekking heeft op een archeologisch monument, worden de genoemde tarieven verhoogd met: |
0,00% |
|
|
2.8.4 |
De artikelen 2.8.1. , 2.8.2. en 2.8.3. zijn van overeenkomstige toepassing op aanvragen met betrekking tot monumenten of archeologische monumenten die zijn aangewezen op grond van de gemeentelijke erfgoedverordening, zolang in het omgevingsplan nog geen functieaanduiding is opgenomen of voorbeschermingsregel geldt als bedoeld in artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit. |
|
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.9 |
|
|
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.10 |
|
|
|
|
Gererveerd |
|
||
|
2.11 |
|
|
|
|
Paragraaf 2.5 Milieubelastende activiteiten |
|||
|
2.12 |
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit die bestaat uit een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, zoals opgenomen in artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet en als bedoeld in paragraaf 22.3.26 van het tijdelijke deel van het omgevingsplan, of uit een activiteit als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, die valt onder afdeling 3.2 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving (BAL), bedraagt het tarief: |
€ 2.675,00 |
|
|
Omgevingsplanactiviteit: paasvuren |
|
||
|
a. |
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit die bestaat uit het ontsteken van een paasvuur zoals bedoeld uit het (tijdelijke deel van het) omgevingsplan, bedraagt het tarief: |
€ 311,00 |
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.13 |
|
|
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.14 |
|
|
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.15 |
|
|
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.16 |
|
|
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.17 |
|
|
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.18 |
|
|
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.19 |
|
|
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.20 |
|
|
|
|
Paragraaf 2.6 Lozingsactiviteiten |
|||
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.21 |
|
|
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.22 |
|
|
|
|
Paragraaf 2.7 Aanlegactiviteiten |
|||
|
2.23 |
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, onder a, van de Omgevingswet, waarvoor in (het tijdelijke deel van) het omgevingsplan, als bedoeld in artikel 22.1, onder a, van die wet, een vergunningplicht is opgenomen, en de activiteit bestaat uit: 1. het opbreken van verharding in openbaar gebied; 2. het graven in openbaar gebied; 3. het aanleggen, verwijderen of in stand houden van kabels of leidingen in openbaar gebied, niet zijnde kabels als bedoeld in artikel 1.1 van de Telecommunicatiewet; 4. het graven of uitvoeren van werkzaamheden in een gebied met archeologische verwachtingswaarde, een beperkingengebied voor leidingen, een bijzonder landschapselement of een gebied met aardkundige waarde, bedraagt het tarief: |
€ 311,00 |
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.24 |
|
|
|
|
Omgevingsplanactiviteit: geluid weg |
|
||
|
2.25 |
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, onder a, van de Omgevingswet, en deze activiteit bestaat uit het aanleggen of wijzigen van een weg waarvoor een vergunningplicht geldt vanwege de aanwezigheid van geluidgevoelige gebouwen binnen het aandachtsgebied van die weg, bedraagt het tarief: |
€ 311,00 |
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.26 |
|
|
|
|
Omgevingsplanactiviteit: uitweg/uitrit |
|
||
|
2.27 |
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg, bedoeld artikel 2:12 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: |
€ 311,00 |
|
|
Omgevingsplanactiviteit: overige aanlegactiviteiten |
|
||
|
2.28 |
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of een werkzaamheid (aanlegactiviteit), niet zijnde een activiteit die in de voorgaande artikelen van deze paragraaf is benoemd, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: |
€ 311,00 |
|
|
Paragraaf 2.8 Overige activiteiten |
|||
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.29 |
|
|
|
|
Omgevingsplanactiviteit: kappen van bomen of vellen van houtopstanden |
|
||
|
2.30 |
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het vellen van een houtopstand, bedoeld in artikel 3 van de bomenverordening 2011 in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: |
€ 163,00 |
|
|
Omgevingsplanactiviteit: reclame |
|
||
|
2.31 |
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit handelsreclame met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die zichtbaar is vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats, als bedoeld in artikel 4:15 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, en als niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in paragraaf 2.3, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: |
€ 136,00 |
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.32 |
|
|
|
|
Omgevingsplanactiviteit: standplaatsen |
|
||
|
2.33 |
Zie hoofdstuk 3. |
|
|
|
Andere activiteiten |
|
||
|
2.34 |
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een andere activiteit dan in deze paragraaf of de voorgaande paragrafen van dit hoofdstuk bedoeld, en die activiteit is aangewezen als vergunningplichtige activiteit bij of krachtens artikel 5.1 van de Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: |
€ 311,00 |
|
|
Paragraaf 2.9 Maatwerkvoorschriften bij bouwactiviteiten |
|||
|
Maatwerkvoorschriften bij bouwactiviteiten |
|
||
|
2.35 |
Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een bouw- of sloopactiviteit, bedraagt het tarief: |
|
|
|
a. |
voor een maatwerkvoorschrift dat verband houdt met een bouw- of sloopactiviteit, met uitzondering van het in onderdeel b bedoelde geval, per maatwerkvoorschrift: |
€ 544,00 |
|
|
b. |
voor een maatwerkvoorschrift dat betrekking heeft op de ingebruikname van een bouwwerk met een geringe afwijking van het Besluit bouwwerken leefomgeving, geconstateerd binnen het stelsel van private kwaliteitsborging, per maatwerkvoorschrift: |
€ 1.600,00 |
|
|
Maatwerkvoorschriften bij milieubelastende activiteiten |
|
||
|
2.36 |
Voor een aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften met betrekking tot milieubelastende activiteiten, ongeacht of deze onder hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving vallen of een andere milieubelastende activiteit betreffen, bedraagt het tarief: |
€ 1.363,00 |
|
|
Maatwerkvoorschriften bij overige activiteiten |
|
||
|
2.37 |
Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere activiteit dan genoemd in de artikelen 2.35 en 2.36, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift: |
€ 311,00 |
|
|
Paragraaf 2.10 Maatwerkvoorschriften bij overige activiteiten |
|||
|
Gelijkwaardige maatregel |
|
||
|
2.38.1 |
Het tarief bedraagt voor het aanvragen van toestemming voor een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. |
Begroting |
|
|
2.38.2 |
Het op grond van het eerste lid verschuldigde bedrag wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. |
|
|
|
Paragraaf 2.11 Overige tarieven |
|||
|
Verlengen tijdelijke omgevingsvergunning bouwactiviteit |
|
||
|
2.39 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om verlenging van de in een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit gestelde termijn, bedoeld in artikel 10.23, tweede lid, van het Omgevingsbesluit: |
€ 311,00 |
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.40 |
|
|
|
|
Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning |
|
||
|
2.41 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning: |
€ 311,00 |
|
|
Intrekken omgevingsvergunning |
|
||
|
2.42 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning, tenzij artikel 2.58 van toepassing is: |
gratis |
|
|
Beoordeling aanvullende gegevens |
|
||
|
2.43 |
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief per keer dat aanvullende gegevens in behandeling worden genomen, die worden ingediend nadat de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, in behandeling is genomen: |
€ 311,00 |
|
|
Beoordeling onderzoeksrapporten |
|
||
|
2.44 |
De in artikel 2.49 opgenomen tarieven zijn van overeenkomstige toepassing op het in behandeling nemen van een aanvraag tot het beoordelen van een onderzoeksrapport, zonder dat sprake is van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ander besluit. |
|
|
|
Wijzigen van het omgevingsplan |
|
||
|
2.45.1 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van het omgevingsplan: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. |
Begroting |
|
|
2.45.2 |
Als een begroting als bedoeld in artikel 2.45.1 is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. |
|
|
|
2.45.3 |
Geen tarief is verschuldigd indien de kosten van het wijzigen van het omgevingsplan krachtens afdeling 13.6 of 13.7 van de Omgevingswet worden verhaald. |
|
|
|
Niet genoemd besluit op aanvraag |
|
||
|
2.46 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een ander, in dit hoofdstuk niet benoemd besluit op grond van de Omgevingswet, de op die wet gebaseerde algemene maatregelen van bestuur of het omgevingsplan: |
€ 311,00 |
|
|
Paragraaf 2.12 Modaliteiten |
|||
|
Afwijken van het (tijdelijke) omgevingsplan (met of zonder bouwactiviteit) |
|
||
|
2.46.1 |
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief: |
|
|
|
a. |
voor het beoordelen of gebruik kan worden gemaakt van een binnenplanse afwijkingsbevoegdheid in het tijdelijke deel van het omgevingsplan: |
€ 545,00 |
|
|
b. |
voor het beoordelen of gebruik kan worden gemaakt van een wijzigingsbevoegdheid of aan een uitwerkingsplicht wordt voldaan in het omgevingsplan: |
€ 1.090,00 |
|
|
c. |
voor het beoordelen of een afwijking van het omgevingsplan mogelijk is met toepassing van een kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in bijlage I: |
€ 545,00 |
|
|
d. |
voor het beoordelen of een afwijking van het omgevingsplan mogelijk is in andere gevallen dan genoemd in de onderdelen a tot en met c: |
€ 5.300,00 |
|
|
2.46.2 |
Geen tarief is verschuldigd indien de kosten van het wijzigen van het omgevingsplan krachtens afdeling 13.6 of 13.7 van de Omgevingswet worden verhaald. |
|
|
|
Achteraf ingediende aanvraag |
|
||
|
2.47 |
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de activiteit, worden de op grond van de paragrafen 2.3 tot en met 2.8 verschuldigde leges verhoogd met: |
10% |
|
|
|
van de op grond van dat onderdeel verschuldigde leges met een maximum van: |
€ 10.000,00 |
|
|
Uitgebreide voorbereidingsprocedure |
|
||
|
2.48 |
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is op de voorbereiding van het besluit en sprake is van een milieubelastende activiteit: |
€ 2.368,00 |
|
|
Beoordeling onderzoeksrapporten |
|
||
|
2.49 |
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als krachtens wettelijk voorschrift voor de betreffende aanvraag een rapport moet worden beoordeeld: |
|
|
|
a. |
voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport: |
€ 795,00 |
|
|
b. |
voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport: |
€ 461,00 |
|
|
c. |
voor de beoordeling van een milieueffectrapportage (MER): |
€ 2.271,00 |
|
|
d. |
voor de beoordeling van een niet in de voorgaande onderdelen genoemd rapport: |
€ 461,00 |
|
|
Advies |
|
||
|
2.50.1 |
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet: |
|
|
|
a. |
voor een advies van de gemeenteraad: |
gratis |
|
|
b. |
voor een advies van de stadsbouwmeester Almelo, hetzij over redelijke eisen van welstand als bedoeld in de gemeentelijke beleidsregels bedoeld in artikel 4.19 van de Omgevingswet, hetzij over andere aspecten van een aanvraag, bedraagt het tarief: |
gratis |
|
|
c. |
voor een advies van de stadsbouwmeester Almelo in andere gevallen dan artikel 2.50.1b: |
€ 311,00 |
|
|
d. |
voor een advies van de omgevingsdienst dat betrekking heeft op geluid, geur, licht en lucht: |
€ 1.673,00 |
|
|
e. |
voor een advies van de omgevingsdienst in overige gevallen: |
€ 720,00 |
|
|
Instemming |
|
||
|
2.51.1 |
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op de aanvraag op grond van artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een bestuursorgaan: |
|
|
|
|
het bedrag dat dit bestuursorgaan aan rechten zou heffen als het voor de activiteit waarvoor instemming wordt verzocht zelf bevoegd gezag zou zijn. |
|
|
|
2.51.2 |
Het bedrag bedoeld in artikel 2.51.1, wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. |
|
|
|
Paragraaf 2.13 Vermindering |
|||
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.52 |
|
|
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.53 |
|
|
|
|
Paragraaf 2.14 Teruggaaf |
|||
|
Teruggaaf bij aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig |
|
||
|
2.54 |
Als het college van burgemeester en wethouders op grond van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning oordeelt dat voor de voorgenomen activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: |
85% |
|
|
|
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. |
|
|
|
Teruggaaf als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten |
|
||
|
2.55 |
Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt: |
85% |
|
|
|
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. |
|
|
|
Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij reguliere procedure |
|
||
|
2.56 |
Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift, op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is, geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: |
|
|
|
a. |
indien een ruimtelijk initiatief, aanvraag of omgevingsplanactiviteit wordt ingetrokken binnen 3 dagen na indiening, bedraagt de teruggaaf van de voor die onderdelen verschuldigde leges: |
100% |
|
|
b. |
indien een ruimtelijk initiatief, aanvraag of omgevingsplanactiviteit wordt ingetrokken na 3 dagen en binnen twee weken na indiening, bedraagt de teruggaaf van de voor die onderdelen verschuldigde leges: |
75% |
|
|
c. |
indien een ruimtelijk initiatief, aanvraag of omgevingsplanactiviteit wordt ingetrokken na twee weken na indiening, bedraagt de teruggaaf van de voor die onderdelen verschuldigde leges: |
50% |
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.57 |
|
|
|
|
Gereserveerd |
|
||
|
2.58 |
|
|
|
|
Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten |
|
||
|
2.59 |
|
|
|
|
a. |
Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: |
25% |
|
|
|
van de voor de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is geweigerd verschuldigde leges. |
|
|
|
b. |
Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak. |
|
|
|
2.60 |
De leges voor het in behandeling nemen van een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8, worden verrekend met de totaal opgelegde leges en gedane teruggave(n) van een eerdere ingetrokken aanvraag van een omgevingsvergunning (artikel 2.56 of 2.57) of een geweigerde aanvraag (artikel 2.59) , indien de aanvrager en de locatie hetzelfde zijn en de nieuwe aanvraag geen compleet nieuwe omgevingsvergunning betreft. De nieuwe aanvraag dient te worden ingediend binnen twaalf maanden na de intrekking of de weigering. |
|
|
|
Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten |
|
||
|
2.61 |
In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12. met uitzondering van artikel 2.46a. |
|
|
|
Minimumbedrag voor teruggaaf |
|
||
|
2.62 |
Een bedrag minder dan: |
€ 310,00 |
|
Hoofdstuk 3 Europese dienstenrichtlijn
|
Artikel |
Omschrijving |
Verkooptarief |
|
Paragraaf 3.1 Horeca |
||
|
Exploitatie openbare inrichting |
||
|
3.1.1 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: |
|
|
a. |
een aanvraag om een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28 (vergunningplicht openbare inrichting), eerste lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening (als voor de betreffende openbare inrichting geen vergunning nodig is als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Alcoholwet) vanaf 1 tot 5 leidinggevenden (commercieel): |
€ 702,00 |
|
b. |
een aanvraag om een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28 (vergunningplicht openbare inrichting), eerste lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening (als voor de betreffende openbare inrichting geen vergunning nodig is als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Alcoholwet) vanaf 5 leidinggevenden en hoger (commercieel): |
€ 905,00 |
|
c. |
een aanvraag om een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28 (vergunningplicht openbare inrichting), eerste lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening (als voor de betreffende openbare inrichting geen vergunning nodig is als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Alcoholwet) vanaf 1 tot 5 leidinggevenden (paracommercieel): |
€ 499,00 |
|
d. |
een aanvraag om een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28 (vergunningplicht openbare inrichting), eerste lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening (als voor de betreffende openbare inrichting geen vergunning nodig is als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Alcoholwet) vanaf 5 leidinggevenden en hoger (paracommercieel): |
€ 580,00 |
|
Uitoefenen horeca- of slijtersbedrijf |
||
|
3.1.2 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: |
|
|
a. |
een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Alcoholwet vanaf 1 tot 5 leidinggevenden (slijterij): |
€ 751,00 |
|
b. |
een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Alcoholwet vanaf 5 leidinggevenden en hoger (slijterij): |
€ 954,00 |
|
c. |
een aanvraag om vergunning als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Alcoholwet (horecabedrijf), als voor het betreffende horecabedrijf geen vergunning nodig is als bedoeld in artikel 2:28, eerste lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening, vanaf 1 tot 5 leidinggevenden: |
€ 751,00 |
|
d. |
een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Alcoholwet (horecabedrijf), als voor het betreffende horecabedrijf geen vergunning nodig is als bedoeld in artikel 2:28, eerste lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening, vanaf 5 leidinggevenden en hoger: |
€ 954,00 |
|
e. |
een gelijktijdige aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Alcoholwet (horecabedrijf) en een vergunning als bedoeld in artikel 2:28, eerste lid, (openbare inrichting) van de Algemene Plaatselijke Verordening, vanaf 1 tot 5 leidinggevenden (commercieel): |
€ 775,00 |
|
f. |
een gelijktijdige aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Alcoholwet (horecabedrijf) en een vergunning als bedoeld in artikel 2:28, eerste lid, (openbare inrichting) van de Algemene Plaatselijke Verordening, vanaf 5 leidinggevenden en hoger (commercieel): |
€ 978,00 |
|
g. |
een gelijktijdige aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Alcoholwet (horecabedrijf) en in artikel 2:28, eerste lid, (openbare inrichting) van de Algemene Plaatselijke Verordening vanaf 1 tot 5 leidinggevenden (paracommercieel): |
€ 572,00 |
|
h. |
een gelijktijdige aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Alcoholwet (horecabedrijf) en in artikel 2:28, eerste lid, (Vergunningplicht openbare inrichting) van de Algemene Plaatselijke Verordening vanaf 5 leidinggevenden en hoger (paracommercieel): |
€ 653,00 |
|
i. |
een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 35, eerste lid, van de Alcoholwet (tapontheffing): |
€ 115,00 |
|
j. |
een aanvraag om een ontheffing voor de sluitingstijden van een terras per terassenseizoen (van 01.00 uur naar 02.00 uur), als bedoeld in artikel 2:29 (terrassenseizoen), negende tot en met het elfde lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening: |
€ 50,00 |
|
k. |
een aanvraag om een vergunning of ontheffing genoemd in deze paragraaf als deze buiten behandeling wordt gelaten: |
€ 283,00 |
|
Wijziging horeca- of slijtersbedrijf en/of openbare inrichting |
||
|
3.2 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: |
|
|
a. |
een aanvraag om wijziging van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a, eerste en tweede lid, van de Alcoholwet en/of als bedoeld in artikel 2:28e, eerste lid tot en met het derde lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening, indien er sprake is van een vervanging of toevoegen van een leidinggevende voor 1 leidinggevende: |
€ 116,00 |
|
b. |
bovenop het tarief in 3.2.a, voor iedere extra leidinggevende: |
€ 35,05 |
|
c. |
een aanvraag om wijziging van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a, eerste en tweede lid, van de Alcoholwet en/of als bedoeld in artikel 2:28e, eerste lid tot en met het derde lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening, indien er sprake is van alleen het laten doorhalen van één of meer leidinggevende(n): |
gratis |
|
d. |
een aanvraag om wijziging van een vergunning als bedoeld in artikel 30 van de Alcoholwet en/of als bedoeld in artikel 2:28d , eerste lid tot en met het derde lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening, voor wijziging van: |
|
|
|
1. de handelsnaam waaronder wordt geexploiteerd en het nummer van inschrijving in het handelsregister bij de Kamer van Koophandel: |
€ 65,25 |
|
|
2. de lokaliteiten en de afmetingen van de openbare inrichting: |
€ 65,25 |
|
|
3. de afmetingen, oppervlakte en situering van een terras: |
€ 338,00 |
|
|
4. de openingstijden van de openbare inrichting en/of het terras: |
€ 338,00 |
|
|
5. de bedrijfsuitoefening waartoe de vergunning strekt: |
€ 65,25 |
|
|
6. de voorschriften en/of beperkingen die aan de vergunning zijn verbonden: |
€ 65,25 |
|
|
de bedragen genoemd in het artikel 3.2.d leden 1 tot en met 6 zijn in voorkomend geval cumulatief verschuldigd. |
|
|
Paragraaf 3.2 Seksbedrijven |
||
|
Vergunning seksbedrijf |
||
|
3.3.1 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: |
|
|
a. |
een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 3:2 van de Algemene Plaatselijke Verordening bij het aantal beheerders van het seksbedrijf, vanaf 1 tot 5 beheerders: |
€ 844,00 |
|
b. |
een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 3:2 van de Algemene Plaatselijke Verordening bij het aantal beheerders van het seksbedrijf, vanaf 5 beheerders en hoger: |
€ 1.047,00 |
|
3.3.2 |
Als een aanvraag voor een vergunning genoemd in deze paragraaf buiten behandeling wordt gelaten wordt in rekening gebracht: |
€ 283,00 |
|
Wijziging vergunning seksbedrijf |
||
|
3.4.1 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: |
|
|
a. |
een aanvraag om wijziging van het aanhangsel, als bedoeld in artikel 3:9, eerste tot en met het vierde lid, indien er sprake is van een vervanging of toevoegen van 1 beheerder: |
€ 117,00 |
|
b. |
bovenop het tarief in 3.4.1.a, voor iedere extra beheerder: |
€ 35,10 |
|
c. |
Een aanvraag om wijziging van het aanhangsel als bedoeld in artikel 3:9, eerste tot en met het vierde lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening, indien er sprake is van het alleen laten doorhalen van één of meer beheerder(s): |
gratis |
|
3.4.2 |
Het tarief bedraagt voor een aanvraag om wijziging in de omschrijving van een vergunning als bedoeld in artikel 3:8, eerste tot en met het derde lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening, voor wijziging van: |
|
|
|
1. de lokaliteiten en afmetingen van de seksinrichting: |
€ 65,25 |
|
|
2. de openingstijden van het seksbedrijf en de onder het seksbedrijf vallende seksinrichting: |
€ 338,00 |
|
|
3. het telefoonnummer dat in advertenties wordt gebruikt: |
€ 65,25 |
|
|
4. de voorschriften en/of beperkingen die aan de vergunning zijn verbonden: |
€ 65,25 |
|
|
de bedragen genoemd in het artikel 3.4.2 leden 1 tot en met 4 zijn in voorkomend geval cumulatief verschuldigd. |
|
|
Paragraaf 3.3 Winkeltijdenwet |
||
|
Ontheffing winkeltijden |
||
|
3.5 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: |
|
|
a. |
een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet: |
€ 319,00 |
|
Paragraaf 3.4 Organiseren evenement of markt |
||
|
Organiseren evenement |
||
|
3.6.1 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2:25 (vergunningplicht evenementen), eerste lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening: |
|
|
a. |
indien het een evenement betreft dat moet worden beschouwd als een evenement van de risicocategorie A op basis van de risicoclassificatie van de Veiligheidsregio Twente: |
€ 50,00 |
|
b. |
indien het een evenement betreft dat moet worden beschouwd als een evenement van de risicocategorie B op basis van de risicoclassificatie van de Veiligheidsregio Twente: |
€ 341,00 |
|
c. |
indien het een evenement betreft dat moet worden beschouwd als een evenement van de risicocategorie C op basis van de risicoclassificatie van de Veiligheidsregio Twente: |
€ 438,00 |
|
Organiseren voetbalwedstrijd |
||
|
3.6.2 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning tot het houden van een voetbalwedstrijd als bedoeld in artikel 2:26b, eerste lid, (Vergunningsplicht voetbalwedstrijden) van de Algemene Plaatselijke Verordening: |
|
|
a. |
indien de aanvraag betrekking heeft op een seizoenshelft (Eredivisie en/of Eerste Divisie): |
€ 411,00 |
|
b. |
indien de aanvraag betrekking heeft op één wedstrijd (Eredivisie en/of Eerste Divisie): |
€ 411,00 |
|
c. |
indien de aanvraag betrekking heeft op een voetbalwedstrijd georganiseerd in het kader van de Koninklijke Nederlandse Voetbal Bond Beker (KNVB Beker): |
€ 205,00 |
|
d. |
Indien de aanvraag betrekking heeft op een overige voetbalwedstrijd, waarbij ten minste één betaald voetbalorganisatie of een nationaal elftal is betrokken: |
€ 411,00 |
|
Gereserveerd |
||
|
3.7 |
|
|
|
Paragraaf 3.5 Standplaatsen |
||
|
Marktstandplaatsvergunningen en andere vergunningen op markt |
||
|
3.8 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: |
|
|
a. |
om plaatsing op de wachtlijst voor aanvragen commerciële standplaatsen als bedoeld in artikel 5:18 (Standplaatsvergunning en weigeringsgronden) van de Algemene Plaatselijke Verordening: |
€ 33,00 |
|
b. |
voor verlenging van de plaatsing op de wachtlijst voor aanvragen commerciële standplaatsen als bedoeld in artikel 5:18 (Standplaatsvergunning en weigeringsgronden) van de Algemene Plaatselijke Verordening: |
€ 16,25 |
|
c. |
voor het verkrijgen van een vergunning voor het innemen van een incidentele commerciële standplaatslocatie op basis van artikel 5:18 (Standplaatsvergunning en weigeringsgronden) van de Algemene Plaatselijke Verordening: |
€ 137,00 |
|
d. |
voor het verkrijgen van een vergunning voor het innemen van een bestaande vaste commerciële standplaatslocatie op basis van artikel 5:18 (Standplaatsvergunning en weigeringsgronden) van de Algemene Plaatselijke Verordening: |
€ 150,00 |
|
e. |
voor het verkrijgen van een vergunning voor het innemen van een nieuw aan te wijzen vaste commerciële standplaatslocatie op basis van artikel 5:18 (Standplaatsvergunning en weigeringsgronden) van de Algemene Plaatselijke Verordening: |
€ 281,00 |
|
Gereserveerd |
||
|
3.9 tot en met 3.16 |
|
|
|
Paragraaf 3.6 Huisvestingswet 2014 |
||
|
Verhuurvergunning opkoopbescherming |
||
|
3.17 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning om een woonruimte in gebruik te geven binnen een periode van vier jaar na de datum van inschrijving in de openbare registers van de akte van levering van die woonruimte aan de nieuwe eigenaar, als bedoeld in artikel 41, eerste lid, van de Huisvestingswet 2014: |
€ 504,00 |
|
Paragraaf 3.7 In dit hoofdstuk niet genoemd besluit |
||
|
Niet benoemd besluit op aanvraag |
||
|
3.18 |
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in dit hoofdstuk niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking: |
|
|
3.18.1 |
een verzoek als bedoeld in artikel 5:32 (Crossterreinen), tweede lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening: |
€ 103,00 |
|
3.18.2 |
het verstrekken van een beschikking op aanvraag, hieronder begrepen een niet geheel afwijzende beschikking, vergunning of verklaring, voor zover daarvoor niet elders in deze titel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen: |
€ 60,00 |
|
|
|
|
|
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van donderdag 6 november 2025, |
||
|
|
|
|
|
De griffier, |
||
|
|
|
|
|
drs. J.W. Scherpenzeel |
||
|
|
|
|
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl