VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN PARKEERBELSTINGEN 2026

Geldend van 01-01-2026 t/m heden

Intitulé

VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN PARKEERBELSTINGEN 2026

De raad van de gemeente Vlissingen;

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders

gelet op artikel 225 van de Gemeentewet;

besluit vast te stellen de:

Verordening op de heffing en invordering van parkeerbelastingen 2026

_______________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________

Artikel 1 - Definities en begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    belanghebbendenplaats: een parkeerplaats die is aangeduid met bord E9 uit bijlage 1 van het RVV 1990, of gelegen is binnen een zone aangeduid met bord E9 uit bijlage 1 van het RVV 1990 met het opschrift zone;

  • b.

    centrale computer: computer van één of meer bedrijven waarmee de gemeente Vlissingen een overeenkomst heeft gesloten, bestemd voor de registratie van betaald parkeren met gebruik van een telefoon of een chipkaart;

  • c.

    college: het college van burgemeester en wethouders van de Gemeente Vlissingen;

  • d.

    dag: etmaal;

  • e.

    houder: degene op wiens naam het voor het motorvoertuig opgegeven kenteken ten tijde van het parkeren was ingeschreven in het krachtens de Wegenverkeerswet 1994 aangehouden register van opgegeven kentekens;

  • f.

    kwartaal: kalenderkwartaal;

  • g.

    maand: kalendermaand;

  • h.

    mantelzorg: langdurige zorg die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende door personen uit diens directe omgeving, waarbij zorgverlening rechtstreeks voortvloeit uit de sociale relatie en de gebruikelijke zorg van huisgenoten voor elkaar overstijgt;

  • i.

    mantelzorger: persoon die mantelzorg verleent en bij het Loket Wmo van de gemeente Vlissingen geregistreerd staat als mantelzorger en/of bij de huisarts van de persoon aan wie mantelzorg wordt verleend bekend is als mantelzorger;

  • j.

    motorvoertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV 1990 met inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel 1 van het RVV 1990, met uitzondering van voertuigen hoger dan 2,40 meter en zwaarder dan 28.000 kilogram;

  • k.

    parkeerapparatuur: parkeermeters, parkeerautomaten met inbegrip van verzamelparkeermeters en hetgeen naar maatschappelijke opvatting overigens onder parkeerapparatuur wordt verstaan;

  • l.

    parkeerapparatuurplaats: een parkeerplaats waarvoor parkeerbelasting wordt geheven door middel van parkeerapparatuur;

  • m.

    parkeervergunning: een door het college verleende vergunning, krachtens welke het is toegestaan een motorvoertuig te parkeren op daartoe aangewezen parkeerapparatuur- en/of belanghebbendenplaatsen;

  • n.

    parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten staan van een motorvoertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen van goederen, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden;

  • o.

    POET-lijst: de (Parkeren Op Eigen Terrein)-lijst met adressen, vastgesteld door het college, waarvoor geldt dat deze niet in aanmerking komen voor een bewoners- of bedrijfsvergunning, óf slechts in aanmerking komen voor één bewoners- of bedrijfsvergunning;

  • p.

    RVV 1990: het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;

  • q.

    vergunninghouder: de natuurlijke of rechtspersoon aan wie een parkeervergunning is verleend;

  • r.

    week: een tijdvak van 7 etmalen aanvangende maandag 0.00 uur.

Artikel 2 - Belastbaar feit

Onder de naam "parkeerbelastingen" worden de volgende belastingen geheven:

  • a.

    een belasting ter zake van het parkeren van een motorvoertuig op een bij, dan wel krachtens deze verordening in de daarin aangewezen gevallen door het college te bepalen plaats, tijdstip en wijze;

  • b.

    een belasting ter zake van een van gemeentewege verleende parkeervergunning voor het parkeren van een motorvoertuig op de in die vergunning aangegeven plaats en wijze.

Artikel 3 - Belastingplicht

  • 1.

    De belasting bedoeld in artikel 2, sub a, wordt geheven van degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd.

  • 2.

    Als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd wordt mede aangemerkt:

  • a.

    degene die de belasting voldoet, dan wel te kennen geeft of heeft gegeven de belasting te willen voldoen;

  • b.

    zolang geen voldoening van de belasting genoemd in artikel 2, sub a, heeft plaatsgevonden: de houder van het motorvoertuig met dien verstande dat:

  • 1.

    als een voor ten hoogste drie maanden aangegane huurovereenkomst wordt overgelegd waaruit blijkt wie ten tijde van het parkeren ingevolge deze overeenkomst de huurder van het motorvoertuig was, niet de houder maar de huurder, wordt aangemerkt als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd;

  • 2.

    als blijkt dat een ander in het kentekenregister had moeten staan ingeschreven, die ander wordt aangemerkt als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd.

  • 3.

    De belasting bedoeld in artikel 2, sub a, wordt niet geheven van degene die op de voet van het tweede lid van dit artikel, sub b, als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd wordt aangemerkt, als deze aannemelijk maakt dat ten tijde van het parkeren een ander tegen zijn wil van het motorvoertuig gebruik heeft gemaakt en dat hij dit gebruik redelijkerwijs niet heeft kunnen voorkomen.

  • 4.

    De belasting bedoeld in artikel 2, sub b, wordt geheven van degene die de parkeervergunning heeft aangevraagd.

Artikel 4 - Maatstaf van heffing, belastingtarief en belastingtijdvak

De maatstaf van heffing, het belastingtarief en het belastingtijdvak zijn vermeld in de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende tarieventabel.

Artikel 5 - Wijze van heffing

  • 1.

    De belasting bedoeld in artikel 2, sub a, wordt geheven door voldoening op aangifte. Als voldoening op aangifte wordt aangemerkt het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen van de parkeerapparatuur op de daartoe bestemde wijze en met inachtneming van de door het college gestelde voorschriften.

  • 2.

    De belasting bedoeld in artikel 2, sub b, wordt geheven door voldoening op aangifte.

Artikel 6 - Ontstaan van de belastingschuld

  • 1.

    De belasting bedoeld in artikel 2, sub a, is verschuldigd bij de aanvang van het parkeren, tenzij het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen van de parkeerapparatuur geschiedt door het via de telefoon inloggen op de centrale computer.

  • 2.

    De belasting bedoeld in artikel 2, sub b, is verschuldigd op het tijdstip waarop de parkeervergunning wordt verleend.

Artikel 7 – Termijnen van betaling

  • 1.

    De belasting bedoeld in artikel 2, sub a, moet overeenkomstig de aangifte worden betaald bij de aanvang van het parkeren.

  • 2.

    In afwijking van het bepaalde in lid één van dit artikel moet de belasting overeenkomstig de aangifte worden betaald na het einde van het parkeren, als het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen van de parkeerapparatuur geschiedt door het via een telefoon inloggen op de centrale computer.

  • 3.

    De belasting bedoeld in artikel 2, sub b, moet overeenkomstig de aangifte worden betaald op het tijdstip waarop de parkeervergunning wordt verleend.

  • 4.

    Een naheffingsaanslag moet terstond worden betaald.

Artikel 8 - Restitutie

  • 1.

    Bij tussentijdse opzegging van een onder artikel 2, lid b bedoelde parkeervergunning kan restitutie worden verleend over de nog volle maanden die in het kwartaal respectievelijk het jaar nog overblijven.

  • 2.

    De periode waarover restitutie wordt verleend is afhankelijk van de dag waarop de parkeervergunning is opgezegd en het moment waarop de parkeervergunning is ingeleverd bij de gemeente Vlissingen.

Artikel 9 - Bevoegdheid tot aanwijzing parkeerplaatsen

De aanwijzing van plaats waar, het tijdstip en de wijze waarop tegen betaling van de belasting, bedoeld in artikel 2, sub a, mag worden geparkeerd geschiedt in alle gevallen door het college, e.e.a. conform het hieromtrent bepaalde in de Parkeerverordening Vlissingen 2024.

Artikel 10 - Bevoegdheid tot naheffingsaanslag, wielklem en wegsleepregeling

  • 1.

    Tot zekerheid van de betaling van een naheffingsaanslag ter zake van de belasting bedoeld in artikel 2, sub a, kan aan het motorvoertuig ook een wielklem worden aangebracht, waardoor wordt verhinderd dat het motorvoertuig wordt weggereden.

  • 2.

    Het college wijst in alle gevallen de terreinen en weggedeelten aan waar de wielklem wordt toegepast.

  • 3.

    Indien na het aanbrengen van de wielklem 24 uren zijn verstreken kan het motorvoertuig naar een door de in artikel 231, tweede lid, sub b van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar aangewezen plaats worden overgebracht en in bewaring worden gesteld.

Artikel 11 - Kosten

  • 1.

    Een naheffingsaanslag ter zake van de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, bestaat uit het kostentarief plus één uurtarief.

  • 2.

    Het kostentarief als bedoeld in lid 1 bedraagt €82,00.

  • 3.

    De kosten van het aanbrengen en verwijderen van een wielklem bedragen €112,00.

Artikel 12 - Kwijtschelding

Bij de invordering van deze belasting wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 13 - Vrijstelling

Indien een motorvoertuig voorzien is van een Europese gehandicaptenparkeerkaart is geen parkeerbelasting verschuldigd.

Artikel 14 - Nadere regels door het college

Het college kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en invordering van de parkeerbelasting.

Artikel 15 - Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    Indien deze verordening niet voor of op 1 januari 2026 gepubliceerd is, treedt deze verordening in werking op de dag na die waarop deze is bekendgemaakt.

  • 3.

    Op de datum van inwerkingtreding wordt de Verordening parkeerbelastingen Vlissingen 2025 (raadsbesluit 17 oktober 2024, Gemeenteblad 2025, 2533807) ingetrokken, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

Artikel 16 – Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Parkeerbelastingen Gemeente Vlissingen 2026.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 13 november 2025.

De voorzitter,

Drs. A.R.B. van den Tillaar

De griffier,

Mr. F. Vermeulen

Bijlage 1 Tarieven parkeervergunningen per 1 januari 2026

Alle vergunningen staan op kenteken en de apps gaan altijd uit van kentekenregistratie.

Type parkeervergunning

Specificatie

Tarief

Bewonersvergunning

Eerste parkeervergunning

€67,20 per jaar

met inachtneming POET-lijst

 

Tweede parkeervergunning

€67,20 per jaar

met inachtneming POET-lijst

Bewoners t.b.v. visite

Account bezoekersapp

€0,32 per uur per kenteken. Dagkaart max. €3,22 per kenteken.

Kosten worden afgeboekt van tegoed. Max. tegoed €216 per jaar

Geldig in de parkeerzone waar het bewonersadres ligt; niet geldig in parkeergebouwen

 

Kraskaart (dagkaart)

(kenteken zelf invullen)

€19,45 per set van 6 dagkaarten

Geldig in de parkeerzone waar het bewonersadres ligt; niet geldig in parkeergebouwen

 

Kraskaart (dagdeelkaart)

(kenteken zelf invullen)

€16,20 per set van 10 kaarten

Geldig in de parkeerzone waar het bewonersadres ligt; niet geldig in parkeergebouwen

Bedrijven

Eerste parkeervergunning

€67,20 per jaar

Geldig in de parkeerzone waar het bedrijfsadres ligt; niet geldig in parkeergebouwen P De Fonteyne,

P Scheldeplein en P Machinefabriek

 

Tweede parkeervergunning

€67,20 per jaar

Geldig in de parkeerzone waar het bedrijfsadres ligt; niet geldig in parkeergebouwen P De Fonteyne,

P Scheldeplein en P Machinefabriek

Bedrijven t.b.v. woon-werk van het personeel

Parkeerrecht woon-werk

€171,00 per kaart

Geldig op de betaalde terreinen

P Nollebos, P Boulevard/Cinema en Commandoweg

Accommodatievergunning (Hotels/pensions)

Parkeerrecht gasten

€540,00 per kaart per jaar

Geldig op de betaalde terreinen

P Nollebos, P Boulevard/Cinema,

P De Ruijterplein, Gravestraat, Wilhelminastraat, Zeilmarkt en Commandoweg

Medisch beroepsbeoefenaren

Enige vergunning

€67,20 per jaar

Geldig in alle parkeerzones; niet geldig in parkeergebouwen P De Fonteyne,

P Scheldeplein en P Machinefabriek

Vergunning dienstverlenende bedrijven

Enige vergunning

€621,60 per jaar

€103,60 per maand

€42,10 per week

€10,40 per dag

Geldig in alle parkeerzones; niet geldig in parkeergebouwen P De Fonteyne,

P Scheldeplein en P Machinefabriek

Jaarkaart buitenterreinen

Enige vergunning

€621,60 per jaar

Geldig op alle betaalde terreinen; niet geldig in parkeergebouwen P De Fonteyne,

P Scheldeplein en P Machinefabriek

Jaarkaart parkeergarages

Enige vergunning

Geldig in de parkeergebouwen

P Machinefabriek, P Scheldeplein en P De Fonteyne

€1,706,40 per jaar, geen plaatsgarantie

€2.590,80 per jaar, plaatsgarantie

€648,00 per jaar voor omwonenden indien woonachtig binnen 500 meter

Bijlage 2 Tarieven locaties betaald parkeren per 1 januari 2026

Op de volgende pagina zijn de betaald parkeerterreinen aangeduid op kaartbeeld.

Locatie

Tarief

Periode/tijd/opmerking

P Van Woelderenlaan

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-19

P Nollebos

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-19

Boulevard De Ruijter

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-21

Kenau Hasselaarstraat

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-21

P Boulevard / Cinema

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-19

P Stadhuisplein

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-19

Paul Krugerstraat

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-19

P Spuikom

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-19

Badhuisstraat

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-19

Aagje Dekenstraat

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-21

Max 15 min

P Machinefabriek

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-19

P Willem Ruysstraat

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-19

Komstraat

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-21

Coosje Buskensstraat

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-21

P Zeemanserve

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-21

P Scheldeplein

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-19

P Steenenbeer

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-21

Scheldestraat

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-21

P Koningsweg

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-19

P De Fonteyne

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-19

Bellamypark

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-21

Kop Bellamypark

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-21

Max 15 min

De Ruyterplein

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-21

Zeilmarkt

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-21

Wilhelminastraat

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-21

Gravestraat

€2,30 per uur

Dagkaart €11,50

Jaarrond / 09-21

Parkeerterreinen waar betaald parkeren geldt

afbeelding binnen de regeling

Bijlage 3 Gebieden voor belanghebbendenparkeren (parkeervergunning vereist)

afbeelding binnen de regeling

Gebieden waar parkeren voor vergunninghouders geldt