Subsidieregelingen gemeente ’s-Hertogenbosch 2026

Geldend van 01-01-2026 t/m 31-12-2025

Intitulé

Subsidieregelingen gemeente ’s-Hertogenbosch 2026

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch,

In zijn vergadering van 25 november 2025,

Gezien het voorstel met reg.nr. 18653913

Besluit

Vast te stellen de Subsidieregelingen gemeente ’s-Hertogenbosch 2026

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch heeft op 25 november 2025 de subsidieregelingen voor het jaar 2026 vastgesteld. Deze treden op 1 januari 2026 in werking. De subsidieregelingen vinden hun grondslag in de Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch.

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch heeft op 25 november 2025 voor onderstaande subsidieregelingen een subsidieplafond vastgesteld. Deze gelden vanaf 1 januari 2026.

Overzicht subsidieplafonds 2026

Subsidieregeling 2025

Subsidieplafond 2026

Verdeling subsidieplafond

  • 1.

    Subsidieregeling Wijk- en dorpsraden 2026

€ 112.150,-

Er is geen subsidieplafond

  • 2.

    Subsidieregeling Jongeren 2026-2027

€ 635.629,-

Tendersysteem (kwalitatieve toets).

  • 3.

    Subsidieregeling Cityboost 2026

€ 59.086,-

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

  • 4.

    Subsidieregeling Maatschappelijke participatie kinderen

€ 595.050,-

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

  • 5.

    Regionale Subsidieregeling Opleidingskosten Ervaringsdeskundigheid Meierij-Bommelerwaard 2026-2029

€ 40.000,-

Volgorde van binnenkomst

  • 6.

    Subsidieregeling Nieuwe Initiatieven en Right to Challenge 2026

€ 191.285,-

Volgorde van binnenkomst

  • 7.

    Subsidieregeling Goed voor Elkaar 2026-2027

€ 1.560.249,-

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

Volgorde van binnenkomst

  • 8.

    Subsidieregeling Ketenaanpak Valpreventie 2026

€ 270.000,-

Volgorde van binnenkomst

  • 9.

    Subsidieregeling Wijk-, buurt- en dorpsbudget 2026

€ 878.980,-

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

  • 10.

    Subsidieregeling Basisondersteuning Amateurkunsten en Georganiseerd Muziekonderwijs 2026

€ 366.560,- + (budget-) overheveling

Gelijke verdeling

  • 11.

    Subsidieregeling Professionele kunsten 2025-2028

€ 19.176.760,- + (budget-) overheveling

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

  • 12.

    Subsidieregeling Volksfeesten 2026

€ 120.450,- + (budget-) overheveling

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

  • 13.

    Subsidieregeling Bijzondere activiteiten amateurkunsten en cultuurparticipatie 2026

€ 209.460,- + (budget-) overheveling

Volgorde van binnenkomst

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

  • 14.

    Subsidieregeling Bossche Makersregeling 2026

€ 201.600,- + (budget-) overheveling

Volgorde van binnenkomst

  • 15.

    Subsidieregeling Professionele Kunsten ’s-Hertogenbosch 2026

€ 400.000,,- + (budget-) overheveling

Volgorde van binnenkomst

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

  • 16.

    Subsidieregeling Innovatie Culturele Instellingen 2026

€ 226.800,- + (budget-) overheveling

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

  • 17.

    Subsidieregeling Fon$ie 2026

€ 78.540,- + (budget-) overheveling

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

  • 18.

    Subsidieregeling Opzetten Samenwerkingsverbanden en Collectieve Ontwikkel- en Verbeterplannen Wijkwinkel- en stadsdeelcentra ’s-Hertogenbosch

Budgetoverheveling

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

  • 19.

    Subsidieregeling Verkeerseducatie en verkeersveiligheid

€ 105.000,-

Volgorde van binnenkomst

  • 20.

    Subsidieregeling Sportverenigingen 2026

€ 316.920,-

Gelijke verdeling

  • 21.

    Subsidieregeling Uitvoeringsbudget Bosch Sportakkoord II 2026

€ 69.560,-

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

  • 22.

    Subsidieregeling Combinatiefuncties ’s-Hertogenbosch 2026

€ 149.690,-

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

  • 23.

    Subsidieregeling Bossche Duurzaamheidsactiviteiten 2026

€ 74.990,-

Volgorde van binnenkomst

  • 24.

    Subsidieregeling Energiebesparende maatregelen gespikkeld bezit

Budgetoverheveling

Volgorde van binnenkomst

  • 25.

    Subsidieregeling Energie-initiatieven en Platform BEI

€ 75.600,-

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

  • 26.

    Subsidieregeling Energiebesparende Maatregelen VvE’s

€ 347.000,-

Volgorde van binnenkomst

  • 27.

    Subsidieregeling Regio Deal Noordoost-Brabant II 2025-2029

€ 10.000.000,-

(specifieke uitkering van het Rijk)

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

28. Subsidieregeling Stimulering Klimaatrobuuste Spoorzone

€ 3.600.000,-

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

  • 29.

    Subsidieregeling Groene daken en afkoppelen

€ 176.400,-

Volgorde van binnenkomst

  • 30.

    Subsidieregeling beheer dierenparken en kinderboerderijen

€ 75.075,-

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

  • 31.

    Subsidieregeling restauraties gemeentelijke monumenten en beeldbepalende panden ‘s-Hertogenbosch

€ 386.060,-

Volgorde van binnenkomst

  • 32.

    Subsidieregeling Haalbaarheidsonderzoeken herbestemming Monumenten

Budgetoverheveling

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

  • 33.

    Subsidieregeling Heemkundekringen en Gilden

€ 21.920,-

Gelijke verdeling

  • 34.

    Subsidieregeling “Meedoen begint bij de basis”

€ 454.065,-

Gelijke verdeling

  • 35.

    Subsidieregeling Betere kansen Wsw’ers op reguliere arbeidsmarkt

€ 557.390,-

Volgorde van binnenkomst

  • 36.

    Regionale Subsidieregeling non-formele Volwasseneneducatie Noordoost Brabant

€ 631.721,-

Volgorde van binnenkomst

  • 37.

    Subsidieregeling Zwaarbelaste Voorschoolse Educatie-locaties gemeente ’s-Hertogenbosch

€ 350.000,-

(specifieke uitkering Onderwijsachterstanden beleid van het Rijk)

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

  • 38.

    Subsidieregeling Tegemoetkoming peuteropvang en voorschoolse educatie gemeente ‘s-Hertogenbosch

€ 700.000,- (gemeentelijk budget passende arrangementen)

€ 2.100.000,- (specifieke uitkering Onderwijsachterstanden beleid van het Rijk)

Tendersysteem (kwalitatieve toets)

1. Subsidieregeling Wijk- en dorpsraden 2026

Deze regeling wordt via een separaat collegevoorstel ter vaststelling aangeboden.

2. Subsidieregeling Jongeren 2026-2027

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidie?

Er zijn in de gemeente ’s-Hertogenbosch heel veel inwoners die zich vrijwillig inzetten voor anderen en hun leefomgeving. Met de subsidieregeling Jongeren stimuleert en ondersteunt de gemeente vrijwilligersorganisaties, die zich richten op de doelgroep 0 – 27 jaar, om activiteiten te organiseren die bijdragen aan één of meerdere beleidsdoelen: gelijke kansen, talentontwikkeling, voorkomen en tegengaan van eenzaamheid en bereiken van meer gezonde en gelukkige jaren.

Want, alle jongeren moeten een gelijke kans krijgen om hun talenten te ontplooien, gezond te kunnen blijven en naar vermogen mee te doen in de samenleving. Voor de meeste jongeren verloopt dit zonder grote problemen, maar voor sommigen is hier ondersteuning bij nodig. Met de subsidieregeling Jongeren versterken we de eigen kracht en onderlinge verbinding. Zo dragen we bij aan een gemeenschap waarin jongeren steeds meer zelf én steeds meer samen kunnen.

We verwachten dat organisaties actief werken aan deze doelen en in het bijzonder jongeren die in een kwetsbare omgeving opgroeien hierop weten te stimuleren, te ondersteunen en te laten deelnemen zodat betrokkenheid op elkaar en bij de eigen leefomgeving bevorderd wordt.

Artikel 2 – Definities

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • 1.

    Subsidieplafond: Een subsidieplafond is het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak maximaal beschikbaar is voor een bepaalde subsidieregeling. Het college stelt het subsidieplafond van deze subsidieregeling vast, onder voorbehoud van vaststelling van de begroting door de gemeenteraad.

  • 2.

    Vast en flexibel budget: Per kalenderjaar verdeelt de gemeente 90 tot 95% van het vastgestelde subsidieplafond over alle aanvragende organisaties. Dit noemen we het vaste budget. 5 tot 10% van het vastgestelde subsidieplafond wordt, per kalenderjaar, gereserveerd voor het flexibele budget. Indien er binnen het vaste budget een overschot is, kan het restant worden toegevoegd aan het flexibele budget. Dit flexibele budget is bedoeld voor onvoorziene situaties en aanvragen die zich mogelijk voordoen in 2026 - 2027.

  • 3.

    Rechtspersoon: Organisaties zonder winstoogmerk, in de vorm van een vereniging of stichting. De statuten zijn vastgesteld door een notaris, de organisatie is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en er is een bestuur.

  • 4.

    Tender methode: Alle volledige subsidieaanvragen waarin een beroep op het vaste budget wordt gedaan, worden opgespaard tot de sluitingsdatum van 1 augustus 2025. De subsidieaanvraag wordt beoordeeld aan de hand van de in deze regeling genoemde criteria.

  • 5.

    Op volgorde van binnenkomst methode: De gemeente behandelt de subsidieaanvragen waarin een beroep op het flexibele budget wordt gedaan, op volgorde van binnenkomst. Alleen volledige subsidieaanvragen worden in behandeling genomen. Wanneer u de gelegenheid heeft gehad uw subsidieaanvraag aan te vullen, dan geldt de datum van binnenkomst van de complete aanvraag. Als wij uw aanvraag ontvangen nadat het subsidieplafond bereikt is, dan nemen wij uw aanvraag niet meer in behandeling.

  • 6.

    Volledige subsidieaanvragen: Het volledig ingevulde en ondertekende aanvraagformulier met de begroting over 2026 en 2027, het activiteitenformulier en eventueel aanvullende informatie die nodig is voor de aanvraag.

  • 7.

    Maatschappelijk meerwaarde: Bij de verdeling van subsidiebedragen wordt gekeken naar de maatschappelijk meerwaarde van activiteiten die organisaties uitvoeren. Dit wordt bepaald door criteria die benoemd staan in artikel 5.6.

  • 8.

    Vrijwillige inzet: Onverplichte inspanningen, zonder dat men daarvoor wordt betaald. Waarbij een vrijwilligersvergoeding en/of een tegemoetkoming in onkosten wel tot de mogelijkheden behoort.

  • 9.

    Beroepskracht: Een persoon die meer dan een vrijwilligersvergoeding betaald krijgt voor werkzaamheden ten behoeve van aansturing van vrijwilligers en/of coördinatie van een activiteit. Dit kan in loondienst of als freelancer/zzp’er.

  • 10.

    Beleidsdoelen: dat wat de gemeente wil bereiken tijdens een beleidsperiode. De beleidsdoelen van het college van B&W zijn vastgelegd in het bestuursakkoord. Belangrijke doelstellingen zijn: talentontwikkeling, het stimuleren van gelijke kansen, bijdragen aan positieve gezondheid en het tegengaan van eenzaamheid.

Artikel 3 - Wat is de doelgroep van deze subsidie?

Inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch van 0 tot 27 jaar.

Artikel 4 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

Een vrijwilligersorganisatie uit de gemeente ’s-Hertogenbosch in de vorm van een rechtspersoon zonder winstoogmerk, zoals een stichting of een vereniging.

Artikel 5 – Voorwaarden

Om in aanmerking te komen voor de subsidie ‘Jongeren 2026-2027’ moet u aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • 1.

    De activiteiten leveren een bijdrage aan minimaal één van de volgende doelen:

  • Talentontwikkeling;

  • Het stimuleren van gelijke kansen;

  • Positieve gezondheid;

  • De aanpak van eenzaamheid.

  • 2.

    De activiteiten zijn toegankelijk voor de doelgroep. De aanvrager heeft aandacht voor inclusie: iedereen kan gelijkwaardig gebruik maken van de activiteiten en initiatieven.

  • 3.

    De activiteiten vinden regelmatig gedurende het jaar plaats en worden voor het grootste deel met vrijwillige inzet ontwikkeld. De uitvoering van de activiteiten gebeurt helemaal of grotendeels met vrijwillige inzet en/of een bijdrage in natura, door inwoners.

  • 4.

    U spant zich in om meerdere inkomstenbronnen te realiseren. U bent zo niet alleen afhankelijk van gemeentelijke financiering maar maakt waar mogelijk gebruik van meerdere inkomstenbronnen.

  • 5.

    Een subsidieaanvraag is hoger dan € 200,-.

  • 6.

    De maatschappelijke meerwaarde van de activiteiten moet in verhouding staan ten opzichte van het subsidiebedrag. Daarbij kijken we naar vergelijkbare organisaties, begrotingen, activiteiten en bereik van inwoners. Om te beoordelen wat de maatschappelijke meerwaarde is, beoordelen we in hoeverre een initiatief bijdraagt aan een betere samenleving. Daarbij letten we op het volgende:

    • a.

      De mate waarin de activiteiten een toegevoegde waarde hebben voor de samenleving en bijdragen aan de beleidsdoelen van de gemeente, zoals genoemd in artikel 5.1. Daarbij is het ook belangrijk dat de activiteiten zijn afgestemd met bestaande initiatieven van vergelijkbare organisaties in de omgeving, zodat ze aanvullend zijn en elkaar versterken. Daarnaast wordt er gekeken of de activiteiten structureel of eenmalig plaatsvinden.

    • b.

      De mate waarin de activiteiten aansluiten bij wensen en behoeften van inwoners en zij worden betrokken en gestimuleerd om mee te doen.

    • c.

      Het aantal en de aard van deelnemers die bereikt worden en de aard en omvang van de activiteiten in relatie tot de kosten en het gevraagde subsidiebedrag. Daarnaast letten we ook op het aantal betrokken vrijwilligers en of het subsidiebedrag effectief wordt ingezet, door bijvoorbeeld samen te werken met andere organisaties en/of gebruik te maken van gedeelde locaties.

Artikel 6 - Waarvoor kunt u deze subsidie aanvragen?

  • 1.

    U kunt een subsidie aanvragen voor de volgende onderdelen, mits dit aantoonbaar noodzakelijk is voor de uitvoering van de activiteiten:

  • a.

    kosten voor het ontwikkelen en uitvoeren van activiteiten;

  • b.

    kosten voor huisvesting;

  • c.

    kosten voor vrijwilligersvergoedingen;

  • d.

    kosten voor coördinatietaken door een beroepskracht, waaronder het coördineren van activiteiten, werven en trainen van vrijwilligers.

  • 2.

    Voor kosten zoals genoemd in lid 1 sub d van dit artikel kan enkel subsidie worden gevraagd wanneer dit redelijkerwijs niet van een vrijwilliger kan worden verwacht. Hiervan is bijvoorbeeld sprake wanneer de investering in uren te groot is of wanneer er specifieke kennis/kunde gevraagd wordt.

Artikel 7 - Wanneer komt u niet voor subsidie in aanmerking?

Het college zal de subsidieaanvraag weigeren, indien de aanvraag of activiteit naar het oordeel van het college:

  • 1.

    Niet voldoet aan één of meerdere voorwaarden uit artikel 5 en artikel 6 van deze regeling.

  • 2.

    De maatschappelijke meerwaarde niet in verhouding staat tot het aangevraagde subsidiebedrag. Daarbij kijken we naar vergelijkbare organisaties, begrotingen, activiteiten en bereik van inwoners.

  • 3.

    Een winstoogmerk heeft dan wel op een andere wijze is ingegeven door commerciële belangen.

  • 4.

    Onderdeel uitmaakt van (organisatiekosten van) een actie van een goed doel.

  • 5.

    In aanmerking komt voor een andere, specifiekere subsidieregeling. De gemeente zorgt er samen met u voor dat uw aanvraag op de juiste plek terecht komt.

  • 6.

    Wordt aangewend voor activiteiten die zich richten op een politieke of levensbeschouwelijke overtuiging.

  • 7.

    Zich richt op activiteiten van verenigingen voor personen die een gemeenschappelijke liefhebberij of bezigheid ter ontspanning hebben, die men met enige regelmaat uitoefent in diens vrije tijd. Het betreft activiteiten van persoonlijke interesse waarbij voldoening voorop staat en het vergroten van kennis, ervaringen en vaardigheden wordt nagestreefd.

  • 8.

    Zich richt op activiteiten van bewoners- en huurdersbelangen, die zich vooral richten op de eigen bewoners.

  • 9.

    Niet, of onvoldoende, ten goede komt aan inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • 10.

    Als door het verlenen van de subsidie het subsidieplafond zou worden overstegen.

  • 11.

    Wanneer uw aanvraag voor het vaste budget niet vóór de sluitingstermijn van 1 augustus 2025 is ontvangen.

Artikel 8 Subsidieplafond

  • 1.

    Voor subsidieverlening op grond van deze subsidieregeling is voor 2026 en 2027 een subsidieplafond van € 611.009,- exclusief eventuele index, per jaar beschikbaar.

  • 2.

    Het subsidieplafond is onder voorbehoud van de vaststelling van de begroting door de gemeenteraad in november, in het jaar voor het betreffende subsidiejaar.

Artikel 9 - Hoe verloopt de subsidieprocedure vaste subsidie?

  • 1.

    De gemeente verdeelt, per kalenderjaar, 90 tot 95 % van het subsidieplafond als subsidie (vast budget). Voor deze verdeling wordt de “tender methode” gebruikt.

  • 2.

    De subsidie wordt toegekend voor een periode van 2 jaar onder voorbehoud van het budgetrecht van de gemeenteraad.

  • 3.

    Het subsidiebedrag kan jaarlijks geïndexeerd worden volgens de subsidieloonindex. Bij het aanvragen van de subsidie kunt u aangeven of u gebruik wilt maken van deze indexering. Let op: dit kan gevolgen hebben op de hoogte van het totale subsidiebedrag en daarmee de verantwoording. De richtlijnen voor de verantwoording van de subsidie zijn te vinden in de Algemene Subsidie Verordening van 's-Hertogenbosch (ASV).

Artikel 10 - Hoe verloopt de subsidie en aanvraagprocedure flexibele inzet?

  • 1.

    De gemeente verdeelt per kalenderjaar, 5 tot 10% van het subsidieplafond als flexibele inzet, voor de aanpak van onvoorziene situaties en nieuwe aanvragen (flexibel budget). Voor deze verdeling wordt de “op volgorde van binnenkomst methode” gebruikt.

  • 2.

    Als op dat moment het resterende beschikbare flexibel budget in dat jaar op is, wijzen wij om die reden de aanvraag af.

Artikel 11 - Hoe vraagt u subsidie aan?

  • 1.

    Op de website van de Gemeente ’s-Hertogenbosch vindt u het aanvraagformulier. U kunt ook contact opnemen via subsidies@s-hertogenbosch.nl.

  • 2.

    Wilt u een aanvraag indienen voor vaste subsidie? Dan dient u het aanvraagformulier, de begroting en het activiteitenformulier volledig in te vullen en in te sturen vóór 1 augustus 2025, eventueel vergezeld met aanvullende informatie die u nodig acht voor de aanvraag. Alleen volledige subsidieaanvragen worden in behandeling genomen. Wanneer u de gelegenheid heeft gehad uw subsidieaanvraag aan te vullen, dan geldt de datum van binnenkomst van de complete aanvraag.

  • 3.

    Om in aanmerking te komen voor subsidie uit het flexibel budget dient u uw aanvraag voor 2026 tussen 1 januari 2026 en 15 november 2026 in te dienen. Voor het subsidiejaar 2027 kunt u aanvragen uit het flexibele budget indienen tussen 1 januari 2027 en 15 november 2027.

Artikel 12 - Beoordeling aanvragen

  • 1.

    Indien de aanvragen voor het vaste budget het subsidieplafond voor de betreffende activiteit overstijgen, vindt verstrekking van subsidie plaats zoals uitgewerkt in lid 2 en 3 van dit artikel.

  • 2.

    Tijdige en volledige subsidieaanvragen worden inhoudelijk en kwalitatief beoordeeld aan de hand van de voorwaarden die zijn benoemd in artikel 5, waarbij de tendermethode wordt gehanteerd.

  • 3.

    U ontvangt in december 2025 een besluit op uw aanvraag voor de vaste subsidie. Bij aanvragen uit het flexibel budget ontvangt u een besluit binnen 13 weken.

Artikel 13 - Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2028.

  • 3.

    Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Jongeren 2026-2027.

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 5.

    De Algemene Subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Wilt u meer weten? Neem dan contact op via subsidies@s-hertogenbosch.nl.

3. Subsidieregeling Cityboost 2026

Onze ambitie is dat alle jongeren in ’s-Hertogenbosch hun talenten kunnen ontdekken en optimaal kunnen ontwikkelen. Alle jongeren beschikken over talenten. Ze kunnen bijvoorbeeld uitblinken in sport, creativiteit, sociale vaardigheden of vrijwilligerswerk. De kans dat jongeren hun talenten kunnen ontdekken en ontwikkelen is niet gelijk verdeeld. Deze subsidieregeling biedt jongeren de kans en ruimte om daar iets aan te doen!

Jongerenparticipatie

Ook jongerenparticipatie zien wij als een middel om bij te dragen aan talentontwikkeling en gelijke kansen. Via jongerenparticipatie dagen wij jongeren van 12 tot en met 27 jaar uit om zelf het heft in handen te nemen, actief te worden om dingen in de samenleving te realiseren en/of te veranderen, hun mening te geven en mee te beslissen. Jongerenparticipatie draagt op deze manier bij aan de maatschappelijke dialoog, emancipatie en een samenleving die ook aansluit bij de wensen en behoeften van jongeren. Hierdoor voelen zij zich meer verbonden met de gemeente.

Cityboost is een van de middelen die wij inzetten om jongerenparticipatie mogelijk te maken door:

  • Jou te helpen jouw idee werkelijkheid te laten worden.

  • Jou te helpen bij de financiering daarvan!

Dus, wil je bijvoorbeeld een graffitiworkshop, voetbaltoernooi of een festival organiseren? Cityboost investeert in ideeën en projecten voor, door en met jongeren. It’s up to you(th)!

Artikel 1 - Woordenlijst

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • 1.

    Jongere of groep van jongeren: jongeren in de leeftijdsgroep van 12 tot en met 27 jaar die in de gemeente ’s-Hertogenbosch wonen, studeren of werken.

  • 2.

    Natuurlijke personen: één persoon of meerdere personen die drager van rechten en verplichtingen kan/kunnen zijn. Dus geen organisatie.

  • 3.

    Subsidieplafond: Het subsidieplafond is het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak maximaal beschikbaar is voor deze subsidieregeling.

  • 4.

    Sustainable Development Goals: De SDG’s (Sustainable Development Goals of Duurzame Ontwikkelingsdoelen) zijn zeventien doelen om van de wereld een betere plek te maken in 2030. De SDG’s zijn afgesproken door de landen die zijn aangesloten bij de Verenigde Naties (VN), waaronder Nederland. De Duurzame Ontwikkelingsdoelen startten in 2015 en lopen nog tot 2030. Een uitleg van de SDG’s is te vinden op de website van SDG Nederland (https://www.sdgnederland.nl/de-17-sdgs)

Artikel 2 - Wat is het doel van deze subsidie?

Met deze subsidie willen wij jongeren in staat stellen eenmalige activiteiten uit te voeren. De activiteit moet hen én hun omgeving een positieve BOOST geven en bijdragen aan talentontwikkeling en gelijke kansen. Het gaat bijvoorbeeld om activiteiten op het gebied van sport, cultuur, onderwijs of vrijetijdsbesteding. Met deze subsidieregeling willen wij jongeren ook stimuleren om activiteiten te organiseren die bijdragen aan de Sustainable Development Goals (SDG’s).

Artikel 3 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

Een jongere of een groep jongeren (12 tot en met 27 jaar) die in de gemeente ’s-Hertogenbosch wonen, werken of studeren (natuurlijke personen).

Artikel 4 - Aan welke voorwaarden moet de subsidieaanvraag voldoen?

  • 1.

    Het project is eenmalig.

  • 2.

    Het project moet door en voor jongeren worden georganiseerd in de gemeente 's-Hertogenbosch.

  • 3.

    Het project moet binnen 1 jaar na toekenning zijn uitgevoerd.

  • 4.

    In de aanvraag wordt, indien van toepassing, aandacht gegeven aan de duurzaamheid van het project (sociaal of op het gebied van milieu en natuur).

  • 5.

    Je dient een volledig ingevuld aanvraagformulier en een begroting in. Zie: aanvraagformulier Cityboost.

  • 6.

    Zijn er overige inkomsten, bijvoorbeeld door kaartverkoop? Dan moet je dit vermelden.

  • 7.

    Je leeft de spelregels na van Cityboost. Deze staan op de website van Cityboost.

  • 8.

    Het rekeningnummer moet van een jongere zijn die 18 jaar of ouder is. Ben je nog geen 18 jaar, dan kan je het rekeningnummer van je begeleider aangeven. Bijvoorbeeld een van je ouders of een jongerenwerker.

  • 9.

    Je toont aan op welke wijze de activiteiten en events bijdragen aan talentontwikkeling en/of gelijke kansen van Bossche jongeren en/of de sustainable development goals.

Artikel 5 - Wanneer krijg je geen subsidie?

Wij geven geen subsidie voor een activiteit:

  • 1.

    als het initiatief niet van een jongere of een groep van jongeren komt;

  • 2.

    als die door of namens een professionele organisatie wordt georganiseerd;

  • 3.

    die gericht is op commerciële, levensbeschouwelijke of politieke doeleinden;

  • 4.

    wanneer het niet in de gemeente 's-Hertogenbosch wordt uitgevoerd;

  • 5.

    waarvoor de gemeente al een subsidie geeft;

  • 6.

    als voor hetzelfde doel al eerder subsidie is verleend;

  • 7.

    het vastgestelde subsidieplafond voor deze regeling is bereikt;

  • 8.

    het project onvoldoende bijdraagt aan de doelstelling zoals omschreven in artikel 2 of niet voldoet aan één van de voorwaarden zoals is opgenomen in artikel 4.

Artikel 6 - Hoe verloopt het traject van subsidieaanvraag, uitvoering project tot verantwoording?

  • 1.

    Je doet een subsidieaanvraag via het digitale aanvraagformulier Cityboost. Dit vul je volledig in. Daarna voeg je de gevraagde bijlagen (waaronder een concreet plan) toe. Kom je er niet helemaal uit? Geen probleem. Kijk voor contact op de website van Cityboost. De aanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst.

  • 2.

    De bij Cityboost betrokken medewerker (aanjager) van de gemeente bekijkt jouw aanvraag binnen twee weken (schoolvakantieperiodes niet meegerekend). Je ontvangt feedback en eventuele ondersteuning om je idee nog verder uit te werken. Vervolgens dien je een definitieve aanvraag in. Jouw definitieve aanvraag wordt binnen twee weken beoordeeld (schoolvakantieperiodes niet meegerekend). Je ontvangt bericht of de subsidie wordt toegekend, gedeeltelijk wordt toegekend of afgewezen. Dit bericht heet een subsidiebesluit.

  • 3.

    Is jouw idee goedgekeurd en wordt er subsidie toegekend? Dan maak je samen met de aanjager of projectleider Cityboost afspraken over het project. Ook maak je afspraken over hoe je het geld wilt ontvangen. Dat kan variëren van alles in één keer tot drie keer een deel.

  • 4.

    Vanaf dan ga je jouw idee uitvoeren. Je krijgt maximaal één jaar de tijd om jouw project te realiseren.

  • 5.

    Na afronding van je project leg je verantwoording af over hoe je de subsidie hebt uitgegeven. Binnen 3 weken na afronding van jouw project lever je een volledig ingevuld verantwoordingsformulier in. Hierbij voeg je betalingsbewijzen (bonnetjes), foto’s en eventuele andere documentatie (flyers, video, nieuwsartikel) toe.

  • 6.

    Alle jongeren die subsidie krijgen, worden verwacht tijdens het evenement Boostival. Tijdens Boostival ontmoeten jongeren elkaar en kiezen jongeren de beste drie ideeën/projecten van het jaar.

Artikel 7 Subsidieplafond

  • 1.

    Voor de subsidieverlening op grond van deze subsidieregeling is in totaal een subsidieplafond van € 59.086,- voor het jaar 2026 beschikbaar.

  • 2.

    De volledige aanvragen die niet worden geweigerd worden elk jaar toegekend op volgorde van binnenkomst, totdat het subsidieplafond is bereikt. Als er een aanvrager op basis van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad om de aanvraag aan te vullen, geldt als datum van indiening de datum waarop de aanvraag is aangevuld.

Artikel 8 - Wanneer kan de gemeente het geld (gedeeltelijk) terugvorderen?

De gemeente kan het geld gedeeltelijk of volledig terugvorderen. Dat kan onder andere:

  • 1.

    als er misbruik van de subsidie wordt gemaakt;

  • 2.

    als er illegale praktijken hebben plaatsgevonden door de aanvrager. Denk bijv. aan het achterhouden van inkomsten door de aanvrager, alcohol- en/of drugsmisbruik, enz ;

  • 3.

    als het project niet of maar gedeeltelijk is uitgevoerd.

Artikel 9 - Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2027.

  • 3.

    De subsidieregeling heet: Subsidieregeling Cityboost 2026.

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen en de subsidieplafonds elk jaar in november (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 5.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Sheila Driessen

Tel.nr.: 073 - 615 5155

Email: cityboost@s-hertogenbosch.nl

4. Subsidieregeling Maatschappelijke participatie kinderen

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidie?

Het doel van deze subsidie is een impuls geven aan het bevorderen van participatie van schoolgaande kinderen aan de maatschappij. Het gaat om schoolgaande, Bossche kinderen uit gezinnen die het niet zelf kunnen betalen en rondkomen van een inkomen op of onder de 120 % van de geldende bijstandsnorm.

Artikel 2 - Woordenlijst

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • 1.

    Schoolgaande kinderen: kinderen in de leeftijd van 4 tot 18 jaar die in de gemeente

    ’s-Hertogenbosch wonen.

  • 2.

    Participatie: kunnen meedoen op school en kunnen meedoen aan sport, cultuur of sociaal-culturele activiteiten.

  • 3.

    Verstrekking: Het betalen van essentiële materialen en voorzieningen die nodig zijn om mee te kunnen doen op school, het betalen van contributie, abonnementen e.d. en het eventueel betalen van de materialen die nodig zijn voor de uitoefening van sport, cultuur of sociaal-culturele activiteiten.

  • 4.

    College: Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • 5.

    Tendermethode: Alle volledige subsidieaanvragen worden opgespaard tot de sluitingsdatum van 15 februari voorafgaand aan het jaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft. De subsidieaanvragen worden beoordeeld aan de hand van de in deze regeling genoemde criteria.

  • 6.

    Volledige subsidieaanvraag: het volledig ingevulde, ondertekende aanvraagformulier met begroting, werkplan/activiteitenplan/beleidsplan en eventueel aanvullende informatie die nodig is voor de aanvraag.

  • 7.

    Subsidieplafond: Het subsidieplafond is een bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak maximaal beschikbaar is voor deze subsidieregeling.

Artikel 3 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

Organisaties die zich richten op het bereiken van het doel onder artikel 1 kunnen subsidie aanvragen. De aanvrager van de subsidie is een organisatie zonder winstoogmerk die in de gemeente 's-Hertogenbosch of daarbuiten gevestigd kan zijn én zijn/haar diensten, bestemd voor inwoners uit de gemeente ’s-Hertogenbosch, in de gemeente ’s-Hertogenbosch uitvoert. 

Artikel 4 - Waarvoor kunt u deze subsidie aanvragen?

  • 1.

    Organisaties kunnen een subsidie aanvragen voor het financieel mogelijk maken van deelname aan school, sport, cultuur of sociaal-culturele activiteiten, zodat deelname aan de maatschappij mogelijk blijft voor schoolgaande kinderen ondanks de beperkte financiële mogelijkheden binnen het gezin.

  • 2.

    De organisatie moet de activiteiten in natura betalen. Dit betekent ofwel directe betaling aan leverancier of aanbieder, ofwel aan de ouder in de vorm van een waardebon, voucher e.d. waarbij de ouder het geld alleen kan besteden aan het daarvoor bestemde doel.

Artikel 5 - Subsidie aanvragen

  • 1.

    Een aanvraag kan worden ingediend door middel van een door het college vastgesteld formulier. U vindt voor deze subsidie het aanvraagformulier op Subsidies – Gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • 2.

    Na het invullen van het aanvraagformulier kunt u deze naar de gemeente mailen of per post opsturen.

  • 3.

    Uw volledige aanvraag dienen wij op uiterlijk 15 februari te ontvangen voorafgaand aan het jaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft.

Artikel 6 - Subsidieplafond en deelplafonds

  • 1.

    Voor subsidieverlening op grond van deze subsidieregeling is in totaal een subsidieplafond van € 595.050,- beschikbaar.

  • 2.

    Het subsidieplafond bestaat uit 3 deelplafonds:

    • a.

      € 375.000,- voor het bevorderen van participatie van schoolgaande kinderen op school;

    • b.

      € 200.000,- voor het bevorderen van participatie van schoolgaande kinderen buiten schooltijd, specifiek als het gaat om contributie voor sportclub/-vereniging, het volgen van muzieklessen, danslessen of andere lessen voor creatieve uitingen en het eventueel vergoeden van de (sport)materialen die hiervoor nodig zijn;

    • c.

      € 20.050,- voor recreatieve activiteiten buiten schooltijd, niet zijnde activiteiten zoals genoemd onder 2b in dit artikel.

  • 3.

    Indien er binnen een deelplafond een overschot is, kan het restant worden toegevoegd aan één of beide andere deelplafonds.

Artikel 7 - Beoordeling subsidieaanvraag

  • 1.

    Indien de aanvragen het (deel)subsidieplafond voor de betreffende activiteit overstijgen, vindt verstrekking van subsidie plaats zoals uitgewerkt in lid 2, 3, en 4 van dit artikel.

  • 2.

    Tijdige en volledige subsidieaanvragen die voldoen aan de voorwaarden van de artikelen 3 en 4 worden inhoudelijk en kwalitatief beoordeeld aan de hand van de volgende criteria:

    • a.

      de mate waarin de doelgroep wordt bereikt;

    • b.

      de mate waarin de beschikbare middelen effectief en efficiënt worden ingezet om bij te dragen aan de te behalen resultaten. Hierbij wordt expliciet gekeken welk verwacht percentage van de subsidie direct in de vorm van verstrekkingen ten goede komt aan de doelgroep;

    • c.

      de mate waarmee de kosten van de activiteiten kunnen worden gedekt door eigen vermogen en/of reserve.

  • 3.

    Aan de in het tweede lid vermelde criteria wordt een score toegekend met toepassing van een wegingsfactor zoals vermeld op het bijgevoegde vastgestelde beoordelingsformulier. Dit beoordelingsformulier maakt onderdeel uit van deze subsidieregeling.

  • 4.

    De subsidieaanvragen worden na een onderlinge vergelijking gerangschikt, waarna subsidie wordt verstrekt aan de aanvrager die als eerste in de rangschikking is geplaatst totdat het (deel)subsidieplafond is bereikt.

Artikel 8 – Weigeringsgronden

Onverminderd het bepaalde in artikel 10 van de Algemene subsidieverordening wordt de subsidie in ieder geval geweigerd als:

  • 1.

    met de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd is begonnen voordat de aanvraag is ontvangen.

  • 2.

    de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd voor een uitvoerende (gesubsidieerde) organisatie reeds een staande en bewezen praktijk is binnen de gemeente.

  • 3.

    het voorstel hetzelfde bewerkstelligt als één of meerdere maatregelen die in het kader van het Armoedebeleid al door de gemeente, dan wel een daarvoor aangewezen externe partij, worden uitgevoerd.

  • 4.

    het toekennen van de subsidieaanvraag in strijd zou zijn met wet- en regelgeving of de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.

  • 5.

    als door het verlenen van de subsidie het subsidieplafond zou worden overstegen.

Artikel 9 – Hardheidsclausule

Het college kan, in bijzondere gevallen, één of meerdere bepalingen van deze subsidieregeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken.

Artikel 10 - Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Maatschappelijke participatie kinderen.

  • 3.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt jaarlijks (veranderd of onveranderd) de subsidieregelingen vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 4.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Glencora Soentpiet

Tel nr: 073-615 5155

E-mail: gemeente@s-hertogenbosch.nl

Bijlage beoordelingsformulier Subsidieregeling Maatschappelijke participatie kinderen

Beoordelingsformulier

Aanvrager

Zaaknummer

Ingevuld door:

Beoordelingscriteria

Weging %

a. Bereik

Het verwachte bereik binnen de gemeentelijke doelgroep, zijnde kinderen uit de gemeente 's-Hertogenbosch in de leeftijd van 4 tot 18 jaar, waarvan de ouders een inkomen hebben op of onder 120 % van de geldende bijstandsnorm.

60 %

b. Efficiëntie

Het verwachte precentage van de subsidie dat direct in de vorm van verstrekkingen ten goede komt aan de kinderen.

20 %

c. Eigen Vermogen

De mate waarmee de kosten van de activiteiten kunnen worden gedekt door eigen vermogen en/of reserve.

20 %

Totaal

100 %

Waardering

Punten

Score

Gewogen score

a. Bereik

...

...

Uitstekend

10

Goed

8

Voldoende

6

Redelijk

4

Minimaal

2

b. Efficiëntie en effectiviteit

...

...

Uitstekend

10

Goed

8

Voldoende

6

Redelijk

4

Minimaal

2

c. Eigen vermogen in voorgaand boekjaar

...

...

Binnen de marge uit de Beleidsregels Algemene Subsidieverordening*

10

Egen vermogen is gelijk of minder dan 20 % van de gevraagde subsidie

8

Eigen vermogen is meer dan 20 % en gelijk of minder dan 40 % van de gevraagde subsidie

6

Eigen vermogen is meer dan 40 % en gelijk of minder dan 60 % van de gevraagde subsidie

4

Eigen vermogen is meer dan 60 % en gelijk of minder dan 80 % van de gevraagde subsidie

2

Eigen vermogen is meer dan 80 % van de gevraagde subsidie

0

Totaal gewogen score

*Het vrij besteedbaar vermogen, inclusief eventuele bestemmingsreserves, bedraagt maximaal 10 % van de begrote lasten voor het daaropvolgende subsidiejaar.

5. Regionale subsidieregeling Opleidingskosten Ervaringsdeskundigheid Meierij-Bommelerwaard 2026-2029

Artikel 1 Wat is het doel en de doelgroep van deze subsidie?

Het doel van deze regionale subsidieregeling is om inwoners uit de regio Meierij en Bommelerwaard die als (voormalig) cliënt ervaring hebben met GGZ, verslavingszorg of dak- en thuisloosheid, te stimuleren zich te ontwikkelen tot ervaringsdeskundige in zorg en welzijn. De doelstellingen hiervan zijn:

  • het versterken van herstelondersteunend werken in GGZ, verslavingszorg en maatschappelijke opvang in onze regio;

  • een opleidings- en beroepsperspectief voor (voormalige) cliënten;

  • het verminderen van arbeidsmarkttekorten in GGZ, verslavingszorg en maatschappelijke opvang.

Artikel 2 Woordenlijst

In dit artikel leggen wij een aantal woorden of begrippen uit:

  • a.

    Aanvrager: een natuurlijk persoon (een inwoner) die een schriftelijk verzoek indient om subsidie te verkrijgen.

  • b.

    Subsidie: subsidie ten behoeve van het volgen van een erkende of geaccrediteerde opleiding tot ervaringsdeskundige in de sector zorg en welzijn.

  • c.

    College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • d.

    Subsidieplafond: het bedrag dat op advies van de regionale portefeuillehouders Wmo per jaar maximaal beschikbaar is voor deze subsidieregeling. Het college van burgemeester en wethouders stelt het subsidieplafond jaarlijks vast, na vaststelling van de gemeentebegroting door de gemeenteraad.

  • e.

    Op volgorde van binnenkomst-methode: wij behandelen de subsidieaanvragen op volgorde van binnenkomst. Wij nemen alleen volledige subsidieaanvragen in behandeling. Wanneer u de gelegenheid heeft gehad uw subsidieaanvraag aan te vullen, dan geldt de datum van binnenkomst van de complete aanvraag als aanvraagdatum. Als uw aanvraag is ontvangen nadat het subsidieplafond is bereikt, verstrekken wij geen subsidie meer.

Artikel 3 Wie kan deze opleidingssubsidie aanvragen?

Inwoners met ervaring als cliënt in de GGZ, verslavingszorg of dak- en thuisloosheid, die wonen in de gemeenten ’s-Hertogenbosch, Vught, Maasdriel, Meierijstad, Boxtel, Sint-Michielsgestel en Zaltbommel, kunnen deze subsidie voor opleidingskosten ervaringsdeskundigheid aanvragen.

Artikel 4 Voor welke opleidingen kunt u subsidie aanvragen?

De aanvrager kan subsidie aanvragen voor een erkende en/of geaccrediteerde opleiding in zorg en welzijn met ervaringsdeskundigheid. De landelijke Vereniging van Ervaringsdeskundigen (VvEd.org) heeft een internetpagina met relevante MBO- (niveau 3, 4), HBO- (niveau 5, 6) en post-HBO/WO-opleidingen (niveau 7). Zie: Opleidingen – Vereniging van Ervaringsdeskundigen (vved.org).

Artikel 5 Voorwaarden voor het toekennen van subsidie

  • 1.

    De aanvrager heeft zelf ervaring als cliënt met psychische- en/of verslavingsproblematiek of dak- en thuisloosheid;

  • 2.

    De aanvrager woont in de gemeente ’s-Hertogenbosch, Vught, Maasdriel, Meierijstad, Boxtel, Sint-Michielsgestel of Zaltbommel;

  • 3.

    De aanvrager zet zich na het behalen van het diploma bij voorkeur professioneel of vrijwillig in als ervaringsdeskundige in de regio Meierij en Bommelerwaard.

Artikel 6 Wanneer komt u niet in aanmerking voor opleidingssubsidie?

Een aanvrager krijgt in principe geen subsidie als hij/zij een arbeidsovereenkomst (of een leerwerk-overeenkomst) heeft met een gemeente (of een andere publieke organisatie in het sociaal domein) of een instelling in de sector zorg en welzijn. Wij gaan ervanuit dat de werkgever deze aanvrager faciliteert in (een groot deel van de kosten voor) opleiding en ontwikkeling.

Artikel 7 Hoeveel opleidingssubsidie kunt u aanvragen en hoe vaak?

  • 1.

    Er kan een vergoeding worden gevraagd tot 75% van het college-, school- of cursusgeld en de verplichte literatuur, met een maximum zoals gesteld in artikel 7 lid b van deze regeling. Het betreft alleen college-, school- of cursusgeld en verplichte literatuur en niet van andere kosten, zoals een laptop of reiskosten;

  • 2.

    Het maximum subsidiebedrag voor opleidingskosten is € 5.000,- per jaar per aanvrager;

  • 3.

    Inwoners kunnen maximaal 3 jaar een subsidie aanvragen, dat is inclusief de subsidie-toekenningen die een aanvrager kreeg onder de voorgaande regionale subsidieregeling.1

Artikel 8 Hoe verloopt de procedure voor opleidingssubsidies?

  • 1.

    De aanvraag voor deze subsidie moeten wij uiterlijk 8 weken voordat de opleiding start hebben ontvangen. Binnen uiterlijk 6 weken krijgt u een antwoord op uw aanvraag.

  • 2.

    De subsidie kan per studiejaar worden aangevraagd.

  • 3.

    Voor subsidie voor vervolgjaren overleggen de aanvragers een cijferlijst om hun voortgang aan te tonen. Na afloop van de opleiding sturen ze een kopie diploma.

  • 4.

    Er is jaarlijks een maximaal subsidiebedrag te verdelen. Dit heet het subsidieplafond. We verdelen dit subsidiebedrag onder de toegekende aanvragers aan de hand van de ‘op volgorde van binnenkomst’-methode.

  • 5.

    Het subsidieplafond voor 2026 bedraagt € 40.000,-. Voor de jaren daarna wordt het subsidieplafond jaarlijks vastgesteld.

Artikel 9 Wat als u de opleiding niet volgt of studievertraging heeft?

  • 1.

    Als de aanvrager het subsidiebedrag niet besteedt aan de opleiding die in de aanvraag wordt vermeld, dan vorderen wij het subsidiebedrag terug.

  • 2.

    Als er bijzondere omstandigheden zijn waardoor de aanvrager forse studievertraging oploopt of genoodzaakt is om met de studie te stoppen, dan neemt de aanvrager contact met ons op. We passen maatwerk toe (hardheidsclausule).

Artikel 10 Overgangsmaatregel

Voor aanvragers die in 2025 op grond van de voorgaande regionale subsidieregeling een subsidie voor opleidingskosten ontvingen, geldt dat ze onder dezelfde voorwaarden in 2026 subsidie kunnen ontvangen.

Artikel 11 Hardheidsclausule

Het college kan besluiten in uiterste gevallen en beredeneerd afwijken van deze regeling.   

Artikel 12 Hoe vraagt u de eenmalige subsidie aan?

  • 1.

    Het digitale aanvraagformulier voor deze subsidie staat op www.s-hertogenbosch.nl/subsidies.

  • 2.

    Na het invullen van het aanvraagformulier stuurt de aanvrager het aanvraagformulier naar de gemeente. Bij problemen of vragen kan de aanvrager contact opnemen met onderstaande contactpersoon.

Artikel 13 Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 31 december 2029.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Regionale subsidieregeling Opleidingskosten Ervaringsdeskundigheid Meierij-Bommelerwaard 2026 t/m 2029.

  • 4.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch, beleidsmedewerker beschermd wonen / maatschappelijke opvang

Email: gemeente@s-hertogenbosch.nl

Tel.nr.: (073) 615 51 55

6. Subsidieregeling Nieuwe Initiatieven en Right to Challenge 2026

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidieregeling?

Met de subsidieregeling Nieuwe Initiatieven en Right to Challenge stimuleert de gemeente 's-Hertogenbosch de actieve betrokkenheid van inwoners bij het verbeteren van de sociale cohesie en sociale kwaliteit van hun leefomgeving. We vinden het belangrijk dat alle inwoners een gelijke kans krijgen om hun talenten te ontplooien, gezond te kunnen blijven en naar vermogen mee kunnen doen in de samenleving. Daarom ondersteunen we met deze subsidieregeling initiatieven die hieraan bijdragen. Met deze regeling ondersteunen wij ook vernieuwende initiatieven voor en/of door Bossche kinderen en jongeren (t/m 23 jaar) die bijdragen aan het vergroten van gelijke kansen en talentontwikkeling. Hiermee krijgen inwoners de ruimte om zelf sociaal-maatschappelijke taken op te pakken of vernieuwende ideeën te realiseren die ten goede komen aan hun wijk, buurt of stad. Deze subsidie kan voor maximaal 2 jaar worden verleend.

Deze subsidieregeling bestaat uit twee onderdelen:

  • A.

    Right to Challenge: waarbij inwoners een bestaande taak van de gemeente kunnen overnemen als zij dit anders, beter of efficiënter kunnen doen, of;

  • B.

    Nieuwe Initiatieven: waarbij inwoners een vernieuwend of aanvullend initiatief starten, die de sociale kwaliteit van de leefomgeving verbetert.

Hieronder volgen eerst de algemene bepalingen die voor beide subsidiemogelijkheden gelden. Daarna volgen de bepalingen die specifiek gelden voor Right to Challenge (artikel 5 t/m 10) en daarna de bepalingen die specifiek gelden voor Nieuwe Initiatieven (artikel 11 t/m 15).

Artikel 2 - Definities

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • 1.

    Right to Challenge: ook wel ‘het uitdaagrecht’. Dit is het recht van inwoners om een bestaande gemeentelijke taak over te nemen, mits zij kunnen aantonen dat dit anders, beter of efficiënter kan worden uitgevoerd tegen maximaal dezelfde kosten.

  • 2.

    Initiatieven: een door inwoners geïnitieerd plan of activiteiten met maatschappelijke meerwaarde, gericht op verbetering van de leefomgeving of het overnemen van een bestaande gemeentelijke taak.

  • 3.

    Sociaal-maatschappelijke taak: een taak die de gemeente uitvoert, gericht op het bevorderen van sociale kwaliteit, het versterken van de sociale cohesie en het ondersteunen van inwoners in hun maatschappelijke participatie.

  • 4.

    Sociale kwaliteit: sociale kwaliteit gaat over het ervaren van leefbaarheid en de kwaliteit van samenleven in een wijk, buurt of gebied. Het gaat over hoe prettig inwoners hun leefomgeving vinden, in hoeverre zij toegang hebben tot voorzieningen en of zij zich er thuis voelen.

  • 5.

    Sociale cohesie: sociale cohesie gaat specifiek over de onderlinge verbondenheid tussen inwoners in een wijk, buurt of gebied. Het verwijst naar de mate waarin inwoners elkaar kennen, vertrouwen en ondersteunen en zich gezamenlijk verantwoordelijk voelen voor hun leefomgeving.

  • 6.

    Draagvlak: aantoonbare steun vanuit de wijk, buurt of het gebied voor het initiatief. Dit blijkt uit bijvoorbeeld steunbetuigingen, samenwerkingsafspraken of betrokkenheid in de voorbereiding.

  • 7.

    Cofinanciering: financiële bijdragen van andere partijen dan de gemeente, zoals fondsen, sponsoren of bijdragen van deelnemers.

  • 8.

    Vrij besteedbaar vermogen: het deel van het vermogen van een organisatie dat vrij beschikbaar is en niet is vastgelegd in bestemmingsreserves.

  • 9.

    Subsidieplafond: een subsidieplafond is een bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak maximaal beschikbaar is voor een bepaalde subsidieregeling. Het college stelt het subsidieplafond vast van deze subsidieregeling onder voorbehoud van vaststelling van de begroting door de gemeenteraad.

  • 10.

    Rechtspersoon: organisaties zonder winstoogmerk, in de vorm van een vereniging of stichting. De statuten zijn vastgesteld door een notaris, de organisatie is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en er is een bestuur.

  • 11.

    Op volgorde van binnenkomst methode: De gemeente behandelt de subsidieaanvragen op volgorde van binnenkomst. Alleen volledige subsidieaanvragen worden in behandeling genomen. Wanneer u de gelegenheid heeft gehad uw subsidieaanvraag aan te vullen, dan geldt de datum van binnenkomst van de complete aanvraag. Als wij uw aanvraag ontvangen nadat het subsidieplafond bereikt is, dan nemen wij uw aanvraag niet meer in behandeling.

Artikel 3 - Wat is de doelgroep van deze subsidie?

Inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

Artikel 4 - Verdeling subsidiebedrag

Subsidieaanvragen worden behandeld via de op volgorde van binnenkomst methode.

A. Right to Challenge

Artikel 5 - Wat is het doel van Right to Challenge?

Het doel van het onderdeel Right to Challenge binnen deze subsidieregeling is het stimuleren van sociaal-maatschappelijke initiatieven waarbij inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch voorstellen doen om een bestaande gemeentelijke sociaal-maatschappelijke taak over te nemen. Dit kan indien zij aantoonbaar in staat zijn deze taak anders, beter of efficiënter uit te voeren, tegen maximaal dezelfde kosten. De uitvoering van het initiatief ligt bij de aanvragende inwoners of het collectief, en de subsidie komt ten goede aan de gemeenschap waarin het initiatief wordt uitgevoerd.

Artikel 6 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

Een groep bewoners uit de gemeente ‘s-Hertogenbosch met rechtspersoonlijkheid zonder winstoogmerk (zoals een vereniging of een stichting) kan subsidie aanvragen.

Artikel 7 - Voorwaarden

  • 1.

    U daagt ons uit om een bestaande gemeentelijke sociaal-maatschappelijke taak over te nemen.

  • 2.

    U kunt dezelfde doelen behalen, voor maximaal hetzelfde budget.

  • 3.

    U bent geen regulier marktinitiatief. Deze partijen kunnen meedoen met aanbesteding- en inkooptrajecten.

  • 4.

    U bent geworteld in de buurt, wijk of het gebied.

  • 5.

    Er is aantoonbaar draagvlak voor het initiatief onder bewoners en/of lokale organisaties. Dit blijkt uit bijvoorbeeld steunbetuigingen, samenwerkingsafspraken of participatie in de voorbereiding.

  • 6.

    Het initiatief is breed toegankelijk en bevordert gelijke deelname. Het is fysiek, digitaal en sociaal toegankelijk voor alle inwoners, inclusief mensen met een lichamelijke of verstandelijke beperking.

  • 7.

    Het initiatief is niet commercieel, heeft geen winstoogmerk en biedt aantoonbare maatschappelijke meerwaarde. De initiatiefnemers investeren eventuele opbrengsten in het gesubsidieerde initiatief of het maatschappelijke doel.

  • 8.

    De aanvrager beschikt over de benodigde kennis, ervaring en middelen om het initiatief uit te voeren.

  • 9.

    Het initiatief is niet eerder gesubsidieerd door de gemeente, met uitzondering van bijdragen uit het Wijk-, Buurt- of Dorpsbudget en/of vanuit Cityboost. Indien het initiatief eerder is ondersteund, moet de aanvraag vernieuwende elementen bevatten of aantonen hoe het initiatief op termijn zonder subsidie kan voortbestaan.

Artikel 8 – Beperkingen van het uitdaagrecht

Het recht om gemeentelijke taken uit te dagen en over te nemen is niet onbeperkt. In de onderstaande gevallen is het uitdaagrecht niet van toepassing:

  • 1.

    Wettelijke uitsluiting

  • Taken die de overheid als enige mag uitvoeren kunt u niet challengen. Denk aan wettelijke taken zoals paspoorten uitgeven, bevolkingsregistratie, handhaving en toezicht, het verlenen van vergunningen etc.

  • 2.

    Gebrek aan beleidsvrijheid

  • Het uitdaagrecht is uitgesloten bij de uitvoering van hogere regelgeving (zoals rijksregels) waarbij het bestuursorgaan geen of slechts minimale beleidsruimte heeft.

  • 3.

    Financiële kernzaken van de gemeente

  • Taken die betrekking hebben op:

    • a.

      de gemeentelijke begroting,

    • b.

      de vaststelling van tarieven voor gemeentelijke dienstverlening,

    • c.

      en de heffing van belastingen zoals bedoeld in hoofdstuk XV van de Gemeentewet, vallen buiten het bereik van het uitdaagrecht.

  • 4.

    Spoedeisende beleidsuitvoering

  • Wanneer de uitvoering van een beleidsvoornemen dermate spoedeisend is dat het doorlopen van een uitdaagproces niet kan worden afgewacht, vervalt het recht op uitdaging.

  • 5.

    Bescherming van kwetsbare groepen

  • Als het overnemen van een taak risico’s oplevert voor kwetsbare groepen (zoals ouderen, mensen met een beperking of kinderen), dan mag de gemeente besluiten het uitdaagrecht niet toe te staan.

Artikel 9 - Wanneer komt u niet voor subsidie Right to Challenge in aanmerking?

Een aanvraag komt niet in aanmerking voor een subsidie Right to Challenge als:

  • 1.

    Er niet voldaan wordt aan de voorwaarden zoals opgenomen in artikel 7 van deze regeling, of de challenge gaat over gemeentelijke taken die buiten het uitdaagrecht vallen zoals benoemd in artikel 8 van deze regeling.

  • 2.

    Het initiatief al gestart is vóór de datum van het indienen van een subsidieaanvraag.

  • 3.

    Het initiatief een winstoogmerk heeft, of gericht is op het genereren van persoonlijk financieel voordeel.

  • 4.

    Het initiatief overwegend een privébelang dient, en geen aantoonbare meerwaarde heeft voor de inwoners van de gemeente 's-Hertogenbosch.

  • 5.

    Het initiatief onder een andere, specifiekere subsidieregeling valt. In dat geval wordt de aanvraag, indien mogelijk, doorgeleid naar de juiste regeling in overleg met de aanvrager.

  • 6.

    Het initiatief een uitgesproken politiek of levensbeschouwelijk karakter heeft, gericht op het uitdragen van een specifieke overtuiging.

  • 7.

    Het een subsidiering voor het organiseren van feesten, evenementen, excursies of reguliere verenigingsactiviteiten betreft.

  • 8.

    Bij aanvragen boven de € 50.000,-: indien het college vaststelt dat het vrij besteedbaar vermogen van de aanvrager (inclusief eventuele bestemmingsreserves) meer dan 10 % bedraagt van de begrote lasten van het initiatief, kan worden besloten geen subsidie toe te kennen.

Artikel 10 - Wat is er nodig voor een aanvraag?

Na een gesprek met de contactpersoon onder deze regeling vult u een aanvraagformulier in. In het gesprek helpen we u op weg met het schrijven van een plan.

Een aanvraag bestaat uit een volledig ingevuld aanvraagformulier en een plan waarin ten minste de onderstaande onderdelen zijn opgenomen:

  • Welke gemeentelijke taak u wilt uitdagen;

  • Hoe u dit wilt gaan doen;

  • Wat de meerwaarde is voor de wijk, buurt of het gebied en hoe u deze impact wilt meten en inzichtelijk wilt maken;

  • Wat het draagvlak is in de wijk, buurt of het gebied;

  • Uitleg over het beoogde resultaat en effect;

  • Een planning;

  • Een (meerjarig) overzicht van de inkomsten en uitgaven.

De gemeente kan aanvullende informatie opvragen indien dit nodig is voor een zorgvuldige beoordeling.

B. Nieuwe initiatieven

Artikel 11 - Wat is het doel van Nieuwe Initiatieven?

Met de regeling Nieuwe Initiatieven ondersteund de gemeente 's-Hertogenbosch vernieuwende of aanvullende initiatieven van inwoners die bijdragen aan het versterken van de sociale kwaliteit en sociale cohesie van de leefomgeving van inwoners. Voor jong en oud. Deze initiatieven hebben aantoonbare meerwaarde voor de wijk, buurt of gebied en dragen bij aan het vergroten van de leefbaarheid.

Bij deze subsidiestroom gaat het nadrukkelijk niet om het overnemen (uitdagen) van gemeentelijke taken. Voor initiatieven die gericht zijn op het overnemen van een bestaande taak van de gemeente verwijzen wij naar onderdeel A) Right to Challenge.

Artikel 12 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

Een groep bewoners uit de gemeente ‘s-Hertogenbosch met rechtspersoonlijkheid zonder winstoogmerk (zoals een vereniging of een stichting) kan subsidie aanvragen of (vrijwilligers)organisaties die zich voor de inwoners van 's-Hertogenbosch willen inzetten.

Artikel 13 – Voorwaarden

  • 1.

    Het initiatief is een aanvulling op wat er al is in de wijk, buurt of het gebied, of het is vernieuwd binnen het sociaal domein. Het initiatief wordt ontwikkeld voor, door of in nauwe samenwerking met inwoners van 's-Hertogenbosch.

  • 2.

    Het initiatief draag bij aan minstens één van deze doelen van de gemeente:

    • bevorderen van gelijke kansen

      • stimuleren van talentontwikkeling

      • versterken van positieve gezondheid

      • voorkomen en tegengaan van eenzaamheid

  • 4.

    Er is aantoonbaar draagvlak voor het initiatief onder bewoners en/of lokale organisaties. Dit blijkt uit bijvoorbeeld steunbetuigingen, samenwerkingsafspraken of participatie in de voorbereiding.

  • 5.

    Het initiatief is breed toegankelijk en bevordert gelijke deelname. Dit betekent dat het initiatief fysiek, digitaal en sociaal toegankelijk is voor alle inwoners van de gemeente (of voor de specifieke groep bewoners waar het initiatief voor bedoeld is).

  • 6.

    Het initiatief is niet commercieel, heeft geen winstoogmerk en biedt aantoonbare maatschappelijke meerwaarde. De initiatiefnemers investeren eventuele opbrengsten in het gesubsidieerde initiatief of het maatschappelijke doel.

  • 7.

    De uitvoering vindt geheel of grotendeels plaats door vrijwilligers en/of met bijdragen in natura van inwoners. De aanvrager levert daarnaast een aantoonbare eigen bijdrage in tijd, middelen of inzet.

  • 8.

    De initiatiefnemers beschikken over de benodigde kennis, ervaring en middelen om het initiatief uit te voeren.

  • 9.

    De aanvraag bevat een duidelijke financiële onderbouwing, inclusief de gevraagde gemeentelijke bijdrage en hoe deze zal worden besteed. Inclusief een overzicht van andere (aangevraagde of toegezegde) financieringsbronnen. Cofinanciering wordt aangemoedigd.

  • 10.

    De aanvraag bevat alle in artikel 14 genoemde gegevens en bijlagen.

  • 11.

    Het initiatief is niet eerder gesubsidieerd door de gemeente, met uitzondering van bijdragen uit het Wijk-, Buurt- of Dorpsbudget en/of vanuit Cityboost. Indien het initiatief eerder is ondersteund, moet de aanvraag vernieuwende elementen bevatten of aantonen hoe het initiatief op termijn zonder subsidie kan voortbestaan.

  • 12.

    De gesubsidieerde activiteiten zijn nog niet gestart op het moment van indiening van de aanvraag.

Artikel 14. Wat is er nodig voor een aanvraag?

Na een gesprek met de contactpersoon onder deze regeling vult u een aanvraagformulier in. Hier vindt u een contactformulier voor deze subsidie.

In het gesprek helpen we u op weg met het schrijven van een plan. Daarin komen de volgende onderwerpen aan bod:

  • Een omschrijving van het initiatief, de aanpak en activiteiten;

  • De doelen en resultaten die u met de activiteiten nastreeft, en hoe de activiteiten daaraan bijdragen. In het bijzonder ook in welke mate de activiteiten gericht zijn op de gemeente of haar inwoners;

  • Wat de meerwaarde is voor de wijk, buurt of het gebied en hoe u deze impact wilt meten en inzichtelijk wilt maken;

  • Wat het draagvlak is in de wijk, buurt of het gebied;

  • Uitleg over de (inhoudelijke en organisatorische) voortgang van het initiatief in de toekomst;

  • Een planning;

  • Een (meerjarig) overzicht van de inkomsten en uitgaven.

Artikel 15 - Wanneer komt u niet voor subsidie Nieuwe initiatieven in aanmerking?

Een aanvraag komt niet in aanmerking voor een subsidie Nieuwe Initiatieven als:

  • 1.

    Er niet voldaan wordt aan de voorwaarden zoals opgenomen in artikel 13 van deze regeling.

  • 2.

    Het initiatief al gestart is vóór de datum van het indienen van een subsidieaanvraag.

  • 3.

    Het initiatief een winstoogmerk heeft, of gericht is op het genereren van persoonlijk financieel voordeel.

  • 4.

    Het initiatief overwegend een privébelang dient, en niet het algemeen maatschappelijk belang.

  • 5.

    Het initiatief plaatsvindt in een wijk, buurt of gebied waar reeds voldoende aanbod aanwezig is dat vergelijkbaar is met het voorgestelde initiatief.

  • 6.

    De aangevraagde subsidie niet in redelijke verhouding staat tot de duur, het bereik of het verwachte maatschappelijke effect van het initiatief.

  • 7.

    De activiteiten onder een andere, specifiekere subsidieregeling vallen. In dat geval wordt de aanvraag, indien mogelijk, doorgeleid naar de juiste regeling in overleg met de aanvrager.

  • 8.

    De activiteiten een uitgesproken politiek of levensbeschouwelijk karakter hebben, gericht op het uitdragen van een specifieke overtuiging.

  • 9.

    De activiteiten geen aantoonbaar voordeel opleveren voor inwoners van de gemeente.

  • 10.

    Bij aanvragen boven de € 50.000,-: indien het college vaststelt dat het vrij besteedbaar vermogen van de aanvrager (inclusief eventuele bestemmingsreserves) meer dan 10 % bedraagt van de begrote lasten van het initiatief, kan worden besloten geen subsidie toe te kennen.

Artikel 16 – Hardheidsclausule

  • 1.

    Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van één of meerdere bepalingen in deze regeling, indien toepassing van die bepalingen zou leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.

  • 2.

    Van deze afwijkingsmogelijkheid kan uitsluitend gebruik worden gemaakt indien:

  • het initiatief in overwegende mate bijdraagt aan de doelstellingen van de regeling, én

  • de afwijking niet in strijd is met hogere wet- en regelgeving of het algemeen belang.

  • 3.

    Een besluit tot toepassing van deze hardheidsclausule wordt gemotiveerd en schriftelijk vastgelegd.

Artikel 17 – Subsidieplafond Right to Challenge en Nieuwe Initiatieven

  • 1.

    Voor subsidieverlening in het kader van Right to Challenge en Nieuwe Initiatieven is op grond van deze subsidieregeling voor het jaar 2026 een gezamenlijk subsidieplafond beschikbaar van € 191.285,- per jaar, inclusief eventuele indexering.

  • 2.

    Op de website van de gemeente wordt een actueel overzicht gepubliceerd van het resterende budget binnen deze gecombineerde subsidieregeling.

  • 3.

    Het subsidieplafond geldt onder voorbehoud van de vaststelling van de begroting door de gemeenteraad in november van het jaar voorafgaand aan het betreffende subsidiejaar.

Artikel 18 - Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling Right to Challenge en Nieuwe Initiatieven:

  • 1.

    Deze subsidieregeling gaat in op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2027.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Nieuwe Initiatieven en Right to Challenge 2026.

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 5.

    De Algemene Subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is geldig op deze subsidieregeling.

Contact

Wilt u meer weten? Neem dan contact op met:

Bo Blitz

Tel.nr. 073- 615 5155

E-mail: gemeente@s-hertogenbosch.nl

7. Subsidieregeling Goed voor Elkaar 2026-2027

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidie?

Er zijn in de gemeente ’s-Hertogenbosch heel veel inwoners die zich vrijwillig inzetten voor anderen en hun leefomgeving. Met de subsidieregeling Goed voor Elkaar stimuleert en ondersteunt de gemeente vrijwilligersorganisaties, die zich richten op de doelgroep 27+, om activiteiten te organiseren die bijdragen aan één of meerdere beleidsdoelen: gelijke kansen, talentontwikkeling, voorkomen en tegengaan van eenzaamheid en bereiken van meer gezonde en gelukkige jaren.

Want, alle inwoners moeten een gelijke kans krijgen om hun talenten te ontplooien, gezond te kunnen blijven en naar vermogen mee te doen in de samenleving. Voor de meeste inwoners verloopt dit zonder grote problemen, maar voor sommigen is hier ondersteuning bij nodig. Daarom ondersteunen wij met deze subsidieregeling vrijwilligersorganisaties zodat zij actief kunnen werken aan het versterken van de eigen kracht van inwoners en het versterken van onderlinge verbinding. Om zo te komen tot een gemeenschap waarin inwoners steeds meer zelf én steeds meer samen kunnen.

We verwachten dat organisaties actief werken aan deze doelen en in het bijzonder kwetsbare inwoners hierop weten te stimuleren, te ondersteunen en te laten deelnemen zodat betrokkenheid op elkaar en bij de eigen leefomgeving bevorderd wordt.

Artikel 2 – Definities

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • 1.

    Subsidieplafond: Een subsidieplafond is het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak maximaal beschikbaar is voor een bepaalde subsidieregeling. Het college stelt het subsidieplafond van deze subsidieregeling vast, onder voorbehoud van vaststelling van de begroting door de gemeenteraad.

  • 2.

    Vast en flexibel budget: Per kalenderjaar verdeelt de gemeente 90 tot 95% van het vastgestelde subsidieplafond over alle aanvragende organisaties. Dit noemen we het vaste budget. 5 tot 10% van het vastgestelde subsidieplafond wordt, per kalenderjaar, gereserveerd voor het flexibele budget. Indien er binnen het vaste budget een overschot is, kan het restant worden toegevoegd aan het flexibele budget. Dit flexibele budget is bedoeld voor onvoorziene situaties en aanvragen die zich mogelijk voordoen in 2026 - 2027.

  • 3.

    Rechtspersoon: Organisaties zonder winstoogmerk, in de vorm van een vereniging of stichting. De statuten zijn vastgesteld door een notaris, de organisatie is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en er is een bestuur.

  • 4.

    Tendermethode: Alle volledige subsidieaanvragen waarin een beroep op het vaste budget wordt gedaan, worden opgespaard tot de sluitingsdatum van 1 augustus 2025. De subsidieaanvraag wordt beoordeeld aan de hand van de in deze regeling genoemde criteria.

  • 5.

    Op volgorde van binnenkomst methode: De gemeente behandelt de subsidieaanvragen waarin een beroep op het flexibele budget wordt gedaan, op volgorde van binnenkomst. Alleen volledige subsidieaanvragen worden in behandeling genomen. Wanneer u de gelegenheid heeft gehad uw subsidieaanvraag aan te vullen, dan geldt de datum van binnenkomst van de complete aanvraag. Als wij uw aanvraag ontvangen nadat het subsidieplafond bereikt is, dan nemen wij uw aanvraag niet meer in behandeling.

  • 6.

    Volledige subsidieaanvragen: Het volledig ingevulde en ondertekende aanvraagformulier met de begroting over 2026 en 2027, het activiteitenformulier en eventueel aanvullende informatie die nodig is voor de aanvraag.

  • 7.

    Maatschappelijk e meerwaarde: Bij de verdeling van subsidiebedragen wordt gekeken naar de maatschappelijk meerwaarde van activiteiten die organisaties uitvoeren. Dit wordt bepaald door criteria die benoemd staan in artikel 5.6.

  • 8.

    Vrijwillige inzet: Onverplichte inspanningen, zonder dat men daarvoor wordt betaald. Waarbij een vrijwilligersvergoeding en/of een tegemoetkoming in onkosten wel tot de mogelijkheden behoort.

  • 9.

    Beroepskracht: Een persoon die meer dan een vrijwilligersvergoeding betaald krijgt voor werkzaamheden ten behoeve van aansturing van vrijwilligers en/of coördinatie van een activiteit. Dit kan in loondienst of als freelancer/zzp’er.

  • 10.

    Beleidsdoelen: dat wat de gemeente wil bereiken tijdens een beleidsperiode. De beleidsdoelen van het college van B&W zijn vastgelegd in het bestuursakkoord. Belangrijke doelstellingen zijn: talentontwikkeling, het stimuleren van gelijke kansen, bijdragen aan positieve gezondheid en het tegengaan van eenzaamheid.

Artikel 3 - Wat is de doelgroep van deze subsidie?

Inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

Artikel 4 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

Een vrijwilligersorganisatie uit de gemeente ’s-Hertogenbosch in de vorm van een rechtspersoon zonder winstoogmerk, zoals een stichting of een vereniging.

Artikel 5 – Voorwaarden

Om in aanmerking te komen voor de subsidie ‘Goed voor Elkaar 2026-2027’ moet u aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • 1.

    De activiteiten leveren een bijdrage aan minimaal één van de volgende doelen:

  • Talentontwikkeling;

  • Het stimuleren van gelijke kansen;

  • Positieve gezondheid;

  • De aanpak van eenzaamheid.

  • 2.

    De activiteiten zijn toegankelijk voor de doelgroep. De aanvrager heeft aandacht voor inclusie: iedereen kan gelijkwaardig gebruik maken van de activiteiten en initiatieven.

  • 3.

    De activiteiten vinden regelmatig gedurende het jaar plaats en worden voor het grootste deel met vrijwillige inzet ontwikkeld. De uitvoering van de activiteiten gebeurt helemaal of grotendeels met vrijwillige inzet en/of een bijdrage in natura, door inwoners.

  • 4.

    U spant zich in om meerdere inkomstenbronnen te realiseren. U bent zo niet alleen afhankelijk van gemeentelijke financiering maar maakt waar mogelijk gebruik van meerdere inkomstenbronnen.

  • 5.

    Een subsidieaanvraag is hoger dan € 200,-.

  • 6.

    De maatschappelijke meerwaarde van de activiteiten moet in verhouding staan ten opzichte van het subsidiebedrag. Daarbij kijken we naar vergelijkbare organisaties, begrotingen, activiteiten en bereik van inwoners. Om te beoordelen wat de maatschappelijke meerwaarde is, beoordelen we in hoeverre een initiatief bijdraagt aan een betere samenleving. Daarbij letten we op het volgende:

    • a.

      De mate waarin de activiteiten een toegevoegde waarde hebben voor de samenleving en bijdragen aan de beleidsdoelen van de gemeente, zoals genoemd in artikel 5.1. Daarbij is het ook belangrijk dat de activiteiten zijn afgestemd met bestaande initiatieven van vergelijkbare organisaties in de omgeving, zodat ze aanvullend zijn en elkaar versterken. Daarnaast wordt er gekeken of de activiteiten structureel of eenmalig plaatsvinden.

    • b.

      De mate waarin de activiteiten aansluiten bij wensen en behoeften van inwoners en zij worden betrokken en gestimuleerd om mee te doen.

    • c.

      Het aantal en de aard van deelnemers die bereikt worden en de aard en omvang van de activiteiten in relatie tot de kosten en het gevraagde subsidiebedrag. Daarnaast letten we ook op het aantal betrokken vrijwilligers en of het subsidiebedrag effectief wordt ingezet, door bijvoorbeeld samen te werken met andere organisaties en/of gebruik te maken van gedeelde locaties.

Artikel 6 - Waarvoor kunt u deze subsidie aanvragen?

  • 1.

    U kunt een subsidie aanvragen voor de volgende onderdelen, mits dit aantoonbaar noodzakelijk is voor de uitvoering van de activiteiten:

    • a.

      kosten voor het ontwikkelen en uitvoeren van activiteiten;

    • b.

      kosten voor huisvesting;

    • c.

      kosten voor vrijwilligersvergoedingen;

    • d.

      kosten voor coördinatietaken door een beroepskracht, waaronder het coördineren van activiteiten, werven en trainen van vrijwilligers.

  • 2.

    Voor kosten zoals genoemd in lid 1 sub d van dit artikel kan enkel subsidie worden gevraagd wanneer dit redelijkerwijs niet van een vrijwilliger kan worden verwacht. Hiervan is bijvoorbeeld sprake wanneer de investering in uren te groot is of wanneer er specifieke kennis/kunde gevraagd wordt.

Artikel 7 - Wanneer komt u niet voor subsidie in aanmerking?

Het college zal de subsidieaanvraag weigeren, indien de aanvraag of activiteit naar het oordeel van het college:

  • 1.

    Niet voldoet aan één of meerdere voorwaarden uit artikel 5 en artikel 6 van deze regeling.

  • 2.

    De maatschappelijke meerwaarde niet in verhouding staat tot het aangevraagde subsidiebedrag. Daarbij kijken we naar vergelijkbare organisaties, begrotingen, activiteiten en bereik van inwoners.

  • 3.

    Een winstoogmerk heeft dan wel op een andere wijze is ingegeven door commerciële belangen.

  • 4.

    Onderdeel uitmaakt van (organisatiekosten van) een actie van een goed doel.

  • 5.

    In aanmerking komt voor een andere, specifiekere subsidieregeling. De gemeente zorgt er samen met u voor dat uw aanvraag op de juiste plek terecht komt.

  • 6.

    Wordt aangewend voor activiteiten die zich richten op een politieke of levensbeschouwelijke overtuiging.

  • 7.

    Zich richt op activiteiten van verenigingen voor personen die een gemeenschappelijke liefhebberij of bezigheid ter ontspanning hebben, die men met enige regelmaat uitoefent in diens vrije tijd. Het betreft activiteiten van persoonlijke interesse waarbij voldoening voorop staat en het vergroten van kennis, ervaringen en vaardigheden wordt nagestreefd.

  • 8.

    Zich richt op activiteiten van bewoners- en huurdersbelangen, die zich vooral richten op de eigen bewoners.

  • 9.

    Niet, of onvoldoende, ten goede komt aan inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • 10.

    Als door het verlenen van de subsidie het subsidieplafond zou worden overstegen.

  • 11.

    Wanneer uw aanvraag voor het vaste budget niet vóór de sluitingstermijn van 1 augustus 2025 is ontvangen.

Artikel 8 Subsidieplafond

  • 1.

    Voor subsidieverlening op grond van deze subsidieregeling is voor 2026 en 2027 een subsidieplafond van € 1.569.809,- exclusief eventuele index, per jaar beschikbaar.

  • 2.

    Het subsidieplafond is onder voorbehoud van de vaststelling van de begroting door de gemeenteraad in november, in het jaar voor het betreffende subsidiejaar.

Artikel 9 - Hoe verloopt de subsidieprocedure vaste subsidie?

  • 1.

    De gemeente verdeelt, per kalenderjaar, 90 tot 95 % van het subsidieplafond als subsidie (vast budget). Voor deze verdeling wordt de “tender methode” gebruikt.

  • 2.

    De subsidie wordt toegekend voor een periode van 2 jaar onder voorbehoud van het budgetrecht van de gemeenteraad.

  • 3.

    Het subsidiebedrag kan jaarlijks geïndexeerd worden volgens de subsidieloonindex. Bij het aanvragen van de subsidie kunt u aangeven of u gebruik wilt maken van deze indexering. Let op: dit kan gevolgen hebben op de hoogte van het totale subsidiebedrag en daarmee de verantwoording. De richtlijnen voor de verantwoording van de subsidie zijn te vinden in de Algemene Subsidie Verordening van 's-Hertogenbosch (ASV).

Artikel 10 - Hoe verloopt de subsidie en aanvraagprocedure flexibele inzet?

  • 1.

    De gemeente verdeelt per kalenderjaar, 5 tot 10% van het subsidieplafond als flexibele inzet, voor de aanpak van onvoorziene situaties en nieuwe aanvragen (flexibel budget). Voor deze verdeling wordt de “op volgorde van binnenkomst methode” gebruikt.

  • 2.

    Als op dat moment het resterende beschikbare flexibel budget in dat jaar op is, wijzen wij om die reden de aanvraag af.

Artikel 11 - Hoe vraagt u subsidie aan?

  • 1.

    Op de website van de Gemeente ’s-Hertogenbosch vindt u het aanvraagformulier. U kunt ook contact opnemen via subsidies@s-hertogenbosch.nl.

  • 2.

    Wilt u een aanvraag indienen voor vaste subsidie? Dan dient u het aanvraagformulier, de begroting en het activiteitenformulier volledig in te vullen en in te sturen vóór 1 augustus 2025, eventueel vergezeld met aanvullende informatie die u nodig acht voor de aanvraag. Alleen volledige subsidieaanvragen worden in behandeling genomen. Wanneer u de gelegenheid heeft gehad uw subsidieaanvraag aan te vullen, dan geldt de datum van binnenkomst van de complete aanvraag.

  • 3.

    Om in aanmerking te komen voor subsidie uit het flexibel budget dient u uw aanvraag voor 2026 tussen 1 januari 2026 en 15 november 2026 in te dienen. Voor het subsidiejaar 2027 kunt u aanvragen uit het flexibele budget indienen tussen 1 januari 2027 en 15 november 2027.

Artikel 12 - Beoordeling aanvragen

  • 1.

    Indien de aanvragen voor het vaste budget het subsidieplafond voor de betreffende activiteit overstijgen, vindt verstrekking van subsidie plaats zoals uitgewerkt in lid 2 en 3 van dit artikel.

  • 2.

    Tijdige en volledige subsidieaanvragen worden inhoudelijk en kwalitatief beoordeeld aan de hand van de voorwaarden die zijn benoemd in artikel 5, waarbij de tendermethode wordt gehanteerd.

  • 3.

    U ontvangt in december 2025 een besluit op uw aanvraag voor de vaste subsidie. Bij aanvragen uit het flexibel budget ontvangt u een besluit binnen 13 weken.

Artikel 13 - Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2028.

  • 3.

    Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Goed voor Elkaar 2026-2027.

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 5.

    De Algemene Subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Wilt u meer weten? Neem dan contact op via subsidies@s-hertogenbosch.nl.

8. Subsidieregeling Ketenaanpak Valpreventie 2026

Artikel 1 Wat is het doel van deze subsidieregeling?

Deze subsidieregeling heeft als doelstelling om een bijdrage te leveren aan de opsporing van inwoners met een verhoogd valrisico en de uitvoering van valpreventieve beweeginterventies voor inwoners, zodat het aantal valongelukken afneemt.

Gemeente ’s-Hertogenbosch heeft de taak om de Ketenaanpak Valpreventie in te richten voor inwoners van 65 jaar en ouder met een valrisico. Dit is vastgesteld in het IZA en het GALA. Via de Brede SPUK-regeling ontvangt de gemeente ’s-Hertogenbosch middelen om de afspraken in het GALA vorm te geven.

Artikel 2 Woordenlijst subsidieregeling

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • a.

    ASV: Algemene subsidieverordening 's-Hertogenbosch 2026.

  • b.

    College: Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • c.

    Aanvrager: Een organisatie (zowel met als zonder rechtspersoonlijkheid) die een schriftelijk verzoek voor subsidie indient.

  • d.

    Subsidieplafond: Het bedrag dat tijdens een bepaald tijdvak maximaal beschikbaar is voor deze subsidieregeling. Het college stelt het subsidieplafond jaarlijks vast. Dit gebeurt na vaststelling van de begroting door de gemeenteraad in november.

  • e.

    Op volgorde van binnenkomst-methode: voor het bepalen van het bereiken van het subsidieplafond behandelen wij de subsidieaanvragen ‘op volgorde van binnenkomst’. Wij nemen alleen volledige subsidieaanvragen in behandeling. Bij een niet volledig ingevulde aanvraag geldt als datum van binnenkomst de datum van ontvangst van de volledige aanvraag. Als uw aanvraag is ontvangen nadat het subsidieplafond bereikt is, verstrekken wij geen subsidie meer.

  • f.

    IZA: Integraal Zorgakkoord. IZA heeft als doel de zorg voor de toekomst goed, toegankelijk en betaalbaar te houden.

  • g.

    GALA: Gezond en Actief Leven Akkoord. GALA maakt een integraal preventief beleid mogelijk op gemeentelijk niveau.

  • h.

    Brede SPUK-regeling: Specifieke Uitkering-regeling. De SPUK-regeling bundelt geldstromen die zich richten op sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis.

  • i.

    Inwoner(s): thuiswonende inwoner(s) van de gemeente ’s-Hertogenbosch van 65 jaar of ouder.

  • j.

    Valpreventieve beweeginterventie(s): Valpreventieve beweeginterventie(s) zoals deze worden erkend door het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), te weten Vallen Verleden Tijd, In Balans en Otago in groepsverband.

  • k.

    Ketenaanpak valpreventie: is gericht op thuiswonende inwoners van 65 jaar of ouder met een verhoogd valrisico en bestaat uit: opsporen (risico-inschatting), screenen (valanalyse, in het zorgdomein) en het inzetten van een valpreventieve beweeginterventie, aangevuld met een advies op maat.

  • l.

    Samenwerking: een samenwerking met een of meer maatschappelijke partners in relatie tot de subsidieaanvraag; hierbij valt onder andere te denken aan een welzijnsorganisatie, seniorenvereniging of sportclub.

  • m.

    BTW: valpreventie is onderhevig aan BTW. Het BTW-tarief is vastgesteld op 21 %. Indien de valpreventieve beweeginterventie wordt aangeboden op een sportlocatie, is het BTW-tarief 9 %.

Artikel 3 Wie kan deze subsidie aanvragen?

De aanvrager van de subsidie is een organisatie, die zowel in de gemeente 's-Hertogenbosch of daarbuiten (maar met ten minste een fysieke vestiging in de gemeente 's-Hertogenbosch) gevestigd is én zijn/haar diensten, bestemd voor inwoners uit de gemeente ’s-Hertogenbosch, in de gemeente ’s-Hertogenbosch uitvoert.

Artikel 4 Waarvoor kunt u deze subsidie aanvragen?

U kunt een subsidie aanvragen voor:

  • a.

    Activiteiten die bijdragen aan de individuele opsporing van een verhoogd valrisico bij inwoners.

  • b.

    Uitvoering van valpreventieve beweeginterventies.

Artikel 5 Hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

Het subsidieplafond is € 270.000, -. Dit subsidieplafond is opgesplitst in twee subsidiedoelen. Er is € 70.000, - beschikbaar voor het subsidiedoel dat is beschreven onder artikel 4a en € 200.000, - voor het subsidiedoel dat is beschreven onder artikel 4b.

  • 1.

    De subsidies worden beoordeeld op volgorde van binnenkomst.

  • Voor artikel 4a kan per subsidieaanvraag maximaal € 5.000,- exclusief BTW worden aangevraagd, met een maximum tarief van € 90,- per uur per professional.

  • Voor artikel 4b kunnen de volgende bedragen worden aangevraagd:

  • € 4.748,75 voor In Balans,

  • € 4.320,- voor Vallen Verleden Tijd en

  • € 2.199,50 voor Otago in groepsverband.

  • Deze bedragen zijn exclusief BTW.

  • Een organisatie kan meerdere aanvragen per jaar doen.

  • 2.

    Op 1 juli 2026 wordt bekeken of het gewenst is om het eventueel resterende subsidiebedrag opnieuw te verdelen over beide subsidiedoelen.

Artikel 6 Aan welke voorwaarden moet u voldoen?

Om in aanmerking te komen voor deze subsidie moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan:

  • 1.

    Subsidiedoel zoals beschreven in artikel 4a:

    • a.

      De aanvraag bevat een beschrijving van de activiteit, waarin wordt beschreven op welke manier de opsporing plaatsvindt.

    • b.

      De activiteit heeft als doel inwoners inzicht te geven in hun valrisico.

    • c.

      De activiteit vindt plaats in de gemeente ’s-Hertogenbosch.

    • d.

      De activiteit wordt aangeboden aan inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

    • e.

      De activiteit wordt in een samenwerking met een of meer maatschappelijke partners, in relatie tot de subsidieaanvraag, uitgevoerd of georganiseerd.

    • f.

      Er wordt opvolging gegeven aan de ketenaanpak.

    • g.

      De activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd mogen niet gestart zijn voor de subsidie is toegekend.

  • 2.

    Subsidiedoel zoals beschreven in artikel 4b:

    • a.

      De aanvraag bevat een beschrijving van de gekozen valpreventieve beweeginterventie.

    • b.

      Degene die de valpreventieve beweeginterventie gaat verzorgen is bevoegd deze interventie te geven. Een kopie van het certificaat, uitgegeven door VeiligheidNL of NPi, volstaat.

    • c.

      De valpreventieve beweeginterventie wordt aangeboden in de gemeente ’s-Hertogenbosch.

    • d.

      De valpreventieve beweeginterventie wordt aangeboden aan inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

    • e.

      Het minimale aantal inwoners dat deelneemt aan de valpreventieve beweeginterventie is acht voor In Balans en Vallen Verleden Tijd en zes voor Otago in groepsverband.

    • f.

      Het maximale aantal inwoners dat deelneemt aan de valpreventieve beweeginterventie is twaalf voor In Balans, tien voor Vallen Verleden Tijd en acht voor Otago in groepsverband.

    • g.

      Tijdens de valpreventieve beweeginterventie wordt de samenwerking met de Buurtsportcoach van ´S-PORT gezocht. Hij/zij inspireert en adviseert de deelnemers na afloop van de valpreventieve beweeginterventie structureel te gaan bewegen.

    • h.

      Het is de aanvrager niet toegestaan aanspraak te doen op deze subsidieregeling en tegelijkertijd een eigen bijdrage aan de deelnemer te vragen.

    • i.

      De activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd, mogen niet gestart zijn voor de subsidie is toegekend.

    • j.

      Upload de start van de valpreventieve beweeginterventie op het activiteitenoverzicht op het platform www.aanbod.s-port.nl

Artikel 7 Wanneer komt uw aanvraag niet in aanmerking voor deze subsidie?

Wij wijzen uw subsidieaanvraag af als:

  • 1.

    Uw project onvoldoende bijdraagt aan de doelstelling van deze subsidieregeling zoals omschreven in artikel 1.

  • 2.

    Het vastgestelde subsidieplafond voor deze regeling is bereikt.

  • 3.

    Uw aanvraag, na het verzoek om die aan te vullen, nog steeds incompleet is.

Artikel 8 Kosten die niet voor subsidie in aanmerking komen

Onderstaande kosten komen niet voor subsidie in aanmerking. Onderstaande opsomming is niet limitatief.

  • 1.

    Opleidingskosten voor het behalen van een licentie voor het verzorgen van een valpreventieve beweeginterventie.

  • 2.

    Aanschaf materialen voor opsporing en/of uitvoering van valpreventieve beweeginterventies.

  • 3.

    Kosten verbonden aan onderhoud en/of afschrijvingen op investeringen.

  • 4.

    Kosten voor een valpreventieve interventie die vanuit de zorgverzekering van de deelnemer worden vergoed.

Artikel 9 Hoe verloopt de subsidieprocedure?

  • 1.

    Subsidieaanvragen kunnen worden ingediend tot 15 november 2026. De activiteit moet afgerond zijn op 31 december 2026.

  • 2.

    Binnen vier weken nemen wij een besluit op uw aanvraag.

  • 3.

    Als de aanvraag wordt goedgekeurd ontvangt u binnen 30 dagen na goedkeuring uw aangevraagde subsidiebedrag.

  • 4.

    De valpreventieve beweeginterventie dient te starten binnen twee maanden na goedkeuring.

  • 5.

    Als de aanvraag is ontvangen nadat het subsidieplafond bereikt is, verstrekken wij geen subsidie meer.

Artikel 10 Hoe kunt u deze subsidie aanvragen?

  • 1.

    Een aanvraag voor deze subsidie kan gedaan worden via het aanvraagformulier dat via de website van de gemeente ’s-Hertogenbosch verkrijgbaar is.

  • 2.

    Bij vragen kunt u contact opnemen met de contactpersoon onderaan deze regeling.

Artikel 11 Verantwoording en definitieve vaststelling subsidie

Voor de verantwoording ontvangen wij uiterlijk vier weken na afloop van de activiteit ten minste het volgende:

Als de toegekende subsidie betrekking heeft op artikel 4a

  • 1.

    Een volledig ingevuld ‘Formulier ter verantwoording subsidie ketenaanpak valpreventie (artikel 4a)’.

Als de toegekende subsidie betrekking heeft op artikel 4b

  • 2.

    Een volledig ingevuld ‘Formulier ter verantwoording subsidie ketenaanpak valpreventie (artikel 4b)’.

  • 3.

    Per deelnemer een ‘Evaluatieformulier deelnemer valpreventieve beweeginterventie (artikel 4b)’.

Artikel 12 Tot slot

Een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2027.

  • 3.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 4.

    Deze subsidieregeling heet ‘Subsidieregeling Ketenaanpak Valpreventie 2026’.

  • 5.

    De ‘Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch 2026’ is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente 's-Hertogenbosch

Ilvie van Schijndel

E-mail: gemeente@s-hertogenbosch.nl

Tel.nr.: 073-615 5155

9. Subsidieregeling Wijk-, buurt- en dorpsbudget 2026

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidieregeling?

Het doel van deze subsidie is om bewoners in ’s-Hertogenbosch in staat te stellen zelf initiatieven te ontplooien die de leefbaarheid (sociaal, fysiek en veilig) in buurten, wijken en dorpen bevorderen.

Artikel 2 - Woordenlijst subsidieregeling

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • a.

    College: Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • b.

    Bewonersadviesgroep: de groep bewoners uit een wijk, buurt of dorp in de gemeente ’s-Hertogenbosch die het college adviseert over subsidieaanvragen die betrekking hebben op die wijk, die buurt of dat dorp.

  • c.

    Leefbaarheid: de mate waarin naar het oordeel van de bewonersadviesgroep een buurt, wijk of dorp aantrekkelijk is om in te wonen of werken.

  • d.

    Sociaal: betrekking hebbend op de menselijke samenleving en de interactie tussen mensen als bewoners van een buurt, wijk of dorp. Zoals de aanwezigheid en kwaliteit van buurtcontacten en vormen van burenhulp.

  • e.

    Fysiek: betrekking hebbend op de infrastructuur in wijken, buurten en dorpen. Zoals verlichting, groen, parkeren, vervoer, (zwerf)afval en spelen.

  • f.

    Veilig: activiteiten en/of voorzieningen die gevaar of gevaarlijke situaties voorkomen. Zoals inbraak, drugsgebruik, vandalisme en verkeer.

Artikel 3 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

Subsidie kan aangevraagd worden door inwoners die woonachtig zijn in ’s-Hertogenbosch en door verenigingen en stichtingen namens hen.

Artikel 4 - Waarvoor kunt u deze subsidie aanvragen?

Subsidie kan aangevraagd worden voor initiatieven die bijdragen aan het bevorderen van de leefbaarheid (sociaal, fysiek en veilig) in buurten, wijken en dorpen. Initiatieven kunnen bijvoorbeeld betrekking hebben op “groene” initiatieven én op fysieke investeringen. Aanvragen voor en door jongeren die wijk- en/of buurt overstijgend zijn, doen een beroep op het stedelijk budget.

Artikel 5 - Budget

Voor wijken, buurten en dorpen is jaarlijks een budget beschikbaar. Voor 2026 bedraagt het subsidieplafond € 878.980,-

Artikel 5.1 - Stedelijk Budget

Voor wijk-, buurt- en dorp overstijgende initiatieven voor- en door jongeren is het subsidieplafond voor 2026 € 24.850,-

Artikel 6 - Advisering over subsidieverzoeken

Subsidieverzoeken die betrekking hebben op een bepaald(e) wijk, buurt of dorp, worden door de betreffende bewonersadviesgroep voorzien van een advies aan het college. De wijkmanager van de desbetreffende wijk, buurt of dorp vervult een regierol naar bewoners, aanvragers én naar de bewonersadviesgroep. Subsidieverzoeken voor stedelijke activiteiten worden ambtelijk van advies voorzien.

Artikel 7 - Wanneer komt uw aanvraag niet in aanmerking voor deze subsidie?

  • 1.

    Het college kan de subsidieaanvraag weigeren, als naar het oordeel van het college:

    • a.

      de subsidie onvoldoende bijdraagt aan het bevorderen van de sociale, fysieke of veilige leefbaarheid in de/het betreffende buurt, wijk of dorp;

    • b.

      de subsidiabele kosten niet in redelijke verhouding staan tot de bijdrage aan de sociale, fysieke of veilige leefbaarheid;

    • c.

      de bijdrage aan de sociale, fysieke of veilige leefbaarheid gericht is op individuele bewoners en niet op (een) groep(en) van wijkbewoners;

    • d.

      aantoonbaar draagvlak en betrokkenheid onder bewoners ontbreekt;

    • e.

      de subsidie is aangevraagd met een winstoogmerk dan wel op andere wijze is ingegeven door commerciële belangen;

    • f.

      de subsidie niet is aangevraagd binnen zes weken voor de geplande (voorbereiding van de) uitvoering van de subsidiabele activiteit;

    • g.

      de subsidie onderdeel uitmaakt van (organisatiekosten van) een actie voor een goed doel.

  • 2.

    Het college weigert de subsidievoorwaarden als:

    • a.

      het toekennen van de subsidie in strijd zou zijn met wet- en regelgeving of de algemene beginselen van behoorlijk bestuur;

    • b.

      als door het verlenen van subsidie het subsidieplafond zou worden overstegen.

Artikel 8 - Verschillen tussen wijken, buurten en dorpen

Het ingeschatte effect van een initiatief op de leefbaarheid kan per geografische eenheid verschillen. Het staat de verschillende bewonersadviesgroepen daarom vrij om per wijk, buurt en dorp een eigenstandige afweging te maken in de advisering aan het college. Dat kan er toe leiden dat het besluit over een bepaald initiatief in de ene geografische eenheid anders uitvalt dan in de andere.

Artikel 9 - Actieve communicatie over toegekende aanvragen

De initiatiefnemer is verplicht om tijdens of na de uitvoering van een geheel of gedeeltelijk toegekende aanvraag actief via sociale media, onder verwijzing naar de subsidieregeling Wijk-, buurt- en dorpsbudget van de gemeente ’s-Hertogenbosch, over het initiatief te communiceren.

Artikel 10 - Bewonersadviesgroep

Het college is bevoegd om de bewonersadviesgroepen te bemensen en te benoemen. De bewonersadviesgroepen worden zo divers mogelijk samengesteld. Daarbij wordt gestreefd naar een afspiegeling van gemeente, wijk, buurt of dorp. Een raadslid of commissielid niet zijnde raadslid, kan geen deel uitmaken van een bewonersadviesgroep.

Artikel 11 - Hoe verloopt de subsidieprocedure?

  • 1.

    Aanvragen voor subsidie hebben betrekking op het kalenderjaar 2026 en moeten uiterlijk 6 weken vóór de geplande (voorbereiding van de) uitvoering ingediend worden. U ontvangt binnen 6 weken na ontvangst van uw aanvraagformulier een reactie op uw aanvraag.

  • 2.

    Als het subsidiebedrag gelijk is aan of lager is dan € 5.000,- dan wordt de subsidie conform artikel 20 lid 4 van de ASV direct vastgesteld. Dit betekent dat we geen verantwoording vragen. Wel wordt steekproefsgewijs gevraagd gegevens aan te leveren. Initiatiefnemers moeten daarom de gegevens twee jaar bewaren. Als daar aanleiding toe is, kan te allen tijde bij de initiatiefnemer verantwoording gevraagd worden voor een reeds vastgestelde subsidie. Als de verantwoording van een toekenning ontoereikend is, is het niet te verantwoorden bedrag alsnog opvorderbaar.

  • 3.

    Als het bedrag hoger is dan € 5.000,- moet altijd aannemelijk gemaakt worden dat het initiatief is uitgevoerd. Binnen 13 weken na uitvoering moet een verslag, foto’s van de activiteit en een beknopt financieel verslag door de initiatiefnemer naar onze gemeente worden gestuurd.

  • 4.

    Voor alle geheel of gedeeltelijk toegekende aanvragen geldt dat via sociale media met verwijzing naar de subsidieregeling Wijk-, buurt- en dorpsbudget van de gemeente ’s-Hertogenbosch over het desbetreffende initiatief gecommuniceerd moet worden.

  • 5.

    Bij gehonoreerde aanvragen in het fysieke en openbare domein kan het college ervoor kiezen een bijdrage niet als subsidie toe te kennen, maar deze intern binnen de gemeentelijke organisatie te verrekenen en de uitvoering zelf ter hand te nemen (vanwege veiligheids- en aansprakelijkheidsrisico’s).

Artikel 12 - Hoe kunt u deze subsidie aanvragen?

  • 1.

    Een subsidieverzoek moet via de gemeentelijke website aangevraagd worden. Op de gemeentelijke website is onder subsidies een standaard aanvraagformulier Wijk-, buurt- en dorpsbudget opgenomen. Voor identificatie moet DIGID gehanteerd worden.

  • 2.

    Eventuele vragen kunnen gesteld worden aan de wijkmanager van de wijk waarvoor de aanvraag wordt ingediend.

  • 3.

    Voor stedelijke initiatieven kan contact opgenomen worden met het hoofd van de afdeling wijkmanagement.

Artikel 13 - Afwijkingen

In bijzondere gevallen kan het college in het belang van het versterken van de leefbaarheid in wijken, buurten of dorpen, afwijken van de bepalingen in deze subsidieregeling.

Artikel 14 - Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2027.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Wijk-, buurt en dorpsbudget 2026.

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 5.

    De Algemene subsidieregeling ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Rutger Janssens

E-mail: wijkmanagement@s-hertogenbosch.nl

Tel.nr.: 073 – 615 5155

10. Subsidieregeling Basisondersteuning Amateurkunsten en Georganiseerd Muziekonderwijs 2026

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidieregeling?

Het bevorderen van amateurkunstbeoefening in groepsverband door het ondersteunen van:

  • A.

    muziekverenigingen met jeugdleden;

  • B.

    kinderkoren;

  • C.

    amateurkunst in formeel groepsverband (verenigingen, stichtingen, etc.);

  • D.

    amateurkunst in informeel groepsverband;

  • E.

    georganiseerd muziekonderwijs.

Artikel 2 - Woordenlijst

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • a.

    Amateurkunst: Kunst beoefenen (in groepsverband) als vrijetijdsbesteding, niet beroepsmatig of met winstoogmerk.

  • b.

    Amateurvereniging: Een groep mensen die amateurkunst beoefent in verenigingsverband.

  • c.

    ASV: De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch. Deze ASV geldt bij alle subsidieaanvragen.

  • d.

    Informeel groepsverband: Actieve amateurkunstbeoefenaars in een andere organisatievorm dan een vereniging of stichting.

  • e.

    Jeugdleden: Leden die per 1 januari van het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd 20 jaar of jonger zijn, contributie betalen en actief aan de repetities meedoen.

  • f.

    Jeugdorkest: Een orkest dat geheel uit jeugdleden bestaat en een eigen programma kent.

  • g.

    Jeugdopleiding: Het bieden van muziekles aan jeugd door een professionele muziekdocent.

  • h.

    Kinderkoor: Een zangkoor gericht op jeugd dat wekelijks (40 x per jaar) repeteert.

  • i.

    Kunst: Alle artistieke disciplines en combinaties daarvan (beeldende kunst, muziek, zang, literatuur, theater, fotografie, spoken word, etc.).

  • j.

    Leerlingen van muziekscholen: unieke, betalende cursisten van de muziekschool (voor de subsidie geldt dat het om leerlingen gaat tot en met 20 jaar en die 19 lessen of meer volgen in 2026).

  • k.

    Muziekdocent: Persoon met lesbevoegdheid die muziekles geeft en verbonden is aan de muziekschool via arbeidsverband of als zelfstandige is ingehuurd door de organisatie. De docent is gekwalificeerd en bevoegd.

  • l.

    Muziekles/muziekeducatie: muziekles voor alle muziekinstrumenten door professionele docenten;

  • m.

    Muziekschool: Een organisatie met als hoofddoel muziekeducatie zonder winstoogmerk;

  • n.

    Muziekvereniging: Een groep mensen die in verenigingsverband muziek maakt, zoals harmonieën en fanfares.

  • o.

    Organisatie: Een rechtspersoon, zoals een vereniging of stichting/coöperatie/genootschap, community, sociëteit, etc., die minimaal een jaar bestaat.

  • p.

    Opstaporkest: Een orkest met een substantieel deel jeugdleden dat een eigen programma kent.

A. Muziekverenigingen met jeugdleden

Artikel 3 - Wat is het doel van deze subsidie?

Het doel van deze subsidie is het bevorderen van actieve muziekbeoefening in georganiseerd verband, met een focus op deelname door jeugd tot en met 20 jaar.

Artikel 4 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

De subsidie kan worden aangevraagd door muziekverenigingen - harmonieën en fanfares - mét jeugdleden.

Artikel 5 - Voorwaarden

De aanvrager moet voldoen aan de volgende voorwaarden:

De vereniging:

  • heeft de bevordering van amateurkunstbeoefening als doel;

  • organiseert muzikale activiteiten die geheel of grotendeels ten goede komen aan inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch;

  • bestaat minimaal een jaar;

  • heeft minimaal 35 betalende actieve leden (totaal);

  • heeft een minimum aantal jeugdleden van 10, of in het geval de aanvrager minder dan 10 jeugdleden heeft, een plan om dit aantal voor 2027 te bereiken;

  • heeft een apart onderdeel speciaal ingericht voor de jeugd, zoals een opleidingsorkest of een opstaporkest of heeft een plan dit voor 2027 gerealiseerd te hebben;

  • biedt de jeugd een muziekopleiding aan of heeft een plan om deze voor 2027 gerealiseerd te hebben;

  • biedt voor de jeugd een specifiek programma of werkt aan een plan om dit voor 2027 bereikt te hebben;

  • houdt wekelijkse repetities (minimaal 40 weken);

  • verzorgt minimaal twee keer per jaar op eigen initiatief en kosten een optreden in ’s-Hertogenbosch;

  • staat ingeschreven als rechtspersoon bij de KvK en heeft een Algemene Ledenvergadering als hoogste orgaan;

  • heeft geen winstoogmerk.

Artikel 6 - Waarvoor en hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

  • 1.

    U kunt een subsidie aanvragen voor de wekelijkse beoefening van amateurkunst in verenigingsverband (minimaal 40 weken).

  • 2.

    U kunt subsidie van maximaal € 280,- aanvragen voor elk jeugdlid tot en met 20 jaar.

  • 3.

    U kunt subsidie van maximaal € 2.500,- aanvragen voor een bijdrage in de kosten van de jeugdafdeling/orkest/opleiding.

  • 4.

    U kunt subsidie aanvragen van maximaal € 2.840,- voor een bijdrage in de organisatiekosten van de vereniging.

  • 5.

    De totale subsidie mag niet hoger zijn dan het totaal van de contributie van alle leden.

B. Kinderkoren

Artikel 7 - Wat is het doel van deze subsidie?

Het doel van deze subsidie is het bevorderen van actieve zang- en muziekbeoefening in georganiseerd verband door jeugd tot en met 20 jaar.

Artikel 8 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

De subsidie kan worden aangevraagd door kinderkoren met jeugdleden.

Artikel 9 - Voorwaarden

De aanvrager moet voldoen aan de volgende voorwaarden:

Het kinderkoor:

  • heeft de bevordering van amateurkunstbeoefening als doel;

  • organiseert muzikale activiteiten die geheel of grotendeels ten goede komen aan inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch;

  • bestaat minimaal een jaar;

  • heeft minimaal 30 contributie betalende jeugdleden (totaal);

  • houdt wekelijkse repetities (minimaal 40 weken);

  • verzorgt minimaal twee keer per jaar op eigen initiatief en kosten een optreden in ’s-Hertogenbosch;

  • staat ingeschreven als rechtspersoon bij de KvK en heeft een Algemene Ledenvergadering als hoogste orgaan;

  • heeft geen winstoogmerk.

Artikel 10 - Waarvoor en hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

  • 1.

    U kunt een subsidie aanvragen voor de wekelijkse beoefening van amateurkunst in verenigingsverband (40 weken).

  • 2.

    U kunt subsidie van maximaal € 75,- aanvragen voor elk jeugdlid tot en met 20 jaar.

  • 3.

    U kunt subsidie van maximaal € 1.270,- aanvragen voor een bijdrage in de organisatiekosten van de vereniging.

  • 4.

    De totale subsidie mag niet hoger zijn dan het totaal van de contributie van alle leden.

C. Amateurkunst in formeel groepsverband

Artikel 11 - Wat is het doel van deze subsidie?

Het doel van deze subsidie is het bevorderen van actieve beoefening van amateurkunst in formeel groepsverband (zoals een vereniging of stichting) door volwassenen.

Artikel 12 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

De subsidie kan worden aangevraagd door verenigingen en stichtingen die is gericht op het beoefenen van amateurkunst in formeel groepsverband door volwassenen.

Artikel 13 - Voorwaarden

De aanvrager moet voldoen aan de volgende voorwaarden:

De vereniging of stichting:

  • heeft de bevordering van amateurkunstbeoefening in groepsverband als doel;

  • bestaat minimaal een jaar;

  • organiseert muzikale activiteiten die geheel of grotendeels ten goede komen aan inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch;

  • heeft minimaal 12 betalende actieve leden;

  • houdt wekelijks repetitie of les (minimaal 40 weken per jaar);

  • staat ingeschreven als rechtspersoon bij de KvK en heeft een Algemene Ledenvergadering als hoogste orgaan;

  • heeft geen winstoogmerk.

Artikel 14 - Waarvoor en hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

  • 1.

    U kunt een subsidie aanvragen voor de wekelijkse beoefening van amateurkunst in verenigingsverband (minimaal 40 weken).

  • 2.

    U kunt subsidie maximaal € 1.270,- aanvragen voor een bijdrage in de organisatiekosten van de vereniging.

  • 3.

    De totale subsidie mag niet hoger zijn dan het totaal van de contributie van alle leden.

D. Amateurkunst in informeel groepsverband

Artikel 15 - Wat is het doel van deze subsidie?

Het doel van deze subsidie is het bevorderen van actieve beoefening van amateurkunsten in het kader van jongerencultuur, in informeel groepsverband.

Artikel 16 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

De subsidie kan worden aangevraagd door een informeel verband van amateurkunstbeoefenaars.

Artikel 17 - Voorwaarden

De aanvrager moet voldoen aan de volgende voorwaarden:

  • 1.

    De groep of het verband:

  • Bestaat uit minimaal 12 actieve participanten.

  • Bestaat minimaal een jaar.

  • Kent een open karakter en staat daarmee open voor iedereen.

  • De leden komen samen in de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • De groep of het verband ontvangt geen structurele subsidie van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • Heeft geen winstoogmerk.

  • 2.

    U dient een beknopte motivatie in te dienen waarin u aangeeft:

  • hoe de groep is georganiseerd en wie er namens de groep aanvraagt;

  • waarvoor de subsidie wordt ingezet;

  • welke activiteiten er worden ontplooid;

  • hoe u nieuwe deelnemers werft;

  • en welke doelgroep u bereikt.

  • 3.

    De activiteiten zijn gericht op het gezamenlijk beoefenen van een vorm van amateurkunst.

  • 4.

    De subsidie wordt aantoonbaar ingezet voor kosten die bijdragen aan de bovengenoemde doelstelling (artikel 15).

Artikel 18 - Waarvoor en hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

U kunt een subsidie van maximaal € 1.270,- aanvragen voor de gezamenlijke kunstzinnige activiteiten van de groep.

E. Georganiseerd muziekonderwijs

Artikel 19 - Wat is het doel van deze subsidie?

Het doel van deze subsidie is het bevorderen van actieve muziekbeoefening door jeugd tot en met 20 jaar door georganiseerd professioneel onderwijs op een centrale locatie in de gemeente ‘s-Hertogenbosch.

Artikel 20 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

De subsidie kan worden aangevraagd door muziekscholen zonder winstoogmerk, gevestigd in gemeente ’s-Hertogenbosch.

Artikel 21- Voorwaarden

De muziekschool/organisatie:

  • is een stichting, coöperatie, of andere rechtspersoon die gevestigd is in de gemeente 's-Hertogenbosch;

  • bestaat minimaal een jaar;

  • Huurt zelfstandig een ruimte in de gemeente 's-Hertogenbosch om de lessen te geven;

  • heeft minimaal jaarlijks 85 unieke leerlingen uit ’s-Hertogenbosch tot en met 20 jaar die les krijgen in gemeente ’s-Hertogenbosch: leerlingen die op 1 januari van het jaar dat subsidie wordt aangevraagd en verstrekt 20 jaar of jonger zijn;

  • heeft docenten die gekwalificeerd zijn en bevoegd als muziekdocent;

  • heeft geen winstoogmerk;

  • U kunt alleen subsidie aanvragen als u gegevens over jeugdleden (geboortedata) die door het bestuur zijn gecontroleerd desgevraagd kunt overleggen. Deze lijst moet actueel zijn per 1 januari 2026. De gemeente kan een steekproef uitvoeren ter controle van het aantal jeugdleden.

Artikel 22 - Waarvoor en hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

  • 1.

    U kunt subsidie van maximaal € 185,- aanvragen voor elke leerling uit ’s-Hertogenbosch tot en met 20 jaar, waarbij de leerling 19 lessen of meer volgt in 2026.

  • 2.

    U kunt subsidie maximaal € 2.500.- aanvragen voor een bijdrage in de organisatiekosten.

  • 3.

    De totale subsidie mag niet hoger zijn dan het totaal van de lesgelden van de leerlingen.

Algemene bepalingen

Artikel 23 - Weigeringsgronden

Wij kunnen subsidie weigeren als:

  • U niet voldoet aan de voorwaarden;

  • Als u aanvraagt binnen categorie A en al twee jaar te weinig jeugdleden heeft, op zijn vroegst geteld vanaf 1 januari 2025;

  • U aanvraagt bij meerdere categorieën tegelijkertijd.

Artikel 24 - Hoe vraagt u subsidie aan?

  • 1.

    U dient tussen 5 januari en 15 februari 2026 een digitale aanvraag voor deze subsidie in via de website van de gemeente ’s-Hertogenbosch: Subsidies – Gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • 2.

    Organisaties die in 2025 subsidie uit deze regeling kregen, ontvangen medio december 2025 een attentiemail over de subsidieaanvraag 2026.

Artikel 25 - Hoe verloopt de subsidieprocedure?

  • 1.

    Subsidieaanvragen moeten uiterlijk op 15 februari 2026 digitaal ingediend zijn.

  • 2.

    Er is jaarlijks een maximaal subsidiebedrag te verdelen. Dit heet het subsidieplafond. Wij verdelen het beschikbare budget onder de toegekende aanvragers aan de hand van de ‘Gelijke verdeling subsidiebedrag”-methode:

    • a.

      Voor het bepalen van het bereiken van het subsidieplafond worden alle volledige subsidieaanvragen tot op de sluitingsdatum verzameld.

    • b.

      Daarna wordt het totale subsidiebedrag op basis van de in deze regeling gestelde voorwaarden over de toegekende aanvragers verdeeld.

    • c.

      Bij overvraging berekenen we naar rato een korting op de subsidie. Het kan zijn dat dit gevolgen heeft voor de hoogte van de toe te kennen subsidie.

  • 3.

    U ontvangt binnen 13 weken na de sluitingsdatum een besluit op uw aanvraag.

  • 4.

    Indien het nodig is om tot een afweging te komen kan het college om aanvullende informatie vragen.

Artikel 26 - Verplichtingen

Bij een toekenning moet:

  • 1.

    de ontvanger in openbare communicatie uitingen aangeven dat er subsidie is ontvangen van gemeente ’s-Hertogenbosch en gebruik maken van het logo van de gemeente (het ‘kroontje’).

  • 2.

    de ontvanger meewerken aan een onderzoek (medio voorjaar 2026) met als doel inzicht te krijgen in de financiële positie van verenigingen die gebruikmaken van deze subsidieregeling.

  • 3.

    een organisatie uit categorie A, B en E zorgen voor een veilige omgeving leden en vrijwilligers: dat betekent dat er op de website een duidelijke verwijzing is naar steunpunt Mores, waar meldingen gemaakt kunnen worden van grensoverschrijdend gedrag en moet de ontvanger intern actief uitdragen dat daar meldingen gedaan kunnen worden.

Artikel 27 - Verantwoording

  • 1.

    Verantwoording van subsidies tot en met € 12.500,-

  • In afwijking met artikel 16 lid 1 ASV stellen wij subsidies tot en met € 12.500,- direct vast. We controleren jaarlijks op basis van een steekproef of de activiteiten zijn verricht en aan de geldende voorwaarden is voldaan. De gegevens waarop de subsidieverlening is gebaseerd, moeten als bewijsstukken in uw administratie aanwezig zijn. Deze bewijsstukken moeten tot 1 jaar na afloop van het subsidiejaar bewaard blijven. Het gaat hierbij o.a. om de ledenlijst en het inhoudelijk en het financieel verslag van uw vereniging.

  • 2.

    Verantwoording van subsidies boven € 12.500,-

  • Subsidies van meer dan € 12.500,- dienen voor 1 april 2027 te worden verantwoord. De aanvrager moet een financieel en inhoudelijk verslag indienen waarin de gegevens zijn opgenomen van de in het subsidiejaar gerealiseerde aantallen en bedragen.

  • 3.

    Organisaties die nog niet eerder subsidie hebben ontvangen uit deze regeling dienen altijd te verantwoorden, ongeacht het subsidiebedrag. De aanvrager moet een financieel en inhoudelijk verslag indienen waarin de gegevens zijn opgenomen van de in het subsidiejaar gerealiseerde aantallen en bedragen.

Artikel 28 - Beschikbaar budget en deelplafond

  • 1.

    Het subsidieplafond voor deze regeling is € 366.560,-

  • 2.

    Voor categorie D is maximaal € 12.500,- beschikbaar. Indien er budget overblijft kan dit worden ingezet voor de andere categorieën.

  • 3.

    Indien er binnen deze regeling budget overblijft wordt het resterende budget beschikbaar gesteld voor de cultuurbegroting 2025-2028.

Artikel 28 - Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling gaat in op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2027.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Basisondersteuning Amateurkunsten en Georganiseerd Muziekonderwijs 2026.

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 5.

    Het college kan, in bijzondere gevallen, afwijken van een artikel of artikelen van deze subsidieregeling.

  • 6.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze regeling van toepassing.

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Afdeling Cultuur

Tel.nr.: 073-615 5155

E-mail: cultuurfondsen@s-hertogenbosch.nl

11. Subsidieregeling Professionele Kunsten ’s-Hertogenbosch 2025-2028

Artikel 1. Wat is het doel van deze subsidie?

Het bevorderen van een professioneel kunstenklimaat in de gemeente ’s-Hertogenbosch in de periode 2025 – 2028.

Artikel 2. Woordenlijst subsidieregeling

In dit artikel leggen wij een paar woorden uit:

  • a.

    Algemene Bossche Cultuurvoorziening (ABC-voorziening): een culturele instelling aangemerkt als ABC voorziening door de gemeenteraad in het Raadsbesluit Cultuurbegroting 2025-2028;

  • b.

    ASV: Algemene subsidieverordening van gemeente ‘s-Hertogenbosch;

  • c.

    Awb : Algemene wet bestuursrecht;

  • d.

    Code Diversiteit & Inclusie: een gedragscode om culturele diversiteit structureel in de instelling te verankeren https://codedi.nl/;

  • e.

    College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ‘s-Hertogenbosch;

  • f.

    Commissie Bosch Cultuursysteem (BC): De adviescommissie die het college van burgemeester en wethouders adviseert over aanvragen ingediend op grond van deze subsidieregeling;

  • g.

    Fair Practice Code: gedragscode voor ondernemen en werken in kunst, cultuur en de creatieve industrie https://www.fairpracticecode.nl

  • h.

    Festival: reeks van onderling samenhangende activiteiten die gedurende een in de tijd beperkte periode onder een gemeenschappelijke noemer worden georganiseerd; Governance Code Cultuur: normatief kader voor goed bestuur en toezicht in culturele organisaties https://bij.cultuur-ondernemen.nl/governance-code-cultuur/principe/introductie

  • i.

    Kunst: Uitingsvormen van alle kunstdisciplines en combinaties ervan;

  • j.

    Kunstenaar/maker: professionele beoefenaar van kunst;

  • k.

    Liquiditeit: het kengetal dat aangeeft of de aanvrager in staat is kortlopende betaalverplichtingen te voldoen op basis van de quick ratio (vlottende activa minus voorraden gedeeld door kort vreemd vermogen);

  • l.

    Meerjarige (exploitatie)subsidie: subsidie die voor een bepaald aantal kalenderjaren wordt verstrekt voor een periode van maximaal vier jaar;

  • m.

    Producerende instelling: Een organisatie die in continuïteit aanbod op het gebied van professionele (podium)kunsten produceert;

  • n.

    Professionele kunsten: het professioneel vervaardigen, produceren, presenteren en/of exposeren van kunst of het presenteren en/of exposeren van professioneel gemaakte kunst;

  • o.

    Solvabiliteit: het kengetal dat de verhouding aangeeft tussen eigen vermogen en het totale vermogen;

  • p.

    Subsidieplafond: het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies zoals bedoeld in artikel 4:22 van de Awb;

  • q.

    Tendersysteem: alle volledige subsidieaanvragen moeten binnen de periode zoals genoemd in artikel 10 ingediend zijn. De subsidieaanvraag wordt beoordeeld aan de hand van de in deze regeling genoemde criteria en worden onderling gewogen.

Artikel 3. Wie kan deze subsidie aanvragen?

  • 1.

    Privaatrechtelijke rechtspersonen kunnen op grond van deze regeling subsidie aanvragen.

  • 2.

    Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen drie categorieën:

    • a.

      Categorie I: Organisaties die aangemerkt zijn in het Raadsbesluit Cultuurbegroting 2025-2028 als een ABC-voorziening, zijnde Huis73; Theater aan de Parade (ZNTM); Design Museum Den Bosch; Willem Twee muziek en beeldende kunst; Verkadefabriek; Het Noordbrabants Museum; Theaterfestival Boulevard.  

    • b.

      Categorie II: Organisaties die structureel gesubsidieerd zijn door gemeente 's-Hertogenbosch vanaf 2017 tot heden, niet behorende tot categorie I.  

    • c.

      Categorie III: Culturele organisaties niet behorende tot categorie I en II. 

Artikel 4. Hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

  • 1.

    Het minimum aanvraagbedrag is € 12.500 per jaar. 

  • 2.

    Organisaties, zoals bedoeld onder artikel 3 kunnen binnen deze regeling de volgende maximale subsidiebedragen aanvragen, exclusief indexatie voor de jaren 2025-2028:

    • a.

      Categorie I: per jaar maximaal 100% van de in 2024 toegekende gemeentelijke structurele meerjarige subsidie. Mogelijke aanvullende incidentele gemeentelijke subsidies worden hierbij niet meegerekend.   

    • b.

      Categorie II: per jaar kan maximaal 135% van de in 2024 toegekende gemeentelijke structurele meerjarige subsidie worden aangevraagd. Daarnaast onderscheidt het college de subcategorieën i, ii, iii met elk aanvullende maxima. Het maximaal aan te vragen bedrag wordt per subcategorie bepaald op het laagste maximumbedrag van, óf het voorgenoemde percentage van 135%, óf de in leden i, ii, of iii genoemde maximale bedragen. Mogelijke aanvullende incidentele gemeentelijke subsidies worden niet gezien als gemeentelijke structurele meerjarige subsidie:

      • i.

        maximaal 60% van de subsidiabele kosten tot een maximum van €75.000, wanneer de organisatie alleen van de gemeente 's-Hertogenbosch subsidie ontvangt; 

      • ii.

        maximaal 30% van de subsidiabele kosten tot een maximum van €125.000, wanneer de organisatie een producerende instelling is die in de periode 2025-2028 meerjarig subsidie ontvangt van de provincie en/of het Rijk; 

      • iii.

        maximaal 30% van de subsidiabele kosten tot een maximum van €150.000, wanneer de organisatie een festivalorganisatie is die in de periode 2025-2028 meerjarige subsidie ontvangt van de provincie en/of het Rijk.   

    • c.

      Categorie III: per jaar maximaal 60% van de begroting tot een maximum van €75.000.   

  • 3.

    Indien er binnen deze regeling budget overblijft wordt het resterende budget beschikbaar gesteld voor de cultuurbegroting 2025-2028.

  • 4.

    Subsidies worden verstrekt onder voorbehoud van het beschikbaar stellen van middelen door de gemeenteraad van 's-Hertogenbosch. 

Artikel 5. Waarvoor kunt u subsidie aanvragen?

Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten in de periode 2025-2028:

  • die zijn gericht op het professioneel vervaardigen, ontwikkelen, produceren en/of presenteren van kunsten;

  • die zijn gericht op het presenteren en/of exposeren van professionele kunsten;

  • die gerelateerd zijn aan de in leden 1 en 2 genoemde activiteiten op het vlak van cultuureducatie, -participatie en talentontwikkeling;

  • van een ABC-voorzieningen m.b.t een bibliotheekfunctie, bemiddelaar en huis voor amateurkunst en cultuureducatie tezamen in gemeente ’s-Hertogenbosch;

  • met betrekking tot het verzorgen van museale presentaties, het verzamelen en beheren van museale collecties.

Artikel 6. Aan welke vereisten moet de subsidieaanvraag voldoen?

  • 1.

    Alleen complete aanvragen worden in behandeling genomen. Een aanvraag wordt als compleet beschouwd wanneer het de volgende onderdelen bevat:

    • a.

      Activiteitenplan 2025-2028 inclusief toelichting op de culturele codes, van maximaal 20 pagina’s, inclusief afbeeldingen, lettergrootte 10, regelafstand 1;

    • b.

      Een missie en visie op de rol van de instelling in de Bossche culturele infrastructuur in relatie tot de in de cultuurnota beschreven beleidslijnen. Categorie I moet daarbij tevens aangeven op welke wijze zij individueel en gezamenlijk verantwoordelijkheid neemt voor het bredere culturele veld in de gemeente en op welke wijze dat tot uiting komt in de begroting;

    • c.

      Sluitende en realistische begroting 2025-2028 inclusief toelichting, op basis van het format op de website van gemeente ’s-Hertogenbosch www.s-hertogenbosch.nl/subsidies

    • d.

      Een aanbiedingsbrief aan het college met daarin het aangevraagde subsidiebedrag en de naam van deze regeling, ondertekend door een daartoe bevoegd persoon;

    • e.

      Jaarverslag en jaarrekening van 2022. Als er sprake is van een negatief eigen vermogen dient de aanvrager tevens een plan van aanpak in te dienen waaruit blijkt dat er geen gevaar is voor de continuïteit van de bedrijfsvoering;

    • f.

      Oprichtingsakte/-statuten (indien de organisatie nog geen subsidierelatie heeft met de gemeente ’s-Hertogenbosch); 

    • g.

      Uittreksel Kamer van Koophandel (indien de organisatie nog geen subsidierelatie heeft met de gemeente ’s-Hertogenbosch); 

  • 2.

    Om voor subsidie als bedoeld in artikel 5 in aanmerking te komen, moet worden voldaan aan de volgende vereisten:

    • a.

      de subsidieaanvrager is gevestigd in ’s-Hertogenbosch of heeft ’s-Hertogenbosch aantoonbaar als standplaats;

    • b.

      De activiteiten betreffen minimaal één van de in artikel 5 genoemde punten;

    • c.

      De activiteiten worden in belangrijke mate uitgevoerd in de gemeente ’s-Hertogenbosch of vanuit ’s-Hertogenbosch ontwikkeld;

    • d.

      Uit de aanvraag blijkt een:

      • i.

        hoge artistiek-inhoudelijke kwaliteit, wat betreft zeggingskracht, oorspronkelijkheid, visie en vakmanschap;

      • ii.

        hoge zakelijke kwaliteit, blijkend uit de bedrijfsvoering en de inhoudelijke haalbaarheid van de activiteiten; bedrijfsmatige gezondheid: het tonen van een helder ondernemingsplan, plan van aanpak en een gezonde financieringsmix;

      • iii.

        maatschappelijke betekenis m.b.t. de mate waarin de activiteiten bijdragen aan diversiteit van het aanbod, een bijdrage leveren aan de beleidslijnen uit de nota ‘Cultuur Maakt Mensen’ in ’s-Hertogenbosch en bijdragen aan de culturele infrastructuur van de gemeente.

      • iv.

        visie op publiek, diversiteit en inclusie: het tonen van een duidelijke visie op doelgroepen met bijbehorend communicatieplan en/of een duidelijk uitgewerkte aanpak van de publiekswerking.

    • e.

      De subsidieaanvrager voldoet aan de volgende basisvereisten van de drie culturele codes:

      • i.

        Governance Code Cultuur: aanstelling van een onafhankelijk bestuur en/of onafhankelijke raad van toezicht, overzicht organisatiestructuur, vastlegging taken en verantwoordelijkheden van bestuur, directie en medewerkers en formulering beleid voor een veilige werkomgeving;

      • ii.

        Fair Practice Code: per 1 januari 2025 een beloningsbeleid toepassen binnen de organisatie dat in lijn is met landelijke richtlijnen inzake eerlijke beloning in de culturele sector;

      • iii.

        Code Culturele Diversiteit & Inclusie: formulering van tenminste drie realistische doelstellingen voor de eigen organisatie ten aanzien van deze code.

    • f.

      De activiteiten worden uitgevoerd in de periode 2025 tot en met 2028.

  • 3.

    Organisaties die bij ook bij de provincie en/of Rijk een meerjarige subsidie voor de periode 2025-2028 aanvragen, kunnen die aanvraag indienen bij deze regeling, aangevuld met een oplegger waaruit blijkt dat wordt voldaan aan de specifieke lokale eisen of voorwaarden die zijn genoemd in de voorgaande leden van dit artikel, voor zover dat nog niet blijkt uit de aanvraag.

  • 4.

    Als het voor de beoordeling van belang is kan het college aanvullende stukken opvragen.

Artikel 7. Wanneer komt uw aanvraag niet in aanmerking voor subsidie?

Subsidie wordt geweigerd indien:

  • 1.

    de aanvrager als privaatrechtelijk rechtspersoon is opgericht na het jaar 2022; of

  • 2.

    de aanvrager ook zonder subsidieverstrekking over voldoende gelden kan beschikken om de kosten van zijn activiteiten te dekken; of

  • 3.

    de aanvrager een school voor amateurkunsten is (zoals muziek, dans of theater etc.);

  • 4.

    subsidieverstrekking niet past binnen het gemeentelijke cultuurbeleid dan wel de activiteiten in dat kader onvoldoende prioriteit hebben.

Artikel 8. Welke kosten komen voor subsidie in aanmerking?

  • 1.

    Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie komen alle kosten voor subsidie in aanmerking.

  • 2.

    De subsidie heeft uitsluitend betrekking op de kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden (waaronder andere afdelingen van de gemeente 's-Hertogenbosch) en die naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn voor de activiteiten als bedoeld in artikel 5.

Artikel 9. Welke kosten komen niet voor subsidie in aanmerking?

In afwijking van artikel 8 komen de volgende kosten niet in aanmerking voor subsidie:

  • 1.

    Kosten die gemaakt zijn vóór het besluit op de aanvraag of, in geval van een meerjarige subsidie, buiten het kalenderjaar waarvoor de subsidie wordt verleend;

  • 2.

    Verrekenbare of compensabele belastingen, heffingen of lasten.

Artikel 10. Wanneer kan de subsidieaanvraag worden ingediend?

  • 1.

    Subsidieaanvragen kunnen worden ingediend tot uiterlijk 1 maart 2024 om 23u59m via het daarvoor vastgestelde aanvraagformulier op de website van de gemeente ‘s-Hertogenbosch (www.s-hertogenbosch.nl/subsidies).

  • 2.

    Aanvragen die na het in het vorige lid genoemde moment zijn ingediend, worden niet in behandeling genomen.

Artikel 11. Subsidieplafond

  • 1.

    Het subsidieplafond is € 17.900.000 per jaar waarvan € 16.050.000 voor categorie I en € 1.850.000 voor categorie II en III tezamen;

  • 2.

    Alle genoemde bedragen in bovengenoemd lid zijn exclusief indexatie voor de jaren 2025-2028.

Artikel 12. Subsidieduur

De subsidie wordt aangevraagd voor een periode van vier jaar. Het college kan besluiten een subsidie te verstrekken voor twee jaar, met de mogelijkheid tot het verlengen met nogmaals twee jaar.

Artikel 13. Advisering aan het college

  • 1.

    Alle complete en tijdig ingediende aanvragen worden beoordeeld door een financieel adviseur van de gemeente ‘s-Hertogenbosch. Deze toetst op de weigeringsgronden omschreven in artikel 14.1, 14.2 14.3.

  • 2.

    Het college legt vervolgens de ontvankelijke subsidieaanvragen voor aan de externe adviescommissie “Commissie Bosch Cultuursysteem (BC)”. Deze adviescommissie adviseert met inachtneming van de in deze regeling opgenomen criteria.

    • a.

      De commissie BC toetst aanvragen van categorie I op basis van de criteria uit deze regeling zonder expliciet te adviseren over het al dan niet toekennen van het subsidiebedrag. Voor deze categorie geldt dat de toekenning plaatsvindt op basis van het raadsbesluit Cultuurbegroting 2025-2028.

    • b.

      De commissie kan bij categorie II en III adviseren:

    • Aanvraag honoreren

    • Aanvraag honoreren voor zover het budget het toelaat

    • Aanvraag afwijzen vanwege te weinig budget

    • Aanvraag afwijzen

    • c.

      In uitzonderlijke gevallen kan de commissie BC adviseren om een subsidie te verstrekken voor twee jaar, met de mogelijkheid tot het verlengen met nogmaals twee jaar.

  • 3.

    Aanvragen die door de provincie Noord-Brabant zijn toegekend in het kader van de regeling Professionele Kunsten Provincie Noord-Brabant 2025-2028 krijgen automatisch een positieve beoordeling, mits de aanvraag binnen deze regeling ontvankelijk is en de lokale maatschappelijke betekenis zoals beschreven in artikel 6, lid 2.d.iii als voldoende is beoordeeld.

  • 4.

    Het beschikbare budget voor de categorieën II en III wordt bij overvraging verdeeld middels een tendersysteem. De adviescommissie beoordeelt de aanvragen integraal en in relatie tot elkaar en komt tot een afgewogen verdeling van het beschikbare budget over de aanvragen waarover zij positief oordeelt. Dit doet zij op basis van de beoordelingscriteria genoemd in artikel 6.2, en de mate waarin de activiteiten bijdragen aan diversiteit van het aanbod in relatie tot:

    • a.

      verschillende kunstdisciplines;

    • b.

      culturele functies;

    • c.

      beleidslijnen uit de cultuurnota.

Artikel 14. Wanneer wordt subsidie geweigerd?

Subsidieverlening kan naast de in de artikelen 4:25 en 4:35 Awb, artikel 7 van deze regeling en artikel 9 van de ASV geregelde gevallen ook (deels) geweigerd worden indien:

  • 1.

    Niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor het verrichten van de activiteiten waarvoor deze wordt gevraagd;

  • 2.

    Uit de financiële beoordeling blijkt dat de organisatie financieel ongezond is kijkend o.a. naar liquiditeit, solvabiliteit, exploitatieresultaat, ontwikkeling van deze ratio’s in de tijd en de uitleg door de subsidieaanvrager over de financiële gezondheid;

  • 3.

    Uit de financiële beoordeling blijkt dat het aangevraagde subsidiebedrag hoger is dan hetgeen noodzakelijk is voor de uitvoering van de activiteiten;

  • 4.

    De aanvraag niet voldoet aan voorwaarden die zijn gesteld in artikel 6 om voor subsidie in aanmerking te komen;

  • 5.

    De adviescommissie onvoldoende vertrouwen heeft in de criteria genoemd in artikel 6 leden 2d en 2e;

  • 6.

    Er naar het oordeel van de adviescommissie al voldoende aanvragen ondersteund zijn binnen een bepaalde kunstdiscipline, culturele functies of beleidslijnen uit de cultuurnota;

  • 7.

    Subsidieverlening zou leiden tot strijd met artikel 107 van het Verdrag van de Werking van de Europese Unie (verbod op staatssteun) en deze steun niet vrijgesteld is op grond van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening van de Europese Commissie of een andere verordening, richtlijn of besluit van de Europese Commissie;

  • 8.

    Een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor het doel waarvoor de bijdrage is aangevraagd;

  • 9.

    Een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de continuïteit van de activiteiten van de aanvrager niet voldoende is gewaarborgd;

  • 10.

    Het gevraagde bedrag de maxima gesteld in artikel 4 overschrijdt;

  • 11.

    Het door het college vastgestelde subsidieplafond bereikt is.

Artikel 15. Verplichtingen van de subsidieontvanger

De subsidieontvanger heeft in ieder geval de volgende verplichtingen:

  • 1.

    de subsidieontvanger past de volgende codes toe:

    • a.

      Governance Code Cultuur;

    • b.

      Fair Practice Code;

    • c.

      Code Culturele Diversiteit & Inclusie.

  • 2.

    de activiteiten beschreven in het activiteitenplan worden uitgevoerd in de periode 2025 tot en met 2028;

  • 3.

    de subsidieontvanger zorgt voor communicatie over de activiteiten en vermeldt daarbij dat de activiteit mede ondersteund is door de gemeente ‘s-Hertogenbosch;

  • 4.

    het college kan in de voorlopige beschikking aanvullende verplichtingen opleggen.

Artikel 16. Verantwoording

  • 1.

    Subsidies worden jaarlijks vastgesteld. De subsidieontvanger overlegt, met ingang van 2026, jaarlijks vóór 1 juni een verzoek tot vaststelling bestaande uit een inhoudelijk jaarverslag en een jaarrekening over het voorgaande kalenderjaar die voldoet aan titel 9 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

  • 2.

    In voorkomende gevallen kan het college afwijken van de datum genoemd in voorgaand punt;

  • 3.

    Het jaarverslag moet de volgende punten worden bevatten: 

    • a.

      een verantwoording waaruit blijkt dat de activiteiten, waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht; 

    • b.

      een beschrijving van de invulling van de culturele codes in het betreffende jaar een reflectie daarop en welke conclusies u daaraan verbindt voor het komende jaar;

    • c.

      een toelichting op de wijze waarop de visie op duurzaamheid is vertaald in de activiteiten en de organisatie;

    • d.

      een realisatie van de begroting waaruit blijkt hoe de werkelijke kosten en opbrengsten zich verhouden ten opzichte van de begrote kosten en opbrengsten volgens dezelfde opzet van de bij de aanvraag ingeleverde begroting; 

    • e.

      een ondertekening van een door de organisatie bevoegd persoon; 

  • 4.

    Vaststelling vindt plaats bij een subsidie

    • a.

      vanaf € 12.500,- t/m € 100.000 (op jaarbasis) op basis van een inhoudelijk jaarverslag en jaarrekening;

    • b.

      van € 100.001,- tot en met € 500.000 (op jaarbasis) op basis van een inhoudelijk jaarverslag en jaarrekening met een beoordelingsverklaring van een accountant;

    • c.

      Vanaf € 500.001,- (op jaarbasis) op basis van een inhoudelijk jaarverslag en jaarrekening met een controleverklaring van een accountant;

  • 5.

    de subsidieontvanger houdt een administratie bij van aan de activiteiten verbonden uitgaven en inkomsten als bedoeld in artikel 4:37, eerste lid, onder b, van de Awb en overlegt deze desgevraagd aan het college;

  • 6.

    de subsidieontvanger verleent medewerking aan een gesprek over de voortgang van de activiteiten;

  • 7.

    wanneer de bijdrage van de gemeente hoger uitvalt dan 30% respectievelijk 60% van de gerealiseerde kosten (zoals beschreven in artikel 4), kan deze door het college lager worden vastgesteld. 

Artikel 17. Bevoorschotting en betaling

  • 1.

    Alle subsidies worden bevoorschot.

  • 2.

    Afspraken over betalingstermijnen worden gemaakt in de beschikking.

Artikel 18. Hardheidsclausule

Het college kan een of meer bepalingen van deze subsidieregeling in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover de toepassing van die bepalingen voor de subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepaling te dienen doelen.

Artikel 19. Beslistermijn

Het college maakt na maximaal 26 weken na het uiterlijke indienmoment zoals genoemd in artikel 9 lid 1 bekend of de aanvraag wordt toegekend of afgewezen.

Artikel 20. Tot slot

  • 1.

    Deze subsidieregeling gaat in op 1 december 2023. 

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 31 december 2028. 

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Professionele Kunsten 's-Hertogenbosch 2025 -2028. 

  • 4.

    Bij deze subsidieregeling is de Algemene Subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) van kracht. Artikelen in deze regeling die afwijken van de ASV gaan voor de ASV.

Toelichting Subsidieregeling Professionele Kunsten ‘s-Hertogenbosch 2025 – 2028

Artikel 3. Wie kan deze subsidie aanvragen?

Lid 2

De verschillende categorieën zijn gemaakt om historisch ontstane verschillen te verkleinen.

In categorie II vallen organisaties die sinds 2017 structureel ondersteund zijn door de gemeente 's-Hertogenbosch als onderdeel van de Bossche Culturele Basis, waaronder de Regeling Amateurkunsten, en/of jaarlijks budget dat is gereserveerd als begrotingspost op de gemeentebegroting voor een (specifieke activiteit van een) organisatie.

Incidentele subsidies zoals toekenningen uit de projectfondsen vallen niet onder de term ‘structureel gesubsidieerd’.

In categorie III vallen organisaties die:

  • nooit structurele subsidie hebben ontvangen van gemeente 's-Hertogenbosch, of;

  • wél structurele subsidie van gemeente 's-Hertogenbosch (hebben) ontvangen in periode 2021-2024 maar niet in periode 2017-2020 en andersom.

Artikel 4. Hoeveel subsidie kan je aanvragen?

Leden 2a & b

Toekenningen uit incidentele middelen worden niet gezien als structurele subsidie. Voorbeelden van aanvullende incidentele gemeentelijke subsidies zijn toekenningen uit de cultuurfondsen, het wijk- en dorpsbudget, de coronaschaderegelingen, regeling ‘transitie en vernieuwing’ of tegemoetkoming voor energiekosten.

Lid 2b: i, ii & iii

In dit lid staan meerdere maximumbedragen genoemd. Dit maximumbedrag hangt af van het subsidiebedrag dat de aanvrager in 2024 heeft ontvangen, het totaalbedrag aan subsidiabele kosten en het absolute maximumbedrag (in leden i, ii & iii).

Het laagste bedrag van volgende punten bepaalt het maximale aanvraagbedrag voor organisaties binnen categorie II:

  • 135% van de in 2024 toegekende gemeentelijke structurele meerjarige subsidie

  • Maximum van 60% (bij i) en 30% (bij ii en iii) van de subsidiabele kosten.

  • Het absolute maximumbedrag van €75.000 (bij i), €125.000 (bij ii) en €150.000 (bij iii).

Artikel 5. Waarvoor kunt u subsidie aanvragen?

Leden 1 & 2

Deze regeling is bedoeld voor professionele kunsten zoals omschreven in artikel 3. Soms kunnen activiteiten in de praktijk een combinatie zijn van professionele kunsten met cultuureducatie, amateurkunst, community art, etc. Wanneer de hoofdactiviteit onder de noemer ‘professionele kunsten’ valt kunnen de cultuureducatie, participatie en talentontwikkeling meegenomen worden als subsidiabele activiteiten.

Lid 3.

ABC-voorzieningen die plannen indienen voor een bibliotheekfunctie, bemiddelaar en huis voor amateurkunst en cultuureducatie in gemeente ’s-Hertogenbosch hoeven geen hoofdactiviteit onder de noemen ‘professionele kunsten’ te hebben.

Artikel 6. Aan welke eisen moet de subsidieaanvraag voldoen?

Lid 1c.

Om administratieve druk voor organisaties te verminderen is het format van de gemeente geënt op die van de provincie en het Rijk. Deze wordt voor eind 2023 gepubliceerd op de website van gemeente ‘s-Hertogenbosch.

Lid 1e.

Indien het boekjaar van de aanvrager niet overeenkomt met een kalenderjaar, betreft dit lid het jaarverslag van jaar 2022-2023.

Artikel 12. Subsidieduur

Het uitgangspunt is dat het college aanvragen toekent voor een periode van vier jaar. In uitzonderlijke gevallen kan het college ervoor kiezen om toe te kennen voor een periode van twee jaar met een mogelijkheid tot verlengen met twee jaar. Dat kan het doen wanneer het onvoldoende overtuigd is van continuïteit van de activiteiten over de gehele periode 2025-2028 en het daarom een tussentijdse evaluatie nodig acht.

Artikel 13. Advisering aan het college

Het behandelproces van subsidieaanvragen gaat in het kort als volgt:

Als eerste worden alle tijdig ontvangen aanvragen gecontroleerd op compleetheid (zoals beschreven in artikel 6.1).

Lid 1.

Vervolgens toetst een financieel adviseur op de weigeringsgronden beschreven in artikel 14.1, 14.4, 14.5. Hierbij houdt de adviseur rekening met de verschillende soorten organisaties en de grootte ervan. Het doel is om voldoende zekerheid te hebben over de noodzaak, besteding van subsidie en financiële stabiliteit van de organisatie. Wanneer de financieel adviseur negatief adviseert worden aanvragen niet voorgelegd aan de adviescommissie.

Leden 2 a & b.

Aanvragen worden vervolgens voorgelegd aan de adviescommissie. Aanvragen van categorie I krijgen een inhoudelijk advies zonder uitspraak over al dan niet toekennen van de commissie. Bij categorieën II en III spreekt de adviescommissie zich hier wel over uit, volgens de mogelijkheden genoemd in artikel 13.2b.

Lid 2c.

Het uitgangspunt is dat de commissie adviseert om toe te kennen voor een periode van vier jaar. In uitzonderlijke gevallen kan de commissie adviseren om toe te kennen voor een periode van twee jaar met een mogelijkheid tot verlengen met twee jaar. Dat kan zij doen wanneer zij onvoldoende overtuigd is van continuïteit van de activiteiten over de gehele periode 2025-2028 en daarom een tussentijdse evaluatie nodig acht.

Lid 3.

Toegekende aanvragen bij de regeling Professionele Kunsten Provincie Noord-Brabant 2025-2028 worden positief beoordeeld op voorwaarde dat de aanvullende oplegger (zoals beschreven in artikel 6) als voldoende is beoordeeld. Een positieve beoordeling leidt echter niet automatisch tot het advies 'aanvraag honoreren'. Dit wordt pas bepaald aan de hand van de integrale beoordeling zoals beschreven in lid 4 van dit artikel.

Lid 4.

Wanneer er na de beoordeling in het vorige punt het totaal aangevraagde bedrag van alle positieve adviezen het beschikbaar budget overschrijden, gaat de commissie alle positieve integraal beoordelen om tot een divers totaalaanbod te komen volgens de in dit lid genoemde criteria.

Artikel 14. Wanneer wordt subsidie geweigerd

Lid 4.

Deze weigeringsgrond is bedoeld om organisaties uit te sluiten waarover ernstige twijfels bestaan met betrekking tot de financiële gezondheid. De adviseur houdt rekening met de (financiële) context, grootte van, en het soort organisatie. Daarom worden geen streefgetallen genoemd voor de liquiditeit, solvabiliteit, exploitatieresultaat, etc.

12. Subsidieregeling Volksfeesten 2026

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidie?

Het doel van deze regeling is om de organisatie en de uitvoering van volksfeesten te ondersteunen die bijdragen aan het verbinden van mensen en het versterken van de culturele levendigheid en sociale cohesie in de gemeente ’s-Hertogenbosch.

Artikel 2 - Woordenlijst subsidieregeling

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit.

  • a.

    College: College van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • b.

    Culturele codes: Governance code cultuur, code Diversiteit & Inclusie en de Fair Practice code.

  • c.

    Gemeente: Gemeente ’s-Hertogenbosch. 

  • d.

    Kern: ’s-Hertogenbosch (stad), Rosmalen, Empel, Engelen, Nuland en Vinkel.

  • e.

    Subsidieplafond: Het bedrag dat gedurende de geldigheid van deze regeling maximaal beschikbaar is

  • f.

    Volksfeesten: Openbaar toegankelijke gemeentebrede activiteiten in het kader van carnaval, Koningsdag, Bevrijdingsdag en Sinterklaas.

Artikel 3 - Wie kan subsidie aanvragen?

Een rechtsvorm (zoals een stichting) kan subsidie aanvragen. Natuurlijke personen kunnen niet aanvragen.

Artikel 4 - Waarvoor kunt u subsidie aanvragen?

U kunt een subsidie aanvragen voor maximaal 50 % van de kosten voor vergunningen, leges en de volgende activiteiten:

  • Carnaval: voor de intocht, optocht of andere openbare ceremoniële en/of (live) muzikale activiteiten op de officiële carnavalsdagen. Er kan geen subsidie worden aangevraagd voor activiteiten in het kader van 11-11.

  • Koningsdag: voor de organisatie van (de veiligheid van) de vrijmarkt, al dan niet traditionele activiteiten passend bij het karakter van Koningsdag. Voor de binnenstad van ’s-Hertogenbosch geldt dat activiteiten in samenwerkingsverband tot stand moeten komen.

  • Bevrijdingsdag: voor de culturele (muziek)programmering i.h.k.v. Bevrijdingsdag.

  • Sinterklaas: voor de intocht van de goedheiligman en eventueel aanvullende openbare activiteiten van de goedheiligman.

Artikel 5 - Subsidievorm en hoogte van de subsidie

Het college kan op grond van deze regeling een incidentele subsidie verstrekken. Het minimale aanvraagbedrag is € 250,-. Het maximale subsidiebedrag verschilt per volksfeest en kern:

’s-Hertogenbosch (stad): de subsidie dekt maximaal 50 % van de begroting tot een maximum van:

  • Carnaval: € 10.000,-

  • Koningsdag:

  • centrale kinderrommelmarkt: € 8.500,-

  • kinderactiviteiten: € 5.000,-

  • overige activiteiten: € 8.500,-

  • Bevrijdingsdag: € 42.000,-

  • Sint Nicolaas: € 8.500,-

Rosmalen: de subsidie dekt maximaal 50% van de begroting tot een maximum van:

  • Carnaval: € 5.500,-

  • Koningsdag: € 3.750,-

  • Bevrijdingsdag: € 3.750

  • Sint Nicolaas: € 3.750,-

Empel, Engelen, Nuland, Vinkel (per kern): de subsidie dekt maximaal 100 % van de begroting tot een maximum van:

  • Carnaval: € 2.000,-

  • Koningsdag: € 2.000,-

  • Bevrijdingsdag: € 1.000,-

  • Sint Nicolaas: € 1.000,-

Artikel 6 - Welke kosten komen voor subsidie in aanmerking?

  • 1.

    In aanmerking voor subsidie komen de kosten die redelijkerwijs gemaakt moeten worden voor activiteiten zoals bedoeld in artikel 4 en de kosten die direct verbonden zijn met de activiteiten zoals bedoeld in artikel 4.

  • 2.

    De subsidie heeft uitsluitend betrekking op de kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn voor de activiteiten als bedoeld in artikel 5.  

Artikel 7 - Welke kosten komen niet voor subsidie in aanmerking?

De volgende kosten komen niet voor subsidie in aanmerking: 

  • 1.

    Kosten voor het oprichten van een rechtspersoon.

  • 2.

    Kosten voor het creëren van een online platform. 

  • 3.

    Kosten die gemaakt zijn vóór het besluit op de aanvraag.

  • 4.

    Kosten van rente, bankdiensten, financieringen, gerechtelijke procedures, boetes en sancties.

  • 5.

    Kosten die gemaakt worden ten behoeve van commerciële horeca-exploitatie of andere commerciële activiteit, los van de culturele activiteit.

Artikel 8 - Aan welke voorwaarden moet u voldoen?

  • 1.

    Wij nemen uw aanvraag alleen in behandeling als:

    • a.

      u voldoet aan artikelen 3 t/m 6 uit deze regeling, en;

    • b.

      u geen winstoogmerk hebt, en;

    • c.

      de activiteiten gratis en openbaar toegankelijk zijn, en;

    • d.

      de activiteiten zijn gericht op de gehele betreffende kern.

  • 2.

    Uw aanvraag scoort voldoende op alle onderstaande beoordelingscriteria:

    • a.

      De mate waarop de activiteiten bijdragen aan het verbinden van inwoners en de culturele levendigheid en sociale cohesie versterken.

    • b.

      De mate waarin het plan acties of activiteiten concreet heeft benoemd om naast de reguliere of bekende doelgroep (publiek en/of deelnemers) ook een nieuwe doelgroep te bereiken en/of te betrekken.

    • c.

      De mate waarin het plan en de doelen realistisch, concreet en haalbaar zijn, en verhouden zich tot de organisatiekracht van de aanvrager.

    • d.

      De mate waarin de begroting realistisch is en het aanvraagbedrag in verhouding staat tot: 

      • 1.

        het beoogde publieksbereik, en; 

      • 2.

        de totaalbegroting, en; 

      • 3.

        andere inkomsten. 

  • 3.

    Bij aanvraagbedragen vanaf € 8.501,- moet de aanvrager onderstaande culturele codes onderschrijven en toelichten op welke wijze invulling wordt gegeven aan de volgende punten:   

    • a.

      Code CulturalGovernance:  De gemeente 's-Hertogenbosch vindt het belangrijk dat de volksfeesten transparant en veilig worden georganiseerd. Daarom moet de aanvrager beknopt inzicht geven in:

      • 1.

        de leden en nevenfuncties van het bestuur/of raad van toezicht;

      • 2.

        de organisatiestructuur, medewerkers/personeel van de organisatie;

      • 3.

        de aanwezigheid van een visie op een veilige organisatie of een vertrouwenspersoon.

    • b.

      Code Diversiteit & Inclusie: De gemeente 's-Hertogenbosch vindt het belangrijk dat de volksfeesten voor alle inwoners van de gemeente toegankelijk zijn. Daarom moet de aanvrager aangeven hoe hij ervoor zorgt dat iedereen zich welkom voelt om deel te nemen als publiek, in de organisatie en/of in de uitvoering.

Artikel 9 - Weigeringsgronden

  • 1.

    Wij nemen uw aanvraag niet in behandeling als:

    • a.

      U niet voldoet aan artikel 8 lid 1.

    • b.

      De activiteiten niet plaatsvinden in een van de kernen genoemd in artikel 5.

    • c.

      De kosten waarvoor subsidie wordt aangevraagd al zijn gemaakt op moment van aanvragen.

  • 2.

    Wij kunnen subsidie weigeren als:

    • a.

      De activiteiten onvoldoende voldoen aan artikel 8 leden 2 en/of 3.

    • b.

      De activiteiten te weinig publieksbereik, te weinig nieuw publiek bereiken of betrekken of een te particulier publieksbereik genereren.

    • c.

      De activiteiten inhoudelijk te weinig samenhang hebben met het desbetreffende volksfeest.

    • d.

      Het vastgestelde subsidieplafond of deelplafond voor deze regeling is bereikt.

    • e.

      Uw aanvraag incompleet is op het moment van of na de deadline voor het indienen van de aanvraag.

    • f.

      U meer dan € 8.500,- aanvraagt en de activiteiten onvoldoende in lijn zijn met de culturele codes;

    • g.

      Een andere partij subsidie aanvraagt voor een plan voor hetzelfde volksfeest in dezelfde kern dat beter aansluit op deze regeling.

Artikel 10 - Hoe en wanneer kunt u subsidie aanvragen?

  • 1.

    Indientermijn en beoordelingstermijn:

  • Aanvragen kunnen worden ingediend uiterlijk tot op onderstaande data. De aanvragen van het betreffende volksfeest worden in behandeling genomen na onderstaande deadlines:

  • Carnaval: 11 januari

  • Koningsdag, Bevrijdingsdag: 1 februari

  • Sint Nicolaas: 1 augustus

  • U ontvangt binnen maximaal 5 weken na bovenstaande deadline bericht over uw aanvraag.

  • 2.

    Wat moet u indienen?

  • Alleen complete aanvragen worden behandeld. Indien een aanvraag incompleet is, heeft de aanvrager maximaal twee weken voor het aanleveren van de missende stukken. Een complete aanvraag bevat een:

    • a.

      inhoudelijk plan waarin u aangeeft wat u gaat doen en voor welke activiteiten u subsidie aanvraagt;

    • b.

      toelichting op hoe u publiek bereikt waarin wordt ingegaan op:

      • 1.

        hoeveel publiek u verwacht

      • 2.

        welke doelgroep u al goed bereikt en/of betrekt;

      • 3.

        welke doelgroep u beter wilt bereiken en/of betrekken;

    • c.

      begroting met inkomsten en uitgaven en toelichting op de posten;

    • d.

      toelichting op de culturele codes (volgens artikel 8 lid 3) bij aanvraagbedragen boven de € 8.500,-

  • Daarnaast moeten de volgende documenten worden aangeleverd:

    • e.

      aanbiedingsbrief gericht aan het college waarin u aangeeft dat u subsidie aanvraagt uit deze regeling en voor welk bedrag, volksfeest en kern, ondertekend door het bestuur;

    • f.

      uittreksel Kamer van Koophandel

  • Indien de aanvrager voor het eerst subsidie aanvraagt bij de gemeente ’s-Hertogenbosch moeten ook de volgende documenten worden opgestuurd:

    • g.

      meest recente statuten

    • h.

      bankafschrift:Om te controleren dat het opgegeven bankrekeningnummer juist is moet een kopie van het bankafschrift of een foto van de bankpas meegestuurd worden waarop alleen de naamstelling en het bankrekeningnummer zichtbaar zijn.

  • 3.

    Als het voor de beoordeling van belang is kan het college aanvullende stukken opvragen.

Artikel 11 - Wijze van verdeling van het budget bij overvraging

Wanneer het beschikbare deelbudget voor een volksfeest in een kern is overvraagd wordt de tender-methode toegepast. De subsidieaanvragen worden beoordeeld aan de hand van de in deze regeling genoemde voorwaarden, en onderling gerangschikt. De aanvraag of aanvragen die het beste aansluiten krijgen de subsidie toegewezen totdat het betreffende deelbudget op is.

Artikel 12 - Verplichtingen

  • 1.

    De subsidieontvanger heeft in ieder geval de volgende verplichtingen:  

  • 2.

    De activiteiten worden uitgevoerd volgens het ingediende plan. 

  • 3.

    De subsidieontvanger vermeldt dat de activiteit mede is ondersteund door de gemeente ‘s-Hertogenbosch inclusief het logo van de gemeente. 

  • 4.

    De subsidieontvanger zorgt voor communicatie over de activiteiten door het aan te melden bij ZininDenBosch en gebruikt het logo gevoerd door Den Bosch Partners volgens het stijlboek dat te vinden is op www.merkdenbosch.nl.

  • 5.

    Het college kan in de verleningsbeschikking aanvullende verplichtingen opleggen. 

Artikel 13 - Verantwoording

  • 1.

    In afwijking van artikel 16 lid 1 ASV stellen wij subsidies tot en met € 12.500,- direct vast. Elk jaar controleren wij een aantal subsidies die direct zijn vastgesteld. We bekijken of de activiteiten zijn verricht en aan de geldende voorwaarden is voldaan. De subsidieontvanger kan ongeacht de steekproef gevraagd worden deel te nemen aan een ambtelijk evaluatiegesprek.

  • 2.

    Bij subsidies boven de € 12.500,- dient de subsidieontvanger uiterlijk 2 maanden na de afronding van het project of programma een aanvraag tot vaststelling in (geteld vanaf de 1e dag van de maand na afronding). Deze aanvraag tot vaststelling bevat in ieder geval een: 

    • Inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten, waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht;

    • Realisatie van de begroting waaruit blijkt hoe de werkelijke kosten en opbrengsten zich verhouden ten opzichte van de begrote kosten en opbrengsten volgens dezelfde opzet van de bij de aanvraag ingeleverde begroting;

    • Evaluatie van het publieksbereik waarin u terugkijkt naar de mate waarin u het reguliere en nieuwe publiek heeft bereikt en welke leerpunten u daaruit haalt;

    • Reflectie op de toepassing van de culturele codes (zoals genoemd in artikel 8 lid 3).

  • 3.

    Als na het uitvoeren van de activiteiten de realisatie van de begroting eindigt met een positief resultaat, kan de subsidie lager worden vastgesteld.

  • 4.

    Als het voor de beoordeling van belang is kan het college aanvullende stukken opvragen.

Artikel 14 - Subsidieplafond en reserveringen

  • 1.

    Het subsidieplafond is € 120.450,-.

  • 2.

    Er is voor de volksfeesten per kern een maximum deelbudget beschikbaar:

    • a.

      ’s-Hertogenbosch (stad):

      • Carnaval: € 10.000,-

      • Koningsdag, voor:

        • 1.

          centrale kinderrommelmarkt: € 8.500,-

        • 2.

          kinderactiviteiten: € 5.000,-

        • 3.

          overige activiteiten: € 13.500,-

      • Bevrijdingsdag: € 42.000,-

      • Sint Nicolaas: € 8.500,-

    • b.

      Rosmalen:

      • Carnaval: € 5.500,-

      • Koningsdag: € 3.750,-

      • Bevrijdingsdag: € 3.750,-

      • Sint Nicolaas: € 3.750,-

    • c.

      Engelen, Nuland, Vinkel, Empel, per kern:

      • Carnaval: € 2.000,-

      • Koningsdag: € 2.000,-

      • Bevrijdingsdag: € 1000,-

      • Sint Nicolaas: € 1000,-

  • 3.

    Niet-besteed budget vloeit naar het frictiebudget dat in uitzonderlijke gevallen ingezet kan worden voor volksfeesten. Dit bedrag kan worden overgeheveld naar het budget van het opvolgende jaar.

  • 4.

    Indien er in ’s-Hertogenbosch (stad) geen organisatie is die de kindermarkt tijdens Koningsdag organiseert, kan de gemeente kosten voor een veilige uitvoering daarvan halen uit het betreffende deelbudget.

Artikel 15 - Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 december 2025.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 december 2026.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Volksfeesten 2026.

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregeling jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de vastgestelde subsidieregelingen en de maximale subsidiebedragen voor het komende jaar.

  • 5.

    Het college kan een of meer bepalingen van deze subsidieregeling in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover de toepassing van die bepalingen voor de subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepaling te dienen doelen.

  • 6.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente ‘s-Hertogenbosch

Afdeling Cultuur

Tel.nr.: 073-615 90 25

E-mail: cultuurfondsen@s-hertogenbosch.nl

13. Subsidieregeling Bijzondere activiteiten amateurkunsten en cultuurparticipatie 2026

Deze regeling is voor bijzondere projecten en programma’s op het gebied van amateurkunst en cultuurparticipatie.

  • Bij deelregeling A (‘snelle aanvragen’) kunnen bedragen aangevraagd worden van € 250,- tot en met € 12.500,-. Deelregeling A omvat artikelen 1 t/m 10 en 16 t/m 18.

  • Bij deelregeling B (‘grote aanvragen’) kunnen bedragen aangevraagd worden van € 15.000,- tot en met € 30.000,-. Deelregeling B omvat artikelen 1 t/m 6 en 11 t/m 18.

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidieregeling?

Het stimuleren van bijzondere incidentele amateurkunstenactiviteiten en actieve cultuurparticipatie door alle bewoners van de gemeente 's-Hertogenbosch.

Artikel 2 - Woordenlijst

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • a.

    Aanvrager: Een organisatie of natuurlijk persoon die een schriftelijk verzoek voor subsidie indient.

  • b.

    Amateurkunst: Beoefening van kunst als vrijetijdsbesteding (en daarmee niet-beroepsmatig).

  • c.

    Amateurorganisatie: Een organisatie gericht op het vervaardigen, ontwikkelen, produceren en/of presenteren van amateurkunst.

  • d.

    ASV: Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch.

  • e.

    College: Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • f.

    Commissie BC: Commissie Bosch Cultuursysteem. De adviescommissie die het college van burgemeester en wethouders adviseert over aanvragen ingediend op grond van deze subsidieregeling.

  • g.

    Culturele codes:Governance code cultuur, code Diversiteit & Inclusie en de Fair Practice code.

  • h.

    Cultuurparticipatie: De actieve betrokkenheid van individuen in culturele activiteiten.

  • i.

    Gemeente: Gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • j.

    Kunst: Uitingsvormen van alle kunstdisciplines en combinaties ervan.

  • k.

    Organisatie: Een culturele organisatie die activiteiten organiseert op het gebied van kunst.

  • l.

    Project: Een opzichzelfstaande activiteit op het gebied van kunst met een duidelijk (inhoudelijk) begin- en eindpunt dat aanvullend is op de reguliere activiteiten van de aanvrager.

  • m.

    Programma: Een reeks activiteiten op het gebied van kunst met een duidelijk begin- en eindmoment, voortkomend uit de missie en visie van de organisatie.

  • n.

    Secretaris: Medewerker van de gemeente die aanvragen op grond van deze regeling in behandeling neemt.

  • o.

    Subsidieplafond: Het bedrag dat gedurende de geldigheid van deze regeling maximaal beschikbaar is.

Artikel 3 - Wie kan subsidie aanvragen en hoeveel kan aangevraagd worden?

  • 1.

    Het college verstrekt op grond van deze regeling een incidentele subsidie van minimaal € 250,- en maximaal € 30.000,-.

    • a.

      Voor projecten kunnen in de snelle procedure bedragen tot en met € 7.500,- aangevraagd worden.

    • b.

      Voor programma's kunnen in de snelle procedure bedragen tot en met € 12.500,- aangevraagd worden.

    • c.

      Voor projecten en programma's kunnen in de grote procedure bedragen van € 15.000,- tot en met € 30.000,- aangevraagd worden.

  • 2.

    Daarbij zijn de volgende beperkingen van toepassing:

    • a.

      Subsidiebedragen van € 250,- tot en met € 3.000,- worden toegekend tot maximaal 90 % van de subsidiabele kosten.

    • b.

      Subsidiebedragen boven € 3.000,- kunnen worden toegekend:

      • i.

        tot maximaal 60 % van de subsidiabele kosten, en;

      • ii.

        als er minimaal één inkomstenbron is naast eventuele gekapitaliseerde uren of eigen inbreng.

  • 3.

    Natuurlijke personen kunnen bedragen van € 250,- tot en met € 7.500,- aanvragen.

  • 4.

    Rechtspersonen (zoals een stichting) kunnen bedragen van € 250,- tot en met € 12.500 en € 15.000 tot en met € 30.000,- aanvragen.

Artikel 4 - Waarvoor kunt u subsidie aanvragen?

Subsidie kan worden verstrekt voor bijzondere projecten of programma's van openbare activiteiten van maximaal één jaar die zijn gericht op amateurkunst en projecten of programma's die zijn gericht op actieve cultuurparticipatie door bewoners van de gemeente 's-Hertogenbosch.

Artikel 5 - Welke kosten komen in aanmerking voor subsidie?

  • 1.

    In aanmerking voor subsidie komen de kosten die redelijkerwijs gemaakt moeten worden voor activiteiten zoals bedoeld in artikel 4 en de kosten die direct verbonden zijn met de activiteiten zoals bedoeld in artikel 4.

  • 2.

    De subsidie heeft uitsluitend betrekking op de kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn voor de activiteiten als bedoeld in artikel 4.

Artikel 6 - Welke kosten komen niet voor subsidie in aanmerking?

De volgende kosten komen niet voor subsidie in aanmerking:

  • kosten die niet voldoen aan artikel 5;

  • kosten voor het oprichten van een rechtspersoon;

  • kosten voor het creëren van een online platform;

  • kosten die gemaakt zijn vóór het besluit op de aanvraag;

  • kosten van rente, bankdiensten, financieringen, gerechtelijke procedures, boetes en sancties;

  • kosten voor activiteiten die redelijkerwijs gezien kunnen worden als regulier (zoals repetitiekosten, huur repetitieruimte, etc.);

  • structurele organisatiekosten zoals verrekenbare of compensabele belastingen, heffingen of lasten, bestuurskosten, verzekeringen, lidmaatschappen, kleding/uniformen, etc.;

  • kosten voor uitgaven waarvan langer voordeel wordt genoten dan de duur van activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd, zoals aanschaf van apparatuur, instrumenten, etc.

DEELREGELING A (snelle procedure)

Artikel 7 - Voorwaarden

  • 1.

    Uw aanvraag is alleen ontvankelijk als er wordt voldaan aan onderstaande voorwaarden a en b:

    • a.

      De activiteiten:

      • i.

        vinden plaats in de gemeente 's-Hertogenbosch, en;

      • ii.

        zijn gericht op het vervaardigen, produceren, presenteren en/of exposeren van amateurkunst en/of actieve cultuurparticipatie.

    • b.

      De aanvrager:

      • i.

        is een amateurorganisatie met gemeente 's-Hertogenbosch aantoonbaar als standplaats, en/of;

      • ii.

        zet inwoners van de gemeente aan tot het actief maken van (amateur)kunst.

  • 2.

    Uw aanvraag komt in aanvulling op lid 1 alleen in aanmerking voor subsidie als het voldoende aansluit op elk van onderstaande punten. Er wordt getoetst op:

    • a.

      Artistieke en maatschappelijke betekenis

  • De mate van artistieke en maatschappelijke betekenis die de activiteiten hebben doordat zij

    • i.

      artistieke ontwikkeling stimuleren: de activiteiten zijn uitdagend en leiden tot een verbetering van het artistieke niveau van de deelnemers, en/of;

    • ii.

      lokale gemeenschappen versterken: de activiteiten zijn gericht op het versterken van sociale cohesie en het gevoel van verbondenheid binnen en/of tussen gemeenschappen, en/of;

    • iii.

      levend cultureel erfgoed behouden en bevorderen: de activiteiten dragen bij aan het behoud en de vernieuwing van levend cultureel erfgoed en tradities, zodat culturele praktijken worden versterkt en overgedragen aan toekomstige generaties.

    • b.

      Publieksbereik

      • i.

        de mate waarin de activiteiten zijn gericht op het bereiken van publiek uit de gemeente, en;

      • ii.

        De mate van ambitie en haalbaarheid m.b.t. het beoogde publieksbereik, en;

      • iii.

        de mate waarin de aanvrager een visie heeft op publiek, diversiteit en inclusie en een duidelijke visie op doelgroepen met bijbehorend communicatieplan toont en/of een duidelijk uitgewerkte aanpak van de publiekswerking.

    • c.

      Organisatorische kwaliteit

  • De mate waarin het plan en de doelen realistisch, concreet en haalbaar zijn, en zich verhouden tot de organisatiekracht van de aanvrager.

    • d.

      Gedegen financiën

  • De mate waarin de begroting realistisch is en het aanvraagbedrag in verhouding staat tot:

    • i.

      de artistieke en maatschappelijke betekenis (lid 2.a), en;

    • ii.

      het beoogde lokale publieksbereik en/of aantal Bossche amateurkunstenbeoefenaars, en;

    • iii.

      de totaalbegroting, en;

    • iv.

      andere inkomsten.

  • 3.

    De aanvrager onderschrijft de culturele codes. Daarbij moet voldaan worden aan de volgende punten:

    • a.

      Code CulturalGovernance: Indien de aanvrager een rechtspersoon is, moet er sprake zijn van een onafhankelijk bestuur of raad van toezicht. De aanvrager geeft beknopt aan wie er in het bestuur en uitvoering betrokken zijn en wat hun taken/verantwoordelijkheden zijn.

    • b.

      Code Diversiteit & Inclusie: De aanvrager benoemt in het plan acties of activiteiten om naast de reguliere of bekende doelgroepen (publiek en/of deelnemers) ook een nieuwe doelgroep te bereiken en/of te betrekken.

    • c.

      Fair Practice Code: De aanvrager maakt duidelijk welke landelijke richtlijn(en) wordt gehanteerd voor een eerlijke beloning (fair pay) in de culturele sector. De begroting maakt de toepassing hiervan inzichtelijk.

Artikel 8 - Wanneer komt uw aanvraag niet in aanmerking voor subsidie?

  • 1.

    Wij nemen uw subsidieaanvraag niet in behandeling als:

    • er niet is voldaan aan artikel 3 en/of artikel 4;

    • de aanvraag incompleet is (volgens artikel 9)

    • het door het college vastgestelde subsidieplafond of een gereserveerd deel daarvan bereikt is;

    • de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd redelijkerwijs bekostigd kunnen worden vanuit de Subsidieregeling Basisondersteuning Amateurkunsten en Georganiseerd Muziekonderwijs 2026;

    • de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd redelijkerwijs volledig bekostigd kunnen worden door organisaties die subsidie ontvangen uit de Subsidieregeling Professionele kunsten ’s-Hertogenbosch 2025-2028;

    • er bij een rechtsvorm geen sprake is van een onafhankelijk bestuur of raad van toezicht;

    • er onvoldoende of geen aantoonbare inhoudelijke en/of organisatorische binding met de gemeente 's-Hertogenbosch is;

    • subsidie wordt aangevraagd voor amateurkunstenonderwijs (muziek-, dans-, theaterles, etc.);

    • de aanvrager in hetzelfde kalenderjaar reeds een toekenning heeft ontvangen uit deze regeling;

    • de aanvrager de culturele codes niet onderschrijft;

    • de activiteit(en) of project onderdeel is van een opdracht van derden;

    • de activiteit(en) of project ook zonder financiële steun van de gemeente kan plaatsvinden;

    • de activiteit(en) of project waarvoor subsidie wordt aangevraagd al tweemaal eerder is afgewezen;

    • er subsidie wordt aangevraagd voor kunst in de openbare ruimte met een structureel karakter.

  • 2.

    Subsidieverlening kan naast de in de artikelen 4:25 en 4:35 Awb benoemde voorwaarden en op basis van de ASV ook (deels) geweigerd worden indien:

  • de aanvraag uit meer dan 2.000 woorden bestaat;

  • er onvoldoende is voldaan aan de voorwaarden genoemd in artikel 7;

  • een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor het doel waarvoor de bijdrage is aangevraagd;

  • een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de continuïteit van de activiteiten van de aanvrager niet voldoende is gewaarborgd.

Artikel 9 - Verloop van subsidieprocedure en onderdelen subsidieaanvraag

  • 1.

    Aanvragen worden ambtelijk behandeld op chronologische volgorde, geteld vanaf het moment dat deze compleet zijn.

  • 2.

    Complete aanvragen worden binnen zes weken afgehandeld en getoetst op basis van de artikelen 3 t/m 8.

  • 3.

    Aanvragen moeten de volgende onderdelen bevatten om als compleet te worden beschouwd:

    • Inhoudelijk plan van maximaal 2.000 woorden, waaronder een;

      • i.

        beschrijving van de doelstelling(en) en urgentie voor het project of programma.

      • ii.

        beknopte planning

      • iii.

        toelichting op de organisatie(leden);

      • iv.

        onderschrijving van én toelichting op de toepassing van de culturele codes zoals beschreven in artikel 7.3.

    • Sluitende begroting met inkomsten en uitgaven, en een toelichting op de posten

    • Beknopte reflectie op eerdere gesubsidieerde activiteiten met minimaal positieve en negatieve leerpunten (alleen wanneer de aanvrager een eerdere toekenning heeft ontvangen).

  • 4.

    Daarnaast zijn de volgende zaken nodig voor de behandeling van de aanvraag.

    • Formulier activiteitenoverzicht waarin beoogd aanbod en bereik wordt aangegeven (te vinden op subsidiepagina van deze regeling op www.s-hertogenbosch.nl);

    • Uittreksel Kamer van Koophandel van maximaal één jaar oud (indien van toepassing);

    • Bankafschrift: om te controleren of het opgegeven bankrekeningnummer juist is, moet een kopie van een bankafschrift of een foto van de bankpas meegestuurd worden waarop alleen de tenaamstelling en het bankrekeningnummer zichtbaar zijn;

    • Meest recente statuten: Alleen als de aanvrager een rechtspersoon is en nog geen subsidierelatie heeft met de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • 5.

    Als het voor de beoordeling van belang is kan het college aanvullende stukken opvragen.

  • 6.

    Aanvragen worden behandeld totdat het beschikbare deelplafond (en/of tranche) bereikt is. Indien het deelplafond is bereikt worden aanvragen direct afgewezen.

Artikel 10 - Verantwoording en definitieve vaststelling subsidie

  • 1.

    Subsidies tot en met € 7.500,- worden bij een toekenning direct vastgesteld. Bij directe vaststelling vindt de controle steekproefsgewijs plaats.

  • 2.

    Subsidies vanaf € 7.500,- dienen uiterlijk 2 maanden na de afronding van het project of programma te worden verantwoord (geteld vanaf de 1e dag van de maand na afronding).

    • Als een subsidie van de aanvrager eerder is gecontroleerd bij een van de cultuur-subsidieregelingen in periode 2025-2028 van de gemeente en er geen noemenswaardige afwijkingen zijn geconstateerd kunnen subsidiebedragen tussen de € 7.500 en € 12.500 direct worden vastgesteld.

  • 3.

    Bij de verantwoording moet de aanvrager minimaal de onderstaande zaken aanleveren. Het verslag moet een handtekening bevatten van een door de organisatie bevoegd persoon.

    • een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht, inclusief een reflectie op de realisatie van de door u genoemde doelstelling(en).

    • een realisatie van de ingediende begroting waaruit blijkt hoe de werkelijke kosten en opbrengsten zich verhouden ten opzichte van de begrote kosten en opbrengsten volgens dezelfde opzet van de bij de aanvraag ingeleverde begroting.

    • ingevuld formulier activiteitenoverzicht: realisatie van de ingevulde cijfers.

  • 4.

    Als het voor de beoordeling van belang is kan het college aanvullende stukken opvragen of verzoeken tot deelname aan een evaluatiegesprek.

  • 5.

    Als de bijdrage van deze regeling hoger uitvalt dan 90 % respectievelijk 60 % van de subsidiabele kosten zoals genoemd in artikel 4, of als de realisatie van de begroting eindigt met een positief resultaat, kan deze door het college lager worden vastgesteld.

DEELREGELING B (grote procedure)

Artikel 11 - Voorwaarden

  • 1.

    Uw aanvraag is alleen ontvankelijk als er wordt voldaan aan de voorwaarden in leden a en b:

    • a.

      De activiteiten:

      • i.

        vinden plaats in de gemeente 's-Hertogenbosch, en;

      • ii.

        zijn gericht op het vervaardigen, produceren, presenteren en/of exposeren van amateurkunst en/of actieve cultuurparticipatie.

    • b.

      De aanvrager:

      • i.

        is een amateurkunstorganisatie met de gemeente 's-Hertogenbosch aantoonbaar als standplaats, en/of;

      • ii.

        zet inwoners van de gemeente aan tot het actief maken van (amateur)kunst.

  • 2.

    Uw aanvraag komt in aanvulling op lid 1 alleen in aanmerking voor subsidie als het voldoende aansluit op elk van onderstaande punten. Er wordt getoetst op:

    • a.

      Artistieke en maatschappelijke betekenis

  • De mate van artistieke en maatschappelijke betekenis die de activiteiten hebben doordat zij :

    • i.

      artistieke ontwikkeling stimuleren: de activiteiten zijn uitdagend en leiden tot een verbetering van het artistieke niveau van de deelnemers, en/of;

    • ii.

      lokale gemeenschappen versterken: de activiteiten zijn gericht op het versterken van sociale cohesie en het gevoel van verbondenheid binnen en/of tussen gemeenschappen, en/of;

    • iii.

      levend cultureel erfgoed behouden en bevorderen: de activiteiten dragen bij aan het behoud en de vernieuwing van levend cultureel erfgoed en tradities, zodat culturele praktijken worden versterkt en overgedragen aan toekomstige generaties.

    • b.

      Publieksbereik

      • i.

        de mate waarin de activiteiten zijn gericht op het bereiken van publiek uit de gemeente, en;

      • ii.

        De mate van ambitie en haalbaarheid m.b.t. het beoogde publieksbereik , en;

      • iii.

        de mate waarin de aanvrager een visie heeft op publiek, diversiteit en inclusie en een duidelijke visie op doelgroepen met bijbehorend communicatieplan toont en/of een duidelijk uitgewerkte aanpak van de publiekswerking.

    • c.

      Organisatorische kwaliteit

  • De mate waarin het plan en de doelen realistisch, concreet en haalbaar zijn, en zich verhouden tot de organisatiekracht van de aanvrager.

    • d.

      Gedegen financiën

  • De mate waarin de begroting realistisch is en het aanvraagbedrag in verhouding staat tot:

    • i.

      de artistieke en maatschappelijke betekenis (zoals genoemd in lid 2a), en;

    • ii.

      het beoogde lokale publieksbereik en/of aantal Bossche amateurkunstenbeoefenaars, en;

    • iii.

      de totaalbegroting, en;

    • iv.

      andere inkomsten.

  • 3.

    De aanvrager onderschrijft de culturele codes en voldoet aan de volgende punten:

    • Code CulturalGovernance:

      • i.

        Er is een onafhankelijk bestuur of raad van toezicht.

      • ii.

        Er is inzicht in de organisatiestructuur met een korte toelichting op de taken en verantwoordelijkheden bestuur of RvT, directie en medewerkers.

      • iii.

        Er is sprake van (beleid voor) een veilige werkomgeving.

    • Code Diversiteit & Inclusie:

      • i.

        De aanvrager licht toe op welke manier de activiteiten bijdragen aan een diverser en inclusiever aanbod en/of bereik, en benoemt hiervoor in het plan concrete acties of activiteiten.

    • Fair Practice Code:

      • i.

        Er is sprake van een beloningsbeleid in lijn met landelijke richtlijnen voor eerlijke beloning in de culturele sector.

Artikel 12 - Wanneer komt uw aanvraag niet in aanmerking voor subsidie?

  • 1.

    Wij nemen uw subsidieaanvraag niet in behandeling als:

    • Er niet is voldaan aan artikel 3 en/of artikel 4.

    • De aanvraag incompleet is (volgens artikel 9);

    • Er geen sprake is van een onafhankelijk bestuur of raad van toezicht.

    • het door het college vastgestelde subsidieplafond of een gereserveerd deel daarvan bereikt is;

    • De activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd redelijkerwijs bekostigd kunnen worden vanuit de Subsidieregeling Basisondersteuning Amateurkunsten en Georganiseerd Muziekonderwijs 2026.

    • De activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd redelijkerwijs volledig bekostigd kunnen worden door organisaties die subsidie ontvangen uit de Subsidieregeling Professionele kunsten ’s-Hertogenbosch 2025-2028.

    • Subsidie wordt aangevraagd voor amateurkunstenonderwijs (muziek-, dans-, theaterles, etc.).

    • De aanvrager de culturele codes niet onderschrijft.

    • De aanvrager in hetzelfde kalenderjaar reeds een toekenning heeft gehad uit deelregeling B.

    • De activiteit(en) of het project waarvoor subsidie wordt aangevraagd al tweemaal eerder is afgewezen;

    • De activiteit(en) onderdeel zijn van een opdracht van derden.

    • De activiteiten ook zonder financiële steun van de gemeente kunnen plaatsvinden.

    • Er subsidie wordt aangevraagd voor kunst in de openbare ruimte met een structureel karakter.

  • 2.

    Subsidieverlening kan naast de in de artikelen 4:25 en 4:35 Awb benoemde voorwaarden en op basis van de ASV ook (deels) geweigerd worden als:

  • Er volgens de adviescommissie onvoldoende aansluiting is op de voorwaarden van artikel 11.

  • Er naar het oordeel van de adviescommissie al voldoende aanvragen ondersteund zijn binnen een bepaalde artistieke en maatschappelijke betekenis en/of voor een bepaalde doelgroep.

  • Een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor het doel waarvoor de bijdrage is aangevraagd.

  • Een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de continuïteit van de activiteiten van de aanvrager niet voldoende is gewaarborgd.

  • Het door het college vastgestelde subsidieplafond of een gereserveerd deel daarvan bereikt is.

Artikel 13 - Verloop van subsidieprocedure en onderdelen subsidieaanvraag

  • 1.

    De aanvraagprocedure kent de volgende stappen:

    • Aanmelding: Om mee te doen met de eerstvolgende ronde moet de aanvrager zich aanmelden binnen de voorafgaande aanmeldperiode via het webformulier op www.s-hertogenbosch.nl/cultuurfondsen met een korte projectbeschrijving van maximaal twee A4's en een (concept)begroting.

      • Aanmeldperiode voorjaar is 2 t/m 25 januari 2026.

      • Aanmeldperiode najaar is 1 t/m 30 augustus 2026.

    • Begeleiding: de secretaris begeleidt de aanvraag tot uiterlijk het moment van het indienen.

    • Indiening: Subsidieaanvragen moeten uiterlijk op de dag van de deadline van de desbetreffende ronde worden ingediend om te worden behandeld door de adviescommissie:

      • Voorjaarsdeadline is 15 februari 2026

      • Najaarsdeadline is 20 september 2026

    • Commissievergadering: Een afvaardiging van vijf leden van de Commissie BC komt samen in een vergadering en beoordeelt of aanvraag voldoende aansluit op de regeling. Wanneer het beschikbare budget is overvraagd, verdeelt de commissie BC de aanvragen volgens de wijze zoals beschreven in artikel 14. Commissie BC kan de volgende adviezen geven:

      • aanvraag toekennen;

      • aanvraag toekennen voor zover budget beschikbaar is;

      • aanvraag afwijzen vanwege onvoldoende budget;

      • aanvraag afwijzen.

    • Besluit: Het college neemt een besluit. Uiterlijk 9 weken na de indiendeadline heeft de aanvrager antwoord gekregen.

  • 2.

    Subsidieaanvragen moeten de volgende onderdelen bevatten:

    • Aanbiedingsbrief gericht aan het college waarin kort wordt aangegeven dat subsidie wordt aangevraagd uit deze regeling en voor welk bedrag, ondertekend door een door de organisatie bevoegd persoon of orgaan.

    • Projectplan van maximaal 5.000 woorden waarin wordt ingegaan op de voorwaarden in artikel 11. Het plan moet naast de voorgenomen activiteiten ook bevatten:

      • Beschrijving van de doelstelling(en) en urgentie voor het project of programma.

      • Marketing- en communicatieplan: op welke doelgroepen het plan zich richt en met welke strategie en middelen deze bereikt moet worden.

    • Begroting met toelichting op de diverse posten.

    • Toelichting toepassing culturele codes (volgens artikel 11 lid 3) op maximaal twee A4'tjes.

    • Beknopte reflectie op eerdere (vergelijkbare) door de gemeente gesubsidieerde activiteiten met daarin minimaal positieve en negatieve leerpunten.

    • Formulier Activiteitenoverzicht waarin beoogd aanbod en bereik wordt aangegeven (te vinden op www.s-hertogenbosch.nl).

  • Indien de aanvrager een rechtspersoon is en nog geen subsidierelatie heeft met de gemeente ’s-Hertogenbosch:

    • Uittreksel Kamer van Koophandel van maximaal één jaar oud.

    • Meest recente statuten

    • Bankafschrift: om te controleren of het opgegeven bankrekeningnummer juist is, moet een kopie van het bankafschrift of een foto van de bankpas meegestuurd worden waarop alleen de tenaamstelling en het bankrekeningnummer zichtbaar zijn.

  • 3.

    Als het voor de beoordeling van belang is kan het college aanvullende stukken opvragen.

Artikel 14 – Wijze van verdeling van het budget bij overvraging

Het beschikbare budget binnen een ronde van de grote procedure wordt bij overvraging verdeeld via een tendersysteem. De adviescommissie beoordeelt de aanvragen integraal en in relatie tot elkaar en komt tot een afgewogen verdeling van het beschikbare budget over de aanvragen waarover zij positief oordeelt. Dit doet zij op basis van de beoordelingscriteria genoemd in artikel 11 en de mate waarin de activiteiten bijdragen aan diversiteit van het cultureel aanbod in relatie tot de verschillende kunstdisciplines en culturele functies.

Artikel 15 – Verantwoording en definitieve vaststelling subsidie

  • 1.

    De subsidieontvanger dient uiterlijk 2 maanden na de afronding van het project of programma een aanvraag tot vaststelling in (geteld vanaf de 1e dag van de maand na afronding). Deze aanvraag tot vaststelling bevat in ieder geval een:

    • inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht inclusief een reflectie op de realisatie van de doelstelling(en).

    • realisatie van de begroting waaruit blijkt hoe de werkelijke kosten en opbrengsten zich verhouden ten opzichte van de begrote kosten en opbrengsten volgens dezelfde opzet van de bij de aanvraag ingeleverde begroting.

    • Ingevuld formulier Activiteitenoverzicht: realisatie van de ingevulde cijfers.

  • Het verslag bevat een handtekening van een door de organisatie bevoegd persoon of orgaan.

  • 2.

    Als het voor de beoordeling van belang is kan het college aanvullende stukken opvragen.

  • 3.

    Als de bijdrage van deze regeling hoger uitvalt dan 60% van de subsidiabele kosten zoals genoemd in artikel 4, kan de subsidie door het college lager worden vastgesteld.

  • 4.

    Als na het uitvoeren van de activiteiten de realisatie van de begroting eindigt met een positief resultaat, kan de subsidie lager worden vastgesteld.

  • 5.

    Het college kan om een accountantsverklaring vragen in het geval de organisatie in hetzelfde kalenderjaar meerdere gemeentelijke subsidies ontvangt, waarbij het totaalbedrag hoger is dan € 100.000,-. Dit betreft een beoordelingsverklaring voor totaalbedragen van € 100.001,- tot en met € 500.000,- en een controleverklaring vanaf € 500.001,-.

Artikel 16 - Verplichtingen

  • 1.

    De subsidieontvanger heeft in ieder geval de volgende verplichtingen:

    • a.

      De activiteiten worden uitgevoerd volgens het ingediende plan.

    • b.

      De subsidieontvanger zorgt voor communicatie over de activiteiten en vermeldt daarbij dat de activiteiten mede ondersteund zijn door de gemeente ‘s-Hertogenbosch en gebruikt daarvoor het logo van de gemeente.

    • c.

      De subsidieontvanger stelt de secretaris van deze regeling tijdig op de hoogte van openbare publieksactiviteiten zoals presentatie, expositie of anderszins relevante vorm.

    • d.

      De subsidieontvanger meldt de publieksactiviteiten die in ’s-Hertogenbosch plaatsvinden aan op www.zinindenbosch.nl.

  • 2.

    Het college kan in de verleningsbeschikking aanvullende verplichtingen opleggen.

Artikel 17 – Subsidieplafond en overheveling

  • 1.

    Het subsidieplafond is € 209.460,- (exclusief mogelijke subsidieoverheveling) waarvan:

  • 2.

    minimaal € 69.460,- beschikbaar is voor deelregeling A waarvan maximaal 2/3 deel vrijkomt voor de eerste tranche en minimaal 1/3 voor de tweede tranche.

  • 3.

    De eerste tranche is beschikbaar per 12 januari 2026 om 12.00 uur 's middags totdat het deelplafond is bereikt.

  • 4.

    De tweede tranche is beschikbaar per 14 september 2026 om 12.00 uur 's middags totdat het subsidieplafond is bereikt.

  • 5.

    maximaal € 140.000,- beschikbaar is voor de deelregeling B (grote procedure). Dit bedrag wordt verdeeld over de twee aanvraagrondes. Het beschikbare budget per ronde wordt gecommuniceerd via www.s-hertogenbosch.nl.

  • 6.

    Indien er binnen deze regeling budget overblijft wordt het resterende budget beschikbaar gesteld voor de cultuurbegroting 2025-2028.

Artikel 18 - Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling gaat in op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2027.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Bijzondere activiteiten amateurkunsten en cultuurparticipatie 2026.

  • 4.

    Het college stelt deze subsidieregeling jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 5.

    De Algemene Subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

  • 6.

    Het college kan een of meer bepalingen van deze subsidieregeling in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover de toepassing van die bepalingen voor de subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepaling te dienen doelen.

  • 7.

    Bij honorering kan de naam van het project, de hoogte van het subsidiebedrag en (indien de aanvrager een rechtspersoon is) de naam van de aanvrager worden gepubliceerd.

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Afdeling Cultuur

Tel.nr.: 073-615 9025

E-mail: cultuurfondsen@s-hertogenbosch.nl

14. Bossche Makersregeling 2026

Deze regeling is bedoeld voor projecten en activiteiten op het gebied van professionele kunst. Binnen de Bossche Makersregeling kunnen subsidiebedragen van € 250,- tot en met € 7.500,- aangevraagd worden.

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidieregeling?

Het stimuleren van het Bossche makersklimaat door ondersteuning van professionele Bossche makers, makerscollectieven en gezelschappen in de ontwikkeling van hun culturele beroepspraktijk.

Artikel 2 - Woordenlijst

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • a.

    Aanvrager: Een natuurlijk persoon of rechtspersoon die een schriftelijk verzoek voor subsidie indient.

  • b.

    Artistiek project: Een opzichzelfstaande activiteit op het gebied van kunst met een duidelijk begin- en eindpunt.

  • c.

    ASV: Algemene subsidieverordening ‘s-Hertogenbosch.

  • d.

    College: Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • e.

    Cultureel aanbod: Activiteiten die plaatsvinden op het gebied van kunst.

  • f.

    Kunst: Uitingsvormen van alle kunstdisciplines en combinaties ervan.

  • g.

    Kunstproject: Een project met een duidelijk begin- en eindpunt en artistiek eindresultaat.

  • h.

    Maker: Een individu (of groep individuen) dat gericht is op het produceren en presenteren van eigen werk op het gebied van kunst.

  • i.

    Professionele maker: Iemand met een actieve beroepspraktijk in de kunsten na afronding van een kunstvakopleiding (bachelor of master) of via zelfstudie/als autodidact een vergelijkbaar niveau heeft verkregen.

  • j.

    Ontwikkeltraject: Het opdoen van zakelijke, artistieke of anderszins relevante kennis, al dan niet via een workshop of cursus voor de ontwikkeling van de professionele beroepspraktijk.

  • k.

    Secretaris: Medewerker van de gemeente die aanvragen op grond van deze regeling in behandeling neemt.

  • l.

    Subsidieplafond: Het bedrag dat gedurende de geldigheid van deze regeling maximaal beschikbaar is.

Artikel 3 - Wie kan subsidie aanvragen?

Natuurlijke personen en rechtspersonen (zoals een stichting) kunnen subsidie aanvragen.

Artikel 4 – Waarvoor en hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

Het college verstrekt op grond van deze regeling een eenmalige subsidie van maximaal € 7.500,-. Daarbij zijn de volgende beperkingen van toepassing:

  • 1.

    Subsidie kan worden verstrekt voor artistieke en/of zakelijke ontwikkeltrajecten

    • a.

      waarbij bedragen tot en met € 1.500,- worden toegekend tot maximaal 90 % van de kosten.

    • b.

      waarbij bedragen vanaf € 1.501,- t/m € 3.000,- worden toegekend tot maximaal 60 % van de kosten.

  • 2.

    Subsidie kan worden verstrekt voor autonome kunstprojecten waarbij sprake is van een openbare uitvoering, expositie, vertoning, etc.

    • a.

      waarbij bedragen tot en met € 3.000,- worden toegekend tot maximaal 90 % van de kosten.

    • b.

      waarbij bedragen van € 3.001,- t/m € 7.500,- worden toegekend:

      • tot maximaal 60% van de kosten, en;

      • als er minimaal één andere inkomstenbron is, niet zijnde eigen inbreng of eventuele gekapitaliseerde uren.

  • 3.

    Een combinatie van een ontwikkeltraject (lid 1) en kunstproject (lid 2) is mogelijk tot een maximum van € 7.500,- volgens de voorwaarden van bovenstaande leden.

  • 4.

    De activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd mogen niet langer dan één jaar duren.

Artikel 5 – Welke kosten komen in aanmerking voor subsidie?

  • 1.

    In aanmerking voor subsidie komen de kosten die redelijkerwijs gemaakt moeten worden voor activiteiten zoals bedoeld in artikel 4 en de kosten die direct verbonden zijn met de activiteiten zoals bedoeld in artikel 4.

  • 2.

    De subsidie heeft uitsluitend betrekking op de kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn voor de activiteiten als bedoeld in artikel 4.

Artikel 6 - Welke kosten komen niet in aanmerking?

De volgende kosten komen niet voor subsidie in aanmerking:

  • 1.

    kosten die niet voldoen aan artikel 5;

  • 2.

    kosten voor het restaureren van eerder gerealiseerd werk;

  • 3.

    kosten voor de documentatie van, publicatie over of communicatie/marketing voor eerder gerealiseerd werk;

  • 4.

    kosten voor het creëren van een (online) platform;

  • 5.

    kosten die gemaakt zijn vóór het besluit op de aanvraag;

  • 6.

    kosten die structureel onderdeel zijn van de beroepspraktijk, bijvoorbeeld huur van een werkruimte, verzekeringen, etc.;

  • 7.

    de volledige kosten voor uitgaven waarvan langer voordeel wordt genoten dan de duur van activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd, zoals aanschaf van apparatuur, instrumenten etc.;

  • 8.

    kosten voor het vergoeden van tijd voor het volgen van een workshop of cursus;.

  • 9.

    verrekenbare of compensabele belastingen, heffingen of lasten.

Artikel 7 - Voorwaarden

Een aanvraag komt alleen in aanmerking voor subsidie als het voldoende aansluit op elk van onderstaande leden:

  • 1.

    De maker heeft een actieve kunstberoepspraktijk blijkend uit het cv en KvK-inschrijving of diploma van een kunstvakopleiding en :

    • a.

      staat ingeschreven als inwoner van de gemeente ’s-Hertogenbosch, en/of;

    • b.

      een atelier (of anderszins structurele werkplek) in de gemeente ’s-Hertogenbosch heeft, en/of;

    • c.

      de gemeente ’s-Hertogenbosch aantoonbaar structureel als standplaats heeft (zie toelichting).

  • 2.

    De mate waarin de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd:

    • a.

      artistieke en/of zakelijke ontwikkeling van de beroepspraktijk stimuleren, en;

    • b.

      urgentie hebben in de context van de ontwikkeling van de beroepspraktijk van de maker.

  • 3.

    De mate waarin het plan en de doelen realistisch, concreet en haalbaar zijn en zich verhouden tot de organisatiekracht van de maker.

  • 4.

    De aanwezigheid van een sluitende begroting (die voldoet aan het gestelde in artikel 4) en de mate waarin deze realistisch is en het aanvraagbedrag in verhouding staat tot:

    • a.

      beoogde ontwikkeling van de beroepspraktijk zoals genoemd in lid 2, en;

    • b.

      de totaalbegroting, en;

    • c.

      andere inkomsten.

  • 5.

    Bij het afnemen van diensten of producten van derden is er sprake is van ‘fair pay’, als onderdeel van de Fair Practice Code.

Artikel 8 - Wanneer komt uw aanvraag niet voor subsidie in aanmerking?

Subsidieverlening kan naast de in de artikelen 4:25 en 4:35 Awb genoemde voorwaarden en op basis van de ASV ook (deels) geweigerd worden indien:

  • 1.

    Het subsidieplafond, of het deelbudget is bereikt.

  • 2.

    De maker onvoldoende of niet beroepsmatig actief is.

  • 3.

    Er onvoldoende is voldaan aan de voorwaarden gesteld in artikel 7.

  • 4.

    De maker (al dan niet via een stichting) in hetzelfde kalenderjaar reeds subsidie heeft ontvangen uit:

    • deze regeling, en/of;

    • een toekenning van boven de € 12.500,- uit de Subsidieregeling Professionele kunsten 's-Hertogenbosch 2026 en/of;

    • de Subsidieregeling Professionele kunsten ’s-Hertogenbosch 2025-2028.

  • 5.

    De activiteiten te weinig gericht zijn op de eigen beroepspraktijk en/of onderdeel zijn van een onderwijs(programma) dat de aanvrager volgt.

  • 6.

    De activiteiten zijn gericht op het exposeren of een podium bieden aan werk van derden.

  • 7.

    De activiteiten ook zonder financiële steun van de gemeente kunnen plaatsvinden.

  • 8.

    Er sprake is van werk in opdracht dat uitgevoerd wordt door de maker.

  • 9.

    Er subsidie wordt aangevraagd voor kunst in de openbare ruimte met een structureel karakter.

  • 10.

    De aanvraag uit meer dan 2.000 woorden bestaat;

  • 11.

    De maker in twee voorgaande kalenderjaren:

    • subsidie heeft ontvangen uit de Bossche Makersregeling, en/of;

    • een toekenning uit de regeling professionele kunsten vanuit de grote procedure.

Artikel 9 - Onderdelen subsidieaanvraag en behandeltermijn

  • 1.

    Aanvragen worden op chronologische volgorde behandeld geteld vanaf het moment dat deze compleet zijn. Onvolledige aanvragen worden pas behandeld wanneer deze compleet zijn. Complete aanvragen worden binnen zes weken afgehandeld. Als het beschikbare (deel)budget is bereikt wordt de aanvraag direct afgewezen.

  • 2.

    Een subsidieaanvraag is compleet wanneer het de volgende onderdelen bevat:

    • Projectplan van maximaal 2.000 woorden waaronder:

      • een toelichting waaruit blijkt hoe de activiteiten bijdragen aan de ontwikkeling van de beroepspraktijk, en;

      • een (beknopte) planning van de activiteiten, en;

    • Een sluitende begroting met inkomsten en uitgaven en een toelichting op de posten, en;

    • Actueel artistiek CV met overzicht van recente activiteiten;

  • 3.

    Daarnaast moet de aanvrager de volgende gegevens aanleveren:

    • KvK-inschrijving van maximaal 1 jaar oud waaruit blijkt dat de maker beroepsmatig kunstenaar is, of bij afwezigheid hiervan een bachelor- of masterdiploma van een kunstvakopleiding van maximaal 3 jaar oud (geteld vanaf het moment van indiening);

    • Link naar website;

    • Bankafschrift: om te controleren of het opgegeven bankrekeningnummer juist is, moet een kopie van een bankafschrift of een foto van de bankpas meegestuurd worden waarop alleen de tenaamstelling en het bankrekeningnummer zichtbaar zijn;

  • 4.

    Als het voor de beoordeling van belang is kan het college aanvullende stukken opvragen.

Artikel 10 - Verplichtingen

De subsidieontvanger heeft in ieder geval de volgende verplichtingen:

  • 1.

    De subsidieontvanger voert de activiteiten uit volgens het ingediende plan.

  • 2.

    De subsidieontvanger vermeldt in de communicatie over de activiteiten dat deze mede ondersteund zijn door de gemeente ’s-Hertogenbosch en gebruikt daarvoor het logo van de gemeente.

  • 3.

    De subsidieontvanger meldt openbare publieksactiviteiten die in de gemeente ’s-Hertogenbosch plaatsvinden aan op www.zinindenbosch.nl

  • 4.

    De subsidieontvanger stelt de secretaris van deze regeling tijdig op de hoogte van openbare publieksactiviteiten zoals presentatie, expositie of een anderszins relevante vorm.

  • 5.

    Het college kan in de verleningsbeschikking aanvullende verplichtingen opleggen.

Artikel 11 - Verantwoording en definitieve vaststelling subsidie

  • 1.

    Subsidies tot en met € 7.500,- kunnen bij een toekenning direct worden vastgesteld. Bij directe vaststelling vindt de controle steekproefsgewijs plaats. Bij de verantwoording moet de aanvrager minimaal de volgende zaken aanleveren:

    • a.

      een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht en hoe deze hebben bijgedragen aan de beroepspraktijk, en;

    • b.

      een realisatie van de ingediende begroting waaruit blijkt hoe de werkelijke kosten en opbrengsten zich verhouden ten opzichte van de begrote kosten en opbrengsten volgens dezelfde opzet van de bij de aanvraag ingeleverde begroting.

  • 2.

    Als na het uitvoeren van de activiteiten de realisatie van de begroting eindigt met een positief resultaat, kan de subsidie lager worden vastgesteld.

Artikel 12 - Subsidieplafond en overheveling

  • 1.

    Het subsidieplafond is € 201.600,- (exclusief mogelijke overheveling) en wordt verdeeld over twee tranches:

    • tranche 1 bevat maximaal 2/3 van het beschikbare budget en is beschikbaar per 5 januari 2026 om 12.00 's middags.

    • tranche 2 bevat minimaal 1/3 van het beschikbare budget en is beschikbaar per 7 september 2026 om 12.00 's middags.

  • 2.

    Indien er binnen deze regeling budget overblijft wordt het resterende budget beschikbaar gesteld voor de cultuurbegroting 2025-2028.

Artikel 13 - Hardheidsclausule

Het college kan een of meer bepalingen van deze subsidieregeling in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover de toepassing van die bepalingen voor de subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepaling te dienen doelen.

Artikel 14 – Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling gaat in op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2027.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Bossche Makersregeling 2026.

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 5.

    De Algemene Subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Afdeling Cultuur

Tel.nr.: 073-615 9025

E-mail: cultuurfondsen@s-hertogenbosch.nl

Toelichting subsidieregeling Bossche Makersregeling 2026

Artikel 4 – Waarvoor en hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

Onder inkomstenbronnen vallen bijvoorbeeld bijdragen uit andere fondsen, kaartverkoop, verkoop van werk, giften en sponsoring maar ook eigen inbreng (al dan niet door onbetaalde werkzaamheden), korting op diensten of producten van betrokken partijen.

Bij bedragen boven de € 3.000,- is het belangrijk dat er voldoende draagvlak voor het plan is. Daarom moet er minimaal één inkomstenbron van derden zijn, naast de gewenste bijdrage uit dit fonds en eventueel gekapitaliseerde uren of eigen inbreng. Dit kan een andere subsidie, bijdrage of sponsoring zijn, maar ook verkoop van werk of inkomsten uit entree.

Lid 3

Als het plan een combinatie is van een ontwikkeltraject (art. 4 lid 1) en kunstproject (art. 4 lid 2) wordt er gekeken welke kosten vallen onder een ontwikkelingstraject en welke onder een kunstproject. De maximumbedragen en –percentages die zijn beschreven in leden 1 en 2 blijven van toepassing.

Artikel 6 – Welke kosten komen niet in aanmerking?

Lid 3

Hier onder vallen ook publicaties, websites, (online) portfolio’s of andere communicatie-uitingen.

Lid 7

Het voordeel dat wordt genoten van het aanschaffen van apparatuur, instrumenten of vergelijkbare zaken is langer dan het ontwikkelingstraject of project waarvoor subsidie wordt aangevraagd. Alleen in uitzonderlijke gevallen kunnen deze kosten subsidiabel zijn.

Lid 8

Het opdoen van kennis leidt tot een structureel voordeel van de beroepspraktijk. Daarom zijn de noodzakelijke kosten hiervoor subsidiabel, zoals cursus- of workshopkosten. Het vergoeden van de tijd voor het opdoen van kennis wordt niet gezien als een noodzakelijke kostenpost en kan daarnaast een prikkel voor inefficiënte tijdsbesteding worden.

Artikel 7 - Voorwaarden

Lid 1c

Makers moeten aantonen dat zij gemeente 's-Hertogenbosch structureel als standplaats hebben. Bij sommige kunstdisciplines (met name theater) is structureel gebruik van een werkruimte ongebruikelijk, in tegenstelling tot bijvoorbeeld beeldend kunstenaars. Het voorbereiden en uitvoeren van activiteiten binnen de gemeente geldt niet als voldoende onderbouwing dat de gemeente structureel de standplaats is. In uitzonderlijke gevallen kan op andere wijzen (dan wonen of het structureel huren van een werkruimte) worden aangetoond dat de maker ’s-Hertogenbosch structureel als standplaats heeft: bijvoorbeeld doordat repetities en premières altijd in de gemeente plaatsvinden.

Het regelmatig gebruikmaken van een bepaalde culturele voorziening of werkplaats -zoals het Grafisch Atelier- wordt in alle gevallen niet gezien als bewijs dat de gemeente structureel de standplaats is.

Lid 2

De aanvrager moet onderbouwen waarom de activiteiten bijdragen aan de ontwikkeling van de beroepspraktijk en waarom dit op het moment van aanvragen relevant is.

Lid 4

Bij de beoordeling van het aanvraagbedrag wordt rekening gehouden met waar een maker staat in diens ontwikkeling. Voor een startende maker zijn andere inkomsten zoals (kaart)verkoop lastiger te verkrijgen dan iemand die al langer bezig is. Maar ook kan voor de ene kunstvorm publieksbijdrage gangbaarder zijn dan voor een andere. Dit lid wordt daarom in de context van de aanvraag en aanvrager bekeken.

Lid 5

Wanneer er gebruikt wordt gemaakt van diensten of producten van anderen, dan moet er sprake zijn van fair pay. Het kan echter zijn dat iemand korting geeft en voor een lager tarief de dienst of het product levert. In dat geval moet dat zichtbaar zijn op de begroting. Dat kan door de korting bij de baten/inkomsten te zetten, of door het lagere tarief toe te lichten.

Artikel 8 – Wanneer komt uw aanvraag niet voor subsidie in aanmerking?

Leden 3 en 4

Het is niet mogelijk om als maker tweemaal subsidie te ontvangen in één kalenderjaar. Daarbij is het niet van belang door wie de subsidie is aangevraagd (de maker als natuurlijk persoon, een stichting of andere penvoerder). Het gaat erom dat de maker in kwestie maar eenmaal per jaar voordeel kan genieten uit deze regeling, en in maximaal twee opeenvolgende jaren. Drie jaar na elkaar subsidie ontvangen uit deze regeling is dan ook niet mogelijk. Een toekenning van € 12.500,- of meer uit de Subsidieregeling Professionele Kunsten ’s-Hertogenbosch voor een project of programma van de maker in kwestie heeft dezelfde invloed als een toekenning uit deze regeling.

Lid 6

Indien de activiteiten zijn gericht op het presenteren of programmeren van werk van anderen wordt dat niet gezien als een project van een maker en daarmee niet passend bij deze regeling. Voor het exposeren of presenteren van werk van anderen kan een beroep worden gedaan op de Subsidieregeling Professionele Kunsten ’s-Hertogenbosch. Activiteiten van collectieven of samenwerkingen met andere makers waar er sprake is van een gelijkwaardige zeggenschap komen wel in aanmerking.

Lid 8

Deze regeling is bedoeld voor projecten en ontwikkelingstrajecten van makers. Indien een maker een opdracht uitvoert voor een andere partij, ligt het eigenaarschap van het project of de activiteiten niet bij de maker en voldoet het niet aan artikel 5.

Lid 11

Makers kunnen voor projecten die zijn gericht op de eigen beroepspraktijk een beroep doen op de Bossche Makersregeling en de subsidieregeling Professionele Kunsten in de grote procedure. Wanneer de maker -ongeacht als natuurlijk persoon of als rechtspersoon- in voorgaande twee jaren subsidie heeft ontvangen vanuit deze twee subsidieregelingen dan wordt de aanvraag afgewezen. Projecten die zijn gericht op het exposeren, programmeren, etc. worden buiten beschouwing gelaten omdat deze niet worden gezien als ‘makersaanvragen’ die zijn gericht op de eigen beroepspraktijk.

15. Subsidieregeling Professionele Kunsten 's-Hertogenbosch 2026

Deze regeling is voor projecten en programma's op het gebied van professionele kunst.

  • Bij Deelregeling A (‘snelle aanvragen’) kunnen bedragen aangevraagd worden van € 250,- tot en met € 12.500,-. Deelregeling A omvat artikelen 1 t/m 10 en 16 t/m 18.

  • Bij Deelregeling B (‘grote aanvragen’) kunnen bedragen aangevraagd worden van € 15.000,- tot en met € 50.000,-. Deelregeling B omvat artikelen 1 t/m 6 en 11 t/m 18.

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidieregeling?

Het stimuleren van de ontwikkeling van incidentele projecten of programma's op het gebied van professionele kunsten die niet vallen onder de meerjarige regeling professionele kunsten.

Artikel 2 - Woordenlijst

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • a.

    Aanvrager: Een rechtspersoon of natuurlijk persoon die een schriftelijk verzoek voor subsidie indient.

  • b.

    ASV: Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch.

  • c.

    College: Het college van burgemeester en wethouders.

  • d.

    Commissie BC: Commissie Bosch Cultuursysteem. De adviescommissie die het college van burgemeester en wethouders adviseert over aanvragen ingediend op grond van deelregeling B van deze subsidieregeling.

  • e.

    Culturele codes: Governance code cultuur,code Diversiteit & Inclusie en de Fair Practice code.

  • f.

    Kunst: Uitingsvormen van alle kunstdisciplines en combinaties ervan.

  • g.

    Maker: Een individu (of groep individuen) dat gericht is op het produceren en presenteren van eigen werk op het gebied van kunst.

  • h.

    Organisatie: Een natuurlijk persoon of rechtspersoon die activiteiten organiseert op het gebied van kunst.

  • i.

    Professionele kunsten: Het beroepsmatig vervaardigen, produceren, presenteren en/of exposeren van kunst of het presenteren en/of exposeren van professioneel gemaakte kunst.

  • j.

    Project: Een opzichzelfstaande activiteit op het gebied van kunst met een duidelijk inhoudelijk begin- en eindpunt.

  • k.

    Programma: Een reeks activiteiten op het gebied van kunst binnen een afgebakende periode.

  • l.

    Secretaris: Medewerker van de gemeente die aanvragen op grond van deze regeling in behandeling neemt.

  • m.

    Subsidieplafond: Het bedrag dat gedurende de geldigheid van deze regeling maximaal beschikbaar is.

Artikel 3 – Wie kan subsidie aanvragen en hoeveel kan aangevraagd worden?

  • 1.

    Het college verstrekt op grond van deze regeling een incidentele subsidie van minimaal € 250,- en maximaal € 50.000,-. Daarbij zijn de volgende beperkingen van toepassing:

  • a.

    Subsidiebedragen van € 250,- tot en met € 3.000,- worden toegekend tot maximaal 90 % van de subsidiabele kosten.

  • b.

    Subsidiebedragen boven € 3.000,- kunnen worden toegekend:

    • i.

      tot maximaal 60 % van de subsidiabele kosten, en;

    • ii.

      als er minimaal één inkomstenbron is naast eventuele gekapitaliseerde uren of eigen inbreng.

  • 2.

    Natuurlijke personen kunnen bedragen van € 250,- tot en met € 7.500,- aanvragen.

  • 3.

    Rechtspersonen (zoals een stichting) kunnen bedragen van € 250,- tot en met € 50.000,- aanvragen.

Artikel 4 - Waarvoor kunt subsidie aanvragen?

  • 1.

    Subsidie kan worden verstrekt voor programma's of projecten:

    • a.

      die zijn gericht op het professioneel vervaardigen, ontwikkelen en/of produceren van kunsten, en/of;

    • b.

      die zijn gericht op het presenteren en/of exposeren van professionele kunsten, en;

    • c.

      die ondersteunend zijn aan de in leden a. en b. genoemde activiteiten op het vlak van cultuureducatie, -participatie en talentontwikkeling;

  • 2.

    Makers kunnen alleen subsidiebedragen van € 15.000 of hoger aanvragen voor het vervaardigen, ontwikkelen en/of produceren van eigen kunst(projecten).

  • 3.

    Subsidie kan worden aangevraagd voor projecten of programma's van maximaal één jaar. Alleen in voorkomende gevallen kan subsidie worden verstrekt met een langere duur.

Artikel 5 - Welke kosten komen in aanmerking voor subsidie?

  • 1.

    In aanmerking voor subsidie komen de kosten die redelijkerwijs gemaakt moeten worden voor activiteiten zoals bedoeld in artikel 4 en de kosten die direct verbonden zijn met de activiteiten zoals bedoeld in artikel 4.

  • 2.

    De subsidie heeft uitsluitend betrekking op de kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn voor de activiteiten als bedoeld in artikel 4.

Artikel 6 - Welke kosten komen niet in aanmerking voor subsidie?

De volgende kosten komen niet voor subsidie in aanmerking:

  • kosten die niet voldoen aan artikel 5;

  • kosten voor het oprichten van een rechtspersoon;

  • kosten voor het produceren van een publicatie over, of documentatie van eerder gerealiseerd werk;

  • kosten voor het restaureren van eerder gerealiseerd werk of een collectie;

  • kosten voor het creëren van een online platform;

  • kosten die gemaakt zijn vóór het besluit op de aanvraag;

  • kosten van rente, bankdiensten, financieringen, gerechtelijke procedures, boetes en sancties;

  • de volledige kosten voor uitgaven waarvan langer voordeel wordt genoten dan de duur van activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd, zoals aanschaf van apparatuur, instrumenten etc.;

  • verrekenbare of compensabele belastingen, heffingen of lasten;

  • kosten voor activiteiten die gericht zijn op het restaureren, conserveren, beheren of presenteren van een museale collectie.

DEELREGELING A (snelle aanvragen)

Artikel 7 – Voorwaarden

  • 1.

    Uw aanvraag is alleen ontvankelijk als er wordt voldaan aan artikelen 3 en 4 en de activiteiten in belangrijke mate worden uitgevoerd in de gemeente ’s-Hertogenbosch of vanuit de gemeente ’s-Hertogenbosch worden ontwikkeld;

  • 2.

    Uw aanvraag komt in aanvulling op lid 1 alleen in aanmerking voor subsidie als het voldoende aansluit op elk van onderstaande punten. Er wordt getoetst op de mate waarin er sprake is van:

    • a.

      hoge artistiek-inhoudelijke kwaliteit voor wat betreft zeggingskracht, oorspronkelijkheid, visie en vakmanschap;

    • b.

      hoge organisatorische en zakelijke kwaliteit blijkend uit de organisatiekracht van de betrokkenen, inhoudelijke en financiële haalbaarheid van de activiteiten, een helder plan van aanpak en een gezonde en passende financieringsmix;

    • c.

      maatschappelijke betekenis m.b.t. de mate van lokale relevantie:

      • de bijdrage van de activiteiten aan de beleidslijnen uit de nota ‘Cultuur Maakt Mensen’ in ’s-Hertogenbosch;

      • de bijdrage van de activiteiten aan de diversiteit van het lokale aanbod;

      • de mate waarin de activiteiten aanvullend zijn op bestaand (meerjarig gesubsidieerd) aanbod;

      • en/of zorgen voor verbinding tussen maatschappelijke vraagstukken en cultuur.

    • d.

      visie op publiek, diversiteit en inclusie: het tonen van een duidelijke visie op doelgroepen met bijbehorend communicatieplan en/of een duidelijk uitgewerkte aanpak van de publiekswerking.

  • 3.

    De aanvrager onderschrijft de culturele codes. Daarnaast moet voldaan worden aan de volgende punten:

    • a.

      Code CulturalGovernance: Indien de aanvrager een rechtspersoon is, moet er sprake zijn van een onafhankelijk bestuur of raad van toezicht. De aanvrager moet beknopt aangeven wie er in het bestuur en uitvoering betrokken zijn en wat hun taken/verantwoordelijkheden zijn.

    • b.

      Code Diversiteit & Inclusie: De aanvrager moet in het plan acties of activiteiten benoemen om naast de reguliere of bekende doelgroepen (publiek en/of deelnemers) ook een nieuwe doelgroep te bereiken en/of te betrekken.

    • c.

      Fair Practice Code: De aanvrager moet duidelijk maken welke landelijke richtlijn(en) wordt gehanteerd voor een eerlijke beloning in de culturele sector. De begroting maakt de toepassing hiervan inzichtelijk.

Artikel 8 – Wanneer komt uw aanvraag niet in aanmerking voor subsidie?

  • 1.

    Wij nemen uw subsidieaanvraag niet in behandeling als:

    • Er niet is voldaan aan bepalingen in artikel 3, en/of artikel 4.

    • De aanvraag incompleet is (zoals beschreven in artikel 9)

    • Het door het college vastgestelde subsidieplafond of het deelplafond bereikt is.

    • De aanvrager de culturele codes niet onderschrijft en/of er geen sprake is van een onafhankelijk bestuur of raad van toezicht.

    • De aanvrager in hetzelfde kalenderjaar al een toekenning heeft ontvangen uit deze regeling.

    • De aanvrager subsidie ontvangt vanuit de Subsidieregeling Professionele kunsten 's-Hertogenbosch 2025-2028.

    • De activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd onderdeel zijn van activiteitenplannen van een organisatie die subsidie ontvangt uit de Subsidieregeling Professionele kunsten 's-Hertogenbosch 2025-2028.

    • De activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd redelijkerwijs gefinancierd kunnen worden door een organisatie die subsidie ontvangt uit de Subsidieregeling Professionele kunsten ’s-Hertogenbosch 2025-2028 of door andere regelingen van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

    • Subsidie wordt aangevraagd voor het vervaardigen, produceren, presenteren en/of exposeren van kunst van de aanvrager. Hiervoor kan een beroep gedaan worden op de Bossche Makersregeling.

    • De activiteit(en) onderdeel zijn van een opdracht van derden.

    • Er onvoldoende of geen aantoonbare inhoudelijke en/of organisatorische binding met de gemeente 's-Hertogenbosch is.

    • De activiteiten ook zonder financiële steun van de gemeente kunnen plaatsvinden.

    • De activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd al tweemaal eerder is afgewezen.

    • Subsidie wordt aangevraagd voor kunst in de openbare ruimte met een structureel karakter.

  • 2.

    Subsidieverlening kan naast de in de artikelen 4:25 en 4:35 Awb genoemde voorwaarden en op basis van de ASV ook (deels) geweigerd worden indien:

  • Er onvoldoende is voldaan aan voorwaarden gesteld in artikel 7.

  • Een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de gelden niet of in onvoldoende mate Besteed zullen worden voor het doel waarvoor de bijdrage is aangevraagd.

  • De aanvraag uit meer dan 2.000 woorden bestaat.

  • Een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de continuïteit van de activiteiten van de aanvrager niet voldoende is gewaarborgd.

Artikel 9 - Verloop van subsidieprocedure en onderdelen subsidieaanvraag

  • 1.

    Aanvragen worden ambtelijk behandeld op chronologische volgorde geteld vanaf het moment dat deze compleet zijn.

  • 2.

    Complete aanvragen worden binnen zes weken afgehandeld en getoetst op basis van de artikelen 3 t/m 8.

  • 3.

    Aanvragen moeten de volgende onderdelen bevatten om als compleet te worden beschouwd:

    • Inhoudelijk plan van maximaal 2.000 woorden, waaronder een;

      • beschrijving van de doelstelling(en) en/of urgentie voor het project of programma.

      • beknopte planning

      • toelichting op de organisatie(leden);

      • beschrijving op welke wijze regulier en nieuw publiek wordt geworven;

      • onderschrijving van en toelichting op de culturele codes zoals beschreven in artikel 7.3;

    • Sluitende begroting met inkomsten en uitgaven en een toelichting op de posten;

    • Beknopte reflectie op eerdere door de gemeente gesubsidieerde activiteiten met daarin minimaal positieve en negatieve leerpunten (alleen wanneer de aanvrager een eerdere toekenning heeft ontvangen);

  • 4.

    Daarnaast moet de aanvrager onderstaande documenten aanleveren:

    • Formulier activiteitenoverzicht waarin beoogd aanbod en bereik wordt aangegeven (te vinden op subsidiepagina van deze regeling op www.s-hertogenbosch.nl);

    • Uittreksel Kamer van Koophandel van maximaal één jaar oud (indien van toepassing)

    • Bankafschrift: om te controleren of het opgegeven bankrekeningnummer juist is, moet een kopie van een bankafschrift of een foto van de bankpas meegestuurd worden waarop alleen de tenaamstelling en het bankrekeningnummer zichtbaar zijn.

    • Meest recente statuten: Alleen als de aanvrager een rechtspersoon is en nog geen subsidierelatie heeft met de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • 5.

    Als het voor de beoordeling van belang is kan het college aanvullende stukken opvragen.

  • 6.

    Aanvragen worden behandeld totdat het beschikbare deelplafond van de tranche bereikt is. Indien het deelplafond is bereikt worden aanvragen direct afgewezen.

Artikel 10 - Verantwoording en definitieve vaststelling subsidie

  • 1.

    Subsidies tot en met € 7.500,- worden bij een toekenning direct vastgesteld. Bij directe vaststelling vindt de controle steekproefsgewijs plaats.

  • 2.

    Subsidies vanaf € 7.500,- dienen uiterlijk 2 maanden na de afronding van het project of programma te worden verantwoord (geteld vanaf de 1e dag van de maand na afronding).

    • Als een subsidie van de aanvrager eerder is gecontroleerd bij een van de cultuur-subsidieregelingen in periode 2025-2028 van de gemeente en er geen noemenswaardige afwijkingen zijn geconstateerd kunnen subsidiebedragen tussen de € 7.500 en € 12.500 direct worden vastgesteld.

  • 3.

    Bij verantwoording moet de aanvrager minimaal de onderstaande zaken aanleveren. Het verslag moet een handtekening bevatten van een door de organisatie bevoegd persoon.

  • een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht, inclusief een reflectie op de realisatie van de door u genoemde doelstelling(en).

  • een realisatie van de ingediende begroting waaruit blijkt hoe de werkelijke kosten en opbrengsten zich verhouden ten opzichte van de begrote kosten en opbrengsten volgens dezelfde opzet van de bij de aanvraag ingeleverde begroting.

  • ingevuld formulier activiteitenoverzicht: realisatie van de ingevulde cijfers.

  • 4.

    Als het voor de beoordeling van belang is kan het college aanvullende stukken opvragen of verzoeken tot deelname aan een evaluatiegesprek.

  • 5.

    Als de bijdrage uit deze regeling hoger uitvalt dan 90 % respectievelijk 60 % van de subsidiabele kosten zoals genoemd in artikel 3, of als de realisatie van de begroting eindigt met een positief resultaat kan deze door het college lager worden vastgesteld.

DEELREGELING B (grote aanvragen)

Artikel 11 - Voorwaarden

  • 1.

    Uw aanvraag is alleen ontvankelijk als er wordt voldaan aan de artikelen 3 en 4 en de activiteiten in belangrijke mate worden uitgevoerd in de gemeente ’s-Hertogenbosch of vanuit de gemeente ’s-Hertogenbosch worden ontwikkeld.

  • 2.

    Uw aanvraag komt in aanvulling op lid 1 alleen in aanmerking voor subsidie als het voldoende aansluit op elk van onderstaande punten. Er wordt getoetst op de mate waarin er sprake is van:

  • a.

    hoge artistiek-inhoudelijke kwaliteit, voor wat betreft zeggingskracht, oorspronkelijkheid, visie en vakmanschap;

  • b.

    hoge organisatorische en zakelijke kwaliteit, blijkend uit de organisatiekracht van de betrokkenen, inhoudelijke en financiële haalbaarheid van de activiteiten, een helder plan van aanpak en een gezonde en passende financieringsmix;

  • c.

    maatschappelijke betekenis m.b.t. de mate van lokale relevantie:

  • de bijdrage van de activiteiten aan de beleidslijnen uit de nota ‘Cultuur Maakt Mensen’ in ’s-Hertogenbosch;

  • de bijdrage van de activiteiten aan de diversiteit van het lokale aanbod;

  • de mate waarin de activiteiten aanvullend zijn op bestaand (meerjarig gesubsidieerd) aanbod;

  • en/of zorgen voor verbinding tussen maatschappelijke vraagstukken en cultuur;

  • d.

    visie op publiek, diversiteit en inclusie: het tonen van een duidelijke visie op doelgroepen met bijbehorend communicatieplan en/of een duidelijk uitgewerkte aanpak van de publiekswerking.

  • 3.

    De aanvrager onderschrijft de culturele codes en voldoet aan de volgende punten:

  • Code CulturalGovernance:

    • i.

      Er is een onafhankelijk bestuur of raad van toezicht.

    • ii.

      Inzicht in de organisatiestructuur met een korte toelichting op de taken en verantwoordelijkheden bestuur of RvT, directie en medewerkers.

    • iii.

      Er is sprake van (beleid voor) een veilige werkomgeving.

  • Code Diversiteit & Inclusie:

    • i.

      De aanvrager licht toe op welke manier de activiteiten bijdragen aan een diverser en inclusiever aanbod en/of bereik, en benoemt hiervoor in het plan concrete acties of activiteiten.

  • Fair Practice Code:

    • i.

      Er is sprake van een beloningsbeleid in lijn met landelijke richtlijnen voor eerlijke beloning in de culturele sector.

Artikel 12 - Wanneer komt uw aanvraag niet in aanmerking voor subsidie?

  • 1.

    Wij nemen uw subsidieaanvraag niet in behandeling als:

    • Er niet is voldaan aan artikel 3 en/of artikel 4.

    • De aanvraag incompleet is (zoals beschreven in artikel 9).

    • De aanvrager de culturele codes niet onderschrijft en/of er geen sprake is van een onafhankelijk bestuur of raad van toezicht.

    • De aanvrager in hetzelfde kalenderjaar al een toekenning van boven de € 12.500,- heeft gehad uit deze regeling. Een uitzondering hierop is wanneer de aanvrager een toekenning voor een programma heeft ontvangen in 2025 en voorjaar 2026. In dat geval mag de aanvraag subsidie aanvragen voor een programma eind 2026 voor 2027. Zie toelichting.

    • De aanvrager subsidie ontvangt vanuit de Subsidieregeling Professionele kunsten 's-Hertogenbosch 2025-2028.

    • De activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd onderdeel zijn van activiteitenplannen van een organisatie die subsidie ontvangt uit de Subsidieregeling Professionele kunsten 's-Hertogenbosch 2025-2028.

    • De activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd redelijkerwijs gefinancierd kunnen worden door een organisatie die subsidie ontvangt uit de Subsidieregeling Professionele kunsten 's-Hertogenbosch 2025-2028 of andere regelingen van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

    • De activiteit(en) onderdeel zijn van een opdracht van derden.

    • De activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd al tweemaal eerder is afgewezen.

    • De activiteiten ook zonder financiële steun van de gemeente kunnen plaatsvinden.

    • Er geen aantoonbare inhoudelijke en/of organisatorische binding met de gemeente 's-Hertogenbosch is.

    • Het plan onvoldoende voldragen is om voor te leggen aan de adviescommissie.

    • Het projectplan uit meer dan 5.000 woorden bestaat.

    • Subsidie wordt aangevraagd voor kunst in de openbare ruimte met een structureel karakter.

  • 2.

    Subsidieverlening kan naast de in de artikelen 4:25 en 4:35 Awb genoemde voorwaarden en op basis van de ASV ook (deels) geweigerd worden als:

  • Er onvoldoende is voldaan aan voorwaarden in artikel 11.

  • Wanneer het plan onvoldoende in lijn is met de culturele codes.

  • Een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor het doel waarvoor de bijdrage is aangevraagd.

  • Een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de continuïteit van de activiteiten van de aanvrager niet voldoende is gewaarborgd.

  • De adviescommissie adviseert geen subsidie toe te kennen.

  • Het door het college vastgestelde subsidieplafond of het deelplafond bereikt is.

Artikel 13 - Verloop van subsidieprocedure en onderdelen subsidieaanvraag

Aanvragen worden tweemaal per jaar behandeld.

  • 1.

    De procedure kent de volgende stappen:

  • Aanmelding: Om mee te doen met de eerstvolgende ronde moet de aanvrager zich aanmelden binnen de voorafgaande aanmeldperiode via het webformulier op www.s-hertogenbosch.nl/cultuurfondsen met een korte planbeschrijving van maximaal twee A4's en een (concept)begroting.

    • Aanmelden voor de voorjaarsronde kan van 2 t/m 25 januari 2026.

    • Aanmelden voor de najaarsronde kan van 1 t/m 30 augustus 2026.

  • Optionele kennismaking: een afvaardiging van de adviescommissie kan nieuwe aanvragers bij deze regeling uitnodigen voor een kort gesprek op 10 februari en 15 september. Dit is niet verplicht voor de aanvrager.

  • Begeleiding: de secretaris begeleidt de aanvraag tot uiterlijk het moment van het indienen.

  • Indiening: Subsidieaanvragen moeten uiterlijk op de dag van de deadline van de desbetreffende ronde worden ingediend om te worden behandeld door de adviescommissie:

  • Voorjaarsdeadline is 3 maart 2026

  • Najaarsdeadline is 11 oktober 2026

  • Commissievergadering: Een afvaardiging van de Commissie BC komt samen in een vergadering en beoordeelt de aanvraag op basis van de artikelen 4 t/m 6, 11 en 12. Wanneer het beschikbare budget is overvraagd, verdeelt de Commissie BC de aanvragen volgens de wijze zoals beschreven in artikel 14. De Commissie BC kan de volgende adviezen geven:

  • aanvraag toekennen;

  • aanvraag toekennen voor zover budget beschikbaar is;

  • aanvraag afwijzen vanwege onvoldoende budget;

  • aanvraag afwijzen.

  • Besluit: Het college neemt een besluit op advies van de Commissie BC. Uiterlijk 9 weken na de indiendeadline heeft de aanvrager antwoord gekregen.

  • 2.

    Subsidieaanvragen moeten de volgende onderdelen bevatten:

  • Aanbiedingsbrief gericht aan het college waarin u aangeeft dat u subsidie aanvraagt uit deze regeling en voor welk bedrag, ondertekend door een door de organisatie bevoegd persoon of orgaan.

  • Project- of activiteitenplan van maximaal 5.000 woorden waarin wordt ingegaan op de voorwaarden zoals omschreven in artikel 11, inclusief een:

  • beschrijving van de doelstelling(en) en/of urgentie voor het project of programma.

  • marketing- en communicatieplan.

  • Begroting met toelichting op de diverse posten.

  • Toelichting toepassing culturele codes (volgens artikel 11 lid 3) op maximaal twee A4'tjes.

  • Beknopte reflectie op eerdere door de gemeente gesubsidieerde activiteiten met daarin de belangrijkste positieve en negatieve leerpunten.

  • Formulier activiteitenoverzicht waarin beoogd aanbod en bereik wordt aangegeven (te vinden op www.s-hertogenbosch.nl);

  • Indien de aanvrager een rechtspersoon is en nog geen subsidierelatie heeft met de gemeente ’s-Hertogenbosch:

  • Uittreksel Kamer van Koophandel van maximaal één jaar oud.

  • Meest recente statuten

  • Bankafschrift: om te controleren of het opgegeven bankrekeningnummer juist is, moet een kopie van een bankafschrift of een foto van de bankpas meegestuurd worden waarop alleen de tenaamstelling en het bankrekeningnummer zichtbaar zijn.

  • Als het voor de beoordeling van belang is kan het college aanvullende stukken opvragen.

Artikel 14 - Verdeling van het budget bij overvraging

Het beschikbare budget binnen een ronde wordt bij overvraging verdeeld via een tendersysteem. De adviescommissie beoordeelt de aanvragen integraal en in relatie tot elkaar en komt tot een afgewogen verdeling van het beschikbare budget over de aanvragen waarover zij positief oordeelt. Dit doet zij op basis van de voorwaarden genoemd in artikel 11, en de mate waarin de activiteiten bijdragen aan diversiteit van het cultureel aanbod in relatie tot de verschillende kunstdisciplines en culturele functies.

Artikel 15 - Verantwoording en definitieve vaststelling subsidie

  • 1.

    De subsidieontvanger dient uiterlijk 2 maanden na de afronding van het project of programma een aanvraag tot vaststelling in (geteld vanaf de 1e dag van de maand na afronding). Deze aanvraag tot vaststelling bevat in ieder geval een:

  • inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht, inclusief een reflectie op de realisatie van de doelstelling(en).

  • realisatie van de begroting waaruit blijkt hoe de werkelijke kosten en opbrengsten zich verhouden ten opzichte van de begrote kosten en opbrengsten volgens dezelfde opzet van de bij de aanvraag ingeleverde begroting.

  • Ingevuld formulier Activiteitenoverzicht: realisatie van de ingevulde cijfers.

  • Het verslag moet een handtekening bevatten van een door de organisatie bevoegd persoon.

  • 2.

    Als het voor de beoordeling van belang is kan het college aanvullende stukken opvragen of verzoeken tot deelname aan een evaluatiegesprek.

  • 3.

    Als de bijdrage van deze regeling hoger uitvalt dan 60% van de subsidiabele kosten zoals genoemd in artikel 3, kan de subsidie door het college lager worden vastgesteld.

  • 4.

    Als na het uitvoeren van de activiteiten de realisatie van de begroting eindigt met een positief resultaat, kan de subsidie lager worden vastgesteld.

  • 5.

    Het college kan om een accountantsverklaring vragen in het geval de organisatie in hetzelfde kalenderjaar meerdere gemeentelijke subsidies ontvangt, waarbij het totaalbedrag hoger is dan € 100.000,-. Dit betreft een beoordelingsverklaring voor totaalbedragen van € 100.001,- tot en met € 500.000,- en een controleverklaring vanaf € 500.001,-.

Artikel 16 - Verplichtingen

  • 1.

    De subsidieontvanger heeft in ieder geval de volgende verplichtingen:

    • a.

      De activiteiten worden uitgevoerd volgens het ingediende plan.

    • b.

      De subsidieontvanger zorgt voor communicatie over de activiteiten en vermeldt daarbij dat de activiteit mede ondersteund is door de gemeente ‘s-Hertogenbosch en gebruikt daarvoor het logo van de gemeente.

    • c.

      De subsidieontvanger stelt de secretaris van deze regeling tijdig op de hoogte van openbare publieksactiviteiten zoals presentatie, expositie of anderszins relevante vorm.

    • d.

      De subsidieontvanger meldt de publieksactiviteiten die in ’s-Hertogenbosch plaatsvinden aan op www.zinindenbosch.nl.

  • 2.

    Het college kan in de verleningsbeschikking aanvullende verplichtingen opleggen.

Artikel 17 – Subsidieplafond en overheveling

  • 1.

    Het subsidieplafond voor deze regeling is € 400.000,- (exclusief mogelijke subsidieoverheveling) waarvan:

    • a.

      Minimaal € 100.000 beschikbaar is voor deelregeling A waarvan maximaal 2/3 deel vrijkomt voor de eerste tranche en minimaal 1/3 voor de tweede tranche.

      • i.

        De eerste tranche is beschikbaar per 12 januari 2026 om 12.00u 's middags totdat het deelplafond is bereikt.

      • ii.

        De tweede tranche is beschikbaar per 31 augustus 2026 om 12.00u 's middags totdat het subsidieplafond is bereikt.

  • b.

    Maximaal € 200.000,- beschikbaar is voor de deelregeling B. Dit bedrag wordt verdeeld over de twee aanvraagrondes. Indien er onbesteed budget is wordt dit beschikbaar gesteld voor de deelregeling A.

  • 2.

    Indien er binnen deze regeling budget overblijft wordt het resterende budget beschikbaar gesteld voor de cultuurbegroting 2025-2028.

Artikel 18 - Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling gaat in op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2027.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Professionele kunsten ‘s-Hertogenbosch 2026.

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 5.

    De Algemene Subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

  • 6.

    Het college kan een of meer bepalingen van deze subsidieregeling in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover de toepassing van die bepalingen voor de subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepaling te dienen doelen. 

  • 7.

    Bij honorering kan de naam van het project, de hoogte van het subsidiebedrag en (indien de aanvrager een rechtspersoon is) de naam van de aanvrager worden gepubliceerd.

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Afdeling Cultuur

Tel.nr.: 073-615 9025

E-mail: cultuurfondsen@s-hertogenbosch.nl

Toelichting op de Subsidieregeling Professionele kunsten ’s-Hertogenbosch 2026

Artikel 4 – Waarvoor kunt u subsidie aanvragen?  

Lid 1

Deze regeling is bedoeld voor projecten of programma’s primair gericht op activiteiten benoemd in de leden a. en b. Voor projecten en programma’s waarbij cultuureducatie en -participatie centraal staan kan subsidie aangevraagd worden via de Subsidieregeling Bijzondere activiteiten amateurkunst en cultuurparticipatie.

DEELREGELING A - Artikel 8 – Wanneer komt uw aanvraag niet in aanmerking voor subsidie?  

Lid 1, streep 2

Als het budget voor de eerste tranche op is, wordt de aanvraag niet in behandeling genomen. Het is mogelijk om die opnieuw in te dienen op het moment dat het loket voor de tweede tranche opengaat.

Lid 1, streep 4

Een ‘snelle aanvraag’ kan alleen worden toegekend als de aanvrager dat kalenderjaar nog geen andere toekenningen uit deze regeling heeft ontvangen. Binnen een kalenderjaar is het wel mogelijk om eerst een ‘snelle aanvraag’ en daarna een ‘grote aanvraag’ toegekend te krijgen, maar niet andersom.

Lid 1, streep 5, 6 en 7

Er kan geen subsidie worden aangevraagd door organisaties die meerjarig ondersteund worden door de gemeente, en niet voor activiteiten van die organisaties. Het is wel mogelijk om aan te vragen voor co-producties waarbij een organisatie is betrokken die meerjarig ondersteund is. Daarbij is het wel relevant hoe de activiteiten zijn beschreven in de plannen en begroting van de meerjarig ondersteunde organisatie.

Aanvragers moeten een aantoonbare inhoudelijke en/of organisatorische binding hebben met 's-Hertogenbosch. Dat moet meer omvatten dan samenwerkingen die facilitair van aard zijn.

Lid 1, streep 8

Voor projecten van makers, collectieven en/of gezelschappen kan alleen subsidie in de grote procedure (deelregeling B) worden aangevraagd. Voor ‘snelle aanvragen’ kan een beroep gedaan worden op de Bossche Makersregeling.

Lid 1, streep 10

Activiteiten van organisaties van buiten de gemeente en te weinig lokale binding komen niet in aanmerking voor subsidie. Het uitsluitend uitvoeren van activiteiten (al dan niet in een theater of concertzaal) in de gemeente wordt niet gezien als lokale binding. Dit geldt ook voor samenwerkingen die alleen betrekking hebben op facilitair niveau.

DEELREGELING B - Artikel 12 – Wanneer komt uw aanvraag niet in aanmerking voor subsidie:

Lid 1, streep 3

Een ‘grote aanvraag’ kan alleen worden toegekend als de aanvrager dat kalenderjaar nog geen andere toekenningen uit deelregeling B heeft ontvangen. Binnen een kalenderjaar is het mogelijk om eerst een ‘snelle aanvraag’ en daarna een ‘grote aanvraag’ toegekend te krijgen, maar niet andersom.

Lid 1, streep 4, 5 en 6

Zie toelichting artikel 8 lid 1, streep 5, 6 en 7.

Het is bij uitzondering mogelijk voor een aanvrager om subsidie aan te vragen voor een programma in zowel de voorjaarsronde als de najaarsronde van de grote procedure. Dit is gedaan om een weeffout ongedaan te maken bij de invoering van deze regeling. Organisaties kunnen hiermee begin 2026 subsidie kunnen aanvragen voor een programma in kalenderjaar 2026 en eind 2026 subsidie aanvragen voor een het programma kalenderjaar 2027. Dit geldt echter niet voor projecten. En het is alleen van toepassing op organisaties die in 2025 een toekenning voor een programma 2025 en begin 2026 voor programma 2026 hebben ontvangen.

Lid 1 streep 9

Zie toelichting artikel 8 lid 1, streep 10

16. Subsidieregeling Innovatie Culturele Instellingen 2026

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidieregeling?

Het doel van deze regeling is het stimuleren van vernieuwing en transitie op het gebied van publieksbereik door middel van aanbod en/of samenwerking bij culturele organisaties die meerjarig ondersteund worden door gemeente 's-Hertogenbosch.

Artikel 2 - Woordenlijst

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • Aanvrager: Een rechtspersoon die een schriftelijk verzoek voor subsidie indient.

  • ASV: Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch.

  • College: Het college van burgemeester en wethouders.

  • Commissie BC: Commissie Bosch Cultuursysteem. De adviescommissie die het college van burgemeester en wethouders adviseert over ‘grote aanvragen’.

  • Project: Een opzichzelfstaande activiteit op het gebied van kunst met een duidelijk inhoudelijk begin- en eindpunt.

  • Secretaris: Medewerker van de gemeente die aanvragen op grond van deze regeling in behandeling neemt.

  • Subsidieplafond: Het bedrag dat gedurende de geldigheid van deze regeling maximaal beschikbaar is.

Artikel 3 – Wie kan subsidie aanvragen en hoeveel kan aangevraagd worden?

  • 1.

    Alleen organisaties die in 2026 subsidie ontvangen vanuit de regeling Professionele Kunsten 's-Hertogenbosch 2025-2028 kunnen subsidie aanvragen.

  • 2.

    Het college verstrekt op grond van deze regeling een incidentele subsidie van minimaal € 250,- en maximaal € 50.000,- waarbij de subsidie maximaal 80 % is van de totaalbegroting.

Artikel 4 - Waarvoor kunt u subsidie aanvragen?

Subsidie kan worden aangevraagd voor incidentele projecten, activiteiten en/of experimenten voor het bereiken en/of betrekken van nieuw publiek.

Artikel 5 - Welke kosten komen in aanmerking voor subsidie?

  • 1.

    In aanmerking voor subsidie komen de kosten die redelijkerwijs gemaakt moeten worden voor activiteiten zoals bedoeld in artikel 4 en de kosten die direct verbonden zijn met de activiteiten zoals bedoeld in artikel 4.

  • 2.

    De subsidie heeft uitsluitend betrekking op de kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn voor de activiteiten als bedoeld in artikel 4.

Artikel 6 - Welke kosten komen niet in aanmerking voor subsidie?

De volgende kosten komen niet voor subsidie in aanmerking:

  • kosten die niet voldoen aan artikel 5;

  • kosten voor het produceren van een publicatie over, of documentatie van eerder gerealiseerd werk;

  • kosten voor het restaureren van eerder gerealiseerd werk of een collectie;

  • kosten die gemaakt zijn vóór het besluit op de aanvraag;

  • kosten van rente, bankdiensten, financieringen, gerechtelijke procedures, boetes en sancties;

  • de volledige kosten voor uitgaven waarvan langer voordeel wordt genoten dan de duur van activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd, zoals aanschaf van apparatuur, instrumenten etc.;

  • kosten voor structurele verbouwingen van een pand of locatie;

  • verrekenbare of compensabele belastingen, heffingen of lasten.

Artikel 7 – Voorwaarden

  • 1.

    Uw aanvraag is alleen ontvankelijk als:

    • a.

      er wordt voldaan aan artikelen 3 en 4, en;

    • b.

      er sprake is van een concreet leerdoel m.b.t. het bereiken van nieuw publiek.

  • 2.

    Uw aanvraag scoort voldoende op alle onderstaande beoordelingscriteria:

    • a.

      Nieuw publiek: de mate waarin u nieuw publiek bereikt of betrekt, blijkend uit:

    • een heldere visie op nieuw publiek

    • een concreet plan van aanpak -voortkomend uit de visie en leerdoel- voor programma, partners, en/of personeel om nieuw publiek te bereiken.

    • b.

      Organisatorische kwaliteit: de mate waarin het plan realistisch, concreet en haalbaar is, en zich verhoudt tot de organisatiekracht van de aanvrager.

    • c.

      Gedegen financiële onderbouwing: De mate waarin de begroting realistisch is en zich verhoudt tot de gestelde ambities en leerdoel.

Artikel 8 – Wanneer komt uw aanvraag niet in aanmerking voor subsidie?

  • 1.

    Wij nemen uw subsidieaanvraag niet in behandeling als:

  • de aanvrager een snelle aanvraag doet en in hetzelfde kalenderjaar al een toekenning heeft ontvangen uit deze regeling.

  • de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd redelijkerwijs gefinancierd kunnen worden door:

  • subsidieregeling Professionele kunsten 's-Hertogenbosch 2025-2028, en/of

  • andere regelingen van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • de activiteiten ook zonder financiële steun van de gemeente kunnen plaatsvinden.

  • activiteit(en) onderdeel zijn van een opdracht van derden.

  • de aanvraag het maximumaantal woorden overschrijdt (genoemd in artikel 9).

  • subsidie wordt aangevraagd voor kunst in de openbare ruimte met een structureel karakter.

  • het plan onvoldoende voldragen is om voor te leggen aan de adviescommissie.

  • 2.

    Subsidieverlening kan naast de in de artikelen 4:25 en 4:35 Awb genoemde voorwaarden en op basis van de ASV ook (deels) geweigerd worden indien:

  • er onvoldoende is voldaan aan voorwaarden gesteld in artikel 7.

  • een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor het doel waarvoor de bijdrage is aangevraagd.

  • een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de continuïteit van de activiteiten van de aanvrager niet voldoende is gewaarborgd.

  • De adviescommissie adviseert geen subsidie toe te kennen.

  • Het door het college vastgestelde subsidieplafond of het deelplafond bereikt is.

Artikel 9 Onderdelen aanvraag

  • 1.

    Subsidieaanvragen moeten de volgende onderdelen bevatten:

    • a.

      Project- of activiteitenplan van maximaal 2.000 woorden bij een ‘snelle aanvraag’ en 5.000 voor een grote aanvraag. Er moet worden ingegaan op de voorwaarden (artikel 7) met minimaal:

    • Het beoogde leerdoel;

    • Visie op nieuw publiek (evt. i.r.t. bestaand publiek);

    • Plan van aanpak met beknopte planning;

    • Evaluatie waarin is beschreven wat en hoe wordt bepaald in welke mate de gestelde doelen zijn gehaald;

    • Korte toelichting hoe de opgedane kennis wordt gedeeld met Bossche andere (culturele) organisaties.

    • b.

      Sluitende begroting met toelichting op de inkomsten en uitgaven.

  • 2.

    Als het voor de beoordeling van belang is kan het college aanvullende stukken opvragen.

Artikel 10 – Verloop ‘snelle procedure’

Subsidieaanvragen tot en met € 12.500,- kunnen vanaf 5 januari 2026 worden ingediend. Deze worden op chronologische volgorde, geteld vanaf moment van compleetheid, ambtelijk getoetst op basis van de artikelen 3 t/m 8. De aanvragen worden binnen zes weken afgehandeld totdat het beschikbare deelplafond bereikt is.

Artikel 11 - Verloop ‘grote procedure’

Subsidieaanvragen boven de €12.500,- worden in één aanvraagronde behandeld. Deze procedure kent de volgende stappen:

  • Aanmelding/vooraanvraag: Om mee te doen met de eerstvolgende ronde moet de aanvrager zich aanmelden binnen de aanmeldperiode via het webformulier. Er is een voorjaarsronde en een najaarsronde. De najaarsronde vindt alleen plaats wanneer er budget over is uit de voorjaarsronde.

    • Daarvoor is een korte planbeschrijving van maximaal twee A4's en een (concept)begroting nodig.

    • Aanmelden voor de voorjaarsronde kan tot en met 1 februari 2026.

    • Aanmelden voor de najaarsronde kan van 1 augustus t/m 6 september 2026.

  • Optionele pitch: de commissie kan de aanvrager uitnodigen voor een korte presentatie van het plan aan een afvaardiging van de Commissie BC op 29 september 2026 (en 1 oktober wanneer er veel aanmeldingen zijn). Dit is niet verplicht voor de aanvrager.

  • Begeleiding: de secretaris begeleidt de aanvraag tot uiterlijk het moment van het indienen.

  • Indiening: Subsidieaanvragen moeten uiterlijk op de dag van de deadline van de desbetreffende ronde worden ingediend om te worden behandeld door de adviescommissie

    • Voorjaarsdeadline is donderdag 26 maart 2026

    • Najaarsdeadline is donderdag 22 oktober 2026

  • Commissievergadering: Een afvaardiging van de Commissie BC komt samen in een vergadering en beoordeelt de aanvraag op basis van de artikelen 3 t/m 8. Wanneer het beschikbare budget is overschreden, verdeelt de Commissie BC de aanvragen volgens de wijze zoals beschreven in artikel 12. De Commissie BC kan de volgende adviezen geven:

    • aanvraag toekennen;

    • aanvraag toekennen voor zover budget beschikbaar is;

    • aanvraag afwijzen vanwege onvoldoende budget;

    • aanvraag afwijzen.

  • Besluit: Het college neemt een besluit op advies van de Commissie BC. Uiterlijk 9 weken na de indiendeadline heeft de aanvrager antwoord gekregen.

Artikel 12 - Verdeling van het budget bij overvraging ‘grote’ subsidieaanvragen

Bij overvraging binnen een ronde wordt het beschikbare budget verdeeld via een tendersysteem. De commissie rangschikt de aanvragen op basis van de mate waarin ze voldoen aan de voorwaarden genoemd in artikel 7.

Artikel 13 - Verantwoording en definitieve vaststelling subsidie

  • 1.

    De aanvrager moet uiterlijk 2 maanden na de afronding van de activiteiten (geteld vanaf de 1e dag van de maand na afronding) minimaal de onderstaande zaken aanleveren.

    • een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht, inclusief een reflectie op de realisatie van de door u genoemde doelstelling(en).

    • een realisatie van de ingediende begroting waaruit blijkt hoe de werkelijke kosten en opbrengsten zich verhouden ten opzichte van de begrote kosten en opbrengsten volgens dezelfde opzet van de bij de aanvraag ingeleverde begroting.

  • 2.

    De verleende subsidie moet terug te zien zijn in het jaarverslag van de aanvrager en wordt vastgesteld samen met de ‘jaarsubsidie’ uit de regeling Professionele Kunsten ’s-Hertogenbosch 2025-2028.

  • 3.

    Als het voor de beoordeling van belang is kan het college aanvullende stukken opvragen of verzoeken tot deelname aan een evaluatiegesprek.

  • 4.

    Het college kan om een accountantsverklaring vragen in het geval de organisatie in het betreffende kalenderjaar meer dan € 100.000,- subsidie ontvangt. Dit betreft een beoordelingsverklaring voor totaalbedragen van € 100.001,- tot en met € 500.000,- en een controleverklaring vanaf € 500.001,-.

  • 5.

    Als na het uitvoeren van de activiteiten de realisatie van de begroting eindigt met een positief resultaat, kan de subsidie lager worden vastgesteld.

Artikel 14 - Verplichtingen

  • 1.

    De subsidieontvanger heeft in ieder geval de volgende verplichtingen:

    • a.

      De activiteiten worden uitgevoerd volgens het ingediende plan.

    • b.

      De subsidieontvanger deelt opgedane kennis met andere Bossche (culturele) organisaties en nodigt (voor eventuele presentatiemomenten) de fondssecretaris hiervoor uit.

    • c.

      De subsidieontvanger zorgt voor communicatie over de activiteiten en gebruikt het logo van:

      • i.

        de gemeente (het ‘kroontje’) om aan te geven dat het is mede ondersteund door de gemeente ’s-Hertogenbosch

      • ii.

        Zin In Den Bosch (het ‘schildje’) voor eventuele andere communicatie-uitingen.

    • d.

      De subsidieontvanger stelt de secretaris van deze regeling tijdig op de hoogte van openbare publieksactiviteiten zoals presentatie, expositie of anderszins relevante vorm.

    • e.

      De subsidieontvanger meldt de publieksactiviteiten die in ’s-Hertogenbosch plaatsvinden aan op www.zinindenbosch.nl

  • 2.

    Het college kan in de verleningsbeschikking aanvullende verplichtingen opleggen.

Artikel 15 – Subsidieplafond en overheveling

  • 1.

    Het subsidieplafond voor deze regeling is € 226.800,- (exclusief mogelijke subsidieoverheveling) waarvan:

    • a.

      maximaal € 75.000,- beschikbaar is voor 'snelle’ aanvragen.

    • b.

      minimaal € 151.800,- beschikbaar is voor 'grote aanvragen’ in de voorjaarsronde. Indien er budget overblijft wordt dit ingezet voor de najaarsronde. Indien er binnen het kalenderjaar onbesteed budget is wordt dit beschikbaar gesteld voor 'snelle aanvragen’ .

  • 2.

    Indien er binnen deze regeling budget overblijft wordt het resterende budget beschikbaar gesteld voor de cultuurbegroting 2025-2028.

Artikel 16 - Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling gaat in op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 31 december 2026.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Innovatie Culturele Instellingen kunsten ‘s-Hertogenbosch 2026.

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 5.

    De Algemene Subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

  • 6.

    Het college kan een of meer bepalingen van deze subsidieregeling in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover de toepassing van die bepalingen voor de subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepaling te dienen doelen. 

  • 7.

    Bij honorering kan de naam van het project, de hoogte van het subsidiebedrag en de naam van de aanvrager worden gepubliceerd.

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Afdeling Cultuur

Tel.nr.: 073-615 9025

E-mail: cultuurfondsen@s-hertogenbosch.nl

Toelichting op de subsidieregeling Innovatie Culturele Instellingen 2026

Artikel 4 - Waarvoor kunt u subsidie aanvragen?

Er kan niet worden aangevraagd voor programma's bestaande uit meerdere losse activiteiten met elk een eigen leerdoel en/of doelgroep. Het is wel mogelijk om aan te vragen voor verschillende activiteiten of experimenten die voortkomen uit één leerdoel en betrekking hebben op één doelgroep.

Artikel 7 – voorwaarden

leden 1 en 2

Het startpunt van de aanvraag wordt gevormd door één leerdoel m.b.t. het bereiken of betrekken van nieuw publiek. Daarin moet duidelijk worden wat de aanvrager wil leren (en waarom).

Daaruit volgt een uitwerking van de wijze waarop de kennis wordt opgedaan. Het is aan de aanvrager om daar een goed middel en plan van aanpak voor te maken. Het middel hoeft - in tegenstelling tot de andere subsidieregelingen van de gemeente- niet te leiden tot artistieke resultaten. Dat mag echter wel als dat het best passende middel is.

lid 2 a

Een visie op nieuw publiek houdt niet alleen een doelgroepsbeschrijving in, maar ook een toelichting waarom deze doelgroep relevant is vanuit (de ambities van) de aanvrager gezien.

lid 2 b

De mate van organisatorische kwaliteit wordt beoordeeld op de wijze waarop de aanvrager evalueert en daarmee inzicht wil krijgen in het halen van de zelfgenoemde doelen. Een beschrijving van de evaluatie is een verplicht onderdeel van de aanvraag.

17. Subsidieregeling Fon$ie 2026

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidieregeling?

Het doel van deze regeling is het stimuleren van culturele activiteiten voor en door inwoners van 18 tot en met 26 jaar oud.

Artikel 2 - Woordenlijst

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • a.

    Aanvrager: Een rechtspersoon die een schriftelijk verzoek voor subsidie indient.

  • b.

    ASV: Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch.

  • c.

    College: Het college van burgemeester en wethouders.

  • d.

    Cultureel: Uitingen van alle kunstdisciplines of combinaties daarvan.

  • e.

    Commissie BC: Commissie Bosch Cultuursysteem. De adviescommissie die het college van burgemeester en wethouders adviseert over aanvragen ingediend op grond van deelregeling B van deze subsidieregeling.

  • f.

    Project: Een opzichzelfstaande activiteit op het gebied van kunst met een duidelijk inhoudelijk begin- en eindpunt.

  • g.

    Samenwerking: een bijdrage van een andere partij die zonder betaling geschiedt.

  • h.

    Secretaris: Medewerker van de gemeente die aanvragen op grond van deze regeling in behandeling neemt.

  • i.

    Subsidieplafond: Het bedrag dat gedurende de geldigheid van deze regeling maximaal beschikbaar is.

Artikel 3 – Wie kan subsidie aanvragen en hoeveel kan aangevraagd worden?

Alleen natuurlijke personen vanaf 18 tot en met 26 jaar kunnen subsidie aanvragen. Het maximumbedrag is:

  • € 1.500,- zonder samenwerking met een culturele instelling, of;

  • € 3.000,- als er wordt samengewerkt met een organisatie of community die een andere doelgroep bedient dan die van de aanvrager.

Artikel 4 - Waarvoor kunt subsidie aanvragen?

Er kan subsidie worden aangevraagd voor kosten voor openbare culturele activiteiten (zoals optredens, optredens, workshops of culturele avonden) georganiseerd voor en door inwoners van de gemeente tot en met 26 jaar.

Artikel 5 - Welke kosten en activiteiten komen niet in aanmerking voor subsidie?

  • 1.

    Met de activiteit mag géén geld opgehaald worden voor een goed doel, religieuze en partijpolitieke doeleinden;

  • 2.

    Professionals die worden betaald moeten ingeschreven staan bij de KvK. Deze mogen maximaal € 75,- per uur ontvangen. LET OP: dit is incl. BTW (9 % of 21 %);

  • 3.

    Voor eten en drinken mag er maximaal € 10,- per persoon per activiteit begroot worden. Dit mag alleen als er catering wordt ingehuurd of er zelf gekookt wordt. Wij vergoeden geen kosten die gemaakt zijn in restaurants of andere eetgelegenheden;

  • 4.

    Bedankjes voor vrijwilligers of anderen die hebben geholpen maar niet staan ingeschreven bij de Kvk mogen voor maximaal €10,- per persoon worden aangeschaft. Dit mag niet contant uitbetaald worden maar moet in de vorm van een bon of bijvoorbeeld bloemen;

  • 5.

    Er mogen geen (grote) spullen worden aangeschaft, er mogen alleen dingen gehuurd worden. Denk aan huur van servies + tafels + stoelen / spellen / verlichting + geluidsapperatuur etc;

  • 6.

    Wij vergoeden géén tickets voor pretparken, speeltuinen, musea, bioscopen etc. Het gaat erom dat een jongere zélf een activiteit organiseert.

Artikel 6 – Voorwaarden

  • 1.

    De aanvraag is alleen ontvankelijk als er wordt voldaan aan artikelen 3 en 4 en de volgende punten;

    • a.

      De aanvrager is zelf (of met een groepje) verantwoordelijk voor het organiseren en uitvoeren van de activiteit;

    • b.

      De activiteiten hebben een duidelijk begin- en eindpunt en zijn geen doorlopende activiteit;

    • c.

      De activiteiten zijn openbaar toegankelijk (betaald of onbetaald) en niet voor een besloten publiek zoals voor vrienden en familie;

    • d.

      Met de activiteit brengt de aanvrager mensen met elkaar in contact en zorgt de aanvrager voor verbinding tussen één of meerdere doelgroepen.

  • 2.

    Waar wordt de aanvraag op beoordeeld?

    • a.

      De mate van waarin de activiteiten cultureel van aard zijn;

    • b.

      De mate waarin de activiteiten de ontwikkeling van en het samenkomen binnen jongerencommunities bevordert rondom The Culture, urban, etc;

    • c.

      De mate van haalbaarheid van de activiteiten i.r.t. de aanvrager;

    • d.

      De visie op de beoogde doelgroep, de mate van waarin deze nieuw is (voor de aanvrager) en de haalbaarheid in het bereiken van daarvan;

    • e.

      De mate waarin de activiteiten afwijken van het bestaande aanbod in de gemeente.

Artikel 8 – Wanneer komt de aanvraag niet in aanmerking voor subsidie?

Wij wijzen de aanvraag af als:

  • er niet is voldaan aan de voorwaarden.

  • de activiteit te persoonlijk van aard is, zoals feest voor alleen vrienden en kennissen.

  • het publieksbereik te klein is.

  • de activiteiten in opdracht van een organisatie zijn of als schoolopdracht of als (maatschappelijke) stage.

  • de activiteiten redelijkerwijs plaats kunnen vinden zonder subsidie.

  • de activiteiten niet op zichzelf staan maar onderdeel zijn van een activiteit van een derde.

  • de aanvrager eerder een toekenning heeft gehad dit jaar.

  • als de voorgenomen samenwerking niet leidt tot het bereiken van de beoogde doelgroepen.

Artikel 9 Onderdelen aanvraag

  • 1.

    De aanvrager moet een plan opsturen waarin staat:

    • Wat er gaat gebeuren.

    • Waar en wanneer het moet plaatsvinden.

    • Wie het organiseren en met wie wordt samengewerkt.

    • Wie het publiek is of de doelgroep is die bereikt moet worden.

  • 2.

    De aanvrager moet een begroting opsturen waarin duidelijk is voor welke kosten de subsidie wordt gebruikt. Let op: van elk begroot item op de begroting moeten wij achteraf een bon/factuur zien als bewijs van uitgaven.

Artikel 10 – Verloop procedure

Subsidieaanvragen worden op volgorde van binnenkomst ambtelijk getoetst op basis van de artikelen 3 t/m 8 en binnen drie weken afgehandeld totdat het beschikbare plafond bereikt is. Indien een aanvraag incompleet is wordt deze pas behandeld vanaf het moment dat deze compleet is.

Artikel 11 - Verantwoording en definitieve vaststelling subsidie

  • 1.

    De aanvrager moet uiterlijk twee maanden na de afronding van de activiteiten (geteld vanaf de 1e dag van de maand na afronding) minimaal de onderstaande zaken aanleveren.

  • foto's of filmpjes van de uitvoering van de activiteit;

  • (kopieën van) bonnen/facturen van de uitgaven waarvoor subsidie is aangevraagd.

  • 2.

    Als het voor de beoordeling van belang is kan het college aanvullende stukken opvragen of verzoeken tot deelname aan een evaluatiegesprek.

Artikel 12 - Verplichtingen

  • 1.

    De subsidieontvanger heeft in ieder geval de volgende verplichtingen:

    • a.

      De activiteiten worden uitgevoerd volgens het ingediende plan.

    • b.

      De subsidieontvanger zorgt voor communicatie over de activiteiten en gebruikt het logo van:

      • i.

        De gemeente (het ‘kroontje’) om aan te geven dat het is mede ondersteund door de gemeente ’s-Hertogenbosch.

      • ii.

        Zin In Den Bosch (het ‘schildje’) voor eventuele andere communicatie-uitingen.

    • c.

      De subsidieontvanger stelt de secretaris van deze regeling tijdig op de hoogte van openbare publieksactiviteiten zoals presentatie, expositie of anderszins relevante vorm.

    • d.

      De subsidieontvanger meldt de publieksactiviteiten die in ’s-Hertogenbosch plaatsvinden aan op www.zinindenbosch.nl

  • 2.

    Het college kan in de verleningsbeschikking aanvullende verplichtingen opleggen.

Artikel 13 – Subsidieplafond en overheveling

  • 1.

    Het subsidieplafond voor deze regeling is 78.540,- (exclusief mogelijke subsidieoverheveling)

  • 2.

    Indien er binnen deze regeling budget overblijft wordt het resterende budget beschikbaar gesteld voor de cultuurbegroting 2025-2028.

Artikel 14 - Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling gaat in op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2027.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Fon$ie 2026.

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 5.

    De Algemene Subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

  • 6.

    Het college kan een of meer bepalingen van deze subsidieregeling in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover de toepassing van die bepalingen voor de subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepaling te dienen doelen. 

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Afdeling Cultuur

Tel.nr.: 073-615 9025

E-mail: cultuurfondsen@s-hertogenbosch.nl

18. Subsidieregeling Opzetten Samenwerkingsverbanden en Collectieve Ontwikkel- en Verbeterplannen Wijkwinkel- en stadsdeelcentra ’s-Hertogenbosch 2026

Deze regeling wordt via een afzonderlijk collegevoorstel ter vaststelling aangeboden.

19. Subsidieregeling Verkeerseducatie en verkeersveiligheid

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidie?

Het doel van deze subsidie is om activiteiten te stimuleren die bijdragen aan:

  • de uitvoering van verkeerseducatie, en;

  • de verbetering van de verkeersveiligheid

Artikel 2 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

Deze subsidie kan aangevraagd worden door (onderwijs)instellingen uit de gemeente

’s-Hertogenbosch.

Artikel 3 - Woordenlijst

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • a.

    Brabants VerkeersVeiligheidslabel (BVL): een kwaliteitskeurmerk van de Provincie Noord-Brabant voor scholen van het primair onderwijs. Het gaat om scholen die door deelname aan het BVL-project inhoud geven aan verkeerseducatie.

  • b.

    Instelling: (vrijwilligers)organisatie die zich in het algemeen of in het bijzonder bezighoudt met verkeerseducatie en/of verkeersveiligheid. Het mag geen onderwijsinstelling zijn.

  • c.

    Fietstraining: een cursus of training voor een specifieke doelgroep waarbij het accent ligt op de beheersing en vaardigheid van het veilig fietsen.

  • d.

    Lokale projecten: projecten die duurzaam meewerken aan de verbetering van de verkeersveiligheid en verandering van de houding van verkeersdeelnemers. De reikwijdte is niet groter dan de gemeentegrens van ’s-Hertogenbosch.

  • e.

    Onderwijsinstelling: scholen van het primair of voortgezet onderwijs

  • f.

    Regionale projecten: projecten die duurzaam bijdragen aan de verbetering van de verkeersveiligheid en verandering van de houding van deelnemers aan het verkeer. De reikwijdte is niet groter dan de gemeente ’s-Hertogenbosch. De projecten zijn een samenwerking met meer organisaties en/of gemeenten en/of provincies.

  • g.

    Totally Traffic: de verzamelnaam voor alle producten, activiteiten en diensten voor verkeerseducatie in het voortgezet onderwijs. De provincie Noord-Brabant biedt ze aan.

  • h.

    Verkeersbrigadier: materiaal om de door de commandant van politie aangestelde hulp voor schoolkinderen bij het oversteken op drukke wegen mogelijk te maken.

  • i.

    Verkeerseducatie: het bijbrengen van de voorwaarden voor veilige verkeersdeelname op het vlak van kennis, vaardigheden en motivaties.

Artikel 4 - Waarvoor kunt u een subsidie aanvragen?

U kunt een subsidie aanvragen voor activiteiten of de aankoop van producten en diensten. Deze moeten bijdragen aan de verbetering van de verkeersveiligheid of verkeerseducatie. Hieronder vallen geen cursussen of trainingen om de rijvaardigheid in een auto te verbeteren, zoals bijvoorbeeld de mobiliteitscursus voor ouderen (BROEM).

Artikel 5 - Hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

U kunt de volgende bedragen en percentages van de kosten als subsidie aanvragen:

  • 1.

    Als u een onderwijsinstelling bent die deelneemt aan het project Brabants Verkeersveiligheidslabel of het project Totally Traffic, óf u hebt zich daarvoor aangemeld, kunt u de volgende subsidie aanvragen:

    • a.

      Scholen van het primair onderwijs: Een normbedrag van € 10,- per leerling volgens de peildatum van 1 oktober in het voorafgaande kalenderjaar, met een maximum van € 5.000,- per school.

    • b.

      Scholen van het voortgezet onderwijs:

    • Een normbedrag van € 2.000,- per school.

    • Een aanvullend bedrag voor specifieke projecten.

  • 2.

    Als u een instelling bent, kunt u de volgende subsidies aanvragen:

  • maximaal € 5.000,- voor het uitvoeren van een lokaal project

  • maximaal € 5.000,- voor het uitvoeren van een fietstraining

  • maximaal € 5.000,- voor het uitvoeren van een regionaal project

  • maximaal € 2.000,- voor de aanstelling en instandhouding van verkeersbrigadiers

Artikel 6 - Hoe verloopt de subsidieprocedure?

  • 1.

    Aanvragen voor BVL en Totally Traffic-subsidies voor het komende kalenderjaar moeten vóór 1 juli van het lopende kalenderjaar worden ingediend.

  • 2.

    Onderwijsinstellingen die volgens het eerste lid een aanvraag voor het komende kalenderjaar hebben ingediend, ontvangen medio februari van dat kalenderjaar een beschikking.

  • 3.

    Aanvragen voor projecten kunnen per kalenderjaar tussen 1 januari en 1 september 2026 worden ingediend.

  • 4.

    Aanvragers, niet zijnde onderwijsinstellingen, krijgen de voorlopige subsidie als voorschot uitbetaald.

  • 5.

    Er is jaarlijks een maximaal subsidiebedrag te verdelen. Dit heet het subsidieplafond. Wij verdelen dit subsidiebedrag, na aftrek van de normbedragen voor de scholen van het primair en voortgezet onderwijs, onder de toegekende aanvragers. Dit geldt ook voor aanvragen van een aanvullend bedrag voor specifieke projecten voor scholen van het voortgezet onderwijs. Wij gebruiken hiervoor de “tender”-methode. Hoe werkt deze methode? Alle volledige subsidieaanvragen moeten binnen een bepaalde periode ingediend zijn. Wij beoordelen uw subsidieaanvraag aan de hand van een aantal criteria: wij kijken naar de mate waarin de activiteit/het aan te schaffen artikel bijdraagt aan verkeerseducatie en/of verkeersveiligheid.

Artikel 7 - Wat doet u met het aanvraagformulier?

  • 1.

    U vindt het aanvraagformulier voor projecten op Subsidies - Gemeente ’s-Hertogenbosch

  • 2.

    Na het invullen van de aanvraag kunt u deze naar het college mailen of per post opsturen. Bij inhoudelijke vragen kunt u contact opnemen met de contactpersoon onderaan deze subsidieregeling.

Artikel 8 - Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026, uitgezonderd artikel 6 lid 1. Dit artikel treedt met terugwerkende kracht in werking vanaf 1 juli 2025.

  • 2.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Verkeerseducatie en verkeersveiligheid.

  • 3.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 4.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Koen Gijsbrechts

Tel.nr.: 073 - 615 5155

E-mail: gemeente@s-hertogenbosch.nl

20. Subsidieregeling voor sportverenigingen 2026

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidie?

Het doel van deze subsidie is het bevorderen van regelmatige sportdeelname van jongeren in georganiseerd verband en het ondersteunen van zwem- en ijssportverenigingen in hun accommodatiekosten.

Artikel 2 - Woordenlijst subsidieregeling

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • a.

    College: Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • b.

    Subsidieplafond: Het bedrag dat tijdens een bepaald tijdvak maximaal beschikbaar is voor deze subsidieregeling. Het college stelt de subsidieplafonds jaarlijks vast. Dit gebeurt na vaststelling van de begroting door de gemeenteraad in november.

  • c.

    Jeugdleden: Leden die per 1 januari van het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd jonger zijn dan 19 jaar, woonachtig zijn in de gemeente ‘s-Hertogenbosch en actief aan de betreffende sport deelnemen. Het gaat hier over leden die op of na 01-01-2006 geboren zijn.

  • d.

    Ledenaantal: Aantal leden per 1 januari van het jaar waarop deze subsidie betrekking heeft en actief aan de betreffende sport deelnemen.

  • e.

    Zaalsportvereniging: Sportvereniging die voor minimaal 75 % van haar sportactiviteiten gebruik maakt van een overdekte sportaccommodatie in ’s-Hertogenbosch (inclusief ijssport- en zwemsportverenigingen), alsmede verenigingen die voor hun standaard competitie zowel overdekte- als openluchtsportaccommodaties gebruiken.

  • f.

    IJssportvereniging: Sportvereniging die is aangesloten bij de Koninklijke Nederlandse Schaatsenrijdersbond en die voor minimaal 75 % van haar sportactiviteiten gebruik maakt van het beschikbare kunstijs in de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • g.

    Zwemsportvereniging: Sportvereniging die is aangesloten bij de Koninklijke Nederlandse Zwembond en die voor minimaal 75 % van haar sportactiviteiten gebruik maakt van geconditioneerd publiek toegankelijk zwemwater in de gemeente ‘s-Hertogenbosch.

  • h.

    Jeugdaandeel: het aantal jeugdleden gedeeld door het totaal aantal leden van een vereniging.

  • i.

    Zomerijs: het gebruik van de sportijsbaan in Sportiom door ijssportvereniging(en) in de (6) weken van de zomervakantie (basisscholen, regio zuid).

Artikel 3 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

De subsidie kan worden aangevraagd door een sportvereniging *) die voldoet aan alle volgende voorwaarden:

  • 1.

    organiseert activiteiten die geheel of grotendeels ten goede komen aan inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch;

  • 2.

    heeft volledige rechtsbevoegdheid en is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel;

  • 3.

    heeft een Algemene Ledenvergadering als hoogste orgaan;

  • 4.

    heeft jeugdleden die uit de gemeente ’s-Hertogenbosch komen;

  • 5.

    heeft geen winstoogmerk;

  • 6.

    waarvan de beoefende sport een bond of federatie heeft, die is aangesloten bij het NOC*NSF;

  • 7.

    is gericht op sportbeoefenaars in amateur-, recreatief of in competitie verband;

*) Het college kan sportorganisaties, die geen vereniging zijn, toch als sportvereniging aanmerken.

Artikel 4 - Waarvoor kunt u deze subsidie aanvragen?

U kunt een subsidie aanvragen voor:

  • 1.

    Het organiseren en in stand houden van sportactiviteiten voor jeugdleden

    • a.

      die een regelmatig en periodiek terugkerend karakter hebben;

    • b.

      en jeugdleden in staat stelt aan door de bond georganiseerde activiteiten (competities, toernooien) deel te nemen.

  • 2.

    Huurondersteuning ten behoeve van een gedeeltelijke compensatie van de huurkosten voor geconditioneerd zwemwater en kunstijs (exclusief zomerijs).

Artikel 5 - Hoeveel subsidie kunt u krijgen?

  • 1.

    Algemeen

Van het door het college vastgestelde subsidieplafond wordt eerst het gedeelte voor ondersteuning voor accommodatiekosten van zwemsport- en ijssportverenigingen vastgesteld. Het overige gedeelte is beschikbaar voor jeugdsportsubsidie.

  • 2.

    Berekeningsgrondslag

De hoogte van de huurondersteuning voor zwemsportverenigingen wordt vastgesteld met de volgende formule:

de totale huursom van betreffende vereniging x 20 % x jeugdaandeel uit de gemeente

‘s-Hertogenbosch van die vereniging

De hoogte van de huurondersteuning voor ijssportverenigingen wordt vastgesteld met de volgende formule:

de totale huursom van betreffende vereniging (exclusief zomerijs) x 35 % x jeugdaandeel uit de gemeente ‘s-Hertogenbosch van die vereniging

De hoogte van de subsidie per jeugdlid uit ‘s-Hertogenbosch voor jeugdsportsubsidie wordt vastgesteld met de volgende formule:

subsidieplafond -/- totale huurondersteuning

(alle jeugdleden van zaalsportverenigingen x 2.0) + alle jeugdleden van overige sportverenigingen

Artikel 6 - Aan welke voorwaarden moet u voldoen?

We streven naar een plezierige, veilige en gezonde sportomgeving voor kinderen en jongeren. Sportverenigingen komen in aanmerking voor deze subsidie indien zij invulling hebben gegeven aan de volgende voorwaarden:

  • 1.

    Voor de vrijwilligers die bij uw sportvereniging actief zijn en met minderjarigen en/of kwetsbare doelgroepen werken kunt u een ‘Verklaring Omtrent Gedrag’ (VOG) overleggen.

  • 2.

    Uw sportvereniging heeft een Vertrouwenscontactpersoon.

  • 3.

    Uw sportvereniging kent duidelijke gedragsregels die passen bij een positieve sportcultuur, en u deelt die regels actief en zichtbaar uit onder de leden.

Verenigingen met een eigen sportaccommodatie dienen ook invulling te geven aan de volgende voorwaarden voor een gezonde sportomgeving:

  • 4.

    Uw sportvereniging zorgt voor een 100 % rook- en vapevrije kind omgeving.

  • 5.

    Uw sportvereniging heeft een gezond en gevarieerd kantine-aanbod.

  • 6.

    Uw sportvereniging maakt heldere afspraken over het schenken van alcohol waarbij geen alcohol onder de 18 jaar (conform landelijke wetgeving) en stimulering van alcoholvrije alternatieven de uitgangspunten zijn.

Artikel 7 - Wanneer en hoe krijgt u de subsidie uitbetaald?

  • 1.

    Uw aanvraag voor deze subsidie moeten wij uiterlijk 1 februari van het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft ontvangen hebben.

  • 2.

    Het besluit tot verlenen van de subsidie wordt vóór 1 juni van het betreffende jaar genomen. De subsidie wordt conform artikel 20 lid 4 van de ASV direct vastgesteld. Dat betekent dat er geen separate verantwoording wordt gevraagd.

  • 3.

    De subsidie wordt binnen 6 weken na het uitkeringsbesluit uitgekeerd.

Artikel 8 - Hoe kunt u deze subsidie aanvragen?

  • 1.

    Een aanvraag voor deze subsidie kan gedaan worden via een door het college vastgesteld formulier dat via de website van de gemeente ’s-Hertogenbosch verkrijgbaar is.

  • 2.

    Bij vragen kunt u contact opnemen met het gemeentelijk contactcentrum van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

Artikel 9 - Tot slot

Hier onder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2027.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling voor sportverenigingen 2026.

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 5.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Laura van Oorschot

Tel.nr.: 073 - 615 5155

E-mail: gemeente@s-hertogenbosch.nl

21. Subsidieregeling Uitvoeringsbudget Bosch Sportakkoord II 2026

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidie?

Het “Hoofdlijnen Sportakkoord II: Sport versterkt” richt zich op zes thema’s met daaronder 25 opgaven. Als kerngroep van het Sportakkoord II in de gemeente ’s-Hertogenbosch kiezen wij voor meer focus. In 2026 zetten we in op drie thema’s met in totaal vijf opgaven:

Thema 1: Iedereen voelt zich welkom

Opgave 1 - Vergroting van sociale toegankelijkheid.

Opgave 2 - Effectievere toeleiding van inactieve mensen naar sport en beweegactiviteiten.

Thema 2: De sportiefste jeugd

Opgave 3 - Meer aandacht voor beweging bij de jongste jeugd.

Opgave 4 - Verhogen van sportdeelname en het verlagen van sportuitval bij jongeren.

Thema 3: Toekomstbestendige Sportaanbieders

Opgave 5 – Betere lokale match tussen vraag en aanbod.

De bijlage van deze subsidieregeling licht deze opgaven toe.

Om uitvoering te geven aan de ambities van het Bosch Sportakkoord stelt de gemeente ’s-Hertogenbosch subsidie beschikbaar om de uitvoering van de ambities en opgaven uit het Sportakkoord II te stimuleren.

Artikel 2 - Woordenlijst subsidieregeling

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • 1.

    ASV: De algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch. Deze ASV geldt bij alle subsidieaanvragen.

  • 2.

    Subsidieplafond: Het bedrag dat tijdens een bepaald tijdvak maximaal beschikbaar is voor deze subsidieregeling.

Artikel 3 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

  • 1.

    De aanvrager van de subsidie is een rechtspersoon.

  • 2.

    De aanvrager heeft zich aangesloten bij – of sluit zich aan bij – het Bosch Sportakkoord en neemt het voortouw bij de realisatie van één of meer projecten.

Artikel 4 - Waarvoor kunt u een subsidie aanvragen?

U kunt een subsidie aanvragen als:

  • 1.

    De realisatie van een specifiek project aansluit bij één of meer ambities uit het Bosch Sportakkoord en;

  • 2.

    Het project betrekking heeft op een nieuw initiatief, een nieuwe vorm van samenwerking of verbreding van een bestaande activiteit.

Artikel 5 - Hoeveel subsidie kunt u krijgen?

Er zit geen maximum aan het aan te vragen subsidiebedrag.

Artikel 6 - Hoe verloopt de subsidieprocedure?

  • 1.

    De aanvragen voor deze regeling kunnen van 1 februari tot 1 november 2026 worden ingediend bij de gemeente.

  • 2.

    Het plafond voor deze regeling is voor het jaar 2026 € 69.560,-. Binnen dit plafond is € 6.000,- (12 keer € 500,-) gereserveerd voor activiteiten passend binnen de zes thema’s van het Nationaal Sportakkoord II.

  • 3.

    De subsidie wordt geweigerd als de subsidieaanvrager in surséance van betaling verkeert of failliet is verklaard, het project conflicteert met bestaand gemeentelijk beleid of de subsidie aangevraagd is voor bestaande taken van de aanvrager.

  • 4.

    De subsidieaanvraag wordt door de kerngroep van het Bosch Sportakkoord beoordeeld en toegekend tot het maximaal beschikbare subsidieplafond op basis van de volgende criteria:

    • De mate waarin het project bijdraagt aan één of meer van de ambities uit het Bosch Sportakkoord.

    • De mate waarin het project vernieuwend is en nieuwe samenwerkingsverbanden oplevert.

    • De mate waarin het project bijdraagt aan duurzame resultaten en continuïteit na afloop van het project.

    • De mate waarin de hoogte van de subsidieaanvraag in verhouding staat tot de beoogde resultaten.

    • De mate waarin de hoogte van de subsidieaanvraag in verhouding staat tot het beoogde bereik.

    • De mate waarin de onderdelen monitoring en evaluatie beschreven worden in het projectplan.

  • 5.

    Mochten de aanvragen het subsidieplafond overschrijden, wordt de subsidie toegekend op volgorde van de score op bovenstaande beoordelingscriteria.

  • 6.

    Binnen vier weken wordt de aanvrager geïnformeerd over het besluit.

  • 7.

    Indien er na de toekenningsperiode nog budget beschikbaar is, beslist de kerngroep over invulling van dit budget binnen de doelstellingen van het Bosch Sportakkoord. Dat kan betekenen dat er geïnvesteerd wordt in andere projecten van partners.

  • 8.

    De aanvrager en aanvraagpartners verplichten zich tot het delen van kennis en resultaten (in woord en beeld) met de gemeente en andere partners.

  • 9.

    Binnen 8 weken na afloop van het kalenderjaar (vóór 1 maart 2027) stuurt de aanvrager een financieel en inhoudelijk verslag aan de gemeente. Dit verslag dient o.a. te bevatten:

  • foto’s van activiteiten;

  • deelnemersaantallen;

  • communicatie-uitingen (flyers, persberichten etc.);

  • uitgevoerde activiteiten.

Artikel 7 - Hoe kunt u deze subsidie aanvragen?

  • 1.

    Een aanvraag wordt ingediend door middel van het indienen van het daartoe bestemde formulier inclusief projectplan bij de gemeente ’s-Hertogenbosch Subsidies – Gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • 2.

    In het projectplan moet onder andere zijn opgenomen:

  • op welke thema’s en/of opgaven uit het Bosch Sportakkoord het project betrekking heeft;

  • welke partners betrokken zijn bij het project;

  • plan van aanpak;

  • een begroting;

  • wat het bereik is van het project;

  • op welke manier het project wordt geëvalueerd en gemonitord;

  • de hoogte van de subsidie die wordt aangevraagd;

  • de omvang van de eigen bijdrage (verplicht) van de aanvrager en haar partners in het project.

Artikel 8 - Tot slot

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2027.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet Subsidieregeling Uitvoeringsbudget Bosch Sportakkoord II 2026.

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of niet veranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 5.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Vragen of meer informatie? Neem contact op met Evy Pappot of zie de website: www.s-port.nl/projecten/bosch-sportakkoord.

Contact

Naam: Evy Pappot

Functie: Coördinator Sport en Preventie | ‘S-PORT

E-mail: gemeente@s-hertogenbosch.nl

Tel.nr.: 073 – 615 5155

Bijlage bij Subsidieregeling Bosch Sportakkoord II 2026

Toelichting op de drie thema’s en de vijf opgaven.

Thema 1: Inclusie en diversiteit

Het Bosch Sportakkoord vertaalt dit thema naar ‘Iedereen voelt zich welkom’.

Opgave 1 - Vergroting van sociale toegankelijkheid.

Opgave 2 - Effectievere toeleiding van inactieve mensen naar sport en beweegactiviteiten.

In gemeente 's-Hertogenbosch is iedereen welkom om te sporten en te bewegen. Alleen of samen met anderen in de buitenruimte of bij een club. Wil dit voor álle inwoners opgaan, dan ligt er een opgave met betrekking tot diversiteit en inclusiviteit. We streven ernaar dat iedereen bereikt wordt met een passend sport- en beweegaanbod en dat sportaanbieders beschikken over de juiste kennis en faciliteiten, zodat iedereen zich daadwerkelijk welkom voelt en met plezier kan sporten.

Daarom verwelkomen we plannen en initiatieven die een aantoonbare bijdrage leveren aan het doel om iedereen mee te laten doen met sporten en bewegen.

Thema 2: Vaardig in bewegen

Het Bosch Sportakkoord vertaalt dit thema naar ‘De sportiefste jeugd’.

Opgave 3 - Meer aandacht voor beweging bij de jongste jeugd.

Opgave 4 - Verhogen van sportdeelname en het verlagen van sportuitval bij jongeren.

Het Bosch Sportakkoord II zet in op een gezonde toekomst. Dat begint met goed leren bewegen op (heel) jonge leeftijd. Goed kunnen bewegen levert meer plezier op bij het sporten; het legt de basis voor een leven lang beweegplezier. Tot dusver is er echter minder aandacht geweest voor het belang van sport en bewegen bij kinderen van 0 tot 4 jaar. We willen daarom het belang van bewegen voor deze groep beter onder de aandacht brengen en het bewustzijn bij zowel ouders als professionals vergroten.

Daarnaast is de hoge sportuitval van jongeren vanaf 12 jaar een grote uitdaging. Veel jongeren ervaren onvoldoende plezier, motivatie en zelfvertrouwen om bij een sportaanbieder actief te blijven.

We verwelkomen ideeën en initiatieven die aantoonbaar bijdragen aan de brede motorische ontwikkeling van de jongste jeugd. Ook zijn initiatieven die zich richten op het vergroten van het sportplezier bij jongeren tussen de 12 en 18 jaar belangrijk: hoe zorgen we dat zij met plezier (blijven) sporten en dat minder jongeren stoppen bij een sportaanbieder?

Thema 3: Vitale Sportaanbieders

Het Bosch Sportakkoord vertaalt dit thema naar ‘Toekomstbestendige Sportaanbieders’.

Opgave 5 - Betere lokale match tussen vraag en aanbod.

Het thema Vitale sportaanbieders is gericht op een kwalitatief sterk, veilig en toegankelijk sportaanbod voor iedere inwoner. Het Bosch Sportakkoord II focust hierbij op de wens om vraag en aanbod beter op elkaar te laten aansluiten, zodat iedere inwoner een plek in de buurt kan vinden om met plezier te sporten en bewegen.

Sport- en beweegaanbieders in de gemeente ’s-Hertogenbosch worden gestimuleerd om hun aanbod op wijk- of buurtniveau (beter) te laten aansluiten op de behoeften van diverse doelgroepen. Dit kan door nieuw aanbod te ontwikkelen of bestaand aanbod te verbeteren, bijvoorbeeld door de kwaliteit van trainers te verhogen, lidmaatschapsvormen te flexibiliseren of e-sports te integreren. Daarnaast kan het beter benutten van de sportparken, bijvoorbeeld door het aanbieden van meer activiteiten buiten de reguliere verenigingsuren of door samen te werken met andere aanbieders, bijdragen aan het vergroten van het sport- en beweegaanbod.

Plannen en initiatieven die bijdragen aan een passend aanbod in de wijken en/of samenwerking stimuleren tussen sportaanbieders, onderwijs, zorg en/of andere organisaties zijn van harte welkom.

22. Subsidieregeling Combinatiefuncties ’s-Hertogenbosch 2026

Het ministerie van VWS en VNG/VSG zetten zich in om de komende jaren vraaggericht de toeleiding en begeleiding naar sport- en, beweegaanbod te versterken, zodat meer mensen actief betrokken raken bij en deelnemen aan sport en bewegen, en daarmee gezonder, actiever en fitter worden. Om aan deze ambitie lokaal invulling te geven ontvangt de gemeente jaarlijks middelen vanuit het Rijk via de Brede Regeling Combinatiefuncties. Een deel van deze middelen wordt in 2026 via deze subsidieregeling beschikbaar voor partners in de gemeente. De subsidie is bedoeld om functionarissen aan te stellen die plannen realiseren binnen de doelstellingen van het Nationaal Sportakkoord. Minimaal 60 % van de loonkosten en 100 % van de overige kosten moeten door de aanvrager zelf worden bekostigd.

De regeling voorziet in twee onderdelen. Onderdeel A richt zich op alle inwoners van ’s-Hertogenbosch, onderdeel B richt zich specifiek op leerlingen uit het speciaal onderwijs, omdat daar een achterstand in sport- en beweegdeelname is geconstateerd.

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidie?

Doelen van deze subsidie zijn:

  • 1.

    Meer kinderen, jongeren en volwassenen die sporten en bewegen. Het gaat hierbij o.a. om kwetsbare groepen en mensen die achterblijven in sport- en beweegdeelname;

  • 2.

    Sterke aanbieders in sport en bewegen waarbij kwaliteit, veiligheid en toegankelijkheid geregeld is;

  • 3.

    Een sterke verbinding tussen sport en bewegen met andere domeinen en programma’s (onderwijs, gezondheid, zorg, welzijn en sociale zaken/armoede & schulden) die bijdragen aan de bovenste twee ambities.

Artikel 2 - Woordenlijst subsidieregeling

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • 1.

    Profiel: er is ruimte voor vier profielen in de Brede Regeling Combinatiefuncties: Buurtsportcoach, Combinatiefunctionaris Onderwijs, Clubkadercoach (incl. Verenigingsmanager en Sportparkmanager) en Beweegcoach. Meer informatie over deze profielen is te raadplegen op www.sportindebuurt.nl/profielen.

  • 2.

    Nationaal Sportakkoord: dit landelijk akkoord bevat zes thema’s. De thema’s zijn:

    • Inclusie en diversiteit

    • Sociaal veilige sport

    • Vitale sportaanbieders

    • Vaardig in bewegen

    • Ruimte voor sport en bewegen

    • Maatschappelijke waarde van topsport (voorheen: Topsport die inspireert).

  • De inzet van de combinatiefunctionaris dient bij te dragen aan minimaal één van bovenstaande thema’s. Meer informatie hierover is te vinden op www.sportakkoord.nl.

Artikel 3 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

  • 1.

    De aanvrager van de subsidie is een rechtspersoon.

  • 2.

    De aanvrager is actief als sportaanbieder, onderwijsinstelling, zorginstelling of een andere instelling die een relatie heeft met de doelen in artikel 1.

Artikel 4 - Waarvoor kunt u een subsidie aanvragen?

ONDERDEEL A

  • 1.

    De subsidie moet besteed worden aan loonkosten voor nieuwe taken en aanbod of een uitbreiding van taken en aanbod.

  • 2.

    Het project / de aanvraag voldoet aan tenminste één van de doelen uit artikel 1. In de aanvraag moet naar voren komen op welke wijze hieraan invulling wordt gegeven.

  • 3.

    Het project waarvoor subsidie gevraagd wordt, moet zonder winstoogmerk zijn.

  • 4.

    Het project is gericht op inwoners, instellingen en verenigingen van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • 5.

    Het project beslaat in ieder geval de sector sport en daarnaast minimaal één of meerdere andere sector(en). Het project overstijgt daarmee het belang van de aanvragende organisatie.

ONDERDEEL B

De subsidie moet besteed worden aan loonkosten voor het stimuleren van sport- en bewegen van leerlingen van het speciaal onderwijs.

Artikel 5 - Waarvoor wordt geen subsidie gegeven?

Niet subsidiabel zijn:

  • Kosten die tot bestaande of reguliere werkzaamheden van de aanvrager(s) behoren, met uitzondering van ONDERDEEL B.

  • Kosten die zijn verbonden aan de voorbereiding van de subsidieaanvraag.

  • Kosten niet zijnde loonkosten.

Artikel 6 - Hoeveel subsidie kunt u krijgen?

  • 1.

    U kunt voor maximaal één fulltime combinatiefunctionaris subsidie aanvragen.

  • 2.

    Voor één fulltime combinatiefunctionaris kunt u maximaal € 23.500,- subsidie aanvragen. Voor minder dan één fulltime combinatiefunctionaris geldt dit maximum bedrag naar rato.

  • 3.

    Voor de overige (loon)kosten dient u zelf via cofinanciering dekking te vinden.

  • 4.

    Alleen loonkosten van de combinatiefunctionaris die gerelateerd zijn aan het project en gemaakt zijn na de start van het project komen in aanmerking voor subsidie.

Artikel 7- Hoe verloopt de subsidieprocedure?

  • 1.

    De aanvragen voor deze regeling kunnen tot 1 januari 2026 worden ingediend bij de gemeente.

  • 2.

    Het subsidieplafond voor deze regeling ONDERDEEL A is € 124.130,- het subsidieplafond van ONDERDEEL B is € 25.560,-

  • 3.

    De subsidie wordt geweigerd als de subsidieaanvrager in surséance van betaling verkeert of failliet is verklaard, het project conflicteert met bestaand gemeentelijk beleid of de subsidie aangevraagd is voor bestaande taken van de aanvrager.

  • 4.

    De subsidie wordt door de gemeente beoordeeld en toegekend tot het maximaal beschikbare budget op basis van de volgende criteria:

    • a.

      De mate waarin het project bijdraagt aan één of meer van de doelstellingen uit artikel 1;

    • b.

      De mate waarin het project vernieuwend is en nieuwe samenwerkingsverbanden oplevert;

    • c.

      De mate waarin het project bijdraagt aan duurzame resultaten en continuïteit na afloop van het project;

    • d.

      De mate waarin de subsidieaanvraag in verhouding staat tot de beoogde resultaten.

  • 5.

    Mochten de aanvragen het subsidieplafond overschrijden, dan wordt de subsidie eerst toegekend op volgorde van de score op bovenstaande beoordelingscriteria en bij gelijke score telt de volgorde van binnenkomst.

  • 6.

    De aanvrager wordt vóór 1 februari 2026 geïnformeerd over het besluit.

  • 7.

    De aanvrager en aanvraagpartners verplichten zich tot het delen van kennis en resultaten met de gemeente en andere partners.

  • 8.

    Binnen 8 weken na afloop van het kalenderjaar stuurt de aanvrager een financieel en inhoudelijk verslag aan de gemeente. Dit verslag dient o.a. te bevatten:

  • Foto’s van activiteiten

  • Deelnemersaantallen

  • Communicatie uitingen (flyers, persberichten, etc.)

  • Concrete resultaten

  • 9.

    Indien er na de toekenningsperiode nog budget beschikbaar is, dan wordt de regeling gedurende 2026 opnieuw opengesteld.

Artikel 8 - Hoe kunt u deze subsidie aanvragen?

  • 1.

    Een aanvraag wordt ingediend door middel van het indienen van het daartoe bestemde formulier inclusief projectplan bij de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • 2.

    In het projectplan moet onder andere zijn opgenomen:

  • De wijze waarop het project bijdraagt aan (één of meerdere) doelen zoals genoemd in artikel 1;

  • Het aantal/percentage fte combinatiefuncties (maximaal 1) dat wordt aangevraagd en de resultaten die worden beoogd door de inzet van deze functionaris;

  • De subsidie die wordt aangevraagd;

  • De wijze van cofinanciering;

  • De partners die bij het project betrokken zijn.

Artikel 9 - Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2027.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: “Subsidieregeling combinatiefuncties ’s-Hertogenbosch 2026”.

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 5.

    Het werkgeverschap van de combinatiefunctionaris als bedoeld in deze regeling wordt in principe gepositioneerd bij de aanvrager. In de aanvraag kan hier beargumenteerd van worden afgeweken.

  • 6.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente ‘s-Hertogenbosch

Robert Barclay

E-mail: gemeente@s-hertogenbosch.nl

Tel.nr. 073 – 615 5155

23. Subsidieregeling Bossche duurzaamheidsactiviteiten 2026

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidie?

Deze subsidie is bedoeld voor duurzame initiatieven, projecten en activiteiten die bijdragen aan een duurzame samenleving. De activiteiten moeten passen binnen het gemeentelijke duurzaamheidsbeleid.

Artikel 2 - Woordenlijst

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • a.

    Duurzaamheidsbeleid: Het beleid dat vastgelegd is binnen de nota Samenwerken aan een duurzaam ’s-Hertogenbosch (2019) en de aanvullende nota Verder werken aan een duurzaam ’s-Hertogenbosch (2025). Dit is te vinden op Duurzaamheid – Gemeente ‘s-Hertogenbosch

  • b.

    ASV : Algemene Subsidieverordening ’s-Hertogenbosch.

  • c.

    College: Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • d.

    Organisatie: Organisaties zonder winstoogmerk, in de vorm van een vereniging of stichting. De statuten zijn vastgelegd bij de notaris, de organisatie is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en er is een bestuur.

  • e.

    Aanvrager: Een organisatie of een natuurlijk persoon die een verzoek voor subsidie indient.

  • f.

    Subsidieplafond: Het bedrag dat tijdens een bepaald tijdvak maximaal beschikbaar is voor deze subsidieregeling. Het college stelt de subsidieplafonds jaarlijks vast. Dit gebeurt na vaststelling van de begroting door de gemeenteraad in november.

  • g.

    Op volgorde van binnenkomst-methode: voor het bepalen van het bereiken van het subsidieplafond behandelen wij de subsidieaanvragen ‘op volgorde van binnenkomst’. Dit heet ook wel ‘wie-het-eerst-komt-het-eerst-maalt’. Wij nemen alleen volledige subsidieaanvragen in behandeling. Bij een niet volledig ingevulde aanvraag geldt als datum van binnenkomst de datum van ontvangst van de volledige aanvraag. Als uw aanvraag is ontvangen nadat het subsidieplafond bereikt is, verstrekken wij geen subsidie meer.

Artikel 3 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

De subsidie kan worden aangevraagd door inwoners en organisaties in de gemeente ’s-Hertogenbosch.

Artikel 4 - Waarvoor kunt u een subsidie aanvragen?

De activiteiten waarvoor u subsidie aanvraagt moeten de Bossche inwoner en/of bezoeker stimuleren tot duurzaam gedrag. De activiteiten moeten voldoen aan de volgende voorwaarden:

  • 1.

    De activiteit of het project levert een concreet geformuleerde, effectieve bijdrage aan één of meerdere van de lokale ambities, die beschreven staan in het duurzaamheidsbeleid.:

    • a.

      Groen en klimaatbestendigheid of het vergroten van biodiversiteit

    • b.

      Circulaire economie

    • c.

      Duurzame mobiliteit

    • d.

      Energietransitie*

  • 2.

    Er wordt actief gecommuniceerd over het project of de activiteit, zodat het duurzame karakter zichtbaar is voor inwoners en/of bezoekers. Beeldmateriaal van uw activiteit kunnen desgewenst door ons gebruikt worden voor de communicatiekanalen van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • 3.

    De activiteit dient geen commercieel belang, heeft een duidelijke maatschappelijke meerwaarde en is niet gericht op duurzaamheid in uw privé situatie

  • 4.

    De activiteit heeft aantoonbaar draagvlak in buurt, wijk of stad.

  • 5.

    De activiteit vindt plaats binnen de gemeente ’s-Hertogenbosch

* Let op: voor het (stapsgewijs) aardgasvrij maken van een buurt is een aparte subsidieregeling: de Subsidieregeling Energie-initiatieven. Activiteiten die vallen binnen deze regeling zijn uitgesloten voor de regeling Bossche Duurzaamheidsactiviteiten.

Artikel 5 - Hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

  • 1.

    U kunt maximaal € 5.000,- per jaar aanvragen

  • 2.

    Het subsidieplafond voor 2026 is € 74.990,-

Artikel 6 Wanneer komt uw aanvraag niet in aanmerking voor deze subsidie?

Wij wijzen uw subsidieaanvraag af als:

  • 1.

    u voor de activiteiten waar u subsidie voor vraagt al subsidie ontvangt van/ heeft aangevraagd bij de gemeente ’s-Hertogenbosch

  • 2.

    uw aanvraag niet voldoet aan de voorwaarden in de ASV;

  • 3.

    uw project onvoldoende bijdraagt aan de doelstelling van deze subsidieregeling zoals omschreven in artikel 4;

  • 4.

    u met deze subsidie uw eigen woning, tuin of onderneming wilt verduurzamen

  • 5.

    het vastgestelde subsidieplafond voor deze regeling is bereikt;

  • 6.

    de activiteiten waarvoor u subsidie vraagt reeds zijn gestart voor het moment dat wij de volledige aanvraag hebben ontvangen;

  • 7.

    u als aanvrager niet kunt aantonen met het project geen winstoogmerk te hebben

Artikel 7 - Hoe verloopt de subsidieprocedure?

  • 1.

    U dient de aanvraag in met behulp van het digitale aanvraagformulier.

  • 2.

    Er is jaarlijks een maximaal subsidiebedrag te verdelen. Dit heet het subsidieplafond. Wij verdelen dit subsidiebedrag onder de toegekende aanvragers aan de hand van de ‘op volgorde van binnenkomst’-methode.

  • 3.

    Wij nemen alleen volledige subsidieaanvragen in behandeling. Wanneer u gevraagd wordt om uw subsidieaanvraag aan te vullen, geldt als datum van binnenkomst de datum van ontvangst van de volledige aanvraag.

  • 4.

    U ontvangt daarna binnen 6 weken een antwoord op uw aanvraag. Als u eerder start met de activiteiten is dat op eigen risico.

Artikel 8 Verantwoording en definitieve vaststelling subsidie

  • 1.

    Subsidiebedragen tot € 5.000,- worden conform de ASV direct vastgesteld.

  • 2.

    Wij kunnen steekproefsgewijs jaarlijks een aantal subsidies controleren. Wij bekijken of de activiteiten zijn uitgevoerd conform de aanvraag en aan de geldende voorwaarden is voldaan.

  • 3.

    Hiervoor moet u tot een jaar na afloop van het subsidiejaar de (financiële) bewijsstukken bewaren in uw administratie.

Artikel 9 - Hoe kunt u deze subsidie aanvragen?

Artikel 10 - Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling gaat in op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2027.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Bossche duurzaamheidsactiviteiten 2026

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 5.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Postbus 12345

5200 GZ ’s-Hertogenbosch

E-mail: gemeente@s-hertogenbosch.nl

Tel.nr.: 073-615 5155

24. Subsidieregeling Energiebesparende maatregelen gespikkeld bezit

Let op: Deze subsidie is bedoeld voor subsidiëring van grote energiebesparende maatregelen die worden uitgevoerd bij particuliere woningeigenaren gelijktijdig met grootschalige renovatie van corporatiewoningen. U hoeft hiervoor niet het volledige pakket van de aannemer van de woningbouwcorporatie over te nemen. Woningen als onderdeel van VvE's zijn uitgesloten van deze subsidie.

Artikel 1: Wat is het doel van deze subsidie?

De subsidieregeling “Energiebesparende maatregelen Gespikkeld Bezit” is bedoeld om eigenaar-bewoners van voormalig corporatiewoningen in ’s-Hertogenbosch te ondersteunen bij de verduurzaming van hun woning als onderdeel van grootschalige renovatietrajecten van corporatiebezit. Hiermee wordt het gebruik van fossiele brandstoffen voor de verwarming van bestaande woningen teruggedrongen en stimuleren we de transitie naar een klimaatneutraal ‘s-Hertogenbosch in 2045.

Artikel 2: Woordenlijst

Hieronder leggen wij een aantal woorden uit:

  • a.

    Eigenaar-bewoner: een particuliere huiseigenaar die de woning voor eigen bewoning gebruikt.

  • b.

    Gespikkeld bezit: voormalige corporatiewoningen die in eigendom zijn overgedragen aan particuliere eigenaren

  • c.

    Subsidieaanvrager: de natuurlijke persoon die subsidie aanvraagt en op wiens woning of gebouw of bedrijfsproces de gewenste energiemaatregelen betrekking hebben.

  • d.

    Vereniging van eigenaren (VvE): een rechtspersoon (bestaande uit mede-eigenaars) die als doel heeft het beheer en het onderhoud van de gemeenschappelijke gedeelten en zaken van het appartementengebouw.

  • e.

    Woning: een zelfstandige, bestaande woning, gelegen in de gemeente ’s-Hertogenbosch.

Artikel 3: Wie kan deze subsidie aanvragen?

Deze subsidie is bestemd voor:

  • Eigenaar-bewoners van voormalige corporatiewoningen van bouwjaar 1982 (DEFG label woningen) en ouder in de gemeente ’s-Hertogenbosch, die energiebesparende maatregelen willen nemen in hun bestaande woning en die uitgenodigd zijn deel te nemen aan een collectief renovatieproject.

  • Woningen als onderdeel van VvE's zijn uitgesloten van deze subsidie.

Artikel 4 Waarvoor kunt u een subsidie aanvragen?

U kunt een subsidie aanvragen voor het treffen van fysieke gebouw gebonden voorzieningen aan uw woning. Het moet gaan om maatregelen uit een van de hieronder genoemde 2 categorieën.

  • 1.

    Isoleren van woningen

    • a.

      HR++ glas

    • b.

      triple glas

    • c.

      vacuümglas

    • d.

      dakisolatie

    • e.

      isolerende voorzetwanden

    • f.

      bodemisolatie

    • g.

      vloerisolatie Spouwmuurisolatie

  • 1.

    Duurzaam verwarmen en koelen

    • a.

      hybride warmtepompsysteem

    • b.

      lucht-water warmtepompsysteem

Voor deze maatregelen geldt dat:

  • Ze beogen om daadwerkelijk energiebesparend te zijn;

  • Een aanvrager slechts éénmaal voor subsidie in aanmerking komt binnen deze regeling voor maximaal 2 maatregelen uit een van de genoemde categorieën;

  • Een aanvrager is uitgenodigd deel te nemen aan een collectief renovatieproject;

  • Er een door u goedgekeurde offerte en factuur van een aannemer/installateur is, die u moet uploaden bij uw aanvraag;

  • De te treffen maatregelen voor 31 december 2026 zijn uitgevoerd, dit moet blijken uit de factuur van de aannemer;

  • De maatregelen waarvoor u subsidie aanvraagt, staan benoemd op de website bij de Investeringssubsidie Duurzame energie en Energiebesparing (ISDE). Deze kunt u raadplegen bij het RVO.

Artikel 5: Hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

Per maatregel is een bedrag van maximaal € 750 beschikbaar. Subsidie wordt voor maximaal 2 maatregelen als genoemd in deze regeling verleend voor een bedrag van maximaal €1.500,-.

  • a.

    Indien de opgetelde kosten van de uitgevoerde maatregelen in de woning, verminderd met te ontvangen subsidie van het RVO, lager zijn dan €1500, wordt de maximale subsidie die de gemeente ’s-Hertogenbosch uitkeert, naar rato verlaagd.

  • b.

    Voor deze subsidieregeling is een subsidieplafond van € 60.000 van toepassing.

Artikel 6 Hoe verloopt de subsidieprocedure? Wanneer en hoe krijgt u de subsidie uitbetaald?

  • 1.

    Aanvraag van de subsidie:

  • a.

    Uw complete aanvraag voor deze subsidie moeten wij uiterlijk 1 december 2026 hebben ontvangen;

  • b.

    Het aanvraagformulier, dat u dient te gebruiken, vindt u hier.

  • c.

    Indien een onvolledige aanvraag is ingediend, wordt de aanvrager verzocht deze aan te vullen binnen een termijn van vier weken. Indien deze termijn is verstreken zonder dat de gevraagde aanvulling volledig is ontvangen, wordt de aanvraag niet in behandeling genomen.

  • d.

    Uw aanvraag wordt binnen 4 weken beoordeeld; u ontvangt een bericht waarin staat of u in aanmerking komt voor de subsidie.

  • e.

    Er is een maximaal subsidiebedrag te verdelen. Dit heet het subsidieplafond. We verdelen dit subsidiebedrag onder de toegekende aanvragers aan de hand van de ‘op volgorde van binnenkomst’-methode. Dit heet ook wel ‘wie–het-eerst-komt-het-eerst-maalt’. Wij nemen alleen volledige subsidieaanvragen in behandeling. Wanneer u de gelegenheid heeft gehad uw subsidieaanvraag aan te vullen, geldt als datum van binnenkomst de datum van ontvangst van de volledige aanvraag. Als uw aanvraag is ontvangen nadat het subsidieplafond op is, verstrekken wij geen subsidie meer.

  • 2.

    Vaststelling en uitbetaling subsidie:

    • a.

      Na ontvangst van het complete aanvraagformulier wordt de subsidie binnen 4 weken beoordeeld.

    • b.

      Indien de aanvraag positief wordt beoordeeld vindt de uitkering van de subsidie binnen 6 weken na ontvangst van het volledig ingevulde aanvraagformulier plaats.

Artikel 7 Weigeringsgronden

Geen subsidie wordt verleend indien niet is voldaan aan één of meerdere voorwaarden als opgenomen in deze regeling.

  • De beoogde termijn voor de uitvoering van de energiemaatregelen is verstreken;

  • Ingediende Maatregelen zijn niet conform art. 4 van deze regeling.

Artikel 8 Afwijkingsbevoegdheid

Indien sprake is van bijzondere omstandigheden kan het college van burgemeesters en wethouders afwijken van deze subsidieregeling.

Artikel 9 Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling gaat in op 1 januari 2026.

  • 2.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Energiebesparende maatregelen Gespikkeld bezit.

  • 4.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Afdeling Economie en Energie

Email: energie@s-hertogenbosch.nl

Tel.nr.: 073 - 615 5155

25. Subsidieregeling Energie-initiatieven en Platform BEI

Artikel 1 Wat is het doel van deze subsidie?

Voor de realisatie van de energietransitie is -ook in ’s-Hertogenbosch- de betrokkenheid van buurtenergie-initiatieven en andere collectieven onmisbaar. Met deze subsidieregeling willen wij samenwerkende vrijwilligers een langdurig perspectief en ondersteuning bieden, zodat zij een actieve rol in de energietransitie kunnen nemen.

Deze regeling heeft de volgende doelen:

  • Het ondersteunen van buurtinitiatieven en andere collectieven (zoals Vereniging BEI Bossche Energie Initiatieven) die zich richten op het aardgasvrij(gereed) maken van woningen in hun eigen buurt, wijk of dorp.

  • Het activeren, informeren en motiveren van mensen in buurt, wijk of dorp om maatregelen te treffen die leiden tot het aardgasvrij of aardgasvrij-gereed maken van (koop)woningen in hun buurt, wijk of dorp.

Artikel 2 Woordenlijst

Energie-initiatieven en collectieven:

Een groep betrokken inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch die het initiatief nemen tot (maatregelen voor) het aardgasvrij(gereed) maken van woningen in hun buurt, wijk of dorp. Hierbij maken we onderscheid in ‘energieke beginners’, ‘energieke doorzetters’ en de ‘Vereniging Bossche Energie Initiatieven BEI’.

Dit onderscheid zien we als volgt:

  • Energieke beginners: een groep van minimaal 4 personen die het initiatief neemt tot (voorbereidingen voor) het aardgasvrij(gereed) maken van woningen in hun buurt, wijk of dorp.

  • Energieke doorzetters: een bestendig energie-initiatief (minimaal 3 jaar actief) dat activiteiten organiseert die leiden tot het daadwerkelijk aardgasvrij (gereed) maken van woningen in hun buurt, wijk of dorp.

  • Vereniging Bossche Energie Initiatieven BEI: Vereniging, opgericht december 2024, van bestaande energie-initiatieven in de gemeente ’s-Hertogenbosch. Een van de doelen van de vereniging is bijdragen aan het aardgasvrij(gereed) maken van woningen in de gemeente ’s-Hertogenbosch.

Initiatiefnemer:

Dit is de persoon die met minstens 3 andere personen het initiatief neemt tot (voorbereidingen te nemen voor) het aardgasvrij(gereed) maken van woningen in hun buurt, wijk of dorp.

Aardgasvrij:

Een aardgasvrije woning is een woning die geen gebruik maakt van aardgas voor verwarming, warm water en koken. In plaats daarvan worden duurzame alternatieven zoals warmtepompen, warmtenetten en elektrische kookplaten gebruikt.

Aardgasvrij-gereed:

Een woning die aardgasvrij-gereed is, is een woning die voorbereid is om volledig zonder aardgas te functioneren, maar nog niet daadwerkelijk van het aardgas af is. In de praktijk betekent dit dat de woning beschikt over de nodige isolatie, ventilatie en infrastructuur om over te stappen op een warmtepomp, een aansluiting op een warmtenet en elektrisch koken.

Subsidieverordening:

De Algemene Subsidie Verordening van de gemeente ’s-Hertogenbosch 2021.

College:

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

Artikel 3 Voor wie is deze subsidie bedoeld, wie kan deze subsidie aanvragen?

Deze subsidie is bedoeld voor energie-initiatieven en collectieven zoals beschreven in Artikel 2

Artikel 4 Waarvoor kunt u deze subsidie aanvragen?

Subsidie kan worden verstrekt aan activiteiten die bijdragen aan het doel van deze regeling. Voorbeelden hiervan zijn:

  • Kosten die een energie-initiatief maakt om zichzelf te organiseren en (informatie)bijeenkomsten te organiseren. Het gaat dan om kosten van zaalhuur, drukwerk, kleine website, koffie/thee, jaarlijkse kosten voor aanhouden van bankrekening en de organisatievorm;

  • Kosten die een energie-initiatief maakt om activiteiten te ontplooien gericht op het activeren, informeren en motiveren van medebewoners. Bijvoorbeeld een warmtewandeling, afnemen energie-enquête, energiecoach opleiden en inschakelen;

  • Kosten die een energie-initiatief maakt om activiteiten te ontplooien gericht op het aardgasvrij(gereed) maken van tenminste 10 woningen in buurt, wijk of dorp. Bijvoorbeeld het opstellen van een energieadvies voor meerdere woningen door een professionele partij, een blowerdoortest of warmtescan

  • Kosten die een energie-initiatief maakt om activiteiten te ontplooien gericht op het gezamenlijk aanbesteden en laten uitvoeren van isolatiemaatregelen voor tenminste 10 woningen in buurt, wijk of dorp. Voorbeelden zijn het gezamenlijk laten aanbrengen van spouwmuurisolatie, dubbel glas, dak- en vloerisolatie (de kosten van de isolatiemaatregelen zelf komen niet voor subsidie in aanmerking; zie hierna).

  • Kosten die zijn gericht op het realiseren van kleinschalige (i.c. minder dan 15 Wp aan vermogen per woninginstallatie) zon-op-dak-installaties op tenminste 10 woningen in buurt, wijk of dorp.

  • Overige activiteiten die zijn goedgekeurd door het college en die voldoen aan de doelstellingen van deze regeling;

  • Eenmalige kosten voor oprichting van een vereniging, coöperatie of stichting, die zich richt op de doelstellingen van deze regeling.

Artikel 5 Hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

  • Het subsidieplafond voor deze regeling bedraagt jaarlijks 75.000 euro.

  • Conform de onderverdeling genoemd in artikel 2 kunnen de volgende maximale subsidiebedragen per (kalender)jaar aangevraagd worden:

Soort initiatief 

Maximaal subsidiebedrag per jaar

Energieke beginners 

€ 1.000,-

Energieke doorzetters 

€ 6.000,-

Vereniging Bossche Energie Initiatieven 

€ 6.000,- 

  • De subsidie mag maximaal jaarlijks worden aangevraagd, tot anders wordt vastgesteld.

Artikel 6 Aan welke voorwaarden moet u voldoen?

  • Initiatieven afkomstig uit, en inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch kunnen deze subsidie aanvragen;

  • Initiatiefnemers moeten woonachtig zijn in de buurt, wijk of dorp waar de activiteiten zich ontplooien; 

  • Het energie-initiatief richt zich hoofdzakelijk op het verduurzamen van koopwoningen.

  • Voor collectieve bijeenkomsten maken initiatieven gebruik van wijkcentra of Brede Bossche Scholen. Na afstemming en akkoord van de accountmanager energie-initiatieven kan hier vanaf geweken worden;

Artikel 7 wanneer komt u niet in aanmerking voor deze subsidie?

U komt niet in aanmerking voor subsidie als:

  • Uw aanvraag onvoldoende bijdraagt aan doelstellingen van deze subsidieregeling;

  • De kosten reeds zijn gemaakt op een datum voorafgaand aan de subsidieaanvraag.

  • Er voor de te maken kosten andere vergoedingen, belastingvoordelen en/of subsidies beschikbaar zijn.

  • De kosten betrekking hebben op initiatieven gericht op duurzame grootschalige opwek (i.c. zonne-energie-installaties met een vermogen van meer dan 15 Wp en kleine of grote windmolens).

  • De kosten van voor isolatie, koeling, ventilatie of verwarming van de woning, kabels en leidingen en/of het aanbrengen hiervan.

  • De kosten betrekking hebben op verduurzaming van een huurwoning.

  • Het vastgestelde subsidieplafond is bereikt;

  • De uit te voeren activiteiten een commercieel karakter hebben;

  • De aanvraag vooraf niet is afgestemd met de accountmanager energie-initiatieven;

Daarnaast is deze regeling niet bedoeld voor:

  • Leden van een Vereniging van Eigenaren (VvE's);

  • Samenwerkingen van ondernemers;

  • Niet-ingezetenen van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

Artikel 8 Hoe verloopt de subsidieprocedure?

  • Alvorens de aanvraag in te dienen, vindt een intakegesprek plaats met de accountmanager energie-initiatieven van de gemeente 's-Hertogenbosch; 

  • Het energie-initiatief dient bij de aanvraag een activiteitenplan op hoofdlijnen inclusief budgettering aan. Het betreft hier activiteiten die nog moeten plaatsvinden in het lopende jaar;

  • Bij het aanvragen van deze subsidie, gaat u akkoord met het vermelden van uw initiatief via de communicatiekanalen van de gemeente 's-Hertogenbosch; 

Artikel 9 Hoe kunt u deze subsidie aanvragen?

Na afstemming met de accountmanager energie-initiatieven vindt een intake plaats. Hierna kunt u een subsidieverzoek indienen via het aanvraagformulier dat de accountmanager toezendt.

Artikel 10 Hoe en wanneer wordt de subsidie aangevraagd?

Aanvragen dienen uiterlijk 15 november ingediend te worden;

Artikel 11 Verantwoording en definitieve vaststelling subsidie

  • Jaarlijkse verantwoording voor bedragen tot 5.000 euro met kort verslag van acties en resultaten, inclusief betalingsbewijzen en foto's van de activiteiten. Deze beelden kunnen gebruikt worden voor de communicatiekanalen van de gemeente ’sHertogenbosch.

  • Verantwoording van bedragen boven 5.000 euro via de specifieke voorschriften uit de ASV ’s-Hertogenbosch 2021.

Artikel 12 Tot slot

  • Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 juni 2025

  • Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar. 

  • Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Energie-initiatieven en platform BEI

  • De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

SO / EE - Team Energie – accountmanager energie-initiatieven

Postbus 12345

5200 GZ ’s-Hertogenbosch

E-mail: gemeente@s-hertogenbosch.nl

Tel.nr.: 073-615 5155

26. Subsidieregeling Energiebesparende Maatregelen VvE's

Let op: het is belangrijk dat u de subsidie aanvraagt vóór de uitvoering 

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidie?

De subsidieregeling is bedoeld om Verenigingen van Eigenaars (VvE) in ’s-Hertogenbosch te stimuleren om samen de thermische schil van hun appartementengebouw te isoleren. Energiebesparende isolatie en ventilatie verbeteren het wooncomfort en zorgen voor minder CO2-uitstoot. Daarmee versnellen we de transitie naar een klimaatneutrale gemeente in 2045.

Artikel 2 - Woordenlijst

Hieronder leggen wij een aantal begrippen uit:

  • 1.

    ALV: Een ALV (Algemene Ledenvergadering) van een VvE is het hoogste besluitvormingsorgaan binnen de vereniging, waarbij alle appartementseigenaren samenkomen om te stemmen over belangrijke zaken, zoals de begroting, onderhoudsplannen en de jaarrekening. De ALV moet minimaal één keer per jaar plaatsvinden en is de plek waar eigenaren invloed kunnen uitoefenen op het beheer van het gebouw.

  • 2.

    Appartementsgebouw: een gebouw waarin meerdere, zelfstandige woningen (appartementen) zijn ondergebracht.

  • 3.

    Binnenluchtkwaliteit: verwijst naar de kwaliteit van de lucht in een gebouw, en hoe dit de gezondheid en het comfort van de mensen die er verblijven beïnvloedt. Goede isolatie en ventilatie gaan hand in hand bij het creëren van een gezond en comfortabel binnenklimaat. Isolatie zorgt ervoor dat warmte binnenblijft, terwijl ventilatie zorgt voor de toevoer van verse lucht en de afvoer van vocht en verontreinigingen. Een goede binnenluchtkwaliteit is essentieel voor welzijn en productiviteit, terwijl een slechte luchtkwaliteit kan leiden tot gezondheidsproblemen. 

  • 4.

    College: Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • 5.

    Eigenaar-bewoner: een particuliere eigenaar die het appartement voor eigen bewoning (als hoofdverblijf) gebruikt volgens de Basisregistratie Personen (BRP).

  • 6.

    Energielabel: een energielabel geeft aan hoe energiezuinig een appartement is. Het betreft het energielabel op het moment van het indienen van de subsidieaanvraag op basis van de officiële landelijke database EP-Online.

  • 7.

    Natuurvriendelijk isoleren: onder daken en in spouwmuren van appartementsgebouwen leven allerlei vogels en vleermuizen, vaak zonder dat u het weet. Bij Natuurvriendelijk Isoleren krijgen de dieren de kans weg te vliegen vóórdat het isolatiebedrijf isoleert. Daarna wordt er gezorgd voor nieuwe verblijfplaatsen voor de dieren.

  • 8.

    Subsidieaanvrager: de gemachtigde die subsidie aanvraagt namens de lokale VvE op wiens appartementengebouw de gewenste isolatiemaatregelen betrekking hebben.

  • 9.

    Subsidieplafond: het maximale bedrag dat voor een subsidieregeling beschikbaar is voor een bepaalde periode;

  • 10.

    Thermische schil: de buitenste laag die het appartementsgebouw omhult en beschermt tegen de elementen. Het bestaat uit de muren, het dak, de vloeren, de ramen en deuren die grenzen aan de buitenlucht of de grond. Deze schil is cruciaal voor het behoud van een comfortabele binnentemperatuur en het beperken van energieverlies. 

  • 11.

    Vereniging van Eigenaars (VvE): een rechtspersoon (bestaande uit mede-eigenaars) die als doel heeft het beheer en het onderhoud van de gemeenschappelijke gedeelten en zaken van het appartementsgebouw, als bedoeld in artikel 112, eerste lid, onderdeel e, van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek en gelegen in de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • 12.

    Woning: een bestaand appartement, dat een zelfstandige woongelegenheid vormt en als zodanig bewoond is geweest alvorens renovatie plaatsvindt en in de basisregistratie als bedoeld in artikel 2 van de Wet basisregistratie adressen en gebouwen met een woonfunctie is geregistreerd.

Artikel 3 – Wie kan deze subsidie aanvragen?

Deze subsidie is bestemd voor eigenaar-bewoners die lid zijn van een VvE:

  • 1.

    Van een appartementsgebouw binnen gemeente ‘s-Hertogenbosch met tenminste één eigenaar-bewoner;

  • 2.

    Waarin minimaal 90 % van de appartementen een laag Energielabel heeft (gemiddeld D, E, F, of G) of er op gebouwniveau minstens twee slecht of niet geïsoleerde bouwdelen aanwezig zijn. Als in het gehele appartementsgebouw 2 bouwdelen slecht zijn geïsoleerd, dan geldt voor alle woningen in het gebouw dat zij gelden als slecht geïsoleerd. Het betreft minimaal 2 van de volgende bestaande bouwdelen: de vloer en de bodem; de gevel, waaronder de spouwmuur; het dak en de zolder/vlieringvloer; de ramen, panelen in kozijnen en deuren;

  • 3.

    Waarin minimaal 80 % van de appartementen, waarvoor subsidie wordt aangevraagd, een WOZ-waarde lager dan € 498.000,- heeft;

  • 4.

    Die energiebesparende isolatiemaatregelen wil nemen aan de thermische schil van hun appartementsgebouw;

  • 5.

    De VvE vraagt namens de eigenaar-bewoners die lid zijn van de VvE de subsidie aan en ontvangt de subsidie na een positieve beoordeling.

Artikel 4 - Waarvoor kunt u een subsidie aanvragen?

VvE kunnen een subsidie aanvragen voor het treffen van fysieke gebouw gebonden voorzieningen aan hun appartementsgebouw. Het moet gaan om een maatregel uit categorie 1 of een combinatie van categorie 1 en 2:

  • 1.

    Isoleren van appartementsgebouwen

    • a.

      Spouwmuurisolatie;

    • b.

      Gevelisolatie: dit is binnen- of buitengevelisolatie;

    • c.

      Dak- of zoldervloerisolatie: u kunt de zolder- of vlieringvloer isoleren als de zolder onverwarmd is;

    • d.

      Vloer- of bodemisolatie: de bestaande vloer of de bodem van de kruipruimte isoleren;

    • e.

      Hoogrendementsglas (HR-glas): bestaand glas vervangen door HR++, vacuüm- of triple-glas. Dit kunt u mogelijk combineren met isolerende kozijnpanelen of isolerende deuren. Neemt u triple-glas? Dan vervangt u altijd óók het kozijn door een nieuw isolerend kozijn.

De energiebesparende isolatiemaatregelen waarvoor u subsidie aanvraagt, moeten ook voldoen aan de minimale isolatievoorwaarden en oppervlakte-eisen, zoals benoemd op de RVO-website bij de landelijke Subsidie verduurzamen voor verenigingen van eigenaars (SVVE).

  • 2.

    Energiebesparend ventileren van appartementsgebouwen

    • a.

      CO2-gestuurde mechanische ventilatie;

    • b.

      Balansventilatie met warmteterugwinning.

Artikel 5 - Hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

Per aanvraag is een bedrag beschikbaar van € 1.500, - per appartement van een eigenaar-bewoner. Het totale subsidiebedrag voor de aanvragende VVE wordt berekend door het aantal eigenaar-bewoners binnen de VVE te vermenigvuldigen met het toe te kennen subsidiebedrag per woning.

  • a.

    Als de opgetelde kosten van de uitgevoerde maatregelen per appartement, verminderd met te ontvangen SVVE-subsidie van het RVO, lager zijn dan €1.500,- wordt de maximale subsidie die de gemeente ’s-Hertogenbosch uitkeert, naar rato verlaagd.

  • b.

    Voor deze subsidieregeling is een subsidieplafond van € 347.000, - van toepassing.

Artikel 6 – Aan welke voorwaarden moet u voldoen?

U dient de volgende gegevens digitaal aan te leveren:

  • Recent bankafschrift met bankrekeningnummer op naam van de VvE inclusief adres;

  • Nummer KvK-inschrijving;

  • Notariële splitsingsakte VvE;

  • Een door de ALV goedgekeurde beschrijving van de maatregelen waarvoor subsidie wordt aangevraagd, de doelstellingen en resultaten die daarmee worden nagestreefd;

  • Een overzichtstabel waarin de volgende zaken met betrekking per woning staat:

    • Straatnaam;

    • Huisnummer;

    • Huisnummertoevoeging;

    • Postcode;

    • Juridisch eigenaar-bewoner van de woning of het appartementsrecht;

    • Het huidige energielabel op ep-online.nl

    • De WOZ-waarde met peildatum 1 januari 2024 zoals vermeld op WOZ-waardeloket.nl.

  • Een door de ALV goedgekeurde begroting en dekkingsplan met een overzicht van inbreng eigen investeringsmiddelen en andere (bevestigde) subsidies en leningen;

  • Een door de ALV goedgekeurde offerte van een ter zake kundig isolatiebedrijf of aannemer die de isolatiemaatregelen (en eventuele ventilatie) waarvoor subsidie wordt aangevraagd uitvoert volgens de methode van Natuurvriendelijk Isoleren. Op de offerte staan ook de RVO-meldcodes van het isolatiemateriaal en/of hoogrendementsglas vermeld).

Artikel 7 – Weigeringsgronden, wanneer komt u niet in aanmerking voor deze subsidie?

Subsidie wordt niet verleend indien niet is voldaan aan één of meerdere voorwaarden als opgenomen in deze regeling. Ter aanvulling daarop gelden onderstaande voorwaarden:

  • 1.

    Er is reeds begonnen aan de werkzaamheden waar subsidie wordt aangevraagd;

  • 2.

    De beoogde termijn voor de uitvoering van de energiemaatregelen is verstreken. De gesubsidieerde maatregelen aan het appartementsgebouw dienen binnen één jaar na de datum van de formele subsidietoekenning uitgevoerd te zijn (dit moet blijken uit de offerte van de aannemer), tenzij goede redenen worden gegeven waarom deze later beginnen;

  • 3.

    Ingediende maatregelen zijn niet volgens artikel 4 van deze regeling;

  • 4.

    Appartementen die geen onderdeel uitmaken van een lokale VvE zijn uitgesloten van deze subsidie, evenals verhuurders en samenwerkingen van ondernemers;

  • 5.

    Appartementsgebouwen waarin meer dan 10% van de appartementen een hoog Energielabel heeft (gemiddeld C, B, A, A+, A++, A+++, A++++) en/of waarin meer dan 20% van de appartementen een WOZ-waarde hoger dan €498.000 heeft zijn eveneens uitgesloten van deze subsidie.

Artikel 8 - Hoe verloopt de subsidieprocedure? Wanneer en hoe krijgt u de subsidie uitbetaald?

  • 1.

    Aanvraag van de subsidie:

    • a.

      Uw complete aanvraag voor deze subsidie moeten wij uiterlijk 1 oktober 2028 hebben ontvangen;

    • b.

      Het aanvraagformulier, dat u dient te gebruiken, vindt u op onze subsidiepagina;

    • c.

      Als een onvolledige aanvraag is ingediend, wordt de aanvrager verzocht deze aan te vullen binnen een termijn van 4 weken. Als deze termijn is verstreken zonder dat de gevraagde aanvulling volledig is ontvangen, wordt de aanvraag niet in behandeling genomen.

    • d.

      Er is een maximaal subsidiebedrag te verdelen. Dit heet het subsidieplafond. We verdelen dit subsidiebedrag onder de toegekende aanvragers aan de hand van de ‘op volgorde van binnenkomst’-methode. Dit heet ook wel ‘wie–het-eerst-komt-het-eerst-maalt’. Wij nemen alleen volledige subsidieaanvragen in behandeling. Indien uw subsidie aanvraag onvolledig is, geldt als datum van binnenkomst de datum van ontvangst van de volledige aanvraag. Als uw aanvraag is ontvangen nadat het subsidieplafond op is, verstrekken wij geen subsidie meer.

  • 2.

    Beoordeling, uitbetaling en vaststelling subsidie:

    • a.

      Na ontvangst van de complete aanvraag wordt de subsidie binnen 13 weken beoordeeld. Deze termijn kan met maximaal 4 weken worden verlengd;

    • b.

      Als de aanvraag positief wordt beoordeeld, ontvangt de VvE een voorlopige subsidiebeschikking;

    • c.

      Binnen 4 weken nadat de werkzaamheden zijn afgerond en opgeleverd, dient u (onder vermelding van het beschikkingsnummer) de betreffende facturen en bijbehorende betaalbewijzen in;

    • d.

      Daarna ontvangt u binnen 13 weken een definitieve beschikking en wordt het subsidiebedrag uitgekeerd.

3. Wat als de activiteiten niet doorgaan?

  • a.

    Onder vermelding van het beschikkingsnummer, informeert u het college zo spoedig mogelijk schriftelijk over ontwikkelingen die ertoe kunnen leiden dat de activiteiten waarvoor subsidie is verleend geheel of gedeeltelijk niet zullen worden verricht;

  • b.

    Ook als aan de subsidieverlening verbonden voorwaarden of verplichtingen geheel of gedeeltelijk niet kunnen worden nagekomen, of dat activiteiten pas starten na 31 december 2028, informeert u het college.

Artikel 9 - Afwijkingsbevoegdheid

Het college kan, in bijzondere gevallen, afwijken van deze subsidieregeling.

Artikel 10 - Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026;

  • 2.

    Deze subsidieregeling treedt uit werking op 1 januari 2029.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Energiebesparende Maatregelen VvE's.

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar;

  • 5.

    De Algemene subsidieverordening ‘s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Afdeling Economie en Energie -Team Energie

Postbus 12345

5200 GZ ‘s-Hertogenbosch

Tel.nr.: 073 – 615 5155

Email: energie@s-hertogenbosch.nl

27. Regio Deal Noordoost-Brabant II 2025-2029

Artikel

Deze regeling wordt binnenkort gepubliceerd.

28. Subsidieregeling Stimulering Klimaatrobuuste Spoorzone

Artikel 1 Wat is het doel van deze subsidie?

Het doel van de subsidie is het stimuleren van de toepassing van bovenwettelijke Klimaatrobuuste maatregelen bij de realisatie van gebiedsontwikkelingen in de Spoorzone.

Artikel 2 Woordenlijst

  • 1.

    ASV: Algemene subsidieverordening 's-Hertogenbosch

  • 2.

    Beoordelingscommissie: de adviescommissie die het college adviseert over aanvragen ingediend op grond van deze subsidieregeling.

  • 3.

    Bovenwettelijke maatregelen: maatregelen die niet vereist zijn op grond van algemeen geldende lokale of landelijke wet- of regelgeving dan wel algemeen geldend landelijk of lokaal beleid.

  • 4.

    College: het College van burgemeester en wethouders van de gemeente 's-Hertogenbosch.

  • 5.

    Exclusief B.T.W.: Over B.T.W. bedragen wordt geen subsidie verleend.

  • 6.

    Klimaatrobuust of Klimaatrobuuste maatregelen: maatregelen die krachtig inspelen op klimaatverandering, op een wijze die verder gaat dan klimaatbestendig (waarbij onder klimaatbestendig wordt verstaan: goed beschermd tegen effecten klimaatverandering).

  • 7.

    Meerkosten: Meerkosten zijn de hogere dan reguliere bouwkosten, veroorzaakt door de realisering van bovenwettelijke Klimaatrobuuste maatregelen.

  • 8.

    Proces Verbaal van Oplevering: het door de subsidiënt te overleggen document waarin wordt aangetoond dat de uitvoering van de maatregelen heeft plaatsgevonden overeenkomstig de subsidieaanvraag en subsidiebeschikking.

  • 9.

    Project/Projectinitiatief: Projecten binnen de Spoorzone die worden ontwikkeld binnen de door de raad vastgestelde kaders voor de Spoorzone en waarvoor subsidie wordt aangevraagd.

  • 10.

    Spoorzone: In het kader van deze subsidieregeling bestaat de Spoorzone uit de deelprojecten Bossche Stadsdelta en IKDB (zie bijlage 1).

  • 11.

    Subsidieplafond: Het bedrag dat gedurende de geldigheid van deze regeling maximaal beschikbaar is.

  • 12.

    Substantiële investering/maatregelen: De investering in de maatregelen moet substantieel zijn in relatie tot de totale kosten van het Project.

    De volgende kengetallen geven een indicatie van wat wordt verstaan onder substantieel:

    - Projecten tot 2.500 m2 bvo (bruto vloeroppervlak): Meerkosten hoger dan € 200.000,- Exclusief B.T.W.

    - Projecten tussen 2.500 en 5.000 m2 bvo: Meerkosten hoger dan € 300.000,- Exclusief B.T.W.

    - Projecten groter dan 5.000 m2 bvo: Meerkosten hoger dan € 400.000,- Exclusief B.T.W.

  • 13.

    Voorbeelden ter inspiratie: De als bijlage 2 aan deze Subsidieregeling gehechte voorbeelden die bedoeld zijn als een niet uitputtend bedoelde bron van inspiratie.

  • 14.

    Zichtbare maatregelen: Maatregelen die niet alleen klimaatbestendig zijn, maar ook zichtbaar zijn en daardoor bijdragen aan een groene uitstraling en beleving van gebouwen en daarmee de leefbaarheid vergroten en versterken.

Artikel 3 Wie kan de subsidie aanvragen?

De subsidie kan worden aangevraagd door iedere ontwikkelaar van een Projectinitiatief binnen de Spoorzone. De aanvraag mag ook in gezamenlijkheid met andere ontwikkelaars binnen het betreffende deelgebied worden aangevraagd.

Artikel 4 Waarvoor kunt u subsidie aanvragen?

De subsidie kan worden aangevraagd voor Bovenwettelijke maatregelen die op een zichtbare wijze bijdragen aan de Klimaatrobuustheid van de te realiseren gebiedsontwikkeling. Te denken valt aan bovenwettelijke maatregelen die op een zichtbare wijze bijdragen aan vermindering van hittestress, verbetering van waterbergende capaciteit, verbetering van leefbaarheid, verbetering van biodiversiteit en die leiden tot vergroening. De investering in de maatregelen dient naar het oordeel van de Beoordelingscommissie substantieel te zijn in relatie tot de totale kosten van het Project.

Artikel 5 Hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

  • 1.

    Er kan een subsidie worden aangevraagd voor maximaal 50 % van de aantoonbare Meerkosten.

  • 2.

    Het gaat daarbij om Meerkosten die worden gemaakt omdat er Substantiële Bovenwettelijke Maatregelen worden getroffen.

  • 3.

    Onverminderd het bepaalde in lid 1 en 2 van dit artikel kan een subsidiebedrag nooit hoger zijn dan € 900.000,- Exclusief B.T.W.

  • 4.

    Er kan uitsluitend subsidie worden aangevraagd voor Projecten waarvan de oplevering geschiedt uiterlijk op 31 december 2034.

Artikel 6 Hoe vraagt u de subsidie aan?

  • 1.

    De subsidie wordt aangevraagd bij het College door gebruik te maken van het digitale aanvraagformulier. Er wordt een beschrijving bijgevoegd van de te nemen maatregelen en het hiermee te sorteren effect op de Klimaatrobuustheid.

  • 2.

    De aanvraag kan worden ingediend vanaf het moment waarop een voorovereenkomst, reserveringsovereenkomst of een vergelijkbare overeenkomst met de gemeente is gesloten over de gebiedsontwikkeling. Bij honorering leidt dit tot een voorlopige toekenning. Definitieve toekenning geschiedt nadat een op realisering gerichte overeenkomst met de gemeente is gesloten (anterieure overeenkomst c.q. koopovereenkomst). Uitbetaling geschiedt nadat de maatregelen aantoonbaar zijn gerealiseerd. Er wordt een voorschot ter hoogte van 50 % van de toegekende subsidie betaald zodra een start met de bouw wordt gemaakt.

  • 3.

    Bij de aanvraag worden de volgende gegevens verstrekt:

    a. Beschrijving meerwaarde van de voorgestelde Bovenwettelijke Maatregelen;

    b. Financiële onderbouwing van de (onrendabele) Meerkosten (aanleg en beheer);

    c. Planning van realisering (start en oplevering).

  • 4.

    De financiële onderbouwing dient deugdelijk en objectief onderbouwd te zijn en dient inzicht te verschaffen in de opbouw van de Meerkosten in vergelijking tot reguliere kosten. Ook moet zichtbaar gemaakt worden welk deel van de Meerkosten als onrendabel wordt beschouwd en welke bijdrage de aanvrager zelf levert in de dekking van deze Meerkosten.

Artikel 7 Beoordeling aanvragen

  • 1.

    Alleen volledige subsidieaanvragen worden in behandeling genomen. Indien gegevens ontbreken wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld de ontbrekende gegevens aan te leveren binnen een alsdan te bepalen termijn.

  • 2.

    De beoordeling vindt plaats op volgorde van aanvraag van initiatieven die tot zichtbare en aantoonbare resultaten leiden.

  • 3.

    De beoordeling geschiedt door een Beoordelingscommissie, waarin ook externe experts zijn vertegenwoordigd.

  • 4.

    Alle aanvragen voor subsidie worden beoordeeld op:

    a. impact/meerwaarde/effect van maatregel;

    b. het innovatieve karakter van de maatregel;

    c. het toekomstbestendige karakter van de maatregel en de wijze waarop dit geborgd wordt;

    d. de zichtbaarheid van de maatregel;

    e. de planning van realisering (start bouw en oplevering);

    f. de financiële onderbouwing.

  • 5.

    U ontvangt een besluit binnen 13 weken na bevestiging van de ontvangst van de aanvraag. De gemeente heeft de bevoegdheid deze termijn te verlengen. Aanvrager wordt hierover geïnformeerd.

  • 6.

    Indien de gemeente voornemens is de subsidie te weigeren ontvangt de aanvrager daarvan een onderbouwde vooraankondiging met de mededeling, dat aanvrager gedurende een alsdan te stellen redelijke termijn de gelegenheid heeft de aanvraag nader uit te werken. In beginsel wordt daarbij uitgegaan van een termijn van 2 maanden, tenzij in de vooraankondiging gemotiveerd van deze termijn wordt afgeweken.

Artikel 8 Weigeringsgronden

Subsidieverlening kan naast de in de artikelen 4:25 en 4:35 Awb genoemde voorwaarden en op basis van de ASV ook (deels) geweigerd worden als:

  • 1.

    De Beoordelingscommissie adviseert om geen subsidie toe te kennen. Dat is het geval als de maatregelen en het effect niet substantieel zijn in verhouding tot de aard van het Project. De Beoordelingscommissie weegt daarbij de verhouding tussen de Meerkosten versus de totale investering en/of de ruimtelijke impact versus het te realiseren aantal B.V.O.'s:

  • 2.

    Het door het College vastgestelde subsidieplafond bereikt is;

  • 3.

    Er onvoldoende is voldaan aan de voorwaarden als vastgelegd in deze regeling;

  • 4.

    Er een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de subsidie niet of in onvoldoende mate besteed zal worden voor het doel van deze regeling;

  • 5.

    Er een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de bouw van het Project niet doorgaat;

  • 6.

    Niet voldaan wordt aan de indieningsvereisten;

  • 7.

    Oplevering niet tijdig wordt voorzien;

  • 8.

    De financiële onderbouwing niet deugdelijk is.

Artikel 9 Rekening en verantwoording

  • 1.

    Indien en voor zover subsidie is toegekend wordt 50 % van het subsidiebedrag bij de start van de bouw als voorschot verstrekt. Bij start bouw overlegt de aanvrager een planning met beoogde opleverdatum.

  • 2.

    De gemeente gaat over tot betaling van de resterende 50 % zodra is aangetoond dat de maatregelen zijn uitgevoerd overeenkomstig de aanvraag.

  • 3.

    Teneinde te kunnen beoordelen of voldaan is aan de aanvraag overlegt de aanvrager een Proces Verbaal van Oplevering met bewijsstukken waaruit blijkt, dat voldaan is aan de voorwaarden als vastgelegd in de subsidietoekenning. Dit Proces Verbaal van Oplevering wordt als separaat document ingediend, gelijktijdig met de formele gereed melding van de bouw.

  • 4.

    Binnen 8 weken na ontvangst van het Proces Verbaal van Oplevering beoordeelt de gemeent de onderbouwing. Zo nodig wordt aanvrager in staat gesteld om aanvullende documenten aan te leveren.

  • 5.

    Indien de wijze van uitvoering niet voldoet aan de aanvraag c.q. de subsidievoorwaarden moet de eerste termijn worden terugbetaald en wordt de tweede termijn niet uitbetaald. De eerste temrijn moet eveneens worden terugbetaald indien het Proces Verbaal van Oplevering niet of niet tijdig wordt aangeleverd.

Artikel 10 Subsidieplafond en overheveling

  • 1.

    Deze experimentele subsidieregeling beschikt over een Subsidieplafond van in totaal € 3.600.000,-. Deze is bestemd voor 4 tot 6 Projectinitiatieven.

  • 2.

    Jaarlijks wordt het resterende budget overgeheveld naar het volgende subsidiejaar.

Artikel 11 Tot slot

  • 1.

    Deze subsidieregelng treedt in werking op 24 oktober 2025.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2033 of zoveel eerder als het budget op is of B&W besluit tot intrekking.

  • 3.

    Het College kan tussentijds besluiten tot aanpassing of opheffing van de regeling.

  • 4.

    Deze subsidieregeling heet Subsidieregeling Stimulering Klimaatrobuuste Spoorzone.

  • 5.

    De Algemene Subsidieverordening 's-Hertogenbosch is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente 's-Hertogenbosch

Marjolein Pullens

Marth Zwikker

E-mail: gemeente@s-hertogenbosch.nl

Tel.nr.: 073 - 615 5155

Bijlagen:

Bijlage 1: Kaart begrenzing gebied Spoorzone waarvoor subsidieregeling van toepassing is

Bijlage 2: Voorbeelden ter inspiratie voor subsidieregeling Stimulering Klimaatrobuuste Spoorzone

29. Subsidieregeling Groene daken en afkoppelen 2026

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidie?

Regenwater is schoon. Het komt nu vaak via de regenpijpen in het riool terecht. Dat schone water mengt zich met het vuile afvalwater en wordt vervolgens weer gezuiverd bij de rioolwaterzuivering. Ook zorgt het extra water voor meer wateroverlast bij hevige regenbuien. Het doel van deze subsidie is om schoon hemelwater langer vast te houden en lokaal te verwerken. Door op deze manier het regenwater af te koppelen, loopt het riool minder snel over. Dit verbetert de kwaliteit van het oppervlaktewater en er gaat minder water (onnodig) door het vuilwaterriool naar de rioolwaterzuivering. Afkoppelen vormt een onmisbaar onderdeel van de ambitie om te komen tot een klimaatbestendig, robuust en mooi watersysteem in ’s-Hertogenbosch.

Artikel 2 - Wat wordt verstaan onder groene daken en afkoppelen?

Groene daken bieden een grote bijdrage aan het vasthouden van schoon regenwater. Daarnaast dragen groene daken bij aan de biodiversiteit. Een groen dak is een dak bedekt met planten. Een groen dak kent diverse voordelen waaronder het vasthouden van water en het vergroten van de biodiversiteit.

Groene daken hebben een positieve invloed op de volgende factoren:

  • Een groen dak verkleint de kans op wateroverlast.

  • Een groen dak draagt bij aan de biodiversiteit.

  • Een groen dak zorgt dat het gebouw en de omgeving minder snel opwarmen.

  • Een groen dak zuivert water en lucht.

Door de regenpijp van je huis of gebouw van het riool af te koppelen, kun je veel bruikbaar water voor je tuin opvangen en hergebruiken. Hemelwaterbergingsvoorzieningen worden bij voorkeur lokaal, bovengronds en (in het) groen aangelegd. Dat betekent bijvoorbeeld dat wadi’s de voorkeur hebben boven infiltratiekratten.

Het afkoppelen van verhard dakoppervlak heeft een positieve invloed op de volgende factoren:

  • Hemelwater gaat niet onnodig naar de rioolwaterzuivering.

  • Hemelwater kan worden hergebruikt voor bijvoorbeeld planten of het schoonmaken van zonnepanelen.

  • Wateroverlast wordt tegengegaan door hemelwater in de bodem te laten zakken.

Artikel 3 - Woordenlijst

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • 1.

    Groen dak: een begroeid dak dat minstens bestaat uit een waterdichte laag, een wortelwerende laag, een drainagelaag, een substraat en een vegetatielaag. Ook een groen dak systeem met cassettes voldoet hieraan.

  • 2.

    Afkoppelen: het opvangen en lokaal verwerken van regenwater dat op verhard dakoppervlak valt, in plaats van afvoeren naar het riool.

  • 3.

    Particulier: particuliere eigenaar en tevens eigenaar van een gebouw, woonboot of woonark.

  • 4.

    Vereniging van Eigenaars: een bij de Kamer van koophandel geregistreerde vereniging van eigenaars van appartementen binnen de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • 5.

    Bedrijf: een bij de Kamer van Koophandel geregistreerd bedrijf binnen de gemeente

    's-Hertogenbosch.

  • 6.

    Organisatie: een bij de Kamer van Koophandel geregistreerde organisatie binnen de gemeente 's-Hertogenbosch.

  • 7.

    Woningcorporatie: een bij de Kamer van Koophandel geregistreerde woningcorporatie binnen de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • 8.

    Op volgorde van binnenkomst-methode: voor het bepalen van het bereiken van het subsidieplafond behandelen wij de subsidieaanvragen ‘op volgorde van binnenkomst’. Dit heet ook wel ‘wie-het-eerst-komt-het-eerst-maalt’. Wij nemen alleen volledige subsidieaanvragen in behandeling. Bij een niet-compleet ingevulde aanvraag geldt als datum van binnenkomst de datum van ontvangst van de volledige aanvraag. Als uw aanvraag is ontvangen nadat het subsidieplafond op is, verstrekken wij geen subsidie meer.

  • 9.

    Subsidiabele kosten: de directe kosten voor materialen en aanleg van het groen dak en afkoppelen van de regenpijp (bijvoorbeeld folie, drainagematerialen, substraat, beplanting, bochtstuk, uitstroomsteen, arbeidskracht). Alle overige kosten zijn niet subsidiabel (bijvoorbeeld grind, werkzaamheden aan het dak of de dakrand, mest).

Artikel 4 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

De subsidieregeling groene daken en afkoppelen is toegankelijk voor particulieren, Verenigingen van Eigenaars (VVE's), bedrijven, organisaties en woningcorporaties. De regeling is alleen van toepassing op bestaande daken binnen de gemeente ’s-Hertogenbosch.

Artikel 5 - Wie kan een subsidie aanvragen?

De volgende partijen kunnen in aanmerking komen voor de subsidie:

  • a.

    Particulier.

  • b.

    Particulieren die gezamenlijk een aanvraag indienen voor minimaal 2 adressen, met één contactpersoon.

  • c.

    Vereniging van Eigenaars, met één contactpersoon.

  • d.

    Bedrijven, met één contactpersoon.

  • e.

    Organisatie, met één contactpersoon.

  • f.

    Woningcorporatie, met één contactpersoon.

Artikel 6 - Waarvoor kunt u een subsidie aanvragen?

  • 1.

    U kunt een subsidie aanvragen voor de aanleg van een groen dak op een bestaand dak.

  • Het dak moet liggen op een gebouw, woonboot, woonark of pand binnen de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • De subsidiabele activiteit omvat de aanleg van het groene dak in de vorm van minimaal een sedumdak, dan wel een kruidendak, grasdak of groene daktuin.

  • De waterbergende capaciteit van het groen dak bedraagt 30 liter per m² of meer.

  • 2.

    U kunt een subsidie aanvragen voor het afkoppelen van dakoppervlak dat momenteel is aangesloten op de riolering.

  • Het dak is aangesloten op de gemengde riolering of een verbeterd gescheiden stelsel.

  • Het dak moet liggen op een gebouw of pand binnen de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • De subsidiabele activiteit omvat het volledig afkoppelen van hemelwater van de riolering. Een overstort naar de riolering is dus ook niet toegestaan.

Artikel 7 - Hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

Het subsidiebedrag voor de aanleg van een groen dak wordt als volgt bepaald:

  • a.

    Het subsidiebedrag bedraagt maximaal € 25,- per m² groen dak.

  • b.

    Het oppervlak waarover de subsidie geldt, is minimaal 10 m² groen dak per aanvraag.

  • c.

    Per aanvraag van particulieren (volgens artikel 5 a en b) wordt maximaal € 3.000,- over 120 m² groen dak toegekend. U mag natuurlijk wel een groter dak aanleggen.

  • d.

    Per aanvraag van een Vereniging van Eigenaars wordt maximaal € 10.000,- over 400 m² groen dak toegekend. U mag natuurlijk wel een groter dak aanleggen.

  • e.

    Per aanvraag van een bedrijf wordt maximaal € 10.000,- over 400 m² groen dak toegekend. U mag natuurlijk wel een groter dak aanleggen.

  • f.

    Per aanvraag van een organisatie wordt maximaal € 10.000,- over 400 m² groen dak toegekend. U mag natuurlijk wel een groter dak aanleggen.

  • g.

    Per aanvraag van een woningcorporatie wordt maximaal € 10.000,- over 400 m² groen dak toegekend. U mag natuurlijk wel een groter dak aanleggen. Woningcorporaties kunnen gezamenlijk aanspraak doen op maximaal 30 % van het subsidiebudget.

  • h.

    De subsidie wordt uitgekeerd zo lang het subsidieplafond voor het betreffende jaar nog niet is bereikt.

  • i.

    De subsidiebijdrage is nooit meer dan de gemaakte kosten.

Het subsidiebedrag voor het afkoppelen van dakoppervlak wordt als volgt bepaald:

  • Het subsidiebedrag bedraagt maximaal € 3 per m² afgekoppeld dakoppervlak in combinatie met een hemelwaterberging.

  • Het subsidiebedrag bedraagt maximaal € 7,50 per m² afgekoppeld dakoppervlak in combinatie met het realiseren van een wadi.

  • Het subsidiebedrag bedraagt maximaal € 10 per m² afgekoppeld dakoppervlak in combinatie met het realiseren van een ondergrondse infiltratievoorziening.

  • Per aanvraag wordt maximaal € 5.000,- toegekend.

  • De subsidiebijdrage is nooit meer dan de gemaakte kosten.

Artikel 8 - Wanneer en hoe krijgt u de subsidie uitbetaald?

  • 1.

    Uw aanvraag voor deze subsidie moeten wij voor het begin van de realisatie hebben ontvangen.

  • Voor de aanleg van een groen dak zijn de benodigde gegevens:

    • a.

      Adres van het pand.

    • b.

      Betreffende oppervlak groen dak in m².

    • c.

      Waterbergend vermogen van het groen dak (opgave van de leverancier) in liters per vierkante meter (l/m²).

    • d.

      Voor een particulier: NAW-gegevens, danwel voor een Vereniging van Eigenaars, bedrijf, organisatie of woningcorporatie: KvK nummer en naam en adres van de contactpersoon.

  • Voor het afkoppelen van dakoppervlak zijn de benodigde gegevens:

    • e.

      Adres van het pand.

    • f.

      Betreffende oppervlak afgekoppelde dakverharding in m².

    • g.

      Een toelichting op de gekozen voorziening waarmee hemelwater op eigen terrein wordt verwerkt.

    • h.

      Voor een particulier: NAW-gegevens, danwel voor een Vereniging van Eigenaars, bedrijf, organisatie of woningcorporatie: KvK nummer en naam en adres van de contactpersoon.

  • 2.

    U ontvangt uiterlijk binnen 13 weken een antwoord op uw aanvraag. U mag, op eigen risico, starten met de aanleg van het groen dak of afkoppelen van dakoppervlak voordat u van de gemeente een antwoord heeft, maar wel nadat u subsidie aangevraagd heeft.

  • 3.

    Er is jaarlijks een maximaal subsidiebedrag te verdelen. Dit heet het subsidieplafond. Wij verdelen dit subsidiebedrag onder de toegekende aanvragers aan de hand van de ‘op volgorde van binnenkomst’- methode. Dit heet ook wel ‘wie-het-eerst-komt-het-eerst-maalt’. Wij nemen alleen volledige subsidieaanvragen in behandeling. Bij een niet-compleet ingevulde aanvraag geldt als datum van binnenkomst de datum van ontvangst van de volledige aanvraag. Als uw aanvraag is ontvangen nadat het subsidieplafond op is, verstrekken wij geen subsidie meer.

  • 4.

    Na het bereiken van het subsidieplafond, kan de gemeente, in overleg met de aanvrager, enkele aanvragen op een “wachtlijst” plaatsen. Dit doen wij door de beslistermijn voor deze aanvragen te verlengen.

  • 5.

    Uitkering van de subsidie vindt plaats na realisatie en bewijs daarvan door middel van:

    • a.

      een foto en

    • b.

      een factuur (van aannemer of aankoop materialen) met daarop vermeld:

  • Voor de aanleg van een groen dak:

    • Het aantal vierkante meters groen dak.

    • Het waterbergend vermogen in l/m².

  • Voor het afkoppelen van dakoppervlak:

    • Het aantal vierkante meters afgekoppeld dakoppervlak.

    • Een toelichting op de gekozen voorziening waarmee hemelwater op eigen terrein wordt verwerkt.

    • c.

      het getekende formulier: verzoek tot uitbetaling/vaststelling van de subsidie.

  • 6.

    De hoogte van het uit te keren subsidiebedrag wordt bepaald aan de hand van:

  • Voor de aanleg van een groen dak:

    • a.

      het oppervlak zoals vermeld op de factuur van de leverancier.

    • b.

      als het oppervlak groter is dan het oppervlak groen dak in de aanvraag, wordt alleen subsidie uitgekeerd over het aangevraagde oppervlak.

Voor het afkoppelen van dakoppervlak:

  • a.

    het oppervlak zoals aangetoond door aanvrager.

  • b.

    als het oppervlak groter is dan het oppervlak in de aanvraag, wordt alleen subsidie uitgekeerd over het aangevraagde oppervlak.

De uitkering vindt alleen plaats als het de realisatie binnen 6 maanden na indiening van de aanvraag is gerealiseerd. Als het betalingsverzoek voor de subsidie niet binnen 6 maanden na de aanvraag ontvangen is, heeft de gemeente het recht om de subsidieaanvraag in te trekken.

  • 7.

    Het groene dak of de afkoppelvoorziening moet minstens 5 jaar in goede staat blijven; de verstrekte subsidie kan gedeeltelijk of geheel worden teruggevorderd als dit niet gebeurt.

Artikel 9 - Hoe kunt u deze subsidie aanvragen?

  • 1.

    U kunt uw verzoek via het online aanvraagformulier op de gemeentelijke website indienen.

  • 2.

    U bent zelf verantwoordelijk voor de bouwkundige staat van het gebouw en voldoende draagkracht van de constructie. U bent ook zelf verantwoordelijk voor het doelmatig verwerken van hemelwater op eigen terrein.

  • 3.

    Soms is een vergunning of melding nodig, bijvoorbeeld voor een monument. U bent zelf verantwoordelijk voor het verkrijgen van de vergunning of het doen van de melding via het Omgevingsloket.

  • 4.

    Bij vragen kunt u contact opnemen met de contactpersoon onderaan deze subsidieregeling.

Artikel 10 - Wanneer komt uw aanvraag niet in aanmerking voor deze subsidie?

Wij wijzen uw subsidieaanvraag af als:

  • 1.

    Uw aanvraag niet voldoet aan de voorwaarden van deze regeling zoals beschreven in artikel 6 of aan de ASV.

  • 2.

    Uw project onvoldoende bijdraagt aan de doelstelling van deze subsidieregeling zoals omschreven in artikel 1.

  • 3.

    Het vastgestelde subsidieplafond voor deze regeling is bereikt.

  • 4.

    De activiteiten waarvoor u subsidie vraagt reeds zijn gestart voor het moment van beschikking.

  • 5.

    Uw aanvraag incompleet is op het moment van of na de deadline voor het indienen van de aanvraag.

Artikel 11 - Overige voorwaarden

U verstrekt inlichtingen die noodzakelijk zijn voor het beoordelen of de regeling juist is toegepast en of de voorschriften bij de subsidieregeling zijn nageleefd.

Artikel 12 - Afwijkingsbevoegdheid

In de beschikking tot subsidieverlening kan het college andere verplichtingen of nadere uitvoeringsvoorschriften geven die strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie.

Artikel 13 - Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2027.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling groene daken en afkoppelen 2026.

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen (veranderd of onveranderd) en de subsidieplafonds jaarlijks vast. Dat gebeurt meestal in november. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 5.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is van toepassing op deze regeling.

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Maurits van Brenk

Afdeling Leefomgeving

E-mail: leefomgeving@s-hertogenbosch.nl

Tel.nr.: 073 – 615 5155

30. Subsidieregeling beheer dierenparken en kinderboerderijen 2026

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidie?

Het doel van deze subsidie is bewoners die zich verenigen om dierenparken en/of kinderboerderijen in ’s-Hertogenbosch te beheren, te steunen in de kosten voor instandhouding.

Artikel 2 - Woordenlijst

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • 1.

    Dierenparken: een voor publiek afgesloten park met dieren zonder dagelijks toezicht

  • 2.

    Kinderboerderijen: een tijdens openingstijden publiekstoegankelijk park met dieren waar, onder toezicht, direct contact mogelijk is met de aanwezige dieren vanuit een educatief doel. De vorm, grootte en educatieve opzet van de voorziening kunnen verschillen.

  • 3.

    Beheer: gebruik en onderhoud van de aanwezige opstallen en inventaris voor verzorging en instandhouding van de aanwezige dieren en behoud van de in gebruik gegeven voorzieningen.

Artikel 3 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

Subsidie kan aangevraagd worden door stichtingen en/of verenigingen.

Artikel 4 - Waarvoor kan subsidie worden aangevraagd?

Subsidie kan worden aangevraagd voor het bieden van een laagdrempelige voorziening met dieren, die door inzet van de bewoners zelf, via hun vrijwillige deelname, een bijdrage levert aan de recreatie en educatie van bewoners van de buurten en wijken.

Artikel 5 - Waarborgen continuïteit en doelstelling

Bij de kinderboerderijen en dierenparken is sprake van langdurige onderhoudszorg voor dieren (dierenwelzijn) en is sprake van een extra zorg voor een sociaal veilige en geborgde omgeving voor de aanwezige kinderen, jongeren en betrokken vrijwilligers. Dit stelt eisen aan de mate van organisatie en toezicht. Voor toetsing van de mate van organisatie en toezicht kunnen gegevens worden opgevraagd, zie artikel 6 informatieplicht.

Artikel 6 - Informatieplicht

Wijzigingen in samenstelling van bestuur en statuten moeten bekend gemaakt worden aan de gemeente. Minimaal eenmaal per jaar wordt de gang van zaken besproken. Daarbij moet de stichting of vereniging volledig openheid van zaken bieden.

Artikel 7 - Budget

Voor dierenparken en kinderboerderijen is jaarlijks een budget beschikbaar. Voor 2026 bedraagt de subsidie € 14.700,- voor het beheer van kinderboerderijen. Voor beheer van dierenparken bedraagt de subsidie € 4.425,-.

Artikel 8 - Looptijd

De subsidietoekenning kan jaarlijks worden aangevraagd.

Artikel 9 - Wanneer subsidie aanvragen?

De aanvraag kan vanaf 1 januari 2026 tot 1 oktober 2026 worden ingediend.

Artikel 10 - Hoe subsidie aanvragen?

De aanvraag kan schriftelijk worden ingediend bij het college, voorzien van de op het aanvraagformulier aangegeven documenten.

Artikel 11 - Betaling

  • 1.

    Het subsidiebedrag voor dierenparken wordt in één termijn na toekenning van de aanvraag.

  • 2.

    Het subsidiebedrag voor kinderboerderijen wordt in twee termijnen voldaan. De eerste termijn binnen twee maanden na toekenning van de aanvraag. De tweede termijn medio september van het jaar.

  • 3.

    De subsidie wordt conform artikel 20 lid 4 van de ASV direct vastgesteld.

Artikel 12 - Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2027.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling beheer dierenparken en kinderboerderijen 2026.

  • 4.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 5.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente ‘s-Hertogenbosch

Marijn van Engelen

Email: gemeente@s-hertogenbosch.nl

Tel.nr..: 073 – 615 5155

31. Subsidieregeling restauraties gemeentelijke monumenten en beeldbepalende panden ‘s-Hertogenbosch

Deze subsidieregeling vloiet voort uit de Subsidieverordening restauraties gemeentelijke monumenten en beeldbepalende panden 's-Hertogenbosch 2010.

32. Subsidieregeling Haalbaarheidsonderzoeken Herbestemming Monumenten ’s-Hertogenbosch

De gemeente ’s-Hertogenbosch stimuleert geïnteresseerde initiatiefnemers/investeerders/eigenaren in het vinden naar passende herbestemming van (niet woonhuis) monumenten. Via het gemeentelijk team van deskundigen, het “Herbestemmingsteam Monumenten ’s-Hertogenbosch”, worden laagdrempelig de aandachtspunten bij herbestemming van leegkomend of leegstaand erfgoed helder. Geïnteresseerde investeerders en gebruikers en bezitters van leegkomend erfgoed kunnen daar terecht met vragen. Soms is het wenselijk dat een haalbaarheidsonderzoek naar de herbestemmingsmogelijkheden van een monument door een terzake kundige marktpartij, wordt verricht. Het Rijk biedt jaarlijks een beperkte mogelijkheid tot het aanvragen van een rijkssubsidie voor een haalbaarheidsonderzoek dat kan worden aangevraagd worden van 1 oktober tot 30 november. De zeer beperkte aanvraagtijd en bovendien beperkte lengte van de onderzoekstijd kan bij relevante herbestemmingsvraagstukken van erfgoed leiden tot een afwijzing van de zo nodige rijkssubsidie in de kosten voor een gedegen haalbaarheidsonderzoek door een terzake deskundige partij. Deze gemeentelijke “Subsidieregeling Haalbaarheidsonderzoeken Herbestemming Monumenten ‘s-Hertogenbosch” maakt door de ruimere aanvraag- en realisatietermijn van het te verrichten onderzoek maatwerk-haalbaarheidsonderzoek mogelijk voor herbestemming van (niet woonhuis)-monumenten, vallend onder het aandachtsveld van het “Herbestemmingsteam Monumenten ’s-Hertogenbosch”.

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidie?

Deze regeling voorziet in het bieden van een ruimere onderzoekstijd en benodigd maatwerk. De regeling voorkomt dat relevante monumenten (niet woonhuizen) binnen onze gemeente, waarvoor een wenselijke herbestemmingsopgave bestaat als gevolg van o.a. te korte termijnen in de rijksregeling “buiten de boot vallen”. Bij herbestemming van monumentaal erfgoed is vaak sprake van complexe opgaven waardoor het verrichten van een deugdelijk haalbaarheidsonderzoek door experts nodig is. Deze regeling bevordert kwalitatieve herbestemming van monumenten in onze stad waarvoor een nieuwe functie lastig te vinden is. Bovendien genereert de regeling nader onderzoek naar voor de stad wenselijke functies en inzicht in de haalbaarheid.

Artikel 2 - Wie kan deze subsidie aanvragen?

Gelet op het jaarlijks zeer beperkte budget voor de subsidie geldt een voorrangsregeling. Daarom kunnen alleen eigenaren of initiatiefnemers van grote rijks- of gemeentelijke monumenten (niet woon-huizen), die vallen onder de herbestemmingsprioriteit van de gemeente via het “Herbestemmingsteam Monumenten ’s-Hertogenbosch”, subsidie aanvragen zodra het herbestemmingsteam positief heeft geadviseerd over het desbetreffende te herbestemmen monument. Deze gemeentelijke regeling komt ná de voor dit doel bestaande rijks- en/of andere regelingen. Er is geen sprake van stapeling, d.w.z. als men voor de rijks- en/of andere regeling in aanmerking komt, kan geen aanspraak worden gedaan op deze gemeentelijke subsidieregeling.

Artikel 3 - Waarvoor kunt u een subsidie aanvragen?

U kunt subsidie aanvragen voor het doen van een deugdelijk haalbaarheidsonderzoek door een ter-zake deskundige marktpartij naar de reële herbestemmingsmogelijkheden van (niet woonhuis)-monumenten, vallend onder het aandachtsveld van het in artikel 2 genoemde herbestemmingsteam.

Artikel 4 - Aan welke voorwaarden moet de subsidieaanvraag voldoen?

Aan daadwerkelijke subsidieverlening worden de volgende voorwaarden gesteld:

  • 1.

    Het verzoek voor een subsidie in de kosten voor het haalbaarheidsonderzoek naar de herbestemming moet betrekking hebben op een (niet woonhuis)monument dat onder het aandachtsveld ligt van het gemeentelijk “Herbestemmingsteam Monumenten ’s-Hertogenbosch”;

  • 2.

    De aanvraag moet vooraf zijn afgestemd met het “Herbestemmingsteam Monumenten ’s-Hertogenbosch” en onderstaande bijlagen dienen te zijn bijgevoegd:

    • a.

      het positieve advies van het “Herbestemmingsteam Monumenten ’s-Hertogenbosch”;

    • b.

      beschrijving van de problematiek van de herbestemming en de te onderzoeken mogelijkheden tot herbestemming, met een mededeling over het tijdstip waarop het onderzoek is afgerond;

    • c.

      een gedetailleerde kostenraming (open begroting), onder vermelding van naam en datum, dient bij een aanvraag te worden bijgevoegd, evenals aantoonbare ervaring van de onderzoekende partij inzake haalbaarheidsonderzoeken voor monumentaal erfgoed;

    • d.

      een omschrijving van de opzet, fasering, financiering, partijen (samenwerking) en tijdspad.

    • e.

      Het haalbaarheidsonderzoek moet minimaal voorzien in de volgende onderzoeks-elementen:

      • 1.

        Een algehele inventarisatie van het gebouw en alle ruimten (binnen/buiten).

      • 2.

        Een cultuurhistorische analyse (bouwhistorie en archeologische aandachtspunten,

      • 3.

        Een bouwtechnische analyse met financiële doorvertaling naar noodzakelijke investeringen (waaronder de integratie van instandhoudings- + restauratie reserveringen in de exploitatie).

      • 4.

        Een analyse over mogelijk gebruik ruimte en terrein en een daaraan verbonden doorrekening van bouwkundige ingrepen in het kader van herbestemming.

      • 5.

        Concreet marktonderzoek naar mogelijke exploitanten en de verwachte exploitatieperiode

      • 6.

        Uitwerking exploitatiemodellen aan de hand van de resultaten genoemd onder a t/m e.

Als aan alle voorwaarden is voldaan dan kan deze aanvraag worden gedaan tussen 1 januari en 30 november van het desbetreffende jaar. Subsidie kan worden aangevraagd door eigenaren van een ander monument dan een woonhuis en rechtspersonen die belang hebben bij de herbestemming van een ander monument dan een woonhuis. Het aanvraagformulier kan op aanvraag beschikbaar worden gesteld, zodra het “Herbestemmingsteam Monumenten” na agendering een positief advies over de daadwerkelijke mogelijkheid tot aanvragen heeft verstrekt overeenkomstig artikel 4, lid 2, onder a.

Artikel 5 - Financiële en organisatorische randvoorwaarden

  • 1.

    De verklaring van onvoorwaardelijke aanvaarding van de subsidievoorwaarden (deze ontvangt u bij een voorlopige beschikking) moet binnen 30 dagen na ontvangst van de voorlopige beschikking, volledig ingevuld en ondertekend door de eigenaar, aan de gemeente worden teruggezonden.

  • 2.

    Het haalbaarheidsonderzoek moet worden uitgevoerd volgens de bij het subsidieverzoek overgelegde stukkenFILLIN "" \d "". Meerwerk komt niet voor een aanvullende subsidie in aanmerking.

  • 3.

    Met de daadwerkelijke uitvoering van het onderzoek moet zijn begonnen binnen 26 weken na de verlening van de voorlopige subsidiebeschikking. De aanvang van het onderzoek dient tenminste 2 weken vooraf schriftelijk wordt gemeld bij via het daarvoor beschikbaar gestelde aanvangsformulier.

  • 4.

    Binnen 1 jaar na de verlening van de subsidie dient het haalbaarheidsonderzoek te zijn voltooid en de gereedmelding met bijbehorende stukken (inclusief afschrift van het onderzoek) te zijn ingediend.

  • 5.

    Voorafgaand, tijdens en na het gesubsidieerde haalbaarheidsonderzoek wordt nauw contact gehouden met bij de herbestemming betrokken ambtena(a)r(en) van de gemeente ’sHertogenbosch (tel: 073 – 615 5155).

  • 6.

    De bijdrage is een stimulering tot het verrichten van deugdelijk haalbaarheidsonderzoek naar de herbestemming van erfgoed, vallend binnen de eerder omschreven doelgroep en voorwaarden. De subsidiebijdrage moet aantoonbaar worden gebruikt voor de betaling van dit onderzoek. Bij de financiële verantwoording zal dit aan de hand van de rekeningen en betaalbewijzen worden gecontroleerd.

  • 7.

    U maakt inzichtelijk op welke wijze u voorziet in de betaling van de totale kosten. Op basis van de werkelijke aantoonbaar gemaakte kosten vindt te zijner tijd uitbetaling plaats van de subsidie. Het maximale subsidiebedrag bedraagt 70 % van de subsidiabel gestelde kosten van het haalbaarheidsonderzoek, doch maximaal 70 % van de maximaal aanvaardbare subsidiabele kosten ad € 25.000,- is € 17.500,-.

  • 8.

    Wanneer de voorwaarden niet worden nagekomen verliest de overtreder zijn aanspraak op de nog niet ontvangen subsidie en is hij als boete aan de gemeente 'sHertogenbosch verschuldigd ter grootte van het bedrag van de ontvangen subsidie.

  • 9.

    De subsidiebijdrage is eenmalig.

  • 10.

    Bij een positieve voorlopige subsidiebeschikking is een overzichtelijke handleiding gevoegd waarin staat wanneer de subsidie voor het gerealiseerde haalbaarheidsonderzoek herbestemming van het monument beschikbaar komt en wordt uitbetaald. Ook hierin staat uitgelegd hoe de subsidieverantwoording plaatsvindt. Hierin staat ook welke verantwoordingsvereisten van toepassing zijn. Deze worden vooraf gecommuniceerd met de contactpersoon (secretaris) van het “Herbestemmingsteam Monumenten ‘s-Hertogenbosch”.

Artikel 6 - Wanneer komt uw aanvraag niet in aanmerking voor deze subsidie?

De verlening van een subsidie wordt geweigerd als:

  • 1.

    Niet aan de in de regeling genoemde voorwaarden wordt voldaan.

  • 2.

    De kosten, opgenomen in de begroting naar het oordeel van het college niet redelijk zijn.

  • 3.

    Met betrekking tot de kosten subsidie is verstrekt op grond van een andere subsidieregeling.

  • 4.

    Met de werkzaamheden voor een onderzoek is begonnen voordat de aanvraag is ingediend of voordat deze door het college als subsidiabel is beoordeeld.

  • 5.

    De rechtspersoon naar het oordeel van het college onvoldoende of geen belang heeft bij de herbestemming van het monument.

Artikel 7 - Hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

Als voldaan wordt aan de subsidievoorwaarden dan is de verdeelsleutel van de subsidiabele kosten als volgt samengesteld: maximaal 70 % van de door de gemeente berekende subsidiabele kosten van een haalbaarheidsonderzoek naar de herbestemming van een monument (of monumentencomplex / ensemble) tot maximaal € 25.000,- per onderzoek. De maximale subsidie per monument voor een haalbaarheidsonderzoek is dus:

70 % x € 25.000,- (maximaal) = € 17.500,-.

Subsidieplafond: Er is een subsidieplafond. Als in enig subsidietijdvak meer aanvragen worden gedaan dan er budget beschikbaar is dan kan het college nadere prioriteiten stellen. Als in enig subsidietijdvak een beschikbaar bedrag niet geheel wordt verstrekt, kan het gemeentebestuur het resterende bedrag toevoegen aan een eventueel van toepassing zijnde volgend subsidietijdvak. Dat wordt jaarlijks door het gemeentebestuur bepaald. Als het subsidiebudget geheel of gedeeltelijk in enig subsidietijdvak is uitgeput dan zijn er geen aanvullende middelen beschikbaar.

Prioritering: Het college kent slechts subsidie toe op grond van deze regeling voor zover de begrote financiële middelen voor het betreffende jaar en doel toereikend zijn (subsidieplafond). Aanvragen die gedurende het tijdvak van het desbetreffende jaar worden ontvangen worden behandeld naar herbestemmingsprioriteit, waarbij het college bij zijn beslissing op toekenning zo nodig rekening houdt met:

  • a.

    de prioriteit die het heeft in relatie tot de herbestemmingsagenda monumentaal erfgoed;

  • b.

    de cultuurhistorische waarde van het te herbestemmen monument;

  • c.

    de bouwtechnische staat en uiterlijke staat van monument in relatie tot zijn omgeving;

  • d.

    het huidige en toekomstige (voorgenomen/gewenste) gebruik van het te herbestemmen monument;

  • e.

    indien van toepassing de bij de besluitvorming te betrekken cultuurhistorische onderbouwing;

  • f.

    indien van toepassing de wijze waarop door de aanvrager rekening is of wordt gehouden met de restauratierichtlijnen voor monumenten binnen de gemeente ‘s-Hertogenbosch;

  • g.

    de wijze van voorgenomen toekomstige exploitatie van het pand.

Artikel 8 - Aanvraag subsidie en werkwijze

Uw aanvraag voor deze subsidie kunt u op elk moment doen, maar indienen tot 30 november 2026. U kunt een bijdrage voor een subsidie in de kosten voor een haalbaarheidsonderzoek herbestemming van een (niet woonhuis)monument pas aanvragen als de voorgenomen herbestemming op de herbestemmingsagenda van het “Herbestemmingsteam Monumenten ’s-Hertogenbosch” is geplaatst. Hiertoe kunt u contact opnemen met het secretariaat van het “Herbestemmingsteam Monumenten ’s-Hertogenbosch”. Als er inderdaad sprake is van een door het herbestemmings-team aangegeven prioritering kunt u de aanvraagformulieren verkrijgen via het secretariaat van voornoemd herbestemmingsteam. Het aanvraagformulier kan op aanvraag beschikbaar worden gesteld, zodra het “Herbestemmingsteam Monumenten ‘s-Hertogenbosch” na agendering een positief advies over de daadwerkelijke mogelijkheid tot aanvragen heeft verstrekt overeenkomstig artikel 4, lid 2, onder a.

  • 1.

    Op het aanvraagformulier staat de informatie op welke wijze u de aanvraag kunt indienen. Bij inhoudelijke vragen kunt u contact opnemen met de contactpersoon onderaan deze subsidieregeling.

  • 2.

    U ontvangt binnen twee weken telefonisch of persoonlijk een reactie op uw aanvraag. Daarbij worden de te nemen vervolgstappen, nodig voor een voorlopige beschikking, met u doorgenomen.

  • 3.

    U krijgt schriftelijk bericht van de uitkomst (voorlopige beschikking en vervolgstappen) of afwijzing.

  • 4.

    De subsidie wordt achteraf definitief vastgesteld door de gemeente. Dit doet zij op basis van:

    • a.

      Het verrichte haalbaarheidsonderzoek herbestemming;

    • b.

      De verantwoording (rekening en betaalbewijzen) van dit haalbaarheidsonderzoek;

    • c.

      De beoordeling van dit haalbaarheidsonderzoek en het checken van de inhoudsvereisten. Na gereedmelding ontvangt u “Model Verantwoordingsformulieren” die u bij de verantwoording dient in te vullen en te ondertekenen. Dit model is tevens voorzien van een toelichting.

  • 5.

    Zodra is vastgesteld dat aan de subsidievoorwaarden is voldaan, de inhoudelijke en financiële verantwoording heeft plaatsgevonden en alle gegevens (betaalgegevens, adresgegevens, object-gegevens) correct zijn, zal tot uitbetaling worden overgegaan.

Artikel 9 - Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Dat gebeurt meestal in november. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de maximale subsidiebedragen voor het komende jaar.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet Subsidieregeling Haalbaarheidsonderzoeken Herbestemming Monumenten ‘s-Hertogenbosch.

  • 4.

    De Algemene subsidieverordening ‘s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Meer informatie nodig? Ga dan naar https://www.erfgoeds-hertogenbosch.nl/monumentenzorg/herbestemming en neem contact op met de secretaris van het Herbestemmingsteam Monumenten ’s-Hertogenbosch, de heer Peter Duijkers, gemeente@s-hertogenbosch.nl, telefoon 073 – 615 5155.

33. Subsidieregeling Heemkundekringen en Gilden 2026

Artikel 1 - Wat is het doel van deze subsidie?

Het doel van deze subsidie is:

  • de uitoefening van de heemkunde en de traditie van de lokale schuttersgilden van de gemeente ’s-Hertogenbosch te stimuleren;

  • te stimuleren dat de resultaten van deze heemkunde-uitoefening en gilde-activiteiten openbaar gepresenteerd worden.

Artikel 2 - Woordenlijst

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit.

  • 1.

    Heemkunde: Lokale, folkloristische geschiedenis van een streek en haar bewoners.

  • 2.

    Heemkundekring: Georganiseerde groep van minimaal 12 mensen die zich in een plaats bezighoudt met heemkunde.

  • 3.

    Gilde: Lokale folkloristische schutterij van minimaal 12 mensen gebaseerd op middeleeuwse traditie.

Artikel 3 - Wie kan subsidie aanvragen?

Een heemkundekring en gilde die minimaal één jaar binnen de gemeente ’s-Hertogenbosch activiteiten beoefent, kan subsidie aanvragen.

Artikel 4 - Waarvoor kunt u subsidie aanvragen?

U kunt per kalenderjaar subsidie aanvragen voor:

  • heemkunde-activiteiten omtrent het vergaren, bewaren en verspreiden van kennis over lokale folkloristische geschiedenis en voor de huisvestingskosten van de ruimte waarin deze activiteiten plaatsvinden. Of;

  • gilde-activiteiten voor het in stand houden en bevorderen van de folkloristische traditie van lokale schuttersgilden en voor de huisvestingskosten van de ruimte waarin deze activiteiten plaatsvinden.

Artikel 5 - Hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

De subsidie bedraagt maximaal 50 % van de activiteitenkosten en maximaal 50 % van de huisvestingskosten. In totaal tot een maximum van € 2.093,- per aanvraag.

Artikel 6 - Hoe verloopt de subsidieprocedure?

  • 1.

    Wij moeten aanvragen voor subsidie voor 2026 vóór 15 februari 2026 hebben ontvangen.

  • 2.

    U ontvangt binnen 13 weken een antwoord op uw aanvraag.

  • 3.

    Er is jaarlijks een maximaal subsidiebedrag te verdelen. Dit heet het subsidieplafond. Wij verdelen dit subsidiebedrag onder de toegekende aanvragers aan de hand van de ‘Gelijke verdeling subsidiebedrag”-methode. Voor het bepalen van het bereiken van het subsidieplafond sparen wij alle volledige subsidieaanvragen op tot de sluitingsdatum. Daarna verdelen wij het totale subsidiebedrag evenredig over de toegekende aanvragers. Als uw aanvraag is ontvangen nadat het subsidieplafond op is, verstrekken wij geen subsidie meer.

Artikel 7 - Wat doet u met het aanvraagformulier?

U vindt het aanvraagformulier voor deze subsidie op www.s-hertogenbosch.nl/subsidies

Na het invullen van de aanvraag kunt u deze naar het college mailen of per post opsturen. Bij inhoudelijke vragen kunt u contact opnemen met de contactpersoon onderaan deze subsidieregeling.

Artikel 8 - Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2027.

  • 3.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de vastgestelde subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 4.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Heemkundekringen en Gilden 2026.

  • 5.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Dennis Dekker

Tel.nr.: 073 – 615 5155

E-mail: gemeente@s-hertogenbosch.nl

34. Subsidieregeling “Meedoen begint bij de basis”

Subsidieregeling voor non-formele volwasseneneducatie en innovatieve projecten volwasseneneducatie ’s-Hertogenbosch.

Artikel 1 Wat is het doel van deze subsidieregeling?

  • 1.

    Het doel van de subsidie is activiteiten stimuleren op het gebied van de basisvaardigheden. Onder basisvaardigheden verstaan wij lezen, schrijven, rekenen en omgaan met de computer. Deze basisvaardigheden zijn voor veel mensen lastig.

  • 2.

    Het doel van de trajecten basisvaardigheden is zelfstandigheid en zelfredzaamheid bevorderen van de volwassen Bosschenaren.

  • 3.

    Het doel van de subsidie voor innovatieve projecten is het opzetten, uitvoeren en realiseren van nieuwe, niet al bestaande, innovatieve projecten volwasseneneducatie. Dit allemaal in het kader van de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB). Deze projecten passen binnen het beleidsplan “Meedoen begint bij de basis”.

Artikel 2 Woordenlijst subsidieregeling

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • 1.

    Non-formele educatie: niet diplomagerichte educatie, maar wel gericht op deelaspecten van de eindtermen WEB. Aanbieders hebben geen diploma-erkenning nodig.

  • 2.

    Doorlopende leerlijn: een sluitende leerlijn tussen de educatieve activiteit die de deelnemer volgt en een vervolgactiviteit. Bijvoorbeeld non-formele of formele educatietrajecten. Een andere mogelijkheid zijn activiteiten waarbij centraal staat dat deelnemers blijven oefenen met de basisvaardigheden.

  • 3.

    Alle begrippen rond volwasseneneducatie, laaggeletterdheid en basisvaardigheden staan op www.hetbegintmettaal.nl/begrippenlijst/. Het Steunpunt Basisvaardigheden maakte deze lijst samen met Het Begint met Taal en Kennisinstituut voor Taalontwikkeling (ITTA).

Artikel 3 Wie kan deze subsidie aanvragen?

Organisaties zonder winstoogmerk met aantoonbare ervaring met de doelgroep kunnen deze subsidie aanvragen. Dit zijn in ieder geval:

  • a.

    Taalaanbieders;

  • b.

    Vrijwilligersorganisaties;

  • c.

    Wijkgerichte bewoners- of belangenorganisaties;

  • d.

    Sociaal ondernemers;

  • e.

    Professionele organisaties, zoals bedrijven en instellingen die actief zijn binnen de samenleving;

  • f.

    Een samenwerkingsverband tussen de organisaties zoals bedoeld in sub a tot en met sub e.

Subsidieaanvragen kunnen alleen gaan over bestaande of nieuwe non-formele basisvaardigheidstrajecten voor Bossche burgers. Deze moeten passen binnen de doelstellingen die staan in het beleidsplan “Meedoen begint bij de basis”.

Artikel 4 Voor wie kunt u een subsidie aanvragen?

  • 1.

    Aanvullend op de vastgestelde doelgroep in het plan “Meedoen begint bij de basis” biedt de gemeente ’s-Hertogenbosch ook trajecten aan inburgeringsplichtige Bosschenaren. Deze trajecten worden niet uit de WEB bekostigd.

  • 2.

    U kunt een subsidie aanvragen voor alle mensen in ‘s-Hertogenbosch die moeite hebben met lezen, schrijven, werken met de computer en/of rekenen. Die mensen noemen wij de doelgroep. Vanwege de financiering van de trajecten verdelen wij de doelgroep onder in:

    • a.

      niet-inburgeringsplichtige Bosschenaren en;

    • b.

      inburgeringsplichtige Bosschenaren.

Artikel 5 Waarvoor kunt u een subsidie aanvragen?

U kunt een subsidie aanvragen voor de volgende activiteiten:

  • a.

    Basisondersteuning trajecten;

  • b.

    Trajecten gericht op maatschappelijke deelname;

  • c.

    Trajecten gericht op werk en educatieparticipatie;

  • d.

    Nieuwe innovatieve projecten

In Bijlage 1 “Subsidiabele activiteiten” vindt u een uitgebreide beschrijving van de activiteiten zoals wij hierboven bedoelen.

Artikel 6 Hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

  • 1.

    Aan deze regeling is een subsidieplafond verbonden. Dat is een bedrag dat tijdens een bepaalde periode maximaal beschikbaar is voor deze subsidieregeling. Het college stelt het subsidieplafond voor deze regeling jaarlijks vast. Wij maken gebruik van de “Gelijke verdeling subsidiebedrag”-methode: Alle volledige subsidieaanvragen sparen wij op tot de sluitingsdatum. Daarna verdelen wij het totale subsidiebedrag over het aantal aanvragers op basis van ledenaantallen. Wij nemen alleen volledige aanvragen in behandeling. Hebt u uw aanvraag later nog aangevuld? Dan geldt de datum waarop de complete aanvraag binnenkwam. Ontvangen wij uw aanvraag nadat het subsidieplafond is bereikt? Dan geven wij geen subsidie meer.

  • 2.

    Op dit moment reserveren wij jaarlijks 2 % van het voormalige participatiebudget voor de basisvaardigheden. Daarnaast hebben wij een budget voor volwasseneneducatie (educatiemiddelen). Het percentage van het voormalige participatiebudget kunnen wij inzetten voor trajecten rond basisvaardigheden voor inburgeringsplichtigen. De educatiemiddelen zijn er voor elke burger, behalve de inburgeringsplichtige.

  • 3.

    Vanaf 2018 bundelen wij de gereserveerde middelen uit het voormalige participatiebudget met de educatiemiddelen. Vanaf 2019 zetten wij 40 % van de educatiemiddelen in voor laagdrempelige educatie.

Artikel 7 Algemene toekenningscriteria

Organisaties kunnen subsidie krijgen als:

  • zij geen winstoogmerk hebben;

  • er voor het scholingsaanbod geen andere mogelijkheid voor financiering is;

  • er voor het scholingsaanbod geen andere organisatie met een dekkend aanbod is.

Artikel 8 Beoordelingscriteria

Wij gaan de aanvraag beoordelen op basis van de volgende criteria:

  • Past de aanvraag binnen het beleidskader?

  • Bestaat er samenwerking met andere partijen in ’s-Hertogenbosch en vooral met het Bossche taalnetwerk?

  • Bestaat er samenwerking met andere aanbieders van formeel onderwijs volwasseneneducatie met een diploma-erkenning en/of een ROC.

  • Heeft de organisatie ervaring met het organiseren van scholingstrajecten voor de doelgroep?

  • Kan de organisatie aannemelijk maken dat deelnemers zich aanmelden voor de scholing?

  • Streeft de organisatie naar het realiseren van doorlopende leerlijnen?

  • Betrekt de organisatie vrijwilligers bij de scholingstrajecten?

  • Zijn de vrijwilligers geschoold?

  • Hoe toetst de organisatie de niveauverhoging van de deelnemers?

  • Welke concrete (individuele) resultaten van het traject wil de organisatie bereiken?

Artikel 9 Eisen aan de aanvraag

U vraagt de subsidie aan met een formulier op de website van de gemeente. Onderdelen van de aanvraag zijn:

  • a.

    Een inhoudelijk plan waaruit blijkt dat u aan de eisen in artikel 3 voldoet. Daarin staat ook in welke mate de criteria in artikel 5 en 6 gelden.

  • b.

    Een omschrijving van de activiteiten waarvoor u de subsidie aanvraagt. Specificeert u deze zoveel mogelijk. Beschrijf daarbij de aard, omvang (aantal scholingstrajecten), specifieke doelgroep, plaats, frequentie en duur en organisaties waarmee u gaat samenwerken. Beschrijf ook hoe u gaat bepalen of deelnemers hebben voldaan aan eventuele inburgeringsverplichtingen.

  • c.

    Een gespecificeerde begroting van de verwachte inkomsten en uitgaven. Hieruit blijkt duidelijk hoeveel subsidie u nodig hebt voor het uitvoeren van activiteiten onder b.

  • d.

    Vraagt u voor het eerst subsidie aan? Dan moet u geldige statuten aanleveren met het nummer van de Kamer van Koophandel.

Artikel 10 Wanneer komt uw aanvraag niet in aanmerking voor deze subsidie?

U krijgt geen subsidie als de activiteit:

  • a.

    niet voldoet aan het bepaalde in deze regeling;

  • b.

    zich richt op het bevorderen van één partijpolitieke of levensbeschouwelijke overtuiging;

  • c.

    betaald kan worden uit een specifiekere (subsidie)regeling. Wij zorgen er samen met u voor dat de aanvraag op de juiste plek terecht komt.

Artikel 11 Verdelingsregels

  • 1.

    Wij geven alleen subsidie als de activiteiten voldoende verspreid zijn binnen de grenzen van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • 2.

    De verdeling van de budgetten vindt plaats naar rato over de verschillende activiteiten, zoals bedoeld in artikel 9.

Artikel 12 Hoe verloopt de subsidieprocedure?

  • 1.

    Wij wijken af van artikel 7, eerste lid, van de Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch. U moet de subsidie indienen uiterlijk op 1 november van het jaar dat vooraf gaat aan het jaar waarover de aanvraag gaat.

  • 2.

    Binnen zes weken krijgt u antwoord op uw aanvraag.

  • 3.

    U moet de activiteiten in hetzelfde jaar uitvoeren als het jaar waarin u de subsidie kreeg.

  • 4.

    Het college registreert de trajecten en onderzoekt de kwaliteit en de resultaten van de trajecten basisvaardigheden. Deze zijn een onderdeel van de gesubsidieerde activiteiten. De aanvrager van een subsidie werkt mee aan dit onderzoek. Hiervoor worden door de aanvrager geen kosten in rekening gebracht.

Artikel 13 Hoe vraagt u subsidie aan?

  • 1.

    Het digitale aanvraagformulier vindt u op www.s-hertogenbosch.nl/subsidies.

  • 2.

    Na het invullen klikt u op verzenden. Hiermee stuurt u het formulier digitaal naar de gemeente. Hebt u vragen? Neem dan contact op met de contactpersoon onderaan deze regeling.

Artikel 14. Hardheidsclausule

In sommige situaties kan afgeweken worden van de bepalingen van deze regeling indien en voor zover toepassing daarvan leidt tot onbillijkheid van overwegende aard. Een voorbeeld hiervan is de datum van de subsidieaanvraag. In sommige situaties kan een aanvraag op een ander moment ingediend worden indien er nog steeds budget beschikbaar is.

Artikel 15 Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2023.

  • 2.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de vastgestelde subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: “Meedoen begint bij de basis’.

  • 4.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente ‘s-Hertogenbosch

Tel.nr.: 073 - 615 5155

Email: gemeente@s-hertogenbosch.nl

Bijlage 1 Subsidiabele activiteiten

Algemeen

De gesubsidieerde activiteiten moeten voldoen aan de standaarden en eindtermen volwasseneneducatie. Deze standaarden en eindtermen zijn de niveaubepalingen voor de volwasseneneducatie2.

Binnen de volwasseneneducatie verstaan wij onder de basisvaardigheden: taal-, reken- en digitale vaardigheden voor laagopgeleide volwassenen. Onder taal verstaan wij Nederlands als tweede taal en Nederlands als moedertaal. Met voldoende beheersing van de basisvaardigheden kan een volwassene zich zelfstandig redden in de maatschappij. Hij/zij is dan zelfredzaam.

Voor educatie aan volwassenen zijn als vertrekpunt de leermotivatie en de leervraag belangrijk:

  • Waarom komt deze volwassene naar een cursus? (Bijvoorbeeld: hij wil zijn financiën op orde houden nu hij arbeidsongeschikt is. Of hij wil een andere baan en daarom een vakopleiding volgen).

  • Wat wil hij leren? (Bijvoorbeeld: zijn eigen boekhouding leren bijhouden en extra inkomsten goed leren gebruiken. Of beter teksten begrijpen, bijvoorbeeld studieteksten leren lezen).

Daaruit volgen een leerdoel en traject:

  • Wat moet de volwassene daarvoor weten?

  • Hoe gaan docent en volwassene dit samen bereiken?

U kunt een subsidie aanvragen voor de volgende activiteiten:

1.Basisondersteuning trajecten: bij deze trajecten werkt de volwassene aan:

1.1 Gezondheidsvaardigheden

Iemand die gezondheidsvaardig is kan informatie over zijn/haar gezondheid opzoeken, begrijpen en toepassen. Iemand kan bijvoorbeeld:

  • Informatie over medicijnen, gezonde leefstijl, een zorgverzekering lezen;

  • Afspraken noteren, zich inschrijven voor een cursus, een formulier invullen bij de huisarts;

  • Op tijd de juiste hoeveelheden medicijnen innemen (rekenvaardigheden);

  • Telefonisch een afspraak maken, luisteren, klachten formuleren tijdens een gesprek;

  • Sociaalvaardig zijn. Hij/zij durft vragen te stellen, kan afwegingen maken en beslissingen nemen;

  • Digitaal vaardig zijn. Hij/zij kan informatie opzoeken op internet en een herhaalrecept bestellen bij de apotheek.

1.2 Rekenvaardigheden/ omgaan met geld

Rekenvaardigheid gaat om het kunnen oplossen van sommen, oog hebben voor getallen en begrijpen hoe getallen werken. Wij noemen de rekenvaardigheden ook financiële vaardigheden. Voor volwassenen gelden de standaarden en eindtermen volwasseneneducatie als niveaubepaling van rekenvaardigheid.

Het is belangrijk dat de aangeboden trajecten binnen een maatschappelijke context plaatsvinden. Bijvoorbeeld: hoe helpt het verbeteren van de rekenvaardigheden bij het leren omgaan met geld?

Financiële vaardigheden gaan over ‘kunnen omgaan met geld’. Het gaat er hierbij om dat mensen op korte en lange termijn hun financiën op orde hebben. Dus dat zij grip hebben op hun huishoudportemonnee en weerbaar zijn tegen financiële tegenvallers. Om dit te kunnen, zijn andere basisvaardigheden nodig zoals lezen, schrijven, rekenen en digitale vaardigheden.

Financiële vaardigheden zijn steeds meer een basisvoorwaarde om zelfstandig te kunnen meedoen aan de maatschappij. Bij alles wat we doen, komen financiën kijken. Hebben mensen geen grip op hun huishoudportemonnee? Dan liggen problematische schulden op de loer.

1.3 Digitale vaardigheden

Digitale vaardigheden betekent dat je met digitale apparaten en programma’s kunt omgaan. Bijvoorbeeld computers, internet, Facebook, tekstverwerkingsprogramma’s, mobiele telefoon en printers. Het gaat ook om bewust en kritisch omgaan met digitale media en het kunnen zoeken, selecteren, verwerken en gebruiken van relevante informatie.

Weinig digitale vaardigheden zorgen voor een achterstand. Dit geldt op het sociale vlak (mensen met weinig tot geen digitale vaardigheden kunnen minder makkelijk sociale contacten onderhouden) en op het economisch vlak (veel vacatures vind je tegenwoordig alleen op internet).

Door de verdere digitalisering van de maatschappij dreigt deze groep (nog meer) uit de boot te vallen. Tegenwoordig moet je digitaal vaardig zijn om online een uitkering of kinderopvangtoeslag aan te vragen.

Het is belangrijk dat de trajecten tot een concreet (maatschappelijk) resultaat leiden. Bijvoorbeeld: door het volgen van een basisvaardigheden traject kan iemand een aanvraag voor een uitkering online indienen.

2 Trajecten gericht op maatschappelijke deelname;

Mensen moeten de juiste bagage en vaardigheden hebben om volwaardig mee te kunnen doen in de maatschappij. Dit kan het leven makkelijker maken en men kan actiever overal aan meedoen. Het doel van de trajecten gericht op maatschappelijke deelname is sociale inclusie van de kwetsbare doelgroep van de laaggeletterden.

Het is belangrijk dat de trajecten tot een maatschappelijk resultaat leiden. Bijvoorbeeld: verminderen van sociale isolatie, verminderen van eenzaamheid, vrijwilligerswerk gaan doen, betere plek in de samenleving krijgen.

3 Trajecten gericht op werk en educatieparticipatie;

Door ontwikkelingen als digitalisering, robotisering en globalisering veranderen of verdwijnen banen. Er ontstaan ook nieuwe banen.3 Trajecten met als doel betere participatie op de arbeidsmarkt vinden we erg belangrijk.

Op de arbeidsmarkt zijn basisvaardigheden belangrijk voor werknemers, werkgevers en werkzoekenden. Werknemers kunnen makkelijker doorgroeien naar ander werk en kunnen beter (veiligheids-)instructies opvolgen. Werkgevers kunnen met flexibele, duurzaam inzetbare werknemers inspelen op een steeds meer dynamische en concurrerende economie. Werkzoekenden komen sneller aan een baan. Niet-uitkeringsgerechtigden kunnen hun maatschappelijke positie verbeteren. Daarnaast is er minder kans op werkloosheid.

Het uiteindelijke doel van een traject is het behalen van een concreet resultaat. Bijvoorbeeld doorstroom naar een vorm van formeel onderwijs, het vinden/behouden van een baan, betere productiviteit, verhoogde inzetbaarheid van de werknemer etc.

4 Nieuwe innovatieve projecten

Wij willen investeren in experimenteren en ontwikkelen van nieuwe innovatieve projecten om de moeilijk bereikbare groep van de NT 1-ers te bereiken en een traject ter verbeteren van de basisvaardigheden aan te bieden.

35. Subsidieregeling Betere kansen Wsw’ers op reguliere arbeidsmarkt 2026

Artikel 1 Wat is het doel van deze subsidieregeling?

Om Wsw’ers zo dicht mogelijk bij of op de normale arbeidsmarkt te laten werken. En zo nodig op een aangepaste werkplek.

Artikel 2 Woordenlijst subsidieregeling

In dit artikel leggen wij een aantal woorden uit:

  • 1.

    De wet: de Wet sociale werkvoorziening (Wsw).

  • 2.

    De werkgever: een bedrijf of (overheids-)instelling in 's-Hertogenbosch en omstreken. Ook de gemeente 's-Hertogenbosch is een werkgever.

  • 3.

    De werknemer: Wsw’er op een begeleid werken plaats.

  • 4.

    Dienstbetrekking: een arbeidsovereenkomst of aanstelling bij een werkgever. Volgens de cao of arbeidsvoorwaarden die voor die organisatie gelden.

  • 5.

    Loonwaarde van de Wsw’er: De arbeidsprestatie ten opzichte van een andere, niet gehandicapte werknemer.

  • 6.

    Loonwaarde verlies: het subsidie percentage.

  • 7.

    BW: begeleid werkenplaats.

  • 8.

    Uitvoeringsorganisatie: Weener XL, het werkontwikkelbedrijf van de gemeente ’s-Hertogenbosch.

Artikel 3 Wie kan deze subsidie aanvragen? En op welke voorwaarden?

De subsidie wordt aangevraagd door:

  • 1.

    Een werkgever met een Wsw’er in dienst. Voorwaarden voor de werkgever zijn:

    • a.

      de werkgever staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel (uitgezonderd overheidsinstellingen);

    • b.

      de werkgever neemt de Wsw’er in dienst voor minimaal zes aaneengesloten maanden. De dienstbetrekking is minimaal 16 uur per week;

    • c.

      de werkplek past bij de mogelijkheden van de Wsw’er;

    • d.

      de werkgever betaalt een salaris volgens de geldende CAO of arbeidsvoorwaarden van de organisatie;

    • e.

      de werkplek en werkomstandigheden voldoen aan de Arbo-normen.

  • 2.

    Een Wsw’er

    • a.

      De Wsw’er kan zelf een jobcoachorganisatie opdracht geven om een Begeleid Werken werkplek te vinden.

    • b.

      Voorwaarden voor de Wsw’er zijn:

    • c.

      Hij/zij heeft een geldige Wsw indicatie;

    • d.

      Hij/zij wil bij een werkgever werken.

  • 3.

    Een Begeleidingsorganisatie

  • De gemeente of Wsw’er moet een jobcoachorganisatie inschakelen. Deze organisatie kan een vergoeding krijgen voor de begeleiding van de Wsw’er. De voorwaarden zijn:

    • a.

      De organisatie staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel.

    • b.

      Medewerkers hebben aantoonbaar een kwalificatie voor het adequaat begeleiden van Wsw’ers.

    • c.

      De organisatie staat garant voor de continuïteit van de begeleiding.

    • d.

      De organisatie biedt ieder kwartaal een voortgangsrapportage aan.

    • e.

      De organisatie heeft een privacy- en klachtenreglement.

Artikel 4 Waarvoor vraagt u de subsidie aan?

De werkgever voor:

  • a.

    Loonkosten van de Wsw’er;

  • b.

    Noodzakelijke aanpassingen van de werkplek.

De jobcoachorganisatie voor:

Het begeleiden van een Wsw’er op de werkplek bij de werkgever.

De Wsw’er voor:

Een aanpassing op de werkplek (zie artikel 6.b.1.)

Artikel 5 Hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

Bijdrage rijkssubsidie SW

Het Rijk betaalt elk jaar een bepaald bedrag per werkplek aan de gemeente. De gemeente betaalt daarvan uitvoeringskosten. In 2026 is dat € 5.000,- voor een 32 uur dienstverband. Uit het bedrag dat overblijft vergoeden wij:

  • 1.

    Loonkostensubsidie voor de werkgever.

  • 2.

    Subsidie voor aanpassing van de werkplek.

  • 3.

    Vergoeding voor de kosten van begeleiding.

  • 1.

    Loonkosten subsidie voor werkgever:

De werkgever betaalt de loonkosten en werkgeverslasten. We vergoeden de subsidie over het brutoloon met werkgeverslasten keer het percentage van het loonwaarde verlies. Het percentage werkgeverslasten is conform de het percentage van de Regeling Loonkostensubsidie Participatiewet.

Bepaling van de loonwaarde:

Periodiek stelt de uitvoeringsorganisatie de loonwaarde vast. We onderzoeken de loonwaarde met een erkende methode.

In de eerste drie jaar doen we dat één keer per jaar. Daarna vervolgens één keer per vijf jaar. De uitvoeringsorganisatie stelt op basis van het loonwaarde onderzoek de hoogte van de subsidie vast.

Uitgezonderd van subsidie:

  • is de loonwaarde die de Wsw’er heeft, uitgedrukt in een % t.o.v. een gewone werknemer.

  • door de fiscus toegekende premie- c.q. afdrachtskortingen brengen we in mindering op de bruto loonkosten.

De subsidie eindigt als:

  • de dienstbetrekking tussen werkgever en de Wsw-geïndiceerde eindigt;

  • er niet mee gewerkt wordt aan het loonwaarde onderzoek;

  • de werknemer zijn Wsw-indicatie verliest.

  • 1.

    Subsidie voor aanpassing van de werkplek

  • a.

    De aanpassing van een werkplek kan nodig zijn voor een Wsw’er om te kunnen werken.

  • b.

    Uitzondering van de subsidie zijn de kosten voor aankoop van apparatuur, de werkplek en zaken die in de Arbowet staan. Een werkgever betaalt die kosten ook voor andere werknemers.

  • c.

    Een keer per 4 jaar kan een subsidie van maximaal € 3.000,- verstrekt worden voor een aanpassing op de werkplek.

  • d.

    Jaarlijkse subsidie voor regelmatig terugkerende kosten zoals kosten voor bijzonder vervoer: maximaal € 3.000,-.

  • e.

    De gemeente kan hiervan afwijken op grond van argumenten en bewijsstukken van een werkgever.

  • 1.

    Vergoeding voor de kosten van begeleiding

  • a.

    Plaatst de jobcoachorganisatie een Wsw’er op een begeleid werkenplek? Dan kan de organisatie € 1.000,- beloning krijgen na een succesvolle proeftijd. Dit gebeurt na declaratie door de jobcoachorganisatie.

  • b.

    Moet de jobcoachorganisatie tussentijds op zoek naar een andere begeleid werkenplek? Dan kan hij € 1.000,- beloning krijgen als de proeftijd op een nieuwe plek succesvol verloopt.

  • c.

    Voor het begeleiden van een Wsw’er op een (aangepaste) werkplek geldt een vast uurtarief van € 91,19 ex BTW.

  • d.

    De uren van de begeleiding en de vergoeding daarvoor nemen na verloop van tijd af:

  • 1e jaar: maximaal 6 % van het dienstverband

  • 2e jaar: maximaal 4 % van het dienstverband

  • 3e jaar en jaren daarna: maximaal 2,5 % van het dienstverband

  • De gemeente baseert de vergoeding op het maximum aantal gewerkte uren van 48 werkweken per jaar.

  • e.

    Gaat een werknemer naar een andere werkgever? Dan beginnen de begeleiding en de vergoeding daarvoor opnieuw.

  • f.

    De vergoeding eindigt als:

  • de dienstbetrekking tussen werkgever en de Wsw-geïndiceerde eindigt;

  • de werknemer zijn Wsw-indicatie verliest;

  • de begeleidingsorganisatie op de werkplek niet goed is;

  • de voortgangsrapportage naar het oordeel van de uitvoeringsorganisatie kwalitatief onvoldoende is.

  • g.

    De werknemer langer dan 6 weken aaneengesloten ziek is.

Artikel 6 Hoe verloopt de subsidieprocedure?

1. De werkgever / Wsw’er

a. Loonkosten subsidie

  • 1.

    De werkgever / Wsw’er krijgt subsidie toegekend voor maximaal één jaar. Deze kunnen we steeds verlengen met maximaal één jaar of zolang de dienstbetrekking voortduurt.

  • 2.

    De werkgever ontvangt de subsidie per maand

  • 3.

    Komt de werkgever zijn verplichtingen niet na? Dan stopt de gemeente de subsidie en eist zij de teveel betaalde bedragen terug.

b. Aanpassing werkplek

  • 1.

    De werkgever of de Wsw’er vraagt de subsidie voor werkplekaanpassingen aan voordat zij kosten maakt. Hier hoort een goede motivatie, specificatie en prijsopgave bij. De aanvrager krijgt binnen vier weken na ontvangst van de aanvraag een besluit.

  • 2.

    Kan de werkplekaanpassing mee naar een volgende dienstbetrekking? Bijvoorbeeld een aangepaste stoel? Dan neemt een werknemer de stoel mee naar een volgende werkgever. Voor deze stoel is dan geen nieuwe subsidie voor werkplek aanpassing mogelijk.

2. De begeleidingsorganisatie

U krijgt de subsidie na ontvangst van en voortgangsrapportage en declaratie per kwartaal.

Artikel 7 Hoe vraagt u deze subsidie aan?

  • 1.

    Door het insturen van een plaatsingsplan. U vult dit plaatsingsplan helemaal in. Het moet binnen 3 maanden na de start van de dienstbetrekking bij de uitvoeringsorganisatie binnen zijn. Het plaatsingsplan kunt u bij de uitvoeringsorganisatie aanvragen.

  • 2.

    De aanvrager vult bij verlenging van de subsidieperiode een aanvraagformulier in.

  • 3.

    De aanvrager krijgt binnen vier weken na ontvangst van de aanvraag een besluit.

  • 4.

    In het besluit van de gemeente staat:

  • de hoogte van het subsidiepercentage

  • voor welke periode de gemeente subsidie toekent

  • dat het een voorschot is

  • de voorwaarde van het besluit

  • 5.

    De gemeente maakt voor elke aanvraag afspraken met de jobcoachorganisatie over:

  • de aard en omvang van de begeleiding

  • verantwoordelijkheden

  • rapportage verplichtingen

  • hoogte en manier van de vergoeding

  • 6.

    Hebt u hulp nodig bij het invullen van het plaatsingsplan? Neemt u dan contact op met de contactpersoon onderaan deze subsidieregeling. Hebt u andere vragen? Neem dan contact op met de contactpersoon.

Artikel 8 Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling gaat in op 1 januari 2026.

  • 2.

    Deze subsidieregeling vervalt op 1 januari 2027.

  • 3.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of niet veranderd) vast. Daarna publiceert het college de subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 4.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Betere kansen Wsw’er op reguliere arbeidsmarkt 2026.

  • 5.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contactpersoon voor vragen over het beleid

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Danielle Snoep

E-mail: gemeente@s-hertogenbosch.nl

Tel.nr.: 073 - 615 5155

36. Regionale subsidieregeling non-formele Volwasseneneducatie Noordoost-Brabant 2026

Artikel 1. Wat is het doel van deze subsidieregeling?

De Centrumgemeente ’s-Hertogenbosch ontvangt ieder jaar financiële middelen vanuit de Wet educatie beroepsonderwijs (WEB). Deze middelen zijn bedoeld voor het stimuleren van activiteiten basisvaardigheden voor volwassenen. Onder basisvaardigheden wordt verstaan: lezen, schrijven, rekenen en digitale vaardigheden. Vanuit de financiële middelen wordt formeel en non-formeel aanbod bekostigd. Deze regeling is bedoeld voor het non-formele budget. Gemeenten in de arbeidsmarkt regio Noordoost-Brabant kunnen aanspraak maken op het non-formele budget. Met het non-formele budget kunnen de regiogemeenten zelf trajecten basisvaardigheden inkopen met als doel de zelfstandigheid en zelfredzaamheid van volwassen inwoners te vergroten.

Artikel 2. Begrippenlijst subsidieregeling

In dit artikel leggen wij een aantal begrippen uit:

  • 1.

    WEB: Wet Educatie Beroepsonderwijs.

  • 2.

    AMR Noordoost-Brabant: Arbeidsmarkt Noordoost-Brabant.

  • 3.

    Regiogemeenten: Gemeenten die onder de AMR Noordoost-Brabant vallen, te weten: Vught, Boxtel, St. Michielsgestel, Land van Cuijk, Maashorst, Meierijstad, Oss, Bernheze, Boekel.

  • 4.

    Centrumgemeente: gemeente ’s-Hertogenbosch.

  • 5.

    REP: Regionaal Educatief Plan.

  • 6.

    Non-formele taalaanbieders: organisaties zonder winstoogmerk, die lessen verzorgen ter verhoging van de basisvaardigheden en zelfredzaamheid van volwassenen.

Artikel 3. Wie kan deze subsidie aanvragen?

  • 1.

    Regiogemeenten uit de AMR Noordoost-Brabant.

  • 2.

    Het non-formele budget kan door regiogemeenten beschikbaar gesteld worden aan organisaties met aantoonbare ervaring met de doelgroep. Dit zijn in ieder geval:

    • a.

      Taalaanbieders.

    • b.

      Vrijwilligersorganisaties.

    • c.

      Wijkgerichte bewoners- of belangenorganisaties.

    • d.

      Sociaal ondernemers.

    • e.

      Professionele organisaties zoals bedrijven en instellingen die actief zijn binnen de samenleving.

    • f.

      Een samenwerkingsverband tussen de organisaties zoals bedoeld in sub a t/m sub e.

Artikel 4. Hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

Aan deze regeling is een subsidieplafond verbonden. De hoogte van de subsidie bedraagt maximaal 40 % van het beschikbare WEB-budget en een gedeelte van het decentralisatiebudget WEB. Dit bedrag wordt jaarlijks bepaald aan de hand van het beschikbare budget vanuit het Rijk en de verdeelsleutel per gemeente. De exacte aan te vragen bedragen per regiogemeente worden uiterlijk eind november bekend gemaakt door de centrumgemeente. Het is mogelijk om boven het bedrag van de verdeelsleutel per regiogemeente aan te vragen. Het is echter niet zeker dat een bedrag boven de gemeentelijke verdeelsleutel kan worden toegekend. Dit kan alleen als er budget overblijft op het moment dat andere regiogemeenten onder hun verdeelsleutel hebben aangevraagd. Als alle regiogemeenten boven de verdeelsleutel aanvragen, kan de centrumgemeente alleen het bedrag tot de verdeelsleutel toekennen.

Artikel 5. Eisen aan de aanvraag

Aanvragen conform de afspraken in het REP en die vallen binnen het voor de betreffende gemeente beschikbare budget, zullen worden toegekend. Eisen voor de aanvraag;

  • 1.

    De activiteiten worden ingezet voor niet-inburgeringsplichtige (volwassen) inwoners van de AMR Noordoost-Brabant, die aantoonbaar als zodanig ingeschreven staan en die moeite hebben met lezen, schrijven, rekenen en/of digitale vaardigheden.

  • 2.

    De subsidie kan o.a. worden ingezet voor trajecten basisvaardigheden aan inwoners, camouflage aanbod, communicatie/PR en coördinatie-uren.

  • 3.

    Activiteiten in de aanvraag dienen te voldoen aan de doelstellingen in het REP.

  • 4.

    De aanvraag bevat een activiteitenplan en een begroting.

  • 5.

    Alle deelnemende organisaties die gebruik maken van de subsidie, zijn verplicht om deel te nemen aan de monitoring Volwasseneducatie.

Artikel 6. Wanneer komt uw aanvraag niet in aanmerking voor deze subsidie?

Wij wijzen uw subsidieaanvraag af als:

  • 1.

    Uw project op basis van inhoud of reguliere activiteiten al subsidie ontvangt of waarover u met de centrumgemeente al subsidieafspraken heeft.

  • 2.

    Uw aanvraag niet voldoet aan de voorwaarden genoemd onder Artikel 5.

  • 3.

    Uw project onvoldoende bijdraagt aan de doelstellingen voor basisvaardigheden genoemd onder Artikel 1.

  • 4.

    Uw aanvraag incompleet is op het moment van of na de deadline voor het indienen van de aanvraag.

Artikel 7. Aanvraagprocedure

  • 1.

    De regiogemeente dient per mail het ‘Aanvraagformulier subsidieregeling non-formele Volwasseneducatie’ in bij de afdeling subsidies van de gemeente ’s-Hertogenbosch (gemeente@s-hertogenbosch.nl) met in de cc de contractmanager van de WEB.

  • 2.

    De aanvraag wordt ingediend uiterlijk op 31 december voorafgaand aan het jaar waarover subsidie wordt aangevraagd.

  • 3.

    De gemeente ’s-Hertogenbosch zal de aanvraag behandelen en binnen 6 weken inhoudelijk beoordelen.

  • 4.

    Is de aanvraag niet compleet, of niet conform de eisen dan wordt de aanvraag afgewezen met de reden van afwijzing. De aanvrager heeft dan 4 weken de tijd om de aanvraag opnieuw correct in te dienen.

  • 5.

    Op het moment dat het subsidieplafond na 1 januari niet bereikt is, wordt er een tweede aanvraagtermijn opengesteld. Regiogemeenten kunnen dan vóór 1 juni van het lopende subsidiejaar, een tweede aanvraag indienen bij de centrumgemeente. De centrumgemeente beoordeelt de aanvragen pas na de sluitingsdatum van 1 juni en stuurt uiterlijk binnen zes weken een reactie aan de aanvrager(s).

Artikel 8. Verantwoording

Vóór 1 april van het opvolgende kalenderjaar dient de verantwoording over de besteding van het budget beschikbaar te zijn voor de accountantscontrole. De centrumgemeente is verplicht om verantwoording over de non-formele WEB-middelen af te leggen aan het Rijk door middel van een Sisa-verantwoording. Bij de verantwoording dient de aanvrager de volgende zaken aan te tonen:

  • a.

    Een overzicht van de gerealiseerde activiteiten/projecten basisvaardigheden;

  • b.

    Een overzicht van de gerealiseerde kosten.

Artikel 9. Tot slot

Hieronder staat een aantal juridische onderdelen van de subsidieregeling:

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna publiceert het college de vastgestelde subsidieregelingen en de subsidieplafonds voor het komende jaar.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: “Regionale subsidieregeling non-formele Volwasseneneducatie Noordoost-Brabant 2026”.

  • 4.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Postbus 12345

5200 GZ ’s-Hertogenbosch

E-mail: gemeente@s-hertogenbosch.nl

Tel.nr.: 073-615 5155

Projectleider en contractmanager: Sam van Geloven

E-mail: s.vangeloven@s-hertogenbosch.nl

37. Subsidieregeling Zwaarbelaste Voorschoolse Educatie-locaties gemeente ’s-Hertogenbosch

Hoofdstuk 1. Algemeen

Artikel 1.1. Wat is het doel van deze subsidie?

Deze subsidieregeling is bedoeld om zwaarbelaste Voorschoolse Educatie-locaties duurzaam te ondersteunen, zodat peuters de begeleiding krijgen die zij nodig hebben om goed voorbereid aan het basisonderwijs te beginnen.

Artikel 1.2. Begrippenlijst

In deze subsidieregeling komen de volgende begrippen voor:  

  • a.

    ASV: Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch

  • b.

    Aanvrager: Een kinderopvangorganisatie uit/ in de gemeente ’s-Hertogenbosch; 

  • c.

    College: Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch; 

  • d.

    Houder: Degene aan wie een onderneming als bedoeld in de Handelsregisterwet 2007 toebehoort en die met die onderneming een kindercentrum exploiteert; 

  • e.

    Kindercentrum: Een voorziening gevestigd in de gemeente ’s-Hertogenbosch waar kinderopvang van een kind ingeschreven bij de gemeente ’s-Hertogenbosch plaatsvindt, als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet kinderopvang en dat is opgenomen in het Landelijk Register Kinderopvang; 

  • f.

    LRK: Landelijk Register Kinderopvang;

  • g.

    Peuter: Een kind in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar; 

  • h.

    Peutermonitor: Een digitaal systeem waarin het aantal (VE-doelgroep)peuters en de urendeelname per kindercentrum worden bijgehouden; 

  • i.

    Toezichthouder: De toezichthouder zoals bedoeld in artikel 1.61 van de Wet kinderopvang; 

  • j.

    Voorschoolse Educatie (VE): Beredeneerd verrijkt opvangaanbod aan VE-doelgroeppeuters, gebaseerd op een VVE-programma, en met minimaal 960 uur aanbod in anderhalf jaar; 

  • k.

    VVE: Voor- en vroegschoolse educatie; 

  • l.

    VE-peuter: Peuter met een VVE-indicatie; 

  • m.

    VVE-indicatie: Een indicatie voor VVE afgegeven door de Jeugdgezondheidszorg Hart voor Brabant die recht geeft op deelname aan het VVE-peuteraanbod; 

  • n.

    Zwaarbelaste VE-locatie: Een in het LRK geregistreerde VE-locatie waar minimaal 50 % van de gesubsidieerde peuters een VVE-indicatie heeft én waar op jaarbasis gemiddeld 13 peuters of meer een (VE-)peuteraanbod krijgen. Dit wordt vastgesteld via de Peutermonitor.

Hoofdstuk 2. Subsidie voor zwaarbelaste VE-locaties

Artikel 2.1. Wie kan deze subsidie aanvragen?

Deze subsidie kan worden aangevraagd door een houder van een VE-geregistreerd kindercentrum in de gemeente ’s-Hertogenbosch die voorschoolse educatie biedt aan kinderen ingeschreven in de gemeente ’s-Hertogenbosch in de leeftijd 2,5 – 4 jaar. 

Artikel 2.2. Waarvoor kunt u deze subsidie aanvragen?

Deze subsidie wordt verleend voor het verkleinen van de groepsgrootte en /of het inzetten van een extra (pedagogisch) medewerker én het versterken van ouderbetrokkenheid bij de ontwikkeling van de peuters gerelateerd aan het VE-aanbod.

Artikel 2.3. Hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

U kunt voor een heel kalenderjaar een subsidiebedrag aanvragen voor € 5.000,- per zwaarbelaste VE-locatie en € 1.250,- per VE-doelgroeppeuter.

Artikel 2.4. Aan welke voorwaarden moet u voldoen?

Om voor subsidieverlening in aanmerking te komen gelden de volgende voorwaarden:

  • 1.

    De subsidie kan alleen worden aangevraagd voor een VE-locatie waar minimaal 50 % van de gesubsidieerde peuters op de locatie een VVE-indicatie heeft én waar op jaarbasis gemiddeld 13 peuters of meer een (VE-)peuteraanbod krijgen.

  • 2.

    De aanvrager is een in het LRK VE-geregistreerd kindercentrum, gevestigd in  de gemeente ’s-Hertogenbosch en waar een peuter, ingeschreven bij de gemeente ’s-Hertogenbosch, gebruik van maakt en: 

  • 3.

    Die voldoet aan alle voorschriften voor de basiskwaliteit van kindercentra, gesteld bij of krachtens de Wet kinderopvang, het Besluit kwaliteit kinderopvang en de Regeling wet kinderopvang; 

  • 4.

    Die voldoet aan de voorschriften gesteld of krachtens het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie; 

  • 5.

    Waarbij er niet handhavend is opgetreden naar aanleiding van een constatering van een overtreding door de toezichthouder. Als er een voornemen tot handhavend optreden bestaat, zal eerst een besluit op dit voornemen worden afgewacht, voordat de aanvrager voor een subsidie in aanmerking komt;  

  • 6.

    Die voldoet, of bij geval van een nieuwe aanbieder aannemelijk kan maken te voldoen, aan de vereisten van de Bossche Kwaliteitsstandaard; 

  • 7.

    Die deelneemt aan de Peutermonitor, aan gemeentelijke kennisdeling en afstemming rondom VVE-beleid, aan kwaliteitsgesprekken en intervisie, aan monitoring en andere gemeentelijke activiteiten gericht op kwaliteitsverbetering van het VVE-peuteraanbod.  

Artikel 2.5. Weigeringsgronden

Uw aanvraag komt niet in aanmerking voor deze subsidie wanneer: 

  • 1.

    U niet voldoet aan de voorwaarden als genoemd in deze regeling of aan de ASV. 

  • 2.

    Uw aanvraag onvoldoende bijdraagt aan de doelstelling van deze regeling zoals beschreven in artikel 1.

Artikel 2.6. Aanvraag subsidie

  • 1.

    Een aanvraag voor subsidie moet vóór 15 november voorafgaande aan het subsidiejaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft, worden ingediend bij het college.

  • 2.

    Bij een aanvraag voor subsidie wordt gebruik gemaakt van een door het college hiervoor beschikbaar gesteld aanvraagformulier.

  • 3.

    De aanvraag dient te worden gedaan op basis (van een reële inschatting) van het aantal VE-peuters gebaseerd op het voorgaande kalenderjaar. Hiervoor dient de Peutermonitor gebruikt te worden.

 

Artikel 2.7. Hoe en wanneer wordt de subsidie uitbetaald?

  • 1.

    De subsidie wordt uitbetaald op basis van de in het aanvraagformulier aangegeven zwaarbelaste VE-locatie(s) en (de reële inschatting van) het aantal VE-peuters op de betreffende locatie(s) gebaseerd op het voorgaande kalenderjaar.

  • 2.

    De vaststelling van het definitieve subsidiebedrag gebeurt op basis van de aangegeven zwaarbelaste VE-locatie(s) en het definitieve aantal deelnemende VE-peuters op de betreffende locatie(s) gebaseerd op het voorgaande kalenderjaar op basis van de gegevens uit de Peutermonitor.

Artikel 2.8. Verantwoording en definitieve vaststelling subsidie

  • 1.

    Na afloop van de subsidieperiode legt u verantwoording af over de besteding van de subsidie.

  • 2.

    Voor de verantwoording en vaststelling van deze subsidie gebruikt u een door de gemeente opgesteld verantwoordingsformulier. U vult het formulier in met de gegevens uit de Peutermonitor en in overeenstemming met de bepalingen in deze subsidieregeling.

  • 3.

    Om de effecten te meten, neemt u deel aan een monitor- en evaluatie programma welke zal bestaan uit een jaarlijkse vragenlijst en evaluatie-bijeenkomst. Dit dient tevens als instrument voor de inhoudelijke verantwoording.

  • 4.

    Het verantwoordingsformulier moet uiterlijk voor 1 juni van het opvolgende jaar zijn ingediend.  

Artikel 2.9. Onvoorziene omstandigheden en hardheidsclausule

Het college kan één of meer bepalingen uit deze regeling in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover de toepassing van die bepalingen voor de subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepalingen te dienen doelen

Hoofdstuk 3 Slotbepaling

Artikel 3. Slotbepalingen en citeertitel

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026.  

  • 2.

    Het college stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna  publiceert het college de subsidieregelingen voor het komende jaar.   

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling Zwaarbelaste Voorschoolse Educatie-locaties gemeente ‘s-Hertogenbosch.   

  • 4.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.   

 

Contact

Gemeente ’s-Hertogenbosch

Postbus 12345

5200 GZ ’s-Hertogenbosch

E-mail: gemeente@s-hertogenbosch.nl

Tel.nr.: 073-615 5155

38. Subsidieregeling Peuteropvang en voorschoolse educatie gemeente ’s-Hertogenbosch

Hoofdstuk 1. Algemeen

Artikel 1.1 Wat is het doel van deze subsidieregeling?

Het doel van deze regeling is het vergroten van de onderwijskansen van kinderen in de gemeente ’s-Hertogenbosch, specifiek door activiteiten op het gebied van taalontwikkeling. De activiteiten zijn gericht op kinderen in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar. De activiteiten zijn in het bijzonder voor kinderen die (een risico op) (taal)achterstanden en daarmee een risico op een onderwijsachterstand hebben.  

Dit sluit aan bij de opdracht aan gemeenten om: 

  • voor peuters met een risico op een (taal)achterstand voorschoolse educatie aan te bieden (artikel 159 Wet op het Primair Onderwijs);  

  • een aanbod voor alle peuters te realiseren volgens bestuurlijke afspraken tussen rijk en gemeente (bestuursakkoord: Een aanbod voor alle peuters);  

 

Artikel 1.2 Woordenlijst subsidieregeling

In deze subsidieregeling komen de volgende begrippen voor:  

  • a.

    ASV: Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch.

  • b.

    Aanvrager: Een kinderopvangorganisatie die een schriftelijk verzoek voor subsidie indient; 

  • c.

    College: Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch; 

  • d.

    Doelgroepkinderen: Kinderen in de leeftijd 2,5 – 4  jaar die een risico lopen op een onderwijsachterstand en/of een achterstand in de Nederlandse taal; 

  • e.

    Fiscaal uurtarief: Het maximaal uurtarief dat de Belastingdienst hanteert voor de vergoeding van de kosten van ouder(s) voor kinderopvang (peuteropvang); 

  • f.

    Houder: Degene aan wie een onderneming als bedoeld in de Handelsregisterwet 2007 toebehoort en die met die onderneming een kindercentrum exploiteert; 

  • g.

    Inkomensverklaring: Een verklaring van de Belastingdienst met de inkomensgegevens van de ouder(s) over een belastingjaar; 

  • h.

    Kindercentrum: Een voorziening gevestigd in de gemeente ’s-Hertogenbosch waar kinderopvang van een kind ingeschreven bij de gemeente ’s-Hertogenbosch plaatsvindt, als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet kinderopvang en dat is opgenomen in het Landelijk Register Kinderopvang; 

  • i.

    Kinderopvang: Wat daar onder verstaan wordt in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet kinderopvang; 

  • j.

    Kinderopvangtoeslag: Een tegemoetkoming van het Rijk voor werkende of studerende ouders in de kosten voor kinderopvang zoals beschreven in de Wet kinderopvang artikel 1.6; 

  • k.

    Landelijk Register Kinderopvang: Wat daar onder wordt verstaan in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet kinderopvang; 

  • l.

    Ouder(s): Ouder(s) in de zin van de Wet kinderopvang en de Wet op het primair onderwijs; 

  • m.

    Ouderbijdrage: Inkomensafhankelijke bijdrage van de ouders van een kind voor de uren (VVE- ) peuteropvang die worden afgenomen; 

  • n.

    Peuter: Een kind in de leeftijd 2,5 - 4 jaar; 

  • o.

    Peuterarrangement: Kortdurende opvang voor peuters van 2,5 - 4 jaar in een kindercentrum in een groep met maximaal 16 kindplaatsen; 

  • p.

    Peutermonitor: Een digitale tool waarin per kindercentrum het aantal (VVE-doelgroep)peuters en de urendeelname worden bijgehouden; 

  • q.

    Subsidie-uurtarief: Het uurtarief dat de gemeente hanteert bij het berekenen van de subsidie; 

  • r.

    Subsidieplafond: Het bedrag dat tijdens een bepaald tijdvak maximaal beschikbaar is voor deze subsidieregeling. Het college stelt de subsidieplafonds jaarlijks vast. Dit gebeurt na vaststelling van de begroting door de gemeenteraad in november. 

  • s.

    Toezichthouder: De toezichthouder als bedoeld in artikel 1.61 van de Wet kinderopvang; 

  • t.

    Voorschoolse educatie: Beredeneerd verrijkt opvangaanbod aan VVE-doelgroeppeuters, op basis van een VVE-programma en voor minimaal 960 uur in anderhalf jaar; 

  • u.

    VVE: Voor- en vroegschoolse educatie; 

  • v.

    VVE- doelgroeppeuters : Peuters met een VVE-indicatie; 

  • w.

    VVE-indicatie: Een indicatie voor VVE afgegeven door de Jeugdgezondheidszorg Hart voor Brabant waaruit blijkt dat het kind recht heeft op deelname aan het VVE-peuterarrangement; 

  • x.

    VVE-locatieplan: Een plan van de kinderopvang en basisschool op een VVE-locatie dat de procesverbetering van de kwaliteit van VVE op locatie ondersteunt. 

  • y.

    Ve -locatie: Een in het LRK geregistreerde VE-locatie minimaal 35 % gesubsidieerde VVE-doelgroeppeuters op locatieniveau. Dit percentage betreft de verhouding reguliere peuters versus VVE-doelgroeppeuters van het voorgaande kalenderjaar. Deze locatie vangt door het jaar heen gemiddeld 13 of meer kinderen op die gebruik maken van een gesubsidieerd (ve)peuteraanbod. Dit wordt geverifieerd via de Peutermonitor. 

  • z.

    VVE-peuterarrangement: Kortdurende opvang voor VVE-doelgroeppeuters, waarbij VVE wordt geboden. 

 

Artikel 1.3 Wie kan deze subsidie aanvragen?

Deze subsidie kan worden aangevraagd door kinderopvangorganisaties in de gemeente 

’s-Hertogenbosch die peuteropvang en/of voorschoolse educatie leveren aan kinderen ingeschreven in de gemeente ’s-Hertogenbosch in de leeftijd 2,5 – 4 jaar.  

 

Hoofdstuk 2. Voorschoolse voorzieningen voor (doelgroep) peuters

  

Artikel 2.1. Waarvoor kunt u deze subsidie aanvragen?

U kunt voor één of meer van de volgende activiteiten subsidie aanvragen: 

  • 1.

    Het bieden van een VVE-peuterarrangement aan doelgroeppeuters voor minimaal en maximaal 960 uur in de leeftijdsperiode 2,5 - 4 jaar, met een maximum van 6 uur per dagdeel VVE-peuterarrangement.  

  • 2.

    Het bieden van een peuterarrangement aan peuters zonder VVE-indicatie door een erkende kinderopvanginstelling voor maximaal 480 uur in de leeftijdsperiode 2,5 - 4 jaar. 

  • 3.

    Een tegemoetkoming voor de inzet van de pedagogisch beleidsmedewerker in de voorschoolse educatie. 

  • 4.

    Een aanvullende locatiesubsidie voor een VE-locatie. 

Artikel 2.2. Hoeveel subsidie kunt u aanvragen?

  • 1.

    Voor (VVE-)peuterarrangementen kunt u subsidie aanvragen voor het per (VVE-doelgroep)peuter werkelijk afgenomen aantal uren (VVE-)peuterarrangement. Hierbij geldt de maximale subsidie per bezet (VVE-)peuterarrangement per jaar: uren per week * aantal weken * subsidieuurtarief minus de geldende, berekende inkomensafhankelijke ouderbijdrage conform artikel 2.3.  

  • 2.

    Het subsidieuurtarief is bedoeld voor onder andere: het voldoen aan alle wettelijke eisen, de  voorbereiding en uitvoering van (ve-)activiteiten, materialen, huisvesting, coördinatie en managementuren, taakuren voor overdracht, signalering, ouderbijeenkomsten en oudergesprekken en de scholing en professionalisering van de pedagogisch medewerkers conform het wettelijke kader en het gestelde in de Bossche kwaliteitsstandaard. 

  • 3.

    U kunt daarnaast een aparte subsidie aanvragen voor een tegemoetkoming voor de inzet van de ve-beleidsmedewerker in de voorschoolse educatie. U kunt deze subsidie alleen aanvragen als u ook subsidie aanvraagt voor VVE-peuterarrangementen. De subsidie is gebaseerd op het aantal VVE-doelgroeppeuters per 1 januari van het betreffende subsidiejaar x 10 uur x het uurtarief ve-beleidsmedewerker. Dit uurtarief wordt bepaald op basis van de in september voorafgaand aan het subsidiekalenderjaar gepubliceerde salarisschaal CAO kinderopvang schaal 9- hoogste trede. De subsidie is bedoeld voor de inzet van de ve-beleidsmedewerker voor het uitvoeren beleidsmatige taken op het gebied van voorschoolse educatie, het coachen van pedagogisch medewerkers op locatie en deelname aan gemeentebrede intervisie (zie ook uitvoeringskader ve-beleidsmedewerker). 

  • 4.

    Voor een ve-locatie met minimaal 35 % doelgroeppeuters kunt u een aanvullende locatiesubsidie aanvragen voor ve-coördinatie ten behoeve van de afstemming en de samenwerking met het kindcentrum in het kader van een doorgaande lijn.  

  • 5.

    De subsidietarieven worden jaarlijks door het college vastgesteld en in het aanvraagformulier opgenomen. Eventuele verhoging van de subsidie uurtarieven is gebaseerd op de indexatie van het fiscale maximum.  

Artikel 2.3. Welke ouderbijdragen gelden er voor (VVE-)peuterarrangementen?

  • 1.

    Voor (VVE-)peuterarrangementen betalen ouders een inkomensafhankelijke ouderbijdrage. Ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag betalen voor maximaal 320 uur per jaar een door de gemeente vastgestelde inkomensafhankelijke ouderbijdrage aan het kindercentrum tot aan het jaarlijks door het Rijk vastgestelde fiscaal maximum. 

  • 2.

    Ouders met recht op kinderopvangtoeslag betalen voor maximaal 320 uur per jaar het fiscale maximum aan het kindercentrum en vragen hierover kinderopvangtoeslag aan. 

  • 3.

    VVE-doelgroeppeuters die naar een VVE-peuterarrangement gaan, kunnen in het totaal 640 uur per jaar deelnemen. Ouders betalen voor de resterende maximaal 320 uur in overeenstemming met gemeentelijk beleid geen ouderbijdrage.  

  • 4.

    De inkomensafhankelijke ouderbijdrage zoals hierboven genoemd (artikel 2.3 lid 1) is gebaseerd op de peuteropvangtabel van de Verenging van Nederlandse Gemeenten en is op te vragen bij de gemeente.  

  • 5.

    Voor het vaststellen van de inkomensafhankelijke ouderbijdrage zoals hierboven genoemd (artikel 2.3 lid 1) gebruikt u het verzamelinkomen van ouders over het voorgaande kalenderjaar. Dit inkomen wordt bepaald aan de hand van de door ouders te overleggen inkomensverklaring van de Belastingdienst. Als het verwachte verzamelinkomen van de ouders anders is dan dat van de inkomensverklaring(en), kunt u ouders documenten vragen waaruit de hoogte van het verwachte verzamelinkomen blijkt. Dit kunnen zijn: salarisstrook, uitkeringsspecificatie, werkgeversverklaring, verklaring van schuldsanering etc. Uit deze documenten moet blijken dat de inkomenswijziging structureel is, en in ieder geval geldt voor minimaal drie maanden voorafgaand aan plaatsing op een (VVE-)peuterarrangement. Een kopie van deze documenten neemt u op in het kind dossier als onderbouwing voor het vaststellen van de ouderbijdrage. 

Artikel 2.4. Aan welke voorwaarden moet u voldoen?

  • 1.

    De aanvrager voor subsidie voor een (VVE-)peuterarrangement is een kindercentrum gevestigd in de gemeente ’s-Hertogenbosch waar een peuter ingeschreven bij de gemeente ‘s-Hertogenbosch gebruik van maakt en: 

    • a.

      Die voldoet aan alle voorschriften voor de basiskwaliteit van kindercentra, gesteld bij of krachtens de Wet kinderopvang, aan voorschriften gesteld bij of krachtens het Besluit kwaliteit kinderopvang en aan voorschriften gesteld bij of krachtens de Regeling wet kinderopvang; 

    • b.

      Waarbij er niet handhavend is opgetreden naar aanleiding van een constatering van een overtreding door de toezichthouder. Indien er een voornemen tot handhavend optreden bestaat, zal eerst een besluit op dit voornemen worden afgewacht, alvorens de aanvrager voor een subsidie in aanmerking komt;  

    • c.

      Die voldoet, of bij geval van een nieuwe aanbieder aannemelijk kan maken te voldoen, aan de vereisten van de Bossche Kwaliteitsstandaard; 

    • d.

      Die deelneemt aan de Peutermonitor, aan gemeentelijke kennisdeling en afstemming rondom VVE-beleid, aan kwaliteitsgesprekken en intervisie, aan monitoring en andere gemeentelijke activiteiten gericht op kwaliteitsverbetering van (VVE-)peuterarrangementen.  

  • 2.

    De aanvrager voor subsidie voor een Ve-locatie is een in het Landelijk Register Kinderopvang als VVE geregistreerd kindercentrum waar een VVE-doelgroeppeuter gebruik van maakt en   

    • a.

      Die voldoet aan het eerste lid van dit artikel; 

    • b.

      Die voldoet aan de voorschriften gesteld of krachtens het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. 

  • 3.

    U kunt alleen subsidie aanvragen voor kinderen ingeschreven in de gemeente ’s-Hertogenbosch. Voor (VVE-)peuterarrangementen geldt daarnaast dat de deelnemende peuters tussen de 2,5 en 4 jaar moeten zijn. In overleg met en na aparte toestemming van de gemeente is plaatsing en een tegemoetkoming in de vergoeding voor peuters jonger dan 2,5 jaar en verlenging na de leeftijd van 4 jaar of plaatsing van kinderen die niet zijn ingeschreven in de gemeente, mogelijk.  

  • 4.

    Voor de aanvraag  van deze subsidie gebruikt u een door de gemeente opgesteld aanvraagformulier.  

  • 5.

    Onderdeel van de aanvraag is een inhoudelijke onderbouwing, waarin is beschreven hoe in het subsidie(aanvraag)jaar wordt gewerkt/gewerkt gaat worden aan de subsidiedoelen, het Bossche kwaliteitskader, en door de gemeente in overleg met de houders hiervan afgeleide onderwerpen. Ook geeft u voor het betreffende kalenderjaar het verwachte aantal peuters en ve-locaties op. In uw aanvraag tbv de VE-locaties mbt extra inzet VE-coördinatie maakt u – indien van toepassing- in het VVE-locatieplan duidelijk op welke wijze deze subsidie is ingezet.  

  • 6.

    Wanneer u voor het eerst subsidie aanvraagt voor (VVE-)peuterarrangementen moet u bij uw aanvraag ook een afschrift van de oprichtingsakte of de statuten van de rechtspersoon, alsmede het jaarverslag, de jaarrekening of de balans van het voorgaande jaar meesturen.  

 

Artikel 2.5. Wanneer komt uw aanvraag voor (VVE-)peuterarrangementen niet in aanmerking?

Uw aanvraag komt niet in aanmerking voor deze subsidie wanneer: 

  • 1.

    U niet voldoet aan de voorwaarden van deze regeling zoals beschreven in artikel 2.4 of aan de ASV. 

  • 2.

    Uw aanvraag onvoldoende bijdraagt aan de doelstelling van deze regeling zoals beschreven in artikel 1. 

  • 3.

    De aanvraag onvolledig is. 

  • 4.

    Er handhavend is opgetreden naar aanleiding van een constatering van een overtreding door de toezichthouder. Indien er een voornemen tot handhavend optreden bestaat, zal eerst een besluit op dit voornemen worden afgewacht, alvorens de aanvrager voor een subsidie in aanmerking komt. 

 

Artikel 2.6. Hoe verloopt de subsidieprocedure?

Subsidieaanvragen voor een tegemoetkoming voor peuteropvang en voorschoolse educatie moeten uiterlijk voor 15 november voor het nieuwe subsidiejaar binnen zijn. Deze subsidie loopt per kalenderjaar. 

U ontvangt binnen 6 weken na de sluitingsdatum een besluit op uw aanvraag. 

 

Artikel 2.7. Hoe kunt u deze subsidie aanvragen?

  • 1.

    Een aanvraag voor deze subsidie kan gedaan worden via het aanvraagformulier dat via de website van de gemeente ’s-Hertogenbosch verkrijgbaar is.  

  • 2.

    Bij vragen kunt u contact opnemen met de contactpersoon onderaan deze regeling en/of het gemeentelijk contact centrum van de gemeente ’s-Hertogenbosch. 

Artikel 2.8. Hoe en wanneer wordt de subsidie uitbetaald?

De subsidie wordt als voorschot uitbetaald op basis van de in het aanvraagformulier aangegeven aantallen verwachte deelnemende (VVE-doelgroep)peuters en het aantal ve-locaties. De uiteindelijke vaststelling van het definitieve subsidiebedrag gebeurt op basis van het aantal ve-locaties, de uren en aantallen peuters zoals opgenomen in de Peutermonitor. 

Artikel 2.9. Verantwoording en definitieve vaststelling subsidie

  • 1.

    Na afloop van de subsidieperiode legt u verantwoording af over de besteding van de subsidie. Deze verantwoording bestaat uit een volledig en correct ingevuld door de gemeente verstrekt verantwoordingsformulier. U vult het formulier in met de gegevens uit de Peutermonitor en in overeenstemming met de bepalingen in deze subsidieregeling.

  • 2.

    De Peutermonitor maakt een berekening van te ontvangen subsidie (met aftrek van ouderbijdragen) inzichtelijk voor peuters en VVE-doelgroeppeuters, waarbij er onderscheid is tussen ouders die wel of geen kinderopvangtoeslag betalen. Ook het aantal uren dat peuters hebben deelgenomen, wordt uit de Peutermonitor overgenomen.

  • 3.

    Wanneer uit de aangeleverde informatie in het vaststellingsformulier blijkt dat het aantal gerealiseerde uren van (VVE-)peuterarrangementen, het aantal (doelgroep)peuters of aantal ve-locaties lager is dan volgens de aanvraag en minder is dan de gemeente heeft voorgeschoten kan dit een terugvordering tot gevolg hebben.

  • 4.

    Het verantwoordingsformulier moet uiterlijk voor 1 juni van het opvolgende jaar zijn ingediend.

  • 5.

    Als een organisatie € 500.000,- of meer aan subsidie ontvangt voor peuteropvang en voorschoolse educatie (al dan niet via meerdere gemeenten), moet zij uiterlijk op 1 juni een controleverklaring van een onafhankelijke accountant aanleveren. De accountant bevestigt dat het vaststellingsformulier correct is ingevuld en dat deze voldoet aan de ‘Subsidieregeling peuteropvang en voorschoolse educatie gemeente ‘s-Hertogenbosch’. Daarbij gebruikt de accountant een materialiteit van 1 % voor fouten en 3 % voor onzekerheden.

  • 6.

    Indien deze regeling niet voorziet in specifieke bepalingen met betrekking tot de controle op subsidieverantwoording, wordt teruggevallen op de meest recente versie van de Handleiding Subsidiecontrole van de Subsidy Audits Community. Deze handleiding geldt dan als leidraad voor de uitvoering van de accountantscontrole en de beoordeling van de subsidieverantwoording.

Artikel 3. Tot slot

Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 januari 2026

  • 1.

    Het college kan besluiten in uiterste gevallen en beredeneerd afwijken van deze regeling.

  • 2.

    Het college stelt de subsidieregelingen jaarlijks (veranderd of onveranderd) vast. Daarna  publiceert het college de subsidieregelingen voor het komende jaar.

  • 3.

    Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling peuteropvang en voorschoolse educatie gemeente ‘s-Hertogenbosch.

  • 4.

    De Algemene subsidieverordening ’s-Hertogenbosch (ASV) is op deze subsidieregeling van toepassing.

 

Contact

Voor vragen over deze regeling kunt u contact opnemen de verantwoordelijk beleidsambtenaar via subsidies@s-hertogenbosch.nl

Ondertekening

Het college voornoemd,

De secretaris,

Drs. B. van der Ploeg

De burgemeester,

Drs. J.M.L.N. Mikkers


Noot
1

Regionale subsidieregeling Stimulering ervaringsdeskundigheid Meierij-Bommelerwaard 2023-2025.

Noot
2

Zie Gecijferdheid, Standaarden en eindtermen ve, Referentiekader Taal en Rekenen.

Noot
3

De mogelijke impact hiervan is, volgens de OESO, dat het werk van 9% van de werkenden in Nederland (in de toekomst) te automatiseren is.