Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR747937
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR747937/1
Westlandse richtlijn voor verkeersmaatregelen bij wegen(bouw)projecten en evenementen 3.0
Geldend van 01-01-2026 t/m heden
Intitulé
Westlandse richtlijn voor verkeersmaatregelen bij wegen(bouw)projecten en evenementen 3.0besluit
- 1.
De Westlandse richtlijn voor verkeersmaatregelen bij wegen(bouw)projecten en evenementen 3.0 vast te stellen en in werking te laten treden op 1 januari 2026.
- 2.
De huidige ‘Richtlijn voor verkeersmaatregelen bij wegwerkzaamheden en evenementen op gemeentelijke wegen 2.0 - Zo werken wij in Westland’ op 31 december 2025 in te trekken.
1. RICHTLIJN, CERTIFICERING EN TOEZICHT
1.1 Inleiding
Dit is de nieuwe Westlandse richtlijn voor verkeersmaatregelen bij wegen(bouw)projecten en evenementen. De richtlijn is opgesteld door Bereikbaar Westland, die de regie voert over alle activiteiten met verkeershinder en verkeersmanagement.
De richtlijn is aangepast op basis van ervaringen met versie 2.0 en nieuwe ontwikkelingen. De richtlijn is korter, duidelijker en makkelijker in gebruik. De belangrijkste wijzigingen zijn:
- •
Nieuwe eisen voor een verkeerstekening en parkeerverbod.
- •
Uitgebreidere lijst met gemeentelijke wegen waarvoor de werkbare uren gelden (te vinden als kaartlaag in het systeem).
- •
Aangepaste voorwaarden voor toestemming.
- •
Extra informatie, bijvoorbeeld over Bereikbaarheid, Leefbaarheid, Veiligheid en Communicatie (hierna BLVC) en huisvuilinzameling (zie hoofdstuk 7).
1.2 Het toepassen van tijdelijke verkeersmaatregelen
Wij werken dagelijks aan het wegennet van Westland. Zo maken we Westland klaar voor de toekomst. Dat geeft soms overlast. We beperken die zo veel mogelijk. Ons doel is dat verkeer goed kan doorstromen en dat de wegen veilig blijven, ook tijdens werkzaamheden of evenementen. Tijdelijke verkeerssituaties leiden weggebruikers soms af. Daarom nemen we maatregelen die de veiligheid van weggebruikers en wegwerkers vergroten. We zorgen dat verkeershinder en vertragingen zo klein mogelijk blijven. Werkzaamheden met verkeershinder voeren wij in een kort en realistisch tijdsbestek uit.
Voldoet een werk op de openbare weg niet aan de gestelde eisen? Dan laten wij de verkeersmaatregelen aanpassen door een andere partij, op kosten van de uitvoerder. Als dat nodig is, leggen we het werk stil en herstellen we een en ander naar de oorspronkelijke situatie.
1.3 Werknemers moeten gecertificeerd zijn
Iedereen die tijdelijke verkeersmaatregelen plaatst, onderhoudt, verwijdert of controleert moet gecertificeerd zijn. Verder gelden de volgende aandachtspunten:
- •
Bij voorkeur beschikt u over een persoonsgebonden BRL 9101 certificaat (medewerker, vakman of specialist).
- •
Ook het certificaat Veilig werken langs de weg is toegestaan.
- •
U moet daarnaast een VCA-certificaat hebben.
- •
Bent u bestuurder van een voertuig dat deel uitmaakt van een rijdende afzetting? Dan heeft u óók een persoonsgebonden certificaat nodig.
- •
Een BRL 9101-bedrijfscertificering is wenselijk, maar niet verplicht.
Organiseert u een evenement? Dan geldt deze certificeringsplicht niet.
1.4 Toezicht en het opvolgen van aanwijzingen
De volgende partijen mogen aanwijzingen geven:
- •
Toezichthouders van gemeente Westland (waaronder Bereikbaar Westland).
- •
Buitengewoon opsporingsambtenaren (BOA’s) van gemeente Westland.
- •
Projectleider, directievoerder of toezichthouder van gemeente Westland.
- •
Brandweer en politie.
Geeft u geen of onvoldoende gehoor aan een aanwijzing?
Dan kan de gemeente de toestemming intrekken en de werkzaamheden stilleggen. Dit gebeurt direct als de veiligheid of doorstroming in gevaar is.
2. TOESTEMMING WEGBEHEERDER
2.1 De wegbeheerder moet toestemming geven voor tijdelijke verkeersmaatregelen
De Wegenwet bepaalt dat de wegbeheerder verantwoordelijk is voor het onderhoud van de weg, de bescherming van weggebruikers en een vrije doorgang. De wegbeheerder mag hiervoor regels stellen en toestemming verlenen.
Volgens de Wegenverkeerswet 1994 en artikel 34 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: BABW) is toestemming van de wegbeheerder of eigenaar verplicht voor tijdelijke verkeersmaatregelen.
Bereikbaar Westland verleent toestemming voor verkeersmaatregelen die maximaal vier maanden duren. U dient hiervoor een aanvraag in (zie paragraaf 3.1).
Duren de maatregelen langer dan vier maanden? Dan is een verkeersbesluit nodig van het college van burgemeester en wethouders. Houd daarbij rekening met een langere doorlooptijd en een bezwaartermijn van zes weken. Voor dit verkeersbesluit gelden dezelfde voorwaarden als bij maatregelen tot vier maanden (zie paragraaf 2.3).
Naast toestemming kunnen ook andere vergunningen nodig zijn:
- •
Voor kabels- en leidingenwerkzaamheden: een graafvergunning.
- •
Voor het plaatsen van een hijskraan, hoogwerker, verreiker of autolaadkraan op de openbare weg: een ontheffing op grond van artikel 2:10 van de Algemene Plaatselijke Verordening Westland 2019. Vraag deze ontheffing aan vóórdat u een aanvraag voor tijdelijke verkeersmaatregelen indient (zie figuur 1).
- •
Voor een tijdelijke in- of uitrit aan een gemeentelijke weg: een omgevingsvergunning.
2.2 De randvoorwaarden voor veilig werken staan in wet- en regelgeving
Een veilige inrichting van de werkplek en het veilig uitvoeren van werkzaamheden staan vastgelegd in verschillende wetten en regels.
- •
De wegenverkeerswet 1994 (WVW).
- •
Het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (RVV 1990).
- •
Het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW) en de uitvoeringsvoorschriften voor verkeerstekens.
- •
De Regeling Verkeersregelaars 2009.
- •
De Regeling Verkeerslichten.
- •
De Arbeidswet.
- •
De Algemene Plaatselijke Verordening Westland 2019 (hierna: APV).
- •
De CROW-publicatiereeks Werk in Uitvoering 96a/b (inclusief errata).
Daarnaast gelden in de provincie ook de ‘Spelregels Regioregie Zuid-Holland’. U vindt deze op de website van Zuid-Holland Bereikbaar.
2.3 Bij de toestemming horen een aantal voorwaarden
Houd u aan de volgende voorwaarden bij tijdelijke verkeersmaatregelen:
- 1.
Volg de beleidsuitgangspunten in de CROW-publicatiereeks Werk in Uitvoering 96a/b. Let daarbij op verkeersveiligheid, doorstroming, zo min mogelijk hinder voor de omgeving, het milieu en de leefbaarheid.
- 2.
Werk volgens de goedgekeurde verkeersmaatregelen, planning, fasering, data, tijden en bereikbaarheid voor hulpdiensten en busdiensten.
- 3.
Laat wijzigingen in tekening, maatregelen, fasering of uitvoeringsperiode eerst goedkeuren door Bereikbaar Westland.
- 4.
Houd op het werk een(digitaal) exemplaar bij van de verkeers-tekening en de verleende toestemming.
- 5.
Neem als aanvrager/aannemer verantwoordelijkheid voor de verkeersveiligheid tijdens de werkzaamheden. Neem alle noodzakelijke maatregelen volgens wetgeving, weersomstandigheden en verkeerstekening(en).
- 6.
Gebruik verkeersmaatregelen en materialen die voldoen aan de CROW-publicatiereeks Werk in Uitvoering 96a/b en de richtlijn verkeersmaatregelen van gemeente Westland.
- 7.
Zorg dat verkeersregelaars voldoen aan de Regeling verkeers-regelaars 2009.
- 8.
Laat iedereen binnen het werkvak goed zichtbare veiligheidskleding dragen volgens de Crow-publicatiereeks Werk in Uitvoering 96a/b, ook bij slecht weer of schemer.
- 9.
De aanvrager/aannemer is primair verantwoordelijk voor alle schade die ontstaat door het uitvoeren van werkzaamheden, ook als hiervoor toestemming is gegeven. Deze verantwoordelijkheid geldt ook voor schade die ontstaat doordat de weg of openbare ruimte niet goed of veilig is achtergelaten. Als de gemeente aansprakelijk wordt gesteld op grond van artikel 6:174 BW of op andere juridische gronden voor schade die direct of indirect te maken heeft met deze werkzaamheden, moet de aanvrager/aannemer de gemeente vrijwaren van die aansprakelijkheid. Ook moet de aanvrager/aannemer en alle kosten, schade en claims vergoeden. De aanvrager/aannemer moet zich voldoende verzekeren tegen dit soort risico’s.
- 10.
Meld een ongeval bij wegwerkzaamheden direct bij Bereikbaar Westland én bij de directie op het werk.
2.4 Wij trekken de toestemming in als u de regels niet naleeft
Wij kunnen een toestemming intrekken als:
- •
U zich niet houdt aan de voorwaarden die aan de toestemming verbonden zijn.
- •
Er sprake is van een calamiteit.
- •
Een hogere overheid ons maatregelen oplegt.
3. AANVRAGEN TIJDELIJKE VERKEERSMAATREGELEN VIA VERKEERSLOKET MELVIN
3.1 Het indienen van een aanvraag voor tijdelijke verkeersmaatregelen gaat via Melvin
Melvin staat voor het MELden van Verstoringen in de Infrastructuur in Nederland. Het is de applicatie waarmee beheerders van weg en water werkzaamheden en evenementen invoeren en op elkaar afstemmen. Zo ontstaat een compleet overzicht van werkzaamheden op korte, middellange en lange termijn.
Zo vraagt u toegang tot Melvin aan:
- •
Maakt uw bedrijf nog geen gebruik van Melvin? Stuur dan een e-mail naar regioregie@zuidhollandbereikbaar.nl.
- •
Heeft uw organisatie al toegang? Dan kan de ‘aannemer-beheerder’ binnen uw organisatie nieuwe gebruikers toevoegen met de rol ‘aannemer’.
- •
Heeft u nog geen autorisatierechten om in gemeente Westland aanvragen in te dienen? Stuur dan ook een e-mail naar regioregie@zuidhollandbereikbaar.nl.
3.2 Houd rekening met de minimale aanvraagtermijnen bij het indienen van een aanvraag
Voor elke soort locatie en impact van de werkzaamheden geldt een minimale aanvraagtermijn.
|
Locatie |
Impact |
Aanvraagtermijn |
|
Berm |
(langs)Afzetting met snelheidsbeperking |
2 weken |
|
Parkeerhaven- of strook/ rijbaan |
Parkeerverbod |
1 weken |
|
Fiets-/bromfietspad |
Versmalling rijstrook, rijstrookafsluiting, volledige afsluiting of omleiding |
2 weken |
|
Rijbaan |
Rijstrookafsluiting/versmalling |
2 weken |
|
Rijbaan |
Rijbaanafsluiting |
4 weken |
3.3 Houd rekening met regels voor het Regionaal Verkeersmanagement (RVM) netwerk
Voor regionale afstemming gebruikt u het Regionaal Verkeers-management (RVM) netwerk, ook wel het RegioRegie-wegennet.
Dit is een vastgesteld netwerk van wegen. Als uw project op, over of met impact op dit netwerk wordt gepland, moet u dit afstemmen.
In Melvin ziet u dit netwerk terug bij de kaartlagen RVM en RVM Plus.
Houd rekening met de volgende aandachtspunten:
- •
Spitstijden: maandag tot en met vrijdag van 07.00 - 09.00 uur en van 16.00 - 19.00 uur.
- •
Weekend: vrijdag 19.00 uur tot maandag 07.00 uur. In het weekend zijn er geen spitstijden.
- •
Afwijken mag alleen na overleg én goedkeuring van Bereikbaar Westland. De beoordeling hangt af van factoren zoals verkeersintensiteit, locatie, weersomstandigheden, impact op de omgeving of aard van de werkzaamheden.
- •
Houd bij afsluitingen rekening met uitwijken naar avond- of nachturen, of naar het weekend.
- •
Plaats en verwijder tijdelijke verkeersmaatregelen bij voorkeur alleen buiten de spits. Het op- en afdraaien mag in principe ook tijdens de spits.
3.4 Stem ongeplande hinder direct af met Bereikbaar Westland
Bij incidenten of calamiteiten die direct gevaar (kunnen) opleveren voor de veiligheid van weggebruikers en omwonenden, staat veiligheid voorop. Stel de situatie direct veilig. Voorkom dat het erger wordt. Deze werkzaamheden vinden onverwacht plaats, op verschillende locaties en tijden.
Buiten kantoortijden geldt het volgende:
- •
Bel onze wachtdienst via telefoonnummer 14 0174.
- •
Is de piketdienst niet bereikbaar? Bel dan de politie via telefoonnummer 0900 8844.
Bij een calamiteit moet u alsnog een aanvraag tijdelijke verkeersmaatregelen indienen. Vermeld daarbij minimaal:
- •
De oorzaak.
- •
De verkeershinder.
- •
De verwachte duur van de afsluiting.
- •
Contactgegevens van de aannemer/opdrachtgever.
3.5 Bereikbaar Westland beoordeelt de aanvraag procesmatig en inhoudelijk
Uw aanvraag voor tijdelijke verkeersmaatregelen (TVM) moet voldoen aan de CROW-publicatiereeks Werk in Uitvoering 96a/b. Deze richtlijnen zorgen ervoor dat weggebruikers en wegwerkers zo goed mogelijk beschermd zijn.
Dient u een volledige en tijdige aanvraag in? Dan verloopt het proces snel en soepel (zie figuur 1).
Na goedkeuring ontvangt u bericht via Melvin en/of per mail.
Het verkrijgen van toestemming hangt ook af van mogelijke raakvlakken met andere activiteiten.
3.6 We stemmen werkzaamheden in Zuid-Holland af om hinder te beperken
In Zuid-Holland vinden veel weg- en spoorwerkzaamheden en evenementen plaats. Om hinder te beperken, stemmen infrabeheerders alle werkzaamheden voor de korte, middellange en lange termijn af. Het team RegioRegie van Zuid-Holland Bereikbaar zorgt voor deze afstemming tussen infrabeheerders, zoals Rijkswaterstaat, provincie, gemeenten en waterschappen. Werkzaamheden worden zoveel mogelijk gecombineerd.
Het afstemmen van werkzaamheden doen we met de meerjarenplanning en -analyse (MJPA). Dit is een overzicht van alle geplande werkzaamheden en evenementen in de komende jaren. In Regionale AfstemmOverleggen (RAO’s) worden projecten die binnen twee jaar plaatsvinden, besproken en afgestemd. Gemeente Westland neemt deel aan de afstemoverleggen voor de regio Haaglanden en Rijnmond Noord.
Een goede afstemming valt of staat met het maken van afspraken over bereikbaarheid en planning. Hiervoor hebben infrabeheerders spelregels met elkaar afgesproken. Zo waarborgen we de regionale bereikbaarheid.
3.7 Vermeld altijd een graafvergunningsnummer bij kabels- en leidingenwerkzaamheden
Vermeld altijd een graafvergunningsnummer in het vak ‘Vergunnings-nummer’. Zonder dit nummer wordt een TVM-aanvraag direct afgewezen, behalve bij een calamiteit.
Een graafvergunningsnummer bestaat uit een jaartal, gevolgd door een punt en vier cijfers (bijvoorbeeld 2026.1234).
4. VERKEERSTEKENING, VERKEERSMAATREGELEN EN OMLEIDINGEN (1/5)
4.1 Een verkeerstekening laat de verkeersmaatregelen zien
De veiligheid van weggebruikers en wegwerkers staat altijd voorop bij werken in de openbare ruimte. Komt de verkeersveiligheid of doorstroming in gevaar bij een project of evenement? Dan zijn verkeersmaatregelen nodig.
Bij een aanvraag voor tijdelijke verkeersmaatregelen voegt u een verkeerstekening toe. Dit zijn één of meer tekeningen met alle maatregelen die gelden in een situatie die door werkzaamheden afwijkt van de normale situatie.
Niet altijd is een verkeerstekening nodig. Soms is een verwijzing naar een standaardmaatregel uit ‘Werk in uitvoering 96b’ genoeg. Denk aan een halve rijbaanafzetting of een bermafzetting langs een weg zonder een kruising dichtbij het werkvak. Bij straatfeesten is een verkeerstekening ook niet nodig.
Twijfelt u of een verkeerstekening nodig is? Neem dan contact op met Bereikbaar Westland.
4.2 Eisen aan een verkeerstekening
Een verkeerstekening bevat minimaal:
- •
De bestaande wegindeling en situatie, inclusief markeringen.
- •
De te nemen verkeersmaatregelen (ook parkeerverboden).
- •
De locatie en aantal verkeersregelaars, hun taak en prioriteit.
- •
De benodigde werkruimte en beschikbare verkeersruimte (maatvoering en dwarsprofiel).
- •
De (omleidings)routes voor alle modaliteiten.
- •
Hoe algemene bestemmingen bereikbaar zijn en blijven.
- •
Bij reguliere en grote evenementen de aanrijdroutes voor de hulpdiensten.
4.3 Maak voor elke uitvoeringsfase een aparte tekening met:
- •
Straatnamen.
- •
Legenda.
- •
Toe te passen materialen en bebording.
- •
Af te plakken (structurele) bebording.
- •
Dwarsprofiel met maatvoering in zowel dwars- als langsrichting.
- •
Tekenhoofd met projectnaam, fasenaam of -nummer, versie-nummer, verwerkingsdatum, tekeningnummer en opdrachtgever.
- •
Wisselwerking met permanente bebording en eventuele andere aanwezige omleidingsbebording.
- •
Eventuele omgedraaide rijrichting(en).
4.4 Dit zijn de uitgangspunten voor tijdelijke verkeersmaatregelen
- •
Plaats vooraankondigingsborden minimaal vijf dagen van tevoren. Dit geldt ook voor volledige afsluitingen van een wegvak van de RVM- of RVM Plus-weg. Plaats per rijrichting een vooraankondigingsbord. De tekst op het bord luidt bijvoorbeeld: ‘Laan van de Glazen Stad dicht van ../../…h tot ../../…h’.
Afsluitingen van vijf dagen of langer? Vermeld dan onderaan het bord: ‘bereikbaarwestland.nl’.
- •
Plaats tijdelijke bebording en waarschuwingshekken maximaal drie dagen voor de start van de werkzaamheden bij het werkvak.
- •
Zorg dat borden niet zichtbaar zijn voor verkeer als ze nog niet gelden. Draai ze een kwartslag af naar buiten dus uit het zicht van het verkeer of plak ze af.
- •
Plaats borden op eigen palen en niet op lichtmasten of andere vaste verkeersborden.
- •
Houd minimaal 1,00 meter afstand tussen een tijdelijk verkeersbord en een lichtmast. Zo zorgt u voor een betere zichtbaarheid.
- •
Hang de onderkant van een bord binnen de bebouwde kom op minimaal 2,20 meter boven de grond. Buiten de bebouwde kom is dit minimaal 1,20 meter (zie de Uitvoeringsvoorschriften BABW inzake verkeerstekens).
- •
Plaats verkeersmaatregelen zo dat ze niet of nauwelijks te verplaatsen zijn. Zorg dat derden ze alleen met veel moeite kunnen verwijderen.
- •
Gebruik binnen de bebouwde kom type I-borden op wegen waar de maximumsnelheid 50 km/h of lager is. Dit geeft minder hinder voor (brom)fietsers en voetgangers.
4.6 Tijdelijke bewegwijzering bij omleidingen
- •
Bepaal bestemmingen op omleidingsborden op basis van bewegwijzering van de Nationale Bewegwijzeringsdienst.
- •
Plaats bij een volledige afsluiting van een RVM of RVM Plus-weg op drie locaties borden voorafgaand aan het werkvak (driesetter) en een losse chevronpijl voor de omleiding. Plaats chevronpijlen op zicht, dit hoeft niet voor elke kruising.
- •
Plaats bij andere wegen of in woonwijken waar niet genoeg ruimte is een tweeluik en een losse chevronpijl.
- •
Gebruik alleen letters voor een omleidingsroute voor gemotoriseerd verkeer.
- •
Gebruik voor verwijzingen naar onze kernen de eerste letter, bijvoorbeeld de ‘W’ voor Wateringen. Gebruik de letters O en X niet vanwege een verminderde herkenbaarheid bij de weggebruikers.
- •
Plak bij wegomleidingen die langer duren dan een week relevante vermeldingen op hoge en lage bewegwijzering af.
4.7 Tijdelijk geen werkzaamheden
Als er minstens 24 uur geen werkzaamheden plaatsvinden, moeten tijdelijke snelheidsbeperkingen (borden A1, A2 en F8), inhaalverboden (F1 t/m F4) en waarschuwingsborden (bijv. J16) afgedraaid of afgeplakt worden. Dit geldt vooral voor werkzaamheden waarbij de weg niet opengebroken is, zoals bagger- of snoeiwerkzaamheden. Een uitzondering geldt als dit de verkeersveiligheid in gevaar brengt, bijvoorbeeld bij een tijdelijke rijbaanverlegging. Twijfelt u wat te doen? Neem dan contact op met Bereikbaar Westland.
4.8 Tijdelijke bebording na afloop werkzaamheden
Verwijder tijdelijke bebording uiterlijk de volgende werkdag na afronding van de werkzaamheden. Na deze periode kunnen wij deze borden verwijderen zonder nader overleg en op kosten van de aanvrager/aannemer.
4.9 Houd verkeersmaatregelen in goede staat tijdens de hele uitvoeringsperiode
De aanvrager/aannemer houdt alle verkeersmaatregelen kwalitatief en kwantitatief op peil. Dit geldt ook voor alle tijdelijke verkeersvoorzieningen. Zorg dat dit altijd in orde is, ook in de avond, nacht, weekenden en op feestdagen.
U bent als aanvrager/aannemer verantwoordelijk voor één of meer dagelijkse controles gedurende de hele uitvoeringsperiode.
4.10 Ondersteun de grotere, tijdelijke verkeers- en tekstborden extra bij extreem weer
- •
Bij harde wind of storm moeten borden die groter zijn dan 0,80 meter x 1,20 meter extra worden geschoord.
- •
Zorg ervoor dat het schoren zo wordt uitgevoerd dat er geen uitstekende delen zijn in de aanrijdrichting van het verkeer.
- •
Waarschuwingshekken die langer dan een week staan, worden verzwaard uitgevoerd aan de onderzijde. Vooral in de periode september t/m april ‘heeft het de voorkeur om borden extra te schoren en/of waarschuwingshekken te verzwaren. .
- •
Handel tijdig als weersomstandigheden dit nodig maken of als de gemeente dit vraagt.
4.11 Plaatsen stilstaan/parkeerverbod plaatsen voor het vrijhouden van parkeervoorzieningen
Voor het vrijhouden van parkeervakken, -terreinen, -havens en -stroken kunt u een tijdelijk stilstaan/parkeerverbod instellen (zie figuur 2).
- •
Plaats een stilstaan/parkeerverbod minimaal vijf dagen van tevoren.
- •
Op het parkeerverbod staat een datum of periode en tijdstip(pen).
- •
Zorg voor een alternatief als gehandicaptenparkeerplaatsen of speciale vakken voor hulpverleners tijdelijk vervallen.
- •
Stem laad- en losplekken af met winkeliers en ondernemers.
4.12 Gebruik van vooraankondigingen en tekstwagens
Bij wegwerkzaamheden en calamiteiten worden soms reguliere vooraankondigingsborden en tekstwagens ingezet. Het inzetten van een tekstwagen is maatwerk en gebeurt in overleg met Bereikbaar Westland. De inzet hangt af van het advies, de locatie en de beschikbare ruimte. Een tekstwagen ondersteunt de gele bebording en moet aansluiten op de borden van een eventuele (omleidings-)route. De aannemer is verantwoordelijk voor een goed werkende tekstwagen.
4.13 Een verkeersregelinstallatie moet voldoen aan de eisen in de Regeling verkeerslichten
Stem het (tijdelijk) buiten gebruik stellen van een gemeentelijke verkeersregelinstallatie vooraf af met Bereikbaar Westland.
4.14 Een verkeersregelaar mag instructies geven aan weggebruikers
De bevoegdheid van verkeersregelaars staat in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens (RVV 1990). De Regeling verkeers-regelaars 2009 regelt hun aanstelling en bevoegdheden. U zet verkeersregelaars bijvoorbeeld in bij wegwerkzaamheden, calamiteiten of evenementen.
Een verkeersregelaar zorgt voor een veilige en snelle doorstroming van het verkeer. Denk aan vrije doorgang voor hulp- en busdiensten, het begeleiden van fietsers en voetgangers bij het oversteken en het verbeteren van de doorstroming. U mag een verkeersregelaar alleen inzetten als de standaard verkeersmaatregelen geen oplossing zijn.
Sluit u een rijstrook af? Kijk dan eerst of een tijdelijke verkeers-regelinstallatie (VRI) of een andere oplossing voldoende is. Werkt dit niet, dan mag u een verkeersregelaar inzetten. U moet dit goed onderbouwen. Bereikbaar Westland beoordeelt deze uitleg.
Op gemeentelijke wegen mag u verkeersregelaars alleen inzetten met instemming van Bereikbaar Westland. Bij een calamiteit mogen verkeersregelaars ook worden ingezet op aanwijzing van bevoegde medewerkers van gemeente Westland of hulpdiensten.
Een verkeersregelaar moet voldoen aan de volgende eisen:
- •
Beheerst minimaal de Nederlandse taal. De Engelse taal is een pré.
- •
Draagt een herkenbaar uniform dat voldoet aan de gestelde eisen.
- •
Kan een verkeersregelaarspas tonen, komt professioneel over en beschikt over het certificaat verkeersregelaar BRL.
- •
Parkeert zijn of haar voertuig veilig en bij voorkeur alleen op parkeervoorzieningen.
Vermeld de inzet van verkeersregelaars altijd in een verkeers-tekening. Het is wenselijk dat de verkeersregelaar de plek en omgeving goed kent. Zo kan hij of zij vragen over de bereikbaarheid beantwoorden. Is dat niet het geval, dan verwijst de verkeersregelaar door naar de website www.bereikbaarwestland.nl, sociale media of een contactpersoon van het werk.
4.15 Houd woningen en bedrijven bereikbaar voor hulpdiensten
Bij grootschalige wegen(bouw)projecten moet u altijd afstemmen met de hulpdiensten. Dit is nodig om de veiligheid en bereikbaarheid te garanderen. Betrekt u de hulpdiensten niet bij de planning?
Dan kan dat leiden tot levensbedreigende vertragingen.
Wij werken met een hoofdroutekaart. Deze kaart is vastgesteld in samenspraak met alle hulpdiensten. Afsluitingen van wegen op deze hoofdroutekaart, moeten tijdig en vooraf afgestemd worden met de hulpdiensten. Hulpdiensten moeten binnen landelijke normtijden incidenten bereiken.
Hulpdiensten worden vooraf geïnformeerd over de risico’s, zodat zij adequaat kunnen reageren. Let op de volgende eisen:
- •
Brandweer, politie en ambulance moeten woningen, gebouwen of percelen altijd kunnen bereiken.
- •
Het opstelvak van een blusvoertuig ligt maximaal 40 meter van het brandadres.
- •
Is een adres vanaf twee kanten bereikbaar? Dan mag u maximaal 80 meter wegverharding tegelijk openbreken.
- •
Is een adres maar vanaf één zijde bereikbaar? Dan geldt een maximum van 40 meter.
- •
Tijdens werkzaamheden blijft er een vrije doorgang van minimaal 3,50 meter breed en 4,20 meter hoog.
- •
Wordt de weg over een grotere afstand opengebroken? Gebruik dan rijplaten of een puinverharding van minstens 3,50 meter breed.
- •
Ligt de rijloper langs gevels of obstakels zoals paaltjes of hekwerken? Dan is de minimale breedte 4,00 meter.
- •
Brandkranen, bluswaterwinplaatsen en droge blusleidingen blijven altijd toegankelijk. U mag deze niet blokkeren met bouwmaterialen, materieel of tijdelijke voorzieningen. De locatie van een brandkraan moet bij bijvoorbeeld reconstructie-werkzaamheden gemarkeerd worden in verband met de zichtbaarheid.
- •
Overleg met de brandweer als u een werkterrein afsluit.
4.16 Vroegtijdig afstemmen bij hinder van het busvervoer
In Westland rijdt alleen busvervoer. De bus gebruikt vaak dezelfde wegen als het overige verkeer. Dit leidt vooral in de spits tot vertraging. Goede looproutes naar bushaltes stimuleren het gebruik van het openbaar vervoer. Westland bevordert de bus als alternatief voor de auto. Het busnetwerk werkt met onderlinge afhankelijkheid tussen lijnen. Betrouwbaarheid en voorspelbaarheid zijn daarom belangrijk voor reizigers.
Uw verantwoordelijkheden bij werkzaamheden:
- •
Behoud zoveel mogelijk de bereikbaarheid en toegankelijkheid van het openbaar vervoer.
- •
Zorg dat bushaltes in gebruik blijven of verplaats ze tijdelijk naar een logische en goed bereikbare plek.
- •
Geef openbaar vervoer prioriteit bij tijdelijke verkeerslichten en bij de inzet van verkeersregelaars.
Aanvraagtermijnen bij afsluitingen van busroutes en -haltes:
- •
EBS: aanvraag minimaal 4 weken voor de start van werkzaamheden indienen. Bij langdurige afsluitingen met grote impact op de dienstregeling: minimaal 3 maanden van tevoren.
- •
HTM: aanvraag minimaal 8 weken voor de start van werkzaamheden indienen.
- •
RET: Bij een afsluiting van 3 weken of korter: minimaal 10 dagen van tevoren. Bij een afsluiting langer dan 3 weken: minimaal 3 maanden van tevoren.
Let op: deze termijnen staan los van de aanvraagtermijnen van de gemeente.
4.17 Beperk werkzaamheden in en rondom winkel- en centrum-gebieden in de periode 15 november tot en met 1 januari
In deze periode mag u alleen civiele werkzaamheden uitvoeren als de openbare veiligheid in gevaar is. Werkzaamheden kunnen de bereikbaarheid van winkels, bedrijven, ondernemers en hun bevoorrading verstoren. Ook als er werkzaamheden plaatsvinden op belangrijke toegangswegen richting centrum- en winkelgebieden. Plan werkzaamheden daarom zoveel mogelijk buiten deze drukke periode die belangrijk is voor winkeliers en ondernemers. Dit geldt ook voor calamiteiten of grote problemen met kabels en leidingen. Betrek winkeliers en ondernemers vroegtijdig bij de planning van werkzaamheden.
4.18 Vraag een vergunning aan voor een tijdelijke bouwinrit of -uitrit en meld uw project
Voor de aanleg en het gebruik van een tijdelijke bouwinrit of -uitrit heeft u een omgevingsvergunning nodig (zie figuur 1). Dit geldt ook voor de tijdelijke verkeersmaatregelen die nodig zijn om de bouwinrit of -uitrit aan te geven.
Meld een bouwproject altijd bij Bereikbaar Westland. Zo krijgen wij inzicht in de routes die bouwverkeer gebruikt. Een afsluiting van een bouwverkeerroute kan grote gevolgen hebben voor uw project.
4.19 Gebruik zwarte magneetstrippen of hoogwaardige afplaktape voor verkeersborden
Voor permanente bewegwijzering gebruikt u de kleur geel. Bij het verwijderen van tijdelijke afdekkingen mogen geen beschadigingen of lijmresten op verkeersvoorzieningen achterblijven. Schade wordt verhaald op de veroorzaker. Maak foto’s van beschadigingen die voor het aanbrengen van de afdekking al aanwezig zijn.
4.20 Afzetlint mag alleen door hulpdiensten gebruikt worden bij een calamiteit.
Het afzetlint wordt direct na de calamiteit door de hulpdiensten verwijderd.
4.21 Een freesvak is altijd van tijdelijke aard
Bij een freesvak staat altijd J01-bebording met (indien van toepassing) een snelheidsbeperking. Het te overbruggen hoogteverschil mag maximaal 4 centimeter zijn. Breng overgangen vloeiend aan, zodat weggebruikers op een veilige manier het freesvak in- en uit kunnen rijden.
5. WERKZAAMHEDEN MET IMPACT OP VOETGANGERS, MENSEN MET EEN MOBILITEITSBEPERKING EN FIETSERS
5.1 Gebruik het STOMP-principe bij tijdelijke veranderingen in het verkeer
Dit betekent dat u bij tijdelijke verkeersmaatregelen eerst kijkt naar de verkeersruimte voor Stappen, Trappen en Openbaar Vervoer.
U houdt deze volgorde aan:
- •
Stappen (lopen).
- •
Trappen (fietsen).
- •
Openbaar vervoer.
- •
Mobility as a Service (zoals deelauto’s en e-scooters).
- •
Privéauto.
In de praktijk betekent dit:
- •
Voetgangers krijgen altijd veilige en duidelijke looproutes.
Er mogen geen obstakels zijn en er moet genoeg ruimte zijn om te lopen. Voetgangers krijgen (net als fietsers) een zo direct mogelijke (omleidings)route.
- •
Daarna komen fietsers. Zij moeten veilig en snel door kunnen rijden. U voorkomt omrijden en zorgt voor duidelijke borden en lijnen.
- •
Openbaar vervoer blijft goed bereikbaar. Bushaltes blijven open en bussen krijgen voorrang, zodat ze niet vast komen te staan in het verkeer.
- •
Deelvervoer krijgt ook plek. Denk aan deelauto’s en e-scooters. U probeert deze vervoermiddelen te gebruiken waar dat kan.
- •
Auto’s krijgen de ruimte die overblijft. U zorgt dat auto’s andere weggebruikers niet hinderen. Alleen noodzakelijke ritten krijgen voorrang.
5.2 Zorg voor goede (loop)routes bij tijdelijke veranderingen
- •
Verleng zo mogelijk tijdelijke hekwerken, zodat een zichtbare en voelbare geleiding van de tijdelijke looproute ontstaat.
- •
Zorg ervoor dat het voetpad minimaal 1,20 meter breed is en vrij van obstakels.
- •
Als 1,20 meter niet mogelijk is, leg dan een tijdelijk looppad van kunststof of betonnen elementen aan. Dit zodat mensen met een rolstoel of rollator het pad ook kunnen gebruiken.
- •
Houd een draaicirkel aan van minimaal 1,50 meter voor een scootmobiel.
- •
Kies een energiezuinige route voor mensen met een mobiliteits-beperking. Er is aandacht voor makkelijk te nemen op- en afritten bij voetpaden.
5.3 Hoogteverschil en obstakels op looproutes
- •
Zorg ervoor dat het hoogteverschil niet groter is dan 2 centimeter.
- •
Hellingen met een hoogteverschil van meer dan 30 centimeter zijn moeilijk voor mensen in een rolstoel zonder veel kracht. Hellingen hoger dan 1 meter zijn alleen geschikt voor een elektrische rolstoel of scootmobiel.
- •
Overbrug een hoogteverschil van maximaal 1 meter met een helling. Overbrug grotere hoogteverschillen met meerdere hellingen.
- •
De hellingshoek mag niet steiler zijn dan 1:25 (≤ 4%).
- •
Voor kabelgoten tot 5 centimeter hoogte geldt een hellingshoek van 1:6.
- •
Markeer obstakels in de looproute met een sterke, contrasterende kleur, zoals een geleidebaken.
- •
Leg kabels, leidingen en slangen bij voorkeur onder de grond of dek ze af met rubbermatten. Zo rijdt o.a. een rolstoel er gemakkelijk overheen.
5.4 Voorkom onnodige omleidingen voor fietsers en voetgangers
- •
Zorg ervoor dat fietsers zoveel mogen de normale route en rijrichting blijven volgen.
- •
Richt tijdelijke fietspaden in conform CROW-publicatiereeks Werk in Uitvoering 96a/b.
- •
Gebruik zo min mogelijk rijplaten en zorg dat ze goed aansluiten zonder hoogteverschillen.
- •
Gebruik kunststof (of houten) rijplaten of stelconplaten bij het verleggen van fietspaden. Het gebruik van stalen rijplaten voor (brom)fietser- en voetgangers is niet toegestaan.
- •
Markeer omleidingen duidelijk en continu met fietssymbolen en pijlen.
- •
Laat fietsers niet onnodig afstappen.
- •
Zorg bij een omleiding voor een logische en veilige alternatieve route.
6. WERKGEBIED
6.1 Scherm het werkgebied veilig af, ook buiten werktijden
De plicht tot het afschermen van het werkgebied volgt uit de Arbowet en de zorgplicht van de wegbeheerder uit de Wegenverkeerswet 1994.
- •
Gebruik waar nodig lage of hoge bouwhekken om het werkgebied af te zetten. Bij werkzaamheden op diepte kan een voertuigkerende barrier nodig zijn. Neem deze hekken eventueel op in de verkeerstekening.
- •
Bij graafwerkzaamheden kan een combinatie van waarschuwings- en bouwhekken geplaatst worden.
- •
Plaats poten of steunen onder bouwhekken die uitsteken zoveel mogelijk in de lengterichting, zodat niemand struikelt.
- •
Zorg voor voldoende ruimte tussen de open ontgraving en het gebied waar verkeersdeelnemers zich bevinden.
6.2 Bescherming van eigendommen
Beschadig geen monumenten, kunstwerken, bomen, straatmeubilair of eigendommen van derden. Bij beschadiging komen de kosten voor reparatie of vervanging voor rekening van degene die het heeft beschadigd. Het verhalen van de schade gebeurt op grond van een onrechtmatige daad, 6:162 BW. Bescherm objecten of verplaats ze om schade te voorkomen. Het is niet toegestaan om (bouw)-materialen tegen deze objecten of onder kroonprojectie van bomen op te stapelen.
6.3 Sociale veiligheid bepaalt mede de kwaliteit van de openbare ruimte
In het kader van de zorgplicht van de aannemer is het van belang de omgeving en het werkterrein goed verlicht, overzichtelijk, schoon en netjes te houden. Vermijd daarbij donkere hoeken.
6.4 Verwijder vervuiling op de weg direct en dagelijks
De partij die de werkzaamheden uitvoert, is verantwoordelijk voor het dagelijks (laten) verwijderen van bevuiling op wegen die is ontstaan door of vanwege de werkzaamheden. Denk hierbij aan grond, zand, klei of andere vloeibare stoffen die vervuiling veroorzaken. Olie moet direct gereinigd worden door een bevoegd bedrijf. Als de uitvoerende partij dit nalaat, dan worden de kosten verhaald op de veroorzaker.
6.5 Wegwerkzaamheden in de kerstperiode en rondom de jaarwisseling
In de twee weken voor de jaarwisseling moeten alle brandbare materialen bij activiteiten met verkeershinder zoveel mogelijk verwijderd worden. Dit betreft materiaal zoals een bord, (bouw)hek, geleidebaken, of bouwmateriaal dat ongewild op een brandstapel terecht komt of gebruikt kan worden om hulpverleners mee te bekogelen.
6.6 Voorkom gladheid op wegen
De aanvrager/aannemer moet rekening houden met gladheids-bestrijding. Dit geldt ook bij het aanleggen van een tijdelijke situatie. Bij (dreigende) gladheid strooit u de verharding na afloop van natte werkzaamheden af (bijvoorbeeld na baggeren, kernboren of lussen slijpen). U mag eigen, niet-verontreinigd strooizout (natriumchloride) gebruiken. We verstrekken geen strooizout.
6.7 Zorg bij een wegwerkzaamheden met afsluitingen voor bereikbare afvalcontainers
Bij wegwerkzaamheden draagt de aannemer verantwoordelijkheid om boven- en ondergrondse afvalcontainers bereikbaar te houden. Dit raakt de zorgplicht van de gemeente voor afvalinzameling (Wet milieubeheer, art. 10, 21, e.v.). Als dat niet kan, dan zorgt de aannemer voor een tijdelijke aanbiedplaats binnen of buiten het werkgebied. Deze plek is bereikbaar voor de inzamelvoertuigen. Achteruitrijden in het werkgebied is niet toegestaan. Is de reguliere aanbiedplaats niet bereikbaar? Geef dan een vervangende aanbiedplaats aan met een duidelijk verwijsbord.
Daarnaast draagt de aannemer verantwoordelijkheid om de inzamelaar HVC te informeren. Dit kan door contact op te nemen via e-mail: inzamelingwestland@hvcgroep.nl of telefoonnummer 072 303 4096. De inzamelaar denkt graag mee over hoe de inzameling te regelen tijdens werkzaamheden. Zij informeren hun chauffeurs over een tijdelijke aanbiedplaats.
7. BEREIKBAARHEID, LEEFBAARHEID, VEILIGHEID EN COMMUNICATIE
7.1 Gebruik een BLVC-plan bij grote of langdurige projecten
Overlast voor de directe omgeving tijdens een wegen(bouw)project is niet te voorkomen. Met een goede en tijdige voorbereiding kunt u de hinder wel beperken. Een BLVC-plan helpt hierbij. Dit plan zorgt voor tevredenheid, minder klachten en meer positieve aandacht. Het geeft inzicht in de werkzaamheden en de impact op de omgeving.
Of er een BLVC-plan nodig is, bepaalt Bereikbaar Westland. Het is belangrijk dat u Bereikbaar Westland vroeg in het proces betrekt.
U dient het BLVC-plan in ieder geval in bij de aanvraag voor tijdelijke verkeersmaatregelen (TVM) maar bij voorkeur al eerder in het proces.
Een BLVC-plan bevat afspraken over:
- •
Bereikbaarheid: houd woningen, bedrijven en openbare voorzieningen bereikbaar. Geef voorrang aan voetgangers, fietsers en OV-gebruikers bij verkeersmaatregelen.
- •
Leefbaarheid: beperk geluid- en lichtoverlast. Minimaliseer verkeersoverlast en zorg voor een logische doorstroming.
- •
Veiligheid: zorg voor veilige aan- en afvoerroutes en verkeersmaatregelen. Garandeer een veilige omgeving voor kwetsbare verkeersdeelnemers.
- •
Communicatie: informeer en betrek de directe omgeving van het project. Informeer inwoners, ondernemers en reizigers tijdig over verkeersmaatregelen en omleidingen.
7.2 Begin uw BLVC-plan met een duidelijke omschrijving van het project
Beschrijf in dit onderdeel minimaal het volgende:
- •
Beschrijf welke werkzaamheden u uitvoert. Leg ook de achtergrond, aanleiding en het doel van het project uit.
- •
Geef de planning en motiveer het gekozen tijdspad.
- •
Voeg een kaart en/of afbeelding toe van de geografische ligging van het project.
- •
Beschrijf de uitvoeringsperiode en de hinder per fase, bij voorkeur met start- en einddatum.
- •
Vermeld of er openbare ruimte nodig is voor opslag van materieel of materiaal, voor plaatsing van een bouwkeet of voor andere voorzieningen.
- •
Geef aan of een bouwveiligheidszone van invloed is op de benodigde openbare ruimte.
- •
Vermeld of er andere werkzaamheden van derden plaatsvinden, zoals van nutsbedrijven.
7.3 Voer een omgevingsscan uit om de impact van uw project te bepalen
Een omgevingsscan helpt u te begrijpen wie betrokken zijn bij het project, wat hun belangen zijn en hoe het project hen beïnvloedt.
Zo kunt u een goede strategie maken om iedereen mee te nemen in de plannen. De Omgevingswet stimuleert actieve benadering van de omgeving om mee te denken over nieuwe plannen in de omgeving.
Beschrijf in dit onderdeel minimaal het volgende:
- •
Geef aan wie betrokken zijn bij het project.
- •
Beschrijf de omgeving: wat is het karakter van de buurt en wie zijn de omwonenden? Is het een woonwijk met veel kinderen of vooral oudere bewoners?
- •
Vermeld de maatschappelijke voorzieningen in de directe omgeving.
Denk aan een basisschool, verzorgingstehuis, brandweerkazerne, politiebureau, ambulancepost, kinderdagverblijf, gebedshuis, begraafplaats of een grote onderneming.
- •
Beschrijf mogelijke hinder voor hulpdiensten en het openbaar vervoer.
- •
Vermeld welke projecten en evenementen in de omgeving plaatsvinden tijdens de werkzaamheden en of deze invloed hebben op het project. Neem ook werkzaamheden mee aan de aan-, afvoer- en omleidingsroutes.
- •
Geef aan welke grote publiekstrekkers er in of rondom het gebied zijn. Denk aan een winkelstraat, bedrijventerrein, park, bioscoop, museum, winkelcentrum of kerk.
- •
Beschrijf de overige functies in het gebied, zoals wonen, werken, verkeer, parkeren, recreëren, ondernemen of zorgen. Let ook op het onderscheid tussen land en water. Maak bij de functie verkeer onderscheid tussen de verschillende modaliteiten die aanwezig zijn: openbaar vervoer, auto- en vrachtverkeer, fietsers, voetgangers, hulpdiensten en scheepvaart.
7.4 Waarborg de bereikbaarheid tijdens uw project
Bij elk project is de aannemer als eerste verantwoordelijk voor het bereikbaar houden van het gebied voor doorgaand- en bestemmingsverkeer. Zorg ervoor dat inwoners, bezoekers, ondernemers, voetgangers, (brom)fietsers, auto- en vrachtverkeer, hulpdiensten, openbaar vervoer, de huisvuilophaaldienst en de scheepvaart hun bestemming kunnen bereiken. Denk ook aan de bevoorrading van bedrijven en winkels en aan het bereikbaar houden van maatschappelijke en nutsvoorzieningen.
Zorg voor korte en veilige omleidingsroutes. Houd daarbij rekening met fietsers, voetgangers en mensen met een mobiliteitsbeperking. Maak inzichtelijk hoe de verkeerssituatie eruitziet voor alle verkeersdeelnemers in elke fase van het project.
Beschrijf in dit onderdeel minimaal het volgende:
- •
Het effect van het bouwverkeer op de bereikbaarheid van de omgeving.
- •
Of het plan in fases wordt uitgevoerd. Benoem de fasen met data en geef aan wat er per fase gebeurt. Plaats het faseringsplan op een tijdslijn en geef per fase de hinder aan voor de verschillende verkeersdeelnemers.
- •
Welke ruimte er is voor de wegwerkers en overblijft voor de weggebruikers.
- •
Wat de aan- en afvoerroutes van het bouwverkeer zijn. Vermeld ook of laden en lossen plaatsvindt op het bouwterrein of op de openbare weg.
- •
Waar materieel en materiaal geplaatst wordt.
- •
Welke bereikbaarheidsmaatregelen u treft, zoals omleidingsroutes, afzettingen, tijdelijke bebording, tijdelijke wegen, een bypass of inzet van verkeersregelaars. Geef dit altijd weer in een verkeerstekening.
7.5 Neem maatregelen om de leefbaarheid te verbeteren
Geluid, stof, trillingen en andere vormen van hinder kunnen de leefbaarheid negatief beïnvloeden. U kunt de overlast verminderen met verschillende maatregelen. Denk aan het plaatsen van versierde bouwhekken, geluidsschermen, extra groen of het gebruik van elektrisch materieel. Ook een goed onderhouden bouwterrein, een schone omgeving en duidelijke verkeersmaatregelen dragen bij aan een betere leefbaarheid.
Beschrijf in dit onderdeel minimaal het volgende:
- •
Wanneer er gewerkt wordt. Vermeld of er werkzaamheden in de avond of nacht zijn, alleen doordeweeks of ook in het weekend. Geef aan waar dit plaatsvindt en welke maatregelen u neemt om hinder te beperken. Denk aan een ontheffing geluidshinder.
- •
Welke hinder de omgeving ervaart door geluidsoverlast en trillingen, en hoe u dit zoveel mogelijk beperkt.
- •
Hoe u de omgeving van het project vrijhoudt van bouwafval en andere vervuiling.
- •
Waar medewerkers van de aannemer(s) parkeren. Houd hierbij rekening met de beschikbaarheid van parkeerplaatsen voor bewoners.
7.6 Zorg voor veiligheid op en rond het werkterrein
Om veilig te kunnen werken is ruimte nodig. Soms wordt een deel van de openbare ruimte bouwterrein. Voetgangers, (brom)fietsers, auto- en vrachtverkeer kunnen dan tijdelijk geen gebruik maken van de weg. In zo’n situatie moeten maatvoering, geleiding, bebording en afzetting voldoen aan de geldende eisen.
Beschrijf in dit onderdeel minimaal het volgende:
- •
Hoe u de verkeersveiligheid waarborgt.
- •
Hoe bouwverkeer veilig het bouwterrein in- en uit kan rijden. Denk aan bebording, een aparte in- en uitrit, het voorkomen van achteruitrijden en de inzet van verkeersregelaars.
- •
Hoe u de sociale veiligheid op en rondom het werkterrein garandeert.
- •
Hoe u het beheer van de tijdelijke verkeersmaatregelen regelt.
7.7 Communiceer duidelijk, open en op tijd met de omgeving
Tijdige communicatie en afstemming zijn belangrijk. Omwonenden en andere betrokkenen willen weten wat er gaat gebeuren en met welke overlast zij rekening moeten houden. Transparant, op tijd en direct duidelijk communiceren voorkomt vragen en weerstand.
Wilt u werkzaamheden uitvoeren in gemeente Westland? Dan bent u verplicht om omwonenden, omliggende bedrijven en belanghebbenden te informeren.
Beschrijf in dit onderdeel minimaal het volgende:
- •
Welke doelgroepen u informeert, zoals inwoners, winkeliers, ondernemers, openbaar vervoer en hulpdiensten.
- •
Het verspreidingsgebied en bereik van de communicatie: wie worden aangesproken?
- •
De kernboodschap, eventueel per doelgroep.
- •
Wie verantwoordelijk is voor de communicatie. De aannemer is verantwoordelijk, maar stemt het communicatieplan af met het team Communicatie van gemeente Westland.
- •
Welke communicatiekanalen u inzet om betrokkenen te informeren.
- •
Welke mijlpalen u benoemt, zoals de start van de werkzaamheden of het slaan van de eerste paal.
7.8 Zorg voor transparante en toegankelijke communicatie
- •
Gebruik begrijpelijke taal (B1-niveau) en ondersteun uw boodschap met visuele middelen, zoals kaarten en pictogrammen.
- •
Begin altijd met de informatie die voor inwoners het belangrijkst is: wat gebeurt er, waar en wanneer? Geef daarna pas de aanvullende informatie, zoals de aanleiding, tijdelijke maatregelen en omleidingen.”
- •
Vermeld contactgegevens voor de voorbereidingsfase, tijdens de uitvoering en bij calamiteiten.
- •
Communiceer wijzigingen opnieuw als eerder verstrekte informatie verandert, bijvoorbeeld bij vertraging. Wees duidelijk en open over wat de verandering inhoudt en waarom deze plaatsvindt.
- •
Geef in uw communicatie prioriteit aan informatie voor voetgangers, fietsers en gebruikers van het openbaar vervoer.
Ondertekening
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl