Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR747199
Naar de door u bekeken versie
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR747199/1
Verordening brug-, schut- en havengelden gemeente Utrecht 2026
Geldend van 01-01-2026 t/m heden
Intitulé
Verordening brug-, schut- en havengelden gemeente Utrecht 2026De raad van de gemeente Utrecht;
gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 9 september met kenmerk 30570783;
gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef onderdelen a en b van de Gemeentewet;
gezien het advies van de commissie Volksgezondheid, Bestuur en Financiën;
besluit vast te stellen de Verordening brug-, schut- en havengelden gemeente Utrecht 2026, met bijbehorende Tarieventabel 2026 en Diensturentabel 2026.
Artikel 1. definities
-
1. In deze verordening wordt verstaan onder:
- a.
vaartuig: elk drijvend lichaam dat wegens zijn drijfvermogen wordt gebruikt dan wel bestemd of geschikt is voor het vervoer te water van personen of goederen of voor het dragen of vervoeren van al dan niet met het drijvende lichaam één geheel uitmakende voorwerpen
- b.
meetbrief: het document als bedoeld in artikel 21 van de Binnenvaartwet
- c.
ton: een massa van 1000 kilogram
- d.
vrachtschip: een schip dat hoofdzakelijk wordt gebruikt voor het vervoer van goederen
- e.
sleepboot: een schip dat blijkens bouw en inrichting is bestemd of wordt gebruikt voor het slepen of duwen van andere schepen
- f.
passagiersschip: een schip dat hoofdzakelijk wordt gebruikt en ingericht is voor het bedrijfsmatig vervoer van meer dan twaalf personen, de bemanning daaronder niet begrepen
- g.
recreatievaartuig: een schip, gebruikt of bestemd voor recreatief gebruik of voor het beoefenen van de watersport
- h.
verhuurboot: een door spierkracht voortbewogen dan wel motorisch aangedreven vaartuig voor maximaal 12 personen, dat hoofdzakelijk wordt gebruikt voor bedrijfsmatige verhuur zonder bemanning, aan wisselende personen gedurende korte perioden
- i.
woonschip: een vaartuig dat aan romp en opbouw herkenbaar is als schip en dat hoofdzakelijk wordt gebruikt voor of is bestemd tot woon- en nachtverblijf
- j.
bedrijfsvaartuig: een schip gebruikt of bestemd als opslagruimte en/of voor de uitoefening van enig beroep, anders dan het vervoer van goederen; onder schip wordt hiermee verstaan een vaartuig dat feitelijk niet geschikt is om te worden gebruikt als middel tot verplaatsing te water;
- k.
laadvermogen: het in tonnen uitgedrukte verschil tussen de zoetwaterverplaatsing van een vrachtschip bij de grootst toegelaten diepgang en die van het ledige schip
- l.
capaciteit: het aantal personen, de bemanning daaronder niet begrepen, dat een passagiersschip, rondvaartboot of verhuurboot kan vervoeren
- m.
haven: alle wateren binnen de gemeente die voor vaartuigen openstaan en bij de gemeente in beheer of eigendom zijn, loswallen, kaden en oevers daaronder begrepen
- n.
diensturen: de in de bij deze verordening behorende diensturentabel vermelde tijden, waarbinnen bruggen en de sluis worden bediend
- o.
dag: een aaneengesloten tijdvak van 24 uren
- p.
week: een aaneengesloten tijdvak van zeven dagen
- q.
kwartjaar: een aaneengesloten tijdvak van 90 dagen
- r.
jaar: een kalenderjaar
- s.
nachtverblijf: een (incidenteel) verblijf in de haven tussen 18.00 uur en 6.00 uur daaropvolgend
- t.
move: het plaatsen van een container op een vrachtschip dan wel het halen van een container van een vrachtschip door middel van een containerkraan
- u.
vrachtschip met green award-certificaat: vrachtschip met milieukeur voor de binnenvaart
- v.
rondvaartboot: een door spierkracht dan wel motorisch voortbewogen vaartuig dat is ingericht en hoofdzakelijk wordt gebruikt voor het bedrijfsmatige vervoer van maximaal twaalf personen, de bemanning daaronder niet begrepen.
- w.
emissievrij vaartuig: vaartuig dat alleen met emissievrije motor (bijvoorbeeld elektrisch) of met spierkracht wordt voortbewogen
- x.
emissie vaartuig: vaartuig dat alleen met brandstofmotor (bijvoorbeeld diesel of benzine) wordt voortbewogen
- y.
ligplaats innemen: het voor langere tijd, waaronder ten minste de periode tussen zonsondergang en zonsopgang, afgemeerd hebben van een vaartuig, waaronder in ieder geval woonschepen, recreatievaartuigen, passagiersschepen, rondvaartboten en verhuurboten, in de haven.
- a.
Artikel 2. belastbaar feit
-
1. Onder de naam bruggeld wordt een recht geheven voor het buiten diensturen openen van bruggen, die in beheer of onderhoud zijn bij de gemeente.
-
2. Onder de naam schutgeld wordt een recht geheven voor het gebruik van de sluis, die in beheer of onderhoud is bij de gemeente.
-
3. Onder de naam havengeld wordt een recht geheven voor het gebruik van de haven voor:
- a.
het laden en lossen en/of het nachtverblijf van vrachtschepen;
- b.
het met een vergunning exploiteren, waaronder het opnemen of uitlaten van passagiers, van passagiersschepen, rondvaartboten of verhuurboten
- c.
het al dan niet met vergunning innemen van een ligplaats met een passagiersschip, verhuurboot, rondvaartboot, woonschip of recreatievaartuig;
- d.
het nachtverblijf van recreatievaartuigen (passanten) en overige vaartuigen.
- a.
Artikel 3. belastingplicht
-
1. Belastingplichtig is naar omstandigheden beoordeeld de schipper, de reder, de eigenaar van het vaartuig, de vergunninghouder, degene aan wie het vaartuig in gebruik is gegeven of degene die als vertegenwoordiger voor één van deze personen optreedt.
-
2. Tenzij het tegendeel blijkt, wordt met betrekking tot het havengeld bij voortgezet gebruik van de haven voor de belastingplichtige gehouden, degene die de aangifte voor de onmiddellijk voorafgaande periode heeft gedaan.
-
3. Belastingplichtig voor woonschepen is degene op wiens naam de ligplaatsvergunning is gesteld.
Artikel 4. ontstaan van de belastingschuld
-
1. Het bruggeld is verschuldigd bij aanvang van het openen van de brug.
-
2. Het schutgeld is verschuldigd bij aanvang van het gebruik van de sluis.
-
3. Het havengeld voor vrachtschepen is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar dan wel zodra een aanvang wordt gemaakt met het laden of lossen van goederen, dan wel bij de aanvang van het nachtverblijf al naar gelang wat het eerst geschiedt.
-
4. Havengeld voor woonschepen en recreatievaartuigen (ligplaatsvergunninghouders) is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar.
-
5. Het havengeld voor passagiersschepen, rondvaartboten en verhuurboten is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar.
-
6. Het havengeld voor recreatievaartuigen (passanten) is verschuldigd bij de aanvang van het nachtverblijf.
-
7. Het havengeld voor de overige vaartuigen is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar dan wel zodra een aanvang wordt gemaakt met het laden of lossen van goederen, dan wel bij de aanvang van het nachtverblijf al naar gelang wat het eerst geschiedt.
Artikel 5. tarief, tijdvak en maatstaf van heffing
-
1. Het tarief, het tijdvak en de maatstaf van heffing zijn vermeld in de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende tarieventabel.
-
2. Voor de toepassing van de tarieven wordt:
- a.
een gedeelte van een eenheid van laadvermogen, van oppervlakte of van lengte gerekend voor een volle eenheid;
- b.
als laadvermogen in tonnen van een vaartuig aangemerkt, het aantal tonnen zoals dat blijkt uit de bij het vaartuig behorende meetbrief;
- c.
de oppervlakte van een vaartuig gesteld op het product van de lengte over alles en de grootste breedte, zoals deze blijken uit de bij het vaartuig behorende meetbrief;
- d.
de lengte of breedte van een vaartuig gesteld op de lengte over alles respectievelijk de breedte over alles zoals die blijkt uit de bij het vaartuig behorende meetbrief;
- e.
het tijdvak voor zover het havengeld betreft, gesteld op het kortste van de in de tarieventabel voor het desbetreffende soort vaartuig genoemde tijdvak, tenzij voor een langer tijdvak aangifte is gedaan.
- a.
-
3. Indien geen meetbrief wordt overgelegd wordt bij de toepassing van de tarieven het laadvermogen, de oppervlakte, breedte of de lengte ambtshalve bepaald.
Artikel 6. wijze van heffing
-
1. Het bruggeld wordt geheven door middel van een schriftelijke gedagtekende kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een gedagtekende kwitantie.
-
2. Het schutgeld wordt geheven door middel van een schriftelijke gedagtekende kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een gedagtekende kwitantie.
-
3. Het havengeld wordt geheven bij wege van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving.
-
4. Het havengeld voor recreatievaartuigen (passanten) wordt geheven bij wege van voldoening op aangifte. De aangifte dient plaats te vinden bij aanvang van de periode waarop de aangifte betrekking heeft.
Artikel 7. termijn van betaling
-
1. Bij aanvang van de bediening van de brug moet het bruggeld tot het bedrag dat blijkens de kwitantie verschuldigd is, worden voldaan met pinbetaling.
-
2. Bij aanvang van de bediening van de sluis moet het schutgeld tot het bedrag dat blijkens de kwitantie verschuldigd is, worden voldaan, met pinbetaling.
-
3. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet het havengeld worden betaald binnen 30 dagen na de dagtekening van de schriftelijke kennisgeving.
-
4. In afwijking van het derde lid moet de schriftelijke kennisgeving, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, worden betaald in maximaal 10 gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van de schriftelijke kennisgeving en elk van de volgende termijnen telkens één maand later.
-
5. De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in het derde en het vierde lid gestelde termijnen.
-
6. Het havengeld voor recreatievaartuigen (passanten) moet worden voldaan gelijktijdig met het doen van de aangifte waarna een gedagtekende kwitantie wordt verstrekt.
-
7. Een naheffingsaanslag dient terstond te worden betaald.
Artikel 8. vrijstelling
-
1. Geen bruggeld wordt geheven voor de bediening van de Industriehavenbrug voor een sleepboot, die in de Industriehaven een sleep moet brengen of moet halen.
-
2. Geen schutgeld wordt geheven voor uitsluitend door spierkracht voortbewogen vaartuigen met een maximale lengte van 6 meter.
-
3. Geen havengeld wordt geheven voor sleepboten voor zover het verblijf is beperkt tot het afleveren of ophalen van een sleep.
-
4. Geen brug-, schut- en havengeld wordt geheven voor een patrouille- of controlevaartuig in gebruik bij publiekrechtelijke lichamen.
-
5. Geen havengeld wordt geheven voor:
- a.
een hospitaalschip;
- b.
een woonschip indien daarvoor liggeld of een daarmee gelijk te stellen vergoeding is verschuldigd aan het de Rijksvastgoedbedrijf, Waternet of Amstel, Gooi en Vecht;
- c.
voor een vrachtschip dat in de Kernhaven overnacht;
- d.
een recreatievaartuig met een maximale lengte van vier meter, dat uitsluitend door spierkracht wordt voortbewogen.
- a.
Artikel 9. kwijtschelding
Bij de invordering van deze rechten wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 10. overgangsbepaling
De ‘Verordening Brug-, schut- en havengeld gemeente Utrecht 2025’, vastgesteld bij raadsbesluit van 7 november 2024 (Gemeenteblad van Utrecht 2024, nr. 482743) wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 11, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
Artikel 11. inwerkingtreding
-
1. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
-
2. De datum van ingang van heffing is 1 januari 2026.
Artikel 12. citeertitel
Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening brug-, schut- en havengelden gemeente Utrecht 2026’.
Ondertekening
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad, gehouden op 13 november 2025.
De griffier,
Miguel Israel
De burgemeester,
Sharon A.M. Dijksma
Tarieventabel Brug-, schut- en havengelden 2026
Paragraaf 1. Bruggeld
|
Artikel 1. |
Het tarief bedraagt per opening, per brug en per vaartuig buiten diensturen: |
€ 132,85 |
Paragraaf 2. Schutgeld
|
Artikel 2. |
Het tarief per schutting bedraagt buiten diensturen: |
€ 200,25 |
|
Artikel 3. |
Het tarief per schutting bedraagt binnen diensturen voor emissievrije vaartuigen: |
€ 6,45 |
|
Artikel 4. |
Het tarief per schutting bedraagt binnen diensturen voor emissie vaartuigen: |
€ 9,20 |
Paragraaf 3. Havengelden
|
Artikel 5. |
Het tarief bedraagt voor vrachtschepen per ton laadvermogen, exclusief BTW: |
|
|
|
a. per week: |
€ 0,24 |
|
|
b. per kwartjaar: |
€ 2,51 |
|
|
c. per jaar: |
€ 8,69 |
|
Artikel 6. |
Het tarief bedraagt voor vrachtschepen met green award certificaat per ton laadvermogen, exclusief BTW: |
|
|
|
a. per week: |
€ 0,18 |
|
|
b. per kwartjaar: |
€ 1,88 |
|
|
c. per jaar: |
€ 6,52 |
|
Artikel 7. |
Het tarief bedraagt voor vrachtschepen per move, exclusief BTW: |
€ 0,94 |
|
Artikel 8. |
Het tarief bedraagt voor het met een vergunning exploiteren van emissievrije passagiersschepen, rondvaartboten en verhuurboten per persoon capaciteit, exclusief BTW: |
|
|
|
a. per week: |
€ 0,45 |
|
|
b. per kwartjaar: |
€ 3,94 |
|
|
c. per jaar: |
€ 14,76 |
|
Artikel 9. |
Het tarief bedraagt voor het met een vergunning exploiteren van emissie passagiersschepen, rondvaartboten en verhuurboten per persoon capaciteit, exclusief BTW: |
|
|
|
a. per week: |
€ 1,98 |
|
|
b. per kwartjaar: |
€ 17,23 |
|
|
c. per jaar: |
€ 64,36 |
|
Artikel 10. |
Het tarief voor emissievrije recreatievaartuigen met een lengte tot en met tien meter bedraagt: |
|
|
|
a. per dag (incl. nachtverblijf): |
€ 26,25 |
|
|
b. per jaar (ligplaatsvergunning): |
€ 412,40 |
|
Artikel 11. |
Het tarief voor emissie recreatievaartuigen met een lengte tot en met tien meter bedraagt: |
|
|
|
a. per dag (incl. nachtverblijf): |
€ 37,50 |
|
|
b. per jaar (ligplaatsvergunning): |
€ 927,05 |
|
Artikel 12. |
Het tarief voor emissievrije recreatievaartuigen met een lengte meer dan tien meter bedraagt, naast het onder artikel 10a. en 10b. genoemde tarief, per meter extra: |
|
|
|
a. per dag (incl. nachtverblijf): |
€ 2,60 |
|
|
b. per jaar (ligplaatsvergunning): |
€ 41,25 |
|
Artikel 13. |
Het tarief voor emissie recreatievaartuigen met een lengte meer dan tien meter bedraagt, naast het onder artikel 11a. en 11b. genoemde tarief, per meter extra: |
|
|
|
a. per dag (incl. nachtverblijf): |
€ 3,75 |
|
|
b. per jaar (ligplaatsvergunning): |
€ 92,70 |
|
Artikel 14. |
Het tarief voor het innemen van een ligplaats met eenemissievrijeverhuurboot bedraagt, exclusief BTW: |
|
|
|
a. per kwartjaar: |
€ 117,05 |
|
|
b. per jaar: |
€ 376,75 |
|
Artikel 15. |
a. Het tarief voor het innemen van een ligplaats met een emissievrij passagiersschip of een emissievrije rondvaartboot met een lengte tot en met tien meter bedraagt, exclusief BTW: |
€ 800,00 |
|
b. Het tarief voor het innemen van een ligplaats met een emissievrij passagiersschip of een emissievrije rondvaartboot met een lengte van meer dan tien meter bedraagt, naast het onder a. van dit artikel genoemde tarief, per meter extra, exclusief BTW: |
€ 80,00 |
|
|
Artikel 16. |
Het tarief voor het met een vergunning innemen van een ligplaats met een woonschip bedraagt per vierkante meter oppervlakte en per jaar: |
€ 16,35 |
|
Artikel 17. |
Het tarief voor andere emissievrije vaartuigen, niet vallend onder de tarieven 1 tot en met 16, waaronder sleepboten, bedraagt per vierkante meter oppervlakte, exclusief BTW: |
|
|
|
a. per week: |
€ 0,15 |
|
|
b. per kwartjaar: |
€ 1,55 |
|
|
c. per Jaar: |
€ 5,29 |
|
Artikel 18. |
Het tarief voor andere emissie vaartuigen, niet vallend onder de tarieven 1 tot en met 16, waaronder sleepboten bedraagt per vierkante meter oppervlakte, exclusief BTW: |
|
|
|
a. per week: |
€ 0,63 |
|
|
b. per kwartjaar: |
€ 6,79 |
|
|
c. per jaar: |
€ 23,08 |
Diensturentabel 2026
|
1. |
Tasmanbrug, JP Coenbrug en Oudenrijnbrug |
|
|
Van 1 januari tot en met 31 december is bediening uitsluitend mogelijk op aanvraag, minimaal 24 uur van tevoren. Bediening kan plaatsvinden op maandag tot en met vrijdag van 09.00 tot 16.30 uur en op zaterdag van 09.00 tot 12.00 uur. Op aanvraag, ook minimaal 24 uur van tevoren, kan bediening buiten deze diensturen plaatsvinden. Aanvragen kan via telefoonnummer: 030-2866800. Op zon- en feestdagen is er geen bediening. |
|
2. |
Rodebrug, D. van Mollembrug, Stenenbrug, Vondelbrug, Oranjebrug, Zuiderbrug, Liesboschbrug en Weerdsluis |
|
|
Van 1 april tot en met 15 april is bediening dagelijks (maandag tot en met zondag) mogelijk van 09.00 tot 16.30 uur. |
|
|
Van 16 april tot en met 15 oktober is bediening mogelijk op maandag tot en met vrijdag van 09.00 tot 17.00 uur en van 18.00 tot 20.00 uur. Op zaterdag en zondag is bediening mogelijk van 09.00 tot 20.00 uur. |
|
|
Van 16 oktober tot en met 31 oktober is bediening dagelijks (maandag tot en met zondag) mogelijk van 09.00 tot 16.30 uur. |
|
|
Van 1 november tot en met 31 maart is bediening uitsluitend mogelijk op aanvraag, minimaal 24 uur van tevoren. Bediening kan plaatsvinden op maandag tot en met vrijdag van 09.00 tot 16.30 uur en op zaterdag van 09.00 tot 12.00 uur. Aanvragen kan via telefoonnummer: 030-2866800. Op zon- en feestdagen is er geen bediening. |
|
|
Op aanvraag, ook minimaal 24 uur van tevoren, kan bediening buiten deze diensturen plaatsvinden. Aanvragen kan via telefoonnummer: 030-2866800. |
|
3. |
Balijebrug, Socratesbrug, Mandelabrug, Spinozabrug en Meernbrug (De Meern) |
|
|
Van 1 januari tot en met 31 december is bediening uitsluitend mogelijk op aanvraag, minimaal 24 uur van tevoren. Bediening kan plaatsvinden op maandag tot en met vrijdag van 09.00 tot 12.00 uur en van 13.00 tot 16.30 uur en op zaterdag van 09.00 tot 12.00 uur. Op aanvraag, ook minimaal 24 uur van tevoren, kan bediening buiten deze diensturen plaatsvinden. Aanvragen kan via telefoonnummer: 030-2866800. Op zon- en feestdagen is er geen bediening. |
|
4. |
Industriehavenbrug en Werkspoorhavenbrug |
|
|
Van 1 januari tot en met 31 december is bediening uitsluitend mogelijk op aanvraag, minimaal 24 uur van tevoren. Bediening kan plaatsvinden op maandag tot en met vrijdag van 06.30 tot 16.30 uur en op zaterdag van 09.00 tot 12.00 uur. Op aanvraag, ook minimaal 24 uur van tevoren, kan bediening buiten deze diensturen plaatsvinden. Aanvragen kan via telefoonnummer: 030-2866800. Op zon- en feestdagen is er geen bediening. |
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl