Verordening op de heffing en invordering van leges Noord-Holland 2026

Geldend van 07-11-2025 t/m heden

Intitulé

Verordening op de heffing en invordering van leges Noord-Holland 2026

provinciale Staten van Noord-Holland;

gelezen de voordracht van Gedeputeerde Staten van 9 september 2025;

gelet op artikelen 220, 220a, 223 1ste lid letter b en 225 van de Provinciewet en artikel 13.1a van de Omgevingswet;

overwegende dat de verordening en de daarbij behorende legestarieventabel dient te worden gewijzigd:

besluiten vast te stellen:

de verordening op de heffing en invordering van leges Noord-Holland 2026 en de bijhorende Legestarieventabel 2026

Artikel 1 Begrippenkader

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    leges: de rechten die worden geheven ter zake van het genot van de door of vanwege het Provinciebestuur verleende diensten bedoeld in deze verordening en de tarieventabel.

  • b.

    tarieventabel: de Leges tarieventabel 2026.

Artikel 2 Belastbaar feit

Onder de naam “leges” worden rechten geheven voor:

  • a.

    het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een dienst of het nemen van een besluit;

  • b.

    het verlenen van een dienst op aanvraag; of

  • c.

    het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een document een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel

Artikel 3 Belastingplichtig

Belastingplichtig is de aanvrager/ initiatiefnemer of degene voor wie de aanvraag is gedaan of ten behoeve van wie een dienst is verstrekt.

Artikel 4 Vrijstellingen

Leges worden niet geheven:

  • 1.

    voor diensten die ingevolge wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend.

  • 2.

    indien Gedeputeerde Staten een verleende omgevingsvergunning op verzoek van de vergunninghouder intrekken, waarvan de vrijgekomen stikstofruimte ten behoeve van natuurherstel na afroming gedeeltelijk ten gunste komt van een stikstofbank.

Artikel 5 Maatstaven van heffing en tarieven

  • 1. De leges worden geheven naar de heffingsmaatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 2. Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als volle eenheid aangemerkt.

  • 3. Heeft de aanvraag betrekking op meerdere activiteiten, wordt het tarief opgebouwd uit de som van de tarieven behorende bij die activiteiten.

  • 4. De tarieven in de tarieventabel gelden voor een besluit waarop de reguliere voorbereidingsprocedure van toepassing is. Als afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is, geldt een toeslag.

  • 5. Bijkomende door de provincie te maken kosten worden in rekening gebracht bij de Aanvrager/ initiatiefnemer, mits de aanvrager/ initiatiefnemer voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag daarover wordt geïnformeerd.

  • 6. Als het tarief of het verschuldigde bedrag is gebaseerd op een begroting van de kosten wordt:

    • a.

      die begroting van de kosten voorafgaand aan het in behandeling van de aanvraag aan de aanvrager/ initiatiefnemer medegedeeld;

    • b.

      de aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aan vrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk door de aanvrager/ initiatiefnemer is ingetrokken.

Artikel 6 Instemming

  • 1. Als de voorgenomen beslissing op een aanvraag instemming behoeft van een ander bestuursorgaan op grond van artikel 16.16 van de wet, wordt het tarief verhoogd met het tarief dat dat bestuursorgaan voor het in behandeling nemen van de aanvraag om het besluit over instemming in rekening brengt.

Artikel 7 Wijze van heffing

  • 1. De leges worden geheven door middel van een schriftelijke kennisgeving, of een kennisgeving langs elektronische weg.

  • 2 Het gevorderde bedrag wordt door toezending of uitreiking van een schriftelijke kennisgeving of langs elektronische weg aan de belastingschuldige bekendgemaakt.

  • 3 De leges kunnen worden geheven bij voorlopige aanslag tot ten hoogste het bedrag waarop de aanslag vermoedelijk zal worden vastgesteld.

Artikel 8 Termijnen van betaling

  • 1. In afwijking van artikel 9, 1ste lid van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving bedoeld in artikel 7, schriftelijk dan wel elektronisch wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving dan wel in geval van toezending daarvan binnen 30 dagen na de dagtekening van de kennisgeving;

Artikel 9 Kwijtschelding

Bij de invordering van leges wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 10 Teruggaaf

  • 1. Indien Gedeputeerde Staten op grond van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning oordelen dat voor de voorgenomen activiteit geen vergunning is vereist, vindt op verzoek van de aanvrager/ initiatiefnemer teruggaaf van de geheven leges plaats ter hoogte van 85% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges. Een verzoek tot teruggaaf van de leges dient schriftelijk te worden ingediend binnen zes weken na dagtekening van het besluit dat geen vergunning is vereist.

  • 2. Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, vindt op verzoek van de aanvrager/ initiatiefnemer teruggaaf van de geheven leges plaats ter hoogte van 50% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges. Een verzoek tot teruggaaf van leges dient schriftelijk te worden ingediend binnen zes weken na dagtekening van het besluit tot buiten behandeling stellen van de aanvraag.

  • 3. Als een aanvrager/ initiatiefnemer zijn aanvraag om een vergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift bij een reguliere aanvraag op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is, geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl Gedeputeerde Staten daarover nog geen besluit hebben genomen, vindt op verzoek van de aanvrager/ initiatiefnemer teruggaaf van een deel van de geheven leges plaats. Een verzoek tot teruggaaf van de leges dient schriftelijk te worden ingediend binnen zes weken na dagtekening van het intrekkingsbesluit.

    De teruggaaf bedraagt:

    • a.

      bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen 4 weken na de indiening van de aanvraag 75% van de voor de activiteit verschuldigde leges waarvoor de aanvraag is ingetrokken;

    • b.

      bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf 4 weken tot 6 weken na de indiening van de aanvraag 50% van de voor de activiteit verschuldigde leges waarvoor de aanvraag is ingetrokken;

    • c.

      bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf 6 weken na de indiening van de aanvraag 25% van de voor de activiteit verschuldigde leges waarvoor de aanvraag is ingetrokken;

  • 4. Als een aanvrager/ initiatiefnemer zijn aanvraag om een vergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift bij een uitgebreide aanvraag op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is, geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl Gedeputeerde Staten daarover nog geen besluit hebben genomen, vindt op verzoek van de aanvrager/ initiatiefnemer teruggaaf van een deel van de geheven leges plaats. Een verzoek tot teruggaaf van de leges dient schriftelijk te worden ingediend binnen zes weken na datum van het intrekkingsbesluit.

    De teruggaaf bedraagt:

    • a.

      bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen 6 weken na de indiening van de aanvraag 75% van de voor de activiteit verschuldigde leges waarvoor de aanvraag is ingetrokken;

    • b.

      bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf 6 weken tot 18 weken na de indiening van de aanvraag 50% van de voor de activiteit verschuldigde leges waarvoor de aanvraag is ingetrokken;

    • c.

      bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf 18 weken na de indiening van de aanvraag 25% van de voor de activiteit verschuldigde leges waarvoor de aanvraag is ingetrokken;

  • 5. Als Gedeputeerde Staten een verleende vergunning op verzoek van de vergunninghouder trekken, vindt op verzoek van de aanvrager/ initiatiefnemer teruggaaf van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges plaats ter hoogte van 25%, mits deze aanvraag is ingediend binnen 6 maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges. Een verzoek tot teruggaaf van de leges dient schriftelijk te worden ingediend binnen zes weken na datum van het intrekkingsbesluit.

  • 6.

    • a.

      Als Gedeputeerde Staten een vergunning weigeren, vindt op verzoek van de aanvrager/ initiatiefnemer teruggaaf plaats ter hoogte van 25% van de verschuldigde leges van de voor de activiteit waarvoor de vergunning is geweigerd.

    • b.

      onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechtelijke uitspraak.

  • 7. Teruggaaf vindt niet plaats als het verschuldigde leges minder bedragen dan € 300,00.

  • 8. De teruggaafregeling bedoeld in de voorgaande leden heeft geen betrekking op de kosten zoals bedoeld in artikel 5, derde lid.

  • 9. Een verzoek tot teruggaaf wordt ingediend bij de inspecteur der provinciale belastingen.

Artikel 11 Overdracht van bevoegdheden

Gedeputeerde Staten zijn bevoegd tot het wijzigen van deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel, als de wijzigingen:

  • a.

    van zuiver redactionele aard zijn;

  • b.

    een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving, die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant.

Artikel 12 Overgangsrecht

  • 1. De Legesverordening 2025 en de daarbij behorende tarieventabel wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 13, tweede lid, genoemde datum van ingang van heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

Artikel 13 Inwerkingtreding

  • 1. Deze verordening met de daarbij behorende tarieventabel 2026 treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal blad waarin het wordt geplaatst.

  • 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.

Artikel 14 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: “Legesverordening Noord-Holland 2026”.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van Provinciale Staten van 3 november 2025.

, voorzitter

, griffier

Tarieventabel 2026

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel

Omschrijving

Tarief 2026

1.1

Reguliere of uitgebreide voorbereidingsprocedure

 

1.1.1

Voor een aanvraag waarop afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is geldt een toeslag van € 2.800,00 -

€ 2.873,00

1.2

Coördinatieregeling

 

1.2.1

Als de initiatiefnemer verzoekt om toepassing van de coördinatieregeling, als bedoeld in artikel 16.7 van de Omgevingswet in samenhang met afdeling 3.5 van de Algemene wet bestuursrecht geldt een toeslag van € 25.000, -

€ 25.825,00

1.2.2

Als de initiatiefnemer verzoekt om toepassing van een koepelconcept of coördinatiebesluit als bedoeld in artikel 16.8 van de Omgevingswet in samenhang met afdeling 3.5 van de Algemene wet bestuursrecht geldt een toeslag van € 35.000,00

€ 36.155,00

Artikel

Omschrijving

1.3

Begripsbepalingen

1.3.1.

Tenzij in deze verordening of deze tarieventabel anders is bepaald, zijn op dit hoofdstuk de begripsbepalingen van toepassing die zijn opgenomen in:

a.

In de bijlage, bedoeld in artikel 1.1. van de Omgevingswet;

b.

Bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving ;

c.

Bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving;

d.

Bijlage I bij het besluit kwaliteit leefomgeving;

e.

Bijlage I bij het Omgevingsbesluit;

f.

Bijlage 1 bij de Omgevingsverordening Noord-Holland;

g.

het Omgevingsplan;

h.

Bijlage bij de Omgevingsregeling.

Hoofdstuk 2 Bouwactiviteiten

Artikel

Omschrijving

2.1

Begripsbepalingen

2.1.1

In afwijking van bijlage I bij de Omgevingsregeling wordt verstaan onder:

2.1.1.1

Aanlegkosten: de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012; Stcrt. 2012, 1567), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de aanlegkosten, exclusief omzetbelasting. Indien de werken of werkzaamheden geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschieden wordt in deze titel onder aanlegkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor de werken of werkzaamheden waarop de omgevingsvergunningaanvraag betrekking heeft.

2.1.1.2

Bouwkosten: de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012; Stcrt. 2012, 1567), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de bouwkosten, exclusief omzetbelasting, bedoeld in het normblad NEN 2699, of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd. Indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt wordt in deze titel onder bouwkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de omgevingsvergunningaanvraag betrekking heeft.

 

Bovenbedoeld normblad NEN 2699 ligt ter inzage bij de provincie Noord-Holland, Houtplein 33 te Haarlem (provinciekantoor).

2.1.1.3

Tijdelijk bouwwerk: In afwijking van artikel 2.1.3.2 geldt als grondslag voor de vaststelling van de bouwkosten voor een tijdelijk bouwwerk:

2.1.1.3.1

Indien het een bouwwerk betreft dat qua constructie niet bedoeld is om verplaatsbaar te zijn, de aannemingssom dan wel een raming van de bouwkosten vastgesteld als omschreven in artikel 2.1.3.2;

2.1.1.3.2

Indien het een gehuurd bouwwerk betreft dat qua constructie bedoeld is om verplaatsbaar te zijn, de plaatsingskosten vermeerderd met de huurkosten van het bouwwerk berekend over de beoogde instandhoudingtermijn. Deze kosten zijn exclusief de omzetbelasting;

2.1.1.3.3

Indien het niet een gehuurd bouwwerk betreft dat qua constructie bedoeld is om verplaatsbaar te zijn, de som van de plaatsingskosten en de aanschaf-, leverings- en (ver)bouwkosten van het bouwwerk. Deze kosten zijn exclusief de omzetbelasting.

2.1.1.4.

Sloopkosten: de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012; Stcrt. 2012, 1567), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de sloopkosten, exclusief omzetbelasting. Indien het slopen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt, wordt in deze titel onder sloopkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het slopen van het bouwwerk waarop de omgevingsvergunningaanvraag betrekking heeft.

2.1.1.5

Conceptverzoek: een voorlopige indiening van een aanvraag via het Omgevingsloket, waarmee initiatiefnemers/ aanvragers hun plan kunnen laten toetsen vóórdat een definitieve vergunningaanvraag of melding ingediend wordt.

Artikel

Omschrijving

Tarief 2026

2.2

Conceptverzoek

2.2.1

Als een (voorlopige) aanvraag om omgevingsvergunning, een maatwerkvoorschrift of gelijkwaardige maatregel betrekking heeft op het houden van omgevingsoverleg over één of meer activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving, bedraagt het tarief:

 
  • a.

    Het tarief voor het in behandeling nemen van een conceptverzoek die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving én een van de activiteiten een buitenplanse omgevingsplanactiviteit betreft, bedraagt:

€ 5.246,00

 
  • b.

    Het tarief voor het in behandeling nemen van een conceptverzoek die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving, waarbij er geen sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, bedraagt:

€315,00

 
  • c.

    Indien sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, wordt een aanvullende toeslag in rekening gebracht van:

€ 250,00

 
  • d.

    per in te schakelen externe adviseur verhoogd met

€ 640,00

 
  • e.

    indien sprake is van samenloop van een aanvraag voor een conceptverzoek als bedoeld in artikel 2.2.1, 3.1.1, 7.6 en 11.2, wordt slechts één keer leges voor het conceptverzoek geheven.

2.2.2

De op grond van artikel 2.2.1 verschuldigde leges worden eenmalig verrekend met de leges zoals deze bij een daadwerkelijke aanvraag om een omgevingsvergunning voor die activiteit of activiteiten, maatwerkvoorschriften of gelijkwaardige maatregelen voor hetzelfde project worden vastgesteld, mits deze opvolgende aanvraag wordt ingediend binnen 26 weken na de verzending van de beoordeling uit het conceptverzoek. Het te verrekenen bedrag mag nooit meer zijn dan het dan op te leggen tarief aan leges, waarbij een minimumtarief van €100 wordt gehanteerd.

2.3

Bouwactiviteit (bouwtechnisch deel)

 

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1., tweede lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, voor een bouwactiviteit:

a.

Bij bouwkosten tot € 50.000,-

: € 100,- per €1.000,-

€ 100,00

p/€ 1.000,-

b.

Bij bouwkosten tussen € 50.000,- en € 400.000,-

: €5.000,- vermeerderd met 3,00% voor bouwkosten boven de €50.000,-

€ 5.000,00

+ 3,00%

c.

Bij bouwkosten tussen €400.000,- en €1.000.000,-

: €15.500,- vermeerderd met 2,40% voor bouwkosten boven de € 400.000,-

€ 15.500,00 + 2,40%

d.

Bij bouwkosten tussen €1.000.000,- en € 5.000.000

: €29.000,- vermeerderd met 1,35% voor bouwkosten boven de € 1.000.000,-

€ 29.000,00

+ 1,35%

e.

Bij bouwkosten tussen €5.000.000,- en €25.000.000

:€ 83.000- vermeerderd met 0,25% voor bouwkosten boven de € 5.000.000,-

€ 83.000,00

+ 0,25%

f.

Bij bouwkosten meer dan €25.000.000,-

:€133.000,- vermeerderd met 0,05% voor bouwkosten boven de €25.000.000,-

€ 133.000,00

+ 0,05%

2.3.1

Verlenging tijdelijke omgevingsvergunning bouwactiviteit

2.3.2

In afwijking van het bepaalde in artikel 2.3 bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om verlenging van de in een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit gestelde termijn, als bedoeld in artikel 10.23, tweede lid van het Omgevingsbesluit, zonder andere wijzigingen van de vergunning en voor zover de aanvraag in overeenstemming is met het omgevingsplan:

€ 1.000,00

 

In afwijking van het bepaalde in 2.3 bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om het verlengen van de in een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit gestelde termijn, als bedoeld in artikel 10.23, tweede lid, van het Omgevingsbesluit, zonder andere wijzigingen van de vergunning én voor zover de aanvraag in overeenstemming is met het omgevingsplan, 20% van het bedrag dat verschuldigd zou zijn voor een vergunningaanvraag op grond van de tarieven in 2.3 geldend in het jaar van aanvraag van de verlenging. Bij de vaststelling van het verschuldigde bedrag wordt een minimum van € 100 en een maximum van € 25.000 gehanteerd.

2.3.2

(Deel)beoordeling van een bouwwerk met het oog op brandveiligheid

 

Het verstrekken van een advies inzake de beoordeling van de brandveiligheid ten behoeve van de bouwactiviteit (technische deel) bedoeld als artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder a van de Omgevingswet.

€ 749,00

2.4

Bouw-/aanlegkosten zonnecollectoren en -panelen

 

Voor een omgevingsoverleg of het in behandeling nemen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning, die betrekking heeft op het plaatsen van een collector voor warmteopwekking of een paneel voor elektriciteitsopwekking worden de bouw-/aanlegkosten voor de collectoren of panelen op € 0,00 geraamd.

Indien collectoren voor warmteopwekking of panelen voor elektriciteitsopwekking onderdeel uitmaken van een aanvraag omgevingsvergunning, dan wel omgevingsoverleg omgevingsvergunning, bestaande uit meer onderdelen dan uitsluitend collectoren of panelen, dan worden voor de vaststelling van het legesbedrag de bouwkosten voor de collectoren of panelen buiten beschouwing worden gelaten.

2.5

Omgevingsplanactiviteit: bouwactiviteit, in stand houden of gebruiken bouwwerk (ruimtelijk deel)

2.5.1

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van, een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1., eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, voor een omgevingsplanactiviteit bestaande uit een bouwactiviteit, het in stand houden of gebruiken van het (te bouwen) bouwwerk:

€ 749,00

2.5.2.

Als moet worden beoordeeld of het uiterlijk of de plaatsing van het bouwwerk, zowel op zichzelf beschouwd als in verband met de omgeving of de te verwachte ontwikkeling daarvan, niet in strijd is met de redelijke eisen van welstand als bedoeld in provinciale of gemeentelijke beleidsregels als bedoeld in artikel 4.19 van de Omgevingswet wordt het tarief in artikel 2.5.1 verhoogd met:

€ 625,00

2.5.2.1

Voor de welstandcommissie wordt het tarief verhoogd per keer dat de commissie wordt geraadpleegd.

2.5.3

Voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht wordt het tarief in artikel 2.5.1 verhoogd met:

€ 625,00

2.5.4

Voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit wordt het tarief in artikel 2.5.1 verhoogd met:

€ 625,00

2.5.5

Als de bouwactiviteit plaatsvindt op een bodemgevoelige locatie en de toelaatbare kwaliteit van de bodem moet worden beoordeeld, wordt het tarief in artikel 2.5.1 verhoogd met:

€ 625,00

2.5.6

Als moet worden beoordeeld of de bouwactiviteit niet in strijd is met het in voorbereiding zijnde omgevingsplan of omgevingsverordening respectievelijk in voorbereiding zijnde omgevingsplan of omgevingsverordening dat voorziet in de bescherming van het stads- en dorpsgezicht, wordt het tarief in artikel 2.5.1 verhoogd met:

€ 625,00

2.6

Beoordeling bodemrapport

2.6.1

Het tarief onder 2.5 wordt verhoogd, indien de omgevingsvergunningaanvraag krachtens wettelijk voorschrift slechts kan worden afgehandeld, indien:

a.

een milieukundig bodemrapport wordt beoordeeld;

€ 500,00

b.

een archeologisch bodemrapport wordt beoordeeld;

€ 500,00

2.7

Beoordeling advies agrarische adviescommissie

2.7.1

Het tarief, onder 2.4 wordt verhoogd, indien de aanvraag krachtens wettelijk voorschrift slechts kan worden afgehandeld, indien een advies van de agrarische adviescommissie wordt beoordeeld:

€ 500,00

2.7.1.1

Voor de agrarische adviescommissie wordt het tarief verhoogd per keer dat de commissie wordt geraadpleegd.

2.8

Maatwerkvoorschriften bij bouwactiviteiten

2.8.1

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een verzoek om een of meer maatwerkvoorschriften die betrekking heeft op een bouwactiviteit:

2.8.2

Voor een maatwerkvoorschrift dat betrekking heeft op:

  • 1.

    Het in stand houden van een bestaand bouwwerk, als bedoeld in artikel 3.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;

  • 2.

    Bouwactiviteiten die het bouwen van nieuwe bouwwerken betreffen, als bedoeld in artikel 4.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;

  • 3.

    Het gebruiken van een bouwwerk, als bedoeld in artikel 6.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving; of

  • 4.

    het verrichten van bouw- of sloopwerkzaamheden, bedoeld in artikel 7.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving; per maatwerkvoorschrift:

€ 125,00

2.8.3

In alle andere gevallen als bedoeld in onderdeel 2.8.2 per maatwerkvoorschrift:

€ 125,00

2.8.4

Het tarief behorend bij een aanvraag om een maatwerkvoorschrift of bij een aanvraag om een vergunningvoorschrift is niet van toepassing als het onderwerp waarop het maatwerkvoorschrift of het vergunningvoorschrift betrekking heeft op of onderdeel is van een aanvraag om een omgevingsvergunning.

2.9

Gelijkwaardige maatregel bij bouwactiviteit

2.9.1

Bij een aanvraag om toestemming voor een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet indien deze betrekking heeft op een bouwactiviteit bedraagt het tarief:

€ 1.250,00

2.10

Beoordeling aanvullende gegevens

 

Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van aanvullende gegevens die worden ingediend nadat de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld als in artikel 5.1., eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet (omgevingsplanactiviteit), artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet (rijksmonumentenactiviteit) of artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder a van de Omgevingswet (bouwactiviteit - technisch deel) , in behandeling is genomen:

€ 500,00

2.11.

Omgevingsplanactiviteit: Gebruik gronden (afwijken omgevingsplan)

 

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1., eerste lid, aanhef en onder a van de Omgevingswet, tot het gebruiken van gronden in strijd met:

2.11.1

een omgevingsplan, als bedoeld in artikel 5.21., tweede lid, onder b, van de Omgevingswet in samenhang met artikel 8.0 a, tweede lid van het Besluit kwaliteit leefomgeving:

€ 500,00

2.11.1.1

Als moet worden beoordeeld of de omgevingsplanactiviteit niet in strijd is met het in voorbereiding zijnde omgevingsplan of omgevingsverordening respectievelijk in voorbereiding zijnde omgevingsplan of omgevingsverordening dat voorziet in de bescherming van het stads- en dorpsgezicht, wordt het tarief in artikel 2.9.1 verhoogd met:

€ 500,00

2.11.2

een omgevingsplan indien de omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit voor een bepaalde termijn als bedoeld in de artikelen 5.36 en 5.36a van de Omgevingswet

€ 500,00

2.12

Rijksmonumentenactiviteit/Omgevingsplanactiviteit: (beschermd) stads- of dorpsgezicht / Omgevingsplanactiviteit: monumenten

 

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van en omgevingsvergunning als bedoeld in:

2.12.1

artikel 5.1., eerste lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet voor een rijksmonumentenactiviteit;

€ 3.373,00

2.12.2

artikel 5.1., eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet voor het slopen van een bouwwerk in een (beschermd) stads- of dorpsgezicht;

€ 3.373,00

2.12.3

artikel 5.1., eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een krachtens provinciale of gemeentelijke verordening aangewezen monument, of het herstellen, gebruiken of laten gebruiken daarvan op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar wordt gebracht;

€ 3.373,00

2.12.4

artikel 5.1., eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet voor het slopen van een bouwwerk dat krachtens provinciale of gemeentelijke verordening is aangewezen als (beschermd) stads- of dorpsgezicht:

€ 3.373,00

2.13

Omgevingsplanactiviteit: Slopen van een bouwwerk

 

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1., eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet voor het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een omgevingsplan of voorbereidingsbesluit is bepaald, dan wel voor het slopen van een bouwwerk voor zover daarvoor krachtens de Omgevingsverordening Noord-Holland een omgevingsvergunning is vereist:

€ 3.373,00

2.14

Omgevingsplanactiviteit: aanleggen of veranderen weg

 

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen vaneen aanvraag om een omgevingsvergunning, die betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, voor het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg:

€ 1.999,00

2.15

Omgevingsplanactiviteit: uitweg/uitrit

 

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen vaneen aanvraag om een omgevingsvergunning, die betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het aanleggen van een uitrit naar de openbare weg of het veranderen van een bestaande uitrit:

€ 500,00

2.16

Omgevingsplanactiviteit kappen

a.

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1., eerste lid, aanhef en onder a van de Omgevingswet voor het vellen of doen vellen van een houtopstand voor maximaal 5 bomen:

€ 375,00

b.

Met een opslag voor elke boom meer dan de vijfde boom

€ 37,70

2.17

Omgevingsplanactiviteit: reclame

 

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in:

a.

artikel 5.1., eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet voor het op of aan een onroerende zaak maken of voeren van handelsreclame met behulp van opschriften, aankondigingen, afbeeldingen, reclameobjecten of constructies, in welke vorm dan ook, die zichtbaar zijn vanaf een voor het publieke toegankelijke plaats;

€ 375,00

b.

artikel 5.1., eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet voor het als eigenaar, beperkt zakelijk gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat op of aan die onroerende zaak handelsreclame wordt gemaakt of gevoerd met behulp van opschriften, aankondigingen, afbeeldingen, reclameobjecten of constructies, in welke vorm dan ook, die zichtbaar zijn vanaf een voor het publieke toegankelijke plaats

€ 375,00

2.18

Omgevingsplanactiviteit: alarminstallatie

 

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a van de Omgevingswet, bestaande uit het in, op of aan een onroerende zaak hebben van een alarminstallatie die een voor de omgeving opvallend geluid of lichtsignaal kan produceren.

€ 375,00

2.19

Niet genoemd besluit: op omgevingsvergunningaanvraag

 

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verkrijgen van een vergunning, goedkeuring, verklaring, afwijking of een andere dienst die samenhangt met een project in de fysieke leefomgeving, waarbij tevens sprake is van een activiteit genoemd in dit hoofdstuk voor zover daarvoor niet elders in deze tarieventabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen:

€ 625,00

 

Overige tarieven

 

2.20

Projectbesluit

 
 

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een projectbesluit wordt er een door of namens Gedeputeerde Staten opgestelde begroting vastgesteld van de kosten van:

  • a.

    het vooroverleg;

de vaststelling van het projectbesluit, bedoeld in afdeling 5.2 van de Omgevingswet, inclusief de projectbesluitprocedure , bedoeld in de paragrafen 16.6.1 en 16.6.2 van de Omgevingswet

 

2.21

Wijzigen omgevingsvergunning

2026

 

Indien de aanvraag om het verkrijgen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het bouwen in afwijking van een eerder ingediend bouwplan waarvoor reeds een vergunning is verleend en het gaat om een wijziging van een of enkele onderdelen van het bouwplan die op zichzelf beoordeeld kunnen worden, worden de leges geheven overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk, waarbij dan als bouwkosten gelden de bouwkosten van de gewijzigde onderdelen van het bouwplan, met dien verstande dat het te betalen legesbedrag nooit minder is dan € 562,-.

5 % van de leges die verschuldigd zijn voor het in behandeling nemen van de te wijzigen onderliggende vergunning waarop de aanvraag ziet met een minimum van € 562,-

Hoofdstuk 3 Milieubelastende activiteiten

Voorfase/Conceptverzoek

3.1

Conceptverzoek

Tarief 2026

3.1.1

Als een (voorlopige) aanvraag om omgevingsvergunning, een maatwerkvoorschrift of gelijkwaardige maatregel betrekking heeft op het houden van omgevingsoverleg over één of meer activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor milieubelastende activiteiten, bedraagt het tarief:

 
 
  • a.

    Het tarief voor het in behandeling nemen van een conceptverzoek die betrekking heeft op een of meer activiteiten, maatwerkvoorschriften of gelijkwaardigheden die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving én waarbij ten minste één van de activiteiten een buitenplanse omgevingsplanactiviteit betreft, bedraagt:

€ 5.246,00

 
  • b.

    Het tarief voor het in behandeling nemen van een conceptverzoek die betrekking heeft op een of meer activiteiten maatwerkvoorschriften of gelijkwaardigheden die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving, waarbij er geen sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, bedraagt:

€315,00

 
  • c.

    Indien sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, wordt een aanvullende toeslag in rekening gebracht van:

€ 250,00

 
  • d.

    per in te schakelen externe adviseur verhoogd met

€ 640,00

 
  • e.

    indien sprake is van samenloop van een aanvraag voor een conceptverzoek als bedoeld in artikel 2.2.1, 3.1.1, 7.6 en 11.2, wordt slechts één keer leges voor het conceptverzoek geheven.

 

3.1.2

De op grond van artikel 3.1.1 verschuldigde leges worden eenmalig verrekend met de leges zoals deze bij een daadwerkelijke aanvraag om een omgevingsvergunning voor die activiteit of activiteiten, maatwerkvoorschriften of gelijkwaardige maatregelen voor hetzelfde project worden vastgesteld, mits deze opvolgende aanvraag wordt ingediend binnen 26 weken na de verzending van de beoordeling uit het conceptverzoek. Het te verrekenen bedrag mag nooit meer zijn dan het dan op te leggen tarief aan leges, waarbij een minimumtarief van €100 wordt gehanteerd.

 

3.2.

Activiteiten die bedrijfstakken overstijgen (afdeling 3.2. Besluit activiteitenleefomgeving)

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten genoemd in afdeling 3.2, met uitzondering van paragraaf 3.2.6, van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk van de tarieventabel als het ook om de in die bedoelde activiteiten gaat:

a.

voor één milieubelastende activiteit:

€ 3.747,30

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten: per milieubelastende activiteit

€ 3.123,00

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten: per milieubelastende activiteit

€ 2.498,00

Complexe milieubelastende activiteiten

3.3.

Seveso-inrichtingen (afdeling 3.3 Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1., tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten in de categorie complexe bedrijven als bedoeld in paragraaf 3.3.1. van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het basistarief, voor het exploiteren van een Seveso-inrichting:

€ 31.228,00

a.

vermeerderd met een toeslag voor een hoge drempelinrichting, als bedoeld in bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving van:

€ 24.982,00

b.

vermeerderd met een toeslag voor een combinatie van een activiteit vallend onder de aanhef of onderdeel a met een ippc-installatie, die niet in afdeling 3.3. Besluit activiteiten leefomgeving wordt genoemd van:

€ 6.246,00

3.4

Grootschalige energieopwekking (afdeling 3.3 Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1., tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten in de categorie complexe bedrijven als bedoeld in paragraaf 3.3.2. van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het stoken, bedoeld in categorie 1.1. van bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies bedraagt het tarief:

 

a.

bij een nominaal thermisch vermogen van minder dan 200MW:

€ 18.737,00

b.

bij een nominaal thermisch vermogen van 200MW tot 400 MW

€ 43.719,00

c.

bij een nominaal thermisch vermogen van 400MW of meer:

€ 68.701,00

3.5

Raffinaderij (afdeling 3.3 Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1., tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten in de categorie complexe bedrijven als bedoeld in paragraaf 3.3.3. van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het raffineren van aardolie en gas, bedoeld in categorie 1.2. van bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies bedraagt het tarief:

 

a.

bij een verwerkingscapaciteit van minder dan 2 miljoen ton per jaar:

€ 31.228,00

b.

bij een verwerkingscapaciteit van 2 miljoen ton per jaar of meer:

€ 37.473,00

3.6

Maken van cokes (afdeling 3.3 Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1., tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten in de categorie complexe bedrijven als bedoeld in paragraaf 3.3.4. van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het maken van cokes, bedoeld in categorie 1.3. van bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies bedraagt het tarief:

€ 31.228,00

3.7

Vergassen of vloeibaar maken van steenkool of andere brandstoffen (afdeling 3.3 Besluit activiteiten Leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1., tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten in de categorie complexe bedrijven als bedoeld in paragraaf 3.3.5. van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief:

 

a.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het vergassen of vloeibaar maken van steenkool of andere brandstoffen, als bedoeld in categorie 1.4. van bijlage 1 bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 37.473,00

b.

voor het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor het vergassen of vloeibaar maken van steenkool of andere brandstoffen:

€ 31.228,00

c.

voor het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor het briketteren of walsen van steenkool of bruinkool:

€ 24.982,00

d.

voor het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor het maken van steenkoolproducten of vaste rookvrije brandstof:

€ 24.982,00

3.8

Basismetaal (afdeling 3.3 Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1., tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten in de categorie complexe bedrijven als bedoeld in paragraaf 3.3.6. van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief:

 

a.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het roosten of sinteren van ertsen, als bedoeld in categorie 2.1. van bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies;

€ 43.719,00

b.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het maken van ijzer of staal, als bedoeld in categorie 2.2. van bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies;

€ 43.719,00

c.

voor het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor het maken van ijzer of staal;

€ 31.228,00

d.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het verwerken van ferrometalen door warmwalsen, smeden met hamers of het aanbrengen van deklagen van gesmolten metaal, als bedoeld in categorie 2.3. van bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies;

€ 31.228,00

e.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het smelten of gieten van ferrometalen, bedoeld in categorie 2.4. van bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies;

€ 31.228,00

f.

voor het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor het smelten of gieten van ferrometalen;

 

g.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het winnen van ruwe non-ferrometalen uit erts, concentraat of secundaire grondstoffen, het smelten, met inbegrip van het legeren, en het gieten van non-ferrometalen, bedoeld in categorie 2.5. van bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

 

3.9

Complexe minerale industrie (afdeling 3.3 Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1., tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten in de categorie complexe bedrijven als bedoeld in paragraaf 3.3.7. van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief:

 

a.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het maken van cement, cementklinkers, ongebluste kalk en magnesiumoxide, als bedoeld in categorie 3.1. van bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 37.473,00

b.

voor het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor het maken van cement, cementklinkers, ongebluste kalk en magnesiumoxide:

€ 31.228,00

c.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het winnen van asbest of het maken van asbestproducten, als bedoeld in categorie 3.2. van bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 37.473,00

d.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het maken van glas met inbegrip van het maken van glasvezels, als bedoeld in categorie 3.3. van bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 37.473,00

e.

voor het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor het maken van glas met inbegrip van het maken van glasvezels:

€ 31.228,00

f.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het smelten van minerale stoffen, en het maken van mineraalvezels, glazuren of emailles, als bedoeld in categorie 3.4. van bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 37.473,00

g.

voor het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor het smelten van minerale stoffen en het maken mineraalvezels, glazuren en emailles:

€ 31.228,00

h.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het maken van koolstof of elektrografiet door verbranding of grafitisering, als bedoeld in categorie 6.8. van bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 37.473,00

3.10

Basischemie (afdeling 3.3 Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1., tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten in de categorie complexe bedrijven als bedoeld in paragraaf 3.3.8. van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief:

 

a.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het maken van organische-chemische producten, als bedoeld in categorie 4.1. van bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 37.473,00

b.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het maken van onorganische-chemische producten, als bedoeld in categorie 4.2. van bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 37.473,00

c.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het maken van fosfaathoudende, stikstofhoudende of kaliumhoudende meststoffen als bedoeld in categorie 4.3. van bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 37.473,00

d.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het maken van producten voor gewasbescherming of van biocieden, als bedoeld in categorie 4.4. van de bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 37.473,00

e.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het maken van farmaceutische producten, als bedoeld in categorie 4.5. van de bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 37.473,00

f.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het maken van explosieven, als bedoeld in categorie 4.6. van de bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies

€ 37.473,00

3.11

Complexe papierindustrie, houtindustrie en textielindustrie (afdeling 3.3. Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1., tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten in de categorie complexe bedrijven als bedoeld in paragraaf 3.3.9. van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief:

 

a.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het maken van papierpulp, papier, karton, of orientend strand board, spaanplaat of vezelplaat van hout als bedoeld in categorie 6.1. van de bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 31.228,00

b.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het voorbehandelen of het verven van textielvezels of textiel, als bedoeld in categorie 6.2. van de bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 37.473,00

3.12

Afvalbeheer ippc-installaties (afdeling 3.3 Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1., tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten in de categorie complexe bedrijven als bedoeld in paragraaf 3.3.10. van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief:

 

a.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het verwijderen en nuttig toepassen van gevaarlijke afvalstoffen, als bedoeld in categorie 5.1. van de bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 37.473,00

b.

voor het exploiteren van een ippc-installatie verwijderen en/of nuttig toepassen van ongevaarlijke afvalstoffen als bedoeld in categorie 5.3. van de bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 31.228,00

c.

  • 1.

    voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het tijdelijk opslaan van gevaarlijke afvalstoffen als bedoeld in categorie 5.5. van de bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 31.228,00

 
  • 2.

    indien de onder c.1. bedoelde activiteit is gecombineerd met de milieubelastende activiteit, als bedoeld in paragraaf 3.5.6. van het Besluit activiteiten leefomgeving:

€ 18.737,00

d.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het ondergronds opslaan van gevaarlijke afvalstoffen bedoeld in categorie 5.6. van de bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 31.228,00

3.13

Kadavers of dierlijk afval (afdeling 3.3 Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1., tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten in de categorie complexe bedrijven als bedoeld in paragraaf 3.3.11. van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief voor het exploiteren van een ippc-installatie voor de destructie of het verwerken van kadavers of dierlijk afval, bedoeld in categorie 6.5. van bijlage 1 bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 31.228,00

3.14

Stortplaats of winningsafvalvoorziening (afdeling 3.3 Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1., tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten in de categorie complexe bedrijven als bedoeld in paragraaf 3.3.12. van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief:

 

a.

voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het storten van afvalstoffen, als bedoeld in categorie 5.4. van bijlage 1 bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 18.737,00

b.

voor het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor het storten van bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen op een stortplaats:

€ 18.737,00

c.

voor het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor het storten of verzamelen van winningsafvaltoffen in een winningsafvalvoorziening:

€ 18.737,00

3.15

Verbranden van afvalstoffen in een ippc-installatie (afdeling 3.3 Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1., tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten in de categorie complexe bedrijven als bedoeld in paragraaf 3.3.13. van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, voor het exploiteren van een ippc-installatie voor het verwijderen of het nuttig toepassen van afvalstoffen in een afvalverbrandingsinstallatie of een afvalmeeverbrandingsinstallatie als bedoeld in categorie 5.2. van bijlage I bij de Richtlijn industriële emissies:

€ 43.719,00

3.16

Grootschalige mestverwerking (afdeling 3.3 Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1., tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten in de categorie complexe bedrijven als bedoeld in paragraaf 3.3.14. van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, voor het exploiteren voor het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor het behandelen van meer dan 25.000 m3 dierlijke meststoffen per jaar op een andere locatie dan de locatie van de productie:

€ 24.982,00

Nutssector en industrie

3.17

Nutssector en industrie (afdeling 3.4 Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten genoemd in afdeling 3.4 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief:

 

a.

voor  milieubelastende activiteit:

€ 3.747,30

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit

€ 3.123,00

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit

€ 2.498,00

Afvalbeheer

3.18

Afvalbeheer (afdeling 3.5 Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op één of meer milieubelastende activiteiten als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten genoemd in afdeling 3.5 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief:

 

a.

milieubelastende activiteit:

€ 3.747,30

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit

€ 3.123,00

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit

€ 2.498,00

Agrarische sector

3.19

Agrarische sector (afdeling 3.6 Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op één of meer milieubelastende activiteiten als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten genoemd in afdeling 3.6 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief:

 

a.

voor  milieubelastende activiteit:

€ 3.747,30

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit

€ 3.123,00

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit

€ 2.498,00

Dienstverlening, onderwijs en zorg

3.20

Dienstverlening, onderwijs en zorg (afdeling 3.7 Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten genoemd in afdeling 3.7 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief per activiteit:

€ 3.747,30

Transport, logistiek en ondersteuning daarvan

3.21

Transport, logistiek en ondersteuning daarvan (afdeling3.8 Besluit activiteiten leefomgeving)

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit activiteiten genoemd in afdeling 3.8 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief:

 

a.

Voor  milieubelastende activiteit:

€ 3.747,30

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit

€ 3.123,00

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit

€ 2.498,00

 

Samenloop van milieubelastende activiteiten

 
 

Als bij de toepassing van de artikelen 3.2 tot en met 3.21 dezelfde milieubelastende activiteit onder meer dan een artikel valt, wordt die milieubelastende activiteit slechts eenmaal in de heffing betrokken, waarbij het voor de belastingplichtige meest gunstige van toepassing zijnde tarief wordt toegepast.

 
 

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een kernactiviteit in een bedrijfstak gecombineerd met functioneel ondersteunende activiteiten uit andere bedrijfstakken, dan is, in afwijking van het bepaalde in deze paragraaf, op al deze activiteiten het artikel van toepassing waaronder de bedrijfstak die bepalend is voor de kernactiviteit valt.

 

Omgevingsplanactiviteit: milieubelastende activiteit

3.22

Omgevingsplanactiviteit: milieubelastende activiteit

 
 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op één of meerdere omgevingsplanactiviteiten bestaande uit een milieubelastende activiteit als bedoeld in paragraaf 22.3.26 van het tijdelijke deel van het omgevingsplan, zoals opgenomen in artikel 7.1. van het Invoeringsbesluit Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om in die artikelen bedoelde activiteiten:

€ 2.498,00

Maatwerkvoorschriften of vergunningsvoorschriften bij milieubelastende activiteiten

3.23

Maatwerkvoorschriften of vergunningsvoorschriften bij milieubelastende activiteiten

 

1

Bij een aanvraag om een maatwerkvoorschrift of een vergunningsvoorschrift krachtens artikel 4.5. van de Omgevingswet bedraagt het tarief bij:

 

a.

maatwerkvoorschrift(-en) of vergunningvoorschrift(-en) voor één milieuaspect:

€ 2.498,00

b.

maatwerkvoorschriften of vergunningvoorschriften voor twee of meerdere milieuaspecten, de som van het tarief onder a en per extra milieuaspect

€ 1.249,00

2

Het tarief behorend bij een aanvraag om een maatwerkvoorschrift of bij een aanvraag om een vergunningsvoorschrift is niet van toepassing als het onderwerp waarop het maatwerkvoorschrift of het vergunningsvoorschrift betrekking heeft onderdeel is van een aanvraag om een omgevingsvergunning.

 

3.24

Wijziging maatwerkvoorschriften

 
 

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van maatwerkvoorschriften als bedoeld in artikel 4.5. Omgevingswet:

€ 3.123,00

Gelijkwaardige maatregel bij milieubelastende activiteiten

3.25

Gelijkwaardige maatregel bij milieubelastende activiteiten

 

1.

Bij een aanvraag om toestemming voor één of meerdere gelijkwaardige maatregelen als bedoeld in artikel 4.7. van de Omgevingswet indien deze betrekking heeft op een milieubelastende activiteit bedraagt het tarief:

€ 3.123,00

2.

Het tarief behorend bij een aanvraag om een toestemming om een gelijkwaardige maatregel te treffen is niet van toepassing als het onderwerp waarop de gelijkwaardige maatregel betrekking onderdeel is van een aanvraag om een omgevingsvergunning.

 

Eén of meerdere (complexe) milieubelastende activiteiten

3.26

Omgevingsvergunning die betrekking heeft op de cumulatie van complexe milieubelastende activiteiten en de combinatie van complexe met overige milieubelastende activiteiten

1.

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op meerdere complexe milieubelastende activiteiten uit de afdeling 3.3. van het Besluit activiteiten leefomgeving wordt het tarief opgebouwd uit de complexe milieubelastende activiteit met het hoogste tarief vermeerderd met 15% van het tarief dat verschuldigd is op grond van de andere milieubelastende activiteiten uit artikel 3.3 van deze tarieventabel.

2.

In afwijking van het eerste onderdeel worden er geen leges geheven over milieubelastende activiteiten als bedoeld in de artikelen 3.2 en 3.4 t/m 3.9 in hoofdstuk 3 van deze tarieventabel indien deze gelijktijdig met één of meerdere complexe milieubelastende activiteiten als bedoeld in afdeling 3.3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, worden aangevraagd.

Uitgebreide voorbereidingsprocedure bij milieubelastende activiteiten

3.27

Uitgebreide voorbereidingsprocedure

 
 

Bij een aanvraag waarop afdeling 3.4. van de Algemene wet bestuursrecht op de voorbereiding van het besluit van toepassing is, wordt het tarief van een milieubelastende activiteit als bedoeld in de artikelen 3.2. en 3.4. t/m 3.9. in hoofdstuk 3 van deze tarieventabel vermeerderd met een toeslag van:

€ 3.123,00

Wijzigen omgevingsvergunning bij milieubelastende activiteiten

3.28

Wijzigen omgevingsvergunning met uitgebreide voorbereidingsprocedure bij complexe milieubelastende activiteiten

 

1.

Bij een aanvraag om wijziging van één vergunde complexe milieubelastende activiteit, uit afdeling 3.3. van het Besluit activiteiten leefomgeving, waarop de uitgebreide voorbereidingsprocedure van toepassing is, is 60% van het tarief verschuldigd, voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit, waarop de wijziging betrekking heeft.

 

2.

Bij een aanvraag om wijziging van meerdere vergunde complexe milieubelastende activiteiten, uit afdeling 3.3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, waarop de uitgebreide voorbereidingsprocedure van toepassing is, wordt het tarief berekend op basis van artikel 3.26, eerste onderdeel, en is 60% verschuldigd over de uitkomst daarvan. Hierbij is het laagste tarief uit die berekening verschuldigd.

 

3.29

Wijzigen omgevingsvergunning met de reguliere voorbereidingsprocedure bij complexe milieubelastende activiteiten

 

1.

Bij een aanvraag om wijziging van één vergunde complexe milieubelastende activiteit, uit afdeling 3.3. van het Besluit activiteiten leefomgeving, waarop de reguliere voorbereidingsprocedure van toepassing is, is 30% van het tarief verschuldigd, voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit, waarop de wijziging betrekking heeft.

 

2.

Bij een aanvraag om wijziging van meerdere vergunde complexe milieubelastende activiteiten, uit afdeling 3.3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, waarop de reguliere voorbereidingsprocedure van toepassing is, wordt het tarief berekend op basis van artikel 3.26, eerste onderdeel, en is 30% verschuldigd over de uitkomst daarvan. Hierbij is het laagste tarief uit die berekening verschuldigd.

 

3.30

Wijzigen omgevingsvergunning bij complexe milieubelastende activiteiten

 

a.

In afwijking van de artikelen 3.27 en 3.28 van hoofdstuk 3 van deze tarieventabel is bij een aanvraag om wijziging van één of meerdere complexe milieubelastende activiteiten, uit afdeling 3.3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, waarop de uitgebreide of de reguliere procedure van toepassing is , en de wijziging betrekking heeft op één of meerdere activiteiten in artikelen 3.2, 3.4 t/m 3.9, het tarief dat bij die artikelen vermeld staat van toepassing.

 

b.

In afwijking van de artikelen 3.27 en 3.28 van hoofdstuk 3 van deze tarieventabel is bij een aanvraag om wijziging van één of meerdere complexe milieubelastende activiteiten, uit afdeling 3.3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, waarop de uitgebreide of de reguliere procedure van toepassing is , en de wijziging betrekking heeft op een functioneel ondersteunende activiteit, die niet aangewezen is in het besluit activiteiten leefomgeving bedraagt het tarief:

 
 
  • 1.

    voor één milieubelastende activiteit:

€ 3.747,30

 
  • 2.

    voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit

€ 3.123,00

 
  • 3.

    voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit

€ 2.498,00

3.31

Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning

 
 

Een aanvraag om wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning, niet zijnde een vergunningsvoorschrift als bedoeld in artikel 4.5. van de Omgevingswet:

€ 2.498,00

Milieueffectrapportage

3.32

Beoordeling onderzoeksrapporten

 
 

Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als krachtens wettelijke voorschrift voor de betreffende aanvraag een rapport moet worden beoordeeld, voor de beoordeling van een milieueffectrapportage (MER):

€ 9.993,00

3.33

Advies Commissie voor de milieueffectrapportage

 
 

Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van hoofdstuk 3 bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet, voor een advies van de Commissie voor de milieueffectrapportage: het bedrag dat deze commissie in rekening brengt op grond van de door de Minister van Infrastructuur en Waterstaat goedgekeurde tariefstelling.

 

Hoofdstuk 4 Provinciale wegen en vaarwegen

Artikel

Omschrijving

Tarief 2026

 

Provinciale wegen

 
 

Wegenverkeerswet (WVW)

 

4.1.1

Het in behandeling nemen van een aanvraag in het kader van artikel 148 de Wegenverkeerswet 1994 (WVW)

€ 378,00

4.1.2

Het in behandeling nemen van een verzoek tot wijziging, intrekking of verlenging van een besluit als bedoeld onder artikel 4.1.1

€ 378,00

 

Regeling voertuigen

 

4.2.1

Het in behandeling nemen van een aanvraag in het kader van artikel 9.1 van de Regeling voertuigen

€ 944,00

4.2.2

Het in behandeling nemen van een verzoek tot wijziging, intrekking of verlenging van een besluit als bedoeld onder artikel 4.2.1.

€ 944,00

 

Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990

 

4.3.1

Het in behandeling nemen van een aanvraag in het kader van artikel 87 van het Reglement verkeerregels en verkeerstekens 1990

€ 425,00

4.3.2

Het in behandeling nemen van een verzoek tot wijziging, intrekking of verlenging van een besluit als bedoeld onder art 4.3.1.

€ 425,00

 

Omgevingsverordening Noord-Holland

 

4.4.1

Het in behandeling nemen van een aanvraag voor:

  • -

    het aanleggen of in stand houden van een kunstwerk over een weg of binnen de grens van een weg;

  • -

    het veranderen van een kunstwerk, zodanig dat deze niet meer voldoet aan de bestemming en omschrijving in de wegenlegger;

  • -

    het opbreken van een wegverharding

  • -

    het verlagen of ophogen van een weg.

€ 2.265,12

4.4.2

Het in behandeling nemen van een verzoek tot wijziging, intrekking of verlenging van een besluit als bedoeld onder artikel 4.4.1

€ 849,00

4.5.1

Het in behandeling nemen van een aanvraag voor het uitvoeren van kleine graafwerkzaamheden in een weg (w.o. het inblazen van leidingen, sonderingen)

€ 472,00

4.5.2

Het in behandeling nemen van een verzoek tot wijziging, intrekking of verlenging van een besluit als bedoeld onder artikel 4.5.1 

€ 283,00

4.6.1

Het in behandeling nemen van een aanvraag voor:

  • -

    het afdammen, dempen of verminderen van het water-afvoerend vermogen van een langs of op de grens van een weg gelegen sloot;

  • -

    het aanbrengen, hebben of verwijderen van opslagtanks, bakken, putten, goten e.d., paden, stoepen, bouwconstructies, verhogingen van wallen en andere voorwerpen;

  • -

    het weiden van dieren;

  • -

    het aanbrengen, hebben of verwijderen van beplanting;

  • -

    het aanbrengen, hebben of verwijderen van borden of palen;

  • -

    het leggen of hebben of verwijderen van rails;

  • -

    het laten afstromen of aflopen van fecaliën, gier, mest of afvalwater via bermsloten of hemelwater van daken of uit goten;

  • -

    het innemen van een (vaste) standplaats met voertuigen ten behoeve van handel of bedrijf;

  • -

    het plaatsen of laten liggen van agrarische of andere producten of materialen binnen 2 meter uit de kant van de verharding;

  • -

    het over of boven de weg aanbrengen en hebben van uitspringende constructiedelen of voorwerpen, het laten draaien van voorzieningen waaraan hang- of sluitwerk is bevestigd;

  • -

    het aanbrengen en hebben van andere zaken.

€ 566,00

4.6.2

Het in behandeling nemen van een verzoek tot wijziging, intrekking of verlenging van een besluit als bedoeld onder artikel 4.6.1.

€ 472,00

4.7.1

Het in behandeling nemen van een aanvraag voor het in/nabij een weg leggen of middels gestuurde boringen leggen of hebben liggen van leidingen (buizen en kabels daaronder begrepen):

 
 
  • a.

    voor de 1ste 100 meter (of gedeelte daarvan)

€ 661,00

 
  • b.

    voor elke volgende 100 meter (of gedeelte daarvan) tot 1.000 meter

€ 105,00

 
  • c.

    voor elke volgende 100 meter ( of gedeelte daarvan) vanaf 1.000 meter tot 10.000 meter

€ 93,00

 
  • d.

    voor elke volgende 100 meter (of gedeelte daarvan) boven de 10.000 meter

€ 37,80

4.7.2

Het in behandeling nemen van een verzoek tot wijziging, intrekking of verlenging van een besluit als bedoeld onder artikel 4.7.1 of een opdracht tot het verleggen in opdracht van de provincie Noord-Holland

€ 661,00

4.8.1

Het in behandeling nemen van een aanvraag voor:

 
 
  • a.

    het in een weg leggen of hebben liggen van een duiker;

€ 661,00

 
  • b.

    het maken, hebben, te veranderen of het gebruik daarvan te veranderen van een uitweg;

€ 661,00

4.8.2

Het in behandeling nemen van een verzoek tot wijziging, intrekking of verlenging van een besluit als bedoeld onder artikel 4.8.1

€ 661,00

 

Provinciale vaarwegen

 

4.9

Omgevingsverordening Noord-Holland

 

4.9.1

Het in behandeling nemen van een aanvraag voor:

 
 
  • a.

    een vaarweg op een andere vaarweg(en) aan te sluiten;

€ 708,00

 
  • b.

    een vaarweg te verleggen, te versmallen, diepte te wijzigen of op een andere wijze te veranderen dan wel buiten gebruik te stellen

€ 1.416,00

4.9.2.1

Het in behandeling nemen van een verzoek tot wijziging, intrekking of verlenging van een besluit als bedoeld onder artikel 4.9.1 sub a.

€ 708,00

4.9.2.2

het in behandeling nemen van een verzoek tot wijziging, intrekking of verlenging van een besluit als bedoeld onder artikel 4.9.1 sub b.

€ 849,00

4.10.1

Het in behandeling nemen van een aanvraag voor het maken/behouden/veranderen/verwijderen van:

 
 
  • a.

    kunstwerken;

€ 3.775,00

 
  • b.

    remming- en geleide- werken en wachtplaatsen, afzonderlijk bij reeds bestaande kunstwerken

€ 661,00

 
  • c.

    oeverwerken, met inbegrip van los- en laadplaatsen;

€ 944,00

 
  • d.

    voorwerpen, waaronder palen en steigers;

€ 472,00

 
  • e.

    kabels, buizen en leidingen.

€ 661,00

4.10.2

Het in behandeling nemen van een verzoek tot wijziging, intrekking of verlenging van een besluit als bedoeld onder artikel 4.10.1

 
 
  • a.

    kunstwerken;

€ 849,00

 
  • b.

    remming- en geleide- werken en wachtplaatsen, afzonderlijk bij reeds bestaande kunstwerken;

€ 661,00

 
  • c.

    oeverwerken, met inbegrip van los- en laadplaatsen;

€ 661,00

 
  • d.

    voorwerpen, waaronder palen en steigers;

€ 283,00

 
  • e.

    kabels, buizen en leidingen.

€ 661,00

4.11.1

Het in behandeling nemen van een aanvraag voor het uitvoeren van kleine graafwerkzaamheden bij vaarwegen (w.o. het inblazen van leidingen, sonderingen)

€ 472,00

4.11.2

Het in behandeling nemen van een verzoek tot wijziging, intrekking of verlenging van een besluit als bedoeld onder artikel 4.11.1

€ 283,00

4.12

Overige regelgeving betreffende provinciale vaarwegen

 

4.12.1

Het in behandeling nemen van een aanvraag :

 
 
  • a.

    in het kader van artikel 1.21, tweede lid, van het Binnenvaartpolitiereglement voor bijzonder transport;

€ 283,00

 
  • b.

    in het kader van artikel 1.21. tweede lid, Binnenvaartpolitiereglement voor bijzonder transport voor meerdere transporten gedurende een periode van maximaal één jaar

€ 283,00

 
  • c.

    in het kader van artikel 7 van de Scheepvaartverkeerswet voor het innemen van een ligplaats;

€ 283,00

 
  • d.

    in het kader van artikel 7 van de Scheepvaartverkeerswet voor het innemen van een ligplaats voor een woonboot;

€ 378,00

 
  • e.

    in het kader van het Binnenvaartpolitiereglement anders dan de in artikel 4.12.1 a. genoemde activiteit.

€ 283,00

4.12.2

Het in behandeling nemen van een verzoek tot wijziging, intrekking of verlenging van een besluit als bedoeld onder artikel 4.12.1

 
 
  • a.

    in het kader van artikel 1.21, tweede lid van het Binnenvaartpolitiereglement voor bijzonder transport;

€ 189,00

 
  • b.

    in het kader van artikel 7 van de Scheepvaartverkeerswet voor het innemen van een ligplaats;

€ 189,00

 
  • c.

    in het kader van artikel 7 van de Scheepvaartverkeerswet voor het innemen van een ligplaats voor een woonboot;

€ 283,00

 
  • d.

    in het kader van het Binnenvaartpolitiereglement anders dan in de in artikel 4.12.1 a. genoemde activiteit.

€ 189,00

4.13.2

Het in behandeling nemen van een verzoek tot wijziging, intrekking of verlenging van een besluit als bedoeld onder artikel 4.13.1

€ 189,00

4.14

Begeleiden van schepen

 

4.14.1

Het begeleiden van schepen door of met behulp van een ambtenaar van de provincie Noord-Holland per voertuig;

 
 
  • a.

    begeleiding per voertuig per kwartier (of gedeelte daarvan); in de uren van maandag tot en met vrijdag 08:00 uur tot 18:00 uur

€ 22,60

 
  • b.

    begeleiding per voertuig per kwartier (of gedeelte daarvan) in de uren van maandag tot en met vrijdag 18:00 uur tot 08.00 uur

€ 31,64

 
  • c.

    begeleiding per voertuig per kwartier (of gedeelte daarvan) in de uren van zaterdag;

€ 39,50

 
  • d.

    begeleiding per voertuig per kwartier (of gedeelte daarvan) in de uren van zon- en feestdagen;

€ 45,20

4.14.2

Het begeleiden van schepen door of met behulp van een ambtenaar van de provincie Noord-Holland per vaartuig;

 
 
  • a.

    begeleiding per vaartuig per kwartier (of gedeelte daarvan); in de uren van maandag tot en met vrijdag 08:00 uur tot 18:00 uur

€ 33,90

 
  • b.

    begeleiding per vaartuig per kwartier (of gedeelte daarvan) in de uren van maandag tot en met vrijdag 18:00 uur tot 08.00 uur

€ 47,46

 
  • c.

    begeleiding per vaartuig per kwartier (of gedeelte daarvan) in de uren van zaterdag;

€ 59,33

 
  • d.

    begeleiding per vaartuig per kwartier (of gedeelte daarvan) in de uren van zon- en feestdagen;

€ 67,80

Hoofdstuk 5 Wateractiviteit

Artikel

Omschrijving

Tarief 2026

5.1

Wateronttrekkingsactiviteit

 

5.1.1

  • -

    Het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1., tweede lid, aanhef en onder d van de Omgevingswet in samenhang met de artikelen 16.4 en 16.3, onder a, van het Besluit activiteiten leefomgeving voor het onttrekken van grondwater ten behoeve van industriële toepassingen en de openbare drinkwatervoorziening:

 
 
  • -

    per m3 nominale pompcapaciteit per uur

€ 29,00

 
  • -

    met een minimum per omgevingsvergunning van

€ 955,00

 
  • -

    met een maximum per omgevingsvergunning van

€ 16.530,00

5.1.2

Een aanvraag tot wijziging van een vergunning, als bedoeld onder 5.1.1. Indien deze wijziging leidt tot een aanpassing van de pompcapaciteit wordt de leges berekend over het verschil tussen de pompcapaciteit van de eerder verstrekte vergunning en de verhoogde pompcapaciteit met inachtneming van de onder 5.1.1. vermelde minimum- en maximumtarieven.

 

5.1.3

Artikel 5.1.2 is niet van toepassing op een aanvraag tot wijziging van een omgevings-vergunning die betrekking heeft op een wijziging van een tenaamstelling of wijziging van kadastrale gegevens

nihil

5.1.4

Voor overige aanvragen tot wijzigingen van een al verleende omgevingsvergunning als bedoeld onder 5.1.1

€ 955,00

5.1.5

In geval van een MER-beoordelingsplicht op grond van artikel 16.43 Omgevingswet geldt een toeslag van 25% over de verschuldigde leges voor de te behandelen omgevingsvergunning bedoeld onder hoofdstuk 5 van de tarieventabel.

 

5.1.6

In geval van een MER-plicht op grond van artikel 16.43 Omgevingswet geldt een toeslag van 50% over de verschuldigde leges voor de te behandelen omgevingsvergunning bedoeld onder hoofdstuk 5 van de tarieventabel.

 
 

5.2 Aanleg of gebruik van een open bodemenergiesysteem

 

5.2.1

Het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1., 2de lid , van de Omgevingswet in samenhang met de artikelen 3.18. en 3.19. van het Besluit activiteiten leefomgeving, bestaande uit het onttrekken van grondwater ten behoeve van het aanleggen of gebruiken van een open bodemenergiesysteem bedraagt het tarief:

 
 
  • -

    per m3 nominale pompcapaciteit per uur

€ 20,00

 
  • -

    met een minimum per vergunning van

€ 687,00

 
  • -

    met een maximum per vergunning van

€ 11.918,00

5.2.2

Een wijziging van een vergunning, als bedoeld onder 5.2.1., indien deze wijziging leidt tot een aanpassing van de pompcapaciteit wordt de leges berekend over het verschil tussen de pompcapaciteit van de eerder verstrekte vergunning en de verhoogde pompcapaciteit met inachtneming van de onder 5.2.1. vermelde minimum- en maximum tarieven.

 

5.2.3

Artikel 5.2.2. is niet van toepassing op een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning die betrekking heeft op een wijziging van een tenaamstelling of wijziging van kadastrale gegevens

nihil

5.2.4

Voor overige aanvragen tot wijzigingen van een al verleende omgevingsvergunning als bedoeld onder 5.2.1

€ 955,00

 

5.3 Hergebruik gezuiverd stedelijk afvalwater voor landbouwirrigatie *)

 

5.3.1

Voor een aanvraag om omgevingsvergunning als bedoeld in paragraaf 19.1.2 van het Besluit activiteiten leefomgeving voor het exploiteren van een waterhergebruiksysteem

€ 2.515,00

5.3.2

Voor overige aanvragen tot wijzigingen van een al verleende omgevingsvergunning als bedoeld onder 5.3.1

€ 955,00

  • *)

    vergunningverlening door alle 4 OD’s

Hoofdstuk 6 Baden en zwemmen

Artikel

Omschrijving

Tarief 2026

6.1

Een aanvraag voor het stellen/wijzigen van een maatwerkvoorschrift als bedoeld in artikel 15.7 van het Besluit activiteiten leefomgeving of als bedoeld in artikel 4.123 Omgevingsverordening Noord-Holland

€ 965,52

6.2

Een aanvraag om toestemming om een gelijkwaardige maatregel te treffen als bedoeld in artikel 4.7, 1ste  lid, van de Omgevingswet in samenhang met artikel 15.3, onder c, van het Besluit activiteiten leefomgeving

€ 965,52

Hoofdstuk 7 Ontgrondingsactiviteit

Artikel

Begripsomschrijvingen

7.1.

Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

7.1.1.

Oppervlaktedelfstoffen: bouwgrondstoffen zoals zand, klei, grind en leem

Artikel

Omschrijving

Tarief 2026

7.2

Een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een ontgrondingsactiviteit als bedoeld in artikel 5.1., eerste lid aanhef en onder c van de Omgevingswet gelden, afhankelijk van de hoeveelheid oppervlaktedelfstoffen, gemeten in profiel van de afgraving, gelden de volgende tarieven:

 
 
  • a.

    ingeval geen oppervlaktedelfstoffen van de desbetreffende percelen wordt afgevoerd:

9.225,00

 
  • b.

    ingeval oppervlaktedelfstoffen van de desbetreffende percelen wordt afgevoerd, dient het tarief zoals vermeld onder 7.2.a te worden vermeerderd met:

  • -

    per m3

€ 0,10

  • -

    tot een maximum van

€ 121.279,00

7.3

Een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning voor een ontgrondingsactiviteit als bedoeld onder 7.2.b, indien deze leidt tot vergroting van de maximum hoeveelheid oppervlaktedelfstoffen voor winning waarvan (oorspronkelijk) een omgevingsvergunning is verleend, een bedrag gelijk aan het verschil tussen het met toepassing van het bepaalde onder 7.2.b, verschuldigde bedrag voor de opnieuw vastgestelde hoeveelheid en het reeds betaalde bedrag

 

7.4.

Een aanvraag tot intrekking of verlenging van een omgevingsvergunning voor een ontgrondings-activiteit als bedoeld in artikel 5.1., 1ste lid, aanhef en onder c van de Omgevingswet

€ 3.770,00

7.5.

Een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning voor een ontgrondingsactiviteit als bedoeld onder 7.2.a waarbij sprake is van een combinatie van de onder 7.3 en 7.4 genoemde gevallen, de bedragen conform 7.2.a en 7.2.b betekent de wijziging echter dat er geen gebruik wordt gemaakt van de omgevingsvergunning en de omgevingsvergunning wordt ingetrokken, dan bestaat er recht op teruggaaf van 50% van de opgelegde aanslag van de onder 7.2.b per m3 genoemde bedragen.

Het onder 7.2.a. genoemde bedrag is nooit onderdeel van de teruggaaf.

 

7.6

Conceptverzoek

 

Als een (voorlopige) aanvraag om omgevingsvergunning, een maatwerkvoorschrift of gelijkwaardige maatregel betrekking heeft op het houden van omgevingsoverleg over één of meer activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor ontgrondingsactiviteiten bedraagt het tarief:

 
 
  • a.

    Het tarief voor het in behandeling nemen van een conceptverzoek die betrekking heeft op een of meer activiteiten, maatwerkvoorschriften of gelijkwaardigheden die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving én waarbij ten minste één van de activiteiten een buitenplanse omgevingsplanactiviteit betreft, bedraagt:

€ 5.246,00

 
  • b.

    Het tarief voor het in behandeling nemen van een conceptverzoek die betrekking heeft op een of meer activiteiten maatwerkvoorschriften of gelijkwaardigheden die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving, waarbij er geen sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, bedraagt:

€315,00

 
  • c.

    Indien sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, wordt een aanvullende toeslag in rekening gebracht van:

€ 250,00

 
  • d.

    per in te schakelen externe adviseur verhoogd met

€ 640,00

 
  • e.

    indien sprake is van samenloop van een aanvraag voor een conceptverzoek als bedoeld in artikel 2.2.1, 3.1.1, 7.6 en 11.2, wordt slechts één keer leges voor het conceptverzoek geheven.

 

7.6.1

De op grond van artikel 7.6 verschuldigde leges worden eenmalig verrekend met de leges zoals deze bij een daadwerkelijke aanvraag om een omgevingsvergunning voor die activiteit of activiteiten, maatwerkvoorschriften of gelijkwaardige maatregelen voor hetzelfde project worden vastgesteld, mits deze opvolgende aanvraag wordt ingediend binnen 26 weken na de verzending van de beoordeling uit het conceptverzoek. Het te verrekenen bedrag mag nooit meer zijn dan het dan op te leggen tarief aan leges, waarbij een minimumtarief van €100 wordt gehanteerd.

 

Hoofdstuk 8 Wadlopen

Artikel

Omschrijving

Tarief 2026

8.1

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag van een rechtspersoon voor een vergunning als bedoeld in artikel 4 van de Wadloopverordening 2019 bedraagt:

 

8.1.1

Rechtspersonen die per jaar tot 1.000 wadlopers begeleiden;

€ 268,00

8.1.2

Rechtspersonen die per jaar 1.000 tot 5.000 wadlopers begeleiden;

€ 849,00

8.1.3

Rechtspersonen die per jaar 5.000 of meer wadlopers begeleiden;

€ 1.450,00

8.1.4

Rechtspersonen die natuur-educatieve tochten organiseren

€ 280,00

8.1.5

Voor rechtspersonen die tochten op droogvallende platen voor groepen van 50 of meer personen organiseren

€ 280,00

8.2

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag van een natuurlijk persoon voor een vergunning als bedoeld in artikel 4 van de Wadloopverordening 2019 bedraagt:

 

8.2.1

Voor het organiseren van en het fungeren als wadloopgids bij wadlooptochten met maximaal 12 deelnemers

€ 140,00

8.2.2

voor het organiseren van en fungeren als begeleider bij tochten op droogvallende platen

€ 100,00

8.2.3

voor het organiseren van en fungeren als begeleider bij natuur educatieve tochten

€ 100,00

8.2.4

Voor het houden van solotochten

€ 62,00

8.2.5

voor een aanvraag tot erkenning tot wadloopgids bij wadlooptochten voor een rechtspersoon

€ 140,00

8.2.6

Voor het begeleiden van wadlooptochten met deelnemers

€ 78,00

8.2.7

indien in de aanvraag gelijktijdig een vergunning als genoemd onder 8.2.1 en een vergunning als genoemd onder 8.2.5 worden aangevraagd

€ 140,00

Hoofdstuk 9 Natuur activiteit

Artikel

Tegemoetkoming geleden schade

Tarief 2026

9.1

  • a.

    Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een besluit over de verlening van een tegemoetkoming in de geleden schade, aangericht door het in het wild levende beschermde dieren als bedoeld in artikel 15.53 van de Omgevingswet

€ 300,00

 
  • b.

    De retributie wordt niet geheven als het gaat om schade die is aangericht:

    • 1.

      in een foerageergebied of ganzenrustgebied gedurende de periode dat de schadeveroorzakende diersoort niet mag worden verjaagd of gedood

    • 2.

      door de das, de bever, de wilde kat, de otter, de wolf of de lynx;

    • 3.

      schade die is aangericht in de winterperiode van 1 oktober tot en met 31 maart;

 
  • c.

    Er vindt geen teruggaaf plaats als de aanvraag bedoeld in artikel 9.1.a, wordt ingetrokken en er al een taxatie van de schade heeft plaatsgevonden;

 
  • d.

    In afwijking van artikel 10 van de Legesverordening Noord- Holland 2026 vindt er geen teruggaaf plaats indien het verzoek wordt afgewezen of geweigerd

Artikel

Omschrijving

Tarief 2026

 

Natura- 2000 activiteiten

9.2.

Een aanvraag om omgevingsvergunning ten behoeve van een project dat niet direct verband houdt met of nodig is voor het beheer van een Natura 2000-gebied, maar afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied

9.2.1

voor een particuliere initiatiefnemer (natuurlijk persoon)

€ 1.070,00

9.2.2

voor een commerciële initiatiefnemer als het project uitsluitend stikstof-gerelateerd is

€4.162,00

9.2.3

voor een commerciële initiatiefnemer als het project niet uitsluitend stikstof-

gerelateerd is

€ 5.364,00

9.3.a

Een aanvraag om omgevingsvergunning voor het legaliseren van een PAS-melding door omzetting naar een omgevingsvergunning

nihil

9.3.b

Een aanvraag om omgevingsvergunning voor een project waarop de ADC-toets van toepassing is

€ 21.456,00

 

Flora- en fauna- activiteiten

9.4

Een aanvraag om omgevingsvergunning voor aangewezen vergunning plichtige gevallen in de paragrafen 11.2.2 tot en met 11.2.5 van het Besluit activiteiten leefomgeving;

flora- en fauna-activiteit

Artikel

schadelijke handelingen soorten vogelrichtlijn

11.37

commercieel bezit soorten vogelrichtlijn

11.38

niet-commercieel bezit soorten vogelrichtlijn

11.39

wijze vangen of doden soorten vogelrichtlijn

11.40

schadelijke handeling soorten habitatrichtlijn

11.46

bezit soorten habitatrichtlijn

11.47

schadelijke handelingen andere soorten

11.54

bijvoeren van specifieke soorten

11.60

uitzetten van dieren of eieren van dieren

11.61

  • a.

    voor een particuliere initiatiefnemer (natuurlijk persoon)

€ 1.070,00

  • b.

    voor een commerciële initiatiefnemer

€ 3.432,96

  • c.

    voor een gebiedsgerichte soortenbenadering

€ 9.630,00

  • d.

    Voor een gebiedsgerichte vergunning op basis van een pre- soortenmanagementplan

€ 1.609

9.4.1

Voor de beoordeling van aanvragen voor goedkeuringsbesluiten tot maatwerk in het kader van een eerder verleende gebiedsgerichte omgevingsvergunning op grond van een soortenmanagementplan (SMP)

€ 480,00

9.4.2

Indien volgend op het omgevingsoverleg als bedoeld onder 9.7 binnen één jaar voor hetzelfde besluit een aanvraag tot het geheel of gedeeltelijk vaststellen, herzien, wijzigen of uitwerken in behandeling wordt genomen, wordt het betaalde bedrag(en) verrekend met de leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag als bedoeld onder 9.4

9.4.3

Geen leges zijn verschuldigd voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een flora – fauna-activiteit die wordt ingediend:

  • a.

    op een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een flora- en fauna-activiteit als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, onder g, van de Omgevingswet ten behoeve van schadebestrijding, overlastbestrijding en populatiebeheer:

  • b.

    op een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een flora- en fauna-activiteit als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, onder g, van de Omgevingswet ten behoeve van onderzoek en onderwijs of opvang van beschermde inheemse vogels en zoogdieren

 

Activiteiten die houtopstanden, hout en houtproducten betreffen

9.5

Een aanvraag om een maatwerkvoorschrift waarbij conform artikel 4.17 van de Omgevingsverordening Noord-Hollandtoestemming wordt verleend.

€ 450,00

 

Stiltegebieden

 

9.6

Besluiten op een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 4.30 tot en met artikel 4.34 van de Omgevingsverordening Noord-Holland.

€ 1.675,00

 

Wanneer activiteiten en het gebruik van toestellen, voertuigen en/ of vaartuigen ten behoeve van een activiteit vallen onder de uitzonderingen zoals genoemd in afdeling 4.3 stiltegebieden van de Omgevingsverordening Noord-Holland, zijn geen leges verschuldigd.

 

Conceptverzoek

9.7

Als een (voorlopige) aanvraag om omgevingsvergunning, een maatwerkvoorschrift of gelijkwaardige maatregel betrekking heeft op één of meer activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor in de paragrafen 11.2.2 tot en met 11.2.5 van het Besluit activiteiten leefomgeving genoemde vergunningplichtige activiteiten, bedraagt het tarief:

  • a.

    conceptverzoek;

€ 1.073,00

  • b.

    per in te schakelen externe adviseur verhoogd met

€ 430,00

Positieve weigering

9.8

Voor een aanvraag om een positieve weigering voor een natura 2000- activiteit of een flora- en- fauna activiteit

nihil

Wijzigen omgevingsvergunning

9.9

  • a.

    Aanvraag tot geringe wijziging van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1 eerste lid onder e en g van de Omgevingswet, als gevolg van, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project

5 % van de leges die verschuldigd zijn voor het in behandeling nemen van de onderliggende vergunning waarop de te wijzigen aanvraag ziet met een minimum van € 480,-

  • b.

    Aanvraag tot verlenging van een vergunning als bedoeld in artikel 5.1 eerste lid onder e en g van de Omgevingswet

€270,00

Hoofdstuk 10 Wet Luchtvaart

Artikel

Omschrijving

Tarief 2026

10.1

Een ontheffing van maximaal 2 starts en 2 landingen per dag voor bemande helikopters als bedoeld in art. 8a. 51 Wlv (tijdelijk en uitzonderlijk gebruik)

€ 2.823,00

10.2

Een locatie gebonden ontheffing voor één of meerdere starts en/of landingen op één en hetzelfde terrein voor bemande helikopters als bedoeld in art. 8a. 51 Wlv (tijdelijk en uitzonderlijk gebruik)

€ 2.823,00

10.3

Een locatie gebonden ontheffing voor één of meerdere starts en/of landingen op één en hetzelfde terrein voor bemande helikopters als bedoeld in art. 8a. 51 Wlv (tijdelijk en uitzonderlijk gebruik), indien voor niet meer dan 10 starts en/of landingen voor één dag wordt gebruikt

€ 2.823,00

10.4

Een locatie gebonden ontheffing voor één of meerdere starts en/of landingen op één en hetzelfde terrein voor luchtvaartuigen niet zijnde bemande helikopters als bedoeld in art. 8a. 51 Wlv (tijdelijk en uitzonderlijk gebruik)

€ 2.823,00

10.5

Een locatie gebonden ontheffing voor één of meerdere starts en/of landingen op één en hetzelfde terrein voor luchtvaartuigen niet zijnde bemande helikopters als bedoeld in art. 8a. 51 Wlv (tijdelijk en uitzonderlijk gebruik), indien voor niet meer dan 10 starts en/of landingen voor één dag wordt gebruikt

€ 2.823,00

10.6

Voor de aanvragen genoemd onder de artikelen 10.7 t/m 10.10 in dit hoofdstuk worden de leges berekend op basis van een vooraf door de initiatiefnemer ingediende begroting waarin de toerekenbare kosten zijn opgenomen die voor de omgevingsvergunningsaanvraag noodzakelijk zijn. De in te dienen begroting wordt vooraf afgestemd met de provincie. De toerekenbare kosten worden vastgesteld op het moment dat de omgevingsvergunningsaanvraag wordt ingediend. Het bepaalde in artikel 5, vierde 4 van de legesverordening is van toepassing.

 

10.7

Een luchthavenregeling als bedoeld in art. 8.64, eerste lid Wlv, op verzoek, niet zijnde “omzettingen” van ontheffingen op grond van art. 13 (voormalige) Luchtvaartwet

 

10.8

Een wijziging van een luchthavenregeling als bedoeld in art. 8.64, eerste lid Wlv, op verzoek,

 

10.9

Een luchthavenbesluit als bedoeld in art. 8.43 Wlv, op verzoek, niet zijnde “omzettingen” van ontheffingen op grond van art. 13 (voormalige) Luchtvaartwet

 

10.10

Een wijziging van een luchthavenbesluit als bedoeld in art. 8.43 Wlv, op verzoek,

 

Hoofdstuk 11 Grondwaterbeschermingsgebied

 

Omgevingsvergunning grondwaterbeschermingsgebied

 

11.1

Een aanvraag om omgevingsvergunning voor activiteiten als bedoeld in artikel 4.45 tot en met 4.51 van de Omgevingsverordening NH2022

€ 9.430,00

11.2

Conceptverzoek

Tarief 2026

 

Als een (voorlopige) aanvraag om omgevingsvergunning, een maatwerkvoorschrift of gelijkwaardige maatregel betrekking heeft op het houden van omgevingsoverleg over één of meer activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor een grondwaterbeschermingsgebied bedraagt het tarief:

 
 
  • a.

    Het tarief voor het in behandeling nemen van een conceptverzoek die betrekking heeft op een of meer activiteiten, maatwerkvoorschriften of gelijkwaardigheden die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving én waarbij ten minste één van de activiteiten een buitenplanse omgevingsplanactiviteit betreft, bedraagt:

€ 5.246,00

 
  • b.

    Het tarief voor het in behandeling nemen van een conceptverzoek die betrekking heeft op een of meer activiteiten maatwerkvoorschriften of gelijkwaardigheden die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving, waarbij er geen sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, bedraagt:

€315,00

 
  • c.

    Indien sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, wordt een aanvullende toeslag in rekening gebracht van:

€ 250,00

 
  • d.

    per in te schakelen externe adviseur verhoogd met

€ 640,00

 
  • e.

    indien sprake is van samenloop van een aanvraag voor een conceptverzoek als bedoeld in artikel 2.2.1, 3.1.1, 7.6 en 11.2, wordt slechts één keer leges voor het conceptverzoek geheven.

 

11.2.1

De op grond van artikel 11.2 verschuldigde leges worden eenmalig verrekend met de leges zoals deze bij een daadwerkelijke aanvraag om een omgevingsvergunning voor die activiteit of activiteiten, maatwerkvoorschriften of gelijkwaardige maatregelen voor hetzelfde project worden vastgesteld, mits deze opvolgende aanvraag wordt ingediend binnen 26 weken na de verzending van de beoordeling uit het conceptverzoek. Het te verrekenen bedrag mag nooit meer zijn dan het dan op te leggen tarief aan leges, waarbij een minimumtarief van €100 wordt gehanteerd.

 

Hoofdstuk 12 Overige diensten

Artikel

Omschrijving

Tarief 2026

12.1

Het in behandeling nemen van een vergunning, ontheffing, vrijstelling, toestemming, machtiging, etc. krachtens een provinciale verordening, provinciaal reglement of enig ander wettelijk voorschrift, anders dan hiervoor genoemd;

€ 625,00

12.2

Een wijziging of verlenging van een vergunning, ontheffing, vrijstelling, toestemming, machtiging, etc. als bedoeld onder 11.1

€ 625,00