Regeling vervallen per 01-01-2026

Nadere regels Sociaal Domein 2020

Geldend van 08-08-2020 t/m 31-12-2025

Intitulé

Nadere regels Sociaal Domein 2020

Het college van de gemeente Gilze en Rijen,

gelet op het bepaalde in:

  • -

    Toekomstvisie Gemeente Gilze en Rijen,

  • -

    Beleidskader Sociaal Domein,

  • -

    Herijking sportstimulering,

  • -

    Visie Cultuur,

  • -

    Kadernotitie subsidiebeleid 2016-2019,

  • -

    Algemene subsidieverordening Gilze en Rijen 2016.

overwegende dat:

de voorwaarden voor verstrekking van subsidies in het Sociaal Domein nader dienen te zijn bepaald;

B E S L U I T:

vast te stellen:

de “Nadere regels Sociaal Domein 2020”

HOOFDSTUK 1 ALGEMEEN

Artikel 1.1 Begripsomschrijvingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • -

    afschalen: het verminderen van de inzet van intensieve ondersteuning (waar nodig vervangen door lichte ondersteuning en/of inzet van het sociaal netwerk).

  • -

    basisvoorzieningen: accommodaties en professionals, waarvan de beschikbaarheid voorwaardenscheppend wordt geacht om tot activiteitenaanbod te kunnen komen en die voor alle inwoners toegankelijk en beschikbaar zijn.

  • -

    college: burgemeester en wethouders van de gemeente Gilze en Rijen.

  • -

    informele zorg: vrijwillige, niet-professionele begeleiding en/of hulp.

  • -

    innovatie: een bewust gekozen verandering in het aanbod, netwerkvorming om bijvoorbeeld de kwaliteit en/of efficiëntie van de dienstverlening te verbeteren of (zorg)verlening aan nieuwe doelgroep(en) te realiseren.

  • -

    innovatiesubsidie: de eenmalige aanspraak op subsidie ten behoeve van het initiëren en uitvoeren van nieuwe, innovatieve activiteiten.

  • -

    integrale kostprijs: de totale kosten die gemaakt worden voor het leveren van de dienst.

  • -

    intensieve ondersteuning: professionele ondersteuning, die niet vrij toegankelijk is.

  • -

    kwetsbare inwoners: inwoners van de gemeente Gilze en Rijen die ondersteuning nodig hebben om te (kunnen) participeren.

  • -

    basisondersteuning: professionele ondersteuning, die vrij toegankelijk is.

  • -

    meerjarige subsidie: subsidie voor een terugkerende activiteit of meerjarige voorziening, waarbij voor meerdere jaren zekerheid wordt gegeven over financiële ondersteuning.

  • -

    sociaal domein: alle sectoren die te maken hebben met de sociale kant van het gemeentelijke beleid zoals zorg, welzijn, onderwijs, gezondheidszorg, opvoeding, inburgering en sociale activering.

Artikel 1.2 Subsidietypen

In deze regeling worden drie typen subsidies onderscheiden:

  • a.

    Subsidies voor basisvoorzieningen: de regels voor deze subsidies zijn in hoofdstuk 1 en 2 opgenomen;

  • b.

    Subsidies voor jaarlijks terugkerende en incidentele activiteiten: de regels voor deze subsidies zijn in hoofdstuk 1, 3, 4 en 5 opgenomen;

  • c.

    Incidentele subsidies voor innovatieve activiteiten: de regels voor deze subsidies zijn in hoofdstuk 1 en 6 opgenomen.

Artikel 1.3 Subsidies op basis van begrotingspost

Op subsidies op basis van een begrotingspost als bedoeld in artikel 4:23, lid 3, onder c. van de Algemene wet bestuursrecht zijn de artikelen 4, 6 (lid 1), 7, 9 en 10 tot en met 16 van de Algemene Subsidieverordening gemeente Gilze en Rijen 2016 van toepassing.

Artikel 1.4 Subsidieplafond

Het college stelt subsidieplafonds vast voor basisvoorzieningen, (jaarlijks terugkerende) activiteiten en voor de innovatiesubsidies.

Artikel 1.5 Verdeling van subsidiemiddelen

  • 1. Indien de aangevraagde subsidies voor de (jaarlijks terugkerende) activiteiten de bekendgemaakte subsidieplafonds overschrijden, vindt de verdeling van subsidiemiddelen over de ingediende aanvragen plaats op grond van een kwalitatieve selectie. Daarbij wordt per aanvraag beoordeeld in welke mate de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd bijdragen aan de volgende doelen:

    • a.

      de activiteiten vormen een goedkoper alternatief voor intensieve ondersteuning;

    • b.

      de activiteiten dragen bij aan minder benodigde intensieve ondersteuning;

    • c.

      de activiteiten zijn gericht op het vergroten van (mogelijkheden tot het inzetten van) informele zorg;

    • d.

      de activiteiten zijn gericht op het tegengaan van versnippering in het activiteitenaanbod;

    • e.

      de activiteiten zijn gericht op samenwerking met andere instellingen en verenigingen in de gemeente Gilze en Rijen;

    • f.

      de activiteiten sluiten aan op maatschappelijke vragen en/of behoeften in de gemeente Gilze en Rijen (incl. bereik doelgroep kwetsbare inwoners);

    • g.

      de activiteiten zijn gericht op het realiseren van blijvende resultaten;

    • h.

      de aanvragers zijn erin geslaagd andere financieringsbronnen aan te boren.

  • 2. Aanvragen voor innovatiesubsidies als bedoeld in hoofdstuk 6 worden per tijdvak beoordeeld op basis van de kwalitatieve selectiecriteria genoemd in artikel 1.5 lid 1.

Artikel 1.6 Betaling van subsidies

Het college neemt in de subsidieverleningsbeschikking op hoe de subsidie wordt uitbetaald.

Artikel 1.7 Verantwoordelijkheid

De activiteiten die op basis van deze subsidieregeling worden gesubsidieerd vinden plaats onder volledige verantwoordelijkheid van de subsidieaanvrager(s).

HOOFDSTUK 2 SUBSIDIES BASISVOORZIENINGEN

Artikel 2.1 Basisvoorzieningen

  • 1. Het college merkt de volgende functies aan als basisvoorziening:

    • a.

      Vrijwilligersondersteuning

    • b.

      Mantelzorgondersteuning

    • c.

      Basisondersteuning

    • d.

      Cultureel erfgoed (inclusief harmonieën)

    • e.

      Marktplaats cultuur en cultuureducatie

    • f.

      Bibliotheekvoorziening

    • g.

      Speel-o-theek voorziening

    • h.

      De organisatie van muziekonderwijs

    • i.

      Maatschappelijke accommodaties (culturele centra, mfa’s, scoutinggebouw, jongerencentrum en binnen- en buitensportaccommodaties1)

    • j.

      Anti-discriminatievoorziening (Advies- en meldpunt)

    • k.

      Informatiepunt nieuwkomers

    • l.

      Ontwikkelingsstimulering voor 2 tot 4 jarigen woonachtig in de gemeente Gilze en Rijen (voor- en vroegschoolse educatie)

    • m.

      EHBO verenigingen

    • n.

      Preventie, informatie en advies en ondersteuning in het kader van de aanpak van seksueel geweld2

    • o.

      Slachtofferhulp op juridisch, praktisch en emotioneel gebied van betrokkenen bij een misdrijf, verkeersongeluk, calamiteit of bij vermissing

  • 2. Voor basisvoorzieningen wordt per functie of subsidieontvanger(s) het bedrag waarop de subsidie ten hoogste kan worden vastgesteld vermeld in de begroting van de gemeente.

  • 3. Subsidie voor basisvoorzieningen wordt als meerjarige subsidie verleend.

  • 4. Het college kan aanvullende kaders vaststellen ten aanzien van de subsidiëring van basisvoorzieningen. De subsidieontvangers worden hiervan op de hoogte gesteld.

  • 5. Minimaal eenmaal per jaar vindt overleg plaats met de subsidieontvanger over de voortgang van de activiteiten, de behaalde resultaten, eventueel benodigde wijzigingen van beleidsaccenten en samenwerking met andere organisaties. In de subsidiebeschikking wordt opgenomen hoe vaak er overleg plaats vindt met de subsidieontvanger

HOOFDSTUK 3 SUBSIDIES VOOR JAARLIJKS TERUGKERENDE EN INCIDENTELE ACTIVITEITEN

Artikel 3.1 Subsidies voor jaarlijks terugkerende en incidentele activiteiten

  • 1. Voor subsidies voor jaarlijks terugkerende en incidentele activiteiten wordt één subsidieplafond vastgesteld.

  • 2. In het aanvraagformulier voor activiteitensubsidies is opgenomen voor welke periode subsidie kan worden aangevraagd. Subsidie voor jaarlijks terugkerende activiteiten kan meerjarig worden verleend.

  • 3. In de subsidiebeschikking wordt opgenomen hoe vaak er overleg plaats vindt met de subsidieontvanger over de voortgang van de activiteiten, de behaalde resultaten en de samenwerking met andere organisaties. Bij meerjarig verleende subsidies vindt er minimaal eens per jaar overleg plaats met de subsidieontvanger.

A. SUBSIDIES VOOR ACTIVITEITEN ONDERSTEUNING, HULP EN VEILIGHEID

Artikel 3.2 Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen

  • a.

    Groepsgerichte activiteiten voor kwetsbare inwoners. Hierbij valt onder andere te denken aan dagbestedingsactiviteiten, samen eten, inloop;

  • b.

    Activiteiten gericht op (het vergroten van de mogelijkheden tot) het bieden van individuele informele ondersteuning voor kwetsbare inwoners. Hierbij valt onder andere te denken aan het tot stand brengen van lotgenotencontacten, activiteiten gericht op het vergroten van het sociaal netwerk van kwetsbare inwoners (netwerkversterking);

  • c.

    (Collectieve en individuele) informele opvoedingsondersteuning voor kwetsbare gezinnen. Hierbij valt onder andere te denken aan activiteiten die de dialoog tussen ouders onderling – jeugdigen onderling bevorderen, laagdrempelige advisering rondom opvoeden en opgroeien;

  • d.

    Collectieve preventieactiviteiten. Hierbij valt te denken aan groepsvoorlichting over bepaalde maatschappelijke problematieken en stimuleren van de bewustwording van burgers en organisaties over de rol die zij hierin zouden kunnen spelen;

  • e.

    Activiteiten gericht op het vergroten van sociale samenhang in wijken en buurten. Het gaat hierbij om (buurt)initiatieven gericht op het vergroten van de onderlinge betrokkenheid en de vrijwillige inzet van buurtbewoners ten behoeve van eigen buurt en kern. Ook activering en bevorderen van de maatschappelijke betrokkenheid van jeugdigen maakt hiervan onderdeel uit;

  • f.

    Activiteiten die gericht zijn op het bevorderen van verkeersveiligheid.

Artikel 3.3 Instellingen en personen die voor subsidie in aanmerking komen

  • 1. Voor subsidies als bedoeld in artikel 3.2 onder a. tot en met e. komen uitsluitend in aanmerking rechtspersonen die zich ten doel stellen om zonder winstoogmerk activiteiten te verrichten voor de gemeenschap van Gilze en Rijen.

  • 2. Voor subsidie als bedoeld in artikel 3.2 lid f. komen in aanmerking Veilig Verkeer Nederland, de buurtbus, Verkeersregelaars Gilze-Rijen-Dongen en het Brabants Verkeersveiligheid Label.

  • 3. Afhankelijk van de inhoud van de activiteiten en de doelgroep die met de activiteiten wordt bediend kan het college nadere kwaliteitseisen stellen aan de subsidieaanvrager(s).

Artikel 3.4 Subsidiabele kosten en berekening van de subsidie

  • 1. Voor de in artikel 3.2 onder a. bedoelde groepsactiviteiten waaraan kwetsbare inwoners kunnen deelnemen, kan subsidie verleend worden voor een deel van de huisvestingskosten, eventuele vervoerskosten en de kosten van professionele ondersteuning, voor zover deze naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van de activiteiten. Geen subsidie wordt verleend voor materiaalkosten of kosten voor consumpties.

  • 2. Voor de in artikel 3.2 onder b. bedoelde informele, individuele ondersteuning van kwetsbare inwoners kan subsidie verleend worden voor:

    • a.

      de kosten van professionele ondersteuning van vrijwilligers en de kosten van het stimuleren van / het tot stand brengen van de vrijwillige inzet, onder de voorwaarde dat samengewerkt wordt met de basisvoorziening voor vrijwilligersondersteuning in de gemeente Gilze en Rijen (VIPvoorElkaar).

    • b.

      huisvestingskosten indien van toepassing en voor zover naar het oordeel van het college noodzakelijk.

  • 3. Voor de in artikel 3.2 onder c. bedoelde informele opvoedingsondersteuning van kwetsbare gezinnen kan subsidie worden verleend voor de door het college noodzakelijk geachte kosten voor de inzet van professionele ondersteuning en huisvesting.

  • 4. Voor de in artikel 3.2 onder d. bedoelde collectieve preventieactiviteiten kan subsidie worden verleend voor de kosten die betrekking hebben op inzet van professionals, huisvesting en materialen voor zover door het college noodzakelijk geacht ten behoeve van de uitvoering van de activiteit.

    Voor collectieve preventie GGZ en Verslavingszorg geldt dat de hoogte van de subsidie wordt bepaald in een regionaal programma van eisen.

  • 5. Voor de in artikel 3.2 onder e. bedoelde activiteiten die sociale samenhang in wijken en buurten versterken kan een subsidie verleend worden ter hoogte van maximaal 50% van de activiteitenkosten. Kosten van consumpties zijn niet subsidiabel. Activiteiten die (kunnen) worden ondersteund vanuit de gemeentelijke regelingen in het kader van wijk- en buurtbeheer en/of F-ONS komen niet in aanmerking voor subsidie.

  • 6. Voor de in artikel 3.2 onder f. bedoelde activiteiten die de veiligheid van de leefomgeving vergroten of beschermen kan een subsidie worden verleend voor de door het college noodzakelijk geachte kosten voor de uitvoering van deze activiteiten.

  • 7. Bij bepaling van de kosten van professionele ondersteuning wordt uitgegaan van de integrale kostprijs van de betreffende ondersteuning.

B. SUBSIDIES VOOR ACTIVITEITEN SPORT EN BEWEGEN

Artikel 3.5 Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen

De volgende activiteiten komen in aanmerking voor subsidie:

  • a.

    Het organiseren, uitvoeren en evalueren van een sport- en beweegactiviteit waarmee de sportaanbieder (aanvrager) het contact met de doelgroepen als beschreven in artikel 4.5 maakt dan wel de binding met de eigen leden/klanten waarbij een groot risico bestaat dat zij zullen stoppen met sport- en beweegactiviteiten vergroot.

  • b.

    Het door een sportaanbieder aan zich binden van personen uit de doelgroepen als beschreven in artikel 3.9 voor een periode van minimaal 12 maanden.

  • c.

    Het realiseren van sport- en beweegactiviteiten ten behoeve van inwoners met een ondersteuningsbehoefte die op andere terreinen dan de sport zelf maatschappelijke meerwaarde creëren, zulks ter beoordeling van het college. Deze meerwaarde kan bijvoorbeeld bestaan uit het verbeteren van de lichamelijke en/of geestelijke gezondheid, het bevorderen van sociale cohesie, het verhogen van het gevoel van veiligheid en het tegengaan van eenzaamheid en uitsluiting.

  • d.

    Activiteiten die de deskundigheid van het vrijwillige kader van de sportaanbieder vergroten dan wel de organisatie van de (niet-commerciële) sportaanbieder professionaliseren.

  • e.

    Activiteiten waardoor voorzieningen in de openbare ruimte worden gerealiseerd die sporten en bewegen stimuleren.

Artikel 3.6 Instellingen en personen die voor subsidie in aanmerking komen

Voor subsidies als bedoeld in dit hoofdstuk komen uitsluitend in aanmerking rechtspersonen die zich ten doel stellen om zonder winstoogmerk activiteiten te verrichten voor de gemeenschap van Gilze en Rijen.

Artikel 3.7 Subsidiabele kosten

  • 1. Uitsluitend de kosten die resteren na aftrek van overige inkomsten en die naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de activiteit komen voor subsidie in aanmerking.

  • 2. Kosten van consumpties zijn niet subsidiabel.

Artikel 3.8 Berekening van de subsidie

  • 1. De subsidie bedraagt maximaal 50% van de noodzakelijke kosten van de activiteit.

  • 2. Indien in de uitvoering van de activiteiten bedoeld in artikel 3.5 onder a., c. of d. wordt samengewerkt:

    • a.

      door 2 samenwerkende instellingen of verenigingen wordt een extra subsidie van maximaal 10% van de noodzakelijke kosten van de activiteit verleend;

    • b.

      door 3 of meer samenwerkende instellingen of verenigingen wordt een extra subsidie van maximaal 20% van de noodzakelijke kosten van de activiteit verleend.

  • Onder de voorwaarde dat 1 gezamenlijke aanvraag wordt gedaan.

  • 3. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid bedraagt de subsidie voor activiteiten als bedoeld in artikel 3.5 onder b. maximaal € 100,00 per nieuw lid per 12 maanden gedurende maximaal 24 maanden.

  • 4. Het college kan voor (eenmalige) activiteiten, die niet direct vallen onder de in dit hoofdstuk genoemde subsidievoorwaarden maar die een door de aanvrager uit de gemeente Gilze en Rijen genoegzaam aangetoonde bovenlokale uitstraling hebben, bij wijze van waardering een bedrag toekennen.

Artikel 3.9 Doelgroep

  • 1. De doelgroepen voor de subsidie als bedoeld in artikel 3.5 onder a. en b. betreffen:

    • a.

      Jongeren van 12 tot en met 18 jaar;

    • b.

      Ouders van kinderen in de basisschoolleeftijd;

    • c.

      Chronisch zieken en gehandicapten;

    • d.

      Inwoners van 45 jaar en ouder.

  • 2. Het college kan aanvullend nieuwe doelgroepen vaststellen.

C. SUBSIDIES VOOR ACTIVITEITEN KUNST, CULTUUR EN EDUCATIE

Artikel 3.10 Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen

  • 1. Activiteiten die bijdragen aan het creëren en in stand houden van een gevarieerd laagdrempelig aanbod in de gemeente Gilze en Rijen van kunst- en cultuuractiviteiten op het gebied van zang, dans, muziek, theater, toneelamateurkunst en cultuurhistorie.

  • 2. Naschoolse activiteiten in het kader van Brede school die gericht zijn op verrijking en/of verdieping van het schoolse aanbod. Deze activiteiten dienen bij te dragen aan de brede ontwikkeling van kinderen en jongeren in de gemeente Gilze en Rijen en het voorkomen van ontwikkelingsachterstanden.

Artikel 3.11 Instellingen, verenigingen en personen die voor subsidie in aanmerking komen

  • 1. Voor subsidie genoemd in artikel 3.10, lid 1 komen uitsluitend in aanmerking rechtspersonen die zich blijkens hun statuten richten op de activiteiten als genoemd in artikel 3.10 lid 1, met uitzondering van de verenigingen en instellingen die onder de subsidie voor de basisvoorzieningen vallen.

  • 2. Voor subsidie genoemd in artikel 3.10, lid 2 komen in aanmerking de besturen van basisscholen in de gemeente Gilze en Rijen.

Artikel 3.12 Subsidiabele kosten en berekening van de subsidie

  • 1. Voor de activiteiten genoemd in artikel 3.10, lid 1 zijn uitsluitend subsidiabel de huisvestingskosten voor de reguliere activiteiten van de aanvragers voor zover deze naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn voor de activiteiten en voor zover voor de huisvesting gebruik gemaakt wordt van de in de gemeente aanwezige culturele centra De Boodschap, De Schakel, MFA Molenwiek en The Chump.

  • 2. De subsidie bedraagt 100% van de huisvestingskosten.

  • 3. De subsidie wordt rechtstreeks overgemaakt aan de maatschappelijke accommodatie waarvan de subsidieaanvrager gebruik wenst te maken.

  • 4. Indien in de in het eerste lid genoemde centra onvoldoende ruimte beschikbaar is, kan het college besluiten dat de huisvestingskosten bij een andere niet-commercieel geëxploiteerde locatie in de gemeente Gilze en Rijen geheel of gedeeltelijk subsidiabel zijn. Indien ook in een ander niet commercieel geëxploiteerde locatie in de gemeente Gilze en Rijen geen ruimte beschikbaar is, kan het college besluiten dat de huisvestingskosten bij een andere locatie geheel of gedeeltelijk subsidiabel zijn.

  • 5. Voor de activiteiten genoemd in artikel 3.10, lid 2 bedraagt de subsidie gericht op

    • a.

      Sport/gezonde leefstijl € 0,90 per leerling per les;

    • b.

      Kunst/cultuur € 1,25 per leerling per les;

    • c.

      Zorg/welzijn € 0,90 per leerling per les.

  • en in totaal maximaal 50% van de totale kosten van de activiteiten.

  • 6. Het college kan voor (eenmalige) activiteiten, die niet direct vallen onder de in dit hoofdstuk genoemde subsidievoorwaarden maar die een door de aanvrager uit Gilze en Rijen genoegzaam aangetoonde bovenlokale uitstraling hebben, bij wijze van waardering een bedrag toekennen.

HOOFDSTUK 4 INNOVATIESUBSIDIE

Artikel 4.1 Innovatiesubsidies

  • 1. Voor innovatiesubsidies wordt één subsidieplafond vastgesteld.

  • 2. Voor innovatiesubsidies geldt geen vaste aanvraagdatum. Aanvragen die worden ingediend tussen 1 januari en 1 juni en tussen 1 juni en 1 december worden gelijktijdig behandeld, zodat een inhoudelijke afweging kan worden gemaakt tussen deze subsidieverzoeken.

  • 3. Innovatiesubsidie kan voor maximaal 3 jaar worden verleend.

  • 4. In de subsidiebeschikking wordt opgenomen hoe vaak er overleg plaats vindt met de subsidieontvanger over de voortgang van de activiteiten, de behaalde resultaten en de samenwerking met andere organisaties. Bij meerjarig verleende subsidies vindt er minimaal eens per jaar overleg plaats met de subsidieontvanger.

Artikel 4.2 Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen

  • 1. Innovatiesubsidies zijn gericht op vernieuwende activiteiten die bijdragen aan de maatschappelijke opgave van de gemeente in het sociaal domein (“iedereen die in onze gemeente woont, kan meedoen aan onze samenleving”). De innovatieve activiteiten hebben als doel om de daarbij benodigde ondersteuning en hulp beter, eenvoudiger en/of slimmer te maken, met het perspectief van de inwoner als uitgangspunt (transformatie).

  • 2. Deze categorie subsidie is bedoeld als opstartsubsidie om een bewust gekozen verandering in het aanbod / netwerkvorming te realiseren bijvoorbeeld gericht op het verbeteren van de kwaliteit en/of efficiency van de dienstverlening of op het ontwikkelen en realiseren van zorgverlening aan nieuwe doelgroep(en).

  • 3. Subsidie is beschikbaar voor nieuwe activiteiten die leiden tot:

    • a.

      Afschalen van intensieve zorg.

    • b.

      Nieuwe vormen / verbindingen die de lichte ondersteuning, sociale basisstructuur en het sociale netwerk versterken.

    • c.

      Versterking en benutting van de creativiteit van (in)formele ondersteuners.

    • d.

      Goedkopere zorg (meer burgers kunnen helpen met hetzelfde budget).

    • e.

      Nieuwe initiatieven die uit de samenleving komen en bijdragen aan de gemeentelijke doelstellingen.

  • 4. De activiteiten komen uitsluitend voor subsidie in aanmerking indien wordt voldaan aan elk van de volgende voorwaarden:

    • a.

      De activiteiten/het project zijn/is praktijkgericht: kwetsbare inwoners zijn direct betrokken en hebben er ook meteen iets aan. Niet in aanmerking komen wetenschappelijke onderzoeksprojecten.

    • b.

      De activiteiten/het project hebben/heeft een duidelijke doelstelling tot (zorg)vernieuwing en richt zich op bevordering van kwaliteit en doelmatigheid van het activiteitenaanbod. De activiteiten/het project hebben/heeft tot doel een knelpunt in het huidige aanbod aan te pakken.

    • c.

      De activiteiten/het project zijn/is vraaggericht. In samenwerking met de doelgroep is vastgesteld dat er behoefte is aan het project. Niet in aanmerking komen: activiteiten die het belang dienen van één of enkele individuen (die slechts een zeer beperkt gedeelte van de potentiële doelgroep vormen).

    • d.

      De activiteiten/het project zijn/is gericht op samenwerking en beogen versnippering in het aanbod tegen te gaan. De activiteiten komen uitsluitend voor subsidie in aanmerking indien zowel op horizontaal als op verticaal niveau binnen de ondersteuningspiramide wordt samengewerkt.

    • e.

      De activiteiten/het project kennen/kent een beperkte, vooraf afgebakende looptijd. Het project is tijdelijk (in principe maximaal drie jaar). De activiteiten/het project dienen/dient na afloop van deze periode niet meer (volledig) afhankelijk te zijn van gemeentelijke subsidie.

    • f.

      De activiteiten/het project hebben/heeft een meetbaar eindresultaat. De activiteiten vervullen een voorbeeldfunctie. Een effectmeting dient onderdeel uit te maken van de aanvraag.

    • g.

      De activiteit/het project kent een sluitende businesscase, waaruit blijkt dat de activiteiten als ze succesvol zijn na de innovatieperiode structureel voortgezet kunnen worden zonder gemeentelijke middelen of middels een verschuiving van gemeentelijke middelen.

Artikel 4.3 Instellingen en personen die voor subsidie in aanmerking komen

Voor subsidies als bedoeld in dit hoofdstuk komen uitsluitend in aanmerking rechtspersonen die zich ten doel stellen om zonder winstoogmerk activiteiten te verrichten voor de gemeenschap van Gilze en Rijen. Activiteiten / projecten die (mede)zijn geïnitieerd vanuit de doelgroep hebben de voorkeur.

Artikel 4.4 Subsidiabele kosten

  • 1. Uitsluitend de kosten die resteren na aftrek van overige inkomsten en die naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn voor de realisatie van de innovatieve activiteiten.

  • 2. Niet in aanmerking voor subsidie komen:

    • a.

      Activiteiten waarvoor reguliere gemeentelijke subsidies (basisvoorzieningen en/of activiteitensubsidie) worden ontvangen.

    • b.

      Activiteiten waarbij het gaat om het ontwikkelen van een commercieel product.

    • c.

      Kosten die gefinancierd kunnen worden uit reguliere geldstromen.

Artikel 4.5 Berekening van de subsidie

De subsidie bestaat uit een eenmalige opstartsubsidie en bedraagt maximaal 75% van de subsidiabele kosten en met een maximum van € 25.000, -.

De verplichte cofinanciering kan bestaan uit geld maar mag ook gerealiseerd worden door de inzet van uren van de aanvrager(s).

HOOFDSTUK 5 OVERIGE BEPALINGEN

Artikel 5.1 Bijzondere omstandigheden

Het college handelt in overeenstemming met deze nadere regels, tenzij dat voor één of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de nadere regels te dienen doelen.

HOOFDSTUK 6 SLOTBEPALINGEN

Artikel 6.1 Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking per 1 juli 2020 en vervangt de “Nadere regels Sociaal Domein 2016” die in werking zijn getreden per 1 januari 2016.

Artikel 6.2 Citeertitel

Deze nadere regels kunnen worden aangehaald als “Nadere regels Sociaal Domein 2020”.

Ondertekening

Gilze en Rijen, 7 juli 2020

burgemeester en wethouders van Gilze en Rijen,

de secretaris

R.M. (René) Wiersema

de burgemeester,

D.A. (Derk) Alssema


Noot
1

De gemeente Gilze en Rijen heeft met de sportverenigingen al afspraken gemaakt over (gesubsidieerd) gebruik van gemeentelijke sportaccommodaties.

Noot
2

Deze toevoeging geldt vanaf 1-1-2021 onder voorbehoud van vaststelling van de gemeentebegroting 2021 door de gemeenteraad.